CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

9.3 Bestemmingsplan Emmeloord Dokter Jansenpark 13022023 VA_Deel3.pdf

Commissie Woonomgeving 20 maart 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 9: Bestemmingsplan ‘Emmeloord, Dokter Jansenpark’23.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Figuur 20. Schelpendaken of grinddaken kunnen interessant zijn voor broedvogels als scholekster.

- 32 -

Ruimte voor vleermuizen Naast de verplichte mitigatie, kunnen eenvoudig meer mogelijkheden gecreëerd worden voor vleermuizen. Er zijn veel verschillende types met inbouwkasten beschikbaar voor vleermuizen. Daarnaast kan de spouwmuur van de diverse panden beschikbaar gesteld worden door bijvoorbeeld open-stootvoegen van 1,5 cm doorsnee. Huiszwaluwen Huiszwaluwen broeden in kolonieverband in nesten van klei en zand tegen gebouwen gemetseld. Gebouwen met een overhangende dakranden zijn populair, met name als de dakranden wit of lichtgeel zijn. Om huiszwaluwen aan te trekken, kunnen een of meerdere kunstnesten opgehangen worden. Binnen het plangebied lijkt ruimte gereserveerd voor een vijver, waardoor in de directe omgeving modder beschikbaar is. Ook zijn er diverse kolonies van huiszwaluw in Emmeloord bekend. Indien er in de gebouwen zelf weinig mogelijkheden zijn, kan ook gekozen worden voor een huiszwaluwtil.

Figuur 21. Voorbeeldfoto huiszwaluwtil.

- 33 -

4.1 Invasieve exoten In de vijver bij het huidige Dr. Jansenziekenhuis is watercrassula geconstateerd (figuur 22). Deze invasieve exoot is een bedreiging voor de inheemse flora en fauna. De plant kan dichte bestanden vormen waardoor hele watergangen dicht kunnen groeien. Landschapsbeheer adviseert om deze invasieve exoot zorgvuldig te verwijderen en vervolgens de vijver te monitoren op nieuwe uitbraken. Meer informatie over watercrassula is terug te vinden in het volgende document: factsheet watercrassula NVWA: factsheet-watercrassula-nvwa-20190902.pdf

Figuur 22. Watercrassula in de vijver bij het dr. Jansenziekenhuis.

- 34 -

Conclusie De gemeente Noordoostpolder wil werkzaamheden uitvoeren bij het D. H. Jansencentrum te Emmeloord. Het ecologisch onderzoek heeft uitgewezen dat er verschillende beschermde soorten aanwezig zijn binnen het huidige plangebied. Dit heeft grote implicaties voor het project. Er is een ontheffing Wet natuurbescherming, onderdeel beschermde soorten, noodzakelijk voor meerdere beschermde diersoorten. Er moet op tijd nagedacht worden over hoe de huidige verblijfplaatsen zowel tijdelijk als permanent gemitigeerd worden en dit moet goed omschreven worden zodat dit voorgelegd kan worden aan het bevoegd gezag (Provincie Flevoland). Gezien de kwetsbare periode van de verschillende verblijfsfuncties en verschillende beschermde soorten, heeft de aanwezigheid van verschillende diersoorten sterke invloed op de planning en fasering. Zo zal het in bepaalde maanden van het jaar niet mogelijk zijn om bepaalde werkzaamheden uit te voeren. De aanwezigheid van beschermde soorten heeft ook veel invloed op het ontwerp van het gebouw. Er moet ruimte ingebouwd worden in de toekomstige gebouwen voor beschermde soorten. De architect zal hier in grote mate rekening mee moeten houden wil de ontwikkeling doorgang vinden.

Binnen de werkzaamheden is aandacht nodig voor de volgende beschermde soorten: ransuil, gewone dwergvleermuis (massawinterverblijven en zomerverblijf, spreeuw, grote bonte specht, kleine marterachtigen als wezel en bunzing en broedende vogels in zijn algemeenheid. Gezien de beschermde soorten die voorkomen zijn werkzaamheden bij en rondom het D. H. Jansencentrum op veel vlakken gecompliceerd. Er is een ecologisch werkplan nodig waarin omschreven wordt welke werkzaamheden op welke manier kunnen plaatsvinden. De werkzaamheden zullen uitgevoerd moeten worden onder ecologische begeleiding. Naast de wettelijke verplichting, adviseert Landschapsbeheer de gemeente Noordoostpolder om in beginsel natuurinclusief te bouwen. In de plannen is veel aandacht voor groen en de invloed van groene structuren op de mens. Natuurlijk profiteert flora en fauna hier indirect van. Maar door kleine aanpassingen kan er nog meer ecologische waarde toegevoegd worden, wat het toekomstige Jansenpark nog natuurinclusiever maakt.

- 35 -

Bronnen BIJ12. (2017). Kennisdocument Gewone Dwergvleermuis. Utrecht: BIJ12. De Groene Ruimte. (2020). Quick-scan Wet natuurbescherming . Wageningen. De Groene Ruimte BV. (2020). Quick-scan Wet natuurbescherming Dokter J.H. Jansencentrum, Emmeloord. Wageningen: De Groene Ruimte BV. Gemeente Noordoostpolder. (2013). Beleidsplan openbare ruimte 2014-2024. Gemeente Noordoostpolder. Imoss. (2021). Emmeloord ontwikkelvisie dr. Jansenpark. 17841-R: Imoss. Provincie Flevoland. (2021). Houtopstanden. Opgehaald van https://www.flevoland.nl/loket/loketoverview/wet-natuurbescherming-houtopstanden19345 Provincie Flevoland. (2021). Soortenbeheer. Opgehaald van https://www.flevoland.nl/loket/loketoverview/wet-natuurbeschermingsoortenbescherming-19346 Provincie Flevoland. (2021). Toelichting beleid kleine marterachtigen. Provincie Flevoland. Sovon. (2021). Grote bonte specht. Opgehaald van https://stats.sovon.nl/stats/soort/8760 Sovon. (2021). https://stats.sovon.nl/stats/soort/15820. Opgehaald van Spreeuw. Stowa. (2009). Ransuil Asio otus. http://soortprotocollenfloraenfaunawet.stowa.nl/documents/soortprotocollenflora-enfaunawet/ransuil.pdf.

- 36 -

Bijlage 1: Zichtzijdes van Dokter J.H. Jansencentrum

A

B

C

D

E

F

- 37 -

H

I

J

K

L

M

- 38 -

N

O

P

Q

R

T

- 39 -

U

- 40 -

Bijlage 2: Velddata Huismus Datum 1 april 14 april 12 mei

Temperatuur 10 graden 10 graden 15 graden

Bewolking -

Gierzwaluw Datum 1 juni 18 juni 11 juli

Temperatuur 20 graden 20 graden 22 graden

Bewolking -

Vleermuizen Datum

Temperatuur

15 augustus 2020 18 augustus 2020* 10 september 2020 20 mei 2021 8 juni 2021** 10 juni 2021 30 augustus 2021***

19 graden 17 graden 12 graden 8 graden 22 graden 13 graden 17 graden

Windkracht Aantal waarnemers 2 2 2 2 1 1 3 1 2 4 2 1 1 4

*bezoek rond middennacht voor massa-winterverbljiven **extra avondbezoek voor laatvlieger ***extra avondtelling langs Lemstervaart, bepalen of er watervleermuis uit het plangebied kan komen. Er zijn geen watervleermuizen geconstateerd die het plangebied verlaten.

