2021-24 RV RES Bijlage 13 - Reacties concept RES
Tekst van het document
Zaken als mestvergisting en het kappen van bomen past voor een gedeelte van de gemeenteraad niet bij een duurzame energietransitie; • Een gedeelte van de gemeenteraad vindt dat er een hoofdstuk toegevoegd dient te worden over het geschikt maken van ons huidige gasnet in relatie tot het gebruik van waterstofgas; • Kernenergie wordt niet erkend als duurzame energiebron door een gedeelte van de gemeenteraad.
Er wordt breed in kaart gebracht welke opties voor opwek en opslag haalbaar zijn binnen de energiestrategie voor onze regio. In de afweging wordt rekening gehouden met o.a. potentie en systeem efficiënte
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Nieuwe ontwikkelingen Alle opties voor duurzame warmte worden meegenomen in een SWOT-analyse. De resultaten daarvan dienen als input voor - Duurzame warmte de scenario’s en visie die op regionaal niveau worden opgesteld.
6. Van strategie naar uitvoering Wordt meegenomen in het vervolg. Standpunten / aanvullingen Gemeenteraad Bergeijk: • Belangrijk om te bekijken en te toetsen hoe gemeenten in de RES 1.0 de afweging maken tussen de inzet van bijvoorbeeld zonne- of windenergie in hun strategie voor duurzame opwek.
Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Doorkijk naar 2030
21-8-2020
Gemeente Deurne
formeel
Conclusie hoofdstuk 1 - samen de energie ambitie realiseren Snelheid en stappen zetten staat voorop. Wel kan er enige mate van flexibiliteit geboden worden voor goede duurzame oplossingen ten aanzien van de deadline van 2030.
Er wordt in de RES onderscheid gemaakt wat haalbaar is vóór 2030 en wat erna.
Hoofdstuk 1: Opgave en kader - Opgave en ambitie Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Doorkijk naar 2030
Conclusie hoofdstuk 2 - Onze aanpak voor de (concept) RES Geen aanvullingen. Conclusie hoofdstuk 3 - Besparing • De mogelijkheden van isoleren extra benadrukken. • Op een positieve wijze inwoners en het bedrijfsleven stimuleren om stappen te zetten. In beginsel vrijwillige bijdrage middels beloningen. • De overheid dient het goede voorbeeld te geven.
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Besparen
Conclusie hoofdstuk 4 - Duurzame opwek Geen aanvullingen. Conclusie hoofdstuk 5 - Duurzame warmte Geen aanvullingen. Conclusie hoofdstuk 6 - Van strategie naar uitvoering • Belangrijk is om naar nieuwe vormen van energie te kijken. Kijk naar nieuwe technologische ontwikkelingen en focus daarmee niet alleen op wind- en zonne-energie. De VVD wil daarbij benadrukken dat hiervoor ook naar kernenergie gekeken moet worden. • Aandacht voor de grondpolitiek per gemeente en de inrichting van de organisatie hiervoor. • De PvdA benadrukt dat mensen zonder eigen woning ook mee moeten kunnen profiteren van de wind- en zonenergie.
In het kader van de RES willen we gebruik maken van de kennis en technologie die in de regio aanwezig is. Er is o.a. contact Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek gelegd met Brainport Development en de TU/e (Differ en EIRES) over nieuwe technologie en de concrete kansen die er nu al Nieuwe ontwikkelingen zijn. Dit verbinden we met de opgaven die voortkomen uit de thema’s binnen de RES. Er wordt breed in kaart gebracht welke opties voor opwek en opslag haalbaar zijn binnen de energiestrategie voor onze regio. In de afweging wordt rekening gehouden met o.a. potentie en systeem efficiëntie en wordt afstemming gezocht met andere partijen. Welke procedures of wettelijke instrumenten overheden zullen toepassen in relatie tot verwerving van gronden is afhankelijk van het lokale proces en lokaal beleid. We bieden vanuit de RES wel inzicht in de mogelijkheden.
Conclusie proces en governance • Een brede betrokkenheid van inwoners, stakeholders en andere belanghebbenden is zeer wenselijk. • Zorg ervoor dat iedereen ervan mee profiteert, zodat er voor zoveel mogelijk draagvlak gezorgd kan worden.
Om tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie te komen van de RES streven wij naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn, onder andere door: - de opbrengsten, in bijvoorbeeld duurzame energie en/of geld, zoveel mogelijk ten goede te laten komen aan de inwoners, bedrijven en instellingen in onze regio, hetzij aan de ontwikkeling van de regio; - te zorgen dat de energietransitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar is; - lokaal eigenaarschap van energieprojecten, waarbij we streven naar maximale lokale participatie. In de Concept-RES beschrijven wij hoe we tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie willen komen van de RES door te Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren streven naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn. In het proces naar de RES 1.0 passen wij dat verder toe en werken - Regionale samenwerking dat verder uit met stakeholders. Denk aan afstemming over mogelijke invulling van zoekgebieden, koppelingen van - Participatie: Iedereen doet mee warmtevraag en aanbod, mogelijke besparingsaanpakken en manieren om lokaal eigenaarschap mogelijk te maken.
- Financiële participatie: iedereen moet kunnen profiteren Om tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie te komen van de RES streven wij naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn, onder andere door: - de opbrengsten, in bijvoorbeeld duurzame energie en/of geld, zoveel mogelijk ten goede te laten komen aan de inwoners, bedrijven en instellingen in onze regio, hetzij aan de ontwikkeling van de regio; - te zorgen dat de energietransitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar is; - lokaal eigenaarschap van energieprojecten, waarbij we streven naar maximale lokale participatie.
27-8-2020
Gemeente Helmond
formeel
1. Samen de energie ambitie realiseren In het vervolgproces is er aandacht voor het betrekken van gemeenteraden en inwoners. Onder andere via het proces van * Wij zien de Concept RES MRE als een belangrijke tussenstap in het proces naar de RES MRE 1.0. Alle colleges en gemeenteraden krijgen nu een eerste zicht op hoe de PlanMER, maar ook via informele vragenuurtjes, die digitaal goed zijn te organiseren.Het actief betrekken van inwoners sterk wij moeten inzetten op energiebesparing, en in het bijzonder het sterk terugdringen van de warmtevraag van de bestaande gebouwde omgeving. Maar ook hoe kan deels via regionale bijeenkomsten plaatsvinden, maar zal in belangrijke mate ook lokaal moeten worden georganiseerd, groot ons gezamenlijk bod en daarmee collectieve opgave voor grootschalige opwek met zon en wind, is. Voor het onderdeel warmte geeft de RSW een eerste inzicht in waarbij het regionale verhaal ondersteunend is aan de lokale uitwerking. de mogelijke vervangende duurzame bronnen waarmee wij de warmtevraag invullen richting 2050, het jaar waarin we uiterlijk aardgasvrij moeten zijn. * Uit de RES komen projecten voort die meerdere gemeenten raken. Ook hebben we elkaar nodig om in 2050 uiteindelijk klimaatneutraal te zijn. Door samen te werken kunnen we hier op een effectieve en efficiënte wijze invulling geven aan onze lokale, subregionale en regionale opgaven.
* Het opstellen van de Concept RES MRE heeft geresulteerd in zeer goede samenwerking in de subregio De Peel op het gebied van de Energietransitie, zowel op bestuurlijke en ambtelijke vlak. * Wij hebben bewust gekozen om de RES MRE zo veel mogelijk met eigen mensen op te stellen. Zo blijft de opgedane kennis voor het vervolg in de RES 1.0, 2.0 en verder, maar ook voor de verankering in lokaal beleid, zoals de Omgevingsvisie en Omgevingsplannen en verder lokaal beleid en uitvoering voorhanden. Wel dient er aandacht te zijn voor de in te brengen fte per gemeente en subregio. * Exact op de dag waarop landelijk de eerste beperkende maatregelen in de strijd tegen Corona werden afgekondigd zouden ’s avonds de gemeenteraden en inwoners van de MRE in het Evoluon in Eindhoven worden geïnformeerd over het proces dat we hebben gevolgd bij het opstellen van de Concept RES MRE, zoals die nu ter consultatie aan u voorligt. Wij hadden graag gezien dat wij u op een andere wijze en eerder hadden kunnen informeren, dan de Webinars die in juni als vervanging van die fysieke informatie bijeenkomst in maart is gehouden. In het vervolgproces naar RES MRE 1.0 zullen wij u en de inwoners uitgebreid betrekken. Ook moeten we het totale proces inzake participatie bezien vanuit de ontwikkelingen rondom corona waarin we ons op dit moment bevinden.
