2023.11.02 Woordelijk verslag raad windmolens
Tekst van het document
In 2020 is de bestuursovereenkomst gesloten tussen de provincie en de gemeente. Hiermee heeft de gemeente zich juridisch gebonden aan de inspanningsverplichting om tenminste achttien megawatt windenergie te leveren. En het huidige plan, de heer Van der Waal die zei het al, van HVC zal significant meer megawatt opleveren dan de minimale afspraak die gemaakt is. Voor hun businesscase heel leuk, maar voor de inwoners een stuk minder. Een inspanningsverplichting is echter geen resultaatsverplichting. De bestuursovereenkomst is dus niet bindend in die zin dat we
14
verplicht zijn om meer megawatt te realiseren, maar uitsluitend om ons in te spannen voor minimaal achttien megawatt. En beste mensen, de Nissewaardse inspanning is evident. Wij hebben altijd de intentie gehad om de doelen voor schone energie te halen. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de achttien megawatt inspanningsverplichting tot stand is gekomen door de inzet van Nissewaard zelf. Origineel ging het om twaalf megawatt uit het convenant van 2012 en later is door de gemeente Nissewaard een bestuurlijk aanbod gedaan aan de provincie voor zes megawatt extra. En wat je ook politiek van dat besluit vindt, hieruit blijkt duidelijk dat wij ons hebben ingespannen om de doelen te behalen en zelfs extra hebben willen leveren. Wij hebben ons ingespannen, niet de provincie. Dus als de provincie een probleem heeft met onze afwijzing van de VVGB, dan wijs ik hen daarop. En wanneer zij terugkomen met het argument dat ook het college eerder heeft aangedragen, namelijk dat wij via de RES nog een opgave hebben, dan zeg ik het volgende: de RES is een strategische verkenning en het heeft dus momenteel nog geen juridische status. Juridisch wordt de RES pas verankerd in de Omgevingswet. Juristen zijn er ook duidelijk over.
Ik citeer: ‘nu de RES nog niet gebaseerd is op een specifieke wetgeving, is er de ruimte voor flexibiliteit en het zoeken naar de beste oplossing, invulling.’ Einde citaat. Het argument dat we de vergunningaanvraag beter kunnen accepteren omdat we dan gelijk voldoen aan de RES-opgave, snijdt dus juridisch geen hout, omdat er geen enkele binding is aan de RES, ook bestuurlijk niet, omdat we de RES nooit verankerd hebben in een beleidsregel of richtlijn. Kortom, geen nood aan de man. De dreigbrief van de provincie kan dus wat mijn partij betreft linea recta de papierbak in verdwijnen. Voorzitter, ik kom tot een afronding. Voor mijn partij is het duidelijk. Nissewaard heeft zich altijd netjes aan alle afspraken gehouden en vaak nog meer inzet gepleegd dan nodig was. En HVC, die heeft daar lak aan. HVC die wil geld verdienen en dat gaat ten koste van de inwoners. En voorzitter, Jong Nissewaard die draait de zaak gewoon volledig om. Wij hebben lak aan HVC. Kunt u uw businesscase niet halen, dan is dat uw eigen ondernemersrisico. Stapt u naar de provincie of de rechter, dan zult u snel doorhebben wie hier juridisch aan het langste eind trekt. Mijn partij is voor al deze risico's die het college schetst niet bang. Laat de windmolens maar gaan en HVC en de provincie maar komen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Korbee.
Dan de heer Tebrugge van de fractie ChristenUnie-SGP. Ga uw gang. De heer Tebrugge: Ja, dank u wel voorzitter. En ook de ChristenUnie-SGP kan zich van harte vinden in de woorden die de heer Van der Waal gesproken heeft aan het begin van dit agendapunt. Ja, er is al ontzettend veel voorbijgekomen hè. Vorige week al in de commissie, nu ook in de bijdrages van de verschillende andere fracties, waarmee ik overigens prima samenwerk op dit dossier. Ja, er komt heel erg veel voorbij. Wij worden specialisten op het gebied van businesscases en van normenkaders en van tiphoogtes en van wat al niet meer. Ja, voor de ChristenUnie-SGP waren er twee aspecten steeds leidend, voorzitter, in dit dossier. Wij willen voldoen aan de opdracht binnen de RES om te voldoen aan die achttien megawatt aan windenergie. En ja, wij willen dat doen door windturbines te realiseren die achttien megawatt kunnen produceren en tegelijkertijd hinder voor onze inwoners tot een minimum kunnen beperken. Wij willen dan ook draagvlak zoeken onder de mensen en de inwoners die het betreft. We hebben veel moeite gehad met de keuze die we feitelijk hebben nu tussen nul of vijf windmolens. Daartussen ligt nog van alles.
Wij vinden dat bijzonder, want immers het gaat niet zozeer om de aantallen molens wat ons betreft, maar om afspraken die wij in het verleden hebben gemaakt met de provincie, namelijk in het voorzien van die achttien megawatt aan windenergie en niet om het aantal molens. Wij dachten overigens tot voor kort dat HVC een energieproducent was zonder winstoogmerk. Het was voor ons dan ook een grote verrassing toen wij op 16 december vorig jaar constateerden dat er niet alleen vijf windmolens zouden komen die allemaal veel hoger zijn dan de Euromast, maar ook nog eens molens met een capaciteit van veel, ja zelfs veel meer dan die geplande achttien megawatt. En het lijkt er verdacht veel op dat het doel vanaf daar wordt om de businesscase rond te krijgen. Dat doel van HVC vanuit het oogpunt van HVC begrijpen wij, maar is niet het doel van deze gemeenteraad. Een andere verrassing kwam vorige week in de commissie LO voorzitter, want een aantal bewoners die meldden dat de gesprekken met HVC als onfatsoenlijk werd ervaren en er was zelfs sprake van vreemd gedrag. Mogelijk is er tussen die commissie van vorige week en nu een reactie van HVC inmiddels beschikbaar. Ja, het is natuurlijk zo
15
dat, en dat zegt het college ook in de verschillende stukken die wij hebben, dat er een aantal risico's aan dit dossier zitten. Tegen de weigering omgevingsvergunning kan de aanvrager inderdaad in beroep gaan. De provincie kan de bevoegdheid terugnemen van de gemeente onder bepaalde voorwaarden. Dat is ook zo. Maar wij als gemeenteraad moeten natuurlijk die taak die we op ons hebben genomen van die achttien megawatt, de belangen van onze inwoners afwegen tegen de risico's die daar ook liggen. En dan komt de ChristenUnie-SGP, voorzitter, tot de conclusie dat plaatsing van drie windmolens ten westen van de Hartelbrug gewoon volstaat voor het voldoen van de afspraken met de provincie. De ChristenUnie-SGP gaat voor het voldoen aan deze opdracht en voor het zo groot mogelijk laten zijn van het woongenot, maar ook voor de gezondheid, vooral voor de gezondheid van onze inwoners. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Tebrugge. Mevrouw Verweij, Lijst Verweij. Ga uw gang. Mevrouw Verweij-Talboom: Dank u voorzitter. Ik blijf bij mijn standpunt dat welzijn van mens en dier boven elk commercieel belang dient te gaan en dat zou ook moeten gelden voor HVC. Het is nooit onomstotelijk vast komen te staan dat windmolens in de directe omgeving van inwoners hen geen gezondheidsschade zouden berokkenen.
En ook in de talrijke rapporten over bisfenol A die wij via de wethouder, waarvoor dank, mochten ontvangen, staan schijnbare tegenstellingen. Als de stof bisfenol A geen noemenswaardige schade aan de gezondheid zou toebrengen, waarom dan de maatregelen van de Europese commissie in 2018, waaronder het verbod in Frankrijk om bisfenol te gebruiken in voedselverpakkingen en waaronder het advies van de Nederlandse regering aan producenten om gebruik van bisfenol te verminderen. Bisfenol wordt tot de zeer zorgwekkende stoffen gerekend, vanwege hormoonverstorende eigenschappen en schadelijkheid voor het immuunsysteem. Er zijn fabrikanten die de wieken van windmolens zonder epoxyhars, dus zonder een spoor van bisfenol, produceren. Ook het RIVM beveelt dit aan. Ik mag hopen dat HVC dit beleid toe gaat passen bij de drie windmolens waarmee wij aan onze opgave voldoen. Van de twee windmolens in Spijkenisse-Noord kan mijn inziens geen sprake zijn. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Verweij. En dan tenslotte kom ik nog terug bij de heer Van der Waal en daarna ga ik naar de overige fracties. De heer Van der Waal, ONS, ga uw gang. De heer Van der Waal: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, dan nu het betoog van ONS. Elf jaar lang wordt er in deze gemeente gesproken over het plaatsen van windmolens en er staat nog niets. Laten we eerlijk zijn met elkaar, dit is wel een enorm trage besluitvorming.
