CConstaterende datNissewaard
Koppel je AI →
Document · PDF

17.Afsluiten realisatieovereenkomst deelplan Schipper; 210827 REOK inclusief bijlagen

Gemeenteraad 13 oktober 2021, gemeente NissewaardBij agendapunt: Lijst ingekomen stukken en mededelingen25.543 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Milieukundig bodemonderzoeken, bureauonderzoek geuroverlast;

-

Natuurtoets (flora en fauna);

-

Ontwateringsplan De Haven;

-

Bodemkwaliteit en Nota Bodembeheer 2016-2021;

-

Geotechnisch onderzoek, zettingsberekeningen en stabiliteitsberekeningen;

-

Damwand en ankerberekeningen;

-

Waterveiligheidsplan;

-

Bemalingsplan;

-

Rioleringsplan.

Op basis van de plannen zijn de volgende vergunningen aangevraagd: -

Ontgrondingsvergunning;

-

Watervergunning;

-

Omgevingsvergunning;

-

Kapvergunning.

In overleg met de nutsbedrijven worden tracétekeningen opgesteld en vastgesteld. Stedin plaatst in het plangebied drie trafo’s waarvan twee in haven Zuid en één aan de Veerweg. De hoofdaansluiting van de nutsbedrijven komt vanuit de Elementenweg. Voor borging van de capaciteit wordt ter plaatse van de 1e havenkom een gestuurde boring aangelegd richting de Veerkade. Enkele hoofdtracés worden in vooraanleg aangebracht, de overige kabels en leidingen van de nutsbedrijven worden ca 4 tot 6 weken voorafgaand aan het woonrijpmaken aangelegd. In de nabijheid van de bouwlocatie is een bouwaansluiting van water en elektriciteit beschikbaar, de bouwer dient in de eerste fasen rekening te houden met een aansluiting nabij de Elementenweg en nabij de Veerweg. De bouwer/ontwikkelaars dienen tijdig een omgevingsvergunning in en vraagt de huisaansluitingen aan. Bij de oplevering van het bouwrijpe terrein wordt tussen de gemeente en de ontwikkelaars een overeenkomst bouwrijpmaken opgesteld. Dit is een overdrachtsdocument waarin de afspraken tussen het bouwrijp opleveren en het moment van woonrijpmaken worden vastgelegd. Door de gemeente zal voor het bouwrijpmaken tekeningen en een bestek worden opgesteld. De wegenstructuur zal conform ontwerp en inrichtingsplan per fase worden ontworpen als bouwwegen en als werkterrein. De havenkommen met damwanden en oevers worden verder uitgewerkt.

De aanleg van de bouwwegen vindt plaats nadat de riolering is aangelegd voor start bouw. De bouwwegen in het bouwplan worden voorzien van een fundering bestaande uit betongranulaat. De centrale hoofdas in Haven Zuid wordt verhard met asfalt, de Veerweg wordt gereconstrueerd en ook in asfalt aangelegd. Tijdens het

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

11

bouwrijpmaken wordt het hoofdriool (DWA en HWA) aangelegd en waar mogelijk inclusief de uitleggers naar de bouwkavels. In het ontwerp rioleringsplan worden rioleringstekeningen en – berekeningen opgesteld. Als basistekening dient het vastgestelde assenplan alsmede de vastgestelde profielen uit het stedenbouwkundig plan. De gemeente zal tijdig aangeven op welke hoogte de ontwikkelaars kunnen aansluiten op dit rioleringssysteem. Het rioleringsplan wordt ingediend ter beoordeling bij het Waterschap Hollandse Delta. 2.2.6

Woonrijpmaken

In het bouwplan zijn voor De Haven verschillende fasen te onderscheiden, iedere fase wordt woonrijp gemaakt. Hiervoor moet een logistiek plan worden opgesteld ten aanzien van het gescheiden afwikkelen van het bouw- en woonverkeer. De aanleg van de huisaansluitingen van de nutsbedrijven start ca. 5 tot 6 weken voor het woonrijpmaken, afhankelijk van de bouwroute en waar de hoofdaansluitingen beschikbaar zijn. De coördinatie hiervan ligt bij de gemeente. Het tracé moet zoals boven gesteld vrij zijn van obstakels (nadat de steigers weg zijn) zodat de kabels en leidingen efficiënt gelegd kunnen worden. De bouwer moet vanwege voorbereiding en vergunningen uiterlijk 3 tot 6 maanden voor de aanleg van de kabels en leidingen een aanvraag hebben ingediend bij de nutsbedrijven voor de huisaansluitingen; www.mijnaansluiting.nl Na opdracht van de bouwer aan de nutsbedrijven wordt het project bij de nutsbedrijven pas opgestart. Met het woonrijpmaken wordt begonnen ca. 6 tot 8 weken voor de oplevering van de eerste woning(en). Gestreefd wordt om de bestrating in de openbare ruimte op te leveren rond de oplevering van de woning(en). Dit betekent dat de bouwer/ontwikkelaars ervoor moeten zorgdragen dat het terrein benodigd voor de aanleg van de openbare ruimte ca. 8 weken voor de oplevering van de eerste woning vrij is van opslag van bouwmaterialen, keten, bouwsteigers en dergelijke.

Ten tijde van de oplevering van woningen moeten de woningen goed en veilig bereikbaar zijn. Tevens dienen alle huisaansluitingen voor de riolering en de kabels en leidingen gereed te zijn bij oplevering. Bij het woonrijpmaken draagt de gemeente zorg voor de aanleg van wegen, wandel- en fietspaden, openbaar groen en water, verlichting en straatmeubilair en dergelijke. Doordat in deelfasen wordt opgeleverd worden de centrale voorzieningen waaronder speeltoestellen e.d. aangelegd als een deel van de wijk is aangelegd. Hierover worden t.z.t. nadere afspraken gemaakt. Het groen wordt separaat aanbesteed en wordt aangelegd in het daarvoor geschikte plantseizoen. Voor de bomen, hagen en heesters is dat in de winterperiode tussen half november en half april.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

12

3

Terreingesteldheid

3.1

Bouwterrein

1.

Het totale gebied is juridisch eigendom van de gemeente Nissewaard.

2.

De bestaande opstallen zijn gesloopt inclusief funderingen en ondergrondse en bovengrondse infrastructuur. De heipalen zijn minimaal 2 meter onder het maaiveld afgekapt en digitaal ingemeten.

3.

In de zomer van 2017 is/wordt Reinis gesloopt, uiterlijk oktober 2017 zijn alle opstallen verwijderd en is de gehele locatie beschikbaar voor de bouw.

4.

Het huidige terrein is beschikbaar voor (voor)onderzoeken na overleg met de gemeente Nissewaard.

5.

In de jaren ’60 is Haven-Zuid aangelegd door gebruik te maken van baggerspecie uit de Rotterdamse Havens. Het gemiddelde maaiveldniveau na sloop was ca NAP +2,90 m.

6.

De Elementenweg, de Hongerlandsedijk, de Schenkelweg en de Veerweg is een openbare weg en in onderhoud en beheer van de gemeente Nissewaard.

7.

Aan de rand van het plangebied bevindt zich een primaire waterkering: de Hongerlandsedijk en een secundaire waterkering: de Elementenweg en de Schenkelweg.

3.2 1.

Milieuhygiënische kwaliteit van de bodem Voor de milieukundige kwaliteit van de bodem is in het verleden historisch onderzoek uitgevoerd door DCMR alsmede verkennende en nadere onderzoeken door PJ Milieu BV te Nijkerk en door Grontmij/Sweco.

2.

Binnen het plangebied zijn diverse spots gesaneerd, hiervoor is een BUS-melding verricht en/of een saneringsplan opgesteld. De werken zijn tijdens de sloop en het bouwrijpmaken uitgevoerd onder milieukundige begeleiding van PJ Milieu BV te Nijkerk, hiervan zijn meldingen bij het bevoegd gezag verricht.

3.

In het te ontwikkelen gebied is een Plan van Aanpak opgesteld voor de water- en geuroverlast. In de bodemgeschiktheidsverklaring d.d. 01-02-2017 wordt dit nader toegelicht. (zie bijlage)

4.

In het kader van het Besluit Bodem Kwaliteit (BBK) is gewerkt aan een bodemkwaliteitskaart en bodembeheernota 2016-2021 voor het gehele project De Elementen. Hiervoor wordt specifiek beleid opgesteld. De bodem moet in dat kader geschikt zijn voor de functie: “wonen met tuin”. Het bevoegd gezag is de gemeente Nissewaard. De bodembeheernota is vastgesteld door de gemeenteraad op 15 juni 2016.

5.