* Wij verzoeken MRE en betrokken gemeentes zowel gemeenteraden als bewoners sterker te betrekken bij de ontwikkeling van RES 1.0. Zeker omdat in deze fase de basis gelegd moet worden voor een traject op lange termijn. Waarbij draagvlak en betaalbaarheid van groot belang is. 2. Onze aanpak voor de (concept)-RES * Wij onderschrijven de bovenvermelde aanpak geheel. Wij gaan zorgvuldig om met onze waardevolle landschappen en natuurgebieden. Deze afwegingen hebben we ook gebruikt voor de kaders binnen onze visie zonnevelden d.d. 2020. * Wij zoeken nadrukkelijk de meekoppelkansen met andere ontwikkelingen in het buitengebied, zoals waterberging, Transitie landelijk gebied en VAB locaties. Het ontwikkelen van zonne- en windparken biet economische kansen voor de agrarische sector die nu gelijktijdig met meerdere transities geconfronteerd wordt. En het opstellen van de omgevingsvisie is tevens een kans. * Wij verzoeken een duidelijkere positie te geven aan de innovatie binnen het traject en de kansen die er op dat gebied binnen de regio zijn. Hieraan gekoppeld dan echter ook enige terughoudendheid ten aanzien van de massale inzet van huidige technieken en afschaling van bestaande voorzieningen.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren Regionale samenwerking Hoofdstukl 5: Stap voor stap naar uitvoering Doorkijk naar 2030
In het kader van de RES willen we gebruik maken van de kennis en technologie die in de regio aanwezig is. Er is o.a. contact Hoofdstuk 2: Metropoolregio Eindhoven gelegd met Brainport Development en de TU/e (Differ en EIRES) over nieuwe technologie en de concrete kansen die er nu al - Toptechnologie regio Brainport: Inzet op energie-innovaties zijn. Dit verbinden we met de opgaven die voortkomen uit de thema’s binnen de RES. - De RES als hefboom voor andere regionale opgaven
3. Besparing Wordt overwogen in de verdere uitwerking. * Wij zetten maximaal in op energiebesparing, waarbij de nadruk op het verkleinen van de warmtevraag in de bestaande gebouwde omgeving ligt. Daar ligt namelijk onze grootste uitdaging en opgave. Zoals in het rapport Concept RES MRE gaan we in de verdere uitwerking van de RES MRE 1.0 per doelgroep in gesprek met vertegenwoordigers van die doelgroep over welke besparing technisch maar vooral ook financieel mogelijk en maatschappelijk haalbaar zijn. We hebben hierin als Helmond natuurlijk al stappen gezet met onze samenwerking op het gebied van het convenant aardgasvrij, het Energiehuis en alle lichten op groen. Voor het vervolg zou afstemming inzake ambities binnen de MRE regio aan de orde moeten zijn in het kader van besparing om de term maximaal verder vorm te geven. Wij beseffen ons dat de opgave besparing en warmte voor onze gemeente omvangrijker is dan voor andere gemeentes binnen onze regio. Hier staat tegenover dat voor die gemeentes de opgave van opwek weer meer uitdagingen biedt. * Van bedrijven in de Brainportregio verwachten wij inzet op innovatieve bouw- en installatiemethoden, waardoor het energieneutraal maken van woningen goedkoper en sneller kan.
Opleidingsinstituten in onze regio dienen te zorgen voor het opleiden van grote getalen vaklieden tot en met ingenieurs die zorg gaan dragen voor het fysiek op grote schaal aanpakken van bestaande woningen en bedrijfspanden. * Het vast stellen van een gezamenlijke ambitie voor de (sub)regio zou onderzocht moeten worden. Zodat zowel nieuwe ontwikkelingen volgens de doelstelling gerealiseerd worden en transitieplannen hierop eveneens aansluiten. Middels gezamenlijkheid kan shoppen door ontwikkelaars, en bedrijven voorkomen worden.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Besparen
4. Duurzame opwek Wordt meegenomen in de verdere uitwerking. * Wij onderschrijven als college het regionale bod van 2,0 TWh voor de tot 2030 in de gehele regio te realiseren zon en windparken. Dit bod is de som van 0,7 TWh van projecten in de pijplijn (vooral zon op grote daken met SDE+ subsidie) 0,2 TWh grootschalig op daken van industrie en (agrarische) bedrijven, 0,5 TWh aan wind en zon in de Kempen en 0,6 TWh aan wind en zon in de rest van de MRE-regio. Wel vragen wij aandacht voor de koppeling van het traject binnen de MRE-regio als geheel en de Kempen, waar het traject inzake grootschalige opwek al enige tijd loopt. Zorg voor gelijkwaardige kaders en afwegingen is noodzakelijk. * In de planMER worden de milieueffecten van de verschillende zoekgebieden nader gewogen om tot een verdere verfijning van de zoekgebieden in de brede zin te komen. Dit heeft vooral impact op de mogelijkheden in (nieuwe) natuur en in beekdalen. *Uit de doorrekening van de zoekgebieden voor zonne- en windparken door netbeheerder ENXIS is gebleken dat in de MRE-regio verschillende netwerkstation aandacht vragen. Er moeten in de gehele regio 3 netwerkstations al vóór of in 2020 zijn uitgebreid en 8 netstations na 2025 worden uitgebreid en vóór 2030 2 nieuwe netstations (1 in De Kempen en 1 in De Peel) gebouwd worden om ons regionale bod van 2 TWh vóór 2030 aan te kunnen sluiten.
Daarbovenop is ook uitbreiding van het hoogspanningsnet van Tennet nodig. Wij geven dan ook als harde voorwaarde naar het Rijk mee dat nu al volop moet worden ingezet op het uitbreiden van het elektriciteitsnet door Enexis en Tennet. * Het netstation Helmond-Zuid, behoort tot de netstations die vóór of uiterlijk in 2025 uitgebreid moeten zijn. Waarbij we niet alleen afhankelijk zijn van dit station voor de uitrol van de RES in onze peelregio maar tevens van dit station afhankelijk zijn voor onze eigen verdere invulling van bijvoorbeeld de visie zonnevelden. College stelt dan ook direct de vraag deze uitbreiding in te zetten. Die concrete vraag is noodzakelijk voordat ENEXIS en Tennet investeringsbeslissingen mogen nemen. * De zoekgebieden die nu op de kaart staan in de concept-RES zijn alle ‘globale’ zoekgebieden waar op het moment van het onderzoek technisch en wettelijk zonnevelden of windturbineparken mogelijk zijn. Wettelijk betekent dit, dat zon in te passen is en er ten minste 3 windturbines bij elkaar in het gebied passen. In het zoekgebied op de grens van de gemeente Helmond en Asten passen in totaal ten minste drie windturbines. Enkel en alleen op basis van de locatie Helmond kunnen geen windmolens geplaatst worden en omgekeerd. De meeste potentie van dit gebied ligt in de gemeente Asten.
