Bijlage - Jaarrekening 2025 V4.2
Tekst van het document
-309
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
24
I
204 Cultuur
37
Verschillen kleiner dan € 100.000 TOTAAL BATEN
37
I
I
-276
LASTEN 201 Voorzieningen
875
In 2025 lag de doorontwikkeling subsidiebureau stil door onderbezetting bij het subsidiebureau. Wel zijn in 2025 voorbereidingen getroffen, zodat het in 2026 weer kan starten. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
387
I
Voor de regeling Verduurzamingverbouwing dorpshuizen moeten nog enkele subsidies worden vastgesteld. Van een aantal projecten ontbreekt de eindverantwoording; na ontvangst word het restant uitgekeerd van € 50.000. De regeling heeft een subsidieplafond van € 400.000. Er zijn 7 aanvragen gehonoreerd; het resterende budget bedraagt € 231.000. Aanvragen blijven mogelijk tot het plafond is bereikt. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
231
I
Kleine mienskip-initiatieven kunnen uit dit budget worden betaald als lasten voor leefbaarheid niet passen binnen het dorpen- en wijkenbudget of andere subsidies. Er zijn inmiddels reserveringen gemaakt voor toekomstige uitgaven. Zodra die uitgaven plaatsvinden zal een groot deel van het budget zijn benut in het jaar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
121
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
136
I
202 Onderwijshuisvesting en -kansenbeleid
377
Het budget voor inhuur Mienskip is bedoeld voor inhuur op ambities van het huidige en toekomstige college. Er resteert hier nog een bedrag, omdat er mede dekking gevonden kon worden binnen projectbudgetten en inhoudelijke budgetten, ook bedoeld voor diverse ambities. Dit budget zal in 2026 opnieuw gebruikt worden voor (vervanging)inhuur, omdat er sprake is van langdurige ziekte waarvoor geen andere dekking is. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
381
I
De onttrekking ten behoeve van de tijdelijke huisvesting van CBS Eben Haezer komt later omdat het bestuur, de school en de onderwijshuisvestingbegeleiding nog bezig zijn met de planvorming. Het
138
I
32
resterende budget wordt overgeheveld naar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat. De lasten voor onderwijsinstellingen vallen dit jaar hoger uit doordat de OZB-aanslag is gestegen. Dit komt door hogere tarieven en waardestijging van onderwijsgebouwen. Hierdoor nemen de gemeentelijke kosten voor deze instellingen toe.
-211
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
-69
I
203 Sport
274
Een boeking die te maken heeft met GALA Sport is niet juist verwerkt. De baten en lasten die bij deze post horen zijn op een andere plaats in de administratie verantwoord. Daarom heeft deze correctie nauwelijks invloed op het resultaat. Per saldo is het effect bijna budgetneutraal, zie ook de toelichting bij de baten.
262
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
12
I
204 Cultuur
341
Voor het project de Fryske plaknammen valt de onttrekking aan de algemene reserve lager uit. Het valt lager uit omdat de bebording pas aan het einde van de levensduur worden vervangen om kosten te besparen. Het resterende budget wordt overgeheveld naar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
192
I
In 2025 heeft het college de subsidieregeling Sichtberens Frysk en streektalen vastgesteld. De raad heeft hiervoor vier jaar lang € 50.000 per jaar beschikbaar gesteld. Het budget van 2024 en 2025 is niet benut omdat er nog geen regeling was. De eerste aanvraag is in januari 2026 ingediend. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
100
I
49
I
Verschillen kleiner dan € 100.000 TOTAAL LASTEN
1.868
Onttrekkingen aan reserves In 2025 lag het de doorontwikkeling subsidiebureau stil door onderbezetting bij het subsidiebureau. Wel zijn in 2025 voorbereidingen getroffen, zodat het in 2026 weer kan starten. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-387
I
Het budget voor inhuur Mienskip is bedoeld voor inhuur op ambities van het huidige en toekomstige college. Er resteert hier nog een bedrag, omdat er mede dekking gevonden kon worden binnen projectbudgetten en inhoudelijke budgetten, ook bedoeld voor diverse ambities. Dit budget zal in 2026 opnieuw gebruikt worden voor (vervanging)inhuur, omdat er sprake is van langdurige ziekte waarvoor geen andere dekking is. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-381
I
Voor de regeling Verduurzamingverbouwing dorpshuizen moeten nog enkele subsidies worden vastgesteld. Van een aantal projecten ontbreekt de eindverantwoording; na ontvangst word het restant uitgekeerd van € 50.000. De regeling heeft een subsidieplafond van € 400.000. Er zijn 7 aanvragen gehonoreerd; het resterende budget bedraagt € 231.000. Aanvragen blijven mogelijk tot het plafond is bereikt. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-231
I
Voor het project de Fryske plaknammen valt de onttrekking aan de algemene reserve lager uit. Het valt lager uit omdat de bebording pas aan het einde van de levensduur worden vervangen om kosten te besparen. Het resterende budget wordt overgeheveld naar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-192
I
De onttrekking ten behoeve van de tijdelijke huisvesting van CBS Eben Haezer komt later omdat het bestuur, de school en de onderwijshuisvestingbegeleiding nog bezig zijn met de planvorming. Het resterende budget wordt overgeheveld naar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-138
I
Kleine mienskip-initiatieven kunnen uit dit budget worden betaald als kosten voor leefbaarheid niet passen binnen het dorpen- en wijkenbudget of andere subsidies. Er zijn inmiddels reserveringen gemaakt voor toekomstige uitgaven. Zodra die uitgaven plaatsvinden zal een groot deel van het budget zijn benut in het jaar 2026. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-121
I
In 2025 heeft het college de subsidieregeling Sichtberens Frysk en streektalen vastgesteld. De raad heeft hiervoor vier jaar lang € 50.000 per jaar beschikbaar gesteld. Het budget van 2024 en 2025 is niet benut omdat er nog geen regeling was. De eerste aanvraag is in januari 2026 ingediend. Omdat dit budget overblijft, hoeft er geen geld uit de algemene reserve gehaald te worden. Daarom heeft deze afwijking geen invloed op het resultaat.
-100
I
Bij programma 2 zijn er meerdere kleine projecten. Hierdoor zijn er veel kleine onttrekkingen uit de algemene reserve. Deze uitgaven zijn lager dan begroot. Het bedrag dat niet is gebruikt, wordt overgeheveld naar 2026.
-361
I
Totaal Onttrekkingen aan reserves
-1.911
TOTAAL SALDO AFWIJKINGEN
-319
33
Programma 3 - Soarch en Wolwêzen Waar gaat programma 3 'Soarch en Wolwêzen' over? In programma 3 voeren we in beginsel alle wettelijke taken uit rondom werk, participatie en zelfredzaamheid, zorg voor jeugd op basis van de WMO 2015, de Participatiewet, Jeugdwet en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Echter in de wereld om ons heen rijgen de ontwikkelingen en uitdagingen zich voortdurend aaneen. Zowel landelijk als ook binnen de eigen gemeente. Dus er is meer nodig dan alleen het verrichten van onze wettelijke taken. Naast de maatschappelijke ontwikkelingen, zien we ook dat de behoefte van onze inwoners als het gaat om ondersteuning, aan verandering onderhevig is. En dus is het nodig dat we volop inzetten op een verbeterde verbinding tussen de beleid- en werkvelden. Denk aan Zorg en Onderwijs, Zorg en Welzijn, Wonen- Zorg en Welzijn, Gezondheid, Sport en Bewegen. Belangrijk bij die koppelingen en het integraal werken is dat we de beweging van ‘achter naar voren maken’, dus meer inzetten op preventie, efficiënter en sneller inspelen op de zorgvraag van (jeugdige) inwoners. Dit doen we natuurlijk samen met onze maatschappelijke partners. Deze ambities willen we zoveel mogelijk realiseren met de bestaande zorgbudgetten, omdat dit een reguliere manier van werken wordt.