Door Sweco is een Plan van Aanpak Geuroverlast en een variantenstudie met maatregelen opgesteld t.b.v. de woningbouw opgesteld. Dit is uitgebreid besproken met DCMR die hierop goedkeuring hebben verleend. Er is geen sprake van een saneringsmaatregel. De voorzorgsmaatregelen zijn ter voorkoming van klachten van stankoverlast in de kruipruimte. In hoofdstuk 9 wordt hier verder op ingegaan.

6.

In het kader van de grondoverdracht wordt voor het plangebied door de gemeente een “bodemgeschiktheidsverklaring” opgesteld en afgegeven aan de ontwikkelaars.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

13

4

Bodemonderzoeken

4.1

Geotechnisch onderzoek

In het kader van het bouwrijpmaken is door MOS Grondmechanica B.V. een geotechnisch grondonderzoek van de Haven opgesteld. In dit kader zijn 16 diepe boringen en 50 sonderingen uitgevoerd met laboratoriumonderzoek. Door adviesbureau Sweco is een Geotechnisch en waterbouwkundig advies met trillingsanalyse en advies bouwrijpmaken opgesteld. Tevens is een verhardingsonderzoek en -advies opgesteld. In de rapporten zijn de volgende uitgangspunten aangehouden: 1.

Voor de aanleg van riolering, wegen en overige civiele constructies moet voldaan worden aan een restzettingseis van ca. 10 cm in 30 jaar. Dit is in principe ook van toepassing voor de uitgeefbare kavels, er kunnen echter tussen gemeente en ontwikkelaars nadere afspraken worden gemaakt als de verwachte restzettingen niet gehaald wordt en de bouw toch moet starten.

2.

Nabij de Schenkelweg en aan de oostzijde van Haven-Zuid moet in het kader van de keur van het Waterschap Hollandse Delta aangetoond worden dat geen stabiliteitsproblemen ontstaan. Tevens is voor de damwanden een trillingsanalyse opgesteld waarbij binnen een zone van 50 meter uit de kering aangepast geheid moet worden. Buiten de 50 meter zone van de kering kan trillend geheid worden. Dit zijn ook eisen die door het Waterschap gesteld worden aan de ontwikkelaars m.b.t. de woningbouw.

3.

Alle berekeningen moeten de goedkeuring hebben van vergunningverlenende instanties. Door de gemeente wordt tijdig een watervergunning aangevraagd bij het Waterschap Hollandse Delta. Door de bouwers/ontwikkelaars moet tijdig een vergunning worden aangevraagd voor het bouwen in de nabijheid van een waterkering.

4.

Voor het ontgraven van de havenkommen is een ontgrondingsvergunning aangevraagd.

Voor de inhoud wordt verwezen naar de genoemde rapporten. Alle te nemen sonderingen worden zowel door de gemeente als de ontwikkelaars wederzijds beschikbaar gesteld. 4.2

Waterveiligheidsplan en drooglegging

Voor De Haven is een waterveiligheidsplan opgesteld, hierin is de basis gelegd voor de drooglegging en de gevolgen en eisen voor de afwatering van het plan. Voor de wegen wordt een droogleggingseis (ontwatering) aangehouden van minimaal 1,00 m. Het aanlegpeil van de wegen is in het plangebied NAP + 3,50 m. Het lage deel van de kade grenzend aan het water en de damwanden wordt aangelegd op een niveau van NAP +2,00 m, dit deel kan bij extreme regenval en een gesloten sluis onderlopen. Een groot aantal woningen grenzend aan het water wordt verhoogd aangelegd (+500 P.P), vanwege rolstoeltoegankelijkheid moeten de woningen dan via de achterzijde goed bereikbaar zijn. Per deelplan worden de exacte weg- en vloerpeilen vastgesteld. De gemeente stelt middels de omgevingsvergunning uiteindelijk de vloerpeilen vast. Het water van de Haven staat in open verbinding met de Oude Maas en is onder invloed van eb- en vloed, het gemiddelde laagwaterpeil is NAP -0,40 m, het gemiddelde hoogwaterpeil is NAP +1,30 m. Onder extreme omstandigheden, bij springtij gaat de keersluis dicht tussen NAP +2,00 m en +2,50 m. Als onder deze omstandigheden er forse regenval, is dan kan het water in de haven verder stijgen tot een niveau van NAP +3,00 m. In het waterveiligheidsplan is gerekend met dit soort omstandigheden. Het plan is doorgerekend met een ontwerpbui van 100 mm in 48 uur.

De kans op overstroming (water op straat) is volgens de meest recente neerslagstatistieken nihil. Indien zich dit voordoet, dient een noodpomp geplaatst te worden om het water uit de haven over de keersluis in de Oude Maas te lozen. Hierover moeten nog afspraken worden gemaakt tussen de gemeente en het Waterschap Hollandse Delta.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

14

Rond de haven liggen waterkeringen die in beheer zijn bij het Waterschap Hollandse Delta, in de plannen moet hier rekening mee worden gehouden. De gemeente stelt aan de ontwikkelaars een kaart ter beschikking waarop deze waterkeringen en de bijbehorende (keur)zones zijn aangegeven.

5

Basisgegevens

5.1

Basis uitgangspunten

1.

In de haven is sprake van eb- en vloed. Het waterpeil in de Haven is bij laagwater - 0.40 m NAP en bij hoogwater NAP +1.30 m. Onder bijzondere omstandigheden kunnen afwijkende peilen optreden, bij extreem hoog water kan het peil stijgen tot NAP +2,50 m waarna de sluis door het Waterschap wordt gesloten. Door regenval kan het waterpeil in de haven verder stijgen tot NAP + 3,00 m waarna noodpompen moeten worden geplaatst. Dit kan naar verwachting 1x per 50 jaar optreden. Bij laagwater kan onder bijzondere omstandigheden het waterpeil zakken tot ca NAP -1,00 m.

2.

Het terrein is in het verleden (jaren 60) opgehoogd met circa 3,50 à 4,00 m havenslib op het oude bestaande maaiveld van ca + 0,34 m NAP. Het gemiddelde bestaande maaiveld niveau na sloop van de panden is in het plangebied circa NAP + 2,90 m NAP;

3.

Het wegpeil is NAP + 3,50 m en het vloerpeil van de woningen is NAP + 3,60 m of voor de verhoogd aangelegde waterwoningen NAP + 4,51 m. Het definitieve vloerpeil wordt te zijner tijd per deelplan vastgesteld.

4.

Uitgaande van de vloerpeilen wordt de kruipruimte uitgegraven op een niveau van NAP +1,90 m en aangevuld met 0,50 m zand tot een niveau van NAP +2,40 m. De ontwikkelaars brengt bij de grondgebonden woningen een dampdichte kruipruimte aan om geuroverlast te voorkomen. (zie bijlage D) Bij appartementengebouwen zal per geval moeten worden bezien of zo’n voorziening nodig is. Bij de overdracht van de gronden worden deze gegevens vastgelegd in een proces verbaal van oplevering en overdracht van de bouwrijpe gronden.

5.

De gemeente Nissewaard heeft het peilenplan op voor het openbaar gebied vastgesteld in overleg met de ontwikkelaars en op basis van het stedenbouwkundig plan.

5.2

Globale hoeveelheden

De volgende hoeveelheden zijn ter indicatie: Haven Zuid: Kentallen

Hoeveelheid

Uitgeefbaar terrein

73.310 m2

percentage 61,9%

Water (havenkommen)

8.830 m2

7,5%

Verharding

29.400 m2

24,8%

6.920 m2

5,8%

118.460 m2

100%

-

Rijbaan (6.170 m2)

-

Voetpad (10.200 m2)

-

Boulevard (8.150 m2)

-

Openbaar parkeren (4.870 m2)

-

Parkeren (privé …. m2)

Groen en overig Totaal:

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

15

Haven Veerkade (excl. de Veerweg): Kentallen Uitgeefbaar terrein

Hoeveelheid

percentage

16.000 m2

46,9%

Verharding

15.070 m2

44,2%

Groen en overig

3.050 m2

8,9%

Totaal:

34.120 m2

100%

Water (haven)

5.3 1.

Keur Waterschap Hollandse Delta Voor de Hongerlandsedijk (primaire waterkering), de Elementenweg en de Schenkelweg (secundaire waterkeringen) geldt de Keur van het Waterschap Hollandse Delta.

2.

De Keur bestaat uit de eis m.b.t. een strook over de dijken, waarbinnen niet gegraven en gebouwd mag worden zonder ontheffing op de Keur.

3.

Voor de Elementenweg dient bij een aanpassing, reconstructie en dergelijke te voldoen aan de volgende keureisen: dijktafelhoogte NAP + 3,50 m, breedte kruin 3 m en talud 1:3. De nieuwe weghoogte is vastgesteld op NAP + 3,65 m.

