CConstaterende datNuenen
Koppel je AI →
Document · PDF

2021-35 RV Bijlage 4 Omgevingsvisie - Nota zienswijzen

Gemeenteraad 30 september 2021, gemeente NuenenBij agendapunt: Omgevingsvisie Nuenen - gewijzigde vaststelling21.763 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Reactie gemeente Cultureel erfgoed Wij nemen het voorstel om al ons cultureel erfgoed expliciet te noemen over. Dit mag zeker niet beperkt blijven tot het centrum van Nuenen. Dit komt onvoldoende tot uiting. Het bepaalt mede de identiteit en kernkwaliteiten van Nuenen in zijn geheel. Binnen de beschrijving van de kernkwaliteiten én binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ is hier meer aandacht aan besteed. De monumenten zijn niet met naam en toenaam genoemd. Dat is te gedetailleerd voor de omgevingsvisie en komt terug in het omgevingsplan. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Programma Buitengebied Wij nemen het voorstel om het woord ‘kunnen’ aan te passen in ‘dienen’ over. De ambities voor het lichtgroene hart, het Dommeldal en de bossen, heide en vennen in dit programma moeten inderdaad nog verder worden uitgewerkt.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

28

Bestaand beleid Indiener stelt terecht dat er nog veel uitgewerkt moet worden. Tot dat moment kan er een hiaat ontstaan. Daarom beslist de raad bij vaststelling expliciet dat bestaand beleid van kracht blijft. Dit beleid valt overigens ook onder het wettelijk overgangsrecht. Daar waar het bestaand beleid afwijkt van de omgevingsvisie, is de omgevingsvisie leidend. Het is niet nodig om dit ook op te nemen in de omgevingsvisie, omdat de visie alleen zelfbindend is en geen rechtsgevolgen heeft voor derden. Keuzen a. De kernkwaliteiten vormen de lat waarlangs we initiatieven en ontwikkelingen leggen. Per initiatief en ontwikkeling moet worden gekeken waar de prioriteit ligt, welk (algemeen) belang het zwaarst weegt. Dit is per situatie en per locatie/gebied anders. Op voorhand kunnen geen algemeen geldende keuzen worden gemaakt. Overigens zijn de kernkwaliteiten niet ‘heilig’. We streven ernaar de kernkwaliteiten te behouden en waar mogelijk te versterken, maar we zijn ons ervan bewust dat er ook andere (algemene) belangen kunnen zijn die nóg zwaarder wegen. Dan moeten we proberen de schade van de kernkwaliteiten ter plaatse te beperken en/of elders te compenseren. Dit vraagt maatwerk en een bestuurlijke afweging. b. Wij kunnen ons vinden in het voorstel dat de afweging tussen kernkwaliteiten en opgaven aandacht krijgt in de omgevingsvisie.

We hebben er niet voor gekozen dit te doen onder de kop ‘Vasthouden wat moet, loslaten wat kan’ (‘Doorwerking – Sturingsfilosofie en rolverdeling’), maar hebben bij de inleiding van het hoofdstuk Doorwerking een tekst toegevoegd. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Participatie De gemeente is, buiten haar eigen plannen/beleid, niet diegene die participatie initieert. Zij kan wel ‘voorwaarden’ stellen. Dat doen we niet hier in de omgevingsvisie. Deze visie gaat om de inhoudelijke ambities voor de fysieke leefomgeving en niet over processen. Dit is daarvoor niet de juiste plaats. Dat gaan we in apart beleid/verordening doen.

Conclusie De omgevingsvisie is op enkele punten aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie niet aangepast, omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

29

Zienswijze 15 Ontvankelijkheid De pro forma zienswijze is binnen de termijn ingekomen. Deze is binnen de gestelde termijn aangevuld. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Cultureel erfgoed a. Indiener van de zienswijze vraagt aandacht te besteden aan de ‘plaatsen’. De ‘plaatsen’ zijn zichtbare en herkenbare structuren die bepalend zijn geweest voor de ontwikkeling van onze woonomgeving door de jaren heen en hebben cultuurhistorische en ecologische waarde. Hierbij haalt indiener een tekst aan uit voorgaande visies. b. Indiener van de zienswijze vraagt meer aandacht voor de bescherming ervan. Dit komt volgens indiener onvoldoende naar voren in de visie. Openbare ruimte; spelen, bewegen en ontmoeten Indiener van de zienswijze vindt dat de gemeente een voorbeeldrol heeft als het gaat om de ontwikkeling van de openbare ruimte voor spelen, bewegen en ontmoeten. Indiener vindt dat dit verkeerd is gegaan bij ‘Het laar’, wat niet meer voor iedereen toegankelijk is. Visie a. Indiener van de zienswijze vindt dat de omgevingsvisie weinig inhoudelijke visie geeft. Naast de ‘plaatsen’ mist indiener een visie op de A270 en inzicht op de bevolkingsgroei van Helmond en Eindhoven t.o.v. Nuenen, en daarmee verbonden problematiek die in het verleden al ruimschoots de politieke agenda bepaalde. b. Indiener van de zienswijze mist een visie op samenwerking om zelfstandig te blijven. Omgevingswet Indiener van de zienswijze meldt dat de Omgevingswet is gesneuveld in de Eerste kamer en hoopt dat deze nooit aangenomen wordt.

Zoals beschreven in de visie vervallen de bestemmingsplannen en krijgt de gemeenteraad absolute zeggenschap over de inrichting van de leefomgeving.

Reactie gemeente Cultureel erfgoed a. Wij nemen het voorstel om aandacht te besteden aan de ‘plaatsen’ over. Al staat hierover op bladzijde 11 al iets vermeld. Het bepaalt mede de identiteit en kernkwaliteiten van de kernen. Binnen de beschrijving van de kernkwaliteiten is Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

30

hierover een korte tekst opgenomen. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. b. Wij nemen het voorstel om meer aandacht te besteden aan de bescherming van de ‘plaatsen’ over. Binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ is bescherming van het cultureel erfgoed opgenomen in de tabel als waar we voor kiezen. De ‘plaatsen’ benoemen we niet apart, maar laten we vallen onder de algemene term ‘cultureel erfgoed’. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Openbare ruimte; spelen, bewegen en ontmoeten Als gemeente zetten we nog meer in op de ontwikkeling van de openbare ruimte voor spelen, bewegen en ontmoeten. Deze wens van inwoners werd nogmaals uitgesproken. Eerder is dit ook ingebracht bij het opstellen van het beleid Spelen en Bewegen. De afgelopen en komende jaren voeren we dit uit door middel van een wijkgerichte aanpak waarbij veel inbreng mogelijk is van inwoners. Dit vanuit de overtuiging dat juist die inbreng nodig is om mensen echt te laten spelen, bewegen en ontmoeten. Inzet is dat dit voor alle leeftijden is. Gerwen wordt nog in 2021 opgestart. Visie a. Het verkeer, lokaal en regionaal, legt druk op onze leefbaarheid. Dat dilemma hebben we in de omgevingsvisie geschetst. In de omgevingsvisie staan niet alle antwoorden. Deze moeten vaak nog uitgewerkt worden in programma’s.