Ransuil Datum 19 februari 28 mei

Temperatuur 9 graden 15 graden

Windkracht 3 2

Steen / Boommarter Datum plaatsing camera

Datum ophalen camera

Aantal camera’s

21 januari 8 maart 14 maart

25 januari 12 maart 18 maart

2 2 2

- 41 -

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Bijlage 11

Archeologisch bureauonderzoek

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

74

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord

Bureauonderzoek

GRA-rapport 2020.15

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Colofon Titel

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Projectcode Versie Datum Auteur

GNO00520 Concept, 0.1 29-06-2020 M. Osinga (Senior KNA Prospector)

Opdrachtgever

Gemeente Noordoostpolder Postbus 155 8300 AD Emmeloord

Uitvoerder

Telefoon Email Website Projectgegevens ISSN Zaak-ID Bevoegd gezag

Rapport beoordeeld door BG Beheer en plaats documentatie (gedurende onderzoek) Onderzoekslocatie Toponiem Plaats Gemeente Kadastrale aanduiding Centrumcoördinaten Oppervlakte Controle Paraaf goedkeuring

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Greenhouse Advies bv Huismanstraat 6 6851 GT Huissen 026 2020606 archeologie@greenhouse-advies.nl www.greenhouse-advies.nl 2468-8258 4869002100 Gemeente Noordoostpolder mevr. J. Bijlsma T: 0527 633382 M: j.bijlsma@noordoostpolder.nl nog niet Greenhouse Advies bv Huismanstraat 6 6851 GT Huissen

Adviseur bevoegd gezag mevr. M. Marinelli M: m.marinelli@noordoostpolder.nl

Dr. J.H. Jansencentrum (Urkerweg 1) Emmeloord Noordoostpolder NPO00 AZ 11690 en 7492 X = 179.110 / Y = 524.490 Ca. 4 ha P. Fijma (Senior KNA Archeoloog)

Pagina 2 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Inhoudsopgave 1

Inleiding.............................................................................................................................................. 4

1.1

Aanleiding .......................................................................................................................................... 4

1.2

Doelstelling en onderzoeksvragen .................................................................................................... 4

1.3

Werkwijze en leeswijzer ..................................................................................................................... 5

2

Beschrijving plangebied ..................................................................................................................... 6

2.1

Huidige situatie plangebied en onderzoeksgebied ............................................................................ 6

2.1.1

Kabels en Leidingen .......................................................................................................................... 7

2.2

Toekomstig gebruik ........................................................................................................................... 8

3

Landschap ......................................................................................................................................... 9

3.1

Geologie............................................................................................................................................. 9

3.2

Geomorfologie ................................................................................................................................. 10

3.3

Bodem.............................................................................................................................................. 11

4

Archeologie en historie .................................................................................................................... 12

4.1

Bekende archeologische gegevens ................................................................................................. 12

4.1.1

Archeologische waarden ................................................................................................................. 12

4.1.2

Archeologische vondstlocaties ........................................................................................................ 13

4.1.3

Onderzoeksmeldingen ..................................................................................................................... 14

4.2

Cultuurhistorische en historisch-geografische elementen ............................................................... 14

4.3

Scheepswrakken ............................................................................................................................. 17

4.4

Vliegtuigwrakken .............................................................................................................................. 17

4.5

Archeologische verwachting ............................................................................................................ 17

5

Evaluatie en advies .......................................................................................................................... 19

5.1

Samenvatting en conclusie .............................................................................................................. 19

5.2

Beantwoording onderzoeksvragen .................................................................................................. 19

5.3

Advies .............................................................................................................................................. 20

Literatuur en bronnen ...................................................................................................................................... 21 Literatuur .......................................................................................................................................................... 21 Databases/kaartmateriaal ................................................................................................................................ 21 Websites .......................................................................................................................................................... 21

Bijlagen Bijlage 1: Overzicht archeologische perioden

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 3 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

In opdracht van Gemeente Noordoostpolder is door Greenhouse Advies B.V. voorliggend bureauonderzoek opgesteld voor het plangebied Dr. J.H. Jansencentrum aan de Urkerweg 1 te Emmeloord. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen herontwikkeling tot woonlocatie. Bij de uiteindelijke bodemingrepen kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden verstoord of vernietigd worden. Conform het beleid van de gemeente Noordoostpolder dient hier archeologisch onderzoek plaats te vinden (zie § 4.1.1). Het plangebied is weergegeven op Afbeelding 1.1. Onderhavig bureauonderzoek heeft betrekking op dit gebied en de directe omgeving.

Afbeelding 1.1: Luchtfoto van het plangebied te Emmeloord (bron: PDOK).

1.2

Doelstelling en onderzoeksvragen

Het doel van het bureauonderzoek is het verwerven van informatie, aan de hand van bestaande bronnen, over de bekende of verwachte archeologische resten, binnen een omschreven gebied, om daarmee tot een gespecificeerde archeologische verwachting te komen. Het resultaat is een standaardrapport met een gespecificeerde archeologische verwachting, op basis waarvan een beslissing genomen kan worden ten aanzien van (eventueel) vervolgonderzoek en de vorm daarvan. Om deze doelstelling te kunnen realiseren, dienen de volgende vragen te worden beantwoord: 1 Wat is de natuurlijke bodemopbouw van het plangebied? 2 Welke natuurlijke formatieprocessen hebben een rol gespeeld in het plangebied? 3 Wat is het historisch landgebruik van het plangebied geweest? 4 Welke culturele formatieprocessen hebben een rol gespeeld in het plangebied? 5 Is binnen het plangebied sprake van verstoringen, zo ja, wat is de aard en omvang hiervan? 6 Welke gegevens met betrekking tot archeologische waarden zijn binnen het plangebied bekend? 7 Wat is de archeologische verwachting voor het plangebied?

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 4 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

1.3

Werkwijze en leeswijzer

Het archeologisch bureauonderzoek is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.11 en de gemeentelijke eisen2. Er is informatie verzameld over het onderzoeksgebied en het specifieke plangebied met betrekking tot geologie, bodem, bodemverstoringen, archeologie, cultuur- en bouwhistorie. Het rapport is opgebouwd uit de hieronder genoemde hoofdstukken: Hoofdstuk 2: Beschrijving plangebied Hoofdstuk 3: Landschap Hoofdstuk 4: Archeologie en historie Hoofdstuk 5: Evaluatie en advies Voor de in dit rapport gebruikte archeologische tijdsaanduidingen wordt verwezen naar Bijlage 1. Alle kaarten in de rapportage zijn noordgericht tenzij anders aangegeven.

1 SIKB 2018 2 Ten Anscher 2018

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 5 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

2 Beschrijving plangebied 2.1

Huidige situatie plangebied en onderzoeksgebied

Het plangebied wordt gevormd door het voormalige ziekenhuis van Emmeloord. Het Dr. Jansencentrum, inclusief het omliggende terrein. Het onderzoeksgebied betreft het plangebied met een zone van 1000 meter hieromheen (zie Afbeelding 4.3). Het Dr. Jansencentrum Emmeloord wordt, sinds het faillissement van de MC groep in november 2018, uitsluitend gebruikt voor het uitvoeren van de eerstelijnszorg. De gemeente Noordoostpolder wil elders een nieuw gezondheidsplein ontwikkelen voor de eerstelijnszorg waardoor de locatie van het Dr. Jansencentrum vrijkomt voor herontwikkeling tot woonlocatie. Het plangebied ligt ten zuiden van de Urkerweg. De inrichting bestaat uit een hoofdgebouw met bijgebouwen. Het omliggende terrein is deels bestraat om als parkeerplaats te dienen.

Afbeelding 2.1: Huidige situatie Dr. Jansencentrum gezien vanuit de lucht richting het zuidwesten (bron: L. de Graaff via https://www.emmeloord.info/ziekenhuis).

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 6 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Afbeelding 2.2: Topografische kaart van het plangebied te Emmeloord (bron: opentopo).

