CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2024

Commissie Bestuur 21 juni 2023, gemeente NissewaardBij agendapunt: Perspectiefnota 202425.486 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Deze laatste vormt immers de belangrijkste buffer om risico’s op te vangen. Deze risico’s betreffen voornamelijk de grondexploitaties en de algemene uitkering. De verwachte ontwikkeling van de Algemene reserve er als volgt uit.

Verloop Algemene reserve Saldo 1-1 (begroting) Jaarrekening 2022 (voor account. controle) (1) Overheveling 2022 -> 2023 (concept) Reeds opgenomen in begroting 2023 – 2026

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2023 2024 2025 2026 61.704 52.762 52.112 52.112 3.733 -6.370 -2.694 -650

Voorstellen Perspectiefnota 2024 Onttrekking nadelig saldo 2023 Schenking ramp Turkije en Syrië

-2.412 -50 24

2027 52.112

Storting reserve Nn2040 -960 Investeringen/vergoedingen i.k.v. verordening -189 Onderwijshuisvesting Saldo 31-12 (rekening) 52.762 52.112 52.112 52.112 (1) Deze post is een voorlopige inschatting en nog onder voorbehoud van vaststelling door de gemeenteraad van de betreffende financiële stukken.

52.112

Naast de Algemene reserve beschikt de gemeente Nissewaard ook nog over andere (bestemmings-) reserves. In bijlage IV is hiervan het verloop terug te vinden. 2.7 Verloop weerstandsratio De gemeentelijke huishouding is zowel beleidsmatig als financieel zeer omvangrijk. Hier zijn onvermijdelijk risico’s mee verbonden. Om het financiële huishoudboekje op orde te houden is het zaak om bewust met deze risico’s bezig te zijn (risicomanagement). Dit begint met het in kaart brengen van potentiële risico’s en de daarmee samenhangende financiële effecten, het (waar) mogelijk reduceren van deze risico’s en zorgen voor voldoende weerstandsvermogen om de financiële effecten die met de risico’s samenhangen op te kunnen vangen. Jaarlijks wordt de gemeenteraad hierover via de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer in de begroting en jaarrekening geïnformeerd en geadviseerd. Uitgaande van de bij de jaarrekening 2022 bepaalde benodigde weerstandscapaciteit, de reserves welke tot de weerstandscapaciteit worden gerekend en de standen van de reserves zoals vermeld in bijlage IV, ziet het verloop van de weerstandsratio er als volgt uit.

1-1-2023

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 1-1-2024 1-1-2025 1-1-2026

1-1-2027

Benodigde weerstandscapaciteit 90% (ceteris paribus jaarrekening 2022)

15.958

15.958

15.958

15.958

15.958

Algemene reserve Reserve Sociaal Domein Reserve Beheer Totaal weerstandsvermogen

61.704 8.610 9.048 79.362

52.762 7.432 8.719 68.913

52.112 7.291 7.939 67.342

52.112 7.241 7.945 67.298

52.112 7.191 7.951 67.254

4,97

4,32

4,22

4,22

4,21

Weerstandsratio

De streefwaarde van de weerstandsratio bedraagt 1. Op basis van het bovenstaande meerjarenoverzicht beschikt de gemeente Nissewaard over een “uitstekend” weerstandsvermogen. 2.8 Stelpost loon- en prijsstijging Jaarlijks krijgt de gemeente via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds compensatie voor de verwachte loon- en prijsstijgingen. Omdat onze begroting in constante prijzen wordt geraamd, worden de meerjarige loon- en prijsstijging bij de raming van de algemene uitkering buiten beschouwing gelaten. Immers, wanneer de verwachte loon- en prijsstijging voor 2025 reeds als beschikbare ruimte bij de voor de begroting 2024 – 2027 wordt betrokken, is er bij het opstellen van de begroting 2025 – 2028 geen ruimte meer om de loon- en prijsstijging 2025 te kunnen betalen. Dit neemt niet weg dat er wel inzicht gegeven kan worden in de loon- en prijscompensatie welke de komende jaren via de algemene uitkering verwacht wordt. Ten behoeve van dit inzicht wordt de algemene uitkering inclusief de loon- en prijscompensatie voor de komende jaren geraamd. Deze

25

loon- en prijscompensatie wordt vervolgens geparkeerd op een stelpost, ter dekking van de verwachte loon- en prijsstijgingen bij de komende begrotingen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2024 2025 2026

Onderwerp 2027 Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2024 t/m 6.539 12.600 18.739 18.739 2027 cumulatief Loon- en prijscompensatie 2024 – reeds verwerkt in -6.539 -6.539 -6.539 -6.539 het saldo van de technische begroting 2024 – 2027 Vrijval op basis van decembercirculaire 2022 – reeds verwerkt in het saldo van de technische begroting 2024 -1.108 -2.542 -2.542 – 2027 Saldo loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 0 4.953 9.658 9.658* 2024 t/m 2027 cumulatief *Bij de meicirculaire 2023 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2027 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Algemene dienst Daarmee wordt in de begroting 2024 – 2027 de volgende stelpost loon- en prijscompensatie voor 2025 t/m 2027 opgenomen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2024 2025 2026 2027 Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2024 t/m 4.953 9.658 9.658* 2027 cumulatief *Bij de meicirculaire 2023 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2027 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Deze stelpost wordt betrokken bij het opstellen van de begrotingen 2025 en verder. 2.9 Stelpost areaalmutaties Het aantal woningen en inwoners fluctueert van jaar tot jaar. Hoewel dit op het totaal van beperkte omvang is, kan dit wel extra lasten voor de gemeente met zich meebrengen alsook extra baten.

Zo zal bijvoorbeeld het bouwen van extra woningen leiden tot een groter gebied dat beheert moet worden. Daar staat dan weer tegenover dat de extra woningen en inwoners leiden tot een hogere algemene uitkering en meer OZB-inkomsten. Een en ander vice versa bij een daling van het aantal woningen en inwoners. Net als de hierboven genoemde meerjarige loon- en prijscompensatie is het de bedoeling om hiermee meer inzicht te creëren in de verwachte toekomstige groei (en krimp) van onze gemeente. Het verloop van de stelpost ziet er als volgt uit. Hierbij is rekening gehouden met de voorgestelde onttrekking voor het knelpunt areaaluitbreiding Beheer. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2023 2024 2025 2026 2027 Stelpost Areaalmutaties 343 365 389 481 481 Inzet knelpunten Perspectiefnota 2024 -343 -365 -389 -481 -481 Areaalmutaties OZB 2024 t/m 2027 PM PM PM PM Saldo 0 0 0 0 0 Met het opstellen van de programmabegroting 2024 – 2027 zal deze stelpost verder worden geactualiseerd.

26

3.

Indeling programmabegroting 2024 - 2027

3.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt de indeling aangegeven voor de programmabegroting 2024 – 2027. Per programma is, conform de programmabegroting 2023 -2026 een aantal thema’s benoemd welke de (politieke) essentie van het betreffende programma weergeven. Per thema worden vervolgens de volgende punten aangegeven: • Wat willen we bereiken? (doelen en indicatoren) • Wat gaan we daarvoor doen? (activiteiten, inzet, etc.) • Financiën (lasten en baten) • Verbonden partijen Naast de onderstaande programma’s en thema’s zal de programmabegroting, net als in de vorige gemeenteraadsperiode een bestuurlijke samenvatting (hoofdpunten beleid en financiën), paragrafen (specifieke onderwerpen) en de financiële begroting (financieel technische informatie over de opbouw van de begroting) bevatten. 3.2 Programma’s 1. Bestuur en dienstverlening Thema’s 1.1 Bestuur 1.2 Burgerzaken 1.3 Dienstverlening 2. Schoon, heel en veilig Thema’s: 2.1 Openbare orde & veiligheid 2.2 Beheer openbare ruimte 2.3 Accommodaties & parkeren 3. Duurzaam ontwikkelen en wonen Thema’s: 3.1 Ruimtelijke ontwikkeling 3.2 Bereikbaarheid & mobiliteit 3.3 Duurzaamheid 3.4 Wonen 3.5 Bouwprojecten & grondexploitatie 4. Ondernemen en ontspannen Thema’s: 4.1 Economie 4.2 Cultuur 4.3 Recreatie & toerisme 4.4 Cultureel erfgoed 4.5 Sport 5. Leren, participeren en ondersteunen 27

Thema’s: 5.1 Onderwijs 5.2 Thuis in Nissewaard 5.3 Maatwerk Jeugd 5.4 Maatwerk volwassenen 5.5 Werk, inkomen, armoedebeleid & emancipatie 5.6 Volksgezondheid 6. Overzichten Thema’s: 6.1 Ondersteuning organisatie 6.2 Treasury 6.3 Vennootschapsbelasting 6.4 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 6.5 Onroerende Zaakbelasting 6.6 Overige belastingen 6.7 Overige baten en lasten 3.3 Paragrafen Lokale Heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheer Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Openbaarheid (Woo)

28

4.