Waaronder het programma Bereikbaarheid. De kaders en het gedachtegoed van de omgevingsvisie worden bij besluitvorming over die studie meegenomen. Regionale ontwikkelingen op het gebied van wonen, werken en dus verkeer worden in die studie meegenomen. De studie leefbaarheid en bereikbaarheid richt zich op de periode tot 2030, maar kijkt ook naar een regionale studie (MIRT) voor de periode tot 2040. De studie zelf is een deelstudie en wordt ook afgestemd op vier andere regionale deelstudies. b. De omgevingsvisie is een visie op de fysieke leefomgeving. Om de opgaven te kunnen realiseren werken we daar waar nodig samen met anderen. Het vraagstuk met betrekking tot de bestuurlijke toekomst van de gemeente Nuenen c.a. maakt geen onderdeel uit van de omgevingsvisie. In de omgevingsvisie hebben we benoemd dat we in ieder geval al voor wat betreft de RES (Regionale Energiestrategie), natuur en mobiliteit samenwerken met andere overheden. Maar ook voor wat betreft het wonen vindt regionale afstemming plaats. Samenwerking wordt gezocht als dit meerwaarde heeft of bij opgaven die zich niet laten begrenzen door gemeentegrenzen. Omgevingswet De Omgevingswet is niet gesneuveld in de Eerste kamer. Er zijn vragen gesteld over de stand van zaken met betrekking tot de inwerkingtreding van de Wet.

De vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding is uitgesteld, maar voorlopig wordt nog steeds 1 januari 2022 aangehouden. In de omgevingsvisie is niet genoemd dat bestemmingsplannen vervallen en ook is niet op te maken dat de gemeenteraad de absolute zeggenschap krijgt over de inrichting van de leefomgeving. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

31

Bestemmingsplannen worden omgezet naar één gemeente dekkend omgevingsplan. Ook voor het omgevingsplan geldt een wettelijke inspraakmogelijkheid. Participatie wordt onder de Omgevingswet nog belangrijker. Daar heeft het gemeentebestuur zich ook aan te houden, net als alle initiatiefnemers.

Conclusie De omgevingsvisie is op enkele punten aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie niet aangepast. Deels omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze en deels omdat de onderwerpen in de programma’s nader worden uitgewerkt.

Zienswijze 16 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Prioritering van ambities voor wat betreft bereikbaarheid a. Indieners van de zienswijze stellen voor de volgorde van de ambities die aanleiding zijn voor het programma Bereikbaarheid te wijzigen. ‘Behouden en verbeteren van leefbaarheid’ zou daarbij vooraan moeten staan. Redenerend vanuit de kernkwaliteiten zou volgens indiener van de zienswijze de ambitie het behouden en verbeteren van de leefbaarheid topprioriteit moeten hebben. De overige ambities die hier worden benoemd zijn de middelen om de leefbaarheid voor (toekomstige) inwoners van Nuenen te behouden en te verbeteren. b. Daarnaast zijn indieners van de zienswijze van mening dat voor het behouden en verbeteren van de leefbaarheid, met name het bieden van verkeersveiligheid en het stimuleren van alternatieve vervoerswijzen van het grootste belang zijn. Fietsroutes Indieners van de zienswijze vragen meer in te zetten op de aanleg van snelfietsroutes binnen onze gemeente. Dit komt ten goede aan het beschermen van natuur en milieu en het bevorderen van de leefbaarheid. Daarnaast zorgen snelfietsroutes voor een aanzienlijke tijdwinst voor fietsers. Die tijdwinst is een aspect dat vaak wordt genegeerd. Meer prioriteit geven aan de fiets door aanleg van snelfietsroutes kan juist bijdragen aan het behouden en verbeteren van de bereikbaarheid van onze gemeente.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

32

Reactie gemeente Prioritering van ambities voor wat betreft bereikbaarheid a. Wij zien in deze zienswijze een bevestiging van de inhoud van de omgevingsvisie. De opsomming van de ambities kent echter geen volgorde van prioriteit. Naar onze mening zijn het allemaal gelijkwaardige ambities. De volgorde is dan ook niet aangepast. b. Wij zijn van mening dat de leefbaarheid van de gemeente niet alleen verkeer gerelateerd is. Er zijn heel veel aspecten die maken dat Nuenen een fijne gemeente is om te wonen. Dit hebben we overwegend ook gehoord van onze inwoners in het participatietraject. Wel zijn er een aantal zorgen. Verkeer en de effecten daarvan is daar een voorbeeld van. Het verkeer, lokaal en regionaal, legt druk op onze leefbaarheid. Dat dilemma hebben we in de omgevingsvisie geschetst. In de omgevingsvisie staan niet alle antwoorden. Deze moeten vaak nog worden uitgewerkt in programma’s. Waaronder het programma Bereikbaarheid. Op dit moment loopt de (Nuenense deel)studie ‘Leefbaarheid en bereikbaarheid Bundelroutes’. Daarin worden verschillende scenario’s onderzocht. Eén van die scenario’s zet specifiek in op de mobiliteitstransitie, maar ook in de andere scenario’s zijn er ondersteunende maatregelen voor andere vervoersmiddelen. De studie is nog niet afgerond en we lopen niet vooruit op de uitkomsten.

Fietsroutes Het inzetten op fietsroutes is één van de mogelijke oplossingen in de uitvoering van de algemene doelstellingen om in te zetten op gezondheidsbevordering en leefbaarheid. We hebben op diverse plekken in de omgevingsvisie aandacht hiervoor, onder andere bij ‘gezondheid als verbindende factor’ en ‘bereikbaarheid’. Het komt ook terug in de keuzen die we maken bij onder andere de opgave ‘robuust landschap’. We sluiten aan bij de mobiliteitstransitie en de regionale afspraken. Hoe we dat verder uitwerken, door bijvoorbeeld snelfietspaden, past binnen het programma Bereikbaarheid.

Conclusie De omgevingsvisie is niet aangepast. Deels omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze en deels omdat het onderwerp in een ander traject nader wordt onderzocht.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

33

Zienswijze 17 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Duurzaamheid en energietransitie in de opgaven Coöperatie Morgen Groene Energie U.A. vindt dat in de omgevingsvisie te weinig aandacht is voor het thema duurzaamheid en energietransitie. De coöperatie mist ook maar één enkele verwijzing naar de bijdrage van de gemeente aan doelstellingen als vastgelegd in het Klimaatakkoord, het Nederlandse Energieakkoord en de (concept)RES 1.0. De coöperatie pleit ervoor de opgaven ten aanzien van duurzaamheid en energietransitie expliciet en meetbaar te benoemen in de opgaven. Visiekaart a. Het benoemen van de opwek van duurzame energie als ‘verdienmodel’ binnen de pop-up ‘Bossen, Heide en Vennen’ is volgens de coöperatie zinloos. De coöperatie vraagt dit te verwijderen. b. De coöperatie vraagt de nog niet in gebruik genomen gronden rond de bedrijventerreinen op Eeneind-Zuid en Landgoed Gulbergen op de kaart aan te geven als locaties voor opwek van duurzame energie. En vraagt de bijbehorende teksten aan te passen. Doorwerking De coöperatie geeft aan met de betrokken partijen en betrokken inwoners de handschoen op te willen pakken om de herontwikkeling van Landgoed Gulbergen vanaf het begin ‘van onderaf’, in een open planproces vorm te geven.