2.1.1

Kabels en Leidingen

Binnen het plangebied bevinden zich conform de KLIC-melding d.d. 19 juni 2020 kabels en leidingen van de volgende netbeheerders (zie Afbeelding 3.1): Bedrijf Gemeente Noordoostpolder Vitens Liander N.V. KPN Eurofiber Reggefiber Ziggo Relined

Soorten kabels en leidingen Riool vrij verval Water, datatransport Gas hoge druk, middenspanning, gas lage druk, laagspanning Datatransport Datatransport Datatransport Datatransport Datatransport

De kabels en leidingen liggen binnen het plangebied uitsluitend in het noordelijke deel. Kabels en leidingen bevinden zich in de regel op een diepte van 0,6-1,4 m –mv. Riolering ligt doorgaans dieper dan dat, tot ca. 3 m –mv. De exacte diepte van de kabels en leidingen in het plangebied is niet bekend maar verwacht mag worden dat dit binnen genoemde diepten zal zijn.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 7 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Afbeelding 2.3: Kabels en leidingen in het plangebied. (Bron: mijn.kadaster.nl)

2.2

Toekomstig gebruik

Het plangebied zal omgevormd worden tot woonlocatie. De exacte omvang van de daarmee gepaard gaande bodemingrepen is vooralsnog onbekend.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 8 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

3 Landschap Het landschap heeft in het verleden een sterke rol gespeeld in het nederzettingspatroon en de mogelijkheden tot bepaalde activiteiten van de mens. Bij onderzoek naar de mogelijkheid van archeologische sporen in een bepaald gebied is het van belang om te achterhalen hoe het landschap er in het verleden kan hebben uit gezien.

3.1

Geologie

De basis van de afzettingen in het plangebied wordt gevormd door materiaal dat is afgezet in het Pleistoceen. Deze komen conform de kaartlaag "Top Pleistocene oppervlakte" voor op een diepte vanaf circa -8 tot -6 m NAP.3 In het uiterste noordoosten komt de top van de pleistocene afzettingen ondieper voor, namelijk op (-6 tot -4 m NAP Het pleistocene landschap wordt afgedekt door materiaal dat in het Holoceen is achtergebleven. Het pleistocene materiaal bestaat uit dekzand, dat is afgezet in de laatste ijstijd, het Weichselien. In een koel en droog klimaat was er nauwelijks sprake van vegetatie. De wind had vrij spel en verplaatste grote hoeveelheden zand. Dit werd veelal afgezet in langgerekte glooiingen. Met het opwarmen van het klimaat na deze laatste ijstijd raakte het dekzandlandschap doorsneden met beekjes en stroompjes. De aanzet hiervoor was veelal reeds ontstaan als gevolg van smeltwaterstromen ten tijde van enigszins warmere perioden in de (tussen)ijstijd. Deze vormden zich vanaf het begin van het Holoceen tot beekdalen ten behoeve van de afwatering van het achterland. Het plangebied ligt conform de paleogeografische kaart4 niet in of nabij een dergelijk beekdal(systeem), maar op de relatief hooggelegen zone daartussen. Vanaf het begin van het Holoceen trad een stijging van de temperatuur op en een daarmee samenhangende zeespiegelstijging.

In eerste instantie ontstonden gunstige condities voor vegetatieontwikkeling, waardoor bodemvorming kon optreden in de top van het dekzand. De voortgaande zeespiegelstijging zorgde voor vernatting, waarbij het dekzandlandschap geleidelijk onder water kwam te staan. Er ontstonden uitgestrekte veenmoerassen, waarin na verloop van tijd ook open water ontstond. Het plangebied lag conform de paleogeografische kaart in eerste instantie in een zone waar veenvorming optrad. Vanaf de Romeinse Tijd ontstond een merencomplex dat Flevomeer genoemd wordt. Door een voort durende aanvoer van organisch materiaal werd het veen onderin dit diepe meer afgedekt met een pakket gyttja, bestaande uit een mengsel van dierlijke (o.a. resten van micro-organismen) en plantaardige resten en minerale delen (o.a. calciumcarbonaat). In de vroege Middeleeuwen kwam een eerste open verbinding met de zee tot stand. De binnenzee die ontstond, wordt Aelmere genoemd. In de loop van de Middeleeuwen breidde de binnenzee zich uit als gevolg van de zeespiegelstijging, verveningen en overstromingen en werd de verbinding met de zee breder. Zo ontstond de Zuiderzee, die tot het aanleggen van de Afsluitdijk in 1932 bleef bestaan. Op de zeebodem werden mariene afzettingen achtergelaten, overwegend bestaande uit kleien (lichte zavel tot zware klei). Ook trad lokaal erosie van bestaande (veen)afzettingen op.

Het geërodeerde materiaal werd veelal elders afgezet als verspoelde sedimenten. Deze worden gekenmerkt door de aanwezigheid van een organische component, ook wel aangeduid als verslagen veen. Het plangebied lag vanaf het ontstaan van het Flevomeer tot de inpoldering in 1942 ter plaatse van open water. Dinoloket Om het inzicht in de stratigrafie te vergroten, zijn nabijgelegen boringen in het dinoloket geraadpleegd. 5 Boring B20F1202 in het noordoostelijke deel van het plangebied laat een toplaag met een afwisseling van zand- en kleipakketten zien die samenhangen met afzettingen van het Aelmere en de Zuiderzee. Vanaf een diepte van circa 80 cm beneden maaiveld komt een 10 cm dikke laag gyttja voor. Ook het kleipakket hieronder kan vermoedelijk gerelateerd worden aan meerbodemafzettingen van het Flevomeer. Deze dekken een pakket veen af, dat reikt tot een diepte van 2,20 m beneden maaiveld. Het dekzand in de ondergrond komt vanaf deze diepte voor. Boring B20F2011 in het zuidwestelijke deel van het plangebied laat een vergelijkbare opbouw zien met het dekzand op een diepte van circa 3 m beneden maaiveld.

3 geraadpleegd via Archis3 4 Vos &.De Vries 2013. 5 https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 9 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

3.2

Geomorfologie

De Geomorfologische kaart6 geeft de mate van reliëf en de vormen aan die in het landschap te onderscheiden zijn (zie Fout! Verwijzingsbron niet gevonden.). Vanwege ligging in de bebouwde kom is de geomorfologie in het plangebied niet gekarteerd. Het reliëf in de omgeving van het plangebied wordt aangeduid als vlakte van getijafzettingen (code 2M72). Het reliëf in dergelijke terreinen is gering. Reliëf in de zandondergrond komt op de geomorfologische kaart niet tot uitdrukking. Op basis van de kaartlaag "Top Pleistocene oppervlakte" (zie § 3.1) kan hierin wel enig reliëf verwacht worden. Het Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN) is een landsdekkend digitaal bestand in de vorm van een driedimensionaal grid met een hoge nauwkeurigheid, waarmee de maaiveldhoogte van Nederland in kaart is gebracht.7 Door het combineren van de X-, Y- en Z-waarden (t.o.v. NAP) van elk punt is een digitaal model ontstaan dat de gemiddelde hoogte van het maaiveld weergeeft met een nauwkeurigheid van 50 bij 50 cm per gridcel in horizontale zin en een afwijking van maximaal 10 cm in verticale zin (+/- 5 cm standaardafwijking en +/- 5 cm systematische afwijking). Op basis van het AHN3 (zie Afbeelding 3.1) is te zien dat het reliëf in het plangebied wordt vertekend door de bebouwing. Op het terrein rond de bebouwing lijkt enige mate van ophoging te hebben plaatsgevonden.

Het terrein ligt iets hoger dan de directe omgeving.