Bijlage I Indexatie

De meerjarenraming van Nissewaard wordt in constante – prijzen geraamd, dat wil zeggen de baten en lasten worden meerjarig niet geïndexeerd. Deze indexatie wordt op jaarbasis gedaan bij het opstellen van de nieuwe (technische) begroting voor het komende dienstjaar en vastgelegd in de perspectiefnota. Het uitgangspunt voor deze indexatie is dat de baten en lasten met de inflatie meebewegen. Bij het indexeren zijn er vier mogelijkheden:  Geen indexatie  Alleen loonindexatie  Alleen prijsindexatie  Gemengde indexatie Op basis van de soort kosten is per lasten- en baten categorie bepaald welke indexatie van toepassing is. Voor de indexatie van de begroting 2024 wordt teruggekeken naar eerdere indexatie prognoses op basis van de realisatiecijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hiervoor afgeeft. Voor de prognoses van indexatie maken we gebruik van de informatie van het Centraal Planbureau (CPB) de Macro Economische Verkenning (MEV) en het Centraal Economisch Plan (CEP). 4.1 Prijzen

Deze indexatie wordt gebruikt voor de materiële budgetten. Herberekening 2022 In de Perspectiefnota 2023 is uitgegaan van 2,5% als stijgingspercentage materiële kosten 2022. Op basis van het CBS is het inflatiepercentage 2022 op 10% uitgekomen. In de Perspectiefnota 2024 vindt er dan ook een correctie plaats van 7,5%. Inschatting 2023 In de Perspectiefnota 2023 is 2% opgenomen als stijgingspercentage materiële kosten 2023. Op basis van de prognose van het CPB september 2022 wordt voor 2023 een stijgingspercentage van 4,3% voorspeld. In de Perspectiefnota 2024 vindt er dan ook een correctie plaats van 2,3%. Inschatting 2024 De prognose voor 2024 wordt geschat op 3%. Dit, gegeven de inschatting voor 2023 en het streefpercentage van de Europese Centrale Bank van 2%. Ten opzichte van de begroting 2023 vindt daarmee een prijsindexatie plaats van 12,8% (7,5% nacalculatie 2022 + 2,3% bijstelling inschatting 2023 + 3% inschatting 2024). Conclusie: Indexatie prijzen 2023 +12,8 % 4.2 Lonen De huidige CAO loopt van 1 januari 2023 tot 1 januari 2024.

29

Voor de berekening van het stijgingspercentage voor personele kosten in 2024 worden de volgende componenten meegenomen: a. Gevolgen van CAO-ontwikkelingen. b. Wijzigingen in de werkgeverspremies, zoals pensioen-, WAO- en ziektekostenpremies. c. Reguliere jaarlijkse periodieke verhogingen van individuele loonkostenontwikkelingen. Herberekening 2022 In de Perspectiefnota 2023 is 2,47% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2022. Hierop vindt geen verdere correctie plaats. Inschatting 2023 In de Perspectiefnota 2023 is 3,1% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2023. In de Perspectiefnota 2024 wordt dit percentage 7,53%, derhalve een correctie van 4,43%. Dit betreft een correctie op de raming van de CAO-stijging van 5% en – 0,57% daling van de werkgeverslasten. Inschatting 2024 Voor 2024 wordt een stijging van de loonkosten geraamd van 3,5%. Dit bestaat uit 3% verwachte stijging van het CAO gerelateerd loon en 0,5% als verwachte stijging werkgeverslasten. Herberekening 2022 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies

3,17% -0,70%

3,17% -0,70%

0,00% 0,00% 0,00%*

Inschatting 2023 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies

2,60% 0,50%

7,60% -0,07%

5,00% -0,57% 4,43%*

Inschatting 2024 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies

0,00% 0,00%

3,00% 0,50%

3,00% 0,50% 3,50%*

*De periodieken en loonontwikkeling wordt met ingang van de begroting 2022 – 2025 niet langer als percentage in de technische begroting verwerkt, maar als bedrag. De effecten 2022, 2023 en 2024 bij elkaar geteld geven een indexatie voor lonen van 7,93% ten opzicht van de begroting 2023. Conclusie : Indexatie lonen 2023 +7,93% 4.3 Samengesteld percentage Bepaalde budgetten in de begroting bestaan zowel uit prijs- als looncomponenten. Bijvoorbeeld subsidies aan instellingen. Voor de indexatie van deze budgetten wordt uitgegaan van een samengesteld percentage van het geraamde prijs- en loonstijgingspercentage op basis van een verhouding van 50% materiële en 50% personele kosten. De berekening hiervan ziet er als volgt uit:

30

50% x stijging personele kosten 50% x prijsstijging + stijging samengestelde budgetten

: : :

50% x 7,93% 50% x 12,80%

= 3,97% = 6,40% + 10,37%

Conclusie : Indexatie samengestelde budgetten +10,37% De indexatie van de samengestelde budgetten is tevens de basis voor de indexatie van de belastingen en tarieven. Echter, voor 2023 is reeds deels rekening gehouden met de hogere prijsstijging. Hierdoor komt het stijgingspercentage voor de belastingen en tarieven voor 2024 uit op 8,82%. Berekening laten Conclusie : Indexatie belastingen en tarieven 2024 +8,82% 4.4 Toelichting berekeningswijze belastingen (OZB) en tarieven (riolering) Hierboven is aangegeven dat het indexatiepercentage voor de gemeentelijke belastingen en tarieven voor 2024 8,82% bedraagt. Houdt dat nu ook in dat daarmee het stijgingspercentage van de belastingen en tarieven voor 2024 automatisch 8,82% bedraagt? Nee, het uiteindelijke stijgingspercentage kan afwijken. Dit kan geïllustreerd worden aan de hand van een drietal voorbeelden: de OZB-tarieven, het rioolrecht en de afvalstoffenheffing. OZB Voor de OZB-tarieven zijn er naast het indexatiepercentage diverse andere factoren van invloed op de hoogte van het stijgingspercentage. Gedacht kan worden aan de waarde-ontwikkeling van woningen. Wanneer woningen meer waard worden, daalt het OZB-tarief. Wanneer woningen minder waard worden, stijgt dit tarief. Hierdoor wordt een door de tijd heen zo gelijkmatig mogelijke belastingdruk bewerkstelligd.

Wanneer deze correctie niet zou plaatsvinden, zou dat flinke schommelingen veroorzaken in het bedrag dat inwoners jaarlijks aan OZB moeten betalen, maar ook wat de gemeente jaarlijks aan OZB ontvangt. Dit is voor onze inwoners niet wenselijk, maar ook niet voor de gemeente. Hiermee zouden flinke schommelingen in de begroting kunnen ontstaan, wat het moeilijker maakt om een stabiel gemeentelijk beleid te voeren. Daarnaast wordt in de hoogte van de tarieven rekening gehouden met bijvoorbeeld ‘oninvorderbare aanslagen’. Waarom gebeurt dat? Het is de bedoeling dat de in de (technische) begroting geraamde OZB-inkomsten worden binnen gehaald, in dit geval vermeerderd met 8,82%. Wanneer geen rekening gehouden zou worden met ‘oninvorderbaar’ zou de geraamde belastingopbrengst nooit gehaald worden met als gevolg een tekort in de begroting en een nadeel bij de jaarrekening. Bij het bepalen van de OZB-tarieven voor 2024 wordt gekeken naar de in de begroting 2023 geraamde opbrengst. Deze wordt vermenigvuldigd met 8,82%. Daarmee is de te innen OZBopbrengst bepaald. Vervolgens wordt rekening gehouden met oninvorderbaar, leegstand (bij nietwoningen) en waardemutaties. Ter illustratie: Opbrengst OZB begroting 2023 + 8,82% inflatiestijging = te realiseren opbrengst OZB 2024.

Te realiseren opbrengst OZB 2024 = totale waarde onroerend goed x OZB-tarief 2024 Om het tarief 2024 te bepalen wordt dus de te realiseren opbrengst OZB 2023 als uitgangspunt genomen. Vervolgens wordt in de tariefsbepaling rekening gehouden met (mutaties ten aanzien van) waardeontwikkeling als gevolg van bezwaarschriften, oninvorderbaar en leegstand.