4.

Voor de civiele werken binnen de keurgrenzen wordt door de gemeente tijdig een watervergunning aangevraagd. Voor de aanleg van kabels en leidingen wordt dit verzorgd door de nutsbedrijven. Men dient rekening te houden met termijnen van 3 tot 4 maanden voordat de vergunning verleend is. Voor het bouwen in de nabijheid van de waterkeringen dienen de bouwer/ontwikkelaars vergunning aan te vragen.

5.

Specifieke gegevens zijn beschikbaar bij het Projectteam De Elementen en bij het Waterschap Hollandse Delta. Voor de eisen wordt verwezen naar de web-site van het Waterschap Hollandse Delta, www.wshd.nl

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

16

6

Grondwerken

Grondbalans 1.

Zoveel mogelijk wordt gestreefd naar een gesloten grondbalans.

2.

Tekortkomende grond wordt beschikbaar gesteld door de gemeente. De grondbalans moet inzicht geven in het overschot aan zand en de mogelijkheden daarvoor en het tekort aan grond, dat beschikbaar gesteld moet worden.

3.

Uitgaande van de genoemde peilen in paragraaf 5.1 wordt voor het afwerken van de uitgeefbare gronden een niveau van ca NAP +3,50 m aangehouden. De bouwputten worden door de gemeente opgeleverd op niveau waardoor binnen de uitgeefbare grenzen een gesloten grondbalans ontstaat. Dit principe is besproken tussen betrokken partijen. De vrijkomende grond uit de bouwputten kan door de bouwer verwerkt worden in de tuinen. Voordat de woningen opgeleverd worden stelt de gemeente grond beschikbaar in de nabijheid van de bouwblokken. De bouwer kan, binnen het plangebied, met die grond de tuinen verder afwerken. In de tuinen moet een minimale laag van circa 1,00 m (gebiedseigen) geschikte grond voor tuinen in stand worden gehouden. De bouwer voert het grondwerk uit binnen de uitgeefbare percelen. Per fase wordt in overleg tussen de partijen een grondbalans opgesteld. Globaal zijn dat de volgende peilen: As weghoogte

NAP + 3,50 m

Opleveringsniveau bouwkavels

NAP + 3,00 m

Vloerpeil woningen

NAP + 3,60 m

Vloerpeil kadewoningen

NAP + 4,51 m

Vloerpeil appartementen

NAP + 3,80 m

Voorbelasting Een deel van het water in de haven wordt gedempt. Hier worden damwanden en verankering aangebracht. Daarna wordt het opgehoogd met grotendeels de vrijkomende grond. Dit moet gefaseerd worden uitgevoerd om de belasting op de damwanden te reduceren. Hiervoor is een geotechnisch uitvoeringsadvies opgesteld. Onderin de aanvulling wordt grond (het oude havenslib) verwerkt uit Haven Zuid. Daarop wordt een drainerende zandlaag aangebracht met verticale drainage in een stramien van 1 x 1m in driehoekverband tot 1 meter boven het watervoerende pakket. Daarna wordt opgehoogd tot het gewenste niveau van NAP +2,00 m en NAP +3,50 m. Tijdens de voorbelastingfase wordt als zetting versnellende maatregel 1 m extra grond/zand aangebracht. De zettingsperiodes zijn per deelgebied berekend en variëren tussen de 8 en 26 maanden. Aan de Veerweg is de berekende zettingsperiode ca 14 maanden. Tijdens de uitvoering worden waterspanningsmeters en zakbaken geplaatst om de zettingen te volgen. Op basis van een zettingsanalyse kan bepaald worden wanneer de diverse ophoogslagen worden aangebracht en wanneer de zetting zijn eindfase heeft bereikt.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

17

7

Wegenbouw

In het kader van het bouw- en woonrijpmaken van de bouwlocatie is voor de funderingsconstructie van de wegen een verhardingsadvies opgesteld en is voor de materialisatie een inrichtingsplan opgesteld. Voor de (bouw)wegen is een verhardingsadvies opgesteld door Sweco. (GM-0163258 d.d. 1 oktober 2015) Voor de materialisatie wordt verwezen naar het door PP HP opgestelde inrichtingsplan. 7.1

Fundering

1.

Voor de wegen en constructies wordt ophoogzand en ‘zand voor zandbed’ geleverd.

2.

Zandcunet voor elementenverharding, ten behoeve van bestemmingsverkeer, 500 mm zand voor zandbed en een fundering van 300 mm betongranulaat (0/31,5).

3.

Zandcunet onder elementenverharding, ten behoeve van voetgangers en fietsverkeer, 500 mm dik.

4.

Zandcunet onder asfaltconstructie fietspad, minimaal 400 mm. In combinatie met 250 mm betongranulaat (0/31,5)

5.

Breedte wegcunet is wegbreedte + 0,50 m.

7.2 1.

Elementenverharding Materialisatie volgens het Beeldkwaliteitsplan en Inrichtingsplan Openbare Ruimte De Haven te Spijkenisse opgesteld door architectenbureau PPHP te Amsterdam.

2.

In het gehele plan worden vrijwel overal betonklinkers toegepast met hardstenen deklaag, langformaat 240x60x80 mm in diverse verbanden. Keperverband voor de wegen, elleboogverband voor het parkeren en halfsteensverband voor de trottoirs. Kleuren rood/bruin met op specifieke plaatsen een gemêleerd patroon.

3.

Opsluitbanden bij erfafscheidingen en groenstroken minimaal 100x200x1000 mm.

4.

Opsluitbanden bij uitstapstroken parkeerplaatsen minimaal 100x200x1000 mm.

5.

Trottoirbanden 130/150x250x1000 mm 150x250x1000 mm en 180/200x250x1000 mm.

6.

Basaltblokken bij het boven en ondertalud grenzend aan de haven.

7.

Op pleinen worden accenten met andere materialen voorzien.

7.3 1.

Bouwwegen De bouwroute van Haven Zuid wordt uitgevoerd in asfalt (6 m breed) en ligt centraal door het plangebied en wordt uitgevoerd volgens onderstaande constructieopbouw: o

Asfalt AC 11 surf DL-B, dik 30 mm

o

Asfalt AC 22 base O1-B, dik 70mm

o

Betongranulaat 0/31,5 dik min. 250 mm

o

Zand voor zandbed dik 500 mm

1.

De levensduur van de asfaltverhardingen bedraagt 10 jaar, omdat het tijdelijke verharding betreft is de

2.

Voor de overige wegen in de deelplannen bestaan de bouwwegen uit 300 mm betongranulaat op een

levensduur alleen van belang voor de bouwfase. zandbed van minimaal 500 mm en zijn ca. 6 meter breed. De wegen moeten binnen de hekken van het bouwterreinen door de bouwer tijdens de bouw onderhouden worden en regelmatig worden uitgevuld en hersteld. Dit moet uitgevuld worden met goedgekeurd betongranulaat ter goedkeuring van de directie. Buiten de bouwhekken zal dit gebeuren in opdracht van de gemeente.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

18

8 8.1

Waterbouwkundige constructies Damwanden en groutankers

Een groot deel van de oevers is voorzien van damwanden. Aan de damwanden is door IOB gerekend, het betreft stalen damwanden met lengtes van circa 20 tot 25 meter die gestaffeld zijn aangebracht. De berekende levensduur van de damwanden en de voorzieningen is 80 jaar. De damwanden worden voor de stabiliteit voorzien van stalen HE balken met strengankers en een groutkolom. De lengtes van de ankers variëren tussen de 32 en 37 meter en hebben een groutkolom van ca 10 meter. De ankers liggen deels in het uitgeefbare terrein en mogen niet geraakt of benaderd worden. Bij het heien moet men hiermee rekening houden. Dit moet voldoen aan de volgende voorwaarden: -

Binnen een straal van 10 tot 15 m uit het anker (incl. grout) moet trillingarm en grond verdringend geboord worden voor de palen van de woningen of andere constructies.

-

Binnen een zone van 1,5 meter van de ankers mogen geen palen worden aangebracht.