We zijn gewend om vanuit onze wettelijke taken vooral ‘curatief’ te redeneren, maar die tijd ligt achter ons. Het is nodig om zowel ‘curatief’ als preventief te werken. Dat vereist investeringen, maar ook vooral bestuurlijke- en ambtelijke lef. We gaan de komende jaren invulling geven aan landelijk afgesproken doelen op het gebied van gezondheid en het welzijn van onze inwoners. De middelen uit het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en onze reguliere budgetten helpen daarbij. De doelen en projecten in dit programma zijn ambitieus, vereisen lef, maar staan volledig in dienst van een verbeterde en intensieve verbinding tussen de eerdergenoemde beleid- en werkvelden. Waardoor we beter in staat zijn om onze kwetsbare inwoners efficiënt en vroegtijdig te ondersteunen.
Hoofddoelstelling Inwoners in onze gemeente hebben de mogelijkheid om mee te doen, ongeacht belemmeringen of beperkingen.
34
301.1 Doel: Verbeteren integrale samenwerking Zorg en Onderwijs SMART-doelstelling 301.1-1: Verbeteren integrale samenwerking Zorg en Onderwijs Activiteit 301.1-1A: Uitvoeren actieplan integrale samenwerking Zorg en Onderwijs In dit project staan drie punten centraal: 1. Wanneer we jeugdzorg ín de school aanbieden, krijgen kinderen veel sneller hulp dan wanneer ze eerst op een wachtlijst staan. 2. De hulp die ze krijgen is dan ook niet zo zwaar. We gaan ervanuit dat hoe eerder je hulp krijgt, des te eerder de vraag opgelost is. 3. We willen ook ouders helpen bij hun opvoeding. Wanneer een zorgpartij op de school is, stappen ouders sneller naar binnen om hulp te vragen. Scholen maken zelf een plan waarin ze beschrijven hoe zij jeugdzorg binnen hun muren vorm gaan geven. Inhoud
De pilot is afgerond. "Zorg in onderwijstijd" is nu een "werkwijze" geworden. Op alle basisscholen is structureel een schoolmaatschappelijk werker aanwezig of er is een vaste schoolmaatschappelijk werker aan de school verbonden. Alle maatwerktrajecten zoals deze in de pilot-fase zijn gestart, hebben ná evaluatie een doorgang gevonden. In het Voortgezet Onderwijs is het initiatief opgestart om een convenant op te maken tussen de gemeenten die een maatwerktraject hebben (Noardeast-Fryslân, Waadhoeke en Leeuwarden), het samenwerkingsverband VO en de betreffende scholen. Vanaf schooljaar 2025/2026 worden rekeningen gestuurd voor de kinderen die uit deze gemeenten komen. Planning
We zitten op schema. Financiën
Dit schooljaar (2025/2026) zijn er genoeg middelen beschikbaar om maatwerktrajecten te betalen. Dit geldt ook voor tijdelijke extra inzet van personeel.
35
302.1 Doel: Stimuleren van een gevarieerd Wonen en Zorg aanbod SMART-doelstelling 302.1-1: Het realiseren van een meer integrale aanpak tussen wonen, welzijn en zorg. Activiteit 302.1-1B: De regionale woon, welzijn en zorgvisie vertalen naar een lokale visie en uitvoeringsprogramma De regionale visie op Wonen met Welzijn en Zorg vertalen naar een lokaal uitvoeringsprogramma. In het uitvoeringsprogramma kijken we samen met de betrokken partijen naar wat er nodig is in de dorpen en wijken via de drie programmalijnen: 1. Vitale en leefbare dorpen en wijken. 2. Een passende woning en woonomgeving. 3. Houdbaar aanbod zorg en ondersteuning. Het is een lokaal uitvoeringsprogramma, maar met regionale afstemming en de mogelijkheid tot regionale uitvoeringsplannen. Het uitvoeringsprogramma is een flexibel doorstroomprogramma, dat aansluit bij andere (lopende) programma's. Inhoud
Om tot het uitvoeringsprogramma te komen, hebben we vier stappen doorlopen: 1. 2. 3. 4.
Inventariseren bij betrokken stakeholders. Input samenvoegen en verwerken. Gezamenlijk prioriteren (kort, middel, lange termijn plannen.) Gebiedsgericht in gesprek gaan.
In 2025 hebben we onder andere ingezet op: •
•
•
Inzetten op een sterke sociale basis Er is ingezet op meer laagdrempelige ontmoeting. De samenwerking tussen de huisartsen en het welzijnswerk is versterkt door Welzijn op Recept. Daarnaast is verkend hoe en of de rol van een dorpsondersteuner kan worden ingezet. Passende woning en woonomgeving De huisvestingsopgave (t/m 2035) wonen en zorg is vastgesteld. Onder andere op de Prinslocatie zijn zorgwoningen in het programma opgenomen. Hierover worden gesprekken gevoerd met zorgorganisatie. Tijdens het Woonplatform stond ouderenhuisvesting centraal, hier is input bij inwoners/organisaties opgehaald. Lang Leven Thuis Lang Leven Thuis is een vernieuwend woonzorgconcept waarbij bewoners, met een vast team van één corporatie, één zorgorganisatie, één welzijnsorganisatie en de gemeente samenwerken aan langer zelfstandig wonen in een sterke, zorgzame gemeenschap. Een kwartiermaker is aangesteld om te verkennen in welke kernen gestart kan worden.
Planning
Het uitvoeringsprogramma is op hoofdlijnen uitgewerkt en is een flexibel doorstroomprogramma. Daarnaast zijn de eerste lokale en regionale projecten opgestart.
36
Financiën Met het resterende budget voor de woonzorgvisie stellen we het uitvoeringsprogramma op en dragen we bij aan een uitvoeringsproject. Het budget is toereikend. 303.1 Doel: Bevorderen van Gezondheid en Welzijn middels een gemeenschapsaanpak SMART-doelstelling 303.1-1: De sociale basis van de Mienskip versterken Activiteit 303.1-1C: Uitvoeren van de lokale inclusie agenda De Lokale Inclusie Agenda (LIA) is een concreet actieplan voor de komende jaren dat met de medewerking van de gehele gemeentelijke organisatie, met externe partners en ervaringsdeskundigen tot stand is gekomen. Doel is om te komen tot een inclusieve samenleving. Daarbij zijn een drietal onderwerpen belangrijk, namelijk: • Bewustwording. • Toegankelijkheid. • Ontmoeting. Onder deze onderwerpen zijn doelen en actiepunten geformuleerd. De actiepunten zijn gericht op de verschillende doelgroepen: • Bestuur en medewerkers van de gemeente. • Externe partners: Coalitie Kom Erbij (en andere sociale partners). • Inwoners/Maatschappij. Uiteindelijk is het doel dat Inclusie het nieuwe normaal is en geborgd wordt in alle betreffende beleid. Inhoud Werkzaamheden in 2025 Bewustwording: • •
Workshops voor Openbare Ruimte. Bewustwording via Kunst en Cultuur via inclusief en toegankelijk theater ( de Zonnekoning van Dokkum).
Toegankelijkheid • • •
Gemeentelijke gebouwen zijn getoetst op toegankelijkheid. Er zijn lidmaatschappen van Apps zoals Ongehinderd en Hoge Nood zodat toegankelijkheid inzichtelijk is voor de doelgroep. De MKB-toegankelijke route is uitgebreid. Er is een subsidieregeling in het leven geroepen om toegankelijkheid te stimuleren.
Ontmoeting • • •
Geïnvesteerd in ontmoetingsplek en integratie voor nieuwkomers en Oekraïners :Sedrana (door Stjoer). Geïnvesteerd in ontmoeting voor mensen met een licht verstandelijke beperking (Yfke). Ontmoeting via Kunst en cultuurprojecten (community art).
