CConstaterende datNoordoostpolder
Koppel je AI →
Document · PDF

9.1 Bestemmingsplan Emmeloord Dokter Jansenpark 13022023 VA_Deel1.pdf

Commissie Woonomgeving 20 maart 2023, gemeente NoordoostpolderBij agendapunt: 9: Bestemmingsplan ‘Emmeloord, Dokter Jansenpark’27.955 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

5.8.2

Situatie plangebied

5.8.2.1 Artikel 2.8 lid 1 van de Wet Natuurbescherming Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied is op ten minste 13,4 kilometer van het plangebied gelegen. Zoals in paragraaf 5.6.2.2 en bijlage 7 (stikstofonderzoek) van deze toelichting is beschreven is er voor zowel de aanlegfase als de gebruiksfase geen sprake van een stikstofdepositie met significant negatieve effecten heeft op de instandhoudingsdoelstelling van Natura 2000-gebieden. Het voornemen is in het kader van de Wet natuurbescherming, ten aanzien van de effecten van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden, niet vergunningsplichtig.

5.8.2.2 Drempelwaarden Besluit m.e.r. Voor wat betreft het gehele plangebied wordt voorzien in directe eindbestemmingen waardoor, indien activiteiten worden mogelijk gemaakt die genoemd worden in onderdeel C of D van het Besluit m.e.r. en de daarin opgenomen drempelwaarden overschrijden, sprake is van een m.e.r-beoordelingsplichtig plan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

47

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld In het voorliggende geval is geen sprake van activiteiten die op grond van onderdeel C van het Besluit milieueffectrapportage m.e.r.-plichtig zijn. Wel is sprake van een activiteit die is opgenomen in onderdeel D van het Besluit m.e.r., namelijk: ‘de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject.’ Aangezien hier in dit geval sprake van is dient te worden getoetst of sprake is van m.e.r-beoordelingsplicht. Hier is sprake van indien de activiteiten de volgende drempelwaarden uit onderdeel D overschrijden: 1. 2. 3.

een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.

Gezien de drempelwaarden wordt geconcludeerd dat de in voorliggend bestemmingsplan besloten ontwikkeling van een significant kleiner schaalniveau is. Van een directe m.e.r.-plicht is in dit geval geen sprake. Echter dient ook wanneer ontwikkelingen onder drempelwaarden blijven, het bevoegd gezag zich er van te vergewissen of activiteiten geen aanzienlijke milieugevolgen kunnen hebben. Hiertoe is een vormvrije m.e.rbeoordeling opgesteld, deze is opgenomen in bijlage 13 bij deze toelichting. Uit deze notitie blijkt dat voorliggend bestemmingsplan geen belangrijke nadelige milieugevolgen tot gevolg heeft die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maakt.

5.8.3

Conclusie

Dit bestemmingsplan is niet m.e.r.-(beoordelings)plichtig. Tevens zijn geen belangrijk nadelige milieugevolgen te verwachten als gevolg van de vaststelling van dit plan.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

48

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

HOOFDSTUK 6 6.1

WATERASPECTEN

Algemeen

In het moderne waterbeheer (waterbeheer 21e eeuw) wordt er gestreefd naar duurzame, veerkrachtige watersystemen met minimale risico's op wateroverlast of watertekorten. Belangrijk instrument hierbij is de watertoets, die sinds 1 november 2003 in ruimtelijke plannen is verankerd. Het doel van de watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater).

6.2

Beleidskaders

6.2.1

Waterbeheerprogramma 2022-2027

Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 bevat de doelen van het waterschap Zuiderzeeland voor de komende planperiode en beschrijft op hoofdlijnen welke maatregelen het waterschap neemt om deze doelen te behalen. De doelen en maatregelen hebben betrekking op de kerntaken van het waterschap (waterveiligheid, schoon water, voldoende water). Hierbij gaat het om reguliere werkzaamheden, zoals peilbeheer, onderhoud aan dijken en het zuiveren van afvalwater en om nieuwe ontwikkelingen.

6.2.2

Stroomgebiedsvisie Flevoland (2003)

De Noordoostpolder is gelegen binnen het plangebied van de stroomgebiedsvisie Flevoland. In de watervisie voor 2015 wordt het plangebied aangeduid als een gebied met een vitaal watersysteem. Voor de gemeente Noordoostpolder zijn de wateropgaven onderverdeeld in een aantal generieke maatregelen en in de resterende wateropgave. De generieke maatregelen houden onder andere in: • • •

afvoerblokkering in natuurgebieden; vasthouden van water in natuurgebieden en landbouwgebied; realisatie van duurzame oevers.

Oplossingsrichtingen voor de resterende wateropgave zijn onder andere bergen in open water en efficiënt uitmalen.

6.2.3

Beleid gemeente Noordoostpolder en waterschap Zuiderzeeland

De watervisie van de gemeente Noordoostpolder is opgenomen in het Stedelijk Waterplan Noordoostpolder (d.d. april 2006). Ten aanzien van het Stedelijk Waterplan is als aanvulling op dit plan, in 2011 door het waterschap Zuiderzeeland en de gemeente Noordoostpolder een bestuurlijke ‘Maatwerkovereenkomst stedelijk water’ ondertekend. Door ondertekening van deze bestuursovereenkomst zijn tussen de waterbeheerder en de gemeente afspraken gemaakt over de invulling van de gezamenlijke taakuitoefening voor het beheer en onderhoud van het stedelijk water. De beoogde doelen op strategisch, tactisch en operationeel niveau ten aanzien van het stedelijk water zijn daarbij beter verankerd. Waterschap Zuiderzeeland en de gemeente Noordoostpolder hebben begin 2019 samen het Watertakenplan Noordoostpolder 2019-2024 vastgesteld. Op grond van de Waterwet is er voor gemeenten, naast het inzamelen en transporteren van vrijkomend stedelijk afvalwater een formele taak weggelegd voor het afvoeren van overtollig regenwater. In zoverre het inzamelen en transporteren van relatief schoon regenwater buiten de afvalwaterstroom doelmatig kan worden uitgevoerd, vindt deze gescheiden van de afvoer van het stedelijk afvalwater plaats. Het ‘gebiedseigen

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

49

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld water’ wordt op plaatsen waarvoor mogelijkheden aanwezig zijn, vastgehouden en geborgen in aanwezig stedelijk water en/of retentiestroken. Het bergen en vasthouden van regenwater op locatie mag niet leiden tot (water)overlast. Tot slot heeft de gemeente een watertaak waterhuishoudkundige maatregelen te treffen om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming(en) zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Voor zover gemeentelijke maatregelen doelmatig zijn en het niet de verantwoordelijkheid van het Waterschap of de provincie is om maatregelen te nemen. In de Keur van het waterschap Zuiderzeeland, onderdeel uitmakend van de Waterwet, is aangegeven wat wel en niet mag bij waterkeringen en wateren (de zogenaamde waterstaatswerken).

