Omgevingseffectrapport 2020
Tekst van het document
Op basis van dit beleid zijn er goede kansen op het behouden en versterken van verbindingen tussen natuurgebieden.
😊
Figuur 5: Natuurgebieden in Nijmegen
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
11
Projectgerelateerd
3.3.2
Waardevolle en beschermde soorten
Waardevolle soorten die voorkomen in de gemeente Nijmegen zijn vooral gebonden aan de rivier en de uiterwaarden. De bever, otter en zeldzame trekvissen verspreiden zich via de rivier. Ganzen, weidevogels en vele zeldzame plantensoorten komen voor in de uiterwaarden en op de dijken. In de rest van de stad zijn veel parken en groenstructuren waar soorten leven. In de Groene Draad (2007) zijn ecologische hotspots aangewezen waar algemene en zeldzame soorten kunnen leven. Op deze plekken wordt ecologie voorop gezet: beheer wordt afgestemd op de natuurwaarden en recreatie wordt gereguleerd. De aangewezen plekken in de stad zijn wel schaars, de hotspots liggen allemaal aan de rand. Meer centraal zijn enkele wijkspots afwezig. Dit zijn ook de gebieden waar het uitbreiden van ecologische hotspots lastig is, in verband met de beperkt aanwezige ruimte. In de Groene Draad heeft de gemeente de ambitie uitgesproken om op deze plekken geschikte woonplaatsen voor vogels en vleermuizen te creëren. In ander beleid (zoals op het gebied van klimaatadaptatie) wordt ook ingezet op groenontwikkeling. Dit zal positief zijn voor verschillende soorten, zoals insecten en vogels. In 2018 is het soortenmanagementplan voor de Waalsprong opgesteld. In het soortenmanagementplan is natuurinclusief bouwen opgenomen en als standaard ingevoerd.
De basis van natuurinclusief bouwen wordt gevormd door het zodanig inrichten en beheren van de groenstructuur dat er kansen worden geboden voor de beschermde soorten en dat er voor biodiversiteit in algemene zin een plus wordt behaald. Hier sluiten de maatregelen in de gebouwen op aan. In 2019 heeft Natuurplaza een analyse gemaakt van de natuurwaarden en beschermde soorten in Nijmegen. Zij hebben natuurparels aangewezen, waar veel waardevolle soorten voorkomen. Deze zijn weergegeven op de kaart in figuur 3. Deze natuurparels liggen niet alleen aan de randen, maar ook in de stad. In de stad zijn dus meer leefgebieden voor (beschermde) soorten aanwezig, dan op dit moment in beleid opgenomen. In de huidige situatie komen verspreid over de gemeente veel beschermde soorten voor in de natuurparels. Een aantal van deze gebieden is opgenomen in beleid. Daarnaast zijn er meer leefgebieden voor beschermde soorten die nog niet zijn opgenomen in beleid.
😊
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
12
Projectgerelateerd
Figuur 6: Natuurparelkaart (Stichting RAVON, 2020)
Groep Amfibieën/reptielen/vissen Insecten Flora Vleermuizen Vogels Zoogdieren Totaal
11 juni 2020
Aantal bijzondere soorten in Nijmegen 12 21 113 3 23 8 180
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
13
Projectgerelateerd
3.3.3
Voedselproductie
Vanuit duurzaamheid richt de gemeente zich op de productie van voedsel in zowel lokale als regionale stadslandbouw. Met omringende gemeenten wordt gekeken naar de mogelijkheden voor voedsellandschappen. Met regionale stakeholders en de kennisinstituten van Hall Larenstein en Wageningen wordt de versterking van de korte voedselketens in samenhang met het versterken van de binding van bewoners met het platteland onderzocht. De gemeente focust hierbij op de Zuidflank (Landgoed Grootstal), op de Oostflank (Ooijpolder) en de Noordflank (Warmoes, Park Lingezegen/Akkers van Doornik) van Nijmegen. Initiatieven uit de stad op het gebied van stadslandbouw en nieuwe voedselconcepten worden gefaciliteerd. Op de participatiekaart van Nijmegen staan 20 initiatieven die met voedsel te maken hebben. Het gaat dan om moestuinen en volkstuintjes. Veel van deze projecten zijn mede mogelijk gemaakt door de gemeente. Daarnaast wordt er vanuit eetbaarnijmegen.nl gewerkt aan voedsel-projecten en biodiversiteit. Het beleid van de gemeente is gericht op het faciliteren van initiatieven. Er is een aantal kleinschalige projecten, maar het is niet de verwachting dat dit aantal snel toe zal nemen.