Er is gewerkt aan een stabiele deskundige Werkgroep Toegankelijkheid (ervaringsdeskundigheid). 37
Planning
Veel van de actiepunten van de Lokale Inclusie Agenda zijn in 2025 gerealiseerd. In 2026 vindt de afronding en borging plaats. Er blijft voor een beperkt aantal uren een regisseur/aanjager nodig. Financiën
Er is nog voldoende budget beschikbaar. Dit wordt overgeheveld naar 2026. In 2026 worden er nog uitgaven verwacht op gebied van toegankelijkheid, bewustwording en mogelijke subsidies. De subsidie aan Tûmba wordt betaald vanuit de bijdrage in het gemeentefonds . De lessen van Tûmba worden betaald uit het preventiebudget voor Anti-discriminatie Voorzieningen (ADV) wat in de meicirculaire is opgenomen. De gelden voor ontmoeting zijn met name afkomstig uit de GALA-budgetten en een deel van het IZAbudget. 303.1-1B: Doorontwikkelen netwerkplatform Welzijn Het doel van deze activiteit is om het Strategisch Beleidskader Welzijn uit te voeren. Daartoe gaan we met de organisaties in het welzijnsdomein samenwerken, om in co-creatie met elkaar, met de mienskip en de gemeente invulling te geven aan de HOE-vraag. Dit partnerschap en dito samenwerking krijgt concreet vorm in dit samenwerkingsplatform. De reguliere activiteiten lopen door en worden in dit platform vervlochten met nieuwe activiteiten die ontstaan uit co-creatie tussen de organisaties onderling en met de mienskip. Zo spelen we steeds beter in op de welzijnsbehoeften van de mienskip. De gemeente toetst de welzijnsactiviteiten vooraf op de afgesproken inhoudelijke- en financiële kaders en achteraf op de resultaten. Inhoud
De samenwerking tussen de verschillende organisaties kreeg in 2025 verder vorm. Zo werden bijvoorbeeld de samenwerkingsafspraken vastgelegd in een overeenkomst. Het samenwerkingsplatform heet inmiddels Noardeast Ferbûn. In 2025 was Noardeast Ferbûn concreet aan de slag met: De pilot Dagontmoeting. Het zorgen voor een zinvolle invulling van de dag en laagdrempelige ontmoeting voor inwoners, dichtbij huis en passend bij hun behoeften. Deze pilot heette eerder Pilot Ontmoeting en Zinvolle invulling van de dag. Het vrijetijdsaanbod voor jongeren in het voortgezet onderwijs. Het beter afstemmen van het vrijetijdsaanbod voor deze jongeren op hun wensen en leefwereld. Zorgen voor een betere vindbaarheid van het aanbod en een betere samenwerking tussen de organisaties die dit aanbieden. De Sociale Bouwmarkt. Het voor inwoners overzichtelijker, toegankelijker en beter vindbaar maken van vrijetijdsactiviteiten en ondersteuningsaanbod.
38
Planning
Alles liep volgens planning. Financiën
Voor 2025 was er voldoende budget. 304.1 Doel: Bevorderen Talentontwikkeling en het opzetten en faciliteren van netwerken (Onderwijs, Ondernemers, Overheid) SMART-doelstelling 304.1-1: Verbeteren samenwerking tussen bedrijfsleven, overheid en onderwijs. 305.1 Doel: Bevorderen en door ontwikkelen Aanpak armoede SMART-doelstelling 305.1-1: Bevorderen en door ontwikkelen Aanpak armoede Activiteit 305.1-1A: Uitvoering van het actieprogramma Het "Actieplan Integraal en Kindgericht Armoede- en Schuldenbeleid 2022-2026" zet in op het voorkomen van armoede en schulden en het verbeteren van de mate waarin burgers zichzelf kunnen helpen. Het is kindgericht en brengt verschillende beleidsgebieden samen. Het doel is om armoede in de gemeente te verminderen. Het actieplan heeft de volgende doelen: • • • •
Iedereen denkt mee Iedereen doet mee Gemakkelijke toegang en taal voor iedereen Een leven zonder schulden.
Het actieplan bestaat 48 actiepunten. Inhoud
In het tweede kwartaal van 2025 is onder andere het volgende gedaan: • • •
•
Communicatie over regelingen: Maandelijks wordt er gecommuniceerd over regelingen en hulp voor inwoners met een laag inkomen. Geldloket: De uitvoering van het project 'Geldloket' is stopgezet. Er lopen momenteel andere werkwijzen om inwoners met geldzorgen eerder te bereiken, waaronder vroegsignalering van schulden. Implementatie Basisdienstverlening schuldhulpverlening: Er wordt doorlopend gewerkt aan de implementatie van de basisdienstverlening schuldhulpverlening (Actieplan van het Kabinet, VNG en Divosa). Zo werken we onder andere aan het verstevigen van nazorg en een schuldenaanpak voor jongeren (via het Jongerenpunt). Lauwersregeling: Er wordt gewerkt aan een verbeterplan Lauwersregeling. Het doel hiervan is om de regeling beter te laten aansluiten bij wat de inwoner nodig heeft. Hiervoor laten we verschillende beleidskeuzes onderzoeken en doorrekenen. 39
•
Betrokkenheid van inwoners: De opdracht aan Yfke en het Platform Voor Elkaar is vernieuwd. Hiermee sluiten we aan bij de doelen uit het participatiebeleid 'Alle stimmen telle'.
Planning
De beleidsperiode loopt tot en met 2025. In 2026 starten we met de evaluatie. Financiën
De geplande activiteiten passen binnen de huidige begroting. 306.1 Doel: Verbeteren dienstverlening jongeren (in kwetsbare posities) SMART-doelstelling 306.1-1: Alle jongeren van 16 tot 30 jaar (dus ook kwetsbare jongeren) worden bediend, begeleid en doorgeleid Activiteit 306.1-1A: Uitvoeren van het project jongerenloket Binnen de gemeentelijke organisatie (of bij een van haar partners) starten we een JongerenPunt. Dit is een plek waar jongeren en professionals die met jongeren werken terecht kunnen met vragen over ontwikkeling, leren, inkomen en werken. Bij dit loket worden jongeren doorgestuurd naar de juiste plek voor hulp. Bijvoorbeeld Dokwurk, Het doorstroompunt, Wurkstart, Team Ynkommen/Schulddienstverlening of het Gebiedsteam. Het JongerenPunt maakt duidelijk waar jongeren en hun coaches naartoe kunnen met vragen over zorg, ontwikkeling, leren en werken. Hierdoor krijgen ze snel de goede begeleiding. Dit helpt ook om jong arbeidspotentieel eerder in beeld te brengen en te behouden voor werkgevers in de regio. Inhoud
Om kosten te besparen is het project JongerenPunt samengevoegd met het project Wurkstart. Wurkstart is het leerwerkloket van de regio Noordoost Friesland en wordt gesubsidieerd vanuit de versnellingsagenda. Er is met succes een extra aanvraag gedaan voor Wurkstart 2.0, met speciale aandacht voor jongeren. Planning
Doordat de financiële dekking van het JongerenPunt ontbrak, liepen we achter op de planning. Inmiddels is er gewerkt aan een inhaalslag. Er is een lifecoach voor jongeren geworven die in 2026 start. Daarnaast zijn er bijeenkomsten met samenwerkingspartners georganiseerd om de behoefte voor extra ondersteuning en instrumenten te inventariseren. Deze worden in 2026 uitgerold. Financiën
De beschikbare middelen van het Geldloket zijn ingezet voor het JongerenPunt.
40
Onderwerp beleidsdocumenten Programma 3 Onderwerp beleidsdocumenten Algemene beleidsdocumenten Uitvoeringsplan Participatiewet (2014) Uitvoeringsplan WMO (2014) Fan Wearde, mantelzorgbeleid (2016) Uitvoeringsplan Jeugdwet (2014) Lokaal actieplan Huiselijk geweld en kindermishandeling Beleidsplan Handhaving Sociaal Domein 2019-2022 Onderwerp beleidsdocumenten 301 Verbeteren integrale samenwerking Zorg en Onderwijs Gezondheidsbeleid 2021-2025 Beleidskader sociaal domein 2023 Ontwerp Preventie- en handhavingsplan Alcohol Actieplan zorg en onderwijs 2021-2024 De Fryske Regiovisie Jeugdhulp 2023-2026 Onderwerp beleidsdocumenten 302 Stimuleren van een gevarieerd Wonen en Zorg aanbod Regionale woon/zorg visie Uitvoeringsprogramma Regionale woon/zorgvisie (in concept voor 2025) Onderwerp beleidsdocumenten 303 Bevorderen van Gezondheid en Welzijn middels een gemeenschapsaanpak Strategisch beleidskader Welzijn Onderwerp beleidsdocumenten 304 Bevorderen Talentontwikkeling en het opzetten en faciliteren van netwerken (Onderwijs, Ondernemers, Overheid) Projectplan startwerkplaats (in concept voor 2025) Onderwerp beleidsdocumenten 305 Bevorderen en door ontwikkelen Aanpak armoede Actieplan Integraal en Kindgericht armoede- en schuldenbeleid 2022-2026 Onderwerp beleidsdocumenten 306Verbeteren dienstverlening jongeren (in kwetsbare posities) Actieplan jongerenloket (in concept voor 2023)
Verbonden partijen van Programma 3 Verbonden Partij
Bijdrage aan beleidsdoelstellingen
Dokwurk
Uitvoering geven aan de Participatiewet.