6.3

Watertoetsproces

6.3.1

Algemeen

Het waterbelang is sinds 1 november 2003 door middel van de Watertoets verankerd in het ‘Besluit ruimtelijke ordening’. In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) zijn dertien nationale belangen genoemd, deels op het gebied van water. Basisprincipes van het nationaal en Europees beleid zijn: meer ruimte voor water, voorkomen van afwenteling van de waterproblematiek in ruimte of tijd en stand-still (géén verdere achteruitgang in de huidige chemische en ecologische waterkwaliteit). Het bovenstaande resulteert in twee drietrapsstrategieën: • •

Waterkwantiteit (vasthouden, bergen, afvoeren); Waterkwaliteit (schoonhouden, scheiden, zuiveren).

De waterparagraaf maakt inzichtelijk hoe het vigerend waterbeleid is vertaald naar waterhuishoudkundige inrichtingsmaatregelen, waarmee rekening moet worden gehouden bij het uitbreiden van woningbouw in Emmeloord. Bij de inrichting van de stedenbouwkundige inrichting van dit uitbreidingsplan is rekening gehouden met de wijze waarop op deze locaties wordt omgegaan met water ten aanzien van: 1. 2. 3.

6.3.2

Veiligheid; Voldoende water; Schoon water.

Proces van de Watertoets

Voor het plan is een digitale watertoets uitgevoerd. De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de normale procedure van toepassing is. De uitgangspuntennotitie (bijlage 14) bevat de voor het plan relevante waterhuishoudkundige streefbeelden, strategieën en randvoorwaarden. Daarnaast is door Roelofs Groep een waterstructuurplan opgesteld. Het waterstructuurplan is opgenomen in bijlage 15 van deze toelichting. De gemeente heeft het waterschap vroegtijdig benaderd voor informeel vooroverleg. Het waterstructuurplan is in deze fase afgestemd met en geaccordeerd door het waterschap. Hierna wordt ingegaan op de relevante wateraspecten waarin tevens de belangrijkste resultaten en bevindingen uit het waterstructuurplan zijn opgenomen.

Beschrijving van het watersysteem 1.

Gebiedsbeschrijving

Hoogteligging Het plangebied wordt gekenmerkt kent relatief grote verschillen in maaiveldhoogten voor de omgeving. De maaiveldhoogte varieert van NAP – 4,50 m, ter hoogte van de parkeerplaats centraal gelegen in het plangebied, tot NAP – 1,30 m, ter hoogte van het terrein rond het meest oostelijk gelegen gebouw. De Urkerweg ligt op ca. NAP – 3,80 m en de Kometenlaan op ca. NAP – 3,80 m tot NAP – 4,20 m. In de

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

50

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld toekomstige situatie wordt een gemiddeld maaiveldniveau van NAP – 3,50 m voorgesteld. In deze rapportage zal het voorgestelde maaiveldniveau getoetst worden. Oppervlaktewater Ten westen van het plangebied bevindt zich een waterloop die in zuidelijke richting afvoert naar de Urkervaart. Het plangebied zal in de toekomst in oostelijke richting afvoeren naar de Espelervaart. Conform de legger van het Waterschap Zuiderzeeland bedraagt zowel het zomer- als het winterpeil binnen het plangebied NAP - 5,70 m. Dit zijn tevens de zomer- en winterpeilen in de Espelervaart. Het maximaal toelaatbaar peil in de Espelervaart bedraagt NAP - 4,70 m volgens de leggergegevens van het waterschap Zuiderzeeland, al wordt dit peil in de praktijk nooit gehaald omdat dan elders in Emmeloord al inundatie optreedt. Riolering bestaande situatie De bestaande riolering in de omgeving van het plangebied bestaat voor het merendeel uit gemengde riolering. In de huidige situatie wordt het gemengde afvalwater van het Medisch Centrum Emmeloord in noordelijke richting afgevoerd naar een gemengd riool in De Balkan met een diameter Ø 300 mm (b.o.b. NAP – 5,15 m). Dit gemengde rioolstelsel heeft een overstort op de Espelervaart (t.h.v. de Kaukasus 18).

Aan de westkant van het plangebied, in de Kometenlaan, ligt een Ø 500 mm riolering, met een afvoerrichting in noordwestelijke richting. Dit gemengde rioolstelsel heeft een overstort op de Zwolsevaart (t.h.v. de Capellastraat 26). De b.o.b.’s liggen rond de NAP – 6,30 m (afhankelijk van welke put).

2.

Veiligheid/Waterkeringen

Het plan ligt niet in een beschermingszone van een primaire waterkering. Daarom is het plan niet van invloed op de veiligheid van een waterkering.

3.

Voldoende Water

Principe waterhuishouding In afbeelding 6.1 en 6.2 is het principe van de waterhuishouding ter plaatse van het plangebied weergegeven.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

51

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Afbeelding 6.1

Principe waterhuishouding plangebied (Bron: IMOSS)

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

52

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Afbeelding 6.2

Principe afwatering plangebied (Bron: IMOSS)

Streefbeeld: Het watersysteem, zowel in landelijk als in stedelijk gebied, is op orde. Het hele beheergebied voldoet aan de vastgestelde normen. Uitgangspunt: Het waterschap streeft naar een robuust watersysteem dat de effecten van toekomstige klimaatveranderingen en bodemdaling kan opvangen. De planontwikkeling is gelegen in een watersysteem dat op basis van de toetsing in 2012 voldoet aan de normering voor wateroverlast. Een dergelijk systeem kan het water verwerken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. De beleidsregel ‘Compensatie toename verhard oppervlak en versnelde afvoer’ is begin 2013 door het waterschap vastgesteld. Vanaf het moment van vaststelling van de beleidsregels is de situatie van het beheergebied op dat moment het referentiekader geworden, oftewel de nulsituatie. De compensatieplicht geldt zodanig voor de netto toename van het verhard oppervlak voor een bouwvlak sinds begin 2013.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

53

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld Plan specifiek: Voor het ontwikkelen van uitbreiding in het plangebied wordt het principe ‘waterneutraal bouwen’ gevolgd. Bij toename van het verhard oppervlak ten opzichte van de bestaande situatie, moet rekening worden gehouden met compenserende maatregelen om piekafvoeren te kunnen opvangen. Hemelwater wordt op groene daken gebufferd. Deze groene daken hebben een overloop op greppels die rondom de gebouwen worden aangelegd. De greppels hebben een overloop naar goten die afvoeren naar een waterbufferzone die centraal in het plan ligt. Deze bufferzone heeft een knijpconstructie richting de Espelervaart. Idealiter infiltreert een deel van het af te voeren water in de greppels en in de bufferzone. Uit het aanvullende doorlatendheidsonderzoek moet blijken of dit ook mogelijk is. Het regenwater van de verhardingen wordt op verschillende manieren opgevangen en afgevoerd. Op de primaire routes kan het water via de voegen deels infiltreren in het wegcunet en afstromen naar goten. Op de secundaire en tertiaire routes komt halfverharding, waardoor meer water kan infiltreren. Het te veel aan water stroomt via de goten af naar de waterbufferzone en greppels.