😐 3.3.4
Samenvatting behoud biodiversiteit
Nijmegen is een groene stad met veel verschillende natuurwaarden. In en aan de randen van de stad bevinden zich gebieden met hoge natuurwaarden. De landelijk beschermde gebieden (Natura 2000 en Gelders Natuurnetwerk) bevinden zich aan de randen en langs Waal. De biodiversiteit binnen de stad is hoog en komt vooral voor in verschillende kleine groenzones, de natuurparels. Voedselproductie is een kleinschalig onderwerp binnen de stad.
3.4
Bescherming ondergrond
3.4.1
Bodemkwaliteit
In Nijmegen bevindt zich op een aantal plekken bodemverontreinigingen. Gemeente Nijmegen heeft als beleid om nieuwe verontreinigingen tegen te gaan. Binnen de gemeente Nijmegen is op gebiedsniveau sprake van stand-still, behalve waar ontwikkelingen plaatsvinden. Bijvoorbeeld in de Waalsprong en het Waalfront. Daar worden verontreinigingen gesaneerd, danwel gecontroleerd van het leefmilieu afgesloten. Verontreinigde grond kan worden hergebruikt binnen Nijmegen, zodat onnodig gebruik van schone grond wordt voorkomen. In de uitvoeringsagenda duurzaamheid staan enkele speerpunten voor bodem genoemd, zo moet bijvoorbeeld de Nota Bodembeheer en bodemsanering geactualiseerd worden.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
14
Projectgerelateerd
Figuur 7: Bodemkwaliteitskaart (Stadsatlas, 2019)
Het beleid is tot nu toe conserverend van aard, waarbij de huidige bodemkwaliteit vrijwel gelijk blijft in de autonome situatie.
😐 3.4.2
Grondwater
In Nijmegen komen op diverse plekken grondwaterverontreinigingen voor (Stadsatlas, 2019). De meeste bevinden zich onder de industrieterreinen. De meest voorkomende verontreiniging is VOCL (vluchtige
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
15
Projectgerelateerd
chloorkoolwaterstoffen). De dominante grondwaterstroom in Nijmegen is Oost-West, de verontreinigingen stromen dus langzaam richting het kanaal. In Nijmegen-zuid ligt een waterwingebied met een grondwaterbeschermingszone eromheen. Het waterwingebied betreft maar een klein stukje van Nijmegen en ligt voor de rest onder Heumensoord (gemeente Heumen). De beschermingszone ligt ter plaatse van Heyendaal en het gebied eromheen (ongeveer van de Hatertseweg tot de Groesbeekseweg). In deze zone gelden strenge regels waaraan bewoners, bedrijven en de overheid zich moeten houden om de grondwaterkwaliteit te beschermen. Er was een tweede waterwingebied (Nieuwe Markt), maar die is sinds 1 januari 2020 officieel buiten gebruik. De grondwaterkwaliteit in de stad is niet erg goed, vanwege de verontreinigingen. De verontreinigingen in de stad hebben geen directe invloed op de kwaliteit van het drinkwater, aangezien de dominante grondwaterstroming niet van de verontreinigingen naar de putten stroomt. Daarnaast liggen de verontreinigingen ondieper dan het drinkwater wat opgepompt wordt. De verontreinigingen kunnen op langere termijn wel een bedreiging gaan vormen.
