2022-57 RV Bijlage 1 - Jaarstukken 2021
Tekst van het document
Incidenteel
Structureel
Algemene reserve
5.553.752
-
Algemene reserve bouwgrond
12.353.396
-
Algemene reserve bouwgrond winstnemingen
9.659.381
-
Stille reserve Raming onvoorziene uitgaven
pm
-
0
143.000
Onbenutte belastingcapaciteit
-
0
Totale weerstandscapaciteit
27.566.529
143.000
De ratio weerstandsvermogen kan als volgt worden vastgesteld: 27.709.529 / 18.183.718 = 1,52 Wij concluderen hiermee dat het weerstandsvermogen voldoende is om de risico’s op te vangen.
59
In onderstaande grafiek is weergegeven wat het te verwachten verloop van de ratio weerstandsvermogen voor de komende 4 jaar is. Uitgangspunt is dat de risico's de komende jaren gelijk blijven.
Financiële kengetallen Kengetallen geven inzicht in bepaalde onderdelen van de begroting of de balans en kunnen bijdragen aan het beoordelen van de financiële positie van de gemeente. De combinatie van de kengetallen geeft een indicatie over de financiële positie van de gemeente. Daarnaast bieden kengetallen de mogelijkheid om gemeenten onderling te vergelijken. Een individueel kengetal zegt weinig over hoe de financiële positie van de gemeente moet worden beoordeeld. De kengetallen moeten in samenhang bekeken worden, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een beeld geven van de financiële positie van de gemeente. Een kengetal, of de ontwikkeling van een kengetal, is een weerspiegeling van het gevoerde beleid. Voor de provincie als toezichthouder hebben de kengetallen een signaleringswaarde. Ze kunnen worden betrokken bij het krijgen van een completer inzicht in de financiële situatie en risicopositie van een gemeente. De volgende financiële kengetallen moeten in de paragraaf weerstandsvermogen opgenomen worden: • netto schuldquote; • netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen; • solvabiliteitsratio; • grondexploitatie; • structurele exploitatieruimte; • belastingcapaciteit De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt gebruik van onderstaande signaleringswaarden. Waarderingscijfer
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90
90-130
>130
Solvabiliteitsratio
>50
20-50
<20
Grondexploitatie
<20
20-35
>35
Structurele exploitatieruimte
>0
0
<0
Belastingcapaciteit
<95
95-105
>105
Zie voor de onderlinge verhouding van de kengetallen bij conclusie.
60
Uitgangspunten Voor de kolommen realisatie is uitgegaan van de balans zoals opgenomen in de betreffende jaarrekening. De kengetallen voor de begroting 2021 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 20212024. De kengetallen voor de begroting 2022 tot en met 2024 zijn afkomstig uit de meerjarenbegroting 2022-2025. Omschrijving
Realisatie
Begroting
2019
2020
2021
2021
2022
2023
2024
Netto schuldquote
142%
117%
112%
84%
85%
87%
113%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
135%
112%
107%
79%
80%
84%
110%
Solvabiliteitsratio
27%
28%
30%
34%
35%
35%
30%
Grondexploitatie
137%
113%
117%
65%
74%
66%
62%
Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
61
-3%
1%
3%
2%
1%
1%
1%
117%
112%
118%
118%
110%
110%
110%
Hieronder volgt per kengetal een korte toelichting. Netto schuldquote
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Solvabiliteitsratio
Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van een gemeente.
62
Grondexploitatie
De afgelopen jaren is gebleken dat grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van een gemeente. Indien gemeenten leningen hebben afgesloten om grond te kopen voor een (toekomstig) woningbouwproject hebben zij een schuld. Bij de beoordeling van een dergelijke schuld is het van belang om te weten of deze schuld kan worden afgelost wanneer het project wordt uitgevoerd. Van de opbrengst van de verkochte gronden kan immers de schuld worden afgelost. Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Structurele exploitatieruimte
Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.
63
Belastingcapaciteit
De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar deze kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. Voor de gemeenten wordt de belastingcapaciteit gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en reinigingsheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing omdat de heffing niet kostendekkend hoeft te zijn, maar ook lager mag worden vastgesteld. Conclusie Netto schuldquote (zowel gecorrigeerd als niet gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) De hoogte van dit kengetal wordt voor de gemeente Nuenen beïnvloed door 2 oorzaken: • De gemeente heeft vanaf 2005 veel geïnvesteerd in de grondexploitaties, met name Nuenen West. Daarnaast is er in 2012 geïnvesteerd in Eeneind West. Om deze investeringen te financieren is het de afgelopen jaren noodzakelijk geweest om kort- dan wel langlopende leningen aan te trekken. Het kengetal voor de begroting is lager dan de werkelijke kengetallen in de afgelopen jaarrekeningen. Dit wordt met name veroorzaakt door het, conform afspraken, ramen van de verkoop van de gronden Eeneind West. In 2021 heeft de geraamde verkoop niet plaatsgevonden.
Het kengetal neemt daarnaast af door de realisatie van geraamde verkopen in Nuenen West en Luistruik. • Het oplopen van dit kengetal in de begrotingsjaren vanaf 2022 wordt veroorzaakt door de geraamde investeringen voor: - het Klooster (2022-2023); - de Hongerman (2022-2023); - renovatie van de woonwagenlocaties (2022 t/m 2025); - Bundelroutes (2023 t/m 2025). Solvabiliteitsratio Omdat de (geraamde) reserves en voorzieningen nagenoeg ongewijzigd blijven wordt de stijging in de begrotingsjaren 2021 en 2022 veroorzaakt door het, conform afspraken, ramen van de verkoop van de gronden Eeneind West. Omdat de geraamde investeringen toenemen, laat dit kengetal na 2022 een lichte daling zien in dat begrotingsjaar. De lichte toename in de realisatie wordt veroorzaakt door de positieve resultaten in de jaarrekeningen (m.u.v. 2019) en het achterblijven van de geraamde investeringen. Grondexploitatie De gemeente heeft vanaf 2005 veel geïnvesteerd in de grondexploitaties, daarom is dit kengetal hoog. De sterke afname van het kengetal ten opzichte van de laatste jaarrekening en de begrotingsjaren wordt met name veroorzaakt door het, conform afspraken, ramen van de verkoop van de gronden Eeneind West.
64
Structurele exploitatieruimte De resultaten van de begrotingsjaren zijn positief. Dit betekent dat alle structurele lasten, inclusief de kapitaallasten van de geraamde investeringen, opgevangen worden binnen een structureel sluitende begroting. Belastingcapaciteit Het landelijk gemiddelde van het kengetal voor de belastingcapaciteit wordt jaarlijks op 100% gesteld. De gemeente Nuenen heeft in het verleden, toen er negatief eigen vermogen was, besloten tot een forse verhoging van de ozb. Het kengetal neemt af omdat de afgelopen jaren ingezet is op verlaging van de belastingdruk, mits dat gezien de financiële situatie verantwoord was.
65
Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente Nuenen heeft een uitgestrekt buitengebied en een intensief bebouwd binnengebied met een totale oppervlakte van 3.361 ha. De gemeente is verdeeld over vier kernen: Nuenen, Gerwen, Nederwetten en Eeneind. Zowel binnen als buiten de kernen vinden tal van activiteiten plaats zoals wonen, werken en recreëren. Om deze activiteiten in goede banen te leiden zijn kapitaalgoederen nodig: wegen, openbare verlichting, civieltechnische kunstwerken, groen, riolering, gebouwen, speeltoestellen, verkeersregelingen en ten slotte beelden en plastieken. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud daarvan is bepalend voor het voorzieningenniveau en de (jaarlijkse) lasten. Met het onderhoud van deze kapitaalgoederen is een substantieel deel van de begroting gemoeid. Deze paragraaf geeft inzicht in het beleid en de financiële consequenties van het onderhoud van de kapitaalgoederen.