Reactie gemeente Duurzaamheid en energietransitie in de opgaven Duurzaamheid en energietransitie leggen een claim op onze ruimte. Dat dilemma hebben we in de omgevingsvisie geschetst. In de omgevingsvisie staan niet alle antwoorden. Deze moeten vaak nog uitgewerkt worden in programma’s. Waaronder het programma Duurzaamheid. Onderzoek naar en besluitvorming over de opwek van duurzame energie vindt plaats in een apart traject binnen dat programma. Daarin wordt beleid gevormd voor grootschalige energieopwekking, waaronder zonnevelden. De kaders en het gedachtegoed van de omgevingsvisie worden bij besluitvorming over die studie meegenomen. De besluiten die volgen uit deze studie worden meegenomen bij een actualisatie van de omgevingsvisie, in programma’s en het omgevingsplan.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

34

Binnen de opgave ‘Robuust landschap – energietransitie’ gaat de omgevingsvisie overigens weldegelijk in op de doelstellingen uit de RES en hoe de gemeente hieraan invulling geeft. Ook binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving – warmtransitie’ wordt ingegaan op onze duurzaamheidsambitie. Nuenen kiest ervoor niet een koploper te zijn. We willen innovatieve ontwikkelingen afwachten, om de impact op onze kernkwaliteiten zo klein mogelijk te houden. We houden ons wel aan de wettelijke eisen en regionale afspraken. Visiekaart a. Wij nemen het voorstel om duurzame energie als ‘verdienmodel’ te schrappen in de pop-up ‘Bossen, heide en vennen’ over. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. b. De gronden rond Eeneind-Zuid en Landgoed Gulbergen nemen we niet op als locaties voor opwek van duurzame energie. Onderzoek naar en besluitvorming over de opwek van duurzame energie vindt zoals hierboven gesteld, plaats binnen het programma Duurzaamheid. Ook zijn beide locaties niet in de RES benoemd als potentiële locaties op regionaal niveau. Doorwerking Ontwikkeling van Landgoed Gulbergen is een afzonderlijk project onder aansturing van de Metropool Regio Eindhoven. Binnen het project wordt een speciaal participatieproces opgestart. Dit is niet iets wat wordt vastgelegd in de omgevingsvisie. Dat komt direct voort uit de Omgevingswet.

Het is goed te horen dat de coöperatie met de verschillende partijen en betrokken inwoners de handschoen wil oppakken om de herontwikkeling van Landgoed Gulbergen vorm te geven. In de omgevingsvisie lopen we hier niet op vooruit.

Conclusie De omgevingsvisie is op één punt aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie is niet aangepast. Deels omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze. Deels omdat het onderwerp in een het programma Duurzaamheid wordt uitgewerkt.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

35

Zienswijze 18 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Glasvezelnetwerk De Coöperatie OnsNet Nuenen stelt voor het hebben en behouden van een hoogwaardig glasvezelnetwerk als een kernkwaliteit te benoemen. Deze infrastructuur behoeft aandacht en zorg. In de eerste plaats zal de coöperatie dat doen, maar de lokale overheid heeft daarin ook een verantwoordelijkheid. Digitale innovatiekracht De coöperatie stelt voor om digitale maatschappelijke innovatie als zelfstandig beleidsdoel te benoemen en terug te laten komen in de relevante onderdelen van de visie. Zij ziet in digitale toepassingen een meerwaarde voor het welzijn van de inwoners in brede zin. Digitale innovatie is volgens de coöperatie niet alleen uitvoerings-ding in de zin van ICT-toepassing, maar verdient een integrale benadering als toekomstige bron van vernieuwing in Nuenen.

Reactie gemeente Glasvezelnetwerk Aandacht en zorg voor het (ondergrondse) netwerk van kabels en leidingen zoals het glasvezelnetwerk benoemen we niet als één van de kernkwaliteiten. De kernkwaliteiten zijn fysiek waarneembare kenmerken van Nuenen die Nuenen definiëren. Deze zijn bepaald vanuit een breed participatietraject. Aandacht voor netwerken zal er wel zijn in het omgevingsplan. Digitale innovatiekracht Hoewel het sociale aspect een grote rol speelt in de omgevingsvisie is dit uitsluitend in relatie tot de fysieke leefomgeving. Digitale voorzieningen kunnen daaraan bedragen, maar zijn niet fysiek waarneembaar genoeg om op te nemen in de omgevingsvisie. Zij sluiten wellicht meer aan bij beleidsdoelstellingen in het sociale domein, Zij kunnen mogelijk wel terugkomen in programma’s om bepaalde ambities uit de omgevingsvisie te bewerkstelligen.

Conclusie De omgevingsvisie is niet aangepast, omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

36

Zienswijze 19 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Grootschalige energieopwekking a. Indieners van deze zienswijze vragen aandacht voor het zorgvuldig omgaan met plannen voor de opwek van duurzame energie. Zij willen niet dat inwoners worden overvallen met plannen voor een zonneweide zonder dat de gemeente daarin (samen met de inwoners) beleid heeft bepaald. b. Indieners begrijpen dat duurzame energie noodzakelijk. Zij denken hierbij aan innovatieve oplossingen boven de inzet van agrarische gronden. Die gronden kunnen dan bijvoorbeeld worden ingezet voor duurzame landbouwmogelijkheden die bijdragen aan de biodiversiteit. Iets meer geduld is te verkiezen boven snelheid. c. Indieners van deze zienswijze zien graag ook aandacht voor het eerlijk verdelen van de lusten en lasten van het wonen in een dorp zoals Nuenen. Bij het aanwijzen van locaties voor zonneweides moet volgens indieners van de zienswijze rekening worden gehouden met de huidige situatie van een gebied; niet alle lasten in één gebied.

Reactie gemeente Grootschalige energieopwekking a. Duurzaamheid en energietransitie leggen een claim op onze ruimte. Dat dilemma hebben we in de omgevingsvisie geschetst. In de omgevingsvisie staan niet alle antwoorden. Deze moeten vaak nog uitgewerkt worden in programma’s. Waaronder het programma Duurzaamheid. Onderzoek naar en besluitvorming over de opwek van duurzame energie vindt plaats in een apart traject binnen dat programma. Daarin wordt beleid gevormd voor grootschalige energieopwekking, waaronder zonnevelden. De kaders en het gedachtegoed van de omgevingsvisie worden bij besluitvorming over die studie meegenomen. De besluiten die volgen uit deze studie worden meegenomen bij een actualisatie van de omgevingsvisie, in programma’s en het omgevingsplan. Niets doen voor wat betreft grootschalige opwek van duurzame energie is geen optie. We hebben een verplichting vanuit onder andere de Wet en de RES. We realiseren ons dat het op gespannen voet staat met onze kernkwaliteiten en individuele belangen. Bij de uitwerking van het programma Duurzaamheid moeten we kijken hoe we deze opgave zo goed mogelijk kunnen combineren met onze kernkwaliteiten. Individuele belangen zijn daarbij niet altijd doorslaggevend, maar moeten wel zorgvuldig gewogen worden. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

37

b. Nuenen kiest ervoor niet een koploper te zijn. We willen innovatieve ontwikkelingen afwachten, om de impact op onze kernkwaliteiten zo klein mogelijk te houden. We houden ons wel aan de wettelijke eisen en regionale afspraken. Of agrarische gronden daarbij gespaard kunnen blijven voor bijvoorbeeld duurzame landbouwmogelijkheden die bijdragen aan de biodiversiteit kan nu niet worden gezegd. Dat moet blijken uit nader onderzoek. c. Bij het onderzoek naar de meest geschikte locaties voor de grootschalige opwerk van duurzame energie zal met alle mogelijke belangen rekening worden gehouden. Uiteindelijk is het algemeen belang leidend, maar moet er ook zorg zijn voor individuele belangen. Participatie van inwoners en andere belanghebbenden zal een onderdeel uitmaken van het onderzoek.

Conclusie De omgevingsvisie is niet aangepast, omdat het onderwerp in het al lopende programma Duurzaamheid wordt uitgewerkt.

Zienswijze 20 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Cultureel erfgoed Stichting Middengebied vraagt om het erfgoed (historische bebouwing en infrastructuur en waardevolle landschappen) te koesteren en het behoud en versterking van de kwaliteit ervan in de omgevingsvisie respectievelijk het omgevingsplan te borgen.

Reactie gemeente Cultureel erfgoed We zien dat deze zienswijze ons bevestigt in hetgeen we hebben opgenomen in de omgevingsvisie als het gaat om de kernkwaliteiten. Naar aanleiding van meerdere verzoeken, hebben we ons cultureel erfgoed nog wat explicieter benoemt. Het bepaalt mede de identiteit en kernkwaliteiten van Nuenen in zijn geheel. Binnen de beschrijving van de kernkwaliteiten én binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ is hier meer aandacht aan besteed. De monumenten zijn niet met naam en toenaam genoemd. Dat is te gedetailleerd voor de omgevingsvisie en komt terug in het omgevingsplan. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

38

Conclusie De omgevingsvisie is aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3.

