Overeenkomst doordecentralisatie Aloysius incl bijlagen
Tekst van het document
OVEREENKOMST DOORDECENTRALISATIE ONDERWIJSHUISVESTING ALOYSIUS Versie: 10 januari 2025
Ondergetekenden: 1. De publiekrechtelijke rechtspersoon Gemeente Nijmegen, zetelende te Nijmegen, kantoor houdend op het adres Korte Nieuwstraat 6 te Nijmegen ten deze op grond van artikel 171 van de Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw G. Visser, wethouder wonen, zorg, onderwijs, vluchtelingenopvang, handelende ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouder en de burgemeester van de gemeente Nijmegen, d.d. 21 januari 2025, nr.
, hierna ook te noemen: ‘de gemeente’.
en 2. de Aloysius Stichting, statutair gevestigd te Voorhout, kantoor houdend op het adres Leidsevaart 2, 2215 RE te Voorhout, ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar bestuurder, de heer J. van Triest; handelend als bevoegd gezag van de onderwijsinstelling; hierna ook te noemen: ‘het bevoegd gezag’. Partijen 1 en 2 hierna ook gezamenlijk aan te duiden als: partijen. Nemen het volgende in overweging: A. Het bevoegd gezag biedt voortgezet speciaal onderwijs aan leerlingen in de leeftijd van 12 t/m 27 jaar met specifieke onderwijs-, opvoedings- en opgroeibehoeften. Op dit moment geeft het bevoegd gezag onderwijs op de locaties Park Neerbosch (Scherpenkampweg 20), Aventurijn (Hatertseweg 400) en Het Kwartier (Berg en Dalseweg 287). Deze overeenkomst heeft betrekking op de locaties Park Neerbosch en Aventurijn (Hatertseweg 400). De locatie Het Kwartier wordt buiten beschouwing gelaten, omdat de bekostiging van deze leerlingen via het ministerie van Justitie plaatsvindt. B. Het bevoegd gezag heeft haar onderwijsvisie vastgelegd.
In het visiedocument van het bevoegd gezag wordt de kwaliteit van het onderwijs bezien vanuit de drie kernfuncties van het onderwijs, te weten kwalificatie, socialisatie en subjectivering met als doel de leerlingen voor te bereiden op een betekenisvol bestaan, als autonoom, uniek persoon die relaties kan aangaan en onderhouden, zijn talenten ontplooit en die actief meedoet in onderwijs, werk en vrije tijd, in onze steeds veranderende samenleving. Inclusiviteit speelt hierbij een belangrijke rol. De onderwijshuisvesting moet bijdragen aan realisatie van deze visie en daarom midden in de complexe samenleving Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
1
staan. Partijen onderkennen het belang van het visiedocument voor de invulling van de huisvesting van de scholen van het bevoegd gezag in de gemeente. C. De gemeente draagt ingevolge het bepaalde in artikel 91 van de Wet op het Primair Onderwijs, artikel 6.1 van de Wet Voortgezet Onderwijs 2020 en artikel 89 van de Wet op de Expertisecentra de zorg voor de huisvesting van onderwijsinstellingen op haar grondgebied. Ter vervulling van deze taak ontvangt de gemeente van het rijk een uitkering die is opgenomen in de algemene uitkering uit het Gemeentefonds. D. De gemeente heeft ingevolge het bepaalde in artikel 111 van de Wet op het Primair Onderwijs, artikel 6.21 van de Wet Voortgezet Onderwijs 2020 en artikel 109 van de Wet op de Expertisecentra de mogelijkheid om overeenkomsten te sluiten met schoolbesturen (bevoegde gezagen) die er toe strekken dat de gemeente jaarlijks een bedrag voor huisvestingskosten betaalt aan het bevoegd gezag en dat dat bevoegd gezag zelf zorg draagt voor de huisvesting van de eigen onderwijsinstelling(en). Dit wordt aangeduid als doordecentralisatie. E. Met doordecentralisatie wordt gestreefd naar het verbeteren van de onderwijshuisvesting in Nijmegen door een hogere en efficiëntere inzet van middelen daarvoor en door het bevorderen van de creativiteit van de bevoegde gezagen.
Doordecentralisatie, als hiervoor in overweging D bedoeld, wordt gezien als passend middel om dit streven te verwezenlijken. Doordecentralisatie wordt als middel gezien om de financiële zekerheid van de bevoegde gezagen op langere termijn te vergroten en als middel om te bewerkstelligen dat alle bestaande schoolgebouwen binnen een termijn van 40 jaar ofwel worden vervangen door nieuwbouw, ofwel grondig worden gerenoveerd. F. De gemeente heeft in december 2007, met een groot aantal van de bevoegde gezagen van de binnen de gemeentegrenzen gevestigde onderwijsinstellingen voor SO, BO en VO-onderwijs, besloten tot doordecentralisatie over te gaan en heeft daartoe doordecentralisatieovereenkomsten gesloten met de verschillende bevoegde gezagen. In 2013 heeft er een evaluatie plaatsgevonden. Partijen hebben vervolgens overeenstemming bereikt over aanvullingen en wijzigingen en hebben de afspraken vastgelegd in de geconsolideerde doordecentralisatie overeenkomst. Als Bijlage 1 aan deze overeenkomst zijn de bijlagen van de in 2016 geconsolideerde doordecentralisatie-overeenkomst tussen de gemeente en de bevoegde gezagen gehecht. In 2023 heeft er een tweede evaluatie plaatsgevonden. Partijen hebben vervolgens overeenstemming bereikt over aanvullingen en wijzigingen en hebben de afspraken vastgelegd in een addendum op de geconsolideerde doordecentralisatie overeenkomst.
Als bijlage 2 aan deze overeenkomst is de versie van het addendum tussen de gemeente en de bevoegde gezagen in Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
2
2023 gehecht. Deze geconsolideerde doordecentralisatie overeenkomst met het addendum vormt de basis voor partijen bij het sluiten van een definitieve doordecentralisatie overeenkomst als hierna bedoeld, met dien verstande dat partijen maatwerkafspraken zullen maken die aanvullend kunnen zijn c.q. kunnen afwijken van de geconsolideerde doorcentralisatie overeenkomst uit 2016 (zie ook overweging I). G. In het verlengde van de doordecentralisatie hebben de destijds betrokken bevoegde gezagen zich bereid verklaard in gesprek te gaan om prestaties op onderwijsgebied te verbeteren in relatie tot maatschappelijke ontwikkelingen. Daarover zijn afzonderlijke afspraken gemaakt die zijn vastgelegd in een Convenant prestatieafspraken onderwijs. Dit convenant maakt onderdeel uit van de definitieve doordecentralisatie overeenkomst (bijlage 3). H. Met de voorgangers van het bevoegd gezag is bij de totstandkoming van de doordecentralisatieovereenkomsten in 2007 geen overeenstemming bereikt met betrekking tot doordecentralisatie. Door het bevoegd gezag is de intentie uitgesproken tot overeenstemming te komen over doordecentralisatie in combinatie met de gewenste renovatie van de Aventurijn. I.
Partijen wensen op basis van hetgeen is vastgelegd in de geconsolideerde doorcentralisatie overeenkomst nadere maatwerkafspraken met elkaar te maken over doorcentralisatie. De maatwerkafspraken worden vastgelegd in een afzonderlijke maatwerkovereenkomst tussen partijen voor de doordecentralisatie (bijlage 5).
J.
Na de overname van de in overweging A genoemde drie scholen door het bevoegd gezag, zijn partijen in overleg gegaan over de locaties Aventurijn aan de Hatertseweg 400 en de locatie Park Neerbosch aan de Scherpenkampweg 20. Nieuwbouw óf grootschalige renovatie voor de locatie Aventurijn én de sporthal op Park Neerbosch is op korte termijn noodzakelijk. De huidige staat van de locatie Aventurijn leidt tot onverantwoord hoge energie- en onderhoudskosten voor het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag heeft aangegeven sterke voorkeur te hebben voor renovatie van de locatie Aventurijn. Het haalbaarheidsonderzoek "Van verouderd schoolgebouw naar toekomstbestendige leeromgeving voor ontmoeting en verbinding" van D/Dock d.d. 25-7-2022 heeft aangetoond dat dit een optie is. Op basis van een risico-inventarisatie, genaamd “risicoprofiel bouwheerschap renovatie Aventurijn Nijmegen” d.d. 1 juni 2023 is gezamenlijk een projectplan “Renovatie de Aventurijn Nijmegen 4 e concept” d.d. 14 november 2023 vastgesteld voor de renovatie van de locatie Aventurijn. Bij het uitvoeren van dit projectplan tot en met Voorlopig Ontwerp zijn geen verdere belemmeringen naar boven gekomen.