Wegen De gemeente beschikt over een uitgebreid wegennet ten behoeve van de verbinding binnen de kernen, tussen de kernen en de aansluiting op het regionale wegennet. Op dit moment bestaat dit wegennet uit ruim 228 kilometer verharde wegen. Beleid In het vastgestelde beheerplan heeft de raad gekozen voor cyclisch onderhoud. Bij deze systematiek wordt het onderhoud zodanig gepland dat gedurende de gehele levensduur van de verhardingen periodiek grootschalig onderhoud kan worden uitgevoerd. Financieel gezien betekent dit de eerste 10 jaar een uitgave van gemiddeld € 977.000,-. In het beheerplan 2022-2026 zijn ook enkele beleidskaders opgenomen. Beleidsplan Voor het beleidsveld Wegen is geen apart beleidsplan opgesteld. De beleidskaders zijn benoemd in het Beheerplan wegen 2022-2026. Naam
Periode
Beheerplan Wegen 2022-2026
2022-2026
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
25-03-2021 1e kwartaal 2026
Uitgangspunten In het rapport van de jaarlijkse wegeninspectie wordt aangegeven wat nodig is voor onderhoud wegen in de komende vijf jaar. Bij elk nieuw rapport van de wegeninspectie wordt beoordeeld of de voorziening voor de komende vijf jaren voldoende is. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel
2021
Raming groot onderhoud wegen
1.946.000
Realisatie groot onderhoud wegen
382.219
Verschil
1.563.781
Jaarlijks wordt volgens het programma uit het beheerplan wegen het benodigd (gemiddeld) bedrag (€ 837.086,-) gestort in deze voorziening. De storting is bestemd voor cyclisch onderhoud. De werkelijke uitgaven fluctueren. Voor reconstructie en rehabilitatie van de wegen zijn geen middelen beschikbaar in de onderhoudsvoorziening. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt apart aan de raad om budget gevraagd. Eind 2021 resteert in de voorziening een bedrag van € 1.502.280,-. Daarnaast is in 2021 € 115.416,- uitgegeven aan klein onderhoud (begroot € 112.620,-). Achterstallig onderhoud Het achterstallig onderhoud is een indicator van het CROW (uitgedrukt in kosten) en is gedefinieerd als onderhoud op wegvakonderdelen waarbij de richtlijn al is overschreden, met andere woorden waarbij het onderhoud al eerder uitgevoerd had moeten worden. Er is geen achterstallig onderhoud. Jaarlijks wordt een inspectie uitgevoerd op het gehele areaal. Op basis van deze inspecties vindt kleinschalig en grootschalig onderhoud plaats, met name op wegvakonderdelen waarbij de richtlijn is overschreden. Daarmee houden wij de wegen veilig en heel en voorkomen we achterstallig onderhoud.
66
Openbare verlichting De gemeente Nuenen heeft ca. 6.000 lichtmasten en 6.300 armaturen. De kosten voor openbare verlichting bestaan uit de jaarlijkse kosten voor elektriciteit en klein onderhoud en de kosten voor vervangingsinvesteringen. Beleid Het beleid is erop gericht om de komende 10 jaar de meest verouderde openbare verlichting te vervangen door energiezuinige (led)verlichting. Ook worden de armaturen met een hoog energieverbruik vervangen. Beleidsplan Het beleidsplan Openbare verlichting is vastgesteld op 6 juli 2017. Naam
Periode
Beleidsplan OVL 2018-2027
2018-2027
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
6-7-2017 Eind 2027
Uitgangspunten Bij het streven naar een duurzame, schone en veilige openbare ruimte is het uitgangspunt dat lichtmasten gemiddeld na 40 jaar worden vervangen en armaturen na 20 jaar. In het beleidsplan OVL is opgenomen dat de komende 10 jaar de verouderde armaturen en lichtmasten worden vervangen door energiezuinige (led)verlichting. Ook worden de armaturen met een hoog energieverbruik vervangen. Hiervoor is een investering van circa € 2.420.000,- benodigd. De energiekosten en de kosten voor onderhoud dalen hierdoor. Ook heeft de gemeente de intentie om gehoor te geven aan het SER energieakkoord. In het beleidsplan openbare verlichting wordt voorgesorteerd op het toepassen van Smart Lighting. Armaturen worden daarom uitgerust met communicatie modules. Hiermee kan informatie vanuit het armatuur verkregen worden (bijvoorbeeld energieverbruik) en kan bijvoorbeeld een nieuw dimregime naar het armatuur verzonden worden. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Voor de vervanging van masten en armaturen is in 2021 een bedrag van € 750.503,- opgenomen. Hiervan is in 2021 circa € 410.100,- besteed. Deze uitgaven zijn besteed aan het vervangen van de openbare verlichting in Gerwen en Nuenen-Noord. Ook is het project 'Vervangen openbare verlichting Nuenen-Centrum-Oost opgestart. Dit project wordt naar verwachting voor de zomervakantie 2022 afgerond.
Naast middelen voor de vervangingsinvesteringen is nog een bedrag voor regulier onderhoud, zoals remplace, masten schilderen en het oplossen van storingen uitgegeven van afgerond € 106.000,-. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Civiele kunstwerken Met civiele kunstwerken worden bruggen, viaducten etc. bedoeld. Voor het groot onderhoud hiervan is een voorziening gevormd. Beleid In het vastgestelde beheerplan Civiele kunstwerken heeft de raad gekozen voor het onderhouden van de civiele kunstwerken op C-niveau. Bij dit niveau ligt de nadruk op veilig en heel. Enkele kunstwerken, zoals in het centrumgebied en op diverse gemeentegrenzen, worden op A-niveau onderhouden. Beleidsplan Het beheerplan Civiele kunstwerken is vastgesteld op 13 februari 2020. Naam
Periode
Beheerplan Civiele kunstwerken
2020-2024
Vastgesteld in de raad 13-2-2020
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2024
Uitgangspunten Voor het vervangen van civiele kunstwerken bij einde levensduur zijn geen middelen beschikbaar in de onderhoudsvoorziening. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt apart aan de raad om budget gevraagd.
67
Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel
2021
Raming groot onderhoud civiele kunstwerken
232.000
Realisatie groot onderhoud civiele kunstwerken
40.025
Verschil
191.975
Jaarlijks wordt volgens het beleidsplan civiele kunstwerken het benodigd (gemiddeld) bedrag van € 115.122,- gestort in deze voorziening. De storting is bestemd voor het planmatig onderhoud. De werkelijke uitgaven fluctueren (jaarlijks gemiddeld € 162.000,-). Voor de vervanging van civiele kunstwerken zijn geen middelen beschikbaar in de onderhoudsvoorziening. Indien hier middelen voor nodig zijn wordt apart aan de raad om budget gevraagd. Eind 2021 resteert in de voorziening een bedrag van € 578.091,-. In 2021 is de voorbereiding gestart voor groot onderhoud. De werkzaamheden worden in 2022 uitgevoerd. Naast de bedragen voor het groot onderhoud is nog circa € 18.000,- besteed aan klein onderhoud. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Soms wordt onderhoud uitgesteld om schaalvoordeel te kunnen behalen. Dit uitstel wordt enkel alleen gedaan wanneer de veiligheid niet in het geding is.