Op basis van deze kans is door Asten verzocht deze locatie toch op te nemen bij de onderzoeksgebieden voor de RES. Aangezien we gekozen hebben voor een zorgvuldig proces, waarbij we niet bij voorbaat gebieden uitsluiten, maar op basis van gedegen onderzoek naar de ‘beste’ locaties zoeken. Ook richting RES 1.0 zetten we dit voort door een milieueffectenonderzoek uit te voeren. Na het milieueffectenonderzoek hebben we een nadere (ruimtelijke) onderbouwing voor de zoekgebieden en komen ‘voorkeursalternatieven’ in beeld. Het kan zijn dat dit zoekgebied met die onderbouwing kansrijk blijkt of juist niet kansrijk. We willen in elk geval aan dit onderzoek deelnemen. Daarmee is afstemming tussen planMER en indienen RES 1.0 van cruciaal belang. Wellicht weegt in dit geval inhoud zwaarder , dan landelijk opgelegde termijnen. Gezien het feit dat we pilot regio inzake MER zijn, zou hierover een gesprek moeten worden opgestart. 6.Niet alleen moeten bewoners meegenomen worden ten aanzien van de lokaties waar kansen liggen, maar er moet (beter) uitgelegd worden waarom sommige locaties juist niet geschikt zijn. Zodat ook de witte vlekken uitlegbaar zijn en er draagvlak ontstaat voor de zoekgebieden vanuit dat perspectief.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Duurzame opwek - Netinfrastructuur en programmering
5. Duurzame warmte * In potentie hebben we regio breed voldoende duurzame bronnen om in 2050 in volledig aardgasvrije warmtevoorziening voor de gehele regio te voorzien. Als gevolg van de beperkende factoren zoals ruimte, kosten, draagvlak en locatie is de daadwerkelijke toepassing van verschillende potentiële bronnen nog een grote uitdaging om dit in praktische zin daadwerkelijk voor elkaar te krijgen richting 2050. We zien echter op dit moment nog weinig bronnen die boven regionaal kunnen worden ingezet. Vraag is in hoeverre een RSW aan de orde is. * We zullen veel verschillende bronnen, zoals groen gas (subregionaal opgewerkt uit lokale vergisting) geothermie, zonthermie en collectieve of individuele WKO moeten inzetten om duurzaam in onze warmtevraag te voorzien. De inzet van duurzame warmtebronnen leiden afhankelijk van welke bronnen (kunnen) worden ingezet tot een grotere of kleinere toename van de elektriciteitsvraag richting 2030 en 2050. * De lokale invulling vindt plaats in de Transitievisie Warmte, die voor 31 december 2021 bij het Rijk ingediend moet zijn. Onze transitievisie is al vergevorderd en ligt eveneens bij u voor. Wij lopen hierin voor op de regio en deze geeft dan ook al verdere invulling. * Houtgestookte biomassa zou wat ons betreft voor deze regio geen optie zijn.
* Ten aanzien van groengas en waterstof dient aangegeven te worden in hoeverre deze hoeveelheden een bijdrage zouden kunnen leveren en aan welke doelgroep (waterstof ladder). Onduidelijkheid hierover zorgt voor afwachtende houding ten aanzien van ontwikkelingen.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Duurzame warmte
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
6. Van strategie naar uitvoering Wordt meegenomen in de verdere uitwerking. * In de Omgevingsvisie en Omgevingsplannen is een verplichte Energieparagraaf opgenomen waarin de hoofdlijnen van de RES worden vastgelegd en daarmee geborgd in lokaal omgevingsbeleid. * Wij vinden het erg belangrijk de mogelijkheden om als gemeente in (grootschalige) financieel te participeren in wind- en zonneparken nader te onderzoeken op weg naar de RES 1.0. * Wij achter het erg belangrijk voor het vervolg goed te overwegen of en waar regionale samenwerking meerwaarde heeft en enkel dan hierop in te zetten * Wij vinden het zeer belangrijk om zowel u als onze inwoners maximaal te betrekken bij de stappen die bij de uitwerking naar de RES MRE 1.0 en verdere uitwerking in beleid en uitvoering worden gezet. Daar spannen wij ons maximaal voor in.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Regionale samenwerking - Financiële participatie: iedereen moet kunnen profiteren Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Doorkijk naar 2030
24-8-2020
Gemeente Veldhoven
formeel
Biomassa De gemeenteraad is zeer kritisch over het inzetten van biomassa in de energietransitie en wil voorkomen dat in binnen- en buitenland bossen gekapt worden om in Nederland in biomassa centrales verbrand te worden. Het gaat hierbij specifiek om biomassa centrales die bedoeld zijn voor het verbranden van biomassa, Voor biomassa installaties die bedoeld zijn om groen gas uit biologisch materiaal te winnen door bijvoorbeeld vergisting is meer draagvlak.
Alle opties voor duurzame warmte worden meegenomen in een SWOT-analyse. De resultaten daarvan dienen als input voor de scenario’s en visie die op regionaal niveau worden opgesteld. Als er voor de toepassing van biomassa in binnen- en buitenland bossen gekapt moeten worden, dan wordt dat meegenomen in deze analyse.
Bomen/bossen De gemeenteraad mist in de concept Regionale Energiestrategie plannen om grootschalig bomen / bossen aan te planten om COz vast te leggen. Naast het vastleggen van COz hebben bomen een belangrijke functie als het gaat om het vasthouden van water, het bieden van schaduw en het bevorderen van de biodiversiteit en de gezondheid en het welzijn van mensen. Het aanplanten van bossen kan prima samengaan met de opgave om grootschalig duurzame energie op te wekken.
Mogelijke koppelingen in het gebied tussen energie-opwekking en natuur worden onderzocht.
Aandacht voor communicatie Communicatie met inwoners dient een belangrijke plek te krijgen in het proces richting de Regionale Energiestrategie 1.0. Naast reguliere voorlichting gericht op het informeren van inwoners dienen inwoners ook uitgenodigd te worden om input te leveren voor de Regionale Energiestrategie. Daarnaast is er behoefte aan een campagne om het bewustwordingsproces over de noodzaak en de voordelen van het zelf nemen van verduurzamingsmaatregelen te bevorderen.
Wordt meegenomen in het vervolg.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Regionale samenwerking - Participatie: Iedereen doet mee
Duurzame energiebronnen naast wind en zon Er wordt breed in kaart gebracht welke opties voor opwek en opslag haalbaar zijn binnen de energiestrategie voor onze De gemeenteraad ziet graag dat er naast zon- en windenergie ook aandacht is voor andere duurzame energiebronnen. Hierbij moet onder andere gedacht worden aan regio. In de afweging wordt rekening gehouden met o.a. potentie en systeem efficiënte. Alternatieven zoals groen gas het genereren van groen gas (CNG/LNG) en het benutten van geothermie. Daarnaast wordt aangegeven dat kernenergie mogelijk niet in de regio maar zeker landelijk in (CNG/LNG) en het benutten van geothermie worden onderzocht in het kader van de toepassing van duurzame de zoektocht naar een duurzame energievoorziening meegenomen moet worden. warmtebronnen. Alle opties voor duurzame warmte worden meegenomen in een SWOT-analyse. De resultaten daarvan dienen als input voor de scenario’s en visie die op regionaal niveau worden opgesteld. Waterstof Er wordt breed in kaart gebracht welke opties voor opwek en opslag haalbaar zijn binnen de energiestrategie voor onze Hoofdstuk 3: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek De gemeenteraad vraagt aandacht voor de rol van groen waterstof als energiedrager en opslagmedium. Hierbij wordt verwezen naar een onderzoek dat TNO onlangs in regio. In de afweging wordt rekening gehouden met o.a.
potentie en systeem efficiënte. - Nieuwe ontwikkelingen opdracht van 30 bedrijven heeft uitgevoerd, In dit onderzoek is gekeken naar de mogelijkheden om op de Noordzee (het overschot aan) windenergie te gebruiken om waterstof te produceren. Daarnaast wordt er in dit onderzoek gekeken naar de mogelijkheden om COz op te slaan in lege gasvelden onder de Noordzee. Waterstof kan een belangrijke rol gaan spelen in het verwarmen van een deel van onze huizen. Dat betekent dat het gasleidingnetwerk in sommige wijken behouden moet blijven. Dit is relevant voor de Regionale Energiestrategie. Zon- en windenergie In het kader van de RES willen we gebruik maken van de kennis en technologie die in de regio aanwezig is. Er is o.a. contact De gemeenteraad geeft aan dat bij de'no regret' maatregelen ook de mogelijkheden van zonnepanelen en/of zonnecollectoren aan gevels meegenomen moet worden. gelegd met Brainport Development en de TU/e (Differ en EIRES) over nieuwe technologie en de concrete kansen die er nu al Daarnaast vraagt de gemeenteraad zich af waarom er in de concept Regionale Energiestrategie alleen grote (2 en 5,6 MW) windturbines onderzocht zijn terwijl er ook zijn, zoals wellicht voor zonnepanelen op gevels. Dit verbinden we met de opgaven die voortkomen uit de thema’s binnen de kleinere windmolens bestaan die een minder grote impact op de omgeving hebben.