ONS begrijpt dan ook dat Nissewaard die achttien megawatt moet gaan realiseren en we zien nog steeds die Brielse Maasdijk ook als een locatie die hiervoor geschikt is. Maar tussen achttien of dertig megawatt zit een enorm verschil. Dat verschil hadden we graag kleiner gemaakt met HVC. Daar kunnen we lang of kort over praten, maar HVC wilde dat tot nu toe nog niet. Niet via de gemeenteraad, niet via de inwoners en ook niet met het college. Alleen maximale winst kan hiervoor een reden zijn. Daarnaast zijn voor ONS er ook gewoon bedenkingen in de goede ruimtelijke ordening. Maar misschien een nog meer fundamentele vraag is: wie bepaalt in dit land waar windmolens komen te staan? Zijn dat marktpartijen of zijn dat democratisch gekozen volksvertegenwoordigers? Voor ONS is de kous nog niet af. Een meerderheid van de raad is voor de plaatsing van drie windmolens ten westen van de Hartelbrug en met drie windmolens voldoen wij, zoals al een aantal sprekers refereert, aan onze opgave van het coalitieakkoord, maar ook met die van de provincie. En sterker nog, we voldoen daarmee ook aan de wens van het bewonersplatform en de omgevingsadviesraad. Dus hierbij een duidelijke oproep aan HVC: kom nu echt aan tafel zitten.
Wat ONS betreft is voorgestelde afstandsnorm van twee keer de tiphoogte een essentiële wijziging van het denken over windmolens en wij gaan niet akkoord met een normenkader dat minder streng is dan nu landelijk wordt voorgesteld. We zouden wel gek zijn, want onze ervaring met de windmolens van Geervliet en Heenvliet is dat ze gewoon blijven staan en blijven draaien, ook als deze jarenlang illegaal staan. En voorzitter, waar die normen niet gehaald worden, zullen fatsoenlijke oplossingen gevonden moeten worden in overleg met de bewoners. En dit alles is in deze aanvraag niet gebeurd.
16
Volgens het advies van de DCMR leveren de windmolens aan de oostkant acht keer meer ernstige hinder op dan aan de westkant. En als ONS dan de belangen moet afwegen of de doelstelling gehaald kan worden met drie windmolens aan de westzijde, dan zeggen wij nee tegen windmolens zeven en tien. Wij begrijpen ook nog steeds niet waarom HVC zowel in de NRD als in de MER-rapportage niet heeft onderzocht wat het resultaat is van drie windmolens West en we vragen, nu niet voor de eerste keer, waarom die businesscase niet gehaald kan worden met die drie windmolens. En mocht HVC dan komen met het argument dat deze gemeenteraad van Nissewaard op zoek is naar optimalisatie, zoals vastgelegd in de RES, en dus daarom extra windmolens nodig heeft en dat aantal is dan blijkbaar twee. Dan herkent ONS zich daar absoluut niet in. Want van achttien naar dertig is geen optimalisatie wat ONS betreft, dat is bijna een verdubbeling. Dan voorzitter, zou ik graag als fractievoorzitter van ONS een aantal zaken uit dit proces willen benoemen die de leden uit mijn fractie en mij ook in het bijzonder enorm hebben gestoord. De zorgen die onder onze inwoners leven over de gezondheid zijn reëel en terecht. Veel mensen vergeten dat onze landelijke overheid in 2011 al heeft bepaald dat zeven tot negen procent van de omwonenden van windmolens ernstig gehinderd zullen worden in hun gezondheid.
De allerhoogste rechter in Nederland heeft deze normen in 2021 nietig verklaard omdat ze onjuist waren bepaald. Hier had wat onze fractie betreft het proces stilgezet moet worden, want de landelijke overheid verwacht nu van deze raad dat ze binnen een jaar die 150 documenten voor de vergunningaanvraag en de talloze extra bronnen op internet gaan lezen en daarnaast ook nog eens binnen twee maanden een normenkader beoordelen, ter beschikking gesteld door de gemeenteraad, en deze vast te stellen om de gezondheid van onze inwoners te waarborgen. Volgens mij maakte ik een foutje, want het normenkader is ter beschikking gesteld door het college en ik zei gemeenteraad. Excuses. Diezelfde landelijke overheid, met een batterij aan ambtenaren, neemt nu drie jaar de tijd voor dit normenkaderonderzoek, waar wij niet op mogen wachten, maar waar we wel enorm last van kunnen krijgen. Zo krijgen we ook last bijvoorbeeld van de grootte van de zoeklocatie op de Briels Maasdijk en de Plaatweg en ook het niet opnemen van het maximum aantal windmolens. We hoorden net al mevrouw Bik van GroenLinks het zeggen. Want op deze locatie blijkt na onderzoek dat er tien windmolens passen van 160 of 260 meter hoog.
En hadden we dat als gemeente blijkbaar willen beperken? Dan hadden we in 2017 dus blijkbaar moeten kiezen voor een kleinere zoeklocatie en een maximum aantal windmolens en ook nog eens een maximale hoogte moeten opnemen. Dit gaat mijn simpele brein als gymleraar echt te boven. Mijn overtuiging is dat als je een zoeklocatie hebt, dat je op zoek gaat naar de meest geschikte locatie binnen die zoeklocatie. Want als je de precieze locatie al wist, dan zou je het geen zoeklocatie noemen. Daarnaast is die maximale hoogte van de molen in de afgelopen vijf jaar gegroeid met de hoogte van de Rokade die er aan de Maas staat, dus zo’n 100 meter, en meer dan verviervoudigd in turbinecapaciteit ten opzichte van die windmolens die wij in 2017 voor ogen hadden. En nu we dit weten, hadden we dan in 2017 dit besluit alsnog unaniem genomen? Ik denk het niet. En daarom stoort het ook vele raadsleden hier dat wij pas in die laatste fase worden geïnformeerd dat we enkel en alleen bezwaar mogen maken met argumenten die slaan op de goede ruimtelijke ordening. De grootte van het zoekgebied, de hoogte van de windmolens, het aantal windmolens, het draagvlak onder bewoners zijn in essentie dus blijkbaar geen goede argumenten om hier te noemen. Dit is de kennis die gemeenteraden van 2012 tot 2019 hadden moeten krijgen om dit proces aan de voorkant te moeten sturen.
Maar storend genoeg hebben we die informatie niet gekregen. En om de boel dan nog extra op scherp te zetten, vinden we het nodig om te dreigen met rechtszaken, schadeclaims en het overnemen van het proces door de provincie, met de gisteren ontvangen dreigbrief van de provincie echt als een klapstuk. De brief waarin onjuist staat dat de gemeente akkoord is gegaan met zes windturbines. Het aantal windturbines is nooit in de overeenkomst genoemd en komt nu echt over als een dreigement. Wij vragen het college en de griffie dan ook om de provincie te benaderen en te vragen of de provincie deze brief aanpast. Diezelfde provincie die zogenaamd de regie bij de gemeente wil houden zegt eigenlijk in haar brief: gemeenteraad, u heeft de volledige vrijheid om deze vergunningaanvraag zelf te beoordelen, zolang je maar kiest wat ik voorstel. Nou, hier zijn wij als ONS absoluut niet gevoelig voor. En we denken ook dat er genoeg Statenleden zijn die lokale democratie waarderen en het draagvlak onder inwoners belangrijker vinden dan een businesscase van HVC. En provincie, als u dan zo nodig het proces wil overnemen, kom het dan maar zelf uitleggen. Wij regelen wel een zaal en de
17
koffie. Voorzitter, liever hadden we hier echt een besluit genomen dat de windmolens hadden gekomen. Hernieuwbare energie heeft ook de voorkeur ten opzichte van grijze vervuilende energie, maar dan moet het wel op een haalbare en eerlijke manier. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Waal. Dan ga ik door de met de heer Speters van de VVD. Ga uw gang. De heer Speters: Ja, dank u wel voorzitter. Voorzitter, vanavond zijn we bijeen voor een extra raadsvergadering. Het onderwerp, de plaatsing van windmolens aan de Brielse Maasdijk, geeft zorgen voor overlast bij inwoners die in de nabijheid van de locatie wonen. Maar voorzitter, dit debat gaat niet alleen over windmolens en of je voor of tegen bent. Dit debat gaat ook over het nakomen van afspraken met andere overheden en over het wegen en accepteren van risico's als je die afspraken niet nakomt. Elke provincie heeft een opdracht van het Rijk gekregen om windmolens te plaatsen en daarmee bij te dragen aan de vergroening voor onze energievoorziening, ook Zuid-Holland. De polders rond Zuidland en de Beerenplaat waren de plekken die de provincie in gedachten had voor de plaatsing van windmolens in toen nog Spijkenisse en Bernisse. In 2017 besloot de raad van Nissewaard unaniem dat plaatsing van windmolens op die locaties onwenselijk was.