Groen De groenstructuur van de gemeente Nuenen wordt enerzijds bepaald door de historische en moderne wegenstructuur, anderzijds door de diverse grotere (historische) groen- en parkgebieden en waterstructuren binnen de kern. Om dit optimaal tot zijn recht te laten komen dient het groen goed beheerd te worden. De gemeente Nuenen draagt zorg voor het gemeentelijk groen. Het openbaar groen heeft een grote waarde wat betreft gezondheid, veiligheid, beleving en duurzaamheid. Samen met onze inwoners nemen we maatregelen om verzorgd en gebruiksvriendelijk openbaar groen te realiseren. Beleid Gemeentebossen De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer van de gemeentebossen. Het bosbezit van de gemeente Nuenen is in totaal circa 65 ha groot en ligt verspreid over vijf grotere gebieden in de gemeente en enkele kleinere bospercelen in en rond het dorp Nuenen. Door middel van een beheerplan zijn het beheer en onderhoud van de gemeentebossen voor de periode 2017 – 2022 vastgelegd. Bomen De gemeente Nuenen is een groene gemeente en zal dat ook blijven. Bomen dragen in belangrijke mate bij aan een prettig leefklimaat. Het is daarom belangrijk te zorgen en blijven zorgen voor een gezond bomenbestand. Uit bijdragen van inwoners aan het Bomencafé is duidelijk geworden dat de inwoners graag bomen in de eigen omgeving hebben, maar er ook iets over te zeggen willen hebben.
Zoals met ieder plan zijn ook met het uitvoeren van dit beleidsplan kosten gemoeid. Openbaar groen Het Groenstructuurplan en het Groenbeheerplan is de basis voor verder beleid, beheer en planvorming. Bermen en Watergangen Bermen: binnen de gemeente Nuenen hebben we ruim 78 ha aan bermgras. Bermen bestaan uit een vegetatie van gras en kruiden. Ze worden duidelijk minder intensief beheerd dan de gazons en bevinden zich hoofdzakelijk aan de randen van de bebouwde omgeving en langs de wegen in het buitengebied. Bermen met bermgras vervullen meerdere functies zoals: • verhoging van de stabiliteit van de weg; • opvang van regenwater; • bieden van ruimte voor bomen, kabels, leidingen, lichtmasten, bebakening, verkeersborden, uitwijkmanoeuvres en parkeren; • ecologische functie voor planten, insecten en kleine zoogdieren; • ontsluitingsmogelijkheden bieden aan naastliggende percelen; • verfraaiing dorpsaangezicht/verbetering woon- en leefklimaat.
68
Watergangen: het voornaamste doel is het bergen en/of afvoeren van water. Daarom is het beheer er op gericht dit mogelijk te maken. Afhankelijk van de watergang in het waterafvoerend systeem wordt regelmatig onderhoud zelfs verplicht door het Waterschap dat eenmaal per jaar een schouwronde uitvoert op het uitgevoerde werk. Het beheer van de A-watergangen valt onder de verantwoordelijkheid van de waterschappen De Dommel en Aa en Maas. Het beheer van de B- en Cwatergangen wordt uitgevoerd door de aangelanden, waaronder de gemeente Nuenen. Beleidsplan Naam
Periode
Beheerplan gemeentebossen
2017-2022 23-5-2017 (vastgesteld door college)
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan eind 2022
Bomenbeleidsplan
2017-2031 9-2-2017
eind 2031
Groenstructuurplan
2011-2020 25-11-2010
eind 2022
Groenbeheerplan
2020-2026 12-12-2019
eind 2026
Uitgangspunten Bermen In het kader van ecologisch bermbeheer en de biodiversiteit is de maaifrequentie aangepast naar maximaal 1x tot 2x per jaar. Bij het maaien wordt het maaisel afgevoerd. Bij iedere maaibeurt blijft 20% overstaan. Om verruiging te voorkomen wordt het overstaande deel bij de volgende maaibeurt mee gemaaid, en blijft op andere delen 20% overstaan. De toetsing van goed maaibeheer van bermen en watergangen is vastgelegd in Kleurkeur van de Vlinderstichting. Door deze nieuwe standaard kunnen opdrachtgevers en aannemers zich beter voorbereiden op een insectenvriendelijk bermbeheer. In het maaibestek van bermen en watergangen zijn de richtlijnen van Kleurkeur opgenomen en geeft het een garantie dat het maaibeheer gericht is op het verhogen van de ecologische kwaliteit. Watergangen Beheer en onderhoud van watergangen (sloten) met een afvoerende en een bergende functie van het oppervlaktewater binnen het stroomgebied van de waterschappen De Dommel en Aa en Maas. Overeenkomstig de Keur oppervlaktewateren betreft dit sloten met een beperkt belang, niet zijnde in onderhoud bij de bovengenoemde waterschappen. Bossen Op sobere wijze in stand houden van de kwaliteit en functionaliteit van de bossen ten behoeve van de openluchtrecreatie en het milieu.
Landschappelijke beplanting Op sobere wijze in stand houden van lintvormige en kleinschalige landschapselementen (wegbeplantingen, houtsingels, poelen etc.), ten behoeve van: • beeld, milieu; • verbindingen tussen landschapselementen; • coulissenwerking. Openbaar groen Op sobere wijze in stand houden van de kwaliteit en functionaliteit van de groenvoorziening voor een groene uitstraling van de gemeente voor haar eigen inwoners en gebruikers (inwoners van buiten de gemeente en toerisme). Het door de raad vastgestelde kwaliteitsniveau is B. De 'Parels' die als visitekaartje dienen worden op kwaliteitsniveau A onderhouden. Bomen Nuenen is een bolwerk van bomen. De gemeente Nuenen staat ervoor om dat bolwerk te laten bestaan uit gezonde bomen waar zowel inwoners als de gemeente trots op zijn. Gezonde bomen waar de gemeente haar groene karakter mee behoudt, een prettig leefklimaat heeft en ook in de toekomst zal behouden. Het boombeheer gaat over nu en over later. Financieel
Begroot 2021
Realisatie
Verschil
Bossen
13.573
25.817
-12.244
Watergangen
66.165
106.189
-40.024
Landschappelijke beplanting
20.765
5.785
14.980
Openbaar groen
1.343.642
1.359.272
-15.630
Totaal
1.444.145
1.497.063
-52.918
Naast bovenstaande exploitatiebedragen is nog € 22.077,- besteed aan groenreconstructies. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
69
Riolering De gemeentelijke riolering bestaat uit ca. 150 km vrij vervalriolering (binnen de bebouwde kommen) en ca. 60 km drukriolering (in het buitengebied). Daarnaast zijn er nog voorzieningen zoals bergbezinkbassins en gemalen. Beleid De gemeente heeft zorgplichten op het gebied van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Hoe de gemeente om gaat met deze zorgplichten is vastgelegd in het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan. Beleidsplan Het vigerende Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan (vGRP) heeft een looptijd tot en met 2023. In het vGRP staan de beleidsdoelen, geplande projecten, onderzoeken en nieuwe ontwikkelingen. Verder maakt de rioolheffingsberekening deel uit van het vGRP. Naam
Periode
Verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan 2019 – 2023 (vGRP)
2019-2023
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
13-12-2018 2023
Uitgangspunten De doelen vastgelegd in het vGRP zijn: • Een goede inzameling en transport van stedelijk afvalwater; • Inzameling, transport en / of verwerking van afvloeiend hemelwater, voor zover dit redelijkerwijs niet kan door particulieren; • Voorkomen van structureel nadelige gevolgen van te hoge of te lage grondwaterstanden, voor zover dit onder de gemeentelijke zorgplicht valt; • Klimaatbestendig ontwerpen. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen De jaarlijks benodigde budgetten voor groot onderhoud zijn vastgesteld in het vGRP. Wanneer in een jaar meer geld ontvangen is dan uitgegeven wordt dit bedrag gestort in de voorziening riolering. Dit geld blijft daardoor beschikbaar voor de doelen uit het GRP. Financieel
2021
Raming onderhoudskosten riolering
363.514
Realisatie onderhoudskosten riolering
356.714
verschil
6.800
Daarnaast resteert eind 2021 nog een bedrag van € 4.272.693,- in de voorziening riolering. Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud. Soms wordt onderhoud wel uitgesteld om schaalvoordeel te kunnen behalen. Dit uitstel wordt enkel gedaan als de veiligheid niet in het geding is.