Ten aanzien van zonneweides vraagt de gemeenteraad aandacht voor de onlangs RES. Bij de verdere uitwerking van de zoekgebieden wordt de toepassing van de zonneladder verder uitgewerkt. door de provincie aangenomen motie waarin zonneweides alleen nog onder strikte voorwaarde mogelijk zijn. Tenslotte wordt er nog gewezen op de optie om Wij kijken bij nader onderzoek naar de invulling van de zoekgebieden naar nu beschikbare technieken voor de opwek van aggregaten in te zetten om zonne-energie op te slaan. duurzame energie. Dat betreft ook kleinere windmolens. Tot slot wordt er breed in kaart gebracht welke opties voor opwek en opslag haalbaar zijn binnen de energiestrategie voor onze regio. Warmtetransitie De gemeenteraad pleit er voor om het gasleidingnetwerk in bestaande wijken te laten liggen zolang er geen alternatieve warmtebron beschikbaar is. Het netwerk kan dan in de toekomst mogelijk gebruikt worden voor de distributie van groen gas. Eventueel zouden nieuwbouwwijken ook van een gasnet voor groen gas voorzien kunnen worden. Overige Naast de, in de Regionale Energiestrategie opgenomen, plannen voor de klimaattafels gebouwde omgeving en elektriciteit heeft de gemeenteraad behoefte aan meer aandacht op regionaal niveau voor duurzame mobiliteit (o.a. auto's op waterstof) en de overgang naar een circulaire economie (o.a. bouw van houten huizen).
En tenslotte vraagt de gemeenteraad om in de oplegnotitie ook aandacht te besteden aan een aantal onderwerpen die een bovenregionale aanpak behoeven. Hierbij gaat het in het bijzonder over het verhogen van de prijs van de COz-emissierechten en de productie en het gebruik van waterstof.
Ook de bestaande infrastructuur wordt in kaart gebracht in het kader van de RES. De mogelijkheden om gebruik te maken van de infrastructuur wordt meegenomen. Alternatieven zoals groen gas (CNG/LNG) en het benutten van geothermie worden onderzocht in het kader van de toepassing van duurzame warmtebronnen. Alle opties voor duurzame warmte worden meegenomen in een SWOT-analyse. De resultaten daarvan dienen als input voor de scenario’s en visie die op regionaal niveau worden opgesteld.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Duurzame warmte
Hoofdstuk 2: Metropoolregio Eindhoven - De RES als hefboom voor andere regionale opgaven Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Nieuwe ontwikkelingen
2020-08-27
Gemeente Eersel
formeel
Fractie Eersel Samen Anders (W&B = wensen en bedenkinen) 2 TWh Bijdrage -“We verwachten dat we in totaal 2 TWh kunnen bijdragen aan grootschalige duurzame energie-initatieven in 2030.” Is te lezen in de Concept RES MRE. Er is verder geen concrete uitwerking te lezen. W&B: Hoe is deze 2 TWh onderbouwd, dit nader omschrijven en opnemen. -Er staat beschreven dat er 0,7 TWh in de ‘pijplijn’ zit van de 2 TWh opgave. W&B: Beschrijf ook waar deze projecten (welke gemeente) liggen en wat zij omvatten.
Het uitganspunt voor de Concept-RES is dat we vanuit regionaal perspectief bekijken waar in de regio nieuwe opwekking van duurzame energie het beste kan landen, gegeven een goede landschappelijke inpassing en mogelijke koppelingen met andere opgaven. In het kader van de PlanMER gaan wij zorgvuldig naar de zoekgebieden voor grootschalige opwek kijken, die uit de eerste analyse naar voren zijn gekomen. Die gebieden zijn naar voren gekomen, rekening houdende met wetgeving die andere gebieden uitsluit. In het planMER worden omgevings- en milieuaspecten onderzocht en de mogelijke (financiële) koppelingen met brede thema’s die in de concept-RES naar voren zijn gekomen. Dit vormt de basis voor verdere Opgave, Naar Rato Verdelen over de MRE gemeenten afwegingen over locatiekeuzes. Ook de potentie van het zoekgebied ‘no-regret’ voor opwekking van energie uit zon op -De vraag naar grootschalige opwekking Wind / Zon-op-Veld en No-Regret (2 TWh) wordt op dit moment niet naar rato verdeeld over de gemeenten! Dit werd zo ook daken en restgronden wordt verder onderzocht. Er is geen sprake van een van tevoren vastgestelde verdeling van een bevestigd tijdens webinar RES MRE d.d. 3 juni. W&B: Verdeel duurzame opwekking naar rato. Concreet houdt dit in 35 TWh op Land (Klimaatakkoord) / 30 RES Regio’s = opgave.
Het elektriciteitsverbruik in de regio is alleen gebruikt om te kijken of het bod een naar verhouding reëel aandeel 1,17 TWh per RES Regio. 1,17 TWh RES MRE / 21 MRE gemeenten = 0,055 TWh per gemeente. van de landelijke doelstelling van 35 TWh betreft. In vervolgrapportages zal zoveel mogelijk een bronvermelding worden Dit maakt tevens concrete doelstellingen per gemeente. Hiermee wordt de opgave per gemeente hanteerbaar en niet alles komt bij enkele gemeenten op ‘zijn bordje’. gegeven en zal in duidelijke en eenduidige eenheden voor energie-opwekking worden gerapporteerd. (Zie als voorbeeld ook de Concept RES N-O Brabant. In deze RES wordt per gemeente in kaart gebracht wat zij dienen te bij te dragen aan de opgave en wat zij al gerealisserd hebben.) -W&B: Worden de 0,7 TWh welke in de ‘pijplijn’ zitten ook gereduceerd van de naar-rato-verdeelde energieopgave voor deze gemeenten? M.a.w. als een gemeente al projecten heeft gerealiseerd dan kunnen deze TWh in mindering worden gebracht van de naar-rato-verdeelde vraagstelling. (zie ook Concept RES N-O Brabant) Grootheden, getallen en bronvermeldingen -W&B: Creëer een helder overzicht tussen energie grootheden. TWh / PJ / MWh afstemmen. (ter info; De conceptRES N-O Brabant heeft een duidelijke uiteenzetting tussen de grootheden.
Daar zouden we kunnen ‘afkijken’.) -W&B: Wordt de autonome groei van onze energievraag meegenomen, zoals meer gebruik electrische auto’s, airco, overige apparatuur? Wat betekent dit in de energievraag in de komende jaren? (ter info; De conceptRES N-O Brabant heeft een paragraaf opgenomen specifiek gericht op de autonome groei van onze energievraag, deze is hiermee gekwantificeerd en en verwerkt) -Figuur 4.1 laat de aantallen windturbines en zonneweide zien voor opwek 1 TWh. De RES MRE beschrijft ook dat er maximaal wordt ingezet om dakoppervlak (>500m2) ook te gebruiken voor grootschalige energie opwekking (pg 28, no-regret). W&B: Neem in deze figuur ook een illustratie op van de benodigde aantal m2 dakoppervlak voor 1 TWh. -W&B: Pg 34, 4.3 Wat is al gerealiseerd of gepland? Waar is de bronvermelding van de m.b.t. de gerealiseerd en geplande TWh? Over welke gemeenten zijn deze waarden verdeeld? Graag opnemen. -W&B: Pg 21, 3. Besparing. In de inleiding wordt het totale energieverbruik van de regio beschreven. Waar is de bronvermelding te vinden van het onderzoek naar dit energieverbruik? Graag opnemen. -W&B: Pg 41, 5.1 Warmtevraag en potentie van duurzame warmtebronnen. Waar is de bronvermelding van de m.b.t. de gerealiseerd en geplande TWh? Graag opnemen. Besparing Er is in de fase van de concept-RES geen generieke doelstelling voor het onderdeel besparing opgenomen.
