Bijlage 5 Nota van antwoord zienswijzen
Tekst van het document
(WSHD) Uit jurisprudentie1 blijkt dat het ontbreken van (maatschappelijk) draagvlak voor een windturbinepark geen ruimtelijk relevant aspect betreft wat betrokken mag worden bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Gelet op de bestaande rechtspraak op dit onderwerp is het zeer onwaarschijnlijk dat het gebrek aan draagvlak onder bewoners en raadsleden kan leiden tot een juridisch houdbaar weigeringsbesluit. (WSHD) Door de weigering van de raad komt voor het waterschap de doelstelling om energieneutraal te worden in 2030 in gevaar. Dit betekent dat het waterschap door het besluit ernstig in zijn belangen wordt geschaad. Klimaatdoelen Door de weigering van de raad komt voor het waterschap de doelstelling om energieneutraal te worden in 2030 in gevaar. Dit betekent dat het waterschap door het besluit ernstig in zijn belangen wordt geschaad. (WSHD) Om de klimaatcrisis te bestrijden zijn wind- en zonne-energie hard nodig. Voor Nissewaard is dit tot nu toe 7% en dit moet in 2030 minimaal 27% zijn.
De mogelijke gronden voor weigering van een VVGB op grond van artikel 6.5, tweede lid, van het Besluit omgevingsrecht (Bor) zijn beperkt tot het belang van een goede ruimtelijke ordening. Dit betekent dat de weigering van een VVGB alleen kan plaatsvinden als deze in lijn is met het waarborgen en bevorderen van een goede ruimtelijke ordening. Andere redenen, zoals draagvlak, zijn geen geldige gronden voor het weigeren van een VVGB op basis van dit artikel. Het besluit van de gemeenteraad over de VVGB is een bindend advies voor het college voor het wel of niet verlenen van een omgevingsvergunning. Het college heeft zich gecommitteerd aan het windconvenant. In het raadsvoorstel met motivering strekkende tot afgifte van de ontwerp-VVGB is het college ingegaan op alle relevante belangen. De raad maakt daarbinnen zijn eigen afweging.
Deze stelling is juist. Zie hierboven het antwoord op zienswijze f.
Bij een weigering van de omgevingsvergunning zal de realisatie van de ambitie van het waterschap vertraging oplopen.
Bij een weigering van de vergunning zal de realisatie van de ambitie ten minste vertraging oplopen. Het college stelt de raad voor om in te stemmen met de VVGB. Voor de ambitie 2030 RES + ambitie windconvenant 2025 is een opgave van 245,4 GWh (RES) + ambitie Windconvenant van ten minste 56,2 GWH (=18MW). Bij een weigering van de vergunning zal de realisatie van deze ambities vertraging oplopen. Nissewaard
Mocht het project niet doorgaan dan halen wij de vastgestelde doelen zeker niet. (WSHD) C. a.
b.
D. a.
b.
18
Netcongestie Tot slot attenderen we u op het feit dat Nissewaard te maken heeft met zogenaamde congestie op het elektriciteitsnet door een te hoge vraag naar stroom. Dit heeft gevolgen voor de mogelijkheden om grootgebruikers zoals scholen, bedrijven en woonwijken aan te sluiten op het net. Daarmee heeft het ook effect op de ontwikkelingsmogelijkheden en het vestigingsklimaat in uw gemeente. Lokale opwek van hernieuwbare stroom helpt om beter in de stroomvraag te voorzien, en voor een robuuster energiesysteem. (Provincie Zuid-Holland) Wij merken op dat het ontwerp-weigeringsbesluit van de omgevingsvergunning niet in lijn is met de door uw eigen gemeente ingezette koers voor de opwek van windenergie, en niet bijdraagt aan een oplossing voor de netcongestie in uw gemeente. (WSHD) Normenkader De landelijke windturbinebepalingen hebben van 12 oktober tot en met 22 november 2023 ter inzage gelegen. De beoogde datum van inwerkingtreding is voorzien op 1 juli 2025, en is afhankelijk van onder andere het aantal zienswijzen en behandeling door de Raad van State en de Tweede Kamer. Het is onduidelijk of de landelijke windturbinebepalingen op de voorgestelde wijze gaan gelden en zo ja, wanneer dat het geval zal zijn. Tot het moment van inwerkingtreding zijn de landelijke normen nog in concept en gelden niet als toetsingskader voor een VVGB.
Verwijzingen naar de voorgestelde afstandsnorm van tweemaal de tiphoogte zijn dan ook onvoldoende om een weigering van de VVGB te rechtvaardigen. (PZH) Er is geen basis voor een weigering op gronden van ruimtelijke ordening. We hebben moeite het invoeren van een getalsmatige afstandsnorm als middelvoorschrift terwijl het doel (voorkomen van gevaar, schade of onevenredige overlast) blijkens de geleverde onderzoeken met de geplande inpassing bereikt kan worden. Wij beperken ons hier tot voornoemd punt, omdat andere partijen ongetwijfeld inhoudelijk nader zullen ingaan op de inhoudelijke onderbouwing. (WSHD)
zal de opgave voor duurzame energie-opwek in de andere zoekgebieden vergroten. Daarnaast wordt afgewogen of nieuwe gebieden voor zon en/of wind moeten worden aangewezen. Antwoord a+b. In oktober 2023 is gemeente Nissewaard door netbeheerders Stedin en Tennet geïnformeerd dat in de gemeente Nissewaard sprake is van netcongestie aan de afnamekant. Op piekmomenten is er meer vraag naar elektriciteit dan er elektriciteit beschikbaar is. Dat wil zeggen dat er ruimte op het netwerk is om windstroom of zonnestroom aangeleverd te krijgen. Het beoogde windpark zal nadelige gevolgen van netcongestie kunnen verminderen.
Antwoord a+b. Zolang de afstandsnorm niet is vastgesteld en in werking is, moet de raad motiveren waarom het aangevraagde windpark, ondanks het voorgestelde strenge normenkader, in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Het normenkader – dat op punten nog verder gaat dan de normen uit het Ontwerpbesluit – zorgt ervoor dat overlast voor omwonenden wordt geminimaliseerd, ook voor de bewoners van de vier losse woningen die binnen de ontwerp-afstandnorm liggen en dus dat een goed woonen leefklimaat geborgd is. De normen zijn strenger dan wat tot nu toe meestal gebruikelijk is. Bijvoorbeeld een geluidnorm van Lden 45 dB in plaats van Lden 47, aangevuld met een windnormcurve en een bijna ‘nul-norm’ voor slagschaduw in plaats van 6 uur. De tot nu toe gebruikelijke normen zijn ook door de hoogste bestuursrechter geaccepteerd. Zie bijvoorbeeld ABRvS 1 november 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:4038). De landelijke ontwerp-windturbineregels zullen gemeenten en provincies de ruimte geven om lokaal af te wijken van de afstandnorm vanwege belangrijke economische of maatschappelijke redenen.
E. a.
19
Natuur en landschap Mocht de gemeente alsnog besluiten tot het afgeven van een verklaring van geen bezwaar of als het proces op een andere wijze doorgang vindt dan vragen wij bij het ontwerpbesluit natuurbeheer aandacht voor de geplande bomenkap op het terrein van het waterschap en de ingediende compensatieplannen. Voor het waterschap is de bomenkap alleen toelaatbaar als er sprake is van passende concrete, goedgekeurde plannen voor herplanting. (WSHD)
In de voorschriften wordt het plan voor herplanting meegenomen en er is een compensatieplan recreatie, waarin herplanting aan bod komt.
3.