Tegelijkertijd besloot de raad van Nissewaard unaniem de noordrand van de gemeente als alternatief aan te bieden. Het college heeft vervolgens in 2019 een overeenkomst gesloten met de ontwikkelaar en nu staan we hier. Het college stelt de raad voor de volgende stap te zetten naar realisatie en een zogenaamde verklaring van geen bedenkingen af te geven. De Nissewaarde VVD geeft in deze bijdrage haar weging van dit collegevoorstel. Voorzitter, inwoners in Spijkenisse-Noord zijn bezorgd. Het college heeft geworsteld en doet een voorstel aan de gemeenteraad dat anders is dan de inzet in het coalitieprogramma. Wij ‘…’ af. Opdracht is opdracht, afspraak is afspraak. Afspraken niet nakomen heeft consequenties. De Nissewaardse VVD ziet de volgende risico's. Het eerste risico is ruimtelijk van aard. De oude locaties komen weer in beeld en er komen windmolens in de polders rond Zuidland of de Beerenplaat. Het tweede risico gaat over de regie. De provincie gaat toch tot plaatsing over aan de noordrand van onze gemeente en neemt de regie over. De gemeente heeft geen invloed meer op de manier waarop. Het derde risico is financieel van aard. De ontwikkelaar wil schadeloos worden gesteld en stelt de gemeente aansprakelijk voor mogelijk tientallen miljoenen. De gemeente Delfzijl en Amersfoort hebben hier ervaring mee. En vierde risico is de combinatie van al die voorgaande risico's.
Zowel raad als college hebben gezocht naar mogelijkheden om de plaatsing van windmolens nabij Spijkenisse-Noord, dus ten oosten van de Hartelbrug, af te wenden. We hebben van het college echter inmiddels te horen gekregen dat dit onhaalbaar en niet realistisch is. We mogen immers alleen de verklaring van geen bedenkingen op ruimtelijke gronden weigeren. Die zijn niet gevonden. In dit debat de suggestie te wekken dat deze gronden er zijn, of het besluit niet zelf maar door de provincie of rechter te laten nemen, dat is geen fair play. Niet naar onszelf, niet naar de ontwikkelaar, niet naar het college, en zeker niet richting de inwoners. Behoorlijk bestuur, dat is wat van overheden mag worden verwacht. Het niet afgeven van de verklaring van geen bedenkingen heeft dus consequenties … De voorzitter: Voor u doorgaat een interruptie van de heer Korbee. Ga uw gang. De heer Korbee: Ja, dank u wel voorzitter. Want de heer Speters, die begint over behoorlijk bestuur en dat brengt dan bij mij ook meteen een trigger op, want dan zou ik aan heer Speters willen vragen of hij het ook niet, ik refereerde er in mijn bijdrage naar, behoorlijk bestuur vindt als wij bij het maken van bepaalde besluiten, zeker als het gaat om de directe leefomgeving van bewoners, dat wij niet ook na moeten denken over bepaalde normen die we in de toekomst, waar in de toekomst mee te maken gaan hebben.
En als we zien dat er nu vanuit het kabinet een voorstel komt met een hele strikte landelijke norm, namelijk twee keer de tiphoogte, dan moeten we daar toch ook rekening mee houden in het besluit dat wij nu nemen en dan is het toch ook behoorlijk bestuur dat wij nu zeggen: oké, als we daar rekening mee houden dan is er wel degelijk een relevante ruimtelijke grond. De voorzitter: De heer Speters.
18
De heer Speters: Dat is voor zover ik weet toch nog een ontwerpenbesluit. Dat is helaas niet iets waar we op dit moment juridisch aan kunnen en mogen toetsen. De voorzitter: Gaat u door. De heer Speters: Dus. Even kijken hoor, hier was ik. Het niet afgeven van de verklaring van geen bedenkingen heeft dus consequenties en de gevolgen voor onze inwoners zijn fors. Wij willen, net als de hele raad in 2017, geen windmolens in de open polders. Wij willen de overlast voor onze inwoners voorkomen. Er zelf over gaan is dan een must. Wij willen geen miljoenenrekening van de ontwikkelaar. Dat heeft grote impact voor alle inwoners en gaat ten kosten van geld voor onder andere groen, sport en zorg. Beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Het college beseft dat. Gedeputeerde Staten en de door haar betrokken juridische experts schrijven in een brief datzelfde. Naar, maar waar. Dit besluit moet genomen worden. Het coalitieakkoord wekte de verwachting dat er aan de noordrand van onze gemeente geen of minder windmolens kunnen komen. Bewoners die zich zorgen maken, hebben anderhalf jaar gedacht het college en de wethouder aan hun zijde te vinden. Niets is minder waar. De Nissewaardse VVD vindt dat laakbaar. Een betrouwbare overheid die eerlijke informatie geeft aan haar inwoners, die ook staat achter een moeilijke boodschap en die het algemeen belang voorop stelt.
Dat zou iedereen in de politiek belangrijk moeten vinden. De voorzitter: Mijnheer Verhoog, ga uw gang. De heer Verhoog: Ja, zo … Het is een beetje buiten de orde, maar is dat ook de reden geweest dat de onderhandelingen over het coalitieakkoord deze uitkomst hadden? Kan de heer Speters daar iets over zeggen? De voorzitter: Ja dat is wel buiten de orde. Maar goed, u stelt de vraag, we gaan horen. Mijnheer Speters, ga uw gang. De heer Speters: Ik heb verder geen verdere informatie over de onderhandelingen rond het coalitieakkoord en daar gaan we vanavond denk ik ook niet over. De voorzitter: Mijnheer Verhoog. Gaan we naar de heer … Wilt u nog wel? Ja, ga uw gang. De heer Verhoog: Ja, teleurgesteld dat er niet meer openheid komt, maar begrip. Dank u. De voorzitter: De heer Van Uden, wilde u ook interrumperen of niet? Ga uw gang. De heer Van Uden: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, er werd even gesuggereerd dat de betrouwbaarheid van raadsleden ook in het geding is in de zin van dat we dat allemaal zouden moeten zijn. Ik vind het laakbaar dat nu wordt gesuggereerd dat wij dat niet zouden zijn. En daarbij, de VVD die refereert continu aan gemaakte afspraken uit het verleden en behoorlijk bestuur enzovoort.