De -W&B: Toevoegen dat er nadrukkelijk afspraken komen over energiereductie binnen deze regio. Naar rato verdelen over de 21 MRE gemeenten.Participatie besparingsaanpak wordt afgestemd op de doelgroep, de stakeholders en het gebouw. Deze aanpak wordt uitgewerkt in -Er staat beschreven “Een energietransitie voor iedereen betekent ook dat we iedereen de kans willen bieden om te profieren van de wind- en zonne-energie die we in energiebesparingsplannen per doelgroep. Hierin wordt per doelgroep en soort gebouw in beeld gebracht welke onze regio opwekken.” Concrete voorstellen hiervoor zijn er niet te lezen. W&B: Neem meer en concreet uitgewerkte voorstellen op in RES MRE om deze kansen te besparingsaanpak (route, aanbod, communicatie) hier het beste bij aansluit en dus het grootste effect zal hebben. creëren. (De concept RES Hart van Brabant heeft m.b.t. participatie een sterk sociaal model uit geschreven. Waarin heel duidelijk naar voren komt wie welke rol op zich neemt. In dit HvB participatie model wordt ook nadrukkelijk aandacht besteed aan een verbindende partij in de vorm van een energiecoöperatie.) De aanpak wordt in het traject richting RES 1.0 vertaald in afspraken over samenwerking en ambities, met gemeenten en -W&B: Ten behoeve van participatie en maatschappelijk draagvlak graag opnemen dat de RES MRE voornemens is om expertise te gebruiken van lokale met stakeholders.
Om tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie te komen van de RES streven wij naar maatschappelijk ervaringspartijen zoals installateurs, energiecooperaties, omgevingspartijen (dorpsraden, buurten). draagvlak en bewustzijn, onder andere door: -W&B: Beschrijf expliciet hoe inwoners / bedrijven / omgevingspartijen geinformeerd over dit proces en hoe zij in de komende perioden worden betrokken. Tijdens de de opbrengsten, in bijvoorbeeld duurzame energie en/of geld, zoveel mogelijk ten goede te laten komen aan de inwoners, webinar RES MRE d.d. 4 juni gaven veel participanten aan dat de webinar hun eerste moment was om te participeren. Zij gaven ook aan graag verder betrokken bedrijven en instellingen in onze regio, hetzij aan de ontwikkeling van de regio; worden. te zorgen dat de energietransitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar is; lokaal eigenaarschap van energieprojecten, waarbij we streven naar maximale lokale participatie. In het vervolg werken we Kaarten (figuur 4.8 en 4.9) dat concreter uit. We gaan in gesprek met stakeholders over de gezamenlijke ambities in het kader van de energietransitie -W&B: Zorg voor hoge resolutie beeldmateriaal. en op welke wijze we willen gaan samenwerken in het kader van de RES. -W&B: Neem in de kaart op de A67 (tenminste gedeelte Kempen gemeente Eersel) met een blauwe arcering ‘Energie langs infrastructuur’.
Dit voorstel ligt voor in de gemeente Eersel. In de Concept-RES beschrijven wij hoe we tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie willen komen van de RES door te -W&B: Er staat meer ‘groene sterren’ op de kaart. Beschrijf deze projecten ook nader. Dit zijn mooie voorbeelden. Plaats de sterren op de juiste plaats. (die in de streven naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn. In het proces naar de RES 1.0 passen wij dat verder toe en werken gemeente Eersel lijkt niet te kloppen) dat verder uit met stakeholders. Denk aan afstemming over mogelijke invulling van zoekgebieden, koppelingen van warmtevraag en aanbod, mogelijke besparingsaanpakken en manieren om lokaal eigenaarschap mogelijk te maken. Overige punten Kaartmateriaal wordt aangepast voor vervolgrapportages. In het kader van de RES willen we gebruik maken van de kennis -W&B: Beschrijf expliciet hoe er aandacht wordt besteed aan de nieuwste methoden/manieren hernieuwbare energieopwekking, met geen of zo weinig mogelijk en technologie die in de regio aanwezig is. Er is o.a. contact gelegd met Brainport belasting voor mens en omgeving. Development en de TU/e (Differ en EIRES) over nieuwe technologie en de concrete kansen die er nu al zijn. Dit verbinden we -W&B: Beschrijf expliciet hoe er aandacht wordt besteed aan het gebruik van moderne opslagmogelijkheden voor duurzame energie.
Enkel het opwekken van duurzame met de opgaven die voortkomen uit de thema’s binnen de RES. energie biedt niet de volledige oplossing. Deze energie dient ook opgeslagen te kunnen worden. -W&B: De RES-MRE bestaat naast 21 gemeenten ook uit de provincie en twee waterschappen. Geef aan wat hun bijdrage is in de evenredige opgave.
Hoofdstuk 1: Opgave en kader - Het proces naar RES 1.0 en verder Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Duurzame opwek Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Aanbeveling aan het rijk - Doorkijk naar 2030
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Regionale samenwerking - Participatie: Iedereen doet mee - Financiële participatie: iedereen moet kunnen profiteren Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Nieuwe ontwikkelingen - Besparen
Fractie VVD: Het uitganspunt voor de Concept-RES is dat we vanuit regionaal perspectief bekijken waar in de regio nieuwe opwekking Hoofdstuk 1: Opgave en kader Algemeen van duurzame energie het beste kan landen, gegeven een goede landschappelijke inpassing en mogelijke koppelingen met - Opgave en ambitie Voorliggend concept-RES document is de basis voor een enorme transitie waar alle gemeenten, waterschappen en provincie moeten bijdragen om te komen tot energie- andere opgaven. In het kader van de PlanMER gaan wij zorgvuldig naar de zoekgebieden voor grootschalige opwek kijken, en klimaatneutraliteit. Allereerst opgemerkt: in verhouding tot andere concept-RES documenten, laat de concept-RES van de MRE veel ‘ruimte’. Het gevaar dreigt voor die uit de eerste analyse naar voren zijn gekomen. Die gebieden zijn naar voren gekomen, rekening houdende met Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek vrije interpretatie en gebrek aan binding tot daadwerkelijke doelstellingen die binnen de regio ingebracht dient te worden. Daarnaast betekent dit ook dat er voor wetgeving die andere gebieden uitsluit. In het planMER worden omgevings- en milieuaspecten onderzocht en de mogelijke - Wat is nieuw in de RES 1.0 (gemeente)raden geen sturing en controle op concrete cijfers mogelijk is. De VVD-fractie stelt voor SMART of transparante getallen op te stellen.
(financiële) koppelingen met brede thema’s die in de concept-RES naar voren zijn gekomen. Dit vormt de basis voor verdere - Duurzame opwek Opgave afwegingen over locatiekeuzes. Ook de potentie van het zoekgebied ‘no-regret’ voor opwekking van energie uit zon op Gezien de landelijke opgave om 35TWh grootschalige energieopwekking te realiseren voor 2030, zou het goed zijn als de energieregio MRE in passende verhouding daken en restgronden wordt verder onderzocht. Er is geen sprake van een van tevoren vastgestelde verdeling van een Hoofdsuk 5: Stap voor stap naar uitvoering bijdraagt en als er vervolgens binnen energieregio ook gelijkmatig verantwoordelijkheid wordt genomen. Het onlangs vastgestelde MRE Streefbeeld Landelijk Gebied opgave. Er wordt maximaal ingezet op besparing en de zonneladder wordt toegepast. Om tot een succesvolle ontwikkeling - Doorvertaling omgevingsbeleid spreekt van evenredige opgave voor de 21 MRE gemeenten. Wat de verdeelsleutel daarvoor zou moet zijn, moet dan nog bevestigd worden.