Beantwoording zienswijzen vóór weigeringsbesluit
3.1 Inleiding Omdat een groot deel van de zienswijzen betrekking heeft op dezelfde thema’s is gekozen voor een thematische beantwoording volgens onderstaande indeling. In de paragrafen 3.2 tot en met 3.7 wordt op elk van de thema’s ingegaan. Elke themabeantwoording wordt voorafgegaan door een beknopte schets van de belangrijkste punten die in de zienswijzen naar voren zijn gebracht. In hoofdstuk 5 wordt afgesloten met conclusie ten aanzien van de zienswijzen. De opbouw van dit hoofdstuk is als volgt: 3.2 Proces en procedure a) Proces en bevoegdheden provincie en gemeente b) Belangenafweging c) Onzorgvuldige voorbereiding en vervolgprocedure 3.3 Nut en noodzaak windenergie op land 3.4 Locatieafweging en keuze a) Algemene uitgangspunten en MER b) Alternatieven c) Overige aandachtspunten locatie 3.5 Participatie, schade en financiële haalbaarheid a) Waardevermindering en compensatie b) Kosten c) Mitigerende maatregelen 3.6 Woon- en leefmilieu a) Geordend woon- en leefklimaat b) Normenkader c) Geluidhinder en -trillingen d) Lichthinder en slagschaduw e) Gevolgen windturbines op de gezondheid f) Externe veiligheid g) Overige effecten 3.7 Natuur en landschap a) Effecten op flora en fauna b) Uitzicht c) Recreatie
20
3.2
Proces en procedure
A. a.
Proces en bevoegdheden provincie en gemeente De gemeente Nissewaard houdt zich niet aan de afspraken uit het coalitieakkoord, waar in hoofdstuk 3.1.2 staat dat windmolens “op ruime afstand van woongebieden” dienen te komen.
b.
Oneens met een eventuele overname van de bevoegdheid door de Provincie
B. Belangenafweging Een aantal zienswijzen gaat in op de belangenafweging tussen individu en collectief a. In de onderhavige situatie niet kan worden gesproken van een uitzondering in de zin van een project van nationaal ruimtelijk belang. De noodzaak van het landelijk beleid inzake energietransitie daargelaten, doet zich dat niet vertalen naar het doen vergunnen van het onderhavige windpark. b. De gemeente Nissewaard en de aanvrager kunnen en mogen niet zo gemakkelijk voorbijgaan aan de gevoelens en belangen van omwonenden die binnen een dergelijk korte afstand van windmolens wonen en negatieve gevolgen daarvan voorzien. c. De gemeente moet geen rekening houden met de businesscase, alleen de gezondheid van inwoners telt. d. Waterschap Hollandse Delta heeft een belang in aandelen HVC volgens hun jaarverslag. Kortom het aanvragen van een vergunning lijkt op de slager die zijn eigen vlees keurt. Dat is wat betreft het bouwen op een zeewering die ons beschermt niet toelaatbaar en levensgevaarlijk. Deze belangen moeten gescheiden worden en er moet door een gevalideerde derde partij, onafhankelijk van HVC en het waterschap gekeken worden of het bouwen van windturbines op een zeedijk dicht bij de bebouwde kom van Nissewaard, wenselijk, (wettelijk) mogelijk en toelaatbaar is. 21
Het coalitieakkoord heeft geen juridische status en bevat politiek afspraken tussen politieke partijen. Dit bevat geen beleidsmatig of juridisch kader. Het begrip “Ruime afstand” is niet gedefinieerd in het coalitieakkoord. Er zijn op het moment van besluitvorming geen afstandsnormen vastgelegd. De afstand tot een woning wordt doorgaans bepaald door het voldoen aan de normstelling voor geluid en slagschaduw. De gemeente heeft gekozen voor strengere geluidsnormen, omdat daarmee momenteel beter een goed woon- en leefklimaat bereikt wordt dan met een afstandsnorm. Een goed woon- en leefklimaat wordt hiermee geborgd door middel van het normenkader, vertaald in de vergunningvoorschriften. Deze zienswijze richt zich niet tegen het ontwerpweigeringsbesluit van het college, maar tot een mogelijk besluit van de provincie tot het terugnemen van de bevoegdheid. Het college neemt deze zienswijze dus slechts ter kennisgeving aan.
Antwoord a t/m c.. Een belangrijk bezwaar van de omwonenden, ondernemers en belangenorganisaties is dat er geen draagvlak zou zijn voor de aanleg van een deel van het windpark. In de uitspraak van 21 februari 2018 legt de ABRvS uit dat het ontbreken van draagvlak op zichzelf niet betekent dat een plan in strijd is met de goede ruimtelijke ordening en om die reden geweigerd moet worden. Op basis van het wettelijke toetsingskader moet worden beoordeeld of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Ook moeten de betrokken belangen worden afgewogen. De grondeigenaar van de projectlocatie (de Brielse Maasdijk) is het Waterschap Hollandse Delta. De gemeente heeft geen zeggenschap over het eigendom van het Waterschap en met welke partij het Waterschap samenwerkt, danwel afspraken maakt. Het Waterschap heeft de taak (onder andere) de waterveiligheid te borgen en is daarbij gehouden aan de daarvoor geldende regels en beleidslijnen en regels. Voor het afgeven van de watervergunning heeft Rijkswaterstaat als onafhankelijke partij het plan mede beoordeeld op waterveiligheid voor de zeewering en de Hartelkering.
e.
Arcadis is geen onafhankelijk bureau; zij wordt betaald door het waterschap en HVC.
f.
Mede vanwege de ligging kan een aanmerkelijke slagschaduw worden verwacht alsmede zal het geluid een negatief effect hebben. Weliswaar zijn zaken als behoud van uitzicht en waardevastheid van het onroerend goed niet van doorslaggevende aard in de ruimtelijke planologie en besluitvorming, maar de verhoudingen zijn hier onevenredig te noemen.
C. a.
Onzorgvuldige voorbereiding en vervolgprocedure Er is geen openbare aanbesteding geweest, waardoor HVC heeft alle macht heeft.
b.
De gemeente behandelt de woongebieden ten oosten en ten westen van de Hartelbrug echter niet gelijk waarmee zij het gelijkheidsbeginsel, artikel 1 van de Grondwet niet respecteert. Het is vreemd dat er niet meer moeite is gedaan om Hoogvliet te betrekken bij dit plan. Slechts een klein deel van de inwoners hebben een brief gekregen. Dit is niet in de lijn van de Omgevingsvergunning.
c.
Arcadis is de adviseur van HVC. De gemeente betrekt bij de beoordeling onafhankelijke adviseurs, bureaus en overheden in zoals Pondera, M+P, DCMR, omgevingsdienst Haaglanden, GGD, Commissie MER, etc. Op basis van het wettelijke toetsingskader moet worden beoordeeld of er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Ook moeten de betrokken belangen worden afgewogen. De zienswijze geeft het college geen aanleiding om de raad een ander voorstel te doen, omdat er een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is. Het college zal dus aan de raad voorstellen alsnog de VVGB af te geven. De grondeigenaar van de projectlocatie (de Brielse Maasdijk) is het Waterschap Hollandse Delta. De gemeente heeft geen zeggenschap over het eigendom van het Waterschap en met welke partij en onder welke voorwaarden het Waterschap samenwerkt, danwel afspraken maakt. HVC heeft zich bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning te houden aan wet- en regelgeving en de door de gemeente gestelde kaders. Voor het windpark Brielse Maasdijk is een normenkader gemaakt, dat voor het gehele gebied geldt. Er is geen sprake van ongelijke behandeling. Omdat de gemeente inwoners goed wil informeren, heeft de gemeente de plannen en de besluitvorming niet alleen in het gemeenteblad maar ook in de lokale bladen en op haar website gepubliceerd.
Daarnaast hebben alle adressen binnen 1km een brief in de brievenbus ontvangen, omdat deze adressen binnen de invloedsfeer van de windturbines vallen. Dat betreft ook adressen in Hoogvliet. Sinds 2019 bestaat de omgevingsadviesraad. Hier heeft ook vertegenwoordiging vanuit Hoogvliet zitting in gehad. Via de gemeente Rotterdam wordt de wijkraad op de hoogte gehouden. In het advies van de gemeente Rotterdam aan Nissewaard over de VVGB van 29 maart 2023 schrijft zij: “Allereerst bedank ik u voor het betrekken van onze gemeentelijke organisatie bij het traject dat u tot nu toe doorlopen heeft. Op verschillende momenten hebben onze organisaties met elkaar afstemming kunnen vinden over de juridische en planologische aspecten van dit plan, en ook over de wijze waarop inwoners van Hoogvliet kunnen participeren in het project.”