Gebouwen De gemeente heeft de nodige gebouwen in beheer. Deze zijn onder te verdelen in gebouwen voor eigen gebruik, algemene gebouwen, sociaal culturele accommodaties en sportaccommodaties. Beleidsplan De gemeenteraad heeft in de vergadering van 9 november 2017 het beheerplan gebouwen 20182032 vastgesteld. Naam
Periode
Beheerplan gebouwen
2018-2032
Vastgesteld in de raad 9-11-2017
Planning vaststelling nieuw beleidsplan onbepaald
Uitgangspunten Voor de gebouwen die economisch eigendom zijn van de gemeente Nuenen en waarvoor de gemeente verantwoordelijk is voor het groot onderhoud, is een voorziening gevormd. Uitgangspunt voor deze voorziening is wat minimaal nodig is om de gebouwen veilig, heel en functioneel te houden op basis van sober en doelmatig onderhoud. Het uitgangspunt is conditieniveau 3. Tevens zal bij regulier onderhoud een verduurzamingsslag gemaakt worden door de materialen te vervangen voor een duurzamere variant, daar waar budget het toelaat.
70
Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen op basis van het MJOP: (meerjarenonderhoudsplan incl. HE-gebouwen) Financieel
2021
Dotatie voorziening
429.436
Besteding uit voorziening
191.501
Saldo voorziening per 31-12
1.811.393
Achterstallig onderhoud De gemeentelijke vastgoedportefeuille is een dynamisch geheel met grote financiële en maatschappelijke waarde. Structureel onderhoud is daarom van essentieel belang. Daarom inventariseert de gemeente elke 4 jaar al de gemeentelijke gebouwen en stelt een MJOP op. Het bestaande MJOP (2018-2032) is in 2021 geactualiseerd. Het college heeft ingestemd met het MJOP 2022-2032, gebaseerd op de Nederlandse norm NEN 2767. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud. Gelijktijdig met het actualiseren van het MJOP zijn er in 2021 voor de gemeentelijke panden ook duurzaamheidsrapportages opgesteld. Deze maatwerkrapportages zullen samen met het geactualiseerde MJOP in 2022 uitgewerkt worden in een Plan van aanpak / routekaart verduurzaming gemeentelijk vastgoed Nuenen.
Speeltoestellen Beleid Spelen en bewegen in de openbare ruimte 'Speelruimtebeleidsplan 2017-2020' Beheerplan speelvoorzieningen 2011 – 2020 Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen Beleidsplan Naam
Periode
Spelen en bewegen in de openbare ruimte
2017-2020
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan
6-7-2017 nvt
Uitgangspunten Het speelruimtebeleid is via co-creatie tot stand gekomen waarbij is samengewerkt met inwoners, verenigingen en andere belanghebbenden als gelijke partners. De belangrijkste uitgangspunten van het nieuwe beleid zijn: • Spelen voor alle leeftijden (jong en oud); • Risicovol spelen in een natuurlijke omgeving; • Gebruik maken van (aanwezige elementen in) de gehele openbare ruimte; • Ontmoeten als belangrijk onderdeel van de "Centrale speelgelegenheid Nuenen"; • Aansluiten bij de behoeftes van de omgeving en trends. Jaarlijks groot onderhoudsbudget en investeringsmiddelen In 2021 zijn in Nuenen-Noord 9 speel- en ontmoetingsplekken aangelegd of uitgebreid via bewonersparticipatie. Hiervoor is circa € 58.000,- uitgegeven. Ook is aan de Pastoorsmast een ATBcrossbaan aangelegd, waarvoor in 2021 een bedrag van circa € 12.000,- is uitgegeven. In Gerwen zijn 2021 via bewonersparticipatie ontwerpen gemaakt voor de inrichting van 4 speellocaties. Deze speelplekken worden in 2022 gerealiseerd. De werkzaamheden voor Spelen en Bewegen in Nederwetten zijn in 2021 afgerond. Aan het onderhoud van de speeltoestellen is in 2021 circa € 50.000,- uitgegeven. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Verkeersregelingen Beleid Voor het vervangen van verkeersborden, verkeerstekens, wegmarkeringen, etc. is budget in de exploitatie beschikbaar. Uitgangspunten Verkeersborden worden vervangen wanneer ze beschadigd of verdwenen zijn. Ook worden ze één maal per jaar schoongemaakt. Voor het onderhoud aan wegmarkeringen en verkeersregelinstallaties zijn onderhoudscontracten afgesloten.
71
Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel
2021
Raming onderhoud verkeersregelingen
58.250
Realisatie onderhoud verkeersregelingen
58.852
Verschil
-602
Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.
Beelden en plastieken Beleid Het beleid- en beheerplan beelden en plastieken inclusief de noodzakelijke financiële middelen is nog niet voorgelegd aan de raad. Beleidsplan Naam
Periode
Beleidsplan beelden en plastieken
2022-2025
Vastgesteld in de raad
Planning vaststelling nieuw beleidsplan 2023
Jaarlijks onderhoudsbudget en investeringsmiddelen Financieel
2021
Raming onderhoud Beelden en Plastieken
7.765
Uitgaven onderhoud Beelden en Plastieken
7.417
Financieel
348
Achterstallig onderhoud De inspectie medio 2019 heeft aangetoond dat er een achterstallig onderhoud is van € 75.769,-. Voor dit bedrag is een voorziening gevormd. In 2020 en 2021 is gestart met de restauratie van diverse kunstwerken (uitgegeven is € 36.253,- en € 32.680,-). Het restant bedraagt € 6.836,-.
72
Financiering Inleiding Financiering is de manier waarop wij de benodigde geldmiddelen aantrekken en (tijdelijke) overtollige geldmiddelen beleggen. Dit gebeurt binnen de wettelijke kaders van het BBV en de wet Fido. Naast deze wetgeving geldt voor de gemeente een Treasurystatuut. Dit statuut bevat regels om de financieringsfunctie te sturen, beheersen en controleren. De bedragen in onderstaande tabellen moeten vermenigvuldigd worden met € 1.000,-. Door de afronding op duizendtallen kunnen er afrondingsverschillen ontstaan. Conform BBV moet deze paragraaf inzicht geven in de rentelasten en -baten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente wordt toegerekend aan investeringen, grondexploitaties en projecten. Toerekening aan de taakvelden is gedaan met de rentepercentages die hieronder zijn genoemd.
Interne- en externe ontwikkelingen De ECB heeft in 2021 een ruim monetair beleid gevoerd en de rentetarieven zijn laag gebleven. De EMU-tekortruimte voor gemeenten in 2021 is vastgesteld op - 0,27% BBP. De individuele EMU-referentiewaarde voor Nuenen is voor 2021 vastgesteld op € 2.406.000,-. Dit betreft geen norm maar een indicatie van het aandeel dat de gemeente in de gezamenlijke tekortnorm heeft. Omschrijving
2021
1 Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves
3.071
2 Mutatie (im)materiële vaste activa
200
3 Mutatie voorzieningen
1.286
4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
286
5 Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa
0
EMU-saldo
4.843
De renteberekening voor activa mag conform BBV 25% afwijken op basis van begroting en werkelijkheid. De bouwgrondexploitaties wordt bij de jaarrekening op werkelijke basis toegerekend. Renteschema
Begroting
Realisatie
Bespaarde rente over voorziening verliesgevende complexen bouwgrond
2,00%
2,00%
Rente grondexploitatie
0,58%
0,34%
Rente activa
0,50%
0,50%
In onderstaand schema is het renteresultaat berekend volgens BBV: Stap Renteschema
2021 Totaal 2021
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen niet zijnde projectfinanciering
386
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen voor projectgefinancierde grondexploitatie
0
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen die doorgezet zijn aan derden
82
De externe rentelasten over de aangetrokken geldleningen voor projectgefinancierd overig
0
De externe rentelasten over de verwachte nieuw aan te trekken korte en lange financiering
-17
De externe rentebaten
-8
Rente voorzieningen
67
1 Saldo rentelasten en rentebaten
510
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend 2 Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
-246 0 -82 -327
3 Rente over eigen vermogen
0
4 Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente (1+2+3)
182
5 De aan taakvelden toegerekende rente
-245
Renteresultaat op het taakveld treasury (4+5)
-63
73
Het genoemde renteresultaat komt terug op het taakveld treasury, maar is niet het enige resultaat op dat taakveld. Ook bijvoorbeeld ontvangen dividend wordt geraamd op het taakveld, maar maakt geen onderdeel uit van het renteschema.