Veiligheidsregio Fryslân onderdeel GGD Fryslân
Gezondheidsdienst van de Friese gemeenten ter bevordering van de gezondheidssituatie en leefstijl van inwoners.
Sociaal Domein Fryslân
Het doel is de beleidsvoorbereiding ten behoeve van de wettelijke taken op het terrein van jeugdzorg, maatschappelijke ondersteuning en participatie en de inkoop ten behoeve van de wettelijke taken op deze terreinen doelmatig en kwalitatief hoogwaardig te organiseren. Vanuit SDF participeren wij ook in ‘Foar Fryske Bern’.
Mobiliteitsbureau Noordoost Fryslân
De gemeenten Achtkarspelen, Dantumadiel, Noardeast-Fryslân en Tytsjerksteradiel en de provincie Fryslân hebben besloten om samen te werken op het gebied van het regionale doelgroepenvervoer en openbaar vervoer in de regio Noordoost Fryslân. Dit om de leefbaarheid te vergroten.
41
Uniforme beleidsindicatoren Programma 3 Gemeente Periode NoardeastFryslân
Uniforme beleidsindicatoren
Eenheid
Absoluut verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen
2024
7,8
6,7
Relatief verzuim
Aantal per 1.000 leerlingen
2024
23
28
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie(vsv-ers)
% deelnemers aan het VO en MBO onderwijs
2024
1,50
2,3
Banen
Aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd 15 – 64 jaar
2024
671
850,20
Jongeren met een delict voor de rechter
% 12 t/m 21 jarigen
2023
1,00
1,00
Kinderen in uitkeringsgezin
% kinderen tot 18 jaar
2024
4,00
6,00
Netto arbeidsparticipatie
% van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking
2024
72,50
73,10
Werkloze jongeren
% 16 t/m 22 jarigen
2024
2,00
2,00
Personen met een bijstandsuitkering
Personen met een bijstandsuitkering
2025
242
281,2
Lopende re-integratievoorzieningen
Aantal per 10.000 inwoners van 15 – 64 jaar
2024
209,9
203,1
Jongeren met jeugdhulp
% van alle jongeren tot 18 jaar
2024
12,7
14
Jongeren met jeugdbescherming
% van alle jongeren tot 18 jaar
2024
1,40
1
Jongeren met jeugdreclassering
% van alle jongeren van 12 tot 23 jaar
2024
0,30
0,40
2025
730
660
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO Aantal per 10.000 inwoners
Nederland
Leeswijzer uniforme beleidsindicatoren Uniforme beleidsindicatoren
Toelichting
Absoluut verzuim
Er wordt gesproken van absoluut verzuim als een leerplichtige en/of kwalificatieplichtige Ingrado jongere niet op een school of instelling staat ingeschreven.
Relatief verzuim
Er is sprake van relatief verzuim als een jongere wel op een school staat ingeschreven, maar gedurende een bepaalde tijd de lessen/praktijk verzuimt. Ook veelvuldig te laat LISA komen kan hiertoe worden gerekend.
Vroegtijdig schoolverlaters zonder startkwalificatie(vsv-ers)
Het percentage van het totaal aantal leerlingen van het VO en MBO (12 - 23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat. De periodeaanduiding "2018" staat voor schooljaar "2017/2018".
Verwey Jonker Instituut – Kinderen in Tel
Banen
Onder een baan wordt een vervulde positie verstaan. Dit betreffen zowel fulltimers, parttimers als uitzendkrachten. De indicator betreft het aantal banen per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15 tot en met 64 jaar.
Verwey Jonker Instituut – Kinderen in Tel
Jongeren met een delict voor de rechter
Het percentage jongeren (12 t/m 21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.
CBS
Kinderen in uitkeringsgezin
Percentage kinderen tot 18 jaar die in een gezin leven dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen. Bijstandshuishouden is een huishouden waarvan minimaal één lid een bijstandsuitkering ontvangt. Onder bijstand wordt hier uitkeringen aan huishoudens Verwey Jonker op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, tot 2015) en de Participatiewet (vanaf Instituut – 2015) en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) verstaan. Tot en met Kinderen in Tel 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Verwey-Jonker Instituut Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het CBS.
Netto arbeidsparticipatie
Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de (potentiële) beroepsbevolking.
Werkloze jongeren
Personen van 16 t/m 22 jaar die als werkzoekende staan ingeschreven bij het UWV WERKbedrijf en tegelijkertijd geen baan hebben als werknemer volgens de Verwey Jonker Polisadministratie. Tot en met 2015 zijn de cijfers van deze indicator afkomstig van het Instituut – Verwey-Jonker Instituut - Kinderen in Tel. De cijfers vanaf 2016 zijn afkomstig van het Kinderen in Tel CBS.
Personen met een bijstandsuitkering
Het aantal personen met een uitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB, t/m 2014) en de Participatiewet (vanaf 2015). De uitkeringen (leefgeld) aan personen in CBS een instelling, de elders verzorgden, zijn niet inbegrepen. Ook de uitkeringen aan daken thuislozen zijn niet inbegrepen.
Lopende reintegratievoorzieningen
Het aantal re-integratievoorzieningen per 10.000 inwoners in de leeftijd 15-64 jaar.
Bron
CBS
CBS
42
Jongeren met jeugdhulp
Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar. Jeugdhulp is de hulp en zorg zoals deze bedoeld en beschreven is in de Jeugdwet (2014). Het betreft hulp en zorg aan jongeren en hun ouders bij psychische, CBS psychosociale en/of gedragsproblemen, een verstandelijke beperking van de jongere, of opvoedingsproblemen van de ouders.
Jongeren met jeugdbescherming
Jongeren met jeugdbescherming betreft jongeren tot 18 jaar die op enig moment in de verslagperiode een maatregel door de rechter dwingend opgelegd hebben gekregen. Jeugdbescherming is een maatregel die de rechter dwingend oplegt. Dat gebeurt als een gezonde en veilige ontwikkeling van een kind of jeugdige wordt bedreigd en vrijwillige hulp niet of niet voldoende helpt. Een kind of jongere wordt dan onder toezicht gesteld of onder voogdij geplaatst.
Jongeren met jeugdreclassering
Het percentage jongeren (12-23 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-23 jaar). Jeugdreclassering is een combinatie van begeleiding en controle voor jongeren vanaf 12 jaar, die voor hun 18e verjaardag met de politie in aanraking zijn geweest en een proces-verbaal hebben gekregen. Indien de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het misdrijf is begaan daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld bij jongvolwassenen met een verstandelijke beperking, kan het jeugdstrafrecht eveneens worden toegepast op jongvolwassenen in CBS de leeftijd 18 tot en met 23 jaar. De jongere krijgt op maat gesneden begeleiding van een jeugdreclasseringswerker om te voorkomen dat hij of zij opnieuw de fout ingaat. Jeugdreclassering kan worden opgelegd door de kinderrechter of de officier van Justitie. Jeugdreclassering kan ook op initiatief van de Raad voor de Kinderbescherming in het vrijwillige kader worden opgestart. De begeleiding kan doorlopen tot de jongere 23 jaar wordt.
Cliënten met een maatwerkarrangement WMO
Aantal per 10.000 inwoners in de betreffende bevolkingsgroep. Een maatwerkarrangement is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader GMSD van de Wmo. Voor de Wmo-gegevens geldt dat het referentiegemiddelde gebaseerd is op 327 deelnemende gemeenten.