31

Rioolrecht Het tarief voor het rioolrecht is naast de hoogte van het inflatiepercentage afhankelijk van de kosten welke de gemeente moet maken om de afvoer van (afval)water te regelen. Zo leiden meer investeringen (kosten) tot een hoger tarief. Afvalstoffenheffing Ook voor dit tarief geldt dat er meer aspecten van invloed zijn dan alleen het inflatiepercentage. In dit geval zijn vooral de hoeveelheid aangeboden afval en de verwerkingskosten van dat afval bepalende factoren. De belastingtarieven worden in concept berekend bij de begroting 2024 waarna in december 2023 de tarieven ter definitieve vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

32

5.

Bijlage II Overzicht knelpunten 2023 – 2027

Onderstaand wordt een overzicht inclusief bijbehorende toelichting weergegeven van de geïnventariseerde knelpunten voor 2023 – – 2027. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 2023 2024 2025 2026 2027 Bestuur en dienstverlening Bestuur 1. Schenking NTO + Fonds Lasten -50 VNG i.v.m. ramp Turkije en Syrië Algemene reserve Baten 50 2. Placebranding Lasten -100 -100 Dienstverlening 3. Digitale toegankelijkheid en Lasten -75 -75 PM begrijpelijkheid Totaal Bestuur en 0 -175 -175 0 0 dienstverlening Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 4. Veiligheidsregio Rotterdam Lasten -390 -179 -340 -503 -503 Rijnmond (VRR) 5. Horeca stewards Lasten PM PM PM PM 6. Jeugdboa’s (2 fte) Lasten -180 -180 PM PM 7. Onderzoek afhandeling Lasten -25 huisverboden Beheer openbare ruimte 8. Indexering kapitaallasten Lasten PM PM PM PM PM meerjaren investeringsschema 9. Indexering contracten, Lasten -831 -871 -871 -1.389 -1.389 uitbreiding areaal en nieuwe contracten Stelpost Areaalmutaties Lasten 277 299 323 415 415 10. Uitvoeringsplan groot Lasten -863 -1.772 -1.194 -1.333 -1.207 onderhoud beheer openbare ruimte 2024 2027 Instellen reserve Groot Baten 863 1.772 1.194 1.333 1.207 onderhoud 11. Prijsindexatie contracten Lasten -31 -31 PM PM Groot Onderhoud 12. Onderhoud stedelijk water Lasten -300 -300 PM PM Rioolrecht Baten 100 100 PM PM 13.

Stelpost Beheer Lasten -50 PM PM (vervangingsopgave) 14. Areaaluitbreidingen Lasten -66 -66 -66 -66 -66 Stelpost Areaalmutaties Baten 66 66 66 66 66 33

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 15. Minder inkomsten reclame Lasten 16. Riolering - gemaal Braband Lasten Voorziening Riolering Baten 17. Riolering - onderhoud Lasten gemalen Voorziening Riolering Baten (2023) en rioolrecht (2024 en verder) 18. Wijkaanpak Lasten Reserve Herstructurering Baten wijken 19. Inhuur VTH Lasten Accommodaties en parkeren 20. Indexering kapitaallasten Lasten meerjaren investeringsschema 21. Indexatie planmatig Lasten onderhoud 22. Openluchtzwembaden Lasten subsidieregeling 23. Advieskosten Lasten verduurzamen Reserve Duurzaamheid Baten Totaal Schoon, heel en veilig Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 24. Nn2024 - formatie Lasten progr.man. + ondersteuning + uitvoering Instellen reserve Nn2040 Baten t.l.v. Algemene reserve 25. Beheerder Lasten buitenruimte/taak elektr. Installatieverantwoordelijke 26. Strategisch adviseur Lasten Ruimtelijke Ontwikkelingen 27. Brug over de haven Lasten 28. Opstellen Omgevingsplan Lasten 29. Onderhouden Lasten Omgevingsplan 30. Bestuursopdracht bodem Lasten 31. Geo adviseur (i.r.t. Lasten Omgevingswet) 32. Regelanalist (i.r.t. Lasten Omgevingswet, 0,5 fte)

2023

2024 -27

2025 -27

2026 PM

2027 PM

-2.500 2.500 -100

-100

-100

-100

-100

100

100

100

100

100

PM

PM

PM

PM

-78

-77

PM

PM

-20

-20

PM

PM

-50

-50

PM

PM

-1.337

-1.523

-1.477

-1.477

-320

-320

-320

320

320

320

-90

-90

PM

PM

-16 PM -22

-16

-16

-16

-22

PM

PM

PM -100

PM -100

PM PM

PM PM

-50

-50

PM

PM

-1.000 1.000 -51

PM

-50 50 -1.020

-60

34

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 33. Beleidsmedewerker milieu Lasten (0,33 fte) (i.r.t. Omgevingswet) 34. Bouwleges Baten Bouwleges - advieskosten Lasten en inhuur 35. Windturbines Lasten Windturbines Baten Bereikbaarheid en mobiliteit 36. Medewerker verkeerszaken Lasten t.b.v. laadpalen (0,33 fte) Dekking subsidie Baten duurzaamheid 37. Public Affairs - lobby A4Lasten Zuid Duurzaamheid 38. Klimaatadaptatie Lasten Voorziening Riolering Baten Wonen 39. Investering woonwagens Lasten Totaal Duurzaam ontwikkelen en wonen Ondernemen en ontspannen Economie 40. Gevelfonds Voorstraat Lasten Cultuur 41. Cultuursubsidies aan Lasten culturele organisaties 42. Exploitatie De Stoep Lasten Recreatie & toerisme 43. Versterken beleving Oude Lasten Maas realisatie fiets- en voetpad inclusief verlichting Sport 44. Hogere kosten pumptrack Lasten Aanbestedingsvoordeel Lasten zwembad 45. Hogere energiekosten Lasten maatschappelijke gebouwen Totaal Ondernemen en ontspannen

2023

2024 -32

2025 -32

2026 PM

2027 PM

569 -569

144 -144

123 -123

-20

-20

-40

-40

-40

20

20

40

40

40

-50

-50

-100 100

-100 100

-14

-14

-14

-14

-434

-374

-30

-30

-7

-12

PM

PM

-200

-200

PM

PM

PM

PM

PM

-22 22

-22 22

-22 22

-21 21

PM

PM

PM

PM

PM

0

-257

-212

0

0

480 -480

0

-50

35

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten Leren, participeren en ondersteunen Onderwijs 46. Indexering investeringen Lasten onderwijshuisvesting 47. Integraal Huisvestingsplan Lasten (IHP) 48. Investeringen/vergoedingen Lasten i.k.v. verordening Onderwijshuisvesting Algemene reserve Baten 49. Kostenstijging nieuwbouw Lasten My College 50. Kostenstijging nieuwbouw Lasten Penta mavo 51. Kostenstijging IKC Lasten Elementen Schenkel 52. Zonnepanelen op dak IKC Lasten Sterrenkwartier Inkomsten onderwijs en Baten kinderdagopvang Totaal Leren, participeren en ondersteunen Overzichten Ondersteuning organisatie 53. Oplopende rente leningen Lasten 54. CAO gemeenten Lasten Vrijval analyseverschil pLasten lasten (pb 2023 - 2026) 55. Arbo voorzieningen Lasten 56. Centraal opleidingsbudget Lasten 57. Werving en selectie Lasten (arbeidsmarktstrategie) 58. Beveiliging gebouwen Lasten hogere indexatie 59. Pensioenuitkeringen exLasten bestuurders Algemene uitkering 60. Herverdeeleffect GF Baten Sociaal Domein 37% Lasten 61. Financieel ravijn GF Baten Sociaal Domein 37% Lasten 62. Accres - volumedeel op Baten basis van BBP (VJN 2023) Sociaal Domein 37% Lasten OZB en overige belastingen 63. Verlaging marktgelden Baten Belastingopbrengsten Baten Totaal Overzichten