Financieringsbehoefte Beleidsvoornemen financiering Het beleid van 2021 is erop gericht om de financieringsbehoefte af te dekken met kortlopende financiering omdat de rente op de kortlopende middelen lager is dan de rente op langlopende middelen. We houden daarbij rekening met de kasgeldlimiet, die bepaalt dat de gemiddelde vlottende schuld, over 3 maanden gezien, niet boven de 8,5% van het begrotingstotaal mag uitkomen. Gezien de huidige renteontwikkelingen op langlopende geldleningen zijn we niet voornemens om vast te houden aan deze strategie.
Liquiditeit In 2021 zijn de liquide middelen met kasgeldleningen gefinancierd met een rente lager dan 0% en is er een langlopende lening afgesloten.
Renterisicobeheer De overheid heeft twee instrumenten voor het toetsen van het renterisico: de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet vormt de bovengrens waarmee een tijdelijk liquiditeitstekort gefinancierd kan en mag worden met een kortlopende geldlening (korter dan 1 jaar). Als het liquiditeitstekort een structureel karakter draagt moet een langlopende geldlening worden aangetrokken. Indien voor het derde achtereenvolgende kwartaal de kasgeldlimiet wordt overschreden moet de toezichthouder hiervan op de hoogte worden gesteld. Ook moet de kwartaalrapportage en een plan om binnen de kasgeldlimiet te blijven ter goedkeuring worden voorgelegd aan de toezichthouder. De kasgeldlimiet is vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal. Stap
Omschrijving
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
Bepalen toegestane kasgeldlimiet
1
Omvang begrotingstotaal
57.322
57.322
57.322
57.322
Percentage regeling
8,50%
8,50%
8,50%
8,50%
Toegestane kasgeldlimiet
4.872
4.872
4.872
4.872
Vlottende korte schuld
2
Opgenomen gelden < 1 jaar
25.000
0
0
0
Schuld in rekening courant
1.163
274
0
0
Gestorte gelden door derden < 1 jaar
6
6
6
6
Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
0
0
0
0
26.169
280
6
6
Totaal vlottende korte schuld Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar
8
16
29
26
424
1.317
2.213
1.582
0
0
0
0
432
1.333
2.242
1.608
Totaal netto vlottende schuld (2-3)
25.737
-1.053
-2.236
-1.602
Ruimte(+)/Overschrijdingen(-) (1-4)
-20.865
5.926
7.108
6.474
3
Totaal vlottende middelen
4
Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld. De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal (zie tabel hieronder).
74
Stap
Omschrijving
Begroting
Begroting na wijziging
1
Renteherzieningen
2
Aflossingen
3 (1+2)
Renterisico
4
Begrotingstotaal
5
Percentage regeling
20%
20%
6 (4 x 5)
Renterisiconorm
11.464
12.770
7
Ruimte(+)/Overschrijdingen(-)
11.024
12.330
0
0
440
440
440
440
57.322
63.851
Leningenportefeuille Een belangrijk onderdeel van het financieringsbeleid vormt de omvang, flexibiliteit, gemiddelde looptijd en rentegevoeligheid van de leningenportefeuille. De leningenportefeuille van de gemeente ziet er als volgt uit: Opgenomen langlopende leningen Leningverstrekker
Looptijd Van
rente
oorspronkelijk
1-1-2021
31-12-2021
t/m
BNG
1996 2021
3,97%
282
19
0
BNG
2012 2022
3,17%
13.500
13.500
13.500
BNG
2005 2022
3,95%
3.500
3.500
3.500
BNG
2021 2022 -0,49%
25.000
0
25.000
BNG
2019 2024 -0,32%
30.000
30.000
30.000
NWB
2015 2027
1,21%
220
132
114
Prov. NB
2017 2027
0,00%
2.321
2.113
2.113
74.822
49.264
74.227
rente
oorspronkelijk
1-1-2021
31-12-2021 1.233
Totaal Opgenomen langlopende leningen tbv woningbouw Omschrijving
Looptijd Van
t/m
NWB
2004
2024
4,59%
5.800
1.609
BNG
1991
2041
0,43%
1.180
851
824
6.980
2.460
2.057
75
Bedrijfsvoering Inleiding Het doel van de bedrijfsvoering is het zo goed mogelijk ondersteunen en uitvoeren van de programma’s. Concreet gaat het om een goede dienstverlening aan de inwoners door: • een efficiënt werkende organisatie; • een zorgvuldig besluitvormingsproces; • een gestructureerde planning en beheersing van de beleidsuitvoering; • waar mogelijk op een verantwoorde manier benutten van ICT-mogelijkheden; • de beschikbaarheid over gemotiveerd en gekwalificeerd personeel. Coronavirus In 2021 speelde nog steeds de wereldwijde crisis door het coronavirus. Voor onze medewerkers betekende dit dat zij zoveel mogelijk thuiswerkten. Voor de medewerkers die gezien de aard van hun werkzaamheden op locatie werkten, namen zij de RIVM-regels vanzelfsprekend in acht. Gedurende het jaar is het continuïteitsplan geactualiseerd, zodat we steeds wisten hoe we de continuïteit van de bedrijfsvoering konden waarborgen wanneer het ziekteverzuim beduidend zou stijgen. In 2021 is de uitval van medewerkers vanwege corona beperkt geweest. Het was niet nodig de maatregelen van het continuïteitsplan te treffen.
Personeel en organisatie Nuenen ontwikkelt Door Het ontwikkelprogramma NOD (Nuenen Ontwikkelt Door) is begin 2021 vastgesteld en gericht op doorontwikkeling naar een organisatie die kan meebewegen met de voortdurend veranderende samenleving vanuit een professionele bedrijfsvoering. Doordat we willen aansluiten bij de leefwereld van de samenleving is er een ontschotting doorgevoerd in de organisatie-inrichting. De insteek daarbij is het bevorderen van de integraliteit tussen maatschappelijke en ruimtelijke ontwikkeling en het versterken van de ambtelijke en bestuurlijke samenwerking. De nieuwe organisatie-indeling gaat uit van twee afdelingen (Ontwikkeling en Realisatie) en een Staf en is per 1 oktober 2021 doorgevoerd. Strategisch HRM-beleid In het najaar van 2021 is het strategisch HRM beleid 2022-2025 opgeleverd. Hiermee koppelen wij de ontwikkeling van het HRM-beleid aan de organisatiespecifieke ontwikkelingen. Het plan is opgesteld voor de 4 Dommelvallei-organisaties en past bij de doelen en uitdagingen van de organisaties en geeft richting aan nieuwe HR-ontwikkelingen. Behoeftes in tijd, prioritering en eigenheid lopen uiteen. Daar waar deze elkaar raken wordt uniformiteit nagestreefd. Samen met het management en de ondernemingsraad gaan we specifiek voor onze organisatie de focus aanbrengen en deze vertalen naar P-instrumenten.
Dat doen we cyclisch in de vorm van een jaarplanning. Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) Deze wet is per 1 januari 2020 ingevoerd. Een laatste opgave in het borgen van geschilbeslechting was het instellen van een regionale geschillencommissie. Over de samenstelling, bevoegdheden, werkwijze en dergelijke zijn in regioverband definitieve afspraken gemaakt. De regionale geschillencommissie is per 1 januari 2021 definitief ingesteld. Ziekteverzuim Het ziekteverzuim bedroeg in 2021 6,65% ten opzichte van 6,90% in 2020. Het percentage nulverzuim beliep afgerond 69%. In 2020 bedroeg dit nulverzuim 58%.