K. Partijen hebben afgesproken de locatie Aventurijn en de locatie Park Neerbosch van Aloysius door te decentraliseren uitgezonderd de sportvoorziening op Park Neerbosch. Uitgangspunt bij de Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
3
doordecentralisatie is dat de locatie Aventurijn (250 leerlingen) aan de Hatertseweg 400 wordt gerenoveerd voor 40 jaar en dat de locatie Park Neerbosch (200 leerlingen) in de huidige staat wordt overgedragen.
komen het volgende overeen: Artikel 1 Definities In deze overeenkomst wordt verstaan onder: 1.1
normatieve verdelingsmodel: hoofdstuk 1, pagina 9 t/m 13 van bijlage 2 bij het document ‘Eindrapportage Werkgroep Normatieve Doordecentralisatie’ gedateerd 15 juni 2005 (bijlage 7).
1.2
onttrekking aan de onderwijsbestemming: het door het bevoegd gezag genomen besluit tot en de feitelijke algehele beëindiging van het gebruik van een onroerende zaak ten diensten van de huisvesting van (een van de) onderwijsinstellingen die ressorteren onder het betreffende bevoegd gezag waardoor deze vrijkomt.
Artikel 2 Overgang verantwoordelijkheid onderwijshuisvesting 2.1
Het bevoegd gezag verplicht zich met ingang van 31-1-2025 (bij de grondoverdracht) volledig zorg te dragen voor de huisvesting van de onder het bevoegd gezag ressorterende onderwijsinstellingen. Het gaat om de navolgende onderwijsinstelling: Stichting Aloysius.
2.2
De in artikel 2.1 bedoelde verantwoordelijkheid voor de huisvesting omvat: •
de reeds op grond van de Wet op het primair onderwijs, de Wet voortgezet onderwijs 2020 en de Wet op de expertisecentra op het betreffende bevoegd gezag rustende verantwoordelijkheden voor de huisvesting, en
•
de bij deze overeenkomst aan het betreffende bevoegd gezag op grond van artikel 111 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 6.21 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en artikel 109 van de Wet op de expertisecentra overgedragen verantwoordelijkheden als bedoeld in respectievelijk artikel 92 van de Wet op het primair onderwijs, artikel 6.2 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 en artikel 90 van de Wet op de expertisecentra. Alles met inachtneming van het in deze overeenkomst bepaalde.
Artikel 3 Eigendomsoverdracht terreinen en gebouwen en afstand van rechten, waaronder economisch claimrecht 3.1
Bij de onderwijsinstellingen die ressorteren onder het bevoegd gezag zijn de navolgende gebouwen en terreinen in gebruik
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
4
Kad Gemeent e HTT02
School
Adres
Aventurijn
Hatertseweg 400
Park Neerbosch
Scherpenkampweg 20 NBH00
Kad. Sectie D
Perceelnr.
Opp.
2066
K
3642
14040 gedee 7835
Deze gebouwen en terreinen zijn nader aangeduid op de situatietekening(en) die als bijlage 4 aan deze overeenkomst zijn gehecht en daarvan deel uitmaken. 3.2
De gemeente draagt met ingang van 31-1-2025, of zoveel later als partijen nader overeenkomen, de eigendomsrechten op de terreinen en gebouwen als bedoeld in artikel 3.1, voor zover deze bij de gemeente berusten, ten titel van verkoop over aan het bevoegd gezag. Verder doet de gemeente met ingang van 31-1-2025, of zoveel later als partijen nader overeenkomen, ook voor zover de eigendomsrechten op de terreinen en gebouwen als bedoeld in artikel 3.1 niet bij de gemeente berusten, onherroepelijk en tevens bij voorbaat voor nog te verwerven terreinen en gebouwen, afstand van de rechten die voortvloeien uit de volgende wettelijke bepalingen: hoofdstuk 6 van de Wet voortgezet onderwijs 2020, afdeling 3 van titel IV van de Wet op de expertisecentra en hoofdstuk I afdeling 3 van de Wet op het primair onderwijs, waaronder het uit die afdelingen voortvloeiende zogenaamde economisch claimrecht. De terreinen en gebouwen zullen worden overgedragen in de staat waarin zij zich alsdan bevinden, inclusief alle op de terreinen aanwezige werken, zoals verhardingen, erfafscheidingen, beplantingen, bergingen, fietsenstallingen, parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, buizen en leidingen en installaties ten behoeve van de nutsvoorzieningen, en komen vanaf de overdracht geheel voor rekening en risico van het bevoegd gezag.
Indien de in het voorgaande bedoelde overdracht en afstand worden geëffectueerd op een latere datum dan 31-1-2025 is het bevoegd gezag aan de gemeente de wettelijke rente verschuldigd over de periode van 31-1-2025 tot aan de dag dat de overdracht en afstand worden geëffectueerd. Deze rentevergoeding wordt berekend over de ingevolge artikel 3.3 door het bevoegd gezag aan de gemeente te betalen koopprijs dan wel vergoeding.
3.3
De koopprijs dan wel de vergoeding voor de hiervoor bedoelde afstand, die het bevoegd gezag aan de gemeente zal voldoen, zal tussen partijen nader overeengekomen worden en zal gelijk zijn aan de boekwaarde per 31-1-2025 zijnde € 6.406.384,00 (Hatertseweg 400: €3.800.000,00 en Scherpenkampweg 20: € 2.606.384,00). De kosten van de eigendomsoverdracht, de afstand en de eventueel ter zake verschuldigde belastingen zijn voor rekening gekomen van het bevoegd gezag. De akte van levering dan wel de akte van afstand zal worden verleden ten overstaan van een notaris ter keuze van het bevoegd gezag en wel uiterlijk op 31-1-2025.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
5
Artikel 4 Gronduitgifte 4.1
In afwijking van het bepaalde in artikel 2.2 blijft de gemeente verantwoordelijk voor de onderwijshuisvesting voor zover voor de realisering daarvan het bevoegd gezag (bouw)grond nodig heeft. De door de gemeente te hanteren gronduitgifteprijs bedraagt per 1 januari 2008 € 150,00 per m², dan wel (indien dat meer is) € 150,00 per m² brutovloeroppervlakte schoolgebouw. De maatstaf bvo voor de gronduitgifteprijs geldt niet voor situaties waarin de gemeente geen voldoende grote locatie (oppervlakte) kan leveren ten behoeve van nieuwbouw. De grond zal voor dat bedrag technisch en juridisch bouw- en woonrijp worden gemaakt door de gemeente. Het bevoegd gezag zal geen andere bijdrage dan de grondprijs verschuldigd zijn. De grondprijs zal worden verhoogd met de ter zake verschuldigde belastingen, zomede jaarlijks met de index bedoeld in artikel 7.6 en toegepast als omschreven in artikel 7.4. Partijen zullen per geval nadere afspraken maken met de strekking om de belastingdruk voor de bevoegde gezagen zo laag mogelijk te houden, mits dat voor de gemeente geen nadelen heeft.
4.2
Indien en voor zover in de bouwplannen van het bevoegd gezag zuiver commerciële functies zijn inbegrepen zal, voor het vloeroppervlak toe te rekenen aan die commerciële functies, de alsdan geldende marktconforme grondprijs overeenkomstig het gronduitgiftebeleid van de gemeente worden gehanteerd.