CBS
Overzicht baten en lasten 2025 van Programma 3: Soarch en Wolwêzen Bedragen x €1.000 Exploitatie
Primaire begroting 2025
Begroting na wijzigingen 2025
Realisatie 2025
Afwijking ten opzichte van begroting na wijziging
Baten
23.453
30.179
31.903
1.723
Lasten
-81.636
-94.341
-96.954
-2.613
Gerealiseerd saldo van baten en lasten
-58.183
-64.162
-65.052
-890
Onttrekkingen Gerealiseerd resultaat
293
1.137
550
-588
-57.890
-63.025
-64.502
-1.477
Toelichting op de afwijkingen Programma 3: Soarch en Wolwêzen
Bedragen x € 1.000
Afwijkingen
Incidenteel (I) Structureel (S)
BATEN 301 WMO (maatschappelijke participatie)
305
Het resultaat van de bedrijfsvoeringsbegroting bedraagt € 198.000 positief. Dit saldo is opgebouwd uit zowel positieve als negatieve verschillen. Deze worden verdeeld over alle programma’s; voor dit product betekent dit een extra baat van € 123.000. In de paragraaf Bedrijfsvoering wordt het resultaat nader toegelicht.
123
I I
Verschillen kleiner dan € 100.000
182
302 Toegang zorg en ondersteuning (w.o. Gebiedsteam)
133
Verschillen kleiner dan € 100.000
133
303 Inkomensondersteuning
169
Verschillen kleiner dan € 100.000 304 Participatie De rijksbijdragen voor de Wet Inburgering Nieuwkomers en de onderwijsroute vallen hoger uit dan begroot. Voor WIN ontvangen we € 342.000 extra en voor de onderwijsroute € 208.000. Aan de lastenzijde nemen
169
I I
1.128 550
I
43
de uitgaven overeenkomstig toe. De extra lasten worden volledig gedekt door de hogere rijksbijdragen, waardoor de baten en lasten per saldo budgetneutraal verlopen. In de decembercirculaire heeft de gemeente €329.000 extra ontvangen voor de compensatie van medewerkers van sociaal ontwikkelbedrijven. Dit bedrag is hoger dan eerder verwacht. Het Rijk heeft de vergoeding verhoogd op basis van nieuwe landelijke cijfers.
329
I
In 2025 heeft de gemeente geld gekregen voor de cofinanciering van het Leerwerkloket. Dit geld is dit jaar nog niet gebruikt. Daarom nemen we het mee naar volgend jaar, zodat we het in 2026 alsnog kunnen inzetten. Deze budgetoverheveling heeft geen invloed op het resultaat.
230
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
19
I
305 Jeugdwet
91
Verschillen kleiner dan € 100.000
91
306 Gezondheid
0
Verschillen kleiner dan € 100.000
0
307 Welzijnswerk
48
Verschillen kleiner dan € 100.000
48
I I I
308 Onderwijs (kinderopvang / vve)
-150
Voor de Sisa regeling Onderwijsachterstandenbeleid was een bedrag geraamd van € 694.000, de rijksbijdrage die we hiervoor hebben ontvangen is € 458.000. Per saldo is het effect neutraal, omdat tegenover deze lagere bate ook lagere lasten staan.
-236
I
86
I
Verschillen kleiner dan € 100.000 TOTAAL BATEN
1.723
LASTEN 301 WMO (maatschappelijke participatie)
-909
Het resultaat van de bedrijfsvoeringsbegroting bedraagt € 198.000 nadelig Dit saldo is opgebouwd uit zowel positieve als negatieve verschillen. Deze worden verdeeld over alle programma’s; voor dit product betekent dit een lagere last van € 154.000. In de paragraaf Bedrijfsvoering wordt het resultaat nader toegelicht.
154
I
De lasten van maatwerk voorzieningen zijn hoger o.a. vanwege de forse kostenstijging van Onafhankelijke Cliënten Ondersteuning (OCO). De oorzaak daarvan is dat OCO (wettelijke taak) door de jaren heen beter gevonden en benut wordt door cliënten. Door toenemende complexe problematiek onder cliënten is er in toenemende mate intensievere ondersteuning nodig.
-50
I
De lasten voor Huishoudelijke Hulp vielen ondanks een gelijkblijvende aantal cliënten lager uit door een afname in het aantal uren. Dit is het gevolg van kostenbesparende maatregelen, zoals vermeld opgenomen is in de kadernota 2026.
175
I
In 2025 is via een aanbestedingsprocedure een nieuw contract aangegaan voor WMO-hulpmiddelen. Wat anders was dan voorheen is dat de gemeente is overgegaan van een contract met een hulpmiddelendepot naar een contract zonder hulpmiddelendepot. Dat heeft als gevolg dat de gemeentelijke balanspositie aan voorraad hulpmiddelen is afgeboekt. De gemeente heeft een compensatie ontvangen.
-1.071
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
-117
I
302 Toegang zorg en ondersteuning (w.o. Gebiedsteam)
133
Het is niet gelukt het klantenportaal (digitale dienstverlening Sociaal Domein) in 2025 te realisaren door vertraging in de planning en techniek bij onze ICT-partner en de planning van de andere externe betrokken partijen. Zie ook de lage onttrekking bij de algemene reserve. Per saldo is deze mutatie budgetneutraal.
150
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
-17
I
303 Inkomensondersteuning
675
De lasten van inkomensondersteuning/uitkeringen (BUIG) zijn € 289.000 lager. De BBZ laat een voordeel zien van € 100.000 welke we in 2025 uit voorzichtigheidsprincipe niet hebben bijgesteld. Dit omdat in 2023 de realisatie fors hoger was. Bij de tweede turap 2026 wordt beoordeeld of bijstelling structureel noodzakelijk is. Daarnaast is er sprake van een daling van circa 1,2% van het aantal bijstandsgerechtigden.
289
I
386
I
Verschillen kleiner dan € 100.000 304 Participatie
-2.484
Binnen Wet sociale werkvoorziening vallen de gerealiseerde lasten hoger uit dan begroot. Dit komt doordat de lasten ten aanzien van Dokwurk niet juist zijn verwerkt in de begroting. De bijbehorende baten, zijnde de rijksbijdragen voor participatie, zijn wel correct geboekt. Hierdoor ontstaat een afwijking aan de lastenkant.
-1.117
I
De rijksbijdragen voor de Wet Inburgering Nieuwkomers en de onderwijsroute vallen hoger uit dan begroot. Voor WIN ontvangen we € 342.000 extra en voor de onderwijsroute € 208.000. Aan de batenzijde nemen de baten overeenkomstig toe. Deze meerkosten worden volledig gedekt door de hogere rijksbijdragen, waardoor de baten en lasten per saldo budgetneutraal verlopen.
-550
I
Binnen Beschut Werk en Re-integratie vallen de gerealiseerde lasten hoger uit dan begroot. Dit komt doordat de lasten ten aanzien van Dokwurk niet juist zijn verwerkt in de begroting. De bijbehorende baten,
-422
I
44
zijnde de rijksbijdragen voor participatie, zijn wel correct geboekt. Hierdoor ontstaat een afwijking aan de lastenkant. Verschillen kleiner dan € 100.000
-395
305 Jeugdwet
-173
De totale begroting voor jeugdzorg in 2025 bedroeg in totaal € 20.227.000. Op het budget is een lasten nadeel van € 169.000 uiteindelijk circa 0,8% en is daarmee ruim binnen de marge van 3% gebleven, zoals benoemd in de tweede turap 2025.
-173
306 Gezondheid
-150
De bijdrage aan de Veiligheidsregio Fryslân (VRF) was hoger dan begroot doordat de begroting van de gemeente was gebaseerd op de doorkijk naar 2025 (bron: begroting 2024 van de VRF). Doordat nieuwe taken, zoals lijkschouw en andere bijstellingen zijn doorgevoerd is er sprake van een overschrijding.
-207
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
57
I
307 Welzijnswerk
135
Voor Lokale Inclusie zijn in 2025 veel toetsingen en opvragen van offertes geweest met uitkomsten die nog nader moeten worden geprioriteerd en daarom nog niet tot uitvoering zijn gebracht. Hierdoor is er minder uitgegeven dan begroot.
123
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
12
I
308 Onderwijs (kinderopvang / vve)
160
Voor de Sisa regeling Onderwijsachterstandenbeleid was een bedrag geraamd van € 694.000, dit betrof ontvangsten van € 458.000. Er is uitgegeven € 458.000, het restant van € 236.000 is naar de balans geboekt en wordt in de komende jaren uitgegeven. Per saldo is het effect neutraal. Zie ook de toelichting bij de baten.