Volgens mij moeten we ook hier constateren en nog steeds vaststellen dat A VOOR Nissewaard sowieso niet deelnam aan de hele voorgeschiedenis van dit dossier, maar daarbij volgens mij de voormalige wethouder blijkbaar dan afspraken heeft gemaakt die wij dus anders interpreteren die nu worden opgeworpen als in de zin van contractbreuk en als we dit doen dan risico’s voor alle inwoners. Ik citeer uit een stuk vanuit VVD provincie Utrecht, die gewoon aangeven dat na de Provinciale Statenverkiezingen zij niet meer gemeenten gaan dwingen om windmolendossiers en megaparken op te laten leggen. Is de VVD van Nissewaard met haar fractie in de provincie op dezelfde voet gestoeld of is VVD Utrecht hier uitzonderlijk in? De voorzitter: De heer Speters op deze interruptie. De heer Speters: Dat zijn een aantal vragen. Ten eerste. De betrouwbaarheid had ik zeker niet op de raadsleden dat ik bedoel ten opzichte van het coalitieakkoord. Dus als dat niet goed is overgekomen, dan bij deze. Wij hebben ook geen contact met de VVD Utrecht, maar de brief vanuit Gedeputeerde Staten die we van de week hebben ontvangen, is wat
19
dat betreft duidelijk. Daar refereer ik ook verder aan en dat verwijst duidelijk naar gemaakte afspraken die er nu liggen. De voorzitter: Ja, ik wacht even tot de heer Speters … Hij is rond. Ja, de heer Van Uden, uw vervolgvraag, dan ronden we dit blokje u af. Ga uw gang. De heer Van Uden: Ja, tweede interruptie. Wellicht is dat wel heel erg ingegeven vanuit een lokale politieke partij, maar ik vind toch altijd, ja we hebben ni met VVD Utrecht, het is de Nissewaardse VVD. Volgens mij spreekt hier gewoon de VVD. De voorzitter: Mijnheer Speters nog. De heer Speters: Wij gaan hier in Nissewaard over onze eigen wegingen. De voorzitter: Dan is er ook nog een interruptie van de heer Korbee op ditzelfde punt dan denk ik? Ja, ga uw gang. De heer Korbee: Ja, dank u wel voorzitter. Want de VVD die begon over een betrouwbare overheid en dan is dat wat mij betreft sowieso wel een interessante contradictie al in termini, maar goed als je daar dan van uitgaat hè, dus een betrouwbare overheid is er één die afspraken nakomt. Dat is natuurlijk heel makkelijk gezegd als de afspraken die je moet nakomen de afspraken zijn geweest die er in acht jaar tijd gemaakt zijn door VVDwethouders.
En dan ben ik vooral benieuwd in het debat waar we nu mee bezig zijn: kunt u eens reflecteren op een aantal van die afspraken die gemaakt zijn? U geeft zelf een schets van wat een betrouwbare overheid dan allemaal niet moet doen. Als u nu reflecteert op die afgelopen acht jaar, bent u dan volledig overtuigd van de betrouwbaarheid van alle afspraken die toen gemaakt zijn of ziet u ook nog een aantal kwalen in dat proces? De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Ik ben zeker overtuigd van de betrouwbaarheid, misschien met de kennis van nu dat er dingen anders zouden gaan, maar dat wordt wat als en glazen bol kijken en daar ga ik me liever niet aan bezigen. De voorzitter: Mijnheer Korbee, wilt u nog een vervolgvraag? De heer Korbee: Ja, graag. Als ik u dan toch mag uitdagen, u zegt dat misschien met de kennis van nu. Dan bespeur ik enige, ja enig voortschrijdend inzicht. Dan ben ik toch benieuwd of u misschien één of twee punten zou kunnen benoemen waarvan u nu zegt: nou, dat had ik misschien toch in het verleden anders gedaan. De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Die afspraken zijn gemaakt vanuit een college. Ik kan me voorstellen vanuit een wethouderspositie er misschien andere keuzes zijn gemaakt. Maar ik zit niet op die stoel en ik durf me zeker ook niet dan op die plaats te begeven. De voorzitter: Gaat u door, mijnheer Speters, met uw bijdrage.
De heer Speters: Even kijken, waar was ik? Ja. De inzet van het college voor geen of minder windmolens blijkt onhaalbaar, zo blijkt uit dit collegevoorstel. En, voor de VVD onverwacht, naar het zich nu laat aanzien gaan wij als één van de weinigen dit collegevoorstel steunen. Ja, met zo'n oppositie heb je als college geen coalitie nodig, voorzitter. De VVD is teleurgesteld en bezorgd. Teleurgesteld over de eerder gewekte verwachtingen aan inwoners die het college niet kan inlossen. Bezorgd over de consequenties van inbreng van andere partijen. Dit debat gaat niet alleen over het voor of tegen windmolens zijn. Het gaat over een betrouwbare overheid. Het gaat over nakomen van afspraken. Het gaat over staan voor je inwoners, voor alle inwoners. De energie van de wethouder om deze windmolens tegen te houden als een ware Don Quichot heeft valse hoop gegeven aan de inwoners met onrust tot gevolg. Dat is voor een groot deel op het conto van deze wethouder in dit college te schrijven.
20
De voorzitter: De heer Smeding wil u ook een vraag stellen. De heer Smeding: Nou ja, ik werd getriggerd door valse hoop. Maar ik had nog uw verkiezingsprogramma teruggelezen en ik citeer: ‘De Nissewaardse VVD wil geen nieuwe windmolens dicht bij woningen. Overlast voor inwoners moet worden voorkomen.’ Dat zijn teksten uit uw eigen verkiezingsprogramma. Dus dat triggert mij. De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Dat klopt. Ten tijde van het schrijven van het verkiezingsprogramma, het zoekgebied was al aangewezen, dus daar kunnen we niets meer aan veranderen. En op het voorkomen van overlast, daar kom ik zo nog op verder in de tekst. De voorzitter: We hebben eerst mijnheer Smeding, want die was … De heer Smeding: Dit is wel het momentum waarop we de overlast kunnen beperken. Zoveel mogelijk. De heer Speters: Dat ben ik helemaal met de heer Smeding eens en vandaar kom ik daar zo verder nog op, want we hebben nog een voorstel die we daarvoor gaan inbrengen. De voorzitter: Ik ga eerst even naar de heer Van der Waal, die heeft ook een interruptie voor u, mijnheer Speters. Ga uw gang, mijnheer Van der Waal. De heer Van der Waal: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, ik was dan toch wel benieuwd. De heer Smeding gaf net ook al aan: dit is het moment waarop we nu iets kunnen doen.
En u geeft aan: ja, achteraf hadden we misschien iets anders willen doen, maar dat kunnen we niet helemaal hier vertellen. Vervolgens geeft u hier nu nog een soort bedenking van ja, het zou eigenlijk niet kunnen. Als wij nu hier voorleggen dat we goede argumenten hebben voor de ruimtelijke ordening, die allemaal genoemd zijn, die u tot u heeft kunnen nemen. Zou u dan niet gewoon een beetje nu verleidt kunnen worden om te zeggen: als ik dan toch graag mijn doelstelling wil halen, sluit ik me bij dit collectief aan. In plaats van dat u hier een beleid gaat verdedigen waar u zelf ook niet achter staat. De voorzitter: Mijnheer Speters. De heer Speters: Ik heb bij mijn weten helemaal niet gezegd dat ik er wel of niet achter sta. Ik heb gezegd dat misschien met de kennis van nu een wethouder een ander voorstel zou doen en je als raad misschien anders zou beslissen, maar dat is koffiedik kijken, wat ik ook net tegen de heer Korbee heb gezegd. En ik ben zeker niet te verleiden wat dat betreft, want we hebben een koers uitgesproken hier als VVD en de ruimtelijke gronden die genoemd zijn. Ons inzicht is dat die zeker geen stand gaan houden. De voorzitter: De heer Van der Waal, nog een vervolginterruptie. De heer Van der Waal: Ja dat is wel bijzonder, want u noemde het ook al dat het niet juridisch te toetsen is.
Wij zijn in de raad ook geïnformeerd hier door een aantal, een specialist om het zo maar te noemen, dat het nieuwe normenkader wat wij gaan maken, dat dat getoetst moet worden. Nou, het lijkt me toch wel een hele mooie toets dat als een minister zegt op 12 oktober: er komen nieuwe normen aan met twee keer de tiphoogte als een soort van start, en mogelijk wordt het zelfs nog meer, dat u dat dan geen goede grond vindt om aan te toetsen. Want wat hier voorligt is niet het juridisch kader van wat de landelijke overheid in 2011 heeft voorgesteld, maar het is het juridisch kader of het is normenkader wat het college hier voorstelt. Dus dan zou u op die gronden met de informatie die u nu hier heeft, zou u het wel degelijk af kunnen wijzen. Of denkt daar anders over? De voorzitter: De heer Speters.