Aan de constructies van de damwanden en de ankers is gerekend door IOB, dit is voor zover mogelijk afgestemd op de verkaveling van de woningen en appartementen. Indien de ankers zijn aangebracht voor de woningbouwontwikkeling is vastgesteld, dan dienen de bouwers/ontwikkelaars hiermee rekening te houden. Door IOB is ten aanzien van de uitvoering een protocol (bijlage C) opgesteld. Van de damwanden en de ankers wordt een digitale revisie tekening beschikbaar. De strengankers kunnen in de grond een afwijking hebben van ca 2 graden. Voor de ankers en de groutkolom wordt een “zakelijk recht” afgesloten met de ontwikkelaars en de (toekomstige) kopers. Vrooman Advies heeft hiervoor een memo opgesteld. Over het verrekenen van de kosten zijn met de ontwikkelaars nadere afspraken gemaakt die zijn vastgelegd in een memo van Vrooman Advies BV. (memo 2016-0495-2 d.d. 26 oktober 2016) Binnen een afstand van 5 meter van de damwanden en steenzetting mag geen bouwverkeer en/of bouwopslag plaatsvinden. De bouwhekken moeten minimaal op 5 meter uit de damwand geplaatst worden. Bij het woonrijpmaken wordt de bovenzijde van de damwanden voorzien van een betonnen deksloof. 8.2

Basalttalud

Voor de beleving van het water in het bouwplan De Haven is op diverse plaatsen gekozen voor het aanbrengen van een zetsteentalud van basaltblokken. De constructie is afgestemd op de opbouw die gebruikt wordt in de Rotterdamse havens. De opbouw is als volgt: -

1 m kleiafdekking;

-

Baksteenzaagstukken;

-

Tonrond gezette zetsteen van basalt (1:2);

-

Afgewerkt met steenbestorting.

De materialen worden aangebracht door een gecertificeerde steenzetter.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

19

8.3

Steigers en ligplaatsen

In de havenkommen worden in de basis ca. 32 ligplaatsen aangebracht voor boten tot 12 meter aan drijvende steigers. De gemeente brengt de voorzieningen aan. De ligplaatsen kunnen middels een erfpachtconstructie voor 20 jaar worden ‘gekocht’ door boteneigenaren die woonachtig zijn in De Haven. In eerste instantie worden de ligplaatsen aangeboden bij de koop van een woning in De Haven. Ook voor de woningen aan de Veerkade kunnen de kopers een ligplaats in erfpacht kopen. De steigers zijn voorzien van: -

Drijvers met hout/kunststof composiet dekdelen;

-

Vingerpieren

-

Hardhouten verankeringspalen;

-

Zeewater bestendig aluminium kabelgoten;

-

Electra en watervoorzieningen.

De toegang tot de steiger is middels een aluminium loopbrug en afgesloten met hekwerk en een bedienbare toegangspoort. De steigers zijn voorzien van oriëntatie verlichting. Het beheer en onderhoud wordt geregeld middels een appartementsrecht conform een VVE-constructie.

Figuur: indeling situatie 1e havenkom

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

20

9 9.1

Bouwkundige maatregelen cq beperkingen Kruipruimten

In het plan de Haven is in de ondergrond havenslib aanwezig. Ter voorkoming van geuroverlast is in samenspraak met DCMR en Sweco een plan van aanpak beschreven met maatregelen. De economisch meest voordelige maatregel is het aanbrengen van een geurdichte kruipruimte in de vorm van een dichte betonvloer. Met name voor de grondgebonden woningen is dit van toepassing, bij de appartementen kan kruipruimteloos gebouwd worden. Over het verrekenen van de kosten zijn met de ontwikkelaars nadere afspraken gemaakt die zijn vastgelegd in een memo van Vrooman Advies BV. (memo 2016-0495-2 d.d. 26 oktober 2016) 9.2

Heiwerk

Als gevolg van de eisen van het Waterschap en de aanwezigheid van groutankers in de grond en binnen de uitgeefbare grenzen zijn er beperkingen tav het heien van palen. De ontwikkelaars dient vooraf vast te stellen of er beperkingen zijn voor het heien. -

Bij het Waterschap Hollandse Delta kan hierover nadere informatie worden ingewonnen. Met name binnen de grenzen en/of in de nabijheid van de keurzones. Naar verwachting dient binnen die zones trillingsarm geboord te worden.

-

Bij de gemeente zijn de laatste aanleggegevens bekend van de damwanden en de verankering (zie &8.1), binnen de zones van de ankers moet trillingsarm en grondverdringend geboord worden. Dit is met name van toepassing op de bouwplannen die grenzen aan de damwanden.

In de memo van Vrooman Advies BV zijn de eisen en voorwaarden vastgelegd. (memo 2016-0495-2 d.d. 26 oktober 2016) Voor het aanbrengen van de funderingspalen van de woningen en appartementen is door IOB een protocol opgesteld, deze is als bijlage C opgenomen.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

21

10 Kabels en leidingen 10.1 1.

Voorbereiding De ligging van Kabels en Leidingen dient middels een melding bij de KadasterKLIC opgevraagd te worden. Er dient rekening te worden gehouden met de mogelijkheid dat tijdens de duur van de werkzaamheden leidingen verlegd (kunnen) worden en/of nieuwe worden aangebracht. Kosten ten gevolge van stagnatie en/of van gevolgschade zijn voor rekening van de ontwikkelaars.

2.

3.

In De Haven worden de volgende nutsvoorzieningen aangebracht: o

Electriciteit

-

Stedin, uitgaande van gebruikelijke huisaansluitingen;

o

Gas

-

Stedin, uitgaande van gebruikelijke huisaansluitingen;

o

Water

-

Evides, uitgaande van gebruikelijke huisaansluitingen;

o

Glasvezel

-

VW Telecom (partner KPN/Reggefiber)

o

CAI

-

ZIGGO;

o

Lichtmasten

-

CityTec.

De gemeente Nissewaard verzorgt de contacten met de nutsbedrijven inzake de voorbereiding en planning van werkzaamheden voor het (ver)leggen en aansluiten van hoofddistributie kabels en leidingen in het openbare terrein. In overleg met de beheerder worden door de gemeente de nieuwe tracés van kabels en leidingen bepaald. De gemeente verzorgt de coördinatie tijdens de uitvoering in het openbare gebied (bouw- en woonrijpmaken). Voor coördinatie tussen de nutsbedrijven voor de nieuwe aanleg is Stuctin het aanspreekpunt (www.Stuctin.nl)

4.

De bouwers/ontwikkelaars verzorgen de contacten met de nutsbedrijven inzake de voorbereiding planning van werkzaamheden voor de huisaansluitingen van de kabels en leidingen binnen de erfgrenzen. De bouwers verzorgen de coördinatie tijdens de uitvoering binnen de erfgrenzen. Voor de coördinatie tussen de nutsbedrijven is Stuctin het aanspreekpunt (www.Stuctin.nl)

5.

De gemeente verzorgt de coördinatie tijdens de uitvoering. Voor het aanvragen en leggen van de huisaansluitingen naar de woningen verzorgt de ontwikkelaars/bouwer de aanvraag en de coördinatie met de nutsbedrijven (zie www.mijnaansluiting.nl)

6.

De aanleg in de openbare ruimte is volgens een vastgesteld standaardprofiel van de gemeente Nissewaard.

7.

De gemeente Nissewaard stelt in overleg met de nutsbedrijven een plan op voor kabels en leidingen. Dit plan wordt voorgelegd aan de ontwikkelaars en vastgesteld in de Stuurgroep. In het plan worden in de tracés de horizontale en verticale ligging van de kabels en leidingen alsmede van de riolering aangegeven. Dit plan moet zijn afgestemd op de voorschriften vanuit de nutsbedrijven en op het inrichtingsplan. In het kabel- en leidingenplan worden in het openbare gebied de plaatsen aangegeven van benodigde trafostations, gasreduceerstations, verdeelkasten, ondergrondse handholes van KPN, laagspanningskasten en alle benodigde ZIGGO kasten.

10.2 1.

Uitvoering De ontwikkelaars verzorgt de coördinatie tussen zijn eigen werkzaamheden en de aansluitwerkzaamheden binnen de perceelsgrenzen (huisaansluitingen) met de nutsbedrijven. De bouwer/ontwikkelaars doet tijdig een aanvraag via www.huisaansluitingen.nl

2.

In de nabijheid van kabels en leidingen mag niet worden gewerkt zonder toestemming van het desbetreffende nutsbedrijf.

3.

Op plaatsen binnen het werkterrein waar zich kabels en leidingen van de openbare nutsbedrijven en/of rioolleidingen van de gemeente bevinden, moeten dusdanige voorzieningen worden getroffen,

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

22

danwel de werkzaamheden op dusdanige wijze toepassen, dat aan de kabels en leidingen geen schade kan worden toegebracht. 4.

Indien werkzaamheden door de nutsbedrijven moeten worden uitgevoerd, zorgen de ontwikkelaars ervoor dat deze niet gehinderd worden door zijn eigen werkzaamheden. De tracés voor de kabels en leidingen dienen ten allen tijde vrijgehouden te worden of te worden voorzien van afdoende bescherming zulks ter beoordeling van de nutsbedrijven (gemaakt).