Afbeelding 3.1: Uitsnede AHN3 van het plangebied en omgeving. (bron: AHN-viewer)

6 Alterra 2017 7 Geraadpleegd via http://www.ahn.nl

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 10 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

3.3

Bodem

De bodems in het plangebied zijn op de Bodemkaart8 niet gekarteerd vanwege ligging in de bebouwde kom. De bodems in de omgeving van het plangebied worden getypeerd als kalkrijke poldervaaggronden in zware zavel (type bMn25A). Vaaggronden worden gekenmerkt door het ontbreken van horizontdifferentiatie onder de bouwvoor. Het betreft relatief jonge gronden, waarbij ook nog geen ontkalking heeft plaatsgevonden. In de zandondergrond kan mogelijk een podzolprofiel voorkomen. Dit komt op de bodemkaart niet tot uitdrukking, aangezien het dekzand niet binnen 1,20 m beneden maaiveld voorkomt. Grondwatertrap Grondwatertrappen zijn een indicatie voor de diepte van de grondwaterstand en de seizoensfluctuatie daarvan. De grondwatertrappenindeling is gebaseerd op de gemiddeld hoogste (GHG) en de gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG). Hiermee worden de winter- en zomergrondwaterstanden gekarakteriseerd in een jaar met een gemiddelde neerslag en verdamping. De diepte en fluctuatie van de grondwaterstand zijn van invloed op de conserveringscondities van eventuele archeologische resten. Het plangebied bevindt zich in een zone met grondwatertrap VI (GHG 40-80 cm, GLG >120 cm).9 De conserveringscondities voor organische resten in de relatief droge toplaag zijn matig tot slecht. Anorganische resten kunnen hierin wel goed bewaard gebleven zijn.

De conserveringscondities in de top van het onderliggende dekzand zijn goed voor zowel organische als anorganische resten.

8 Alterra 2014 9 Geraadpleegd via http://maps.bodemdata.nl/bodemdatanl/index.jsp

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 11 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

4 Archeologie en historie 4.1

Bekende archeologische gegevens

Op basis van onder andere de ontstaansgeschiedenis van het landschap, de huidige bodemopbouw en bekende archeologische waarden kan voor gebieden een lage, middelhoge, hoge of zeer hoge archeologische verwachting worden bepaald, of, indien waarden zijn vastgesteld, een toekenning van een lage, hoge of zeer hoge archeologische waarde. Voor het onderzoeksgebied zijn landelijke, provinciale en gemeentelijke kennisen beleidskaarten geraadpleegd.

4.1.1

Archeologische waarden

Het oostelijke deel van het plangebied ligt conform de gemeentelijke beleidskaart10 in een zone met een beleidscategorie WA-8 (zie Afbeelding 4.1, lichtgrijze kleur). In deze zone is archeologisch vooronderzoek verplicht bij ingrepen dieper dan 100 cm en/of met een oppervlakte groter dan 10.000 m2. Aan het westelijke deel is geen beleidscategorie toegekend. Het plangebied kent conform het vigerende bestemmingsplan Emmeloord-West (vastgesteld d.d. 25-9-2017) geen dubbelbestemming archeologie (zie Afbeelding 4.2). 11

Afbeelding 4.1: Uitsnede archeologische beleidskaart gemeente Noordoostpolder (bron: RAAP 2018).

10 Ten Anscher 2018 11 Geraadpleegd via www.ruimtelijkeplannen.nl

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 12 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Afbeelding 4.2: Uitsnede bestemmingsplankaart (bron: ruimtelijkeplannen.nl).

Het plangebied ligt conform de provinciale Cultuurhistorische Waardenkaart12 in een archeologisch aandachtsgebied in het kader van het voormalig IJssel-Vechtstroomgebied. Dergelijke gebieden zijn (naar verwachting) archeologisch waardevol. De provincie wijst deze gebieden alleen aan, voor zover geldende bestemmingsplannen uit een oogpunt van archeologische monumentenzorg onvoldoende bescherming bieden. Deze kaart, behorende bij het Omgevingsplan Flevoland 2006-2015, is in de nieuwe Omgevingsvisie Flevoland - FlevolandStraks13 (vastgesteld d.d. 8-11-2017) niet langer opgenomen. De archeologisch waarden worden in deze visie gerekend tot het thema "Flevoland toen", waarvoor geen separate kaartlaag is gepubliceerd.

4.1.2

Archeologische vondstlocaties

Binnen het plan- en onderzoeksgebied zijn geen terreinen van archeologische waarde aanwezig (zie Afbeelding 4.3). Er liggen geen vondstlocaties binnen het plangebied zelf. In de directe omgeving van het plangebied, is sprake van twee vondstlocaties. Deze vondstlocaties staan in onderstaande tabel vermeld en worden vervolgens nader toegelicht. Vondstlocatie 2859830100 3205472100

Datering Midden Neolithicum Vroege Bronstijd Nieuwe Tijd

Categorie vuurstenen bijl, keramiek

Complextype onbekend

scheepswrak

scheepswrak

Opmerkingen locatie is fictief, exacte vindplaats onbekend opgegraven, nadere gegevens ontbreken

Vondstlocatie 2859830100 betreft een vindplaats met een fictieve locatie. In de omgeving hiervan zijn een bijl en scherven aardewerk aangetroffen. De zijden van de 12,1 cm lange en 5,4 cm brede bijl zijn sterk gewelfd en gebogen naar de top en snede. Eén zijde is donker, de ander is oranjebruin gekleurd. De met de bijl aangetroffen scherven zijn waarschijnlijk van een Trompet- of Gordelpotbeker. De stratigrafische positie van de vondsten is eveneens onbekend.

12 bron: https://kaart.flevoland.nl/cultuurhistorie/ 13 bron: https://flevoland.tercera-ro.nl/MapViewer/default.aspx?id=NL.IMRO.9924.SVFlevoStraks01-VA01

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 13 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Vondstlocatie 3205472100 betreft een scheepwrak. Dit lag achter het kerkhof van Emmeloord en werd aangetroffen bij het graven van een nieuwe watergang. Het scheepswrak is voor zover bekend in of voor 1954 opgegraven. Documentatie hiervan ontbreekt. Hoewel gegevens met betrekking tot deze vondstlocaties incompleet zijn, geven ze wel een aanwijzing voor de aard van eventuele vindplaatsen die in het plangebied te verwachten zijn.

Afbeelding 4.3: Monumenten, vondstlocaties en onderzoeksmeldingen (vervaardigd door Greenhouse Advies bv op basis van gegevens uit Archis3).

4.1.3

Onderzoeksmeldingen

De volgende onderzoeksmeldingen bevinden zich in het onderzoeksgebied: zaak-ID 2283482100 2386303100

Jaar 2010 2012

Afstand 850 m ZW 150 m N

Uitvoerder RAAP Oranjewoud

Soort onderzoek bureauonderzoek bureauonderzoek en booronderzoek

Resultaat en advies onbekend De bodem is verstoord tot in de Chorizont. Het verwachte dekzand is niet binnen 2 m -mv aangetroffen.

Het in de nabijheid van het plangebied uitgevoerde booronderzoek heeft uitgewezen dat het dekzand niet op de verwachte diepte werd aangetroffen. De toplagen zijn verstoord.