Zienswijze 21 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Cultureel erfgoed Visie Erfgoedvereniging Heemschut is van mening dat te weinig aandacht is besteed aan het cultureel erfgoed en haar waarde voor de leefomgeving. Zij vraagt een visie/ambitie te formuleren. Daarbij vraagt zij het cultureel erfgoed (in de breedste zin) te benoemen als basis voor het afwegingskader bij alle toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Als voorbeelden worden aangedragen de duurzaamheidsopgave en herbestemming van bestaande panden. Terminologie en inventarisatie a. De erfgoedvereniging stelt voor de term ‘relicten’ (bladzijde 11) te wijzigen in ‘elementen’. De term 'elementen' past hier beter, omdat erfgoed meer is dan een relict. Deze elementen horen bij ons verleden, ons heden en zijn essentieel voor onze toekomst. Ze vormen onze identiteit. b. De erfgoedvereniging vraagt het erfgoed (beeldbepalende gebouwen, monumenten, structuren en andere cultuurhistorisch waardevolle elementen) in kaart te brengen en deze in de tekst meer inzichtelijk te maken. Vragen a. De erfgoedvereniging vraagt waarom de visiekaarten niet op kernniveau zijn. b. De erfgoedvereniging wil graag meer weten over de toekomst van het Dommeldal. Hoe wordt het Dommeldal aangepakt om om te kunnen gaan met de klimaatadaptatie? Wat gebeurt er met de waterberging? c.

De erfgoedvereniging ziet graag een kaart met een bebouwingsgrens om inzichtelijk te maken waar de gewenste bebouwingsmogelijkheden liggen. d. De erfgoedvereniging vraagt waar het buitengebied open moet blijven.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

39

Opmerkingen a. Behoud het goede van Nuenen (bladzijden 7 tot 10): De erfgoedvereniging is van mening dat het handig kan zijn om de historische bebouwingslinten duidelijker aan te geven, zodat ze meer gewaardeerd en beter behouden blijven. Dat kan volgens haar met een kaart, maar ook met een beschrijving. b. Nuenen (bladzijde 10-11): De erfgoedvereniging vraagt om de groei van de kern Nuenen in beeld te brengen. Hierbij denkt zij aan de jaren '30 huizen/wijken en aan naoorlogse erfgoed. c. Gerwen (bladzijde 11): De erfgoedvereniging vraagt een toevoeging aan de laatste zin; “Het dorp ligt nog vrij……… en de bedoeling is dat dat zo blijft”. d. Dorps en gezellig (bladzijde 15): De erfgoedvereniging stelt voor de titel aan te passen naar “Dorps, Cultuurhistorisch waardevol en gezellig'. e. Bescherming, behoud en beleving van het erfgoed (bladzijde 31): De erfgoedvereniging vraagt hieraan een zin toe te voegen; “Hergebruik of herbestemming van een gebouw heeft de voorkeur, boven sloop en nieuwbouw.” f.

Visiekaart centrum Nuenen (bladzijde 37): De erfgoedvereniging stelt voor om het cultureel erfgoed in beeld te brengen.

g. Programma Toerisme & Recreatie (bladzijde 61): De erfgoedvereniging doet een voorstel voor een toevoeging: “De mogelijkheid om de recreatiesector te ontwikkelen moet ook gepaard gaan met het versterken van het cultuurlandschap”.

Reactie gemeente Cultureel erfgoed Visie Bij de kernkwaliteiten is in het ontwerp aandacht besteed aan ons cultureel erfgoed. Naar aanleiding van meerdere verzoeken hebben we het cultuurhistorisch erfgoed nog wat explicieter benoemt. Het bepaalt mede de identiteit en kernkwaliteiten van Nuenen in zijn geheel. Binnen de beschrijving van de kernkwaliteiten én binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ is hier nu meer aandacht aan besteed. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Onder de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ hebben we al een ambitie genoemd. Namelijk de bescherming, het behoud en beleving van het erfgoed. Dit vormt de basis voor het afwegingskader bij alle toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. Zie hiervoor de paragraaf ‘heeft u een initiatief?’. De concretisering van het afwegingskader is voor het omgevingsplan. Terminologie en inventarisatie a. We nemen het voorstel de term ‘relicten’ (bladzijde 11) te wijzigen in ‘elementen’ over. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

40

b. Wij nemen het voorstel om al ons cultureel erfgoed expliciet te noemen over. Het bepaalt mede de identiteit en kernkwaliteiten van Nuenen in zijn geheel. Binnen de beschrijving van de kernkwaliteiten én binnen de opgave ‘Hoogwaardige woon- en leefomgeving’ is hier meer aandacht aan besteed. De monumenten zijn niet met naam en toenaam genoemd. Dat is te gedetailleerd voor de omgevingsvisie en komt terug in het omgevingsplan. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Vragen a. De omgevingsvisie heeft een hoog abstractieniveau, met keuzen op hoofdlijnen. Vandaar dat ervoor gekozen is alleen een kaart op te nemen voor de gehele gemeente. Dit sluit aan bij het gedachtegoed van de wet dat er één visie voor heel de gemeente moet zijn. Vanwege de grote diversiteit aan functies en de expliciete opgave (met verschillende zones) is voor het centrum van Nuenen wel een uitsnede gemaakt om op in te zoomen. Daar staat echt aanvullende informatie op. Die behoefte was er niet voor de kernen. b. In de omgevingsvisie is voor het Dommeldal aangegeven dat het zijn belangrijke ‘groenblauwe’ functie van natuur, waterberging en recreatie behoudt. Met het oog op de klimaatverandering blijft de functie als buffergebied voor het vasthouden en bergen van water van essentieel belang.

Het Dommeldal zal bovendien verder worden ontwikkeld als robuust natuurpark, aantrekkelijk voor recreatie. Samen met verschillende partners zitten wij in het samenwerkingsverband Dommeldal uit de Verf 2.0. Nadere uitwerking vindt plaats in het programma Buitengebied. c. De omgevingsvisie heeft een hoog abstractieniveau, met keuzen op hoofdlijnen. Er is in woord aangegeven hoe we denken over bouwmogelijkheden. We gaan niet voor verdere uitbreiding van het bebouwd gebied. Alleen voor Gerwen en Nederwetten zijn er beperkte uitbreidingsmogelijkheden. Bij inbreidingen en herstructurering hebben we aandacht voor de inpassing. We geven geen exacte locaties aan, maar voorwaarden. Zo is de visie flexibel, zoals de Omgevingswet ook beoogt. Het aangeven van bebouwingsgrenzen past daar niet in. Dat is te gedetailleerd. Dit zal wel nader onderzocht worden in het kader van programma’s en het omgevingsplan. d. Het buitengebied blijft open ter plaatse van de gebieden die op de visiekaart zijn aangeduid als het Dommeldal, het Lichtgroene hart en Bossen, heide en vennen. Opmerkingen a. De bedoelde kaarten bieden achtergrondinformatie over de ontstaansgeschiedenis. Het zijn geen kaarten die een visie geven. Het belang van de historische dorpslinten komt expliciet aan de orde in de beschrijving van de kernkwaliteiten en is hiermee geborgd. b.