22
Er is dus wel degelijk moeite gedaan om de inwoners van Hoogvliet te betrekken bij de besluitvorming. Die moeite heeft zich in zoverre ook uitbetaald; bewoners uit Hoogvliet hebben mee geparticipeerd. Er is voor de bewoners uit Hoogvliet een inloopavond georganiseerd op 16 juni 2022. Op de Brielse Maasdijk kunnen volgens het waterschap geen zonnepanelen geplaatst worden in verband met de waterveiligheid. Dit komt, omdat ook beplanting als gras een belangrijk onderdeel is van de stabiliteit van een dijklichaam. Met zonnepanelen, die direct tegen het talud geplaatst worden, verslechtert de kwaliteit van de grasmat sterk. Dit kwaliteitsverlies gebeurt op een dijk sterker, omdat de zonnepanelen niet, zoals in een veldopstelling, ruim boven de grond staan. Voor andere plekken voor een zonnepark moeten particuliere grondeigenaren in de buurt van het windpark hun grond beschikbaar stellen voor zonne-energie.
d.
Er wordt niet voldaan aan het beleid van de provincie Zuid-Holland om wind en zon te combineren.
e.
Bij start bouw zal indiener een procedure starten om de bouw te stoppen.
Indien de omgevingsvergunning wordt verleend, wordt deze gepubliceerd op officielebekendmakingen.nl. Het is aan de indiener om een procedure te starten.
f.
Bij eventueel sprake van plaatsing drie windmolens ten westen van de Hartelbrug stelt indiener et op prijs om niet als “collateral damage” genegeerd te worden maar als burger en mens door de gemeente geïnformeerd en begeleid te worden.
g.
Er zijn onafhankelijke (nul)metingen voor lichtschittering, geluid en slagschaduw nodig.
Er ligt momenteel een aanvraag voor vijf windturbines voor en dat is de aanvraag die het college behandelt. Dat is ook de (enige) aanvraag waar het college op kan beslissen. Er is nu geen reden om aan te nemen dat het geschetste scenario werkelijkheid wordt. Mocht dat in de toekomst veranderen, dan zal de gemeente de daarbij betrokken omwonenden uiteraard betrekken. In de voorschriften van de omgevingsvergunning worden de eisen aan deze aspecten opgenomen en de wijze waarop gemeten dient te worden. Bij de stukken die ter inzage zijn gegaan zijn de onderzoeksrapporten opgenomen. DCMR heeft daarnaast een handhavende rol tijdens de exploitatie van het windpark.
3.3 a.
Nut en noodzaak windenergie op land “De overheid heeft de plicht om de werkgelegenheid te bevorderen, evenals de spreiding van de welvaart, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming van het milieu en de volksgezondheid”, is te lezen op de website van de overheid. Windturbines maakt gebieden onbewoonbaar, het beschermt niet maar schaadt zelfs het milieu, het brengt de volksgezondheid in gevaar en het draagt bij tot de ondergang van onze welvaart. De 4 plichten van de grondwet, waar een overheidsorgaan aan moet voldoen, worden gewoon volledig genegeerd. Deze plichten wegen veel zwaarder dan een
23
In de belangenafweging is nadrukkelijk aandacht geweest voor een goede ruimtelijke ordening, waar bewoonbaarheid, milieu en volksgezondheid nadrukkelijk aandacht is geweest. Met het lokaal specifieke en project specifieke normenkader (dat via vergunningsvoorschriften wordt geborgd) is een goed woon- en leefklimaat geborgd.
b. c.
gedane halve afspraak met een bedrijf dat sowieso veel te grote risico’s neemt in deze tijd van hogere rente en hogere prijzen. Windturbines worden geproduceerd met fossiele brandstoffen Volgens Ir. Naut Kusters is wind op land is niet nodig om klimaatdoelen te halen
d.
Bij stevige wind draaien windmolens niet.
e. f.
Glasvezelversterkte epoxy is niet te recyclen. Hoe draagt dit bij aan het halen of niet van de circulaire doelen van de provincie? Wind- en zonne-energie zijn 10x zo duur als kolen en gas.
g.
Windturbines dragen bij aan de ondergang van onze welvaart.
3.4
24
Locatieafweging en -keuze
Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen. Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen. Naut Kusters is oprichter van Windalarm. NLVOW en Windalarm vertegenwoordigen een achterban die verdere komst van industriële windturbines op land dichtbij bewoners en in unieke natuur ongewenst en vooral overbodig en contraproductief vindt voor het behalen van de klimaatdoelen. Er wordt aangevoerd dat windmolens niet de meest slimme manier is om duurzame energie op te wekken. De Raad van State wijst echter op het Nationaal Energieakkoord (dat is opgenomen in het Klimaatakkoord) en alle daarmee samenhangende regionale afspraken als de Regionale Energie Strategie (RES). Het Energieakkoord is gesloten door tal van (maatschappelijke) organisaties. Daarin is onder andere bepaald dat er windmolens moeten komen. Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen. Een windturbine draait circa 98% van het jaar. Daarin is de stilstand vanwege harde wind meegenomen. Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen.
Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen. Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen.
A. a.
Algemene uitgangspunten De projecten verzwaring transformatorstation Geervliet incl kabels en windpark Brielse Maasdijk en andere toekomstige projecten zijn niet in samenhang onderzocht. Er kunnen gecumuleerde effecten zijn.
b.
Afwijkingen van bestemmingsplannen zijn onwenselijk, omdat MER-plicht uitsluitend gebaseerd wordt op de omgevings- en watervergunning. Er moet een volledige MER-procedure doorlopen worden.
c.
Er zijn zorgen om de normen die gehanteerd worden in de MER-rapportage. Onduidelijk is welke normen van toepassing zijn.
d.
Niet meegewogen in de NRD wat de MER-consequenties zijn van de aanvoer van materiaal, de invloed op de leefomgeving van de extra voertuigbewegingen tijdens de bouwtijd, maar ook tijdens de exploitatie. Ook hier is geen CO2 berekening vermeldt. Dit moet wel.
e.
Als we de laatste ontwikkelingen volgen, zien wij dat er in de energiemarkt steeds minder animo is om wind op land te realiseren. Hoe verhoudt zich dit tot de uitgangspunten van de MER.
f.
Het rapport van Arcadis is in strijd met EU-richtlijn en voorzorgbeginsel.
g.
Graag wil ik u erop wijzen, mede uit de SMB-richtlijn 2001/42 volgt, dat windturbines pas mogen worden vergund als vooraf met wetenschappelijke zekerheid is vastgesteld dat plaatsing en exploitatie de gezondheid van de
25
De uitbreiding van station Geervliet-Noordijk heeft geen relatie met de ontwikkeling van het windpark Brielse Maasdijk. Dit is een apart project dat voor het energienetwerk op Voorne-Putten en voor het havengebied noodzakelijk is. In de analyses worden relevante andere projecten meegenomen. Er is een uitgebreide MER-procedure doorlopen met een NRD en MER-rapportage. De Commissie MER heeft het plan beoordeeld en concludeert daarin dat het voorkeursalternatief van HVC inclusief de mitigerende maatregelen voor geluid, slagschaduw, (externe) veiligheid, natuur en landschap en het (positieve) effect daarvan helder is beschreven. Ook is een toegankelijke samenvatting van dit alles opgenomen. De Commissie is dan ook van oordeel dat het MER, en de aanvulling daarop, alle essentiële informatie bevatten om een besluit te kunnen nemen over windturbinepark Brielse Maasdijk waarin het milieubelang volwaardig wordt meegewogen. DCMR heeft beoordeeld dat aan alle milieu-onderwerpen voldaan wordt. De commissie MER beoordeelt inhoudelijk het plan voor het windpark op gevolgen voor milieu en gezondheid en het locatiespecifieke normenkader. De normen zijn op vrijwel alle onderwerpen strenger dan het concept landelijk normenkader en gebaseerd op adviezen van o.a. de WHO, RIVM en GGD. De normen worden vertaald naar vergunningsvoorschriften. Zie ook bovenstaande antwoord.