236
I
-76
I
Verschillen kleiner dan € 100.000 TOTAAL LASTEN
I
I
-2.613
Onttrekkingen aan reserves Onttrekking aan de Algemene reserve Het budget voor het Jongerenloket voor 2025 is niet volledig benut omdat het besluit van de tweede turap op 20 november was. Hierdoor was er niet genoeg tijd om de middelen voor 2025 uit te geven. Daarom stellen we voor om de middelen over te hevelen naar 2026. Zodat de plannen alsnog uitgevoerd kunnen worden.
-104 I
Voor Lokale Inclusie zijn in 2025 veel toetsingen en opvragen van offertes geweest met uitkomsten die nog nader moeten worden geprioriteerd en daarom nog niet tot uitvoering zijn gebracht. Daarom stellen we voor om de middelen over te hevelen naar 2026. Zodat de plannen alsnog uitgevoerd kunnen worden.
-123
I
Het is niet gelukt het klantenportaal (digitale dienstverlening Sociaal Domein) in 2025 te realisaren door vertraging in de planning en techniek bij onze ICT-partner en de planning van de andere externe betrokken partijen. Daarom stellen we voor om de middelen over te hevelen naar 2026. Zodat de plannen alsnog uitgevoerd kunnen worden.
-150
I
Onttrekking aan reserve Coalitieakkoord
-166
I
Verschillen kleiner dan € 100.000
-45
I
Totaal Onttrekkingen aan reserves
-588
TOTAAL SALDO AFWIJKINGEN
-1.477
De onttrekking voor de woonzorgvisie zorg is € 166.000 lager doordat een aantal projecten deels of niet zijn uitgevoerd. Dit betreft de verbetering verbinding welzijnsorganisaties en energietransitie en - armoede. Dit bedrag blijft beschikbaar ten behoeve van de resterende activiteiten en/of inzet ten behoeve van die projecten in 2026.
45
Programma 4 - Wurk, Bedriuw en Rekraasje Waar gaat programma 4 'Wurk, Bedriuw en Rekreaasje' over? Noardeast-Fryslân staat als gemeente voor een grote opgave. De economie is belangrijk voor de leefbaarheid van de regio. Een gerichte economische aanpak moet ertoe bijdragen dat de gemeente zich in totaliteit sterk ontwikkelt. We richten ons op het algeheel versterken van het vestigingsklimaat, stimuleren het starten van nieuwe ondernemingen, bevorderen de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en faciliteren bij het verbeteren van de innovatiekracht van het bedrijfsleven. Bij dit laatste richten we ons op sterke stuwende (“exporterende”) sectoren in de gemeente; landbouw/agrifood, maakindustrie (in het bijzonder de metaalindustrie), bouwnijverheid en toerisme/recreatie. Deze sectoren vormen de economische basis voor de lange termijn. Het faciliteren van het bedrijfsleven in vestigingsmogelijkheden en bereikbaarheid komt dit jaar concreet tot uiting in de verdere ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen en verkenning van mogelijkheden tot de aanleg van nieuwe ontsluitingswegen. Door de komst van de Centrale As is de bereikbaarheid sterk verbeterd en is mede hierdoor de vraag naar bedrijfskavels sterk gestegen. Daarnaast richten we ons op het versterken van het economisch voorzieningenniveau van de gemeente, in het bijzonder de detailhandel.
In Regiostad Dokkum met zijn bovenregionale functie en Kollum met zijn centrumpositie voor de oostkant van de gemeente werken we samen met ondernemers en inwoners aan gezonde, aantrekkelijke winkelgebieden. De gemeente Noardeast-Fryslân kan zich gelukkig prijzen met het gegeven dat ze naast een nationaal park (Lauwersmeer) een werelderfgoed (Waddenzee) en een Nationaal landschap (Noardlike Fryske Wâlden) kent. Zeer waardevolle elementen die een cruciale rol vervullen in het recreatieve en toeristische beleid. In de uitvoering van het toeristisch beleidsplan zal hier met name aandacht voor zijn, onder andere in relatie tot het ontwikkelen van streekmerken en de al bestaande infrastructuur en voorzieningen. Om de economische kracht en structuur van de gemeente Noardeast-Fryslân te versterken is het tevens van belang om ook regionaal de samenwerking te zoeken. We doen dit door gezamenlijk op te trekken met andere gemeenten, Provincie en Wetterskip in samenwerkingsverband ANNO (Agenda Netwerk Noordoost). Daarnaast werkten we met deze partijen, ondernemers, onderwijsinstellingen en het Rijk aan de uitvoering van de economische Versnellingsagenda, onderdeel van de Regiodeal Noordoost- Fryslân.
Hoofddoelstelling Behouden en streven naar een gezond ondernemersklimaat.
46
401.1 Doel: Bereikbaarheid en ruimte voor bedrijven SMART-doelstelling 401.1-1: Ontwikkeling van 2 hectare bedrijventerrein in Kollumerzwaag en Kollum Activiteit 401.1-1A: Vaststellen omgevingsplan uitbreiding bedrijventerrein Kollumerzwaag In het bedrijventerreinenconvenant, dat is vastgesteld in samenwerking met de Provincie en ANNO gemeenten, is afgesproken dat in Kollumerzwaag twee hectare bedrijventerrein ontwikkeld mag worden. Voor deze uitbreiding is een nieuw vast te stellen omgevingsplan noodzakelijk. Inhoud
Voor het omgevingsplan zijn diverse onderzoeken nodig (bodem-, ecologie). Deze zijn afgerond. Het omgevingsplan is in concept klaar en door het college vastgesteld. In oktober is er een inloopbijeenkomst georganiseerd voor belangstellenden. Het plan is in december ter inzage gelegd. Planning
De vaststelling was gepland voor 2025. Het plan ligt ter inzage en zal in de loop van 2026 vastgesteld worden mits er geen zwaarwegende zienswijzen worden ingediend. Financiën
Er zijn middelen gereserveerd via het voorbereidingskrediet bedrijventerreinen. De kosten worden verrekend in de exploitatie van het bedrijventerrein Kollumerzwaag. 401.1-1B: Vaststellen omgevingsplan uitbreiding bedrijventerrein Kollum In het bedrijventerreinenconvenant, dat is vastgesteld in samenwerking met de Provincie en ANNO gemeenten, is afgesproken dat in Kollum twee hectare bedrijventerrein ontwikkeld mag worden. Voor deze uitbreiding is een nieuw vast te stellen omgevingsplan noodzakelijk. Inhoud
Voor het omgevingsplan zijn diverse onderzoeken nodig (bodem, ecologie, archeologie). Deze zijn afgerond. Het concept omgevingsplan is door het college vastgesteld. In september is er een inloopbijeenkomst georganiseerd voor belangstellenden. Het plan is in december ter inzage gelegd. Planning
De vaststelling was gepland voor 2025. Het plan ligt ter inzage en zal in 2026 vastgesteld worden. Financiën
Er zijn middelen gereserveerd via het voorbereidingskrediet bedrijventerreinen. De kosten worden verrekend in de exploitatie van het bedrijventerrein Kollum. 47
SMART-doelstelling 401.1-2: Het relatiebeheer met bedrijven en bedrijvenverenigingen wordt versterkt Activiteit 401.1-2B: Er worden meerdere netwerkbijeenkomsten georganiseerd over actuele economische thema’s en 1 x overleg met individuele ondernemersverenigingen Wij organiseren meerdere netwerkbijeenkomsten over actuele economische thema's zoals bijvoorbeeld ondernemersfondsen, artificial intelligence (A.I.), landbouw, circulaire economie en arbeidsmarkt. Eén keer per jaar vindt er overleg plaats met de individuele ondernemersverenigingen in de gemeente. Inhoud
We organiseerden een bijeenkomst over de mogelijkheden van een gemeentebreed ondernemersfonds. Verder is er een markt georganiseerd voor startende ondernemers. Tijdens de Dag van de Ondernemer hebben zo'n 80 ondernemers de lunchbijeenkomst bijgewoond. In samenwerking met partners (o.a. ANNO gemeenten, Ynbusiness etc.) zijn er bijeenkomsten geweest over AI en circulaire economie. Ook hebben er gesprekken met de besturen van de ondernemersverenigingen plaatsgevonden. Planning
Planning is gehaald. Financiën
De kosten voor de netwerkbijeenkomsten worden betaald uit het economische budget. 401.1-2C: Er worden 10 bedrijven bezocht met het college Wij bezoeken elk jaar tien bedrijven in de gemeente. Voor een gezond ondernemersklimaat is het van belang te weten wat er speelt bij de ondernemers. Wij blijven op deze manier nauw betrokken en zijn op de hoogte van de vestiging van nieuwe bedrijven en innovaties bij bestaande bedrijven. Inhoud
Wij hebben in 2025 onderstaande bedrijven bezocht. • • • • • • • • • •