De knijpconstructie naar de Espelervaart krijgt een doorlaat met een afvoercapaciteit die maximaal gelijk is aan de landelijke afvoernorm van 13,5 mm/dag (1,5 l/s/ha) gerekend over het bruto plangebied van 4,7 ha, ofwel 7,05 l/s. Overwogen moet worden om de drain onder de waterbufferzone rechtstreeks op de vaart te laten afvoeren, om hiermee de maximaal toelaatbare afvoercapaciteit (volgens de landelijke afvoernorm) uit de waterbufferzone te laten plaatsvinden. Compensatie In het ‘Waterkader voor ruimtelijke plannen’ d.d. 11-07-2013 schetst het Waterschap Zuiderzeeland de kaders voor nieuwbouwplannen. In het rapport zijn kaarten opgenomen waarin de compensatie van de netto toename van de verharding per peilgebied is weergegeven. Voor het Dokter Jansenterrein geldt een compensatie van 5,5%. Deze norm geldt echter voor de aanleg van nieuw oppervlaktewater in nieuwe plannen en gaat over de compensatie van de toename van het verhard oppervlak. Daar is in dit plan geen sprake van: de waterbufferzone is geen oppervlaktewater en er is geen sprake van een toename van verhard oppervlak. In dat geval dient er volgens het waterschap een maatwerkberekening gemaakt te worden. Uitgegaan dient te worden van het 2050-upper klimaatscenario met een herhalingstijd van één keer in de 100 jaar. Dit betreft een gebeurtenis van 103 mm in 34 uur.

Hierbij is al rekening gehouden met de landelijke afvoer van 13,5 mm/dag door de knijpconstructie. Er dient 103 mm geborgen te kunnen worden. Bij een nog extremere gebeurtenis dan deze T=100 gebeurtenis, mag het water ongelimiteerd afvoeren naar het watersysteem, in dit geval de Espelervaart. Berging In afbeelding 6.3 en daaropvolgende tabel is het toekomstig verhard oppervlak binnen het plangebied weergegeven conform het stedenbouwkundig plan. In totaal is er in de toekomst 2,33 ha verhard oppervlak binnen het plangebied aanwezig. In de huidige situatie is binnen het plangebied circa 3 ha verhard oppervlak aanwezig. Van de toekomstige 2,33 ha verhard oppervlak komt 2,15 ha tot afvoer op de voorgenomen infiltratievoorzieningen. De parkeerplaatsen zullen uitgevoerd worden als halfverharding en komen niet tot afstroming richting infiltratievoorziening. Er wordt vanuit gegaan dat het regenwater bij de halfverharding infiltreert. Open verharding (klinkers, trottoirs, BSS) en gesloten verharding (asfalt, beton) worden voor 100% meegenomen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

54

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Afbeelding 6.3

Afvoerende oppervlakken en infiltratievoorzieningen (Bron: IMOSS)

Zoals eerder benoemd en onderbouwd wordt er voor dit plan een bergingseis van 103 mm (T=100 in 2050) gehanteerd. Uitgangpunt hierbij is de berging tot aan maaiveld ingezet kan worden om te voldoen aan deze bergingseis. Er mag geen inundatie berekend worden. Uitgangpunt voor het ontwerpen van groene daken bij nieuwbouw is dat berging minimaal 50 mm bedraagt. Door het waterschap is voorgesteld de waterberging in een verhouding van ongeveer 30% berging op daken en 70% in de retentie mee te tellen. Voor het gehele verhard oppervlak van 2,15 ha en een bergingseis van 103 mm bedraagt de bergingsopgave 2.213 m³. Op basis van een dakoppervlak van 1,06 ha en uitgaande van 50 mm berging, is op het dak 529 m³ te benutten. De te behalen berging in de waterbufferzone bedraagt dus 1.684 m³. De verhouding is dan dat 27% van de berging op het dak aanwezig is en 73% in de waterbufferzone. De waterbufferzone krijgt een talud 1:3, een diepte van 0,90 m (bodem op NAP - 4,40 m) en de overstort naar de Espelervaart op 0,20 m - MV (NAP - 3,70 m). Er zal in dat geval maximaal 0,70 m water in de waterbufferzone staan. Op basis van het stedenbouwkundig plan en de geprojecteerde waterbufferzone is berekend wat de berging in de waterbufferzone is. Het resultaat van de berekening in weergegeven in onderstaande tabel.

De eventuele berging in de greppels rondom de gebouwen waarmee het water naar de waterbufferzone wordt afgevoerd, is na overleg met de gemeente niet meegerekend.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

55

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

Uit de berekening blijkt dat de waterbufferzone net niet voldoet aan de bergingsopgave van 1.684 m 3. De waterbufferzone zou 237 m3 meer water moeten bergen om te voldoen aan de bergingseis. Een deel van de resterende berging is te vinden in de greppels (niet meegerekend). Daarnaast is bovengenoemde berging bepaald op basis van schetsmatige ontwerpen. Ook de 50 mm op het dak zal geen exact getal zijn, maar is een indicatie van wat gevraagd gaat worden aan de ontwikkelaar. Wellicht is het mogelijk om de dimensies van waterbufferzone iets aan te passen waardoor de resterende kubieke meters alsnog behaald worden. Denk hierbij aan het aanpassen van het talud (iets steiler), de diepte van bodem of de omvang van de waterbufferzone. Geadviseerd wordt om onder de waterbufferzone grondverbetering toe te passen (zie voorbeeld afbeelding 6.4). Het hemelwater kan via de toe te passen grondverbetering infiltreren en afvoeren naar een drain die in een sleuf met goed doorlatend materiaal is gelegd. De drain ligt op ca. 0,50 m beneden de bodem van de waterbufferzone (NAP – 4,90 m). De drain kan onder vrijverval afvoeren naar de Espelervaart en ligt boven GHG. De drain zorgt voor een afvoercapaciteit die maximaal gelijk is aan de landelijke afvoernorm, er is dan geen knijpconstructie nodig.

Afbeelding 6.4

Opbouw waterbufferzone (Bron: Amsterdam Rainproof)

Anticiperen op watertekort Het waterschap wil een robuust watersysteem dat voorbereid is op de effecten van toekomstige klimaatveranderingen. Nieuwe watersystemen dienen dusdanig ingericht te worden dat ze zelfvoorzienend zijn en niet (te veel) afhankelijk zijn van aanvoerwater.

4.

Schoon water

Goede oppervlaktewaterkwaliteit

Het grond- en oppervlaktewater biedt leef-, verblijf-, en voortplantingsmogelijkheden voor (aquatische) flora en fauna in het beheergebied. De chemische toestand van deze wateren vormt hier geen belemmering voor. Om verontreiniging van afstromend hemelwater, oppervlaktewater en grondwater te voorkomen zal duurzaam bouwen als uitgangspunt worden nagestreefd. Dit houdt concreet in het zoveel mogelijk voorkomen van het gebruik van uitlogende materialen zoals lood, zink, koper, bitumineuze materialen en geïmpregneerd hout.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

56

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld Goed omgaan met afvalwater

Veel menselijke activiteiten hebben een negatief effect op de kwaliteit van het oppervlaktewater doordat ze water verontreinigen. Het waterschap zorgt met de regulering of behandeling van afvalwater dat zo veel mogelijk van deze effecten teniet worden gedaan. Verontreiniging van het oppervlaktewater door afvalwater (huishoudelijk afvalwater, vervuild hemelwater en bedrijfsafvalwater) wordt voorkomen. Gezien de voorgenomen fasering en omdat de centrale waterbufferzone lager ligt, heeft de gemeente Noordoostpolder de voorkeur om fase 2 en 3 aan te sluiten op het gemengde rioolstelsel aan de Kometenlaan. Fase 1, 4 en 5 worden dan aangesloten op het gemengde rioolstelsel van De Balkan (op de bestaande aansluiting van het ziekenhuis aan de noordzijde van de Urkerweg).