2023

2024

2025

2026

2027

PM

PM

PM

PM

PM PM

-189

-47

189 -105

-104 -173

-25

-25

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

0

-47

0

-130

-302

PM

PM

PM

-24 -180 -53

-24 -152 -53

PM PM

PM PM

-73

-73

PM

PM

-14

-14

-14

-14

-3.000 249

-14

PM PM PM PM 705 -261

-2.765

-21 21 -344

-21 21 -316

-21 21 -14

-21 21 430 36

Nr. Omschrijving 64. Sociaal Domein Totaal knelpunten

Lasten/ Baten

2023 0

2024 0

2025 0

2026 0

2027 0

-3.785

-2.594

-2.600

-1.651

-1.379

Toelichting knelpunten 5.1 Bestuur en dienstverlening Bestuur 1. Schenking Nederlands-Turks Ontmoetingscentrum (NTO) + Fonds Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) i.v.m. ramp Turkije en Syrië / Algemene reserve Voor de ramp in Turkije en Syrië is eerder € 50.000 beschikbaar gesteld. Voorgesteld wordt om deze lasten te dekken via de Algemene reserve. 2. Placebranding Placebranding draagt bij aan het imago en de naamsbekendheid van Nissewaard bij bewoners, bedrijven, bezoekers en partners. Dit is om toekomstbestendige, aantrekkelijke, vitale, woon- en werkgemeente te zijn en te blijven. In 2021 heeft de raad het college gevraagd de signatuur “Next Generation” verder uit te werken. In 2022 is vervolgens gestart met de implementatie van Placebranding (en beeldmerk) en is het Uitvoeringsplan 2022 – 2025 opgesteld. Gekoppeld aan het Uitvoeringsplan 2022 – 2025 is een jaarplan 2023 opgesteld voor de uitvoering van Placebranding. Placebranding Nissewaard wordt ingezet als middel, dat kan bijdragen aan een nieuw imago en een verbrede naamsbekendheid van Nissewaard bij bewoners, bedrijven, bezoekers en partners. We zetten met elkaar het merk Nissewaard neer door te bouwen aan een goede naamsbekendheid en een positief imago Nissewaard. Het ontwikkelen en beklijven van Placebranding is een proces van de lange adem. Het is integraal bouwen aan naamsbekendheid en imago.

De implementatie van het merk Nissewaard vraagt voor de komende jaren om uitvoering te geven aan met elkaar samenhangende activiteiten aan de hand van vier programmalijnen. Daarnaast zal in de komende jaren Placebranding structureel ingebed dienen te worden in de gemeentelijke organisatie. Dienstverlening 3. Digitale toegankelijkheid en begrijpelijkheid Er is continu aandacht nodig voor digitale inclusie. Voor alle websites, app’s en webapplicaties moeten toegankelijkheidsverklaringen en verbeterplannen worden opgesteld. Brieven en informatie op websites moet herschreven worden (bij voorkeur op B1-taalniveau). De implementatie van het Besluit Digitaal Toegankelijke Overheid (BDTO) vraagt om regie op websites/app’s/webapplicaties, een projectmatige aanpak en borging van werkafspraken. 5.2 Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 4. Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond (VRR) In de 1e begrotingswijziging/kadernota 2024 van de VRR is aangegeven dat de hogere indexatie en de gevolgen van de herstructurering van het gemeentefonds een nadelig effect hebben op de bijdrage per gemeente voor het DVO. Voor de gemeente Nissewaard valt dit nadelig uit. De VRR houdt voor haar meerjarenbegroting (2025 en verder) reeds rekening met een deel nacalculatie voor 2023 - 2024.

Dit is echter in strijd met de gemaakte afspraken omtrent de indexeringsmethodiek voor gemeenschappelijke regelingen omdat een dergelijke nacalculatie pas in 37

de begroting 2025 – 2028 thuis hoort. In de meerjarenbegroting voor Nissewaard wordt hier dan ook nog geen rekening gehouden. 5. Horeca stewards De wens is om de inzet van Horeca stewards verder uit te breiden. Echter, gezien de beperkte financiële mogelijkheden is deze post vooralsnog als PM opgenomen. 6. Jeugdboa’s (2 fte) In het Integraal Veiligheidsplan 2023-2026, zoals vastgesteld door de raad op 22 maart 2023, wordt nadrukkelijk aandacht gevraagd voor de combinatie jeugd en criminaliteit. In de afgelopen tijd is gebleken dat in Nissewaard de problematiek die gepaard gaat met jeugdoverlast, serieuze vormen aanneemt. Door kwetsbare jongeren eerder in beeld te krijgen, kunnen de gemeente en haar partners sneller ingrijpen. Zo kan worden voorkomen dat deze jongeren afglijden in de criminaliteit en een kans op een goede toekomst missen. De jeugdboa is bij uitstek een goede ingang bij de jonge jeugd. Deze boa is specifiek getraind om om te gaan met jongeren en tijdig te signaleren of er een kans bestaat op het afglijden in de criminaliteit. In combinatie met de partners bij de politie en in de zorgketen kan er zo een sluitende en structurele aanpak worden opgezet met als doel ervoor te zorgen dat deze jeugd ook een goede toekomst tegemoet kan gaan. Op dit moment is binnen de huidige bezetting van de boa’s 2 fte gereserveerd voor boa’s met een taakaccent jeugd.

Dat betekent dat naast het wijkwerk in de vorm van meldingen en verbinding maken met de wijk voor een deel ruimte bestaat om contact te leggen met jeugd en deze uit de anonimiteit te halen. Gezien de hoeveelheid wijkwerk op andere onderwerpen, krijgt het onderwerp jeugdoverlast niet altijd de aandacht die het nodig heeft om een goed geborgde aanpak te kunnen garanderen die nodig is om hetgeen in het Integraal Veiligheidsplan is opgenomen te realiseren. Een uitbreiding met 2 fte boa alleen gericht op jeugd is hierbij een vereiste. 7. Onderzoek afhandeling huisverboden Er wordt onderzoek gedaan naar de taken en werkzaamheden op het snijvlak van zorg en veiligheid. Hieruit moet onder andere duidelijk worden waar de afhandeling van huisverboden in onze organisatie gepositioneerd moet worden. Tot dit duidelijk is, wordt ingehuurd. Beheer openbare ruimte 8. Indexering kapitaallasten meerjaren investeringsschema Ten aanzien van de openstaande en geplande kredieten zal bekeken worden in hoeverre extra financiële ruimte nodig is in relatie tot prijsstijgingen. 9. Indexering contracten, uitbreiding areaal en nieuwe contracten / Stelpost Areaalmutaties In de begroting is rekening gehouden met een indexeringspercentage van 3,5%. In de lopende contracten staat opgenomen met welk percentage de aannemers mogen indexeren. Dit percentage bedraagt in de meeste gevallen de CBS-index.

De CBS-index voor groen, begraafplaatsen, water en openbare verlichting bedraagt 10,4%. Voor gesloten verhardingen bedraagt het percentage 14,4% en voor open verhardingen 8,8%. Hiernaast is sprake van een uitbreiding op de areaalgegevens als gevolg van de uitbreiding van wijken en woningen. Ook heeft een aannemer zijn contract met ingang van 2023 opgezegd, waardoor dit contract opnieuw op de markt gezet moest worden. Het nieuwe contract omvat een aanzienlijk hoger bedrag dan het oude contract. 10. Uitvoeringsplan groot onderhoud beheer openbare ruimte 2024 – 2027 / Instellen reserve Groot onderhoud Voor de disciplines spelen, groen, water en begraven zijn uitvoeringsplannen gemaakt voor de periode 2024-2027. Voor deze periode worden extra kosten boven het bestaand structureel budget 38

geconstateerd. Voorgesteld wordt om hiervoor een reserve Groot onderhoud in te stellen ten laste van de reserve Beheer. Op termijn is het de bedoeling om een voorziening te vormen om fluctuaties in het groot onderhoud op te kunnen vangen. 11. Prijsindexatie contracten Groot Onderhoud De contracten van groot onderhoud van openbare verlichting (Unsall) en civieltechnische kunstwerken (GKB) worden via de GWW-index hoger geïndexeerd dan de budgetten in de begroting. 12. Onderhoud stedelijk water / Rioolrecht Voor onderhoud van het stedelijk water wordt momenteel een beleids-beheerplan Stedelijk Water opgesteld voor het onderhoud van sloten, duikers, fonteinen, beschoeiingen en peilbuizen. De raming van de structurele lasten zijn hoger dan de huidige budgetten. De overschrijding kan 1/3e deel worden toegerekend aan riolering. 13. Stelpost Beheer (vervangingsopgave) De stelpost Beheer wordt ingezet om kapitaallasten te dekken van de vervangingsinvesteringen van wegen, openbare verlichting, beschoeiïngen, VRI’s, sportvoorzieningen en civieltechnische kunstwerken. Hieronder vallen de verdere reconstructies in Noord en Waterland, vervanging van bruggen en sportvoorzieningen zoals de voetbalkooi in de Elementen. 14.