Artikel 5 Voorkeursrecht 5.1
Hierbij verleent het bevoegde gezag voor de duur van deze overeenkomst aan de gemeente een voorkeursrecht van koop ten aanzien van alle terreinen en gebouwen bedoeld in artikel 3.1 van deze overeenkomst en voorts onherroepelijk en tevens bij voorbaat ten aanzien van alle terreinen en gebouwen die het bevoegd gezag overigens gedurende de looptijd van deze overeenkomst toevoegt aan de onderwijsbestemming en daartoe in eigendom verwerft. Voor deze nieuw te verwerven terreinen en gebouwen geldt het volgende. De nieuw te verwerven terreinen en gebouwen met hoofdzakelijk een onderwijsfunctie vallen altijd onder het voorkeursrecht. Andere nieuw te verwerven terreinen en gebouwen vallen alleen onder het voorkeursrecht als dat voorafgaand aan de verwerving uitdrukkelijk schriftelijk is overeengekomen tussen de gemeente en het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag is verplicht daartoe de gemeente tijdig te informeren over een voorgenomen verwerving. De gemeente kan dit voorkeursrecht van koop uitoefenen ten aanzien van terreinen en gebouwen waarbij sprake is van onttrekking aan de onderwijsbestemming door het bevoegd gezag.
5.2
Bij een voorgenomen onttrekking aan de onderwijsbestemming van enig gebouw of terrein dient het bevoegd gezag de gemeente daarvan onverwijld per aangetekend schrijven op de hoogte te stellen.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
6
5.3
Als de gemeente gebruik wenst te maken van haar voorkeursrecht, dient zij binnen drie maanden na ontvangst van het aangetekend schrijven daarvan mededeling te doen aan het bevoegd gezag, eveneens per aangetekend schrijven.
5.4
Daarna zullen de gemeente en het bevoegd gezag binnen drie maanden volledige medewerking verlenen aan eigendomsoverdracht. De door de gemeente te betalen koopprijs bedraagt de alsdan geldende WOZ-waarde van de betreffende terreinen respectievelijk gebouwen, in voorkomend geval verhoogd met een nader tussen partijen overeen te komen bedrag. Bij de bepaling van het verhogingsbedrag zal mede acht worden geslagen op: •
het mogelijk te behalen rendement uit herontwikkeling van de over te dragen gronden;
•
de door het bevoegd gezag in verband met adequate herhuisvesting benodigd geachte opbrengst;
•
het gegeven dat de gemeente gedurende de looptijd van deze overeenkomst (potentieel) verliesgevende aankopen dient te kunnen compenseren met (potentieel) renderende aankopen.
•
Als partijen na serieus en constructief overleg geen overeenstemming bereiken over het verhogingsbedrag, dan heeft het bevoegd gezag de keuze om hetzij af te zien van de voorgenomen onttrekking aan de onderwijsbestemming, hetzij de betreffende terreinen en gebouwen aan de gemeente over te dragen tegen de laatstelijk door de gemeente geboden koopprijs, die minimaal de geldende WOZ-waarde bedraagt.
5.5
De kosten van de eigendomsoverdracht en de ter zake verschuldigde belastingen komen voor rekening van de gemeente. Het bevoegd gezag is gehouden de betreffende onroerende zaken te leveren in de feitelijke staat waarin deze zich alsdan bevinden, vrij van gebruik en ontruimd.
5.6
Als de gemeente niet binnen drie maanden na ontvangst van het aangetekend schrijven mededeling heeft gedaan als hiervoor in artikel 5.3 bedoeld, vervalt het voorkeursrecht van koop ten aanzien van het betreffende terrein respectievelijk gebouw en staat het het bevoegde gezag gedurende een periode van 12 maanden vrij om tot vervreemding aan enige derde over te gaan zonder dat het voorkeursrecht aan deze derde hoeft te worden opgelegd. Evenzo staat het de onderwijsinstelling dan vrij om toepassing te geven aan het hierna in artikel 6 bepaalde en nakoming te vorderen van de op de gemeente rustende aankoopplicht.
5.7
Indien in de in artikel 5.6 genoemde periode van 12 maanden geen vervreemding plaatsvindt, herleeft het voorkeursrecht van de gemeente met onmiddellijke ingang op de dag na het verstrijken van die periode van 12 maanden.
5.8
Het voorkeursrecht zal door middel van de in artikel 3.3 bedoelde akte worden ingeschreven, dan wel, bij nieuw te verwerven terreinen en gebouwen als bedoeld in artikel 5.1, in een akte aansluitend op de akte waarbij de betreffende onroerende zaak aan het bevoegd gezag in eigendom wordt overgedragen en geleverd.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
7
Artikel 6 Aankoopplicht 6.1
Met ingang van 1-2-2025 rust op de gemeente een aankoopplicht ten aanzien van alle terreinen en gebouwen als bedoeld in artikel 3.1 en voorts ten aanzien van alle terreinen en gebouwen die het bevoegd gezag overigens gedurende de looptijd van deze overeenkomst toevoegt aan de onderwijsbestemming en daartoe in eigendom verwerft. De gemeente aanvaardt deze verplichting onherroepelijk en bij voorbaat. Voor deze nieuw te verwerven terreinen en gebouwen geldt het volgende. De nieuw te verwerven terreinen en gebouwen met hoofdzakelijk een onderwijsfunctie vallen altijd onder de aankoopplicht. Andere nieuw te verwerven terreinen en gebouwen vallen alleen onder de aankoopplicht als dat voorafgaand aan de verwerving uitdrukkelijk schriftelijk is overeengekomen tussen de gemeente en het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag is verplicht daartoe de gemeente tijdig te informeren over een voorgenomen verwerving.
6.2
Het bevoegd gezag kan aanspraak maken op nakoming van deze aankoopverplichting ten aanzien van terreinen en gebouwen waarbij sprake is van voorgenomen onttrekking aan de onderwijsbestemming en wel door de gemeente per aangetekend schrijven daarvan op de hoogte te stellen.
6.3
Daarna zullen de gemeente en het desbetreffende bevoegde gezag binnen drie maanden volledige medewerking verlenen aan eigendomsoverdracht. De door de gemeente te betalen koopprijs bedraagt de alsdan geldende WOZ-waarde van de betreffende terreinen respectievelijk gebouwen. De kosten van de eigendomsoverdracht en de ter zake verschuldigde belastingen komen voor rekening van de gemeente. Het bevoegd gezag is gehouden de betreffende onroerende zaken te leveren in de feitelijke staat waarin deze zich alsdan bevinden, vrij van gebruik en ontruimd.
6.4
Deze aankoopplicht zal door middel van de in artikel 3.3 bedoelde akte worden ingeschreven, dan wel, bij nieuw te verwerven terreinen en gebouwen als bedoeld in artikel 5.1, in een akte aansluitend op de akte waarbij de betreffende onroerende zaak aan het bevoegd gezag in eigendom wordt overgedragen en geleverd.
6.5
Bij terug te leveren panden, die opnieuw gebruikt zullen worden geldt een onderhoudsconditie conform NEN 2767 met conditiescore 5 en dat alle wettelijke keuringen voor het lopende kalenderjaar zijn uitgevoerd.
Artikel 7 Beschikbaarstelling middelen 7.1
De gemeente stelt jaarlijks een budget beschikbaar waarmee het bevoegd gezag de in artikel 2 bedoelde verantwoordelijkheid moeten effectueren. Voor het bevoegd gezag dat partij is bij deze overeenkomst bedraagt het budget voor het jaar 2024 € 581.123,09, prijspeil 1-1-2024, alsmede gebaseerd op het (voorlopige) leerlingenaantal (461) per 1 oktober 2023.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
8
7.2
Het totale budget wordt onder de onderwijsinstellingen verdeeld overeenkomstig het normatieve verdelingsmodel dat als bijlage aan deze overeenkomst is gehecht (bijlage 7) en daarvan deel uitmaakt en dat de instemming heeft van partijen. Dit normatieve verdelingsmodel verdeelt het budget op basis van het feitelijke aantal leerlingen dat op Nijmeegs grondgebied onderwijs volgt aan de onderwijsinstellingen die vallen onder het betreffende bevoegd gezag en op basis van het normatief aantal vierkante meters vloeroppervlak dat daarvoor staat.