De NRD bevat zelf geen berekeningen, maar geeft juist aan welke berekeningen en analyses in het MER moeten worden opgenomen, waaronder CO2-berekeningen. Overigens blijkt dat de CO2-uitstoot van het maken, plaatsen en onderhouden binnen een half jaar gecompenseerd wordt. Daarbij wordt uitgegaan dat de windenergie de door een gascentrale opgewekte elektriciteit vervangt. Een windturbine heeft een levensduur van circa 30 jaar. Deze zienswijze is niet ruimtelijk relevant voor de omgevingsvergunning en wordt daarom alleen ter kennisname aangenomen. In de MER en NRD zijn de milieueffecten onderzocht. Dat staat los van de vraag of er op de markt animo is om wind op land te realiseren. Antwoord f en g. Door middel van het opgestelde MER zijn de (milieu)gevolgen van het aangevraagde windpark en van varianten inzichtelijk gemaakt zodat milieu een volwaardige plaats inneemt bij de besluitvorming. De SMB-richtlijn 2001/42 heeft betrekking op de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma's. Deze richtlijn vereist dat er een
mens en diens leefomgeving wordt beschermd of verbeterd. Daaruit volgt dat verslechteringen niet zijn toegestaan. Dat geldt zowel voor de individuele gezondheid als voor de volksgezondheid.
h.
Volgens het RIVM zijn eerder verleende vergunningen voor windturbines onterecht, omdat ten minste 9 % omwonenden last ondervindt.
i.
Vanachter een bureau is het een fantastische locatie, toch al in een industriegebied met een grote ongestoorde windvang. Maar toen het idee ontstond is m.i. grotendeels over het hoofd gezien dat er zeer nabij dat industriegebied woningen staan; meer hinder is ontoelaatbaar. Er is nu al hinder van WP Hartelbrug II en nu komt WBM erbij. Indiener is tegen de komst van WT4 + WT4A + WT5 + WT6 vanwege de te verwachten hinder als directe omwonende.
j. k.
l.
Indiener heeft reeds meerdere klachten ingediend bij DCMR betreft geluidhinder Exxon Mobile. Tevens geluidhinder luchtvaart. Tevens stankhinder vanuit Botlekgebied. Prettig wonen is al onvoorstelbaar in huidige situatie; komst windturbines verergert dit.
beoordeling wordt gemaakt van de milieueffecten van plannen en programma's, maar specificeert niet expliciet dat windturbines alleen mogen worden vergund als wetenschappelijk is vastgesteld dat ze de gezondheid niet negatief beïnvloeden. De richtlijn richt zich voornamelijk op het beoordelen en voorkomen van mogelijke schadelijke effecten op het milieu en de menselijke gezondheid, maar bevat geen ‘verslechteringsverbod’. De rapporten van Arcadis zijn niet in strijd met de SMB-richtlijn; ze geven de onderbouwing voor de MER-beoordeling. Overigens wordt in deze rapporten steeds uitgegaan van slechtst mogelijke scenario’s. Daarmee wordt uitdrukking gegeven aan het voorzorgsbeginsel. Zie tevens antwoord c. In de factsheet over windturbines1 geeft het RIVM aan dat bij de oude Nederlandse etmaal norm (47 dB Lden) ongeveer 8 á 9% van de bewoners in huis ernstige hinder zal ondervinden. Deze norm wordt zowel in de concept landelijke normen als de lokale normen van de gemeente Nissewaard naar beneden bijgesteld naar 45 dB Lden en daarmee daalt het aantal ernstig gehinderden aanzienlijk. Bij de Nederlandse norm voor windturbinegeluid wordt een bepaald percentage (8 á 9%) ernstig gehinderden aanvaardbaar geacht. Dat is ook het geval bij andere geluidbronnen.
Het is een beleidsmatige waarde, waarbij een afweging is gemaakt tussen de voordelen van de geluidbron en de hinder die omwonenden ondervinden. Antwoord i, j en k. Er is een uitgebreid onderzoek gedaan naar de meest geschikte locaties voor windenergie op Voorne-Putten. De locatie Brielse Maasdijk kwam na het afwegen van diverse belangen als beste zoekgebied voor windenergie naar voren. In de dagperiode komt het dominante geluid van de Botlek en het verkeer. Het geluid van de windturbines wordt hierdoor gemaskeerd. Voor de nachtperiode worden strengere normen gehanteerd omdat het belangrijk is de stille momenten in stand te houden. Op de kaarten van de atlas leefomgeving2 is te zien hoeveel geluid er nu overal in Spijkenisse is. De komst van de windturbines verslechteren de situatie niet qua geluid, omdat de turbines aan maximale geluidswaarden zijn gebonden, die binnen de reeds
1 https://www.rivm.nl/sites/default/files/2023-10/77108_23406703_015094_RIVM_Brochure%20Windturbines_okt23.pdf 2 https://www.atlasleefomgeving.nl/kaarten
26
m.
De turbine op de Plaatweg is onmogelijk, vanwege woningen, bedrijf en recreatie in de directe nabijheid.
B. a.
Alternatieven 3 windmolens zijn voldoende om 18 MW te behalen, zoals in eerdere besluiten door de gemeente is gesteld.
b.
Indieners zijn ook tegen plaatsing 3 windturbines
c.
Indiener is tegen WT6, WT7 en WT10
d.
De opmerking van HVC tijdens info-avonden dat een eventuele 4e windturbine ten westen Hartelbrug niet mogelijk is i.v.m. de korte afstanden naar molens Zwartewaal-Heenvliet-Geervliet is niet gefundeerd WT7 moet verplaatst worden naar de westzijde van de Hartelbrug. Angst voor het verplaatsen van WT7 naar westzijde Hartelbrug.
e. f.
27
bestaande geluidswaarden vallen. Op de kaart is te zien dat de stilste delen van Noord al geluid ervaren van 51-55 dB. De windturbines zijn gebonden aan 45dB Lden. Door aanvrager is aangevraagd om de woonbestemming Plaatweg 1 om te zetten naar groen. Voor de verderop gelegen woningen op de Plaatweg wordt het woon- en leefklimaat gewaarborgd door de voorschriften in de omgevingsvergunning. De windturbines hebben geen negatief effect op de recreatiemogelijkheden in het gebied. Er is een besluit genomen om een windmolenpark in te richten van tenminste 18MW in zoekgebied Brielse Maasdijk. Er is door HVC nog geen keuze gemaakt voor het uiteindelijke type turbine. Het vermogen zal tussen de 5 en 7 MW liggen. De keuze is afhankelijk van het aanbod. De zienswijzeprocedure ziet toe op een aanvraag van 5 windturbines op de Brielse Maasdijk. De stellingname is derhalve niet relevant in het licht van de vergunningsaanvraag. De zienswijzeprocedure ziet toe op een aanvraag van 5 windturbines op de Brielse Maasdijk. De stellingname is derhalve niet relevant in het licht van de vergunningsaanvraag. De zienswijzeprocedure ziet toe op een aanvraag van 5 windturbines op de Brielse Maasdijk. De stellingname is derhalve niet relevant in het licht van de vergunningsaanvraag. Antwoord d t/m f.
Het is ruimtelijk en technisch niet mogelijk om vier windturbines te plaatsen aan de westzijde van het zoekgebied en daarmee ook niet mogelijk om WT7 te verplaatsen van de oostzijde naar de westzijde van de Hartelbrug. Zie hieronder een toelichting hierop: Op verzoek van de raad is onderzocht of het plaatsen van 4 turbines ten westen van de Hartelbrug mogelijk is. Dit is niet mogelijk gebleken. Het plaatsen van windturbines ten westen van locatie WT2 was op voorhand niet mogelijk vanwege de dan te geringe afstand tot Geervliet. Vervolgens zijn de overige potentiële locaties beoordeeld op haalbaarheid. Dit heeft geresulteerd in de volgende uitkomst: De nabijheid van WT2 ten opzichte van het bestaande park Hartelbrug II is te klein, waardoor de energieproductie en de levensduur van Hartelbrug II zou verminderen. Om deze reden is de positie van WT2 komen te vervallen.
g.
Waarom is Voorne Putten uitgesloten van het onderzoek? Is het welbevinden van bewoners in Spijkenisse en Hoogvliet minder waard? Dat is discriminatie.
h. i.
Een andere locatie voor opwekken 18 MW Terug naar het debat in de provincie Zuid-Holland. Wijs alternatieve locaties aan, wellicht in en rond Nissewaard
j.
Er zijn ook negatieve gevolgen van de windturbines op de inwoners van Geervliet
k.
De problemen van Windpark Hartelbrug II kunnen zich hier herhalen.
l.
Er kan ook hinder in Hoekse Waard en het Spui ontstaan door de windturbines aan de Brielse Maasdijk. In het geval dat er 5 windturbines zullen worden geplaatst, dan zal bij een hoogte van 220 meter een groot deel van Spijkenisse-Noord, Vierambachten, De Hoek, Centrum, De Elementen, Gildenwijk en een deel van de Schenkel hinder kunnen ondervinden van laagfrequent geluid.
m.