21
De heer Speters: Ik denk dat met het normenkader dat al het strengste van Nederland is op dit moment als we het aannemen, dat we daar al een begin hebben met het beschermen van de inwoners tegen overlast en daar heb ik nog wel een aantal andere mogelijkheden voor die ik dus verder in de tekst ga noemen. De voorzitter: Ik zie dat de heer Smeding wederom wil interrumperen, maar is dat dan op een ander punt of niet? Want anders blijven we gaan. De heer Smeding: We blijven gaan. Het is voor ons nog steeds niet duidelijk wat nu die voortschrijdende inzichten zijn. En volgens mij liggen die voortschrijdende inzichten ook met name in het nieuwe ontwerpbesluit en met name ook op die afstandsnorm. De voorzitter: Mijnheer Speters en daarna is het misschien goed dat u gewoon doorgaat en dan kijken we of er nog andere vragen zijn, want die zullen er wellicht ook nog wel komen. Ga uw gang. De heer Speters: Inderdaad, want ik heb het idee dat ik een beetje in herhaling ga vallen. Ik had het niet zozeer voortschrijdend inzicht, ik zei: misschien dat iemand die op de wethouderspositie zit met de kennis van nu een ander voorstel zou doen en dat wij op basis daarvan als raad misschien eventueel anders zouden beslissen, maar ik heb geen harde uitspraken gedaan over andere voortschrijding van het inzicht of iets dergelijks.
De voorzitter: Zullen we de heer Speters de gelegenheid geven door te gaan? En dan kunt u ook … want u gaf ook aan dat u een voorstel of iets heeft. De heer Speters: Jazeker. De voorzitter: Want wellicht dat dat ook nog weer reacties oproept en daar kunt u dan met elkaar over in discussie. Mijnheer Speters, gaat u verder. De heer Speters: Even kijken waar ik ook alweer gebleven was hoor. De wethouder gaf aan op zoek te zijn naar een silver bullet. Voorzitter, we hebben weinig aan een silver bullet als we alleen kunnen schieten met een klappertjespistool. We kunnen daarmee alleen wat herrie maken. De draai die door deze wethouder in dit college wordt gemaakt met dit voorstel aan de raad markeert ook meteen de gele kaart die we uit willen delen. Een betrouwbare overheid die eerlijk een moeilijke boodschap durft te brengen, dat verwachten wij en onze inwoners altijd en overal. De VVD heeft die boodschap altijd gebracht, in dit dossier en in andere moeilijke dossiers. Niet makkelijk en niet leuk. Het is wel het enige verhaal. Voorzitter, het voorstel van het college om in te stemmen met de verklaring van geen bedenkingen lijkt voor veel partijen als een verrassing te komen. In mijn eerste commissievergadering op 15 juni 2022 heb ik echter al het scenario geschetst wat zich nu aan het voltrekken is.
Het is daarom wat ons betreft onbegrijpelijk dat de wethouder zich zolang liet meeslepen in het sentiment en de boodschap uitdroeg die iedereen zo graag wilde horen. De wethouder heeft lange tijd geprobeerd een uitweg te vinden, een uitweg waarvan allang duidelijk was dat deze niet bestond. We wegen de risico's en delen het standpunt van het college. Dit besluit moet vallen. De brief van Gedeputeerde Staten is duidelijk. De voorzitter: De heer Smeding vraagt voortdurend om een interruptie. Wilt u het nu doen, of niet? Ga uw gang. De heer Smeding: De heer Speters stelt dat het allang duidelijk was dat die uitweg niet bestond, maar naar mijn idee en ik denk dat de collega raadsfracties dit delen, is het altijd het idee geweest dat er wel degelijk wat te kiezen was, dat er scenario's zouden worden voorgelegd et cetera. Dus als u dan meer kennis heeft op voorhand dat u zegt: ja, we wisten al veel langer. Dan zou ik graag worden geïnformeerd hoe dat proces dan is gegaan.
22
De heer Speters: Ik zal de heer Smeding adviseren om mijn bijdrage in de commissie Leefomgeving op 15 juni 2022 nog eens terug te luisteren. De voorzitter: Oké gaat u verder, mijnheer Speters, nu even met uw bijdrage. De heer Verhoog? De heer Verhoog. De heer Verhoog: Ook omwille van het debat en ook de begrijpelijkheid voor de inwoners. Wat bedoelt de heer Speters met de gele kaart en zou dat dan de brief kunnen zijn waarvan hij wel wist voor 29 oktober dat hij zou komen? De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Ik wist niets van een brief. Die wist ik tegelijkertijd met de rest van de raad en met een gele kaart bedoel ik nu wat ik net al zei: beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Wat ons betreft juist door het voortschrijdend inzicht dat de wethouder blijkbaar heeft gehad, is dit wat ons betreft onze allerlaatste kans. Dat is de gele kaart. Na een gele kaart volgt een rode en zo zien wij als VVD dat. De voorzitter: Gaat u door, mijnheer Speters. De heer Speters: Even kijken, waar was ik? De risico's voor de gemeente en de inwoners zijn meer dan reëel, maar dit besluit mag niet zomaar vallen. De zorgen van de inwoners nemen we serieus, heel serieus.
Terwijl alle betrokkenen zich de afgelopen weken lijken te hebben gericht op het verwoorden van de makkelijke boodschap en daarmee een verwachting hebben gewekt die niet kan worden nagekomen, heeft de Nissewaards VVD gezocht naar realistische mogelijkheden om eventuele overlast echt te voorkomen. En daarom, voorzitter, dient te Nissewaardse VVD vanavond een motie in waarin we de overlast die de inwoners vrezen voorzien van concrete maatregelen. Want overlast, dat accepteert de Nissewaardse VVD niet. Deze motie kan worden aangenomen, ongeacht de conclusie van de raad over dit collegevoorstel en is altijd nodig, of wij nu een besluit durven te nemen, de provincie, of de rechter. En dan zou ik door willen gaan met het voorlezen van het dictum van de motie? De voorzitter: Als u dat zou willen doen, graag. Want ik begrijp ook dat ondertussen de motie voor zover nog niet bekend bij iedereen ook wordt verspreid, zodat iedereen ook daar goed kennis van kan nemen. Maar u heeft de toelichting gegeven veronderstel ik, dus leest u het verzoek aan het college ook voor. Ja, ga uw gang.
De heer Speters: De raad van de gemeente Nissewaard verzoekt het college de hinder en overlast voor inwoners tot nul te beperken en daartoe afspraken te maken met de DCMR over het structureel uitvoeren van extra geluidsmetingen op verschillende momenten van de dag en gedurende verschillende momenten in het jaar. Hiervoor 150.000 euro budget vrij te maken richting de DCMR en dit te dekken vanuit het op te richten gebiedsfonds. Bij structurele geluidsoverschrijding nieuwe of aanvullende maatwerkvoorschriften op te leggen aan de exploitant. Gedurende de looptijd van de exploitatie maandelijks overleg te voeren op bestuurlijk niveau met het bestaande bewonersplatform, de omgevingsadviesraad en de DCMR. Over de inhoud en de resultaten van dit overleg elke maand terug te koppelen in de raadscommissie Leefomgeving. Met HVC Landwind in gesprek om bij de aanbesteding de windmolens te selecteren met de laagste geluidsproductie. Een convenant te sluiten met de exploitant, het bewonersplatform, de omgevingsadviesraad en de DCMR over werkafspraken om gedurende de exploitatie een constructieve werkrelatie met elkaar te borgen en in dit convenant ook afspraken op te nemen over de inzet van de middelen in het gebiedsfonds en gaat over tot de orde van de dag. De heer Verhoog: Voorzitter? De voorzitter: De heer Verhoog.
De heer Verhoog: Ik wil eerst even van de heer Speters weten of dit ook het einde van uw bijdrage was geweest?