😐 3.4.3
Archeologische en aardkundige waarden
Nijmegen heeft een interessante geschiedenis en die is ook in de bodem terug te vinden. Er liggen een flink aantal archeologische monumenten in de gemeente. Grote gebieden hebben een zeer hoge archeologische waarde door onder andere de aanwezigheid van resten uit steentijd, late ijstijd, Romeinse tijd, middeleeuwen en recenter geschiedenis. Delen hiervan zijn aangewezen als archeologisch Rijksmonument (Stadsatlas). Archeologische waarden dienen in principe in situ behouden te blijven. Ook aardkundige waarden (zoals bv. reliëf, terpen, essen/gaasten, stuwwallen, dekzandruggen) dienen zo veel als mogelijk behouden te blijven. Ook het park Staddijk in Nijmegen is in de jaren 70-80 specifiek aangelegd om aardkundige waarden te beschermen.
Figuur 9: Archeologische beleidskaart met archeologische Figuur 8: Landschappelijke ondergrond waarden waarbij: 0) geen archeologische waarde; 1) lage archeologische waarde; 2) archeologisch belang; 3) zeer hoge archeologische waarde en 4) archeologisch rijksmonument.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
16
Projectgerelateerd
Momenteel werkt de gemeente Nijmegen aan het aanwijzen van terreinen die gerelateerd kunnen worden aan de Romeinse Limes, archeologisch erfgoed dat in 2021 genomineerd wordt als werelderfgoed. Met de bescherming wil UNESCO de erfgoederen veilig stellen voor toekomstige generaties, maar daarnaast is het ook goed voor toerisme en voor de economie. Een plek op de lijst betekent ook een instandhoudingsplicht. De archeologische monumenten worden beschermd en met de aanwijzing van de Romeinse Limes als archeologisch werelderfgoed worden deze waarden beter in kaart gebracht en beleefbaar gemaakt.
😊 3.4.4
Samenvatting bescherming ondergrond
Bodem- en grondwaterverontreinigingen komen voor in Nijmegen en dit zal naar verwachting op het zelfde niveau blijven. Er zijn veel archeologische waarden aanwezig in Nijmegen en de gemeente. De Romeinse Limes wordt genomineerd als werelderfgoed en de gemeente zet zich in om dit erfgoed in kaart te brengen en beleefbaar te maken.
3.5
Klimaatadaptatie
3.5.1
Waterveiligheid
Grote delen van Nijmegen kunnen overstromen bij een doorbraak van de rivierdijken (Klimaateffectatlas). Het centrum en de wijken ten oosten daarvan blijven droog, maar de rest van de gemeente heeft een risico. Gelukkig is de kans op een overstroming hier zeer tot extreem klein, onder andere door aanleg van de nevengeul: ▪ Eén keer in de 3.000 tot 30.000 jaar voor Nijmegen-West ▪ Minder dan één keer in de 30.000 jaar voor Nijmegen-Noord In de Ooijse Schependom (net ten oosten van de binnenstad) en op Veur Lent bevindt zich een aantal buitendijkse woningen. Deze woningen hebben een veel hoger overstromingsrisico. In de Ooijse Schependom betreft het een historisch gegroeide situatie, waarbij het de eigen verantwoordelijkheid van bewoners is om de woning te beschermen tegen hoogwater. In Veur Lent hebben bewoners tevens zelf maatregelen getroffen, zoals woongedeelten op eerste verdieping en afsluitbare parkeergarages. De al geplande ontwikkelingen Waalfront en Hof van Holland gaan gepaard met dijkverbetering en verhoging van de veiligheid. De prognoses van de klimaateffectatlas geven aan dat er nauwelijks overstromingsrisico’s zijn en voorspellen geen verandering in risico’s voor die gebieden.