WT3 is niet mogelijk in verband met de vereiste afstand die aangehouden moet worden tot het hoogspanningsstation Geervliet en aanwezige ondergrondse infra (hoogspanningskabels en gasleidingen). Het is onduidelijk naar welk onderzoek indiener verwijst. Voorne aan Zee, Nissewaard en Rotterdam hebben ieder een eigen opgave voor realisatie van windturbines. Antwoord h en i. De gemeenteraad heeft na een alternatievenonderzoek en een zienswijzeprocedure de Brielse Maasdijk als enige zoeklocatie aangewezen en de locaties Beerenplaat en polders Zuidland afgewezen. De provincie heeft de locatie Brielse Maasdijk daarna aangewezen als gebied voor het plaatsen van windturbines. Een onderzoek naar nieuwe locaties voor realisatie van windvermogen binnen Nissewaard vraagt om een geheel nieuwe procedure. De zienswijzen geven het college geen aanleiding om de raad een ander voorstel te doen, omdat er een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is. Het college zal dus aan de raad voorstellen alsnog de VVGB af te geven. Op basis van de onderzoeken die ten behoeve van de vergunningaanvraag zijn opgesteld, is geconcludeerd dat de afstand tot Geervliet dermate groot is, dat er geen sprake is van hinder ter hoogte van Geervliet. De inwoners van Geervliet zullen dus ook geen negatieve gevolgen ondervinden van het windpark. De normen zijn al van toepassing op de dichtstbijzijnde woning.
Het college houdt rekening met de lessen die zijn geleerd bij Windpark Hartelbrug II. Daarom is een strenger normenkader van toepassing voor het windpark Brielse Maasdijk dan destijds bij Windpark Hartelbrug II is opgesteld door gemeente Rotterdam. Bovendien worden er mitigerende maatregelen genomen om de hinder zoveel mogelijk te beperken. Op basis van onderzoeken ontstaat er geen hinder voor het Spui en Hoeksche Waard. Het RIVM geeft in de factsheet 'gezondheidseffecten van windturbinegeluid'3 aan dat het aandeel laagfrequent geluid en infrageluid in de geluidemissie van windturbines vergelijkbaar is met dat van andere geluidbronnen, zoals verkeer. De factsheet zegt niet dat er geen aanwijzingen zijn voor andere gezondheidseffecten (zoals hart- en vaatziektes en effecten op de mentale gezondheid), maar dat er daarvoor
3 https://www.rivm.nl/sites/default/files/2020-09/Factsheet%20laagfrequent%20geluid.pdf
28
n.
Heroverweeg de Brielse Maasdijk of plaats dermate lage windturbines dat 10x de tiphoogte nergens wordt overschreden.
o.
3 turbines west van Hartelbrug vergunnen en Halfweg 1 e/o Halfweg 2 als nieuw RES-aanbod.
C. a.
Overige aandachtspunten locatie In de NRD wordt gesproken over een nieuwe oeververbinding, het lijkt wel alsof alle verwenste ontwikkelingen aan elkaar geknoopt worden zonder enige relatie met de NRD van de windmolenturbines op de locatie in Nissewaard en het doel om windmolens te plaatsen, Ik maak hier bezwaar tegen. Ook bij de ontwikkeling van een nieuwe oeververbinding wonen de meeste gedupeerden in Hoogvliet. De draagkracht van de bodem kan geen windturbines aan.
b.
3.5
onvoldoende bewijs is gevonden. In het kader van de MER-procedure wordt niet getoetst op LFG. Zie ook 3.4.A.b. Deze afstand betreft geen wettelijk vastgelegde veiligheidszone rondom een windturbine, waarmee rekening gehouden dient te worden. De GGD geeft aan dat het niet klopt dat lagere turbines voor minder hinder zorgen. Zo kan het geluid van een hoge windturbine zachter zijn dan het geluid van een lage windturbine en vice versa. De gemeenteraad heeft na een alternatievenonderzoek en een zienswijzeprocedure de Brielse Maasdijk als enige zoeklocatie aangewezen en de locaties Beerenplaat en polders Zuidland afgewezen. De provincie heeft de locatie Brielse Maasdijk daarna aangewezen als gebied voor het plaatsen van windturbines. Een onderzoek naar nieuwe locaties voor realisatie van windvermogen binnen Nissewaard vraagt om een geheel nieuwe procedure. In paragraaf 3.6 Ontwikkelingen in de omgeving, en dan de Bereikbaarheid regio N218 (bij de Hartelbrug) wordt deze mogelijke ontwikkeling benoemd. Er is echter geen concreet project voor een nieuwe of aangepaste oeververbinding. Indien er wel een dergelijk project komt, staat dat volledig los van de ontwikkeling van het windpark. Dit is onjuist. Om een omgevingsvergunning voor het bouwen te krijgen, moet er o.a. voldaan worden aan het Bouwbesluit (per 01-01-2024 Besluit bouwwerken leefomgeving).
In het bouwbesluit staan alle zaken omtrent veiligheid, bruikbaarheid, gezondheid, energiezuinigheid en milieu. Om aan te tonen dat een windturbine veilig is, moeten constructieberekeningen en -tekeningen worden aangeleverd, gebaseerd op een grondonderzoek (technisch onderzoek naar gesteldheid van de bodem). Zodra de definitieve keuze voor het type windturbine bekend is, wordt deze getoetst aan het bouwbesluit.
Participatie, schade en financiële haalbaarheid
A. Waardevermindering en compensatie Diverse indieners maken zich zorgen over waardevermindering van hun woning of hogere kosten voor hun energierekening. Hiervoor wensen zij compensatie.
29
a.
b.
c. d.
Onderzoek naar het bestaande elektriciteitsnet lijkt ook geen onderdeel uit te maken van de NRD. Kan het net deze extra levering van energie aan, welke gevolgen heeft dit voor particulieren met zonnepanelen. Bij overbelasting worden particulieren als eerste geweigerd om stroom terug te leveren aan het net. Hoe wordt dit gemeten en hoe vindt dan compensatie voor deze geleden schade plaats. Hierdoor loop ik een financieel risico en gaat mijn energierekening omhoog, wie compenseert dat? In Denemarken dient men zelfs een financiële compensatie te verkrijgen ter compensatie van de waardevermindering van de woning, indien deze zich binnen de straal van zesmaal de hoogte van de turbine bevindt. Tenslotte, de minimale, wettelijk bepaalde afstand tot de bewoning in Frankrijk bedraagt 500 meter, maar in veel gevallen wordt zelfs een afstand van 1500 meter geopperd en gehanteerd. Het is daarom dat de diverse overheden in Nederland, notabene het meest dichtbevolkte land van Europa, hierin niet achter kunnen blijven, omwille van de gezondheid van haar bewoners. Onderzoek naar waardevermindering moet voor straal van 2,5km worden uitgevoerd Mijn woning/bedrijf(swoning) wordt minder waard of wordt onverkoopbaar. Een schadevergoeding is op zijn plaats.
B. a.
Kosten De 2 windturbines oost van de Hartelbrug zijn niet nodig, omdat dit alleen maar winst is voor HVC.
b.
De exploitatie van windturbines is heel duur. Er is overheidssubsidie voor windturbine-exploitanten nodig. Wat gebeurt er als de windturbine-exploitant failliet gaat? Wie draagt dan de kosten voor bouw-, onderhoud- en afbreekfase?
c.
30
Het windpark wordt op het middenspanningsnet aangesloten en kan bijdragen aan het tegengaan van netcongestie. Op het middenspanningsnet zitten bedrijven. Woonwijken, scholen en kleinbedrijf zitten op het laagspanningsnet. Het windpark heeft geen directe invloed op dit laagspanningsnet. De netcongestie waar de gemeente Nissewaard op dit moment mee wordt geconfronteerd gaat over een te grote vraag naar energie in het gebied. Lokaal opgewekte energie kan verlichting brengen indien we aansluiten op het middenspanningsnet. Antwoord b t/m d. Nissewaard heeft er bij deze aanvraag voor gekozen om met diverse normen o.a. voor geluid en slagschaduw te werken om daarmee de gezondheid van haar inwoners te beschermen. Dat levert meer zekerheid op dan het toepassen van een afstandsnorm. Onder voorwaarden komen omwonenden van een windturbine mogelijk in aanmerking voor planschade. Gegeven de lokale situatie is de verwachte planschade (en dus waardevermindering) gering. Er is een planschade-scan gemaakt in het gebied. Het staat indiener vrij om als de omgevingsvergunning (onherroepelijk) wordt verleend een verzoek om planschade in te dienen. Dat verzoek zal op dat moment worden beoordeeld. Met de keuze voor de Brielse Maasdijk als enige zoekgebied, is er gekozen voor een relatief dure plek om te bouwen. De prijzen van materialen als staal zijn exponentieel gestegen de afgelopen jaren.