De groei van de kernen hebben we in beeld gebracht op de schaal van heel Nuenen. Het in beeld brengen van de groei van de afzonderlijke kernen zoals gevraagd voor Nuenen past niet binnen het abstractieniveau van de omgevingsvisie.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

41

c. De voorgestelde toevoeging dat het de bedoeling is dat Gerwen vrij blijft liggen, is niet overgenomen. Dit is al op een andere plek in het document benoemd. In het visiedeel is opgenomen welke ontwikkellocaties we zien voor Gerwen en is het gebied tussen Gerwen en Nuenen deels aangegeven als ‘Lichtgroen hart’ en deels als ‘Kleinschalig landbouwgebied’. Hiermee geven we aan dat we geen ruimte zien voor uitbreiding van Gerwen of Nuenen in dit gebied en dat het onze bedoeling is dat Gerwen ook vrij blijft liggen. Op de plek in het document waar het is voorgesteld, is de huidige situatie omschreven. d. Dorps en gezellig zijn kernkwaliteiten die in een breed participatietraject naar voren zijn gekomen als typisch Nuenen. Het dorpse wordt dan wel mede bepaald door de waarde van het cultureel erfgoed; wij vinden het aanvullen van de titel hiermee niet passen bij de uitkomst van het participatietraject. Het cultureel erfgoed heeft de aandacht binnen de omschrijving van de kernkwaliteiten én binnen de visie waarin we aangeven dat we kiezen voor bescherming, behoud en beleving ervan. e. Hergebruik of herbestemming van een gebouw past binnen onze visie waarin we de voorkeur uitspreken voor transformatie waarbij bestaande gebouwen verbouwd worden ten behoeve van wonen. Dit staat benoemd in de derde alinea onder ‘wonen en ruimtelijke planvorming’.

Verder hebben we de ambitie uitgesproken het erfgoed te beschermen en behouden. We hebben de voorgestelde zinsnede dan ook niet overgenomen. f.

Omdat de omgevingsvisie een hoog abstractieniveau heeft, is niet al het cultureel erfgoed in beeld gebracht. Dit passen we ook niet aan. Het cultureel erfgoed krijgt een plek binnen het omgevingsplan en de ambitie van bescherming, behoud en beleving van her erfgoed wordt meegenomen bij de uitwerking van programma’s als het programma Centrum.

g. Het voorstel voor de toevoeging van de zin “De mogelijkheid om de recreatiesector te ontwikkelen moet ook gepaard gaan met het versterken van het cultuurlandschap.” bij het programma Toerisme & Recreatie nemen wij niet over. Dit is impliciet al benoemd met de ontwikkeling van de groene ruimte van Brainport en het cultuurhistorisch erfgoed. Versterking van het cultuurlandschap krijgt ook aandacht bij het programma Buitengebied.

Conclusie De omgevingsvisie is op enkele punten aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie is niet aangepast. Deels omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze en deels omdat de zienswijze een ander detailniveau betreft.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

42

Zienswijze 22 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze De adviesraad doet enkele aanbevelingen binnen de sociaal maatschappelijke context en vraagt om de omgevingsvisie hierop aan te passen. Toekomstgericht a. De doelen van de Omgevingswet zijn gericht op de duurzame ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. De adviesraad adviseert de omgevingsvisie niet te beperken tot de leefomgeving nu, maar ook voor die van de komende generaties. b. Zorg dat in de omgevingsvisie de richtinggevende ijkpunten worden opgenomen en duidelijk worden beschreven. Gezondheid a. Maak gebruik van de ruimte die de Wet geeft voor creatieve oplossingen om de fysieke leefomgeving langzaam te verbeteren, en een goed evenwicht tussen bescherming en benutting na te streven. b. Maak gebruikt van data om inzichtelijk te maken in welke mate Nuenen aan de normen voldoet, kan beter worden onderbouwd waarom bepaalde (beleids-)keuzes worden gemaakt en bepaalde beleidsdoelen worden gesteld, kunnen streefwaarden beter worden onderbouwd en wordt beter meetbaar in welk mate gestelde doelen in de omgevingsvisie worden bereikt. c. De keuze voor de kernkwaliteiten “Groen en rustig” moet consequenties hebben voor de te hanteren normen van overlast. Formuleer deze in de omgevingsvisie. Relatie gemeente – inwoners en inwoners onderling a.

Beschrijf dat de gemeente, ook onder de Omgevingswet, verantwoordelijk blijft voor de inwoners die niet kunnen voldoen aan de door deze wet aan hen gestelde eisen. b. Beschrijf dat de gemeente, ook in het grotere vrije speelveld voor de inwoners in de omgevingsvisie, een dominante rol zal blijven spelen in het bepalen van de spelregels en de naleving en handhaving ervan. Zich als overheid van dat speelveld terugtrekken is geen optie. c. Formuleer die rol van de gemeente bij conflicten in het fysieke domein tussen inwoners nu al duidelijker in de omgevingsvisie.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

43

d. Spreek bij de sturingsfilosofie over de rol die de gemeente wil, kan en/of moet vervullen. Kernkwaliteiten Wees explicieter over de waarde van de kernkwaliteiten; hoe deze te evalueren en hoe deze te bewaken. Benoem dat de “waarde” van de kernkwaliteiten regelmatig worden geëvalueerd en besproken om ongewenste ontwikkelingen op tijd te kunnen signaleren. Interactie gezondheid, kernkwaliteiten en opgaven a. Het is belangrijk te weten welke prioriteit de gezondheid, kernkwaliteiten en opgaven hebben. Een absolute prioriteit geven aan één van de drie lijkt niet verstandig. Maar, bijvoorbeeld, de kernkwaliteiten stellen boven de opgaven lijkt logisch. Een forse toename van een opgave ten koste van een kleine afname van een kernkwaliteit lijkt ook verdedigbaar. Het moet elke keer een beargumenteerde keuze zijn wanneer een kernkwaliteit of gezondheid wordt opgeofferd ten bate van een opgave. Beschrijf deze overweging in de omgevingsvisie. b. Als hogere overheden, rijk en provincie eisen mogen stellen en andere prioriteiten kunnen vaststellen, heeft de omgevingsvisie dan nog waarde? Of is dan de reactie: minimaliseer de impact van deze externe eisen op de gezonde leefomgeving en de kernkwaliteiten? Probeer dat nu al in de omgevingsvisie op te nemen. Dat geeft enige garantie dat de kernkwaliteiten serieus genomen blijven worden.

Reactie gemeente Wij hebben waardering voor de inzet en betrokkenheid van de adviesraad. Zij zijn voor ons een waardevolle partner. Toekomstgericht a. Met de beschrijving van de kernkwaliteiten hebben we ons gericht op het heden, maar ook op een gewenste toekomst waarin die kwaliteiten behouden en versterkt zijn. Ook met het benoemen van de opgaven waarvoor we staan, richten we ons op de komende generaties. We hebben benoemd dat met de trends en ontwikkelingen die op ons afkomen het een hele uitdaging zal zijn om leefbaarheid en kwaliteiten van Nuenen te behouden voor de toekomst. De omgevingsvisie geeft nog niet alle antwoorden. Dat volgt uit nader onderzoek, programma’s en omgevingsplan. b. De richtinggevende ijkpunten zijn in onze omgevingsvisie de kernkwaliteiten groen, dorps, rustig en gezellig. Deze vormen de lat waarlangs we initiatieven en ontwikkelingen leggen. Omgevingswaarden als normen voor geluid, lucht en veiligheid hebben we nog niet kunnen vaststellen. Daar hebben we wel aandacht aan besteed onder de paragraaf met speerpunten voor gezondheid. Dit verdient nader onderzoek en afhankelijk van die uitkomsten kan dit bij een actualisatie van de omgevingsvisie of in het omgevingsplan opgenomen worden.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