Informatievoorziening Informatievoorziening: informatiebeleid en informatieplan In het tweede kwartaal stelden het college en de raad het Informatiebeleid Dommelvallei vast. Het gezamenlijke informatiebeleid is de leidraad voor het jaarlijkse informatieplan: de lijst met uit te voeren projecten in dat jaar. In de eerste raadsinformatieavond, voor de 3 raden, keken we terug naar 2021 en keken op basis van het informatieplan naar 2022. Dit herhalen we jaarlijks. Organisatie van de Informatievoorziening: meer balans tussen vraag en aanbod In de eerste helft van 2021 constateerden we dat verschillende grote implementatieprojecten meer I&A-capaciteit vereisten dan voorzien. De uitvoering van de overige projecten kwam daardoor in gevaar. In onderling overleg tussen de platforms, vakafdelingen, en I&A-clusters, maakten we afspraken voor de uitvoering in 2021. Structureel liggen er meer wensen en ambities dan uitvoerbaar.
76
We lanceerden de projectportfolioboard om tot een gezamenlijk gedragen Dommelvallei-brede prioritering van ambities te komen. Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) De Dommelvallei gemeenten zijn in afwachting van de oplevering van het landelijke DSO. De implementatie van de technische applicatie-infrastructuur die nodig is om hier op aan te sluiten is afgerond. De Dommelvallei-organisaties organiseerden gezamenlijk het beheer voor deze systemen. De vakafdelingen kunnen met ondersteuning van beheer zich verder voorbereiden op de implementatie van de omgevingswet(processen). Datagedreven organisatie Dienst Dommelvallei nam een datawarehouse, een centraal gegevensmagazijn in gebruik. Hierin verzamelen we samen, volgens de richtlijnen, steeds meer gegevens vanuit basisregistraties, processen en ketenpartners. Het vormt de basis voor het ontwikkelen van data-instrumenten die het werk van professionals in de uitvoering, beleidsmakers en managers ondersteunen. Applicatiemanagement Het merendeel van de applicaties voor de kern van de informatievoorziening is nu gelijk voor de 4 Dommelvallei-organisaties. Om de reeds ingeboekte besparingen uit het programma BetERe dienstverlening en bedrijfsvoering te realiseren is actief ingezet op het uitfaseren van oude software. De exploitatielasten van de totale applicatieportfolio zijn daardoor substantieel lager in 2022.
Dit is verwerkt in de meerjarenbegroting 2022-2025 van Dienst Dommelvallei. Project professionaliseren functioneel beheer De colleges van de 3 Dommelvallei gemeenten zien voordeel bij het samen oppakken van de (professionalisering) van functioneel beheer en applicatiebeheer om kwetsbaarheid te verminderen en expertise te vergroten. Het project is in 2021 gestart en levert in 2022 een visie voor doorontwikkeling inclusief ontwikkelplan en een kosten-batenanalyse op. Veilig inloggen en hybride werken (voorheen 2-factor-authenticatie en beheer mobiele apparaten) Met de implementatie van onder andere 2-factor-authenticatie en software om mobiele devices op afstand te beheren hebben we een veiligere werkomgeving die voldoet aan de beveiligingseisen. We stelden kaders voor hybride werken op. Hiermee bereiden we ons voor op de vervanging van de werkplekken en chromebooks in 2022. Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering: telefonie-omgeving (voorheen GT Connect) In het tweede kwartaal kozen we voor een eigen aanbesteding voor de telefonie-omgeving. Dit nadat de VNG eind 2020 de stekker uit de landelijke aanbesteding (GT-Connect) trok. De voorbereidingen zijn gestart. We nemen in 2022 de nieuwe telefonie-omgeving in gebruik. Gezamenlijke gemeentelijke uitvoering: GT-Mobiel De Dommelvallei-organisaties kozen ervoor om gezamenlijk deel te nemen aan de aanbesteding GT Mobiel 3.
Dienst Dommelvallei heeft namens de Dommelvallei-organisaties de trekkende rol in het inkooptraject. Daarvoor hebben de 3 colleges in juni mandaat verleend aan Dienst Dommelvallei om namens het college deel te nemen aan het inkooptraject van GT Mobiel 3. Het inkooptraject loopt op schema. De beoogde ingangsdatum van de raamovereenkomst is 25 april 2022. Digitale duurzaamheid We werkten door aan de opbouw van het centrale digitale archief in het zaaksysteem. Met een centraal digitaal archief vergroten we de vindbaarheid en de beheersbaarheid. We koppelden de nieuwe systemen voor burgerzaken en VTH (Vergunningen, Toezicht en Handhaving) zodat documenten automatisch in het zaaksysteem worden gearchiveerd. We werken aan het digitaliseringsproject bouw- en milieuvergunningen. Dit is een meerjarig digitaliseringstraject gestart in 2020 waarbij permanent te bewaren analoge documenten worden vervangen door digitale kopieën. Later ontsluiten we deze documenten in het zaaksysteem. Informatiebeveiliging en privacy Aanschaf ISMS en PMS In 2021 is een Information Security Management System (ISMS) en Privacy Management System (PMS) aangeschaft en een start gemaakt met de inrichting en implementatie daarvan. Met behulp van dit ISMS en PMS kunnen we informatiebeveiliging en gegevensbescherming op een gestructureerde en structurele manier borgen in de P&C-cyclus.
Het gaat ons helpen om ons continu en volgens het PDCA-model cyclisch te verbeteren. Ons ISMS ondersteunt en zorgt ervoor dat er een gestructureerde manier is om informatiebeveiliging te beheren. Het biedt overzicht, bewijs en zekerheid waar we hebben voldaan aan de normvereisten. En het verbetert de governance van informatiebeveiliging.
77
In het PMS kunnen wij daarnaast op een georganiseerde manier de verwerkingenregisters, onze verwerkers met verwerkersovereenkomsten, datalekken, inzageverzoeken en Data Protection Impact Assessments (DPIA’s/privacyrisicoanalyses) vastleggen. Deze informatie is noodzakelijk voor de privacyboekhouding van de gemeente. BIO Top10 Belangrijke maatregelen als multi-factor authenticatie en het bewaken van applicaties en devices waarmee in onze omgeving wordt gewerkt zijn ingevoerd. Cyber Incident management beleid is vastgesteld om ons te ondersteunen bij incidenten. Bewustwording Dit jaar hebben we vanwege de toegenomen dreiging op ons intranet veel aandacht besteed aan het herkennen en melden van phishingmails. Daarnaast heeft het Privacyteam een plan van aanpak Bewustwordingscampagne Privacy en Informatieveiligheid opgesteld. We hebben daarvoor bij de leidinggevenden de behoeften opgehaald, de relevante onderwerpen en prioriteiten geïdentificeerd en vervolgens draagvlak, betrokkenheid en budget gezocht. In 2022 starten we met de bewustwordingscampagne. Verwerkingenregister In het verwerkingenregister staan alle verwerkingen van persoonsgegevens die in de gemeente plaatsvinden. De gemeenten en Dienst Dommelvallei zijn op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming verplicht om zo’n verwerkingenregister bij te houden.