5.

Tussen bomen en ondergrondse kabels en leidingen moet een afstand van minimaal 3 meter aangehouden worden. Ter plaatse van plantvakken mogen geen nutsvoorzieningen worden aangebracht.

10.3 1.

Voorwaarden vanuit nutsbedrijven Voor de aanleg gelden alle gebruikelijke voorwaarden en regels van de nutsbedrijven. De ontwikkelaars en de bouwers zijn verantwoordelijk voor de naleving daarvan op de bouwplaats.

2.

VW Telecom, namens KPN, plaatst ondergrondse hand-holes in de diverse wegen en plaatst geen wijkverdeelstation.

3.

ZIGGO heeft enkele hoofdwijkkasten en kleine verdeelkasten in de diverse woonstraten.

4.

STEDIN heeft bij normaal energieverbruik ongeveer 450 woningen in één centrale trafokast nodig. De 10 KV kabels moeten minimaal 3 meter uit de bebouwing (nieuwbouw) worden gelegd. Stedin plaatst in Haven Zuid twee trafo’s en nabij de Veerweg één trafo. De locaties worden vastgesteld in het stedenbouwkundig plan.

5.

Er mogen geen werkzaamheden door de ontwikkelaars worden uitgevoerd boven of in de nabijheid van de tracés.

6. 10.4 1.

Over de exacte locaties van de kasten vindt nog overleg plaats. Aansprakelijkheden Indien beschadigingen zijn ontstaan aan kabels en leidingen, aantoonbaar ten gevolge van activiteiten die worden uitgevoerd door of in opdracht van de ontwikkelaars, (niet zijnde de gemeente of nutsbedrijven), komen alle daaruit voortvloeiende kosten voor rekening van de ontwikkelaars.

2.

De gemeente draagt zorg voor de beschikbaarheid van kabels en leidingen tracés in het openbare gebied. Deze tracés hebben een diepte van ca. 1 meter. De tracés worden zoveel mogelijk onder elementenverhardingen (trottoirs) gesitueerd. De tracés dienen vrij te zijn van zowel bovengrondse en ondergrondse obstakels.

3.

Onder kruisingen met asfaltverhardingen moeten door de gemeente in overleg met de nutsbedrijven mantelbuizen worden aangebracht.

4.

Bij nog te realiseren bebouwing en of damwanden, zowel tijdelijk als permanent, dient een afstand van 2,5 m in acht te worden genomen.

5.

Kabels en leidingen dienen minimaal 1,5 m uit een gelegd riool te liggen. Mocht er nog een riool evenwijdig gelegd worden dan dient, in verband met ontgravingen, de afstand nog ruimer te zijn.

6.

Trafo ruimtes dienen toegankelijk te zijn, in verband met reparaties. De constructie voor de ondergrond dient een vrachtwagen welke een gewicht heeft van minimaal 5 ton te kunnen verdragen.

7.

Gasleidingen mogen niet onder een overkraging en/of luifel liggen.

8.

Nieuwe hogedruk gasleidingen dienen op minimaal 2,0 m uit bestaande bebouwing te liggen.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

23

11 Waterhuishouding 11.1 1.

Algemeen De gemeente heeft in het kader van het bestemmingsplan een watertoets opgesteld. Deze toets is aan het Waterschap Hollandse Delta en Rijkswaterstaat aangeboden en akkoord bevonden.

2.

Voor de verdere uitwerking is door Sweco een Waterveiligheidsplan opgesteld voor de haven. Dit plan is de basis van de aanvraag watervergunning bij het Waterschap Hollandse Delta. Ontwikkelaars dienen rekening te houden met de eisen van het Waterschap Hollandse Delta.

3.

Het masterplan en plan 1e fase is voorgelegd aan het Waterschap Hollandse Delta. Voor De Haven is een watervergunning verstrekt, mogelijk dat op detailniveau nog een aanvraag benodigd is. Per fase dient dit gecontroleerd te worden.

11.2

Drainage

Voor het bouwplan is een advies opgesteld voor de afwatering c.q. waterbeheersing, dit gaat uit van de volgende uitgangspunten: 1.

Onderin de rioolsleuf wordt drainage toegepast.

2.

Onder de wegen wordt aan weerszijden een cunetdrainage toegepast.

3.

Binnen de plangrenzen wordt in de openbare ruimte een drainagestelsel aangelegd, dit is een onderdeel van de maatregelen (handhaven grondwaterpeil) tegen mogelijke geuroverlast. De gemeente beheert en onderhoudt dit stelsel. Het grondwater wordt op deze wijze op peil gehouden. Het drainagestelsel is voorzien van een aantal pompgemalen met telemetrie. Het grondwater loost in de haven.

4.

In het uitgeefbaar terrein wordt bij het bouwrijpmaken een drainagestelsel aangelegd die rechtstreeks afvoert naar de dichtstbijzijnde open water of in het HWA-stelsel. Dit drainage stelsel moet door de bouwer intact worden gehouden om wateroverlast te voorkomen. Per kavel kan door de bouwer voor een droge kruipruimte een drainage worden aangesloten op de HWA huisaansluiting van de woning. De drainage ligt buiten de fundering van de woningen en/of in het hart van de woningen.

11.3

Rioleringstelsel

Het rioleringsplan gaat uit van de volgende uitgangspunten: 1.

De riolering is ontworpen als een gescheiden stelsel.

2.

Voor het plangebied is door Sweco een ontwerp opgesteld voor de riolering. Dit ontwerp rioleringsplan is met de gemeente en het Waterschap Hollandse Delta besproken en is vergund in de watervergunning.

3.

DWA: aansluiten op het stelsel nabij de Schenkelweg, middels een drukriool pompput wordt het afgevoerd naar de Damstraat.

4.

HWA: afvoer naar het open water in de haven. Voor de aansluitingen op de haven wordt een uitstroombak aangebracht.

5.

De woningen moeten aansluiten op een door de gemeente op te geven hoogte.

6.

De daken van woningen en de drainage aansluiten op het HWA–hoofdriool. In de bouwrijpfase worden de uitlegger van het HWA en DWA-stelsel gelegd vanaf het hoofdriool tot de erfgrens. De werkzaamheden op de bouwkavels worden uitgevoerd door de ontwikkelaars (zie & 9.5 aansluitingen).

7.

In de woonrijpfase de uitleggers HWA en DWA verder aansluiten op de woningen. Tot aan de erfgrens is voor de gemeente, op eigen terrein voor de ontwikkelaars (zie &9.5.3)

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

24

8.

Door de bouwer wordt voor het HWA stelsel op 0,50 meter binnen de erfgrens een PVC controleput 315 mm met deksel geplaatst. Op deze put zitten twee aansluitingen voor rond 125 mm, één voor HWA van de daken en één voor drainage van de kruipruimtes (beide worden aangesloten door bouwer).

9.

Door de bouwer wordt voor het DWA stelsel binnen de erfgrens een ontstoppingsstuk geplaatst.

10. De woningen krijgen in principe één HWA en één DWA aansluiting op het hoofdriool. Binnen de perceelgrenzen moet aangesloten worden door de bouwer. De bouwer geeft voor het bouwrijpmaken aan waar de HWA en de DWA uit de gevel komt. Indien dit niet tijdig wordt aangegeven dan worden de aansluitingen in het hart van het perceel aangebracht en moet de bouwer hierop aansluiten. 11. De kolken in het openbare gebied krijgen een aparte aansluiting op het HWA riool. 12. Voor de achterpaden wordt één aansluiting van minimaal ø 125 of ø 160 mm op het riool voorzien. De bouwer sluit aan onder toezicht van de directievoerder van de gemeente. 13. De binnenterreinen (parkeren en weg) worden voorzien van een HWA stelsel (PVC ø 315 mm) dat aangesloten wordt op het HWA stelsel in de centrale as. Dimensionering

11.4

De hydraulische berekeningen en uitkomsten voldoen aan de eisen van het Waterschap Hollands Delta en het rioleringsplan. DWA en HWA aansluitingen

11.5 1.

Voor de aansluitingen op het hoofdriool worden PVC-knevelinlaten ø 315/125 of ø 250/125 gebruikt.

2.

Voor de DWA aansluitingen pvc ø 125 mm gebruiken in een bruine kleur, voor de HWA aansluitingen pvc ø 125 mm gebruiken in een grijze kleur.

3.

Ter plaatse van de waterkeringen is een PE leiding aangebracht als gevolg van de eisen van het Waterschap.

4.