44

Gezondheid a. Wij zullen zeker gebruik gaan maken van de ruimte die de Wet geeft om de fysieke leefomgeving te verbeteren. Onze omgevingsvisie blijft hierbij wel op hoofdlijnen. Verdere uitwerking zal plaatsvinden in programma’s en omgevingsplan. Waaronder het programma Vitaliteit. Uit de participatie kwam overwegend de opvatting naar voren dat de verantwoordelijkheid voor gezondheidsbevordering vooral bij de inwoners ligt waarbij de gemeente kan ondersteunen en voorwaarden kan scheppen. Inwoners moeten daarin zelf de keuzen maken. De verantwoordelijkheid voor gezondheidsbescherming ligt bij de gemeente. b. De GGD-BZO beschikt al over diverse data. Hier kunnen wij gebruik van maken. Voor het overige zal per gezondheidsaspect gekeken moeten worden of er al voldoende data beschikbaar zijn of nog moeten worden opgehaald. Onze omgevingsvisie is een visie op hoofdlijnen. We willen de komende jaren meer inzicht krijgen in de huidige situatie en komen tot nieuwe ambities. Dit willen we doen door middel van programma’s en omgevingsplan. Waaronder het programma Vitaliteit. Gebruik van data kan daar inderdaad mogelijk bij helpen. c. De omgevingsvisie heeft een hoog abstractieniveau. Nader onderzoek is nodig om verantwoorde beslissingen te nemen ten aanzien van normen. Consequenties daarvan moeten in beeld zijn voordat een goede afweging gemaakt kan worden.

Dit gebeurt in programma’s en omgevingsplan. Ambities en keuzen die voortkomen uit nader onderzoek en het hoge abstractieniveau van de omgevingsvisie hebben, worden bij een actualisatie van de visie overgenomen. Relatie gemeente – inwoners en inwoners onderling a. De omgevingsvisie betreft de fysieke leefomgeving waarin verantwoordelijkheden liggen voor de gemeente én inwoners. Daarbij ligt ook een verantwoordelijkheid voor inwoners onderling. De gemeente zal daar waar nodig ondersteunen bij initiatieven en zelf met initiatieven komen. De gemeente blijft te allen tijde verantwoordelijk voor het algemeen belang en zal daarbij ook rekening houden met inwoners die minder zelfredzaam zijn. In de paragraaf ‘Heeft u een initiatief?’ hebben we hier nader aandacht aan besteed. We gaan niet in op de verantwoordelijkheid van de gemeente voor wat betreft het sociale deel. Dat is voor de beleidsvorming in het sociale domein. b. De Omgevingswet is bedoeld om meer vrijheid te geven aan inwoners. Daar horen ook verantwoordelijkheden bij. De gemeente zal de inwoners daarin adviseren en ondersteunen. In de paragraaf ‘Sturingsfilosofie en rolverdeling’ hebben we onder de kop ‘Vasthouden wat moet, loslaten wat kan’ aangegeven dat het uitgangspunt is dat de gemeente ruimte biedt aan de samenleving om eigenaarschap te pakken en invulling te geven aan de fysieke leefomgeving.

De rolverdeling tussen gemeente en samenleving is wisselend. Per onderwerp, project of initiatief zoeken we naar de meest geschikte vorm. Alle vormen van sturing zijn nodig. De gemeente vervult dus niet altijd een dominante rol. Afspraken en ambities worden overigens wel vastgelegd in een omgevingsplan. De samenleving heeft haar verantwoordelijkheid voor de naleving daarvan. De gemeente is verantwoordelijke voor de handhaving. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

45

c. De omgevingsvisie is een inhoudelijke visie op hoofdlijnen. Welke rol de gemeente inneemt bij conflicten tussen inwoners is geen onderwerp om hierin te benoemen. Bovendien legt de Omgevingswet meer verantwoordelijkheden neer bij de samenleving, de gemeente is daar meer ondersteunend in. Dit is een procesmatig onderwerp en krijgt aandacht bij de invoering van de omgevingswet binnen de gemeentelijke organisatie. d. De rol die de gemeente wil, kan en/of moet vervullen is opgenomen in de tabel met programma’s. Kernkwaliteiten We snappen dat er behoefte is aan het vastleggen van de manier waarop we onze kernkwaliteiten bewaken en evalueren. Dit is echter een onderwerp van nader onderzoek bij programma’s en omgevingsplan. Onze kernkwaliteiten hebben we uitgebreid beschreven. We nemen ze bij iedere ontwikkeling in acht. Dit staat in de paragraaf ‘heeft u een initiatief’. En ook bij de paragraaf met programma’s. Op deze manier is de waarde ervan geborgd. Interactie gezondheid, kernkwaliteiten en opgaven a. De uitleg van de prioritering past binnen het gedachtegoed van onze omgevingsvisie. Wij hebben bij de inleiding van het hoofdstuk Doorwerking een korte tekst hieraan gewijd. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. b. De omgevingsvisie heeft ook haar waarde wanneer hogere overheden met ontwikkelingen voor onze gemeente komen.

Deze ontwikkelingen zullen altijd in overleg plaatsvinden. De kaders en het gedachtegoed van de omgevingsvisie worden bij besluitvorming meegenomen. Zo kan bijvoorbeeld door de kernkwaliteiten zoals benoemd in de omgevingsvisie zwaardere eisen worden gesteld aan een ontwikkeling. Maar het kan ook een argument zijn om de ontwikkeling niet te laten plaatsvinden. Voorbeeld hierin is de huidige (Nuenense deel)studie ‘Leefbaarheid en bereikbaarheid Bundelroutes’. Wij zien geen reden om in de omgevingsvisie expliciet op te nemen dat de kernkwaliteiten ook gerespecteerd dienen te worden door hogere overheden, omdat een dergelijke toevoeging geen andere status geeft richting hogere overheden.

Conclusie De omgevingsvisie is op één punt aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie niet aangepast. Deels omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze en deels omdat de zienswijze een ander detailniveau betreft.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

46

Zienswijze 23 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Agrarische visie ZLTO vraagt om in de omgevingsvisie rekening te houden met haar ‘Agrarische visie, gemeente Nuenen januari 2021’ met de ondertitel 'Een duurzame groene sector als drager voor een blijvend vitaal buitengebied'.

Reactie gemeente Agrarische visie De visie van ZLTO sluit grotendeels aan bij die van de omgevingsvisie; een groen buitengebied met ruimte voor duurzame landbouw. De ontwikkeling die ZLTO ziet in de afname van het aantal agrarische bedrijven, wordt door ons erkent. In onze omgevingsvisie maken wij, op hoofdlijnen, doorontwikkeling van de agrarische sector mogelijk. Wij zien de agrarische visie van ZLTO als een aanvulling op onze omgevingsvisie. De genoemde oplossingen voor opgaven zijn punten voor een programma of omgevingsplan. Hierbij wordt aangesloten bij de regels uit de omgevingsverordening van de Provincie. De meeste regels worden vastgelegd door de provincie. De gemeente heeft maar beperkte invloed. Het verzoek om meer verantwoordelijkheid voor agrarische bedrijven past ook binnen de visie van de Omgevingswet en daarmee ook in onze omgevingsvisie..