Het grootste deel van de investeringskosten wordt opgeslokt door mitigerende maatregelen voor omwonenden, flora en fauna. Dit zijn kostenverhogende aspecten, waar reeds gebouwde turbines geen last van hebben. In de MER-rapportage deel A in hoofdstuk 3 worden de overwegingen voor het aantal en de plaatsing van de turbines uitgelegd. Dat is juist. HVC kan de ISDE-subsidie aanvragen op het moment dat de omgevingsvergunning is afgegeven. Mocht een exploitant failliet gaan, dan wordt de exploitatie waarschijnlijk door een andere exploitant overgenomen. Deze is dan verantwoordelijk voor bouw-, onderhouds- en afbreekfase. Er zijn echter geen redenen om aan te nemen dat HVC failliet gaat.
d. e.
De windindustrie gaat falen, daar is geen enkele twijfel over en zie je overal om ons heen gebeuren, maar de kosten daarvan zullen ook kunnen komen op het bordje van de gemeente Nissewaard als zij met HVC in zee gaat. Indieners hebben geen inzage gekregen in de businesscase van HVC.
C. a.
Mitigerende maatregelen HVC neemt wel maatregelen voor Hartelborgt, maar niet voor woningen
b.
Tegen Laagfrequent en infrasoon geluid (LFG) is maar één mogelijke mitigerende maatregel en dat is afstand. Isolatie van huizen en muren werkt niet.
c.
Indiener maakt zich zorgen dat aanvrager zich net als aanbieder XL-wind zich niet houdt aan de afspraken over compensatie of stortingen in het gebiedsfonds. De mitigerende maatregelen (geluid, waterveiligheid e.d.) overtuigen niet. (Zie raadsverslag voor de onderbouwing) In geval van toch vergunning: compenserende maatregelen die onzekerheid ten aanzien van de te verwachte overlast kunnen verminderen, zoals voorkomen geluidhinder i.c.m. verduurzaming en energiebesparing en planschadevergoeding.
d. e.
De windsector wordt gezien als een onmisbaar deel van de energietransitie. Het risico van bouw- en exploitatie van het windmolenpark ligt bij HVC. Hierin zien we geen aanleiding het raadsvoorstel voor de VVGB te wijzigen. HVC heeft financiële deskundigen van Provincie Zuid-Holland en de gemeente inzage gegeven in de businesscase. HVC was hiertoe niet verplicht. In het voorgestelde normenkader zijn strenge geluidsnormen opgenomen waarmee geluidhinder wordt geminimaliseerd. Daarnaast heeft HVC de direct omwonenden woningisolatie aangeboden. Er bestaat geen specifieke wet- en regelgeving voor laagfrequent geluid (LFG ) in Nederland. Dat maakt het moeilijk om maatregelen op te leggen of af te dwingen, ook als de bron bekend is. Voor geluid in het algemeen (inclusief LFG) is in 1979 de Wet geluidhinder (Wgh) opgesteld. Deze wet moet de toename van blootstelling aan geluid beperken en is gericht op het geluidsniveau in dB(decibel)(A). Zie ook antwoord bij 3.4.B.k. Er wordt een omgevingsconvenant opgesteld. Tussen gemeente en aanvrager worden de mitigerende maatregelen vastgelegd en voorschriften opgenomen in de omgevingsvergunning. Aanvrager is gehouden aan de afspraken hierin.
3.6 Woon- en leefmilieu A. Geordend woon- en leefklimaat a. Een positief besluit in de zin van de afgifte van de omgevingsvergunning zal een onnodige inbreuk vormen op een geordend woon- en leefklimaat omdat het plandeel dat praktisch tegenaan het perceel en de woning van belanghebbenden is gelegen, naar de voorziene bouwhoogte een ongewenste inbreuk maakt op de bestaande leefomgeving. b. Windturbines maken gebieden onbewoonbaar.
31
Een geordend woon- en leefklimaat verwijst naar een omgeving waarin de leefbaarheid en het welzijn van bewoners worden gewaarborgd door het handhaven van bepaalde normen en voorschriften met betrekking tot de inrichting en het gebruik van woningen en de directe omgeving. Dit omvat aspecten zoals het voorkomen van hinder, het waarborgen van privacy, het handhaven van een goede leefomgeving en het minimaliseren van negatieve effecten op de leefkwaliteit van de buurt. De effecten zijn onderzocht en meegewogen in de besluitvorming.
B. a.
Normenkader Het normenkader van de gemeente is onduidelijk. Er is geen effectief onderzoek gedaan.
b.
De nieuwe (concept) landelijke normen bieden onvoldoende bescherming voor de gezondheid. De landelijke normen voldoen niet aan EU-richtlijnen De landelijke normen wijken af van de internationale normen (=10x TH), locaties binnen 2200 m. Hier is de afstand slechts 500m. Internationaal wordt o.a. in Denemarken uitgegaan van een minimale afstand van 10x de tiphoogte van het rotorblad. Dit zou betekenen dat om hinder te voorkomen er bij een tiphoogte van 220 meter een afstand moet worden bewaard tot 2,2km van de woonkern. Uitgaande van 5 turbines met een tiphoogte van 220 meter langs het voedingskanaal en op de Maasdijk. Zie tevens windturbines en afstanden (10x TH) in Duitsland en Polen In de NRD wordt uitgegaan van wettelijke normen. Dat wil zeggen dat een turbine niet op minder dan 500 meter van woningen mag worden gebouwd. Op 12 oktober 2023 heeft het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de langverwachte landelijke milieunormen de maatschappelijke consultatie in laten gaan. De ontwerpwindturbinebepalingen en het bijbehorende planMER moeten dus volgens deze nieuwe cijfers worden uitgevoerd. Toegezegd moet worden dat deze nieuwe informatie ook wordt meegenomen in de MER Er komen nieuwe landelijke normen. De beoogde datum van inwerkingtreding is 1 juli 2025.
Er is ten aanzien van geluid en afstand door de gemeente Nissewaard geen rekening gehouden met deze nieuwe normering. Deze normen 1 op 1 hanteren. Gemeente licht niet toe waarom afgeweken wordt van deze normen. Zie d. In het Arcadis memo “Normenstellingsvarianten Windpark Brielse Maasdijk” d.d. 27 mei 2023 word ik als bewoner van … gezien als “ernstig gehinderde van windturbinegeluid”. Ik ben het er niet mee eens dat de gemeente ten aanzien van geluid in het normenkader geen rekening houdt met het nieuwe bovengenoemde landelijke normenkader en daarnaast ook geen rekening houdt met het advies van de GGD d.d. 30 januari 2023. Zie d. De concept landelijke normen moeten toegepast worden.
c. d. e.
f. g.
h.
i.
j.
32
De uitgebreide onderzoeken uit de aanvraag liggen ten grondslag aan het normenkader. Het lokale normenkader is met hulp van specialisten van GGD, Pondera, M+P en DCMR opgesteld en getoetst aan de actueel geldende regels. Antwoord b t/m e. Deze zienswijzen betreffen de landelijke concept normen. De landelijke (concept) normen zijn nog geen geldend recht en dus niet van toepassing op (de beoordeling van) de aanvraag. De gemeente Nissewaard heeft een locatie specifiek normenkader opgesteld, dat op punten strenger is dan de voorgestelde landelijke concept normen, ondanks het ontbreken van afstandsnormen. Het college neemt deze zienswijzen voor kennisgeving aan.