In reactie op én realisatie te komen van de RES streven wij naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn, onder andere door: - Aanbeveling aan het rijk beantwoording door de RES op vragen: “Uitgangspunt is dat we kijken waar in de regio het meest logisch is om grootschalige duurzame energie-opwekking te de opbrengsten, in bijvoorbeeld duurzame energie en/of geld, zoveel mogelijk ten goede te laten komen aan de inwoners, - Doorkijk naar 2030 realiseren. De draagkracht van het landschap en de landschappelijke inpassing en de kansen in relatie tot andere gebiedsopgaven is hierbij leidend.”; hier wordt ons bedrijven en instellingen in onze regio, hetzij aan de ontwikkeling van de regio; inziens wordt hier een ander beeld geschetst. De VVD-fractie stelt voor om vanuit Eersel duidelijkheid te scheppen. Wij stellen voor de bijdrage vanuit Eersel voor te zorgen dat de energietransitie voor iedereen haalbaar en betaalbaar is; grootschalige opwekking op een evenredige opgave vast te stellen (0.055TWh te behalen voor 2030). lokaal eigenaarschap van energieprojecten, waarbij we streven naar maximale lokale participatie. In het vervolg werken we Realisatie dat concreter uit.
Om de treden van de zonneladder te volgen, betekent deze opgave dat de oplossing primair dient te worden gevonden op bestaande bebouwing en dat buitengebied niet zonder goede verdere redenen als zoekgebied kan worden aangewezen. Ambitieuze ambities ondersteunen wij op de volgende manier. Alles boven een evenredige bijdrage, dient gerealiseerd te worden met ‘no-regret’, dus waar van een winwin situatie voor iedereen sprake is. Er zou een prominente aandacht moeten zijn voor energiereductie, het serieus bereiken van opwekking door zon-op-dak en alternatieve (‘vriendelijke’) manieren van energie-opwekking. Een eerste heel concrete invulling kan zijn dat de MRE er mede alles op alles op zet om een energie/geluids-wal voorzien van zonnepanelen te realiseren langs de A67. Dit gebied dient dan ook zo concreet te worden aangeduid in de concept-RES. Draagvlak Naast het getalsmatig opwekken van energie, is het draagvlak bij uitvoering van belang. Hoewel invulling binnen de gemeente kan plaatsvinden, dient in algemene zin de aandacht voor participatie in het proces en in de gevolgen van uitwerking alle aandacht te krijgen. De rol van burgerparticipatie en de lokale energie coöperaties dient een plaats te krijgen.
Fractie Kernbeleid: In grote lijnen akkoord met concept RES Besparen Naast opwekken is besparen een belangrijke en een eerste stap. Er wordt weinig tot niet gestuurd op de besparing die de mensen zelf kunnen realiseren. Wel wordt gewezen op de voorbeeldfunctie van de gemeenten. En om de uitvoering van de RES succesvol te laten verlopen zijn aanvullende instrumenten, regels en middelen van het Rijk en de provincie noodzakelijk om de projecten en afspraken uit deze RES tot stand te kunnen brengen. Het is jammer dat er wel een opsomming is gegeven van de tekortkomingen maar dat er nog geen resultaat verwachtingen zijn. Leidende principes Eén van de leidende principes en afwegingskader is verwoord als; “Focus op maximaal behouden van ruimtelijke kwaliteit”. Echter de ruimtelijke kwaliteit lijkt te worden losgelaten als er sprake is van meervoudig ruimtegebruik of meekoppelkansen zich aandienen. Wij vinden het jammer dat het begrip ruimtelijke kwaliteit niet beter wordt beschreven. In de begrippenlijst wordt gesproken over “De kwaliteit van een plek of gebied die bepaald wordt door een goed samenspel van herkomstwaarde, belevingswaarde, gebruikswaarde en toekomstwaarde”. Maar niet duidelijk wordt gemaakt wie daarover een beslissing neemt?
De besparingsaanpak wordt afgestemd op de doelgroep, de stakeholders en het gebouw. Deze aanpak wordt uitgewerkt in energiebesparingsplannen per doelgroep. Hierin wordt per doelgroep en soort gebouw in beeld gebracht welke besparingsaanpak (route, aanbod, communicatie) hier het beste bij aansluit en dus het grootste effect zal hebben. Via de PlanMER wordt meer duiding gegeven aan wat wij kunnen zien als positieve en negatieve effecten van de invulling van de zoekgebieden. Gemeenteraden zullen uiteindelijk keuzes maken over opwekking van duurzame energie op hun eigen grondgebied.
Hoofdstuk 2: Metropoolregio Eindhoven - De RES als hefboom voor andere regionale opgaven Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Besparen
2020-08-31
Gemeente Laarbeek
formeel
Samen de ambitie realiseren Laarbeek ondersteunt het uitgangspunt om met de andere gemeenten en binnen de subregio samen te werken en af te stemmen. Onze aanpak voor de (concept-)RES Iedere gemeente gaat over ontwikkelingen op haar eigen grondgebied. Via de RES worden vooralsnog geen verplichtingen Laarbeek onderschrijft de leidende principes en de toetsingscriteria die het afwegingskader vormen. We spreken onze zorg uit dat dit afwegingskader voor elke opgelegd. gemeente gehanteerd moet blijven zodat voor elke gemeenten dezelfde regels en verwachtingen gelden, die niet moeten worden gepasseerd door politieke belangen. In de concept-RES is niet beschreven hoe we omgaan met het bestaan of ontbreken van draagvlak bij het ontwikkelen van een mogelijk zoekgebied. Het is bijvoorbeeld onduidelijk wat een gebrek aan draagvlak betekent voor de verplichting voor gemeenten voor invulling van de zoekgebieden. In het bestuursakkoord van de provincie wordt dit echter zwaar aangezet. Laarbeek verwacht een uitwerking van hoe wordt omgegaan met draagvlak, maatschappelijke participatie en weerstand in de RES 1.0.
Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Doorkijk naar 2030
Besparing Laarbeek onderschrijft de aanpak waarbij verschillende doelgroepen maatwerk wordt aangeboden. Wel benadrukken we daarbij het vrijwillige karakter van medewerking van onze inwoners, bedrijven en organisaties. We ondersteunen daarom van harte de oproep aan het Rijk om door middel van subsidies en andere activiteiten (zoals gebouwgebonden financiering) besparing rendabeler en aantrekkelijker te maken voor inwoners. Grootschalige opwek Deze constructieve input wordt meegenomen in de verdere uitwerkingen van de verschillende thema's. De no-regret maatregelen bestaan voor Laarbeek vooral uit het plaatsen van zonnepanelen op bedrijfsdaken. Hoewel wij dit een goed idee vinden, zien we enkele praktische bezwaren. Zo heeft de gemeente niet de mogelijkheid (of de intentie) om dit soort investeringen af te dwingen, en zullen veel bedrijfsdaken qua constructie ongeschikt zijn. We verwachten daarom dat de bijdrage van deze maatregelen, in Laarbeek maar ook in de hele regio, beperkt zal zijn. Het Laarbeekse beleid rondom grootschalige opwek sluit goed aan op de uitgangspunten van de MRE. We zien twee zoekgebieden binnen onze gemeente, waarvan één zoekgebied zich leent voor de mogelijke ontwikkeling van een windpark. Wij zullen deze mogelijkheid samen met onze inwoners verder onderzoeken.