4.2

Cultuurhistorische en historisch-geografische elementen

De geschiedenis van Emmeloord wordt in het bestemmingsplanFout! Bladwijzer niet gedefinieerd. als volgt beschreven: "Emmeloord ligt op de bodem van de voormalige Zuiderzee. De drooglegging van de Zuiderzee was een ambitieus Nederlands waterstaatkundig project uit het begin van de 20e eeuw. Tussen 1927 en 1932 vond de afsluiting van de voormalige Zuiderzee plaats en begon de overheid met de aanleg van drie IJsselmeerpolders: de Wieringermeer (1927-1930), de Noordoostpolder (1936-1942) en de Flevopolder (1957-1968). Met de winning van dit nieuwe land, kreeg de overheid de omvangrijke taak om een gehele provincie in te richten en

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 14 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

bewoonbaar te maken. De overheid bepaalde de situering van de dorpen, de verkaveling van de polder en het verloop van wegen en kanalen. De Noordoostpolder vertoont duidelijke kenmerken van een rationeel landschap uit de 20 e eeuw. Het belangrijkste kenmerk van de Noordoostpolder is dat het is ontworpen als eenheid, waarbij landschap, stedenbouw en architectuur onderdeel uitmaken van één integraal ontwerp. Het polderconcept, de concentrische opbouw op verschillende niveaus, is kenmerkend voor de ruimtelijke structuur. Vanwege het integrale ontwerp en de gaafheid van het landschap zijn de Noordoostpolder (en Urk) in de (voormalige) Rijksnota Belvedère gerangschikt onder de cultuurhistorisch meest waardevolle gebieden in Nederland. Emmeloord ontleent zijn naam aan het dorpje op de noordpunt van het voormalige eiland Schokland. Dit eiland lag in de Zuiderzee. Het dorpje heette vroeger (1478) Emelwerth. Eem, het eerste deel van Emel-, komt van het Germaanse ami, een algemene aanduiding voor een natuurlijk waterverloop. Werth betekent terp. Vanaf 1650 zien we echter dat de naam omgezet is naar Emeloirt. Oirt (door de i achter de o wordt dit uitgesproken als oort) betekent punt. De overgang van werth naar oort heeft waarschijnlijk te maken met de afbrokkeling van het eiland Schokland.

Daardoor was Emelwerth steeds minder een terp (heuvel in het land) maar kwam steeds meer op de punt (oirt) van het eiland te liggen." Het ziekenhuis in Emmeloord werd in 1964 in gebruik genomen, nadat men zich jarenlang had moeten behelpen met een noodziekenhuis bij Vollenhove. Het nieuwe ziekenhuis telde 150 bedden. Het ziekenhuis werd vernoemd naar Dokter Jansen, die kort na de oorlog de eerste huisarts in de Noordoostpolder was. Het Dr. Jansencentrum werd destijds aan de rand van het toenmalige bebouwing van Emmeloord opgetrokken (zie Afbeelding 4.5). Inmiddels wordt het terrein geheel omsloten door woonwijken.

Afbeelding 4.4: Bericht ingebruikname ziekenhuis Emmeloord in De Volkskrant 7 januari 1964. (bron: https://www.emmeloord.info/ziekenhuis/)

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 15 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Afbeelding 4.5: Ansichtkaart van het het ziekenhuis omstreeks 1970 (?) (bron: https://www.emmeloord.info/ziekenhuis/).

Op luchtfoto's14 en topografische kaarten15 is de ontwikkeling van de inrichting van het plangebied te volgen. Na de eerste ontginning was het plangebied korte tijd in gebruik als volkstuinencomplex. Een luchtfoto uit 1949 laat ter plaatse een zeer kleinschalige verkaveling zien (zie Afbeelding 4.6; links). In 1960 is reeds een aanvang gemaakt met de inrichting van het terrein ten behoeve van de bouw van het ziekenhuis (zie Afbeelding 4.6; rechts). De nieuwbouw van het ziekenhuis is pas op de topografische kaart van 1973 doorgevoerd (zie Afbeelding 4.7; links). In de jaren '80 en '90 van de 20e eeuw heeft uitbreiding van de bebouwing plaatsgevonden (zie Afbeelding 4.7).

Afbeelding 4.6 Luchtfoto 1949 (links) en 1960 (rechts) (bron: Provincie Flevoland https://kaart.flevoland.nl/luchtfoto/).

14 geraadpleegd via kaart.flevoland.nl/luchtfoto/ 15 geraadpleegd via topotijdreis.nl

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 16 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Afbeelding 4.7: Uitsnede topografische kaart 1973 (links) en 1994 (rechts) (bron:topotijdreis.nl).

4.3

Scheepswrakken

In de Noordoostpolder zijn tot op heden 180 scheepswrakken aangetroffen. In de Noordoostpolder zijn tijdens de drooglegging heel veel scheepswrakken aangetroffen, soms wel tien of meer per jaar. De trefkans om op een scheepswrak te stuiten was in de Noordoostpolder groter dan in de latere Flevopolders. In de Noordoostpolder bedroeg de drainage afstand 8 - 16 m ten opzichte van 24 - 28 m in Oostelijk en Zuidelijk Flevoland. Door tijdgebrek konden de wrakken niet altijd even grondig onderzocht worden. De meeste werden geruimd. 16 In de omgeving van het plangebied is reeds een scheepswrak aangetroffen (zie § 4.1.2). Ter plaatse van het plangebied zijn geen scheepswrakken geregistreerd. De aanwezigheid ervan kan echter niet worden uitgesloten.

4.4

Vliegtuigwrakken

Over het IJsselmeer liep in de Tweede Wereldoorlog een belangrijke vliegroute voor bombardementsvluchten op Duitsland. Tijdens de luchtgevechten zijn duizenden toestellen boven Nederland neergehaald, zowel aan Duitse als geallieerde zijde. In de Noordoostpolder zijn 29 vliegtuigen neergekomen. Tijdens het ontginnen van de polders zijn veel van deze vliegtuigen gevonden en geborgen. Vliegtuigwrakken liggen in principe ondiep, maar kunnen door de kracht van de inslag in diepere bodemlagen terechtgekomen zijn. Vliegtuigwrakken worden beschouwd als onderdeel van het cultureel erfgoed en vallen daarmee onder de Erfgoedwet. In de omgeving van Emmeloord zijn tot op heden twee vliegtuigwrakken aangetroffen.17 Deze liggen niet in de nabijheid van het plangebied. De aanwezigheid van een vliegtuigwrak ter plaatse van het plangebied kan echter niet geheel worden uitgesloten.

4.5

Archeologische verwachting

Het uitgevoerde onderzoek heeft geresulteerd in de volgende gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Op basis van de geomorfologische en bodemkundige gegevens en vondstlocaties in de omgeving kan worden gesteld dat voor het plangebied een middelhoge verwachting geldt voor resten uit (het begin van) de Steentijd, voor zover het dekzand niet aangetast is door erosie. Deze verwachting wijkt af van de gemeentelijke archeologische beleidskaart vanwege de provinciale waardering in de vorm van een aandachtsgebied. Er kunnen archeologische resten verwacht worden in de vorm van verspreide begraving, (periodieke) bewoning en landgebruik. Archeologische resten kunnen bestaan uit bewoningsresten in de vorm van grondsporen en voor de betreffende periode kenmerkend vondstmateriaal, zoals vuurstenen artefacten, houtskool en natuursteen. Eventuele archeologische resten bevinden zich op een verwachte diepte van circa 2 m beneden maaiveld, in de top van het onderliggende dekzand. Gezien de hydrologische condities in het plangebied is de verwachting dat de conservering van zowel organische als anorganische archeologische resten in de top van het dekzand goed is.