Antwoord f t/m j. Met de zogenoemde Delfzijl-uitspraak van de ABRvS gelden de landelijke normen niet meer. De gemeente Nissewaard heeft een locatie specifiek normenkader opgesteld, dat op punten strenger is dan het voorgestelde landelijke normenkader. Het voorgestelde landelijke normenkader is geen geldend recht en daarmee niet van toepassing op deze vergunningsaanvraag.
k. l.
m.
In de rechtspraak wordt Nederlandse bestuursorganen nalatigheid verweten i.v.m. afstandsnormen. Er is aan de noordkant van Spijkenisse al sprake van een relatief hoog geluidsniveau vanwege wegverkeersgeluid van de A15, railverkeersgeluid van de Havenspoorlijn en geluid van het industrieterrein BotlekVondelingenplaat. Omwonenden hebben ondanks de voorgestelde normen zorgen over gezondheidsrisico’s in relatie tot het Windpark Brielse Maasdijk.
n.
In de (afstands)normen wordt onderscheid gemaakt in woonwijken en buitengebied, maar in het buitengebied staan ook woningen.
C. a.
Geluidhinder en -trillingen Windturbines geven geluidshinder van het hoorbaar geluid. adviseert Lden 45 dB, Lden 42 dB en Lnight 41 dB
b.
De windturbines gaan zorgen voor geluidshinder, de piekbelasting van het brongeluid is te hoog. Het is in Noord een opstapeling van geluid (industrie, verkeer, windturbines, luchtvaart) Gevolgen van weerkaatsing geluid en echo (op Lelieparkflat, Akeleiflat) Er ontstaat grote resonantie
c. d. e.
f.
33
De WHO
De WHO stelt dat maximaal 10% van de omwonenden ernstige hinder van omgevingsgeluid mag ondervinden. Vanwege de bewezen relatie met gezondheidsschade wordt de ondergrens zeer waarschijnlijk teruggebracht naar maximaal 5% ernstig gehinderden, op te nemen in een herziening van de Guidelines die in 2024/2025 verwacht worden. We moeten de adviezen afwachten. Want als de richtlijn 5% wordt dan kunnen die twee achter Noord er zeker niet komen als men de richtlijnen van de WHO wil volgen in de nabije toekomst.
Het college heeft kennisgenomen van deze zienswijze. Het heeft naar het oordeel van het college geen betrekking op de besluitvorming. Antwoord l+m. Uit onderzoek zoals opgenomen in de aanvraag blijkt dat er cumulatief gezien nauwelijks extra hinder zal zijn als gevolg van het windpark. Door de aanwezige geluidbelasting zal het geluid van het windpark als gevolg van strenge normering grotendeels worden gemaskeerd door het achtergrondgeluid. Met de toepassing van het advies van de WHO, wordt voorkomen dat de geluidsbelasting toeneemt. Met deze Lden 45 dB, Lnight 39 dB norm hanteren wij een strengere norm dan de voorheen geldende geluidsnorm voor windturbines (47 dB). Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen binnen- en buitengebied in het lokale normenkader. Met het lokale normenkader gaan we uit van 45 lden en 39 lden, met een 35 WNCnorm voor de stille nachten. Daarmee is het normenkader strenger dan de richtlijnen van de WHO en is er sprake van een acceptabel geluidsniveau. Antwoord b t/m e. Aan de besluitvorming zijn verschillende geluidonderzoeken en analyses voorafgegaan, van zowel DCMR als van andere partijen. Daarbij zijn beschouwingen gemaakt van zowel het geluid als gevolg van alleen de windturbines, als van het cumulatieve geluid van verschillende bronnen.
De akoestische analyse van DCMR van 29 september 2023 is gebaseerd op het geluid van alleen de windturbines, zonder rekening te houden met de bestaande geluidsituatie door andere geluidbronnen. Daarnaast heeft de Raad via een contra-expertise van M+P een duiding van de betreffende analyse ontvangen. Het is aan het college en de raad om het geheel van onderzoeken te beschouwen en een evenwichtige belangenafweging hierover te maken. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO(World Health Organization)) heeft in 2018 in haar Richtlijn Omgevingsgeluid een voorwaardelijke, gezondheidskundige advieswaarde voorgesteld voor windturbines van 45 dB(decibel) Lden(Level dayevening-night). Ook hier gaat het om geluidniveaus aan de gevel en niet om een norm op basis van afstand. Bij de advieswaarde van 45 dB zal gemiddeld 10% van de personen, die worden blootgesteld aan geluid, ernstige hinder ondervinden. In Spijkenisse gelden specifieke lokale omstandigheden met een overdag hoge geluidsbelasting vanwege verkeer en de Botlek. Het college neemt deze
g.
Geluidsmetingen zijn onbetrouwbaar
h.
De aanwezigheid van het Voedingskanaal Brielse Meer zorgt voor versterkte ruis (geluid) Niet duidelijk is geworden in hoeverre geluid draagt over water en de meest voorkomende windrichting in Nederland (Zuid Westelijke windrichting), waardoor er in Hoogvliet nog meer hinder te verwachten is dan in Spijkenisse, waar behoorlijk veel groen tussen de turbines en de woningen staan. De geluidsberekeningen o.g.v. jaargemiddelden zijn niet juist (dagen en nachten langdurige harde wind!). 0 dB op een windstille dag wordt net zo veel meegerekend als meerdere dagen met harde wind en bijbehorend geluidshinder van meer dan 40 dB.
i.
j.
k.
Windturbines produceren ook infrasoon geluid. De gevolgen van infrasoon geluid zijn binnenoor, evenwichtsorgaan, misselijkheid, duizeligheid, desorientatie, darmklachten, psychisch, onrust
omstandigheden, naast de huidige WHO-advieswaarde, mee in haar besluit. Mogelijke toekomstige wijzigingen van de WHO kunnen nu niet meegenomen worden. Het normenkader voor geluid voor de windturbines in Nissewaard is gebaseerd op een combinatie van geluidmetingen en geluidberekeningen en is erop gericht om de geluidhinder te minimaliseren. Er is geen reden om aan te nemen dat die metingen en berekeningen onbetrouwbaar zijn. In geluidberekeningen wordt rekening gehouden met reflecties over akoestisch harde oppervlakken, zoals water. Met het voorgestelde normenkader blijft het geluid ook in Hoogvliet binnen de normen van 45 dB Lden en 39 dB Lnight. Het effect van de overheersende windrichting wordt middels de windrichtingsafhankelijke meteocorrectie eveneens meegenomen in de rekenmethode voor windturbines.
Met een beoordeling van het geluid op basis van Lden (een jaargemiddelde waarde), wordt aangesloten bij Europese regelgeving. De Lden (Engels: Level day-evening-night) is een Europese maat om de geluidsbelasting door omgevingslawaai over een heel etmaal uit te drukken. Met ingang van 2004 werd het gebruik van de Lden in alle Europese landen verplicht. Dit hing samen met de implementatie van de Europese Richtlijn Omgevingslawaai. Daarnaast biedt het voorgestelde normenkader extra bescherming in stille nachten. Dit wordt bereikt door bij zuidenwind het geluid van de windturbines te beperken tot een streefwaarde die correspondeert met het achtergrondniveau (zogenaamde windnormcurve WNC-35). Deze streefwaarde hangt af van de windsnelheid. Voor de reactie op dit punt wordt verwezen naar de factsheet opgesteld door het RIVM over laagfrequent geluid (LFG)4. Er zijn in Nederland steeds meer bronnen van LFG. Klachten die genoemd worden in relatie tot LFG zijn hoofdpijn, concentratieproblemen, geheugenproblemen, verminderde prestaties, hartkloppingen, problemen met het hart en/of de luchtwegen, duizeligheid en evenwichtsverlies. Van deze klachten is de link met LFG niet met wetenschappelijk onderzoek bewezen.
D. Lichthinder en slagschaduw Enkele indieners maken zich zorgen over lichthinder en slagschaduw van de windturbines 4 https://www.rivm.nl/sites/default/files/2020-09/Factsheet%20laagfrequent%20geluid.pdf.
34
a.
De rotorbladen veroorzaken lichthinder/ lichtschittering/reflectie.
b.
Windturbines geven lichtvervuiling door de obstakelverlichting. Dit heeft invloed op nachtrust.
c.
Bij slagschaduw en lichtschittering is er een maximaal opgelegd aan de hinder die dit mag veroorzaken in het betreffende gebied geldt. Dit ontbreekt in de NRD
d.