23
De heer Speters: Dit is het einde van mijn bijdrage. De voorzitter: Dan inventariseer ik even of er nog … de heer Verhoog, een vraag? Een interruptie? De heer Verhoog: Nou, kijk de motie hebben we natuurlijk al heel in het begin gehad. Dus de tekst is helder. Maar als we nu naar het verhaal van DCMR kijken, dan zegt DCMR dat meer windmolens meer overlast veroorzaken. De heer Van der Waal heeft dat ook al aangegeven. Dus in feite is dat al gebeurd, wat gevraagd wordt. Zou u aan kunnen geven wat u dan verder nog van DCMR vraagt? En dan de tweede is: je kunt dit alleen maar meten als ze er staan. Wat doet de VVD als blijkt dat het dan meer lawaai oplevert? Wat gaan we dan doen? De voorzitter: De heer Speters. Ik wijs u er overigens op dat er ook nog een tweede termijn sowieso komt, waarbij mochten er nog leden vragen hebben die bij de heer Speters ook kwijt kunnen. Maar mijnheer Speters, ga uw gang. De heer Speters: Ja, dit is inderdaad pas mogelijk te meten en dergelijke als die molens er staan. Als blijkt dat HVC Landwind zich niet houdt aan de normen, als dat bij metingen herhaaldelijk blijkt, dan zullen daar inderdaad maatregelen opgenomen moeten worden. Dat kan zijn het stilleggen van de windmolens, kunnen zijn andere bestuurlijke maatregelen. Maar dat kan altijd verder uitgewerkt worden.
Maar in ieder geval, ook binnen het normenkader zal er streng toezicht gehouden worden dat het normenkader ook niet overschreden wordt. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Speters. Dan stel ik voor dat wij overgaan naar mevrouw Bik van de fractie van GroenLinks. Ga uw gang. Mevrouw Bik: Ja, dank u voorzitter. De windmolens zijn een bewogen dossier en bij onze fractie zijn de afgelopen week toch nog een aantal vragen omhooggekomen, zoals: hoeveel kosten heeft de gemeente Nissewaard tot nu toe gemaakt als het gaat om het windpark en betaalt de gemeente deze kosten zelf als er geen initiatiefnemer is om deze op te verhalen? Wat is de stand van zaken met betrekking tot de realisatie van windenergie, zoals afgesproken in het convenant en in de RES? Welke afspraken zijn er gemaakt als deze doelen niet worden gehaald? Als de gemeenteraad geen verklaring van geen bezwaar afgeeft, is het dan een rechtmatig besluit en wat doen we als de gemeenteraad een onrechtmatig besluit neemt? Gaat dit dan vernietigd worden door het college? En hoe gaat het dan verder? En dan zijn er nog scenario's als het besluit niet wordt vernietigd.
Hoe groot acht het college de kans dat er een overname komt vanuit de provincie, mede gelet op de brief die wij hebben ontvangen? De ontwikkelaar een nieuwe aanvraag indient met drie windturbines of er helemaal geen windenergie komt in Nissewaard? Hoe groot is de kans dat de ontwikkelaar een schadeclaim indient of dat de ontwikkelaar bij de provincie een aanvraag indient voor zes windmolens? Of ik begreep dat het er zelfs tien kunnen worden. Welke mogelijkheden heeft het college om een ontwikkelaar ertoe te bewegen om überhaupt maar naar drie windmolens te gaan en zijn deze mogelijkheden al volledig benut en wat was het resultaat? Welke voorzieningen worden getroffen door de ontwikkelaar om overlast in de omgeving te voorkomen en hoe gebruikelijk zijn deze maatregelen? Met andere woorden, de vraag is: kunnen wij juridisch wel tegenstemmen? En hoe betrouwbaar zijn wij dan als overheid? Er zijn op meerdere momenten tegenstanders komen inspreken in de raad. Deze mensen maken zich zorgen over hun uitzicht, geluid of gezondheid. Ik snap dat verandering eng is, dat mensen zich zorgen maken. Op het internet is veel te lezen over windmolens, maar helaas is veel van deze informatie onjuist of ongegrond. Ik durf te beweren dat ik van iedereen in deze raadszaal het dichtst bij een windmolen woon. Al zes jaar woon ik op nog geen 200 meter afstand van een windmolen in Geervliet.
Ik wil de bezorgde inwoners laten weten dat ik en mijn buren zelden last hebben van de windmolens. Ja, als het achterlijk hard waait, zoals vandaag, dan hoor je ze. Maar in tegenstelling tot de industrie en de A15 horen we ze zelden en ruiken we ze nooit. Ik slaap beter in dit huis dan in een appartement in de stad. En ook in Spijkenisse-Noord in het bewonersplatform zitten voorstanders, maar die durven
24
zich momenteel vrijwel niet uit te spreken. Wij als gemeente hebben ooit de locatie voor de windmolens gekozen, een duur gebied voor de bouw, omdat dit op een primaire waterkering is. Wij als gemeente hebben een contract voor minimaal achttien megawatt gesloten en zijn zo stom geweest om daar geen maximum in te zetten. Regeren is vooruitzien en wij als gemeente kunnen dan ook niet anders dan instemmen met deze verklaring van geen bezwaar. Maar wij als gemeente hebben wel de strengste geluids- en slagschaduwnormen van Nederland vastgesteld en die normen zijn geaccepteerd door HVC. Wij moeten daarom eerlijk zijn naar onze inwoners: sorry, wij hebben in het verleden verkeerde keuzes gemaakt, maar deze windmolens komen er. Ik hou ook van sprookjes, maar die horen thuis in de Efteling en niet in de raadzaal. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Bik. Dan kom ik tenslotte als laatste spreker van de zijde van de raad bij de heer Spanjersberg. Ga uw gang, Lijst Spanjersberg. De heer Spanjersberg: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een korte verklaring. Voorzitter, na het lezen van de zogenaamde dreigbrief vanuit Gedeputeerde Staten provincie ZuidHolland over wie de regie gaat nemen omtrent de windturbines blijkt maar weer dat men lak heeft aan de inwoners. Alles draait om geld, want laten we eerlijk zijn: windturbines zijn een big business voor hen die hiervan profiteren zoals HVC.
Laatstgenoemde heeft hierbij steun van de Gedeputeerde Staten provincie Zuid-Holland. Dus rechts- of linksom, die afschuwelijke windturbines zullen er komen, mits er een rechter hier een dikke streep doorheen zet. Voorzitter, als onafhankelijk raadslid geldt voor mij dan uiteindelijk mijn vaste overtuiging. Deze zal ik, zoals sommige van u wel weten, nooit overboord gooien. Als fervent tegenstander van al dat dwangmatige milieugedram, waar wij uiteindelijk alleen maar ellende voor terugkrijgen, zoals gezondheidsrisico's, stress bij mens en dier, vogelsterfte en andere gevleugelde vrienden, kan ik als raadslid en als mens geen voorstander zijn van windturbines en daarom stem ik dan ook tegen de ontwerpverklaring van geen bedenkingen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Spanjersberg. Dan ga ik over naar de eerste termijn van de zijde van het college en wil ik het woord geven aan wethouder Hottentot. Ga uw gang. De heer Hottentot: Ja, dank u wel voorzitter. En vooropgesteld, ik heb het ook in de commissie aangegeven: dit college begrijpt de zorgen van de raad voor wat betreft draagvlak, voor wat betreft de zorgen van de bewoners, en het college begrijpt ook de zorgen die de bewoners hebben. En dat blijkt ook uit het feit dat men zo volop aanwezig is op de publieke tribune.
Dat neemt niet weg dat er in het verleden afspraken zijn gemaakt waar we nu mee geconfronteerd worden. En ja, daar moeten we wat mee en dat moeten we beoordelen. En zoals ik ook al heb aangegeven in de commissie: als college en als wethouder kun je helaas niet met je vuist op tafel slaan en gewoon zeggen: het gebeurt niet. Je hebt je ten alle tijden te houden aan wet- en regelgeving. Vandaar ook de term wethouder. En in die zin moeten wij binnen die grenzen die wij hebben plannen beoordelen. En daar hebben wij geprobeerd om naar te kijken welke mogelijkheden hebben wij en zoals ik dat ook in de commissie al heb gezegd: welke silver bullet is er om toch dit plan af te kunnen wijzen en daarmee met HVC het gesprek aan te gaan om toch voor die drie windmolens te gaan in plaats van vijf windmolens. Maar wij hebben die argumenten niet gevonden. En ja, dan kom je tot de conclusie dat je de raad een advies moet geven waaruit blijkt van je moet een advies geven om met de voorlopige verklaring van geen bedenkingen in te stemmen. Dat is in ieder geval het advies van het college, maar uiteraard u als raad gaat zelf over uw eigen keuzes, laat dat duidelijk zijn. Wij geven een advies, de provincie geeft een advies en u moet uiteindelijk op basis van alle documenten die u heeft gehad en de geluiden die u heeft gehoord, zelf het besluit nemen wat u met dit advies doet.