7.3
Binnen het normatieve verdelingsmodel gelden de VNG-huisvestingsnormen als basis voor de verdeling van middelen. Daarbij geldt dat de verdelingen tussen de verschillende onderwijssectoren conform het normatieve verdelingsmodel plaatsvindt. Op basis van de leerlingenaantallen per 1 oktober 2006 wordt het normatieve vloeroppervlak voor de gezamenlijke schoolbesturen bepaald. Het budget wordt vervolgens herleid tot normbedragen per vierkante meter die in de plaats komen van de bedragen genoemd in de eindrapportage ‘werkgroep normatieve doordecentralisatie’ van 15 juni 2005.
7.4
De normbedragen per vierkante meter worden met ingang van 1-1-2008 jaarlijks geïndexeerd. De index voor jaar t is gelijk aan (het prijsindexcijfer dat geldt op 1 oktober van het jaar t –1) gedeeld door (het prijsindexcijfer dat geldt op 1 oktober van het jaar t–2).
7.5
De vergoeding in jaar t is gelijk aan het product van (het genormeerde aantal vierkante meters op basis van het aantal leerlingen op 1 oktober van het jaar t–1) en (het bedrag per vierkante meter dat bij aanvang is vastgesteld en daarna geïndexeerd).
7.6
Als index voor het normatief verdelingsmodel geldt de CBS-index voor de gezinsconsumptie van alle huishoudens (exclusief belasting).
7.7
Betaling van het normatieve vergoedingsbedrag aan het bevoegd gezag vindt maandelijks, per de 15de van de maand plaats in twaalf gelijke termijnen, door overmaking op een daartoe schriftelijk door het bevoegd gezag aangewezen bank- of girorekeningnummer. Bij gebreke van tijdige betaling van de geraamde maandelijkse vergoeding is de gemeente aan het bevoegd gezag een rentevergoeding verschuldigd ter hoogte van de wettelijke rente over de periode van de 15e van de maand tot aan de dag van betaling.
7.8
Toevoegingen ten behoeve van onderwijshuisvesting door het rijk aan het gemeentefonds met een specifiek doel of doelgroep komen uitsluitend ten goede aan de desbetreffende bevoegde gezagen. Over de verdeling van die toevoegingen worden afzonderlijke afspraken gemaakt.
7.9
Bezuinigingen op onderwijshuisvesting door het rijk op het gemeentefonds met een specifiek doel of doelgroep komen uitsluitend ten laste van de desbetreffende bevoegde gezagen. Over de verdeling van die bezuinigingen over de desbetreffende bevoegde gezagen worden afzonderlijke afspraken gemaakt. De ingevolge dit artikel 7 te betalen vergoeding is de enige vergoeding waarop het bevoegd gezag jegens de gemeente aanspraak kan maken ter zake van de huisvesting van de onderwijsinstellingen. Het bevoegd gezag heeft gedurende de
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
9
looptijd van deze overeenkomst en zo lang de gemeente aan haar daaruit voortvloeiende verplichtingen voldoet geen aanspraak meer op enige vergoeding op basis van de gemeentelijke verordening huisvestingsvoorzieningen onderwijs. Artikel 8 Nieuwbouw en Renovatie 8.1
Het ingevolge artikel 7 door de gemeente ter beschikking te stellen budget strekt tevens tot het treffen van een voorziening voor tijdige renovatie van de in artikel 3.1 bedoelde gebouwen en terreinen, dan wel tot vervangende nieuwbouw. In het overleg met de gezamenlijke bevoegde gezagen is overeengekomen dat de gezamenlijke bevoegde gezagen de inspanningsverplichting aanvaarden om binnen een periode van 40 jaar na het tot stand komen van de overeenkomst in 2008 alle schoollocaties te vernieuwen. Deze inspanningsverplichting is gekoppeld aan het totaal aantal locaties van de gezamenlijke bevoegde gezagen ten tijde van het aangaan van de overeenkomst tot doordecentralisatie. Dit wordt gerealiseerd door 55% nieuwbouw op locaties die door de gemeente op grond van artikel 4.1 van de overeenkomst DDC ter beschikking zijn gesteld en 45% renovatie en nieuwbouw op locaties die niet ingevolge artikel 4.1 van de overeenkomst DDC ter beschikking zijn gesteld of door het buiten gebruik stellen van panden als gevolg van krimpende leerlingaantallen.
8.2
Partijen komen overeen dat schoollocaties door alle bevoegde gezagen, partijen genoegzaam bekend, in een gezonde mix worden aangeboden. Het beoogde resultaat is dat de schoolbesturen op onderwijskundige basis beslissingen kunnen nemen omtrent renovatie of nieuwbouw van schoolgebouwen en er een redelijke verhouding ontstaat tussen verlieslatende en opbrengst opleverende locaties.
8.3
De aankoopplicht zoals bepaald in artikel 6 van de overeenkomst DDC wordt hierdoor niet beperkt.
8.4
Het is van belang dat relevante huisvestingsinformatie tijdig beschikbaar is en in een planmatig ingericht jaarlijks bestuurlijk overleg gericht wordt afgestemd. Tijdens het overleg worden de huisvestingsplannen van de schoolbesturen, het overzicht, de onderliggende exploitatieopzet van verliesgevende en opbrengst opleverende locaties en de herontwikkelingslocaties van de gemeente besproken.
Artikel 9 Overleg 9.1
Er vindt tenminste eenmaal per kalenderjaar een bestuurlijk en technisch overleg plaats tussen de gemeente en alle bevoegde gezagen gezamenlijk waarmee een overeenkomst tot doordecentralisatie is gesloten, waarin afspraken tot stand moeten komen omtrent de juiste uitvoering van deze overeenkomst en teneinde de doelstellingen van deze overeenkomst te
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
10
verwezenlijken. Partijen verplichten zich tot een coöperatieve en constructieve opstelling in dat overleg. 9.2
Er vindt ten minste eenmaal per 5 kalenderjaren een bestuurlijk en technisch overleg plaats tussen de gemeente en alle bevoegde gezagen gezamenlijk waarmee een overeenkomst tot doordecentralisatie is gesloten, teneinde de werking van deze overeenkomst en de verwezenlijking van de daarmee beoogde doelstellingen te beoordelen en evalueren, alsmede teneinde, zo nodig, deze overeenkomst met inachtneming van die doelstellingen te wijzigen. In dit overleg worden in ieder geval betrokken de ontwikkelingen op de volgende onderdelen: de prestatieafspraken als bedoeld in het convenant “Convenant prestatieafspraken onderwijs” van juli 2023, rente, grondprijs, WOZ-waarde, indexering, de VNG huisvestingsnormen, de ontwikkeling van het totaal aantal leerlingen (prognoses), de ontwikkeling van het gemeentefonds (onderdeel onderwijshuisvesting) de jaarlijkse vergoeding, wet- en regelgeving, onderwijsbeleid, bouwprijzen, nieuwbouw- en renovatieplanning en de looptijd van de overeenkomst. Ook in dit overleg zullen partijen zich coöperatief en constructief opstellen.
9.3
De volgende evaluatie wordt uitgevoerd in 2027, tenzij majeure ontwikkelingen ten aanzien van de onderdelen genoemd in artikel 9.2 daartoe eerder dwingen. Als aanvullende majeure verandering wordt onder andere gezien een aanzienlijke stijging van de rentestand van het schatkistbankieren (tot een stand hoger dan 4%) en wijziging in de mogelijkheden tot schatkistbankieren bij de Staat.
Artikel 10 Rekening en verantwoording Het bevoegd gezag legt jaarlijks voor 1 juli schriftelijk rekening en verantwoording af aan de gemeente over de besteding van het ingevolge artikel 7 ter beschikking gestelde budget, en wel door middel van het overleggen van het financieel jaarverslag en de bijbehorende accountantsverklaring. Om afspraken als bedoeld in dit artikel te borgen en meetbaar te maken komen partijen overeen dat er een uniforme en transparante verantwoordings- en monitoringssystematiek wordt ontwikkeld, zie hiervoor bijlage 4 van bijlage 1 van de geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie. Artikel 11 Overdracht rechten en verplichtingen 11.1
Overdracht aan derden van de uit deze overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen is slechts mogelijk na voorafgaande schriftelijke instemming van de wederpartij.