😊
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
17
Projectgerelateerd
3.5.2
Hittestress
Voor Nijmegen zijn diverse hittestresskaarten gemaakt (zie bijlage 1a). De eerste kaart uit het Europese Interreg IVb project Future Cities is gemaakt door de Universiteit van Kassel op basis van landgebruik, gebouwgegevens en meteorologische data (met name windblokkade). Die kaart (zie bijlage 1a) laat zien dat de stad momenteel op de meeste versteende plekken (centrum, volkswijken, Radboud Campus) ‘s nachts veel warmer blijft dan de stadsdelen met meer groen en openheid. In een tweede onderzoek door de Universiteit van Bochum is een temperatuurverschil gemeten van 7 graden tijdens een hittegolfnacht. Deze kaart ging ook uit van woningbouwtypologieën in de wijken. Het beeld is min of meer hetzelfde. Boven een bepaalde waarde kunnen hoge temperaturen leiden tot hittestress, afhankelijk van omgevingsen persoonlijke omstandigheden (Factsheet Hittestress, Climate Proof Cities, TNO). Deze hittestress kan leiden tot een verminderd thermisch comfort, slaapverstoring, gedragsverandering (grotere agressie) en verminderde arbeidsproductiviteit. Hittestress kan echter ook tot serieuze hitte gerelateerde ziekten leiden zoals: huiduitslag, krampen, oververmoeidheid, beroertes, nierfalen en ademhalingsproblemen. Soms kan hittestress zelfs sterfte tot gevolg hebben.
De meest gevoelige mensen voor hittegerelateerde ziekten en sterfte zijn ouderen boven de 75 en chronisch zieken, met name als zij hart-, ademhaling- en nieraandoeningen hebben. Om de effecten te beoordelen wordt de toename van nachthittestress als criterium gehanteerd (klimaateffectatlas.nl). De klimaateffectatlas maakt inzichtelijk op welke plekken in de stad welke verandering van nachthittestress als gevolg van klimaatverandering optreedt. Nachthittestress zorgt er voor dat mensen minder goed slapen en dus minder goed uitrusten. Vooral als dit langer dan een paar dagen voorkomt, is dit een probleem. De voorspelling voor 2050 is dat hittegolven wellicht drie tot vier weken gaan duren. Hierbij treden er belangrijke gezondheidseffecten op bij genoemde kwetsbare groepen. De klimaateffectatlas (zie ook bijlage 1a) geeft aan dat het aantal warme nachten in Nijmegen fors toeneemt als gevolg van klimaatveranderingen. De toename loopt op van enkele dagen in de huidige situatie tot 2 weken in het grootste deel van Nijmegen en 2 à 3 weken in de centrumgebieden van Nijmegen.
🙁 3.5.3
Wateroverlast
Wateroverlast door hevige regenval komt vooral voor in Nijmegen Centrum en Oost. Nijmegen is een reliëfrijke stad, waardoor water snel afstroomt naar lagere delen. Hier kan het water zich ophopen. Er zijn verschillende plekken in de stad die bij een hevige regenbui vollopen. Op deze plekken kan het water dieper dan 30 cm zijn. Veel van deze plekken zijn op wegen of kruispunten, waardoor verkeer gehinderd kan worden. Soms lopen kelders onder, maar vaak is dat omdat er gebruiksruimtes beneden het plaatselijke maaiveld zijn gerealiseerd, zonder goed rekening te houden met afstromend water. In de afgelopen 10 jaar lijkt de overlast vaker voor te komen dan voorheen. Verschillende onderzoeken hebben de risicolocaties inzichtelijk gemaakt, bij rioolvervanging wordt hier rekening mee gehouden. Maatregelen ter voorkoming van wateroverlast worden veelal In combinatie met onderhoud uitgevoerd, waardoor ze niet direct gebiedsdekkend zijn uitgevoerd.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
18
Projectgerelateerd
Figuur 10: Wateroverlast (klimaateffectlas)