De huisaansluitingen op eigen terrein zijn voor kosten en rekening van de ontwikkelaars. Het aansluiten van de riolering moet plaatsvinden onder toezicht van de directievoerder van het projectteam De Elementen. De bouwer moet dit tijdig melden bij de directievoerder van de gemeente.

5.

De riolering gaat uit van het afkoppel principe, dit betekent dat de bouwer HWA (grijs) en DWA (bruin) apart moet aanbieden op het openbare riool. Dakafvoeren en verhard oppervlak moeten aangesloten worden op het HWA stelsel.

6.

De huisaansluitingen van de riolering aan de gevel voorzien van polderstukken om de zettingen op te vangen.

7.

In de bouw mogen geen uitloogbare materialen worden toegepast. Materiaal

11.6 11.6.1 1.

11.6.2 1.

Algemeen:

Alle materialen moeten zijn voorzien van KOMO keur. Buizen:

DWA-riool en HWA-riool tot 315 mm buiten KEUR zone Waterschap Hollandse Delta: PVC, vanaf ø 400 mm beton.

2.

Kwaliteitsklasse PVC SN8.

3.

Binnen KEUR riool in PE of staal, of gelijkwaardig uitvoeren.

4.

Leidingen binnen de KEUR moeten aantoonbaar voldoen aan de NEN 3650 berekeningen.

11.6.3 1.

Putten en kolken:

Prefab betonputten met prefab stroomprofiel, rubberring aansluiting en ingestorte pvc-moffen.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

25

2.

Putranden (voor zwaar verkeer) minimaal 24 cm hoog type TBS 3223 Vepro, voorzien van ontluchtingsgaten en t.b.v. van HWA-riool voorzien van opschrift RW.

3.

Straatkolken type STR - 3713B (2-delig) (TBS).

4.

Trottoirkolken type TRK – 8371 (2-delig) (TBS).

5.

Binnen de KEUR moet voldaan worden aan de NEN 3650.

6.

Voor de drainage afvoer worden waterdichte doorvoeren aangebracht in de damwand, deze nader te detailleren.

7.

De betonnen uitstroombak voor de HWA afvoer, nader te detailleren.

11.6.4

Drainage:

1.

Pvc-putten ø 315 mm voorzien van een polyester bodem en doorspuitstukken.

2.

Drainage: a.

Bouwdrainage ø 80mm omhuld met polypropyleenvezels (450 micron);

b.

Cunetdrainage ø 125 mm en ø 160 mm omhuld met polypropyleenvezels (450 micron);

c.

Ter plaatse van de damwand is een grindkoffer voorzien met drainage ø 160 mm omhult met polypropyleenvezels (700 micron) inclusief doorspuitvoorzieningen.

Het drainagewater loost rechtstreeks op het open water in de haven.

Uitvoering

11.7 11.7.1

Aanleg riolering

1.

Uitvoering dient te geschieden volgens de NPR 3218.

2.

De aanleg dient te geschieden in een zettingsarme zandbaan die voldoet aan de geotechnische berekeningen.

3.

Overstorten en uitstroomconstructies worden voorzien van een fundering.

4.

Rioolstelsel wordt ca. 60 cm uit weerszijden as van de zandbaan aangelegd met een minimale dekking van 1 m.

5.

Tijdens de bouwfase moeten de putdeksels onder de puinverharding niet zichtbaar zijn. Het mangat afdekken met plaat van staal, afmetingen 800 x 800 x 10 mm. De plaat voorzien van nokken. De putdeksels in de asfaltverharding worden zichtbaar en op de goede hoogte afgewerkt.

6.

Stelruimte op rioolput minimaal 0,40 m (2 stuks ringen van 0,25 m)

7.

Putdeksels buiten verharding voorzien van beschermkraag 1.200 x 1.200 mm.

11.7.2

Eisen aan het resultaat

De kwaliteit van de leidingen en de putten is zodanig dat bij inspectie vanuit de leiding conform NEN 3399 – de Nederlandse annex van de Europese norm EN 13508- versie 2004, voor ieder in onderstaande tabel genoemd toestandsaspect de daarbij vermelde klasse niet overschreden wordt. 11.8

Afmetingen van de (hoofd)watergangen

Binnen het plangebied zijn geen watergangen aanwezig, het plangebied ligt “buitendijks” en watert rechtsreeks op de haven in een open verbinding met de Oude Maas. Er worden geen eisen gesteld voor het graven van compenserend water voor de aan te brengen verharding. Het wateroppervlak van de huidige haven is ca 5,5 ha, het wateroppervlak in de nieuwe haven is ca 2,6 ha.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

26

12 Groenvoorziening 12.1

Cultuurtechniek

Voor de groenvoorzieningen wordt een groenbestek opgesteld en aanbesteed. Het groenbestek moet voldoen aan de volgende voorwaarden: 1.

De eisen en voorwaarden voor de bomen waaronder de boomgaten, opbouw en de aanplant moet voldoen aan het “Handboek Bomen 2014”.

2.

De afstand tussen bomen en kabels en leidingen moet minimaal 3 m.

3.

Aan te planten bomen minimale maat 16-18 cm.

4.

Voor de locatie wordt een groen en beplantingsplan opgesteld en vastgesteld.

5.

De bomen worden geleverd in opdracht van de gemeente en ter beschikking gesteld aan de aannemer.

6.

Voor de boomsoorten aan de lage zijde van de kade wordt separaat een advies opgesteld. Deze bomen kunnen onder extreem natte omstandigheden (1x per jaar) volledig onder water komen te staan.

7.

Aanbrengen grasmengsel type SV-7 (5 kg/100 m2) of gelijkwaardig.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

27

13 Overdracht gemeente Nissewaard 13.1

Vooropname gebouwen

Voor aanvang van de heiwerkzaamheden van de gebouwen dienen zowel binnen als buiten het werkterrein de aanwezige gebouwen in opdracht en voor rekening van de ontwikkelaars te worden opgenomen. Deze vooropname moet uitgevoerd worden door een ter zake kundig bureau voor vastleggen van beschadiging en/of gebreken. De verzekeraar bepaalt wat bij de vooropname betrokken dient te worden. De bevindingen dienen in een rapportage en met foto’s vastgelegd te worden bij de notaris. De gemeente zal indien nodig een (voor)opname doen van de openbare wegen, riolering en dergelijke. 13.2

Inspecties riolering na aanleg, overdracht aannemer civiel naar gemeente

1.

Riolering inmeten na aanleg en voor oplevering en overdracht naar de gemeente.

2.

Video-inspectie uitvoeren voor oplevering en overdracht naar gemeente (is tevens nulsituatie voor ingebruikname door ontwikkelaars).

3.

Video-inspectie betreft: maken van video-opnamen vanuit riool, inspectie nieuw riool. Opname van de leiding met behulp van een op afstand bediende t.v. camera, waarbij de beelden bovengronds worden gevolgd op een monitor en worden vastgelegd op een videoband. Leiding gereinigd en buiten bedrijf met uitzondering van huis- en kolkaansluitingen. Kleurenopname en gemaakte foto’s aan te leveren op DVD, inclusief rapportage conform NEN 3399.

4.

Keuze inspectie bedrijf door gemeente.

5.

Indien uit de inspectie blijkt dat er schades aan het riool voorkomen van schadeklassen 2,3,4 en/of 5, dan moeten deze op kosten van de veroorzaker worden hersteld.

6.

Indien er nog geen overdracht naar de gemeente heeft plaatsgevonden blijft de aannemer aansprakelijk voor de kwaliteit.

7.

Er dient een revisie gemaakt te worden, tevens dienen de revisie gegevens verwerkt te worden op een digitale tekening. De digitale tekening dient als een dgn-formaat aangeleverd te worden, welke met Microstation ingelezen kunnen worden.

Bovenstaande punten worden in opdracht en namens de gemeente vastgelegd om een juiste “nul-situatie” te krijgen van de aangelegde riolering. Indien na overdracht van het bouwrijpeterrein schades worden geconstateerd die veroorzaakt zijn door de bouwers, zullen de kosten van herstel in rekening worden gebracht bij de ontwikkelaars. 13.3 1.

Monitoring riolering door ontwikkelaars tijdens de bouw Na het bouwrijp opleveren van het (werk)terrein en het overdragen aan de ontwikkelaars wordt door de gemeente een overdrachtsovereenkomst opgesteld die wordt vastgesteld in de stuurgroep. De overdracht vindt plaats tussen gemeente en ontwikkelaars en wordt vastgelegd in een technisch proces verbaal van overdracht. Tijdens de bouw moeten de ontwikkelaars de riolering regelmatig monitoren.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

28

2.