Afbeelding 6.5

Fasering (Bron: IMOSS)

Het verhard oppervlak van de wijk Espelervaart (ten westen van het plangebied) wordt in de komende jaren afgekoppeld. Op dit moment is er sprake van enkele knelpunten tijdens extreme neerslag. Na het afkoppelen van verhard oppervlak zullen deze problemen naar verwachting verholpen zijn. De verwachting is dat de DWAbelasting van de ca. 300 nieuwe woningen weinig invloed zal hebben op het functioneren van het rioolstelsel in de wijken Espelervaart en Revelsant. Uitgaande van 293 woningen, gemiddeld 2,5 inwoner per woning en een afvalwaterproductie van 12 liter per inwoner per uur kan gerekend worden op een afvalwaterstroom van circa 9 m³/uur. Dit zal naar verwachting minder zijn dan de afvalwaterproductie van het voormalige Medisch Centrum. Voor de terreinriolering kan worden uitgegaan van PVC-riolen met diameter Ø 250 mm. Voor het afschot van de buizen dient rekening gehouden te worden met 1:250. De minimale dekking op de buis is 1,20 m. 5.

Conclusie

Met inachtneming van het vorenstaande vormt het aspect water geen belemmering voor de in dit plan besloten ontwikkeling.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

57

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

HOOFDSTUK 7 7.1

JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING

Inleiding

In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.

7.2

Opzet van de regels

7.2.1.

Algemeen

In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.

7.2.2

Inleidende regels (begripsbepalingen en wijze van meten); Bestemmingsregels; Algemene regels (o.a. afwijkingsregels); Overgangs- en slotregels.

Algemene regels

Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: •

Begrippen (Artikel 1)

In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd. •

Wijze van meten (Artikel 2)

Dit artikel geeft onder meer bepalingen waar mag worden gebouwd en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden. De op de verbeelding of in de regels aangegeven bouwhoogte wordt gemeten vanaf peil tot het hoogste punt (exclusief ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen).

7.2.3

Bestemmingsregels

Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.: •

Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan;

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

58

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld • •

7.2.4

Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bebouwingshoogte, bebouwingspercentage, etc.); Specifieke gebruiksregels: omschrijving van gebruiksactiviteiten die niet zijn toegestaan.

Algemene regels

Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit:

7.2.5

•

Anti-dubbeltelregel (Artikel 8) Deze regel is opgenomen om een ongewenste verdichting van de bebouwing te voorkomen. Deze verdichting kan zich met name voordoen, indien een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage.

•

Algemene gebruiksregels (Artikel 9) Deze regel is opgenomen om aan te geven welk gebruik in elk geval strijdig is met de aan de grond gegeven bestemming;

•

Algemene aanduidingsregels (Artikel 10) In de algemene aanduidingsregels is een wetgevingzone opgenomen. De wetgevingzone heeft betrekking op bepaalde gebieden binnen het plangebied waar een wijzigingsbevoegdheid op van toepassing is. Het gaat in voorliggend geval om de ‘wetgevingzone – wijzigingsgebied’. In paragraaf 7.3 wordt hier nader bij stilgestaan.

•

Algemene afwijkingsregels (Artikel 11) In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken.

•

Overige regels (Artikel 12) In dit artikel is aangegeven dat de wettelijke regeling waarnaar in de regels van het plan wordt verwezen, gelden zoals deze luiden op het moment van vaststelling van het plan. Daarnaast zijn er regels opgenomen omtrent parkeren.

Overgangs- en slotregels

In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregels wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.

7.3

Verantwoording van de regels

Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

59

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld Bos (Artikel 3) Gronden waar reeds bos of (hoog-)opgaande afschermende beplanting aanwezig is of gaat komen zijn de gronden voorzien van de bestemming ‘Bos’. De voor ‘Bos’ aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor bos, (hoog-)opgaande afschermende beplanting, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, ontsluitingswegen, voet-, rijwiel- en ruiterpaden. Binnen deze bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. De maximale bouwhoogte hiervoor bedraagt 2,5 meter. Groen (Artikel 4) Daar waar binnen het plangebied groen is beoogd, maar geen sprake is van bos of slechts incidenteel sprake is van opgaande en afschermende beplanting, zijn de gronden voorzien van de bestemming ‘Groen’. Het gaat hierbij met name om de delen tussen de bebouwingsclusters. De voor ‘Groen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, kunstwerken, nutsvoorzieningen, evenementen, water, waterhuishoudkundige voorzieningen en wadi’s, voeten fietspaden en parkeerplaatsen. Binnen deze bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. In de bouwregels zijn regels opgenomen ten aanzien van de maximale bouwhoogte voor speelvoorzieningen, kunstwerken, lichtmasten en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

Maatschappelijk (Artikel 5) De gronden in het noordwesten van het plangebied, daar waar Stichting Zorggroep Oude en Nieuwe Land (Stichting ZONL) gevestigd is, zijn overeenkomstig het bestemmingsplan “Emmeloord-West” voorzien van de bestemming ‘Maatschappelijk’. Voor wat betreft de bouw- en gebruiksregels is aangesloten op het bestemmingsplan “Emmeloord-West”. Wel is op deze locatie de aanduiding ‘wetgevingszone – wijzigingsgebied’ opgenomen. Deze aanduiding is gekoppeld aan een wijzigingsbevoegdheid op basis waarvan burgemeester en wethouders bevoegd zijn de bestemming te wijzigen in de bestemming ‘Wonen’ (inclusief bouwvlak), ‘Groen’ en ‘Tuin’. Hiervoor gelden de volgende voorwaarden: a. b.

c. d.

e. f.

het maximale aantal woningen bedraagt 67; geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan: 1. het straat- en bebouwingsbeeld; 2. het woon- en leefklimaat; 3. de verkeersveiligheid; 4. de sociale veiligheid; voldaan wordt aan de parkeernormen zoals opgenomen in lid 12.1 en lid 12.2; door middel van bodemonderzoek (NEN 5725 en NEN 5740) dient de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem te worden vastgesteld en dient aangetoond te worden of de bodem geschikt is voor het beoogde gebruik; het in Bijlage 3 opgenomen Beeldkwaliteitsplan Dokter Jansenpark in acht wordt genomen; voor het overige dient te worden aangesloten bij hetgeen gesteld in artikel 4 (Groen), 6 (Tuin) en 7 (Wonen).