11.2
Overdracht van de uit deze overeenkomst voortvloeiende rechten en verplichtingen behoeft echter niet de schriftelijke instemming van de gemeente indien het bevoegd gezag overgaat tot fusie of defusie.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
11
11.3
Bij iedere overdracht van rechten en verplichtingen zal het bevoegd gezag het uit deze overeenkomst voor de gemeente voortvloeiende voorkeursrecht aan haar recht verkrijgende opleggen, onder de bepaling dat bij verdere vervreemding op haar beurt de verkrijger het voorkeursrecht wordt opgelegd, en zo verder. Dit beding zal tezamen met het voorkeursrecht door middel van de in artikel 3.2 bedoelde akte worden ingeschreven.
Artikel 12 Duur van de overeenkomst; beëindiging, wijziging, toetreding 12.1
Deze overeenkomst wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en gaat in per 1-2-2025 en kan niet worden beëindigd, behoudens met wederzijds goedvinden of met toepassing van artikel 12.2 en zulks onverminderd het bepaalde in artikel 6:258 BW en artikel 6:265 BW.
12.2
Deze overeenkomst kan door de gemeente worden opgezegd met onmiddellijke ingang, indien het bevoegd gezag in surseance van betaling of faillissement, al dan niet op eigen aangifte van het bevoegd gezag, komt te verkeren.
12.3
Bij opzegging op grond van artikel 12.2 is het bevoegd gezag verplicht alle reserveringen die zijn gevormd met de ingevolge artikel 7 ter beschikking gestelde middelen onverwijld en volledig aan de gemeente over te dragen en ter beschikking te stellen, onverminderd alle rechten die voor de gemeente overigens voortvloeien uit artikel 6:271 en artikel 6:277 BW.
12.4
Beëindiging van deze overeenkomst laat onverlet: •
dat de gemeente afstand heeft gedaan van de rechten die voortvloeien uit de volgende wettelijke bepalingen: hoofdstuk I van afdeling Ia van titel III van de Wet op het voortgezet onderwijs, afdeling 3 van titel IV van de Wet op de expertisecentra en hoofdstuk I afdeling 3 van de Wet op het primair onderwijs, waaronder het uit die afdelingen voortvloeiende zogenaamde economisch claimrecht;
•
het voorkeursrecht van de gemeente als bedoeld in artikel 5;
•
de aankoopplicht van de gemeente als bedoel in artikel 6
dit alles echter uitsluitend voor zover het betreft de terreinen en gebouwen die ten tijde van de beëindiging van deze overeenkomst in eigendom toebehoren aan het bevoegd gezag. 12.5
Het bij voortduring niet nakomen van de prestatie afspraken uit het convenant zoals bedoeld in artikel 9.2 kan wijziging van de overeenkomst tot gevolg hebben met dien verstande dat daarbij de doelstellingen van de overeenkomst in acht worden genomen.
12.6
Indien een of meerdere artikelen in deze overeenkomst rechtens niet geldig blijken te zijn laat dit de geldigheid van de overige bepalingen uit de overeenkomst onverlet. Partijen zullen zich inspannen om in onderling overleg te komen tot een regeling die zoveel mogelijk recht doet aan de intentie van de partijen.
12.7
Als ingangsdatum voor de structurele vergoeding doordecentralisatie als bedoeld in artikel 7 van de geconsolideerde doordecentralisatie-overeenkomst, die de gemeente aan het bevoegd gezag zal betalen, geldt de datum van grondoverdracht op basis van de teldatum 1 oktober
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
12
van het jaar ervoor. Het bevoegd gezag streeft naar een grondoverdracht per 31 januari 2025. 12.8
Als ingangsdatum en betaaldatum van het overeengekomen maatwerk (lees: de maatwerkvergoeding als omschreven in 'het aanhangsel maatwerk', bijlage 5) geldt: 50% bij ondertekening én tevens is voldaan aan artikel 18.1 en 18.2 van deze overeenkomst en 50% bij de datum van grondoverdracht bij de notaris.
Artikel 13 Toepasselijk recht en geschillen 13.1
Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.
13.2
Geschillen die mochten ontstaan naar aanleiding van de onderhavige overeenkomst, dan wel van eventuele nadere overeenkomsten die daarvan het gevolg mochten zijn, zullen partijen trachten op te lossen met mediation overeenkomstig het reglement van de Stichting Nederlands Mediation Instituut.
13.3
Indien mediation niet leidt tot een beslechting van het geschil, dan kan de meest gerede partij het geschil voorleggen aan de bevoegde rechter te Arnhem.
13.4
Het vorige artikellid laat onverlet dat Partijen voor een geschil dat zich aandient kunnen besluiten dat geschil te beslechten door een ander forum, zoals arbitrage of bindend advies.
13.5
Als geschil wordt aangemerkt al hetgeen een der partijen, na redelijk overleg daarover met de wederpartij, als geschil wenst te zien aangemerkt.
Artikel 14. Gemeentegarantie 14.1
De gemeente is, op verzoek van een bevoegd gezag, bereid garant te staan voor leningen die het bevoegd gezag met de Staat der Nederlanden, het Ministerie van Financiën afsluit in verband met onderwijshuisvesting ten behoeve van nieuwbouw, renovatie en/of (her)financiering van bestaande leningen. Om gemeentegarantie te verkrijgen wordt tussen de Staat der Nederlanden, het bevoegd gezag en de gemeente een garantstellingsovereenkomst inclusief pandrecht gesloten conform de modelovereenkomst van garantstelling zoals opgenomen in bijlage 5 van de geconsolideerde doordecentralisatie. Met het aangaan van de garantstellingsovereenkomst wordt tegelijkertijd bij het desbetreffende bevoegd gezag een hypotheekrecht gevestigd op de betreffende school(locatie) aanvullend op de gebruikelijke financiële voorwaarden, zoals deze zijn vermeld in bijlage 3 van bijlage 1 van de geconsolideerde doordecentralisatie.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
13
Artikel 15 Maatwerk Partijen hebben nadere maatwerkafspraken gemaakt, die in 'het aanhangsel maatwerk, bijlage 5' bij deze overeenkomst zijn vastgelegd. De maatwerkafspraken vormen een onlosmakelijk geheel met deze overeenkomst. Artikel 16 Aanvullende bepalingen Partijen bouwen ten behoeve van adequate kennisoverdracht gezamenlijk een dossier op met betrekking tot de overeenkomst DDC en de uitgevoerde monitoring, evaluatie en herijking. Het normatief rekenmodel maakt onderdeel hiervan uit. Artikel 17 Voorgaande overeenkomsten Met het aangaan van deze overeenkomst vervalt de intentieovereenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Aloysius d.d. 16 januari 2023 en treedt deze overeenkomst daarvoor in de plaats. Artikel 18 Varia 18.1
Bevoegd gezag verplicht zich tot het daadwerkelijk investeren, in die zin dat zij de renovatie van de Aventurijn aan de Hatertseweg 400 voor 40 jaar zal realiseren, geschikt voor de huisvesting voor 250 leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs, een en ander zoals vastgelegd in artikel 1 van het 'aanhangsel maatwerk'. De maatwerkvergoeding kan door de gemeente worden teruggevorderd, als bevoegd gezag niet voldoet aan haar verplichting als bedoeld in artikel 1 van het 'aanhangsel maatwerk'.
