CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2022

Gemeenteraad 7 juli 2021, gemeente NissewaardBij agendapunt: Perspectiefnota 202226.255 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

3 alinea's met “sluiting”: 231 552 613

21

Normaal gesproken worden (incidentele) nadelige saldi op dit terrein gedekt door de reserve Sociaal Domein. Echter, zoals hieronder staat vermeld, is deze reserve (volgens de huidige prognose) eind 2021 negatief. Daar komt bij dat in de begroting reeds meerjarig rekening is gehouden met € 1,6 miljoen aan extra geld vanuit het Rijk voor jeugdhulp. Dit laatste is overigens door vele gemeenten in Nederland gedaan op aangeven van het Rijk en met toestemming van de toezichthouders, de provincies. Hetgeen niet weg neemt dat het Rijk deze geldstroom nog wel formeel moet bevestigen. De vraag is of het demissionair kabinet dat nog zal doen of dat dat besluit wordt overgelaten aan het nieuwe kabinet. Tenslotte zijn er nog de nodige PM-posten opgenomen die mogelijk nog tot extra lasten gaan leiden. Al met al werpt dit de vraag op hoe hier nu mee om te gaan. Immers, om te kunnen spreken over een sluitende begroting dient niet alleen het begrotingssaldo ≥ € 0 te zijn, dit geldt ook voor de stelpost Sociaal Domein en de reserve Sociaal Domein. Voorgesteld wordt om richting het opstellen van de programmabegroting 2022 – 2025 in drie stappen te zorgen voor een sluitende stelpost Sociaal Domein. Om te beginnen heeft de recente uitkomst van de arbitrage de verwachting gesterkt dat het Rijk met extra geld over de brug moet komen voor het Sociaal Domein.

Het is even de vraag wat daar de omvang van zal zijn, maar die verwachting mogen gemeente wel hebben. Daarbij zal eerst de reeds geraamde € 1,6 miljoen gedekt moeten worden, maar het surplus zal leiden tot beperktere nadelige saldi in 2021 en 2022 en positievere saldi in 2023 en verder. Voor onder andere de jeugdproblematiek en de gevolgen van het Wmo abonnementstarief is het mogelijk dat het Rijk extra middelen ter beschikking stelt. Toch wordt niet alles op deze ‘kaart’ gezet, er zijn immers nog geen harde toezeggingen vanuit het Rijk. In dit verband ligt derhalve ook een tweede stap op tafel, het opnemen van taakstellingen (bezuinigingsopdrachten). Afhankelijk van de omvang van de extra geldstromen van het Rijk, kan dit liggen in de range van € 0 tot € 1 miljoen. De derde stap betreft een incidenteel beroep op de algemene middelen, lees het begrotingssaldo en/of de Algemene reserve. Mocht het namelijk noodzakelijk zijn om tot bezuinigingen te besluiten, dan vergt dit een zorgvuldige voorbereiding en besluitvorming. Dit kost tijd. De ervaring leert dan ook dat het vaak ca 2 jaar duurt voordat maatregelen financieel hun effect laten zien. Je hebt immers te maken met lopend beleid en gesloten contracten die niet van de een op de andere dag aangepast kunnen worden.

Met deze drie stappen voor ogen wil het college bij de Programmabegroting 2022 - 2025 de raad een sluitende stelpost Sociaal Domein (en een positieve reserve Sociaal Domein) voorleggen en daarmee een sluitende meerjarenbegroting. Reserve Sociaal Domein De reserve Sociaal Domein loopt, inclusief saldo jaarrekening 2020, in 2021 negatief, zie tabel hieronder. Zoals hierboven aangegeven zal in de aanloop naar de programmabegroting 2022 – 2025 nader geadviseerd worden over hoe te komen tot een meerjarig positieve reserve Sociaal Domein. Naast dat deze reserve gebruikt kan worden om (incidentele) tekorten op te vangen, wordt hier ook een beroep op gedaan in het kader van de lopende transitie- en transformatietrajecten. Waar nodig zal over deze trajecten nog nader over geadviseerd worden.

22

Reserve Sociaal Domein Saldo 1 januari Dec.circ. 2019 SU Integratie SD Reeds besloten onttrekkingen Overheveling 2019/2020 PPN 2021 : aanvulling vanuit Eneco gelden PPN 2021 : aanvulling stelpost SD PPN 2021: afkoop vlaktaks GR/JR BEGR 2021-2024 2e turap 2020: def afkoop vlaktaks GR/JR 2e turap 2020: saldo 2e tussenrapportage 2021 Septembercirculaire 2020 Subsidieverlening Vluchtelingenwerk Decembercirculaire 2020 IVH-trajecten (JOT's) Overheveling 2020/2021 saldo jaarrekening 2020 SD (12-5) Saldo 31 december

2020

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2021 2022 2023 2024

2025

6.895

-347

-1.516

-140

-941 -1.600 -634 1.600

-329

10.430 -765 -4.557 -1.743 5.488 -2.619

-1.302

4.651 -2.688 6.895

509 680 -116 -159 -413 -4.651 -347

-1.312

-1.312

-1.312

-1.312

-1.312

-1.312

329

-826

-1.312

2.3 Aanpak sluitende begroting 2021 en begroting 2022 - 2025 Op basis van het beschikbare saldo in de begroting, saldo van de technische begroting 2021 – 2024 en de geïnventariseerde knelpunten resteert er voor de jaren 2021 een positief begrotingssaldo.

2021 1.388

Begrotingssaldo

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2022 2023 2024 2025 366 403 1.418 1.263

Echter, zoals aangegeven, is het om te kunnen spreken van een sluitende meerjarenbegroting noodzakelijk dat ook de stelpost Sociaal Domein alle jaren positief is. Dat is momenteel nog niet het geval. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 2021 2022 2023 2024 2025 Stelpost Sociaal Domein -2.040 -2.608 256 839 558 Bovenstaand zijn een drietal stappen aangegeven hoe dit bewerkstelligd kan worden. Bij de Programmabegroting 2022 – 2025 zal hier nader over geadviseerd worden. Voorgesteld wordt om de positieve begrotingssaldi vooralsnog apart te houden in de begroting 2021 en de begroting 2022 – 2025. Verder zullen de meicirculaire 2021, (eind)analyse begroting 2022 – 2025 en septembercirculaire 2021 van invloed zijn op de begrotingssaldi. Hier zal nog nader over geadviseerd worden. 2.4 Openstaande taakstellingen Naar aanleiding van de vorige begroting(en) staan nog een aantal taakstellingen open.

23

Openstaande taakstellingen Accommodaties Theater ICT/Zaaksysteem Totaal openstaande taakstellingen

2021 45 39 84

2022 90 100 234 424

2023 135 100 193 428

2024 180 100 143 423

2025 180 100 143 423

Accommodaties In de komende zomerperiode zal nader onderzocht worden hoe deze taakstelling structureel ingevuld kan worden. Een onderdeel hiervan zal zijn het bekijken welke accommodaties behouden moeten worden en welke afgestoten kunnen worden. Naar aanleiding hiervan zal nader geadviseerd worden over het afstoten van accommodaties en daarmee het invullen van deze taakstelling. Het eerste deel van de taakstelling (jaarschijf 2021) zal gerealiseerd worden uit het resultaat van het Uitvoeringsprogramma 3. Na het toewijzen van de taakstelling zijn vanuit het Uitvoeringsprogramma 2 de volgende objecten afgestoten: Aaldijk 3, Schenkelweg 90 en Korte Schenkeldijk 2. In maart 2021 is de Vastgoed Strategie aan de commissie Bestuur gepresenteerd. Aansluitend wordt in september 2021 Uitvoeringsplan 3 aan de Raad ter besluitvorming voorgelegd. Hierin worden de verdere mogelijkheden aangegeven om vastgoed af te stoten. De saldo’s van de wegvallende hieraan gerelateerde structurele lasten en baten zullen worden aangewend om de bezuinigingsopgave te realiseren. Indien het resultaat van Uitvoeringsprogramma 3 niet tot de volledige opgelegde besparing voor 2021 leidt, zal het restant verder aangevuld worden door een onttrekking aan de reserve Onderhoud gebouwen. Theater In de komende zomerperiode zal het bedrijfsplan voor theater De Stoep geactualiseerd worden.