De hiervoor beschreven wijzigingsbevoegdheid is opgenomen teneinde ter plaatse de bestemming middels een wijzigingsplan te kunnen wijzigen ten behoeve van wonen, groen en tuin. Tuin (Artikel 6) De gezamenlijke tuinen in de verschillende bebouwingsclusters zijn voorzien van de bestemming ‘Tuin’. De voor ‘Tuin’ aangewezen gronden zijn bestemd voor tuinen, behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

60

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld Binnen deze bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan. In de bouwregels zijn regels opgenomen ten aanzien van de maximale bouwhoogte voor licht- en vlaggenmasten en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Wonen (Artikel 7) De gronden ter plaatse van de beoogde woningen en appartementsgebouwen zijn voorzien van de bestemming ‘Wonen’. De voor ‘Wonen’ aangewezen gronden zijn bestemd voor wonen in woningen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld’ tevens wonen in woongebouwen is toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding ‘parkeergarage’ zijn ondergrondse / verdiept aangelegde parkeergarages toegestaan. Bij elk wooncluster is deze aanduiding opgenomen. Daarnaast zijn ter plaatse van de aanduiding ‘maatschappelijk’ op de begane grond tevens maatschappelijke voorzieningen toegestaan; zoals zorg-, medische en sociale voorzieningen. Deze aanduiding is uitsluitend opgenomen ter plaatse van het appartementengebouw van het noordelijk gelegen linker wooncluster. In de bouwregels is aangegeven dat als hoofdgebouwen uitsluitend woonhuizen mogen worden gebouwd, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld' uitsluitend woongebouwen mogen worden gebouwd.

Wanneer op gronden met de aanduiding ‘gestapeld’ tevens de aanduiding ‘aaneengebouwd’ is opgenomen, mogen ter plaatse tevens aaneengebouwde woonhuizen worden gebouwd. Ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd' mogen woonhuizen uitsluitend in een rij aaneen gebouwd worden, met dien verstande dat wanneer de gronden tevens zijn aangeduid met 'twee-aaneen' en 'vrijstaand' woonhuizen ook twee-aaneen en vrijstaand gebouwd mogen worden. Door middel van de aanduiding ‘maximum aantal wooneenheden’ is per wooncluster aangegeven hoeveel woningen zijn toegestaan. De bouwhoogte van hoofdgebouwen mag niet meer dan 10 m bedragen, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum bouwhoogte (m)' de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan de aangegeven hoogte. De bouwhoogte mag niet minder bedragen dan de ter plaatse van de aanduiding 'minimum bouwhoogte (m)' aangegeven bouwhoogte. Hoofdgebouwen worden met een plat dak gebouwd. Voor bijbehorende bouwwerken geldt dat deze uitsluitend zijn toegestaan bij woonhuizen. Voor een bouwwerk, geen gebouw zijnde gelden de volgende regels: a. b. c.

indien het voor de voorgevel van het hoofdgebouw of het verlengde daarvan wordt opgericht mag de bouwhoogte niet meer dan 1 m bedragen; de bouwhoogte van licht- en vlaggenmasten mag niet meer dan 12 m bedragen; in overige gevallen mag de bouwhoogte niet meer dan 2,5 m bedragen.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

61

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

HOOFDSTUK 8

ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID

Bij de voorbereiding van een bestemmingsplan dient, op grond van artikel 3.1.6 lid 1, sub f van het Bro, onderzoek plaats te vinden naar de (economische) uitvoerbaarheid van het plan. In principe dient bij vaststelling van een ruimtelijk besluit tevens een exploitatieplan vastgesteld te worden om verhaal van plankosten zeker te stellen. Op basis van 'afdeling 6.4 grondexploitatie', artikel 6.12, lid 2 van de Wro kan de gemeenteraad bij het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan echter besluiten geen exploitatieplan vast te stellen indien: • • •

het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of besluit begrepen gronden anderszins verzekerd is; het bepalen van een tijdvak of fasering als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, 4°, onderscheidenlijk 5°, niet noodzakelijk is; het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onderscheidenlijk b, c of d, niet noodzakelijk is.

Voor voorgenomen ontwikkeling wordt geen exploitatieplan vastgesteld.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

62

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

HOOFDSTUK 9 9.1

Vooroverleg

9.1.1

Het Rijk

VOOROVERLEG, INSPRAAK EN ZIENSWIJZEN

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk.

9.1.2

Provincie Flevoland

In het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro is voorliggend bestemmingsplan voorgelegd aan de provincie Flevoland. De vooroverlegreactie van de provincie is opgenomen in bijlage 14 van deze toelichting. Zover relevant is de reactie van de provincie verwerkt in het voorliggende bestemmingsplan.

9.1.3

Waterschap Zuiderzeeland

In het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro is voorliggend bestemmingsplan voorgelegd aan het waterschap Zuiderzeeland. De vooroverlegreactie van het Waterschap is opgenomen in bijlage 15 van deze toelichting. Zover relevant is de reactie van het waterschap verwerkt in het voorliggende bestemmingsplan.

9.1.4

Veiligheidsregio Flevoland

In het kader van het vooroverleg ex artikel 3.1.1. Bro is voorliggend bestemmingsplan voorgelegd aan de Veiligheidsregio Flevoland. De vooroverlegreactie van de veiligheidsregio is opgenomen in bijlage 16 van deze toelichting. De Veiligheidsregio Flevoland heeft een positief advies gegeven aangaande voorliggende bestemmingsplan.

9.2

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan lag van 3 november tot en met 14 december 2022 voor eenieder ter inzage. Tijdens deze inzageperiode is een zienswijze op het bestemmingsplan binnengekomen. Deze zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. Verder zijn een aantal ambtshalve wijzigingen doorgevoerd in het bestemmingsplan. De beantwoording van de zienswijze en de (ambtshalve) aanpassingen zijn opgenomen in bijlage 19. Omdat aanpassingen zijn doorgevoerd in de regels en de verbeelding is het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld.

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

63

Bestemmingsplan “Emmeloord, Dokter Jansenpark” Vastgesteld

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING Bijlage 1

Ontwikkelvisie Dokter Jansenpark

BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies

64

E M M E L O O R D , O N T W I K K E LV I S I E D O K T E R J A N S E N PA R K ( V E R S I E 2 0 2 3 ) S TA D S P O O R T V A N D E T O E K O M S T - W E S T 03 januari 2023 20464-R

K L I M A AT S TA D E M M E L O O R D -

AANLEIDING -2-

4

TRANSPARANTIE  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 30

DE OPGAVE  � � � � � � � � � � � � � � � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � � 4

PROGRAMMATISCHE VERDELING  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � � 31

TOTSTANDKOMING EN CONTEXT ������������������������������������������������������ � � � � � � � � � � � � � 4

DUURZAAMHEID  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 32

INLEIDIN G 

NOTA VAN UITGAN G SPUN T EN

5

O N TW I K K E LP RIN C I P E S - O N B E B O U W D E O M G E V IN G 

36

RUIMT EL IJ KE C ONT EXT 

7

LANDSCHAP EN OPENBARE RUIMTE  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 36

ONTWIKKELING VAN DE PLEK  � ��������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � � 7

PRINCIPEDOORSNEDES  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � � 37

ROUTES EN ONTSLUITING �������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � � 8

GEBIEDSINDELING � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 39

LANGS DE URKERWEG� � � ������������������������������������������������������������������ � � � � � � � � � � � � � 8

ROUTING  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 40

WATER EN RELIEF � � � � � � � � � ������������������������������������������������������������������ � � � � � � � � � � � � � 8