Laarbeek spreekt de wens uit dat gemeenten die hun zoekgebieden al voor 2025 moeten invullen, daarbij ondersteund worden door de MRE en/of door gemeenten met een kleinere opgave voor grootschalige opwek. Laarbeek ziet knelpunten ontstaan bij enkele Enexis-stations, en uit haar zorgen over de haalbaarheid van de benodigde uitbreidingen van netcapaciteit in de komende jaren. We vragen dan ook om aandacht voor de ontwikkeling van infrastructuur om grootschalige opwek te faciliteren. Laarbeek is kritisch over het gebruik van biomassa. Houtgestookte biomassa op een grotere schaal dan voor een huishouden vinden wij onwenselijk. Het gebruik van biomassa mag wat ons betreft de natuur niet schaden. In een prioritering van energiebronnen zetten wij biomassa onderaan. Liever kijken wij bijvoorbeeld naar waterstof en andere innovaties. Hier zien wij zeker voor onze brainport-regio een kans. Wat betreft zonne-energie vinden we het belangrijk dat zoveel mogelijk eerst de daken worden volgelegd met zonnepanelen. Op dit moment is het bijvoorbeeld onmogelijk om op het dak van de buren panelen te leggen, en wordt de postcoderoosregeling versoberd. Er kan worden gelobbyd voor landelijk beleid dat zon op andermans daken mogelijk en belastingtechnisch aantrekkelijk maakt, om bijvoorbeeld wijkprojecten te stimuleren.
Ook zouden er landelijk andere financiële stimulerende maatregelen voor zon op dak moeten komen, bijvoorbeeld om te stimuleren dat men meer opwekt dan het eigen gebruik.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Nieuwe ontwikkelingen - Duurzame opwek - Netinfrastructuur en programmering
Duurzame warmte Deze constructieve input wordt meegenomen in de verdere uitwerkingen van de verschillende thema's. Uiterlijk in december 2021 moet in elke gemeente een lokale Transitievisie Warmte (TVW) worden vastgesteld. Gezien de duur van een zorgvuldig proces binnen Laarbeek is er weinig tijd voor regionale of sub-regionale afstemming: de concept-RES in juli 2021 komt daarvoor te laat. Daarnaast concludeert de Regionale Structuur Warmte dat er weinig warmtebronnen zijn die gemeentegrenzen overschrijden. Laarbeek pakt de taak van de TVW dan ook vooral lokaal op. We maken daarbij graag gebruik van de kennis die via de MRE beschikbaar wordt over de technische, economische en maatschappelijke potentie van warmtebronnen. Laarbeek plaatst vraagtekens bij de haalbaarheid van het volledig aardgasvrij zijn in 2050, als gevolg van beperkende factoren zoals ruimte, kosten, draagvlak, locatie en efficiëntie en betrouwbaarheid van de verschillende warmtebronnen. Op regionaal niveau zou onderzoek gedaan kunnen worden naar de mogelijkheden van mestvergisting.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Nieuwe ontwikkelingen - Duurzame warmte - Duurzame opwek
Van strategie naar uitvoering Deze constructieve input wordt meegenomen in de verdere uitwerkingen van de verschillende thema's. Het ‘streven naar maximale lokale participatie en het maximaal lokaal benutten van opbrengsten’ is een uitgangspunt dat in Laarbeek van harte wordt onderschreven. In de concrete invulling van de uitgangspunten is de samenwerking binnen subregio De Peel het afgelopen jaar van grote meerwaarde gebleken. Laarbeek zet dan ook in op verdere samenwerking in De Peel waarbij de mogelijkheden en meerwaarde van beleidsharmonisatie wordt onderzocht. Laarbeek is geïnteresseerd in de mogelijkheden en voor- en nadelen van het opzetten van een (sub-)regionaal energiebedrijf en participeert in het onderzoeken van deze optie. Ten slotte suggereert Laarbeek dat aan het landelijke programma RES verzocht kan worden om snelle aanpassing van de wetgeving, daar waar deze knelt met regionale en lokale ambities en plannen. Een eerder aangehaald voorbeeld zijn belastingmaatregelen voor zon op dak. De energietransitie kan op lokaal niveau alleen vorm krijgen als deze door landelijke wetgeving wordt gefaciliteerd.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Regionale samenwerking - Participatie: Iedereen doet mee - Financiële participatie: iedereen moet kunnen profiteren Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Aanbeveling aan het rijk - Doorkijk naar 2030
2020-09-01
Gemeente Gemert-Bakel
formeel
Hoofdstuk 1: Samen de energie ambitie realiseren Gemert-Bakel ondersteunt het uitgangspunt om met de andere gemeenten en binnen de subregio samen te werken en inwoners, maatschappelijke partners en bedrijfsleven goed te betrekken. Om een goed vervolg te kunnen geven aan de samenwerking en behoud van opgedane kennis, moet voldoende fte per gemeente en subregio beschikbaar zijn.
De werkgroepen monitoren de voortgang en vragen om extra ondersteuning vanuit gemeenten indien zij daar aanleiding voor zien.
Hoofdstuk 2: Onze aanpak voor de (concept-)RES Wordt meegenomen in de verdere uitwerking. Gemert-Bakel onderschrijft de aanpak voor de concept-RES met de leidende principes en het afwegingskader. Iedere gemeente is verantwoordelijk voor een deel van de opgave. De verdeling van de opgave moet per gemeente in beeld worden gebracht en als inspanningsverplichting worden verankerd.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Participatie: Iedereen doet mee - Financiële participatie: iedereen moet kunnen profiteren Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorvertaling omgevingsbeleid - Aanbeveling aan het rijk - Doorkijk naar 2030
Hoofdstuk 3: Besparing Gemert-Bakel onderschrijft het belang van maximale energiebesparing, waarbij de nadruk ligt op het verkleinen van de warmtevraag in bebouwde omgeving. We roepen mede het Rijk en provincie op om instrumenten aan te reiken zoals subsidies en gebouwgebonden financiering om inwoners en bedrijven te stimuleren besparingsmaatregelen te nemen.
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Besparen
Hoofdstuk 4: Grootschalige opwek Gemert-Bakel onderschrijft het regionale bod van 2 TWh. De doorgerekende zoekgebieden hebben nog geen bestuurlijk of maatschappelijk draagvlak. De planMER procedure brengt de gevolgen voor milieu in beeld. Daarnaast verwachten we een gedegen participatietraject wat inzicht geeft in het draagvlak. Het bestuurlijk traject zal daarna uitwijzen wat de hoogte van het bod kan worden en wat daarbij de bijdrage van Gemert-Bakel kan zijn. Als de regio van gemeente Gemert-Bakel bij de vaststelling van de RES 1.0 een hogere bijdrage verwacht dan het eigen energieverbruik, dan worden er voorwaarden gesteld. Alleen met een verrekening, in welke vorm dan ook, is een extra taak ten behoeve van de regio bespreekbaar. Binnen Gemert-Bakel is een gebrek aan aansluitmogelijkheden voor de beoogde grootschalige opwek vanuit de zoekgebieden. Er zijn nu wel aansluitmogelijkheden voor de kleinere zonnevelden die we mogelijk willen maken met onze lokale afwegingskaders, ook buiten de geschetste zoekgebieden. We pleiten ervoor dat het netwerk voldoende capaciteit biedt om deze eerste slag te maken. Eventuele investeringen hiervoor moeten voorrang krijgen. Datzelfde geldt voor de andere gemeenten, met name voor stedelijk gebied zoals Helmond, zodat ook zij maximaal kunnen bijdragen aan de duurzame opwek.
Wij vragen aandacht voor de koppeling van het traject binnen de MRE-regio als geheel en de Kempen, waar het traject inzake grootschalige opwek al enige tijd loopt. Gelijkwaardige kaders en afwegingen zijn noodzakelijk voor de hele regio. We kunnen de RES 1.0 pas vaststellen als alle informatie uit de planMER en participatietraject gereed is. Wij onderschrijven het vol inzetten op de no-regret maatregelen, zoals zonnepanelen op daken. Wij roepen Rijk en provincie op om instrumenten aan te reiken dit maximaal te stimuleren, bijvoorbeeld door subsidie voor onrendabele grote daken.