Dus als u een besluit neemt waarbij u afwijkt van het advies dat het college u gegeven heeft, dan zullen we u daar uiteraard in volgen, want u als raad gaat erover. Als we dan kijken naar het proces, want ik hoorde op een gegeven moment ook de opmerking: waarom hebben wij niets gehoord van de gemeente, zowel van de bewoners als dat ik het hier hoorde van de heer Van der Waal. Dan wil ik daar wel even op aansluiten, want dat heeft ook gewoon met dit proces te maken. U heeft het zelf ook meegemaakt. U heeft stukken gekregen, wij moesten stukken verzamelen, al die stukken moesten beoordeeld worden en dan kom je tot een eerste advies. Dat is het advies wat nu
25
voorligt, om in ieder geval in te stemmen met een voorlopige verklaring van geen bedenkingen. Op dat moment, op het moment dat je dat hebt klaargezet, dan begint de grote inspraak, dan begint het openbaar stellen van alle stukken en dat betekent dat je op dat moment alle inwoners ook gaat meenemen in deze plannen. En op het moment dat je dat dan doet, dan kunnen zij dus er ook kennis van nemen en bezwaren gaan indienen en dan kunnen er ook inloopbijeenkomsten georganiseerd worden waarin alle informatie gedeeld wordt. Dus dat is de reden waarom we niet aan de voorkant dat al konden doen, omdat we niet alle stukken hadden. Die moesten we beoordelen en op basis van die beoordeling is het stuk wat nu voorligt uitgekomen en daarna ga je de volgende stappen zetten. Dus dat denk ik even om in ieder geval duidelijk te maken hoe dit proces in elkaar zit en dat het dus geen onwil was om niemand eerder te betrekken, maar dat het gewoon in het proces op dat moment nog niet gepast was. Dat komt daarna, maar dat is alleen als u instemt en als u niet instemt, dan komt er ook inspraak, maar dan voor een verklaring van de weigering. Partijen hebben een aantal vragen en opmerkingen nog gemaakt. Zo vroeg Nissewaard Lokaal of er contact is geweest met HVC en of wij dat hadden verwacht. Nee, dat contact is er niet meer geweest na de commissie.
Het college heeft ook het initiatief gelaten aan de ontwikkelaar, want die heeft uiteindelijk de vergunning aangevraagd, maar die is bij ons niet op de lijn gekomen en heeft het proces gewoon door laten gaan zoals het nu voor ons ligt. VOOR Nissewaard, die had in eerste instantie een vraag over de brief van de inspreekster. Vroeg daarin: was ik op de hoogte van het overleg? Ja, ik ben destijds op de hoogte gesteld dat er een overleg was en ik heb ook kennisgenomen van het verslag. Maar daarbij ook gelijk zeggend dat het verhaal zoals we dat hier hoorden niet op die manier terug is gezet in het verslag. Feitelijk stond er hetzelfde als wat u in de krant kon lezen, namelijk dat het ging over onheuse bejegening en dat kan van alles zijn, dus daar kan ik niet uithalen of dat in erge of minder erge mate is. Daarnaast vroeg VOOR hoe wij de brief hebben gelezen en of we contact hebben gehad met de provincie. Nou, we hebben de brief gelezen als een brief aan de raad en als een reactie op de overwegingen van vorige week. Want daarin heeft u zelfs als fractie, mijnheer Van Uden, ook aangegeven dat u nog wel wilde zien of de provincie het zou overnemen. Nou ja, de provincie heeft u in ieder geval een duidelijk antwoord gegeven en zo hebben wij hem ook gezien en naar u doorgezet ter beoordeling, zoals ik net al zei, dat u mee kunt nemen in ieder geval in de overwegingen.
De voorzitter: De heer Verhoog. De heer Verhoog: Dit luistert denk ik nauw, voorzitter, maar ik had eigenlijk twee vragen. Dit is een brief aan het college en niet aan de Raad hè. Wij hebben daar kennis van genomen in een kopie. Maar is de wethouder van tevoren geïnformeerd over de brief die ophanden was? De voorzitter: Wethouder Hottentot. De heer Hottentot: Ja voorzitter, ik ben inderdaad op voorhand geïnformeerd, vandaar dat ik hem ook direct heb doorgezet. Want de papieren versie, die kwam later binnen, maar we hebben in ieder geval de digitale versie gehad en die hebben we meteen naar u doorgezet. De heer Verhoog: Voorzitter, mag ik dan in de twee termijn? Wanneer bent u dan precies geïnformeerd? De voorzitter: Wethouder. De heer Hottentot: Op maandag. Nee, was het dinsdag? Wanneer hadden wij college? Op dinsdag ben ik geïnformeerd van de inhoud van deze brief. Ja? Even kijken hoor. Ik kom in ieder geval nu bij de vragen van het CDA. Ik hoorde een aantal vragen in ieder geval aan HVC, sommige partijen hadden het ook. Ja, daar kunnen wij in ieder geval natuurlijk geen antwoord op geven, dat zijn vragen aan HVC en ja, daar kunnen wij niet het antwoord op geven in ieder geval. Het college kan alleen voor zichzelf praten. Het niet publiekelijk delen van de MER. Nou, dat is wat ik net heb aangegeven. Dat is eigenlijk dus in het proces wat hierna komt.
Dan komt die MER op tafel en dan kan iedereen daar ook kennis van nemen. Dus ook dat had dan openbaar geweest. Verder het advies DCMR versus MMP. Nou ja,
26
we hebben in ieder geval uw vraag doorgezet. Daar heeft u een antwoord op gehad en hoe u dat verder, wat u daar verder voor conclusies uittrekt, dat laten we ook aan de raad in ieder geval. Even kijken. ONS die gaf aan: benader de provincie en laat de provincie de brief aanpassen. Dan vraag ik me af welke aanpassingen u wilt zien in die brief? Want ja, brief aanpassen dat zegt mij nog niet veel. Wat vindt u dan dat er niet klopt? Maar misschien kunnen we dat in de tweede termijn aangegeven. De voorzitter: Ik zie de heer Van der Waal al kijken. Ga uw gang. De heer Van der Waal: Ja, dat is heel simpel. Dat is de enige regel dat er zes windmolens staan opgenomen in de bestuursovereenkomst. Want dat is niet zo. De heer Hottentot: Nee, dat klopt. Maar ik weet niet of daar specifiek werd verwezen naar de bestuursovereenkomst exact zes. Maar er is natuurlijk in het verleden, u heeft het zelf ook al aangegeven in uw bijdrage, gezegd dat dat kleinere windmolens waren en toen waren de aantallen wel hoger. En wellicht dat de gedeputeerde daarnaar probeerde te verwijzen in die zin. De voorzitter: De heer Van der Waal.
De heer Van der Waal: Ja ik begrijp uw redenatie en volg ik ook zo en waarschijnlijk is het er zo ook ingekomen, maar we zien ook wel in andere stukken dat er op een gegeven moment verwachtingen blijkbaar gewekt zijn door bepaalde partijen en dat dat op een gegeven moment een waarheid wordt. Op moment dat zo'n brief natuurlijk blijft circuleren en er blijft daar staan dat er zes windmolens zijn opgenomen in de bestuursovereenkomst. Voor we het weten zitten we eraan vast en dan is het zes keer 240 meter hoog. Nou, doen we niet. De voorzitter: De wethouder. De heer Hottentot: Ik ga in ieder geval deze boodschap doorgeven. Even kijken. De VVD dan, die gaf op een gegeven moment aan, en dat wil ik toch echt even corrigeren, een schade van tientallen miljoenen bij schadeloosstelling. Dat wil ik even corrigeren. U heeft een vertrouwelijk memo gehad waarin getallen genoemd zijn en dat ging niet om tientallen. Ik wil dat toch even benoemd hebben voordat dit dadelijk in de krant op deze manier komt te staan. Want daar is absoluut geen sprake van en ik kan de exacte getallen niet benoemen, want dat heeft met de vertrouwelijkheid te maken. De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Voorzitter, volgens mij is er in Delfzijl een schadevergoeding van 45 miljoen ingediend en in Amersfoort een schadevergoeding van 50 miljoen. Een claim. De voorzitter: De heer Hottentot.