VERBLIJF  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 42

DNA VAN EMMELOORD EN DE LOCATIE  � �������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � � 9

KLIMAATSTAD � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 44

10

SCHADUW EN HITTESTRESS� � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 46

LOCATIE ALS SPIL IN EMMELOORD ���������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 10

BIODIVERSITEIT / NATUURINCLUSIEF� � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 47

GROENE MANTEL � � � � � � � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � � 11

INCLUSIVITEIT  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 49

DE MANTEL ALS GROENE BASISVOORZIENING ����������������������������������� � � � � � � � � � � � � � 12

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 50

DE MANTEL ALS LEIDRAAD VOOR TRANSFORMATIE ����������������������������� � � � � � � � � � � � � 13

MOBILITEIT  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � � 51

VISIE OP DE WESTPOORT ��������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � 14

LEVENDE HERINNERING AAN HET DR. JANSENCENTRUM  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 53

VISIE

PART IC IPAT IE

15

SWIPOCRATIE � � � � � � � � � � � � � � ������������������������������������������������������������������ � � � � � � � � � � � � 15

B O U W E N V E LO P P E 

54

V E RVO LG E N R E F LE C TI E 

55

BREED PALET AAN (ONLINE) DIALOGEN �������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � 16

VERVOLGSTAPPEN  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 55

PEILING VOOR NAAMGEVING VAN HET GEBIED ����������������������������������� � � � � � � � � � � � � 16

TERUGKOPPELING OP NOTA VAN UITGANGSPUNTEN� � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 56

AFWEG IN G SKADER BEH OU D Z I EK EN H UI SGEBOU W

17

B IJ LAG E N

57

RUIMT EL IJ K RAAMWERK 

18

PROEFVERKAVELING - PROGRAMMA � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � � 57

RUIMTELIJKE PRINCIPES  � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 19

PROEFVERKAVELING - PARKEREN� � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 58

22

PROEFVERKAVELING - TERUGVAL OPTIE PARKEREN  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 60

DE PRESENTATIE � � � � � � � � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 24

PROEFVERKAVELING - RUIMTEGEBRUIK TOTAAL  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 62

AAN HET PARK� � � � � � � � � � � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 25

PROEFVERKAVELING - RUIMTEGEBRUIK KAVEL GEMEENTE  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � 63

DE BINNENZIJDE  � � � � � � � � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 26

PROEFVERKAVELING - RUIMTEGEBRUIK KAVEL ZONL  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 64

BOUWHOOGTE EN ACCENTEN ��������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � � 27

PROGRAMMA PER FASE � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 66

COMPOSITIE EN SAMENHANG ��������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 28

PLANKAART MET HUIDIGE SITUATIE  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � 70

EENHEID EN VARIATIE  � � � ����������������������������������������������������������������� � � � � � � � � � � � � 29

SCHADUWSTUDIE  � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � � �� � � � � � � � � � 71

ONT WIKKELPRINC IPES - GEBOU WD

I N H O U D S O P G AV E

INLE IDING D E OP GAV E De gemeente Noordoostpolder is voornemens om de verhuizing van het ziekenhuis aan te grijpen voor een hoogwaardige herontwikkeling van de locatie gelegen op de overgang tussen het ‘nieuwe’ Emmeloord en het ‘oude’ Emmeloord, een zogenaamde blauwe stadspoort. De herontwikkeling biedt de mogelijkheid om de poortfunctie te versterken, het DNA van Emmeloord weer op de kaart te zetten en een gemengd programma toe te voegen. Daarnaast biedt de herontwikkeling de mogelijkheid om een nieuwe en bijzondere laag toe te voegen aan Emmeloord, denk aan vernieuwende architectuur, maar ook aandacht voor ontmoeten en verblijven in een klimaatadaptieve en circulaire openbare ruimte, waarbij de gedachte van de oorspronkelijke ‘groene mantel’ voorop staat.

TOTSTA NDKOMING EN CONT E XT Deze ontwikkelvisie is tot stand gekomen uit een samenwerking tussen de gemeente Noordoostpolder en IMOSS. Het document is een vertaling van de ‘Nota van uitgangspunten’ die door de gemeente is opgesteld. Dit document zal gebruikt worden als vertrekpunt voor het opstellen van het bestemmingsplan. Volgend op de ontwikkelvisie zijn ook een beeldkwaliteitplan en inrichtingsplan voor de locatie opgesteld.

INLEIDING -4-

NOTA VAN UITGAN GSP UN T E N Voor de ontwikkeling van het voormalige Dr. Jansencentrum is een vernieuwend stadsdeel voorzien met ruimte voor nieuwe woonvormen. Een rustig maar stedelijk woonmilieu, onder andere voor senioren om doorstroming in de bestaande voorraad op gang te brengen, met een stads karakter en hoge dichtheid. Uit de nota van uitgangspunten voor de Urkerweg 1 (het ziekenhuisterrein) komen een aantal ruimtelijke aspecten

3 . INT E GRAL E O N T W I K K E L I N G ■ Flexibiliteit om gefaseerd te kunnen ontwikkelen ■ Inclusiviteit om verschillende doelgroepen samen te kunnen laten wonen ■ Klimaatadaptieve, natuurinclusieve, circulaire en duurzame ontwikkeling

4 . MOBILIT E I T

naar voren die leidend zijn voor het stedenbouwkundig

■ Autoluwe inrichting met autoverkeer aan de randen

plan.

1 . BESTA A N DE (GROENE ) KWALIT E IT E N E N

■ Optimale ontsluiting met actieve verbindingen voor fietsers en voetgangers (benutten van bestaande bushalte)

G U NSTIG E LIG GIN G LOCAT IE BE NUT T E N

■ Ruimte voor innovatie & deelmobiliteit

■ Groene omgevingskwaliteit (parkachtig aanzicht) benutten ■ Uitdrukking geven aan de prominente ligging aan de Urkerweg en Espelervaart (als westelijke poort)

Aan het einde van dit document is een opsomming opgenomen hoe in het plan invulling is gegeven aan de uitgangspunten uit de nota.

■ Ligging nabij het centrum benutten voor ruimte voor voetgangers en fietsers, en het autoverkeer te beperken

2 . P ROG RA MMA , STEDE NBOUWKUND IG C O NC EP T EN A RCH ITE CT UUR ■ Een aansprekend en coherent stedenbouwkundig concept met daarin ruimte voor variatie in woningtypologie ■ Locatie als landmark met opvallende uitstraling en eigen architectuur ■ Stads karakter met hogere dichtheid (en beperkte of geen tuinen) ■ Ruimte voor het collectief (gemeenschappelijk of semiopenbaar groen)

N O TA V A N U I T G A N G S P U N T E N -5-

Het Dr. Jansencentrum (Slagboom en Peeters Luchtfotografie n.v.) -6-

RUIM TE LIJ K E CO N TEX T ONTWIKKELIN G VA N DE PLE K De omgeving van het Ziekenhuisterrein is in 1955 nog een open plek buiten de kern, maar met de ontwikkeling van het ziekenhuis en de planmatige woningbouwuitbreiding over de Espelervaart ontstaat een nieuw stadsdeel dat in de jaren ‘90 verder wordt uitgebreidt richting de Urkervaart. Dankzij deze uitbreidingen ligt het voormalige ziekenhuisterrein centraal in Emmeloord.