Hierin zal ook de wijze waarop deze taakstelling structureel wordt ingevuld worden meegenomen. Door de sluiting van het theater als gevolg van de Corona pandemie, hebben vervangingsinvesteringen in 2020 niet plaatsgevonden. De vrijval van de afschrijvingslasten ad € 61.000 worden voor 2021 ingezet voor invulling van de taakstelling. Dit is reeds in de bovenstaande cijfers verwerkt. ICT/Zaaksysteem Momenteel loopt een inventarisatie van alle applicaties binnen de gemeente, welke kosten daarmee samenhangen en wie de gebruikers zijn. Op basis van deze inventarisatie zal nader bepaald worden van welke applicaties afscheid genomen kan worden. Verder is deze taakstelling ingevuld door de efficiencybesparing op de belastingtaken en het aanbesteden van de bankdiensten. Hierdoor is deze taakstelling met € 90.000 in 2022 oplopend tot € 140.000 voor 2024 en verder inmiddels ingevuld. Dit is reeds verwerkt in de bovenstaande cijfers. 2.5 Investeringskredieten In bijlage V is een overzicht van de investeringskredieten opgenomen zoals deze voor het lopende jaar beschikbaar zijn gesteld en voor de komende jaren verwacht worden. Zoals is te zien staat er voor 2021 een bedrag van € 45,8 miljoen aan lopende investeringen open. De kapitaallasten die met deze investeringen samenhangen zijn al via eerdere besluitvorming gedekt in de begroting.

2.5 Ontwikkelingen Algemene reserve Voor een compleet beeld van het financieel perspectief zijn zowel de verwachte ontwikkelingen ten aanzien van de exploitatie als de Algemene reserve van belang. Deze laatste vormt immers de belangrijkste buffer om risico’s op te vangen. Deze risico’s betreffen voornamelijk de grondexploitaties en de algemene uitkering. Met de verkoopopbrengst van de Eneco aandelen is de Algemene reserve sterk in omvang toegenomen en vormt daarmee een stevige buffer voor mogelijke risico’s maar ook voor de opgaven 24

waar de gemeente nog voor staat. Denk daarbij aan Nn2040, duurzaamheid, bereikbaarheid en de herstructurering van wijken. De verwachte ontwikkeling van de Algemene reserve er als volgt uit. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Verloop Algemene reserve 2021 2022 2023 2024 Saldo 1-1 (begroting) 70.058 69.385 69.128 68.048 Jaarrekening 2020 (voor account. controle) (1) 4.214 Overheveling 2020 -> 2021 -4.219 Storting in AR i.p.v. reserve Onderwijshuisvesting 910 PPN 2020 - storting in reserve Herstructurering wijken -1.000 Overige reeds opgenomen in begroting 2021 - 2024 -278 -257 -1.080 -150 Voorstellen Perspectiefnota 2022 -300 Saldo 31-12 (rekening) 69.385 69.128 68.048 67.898 (1) Deze post is een voorlopige inschatting en nog onder voorbehoud van vaststelling door de gemeenteraad van de betreffende financiële stukken.

2025 67.898

67.898

Naast de Algemene reserve beschikt de gemeente Nissewaard ook nog over andere (bestemmings-) reserves. In bijlage IV is hiervan het verloop terug te vinden. 2.7 Verloop weerstandsratio De gemeentelijke huishouding is zowel beleidsmatig als financieel zeer omvangrijk. Hier zijn onvermijdelijk risico’s mee verbonden. Om het financiële huishoudboekje op orde te houden is het zaak om bewust met deze risico’s bezig te zijn (risicomanagement). Dit begint met het in kaart brengen potentiële risico’s en de daarmee samenhangende financiële effecten, het (waar) mogelijk reduceren van deze risico’s en zorgen voor voldoende weerstandsvermogen om de financiële effecten die met de risico’s samenhangen op te kunnen vangen. Jaarlijks wordt de gemeenteraad hierover via de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheer in de begroting en jaarrekening geïnformeerd en geadviseerd. Uitgaande van het bij de jaarrekening 2020 bepaalde benodigde weerstandscapaciteit, de reserves welke tot de weerstandscapaciteit worden gerekend en de standen van de reserves zoals vermeld in bijlage IV, ziet het verloop van de weerstandsratio er als volgt uit.

1-1-2021

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig 1-1-2022 1-1-2023 1-1-2024

1-1-2025

Benodigde weerstandscapaciteit 90% (ceteris paribus jaarrekening 2020)

14.777

14.777

14.777

14.777

14.777

Algemene reserve Reserve Sociaal Domein (1) Reserve Beheer Totaal weerstandsvermogen

70.058 6.895 5.487 82.440

69.385 PM 2.018 71.403

69.128

68.048

67.898

PM

PM

PM

698 69.826

413 68.461

128 68.026

5,58 4,83 4,73 4,63 Weerstandsratio (1) Bij de Programmabegroting 2022 – 2025 zal nader geadviseerd worden om de reserve Sociaal Domein structureel positief te laten zijn. Vooralsnog is deze reserve meerjarig op PM gezet.

25

4,60

De streefwaarde van de weerstandsratio bedraagt 1. Op basis van het bovenstaande meerjarenoverzicht beschikt de gemeente Nissewaard over een “uitstekend” weerstandsvermogen. 2.8 Stelposten loon- en prijsstijging Jaarlijks krijgt de gemeente via de algemene uitkering uit het Gemeentefonds compensatie voor de verwachte loon- en prijsstijgingen. Omdat onze begroting in constante prijzen wordt geraamd, worden de meerjarige loon- en prijsstijging bij de raming van de algemene uitkering buiten beschouwing gelaten. Immers, wanneer de verwachte loon- en prijsstijging voor 2023 reeds als beschikbare ruimte bij de voor de begroting 2022 – 2025 wordt betrokken, is er bij het opstellen van de begroting 2023 – 2026 geen ruimte meer om de loon- en prijsstijging 2023 te kunnen betalen. Dit neemt niet weg dat er wel inzicht gegeven kan worden in de loon- en prijscompensatie welke de komende jaren via de algemene uitkering verwacht wordt. Ten behoeve van dit inzicht wordt de algemene uitkering inclusief de loon- en prijscompensatie voor de komende jaren geraamd. Deze loon- en prijscompensatie wordt vervolgens geparkeerd worden op een stelpost, ter dekking van de verwachte loon- en prijsstijgingen bij de komende begrotingen.

Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2022 2023 2024 2025 173.638 176.369 178.988 178.988 Raming algemene uitkering in “lopende prijzen” 171.791 172.870 173.722 173.722 Totaal constante prijzen (septembercirculaire 2020) Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2022 t/m 2025 cumulatief 1.847 3.499 5.266 5.266 Loon- en prijscompensatie 2022 (septembercir. 2020) – reeds verwerkt in het saldo van de technische begroting 2022 – 2025 1.847 1.847 1.847 1.847 Saldo loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2022 t/m 2024 cumulatief 0 1.652 3.419 3.419* *Bij de meicirculaire 2021 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2025 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Algemene dienst Daarmee wordt in de begroting 2022 – 2025 de volgende stelpost loon- en prijscompensatie voor 2023 t/m 2025 opgenomen. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2022 2023 2024 2025 Loon- en prijscompensatie Algemene Dienst 2022 t/m 2025 cumulatief 1.652 3.419 3.419* *Bij de meicirculaire 2021 wordt duidelijk hoeveel loon- en prijscompensatie voor 2025 beschikbaar is. Dit zal vervolgens aan deze stelpost worden toegevoegd. Deze stelpost wordt betrokken bij het opstellen van de begrotingen 2023 en verder. 2.9 Stelpost areaalmutaties Het aantal woningen en inwoners fluctueert van jaar tot jaar.

Hoewel dit op het totaal van beperkte omvang is, kan dit wel extra lasten voor de gemeente met zich meebrengen alsook extra baten. Zo zal bijvoorbeeld het bouwen van extra woningen leiden tot een groter gebied dat beheert moet worden. Daar staat dan weer tegenover dat de extra woningen en inwoners leiden tot een hogere algemene uitkering en meer OZB-inkomsten. Een en ander vice versa bij een daling van het aantal woningen en inwoners. Net als de hierboven genoemde meerjarige loon- en prijscompensatie is het de bedoeling om hiermee meer inzicht te creëren in de verwachte toekomstige groei (en krimp) van onze gemeente. 26

Het verloop van de stelpost ziet er als volgt uit. Hierbij is rekening gehouden met de voorgesteld onttrekking voor het knelpunt areaaluitbreiding Beheer. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Onderwerp 2021 2022 2023 2024 2025 Stelpost Areaalmutaties 44 44 44 44 44 Areaalmutaties OZB 2021 t/m 2025 128 290 319 297 372 Knelpunt areaaluitbreiding Beheer -50 -100 -150 -200 Saldo 172 284 263 191 216 Met het opstellen van de programmabegroting 2022 – 2025 zal deze stelpost verder worden geactualiseerd.

27

3.