Conclusie De omgevingsvisie is niet aangepast, omdat de zienswijze grotendeels aansluit op de omgevingsvisie en de suggesties meer betrekking hebben op het programma Buitengebied.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

47

Zienswijze 24 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Kernkwaliteiten Gemeente Meierijstad complimenteert ons dat het document er zo goed in slaagt haar enthousiast te maken over Nuenen. Dommeldal De gemeente Meierijstad stemt in met onze visie voor het Dommeldal. De Dommel en de opgaven van waterkwaliteit, klimaatadaptatie en natuur in het Dommeldal acht zij van belang op het schaalniveau van heel oostelijk Noord-Brabant. Zij hoopt dat beide gemeenten, het waterschap en onze regio’s de bestaande samenwerking ten bate van het Dommeldal kunnen voortzetten. Bossen, heide en vennen De gemeente Meierijstad stemt in met onze visie voor het gebied Bossen, heide en vennen. Het spreekt haar aan dat wij een natuurlijke functie toekennen aan de noordpunt van ons grondgebied met de Mosbulten In haar voorontwerp-omgevingsvisie en in haar concept voor een natuur- en landschapsvisie, schetst zij een relatie van het gebied LijntGerecht tegen de linkeroever van de Zuid-Willemsvaart, via de Mariahoutse Bossen (gemeente Laarbeek) en het Vressels Bos naar het Dommeldal. Gemeente Meierijstad hoopt dat we als goede buren in dit gebied de waarden van landschap, natuur en extensieve recreatie verder kunnen versterken. Programma Buitengebied De gemeente Meierijstad vraagt haar te betrekken wanneer we een programma voor het buitengebied gaan opstarten.

Reactie gemeente Het is fijn te horen dat de omgevingsvisie zo goed is ontvangen en dat de gemeente Meierijstad kan instemmen met onze visie voor het gebied dat haar grondgebied raakt. Wanneer we starten met een programma voor het buitengebied brengen we Meierijstad daarvan op de hoogte en zoeken we waar wenselijk de samenwerking op.

Conclusie De omgevingsvisie is niet aangepast omdat de zienswijze daar niet om vraagt. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

48

Zienswijze 25 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze De Veiligheidsregio is blij te zien dat het onderwerp ‘een veiligere leefomgeving’ een plek heeft gekregen in de omgevingsvisie. In haar zienswijze adviseert zij hoe het onderwerp ‘fysiek veilige leefomgeving’ een nog betere positie te geven. Kernwaarden VeiligheidsRegio Brabant Zuidoost De veiligheidsregio adviseert haar kernwaarden een (nog) betere positie te geven in onze omgevingsvisie. Dit kan bijvoorbeeld door bij de ‘Speerpunten voor gezondheid’ punt ‘1. Een veilige leefomgeving’ te vervangen door ‘Kernwaarden veilige leefomgeving (vrbzo.nl)’. Zij adviseert dit te doen met een snelkoppeling, zodat haar kernwaarden direct worden gekoppeld aan de omgevingsvisie. Kernkwaliteiten De veiligheidsregio merkt op dat de opgave om de bereikbaarheid en verkeersveiligheid in de toekomst te verbeteren, aansluit bij haar kernwaarde (ontwerpprincipe) dat de omgeving snel en effectief optreden van de hulpdiensten mogelijk maakt. Een weloverwogen inrichting van de fysieke leefomgeving draagt bij aan snelle en effectieve hulpverlening. Gezondheid als verbindende factor a. De veiligheidsregio merkt op dat het door ons benoemen van de bevordering van zelfredzaamheid van de inwoners aansluit bij haar kernwaarde dat mensen bekend zijn met risico’s en weten hoe te handelen. De veiligheidsregio leest hierbij dat wij hier vooral de relatie met gezondheid leggen.

Zij adviseert ook hier de relatie/nadruk te leggen met/op de ‘fysiek veilige leefomgeving’ en verwijst daarbij naar de kop ‘Gezondheidsbevordering’ waar wij de relatie al leggen. b. De veiligheidsregio vraagt het woord ‘risicobewustzijn’ toe te voegen aan de zin: “….en bevordering van zelfredzaamheid van de inwoners”. Risicobewustzijn heeft relatie met haar kernwaarde dat mensen bekend zijn met risico’s en weten hoe te handelen, maar heeft ook relatie met het thema ‘gezondheid’ waar men ook bewust moet zijn van (gezondheid)risico’s. Gezondheidsbescherming én speerpunt gezondheid (1. Een veilige leefomgeving) De veiligheidsregio is blij met het benoemen van de externe veiligheid (risico’s voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen) in onze visie. Wel adviseert zij het iets anders te formuleren. Nuenen heeft te maken met meerdere risico’s die verder reiken dan enkel externe veiligheid met gevaarlijke stoffen. In de visie wordt ook ingegaan op bijvoorbeeld ‘evenementen, overstromingsgebieden, natuur, coronacrisis en Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

49

klimaatverandering’. De veiligheidsregio hanteert hiervoor het begrip ‘omgevingsveiligheid’. Zij adviseert daarom het volgende in de tekst aan te passen: a. Voeg het woord ‘samen’ toe aan de zin “….Bij het samen werken aan een veiligere leefomgeving…”. Hierdoor sluit de tekst aan bij de visie van de veiligheidsregio om samen te werken aan een veilige fysieke leefomgeving. De partners van de veiligheidsregio zoals de GGD en omgevingsdienst hebben hier ook een belang bij. b. Vervang ‘externe veiligheid’ in ‘omgevingsveiligheid’. Externe veiligheid is een onderdeel van omgevingsveiligheid. Ook wordt geadviseerd een relatie te leggen door middel van een hyperlink met het regionaal risicoprofiel waarin alle crisistypen worden benoemd. c. Vervang de zin “…Voor de fysieke leefomgeving wordt bij ontwikkelingen in een zo vroeg mogelijk stadium gekeken naar externe veiligheid (risico’s voor mens en milieu bij gebruik, opslag en vervoer van gevaarlijke stoffen)….” In “.. Voor de fysieke leefomgeving wordt bij ontwikkelingen in een zo vroeg mogelijk stadium rekening gehouden met de veiligheidsrisico’s van branden, rampen en crises…..”.

Reactie gemeente Het is fijn te horen dat de Veiligheidsregio blij is te zien dat het onderwerp ‘een veiligere leefomgeving’ een plek heeft gekregen in de omgevingsvisie. Kernwaarden VeiligheidsRegio Brabant Zuidoost Om de kernwaarden van de veiligheidsregio een (nog) betere positie te geven in onze omgevingsvisie hebben we bij ‘Gezondheid als verbindende factor’ onder de kop ‘Speerpunten voor gezondheid’ bij het punt ‘een veiligere leefomgeving een zin toegevoegd die verwijst naar het regionaal risicoprofiel. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. We hebben er niet voor gekozen de titel van de kop te wijzigen naar ‘Kernwaarden veilige leefomgeving (vrbzo.nl)’ zoals gevraagd. De kernwaarden van de veiligheidsregio zijn naar onze mening een middel / uitgangspunt om te komen tot een veiligere leefomgeving. Kernkwaliteiten Fijn te horen dat hier al de aansluiting bestaat bij één van de kernwaarden. Gezondheid als verbindende factor a. Fijn te horen dat ook hier de aansluiting is gevonden bij de kernwaarden van de veiligheidsregio. De alinea waarin wordt ingegaan op de Omgevingswet die het begrip ‘gezondheid’ breed opvat, hebben we aangevuld met een verwijzing naar de ‘fysiek veilige leefomgeving’. Dit heeft inderdaad ook een nauwe relatie met gezondheid. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. b.

Wij kunnen ons vinden in het benoemen van ‘risicobewustzijn’. Dit hebben we dan ook toegevoegd aan de bewuste zin. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

50

Gezondheidsbescherming én speerpunt gezondheid (1. Een veilige leefomgeving) Ook hier is met het benoemen van externe veiligheid aangesloten bij de kernwaarden van de veiligheidsregio. Wij kunnen ons vinden in de stelling dat gekozen zou moeten worden voor het begrip ‘omgevingsveiligheid’ in plaats van ‘externe veiligheid’. Dit begrip heeft een breder kader welke wij ook onderschrijven. Dit begrip is dan ook gewijzigd in de tekst. Verder hebben we ook de drie andere voorstellen overgenomen in de tekst. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3.