16 bron: https://www.flevolanderfgoed.nl/home/erfgoed/noordoostpolder-2/scheepswrakken.html 17 bron: https://stichtingongeland.nl/crashpalen/noordoostpolder/

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 17 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Het plangebied lag vanaf het ontstaan van het Flevomeer tot de inpoldering in 1942 ter plaatse van open water, hetgeen bewoningsmogelijkheden voor de periode vanaf de Bronstijd nihil maakt. Wel kunnen vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog en scheepswrakken verwacht worden in de mariene afzettingen en de top van de gyttja en veenafzettingen. Eventuele scheeps- en vliegtuigwrakken kunnen direct vanaf maaiveld verwacht worden. Gezien de verstoringen als gevolg van de bouw van het ziekenhuis is het te verwachten dat eventuele resten daar verstoord geraakt zijn. De kans dat onverstoorde archeologische waarden kunnen worden aangetroffen, wordt ter plaatse van de bebouwing zeer klein geacht. De verstoringen als gevolg van de aanleg van de kabels en leidingen reiken naar verwachting niet tot in de dekzandondergrond.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 18 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

5 Evaluatie en advies 5.1

Samenvatting en conclusie

Het plangebied en de directe omgeving bestaan uit zeekleigronden. In de ondergrond komt onder een veenpakket dekzand voor. De top van het dekzand wordt verwacht vanaf een diepte van circa 2 tot 3 m beneden maaiveld. In het plangebied hebben sinds het begin van het Holoceen vrijwel permanent vochtige condities geheerst, met uitzondering van de steentijd. In de loop van de steentijd nam de veenvorming een aanvang en breidde zich grootschalig uit. Het plangebied lag vanaf de IJzertijd ter plaatse van open water, respectievelijk het Flevomeer, het Aelmere en de Zuiderzee. Op basis van het bureauonderzoek kan worden gesteld dat voor het plangebied een middelhoge verwachting geldt voor archeologische resten uit de Steentijd, voor zover het dekzand niet aangetast is door erosie. In de top van intact dekzand kunnen archeologische resten verwacht worden in de vorm van verspreide begraving, (periodieke) bewoning en landgebruik. Archeologische resten kunnen bestaan uit bewoningsresten in de vorm van grondsporen en voor de betreffende periode kenmerkend vondstmateriaal, zoals vuurstenen artefacten, houtskool en natuursteen. In de afdekkende mariene afzettingen bestaat kans op het aantreffen van een scheeps- of vliegtuigwrak. De kans hierop wordt klein geacht, maar kan niet worden uitgesloten. Men dient rekening te houden met het feit dat het plangebied reeds deels bebouwd is.

Het is waarschijnlijk dat de bodem ter plaatse van de bebouwing verstoord is, mogelijk tot in de top van het dekzand. Ter plaatse van de kabels en leidingen worden geen diepe verstoringen verwacht.

5.2

Beantwoording onderzoeksvragen

Op basis van de resultaten van het onderzoek kunnen de onderzoeksvragen als volgt beantwoord worden: 1 Wat is de natuurlijke bodemopbouw van het plangebied? De ondergrond bestaat uit dekzand. Het dekzand wordt afgedekt door een pakket veen en gyttja met een tussenlaag van meerbodemafzettingen. De toplaag bestaat uit mariene klei. 2

Welke natuurlijke formatieprocessen hebben een rol gespeeld in het plangebied? Na de bodemvorming in het begin van het Holoceen heeft veenvorming plaatsgevonden, waardoor het pleistocene niveau is vastgelegd. Vervolgens trad een lange periode van invloed van (zee)water op, waarbij zowel erosie als sedimentatie plaatsvonden. De top van het pleistocene zand is daarbij mogelijk aangetast.

3

Wat is het historisch landgebruik van het plangebied geweest? Tot de inpoldering in 1942 was sprake van open water. Na de ontginning is het plangebied in eerste instantie in gebruik geweest als volkstuin. In de jaren '60 van de 20e eeuw is ter plaatse een ziekenhuis gebouwd, dat tot de dag van vandaag in gebruik is.

4

Welke culturele formatieprocessen hebben een rol gespeeld in het plangebied? n.v.t.

5

Is binnen het plangebied sprake van verstoringen, zo ja, wat is de aard en omvang hiervan? Ter plaatse van de bebouwing is de verwachting dat de bodem mogelijk tot in de top van het dekzand verstoord zal zijn. De verstoringen als gevolg van de aanleg van de kabels en leidingen reiken naar verwachting niet tot in de dekzandondergrond.

6

Welke gegevens met betrekking tot archeologische waarden zijn binnen het plangebied bekend? Er zijn nog geen archeologische waarden bekend in het plangebied.

7

Wat is de archeologische verwachting voor het plangebied? Er geldt een middelhoge verwachting voor resten uit de Steentijd in de top van het dekzand. Daarnaast kan de aanwezigheid van een scheeps-of vliegtuigwrak niet worden uitgesloten.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 19 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

5.3

Advies

Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek geldt een middelhoge verwachting voor het plangebied, met uitzondering van de locaties met bebouwing. Er wordt geadviseerd om een verkennend booronderzoek uit te voeren om de intactheid van de bodem(-opbouw) in kaart te brengen. De boringen dienen tot in de top van het dekzand te reiken om vast te stellen in hoeverre er sprake is van bodemvorming of erosie en/of verspoeling. Op basis van de gemeentelijke beleidsrichtlijnen18 kan in eerste instantie worden volstaan met een dichtheid van 3 boringen per hectare. Procedure Bovenstaand advies dient ter beoordeling voorgelegd te worden aan het bevoegd gezag, de gemeente Noordoostpolder. Het bevoegd gezag beslist over de aard en invulling van eventueel vervolgonderzoek. In afwachting van dat selectiebesluit kan men nog niet starten met de bodemverstorende activiteiten.

18 Ten Anscher 2018, § 8.4.6

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 20 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Literatuur en bronnen Literatuur Centraal College van Deskundigen, 2018. BRL SIKB 4000 Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie, versie 4.1. SIKB, Gouda.

Databases/kaartmateriaal Alterra, 2014. BRO Bodemkaart van Nederland 1:50.000 (Atom). Wageningen Environmental Research (Alterra), Wageningen. Alterra, 2017. BRO Geomorfologische kaart 1:50.000 (Atom). Wageningen Environmental Research (Alterra), Wageningen. Anscher, T.J. ten, 2018. Erfgoed in de polder! Actualisatie van de archeologische waarden- en verwachtingskaart van de gemeente Noordoostpolder. RAAP-RAPPORT 3155 – versie 24-01-2018. RAAP Archeologisch Adviesbureau, Weesp. Vos, P. & S. de Vries, 2013. 2e generatie palaeogeografische kaarten van Nederland (versie 2.0). Deltares, Utrecht. Op 18 januari 2017 gedownload van www.archeologieinnederland.nl. ● ● ●

Archis3 (AMK, onderzoeksmeldingen en vondstlocaties) Kadaster - KLIC https://kaart.flevoland.nl/luchtfoto/

Websites www.archeologieinnederland.nl www.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.ruimtelijkeplannen.nl www.topotijdreis.nl

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 21 van 21

Archeologisch onderzoek Dr. J.H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Bureauonderzoek

Bijlage 1: Overzicht archeologische perioden (deel-/sub)Periode Nieuwe Tijd

Afkorting

Alternatieve naam

Begin

Eind

Nieuwe Tijd C Nieuwe Tijd B

NTC NTB

Late Nieuwe Tijd Midden-Nieuwe Tijd

1850 n.Chr. 1650 n.Chr.

heden 1850 n.Chr.

Nieuwe Tijd A Middeleeuwen

NTA

Vroege Nieuwe Tijd

1500 n.Chr.

1650 n.Chr.

Late Middeleeuwen B Late Middeleeuwen A

LMEB LMEA

Late Middeleeuwen Volle Middeleeuwen

1250 n.Chr. 1050 n.Chr.

1500 n.Chr. 1250 n.Chr.

Vroege Middeleeuwen D VMED Vroege Middeleeuwen C VMEC

Ottoonse Tijd Karolingische Tijd

900 n.Chr. 725 n.Chr.

1050 n.Chr. 900 n.Chr.

Vroege Middeleeuwen B VMEB Vroege Middeleeuwen A VMEA Romeinse Tijd

Merovingische Tijd Merovingische Tijd

525 n.Chr. 450 n.Chr.