Dokkumer Vlaggen Centrale / Energiecooperatie Duurzaam Betterwird Boutique hotel de Pastorie in Reitsum Huisartsenpraktijk De Grietenij in Niawier Werk en leerbedrijf de Swaen in Westergeast Jan Cooks 4 you, cateringbedrijf in Niawier Loonbedrijf Klaas Fekkes in Marrum Havenbedrijf en visafslag Lauwersoog REPOS, graveer- en freestechniek in Dokkum Twa Architecten in Burdaard Noord Nederlandse Draadindustrie in Dokkum 48
Planning
Planning gehaald. Financiën
De kosten bestaan hoofdzakelijk uit ambtelijke uren. De overige kosten worden betaald uit het representatiebudget. 401.1-2D: Er worden minimaal 25 bedrijven met de portefeuillehouder, of individueel door de bedrijvencontactfunctionarissen bezocht De bedrijvencontactfunctionarissen gaan regelmatig bij bedrijven op bezoek. Deze bezoeken kunnen met of zonder de portefeuillehouder zijn. Voor een gezond ondernemersklimaat is het van belang te weten wat er speelt bij de ondernemers. Inhoud
De bedrijvencontactfunctionarissen bezochten in 2025 ca. 60 bedrijven / ondernemers op locatie. Vaak wordt de gemeente uitgenodigd om langs te komen omdat een ondernemer nieuwe ideeën heeft of omdat er vragen zijn over vergunningprocedures of andere zaken. De portefeuillehouder gaat mee op bezoek als dit wenselijk is. Het kan gaan om grote bedrijven maar ook ZZP-ers of startende ondernemers. Planning
Planning gehaald. Financiën
De kosten bestaan uit ambtelijke uren en vallen onder regulier werk. SMART-doelstelling 401.1-3: De verkeersontsluiting voor Dokkum en Kollum wordt verbeterd Activiteit 401.1-3A Er wordt onderzoek gedaan naar de realisatiemogelijkheid van een oost-tangent Kollum Binnen het Omgevingsprogramma Kollum wordt de realisatiemogelijkheid van de oosttangent onderzocht. Inhoud
De oost-tangent is vooral van meerwaarde voor Kollum zelf en minder voor de ANNO regio als geheel. Om die reden onderzoekt de gemeente zelf de realisatiemogelijkheid. Het maakt integraal onderdeel uit van het Omgevingsprogramma Kollum.
49
Planning
Conform planning van activiteit 503.1-3E Omgevingsprogramma Kollum. Financiën
Maakt onderdeel uit van Omgevingsprogramma voorzieningenkern Kollum. SMART-doelstelling 401.1-5:Er wordt sectoraal gemeentelijk beleid voor de landbouw om kansen op het gebied van (natuurinclusieve) landbouw, duurzaamheid en biodiversiteit te benutten ontwikkeld. Activiteit 401.1-5B: Er wordt een gebiedsplan ‘herstel bodemdaling watersysteem Dongeradielen’ aan de raad voorgelegd, voorbereid in samenwerking met de provincie. In het watersysteem Dongeradielen is sprake van schade aan het watersysteem als gevolg van gaswinning door de NAM. Om te komen tot schadeherstel vindt in een meerjarenaanpak een gebiedsproces Dongeradielen plaats onder leiding van een gebiedscommissie om te komen tot een aanpak in het bodemdalingsgebied. De gebiedscommissie is ingesteld onder het college van Gedeputeerde Staten. Wetterskip Fryslân heeft een inhoudelijke hoofdrol in het gebiedsproject. Inhoud
De provincie heeft enkele jaren geleden een gebiedscommissie Dongeradielen ingesteld in afstemming met gemeente en waterschap. Wetterskip Fryslân en de gemeente nemen samen met vertegenwoordigers uit van landbouw- en natuurorganisaties hieraan deel. Deze commissie is gericht op het herstel van het watersysteem Dongeradielen als gevolg van bodemdalingsschade door gaswinning door de NAM. De Commissie Bodemdaling Aardgaswinning Fryslân (CBAF) is betrokken bij de schadevaststelling en regelt de bekostiging van het schadeherstel met de NAM. De uitvoeringsperiode komt in beeld nadat Gedeputeerde Staten een gebiedsplan definitief hebben vastgesteld. Binnen dit gebiedsproces zal onder meer worden ingezet op realisatie van meer waterberging. Planning
In 2025 is er verder gewerkt aan de voorbereiding voor een gebiedsplan Dongeradielen. De planvorming van het Gebiedsproces Dongeradielen neemt veel meer tijd dan eerder voorzien. Het jaar 2026 is inmiddels buiten bereik geraakt voor het ontwerp van het gebiedsplan Dongeradielen. Volgend jaar zal op initiatief van de provincie een vernieuwde planning voor het gebiedsplan volgen. Via de tussenrapportage wordt uw gemeenteraad hierover op de hoogte gehouden. Eind 2025 is er ook een evaluatieproces van het gebiedsproces op gang gekomen. In 2026 zal worden bekeken of en zo ja op welke manier het gebiedsproces kan verbeterd en of er mogelijkheden zijn om meer tempo te maken.
50
Financiën
De gemaakte kosten voor de ambtelijke capaciteitsinzet namens de gemeente voor dit gebiedsproces worden via de provincie periodiek gedeclareerd bij de onafhankelijke Commissie Bodemdaling Aardgaswinning Fryslân (CBAF) en daarna betaald door de NAM. In een eerdere tussenrapportage is melding gemaakt van een mogelijke pilot vergraven van gemeentelijke bermen naar meer waterberging. Die pilot komt mogelijk in 2026 weer in beeld met bijbehorende bekostigingsvraag via de CBAF naar de NAM om dat mogelijk te maken. 401.1-5A: Er wordt een omgevingsprogramma landbouw en voedselproductie opgesteld. Het betreft concretisering van de ambities en doelen uit de Omgevingsvisie en het ontwikkelen van landbouwbeleid. In 2025 stellen we een Omgevingsprogramma landbouw op waarin concrete maatregelen en acties worden opgenomen om de ambities en doelen uit de Omgevingsvisie te realiseren. Inhoud
We stellen in 2025 een Omgevingsprogramma landbouw op. Het plan van aanpak, de planning en de kaders van het Omgevingsprogramma zijn opgenomen in de startnotitie Omgevingsprogramma landbouw. Planning
De planning met betrekking tot het opstellen van het ontwerp Omgevingsprogramma landbouw ligt op schema. Het Omgevingsprogramma Landbouw is vastgesteld op 9 december 2025. Financiën
Het opstellen van het Omgevingsprogramma landbouw is binnen het beschikbare budget gerealiseerd. 401.2 Doel: Meer instroom en toeleiding naar werk SMART-doelstelling 401.2-1: Betere samenwerking en aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt realiseren in het kader van de Versnellingsagenda Noordoost Friesland 402.1 Doel: Creëren en realiseren van de juiste randvoorwaarden voor detailhandelsbeleid SMART-doelstelling 402.1-2: de uitstraling van de binnenstad als winkel-, woon-, en verblijfsgebied wordt verhoogd Activiteit 402.1-2A: Ontwikkeling van de Noordelijke stadsentree Door de ontwikkeling van de Noordelijke stadsentree ontstaat er een economische impuls door het verbeteren van de bereikbaarheid van de binnenstad en daarmee het verhogen van het binnenstadbezoek. 51
Inhoud
De gemeenteraad heeft het college, middels een motie (18 december 2025) verzocht de mogelijkheden voor een adequate oplossing voor de parkeerproblematiek in de binnenstad in kaart te brengen en: 1. daarbij een integrale vergelijking te maken van meerder oplossingsrichtingen; 2. in het onderzoek expliciet aandacht te besteden aan nut en noodzaak van de voorgestelde oplossingen, de financiële haalbaarheid, risico’s, ruimtelijk, sociale en economische impact op de omgeving, de gevolgen voor infrastructuur en de technische haalbaarheid te onderzoeken; 3. het distributieplanologisch DTNP-onderzoek te actualiseren; 4. de resultaten van de verkenning aan de Raad aan te bieden in het derde kwartaal van 2026. Voor genoemd onderzoek is een aanvullend budget van € 150.000 benodigd. Het aanvullend budget om deze motie uit te voeren wordt in de 1e tussentijdse rapportage van 2026 verwerkt en aan de raad voorgelegd ter vaststelling. Planning
Besluitvorming van het onderzoeksvoorstel: April 2026 Oplevering onderzoek: Oktober 2026 Financiën
Omschrijving
€ (x 1.000)
Bij: 2020 Aanbiedingsbrief begroting onderzoeksbudget
150
Bij: 2024 1e rapportage verhoging voorbereidingskosten
100
Actueel Budget
250
Af: Lasten tot en met 31-12-2025
-221
Af: Aangegane verplichtingen tot en met 31-12-2025
0
Saldo
29
Af: Verwachte lasten tot en met einde project
-29
Eindsaldo
0
Toelichting: De begroting hierboven geldt voor de hele duur van het project. Voor het kerstreces 2025 heeft de Raad een motie aangenomen waarin de raad het college verzoekt om gedurende 2026 een bredere verkenning uit te voeren naar de parkeerproblematiek in de binnenstad van Dokkum. Het aanvullend budget (€ 150.000) om deze motie uit te voeren wordt in de 1e tussentijdse rapportage van 2026 verwerkt en aan de raad voorgelegd ter vaststelling.