Areaaluitbreidingen / Stelpost Areaalmutaties Per 2023 gaat het beheer van de openbare ruimte van de Kreken van Nibbeland fase 1 t/m 4 over naar de teams die verantwoordelijk zijn voor het klein en groot onderhoud van de kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Dit knelpunt kan gedekt worden door de stelpost Areaalmutaties. 15. Minder inkomsten reclame In 2022 is een nieuw contract afgesloten. Dit levert minder reclame-inkomsten op dan begroot. 16. Riolering - gemaal Braband / Voorziening Riolering Waterschap Hollandse Delta (WSHD) gaat groot onderhoud plegen aan gemaal Braband. In het Afvalwaterakkoord hebben WSHD en de gemeente Nissewaard afspraken gemaakt over kostenverdelingen en de verantwoording hiervan. De gemeente is verantwoordelijk voor 73,6% van de kosten. In het Watertakenplan 2021-2025 is al rekening gehouden met deze kosten, al is ook hier sprake van prijsstijgingen door gestegen materiaalkosten. Het benodigde budget moet administratief nog opgenomen worden in de begroting en komt ten laste van de voorziening Riolering. 17. Riolering - onderhoud gemalen / Voorziening Riolering (2023) en rioolrecht (2024 en verder) De aanbestedingsresultaten voor het onderhoud van gemalen laten enorme prijsstijgingen zien door gestegen materiaalkosten en schaarste aan elektronicaproducten. Voor 2023 wordt een beroep gedaan op de voorziening Riolering.

Voor 2024 en verder wordt dit verrekend in het rioolrecht. 18. Wijkaanpak / Reserve Herstructurering wijken Voor de aanpassingen in de wijk de Hoek worden vooruitlopend op de energietransistie ondehoudswerkzaamheden uitgevoerd i.o.m. met de bewoners. Hiervoor is een reserve Herstructureringen aanwezige ter grootte van € 1 miljoen die hiervoor deels ingezet zal worden. Het resterende bedrag uit de reserve ad € 400.000 wordt ingezet voor het sociale gedeelte van de wijkaanpak. 19. Inhuur VTH Inhuur voor APV (algemene plaatselijke verordening) is noodzakelijk in verband met het wegwerken van achterstallige beleidsstukken en verordeningen. 39

Accommodaties en parkeren 20. Indexering kapitaallasten meerjaren investerings-schema Ten aanzien van de openstaande en geplande kredieten zal bekeken worden in hoeverre extra financiële ruimte nodig is in relatie tot prijsstijgingen. 21. Indexatie planmatig onderhoud Voor het uitvoeren van planmatig onderhoud aan de gebouwen van de gemeente Nissewaard is per gebouw een onderhoudsbegroting opgesteld. In deze begroting is per jaar weergegeven welk onderhoud tegen welke kosten uitgevoerd moet worden om het gebouw in vereiste kwaliteit te houden. Door marktontwikkelingen en daarmee gepaard gaande kostenstijgingen van materialen etc. wordt de gemeente op dit moment geconfronteerd met een gemiddelde prijsstijging van 5,1%. De indexeringen waar intern rekening mee gehouden wordt bedragen echter voor 2023: 4,4% en voor 2024 (en verder): 3,5%. Dit betekent dat er knelpunten gaan ontstaan door dit verschil in indexeringen. Voor 2024 bedraagt dit 0,7% (5,1 minus 4,4%) en voor 2024 en verder is dit 1,6% (5,1 minus 3,5%). 22. Openluchtzwembaden - subsidieregeling In het coalitieakkoord staat het belang en de wenselijkheid beschreven van het hebben van twee openluchtzwembaden, zoals in hun huidige vorm aanwezig in Nissewaard.

Gesprekken met de zwembadbesturen hebben geleid tot inzicht in de meerjaren-onderhoudsverwachting, de mogelijkheden tot het doorvoeren van verduurzamingsmaatregelen en een mogelijk ondersteuningsaanbod op onderdelen vanuit de exploitant van het Rivièrabad. Om dit verder vorm te geven, wordt een jaarlijkse tegemoetkomingsregeling specifiek ter ondersteuning van de buitenbaden ingesteld. 23. Advieskosten verduurzamen / Reserve Duurzaamheid Voor de verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed wordt regelmatig gebruik gemaakt van externe advisering. Bijvoorbeeld voor advies op het gebied van de mogelijkheden tot het plaatsten van zonnepanelen, het laten uitvoeren van energiescans om de verduurzamingsmogelijkheden te onderzoeken. Dit gebeurt zowel voor eigen panden als voor panden van maatschappelijke organisaties. Deze kosten kunnen vaak ten laste gebracht worden van verduurzamingsprojecten, met name voor het eigen vastgoed. Voor vastgoed van derden is dit echter nooit het geval. Ook zijn er meer algemene advieskosten die niet terug te voeren zijn op een project. Voorgesteld wordt om hiervoor € 50.000 beschikbaar te stellen, waarbij dit voor 2023 wordt gedekt via de reserve Duurzaamheid. 5.3 Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 24. Nn2024 - formatie progr.man. + ondersteuning + uitvoering / Instellen reserve Nn2040 t.l.v.

Algemene reserve De ingestelde reserve met middelen voor Nn2040 is dit jaar leeg. Om het programma Nn2040 te continueren is daar t/m 2026 € 100.000 per jaar aan uitvoeringskosten voor nodig en € 220.000 voor programmamanagement + ondersteuning. Voorgesteld wordt om hiervoor € 960.000 te onttrekken aan de Algemene reserve en deze te storten in de reserve Nn2040. 25. Beheerder buitenruimte/taak elektr. Installatieverantwoordelijke De opgaven in het ruimtelijk domein zijn momenteel veel groter dan regulier o.a. door de vervangingsopgave. Met de huidige capaciteit lukt het niet om het beheer op het gewenste niveau te krijgen; het huidige aantal beheerders is onvoldoende om professioneel vorm te kunnen geven aan assetmanagement. Er is veel versnippering in onderwerpen die bij elkaar een extra beheerder vergen. 40

Steeds meer ambtenaren houden zich bezig met elektrotechniek binnen de gemeente. Vanuit de wettelijke plicht tot invoering van de elektrische norm NEN 3140 in de buitenruimte dient de taak ‘elektrotechnische installatieverantwoordelijke’ vormgegeven te worden. Voor de juiste uitvoering van de taak Installatieverantwoordelijkheid zijn een aantal voorwaarden noodzakelijk: areaal inzichtelijk maken, administratief opzetten, een beheer/beleid opstellen, de intern verantwoordelijke benoemen en toerusten en ons adviseren over de voortgang over de eerste 5 jaar. 26. Strategisch adviseur Ruimtelijke Ontwikkelingen De opgaven in het ruimtelijk domein zijn legio. Vanuit het Rijk en de provincie wordt het ene na het andere programma bij de gemeente neergelegd en het einde is nog (lang) niet in zicht. Om deze ontwikkelingen ons niet te laten overkomen maar hier grip op te krijgen, is behoefte aan een strategisch adviseur die anticipeert op deze en toekomstige ontwikkelingen. Momenteel is een van deze ontwikkelingen, het vormgeven van de omgevingsvisie, opgevangen door het inhuren van een projectleider. Deze wordt bekostigd uit de vacaturegelden van de strategisch adviseur RO. Hierdoor ontstaat een knelpunt omdat we de vacaturegelden niet in kunnen zetten voor een generieke adviseur die in de breedte werkt. 27.

Brug over de haven De aanleg- en beheerskosten voor de brug over de Haven betreffen een investering van € 600.000. De brug zorgt voor de verbinding tussen deelgebieden Haven Zuid en Haven Veerweg. In de toekomst zorgt de brug voor aansluiting tussen het Centrum en het deelgebied Haven Noord dat nu in ontwikkeling is. De hiermee samenhangende kapitaallast bedraagt ca € 16.000 structureel. 28. Opstellen Omgevingsplan Op 1 januari 2024 treedt de Omgevingswet in werking. Het Omgevingsplan is vanaf deze datum de plek waar inwoners en ondernemers regels over de fysieke leefomgeving kunnen terugvinden. Nieuwe gebiedsontwikkelingen, zoals woningbouw, duurzaamheidsprojecten, nieuwe infrastructurele werken en bedrijventerreinen moeten gefaciliteerd worden via een wijziging van het omgevingsplan. Naast het inpassen van nieuwe ontwikkelingen hebben gemeenten ook de wettelijke taak om alle bestaande wetten en regels op het gebied van de fysieke leefomgeving over te hevelen van de huidige regelgeving naar het Omgevingsplan. Gemeenten hebben hiervoor tot 1-1-2030 de tijd. Het wijzigen van het omgevingsplan is een complexer proces waarvoor de gemeente naar verwachting meer (externe) expertise moet inhuren om aan deze opgave te voldoen.