Na de zomer zijn we gestart met een grondige actualisatie van het register van de gemeente Nuenen. We ronden dit in het eerste kwartaal van 2022 af. Daarna zetten we het bijgewerkte register over in ons PMS, waarmee we de verwerkingen op een meer gestructureerde manier bij kunnen houden. Data Protection Impact Assessments (DPIA’s) Een DPIA is een risicoanalyse, waarin we beoordelen wat het effect van een beoogde verwerking is op de bescherming van persoonsgegevens. We hebben dit jaar opnieuw een aantal DPIA’s uitgevoerd. Waar mogelijk doen we dat voor de Dommelvallei-organisaties gezamenlijk. Uitgevoerde DPIA’s dit jaar zijn onder andere: - DPIA voor de nieuw aangeschafte software voor het Sociaal Domein. - DPIA’s voor de Gegevensmakelaar, het Datawarehouse en iNzicht. - DPIA voor de nieuwe applicatie voor Vergunningen, Toezicht en Handhaving. - DPIA voor de inzet van bodycams. Verwerkersovereenkomsten Waar nodig sluiten we met onze samenwerkingspartners verwerkersovereenkomsten af. Bij nieuwe aanbestedingen hebben we dit standaard als onderdeel in het aanbestedingstraject meegenomen, zoals bij de aanbesteding voor de nieuwe software voor het Sociaal Domein en de nieuwe Burgerzakenapplicatie. Waar we ontbrekende verwerkersovereenkomsten signaleerden, sloten we die alsnog af.
Zaaksysteem Djuma Privacybeheerders en Functionarissen Gegevensbescherming zijn met de medewerkers in gesprek gegaan over de inrichting van het zaaksysteem. Op basis van die gesprekken is, gezien de informatie die daarin vastgelegd wordt, besloten om bepaalde zaaktypes nog maar voor een beperkte groep mensen beschikbaar te maken. Datalekken In 2021 zijn er binnen de gemeente Nuenen bij de privacybeheerder en FG's 8 datalekken gemeld. 6 daarvan hebben we gemeld bij de Autoriteit Persoonsgegevens. In 3 gevallen is de betrokkene op de hoogte gesteld van het datalek. Soms melden ook de betrokkenen zelf het datalek bij ons. Een melding bij de AP betekent niet ook automatisch een melding bij de betrokkenen en andersom. Of we een datalek melden bij de AP en/of de betrokkenen is altijd een individuele afweging. Dit is afhankelijk van het privacyrisico voor de betrokkenen. De FG's en de privacybeheerder stemmen in overleg met de burgemeester en de gemeentesecretaris af welke datalekken bij wie gemeld worden. De datalekken zijn in vrijwel alle gevallen het gevolg van een incidentele menselijke fout. Meestal gaat het om een mail die per abuis is verstuurd naar een verkeerde ontvanger. We wijzen medewerkers erop om de juistheid van het mailadres goed te controleren. Omdat de mens hierin de zwakste schakel is en blijft, nemen wij dit thema continu mee in onze bewustwordingscampagne.
Daarnaast gaan we in 2022 een beveiligde mailoplossing aanschaffen, waarmee de medewerkers gegevens beveiligd kunnen versturen. Overige In 2021 is Nuenen door de bezwaarschriftencommissie in het gelijk gesteld bij het buiten behandeling laten van een inzageverzoek omdat betrokkene zich niet wilde legitimeren of het verzoek via DigiD wilde indienen.
78
Beveiligingsincidenten In 2021 zijn er in de vier Dommelvallei-organisaties 73 beveiligingsincidenten (exclusief datalekken) gemeld bij de CISO, waarvan 67 phishing/spam meldingen. Verder waren er een aantal systeem gerelateerde incidenten, bijvoorbeeld bij de inrichting van de nieuwe mailomgeving. Het grootste incident was een mail met een link waar een medewerker op had geklikt en gegevens had achtergelaten, het mitigeren van de gevolgen was een grote klus.
Control Verbijzonderde interne controle De wetgeving over de rechtmatigheidsverantwoording door het college vanaf het boekjaar 2021 is uitgesteld naar het boekjaar 2022. Hoe daar exact inhoud aan gegeven wordt is op dit moment nog onduidelijk. Samen met Dienst Dommelvallei hebben we hierop in 2021, zo ver als mogelijk, geanticipeerd door het control framework daarop aan te passen. Aanbesteding accountant De accountancydiensten zijn begin 2021 opnieuw aanbesteed. De nieuwe accountant is op 1 juli 2021 gestart met zijn (voorbereidende) werkzaamheden.
Huisvesting De huisvesting van de ambtelijke organisatie en het bestuur is momenteel als volgt: • Jan van Schijnveltlaan/Papenvoort (hoofdvestiging) • Pastoorsmast (buitenwerf) • Berg (Centrum Maatschappelijke Deelname) • Aardappeleterssteegje (Centrum Maatschappelijke Deelname) • Weefhuis, incidenteel gebruik voor diverse vormen van voorlichting Naast de eigen organisatie zijn in het gemeentehuis ook de bibliotheek en de politie gehuisvest.
Kengetallen (Peildatum 31-12-2021) Verdeling man/vrouw en fulltime/parttime
Fulltime
Parttime
Totaal
Mannen
42
7
49
Vrouwen
24
35
59
Totaal
66
42
108
Verhouding man / vrouw 2021: 45,4% / 54,6% Verhouding man / vrouw in vergelijkbare gemeenteklasse voor 2020: 47% / 53%* *bron: personeelsmonitor 2020 Afdeling
Factor
Directie en Staf
fte
Formatie 31-12-2021 8,71
Ontwikkeling
fte
37,77
Realisatie
fte
50,41
Totale formatie
fte
96,89
Gemiddelde leeftijd
2021
2020
Mannen
48,3
49,3
Vrouwen
47,6
45,4
Totaal
47,9
47,3
Ziekteverzuim
2021
2020
Verzuimpercentage
6,65
6,90
Verzuimfrequentie
1,23
0,61
Gemiddelde leeftijd landelijk binnen gemeenten in 2020: 47,7 jaar* *bron: personeelsmonitor 2020
Ziekteverzuimpercentage in vergelijkbare gemeenteklasse voor 2020: 5,4* *bron: personeelsmonitor 2020
79
Verbonden partijen Inleiding De paragraaf verbonden partijen moet inzicht geven in de relaties van de gemeente in rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen zijn een manier om een bepaald beleidsvoornemen uit te voeren. Het aangaan van verbonden partijen komt altijd voort uit het publiek belang. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Onder financieel belang wordt verstaan: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat, of het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichting niet nakomt.
Conform artikelen 1, 5, 8, 9, 15, 26 en 36 van het BBV komen de volgende verbonden partijen aan de orde: Gemeenschappelijke regelingen: • Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) te Eindhoven; • Gemeenschappelijke Regeling Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Brabant Zuidoost te Helmond; • Gemeenschappelijke Regeling Dienst Dommelvallei te Mierlo; • Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening de Dommel (WSD) te Boxtel; • Gemeenschappelijke Regeling Reiniging Blink te Helmond. Vennootschappen en coöperaties: • Naamloze Vennootschap Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) te Den Haag; • Naamloze Vennootschap Brabant Water te Den Bosch. Stichtingen en verenigingen: • Stichting Zorg- en Veiligheidshuis Brabant Zuidoost te Helmond; • Stichting Bureau Inkoop- en aanbestedingen Zuidoost Brabant (BIZOB) te Oirschot.
In deze paragraaf wordt in tabelvorm elke verbonden partij uitgewerkt aan de hand van de volgende indelingen: • Doel en openbaar belang van de verbonden partij; • Algemene visie op en beleidsvoornemens over inschakelen van de verbonden partij: uitgangspunten waarom en wanneer we gebruik maken van de verbonden partij; • Veranderingen en ontwikkelingen van de verbonden partij; • Risico’s: welke andere risico’s zijn er bij deelname; • Afbreukrisico van geen deelname; • Alternatieven voor geen deelname; • Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging: wie zijn er betrokken bij de samenwerking; • Frequentie van terugkoppeling naar de raad; • Financieel belang: welke kosten horen bij de samenwerking; • Vermogenspositie en resultaat boekjaar van de verbonden partij. De volgende afkortingen zijn gebruikt in de uitwerking van de verbonden partijen: DB: Dagelijks bestuur. GR: Gemeenschappelijke regeling. NV: Naamloze Vennootschap.