Indeling programmabegroting 2022 - 2025

3.1 Inleiding In dit hoofdstuk wordt de indeling aangegeven voor de programmabegroting 2022 – 2025. Per programma is, conform de programmabegroting 2021 -2024 een aantal thema’s benoemd welke de (politieke) essentie van het betreffende programma weergeven. Per thema worden vervolgens de volgende punten aangegeven: • Wat willen we bereiken? (doelen en indicatoren) • Wat gaan we daarvoor doen? (activiteiten, inzet, etc.) • Financiën (lasten en baten) • Verbonden partijen Naast de onderstaande programma’s en thema’s zal de programmabegroting, net als in de vorige gemeenteraadsperiode een bestuurlijke samenvatting (hoofdpunten beleid en financiën), paragrafen (specifieke onderwerpen) en de financiële begroting (financieel technische informatie over de opbouw van de begroting) bevatten. 3.2 Programma’s 1. Bestuur en dienstverlening Thema’s 1.1 Bestuur 1.2 Burgerzaken 1.3 Dienstverlening 2. Schoon, heel en veilig Thema’s: 2.1 Openbare orde & veiligheid 2.2 Beheer openbare ruimte 2.3 Accommodaties & parkeren 3. Duurzaam ontwikkelen en wonen Thema’s: 3.1 Ruimtelijke ontwikkeling 3.2 Bereikbaarheid & mobiliteit 3.3 Duurzaamheid 3.4 Wonen 3.5 Bouwprojecten & grondexploitatie 4. Ondernemen en ontspannen Thema’s: 4.1 Economie 4.2 Cultuur 4.3 Recreatie & toerisme 4.4 Cultureel erfgoed 4.5 Sport 28

5. Leren, participeren en ondersteunen Thema’s: 5.1 Onderwijs 5.2 Thuis in de Wijk 5.3 Maatwerk Jeugd 5.4 Maatwerk volwassenen 5.5 Werk, inkomen, armoedebeleid & emancipatie 5.6 Volksgezondheid 6. Overzichten Thema’s: 6.1 Ondersteuning organisatie 6.2 Treasury 6.3 Vennootschapsbelasting 6.4 Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds 6.5 Onroerende Zaakbelasting 6.6 Overige belastingen 6.7 Overige baten en lasten 3.3 Paragrafen Lokale Heffingen Weerstandsvermogen en risicobeheer Onderhoud kapitaalgoederen Financiering Bedrijfsvoering Verbonden partijen Grondbeleid Accommodaties Corona Overige ontwikkelingen

29

4.

Bijlage I Indexatie

De meerjarenraming van Nissewaard wordt in constante – prijzen geraamd, dat wil zeggen de baten en lasten worden meerjarig niet geïndexeerd. Deze indexatie wordt op jaarbasis gedaan bij het opstellen van de nieuwe (technische) begroting voor het komende dienstjaar en vastgelegd in de perspectiefnota. Het uitgangspunt voor deze indexatie is dat de baten en lasten met de inflatie meebewegen. Bij het indexeren zijn er vier mogelijkheden:  Geen indexatie  Alleen loonindexatie  Alleen prijsindexatie  Gemengde indexatie Op basis van de soort kosten is per lasten- en baten categorie bepaald welke indexatie van toepassing is. Voor de indexatie van de begroting 2022 wordt teruggekeken naar eerdere indexatie prognoses op basis van de realisatiecijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) hiervoor afgeeft. Voor de prognoses van indexatie maken we gebruik van de informatie van het Centraal Planbureau (CPB) de Macro Economische Verkenning (MEV) en het Centraal Economisch Plan (CEP). 4.1 Prijzen

Naast de indexatie van materiële budgetten wordt de prijsindex eveneens toegepast op de gemeentelijke belastingen en tarieven. Zoals in het hoofdstuk Financieel perspectief 2021 – 2025 is aangegeven wordt voorgesteld om voortaan het mixpercentage (zie onderstaand) te hanteren voor de belastingen en tarieven. Herberekening 2020 In de Perspectiefnota 2021 is uitgegaan van 1,4% als stijgingspercentage materiële kosten 2020. Op basis van het CBS is het inflatiepercentage 2020 op 1,3% uitgekomen. In de Perspectiefnota 2022 vindt er dan ook een correctie plaats van - 0,1%. Inschatting 2021 In de Perspectiefnota 2021 is 1,4% opgenomen als stijgingspercentage materiële kosten 2021. Op basis van de prognose van het CPB september 2020 wordt voor 2021 een stijgingspercentage van 1,4% voorspeld. In de Perspectiefnota 2022 vindt er dan ook geen correctie plaats. Inschatting 2022 De prognose voor 2022 wordt geschat op 1,4%. Dit, in het verlengde van de voorspelling van het CPB september 2020. Ten opzichte van de begroting 2021 vindt daarmee een prijsindexatie plaats van 1,3% (- 0,1% nacalculatie 2020 + 1,4% inschatting 2022). Conclusie: Indexatie prijzen 2022 +1,3 %

30

4.2 Lonen De huidige CAO loopt van 1 januari 2019 tot 1 januari 2021. Voor de berekening van het stijgingspercentage voor personele kosten in 2022 worden de volgende componenten meegenomen: a. Gevolgen van CAO-ontwikkelingen. b. Wijzigingen in de werkgeverspremies, zoals pensioen-, WAO- en ziektekostenpremies. c. Reguliere jaarlijkse periodieke verhogingen van individuele loonkostenontwikkelingen. Herberekening 2020 In de Perspectiefnota 2021 is 5,58% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2020. In de Perspectiefnota 2022 vindt daar verder geen correctie op plaats. Inschatting 2021 In de Perspectiefnota 2021 is 4,35% opgenomen als stijgingspercentage loonkosten 2021. In de Perspectiefnota 2022 wordt dit percentage 4,71%, derhalve een correctie van 0,36%. Dit betreft een correctie op de raming van de CAO-stijging van – 0,55% en 0,91% extra stijging werkgeverslasten. Inschatting 2022 Voor 2022 wordt een stijging van de loonkosten geraamd van 2%. Dit bestaat uit 1,5% verwachte stijging van het CAO gerelateerd loon en 0,5% als verwachte stijging werkgeverslasten. Herberekening 2020 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies Periodieken en loonontwikkeling

4,17% 35,03% 0,5%

4,17% 35,03% 0,5%

0,00% 0,00% 0,00% 0,00%

Inschatting 2021 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies Periodieken en loonontwikkeling

3,20% 35,68% 0,5%

2,56% 36,59% 0,5%

-0,55% 0,91% 0,00% 0,36%

Inschatting 2022 CAO ontwikkelingen Werkgeverspremies

0,00% 36,59%

1,50% 37,09%

1,50% 0,50% 2,00%*

*De periodieken en loonontwikkeling wordt met ingang van de begroting 2022 – 2025 niet langer als percentage in de technische begroting verwerkt, maar als bedrag. De effecten 2020, 2021 en 2022 bij elkaar geteld geven een indexatie voor lonen van 2,36% ten opzicht van de begroting 2021. Conclusie : Indexatie lonen 2020 +2,36% 4.3 Samengesteld percentage Bepaalde budgetten in de begroting bestaan zowel uit prijs- als looncomponenten. Bijvoorbeeld subsidies aan instellingen. Voor de indexatie van deze budgetten wordt uitgegaan van een 31

samengesteld percentage van het geraamde prijs- en loonstijgingspercentage op basis van een verhouding van 50% materiële en 50% personele kosten. De berekening hiervan ziet er als volgt uit: 50% x stijging personele kosten 50% x prijsstijging + stijging samengestelde budgetten

: : :

50% x 2,36% 50% x 1,30%

= 1,18% = 0,65% + 1,83%

Conclusie : Indexatie samengestelde budgetten en belastingen en tarieven 2022 +1,83 % 4.4 Toelichting berekeningswijze belastingen (OZB) en tarieven (riolering) Hierboven is aangegeven dat het indexatiepercentage voor de gemeentelijke belastingen en tarieven voor 2022 1,83% bedraagt. Houdt dat nu ook in dat daarmee het stijgingspercentage van de belastingen en tarieven voor 2022 automatisch 1,83% bedraagt? Nee, het uiteindelijke stijgingspercentage kan afwijken. Dit kan geïllustreerd worden aan de hand van een drietal voorbeelden: de OZB-tarieven, het rioolrecht en de afvalstoffenheffing. OZB Voor de OZB-tarieven zijn er naast het indexatiepercentage diverse andere factoren van invloed op de hoogte van het stijgingspercentage. Gedacht kan worden aan de waarde-ontwikkeling van woningen. Wanneer woningen meer waard worden, daalt het OZB-tarief. Wanneer woningen minder waard worden, stijgt dit tarief. Hierdoor wordt een door de tijd heen zo gelijkmatig mogelijke belastingdruk bewerkstelligd. Wanneer deze correctie niet zou plaatsvinden, zou dat flinke schommelingen veroorzaken in het bedrag dat inwoners jaarlijks aan OZB moeten betalen, maar ook wat de gemeente jaarlijks aan OZB ontvangt. Dit is voor onze inwoners niet wenselijk, maar ook niet voor de gemeente.