De gemeente zal meer tijd kwijt zijn aan het zelf opstellen van regels en deze op de juiste manier plaatsen in de software zodat deze op de wettelijk voorgeschreven wijze kunnen worden ontsloten. Via het programma Omgevingswet is incidenteel € 350.000 beschikbaar voor het omzetten van de huidige regelgeving naar het omgevingsplan. Gezien de omvang van de opgave en het aantal onderzoeken dat de gemeente moet verrichten om te voldoen aan het wettelijke motiveringsvereiste bestaat de kans dat de beschikbare gelden onvoldoende zijn. Vandaar dat deze post voor 2024 als PM is opgenomen. 29. Onderhouden Omgevingsplan Tot 2018 hadden gemeenten de verplichting om hun bestemmingsplannen elke 10 jaar te actualiseren. Met het afschaffen van die verplichting verviel de legessanctie voor bestemmingsplannen en beheersverordeningen die ouder dan 10 jaar waren. De achterliggende gedachte hiervan was dat gemeenten al eerder konden beginnen met het opstellen van een Omgevingsplan. Gemeente Nissewaard telt na circa 105 bestemmingsplannen en beheersverordeningen, die in een cyclus van 10 jaar geactualiseerd moesten worden. Hiervoor is een structureel budget beschikbaar van € 28.000 per jaar. Voorgesteld wordt om voor de opgave om een integraal Omgevingsplan op te stellen die niet elke 10 jaar maar continu up to date wordt gehouden, € 22.000 beschikbaar te stellen. 41

30. Bestuursopdracht bodem Drukte in de ondergrond zorgt er steeds vaker voor dat er bovengronds beperkingen zijn aan de inrichting. Regie op de bodem en ondergrond is noodzakelijk om goede kaders te kunnen stellen bij ontwikkelingen, de juiste keuzes te kunnen maken bij opgaven op het gebied van woningbouw, energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit, etc. én om een goede gesprekspartner voor rijk en provincie te kunnen zijn. Daarnaast krijgt Nissewaard als gevolg van de invoering van de Omgevingswet, er nieuwe bodemtaken bij. In het proces ‘Warme Overdracht Bodemtaken’ wordt hier vorm aan gegeven. Bodemkwaliteit speelt een grote rol in het hergebruik van grondstromen. Er zal onderzoek moeten plaatsvinden naar: - Wat is er nodig om goed regie op de bodem en ondergrond te kunnen voeren? - Hoe kunnen grondstromen efficiënter en goedkoper worden verwerkt en meer bijdragen aan de doelen op het gebied van duurzaamheid? - Welke milieutaken t.a.v. bodem hebben/krijgen we en waar kunnen deze worden belegd in de organisatie? - Welke positionering in de organisatie is passend voor het leidingenbureau? - Wat hebben we nodig op het gebied van kennis en personele capaciteit om bovenstaande goed te kunnen regelen en waar kan dit worden gepositioneerd? - Welke kansen liggen er voor samenwerking op Voorne Putten? Hierover wordt nog nader geadviseerd. 31. Geo adviseur (i.r.t.

Omgevingswet) Met de komst van de Omgevingswet ontstaan nieuwe rollen die nog niet in de organisatie zijn belegd. Eerder is aandacht gevraagd voor de rol van de casemanager. Een andere rol die belangrijk gaat worden vanaf het moment dat de wet in werking treedt is die van de geo-adviseur. In het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is een prominente rol weggelegd voor geo-informatie. Met één klik op de kaart moet straks duidelijk zijn wat je mag realiseren op een bepaalde locatie. Dat betekent dat de juridische regels uit het omgevingsplan gekoppeld moeten worden aan werkingsgebieden. Maar ook voor een instrument als de Omgevingsvisie (die momenteel wordt opgesteld) is het belangrijk dat de kaartlagen digitaal via het DSO ontsloten kunnen worden en de informatie digitaal raadpleegbaar is. Rondom geo-informatie en Omgevingswet gaan er 2 grote uitdagingen spelen, te weten: - Het object gericht schrijven. In de Omgevingswet is het zeer wenselijk dat alle regels verwijzen naar een locatie, een geometrisch object. In het DSO moet zichtbaar zijn waar welke regels gelden. Dit leidt uiteindelijk ook tot een betere dienstverlening. - Het beheer van de werkingsgebieden. Door wie en hoe worden de werkingsgebieden aangepast bij wijziging van het Omgevingsplan of de Omgevingsvisie.

In de competentieprofielen van de VNG voor het proces ‘wijzigen Omgevingsplan’ is een beschrijving gegeven van de rol van de geo-adviseur. De taken van de geoadviseur zijn: • digitaliseren geografisch gegevens in het Omgevingsplan conform nieuwe standaarden in het proces “Wijzigen Omgevingsplan”. • adviseren omtrent nieuwe standaarden en werkt intensief samen met Omgevingsplan team om de regels geïntegreerd onder te brengen in de nieuwe plansoftware. • structureert, ordent en informeert proactief het projectteam bij mogelijke regelconflicten. In totaal zijn er 5 inspanningen voor komende jaar benoemd waar het gebruik van geo-informatie een rol gaat spelen: onderzoek invoeren flitsvergunning, verkennen zelfservice dienstverlening, opstellen omgevingsvisie en omgevingsplan, en werkproces wijzigen omgevingsplan.

42

32. Regelanalist (i.r.t. Omgevingswet, 0,5 fte) Met de komst van de Omgevingswet ontstaan nieuwe rollen die nog niet in de organisatie zijn belegd. Eerder is aandacht gevraagd voor de rol van de casemanager. Een andere nieuwe rol die belangrijk gaat worden vanaf het moment dat de wet in werking treedt is die van de regelanalist. Door de Omgevingswet worden Toepasbare Regels (TR) belangrijk. TR zijn de vertaling van juridische regels naar begrijpelijke (B1) taal. Van de juridische vertaling van een activiteit wordt een vragenboom/beslismodel gemaakt voor initiatiefnemers, zodat zij makkelijk een vergunningscheck kunnen uitvoeren of een aanvraag kunnen indienen via het Omgevingsloket. Dit is het eindproduct, het resultaat van TR. Om zover te komen gaat er een heel proces vooraf. De software voor het zichtbaar maken van de TR in het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) is aangeschaft. Ook wordt voldaan aan de minimale actie: de vragenbomen uit het huidige Omgevingsloket zijn straks zichtbaar in het DSO. Hierdoor is sprake van een gelijkblijvend dienstverleningsniveau. Daarmee is de vervolgstap nog niet belegd. De regelanalist is procesbegeleider van toepasbare regels en werkt samen met de beleidsadviseurs, planjuristen, vergunningverleners en toezicht en handhaving en beheer van de ruimte.

De regelanalist is de spin in het web, waarbij de beleidsadviseurs en planjuristen op aanvraag van de regelanalist input leveren. De regelanalist is in de lead. De regelanalist werkt samen met andere rollen in het proces van toepasbare regels, zoals de bestemmingsplan (omgevingsplan) juristen, adviseurs, ICT’ers (fabbers) en vergunningverleners. Daarnaast is interbestuurlijke afstemming met ketenpartners en behandeldiensten van groot belang voor het proces toepasbare regels. De regelanalist is de pionier die een brug tussen het beleid en de uitvoering realiseert. In totaal zijn er 5 inspanningen voor komend jaar benoemd waar de regelanalist een rol gaat spelen: onderzoek invoeren flitsvergunning, doorontwikkeling vergunningaanvragen en meldingen, verkennen zelfservice dienstverlening, opstellen omgevingsplan en werkproces wijzigen omgevingsplan. 33. Beleidsmedewerker milieu (0,33 fte) (i.r.t. Omgevingswet) Voor de uitvoering van wettelijke taken op het gebied van milieu vanuit de Wet Milieubeheer, de Wet Bodembescherming, de Wet Ruimtelijk Ordening is de huidige formatie ontoereikend wanneer deze afgezet wordt tegen de omvang, ligging en aard van de gemeente Nissewaard. Dit zorgt voor een knelpunt in de advisering bij projecten op het gebied van geluid, bodem, luchtkwaliteit, etc. 34.