Er mogen geen ongewenste (bouw)materialen geloosd worden op het riool en/of de kolken. Vervuiling van het riool wordt na schoonmaken verrekend met de veroorzaker. Eerste aanspreekpunt binnen de bouwgrenzen is de hoofdaannemer in de bouw.

Geconstateerde afwijkingen en gebreken worden direct aan het projectteam De Elementen van de gemeente gemeld. Op eerste aanzegging dienen gebreken die een acuut gevaar voor de werking van het stelsel vormen, te worden hersteld.

Indien geconstateerd wordt dat er op een bepaald(e) plaats(en) meerdere beschadigingen vaker voorkomen, dan kan dat reden zijn om in te grijpen. Dit houdt uiteraard wel in dat eerst de oorzaak wordt achterhaald (denk hierbij bijvoorbeeld aan: bemalingswater lozen op riolering waardoor er zand in het stelsel terechtkomt, of restjes cementwater uit de betonmixer die worden geloosd op het rioolstelsel, waardoor er verstopping kunnen optreden). 13.4

Inspecties riolering na oplevering bouwblokken, ontwikkelaars

Nadat de woningen gebouwd zijn, wordt het bouwterrein met een toekomstige openbare bestemming voor het woonrijpmaken door de ontwikkelaars terug geleverd aan de gemeente. Voor deze overdracht moet het volgende worden aangeleverd: 1.

Ontwikkelaars dienen de huisaansluitingen van de riolering binnen de erfgrenzen (digitaal) in te meten. Indien binnen de bouwhekken van het bouwterrein de riolering ernstig vervuild is met zand en bouwafval dan eist de gemeente een video-inspectie uit te voeren voor de oplevering van de bouwblokken en overdracht van het werkgebied naar gemeente. Dit wordt uitgevoerd in opdracht van de gemeente door hetzelfde bedrijf en na overleg met de ontwikkelaars. De kosten van deze opname zijn voor rekening van de ontwikkelaars.

2.

Video-inspectie betreft: maken van video-opnamen vanuit riool, inspectie nieuw riool. Opname van de leiding met behulp van een op afstand bediende t.v. camera, waarbij de beelden bovengronds worden gevolgd op een monitor en worden vastgelegd op een videoband. Leiding gereinigd en buiten bedrijf met uitzondering van huis- en kolkaansluitingen. Kleurenopname en gemaakte foto’s aan te leveren op DVD, inclusief rapportage conform NEN 3399.

3.

Indien uit de inspectie blijkt dat de schaden aan het riool aantoonbaar door de ontwikkelaars zijn veroorzaakt, dan moeten deze op kosten van de ontwikkelaars worden hersteld.

4.

Het terrein moet ontdaan zijn van bouwafval, materiaal en materieel en niet meer worden gebruikt voor zwaar transport en dergelijke.

5.

De bouwer levert een digitale revisietekening aan van alle HWA en DWA huisaansluitingen binnen de erfgrens. Deze wordt bij de oplevering van de woningen aangeleverd aan directievoerder van de gemeente.

Na overdracht en goedkeuring van de situatie wordt het openbare terrein woonrijp gemaakt. De overdracht wordt vastgelegd in een proces verbaal van opname en overdracht. 13.5

Tekeningen

1.

Hoogte maten in meters t.o.v. N.A.P.

2.

Putnummering wordt in overleg met de gemeente bepaald.

3.

Details rioolaansluitingen op een aparte laag tekenen.

Alle tekeningen na afloop reviseren met inmeetgegevens en digitaal en analoog aanbieden. 13.6

Oplevering civiele aannemer aan de gemeente

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

29

1.

Ten behoeve van de oplevering dienen alle revisietekeningen ter toetsing aan de gemeente te worden overlegd, voor zover deze revisietekeningen in dit programma van eisen worden verlangd. Als er in de onderhoudsperiode wijzigingen plaatsvinden, moeten deze wijzigingen op tekening worden verwerkt en aan de gemeente worden aangeboden.

2.

Door de civiele aannemer wordt het einde van het herstel volgens het proces-verbaal van opneming gemeld aan de gemeente, waarna de onderhoudsperiode aanvangt. De onderhoudsperiode van werken bedraagt 6 maanden. Alle gebreken en schades die zich binnen deze onderhoudsperiode voordoen en voor zover door of vanwege de civiele aannemer veroorzaakt, dienen door en op kosten van de civiele aannemer op eerste aanzegging te worden hersteld.

3.

Bij de overdracht behoort een volledig overdrachtsdocument te worden aangeleverd door de civiele aannemer. Dit overdrachtsdocument bevat ten minste de revisietekeningen, certificaten en alle bij de overdracht verlangde documenten conform dit programma van eisen.

4.

Alle documenten ten behoeve van de oplevering en de overdracht moeten digitaal (in een voor de gemeente gebruikelijk uitwisselingsformaat) en op papier worden aangeleverd.

13.7 1.

Straatmeubilair Het plan dient minimaal de volgende zaken te bevatten: verkeersborden, straatnaamborden, bewegwijzeringsborden, wegdekpalen, fietsklemmen en fietstegels, papierbakken, banken, hekjes en verkeersremmende maatregelen.

2.

Voor de verwerking van huisvuil van de toekomstige bewoners voert de gemeente overleg met de afvaldienst (Reinis). In de gemeente Nissewaard wordt met ondergrondse containers gewerkt. De containers worden gefaseerd tijdens het woonrijpmaken geplaatst.

13.8 1.

Brandweer De brandweer moet ten allen tijde bij de hoofdaansluiting van de bebouwing kunnen komen, dmv een vrij aangelegde verharding.

2.

De asbelasting van brandweervoertuigen bedraagt 10 ton, het totaal gewicht 25 ton.

3.

De doorgangshoogte dient minimaal 4,2 meter te zijn.

4.

De rijbaanbreedte dient vrij te zijn van obstakels, minimaal 3,5 meter te zijn met een buitenbochtstraal van 10 meter en een binnenbochtstraal van 5,5 meter (of gelijk buitenbochtstraal verminderd met 4,5 meter).

5.

In de waterleiding worden op door de brandweer aangegeven posities brandkranen geplaatst.

6.

De maximale afstand tussen brandkranen is 80 meter.

Opstelplaats Brandweer; indien sprake is van open water in de nabijheid van de woningen dan moet voor bluswater voldaan worden aan de volgende eisen: 1.

Breedte opstelplaats dient minimaal 4 meter te bedragen, lengte minimaal 10 meter.

2.

Asbelasting 10 ton (totaal gewicht 15 ton).

3.

De afstand water en opstelplaats bedraagt maximaal 8 meter, met een verticale afstand tussen de opstelplaats en waterniveau van maximaal 5 meter.

4. 13.9 1.

Minimale diepte van het open water dient minimaal 0,8 meter te zijn. Openbare verlichting Het verlichtingsplan van de openbare verlichting wordt door CityTec berekend en aangelegd in opdracht van de gemeente Nissewaard.

2.

De armaturen en kleurstelling zijn in het beeldkwaliteitsplan vastgesteld.

13.10 Landmeten

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

30

1.

Wanneer het definitieve matenplan en bouwtekeningen vastgesteld zijn, wordt er door de gemeente Nissewaard per bouwplan rooilijnen uitgezet. Tevens worden er éénmalig hoogtematen afgegeven in meters t.o.v. N.A.P.

2.

Door de gemeente wordt een vloerpeil-hoogte afgegeven, welke eenmalig wordt uitgezet.

3.

Wanneer het bouwplan opgeleverd is, wordt de topografie door de gemeente ingemeten.

4.

Coördinatie van het uitzetwerk is via het projectteam De Elementen.

13.11 Kunstwerken De dimensionering van duikers, bruggen en dergelijke moet worden afgestemd op een hydraulische berekening van de doorvoer en op eisen aan onderhoud en beheer conform regelgeving van het Waterschap Hollandse Delta. 13.12 Verkeersvoorzieningen 1.

Voor langdurige verkeersmaatregelen (meer dan 6 maanden) dient door de gemeente een verkeersbesluit te worden genomen. De gemeente voert overleg met onder andere de politie, brandweer en andere hulpdiensten over de verkeersmaatregelen en stelt de bevolking en openbaar vervoer bedrijven op de hoogte. De reguliere procedure duurt (zonder bezwaren) 10 weken. De verkeersbesluiten, voor de tijdens de bouw van de wooncomplexen benodigde tijdelijke verkeersmaatregelen, zullen door de gemeente op kosten van de ontwikkelaars worden uitgevoerd.

2.

Ten aanzien van tijdelijke verkeersmaatregelen dient een week (in geval van busroutes twee weken) van tevoren een verzoek bij de gemeente ingediend te worden. De gemeente draagt zorg voor het informeren van de belanghebbenden. De opdrachtgever voor de verkeersmaatregelen is verantwoordelijk voor het instandhouden van de tijdelijke verkeersmaatregel.