18.2
De inhoud van de considerans van deze overeenkomst maakt onlosmakelijk deel uit van deze overeenkomst.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
14
Artikel 19 Bijlagen De volgende bijlagen maken onlosmakelijk deel uit van deze overeenkomst: 1) Bijlage 1. Bijlagen 1 t/m 5 van de geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie a) Bijlage 1. Knelpunten b) Bijlage 2. Huisvestingsinformatie (art. 8) c) Bijlage 3. Financiële voorwaarden garantie d) Bijlage 4. Verantwoordings- en monitoringssystematiek e) Bijlage 5. Overeenkomst van garantstelling 2) Bijlage 2: Addendum op de geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie 3) Bijlage 3. Convenant Prestatieafspraken onderwijs d.d. 18 juli 2023 4) Bijlage 4. Kadastrale situatietekeningen a) Kadastraal perceel Scherpenkampweg 20 b) Kadastraal perceel Hatertseweg 400 5) Bijlage 5. Aanhangsel Maatwerk 6) Bijlage 6. Koopovereenkomst Hatertseweg 400 7) Bijlage 7: Eindrapportage werkgroep normatieve doordecentralisatie, gedateerd 15 juni 2005 Aldus in tweevoud opgemaakt en ondertekend op 27 januari 2025. de gemeente Nijmegen
het bevoegd gezag
G. Visser
J. van Triest
Wethouder
Bestuurder Aloysius Stichting
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Versie: 10 januari 2025 Paraaf Bevoegd Gezag Paraaf Gemeente
15
Bijlage 1: Bijlage 1. Bijlagen 1 t/m 5 van de geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie a) Bijlage 1. Knelpunten b) Bijlage 2. Huisvestingsinformatie (art. 8) c) Bijlage 3. Financiële voorwaarden garantie d) Bijlage 4. Verantwoordings- en monitoringssystematiek e) Bijlage 5. Overeenkomst van garantstelling
BIJLAGE 1. KNELPUNTEN
Een overzicht van de geconstateerde knelpunten: 1. De schoolbesturen zien zich geconfronteerd met onvoorziene investeringskosten onder andere als gevolg van het Bouwbesluit 2012 met extra eisen voor beheersing van het binnenklimaat, bijdragen voor aanpassingen in de openbare ruimte, parkeren op eigen terrein, bodemvervuiling en asbest, ambities voor duurzaam bouwen en het wijzigen van bestemmingsplannen. Tegelijkertijd heeft de stijging van de WOZ-waarden van schoolgebouwen ook geleid tot een stijging van de door de schoolbesturen te betalen OZB. 2. Stijging van de WOZ-waarden en verliezen op de planexploitatie als gevolg van veranderende omstandigheden in de economie en op de woningmarkt leiden tot financiële risico’s voor de gemeente Nijmegen, met name bij moeilijk her te ontwikkelen locaties. De gemeente wil deze risico’s dempen en een eventuele financiële prikkel tot nieuwbouw op door de gemeente aan te bieden nieuwe locaties wegnemen/verminderen. 3. Als gevolg van kortingen op het gemeentefonds en het noodzakelijke financiële maatwerk bij het doordecentraliseren van nieuwe scholen in Nijmegen Noord ziet de gemeente haar financiële risico’s toenemen. 4. Een normering van de onderhoudsconditie van de aan de gemeente op te leveren schoolgebouwen ontbreekt.
Dit levert een risico op voor de gemeente wanneer de schoolgebouwen na terug levering worden overgedragen aan een ander schoolbestuur of een nieuwe gebruiker van het pand. 5. De gemeente slaagt er niet altijd in om (tijdig) locaties beschikbaar te stellen voor nieuwbouw en/of het bestemmingsplan te wijzigen. Gevolg hiervan is dat schoolbesturen de gecalculeerde opbrengst van de verkoop tegen WOZ-waarde mislopen en bovendien extra kosten moeten maken voor sloop en tijdelijke huisvesting. 6. In de praktijk is gebleken dat er soms verschil van mening ontstaat over de interpretatie van onderdelen van de overeenkomst, waaronder de ingroeiregeling, de te hanteren maatstaf voor de grondprijs en de tarieven voor buitensportaccommodaties. Deze geschillen blijven vaak te lang op de agenda staan. 7. De schoolbesturen zijn in de loop van 2014 geconfronteerd met een beleidswijziging van de rijksoverheid, waardoor ze niet meer op basis van hypothecaire zekerheid kunnen lenen bij het Ministerie van Financiën (schatkistbankieren). Er wordt nu een 100% gemeentegarantie geëist.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente 16
BIJLAGE 2. HUISVESTINGSINFORMATIE (ART. 8)
In artikel 8 van de geconsolideerde versie van de overeenkomst DDC is overeengekomen dat: “de gezamenlijke bevoegde gezagen de inspanningsverplichting aanvaarden om binnen een periode van 40 jaar na het tot stand komen van de overeenkomst in 2008 alle schoollocaties te vernieuwen. Deze inspanningsverplichting is gekoppeld aan het totaal aantal locaties van de gezamenlijke bevoegde gezagen ten tijde van het aangaan van de overeenkomst tot doordecentralisatie. Dit wordt gerealiseerd door 55% nieuwbouw op locaties die door de gemeente op grond van artikel 4.1 van de overeenkomst DDC ter beschikking zijn gesteld en 45% renovatie en nieuwbouw op locaties die niet ingevolge artikel 4.1 van de overeenkomst DDC ter beschikking zijn gesteld of door het buiten gebruik stellen van panden als gevolg van krimpende leerlingaantallen. Door het bijstellen van de inspanningsverplichting zal nieuwbouw van schoolgebouwen meer dan voorheen op de huidige locaties gebeuren. Partijen komen overeen dat schoollocaties door alle bevoegd gezagen, partijen genoegzaam bekend, in een gezonde mix worden aangeboden. Het beoogde resultaat is dat de schoolbesturen op onderwijskundige basis beslissingen kunnen nemen omtrent renovatie of nieuwbouw van schoolgebouwen en er een redelijke verhouding ontstaat tussen verlieslatende en opbrengst opleverende locaties.
De aankoopplicht zoals bepaald in artikel 6 van de overeenkomst DDC wordt hierdoor niet beperkt. Het is van belang dat relevante huisvestingsinformatie tijdig beschikbaar is en in een planmatig ingericht jaarlijks bestuurlijk overleg gericht wordt afgestemd. Tijdens het overleg worden de huisvestingsplannen van de schoolbesturen, het overzicht, de onderliggende exploitatieopzet van verliesgevende en opbrengst opleverende locaties en de herontwikkelingslocaties van de gemeente besproken”.
Jaarlijks in te vullen format per locatie: School
adres
school A straat en huisnummer school B straat en huisnummer
WOZ-waarde Oppervlakte oppervlakte nieuwbouw renovatie/ reeds voorzien voorzien voorzien voorzien heden terrein gebouw elders nieuwbouw ter plekke/ uitgevoerd komende tussen tussen na buitengebruikstelling 5 jaar 5-10 jaar 10-15 jaar 15 jaar in euro's €0 €0
in m2 0 0
in m2 bvo 0 0
ja / nee ja ja
ja / nee nee nee
ja/nee nee nee
ja/nee ja ja
ja/nee nee nee
ja/nee nee nee
ja/nee nee nee
Inschatting van ontwikkelpotenties van locaties in 4 categorieën A 100-120% B 80-100% C 50-80% D <50%
De planexploitatie Onderwijshuisvesting maakt onderdeel uit van de stadbegroting van de gemeente Nijmegen en zal beschikbaar worden gesteld voor het bestuurlijk overleg zoals bedoeld in artikel 9.1.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente 17
BIJLAGE 3. FINANCIËLE VOORWAARDEN GARANTIE De garantie wordt verstrekt overeenkomst de aan de in bijlage 5 opgenomen modelovereenkomst van garantstelling. Daarnaast geldt dat de schoolbesturen voor een garantie in aanmerking komen onder de volgende voorwaarden:
Het gaat om een annuïtaire of lineaire lening via het schatkistbankieren bij de Staat der Nederlanden. De lening is bedoeld voor het plegen van nieuwbouw of renovatie van een schoollocatie. Het leningbedrag mag niet hoger zijn dan de ingeschatte WOZ-waarde van de grond en/of het gebouw waarop de gemeente een hypotheekrecht krijgt. Het schoolbestuur heeft een sluitende exploitatie in meerjarenperspectief en een positief eigen vermogen. Het schoolbestuur kan de rente- en aflossing van de (gewenste) nieuwe lening meerjarig blijven betalen. Hiertoe overlegt het schoolbestuur bij de aanvraag voor een garantie de volgende stukken: o Jaarrekening en meerjarenbegroting (meest recente). o Meerjarige liquiditeitsprognose inclusief de rente- en aflossingsverplichting van de gewenste nieuwe lening.