1955

1975

1990

2020 Historische ontwikkeling Dr. Jansencentrum

A N A LY S E -7-

R O U TES EN ON TS LU ITING

LANGS D E UR K E R W E G

WAT E R E N R E L I E F

Het plangebied ligt binnen een straal van 1 km van

De Urkerweg is een van de belangrijkste toegangen tot het

In het gebied zijn enkele (gemaakte) hoogteverschillen

het centrum van Emmeloord, met goede directe

centrum van Emmeloord. De weg kenmerkt zich door een

aanwezig. Het peil van de Espelervaart ligt op ca -5.5m en

busverbindingen naar o.a. Lelystad, Urk en Kampen en in

breed profiel met aan weerzijde bomenrijen. Het profiel

het maaiveld rondom het ziekenhuisterrein varieert van

de nabijheid van het centrale busstation. Parallel aan de

wordt geflankeerd door een aantal accenten, zoals het

-4 tot -1,5m. Gemiddeld genomen ligt het maaiveld op ca.

Urkerweg ligt een regionale fietsverbinding en door het

Potlood, de drie gebouwen aan de Jura en de Poldertoren.

-3,5m.

gebied lopen enkle lokale fietsroutes naar de omliggende

Aan deze structuur vormt het huidige ziekenhuis een

wijken. Het gebied kan het beste ontsloten worden via de

herkenbaar punt

Kometenlaan en de Rotonde op de Urkerweg, waarbij de huidige ontsluiting kan dienen als calamiteitenroute.

A N A LY S E -8-

D N A VA N EMMELOORD E N D E LOCAT IE Om de herontwikkeling van het ziekenhuisterrein in context te beschouwen, is het belangrijk om de opbouw van Emmeloord te bekijken. Emmeloord is een relatief jonge plaats, opgezet vanuit een duidelijke ontwerpgedachte. Emmeloord hecht dan ook terecht veel waarde aan haar DNA wat vastgelegd is in ‘Het Stads-DNA van Emmeloord’ en als richtinggevend kader is vastgesteld door raad in 2010. De onderstaande principes van het DNA zijn gedestilleerd uit dit document en vormen daarmee ook de basis voor de herontwikkeling: ■ de ligging aan het water: de vaarten (waar het Dr. Jansencentrum aan gelegen is); ■ een groene mantel als grens tussen de polderstad en het open land (het Dr. Jansencentrum vormde hier ooit onderdeel van); ■ het centrum om het stads- en polderkruis, de plek waar belangrijke wegen kruisen; ■ duidelijke stadspoorten naar het centrum door de groene mantel en over de vaarten. (de locatie ligt aan een zogenaamde blauwe poort); ■ uitleg van de stad volgt de verkaveling; en ■ opbouw van de stad kent een hierarchië, waarbij belangrijke assen en de entree’s benadrukt werden met accenten zoals markante gebouwen met groene openbare ruimtes.

Het DNA van Emmeloord

A N A LY S E -9-

VISIE LO CAT I E AL S SPI L I N E M M E LO O R D De locatie van het Dokter Jansenpark is duidelijk verankerd in de oorspronkelijke ontwerpgedachte van Emmeloord en neemt nog steeds een belangrijke plek binnen het stedelijk weefsel in. De plek ligt aan de westelijke ‘blauwe’ entree van het oude centrum, waar de Urkerweg de Espelervaart kruist. Het is een opvallend gebied met een lommerijke uitstraling, en heeft gediend als groen voorportaal van de blauwe stadspoort. De groene omgeving was onderdeel van de eerste Groene Mantel die ontworpen was voor Emmeloord. De ontwikkeling van het gebied geeft hernieuwde betekenis aan deze groenblauwe poort. De nabijheid van het centrum, de bestaande groene kwaliteiten en de Espelervaart bieden kans om als pioniers de stad van de toekomst vorm te geven. Een toekomstbestendige wijk met stedelijke woonsfeer, gebouwd op de fundaties van de Groene Mantel en ter inspiratie voor volgende ontwikkelingen.

VISIE - 10 -

GROENE MA N TEL Deze luchtfoto van 1956 geeft de oorspronkelijke groene mantel van Emmeloord goed weer. Door allerlei ontwikkelingen is deze groene ruimte nu nauwelijks meer te ervaren. Om antwoord te bieden aan toekomstige opgaves rondom het klimaat wint het groen weer aan betekenis in de stad. Het reconstrueren van de groene mantel kan hier leidend in zijn!

1955

2020

2040

DE MA N TEL A LS G RO E NE

tussen stad en land en de parkachtige omgeving

De hernieuwde betekenis van groen als

BAS IS VOORZIENIN G

bood plek voor een mooie wandeling.

basisvoorziening reikt verder dan de oorspronkelijke recreatieve functie. Het groen is een netwerk van

In de eerste opzet van het ontwerp voor Emmeloord is de Groene Mantel bedoeld als bescherming

Door beide opnieuw betekenis te geven en aan te

groene stapstenen dat zorgt voor een biodiverser en

voor de woningen in de open polder: een

grijpen in hedendaagse en toekomstige opgaven

een klimaat,- en toekomstbestendig Emmeloord - als

windbreker. Daarnaast bood de groene ruimte

wordt het mogelijk om een wensbeeld voor 2040

antwoord op toekomstige opgaven dus. Nieuw, maar

plaats voor sportvelden en andere maatschappelijke

te formuleren. Een groene mantel als recreatieve

voortbouwend op de oude gedachten. De oude

voorzieningen. Deze eerste mantel is inmiddels deels

en ecologische stadsrand die tot in de poriën van

groene mantel is nog goed voelbaar op de locatie,

geïntegreerd in diverse andere ontwikkelingen.

Emmeloord is doorgedrongen. Op onze locatie wordt

vanwege de aanwezigheid van oude bomen en

Naarmate Emmeloord groeide, groeide er een

daartoe de eerste aanzet gedaan door de mantel

structuren. Bestaande en wellicht nieuwe blauwe en

tweede Groene Mantel. Deze overlapt deels met de

opnieuw te zien als basisvoorziening, waarbij de

groene assen vormen de huidige en toekomstige

eerste Groene Mantel. De functie van de mantel werd

nieuwe ontwikkeling een voorbeeld wordt voor heel

hoofdaders van deze voorziening.

uitgebreid. Het diende als een prettige overgang

Emmeloord.

VISIE - 12 -

D E MA NTEL A LS LEIDR AAD VOOR

openbaar toegankelijk te houden (en als verbinder te

T RA NS FORMATIE

laten dienen) zal het geheel een stadsachtig karakter

De Groene Mantel als basisvoorziening vormt het leidende

binnen een parkachtige setting hebben. Hierbinnen

principe voor de transformatie. Dit idee gaat verder dan

past een programma van ca. 290 woningen, waarbij de

alleen de invulling van het maaiveld, maar vormt wat ons

doelgroep bestaat uit senioren, gezinnen, studenten,

betreft ook de leidraad voor uiteindelijk het ‘verticale’.

starters, stagiaires en expats. Een uniek woonmilieu met

Denk aan groene gevels, groene daken en het gebruik van

vooral gezamelijke buitenruimtes kan hierdoor ontstaan.

natuurlijke en duurzame materialen.