De heer Hottentot: Ja voorzitter, volgens mij hebben wij in ieder geval voor u een analyse gemaakt en ik zou u adviseren om u daarop te baseren, want u kent de situatie in Delfzijl niet, net zomin als dat ik het kan. En we weten dus ook allebei niet wat de achtergrond is dat die schade daar zo hoog is geweest. U heeft een advies gekregen. Hou u daaraan en ga geen getallen strooien die niet kloppen. Daarnaast, voorzitter, werd er aangegeven dat we een onbetrouwbare overheid zouden zijn, omdat wij beloftes doen die we niet kunnen waarmaken. Nou ja, ik kan het ook andersom draaien. Dit college is tenminste aan de voorkant hartstikke duidelijk geweest, zowel naar de ontwikkelaar als naar de inwoners. En we hebben gewoon gezegd als college: wij zien graag drie windmolens ten westen van de Hartelbrug. Wij hebben dat ook aangegeven richting de ontwikkelaar. Wij hebben ook voordat de aanvraag ingediend werd nogmaals bij de ontwikkelaar onder de aandacht gebracht: dien nu een vergunning in voor drie windmolens. Maar er zijn er vijf ingediend. Ja, dan moeten wij dat wel toetsen aan de wettelijke kaders en die wettelijke kaders, ja die laten meer ruimte dan de wens die wij hebben en vandaar ook de buikpijn die wij hebben
27
benoemd in ons raadsvoorstel, waarbij we hebben aangegeven: we hebben enerzijds weten regelgeving en anderzijds hebben we echt wel onze bedenkingen of dit zou moeten als je kijkt naar het draagvlak onder de omwonenden en de zorgen die er allemaal leven. Dus in die zin hebben wij als betrouwbare overheid naar iedereen aan de voorkant gecommuniceerd hoe we erin staan. De voorzitter: Mijnheer Verhoog. De heer Verhoog: Ja voorzitter, kan de wethouder nog reflecteren op het feit dat kennelijk die gesprekken met HVC niet via een soort dialoog verlopen, maar hij ook geconfronteerd wordt met de halsstarrige houding van HVC? De voorzitter: De wethouder. De heer Hottentot: Nou voorzitter, wij hebben wel degelijk in dialoog gesproken, maar soms kom je er gewoon niet uit omdat je allebei een ander standpunt hebt. En u was er ook zelf in de themabijeenkomst bij waarin ook een presentatie is gegeven en ook naar u op de vraag: kunnen die drie windmolens worden? Is gezegd: ja, dan komt de businesscase niet rond. En datzelfde antwoord hebben wij ook gehad. Dank u voorzitter. Even kijken. Nog even naar de VVD. Desondanks en met de kennis van nu zouden wij nog steeds dezelfde afspraken hebben gemaakt als wat we toen hebben gedaan. Dan voor wat betreft de motie van de VVD, want die pak ik dan maar gelijk eventjes mee nu ik daar toch bezig ben.
Ja, die zouden wij als college in ieder geval ontraden. En dat is eigenlijk op alle punten. Want als we kijken naar hinder en overlast om die tot nul te gaan beperken, dat is geen reële ambitie. Daarom hebben we ook in het normenkader gezegd bijvoorbeeld al nul tot één uur slagschaduw, omdat je niet naar nul kunt gaan. Er zal altijd iets van geluidshinder kunnen ontstaan, maar we hebben wel met onze wettelijke normen geprobeerd om die zo streng mogelijk te maken. Dus naar nul, dat gaat niet. Als we dan kijken naar het … De voorzitter: De heer Speters. De heer Speters: Voorzitter, als wij de tekst zouden aanpassen naar tot het absolute minimum beperken, zou dat dan wel oké zijn voor de wethouder? De heer Hottentot: Voorzitter, dan is hij overbodig, want dat is wat ons normenkader vaststelt. Dus dat maakt niet heel veel uit. De voorzitter: Misschien wel bij de heer Speters, want ik zie zijn hand omhoog. Ga uw gang. De heer Speters: Het normenkader, dat wordt vastgesteld of niet, dat gaan we zo horen. Maar de motie roept ook op om meer dan alleen normenkader. Toetsing erop, overleggen, et cetera et cetera. Dus dat is echt meer dan alleen het normenkader. Want als we alleen ons baseren op het normenkader, dan is de motie inderdaad overbodig. De voorzitter: De wethouder. De heer Hottentot: En daarom, voorzitter, was ik nog bezig met de andere punten. Dit was het eerste punt.
Dat ging over de geluidsnormen en daarvan heb ik dus gezegd: dat gaat niet. Als we dan inderdaad kijken naar de geluidsmeningen, dan heeft dat in ieder geval weinig toegevoegde waarde, omdat met de vastgestelde en te gebruiken Lden-normering al wordt uitgegaan van gemiddelden en deze maken extra geluidsmetingen in ieder geval overbodig. En omdat we dus ook al hebben voorgesteld om het maatwerkvoorschrift WNC35 toe te passen voor de stille nachten, ja is dat dus ook overbodig. Als we dan kijken over het voorstel om die 150.000 euro budget vrij te maken richting DCMR en dit te dekken vanuit het op te richten gebiedsfonds, dan kan ik u zeggen dat het gebiedsfonds niet van de gemeente is. Daar hebben wij geen zeggenschap op. Dus ook dat moeten we ontraden. Het is uiteindelijk van de bewoners. Als dit plan door zou gaan, dan is het voor de bewoners bedoeld voor duurzame stimuleringsmaatregelen en ook een omgevingsfonds
28
voor sociaalmaatschappelijke projecten. En de gemeente is daar dus geen partij in, dus ook in die zin kunnen wij dat daar niet gebruiken. Wel het isoleren van de woningen van de bewoners die binnen die 500 meter contour vallen. Dus ook in die zin is hij dus overbodig. Daarnaast ook wat geluid betreft komt er dadelijk een app waardoor er dus ook meldingen gemaakt kunnen worden van geluidsoverlast. Dus in die zin, ja niet nodig. Dan het punt bij structurele geluidsoverschrijding nieuwe of aanvullende maatwerkvoorschriften op te leggen op de exploitant. Even kijken hoor. De initiatiefnemer heeft zich gewoon te houden aan de geluidsnormen die we in de vergunning hebben opgenomen, dus die zijn gebaseerd op het normenkader. Dus we hoeven geen formele handhavingsprocedure te starten omdat daar gewoon afspraken in gemaakt zijn over de Lden en Lnight. Dus ook dat is feitelijk overbodig. Wat betreft de looptijd van de exploitatie en een maandelijks overleg blijkt vaak dat bij het plaatsen van windmolens in het begin veel overleg nodig is en dat daarna afzwakt. Dus als u dan zegt: maandelijks een overleg. Ja, dan zitten we misschien op een gegeven moment te navelstaren. Dus ook in die zin lijkt het ons niet handig om dat op deze manier aan te pakken.
Wat betreft het met HVC Landwind in gesprek gaan bij de aanbesteding de windmolens te selecteren met de laagste geluidsproductie kan ik u ook zeggen: daar hebben we weer het normenkader voor, dus daar zullen ze vanzelf wel voor zorgen dat ze dat doen, omdat ze zich aan het normenkader moeten houden, wat u zelf ook heeft gezegd: de strengste van Nederland zijn. Even kijken. Een convenant te sluiten met de exploitant, bewonersplatform, omgevingsadviesraad en DCMR over werkafspraken om gedurende de exploitatie een constructieve werkrelatie met elkaar te borgen. Ja, dat wordt reeds uitgevoerd. Want het omgevingsconvenant waar u aan refereert is bijna klaar en zal medio november worden getekend door HVC en vertegenwoordigers uit de omgeving. Dus de gemeente heeft suggesties gedaan voor onderwerpen en inhoud van het convenant, maar tekent alleen voor gezien, dus uiteindelijk is het dan van de omgeving en aan de omgeving om dat te tekenen. Dus dat gebeurt al dus die is eigenlijk overbodig. En het laatste punt in het convenant, ook afspraken te maken op te nemen over de inzet van de middelen van het gebiedsfonds. Ja, één van de belangrijkste onderdelen van het convenant is dat gebiedsfonds. En hoe die worden ingezet, wordt dus bepaald door deelnemers van het fonds en daar is de gemeente geen onderdeel van. Dus al met al kan ik uw motie alleen maar ontraden. Even kijken, voorzitter.