Jaarlijks overlegt het schoolbestuur de jaarrekening over het afgelopen jaar en de begroting voor de komende jaren.
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente 18
BIJLAGE 4. VERANTWOORDINGS- EN MONITORINGSSYSTEMATIEK
Verantwoording doordecentralisatiemiddelen gemeente Nijmegen Realisatie t €
Begroting t €
Realisatie t -/- 1 €
Baten Doordecentralisatiemiddelen gemeente Nijmegen Totaal (A)
-
-
-
Totaal (B)
-
-
-
Saldo baten en lasten (C = A -/- B)
-
-
-
Mutatie bestemmingsreserve huisvesting (C)
-
Lasten Kapitaallasten (rente- en afschrijvingskosten) Belastingen en heffingen Verzekeringen Schades Gymnastiekonderwijs Gymvervoer Huur (tijdelijke) huisvesting onderwijsgebouwen Advieskosten Overige kosten
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente 19
BIJLAGE 5. OVEREENKOMST VAN GARANTSTELLING
OVEREENKOMST VAN GARANTSTELLING inzaken een geldlening aan Onderwijsinstelling
tussen
Gemeente Nijmegen
en
De Staat der Nederlanden (het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het ministerie van Financien)
en
Onderwijsinstelling
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente 20
DE ONDERGETEKENDEN: I.
De Staat der Nederlanden (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en het Ministerie van Financiën (hierna: “de Staat”);
II.
De gemeente Nijmegen (hierna: “de Garantieverstrekker”);
III.
……., een stichting, ingeschreven in het handelsregister met KvK-nummer (hierna: “de Onderwijsinstelling”); ondergetekenden tezamen en ieder afzonderlijk te noemen: “Partijen” respectievelijk “Partij”.
OVERWEGENDE DAT: a.
Het middelenbeheer van de Onderwijsinstelling is geïntegreerd in het door het ministerie van Financiën verzorgde middelenbeheer van de Staat.
b.
De Onderwijsinstelling kan ten behoeve van investeringen die bestemd zijn voor uitoefening van de publieke taak gebruik maken van een door de Staat te verstrekken geldlening van ten hoogste een leenplafond. Het maximale bedrag aan hoofdsom blijkt uit de bijlage bij deze overeenkomst (“Leenplafond”). De Staat (het ministerie van Financiën) en de Onderwijsinstelling sluiten voor ieder afzonderlijk aan de Onderwijsinstelling te verstrekken geldlening een overeenkomst van geldlening (hierna: “de Geldleningen”).
c.
In het geval de Onderwijsinstelling niet voldoet aan de verplichtingen uit hoofde van de Geldleningen jegens de Staat, geldt binnen de Staat dat de financiele gevolgen ten laste van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: “Ministerie OCW”) komen en dat alsdan niet langer het Ministerie van Financien maar het Ministerie van OCW voor dat deel aanspraak maakt op de Onderwijsinstelling uit hoofde van de Geldleningen.
d.
Voortvloeiend uit beleid, de Garantieverstrekker dient een waarborg te verlenen aan de Staat als zekerheid voor het voldoen aan de verplichtingen uit hoofde van de Geldleningen door de Instelling aan de Staat (hierna: “Garantstelling”).
e.
Garantieverstrekker heeft jegens de Onderwijsinstelling de verplichting tot het kopen van terreinen en gebouwen, die mede zijn gefinancierd met de Geldlening (hierna: “Aankooplicht”). Indien de Onderwijsinstelling een beroep doet op de Aankoopplicht, verkrijgt de Onderwijsinstelling een vordering tot betaling van een koopsom op de Garantieverstrekker. Dit blijkt uit artikel 6 van de door de Garantieverstrekker en de Onderwijsinstelling ondertekende overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting, gedateerd op 20 december 2007 (hierna: “Overeenkomst Doordecentralisatie”).
f.
Garantieverstrekker wenst dubbele lasten te voorkomen in het geval van gelijktijdige effectuering van de Aankoopplicht en de Garantstelling. De Staat en de Instelling wensen hieraan medewerking te verlenen, onder de voorwaarden vastgelegd in deze overeenkomst van garantstelling (hierna: “Overeenkomst”). 21
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
KOMEN HET VOLGENDE OVEREEN: Artikel 1: stellen Garantstelling 1.1
Voor zover de Staat (Ministerie van Financien) en de Onderwijsinstelling Geldleningen sluiten, stelt de Garantieverstrekker hierbij reeds nu voor alsdan een nader in deze Overeenkomst omschreven Garantstelling, voor zover de hoofdsom van de Geldleningen het Leenplafond niet te boven gaat.
1.2
Partijen kunnen in onderling overleg besluiten de bijlage bij deze Overeenkomst, met het Leenplafond, te vervangen door een andere bijlage met een ander Leenplafond.
1.3
Op eerste verzoek van de Garantieverstrekker, stelt de Staat (Ministerie van Financien) een kopie van de Geldleningen gesloten tussen de Onderwijsinstelling en de Staat ter beschikking aan de Garantieverstrekker.
1.4
De in het eerste artikellid bedoelde Garantstelling betekent dat de Garantieverstrekker zich, bij wijze van zelfstandige verbintenis, tegenover de Staat verbindt tot het betalen van een bedrag onder de voorwaarden in artikel 1 en artikel 2 beschreven, gelijk aan de onvoldaan gebleven betalingsverplichtingen van de Onderwijsinstelling jegens de Staat uit hoofde van de Geldlening. Uit de voorgaande volzin vloeit voort dat de Garantstelling geen borg is, maar een eigen verplichting van de Garantieverstrekker jegens de Staat
1.5
De in het vorige artikellid beschreven Garantstelling is beperkt tot het bedrag van het Leenplafond, vermeerderd met de door de Onderwijsinstelling onvoldane bedragen aan verschuldigde rente volgens de Geldleningen.
Artikel 2: inroepen Garantstelling 2.1
Indien de Onderwijsinstelling enige verplichting tot betaling van rente of aflossing uit hoofde van de Geldleningen niet nakomt, kan de Staat Garantieverstrekker eerst aanspreken als de Staat (Ministerie van OCW) de Onderwijsinstelling schriftelijk in gebreke heeft gesteld, met het stellen van een laatste betalingsmogelijkheid van dertig (30) dagen, en de Onderwijsinstelling in gebreke blijft te voldoen aan zijn betalingsverplichting. De Staat verstrekt de Garantieverstrekker een kopie van de ingebrekestelling.
2.2
De administratie van de Staat levert ten aanzien van het door de Onderwijsinstelling aan de Staat verschuldigde bedrag en de verplichting tot betaling van dat bedrag volledig bewijs op. Indien de Garantieverstrekker de juistheid daarvan wil betwisten, laat dat onverlet dat de Garantieverstrekker het door de Staat ingeroepen bedrag onder deze Garantstelling moet betalen. De Garantieverstrekker heeft ter zake geen recht van opschorting. Indien de Onderwijsinstelling zijn schuld aan de Staat erkent, is de Garantieverstrekker daaraan gebonden.