Bouwleges / Bouwleges - advieskosten en inhuur In verband met de grote toename van het aantal bouwvergunningen wordt inhuur gepleegd. Hier tegenover staan hogere inkomsten vanuit de leges en is dan ook budgettair neutraal. Voor grote bouwwerken wordt advies ingewonnen bij de stichting Dorp Stad en Land. De uitgaven worden bij de verlening van de bouwvergunning verrekend. 35. Windturbines Dit betreft het verwerken van de uit de anterieure overeenkomst voortvloeiende baten en lasten in de begroting. De overeenkomst zal in 2023 ondertekend worden. Bereikbaarheid en mobiliteit 36. Medewerker verkeerszaken t.b.v. laadpalen (0,33 fte) / Dekking subsidie duurzaamheid Het knelpunt gaat om de uitvoering/afhandeling van aanvragen voor laadpalen. Er is onlangs een motie ingediend over het herijken van het laadbeleid, waarbij ingezet wordt op een versnelling van 43

faciliteren van elektrisch rijden. Naar verwachting zal de benodigde uitvoeringscapaciteit daarmee ook toenemen. Er is tot 2024 nog dekking uit middelen van het Programma Duurzaamheid. Voor de jaren daarna worden de lasten gedekt door subsidiegelden. 37. Public Affairs - lobby A4-Zuid In het coalitieakkoord is aangegeven te willen gaan voor een A4-zuid, met een afslag in Spijkenisse. Hiervoor zal een onderzoek gedaan worden naar de maatschappelijke impact van het realiseren van een A4-Zuid. Het streven is om dit jaar tot een alliantie te komen met andere partners. Voor 2023 zijn voor de lobby middelen (€ 100.000) beschikbaar gesteld. Hieruit zal, zoals het zich doet aanzien, het onderzoek en de inzet van Publyon (voormalig Droge & van Drimmelen) kunnen worden gefinancierd. Voor 2024 en verder zijn nog geen middelen beschikbaar gesteld. Dit lobbytraject zal een proces van jaren zijn, dat deels door de eigen organisatie opgepakt kan worden, maar waarvoor ook inzet van een lobbyist nodig zal zijn. Duurzaamheid 38. Klimaatadaptatie / Voorziening Riolering In 2022 is een pilot gestart met het subsidiëren van de aanleg van groene daken door particulieren. Hiervoor is in 2022 en in 2023 een budget van € 100.000 beschikbaar gesteld vanuit de rioleringsgelden. Eind 2023 komt deze pilot ten einde.

Voorgesteld wordt om voor 2024 en 2025 € 100.000 per jaar beschikbaar te stellen ten laste van de Voorziening Riolering. Bij het opstellen van een nieuw rioleringsplan/watertakenplan in 2026 kan overwogen worden om deze subsidie weer op te nemen, zodat het subsidiëren van groene daken structureel wordt. Wonen 39. Investering woonwagens In het verleden zijn er toezeggingen gedaan voor de realisatie van 3 woonwagens- standplaatsen aan de Clara Visserstraat. In de PPN 2022 is hiervoor een bedrag van € 300.000 aan krediet beschikbaar gesteld. Dit betrof een schatting o.b.v. het uitgangspunt dat er per woonwagen € 100.000 nodig zou zijn. Om ook de woonwagens aan te kunnen schaffen wordt voorgesteld een aanvullend krediet van € 300.000 beschikbaar te stellen. De hiermee samenhangende kapitaallast bedraagt ca € 14.000 structureel. 5.4 Ondernemen en ontspannen Economie 40. Gevelfonds Voorstraat De Voorstraat maakt onderdeel uit van de opgaven geformuleerd in het Koersdocument en uitvoeringsprogramma voor transitie van ‘winkelgebied’ naar ‘huiskamer van de stad’. Dit document is begin 2022 vastgesteld door het college. Onderdeel van de opgave Voorstraat is het creëren van een Gevelfonds. De algemene uitstraling van de Voorstaat staat namelijk onder druk.

De oude authentieke bebouwing versterkt het karakter van de Voorstraat maar in de huidige situatie laat de uitstraling helaas te wensen over. Dit gaat op termijn ten koste van de levensvatbaarheid en komt het economisch functioneren van de Voorstraat niet ten goede. Door het geven van een financiële bijdrage/eenmalige subsidie worden eigenaren van panden aan de Voorstraat gestimuleerd hun gevel een betere uitstraling te geven. Het gaat hierbij om het éénmalig ter beschikking stellen van middelen waaruit verspreid over meerdere jaren vastgoedeigenaren een aanvraag kunnen doen voor subsidie voor het verfraaien van hun gevel.

44

Cultuur 41. Cultuursubsidies aan culturele organisaties De laatste jaren dienen zich meer initiatieven en activiteiten/kleine evenementen aan die ondersteuningswaardig zijn en passen binnen kaders en ambities/doelstellingen cultuurnota. Voorgesteld wordt om het betreffende budget hierop aan te passen. 42. Exploitatie De Stoep Na diverse onderzoeken, zowel in- als extern, hebben college en raad besloten tot verruiming van het mandaat van de directeur van De Stoep, en daarmee indirect om De Stoep onderdeel te houden van de gemeentelijke organisatie en dus niet extern te verzelfstandigen. Aan dit besluit ligt een heldere motivering ten grondslag: verruiming van mandaat van de directeur van De Stoep betreft een zorgvuldige manier om de bedrijfsvoering te optimaliseren en beter aan te laten sluiten bij de activiteiten en behoeften van het theater. Om de verruiming van het mandaat in 2022 een goede start te geven is een Egalisatiereserve gecreëerd van € 200.000 met als doel het opvangen van schommelende resultaten en het creëren van enige vrijheid van handelen door de besteding van de reserve te mandateren aan de directeur De Stoep. De begroting van de Stoep en het Centrum voor de Kunsten is gebaseerd op het in november 2017 vastgestelde bedrijfsplan 2017-2020.

De afgelopen jaren is de begroting niet aangepast op het gestegen aantal bezoekers, maar liet het jaarrekeningresultaat wel een tekort zien op de exploitatie. Het idee bestond dat door een verruiming van mandaat efficiënter gewerkt kan worden en dat hiermee bespaard kan worden op de kosten. In de Perspectiefnota 2021 is er structureel € 200.000 extra beschikbaar gesteld voor het corrigeren van de afschrijvingstermijnen van de investeringen. Hiertegenover is een taakstelling van € 100.000 gezet. Deze taakstelling is verwerkt in de huidige meerjarenbegroting. Bij het sluiten van het convenant is afgesproken dat de financiële ontwikkelingen nauw worden gemonitord en dat na afloop van het seizoen 2021-2022 een begrotingsevaluatie zal plaatsvinden. Met deze evaluatie gaat nu gestart worden. Kijkend naar de negatieve resultaten van de afgelopen en de onttrekking aan de Egalisatiereserve van € 140.000 voor het boekjaar 2022, is de verwachting dat de huidige meerjarenbegroting niet toereikend is voor het uitvoeren van het bedrijfsplan van de Stoep. Het indexeren van de begroting 2024-2027 met 3,5% zal een extra nadelig effect hebben op de exploitatie. De evaluatie van het convenant en de begroting zal voor de zomer aan de raad worden aangeboden. Recreatie & toerisme 43.

Versterken beleving Oude Maas realisatie fiets- en voetpad inclusief verlichting In 2019 is opdracht gegeven om te onderzoeken waar binnen Nissewaard een openbare sportieve omgeving/locatie gerealiseerd kan worden. Waarbij in ieder geval onderzocht wordt of de Maasboulevard een goede optie is. Daar is een krediet voor beschikbaar gesteld van € 500.000. Na een brede enquête in de omgeving en vervolg via een klankbordgroep kwam duidelijk naar voren voor het verbeteren en veiliger maken van het fiets- en voetpad, doortrekken onderpad en aanleg verlichting. Hierover wordt nog nader geadviseerd. Sport 44. Hogere kosten pumptrack / Aanbestedingsvoordeel zwembad Voor de realisatie van de pumptrack is € 200.000 aan krediet gereserveerd. Door inflatie, uitbreiding opdracht (aankleding omgeving, realisatie toegangsweg en toevoeging freerunparcours) en hogere kosten vooronderzoek is dit bedrag naar verwachting niet voldoende. De verwachte benodigde extra kapitaallasten ad € 22.000 per jaar kunnen gedekt worden ten laste van het aanbestedingsvoordeel op het zwembad.

45

45. Hogere energiekosten maatschappelijke gebouwen Er worden hogere structurele kosten verwacht met betrekking tot maatschappelijke gebouwen. Hierover wordt nog nader geadviseerd. 5.5 Leren, participeren en ondersteunen Onderwijs 46. Indexering investeringen onderwijshuisvesting Ten aanzien van de openstaande en geplande kredieten zal bekeken worden in hoeverre extra financiële ruimte nodig is in relatie tot prijsstijgingen. 47. Integraal Huisvestingsplan (IHP) Het IHP heeft een langere horizon dan de meerjarenbegroting en bevat daarmee beoogde investeringen waarvan de kapitaallasten pas na 2027 in beeld komen. Hierover zal te zijner tijd nog nader over geadviseerd worden. 48. Investeringen/vergoedingen i.k.v. verordening Onderwijshuisvesting / Algemene reserve Dit betreft de investeringen/vergoedingen in kader van verordening Huisvesting onderwijs. De grootste verwachte uitgave betreft € 113.000 voor de Ring van Putten in het kader van brandpreventieve maatregelen. Daarnaast is geld nodig voor de uitbreiding van de Klinker. Voorgesteld wordt om deze kosten te dekken via de Algemene reserve. 49. Kostenstijging nieuwbouw My College De investeringskosten voor de nieuwbouw van My College vallen door de gestegen bouwkosten € 4,1 miljoen hoger uit.