Hiermee zouden flinke schommelingen in de begroting kunnen ontstaan, wat het moeilijker maakt om een stabiel gemeentelijk beleid te voeren. Daarnaast wordt in de hoogte van de tarieven rekening gehouden met bijvoorbeeld ‘oninvorderbare aanslagen’. Waarom gebeurt dat? Het is de bedoeling dat de in de (technische) begroting geraamde OZB-inkomsten worden binnen gehaald, in dit geval vermeerderd met 1,83%. Wanneer geen rekening gehouden zou worden met ‘oninvorderbaar’ zou de geraamde belastingopbrengst nooit gehaald worden met als gevolg een tekort in de begroting en een nadeel bij de jaarrekening. Bij het bepalen van de OZB-tarieven voor 2022 wordt gekeken naar de in de begroting geraamde opbrengst. Deze wordt vermenigvuldigd met 1,83%. Daarmee is de te innen OZB-opbrengst bepaald. Vervolgens wordt rekening gehouden met oninvorderbaar, leegstand (bij niet-woningen) en waardemutaties. Ter illustratie: Opbrengst OZB begroting 2021 + 1,83% inflatiestijging = te realiseren opbrengst OZB 2022. Ter realiseren opbrengst OZB 2022 = totale waarde onroerend goed x OZB-tarief 2022 Om het tarief 2022 te bepalen wordt dus de te realiseren opbrengst OZB 20221 als uitgangspunt genomen. Vervolgens wordt in de tariefsbepaling rekening gehouden met (mutaties ten aanzien van) waardeontwikkeling als gevolg van bezwaarschriften, oninvorderbaar en leegstand.

Rioolrecht Het tarief voor het rioolrecht is naast de hoogte van het inflatiepercentage afhankelijk van de kosten welke de gemeente moet maken om de afvoer van (afval)water te regelen. Zo leiden meer investeringen (kosten) tot een hoger tarief.

32

Afvalstoffenheffing Ook voor dit tarief geldt dat er meer aspecten van invloed zijn dan alleen het inflatiepercentage. In dit geval zijn vooral de hoeveelheid aangeboden afval en de verwerkingskosten van dat afval bepalende factoren. De belastingtarieven worden in concept berekend bij de begroting 2022 waarna in december 2021 de tarieven ter definitieve vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

33

5.

Bijlage II Overzicht knelpunten 2021 – 2025

Onderstaand wordt een overzicht inclusief bijbehorende toelichting weergegeven van de – geïnventariseerde knelpunten voor 2021 – 2025. Bedragen x € 1.000 “-” = nadelig Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 2021 2022 2023 2024 2025 Bestuur en dienstverlening Burgerzaken 1. Portaal Burgerzaken Lasten -235 -203 -203 -182 -160 Portaal Burgerzaken – Lasten 157 147 147 147 147 beschikbare dekking 2. Burgerzaken documenten Baten 76 52 61 191 17 Burgerzaken documenten – Lasten 40 -31 -34 -110 -33 afdracht Rijk Totaal Bestuur en 38 -35 -29 46 -29 dienstverlening Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 3. Cameratoezicht metrostations 4. Bijdrage VRR Beheer openbare ruimte 5. Stelpost beheer Vrijval kapitaallasten beheer 6. Onderhoud bosplantsoen en parkbos Dekking reserve Beheer (inhaalslag) 7. Onderhoud oppervlaktewater Gedeeltelijke dekking via rioolheffing (nader te onderzoeken) 8. Areaaluitbreidingen beheer openbare ruimte Dekking stelpost Areaaluitbreiding 9. Ondergrondse containers Afvalstoffenheffing 10. Viaduct Baljuwlaan Reserve Beheer 11. Onderhoud begraafplaats Reserve Beheer 12. Wagenparkbeheer

Lasten

-18

-18

-18

-18

-18

Lasten

-34

-26

-26

-26

-26

Lasten Lasten

PM PM

Lasten

-285

-285

-285

Baten

285

285

285

Lasten

PM

PM

PM

PM

Baten

PM

PM

PM

PM

Lasten

-50

-100

-150

-200

Lasten

50

100

150

200

Lasten Baten Lasten Baten Lasten Baten Lasten

-22 22 -1.035 1.035

-22 22

-22 22

-22 22

-7

-7

-7

-7

-92 92 -11 34

-80

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 13. Circulaire Lasten ambachtscentrum Circulaire Baten ambachtscentrum specifieke uitkering Accommodaties en parkeren 14. Aanpassing Lasten ventilatiesysteem i.h.k.v. Corona eisen 15. Renovatie fundering molen Lasten Zuidland De Arend 16. VVE bijdragen 2021 ev. Lasten 17. Streekarchief - begroting Lasten 2021/2022 18. Huisvesting Streekarchief Lasten 19. Kapitaallasten mjis Lasten accommodaties Vrijval kapitaallasten Lasten accommodaties 20. Onderhoud gebouwen Lasten Vergoeding SPUK (sport) Baten Reserve Onderhoud Baten gemeentelijke gebouwen 21. 24 Uurs inzet beveiliging Lasten parkeergarages 22. Verwijderen te vervangen Lasten parkeerautomaten Reserve Onderhoud Baten gemeentelijke gebouwen Totaal Schoon, heel en veilig Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 23. Maatregelen Uit Lasten Gebiedsuitwerking VP en Haven Rotterdam 24. Bodemtaken t.g.v. de Lasten komst van de Omgevingswet 25. Placebranding Lasten (ondersteuning fte en campagne zelf) voor 4 jaar Dekking via reserve Nn2040 Baten + € 300.000 storting in reserve Nn2040 t.l.v. Algemene reserve 26. Bijdrage investeringen Lasten Volkshuisvestingsfonds

2021 -49

2022

2023

2024

2025

49

PM

PM

PM

PM

PM

-67 -22

-67 -22

-67 -22

-67 -22

PM

PM

PM

PM PM

-80 -67 -23

PM -304 29 275

-1.401 135 1.266

-10 10

-10 10

-10 10

PM

-40

-40

-40

-40

-228

-180

-180

-180

-260

PM

PM

PM

PM

PM

-15

-15

-15

-15

-15

-100

-200

PM

PM

PM

100

200

-45 45

PM

35

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten Bereikbaarheid en mobiliteit 27. Structurele verhoging Lasten budget Mobiliteitsbeleid 28. Trambaanpad Lasten (snelfietsroute) Duurzaamheid 29. Regionale energiestrategie Lasten Regionale energiestrategie Baten - bijdrage 30. Regeling Reductie Lasten Energiegebruik Woningen Regeling Reductie Baten Energiegebruik Woningen bijdrage Wonen 31. Legesinkomsten in relatie Baten tot Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) 32. Inhuur VTH Lasten 33. Bouwleges Baten Leges kabels en leidingen Baten 34. (glasvezel) Totaal Duurzaam ontwikkelen en wonen Ondernemen en ontspannen Cultuur 35. Archeologie Lasten 36. Investering De Stoep Lasten Taakstelling De Stoep Lasten Sport 37. Sportakkoord 2020 Lasten Sportakkoord 2020 Baten Sportakkoord 2021 Lasten Sportakkoord 2021 Baten Totaal Ondernemen en ontspannen Leren, participeren en ondersteunen Lasten/ Baten Nr. Omschrijving Onderwijs 38. Onderwijshuisvesting Lasten 39. Vergroening schoolpleinen Lasten Totaal Leren, participeren en ondersteunen Overzichten Ondersteuning organisatie

2021

2022

-15

2023

2024

2025

-15

-15

-15

-15

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

PM

85

PM

PM

PM

50

50

50

50

55

105

20

20

20

-3 61 -61

-3

-3

-3

-3

-3

-3

-3

-3

-162 162 -1.578 1.578

-425 510

-50 50 -100 100 -3

2020

2021

2022

2023

2024

-350

-350

-350

-350

-200 -200

36

0

0

Lasten/ Nr. Omschrijving Baten 40. Syntrophos - begroting Lasten 2021/2022 Dekking stelpost Lasten Concernoverhead - vv laptops thuiswerken 41. Accountant Lasten 42. Agendalidmaatschap van Lasten de G40 43. Indexering contracten Lasten facilitaire dienstverlening 44. Efficiency organisatie Lasten belastingen (optie intern) 45. Invulling taakstelling ICT Lasten 46. Aanvulling innovatiebudget Lasten 47. Formatieve mutaties Lasten Treasury 48. Dividend Stedin Baten 49. Korte rente Lasten 50. Rente De Stoep Lasten Rente De Stoep Baten 51. Startersleningen Lasten OZB en overige belastingen 52. OZB - regulier Baten OZB - areaal Baten Stelpost Areaalmutaties Lasten 53. Toeristenbelasting Baten 54. Forenzenbelasting Baten uitbreiding Zuytland Buiten 55. Uitvoering wet WOZ Lasten inhuur Totaal Overzichten Coronacrisis 56. 1e Tussenrapportage corona Effecten corona Reserve Coronamaatregelen Totaal