725 n.Chr. 525 n.Chr.

Laat-Romeinse Tijd B

ROMLB

350 n.Chr.

450 n.Chr.

Laat-Romeinse Tijd A ROMLA Midden-Romeinse Tijd B ROMMB

270 n.Chr. 150 n.Chr.

350 n.Chr. 270 n.Chr.

Midden-Romeinse Tijd A ROMMA Vroeg-Romeinse Tijd B ROMVB

70 n.Chr. 25 n.Chr.

150 n.Chr. 70 n.Chr.

Vroeg-Romeinse Tijd A IJzertijd

ROMVA

12 v.Chr.

25 n.Chr.

Late IJzertijd Midden-IJzertijd

IJZL IJZM

250 v.Chr. 500 v.Chr.

12 v.Chr. 250 v.Chr.

Vroege IJzertijd Bronstijd

IJZV

800 v.Chr.

500 v.Chr.

Late Bronstijd Midden-Bronstijd B

BRONSL BRONSMB

1100 v.Chr. 1500 v.Chr.

800 v.Chr. 1100 v.Chr.

Midden-Bronstijd A Vroege Bronstijd Neolithicum

BRONSMA BRONSV

1800 v.Chr. 2000 v.Chr.

1500 v.Chr. 1800 v.Chr.

Laat-Neolithicum B

NEOLB

2450 v.Chr.

2000 v.Chr.

Laat-Neolithicum A Midden-Neolithicum B

NEOLA NEOMB

2850 v.Chr. 3400 v.Chr.

2450 v.Chr. 2850 v.Chr.

Midden-Neolithicum A Vroeg-Neolithicum B

NEOMA NEOVB

4200 v.Chr. 4900 v.Chr.

3400 v.Chr. 4200 v.Chr.

Vroeg-Neolithicum A Mesolithicum

NEOVA

5300 v.Chr.

4900 v.Chr.

Laat-Mesolithicum Midden-Mesolithicum

MESOL MESOM

6450 v.Chr. 7100 v.Chr.

4900 v.Chr. 6450 v.Chr.

Vroeg-Mesolithicum Paleolithicum

MESOV

8800 v.Chr.

7100 v.Chr.

Laat-Paleolithicum B Laat-Paleolithicum A

PALEOLB PALEOLA

18.000 BP 35.000 BP

8.800 v.Chr. 18.000 BP

Midden-Paleolithicum Vroeg-Paleolithicum

PALEOM PALEOV

300.000 BP -

35.000 BP 300.000 BP

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Bijlage 12

Archeologisch inventariserend veldonderzoek

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

75

Archeologisch onderzoek Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

GRA-rapport 2020.20

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

Colofon Titel

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

Projectcode Versie Datum Auteur

GNO00520 Concept, 0.1 31-08-2020 M. Osinga (Senior KNA Prospector) & M. Reinders (KNA Archeoloog BSc)

Opdrachtgever

Gemeente Noordoostpolder Postbus 155 8300 AD Emmeloord

Uitvoerder

Telefoon Email Website Projectgegevens ISSN Zaak-ID Bevoegd gezag

Rapport beoordeeld door BG Beheer en plaats documentatie (gedurende onderzoek) Transito-depot Onderzoekslocatie Toponiem Plaats Gemeente Kadastrale aanduiding Centrumcoördinaten Oppervlakte Controle Paraaf goedkeuring

Greenhouse Advies bv Huismanstraat 6 6851 GT Huissen 026 2020606 archeologie@greenhouse-advies.nl www.greenhouse-advies.nl 2468-8258 4881663100 Gemeente Noordoostpolder mevr. J. Bijlsma T: 0527 633382 M: j.bijlsma@noordoostpolder.nl nog niet Greenhouse Advies bv Huismanstraat 6 6851 GT Huissen Wanraaij 31B 6673 DM Andelst

Adviseur bevoegd gezag mevr. M. Marinelli M: m.marinelli@noordoostpolder.nl

Urkerweg 1 Emmeloord Noordoostpolder NPO00 AZ 11690 en 7492 X = 179.110 / Y = 524.490 Ca. 4 ha P. Fijma (Senior KNA Prospector)

BRL-protocol ☐ 4003 Proefsleuvenonderzoek (IVO-P) ☐ 4003 Proefsleuvenonderzoek (IVO-P) - variant archeologische begeleiding ☒ 4003 Verkennend booronderzoek (IVO-O) ☐ 4004 Opgraven landbodems ☐ 4004 Opgraven landbodems - variant archeologische begeleiding

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 2 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

Inhoudsopgave 1

Inleiding.............................................................................................................................................. 4

1.1

Aanleiding .......................................................................................................................................... 4

1.2

Doelstelling en onderzoeksvragen .................................................................................................... 4

1.3

Werkwijze en leeswijzer ..................................................................................................................... 5

2

Beschrijving plangebied ..................................................................................................................... 6

2.1

Huidige situatie plangebied en onderzoeksgebied ............................................................................ 6

2.2

Toekomstig gebruik ........................................................................................................................... 7

3

Samenvatting bureauonderzoek ........................................................................................................ 8

3.1

Landschap ......................................................................................................................................... 8

3.2

Archeologie en historie ...................................................................................................................... 8

3.2.1

Tweede Wereldoorlog ........................................................................................................................ 8

3.3

Archeologische verwachting .............................................................................................................. 8

4

Inventariserend veldonderzoek........................................................................................................ 10

4.1

Werkwijze......................................................................................................................................... 10

4.2

Bodemopbouw ................................................................................................................................. 10

4.3

Reliëf ................................................................................................................................................ 11

4.4

Archeologie ...................................................................................................................................... 11

5

Evaluatie en advies .......................................................................................................................... 12

5.1

Conclusie en samenvatting.............................................................................................................. 12

5.2

Beantwoording onderzoeksvragen .................................................................................................. 12

5.3

Advies .............................................................................................................................................. 12

Literatuur .......................................................................................................................................................... 13

Bijlagen Bijlage 1: Overzicht archeologische perioden Bijlage 2: Locatie boringen Bijlage 3: Boorstaten

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 3 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

1 Inleiding 1.1

Aanleiding

In opdracht van Gemeente Noordoostpolder is door Greenhouse Advies B.V. voorliggend archeologisch onderzoek opgesteld voor het plangebied Dr. J.H. Jansencentrum aan Urkerweg 1 te Emmeloord. Het onderzoek heeft bestaan uit een inventariserend veldonderzoek. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen herontwikkeling tot woonlocatie. Bij de toekomstige bodemingrepen kunnen eventueel aanwezige archeologische waarden worden verstoord of vernietigd. Conform het reeds uitgevoerde bureauonderzoek1 dient een inventariserend veldonderzoek door middel van boringen uitgevoerd te worden om de gespecificeerde archeologische verwachting te toetsen. Het plangebied is weergegeven op Afbeelding 1.1. Het onderzoek is uitgevoerd conform het opgestelde Plan van Aanpak (PvA) d.d. 03-08-2020.2

Afbeelding 1.1: Luchtfoto van het plangebied te Emmeloord (bron: PDOK).