Gemeenschappelijke regelingen GR Metropoolregio Eindhoven (MRE) te Eindhoven Doel en openbaar belang
80
Per 1 januari 2015 is de Metropoolregio Eindhoven (MRE) actief. Het doel van deze strategische, bestuurlijke samenwerking is het behouden en het verstevigen van de internationale concurrentiepositie van de regio en spitste zich toe op de behartiging van de gezamenlijke belangen op de thema’s economie, mobiliteit, energietransitie en transitie landelijk gebied. Daarbij geeft MRE uitvoering aan het Stimuleringsfonds en dient het als betaalautoriteit Brainport Development NV. Per 1 januari 2015 maakt het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) onderdeel uit van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven. RHCe heeft taken op het gebied van toezicht, behoud en openbaar maken van de cultuurhistorische informatie en is archiefbewaarplaats van de door onze gemeente en andere overheden in Zuidoost Brabant overgebrachte archieven. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij Er zijn maatschappelijke opgaven die niet begrensd worden door gemeentegrenzen, maar juist veel verder strekken. Het is goed om deze opgaven dan ook samen met anderen op regionale schaal op te pakken, waarbij aansluiting wordt gezocht bij de Nationale Brainport Agenda. Hierdoor worden (ontwikkelings)mogelijkheden beter benut. Daarnaast zijn wij via MRE vertegenwoordigd in de stichting Brainport en de triple helix.
Deze stichting bepaalt de strategie van de ontwikkelingsorganisatie Brainport Development. Via de Regio Envelop zijn financiële middelen, onder meer vanuit het Rijk, beschikbaar om te investeren in nieuwe ontwikkelingen die zijn opgenomen in de Nationale Brainport Actieagenda. De gemeente brengt haar archief na verloop van tijd onder bij RHCe, voor zover deze documenten niet vernietigd (moeten) worden. Veranderingen en ontwikkelingen MRE is na een intensief omvormingstraject op 1 januari 2015 gestart als opvolger van SRE. In 2017 is de samenwerking geëvalueerd. Naar aanleiding hiervan is de samenwerking aangepast en de nieuwe afspraken zijn vastgelegd in het Samenwerkingsakkoord 2019 - 2022. Jaarlijks wordt er een werkprogramma opgesteld. In 2022 is de gemeenschappelijke regeling gewijzigd, zoals is afgesproken bij het vaststellen van de het Samenwerkingsakkoord 2019 - 2022. Er is een start gemaakt met het proces om te komen tot nieuwe samenwerkingsafspraken voor de aankomende bestuursperiode. Binnen RHCe heeft een heroriëntatie plaatsgevonden om met name de kosten te drukken. Door focus op wettelijke taken is er meer grip op de financiën en is de afstemming met de deelnemende gemeenten verbeterd. In 2020 is besloten om de huidige uitvoeringsactiviteiten, dienstverlening en werkwijzen voort te zetten, vooralsnog onder de vlag van de MRE-organisatie.
In 2022 wordt onderzoek gedaan naar de bestuurlijke en organisatorische positionering van RHCe. In 2016 is MRE geadviseerd om het RHCe te ontvlechten uit MRE-organisatie, omdat de taken van RHCe geen kerntaak van MRE betreft. De voorziening Gulbergen is nog niet afgewikkeld, omdat de voormalige stortplaats officieel nog niet gesloten is en de nazorg nog niet is overgedragen aan de Provincie Noord-Brabant. Het ziet er naar uit dat de nazorg van de stortplaats Gulbergen voorlopig niet aan de provincie wordt overgedragen in afwachting van onderzoek naar mogelijkheden om de toekomstige nazorgkosten te beperken. In 2020 is de erfpacht afgekocht, waardoor MRE weer volledige zeggenschap heeft over de gronden in het gebied. Dit maakt de weg vrij om nieuwe plannen te ontwikkelen voor Gulbergen en op zoek te gaan naar een marktpartij die deze plannen verder wil ontwikkelen en uitvoeren. De verwachting is dat in 2022 hierover meer duidelijkheid komt. Risico's Op basis van de nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Metropoolregio Eindhoven (vastgesteld door Algemeen Bestuur in juli 2018) wordt bepaald wat de organisatie onder risicomanagement verstaat en welke uitgangspunten hierbij worden gehanteerd. Tevens is bepaald welke risico’s door MRE worden gedragen en welke door de deelnemende gemeenten.
Als uitwerking van de nota zijn voor de MRE-organisatie de risico’s in beeld gebracht, geclassificeerd en financieel inzichtelijk gemaakt. Jaarlijks worden bij het opstellen van de begroting en jaarrekening deze risico’s opnieuw beoordeeld. Afbreukrisico van geen deelname Het risico is dat de gemeente Nuenen c.a. zich buiten sluit als zij niet deelneemt aan MRE. MRE is een belangenbehartiger van de regio en weet ook middelen bij anderen (veelal via cofinanciering) los te krijgen.
81
Alternatieven voor geen deelname Naast MRE zijn er allerlei andere vormen van (gemeentelijke) samenwerking mogelijk. Zo werken de gemeenten Eindhoven, Helmond, Son en Breugel, Geldrop-Mierlo, Waalre, Veldhoven, Best, Oirschot en Nuenen c.a. op subregionaal vlak samen binnen Stedelijke Gebied Eindhoven. De agenda's van de beide samenwerkingsverbanden worden op elkaar afgestemd, zodat er geen sprake is van een overlap. Bestuurlijke betrokkenheid en vertegenwoordiging Deelname door de 21 gemeenten in Zuidoost Brabant, zijnde de gemeenten: Asten, Bergeijk, Best, Bladel, Cranendonck, Deurne, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Gemert-Bakel, Heeze-Leende, Helmond, Laarbeek, Nuenen c.a., Oirschot, Reusel-De Mierden, Someren, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre. Algemeen bestuur: M. Houben (burgemeester), plv. lid: J. Tesser (raadslid) Raadstafel21: B. van Stiphout en H. Kranen (beide raadsleden) Portefeuillehoudersoverleg Economie: J. Pernot (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Mobiliteit: C. van Brakel (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Transitie landelijk gebied: C. van Brakel (wethouder) Portefeuillehoudersoverleg Energietransitie: J. Pernot (wethouder) Commissie van Advies voor Financiën: J.
Pernot (wethouder) Frequentie van terugkoppeling naar de raad Structureel jaarlijks bij begroting en het werkprogramma (zienswijzeprocedure) en jaarrekening (ter kennisneming). Daarnaast worden van relevante zaken voor de raad mededelingen gedaan door het college in commissievergaderingen. Financieel belang Opsplitsing bijdrage MRE • Streekarchief (RHCe) € 95.368,• Regionale opgaven € 90.250,• Brainport development € 58.908,• SRE stimuleringsfonds € 83.078,Totaal € 327.604,In 2021 is € 28.374,- aan terugbetaling jaarresultaat MRE 2020 en € 18.327,- aan terugbetaling jaarresultaat RHCe 2020 ontvangen. GR Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB) te Eindhoven Doel en openbaar belang De omgevingsdienst is ingesteld om voor de deelnemers taken uit te voeren op het gebied van het omgevingsrecht en daarmee als uitvoeringsdienst van het lokaal en provinciaal bestuur een bijdrage te leveren aan het realiseren en borgen van de door de gemeente aangegeven kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Algemene visie op en beleidsvoornemens omtrent inschakelen van de verbonden partij De ODZOB heeft een relatie met de partners in de GR en andere opdrachtgevers die wordt gekenmerkt door: bereikbaarheid, beschikbaarheid, snelheid en betrouwbaarheid waar het gaat om de levering van diensten en producten, de beantwoording van vragen en het voldoen aan verzoeken over de fysieke leefomgeving.