Lasten/ baten Baten Baten

2021 -147

2023 -116

2024 -271

2025 -271

235

235

-40 -18 -100

-101

-101

-101

-101

150

200

300

300

-50 -50 -523

-50 -50 -114

-100 -50 -100

-100 -50 -100

PM 49

PM 49

PM 49

PM 49

-30

-30

32 290 -290

32 319 -319 14 13

32 297 -297 14 13

32 372 -372 14 13

-571

-557

-153

21

21

-3.127

-425

-77 3.204

-51 476

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

-909

-670

-345

-446

-601

-366 PM 100 6 -6 -30

128 -128

30

57. Sociaal Domein Totaal knelpunten

2022 -34

Toelichting knelpunten

37

5.1 Bestuur en dienstverlening Burgerzaken 1. Portaal Burgerzaken Eind 2020 heeft een heroverweging plaatsgevonden van de aansluiting bij de burgerzakenapplicatie van Pink Roccade inclusief de geïntegreerde koppeling naar de e-Suite. Deze heroverweging heeft ertoe geleid dat Nissewaard niet is overgegaan naar Pink Roccade met als gevolg dat er een investering heeft plaatsgevonden in de doorontwikkeling van de huidige applicatie Key2Burgerzaken van Centric. De investering bestaat uit een aanschaf van e-Diensten (digitale klantprocessen) en een verplichte afname van de SAAS-oplossing van Centric. Verplicht omdat het onderhoud van de huidige applicatie niet meer ondersteund wordt per 1 juli 2021. De kosten betreffen incidentele implementatiekosten en structurele kosten voor e-Diensten. Het merendeel van de kosten kan worden opgevangen binnen bestaande budgetten. 2. Burgerzaken documenten Dit betreft een actualisatie van de verwachte documentafname en de daar bijbehorende afdrachten aan het rijk. Het nadeel in 2025 heeft te maken met de zogenaamde ‘paspoortdip’ in verband met de geldigheidstermijnen van dit soort documenten. 5.2 Schoon, heel en veilig Openbare orde en veiligheid 3. Cameratoezicht metrostations Cameratoezicht wordt gezien als sluitstuk van een pakket aan maatregelen op het gebied van de openbare orde en veiligheid.

Indien andere maatregelen niet toereikend zijn of afdoende effect hebben, dan pas mag cameratoezicht ingezet worden. Omdat er sprake is van maatschappelijk belang en politieke wens is het realiseren van cameratoezicht ingediend. Naast de eerder afgegeven veiligheidsgebieden voor preventief fouilleren (dat overigens niet structureel mag worden ingezet), vormt het cameratoezicht een aanvullend middel op deze eerder genomen maatregel. Verder worden de metrostations veel gebruikt door forenzen, waardoor de camera’s een positieve bijdrage leveren aan het veiligheidsgevoel van de bezoekers. Hoewel de ultieme wens is om alle drie de stations te voorzien, is het voorstel om te starten met de locatie die hiervoor als eerste in aanmerking komt (mede ook gelet op het feit dat in het centrum eea met de reconstructie van het gebied kan worden meegenomen). 4. Bijdrage VRR De bijdrage aan de VRR neemt toe als gevolg van de toename van het aantal inwoners in Nissewaard. Beheer openbare ruimte 5. Stelpost beheer In het investeringsprogramma van de begroting 2021-2024 zijn de vervanging van wegen, bruggen en beschoeiingen opgenomen. De stelpost Beheer is hiermee uitgeput en moet worden aangevuld om de aankomende reconstructies na 2024 te kunnen bekostigen.

De komende tijd zal bekeken worden in hoeverre de vrijval van kapitaallasten Beheer voldoende zal zijn om de benodigde investeringen te kunnen doen. 6. Onderhoud bosplantsoen en parkbos Een gedeelte van het bosplantsoen en de parkbossen van Nissewaard is na 40 jaar aan het einde van de levensduur gekomen, en vormen een risico door omvallen. In de komende jaren moet er cyclisch onderhoud worden uitgevoerd om het bosplantsoen en parkbos veilig en gezond te houden. Het gaat daarbij voor 2022 – 2024 om een inhaalslag en met ingang van 2025 om structureel onderhoud. Het 38

budget bossen en parken is hiervoor niet toereikend. Naast het cyclisch onderhoud worden ook andere kosten uit dit budget gedekt zoals onder andere de directievoering en toezicht van de Bomenwacht, het vegen van paden, het verzorgen van de runderen. Voorgesteld wordt om de inhaalslag voor 2022 – 2024 te dekken via de reserve Beheer. 7. Onderhoud oppervlaktewater Voor onderhoud van het oppervlaktewater is een uitvoeringsprogramma opgesteld voor het onderhoud van sloten, duikers, fonteinen, beschoeiingen en peilbuizen. De komende periode zal bekeken worden welke kosten hier mee samenhangen en in hoeverre deze kosten toe te rekenen zijn aan de rioolheffing. 8. Areaaluitbreidingen beheer openbare ruimte Per 2022 gaat het beheer van de openbare ruimte van Het Land fase 3 t/m 14, omgeving Dijk 1 en het Bernisser Park over naar de teams die verantwoordelijk zijn voor het klein en groot onderhoud van de kapitaalgoederen in de openbare ruimte. Dit knelpunt kan gedekt worden door de stelpost Areaalmutaties. 9. Ondergrondse containers De gemeente heeft per 1 juli 2020 de ondergrondse containers van N.V. Reinis aangekocht. De gemeente is nu ook verantwoordelijk om de vervanging en uitbreiding van het aantal containers in 2021 te organiseren. Voor 2021is een bedrag van € 289.345 nodig om de noodzakelijke vervangingen en uitbreidingen te doen.

Er is reed een restant krediet van € 163.145, waardoor nog een extra krediet benodigd is van € 126.200. Deze investering leidt tot kapitaallasten in 2022 en verder, welke worden meegenomen in het tarief Afvalstoffenheffing 2022. Daarnaast worden het aantal glascontainers uitgebreid. Dit in lijn met het advies “Optimalisatie Omgekeerd Inzamelen”. Vanuit Nedvang ontvangt Reinis hiervoor een subsidie van 70% van de aanschaf- en plaatsingskosten (excl. afvoer vrijkomende grond). Het netto benodigde krediet bedraagt € 146.700. Deze investering leidt tot kapitaallasten in 2022 en verder, welke worden meegenomen in het tarief Afvalstoffenheffing 2022. 10. Viaduct Baljuwlaan Vanuit de keten civieltechnische kunstwerken is na inspectie naar voren gekomen dat er op korte termijn groot onderhoud gepleegd moet worden aan het viaduct Baljuwlaan. Dit groot onderhoud was niet voorzien, maar is vanuit veiligheidsoogpunt wel direct noodzakelijk. De kosten worden gedekt worden door een eenmalige onttrekking aan de reserve Beheer. 11. Onderhoud begraafplaats Het achterstallig onderhoud van de begraafplaats zal dit jaar worden uitgevoerd. Een deel van deze extra kosten kan gefinancierd worden uit het voordeel van € 11.410 uit het budget ruimen graven. Het restant wordt verrekend met de reserve Beheer. 12.

Wagenparkbeheer Door verhoging van de verzekeringspremies van de bedrijfswagens belast Reinis een hoger bedrag door voor het leasecontract.

39

13. Circulaire ambachtscentrum De gemeente heeft een specifieke uitkering gekregen t.b.v. een circulair ambachtscentrum. In de circulaire ambachtscentra staan hoogwaardig product- en materiaalhergebruik, sociale activatie van mensen op het gebied van circulaire economie en het creëren van een toegankelijke publieke plek voor tweedehands spullen en CE gerelateerde activiteiten centraal. Reinis doet voor de gemeente de uitvoering. Accommodaties en parkeren 14. Aanpassing ventilatiesysteem i.h.k.v. Corona eisen Er loopt momenteel een inventarisatie van de ventilatiesystemen in de objecten met hoog risicoprofiel, met name scholen. Op basis van deze inventarisatie zal bekeken worden welke maatregelen eventueel genomen moeten worden. Zodra hier meer over bekend is, zal er nader over worden geadviseerd. 15. Renovatie fundering molen Zuidland De Arend De stichting Molenbehoud Nissewaard is sinds 1 januari 2015 eigenaar en beheerder van de molens De Arend te Zuidland en De Hoop te Abbenbroek. Het eigendom is toen door de stichting overgenomen van de gemeente Bernisse. In de periode 2016 - 2019 heeft de stichting noodzakelijke restauraties aan beide molens uitgevoerd met hulp van de gemeente en provincie. Voor de komende jaren staat het restaureren van de fundering van molen De Arend op de planning. Deze is door een budgetoverschrijding in de eerdere restauratie niet meegenomen.