1.2

Doelstelling en onderzoeksvragen

Het doel van het onderzoek is het toetsten van de archeologisch verwachting zoals die gebleken is uit het reeds uitgevoerde bureauonderzoek. Het resultaat is een standaardrapport op basis waarvan een beslissing genomen kan worden ten aanzien van (eventueel) vervolgonderzoek en de vorm daarvan. Om deze doelstelling te kunnen realiseren, dienen conform het PvA2 de volgende vragen te worden beantwoord: 1 Wat is de (natuurlijke) bodemopbouw van het plangebied? 2 In hoeverre is er sprake van antropogene lagen in het plangebied? 3 Is binnen het plangebied sprake van verstoringen? Zo ja, wat is de aard en omvang hiervan? 4 Wat is de aard en omvang van archeologische resten die tijdens het veldonderzoek zijn aangetroffen? 1 2

Osinga 2020a. Osinga 2020b. Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 4 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

1.3

Werkwijze en leeswijzer

Het archeologisch onderzoek is uitgevoerd conform de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA), versie 4.1. Op basis van de archeologisch verwachting, die is voortgekomen uit het reeds uitgevoerde bureauonderzoek, heeft toetsing in het veld plaatsgevonden. Het rapport is opgebouwd uit de hieronder genoemde hoofdstukken: Hoofdstuk 2: Beschrijving plangebied Hoofdstuk 3: Samenvatting bureauonderzoek Hoofdstuk 4: Inventariserend veldonderzoek Hoofdstuk 5: Evaluatie en advies Voor de in dit rapport gebruikte archeologische tijdsaanduidingen wordt verwezen naar Bijlage 1. Alle kaarten in de rapportage zijn noordgericht tenzij anders aangegeven.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 5 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

2 Beschrijving plangebied 2.1

Huidige situatie plangebied en onderzoeksgebied3

De begrenzing van het onderzoeksgebied komt overeen met de begrenzing van het plangebied zoals weergegeven op Afbeelding 1.1 en Afbeelding 2.2. Het plangebied wordt gevormd door het voormalige ziekenhuis van Emmeloord; het Dr. Jansencentrum, inclusief het omliggende terrein. Het Dr. Jansencentrum Emmeloord wordt, sinds het faillissement van de MC Groep in november 2018, uitsluitend gebruikt voor het uitvoeren van de eerstelijnszorg. De gemeente Noordoostpolder wil elders een nieuw gezondheidsplein ontwikkelen voor de eerstelijnszorg waardoor de locatie van het Dr. Jansencentrum vrijkomt voor herontwikkeling tot woonlocatie. Het plangebied ligt ten zuiden van de Urkerweg. De inrichting bestaat uit een hoofdgebouw met bijgebouwen. Het omliggende terrein is deels bestraat om als parkeerplaats te dienen. Het zuidwestelijke gedeelte van het terrein is ingericht als park/tuin.

Afbeelding 2.1: Huidige situatie Dr. Jansencentrum gezien vanuit de lucht richting het zuidwesten (bron: L. de Graaff via https://www.emmeloord.info/ziekenhuis).

3

Grotendeels overgenomen uit het bureauonderzoek (Osinga 2020a). Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 6 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

Afbeelding 2.2: Topografische kaart van het plangebied te Emmeloord (bron: Opentopo).

2.2

Toekomstig gebruik

Het plangebied zal omgevormd worden tot woonlocatie. De exacte omvang van de daarmee gepaard gaande bodemingrepen is vooralsnog onbekend.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 7 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

3 Samenvatting bureauonderzoek Voor het plangebied is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd.1 De resultaten hiervan worden in de navolgende paragrafen beknopt weergegeven.

3.1

Landschap

De basis van de afzettingen in het plangebied wordt gevormd door materiaal dat is afgezet in het Pleistoceen, bestaande uit dekzand dat op circa 2 tot 3 m beneden maaiveld voorkomt. Het pleistocene landschap wordt afgedekt door materiaal dat in het Holoceen is achtergebleven. Vanaf het begin van het Holoceen was sprake van uitgebreide veenvorming, waarbij na verloop van tijd ook open water ontstond. Vanaf de Romeinse Tijd ontstond een merencomplex dat Flevomeer genoemd wordt. In de vroege Middeleeuwen kwam een eerste open verbinding met de zee tot stand. De binnenzee die ontstond, wordt Aelmere genoemd. In de loop van de Middeleeuwen breidde de binnenzee zich uit en werd de verbinding met de zee breder. Zo ontstond de Zuiderzee, die tot het aanleggen van de Afsluitdijk in 1932 bleef bestaan. Op de meer- en zeebodem vonden periodiek en lokaal processen van sedimentatie en erosie plaats. Het plangebied lag vanaf het ontstaan van het Flevomeer tot de inpoldering in 1942 ter plaatse van open water.

3.2

Archeologie en historie

Binnen het plan- en onderzoeksgebied zijn geen terreinen van archeologische waarde aanwezig. Er liggen geen vondstlocaties binnen het plangebied zelf. In de directe omgeving van het plangebied is sprake van twee vondstlocaties, bestaande uit een vindplaats van een bijl en scherven aardwerk en een vindplaats van een scheepswrak. De aanwezigheid van een scheepswrak ter plaatse van het plangebied kan niet worden uitgesloten. Na de eerste ontginning na de inpoldering in 1942 was het plangebied korte tijd in gebruik als volkstuinencomplex aan de rand van de toenmalige bebouwing van Emmeloord. Het ziekenhuis dat hierna ter plaatse van het plangebied gebouwd werd, werd in 1964 in gebruik genomen. In de jaren '80 en '90 van de 20e eeuw heeft uitbreiding van de bebouwing plaatsgevonden.

3.2.1

Tweede Wereldoorlog

Over het IJsselmeer liep in de Tweede Wereldoorlog een belangrijke vliegroute voor bombardementsvluchten op Duitsland. Tijdens de luchtgevechten zijn duizenden toestellen boven Nederland neergehaald. In de omgeving van Emmeloord zijn tot op heden twee vliegtuigwrakken aangetroffen. Deze liggen niet in de nabijheid van het plangebied. De aanwezigheid van een vliegtuigwrak ter plaatse van het plangebied kan echter niet geheel worden uitgesloten.

3.3

Archeologische verwachting

De archeologische verwachting wordt in het bureauonderzoek1 als volgt verwoord: Op basis van de geomorfologische en bodemkundige gegevens en vondstlocaties in de omgeving kan worden gesteld dat voor het plangebied een lage verwachting geldt voor resten uit (het begin van) de Steentijd, voor zover het dekzand niet aangetast is door erosie. Er kunnen archeologische resten verwacht worden in de vorm van verspreide begraving, (periodieke) bewoning en landgebruik. Archeologische resten kunnen bestaan uit bewoningsresten in de vorm van grondsporen en voor de betreffende periode kenmerkend vondstmateriaal, zoals vuurstenen artefacten, houtskool en natuursteen. Eventuele archeologische resten bevinden zich op een verwachte diepte van circa 2 m beneden maaiveld, in de top van het onderliggende dekzand. Gezien de hydrologische condities in het plangebied is de verwachting dat de conservering van zowel organische als anorganische archeologische resten in de top van het dekzand goed is.

Projectcode: GNO00520 Versie: Concept, 0.1

Pagina 8 van 13

Dr. H. Jansencentrum, Urkerweg 1 te Emmeloord Inventariserend veldonderzoek (IVO-O)

Het plangebied lag vanaf het ontstaan van het Flevomeer tot de inpoldering in 1942 ter plaatse van open water, hetgeen bewoningsmogelijkheden voor de periode vanaf de Bronstijd nihil maakt. Wel kunnen vliegtuigwrakken uit de Tweede Wereldoorlog en scheepswrakken verwacht worden in de mariene afzettingen en de top van de gyttja en veenafzettingen. Eventuele scheeps- en vliegtuigwrakken kunnen direct vanaf maaiveld verwacht worden. Gezien de verstoringen als gevolg van de bouw van het ziekenhuis is het te verwachten dat eventuele resten daar verstoord geraakt zijn. De kans dat onverstoorde archeologische waarden kunnen worden aangetroffen, wordt ter plaatse van de bebouwing zeer klein geacht. De verstoringen als gevolg van de aanleg van de kabels en leidingen reiken naar verwachting niet tot in de dekzandondergrond.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2015/documents/33650