2.3
Zodra de Staat (Ministerie van OCW) de Garantieverstrekker aanspreekt tot betaling in overeenstemming met de vorige twee artikelleden, is de Garantieverstrekker onverwijld en 22
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
onverkort gehouden aan die inroeping van de Garantstelling te voldoen. De Garantiesteller mag zich daarbij niet beroepen op verrekening met enige (vermeende) vordering op de Staat en zich evenmin beroepen op opschorting. 2.4
Bij toepassing van het vorige artikellid ter bepaling van het bedrag dat de Garantieverstrekker aan de Staat (Ministerie van OCW) moet voldoen, geldt het volgende. Voor zover voor de nieuwbouw waarvoor de Geldleningen zijn verstrekt door de Instelling een beroep op artikel 6 van de Overeenkomst Doordecentralisatie wordt gedaan, verpandt de Instelling hierbij, welke verpanding de Staat (Ministerie van OCW) hierbij aanvaardt, bij voorbaat de vorderingen van de Instelling op de Garantieverstrekker uit hoofde van artikel 6 van de overeenkomst doordecentralisatie voor zover betrekking hebben op een door de Onderwijsinstelling aan de Gemeente aangeboden pand waarvoor de Geldlening ten aanzien waarvan de Onderwijsinstelling in verzuim is aan de Staatwaarbij geldt dat hierbij mededeling van deze verpanding wordt gedaan aan de Garantieverstrekker. Deze verpanding strekt tot meerdere zekerheid van de voldoening van de Instelling van zijn verplichtingen uit hoofde van de Geldleningen. Het door de Staat in het kader van deze verpanding ontvangen c.q. geïncasseerde bedrag strekt in mindering op het bedrag dat de Garantieverstrekker aan de Staat moet betalen uit hoofde van de Garantstelling zoals beschreven in het vorige artikellid. Voor zover de Onderwijsinstelling, de schuldeisers van de Onderwijsinstelling en/of de curator van de Onderwijsinstelling met succes de ontvangst c.q.
incasso door de Staat en/of de verpanding aan de Staat uit hoofde van dit artikellid aantast, is de Garantieverstrekker onverkort gehouden het bedrag aan de Staat te betalen ter voldoening van de Garantstelling zoals bedoeld in het vorige artikellid.
2.5
In het geval ná het door de Staat (Ministerie van OCW) inroepen van de Garantstelling, de Staat (Ministerie van Financiën) van de Onderwijsinstelling enig bedrag heeft ontvangen met betrekking tot wat onder de reikwijdte van de ingebrekestelling bedoeld in artikel 2.1 valt, wordt het bedrag van die ontvangsten in mindering gebracht op het bedrag dat de Garantieverstrekker aan de Staat moet betalen uit hoofde van het inroepen van de Garantstelling.
2.6
Indien ten behoeve van de Staat andere zekerheid is of zal worden gesteld voor de betaling van hetgeen de Onderwijsinstelling aan de Staat verschuldigd is of zal zijn uit hoofde van de Geldleningen, is de Staat bevoegd maar niet verplicht die andere zekerheid in de eerste plaats aan te wenden voor de betaling van die schulden van de Onderwijsinstelling, zulks ter keuze van de Staat. De Staat bepaalt de wijze waarop de aan de Staat toekomende netto-opbrengsten van bedoelde zekerheden met de verschillende schulden van de Onderwijsinstelling worden verrekend. Het niet uitoefenen van een recht door de Staat kan niet worden uitgelegd als zou de Staat van dat recht afstand hebben willen doen.
23 Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
Artikel 3: onderlinge verhouding met andere overeenkomsten 3.1
De afspraken vastgelegd in deze Overeenkomst prevaleren boven de afspraken vastgelegd in de Geldleningen en boven de afspraken vastgelegd in de Overeenkomst Doordecentralisatie.
3.2
In het geval de Overeenkomst Doordecentralisatie wijzigt of eindigt, laat dat onverlet de verplichtingen van de Garantieverstrekker uit hoofde van deze Overeenkomst.
Artikel 4: forumkeuze 4.1
Eventuele geschillen tussen Partijen die voortvloeien uit of verband houden met deze Overeenkomst, worden aanhangig gemaakt bij de bevoegde rechter te Den Haag.
4.2
Het vorige artikellid laat onverlet dat Partijen voor een geschil dat zich aandient kunnen besluiten dat geschil te beslechten door een ander forum, zoals arbitrage of bindend advies.
Artikel 5: inwerkingtreding en duur 5.1
Deze Overeenkomst treedt in werking bij ondertekening daarvan door ieder van de Partijen.
5.2
Deze Overeenkomst eindigt op het moment dat de Onderwijsinstelling aan al zijn verplichtingen heeft voldaan die voortvloeien uit de Geldleningen of uit deze Overeenkomst.
5.3
Geen van de Partijen kan deze Overeenkomst herroepen en/of opzeggen. Het recht op ontbinding van deze Overeenkomst is uitgesloten.
TEN BLIJKE WAARVAN Deze Overeenkomst in drievoud is ondertekend op onderstaande data.
24 Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
op …-…-20.. voor Gemeente Nijmegen, namens deze, **************
op ....-....-20.. voor de Staat der Nederlanden de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
de Minister van Financien
namens deze,
namens deze,
***********
*************
op …-…-20.. voor Onderwijsinstelling, namens deze, ***************
25 Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
BIJLAGE bij de Overeenkomst van garantstelling tussen de gemeente Nijmegen, de Staat der Nederland en Onderwijsinstelling
Naam Onderwijsinstelling Looptijd Leenplafond Object
Maximaal Leenbedrag (EUR) = Leenplafond
Geldlening: Hoofdsom Ingangsdatum (datum 1e opname) Aantal tranches (opnames) Tranchedata en -bedragen Afloopdatum (datum laatste aflossing) Aflossingsvorm Bedrag per aflossing Rentebetaling Rentevaste periode Rentetarief (inclusief forwardpremie):
Aldus opgemaakt in tweevoud, te … op ……-……-20.. Gemeente Nijmegen, namens deze,
Geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie onderwijshuisvesting Paraaf Onderwijsinstelling Paraaf Gemeente
26
Bijlage 2: Addendum op de geconsolideerde overeenkomst doordecentralisatie
Addendum op de overeenkomst Doordecentralisatie Onderwijshuisvesting (geconsolideerde versie)
tussen Gemeente Nijmegen en Aloysius Stichting
ADDENDUM OP DE OVEREENKOMST DOORDECENTRALISATIE ONDERWIJSHUISVESTING (geconsolideerde versie) TUSSEN (versie 10 oktober 2023)
Ondergetekenden: 1. De publiekrechtelijke rechtspersoon Gemeente Nijmegen, zetelende te Nijmegen, kantoor houdend op het adres Korte Nieuwstraat 6 te Nijmegen ten deze op grond van artikel 171 van de Gemeentewet rechtsgeldig vertegenwoordigd door mevrouw G. Visser, wethouder wonen, zorg, onderwijs, vluchtelingenopvang, handelende ter uitvoering van het besluit van het college van burgemeester en wethouder en de burgemeester van de gemeente Nijmegen, d.d. 21 januari 2025, nr. , hierna ook te noemen: ‘de gemeente’. En 2. de Aloysius Stichting, statutair gevestigd te Voorhout, kantoor houdend op het adres Leidsevaart 2, 2215 RE te Voorhout, ten deze rechtsgeldig vertegenwoordigd door haar bestuurder, de heer J. van Triest; handelend als bevoegd gezag van de onderwijsinstelling; hierna ook te noemen: ‘het bevoegd gezag’. HEBBEN IN OVERWEGING GENOMEN A. Gemeente en bevoegd gezag hebben een overeenkomst Doordecentralisatie Onderwijshuisvesting gesloten, die is ingegaan per 1 januari 2008, hierna te noemen: ‘de overeenkomst DDC’. In deze overeenkomst heeft de gemeente voor onbepaalde tijd de taken en verantwoordelijkheden en bijbehorende financiële middelen op het gebied van onderwijshuisvesting aan de schoolbesturen overgedragen. B. In 2013 heeft een evaluatie over de eerste vijf jaar plaatsgevonden. Uit deze evaluatie zijn een aantal knelpunten naar voren gekomen.
Partijen hebben afspraken gemaakt over aanvullingen en wijzigingen op de overeenkomst DDC en deze vastgelegd in een Allonge. De gemaakte afspraken in de Allonge zijn in het najaar van 2015 vastgelegd in een nieuwe geconsolideerde versie van de overeenkomst DDC. C. In april 2023 is de tweede evaluatie doordecentralisatie onderwijshuisvesting 2015-2022 afgerond. Bij deze tweede evaluatie is geconstateerd dat het convenant prestatieafspraken onderwijs uit 2008 ook geactualiseerd moet worden. Er hebben diverse bestuurlijke overleggen plaatsgevonden.