Vanuit de eerder vastgestelde technische noodzaak ter voorkoming van toekomstige schade aan de bovenbouw en (scheef)zakken van de molen De Arend, heeft de stichting in 2019 besloten het funderingsherstel ca. uiterlijk binnen 5 jaar te laten plaatsvinden. Daartoe is het technisch plan nader beoordeeld en voorzien van een geactualiseerde raming; gerekend moet worden met een noodzakelijke investering van € 275.000. Net zoals bij het dekkingsplan voor de eerder uitgevoerde restauratie, wil de stichting zich weer inzetten om de vereiste middelen voor het investeringsprogramma 2020 - 2024. De gemeente is gevraagd een bijdrage te leveren van € 80.000. 16. VVE bijdragen 2021 ev. De bijdrages aan de VVE’s gaan vanaf 2021 aanzienlijk omhoog door stijging van de brand- en opstalverzekering. 17. Streekarchief - begroting 2021/2022 Dit betreft een budgetaanpassing van de gemeentelijke bijdrage. 18. Huisvesting Streekarchief Momenteel loopt een onderzoek naar de nieuwe huisvesting van het Streekarchief. Het is nog onduidelijk welke (extra) kosten daarmee samen zullen hangen. 19. Kapitaallasten mjis accommodaties Het investeringsbedrag dat gepland stond voor 2024 wordt doorgeschoven naar 2025. Er zal eerst nog nader onderzoek gedaan worden naar welke investeringen noodzakelijk zijn en welke kapitaallasten daarmee samenhangen.

Deze kapitaallasten worden (gedeeltelijk) gedekt door de vrijvallende kapitaallasten op het gebied van accommodaties. Bij de volgende begroting zal hier nader over worden geadviseerd.

40

20. Onderhoud gebouwen De onderhoudsbudgetten zijn herijkt en het advies is om de ramingen bij te stellen op basis van de uitgevoerde analyse. Uit de analyse is geconstateerd dat projecten in 2020 een doorloop hebben in 2021. Dit betreft o.a. schilderwerken, onderhoud aan de Lenteakker en aan monumenten. Daarnaast zijn op basis van de meerjaren onderhoudsbegroting de onderhoudsactiviteiten jaar 2022 inzichtelijk gemaakt en de daarmee samenhangende budgetmutaties. Tevens zijn de budgetten met vaste onderhoudscontracten en correctieve onderhoudswerkzaamheden opnieuw beoordeeld met als gevolg bijstelling in de ramingen. Om de noodzakelijke onderhoudsactiviteiten volledig te budgetteren, dient ten behoeve van 2021 en 2022 respectievelijk een bedrag van € 230.009 en € 1.266.308 te worden onttrokken aan de reserve Onderhoud gemeentelijke gebouwen. 21. 24 Uurs inzet beveiliging parkeergarages In het verleden is ingezet om de beveiliging van de parkeergarages op afstand te zetten. Voortschrijdend inzicht geeft aan dat 24 uurs beveiliging noodzakelijk is. Belangrijkste reden is preventief en actief vandalisme bestrijding vanwege hangjongeren in de parkeergarages. Daarnaast vanuit brandbeveiligingsoogpunt. Ingeval van een calamiteit vereist de brandweer een reactietijd van 15 minuten van de eigenaar om toegang tot het object te verschaffen.

Daarna zal de brandweer zich “met geweld” toegang tot het object verschaffen. Tot slot is met enige regelmaat sprake van vals alarm situaties door storingen en of vervuiling van de sensoren. De aanwezigheid van de beveiliging maakt een eerste beoordeling van de situatie mogelijk, waardoor on terechte de inzet van de brandweer wordt vermeden bij vals alarmen. Voorgesteld wordt om de kosten voor 2021 vooralsnog vanuit het lopende budget te dekken. Vanaf 2022 is voor deze kosten echter extra budget benodigd. 22. Verwijderen te vervangen parkeerautomaten Dit betreft de meerkosten vanwege het verwijderen van de oude parkeerautomaten (buiten). Deze kosten zijn niet meegenomen in het investeringskrediet voor plaatsing van de nieuwe parkeerautomaten. Voorgesteld wordt om de kosten te dekken uit de reserve Onderhoud gemeentelijke gebouwen. (Het restant van de reserve Parkeren is daar eerder aan toegevoegd.) 5.3 Duurzaam ontwikkelen en wonen Ruimtelijke ontwikkeling 23. Maatregelen Uit Gebiedsuitwerking VP en Haven Rotterdam Regiopartijen en het Rijk zitten in een onderzoekstraject naar bereikbaarheidsmaatregelen voor Voorne-Putten. Aan het einde van dit traject zullen partijen willen komen tot afspraken over een pakket aan maatregelen en financiering ervan. Naar verwachting gaat het om een totale investering van enkele miljoenen tot circa € 10 miljoen.

Ook vanuit Voorne-Putten zal een bijdrage worden verwacht. Meer duidelijkheid hierover volgt naar verwachting medio/eind 2021. 24. Bodemtaken t.g.v. de komst van de Omgevingswet Op 1 januari 2022 treedt de Omgevingswet in werking. Daar waar nu de provincie Zuid-Holland bevoegd gezag is voor de bodem, zullen onder de Omgevingswet alle gemeenten bevoegd gezag worden (decentralisatie). Naast deze grote verandering vraagt de Omgevingswet ook om een andere invulling van bodemtaken dan in de voorgaande regelgeving. De essentie: een deel van de huidige bodemtaken houdt op te bestaan, een deel verandert en er komen nieuwe taken bij. Dit alles heeft de nodige impact op de taakuitvoering door de DCMR. 41

De uiteindelijke financiële effecten van de bodemtransitie zijn afhankelijk van een groot aantal factoren. Deze zijn op dit moment nog onvoldoende inzichtelijk. De Omgevingswet gaat echter, zoals het er nu naar uitziet, wel in op 1 januari 2022. Hiermee staan twee dingen vast: • Er zal een transitie plaatsvinden van de bodemtaken van de provincie naar de gemeenten. • Er vindt een verandering plaats in aard van de bodemtaken. De financiële effecten hebben in hoofdlijnen drie niveaus: 1- (Veel) minder bodemtaken bij de provincie; 2- (Veel) meer bodemtaken bij de deelnemers; 3- Veranderde taken onder de Omgevingswet. Het lijkt er momenteel op dan vanuit de overdracht van taken geen geld vanuit de rijksoverheid mee komt. Dit punt is aanhangig gemaakt bij de VNG en in een brandbrief aan het ministerie. Tot op heden is daar geen reactie op ontvangen. Uit een eerste berekening van de DCMR is de inschatting dat de kosten voor de nieuwe bodemtaken voor Nissewaard circa € 15.000 per jaar bedragen. De gemeente mag deze taken ook zelf uitvoeren, maar gelet op de beschikbare capaciteit in relatie tot de bestaande formatie lijkt dit geen serieuze optie. 25. Placebranding De ambities in het huidige Coalitieakkoord en Nissewaard 2040 zijn gericht op investeringen in ontwikkelingen die bijdragen aan een aantrekkelijke, vitale, toekomstbestendige woon- en werkgemeente in 2040.

Daaraan draagt placebranding aan bij. De naam Nissewaard is nog steeds te onbekend en dat is niet gunstig voor de diverse projecten en programma’s. Als we ons beter in de markt zetten geeft dat meer kansen op (mede)financiering. Tegelijk blijft citymarketing essentieel om te laten zien aan inwoners en bedrijven dat we die aantrekkelijke, vitale, toekomstbestendige woon- en werkgemeente zijn. Voorgesteld wordt om voor 2 jaar hier middelen voor beschikbaar te stellen. Het nieuwe bestuur kan dan vervolgens op basis van de opgedane ervaringen besluiten hoe ze hier verder mee om wil gaan. Ter dekking van de kosten zal € 300.000 vanuit de Algemene reserve worden toegevoegd aan de reserve Nn2040. Hieruit kan vervolgens voor 2021 € 100.000 en voor 2022 € 200.000 beschikbaar worden gesteld. 26. Bijdrage investeringen Volkshuisvestingsfonds Recentelijk is een aanvraag gedaan bij het Volkshuisvestingsfonds. Hieruit worden gelden verstrekt voor het verduurzamen van woningen. Wanneer deze worden toegekend, gebeurd dit op basis van co-financiering door de gemeente. Zodra de beslissing over de aanvraag bekend is, zal nader geadviseerd worden over de co-financiering. De toekenning van een aanvraag houdt overigens nog niet in de verplichting voor de gemeente om deze ook af te nemen.