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Netinfrastructuur en programmering
Hoofdstuk 5: Duurzame warmte Uit de Regionale Structuur Warmte blijken (nog) geen regionale bronnen beschikbaar voor Gemert-Bakel. Wij zullen de transitievisie warmte dan ook vooral lokaal oppakken, waarbij we wel de regionale ontwikkelingen volgen.
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
Hoofdstuk 6: Van strategie naar uitvoering Wij staan volledig achter de ambitie van maximaal lokaal benutten van de opbrengsten. Wij willen daarbij samen met andere gemeenten de kansen en bedreigingen onderzoeken om als gemeente of subregio financieel te participeren in wind- en zonneparken. Wij blijven met de Peelgemeenten in gesprek om te kijken waar wij als sub-regio gezamenlijk in willen optrekken om mogelijk eenduidig Peel beleid op te stellen.
Wordt meegenomen in de verdere uitwerking.
Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering - Doorkijk naar 2030
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Wat is nieuw in de RES 1.0 - Duurzame warmte
2020-08-26
Gemeente Valkenswaard
formeel
Hoofdstuk 1 - Samen de energie ambitie realiseren Wordt meegenomen in de verdere uitwerking. Kanttekening: Het actief betrekken van inwoners kan deels via regionale De gemeenteraad realiseert zich dat elke gemeente een bijdrage moeten leveren aan de energietransitie, zo ook de gemeente Valkenswaard. Belangrijk uitgangspunt is bijeenkomsten plaatsvinden, maar zal in belangrijke mate lokaal moeten worden georganiseerd, waarbij het regionale dat op regionale schaal gezocht wordt naar de "beste locatie". Dit is een afweging tussen mogelijkheden en belangen vanuit een wederzijdse solidariteit. verhaal ondersteunend is aan de lokale uitwerking. In het proces richting RES 1.0 dienen de inwoners actief betrokken te worden om op deze manier draagvlak te creëren of weerstand te voorkomen/ verminderen. Acceptatie door de gemeenschap is van wezenlijk belang. Zoek naar draagvlak.
Hoofdstuk 3: Samen de energieambitie realiseren - Regionale samenwerking - Participatie: Iedereen doet mee
Hoofdstuk 2 - Onze aanpak voor de (concept) RES In het kader van de RES willen we gebruik maken van de kennis en technologie die in de regio aanwezig is. Er is o.a. contact Hoofdstuk 2: Metropoolregio Eindhoven Naast zon- en windenergie is het van belang om oog te blijven houden voor nieuwe technieken die een bijdrage kunnen leveren in de transitie naar een volledig schone gelegd met Brainport Development en de TU/e (Differ en EIRES) over nieuwe technologie en de concrete kansen die er nu al - Toptechnologie regio Brainport: Inzet op energie-innovaties energievoorziening. Waterstof en de opslag van energie kunnen hierin een belangrijke rol gaan vervullen. zijn. Dit verbinden we met de opgaven die voortkomen uit de thema’s binnen de RES. De gemeente Valkenswaard beschikt over waardevolle landschappen en natuurgebieden. Bij ontwikkelingen dient te alle tijde de balans gezocht te worden tussen In het kader van de PlanMER gaan wij zorgvuldig naar de zoekgebieden voor grootschalige opwek kijken, die uit de eerste Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek landelijke opgave en lokale belangen en moet zorgvuldig getoetst worden aan vastgestelde afwegingskaders. Maatschappelijk draagvlak is hierbij van essentieel belang, analyse naar voren zijn gekomen.
Die gebieden zijn naar voren gekomen, rekening houdende met wetgeving die andere - Nieuwe ontwikkelingen zodoende dienen inwoners, ondernemers en maatschappelijk organisaties actief geïnformeerd en betrokken te worden. gebieden uitsluit. In het planMER worden omgevings- en milieuaspecten onderzocht en de mogelijke (financiële) - Duurzame opwek Als regio kunnen we ons profileren als voorloper in de energietransitie. Mogelijk kan de gemeente Valkenswaard hier een rol in spelen als locatie voor pilots of in een koppelingen met brede thema’s die in de concept-RES naar voren zijn gekomen. Dit vormt de basis voor verdere andere vorm. afwegingen. Het PlanMER proces is een vastomlijnd proces met vaste formele gelegenheden voor inspraak. Hoofdstuk 5: Stap voor stap naar uitvoering In de Concept-RES beschrijven wij hoe we tot een succesvolle ontwikkeling én realisatie willen komen van de RES door te - Doorkijk naar 2030 streven naar maatschappelijk draagvlak en bewustzijn. In het proces naar de RES 1.0 passen wij dat verder toe en werken dat verder uit met stakeholders. Denk aan afstemming over mogelijke invulling van zoekgebieden, koppelingen van warmtevraag en aanbod, mogelijke besparingsaanpakken en manieren om lokaal eigenaarschap mogelijk te maken.
Hoofdstuk 3 - Besparing Het besparen van energie is een belangrijke eerste stap. Inwoners, instellingen en bedrijven dienen hiervoor in beweging te komen. Gemeenten hebben een belangrijke voorbeeldrol met het verduurzamen van het eigen vastgoed.
Hoofdstuk 4: Besparen, Duurzame warmte, Duurzame opwek - Besparen
Hoofdstuk 4- Duurzame opwek Iedere gemeente zal een bijdrage moeten leveren aan de energietransitie, zo ook de gemeente Valkenswaard. Hierbij moet oog zijn voor de waardevolle landschappen en natuurgebieden in de gemeente. Daarnaast dient er rekening gehouden te worden met de ambities en plannen die de gemeente heeft m.b.t. recreatie in het buitengebied. Tevens dient de impact op de leefomgeving zorgvuldig in kaart gebracht te worden. Vijf zoekgebieden die opgenomen zijn in de concept RES liggen in Valkenswaard. Dit is confronterend. De raad wil deze zoekgebieden echter niet op voorhand afwijzen. Dit neemt niet weg dat er op voorhand zeker twijfels zijn bij een of meerdere zoekgebieden. De gemeente Valkenswaard beschikt over waardevolle natuur (Natura2000) en cultuurhistorische gebieden wat invloed heeft op de mogelijkheden voor grootschalige opwek. Naast zon- en windenergie zijn er in de nabije toekomst mogelijk andere technieken die ingezet kunnen worden voor het realiseren van een schone energievoorziening met een kleinere ruimtelijk en sociale impact. Denk hierbij aan waterstof en de opslag van energie. De keuzes die nu gemaakt worden mogen deze ontwikkelingen niet in de weg staan. De raad vindt de concept RES nu wel heel eenzijdig gericht op zon, wind en biomassa (waarbij biomassa als een niet gewenste ontwikkeling gezien wordt).
Nadrukkelijk wordt verzocht om naaste bestaande technieken nadrukkelijk naar de nieuwe(re) technieken te kijken, bijvoorbeeld waterstof. De MRE regio is een slimme regio. Gebruik die slimheid. De ruimtelijke impact moet te allen tijde goed, volgens vastgestelde afwegingskaders, worden getoetst. De Plan-MER procedure moet uitwijzen welke zoekgebieden geschikt kunnen zijn voor grootschalige opwek. Tevens dient er bestuurlijk en maatschappelijk draagvlak te zijn, dit is bij de totstandkoming van de concept RES nog niet gedaan. Belangrijk is om de regie m.b.t. het realiseren van grootschalige opwek lokaal en regionaal te behouden. We willen niet in een situatie te komen dat het Rijk deze regie overneemt. Daarnaast dient het uitgangspunt te zijn dat de lusten en lasten eerlijk verdeeld worden. Om deze reden dient o.a. de financiële participatie in energieprojecten geborgd te worden. Tot slot wordt verzocht om bij elk voorstel/project nadrukkelijk te kijken naar ten minste deze twee parameters: •de kostenefficiency: kosten afgezet tegen opgewekte hoeveelheid energie •CO2 uitstoot. Tot hoeveel CO2reductie leidt een project.