52
403.1 Doel: Meer toekomstbestendige, duurzame en innovatieve bedrijvigheid. SMART-doelstelling 403.1-1: De omvang van het deel van de lokale MKB bedrijven dat als duurzaam wordt aangemerkt heeft vóór 2026 een omvang van 20% behaald Activiteit 403.1-1A: Opstellen/uitvoeren beleids- en uitvoeringsplan circulaire economie Een circulaire economie kan zorgen voor minder schaarste aan grondstoffen, is minder belastend voor het milieu en biedt economisch nieuwe kansen voor bedrijven. In ANNO- verband voeren wij gesprekken over een regionale circulaire beleidsagenda. Inhoud
De gemeente speelt een rol in het bevorderen van een circulaire economie. Daarvoor zijn kaders nodig die in een beleidsnotitie worden neergelegd, gevolgd door een uitvoeringsprogramma. Dit jaar wordt daarvoor eerst een startnotitie opgesteld, bij voorkeur in regionaal ANNO- verband. Planning
De planning om in Q4 van 2025 een startnotitie gereed te hebben is gehaald. Financiën
Voor het opstellen van de startnotitie waren geen additionele middelen nodig. Het plan en uitvoeringsprogramma worden vanuit de CDOKE middelen gefinancierd. 404.1 Doel: De aantrekkelijkheid en gastvrijheid van de gemeente om te recreëren en te verblijven verder vergroten SMART-doelstelling 404.1-1: Meer toeristische en recreatieve voorzieningen in het Lauwersmeer- en Waddengebied realiseren Activiteit 404.1-1B: Voorbereiding en uitvoering van het project Op Paad lâns it Waad Met het project Op Paad lâns it Waad geven we in Fryslân invulling aan de ambitie om de Waddenzee beter beleefbaar en toegankelijk te maken vanaf het vaste land. De dijk als geleidingslijn om de unieke waddenkustregio te verkennen en te beleven. Het betreft een samenwerkingsproject met de gemeenten Harlingen en Waadhoeke, provincie Fryslân en Wetterskip Fryslân. Het project creëert de mogelijkheid voor het maken van een belevingstocht langs de waddenkust, wandelend en op de fiets. De combinatie van buitendijks fietsen en binnendijks genieten van historische terpdorpen en het cultuurlandschap maakt het aantrekkelijk voor bezoekers. Het project sluit in onze gemeente aan op de geplande dijkversterking van Harlingen tot aan het Lauwersmeer. In twee fasen wordt het project uitgevoerd. Fase 1 Harlingen – Koehool valt buiten de dijkversterking en is in 2025 gereed.
En fase 2 Koehool – Lauwersmeer loopt samen met uitvoering van de dijkversterking. Naast een infrastructurele basis (trajecten toegankelijk maken voor fietsers en wandelaars) gaat het project om het benutten van de verbindingen en het verleiden van bezoekers. Het versterken van de belevingswaarde van het dijktracé wordt vormgegeven door in te zetten op natuurbeleving, landschapskunst en informatievoorziening. De voorbereiding en uitvoering van fase 2 (deel Waadhoeke en hele gemeente Noardeast-Fryslân) vindt plaats in de periode 2025 – 2032. 53
Inhoud
Voor het traject in Noardeast-Fryslân (fase2) is het project Op paad lâns it Waad gekoppeld aan de dijkversterking. In 2025 zijn we in afstemming met het Wetterskip verder gegaan met de voorbereidingen voor het concrete plan voor het traject Ternaard-Peazens-Moddergat. In 2025 is ook de uitwerking gestart van de delen waar een groene dijk als voorkeurstracé is bepaald. Het dilemma tussen natuur en beleving blijft een belangrijk aandachtspunt. Verder kijken we in het project naar kansen voor inclusiviteit als daar na het vaststellen van de primaire maatregelen nog geld voor is. Het project van de dijkversterking gaat mogelijk tot 2032 duren. Onderdelen van het project Op paad lâns it Waad duren net zo lang als de dijkversterking. Planning
Er wordt nog steeds onderhandeld over de financiering van de maatregelen voor het tracé Ternaard Peazens Moddergat (TPM). Het plan is dat in 2026 duidelijk te hebben. Daarnaast is het waterschap verder gegaan met het concretiseren van de maatregelen in het tracé van de groene dijk. Verder zijn de dorpen benaderd om voorkeurslocaties aan te geven voor Sitpleatsen (beleefplekken op de dijk). En er worden gesprekken gevoerd over het realiseren van een eerste TOP bij Hegebeintum. Financiën
De gemeentelijke bijdrage aan het project is vastgelegd in een reserve. Naar verwachting is het geraamde bedrag voor fase 2 toereikend voor de uitvoering van het oorspronkelijke projectplan. Voor de gewenste twee extra dijkopgangen in het tracé TPM is de financiering op het moment nog onduidelijk. Opgenomen als koppelkans in het tracé zijn de opgangen te duur voor het project Op paad lâns it Waad. In het voorjaar van 2026 zoeken we met het waterschap mogelijkheden om de dijkopgangen toch te kunnen realiseren. 404.1-1A: Participeren in de gebiedsprocessen voor de waddenkust binnen samenwerking 1Dyk De komende jaren werken we samen aan het verbeteren van de dijk tussen Koehool en Lauwersmeer. Er blijven na het stoppen van de samenwerking in 1DYK maar weinig koppelkansen met de dijkversterking over. Onder regie van de provincie hebben we de gebiedsprocessen weer opgepakt onder de vlag van het Fries programma Waddenkust. Een samenwerking van Provincie Fryslân, Wetterskip Fryslân en gemeenten Waadhoeke en Noardeast-Fryslân. Hier werken we aan een Uitvoeringsprogramma wat de basis is voor een Investeringskader Waddengebied (IKW)/Waddenfonds aanvraag. Dit programma richt zich op een toekomstbestendige Waddenkust met vooral aandacht voor leefbaarheid (breed), zoetwaterbeschikbaarheid en verbeteren van biodiversiteit.
54
Inhoud
Het waterschap gaat zelfstandig verder met het versterken van de dijk. Er zijn opgaven en initiatieven waarbij gezamenlijkheid wel gewenst is. De komende periode wordt vanuit de overheden aan de Fryske kust gewerkt aan een uitvoeringsprogramma wat de basis is voor een IKW aanvraag. Planning