3.

Verkeersmaatregelen uitvoeren conform CROW publicatie 96-b: maatregelen bij werken in uitvoering op niet-autosnelwegen en wegen binnen de bebouwde kom.

4.

Voor het toepassen van verkeersvoorzieningen wordt als Leidraad de CROW publicatie Aanbevelingen voor verkeersvoorzieningen binnen de bebouwde kom, ASVV 2004 gehanteerd.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

31

14

Projectdossier

Versie/kenmerk

Datum

Def. SWNL-0185493

31-05-2016

Def. R1500727-RH-1

09-06-2015

Def. GM-0164267 rev. 2

01-10-2015

Notitie bouwwegen en elementen

340065

01-10-2015

verharding

GM- 0163258

Waterveiligheidsplan De Haven te Spijkenisse (Sweco) Geotechnisch grondonderzoek De Haven te Spijkenisse (Fugro) Verhardingsonderzoek en advies Veerweg te Spijkenisse

De Haven Ontwateringsplan De Haven

GM-0175643 def. 1

29-03-2016

Rioleringsplan

SWNL-0185087 DO1 (def.)

25-5-2016

Slibdikte onderzoek De Haven (MOS)

R1601452-RH-1

15-06-2016

Geotechnisch en waterbouwkundig advies

SWNL-0188664 (def.)

14-07-2016

Fase 1 (SWECO) Trillingsanalyse (bijlage)

14-07-2016

Bemalingsadvies fase 1

SWNL-0192767 rev. DO2

30-09-2016

Monitoringsplan fase 1

SWNL-0193736 rev. D1

17-10-2016

Sterkteberekeningen riolering (notitie)

SWNL-0193973 D1

25-10-2016

Kadeconstructies – berekeningen fase 1

IOB 140881C01 def. (DO)

17-6-2016

Protocol aanbrengen (hei)palen nabij

IOB 160837R02 def. rev.1

21-7-2017

streng- en groutankers in de deelgebieden A-B en D In het projectdossier zijn de bovenstaande genoemde documenten opgenomen. Deze documenten zijn van toepassing op het plan De Haven te Spijkenisse. De documenten zijn digitaal beschikbaar.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

32

Bijlage A Stedenbouwkundige plan

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

33

Bijlage B Bodemgeschiktheidsverklaring De Haven

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

34

Bodemgeschiktheid De Haven, De Elementen Gemeente Nissewaard d.d. 1-02-2017 1.

Inleiding

Binnen het plangebied ‘De Haven’ te Spijkenisse wordt een woonwijk ontwikkeld. Bij het bouw- en woonrijp maken van deze woonwijk zal veel grondverzet plaatsvinden. Zo is voorzien in het deels dempen van de bestaande haven, maar ook in het graven van nieuwe havenkommen. Het totale plangebied wordt gefaseerd ontwikkeld. Het eerste deelgebied wordt in 2017 bouwrijp opgeleverd zodat vanaf medio 2017 gebouwd kan worden. Ten behoeve van de overdracht van de bouwrijpe grond aan de ontwikkelaars wordt in de onderhavige memo de milieu hygiënische kwaliteit van de bodem binnen het plangebied beschreven. 2.

Gebruikshistorie

Het plangebied had tot begin jaren ’60 een agrarische bestemming. Het terreindeel tussen de haven en de Elementenweg (bekend als baggerspecieloswal nr. 140) is tussen 1964 en 1965 opgespoten met baggerspecie afkomstig uit de Rotterdamse havens en afgewerkt met grond vrijgekomen bij de verbreding van de oude haven. Daarna is een begin gemaakt met de inrichting van het gebied als bedrijventerrein. De afgelopen jaren is dit bedrijventerrein in fases volledig ontmanteld. 3.

Bodemonderzoek en -sanering

In het kader van de ontmanteling van het bedrijfsterrein is gebied dekkend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd. Dit onderzoek is gefaseerd (in samenloop met de ontmanteling) uitgevoerd conform de geldende wettelijke normen en richtlijnen NEN 5725, NEN 5740 en NTA 5755. Op basis van de resultaten van deze onderzoeken zijn op een aantal plaatsen verontreinigde spots aangetroffen en gesaneerd. De uitvoering van deze bodemsaneringen is vastgelegd in evaluatierapporten, welke door het bevoegde gezag (DCMR Milieudienst Rijnmond) zijn goedgekeurd. Naast het voorgenoemde reguliere bodemonderzoek is, in nauw overleg met het bevoegde gezag (DCMR Milieudienst Rijnmond), ook specifiek onderzoek gedaan naar de opgespoten baggerspecie. Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat in de baggerspecie aanwezige stoffen in bijzondere situaties kunnen leiden tot geuroverlast. Om eventuele geurhinder in te bouwen woningen te voorkomen, heeft de DCMR Milieudienst Rijnmond voorgeschreven dat onder de woningen een afgesloten kruipruimte moet worden aangebracht. Een en ander volgens de eisen als beschreven in het hiertoe opgestelde plan van aanpak geuroverlast. Voor een overzicht van de in het kader van bodemonderzoek en –sanering opgestelde documenten wordt verwezen naar bijgevoegde referentielijst.

Civiel Technisch Programma van Eisen bouw- en woonrijpmaken De Haven

versie: def

35

4.

Aanwezige milieu hygiënische bodemkwaliteit

Op basis van voorgenoemde bodemonderzoeken is de gemiddelde aanwezige milieu hygiënische bodemkwaliteit binnen het plangebied bepaald. Deze aanwezige bodemkwaliteit (de ‘liggende’ bodem) is weergegeven op de zogenaamde ontgravingskaart, welke is opgenomen in de voor het plangebied ‘De Elementen’ opgestelde Bodemkwaliteitskaart [4]. De Bodemkwaliteitskaart voor het totale plangebied De Elementen is in juli 2016 door de raad vastgesteld. De gemeente draagt zorg voor het bouwrijp maken van het plangebied. Een en ander binnen het kader van de eisen als beschreven in de Bodemkwaliteitskaart [4] en het plan van aanpak ten aanzien van geuroverlast [3]. In aanvulling op deze eisen worden toekomstige achtertuinen afgedekt met een 1 meter dikke “leeflaag” van aan te voeren schone grond. 5.

Bodemgeschiktheid

Op basis van de inventarisatie van beschikbare gegevens wordt geconcludeerd dat er door de overheid vanuit milieu hygiënisch oogpunt gezien (Wet bodembescherming) geen beperkingen gesteld worden aan het gebruik van het plangebied voor woningbouw. Er is daarom geen bezwaar tegen de afgifte van een omgevingsvergunning. Een en ander binnen het kader van het Besluit bodemkwaliteit en blijvend geschikt voor de functie “wonen met tuin”. Ten aanzien van de bodemgeschiktheid dienen bij de bouw de volgende aspecten in ogenschouw te worden genomen: •

Onder toekomstige bebouwing dient een afgesloten kruipruimte te worden aangebracht;

•

De in de tuinen aangebrachte schone “leeflaag” van 1 meter moet in stand worden gehouden.

Referentielijst [1] Nader bodemonderzoek voormalig terrein Elementenweg 28 te Spijkenisse, PJ Milieu BV, kenmerk 1511802B, d.d. 12 september 2016; [2]

Verkennend en nader bodemonderzoek voormalig terrein Dyckerhof Basal Betonmortel B.V. Elementenweg 28 te Spijkenisse, PJ Milieu BV, kenmerk 1551002B, d.d. 22 juli 2016;

[3]

Plan van aanpak geuroverlast plangebied ‘De Haven’ te Spijkenisse, Sweco Nederland B.V., kenmerk SWNL-0185442, d.d. 31 mei 2016

[4]

Bodemkwaliteitskaart en Nota Bodembeheer 2016-2021 Plangebied 'De Elementen' te Spijkenisse, Grontmij Nederland B.V., kenmerk GM-0181450, d.d. 30 maart 2016;

[5]

Nader bodemonderzoek Veerweg Spijkenisse, PJ Milieu BV te Nijkerk, project 1532502B, d.d. 4 februari 2016;

[6]

Verkennend en nader bodemonderzoek Elementenweg 10-12 Spijkenisse, PJ Milieu BV te Nijkerk, project 0940002A, d.d. 1 februari 2016;

[7]

Verkennend bodemonderzoek Voormalige opslaglocatie Herrewijnen Heiwerk, PJ Milieu BV te Nijkerk, project 1532401A, d.d. 8 september 2015;

[8] [9] [10] [11]

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10632611/1