Mede vanwege de ligging kan een aanmerkelijke slagschaduw worden verwacht alsmede zal het geluid een negatief effect hebben. Weliswaar zijn zaken als behoud van uitzicht en waardevastheid van het onroerend goed niet van doorslaggevende aard in de ruimtelijke planologie en besluitvorming, maar de verhoudingen zijn hier onevenredig te noemen. Bewoners krijgen last van slagschaduw. Dit veroorzaakt een knipperlichteffect. Er is noodzaak voor een onafhankelijk gecertificeerd slagschaduwonderzoek
e. f. g.
Wel bekend is dat er in Hoogvliet de meeste last zal komen van de slagschaduw en waardedaling van woningen, de gevolgen hiervan zijn niet zichtbaar in de NRD.
h.
Er ontbreekt een geluidswal/bos/natuurlijke bufferzone wat tot gevolg heeft dat er slagschaduw en lichtschittering o.a. in Geervliet ontstaat.
35
Hinder kan worden voorkomen door niet-reflecterende materialen of coatinglagen te gebruiken op de onderdelen die de hinder kunnen veroorzaken. Door middel van de voorschriften in de omgevingsvergunning, waarbij we toetsen aan de NEN-EN-ISO 2813, wordt dit gewaarborgd. Windturbines hoger dan 150m zijn verplicht obstakelverlichting voor de luchtvaart de voeren. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) bepaalt welke verlichting een windpark moet hebben. Hier zijn internationale richtlijnen voor van de International Civil Aviation Organization (ICAO). In het omgevingsconvenant zijn afspraken gemaakt over de obstakelverlichting. Zo wordt er, indien mogelijk, gebruik gemaakt van verlichting met naderingsdetectie voor vliegtuigen. De verlichting gaat dan alleen aan als er vliegtuigen in de buurt komen. Hiermee wordt de hinder tot een minimum beperkt. Obstakelverlichting wordt tev ens in de omgevingsvergunningsvoorschriften gewaarborgd. Op een aantal aspecten is geen uitwerking in de NRD te vinden. Bij het bepalen van het detailniveau speelt ook mee welke stappen er in een later stadium nog zullen volgen. In het normenkader zijn de aspecten lichtschittering en reflectie opgenomen. De technische uitwerking tegen de hinder volgt nog bij de definitieve keuze voor het type windturbines. Slagschaduw zal per jaar maximaal 1 uur bedragen.
Met betrekking tot geluid verwijzen we naar voorgaande paragraaf C. geluidhinder en trillingen.
Antwoord e, f en g. De windturbines staan aan de noordzijde van Spijkenisse. Zonlicht komt niet vanaf de noordzijde. In Hoogvliet zullen woningen ook geen last van slagschaduw hebben. Tussen de woningen en WT10 ligt het Ruigeplaatbos. Dat vangt de slagschaduw bij zonsondergang op. Overdag is de afstand te groot om van enige hinder door slagschaduw te kunnen spreken. Er is uitgebreid onderzoek uitgevoerd naar slagschaduw. Dit onderzoek is te vinden bij de stukken, die ter inzage zijn gelegd. In het normenkader is een norm opgenomen van maximaal 1 uur slagschaduw per jaar. Tussen de windturbines en de woonwijk ligt het Hartelpark en het voedingskanaal met een dijk. Voor de woningen aan de Plaatweg geldt dat hier ook bomen en struiken
staan. Er is een groene buffer aanwezig. Een geluidswal kan onvoldoende betekenen tegen het geluid van een windturbine, aangezien de turbine er ruim bovenuit steekt. Er wordt vanuit gegaan dat het voldoen aan het normenkader voldoende bescherming biedt ongeacht of er een bomenrij tussen de turbines en woningen staan. Een geluidswal, bos of natuurlijke bufferzone is dus niet nodig voor een goed woon- en leefklimaat. E. Gevolgen windturbines op de gezondheid Diverse indieners maken zich zorgen over de gevolgen op de gezondheid door windturbine a. Bij windturbines komen kankerverwekkende stoffen voor. Bijvoorbeeld Er is geen bewijs dat windturbines (grote hoeveelheden) BPA in het milieu brengen. Bisfenol A, dat vrijkomt van de wieken is schadelijk voor de gezondheid De GGD geeft aan dat er beperkte informatie over de aanwezigheid van BPA in de omgeving is, maar tot op heden zijn er geen aanwijzingen dat BPA een bedreiging is voor de kwaliteit van drink-, oppervlakte- en grondwater. BPA wordt in een veelvoud van producten gebruikt, zoals epoxyharsen en plastics die worden toegepast in bouwmaterialen, elektronica, plastic flessen, (voedsel) verpakkingsmateriaal, implantaten, infuusapparatuur en speelgoed. In Nederland is bovendien strenge regelgeving over onderhoud aan windturbines om mogelijke verontreiniging van het milieu tegen te gaan.
De zwaar geërodeerde wieken, die op social media te zien zijn, zullen in Nederland nooit voorkomen. b. De korte afstand van de windturbines tot het woongebied (500 meter) is niet Antwoord b, c, d. De afstand tot de woonwijken in Spijkenisse Noord bedraagt circa 600 meter. Op basis voldoende). Dat zorgt voor gezondheids- en milieuschade. van de effectstudies is geconcludeerd dat de windturbines voldoen aan de wettelijke c. De 500 meter grens blijkt echter in de praktijk niet haalbaar voor geldende vereisten en het normenkader. De geluidsnormen en afstanden tot bewoning worden normen in decibel voor laagdrempelig geluid. Voortschrijdend inzicht leert vastgesteld om de impact van windmolens op de omgeving te beperken. Met de dat in omringende woonkernen (Geervliet en Nieuw-Beijerland) dermate geluidsnormen van het lokale normenkader wordt de hinder verder beperkt dan wat hinder wordt ondervonden dat er processen zijn gevoerd en de concept normen van het rijk beogen. schadevergoedingen moet worden uitgekeerd. In Nieuw-Beijerland hebben inwoners hun woning verlaten omdat de dagelijkse hinder misschien wel in wettelijke normen goed was maar in gevoelsnormen niet. Om gezondheidsredenen zijn mensen verhuisd. d. Windturbines hebben effect op mensen zowel qua gezondheid als sociaal e.
Volgens de SMB-richtlijn 2001/42 zijn windturbines pas vergunbaar indien Dit volgt niet uit de Europese Richtlijn 2001/42/EG voor Strategische wetenschappelijk bewezen is dat er geen schade is voor de mens. Milieubeoordeling. De rol van de Commissie MER bij milieubeoordelingen omvat het adviseren over de inhoud van milieueffectrapporten, waarbij zij beoordeelt of alle cruciale aspecten met betrekking tot de milieueffecten van een project adequaat zijn
36
g. h. i.
j. k. l.
m.
n.
Windturbine-industrie (HVC) offert omwonenden op voor eigen belang (gezondheid 8000 bewoners in het geding). Het belang van de energietransitie weegt zwaarder dan gezondheidsschade. Overheid dient eerst wetenschappelijk te bewijzen dat windturbines geen schadelijke gezondheidseffecten geeft; nu moet weinig vermogende burger zelf gezondheidsrisico’s aantonen. Er is een relatie tussen windturbinegeluid en slaapkwaliteit; omwonenden zijn geanalyseerd. Er is een verband tussen blootstelling aan windturbines en slaapstoornissen: een systematische review en meta-analyse - ScienceDirect slaapstoornissen op verschillende afstanden. Gevolgen infrasoon geluid (vlg. De Laat 2018): problemen met binnenoor, evenwichtsorgaan, misselijkheid, duizeligheid, desorientatie, darmklachten, psychische klachen en onrust. Er is een gedegen onderzoek naar slaapstoornissen benodigd. Volgens HVC zijn er geen gezondheidseffecten. Er zijn echter geen onderzoeken gedaan naar de effecten van LFG en Infrasoon geluid op bijvoorbeeld zwangere vrouwen, het ongeboren kind, de groei en hersenen van jonge kinderen etc. De GGD adviseert in de toekomst verplaatsing van de instelling te overwegen, en zij geeft aan dat er negatieve effecten van de windturbines op gezondheid en welzijn van de werknemers en kinderen/jongeren van de justitiële jeugdgevangenis te verwachten zijn