Met andere woorden, de gemeente heeft de vrijheid om eventueel toch geheel of gedeeltelijk geen gebruik te maken van de gelden uit het Volkshuisvestingsfonds. Bereikbaarheid en mobiliteit 27. Structurele verhoging budget Mobiliteitsbeleid Het huidige structurele werkbudget voor algemene verkeer- en vervoerzaken bedraagt sinds jaar en dag circa € 15.000 per jaar. Dit bedrag is niet meer toereikend gezien nieuwe ontwikkelingen waarvoor specifieke expertise niet in huis is. Het gaat bijvoorbeeld om vraagstukken in het kader van

42

duurzame mobiliteit, vanuit het programma Nissewaard naar 2040 maar ook om bijvoorbeeld schetsontwerpen, verkeersberekeningen, parkeerdrukmetingen, etc. 28. Trambaanpad (snelfietsroute) Het fietsgebruik kent een steeds meer toenemende rol bij verplaatsingen en in het mobiliteitsbeleid; mede door de komst van nieuwe soorten fietsen (e-bikes en speedpedelecs). Er loopt een gezamenlijke verkenning naar het Trambaanpad om deze fietsroute om te vormen naar een snelfietsroute. Grote delen van het bestaande fietspad zullen verbreed moeten worden en ook een andere inrichting krijgen. Het Waterschap Hollandse Delta heeft het grootste beheer en eigendom van de route maar ook delen vallen onder Hellevoetsluis en Nissewaard. De MRDH en Provincie zijn subsidiërende partijen en aangehaakt. De totale route is circa 15 kilometer lang en er worden aanzienlijke (meerdere miljoenen) investeringskosten verwacht. De lopende verkenning moet hier meer duidelijkheid over geven. 29. Regionale energiestrategie In het kader van de Regionale Energie Strategie is Nissewaard penvoerder. Nissewaard ontvangt van de regiogemeente een bijdrage ter compensatie van de te maken kosten. 30. Regeling Reductie Energiegebruik Woningen "De gemeente heeft een specifieke uitkering Regeling Reductie Energiegebruik Woningen gekregen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland ontvangen.

Met deze specifieke uitkering stimuleert het Rijk gemeenten om huishoudens te ondersteunen bij het reduceren van hun energiegebruik door het treffen van eenvoudige energiebesparende maatregelen in de woningen en het geven van advies over energiebesparing aan de bewoners. Dit leidt tot reductie van het energiegebruik bij huishoudens en daarmee tot CO2-reductie." Wonen 31. Legesinkomsten in relatie tot Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) Door de invoering van de Wkb tezamen met de Omgevingswet ontstaat er een verschuiving in de kosten die kunnen worden meegenomen in de legesheffing. Op dit moment is het nog niet mogelijk de gevolgen van de invoering van de Wkb in geld uit te drukken. Het is echter wel de verwachting dat deze ontwikkeling een (substantiële) daling zal veroorzaken in hetgeen belastbaar is voor de legesheffing. 32. Inhuur VTH Vanwege de hoge werkdruk en langdurig ziekteverzuim is hier voor 2021 inhuur noodzakelijk. 33. Bouwleges De baten bouwleges zijn in 2019 en 2020 uiteindelijk bijna € 0,5 miljoen hoger uitgevallen dan geraamd. Voor 2021 wordt dan ook voorgesteld om deze baten daar op aan te passen. Voor 2022 en verder past enige terughoudendheid omdat het nog ongewis is wat het effect zal zijn van de Omgevingswet op deze baten. 34.

Leges kabels en leidingen (glasvezel) Met de komst van steeds meer glasvezelkabels, wordt voorgesteld om daar ook de baten in de vorm van leges voor te ramen. Vooralsnog wordt deze ingeschat op € 50.000 structureel.

43

5.4 Ondernemen en ontspannen Cultuur 35. Archeologie De begroting 2021 voor de archeologische beleidsondersteuning door Archeologie Rotterdam (BOOR) is hoger dan het budget in onze begroting. Het betreft de vaste kosten voor een adviseur Archeologie en verrekenbare kosten op basis van aanvragen. De aantallen per product zijn een inschatting op basis van de afgenomen producten in 2020. 36. Investering De Stoep Door de sluiting van het theater als gevolg van de Corona pandemie, hebben vervangingsinvesteringen in 2020 niet plaatsgevonden. De vrijval van de afschrijvingslasten worden ingezet voor invulling van de taakstelling. Sport 37. Sportakkoord 2020/2021 In 2020 heeft de gemeente een specifieke uitkering gekregen voor de uitvoeringskosten van het sportakkoord 2020. Dit budget had moeten worden overgeheveld naar 2021, maar zat niet in het Overhevelingsvoorstel 2020 -> 2021. Dat wordt hiermee alsnog gecorrigeerd. Voor 2021 heeft de gemeente een specifieke uitkering gekregen voor de uitvoeringkosten van het sportakkoord. Dit moet nog in de begroting worden opgenomen. 5.5 Leren, participeren en ondersteunen Onderwijs 38. Onderwijshuisvesting Dit knelpunt betreft een aantal ontwikkelingen op het gebied van de onderwijshuisvesting. De grootste ontwikkelingen zijn: • Ring van Putten: Gallilei wil gebouw kwaliteitsimpuls geven. Met name ventilatie is aandachtspunt.

Met de subsidieregeling zijn er kansen om de renovatie deels met subsidie te financieren. • Elementen-school: er zijn hoge eenmalige kosten in 2021 voor de noodschool op het terrein van De Hoeksteen tot 2024/20225. De definitieve school heeft hoge extra kosten, vanwege de inrichtingskosten. Met name nieuwe toegangsweg en verplaatsen zendmast zijn hoge initiële kosten die niet zijn opgenomen in huidige budget voor realisatie schoolgebouw. • De mogelijke ontwikkeling met Realconomy trekken de vervangende nieuwbouw en herverdeling van de scholen in Waterland naar voren. Ook deze ontwikkeling is nog niet voorzien en begroot. Met het Integraal Huisvestingsplan voor 2022 en verder zal nader over de onderwijshuisvesting geadviseerd worden. 39. Vergroening schoolpleinen Voor de projecten die de komende 4 jaren op stapel staan wordt voorgesteld om eenmalig € 200.000 beschikbaar te stellen. Het nieuwe bestuur kan vervolgens nader bepalen hoe er na deze periode met dit onderwerp moet worden omgegaan.

44

5.6 Overzichten Ondersteuning organisatie 40. Syntrophos - begroting 2021/2022 Dit knelpunt heeft betrekking op de bijdrage die Syntrophos van ons verwacht versus het daarvoor beschikbare budget in de begroting. De belangrijkste mutatie betreft de lasten die samenhangen met de aanschaf van de laptops. Hiervan wordt voorgesteld om deze te dekken via de stelpost Overhead. 41. Accountant In het eerste jaar van de nieuwe accountant PWC is het contract 15.000 hoger dan begroot. In de afgelopen periode zijn er daarnaast meer uren gemaakt door de nieuwe accountant PWC dan verwacht. Dit is o.a. veroorzaakt door inefficiënties a.g.v. werken op afstand, de organisatiewijziging per 1 juli 2020, nieuwe regelgeving en extra controles a.g.v. Covid-19 regelingen die in de aanbesteding niet voorzien waren. Dit leidt in 2021 tot meerwerk van € 25.000. Naar verwachting zullen de kosten meerjarig binnen de begroting passen. 42. Agendalidmaatschap van de G40 Het college heeft op 2 maart j.l. het besluit genomen om agenda lid te worden van de G40. De G40 bepaalt na de gemeenteraadsverkiezingen in 2022 wat de voorwaarden zijn om lid te worden van het netwerk. In de aanloop daartoe wil Nissewaard met een aantal andere gemeenten alvast agenda lid worden.

In de financiële paragraaf van het advies is, door ontbreken van beschikbaar budget, opgenomen dat de eventuele (toekomstige) financiële consequenties (á € 18.000) worden meegenomen bij het opstellen van de Perspectiefnota 2022. 43. Indexering contracten facilitaire dienstverlening De jaarlijkse interne indexering van de budgetten binnen de gemeente Nissewaard zijn in de afgelopen jaren lager geweest dan de in rekening gebrachte indexering voor de contracten facilitaire dienstverlening. Dit heeft als gevolg dat de budgetten voor de facilitaire diensten schoonmaak en beveiliging niet meer toereikend worden geacht. De interne indexering voor de meerjarenbegroting van 1,3% vanaf boekjaar 2022 staat ook niet in verhouding tot de gemiddelde prijsverhoging van 5% bij de facilitaire leveranciers. Het voorstel is om de budgetten voor het verrichten van schoonmaakwerkzaamheden en de beveiliging structureel op te hogen en per jaar een indexering toe te kennen van minimaal 5%. Voor de begroting 2022 – 2025 zal nog nader onderzocht worden of dit knelpunt wellicht nog (gedeeltelijk) binnen andere bestaande facilitaire budgetten kan worden opgevangen. 44. Efficiency organisatie belastingen (optie intern) Recentelijk is in het college een besluit genomen om de belastingtaken intern efficiënter te organiseren. ICT-innovaties spelen hier een belangrijke rol in.