De buitenruimte wordt vormgegeven door middel van het liebenau principe. Belangrijk uitgangspunt hiervan is een

G R OENE M ANTEL ALS FUN DAME N T

meergeneratiebuurt, waarbij bewoners op informele wijze

Het groene fundament ligt in de ‘restanten’ van de oude

worden gestimuleerd om iets voor elkaar te betekenen.

groene mantel: de grote, indrukwekkende bomen die

Dit is te bereiken door te ontwerpen voor de juiste mix van

reeds op de locatie aanwezig zijn. Deze zijn het kader

leeftijden, drempeloze openbare ruimte en woningen, een

voor nieuwe ontwikkelingen en verknopen heden en

park geschikt voor meerdere doelgroepen, het stimuleren

verleden. Daarnaast omvat het fundament een gezonde,

van informele ontmoetingen (doordat mensen elkaar altijd

schone bodem en een klimaatadaptief en beleefbaar

tegenkomen op weg naar de auto bijvoorbeeld, of bij de

watersysteem.

voordeur) en een vanzelfsprekende verbondenheid met de

GRO ENE M A NTEL A L S O M HUL SE L

buurt.

G R OENE M ANTEL ALS VE RBIN DE R De groene ruimte zorgt voor de aantakking van de plek

GROE N E M A NTEL A L S O M HU L S EL

op de omgeving. Daarnaast heeft het als functie om

Het idee van de Groene Mantel wordt doorgevoerd tot

ontmoeting en beweging te stimuleren. Het toevoegen

in de architectuur en beeldkwaliteit. Het groene karakter

van nieuwe bomen en andere beplanting accentueert het

omhuld de bebouwing. Hierbij kan gedacht worden

groene verleden van de plek en levert een bijdrage aan

aan bouwen in natuurlijke materialen, natuurinclusieve

biodiversiteit en ecosystemen op lagere schaal.

architectuur en daktuinen als extra groene laag. De

GRO ENE M A NTEL A L S VE RB IN DE R

ontwikkelvelden binnen het groene omhulsel (raamwerk) De Groene Mantel is de mal voor nieuwe bebouwing

worden flexibel van karakter, zodat het geheel omgevormd

en zorgt bij voorbaat voor een prettige leefomgeving.

kan worden bij veranderingen in vraag.

Nieuwe bebouwing vindt op een speelse, luchtige wijze zijn plek binnen het groen. Een accent zal gemaakt worden aan de Urkerweg/Espelervaart om de stadspoort te benadrukken. Om de groene ruimte zoveel mogelijk

GRO ENE M A NTEL A L S FUN DAM E N T

VISIE - 13 -

VI SI E O P D E WE ST PO O RT Binnen de stedelijke uitleg van Emmeloord vervult de planlocatie niet alleen een belangrijke functie binnen de Groene Mantels, maar heeft ook een poortfunctie voor de westelijke entree van het centrum. De herontwikkeling biedt kansen: ■ het ontwerp moet de poortfunctie van de stadsentree via de Urkerweg versterken; ■ bebouwing moet als solitairen (als volume of ensemble) in het groen gepositioneerd worden om het groene, openbare karakter te versterken; ■ om het idee van het groene voorportaal te versterken moet bebouwing op gepaste afstand van de Urkerweg gepositioneerd worden; ■ de plek moet groen, maar luchtig ogen door bijvoorbeeld open plekken en beperken van onderbegroeiing; ■ de oevers van de Espelervaart worden breed en groen; ■ de bebouwing gaat een samenspel aan met de toren aan de oostzijde van de Espelervaart; en ■ de zichtlijnen naar de Poldertoren blijven vrij of worden vrijgemaakt.

VISIE - 14 -

PARTICIPATI E Tijdens het planproces zijn bewoners en andere belanghebbenden op verschillende manieren betrokken om mee te denken over de invulling van het gebied.

S WIP OCRATIE Naar aanleiding van de visie is er een interactieve eerste participatieronde opgezet via het platform ‘Swipocratie.’ Op basis van een set beelden met verschillende ruimtelijke sferen, bebouwingstypologiën, en gebruik van openbare ruimte is gepeild welke sferen er positief en negatief zijn ontvangen. Naastgelegen infographic toont de uitkomsten van de Swipocratie De Swipocratie is door een grote hoeveelheid deelnemers ingevuld (een van de hoogste aantal respondenten ooit voor Swipocratie). De selectie van beelden met een hoge score geven handvatten bij de beeldkwaliteit en invulling van het gebied. De onderdelen die uit de beelden naar voren komen betreffen een groene, parkachtige uitstraling van

Welke beelden geven geen aantrekkelijke sfeer?

het gebied met veel bomen en natuurlijke paden met laag tot middelhoge bebouwing (ca. 4 lagen). De uitkomsten met betrekking tot de persoonlijke binding met het ziekenhuis en de vraag omtrent het behoud van het gebouw zijn meegenomen in het afwegingskader verderop in dit document.

PA R T I C I PAT I E - 15 -

B REED PA LET A A N (ONLINE ) D IALOGE N Na de Swipocratie is met een aantal belanghebbenden in kleinere setting verder gesproken over de ontwikkeling in een aantal vervolggesprekken. De ideeen voor de plannen zijn zowel met marktpartijen besproken in een consultatiegesprek, met een klankbordgroep van direct omwonenden, inwonende van Emmeloord en mogelijke toekomstige bewoners. Daarnaast zijn er gesprekken gevoerd met Mercatus (woningcorporatie) en ZONL (zorggroep die betrokken is bij de planontwikkeling).

P E ILING VOOR NA A MGE VING VAN HE T G EBIED In de Swipocratie zijn ideeen opgehaald voor de naamgeving van het gebied. Hieruit zijn 3 voorstellen gekozen die wederom zijn voorgelegd aan de inwoners, namelijk Westpoort, Jansveld en Dokter Jansenpark. De namen verwijzen naar de locatie (westelijke entree van Emmeloord) of naar de groene setting en de geschiedenis van het terrein (Jansveld en Dokter Jansenpark). Uit de peiling is het Dokter Jansenpark naar voren gekomen als meest favoriete naam voor de nieuwe buurt.

PA R T I C I PAT I E - 16 -

AFWE GING SK A DER B EH O U D ZI E K E N H UI S G E B O U W Uit het cultuurhistorisch onderzoekt blijkt dat het bestaande ziekenhuisgebouw niet in aanmerking

Afwegingskader behoud bestaande Ziekenhuisgebouw Volledig Behoud

Deels Behoud

Volledige sloop

-

+/-

+/-

Ruimtelijk is het gebouw inpasbaar in de 5 ontwikkelclusters, maar beperkt de stedenbouwkundige kwaliteit (geen meerwaarde) vanwege de andere korrelgrootte en architectonische mogelijkheden (zie naastgelegen afbeelding)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.noordoostpolder.nl/api/v1/meetings/2015/documents/33648