Hiervan was in het IHP 2018 – 2022 reeds met € 1,1 miljoen rekening gehouden, waardoor er nog een extra krediet van € 3 miljoen benodigd is. Het begrootte krediet komt daarmee op € 14,25 miljoen. De oplevering staat gepland voor eind 2025. 50. Kostenstijging nieuwbouw Penta mavo De investeringskosten voor de nieuwbouw Penta mavo vallen door de gestegen bouwkosten € 4,95 miljoen hoger uit. De extra kosten voor ruimte voor 100 extra leerlingen ad € 750.000 zijn hierin niet meegenomen, dit wordt gedekt uit de Algemene reserve. De oplevering staat gepland voor eind 2025. Het totale krediet komt daarmee op € 20,24 miljoen. 51. Kostenstijging IKC Elementen Schenkel Ook bij de nieuwbouw IKC Elementen Schenkel vergen de gestegen bouwkosten een extra krediet. In het IHP is rekening gehouden met een investering van € 14,47 miljoen. Het benodigde krediet bedraagt € 14,94 miljoen. Er is derhalve een aanvullend krediet benodigd van € 0,47 miljoen. 52. Zonnepanelen op dak IKC Sterrenkwartier Dit betreft de verduurzaming Sterrenkwartier in de vorm van extra zonnepanelen. Met de uitbreiding zonnepanelen wordt het gebouw bijna energieneutraal. De extra investering bedraagt ca € 175.000. Op dit moment wordt de businesscase uitgerekend. De voorkeur gaat er naar uit om de kapitaallast via ‘huurbaten’ van het onderwijs en de kinderdagopvang te dekken.

Per saldo zou dit budgettair neutraal moeten zijn. 5.6 Overzichten Ondersteuning organisatie 53. Oplopende rente leningen Met de nog steeds stijgende rente zullen ook toekomstig aan te trekken leningen duurder worden. In de begroting is reeds rekening gehouden met een rentestijging. Het is alleen de vraag of dat voldoende zal zijn. 46

54. CAO gemeenten / Vrijval analyseverschil p-lasten (pb 2023 – 2026) Het principe akkoord over de CAO gemeenten 2023 betekent een stijging van de formatielasten van ca 7%. Hier is in de technische begroting 2024 – 2027 reeds rekening gehouden. Voor 2023 is echter nog rekening gehouden met een CAO-stijging van 2%, derhalve 5% te weinig. Uitgaande van ca € 60 miljoen aan formatiekosten bekent dit een tekort van € 3 miljoen. Het analyseverschil op de p-lasten uit de begroting 2023 – 2026 biedt hier voor een beperkt deel dekking voor. 55. Arbo voorzieningen Het verzuim in Nissewaard is hoger dan in andere gemeenten (7,3% in Nissewaard, 5,8% in andere gemeenten. Bron A&O fonds 2021). In 2022 is het verzuimpercentage nog verder gestegen naar 7,8%. De redenen hiervan zijn uiteenlopend: (werk gerelateerde) psychische klachten, werkdruk en wachtlijsten/uitgestelde zorg als gevolg van Covid-19. Het budget arbo voorzieningen wordt enerzijds ingezet om te voldoen aan onze wettelijke verplichtingen van de Wet Verbetering Poortwachter (WVP), zoals arbeidsdeskundige onderzoeken en (2e spoor) re-integratietrajecten en anderzijds aan interventies om medewerkers sneller (gedeeltelijk) terug te laten keren naar de werkvloer. Wachtlijsten en uitgestelde zorg brengen extra kosten met zich mee voor de werkgever.

Te denken valt aan extra psychologische of fysio ondersteuning gedurende de wachttijd tot de eigenlijke behandeling kan plaatsvinden. Ten aanzien het beschikbaar budget voor arbo voorzieningen is sprake van een tekort van € 24.000. Voorgesteld wordt om dit aan te vullen. 56. Centraal opleidingsbudget Afgelopen jaar bleek het Centraal opleidingsbudget onvoldoende om alle noodzakelijke kosten te kunnen dekken. Gezien het feit dat Nissewaard met het beschikbare budget onder het landelijk gemiddelde zit van beschikbare opleidingskosten per medewerker (volgens A&O fonds € 1.000 gemiddeld per medewerker en +/- € 750 per medewerker in Nissewaard), de inzet op de organisatieontwikkeling en in het kader van het zijn van een aantrekkelijke werkgever, wordt voorgesteld om het Centraal opleidingsbudget met € 180.000 te verhogen. 57. Werving en selectie (arbeidsmarktstrategie) De arbeidsmarkt komt meer en meer onder druk te staan. Oorzaken van de huidige schaarse arbeidsmarkt zijn de vergrijzing, vraag en aanbod sluiten niet op elkaar aan (mismatch) en het aantal ZZP’ers blijft groeien. Investeren in de arbeidsmarkt is nodig, in 2023 en ook daarna. In 2023 wordt gestart met investeren in onze zichtbaarheid op de arbeidsmarkt. Voor deze initiatieven en met name de zichtbaarheid van Nissewaard is extra budget nodig.

Met onze huidige website en vacatureteksten zijn we onvoldoende in staat om de positie van Nissewaard, als werkgever, te promoten. Onze organisatie draagt te weinig uit waarom Nissewaard een interessante en uitdagende werkgever is om voor te werken. Om deze zichtbaarheid te vergroten gaan we, in de vorm van een pilot, een 2-jarige samenwerking aan met een externe specialist voor het opmaken van de vacaturepagina’s en het uitdragen van ons werkgeversmerk middels een werken-voor-pagina. Deze kosten bedragen bij 50 (unieke) vacatures € 33.000 per jaar. Dit zijn incidentele kosten. In deze 2 jaar wordt ook geïnvesteerd in de ontwikkeling van een HR adviseur, met als doel dit deel van deze specifieke wervingsactiviteiten over te nemen. Ook biedt de nieuwe gemeentelijke website kansen om de werken-voor-pagina na twee jaar zelf te hosten. De samenwerking met de externe specialist wordt na 2 jaar geëvalueerd. 58. Beveiliging gebouwen - hogere indexatie De gemeente Nissewaard heeft voor de vastgoedportefeuille en haar werkgebouwen een beveiligingscontract. Dit contract heeft als doel om enerzijds de veiligheid te garanderen binnen en buiten het stadhuis en de parkeergarages en anderzijds ter voorkoming van inbraak en vandalisme aan de vastgoedportefeuille. Het contract is in 2020 afgesloten met een looptijd van maximaal 10 47

jaar met de optie om na 4 jaar tweemaal te verlengen met 3 jaar. Conform de overeenkomst mag vanaf 2021 worden geïndexeerd. De voorlopige indexering voor jaar 2023 voor tarieven personeel beveiliging (17,6%) en 2024 (8,5%) zijn hoger dan de interne indexering (2023: 4,4% en 2024: 3,5%) en zullen als gevolg hebben dat de huidige budgetten worden overschreden. Voor 2023 zal bekeken worden of dit binnen de bestaande budgetten kan worden opgevangen. 59. Pensioenuitkeringen ex-bestuurders De huidige budgetten voor het betalen van de pensioenuitkeringen aan ex-bestuurders is niet voldoende toereikend. Algemene uitkering 60. Herverdeeleffect GF / Sociaal Domein 37% De herverdeling van het Gemeentefonds per 1 januari 2023 pakte voor Nissewaard nadelig uit, - € 6 miljoen structureel nadelig. Dit nadeel wordt vooralsnog beperkt door een suppletie uitkering van € 4,4 miljoen. Echter, in 2025 vindt een evaluatie van de herverdeling plaats. Het is dan de vraag of en in hoeverre deze suppletie uitkering in stand blijft. 61. Financieel ravijn GF / Sociaal Domein 37% Het Rijk heeft bij de Voorjaarsnota 2023 aangegeven dat de eenmalige € 1 miljard voor 2026 ook voor de jaren daarna aan het Gemeentefonds wordt toegevoegd. Echter, het financieel ravijn heeft een omvang van ca € 3 miljard structureel. Het is nog onduidelijk wat er met het verschil van € 2 miljard structureel gaat gebeuren. 62.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12847249/1