Conclusie De omgevingsvisie is op de meeste punten aangepast. Zie hiervoor de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Voor het overige is de omgevingsvisie niet aangepast, omdat we ons inhoudelijk niet kunnen vinden in de zienswijze.

Zienswijze 26 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Brabant Water geeft haar complimenten voor de mooie visie. Zij ziet dat deze met zorg is samengesteld. Drinkwatervoorziening Vanwege de toenemende druk op ruimte in de ondergrond ziet Brabant Water graag dat het drinkwaterbelang genoemd wordt in de omgevingsvisie. Zo is in de visie geborgd dat ook drinkwater wordt meegenomen in ruimtelijke gebiedsopgaven en -keuzes. Zij doet hiervoor de volgende suggestie: “…. Wij dragen zorg voor de duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening. Bij ontwikkelingen in de ondergrond zoeken wij naar een goede inpassing met inachtneming van de boringsvrije zone in onze gemeente. We houden rekening met de verschillende gebruikers van de ondergrond, zoals bijvoorbeeld energie, riolering en drinkwater."

Reactie gemeente Wij vinden de borging van het drinkwaterbelang zeker ook belangrijk. En niet alleen omdat we er vanuit de wetgeving iets mee moeten doen. Het heeft ook te maken met gezondheid. Bij de speerpunten voor gezondheid hebben we onder het punt ‘bodem en grondwater’ de veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening toegevoegd. Zie voor de exacte wijziging de tabel met wijzigingen in hoofdstuk 3. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

51

Conclusie De omgevingsvisie is aangepast, omdat wij de borging van het drinkwaterbelang inzien.

Zienswijze 27 Ontvankelijkheid De zienswijze is binnen de termijn ingekomen. De zienswijze is ontvankelijk.

Zienswijze Het Waterschap vindt de visie herkenbaar en prettig leesbaar. Visie op water en klimaatadaptatie a. Volgens het Waterschap ontbreekt nog een duidelijke visie op water en klimaatadaptatie. De omgevingsvisie geeft nog geen concrete vertaling van de wettelijke opgaven naar de lokale opgaven en een lokale visie hierop. Het Waterschap vraagt aandacht voor de ruimteclaim die klimaatadaptatie legt op de fysieke leefomgeving. Zij vraagt om in de omgevingsvisie meer (algemene) bouwstenen uit de uitgevoerde klimaatstresstest op te nemen en te kijken naar het geldende gemeentelijke hemelwaterbeleid en de (hemel)waterambities. b. Het Waterschap vraagt ook voor wat betreft de kernen en bedrijventerreinen aandacht te hebben voor klimaatadaptatie; vasthouden van water, verwerking van het hemelwater en het beperken van hittestress. Ook vraagt zij aandacht voor droogte. Het Waterschap vraagt om op de hierna aangegeven plekken in de visie water en klimaatadaptatie steviger neer te zetten. c. Beekdallandschap (Kleine Dommel en Dommel) (bladzijden 12 en 25): de aanwezige watermolens kunnen een rol vervullen bij het slimmer sturen en het extra vasthouden van water. d. Broeklandschap (bladzijde 13): Nog steeds is het broeklandschap in het beekdal rond de Hooidonksche Beek deels overstromingsgebied.

Het beekdal van de Hooidonksche Beek is, net als het beekdal van de Dommel – onderdeel van het NNB (en het noordelijke deel is ook Natte Natuurparel). Ook dit beekdal is een belangrijke noord-zuidverbinding. e. Dommeldal, Heerendonk (bladzijde 25): deze gebieden zijn ook (nog steeds) belangrijk voor ruimte voor water.

Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

52

f.

Klimaatadaptatie (bladzijde 28): maatregelen zijn niet alleen nodig voor te veel water, maar ook voor een tekort aan water.

g. Hoogwaardige woon-en leefomgeving (bladzijde 31): hier mist aandacht voor klimaatadaptatie; water op straat bij hevige neerslag en toenemende hittestress in de kernen. h. Warmtetransitie (bladzijde 31): een meekoppelkans bij de warmtetransitie is ook het treffen van maatregelen voor klimaatadaptatie; afkoppelen van regenwater en verminderen van hittestress door beter isoleren van gebouwen. i.

Punt 3 (bladzijde 45): Voor het beperken van hittestress en voor het bufferen van regenwater op woningniveau heeft gevelgroen en groene daken meerwaarde. Het waterschap ziet de bouw van gebouwen met groene daken als hydrologisch neutraal ontwikkelen en hiervoor is geen compenserende waterberging nodig. Zeker bij grootschalige ontwikkelingen waar weinig ruimte is voor aanleg van groen kunnen groene daken een aantrekkelijke klimaatadaptieve maatregel vormen.

j.

Natuurontwikkeling (bladzijde 48): noem hier ook het streven van de gemeente Nuenen, samen met verschillende partners, naar het verder invullen en afronden van het Natuurnetwerk Brabant in de gemeente.

k. Landbouw (bladzijde 49): nog sterker zou staan dat landbouw zich aanpast op lokaal beschikbaar water. Dat sluit aan bij het uitgangspunt “teelt volgt peil”. Hiermee kan de grondgebonden agrarische sector een waardevolle bijdrage leveren aan het vasthouden van water. Vooral in het gebied ten noordoosten van Heerendonk en Gerwen is de landbouw gevoelig voor de gevolgen voor verdroging. Tegelijk neemt rond Heerendonk de kans op overstromingen bij extreme neerslag toe.

l.

Grootschalige opwekking (bladzijde 50): ook de combinatie met waterberging kan een meekoppelkans zijn.

m. Bedrijventerreinen (bladzijde 52): voor bestaande bedrijventerreinen ligt de focus op kwaliteitsverbetering. Vergroenen en afkoppelen van de bedrijventerreinen draagt hier ook aan bij. n. Landgoed Gulbergen (bladzijde 52): binnen het landgoed bestaan kansen voor het realiseren van een klimaatbuffer.

o. Programma Buitengebied (bladzijde 61): geef klimaatadaptatie ook een plek in de andere programma’s, zodat meekoppelkansen worden benut. Of benoem een afzonderlijk programma voor klimaatadaptatie.

Reactie gemeente Het is fijn te horen dat de omgevingsvisie goed is te lezen. Nota van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen omgevingsvisie Nuenen Djuma zaaknr 109933 / documentnr 209473

53

Visie op water en klimaatadaptatie a. Water en klimaatadaptatie zijn voor ons zeker ook belangrijke aandachtspunten. Omdat de omgevingsvisie een hoog abstractieniveau heeft, hebben we ons beperkt tot het benoemen van die aandachtspunten. Verdere uitwerking vindt plaats in programma’s en omgevingsplan. Waaronder het programma Buitengebied en programma Duurzaamheid. Voor wat betreft de ruimteclaim hebben we verbinding gezocht met de opgave Robuust landschap, maar ook bij de deelopgave ‘Een groene woon- en leefomgeving’. b. Klimaatadaptatie wordt niet alleen genoemd onder de opgave ‘Robuust landschap’, maar ook onder de deelopgave ‘Een groene woon- en leefomgeving’. Hier wordt aangegeven dat een groene inrichting van de openbare ruimte (van de kernen én bedrijventerreinen) ook een bijdrage levert aan het beter en langer vasthouden van water. Verder wordt slim ruimtegebruik benoemd; er moet worden gekeken naar meekoppelkansen, zoals klimaatadaptatie. Binnen de deelopgave ‘Landbouw’ hebben we aandacht besteed aan droogte door te benoemen dat we inzetten op een duurzame landbouw waarbij het gebruik van het land in balans moet zijn met de natuurlijke systemen. De landbouw maakt gebruik van lokaal beschikbaar water zonder deze uit te putten. c. Dit voorstel is van een ander detailniveau dan die van onze omgevingsvisie.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10446696/2