De beoogde besparing loopt naar verwachting op termijn op naar € 300.000 per jaar. 45. Invulling taakstelling ICT Omdat ICT een belangrijke pijler vormt in het efficiënter organiseren van de belastingtaken, wordt een deel van het voordeel, ad € 100.000 structureel, benut om de openstaande taakstelling ICT in te vullen. 46. Aanvulling innovatiebudget Om innovaties in de organisatie ook in de komende jaren te stimuleren en te faciliteren wordt van het voordeel op de belastingtaken € 50.000 structureel toegevoegd aan de post Innovatiebudget.

45

47. Formatieve mutaties Formatieve knelpunten t.l.v. begrotingssaldo Casemanager (1 fte) Omgevingswet 5G Loket Wabo regisseur Onderwijshuisvesting - capaciteit Dienstverlening Wmo (capaciteit i.v.m. stijgende Wmo meldingen) Dekking binnen (stelpost) Sociaal Domein Totaal (t.l.v. begrotingssaldo)

2021 -102 -50 -85 -100 -263

2022 -102 -50 -85 -100 -525

2023 PM PM PM -100 PM

2024 PM PM PM -100 PM

2025 PM PM PM -100 PM

263 -337

525 -337

PM -100

PM -100

PM -100

Formatieve knelpunten t.l.v.stelpost Overhead Functioneel applicatiebeheerder Omgevingswet Privacy/Informatiebeveiliging (Digitale) participatie Stopzetten detachering Communicatie aan samenwerk.verb. VP

2021 -102 -102 -27 -30

2022 -102 -102 -53 -30

2023 -102 -102 -27 -30

2024 -102 -102 PM -30

2025 -102 -102 PM -30

-261 261 0

-287 287 0

-261 261 0

-234 234 0

-234 234 0

-50

-50

-50

-50

-50 -50

-120 -50 -220

21 -29

34 -186

-120 -50 -220 30 176 -14

-120 -50 -220 30 190 0

-120 -50 -220 30 190 0

-366 0 0

-523 0 0

-114 0 0

-100 0 28

-100 0 28

Dekking stelpost Overhead Totaal Formatieve knelpunten t.l.v. stelposten bez. CS + fijnstructuur Basis Registratie Ondergronden (BRO) coördinatie Senior econoom Formatie Monumentenzorg en erfgoed Totaal Stelpost Te veel bezuinigd CS Stelpost Fijnstructuur Totaal (t.l.v. begrotingssaldo) Ten laste van begrotingssaldo Restant stelpost Te veel bezuinigd CS Restant stelpost Fijnstructuur Toelichting

Formatieve knelpunten t.l.v. begrotingssaldo Casemanager (1 fte) Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet krijgt het vooroverleg een (nog) belangrijke(r) plek. Vanaf 1 januari 2022 als de Omgevingswet in gaat, wordt het verlenen van vergunning bij complexe initiatieven anders: • De procedure van 8 weken wordt de standaardprocedure; de afhandeling van de aanvraag moet dus veel sneller; • Bij een aanvraag voor meerdere overheden wordt de gemeente aanspreekpunt en verantwoordelijk voor de afhandeling in de keten; 46

• Bij de beoordeling van een vergunningaanvraag wordt integraal naar alle aspecten van de fysieke leefomgeving gekeken; • Bij het aanvragen van een vergunning moet de initiatiefnemer aangeven of en hoe er is geparticipeerd; • De houding naar de initiatiefnemer verandert van 'nee, tenzij' naar 'ja, mits'. Dat betekent dat de overheid meer gaat adviseren en denken in mogelijkheden. Om dit proces beter te kunnen stroomlijnen wordt vanuit het programma Omgevingswet de nieuwe werkwijze ‘Verkennen en begeleiden initiatief (met de Intaketafel en de Omgevingstafel) geïmplementeerd in de organisatie. De casemanager is het eerste aanspreekpunt voor de initiatiefnemer, maar ook de vertegenwoordiger van de initiatiefnemer binnen de gemeente. De casemanager is vooral de organisatorische spil: de casemanager heeft contact met het planningsbureau over wanneer de omgevingstafels plaatsvinden en zorgt dat de juiste mensen hierbij aan tafel zitten. Ook zal de casemanager de initiatiefnemer herinneren aan de voortgang van de planning en het informeren en betrekken van belanghebbenden. De casemanager houdt ook de kosten in de hand. Momenteel experimenteren wij met een casemanager. Deze rol (/functie) is echter nog niet structureel belegd. Voorgesteld wordt om hier voor 2 jaar geld beschikbaar te stellen, waarna bekeken kan worden of deze extra formatie voldoende/noodzakelijk is.

Het is dan aan het nieuwe bestuur om er een structureel besluit over te nemen. Deels wordt hiermee een nieuwe functie vervuld, deels was deze functie ondergebracht bij andere functies (bijvoorbeeld secretaris regiekamer, die dit werk ook al bovenop hun reguliere werk uitoefenden. Met de aanstelling van een casemanager wordt invulling gegeven aan een professionaliseringsslag die ook vanuit de nieuwe visie op Dienstverlening wenselijk is. 5G Loket De ontwikkelingen voor het “verslimmen” van onze openbare buitenruimte komen met ras tempo op ons af. Bij dit “verslimmen” speelt 5G een grote ondersteunende rol. In 2020 zijn de eerste 5G frequenties geveild en in 2021 zal de belangrijkste frequentie geveild worden. Hierna zullen de providers, medio 2022, bij de gemeente aankloppen om het 5G netwerk verder op te zetten en in te richten. De gemeente heeft hierin een faciliterende en ondersteunende rol, taak en verantwoordelijkheid. Om ons voor te bereiden en klaar te staan op het moment dat de providers aankloppen zal beleid opgesteld en geformaliseerd moeten worden, dient er een regisseur 5G/SmartCity aangesteld te worden. Voor een omvang van Nissewaard is hiervoor 0,5 Fte benodigd. Ook hierbij is het voorstel om dit voor 2 jaar te doen, om vervolgens in 2022 te bekijken wat de ervaringen zijn en hoeveel formatie hier structureel voor nodig is.

Wabo regisseur Uitbreiding formatie met 1 fte WABO regisseur voor 2021 en 2022 in verband met een behoorlijke stijging van de ingekomen aanvragen omgevingsvergunning, meldingen, informatieverzoeken, etc. In 2022 zal een nadere analyse plaatsvinden in hoeverre deze capaciteit ook structureel noodzakelijk is. Onderwijshuisvesting – capaciteit Gezien de vele opgaven, huidig en toekomstig, op het gebied van de onderwijshuisvesting en de omvang van de financiële middelen die daarmee samenhangt, is 1 fte aan extra capaciteit nodig om dit in goede banen te leiden.

47

Dienstverlening Wmo (capaciteit i.v.m. stijgende Wmo meldingen) Vanwege een toename van het aantal Wmo aanvragen en meldingen is gevraagd om extra formatie voor 2021 (vanaf juli 2020) en 2022. Naar aanleiding van een opgestelde memo is hierbij gekozen voor een dienstverleningsniveau van 100%, waarbij derhalve geen wachtlijsten meer zijn. Dit betekent dat voor 2021 en 2022 de formatie tijdelijk wordt uitgebreid met 6,24 fte ad. € 524.591 per jaar (inclusief overhead). Dekking vindt plaats via de stelpost Sociaal Domein, zie ook onderstaand. Formatieve knelpunten t.l.v. stelpost Overhead De onderstaande formatiemutaties zijn vanwege hun karakter ten laste gebracht van de stelpost Overhead. Functioneel applicatiebeheerder Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet is de gemeente verplicht om aan te sluiten op het Digitaal Stelsel Omgevingswet. Voor die aansluiting, waarvan de technische koppeling door Syntrophos wordt gelegd, is software benodigd. De gemeenten op Voorne-Putten hebben die software maart 2020 aangeschaft. Op het eiland is afgesproken dat het functioneel beheer van de software in de organisaties wordt belegd, waarbij het uitgangspunt is bepaald om te werken met 2 beheerders op het eiland. Die elkaar kunnen vervangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10255818/2