Nijmegen heeft samen met waterschap Rivierenland, de provincie Gelderland en de gemeenten in de regio Maas en Waal en het Rijk van Nijmegen een Regionale Adaptatiestrategie (RAS) opgesteld, met zes onderwerpen waar de regio de komende jaren aan werkt. Daarnaast is er al vanaf 2009 heel veel ingezet op onderzoek naar de maatregelen. Er is veel inzicht in de problematiek. Er is een evaluatierapport gemaakt van de onderzoeken van afgelopen jaren (2009-2018), ongeveer 30 locaties zijn in die periode onderzocht in tientallen onderzoeksrapporten. Er zijn in deze periode ook al vele maatregelen getroffen, ook bij particulieren in Nijmegen-oost. Bovenstrooms bij Berg en Dal is een groot bergingsriool gerealiseerd zodat veel van water binnenboord wordt gehouden. Vanuit het GRP 2017-2023 wordt daarboven ook nog eens aangegeven dat er een strategie beperken regenwateroverlast dient te komen. Deze zal in 2020 wordt gerealiseerd. Dit biedt de grondslag voor het interne beleid voor de klimaatbestendige stad. Aan het einde van 2019 is de RAS vertaald naar een Regionaal Uitvoeringsprogramma (RUP) met een doorvertaling op stadsniveau, een lokale klimaatadaptatiestrategie (LAS) en lokaal uitvoeringsprogramma (LUP). De ambities uit de RAS worden vertaald in de Omgevingsvisie (Duurzaamheidsvisie). Nijmegen zet in veel beleid in op vergroening van de stad.
Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) stimuleert afkoppeling. Dit is ook uitgangspunt bij beheer en herinrichting van de openbare ruimte. Naast afkoppeling in de openbare ruimte stimuleert het GRP ook afkoppeling en vergroening in de particuliere ruimte middels een subsidieregeling (groendaken en afkoppel) en de campagne operatie steenbreek. Hierdoor kan water sneller infiltreren. Lokaal adaptatiebeleid is nog niet gereed en wordt nog niet in de Omgevingsvisie verwerkt.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
19
Projectgerelateerd
In de stad komt soms wateroverlast voor en de risico’s hierop nemen toe in de toekomst als gevolg van een veranderend klimaat. Er is tevens beleid (GRP, RAS) waarbij de ambitie is om gebiedsgericht maatregelen te treffen om wateroverlast te minimaliseren waaruit opgemaakt wordt dat de situatie naar verwachting niet of nauwelijks verslechterd.
😐 3.5.4
Samenvatting klimaatadaptatie
Er zijn geen grote risico’s op overstroming van de Waal of het kanaal in Nijmegen. Er ligt een aantal woningen buitendijks waarbij de verantwoordelijkheid van het treffen van maatregelen bij de bewoners ligt. Wateroverlast door heftige regenval wordt wel een groter risico in de toekomst. Water stroomt van de hoger gelegen delen en hoopt zich op in lager gelegen delen. De gemeente neemt maatregelen om de wateroverlast te bepreken. Door klimaatverandering zullen er in de toekomst meer hete perioden voorkomen. Met name in het centrum zal hierdoor hittestress optreden, maar ook in andere delen, zoals bedrijventerreinen en grote verharde oppervlaktes. Nijmegen is dus nog niet volledig gereed voor de gevolgen van klimaatverandering.
3.6
Energie
De gemeentelijke doelstelling is energieneutraal in 2045, met als subdoelen: • 2023: 23% hernieuwbare energie in de regio (regio Arnhem Nijmegen) • 2030: Regio Arnhem Nijmegen 41% energieneutraal (regio Arnhem Nijmegen) • 2045: Alle Nijmeegse wijken aardgasvrij (gemeente) • 2030: 55% CO2-reductie (Regionale routekaart) • 2050: 95% CO2-reductie (Klimaatwet) Energiegebruik In onderstaande figuur is het totale energieverbruik in de gemeente Nijmegen weergegeven. Het energieverbruik is gedaald sinds 2008 (periode tot 2018), (bedrijven: 25% gas en 6,5% elektriciteit; Particulieren: 6% gas en 1% elektriciteit). Deze daling is in de laatste jaren afgevlakt, terwijl de doelstelling is om de besparingstrend voort te zetten.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
20
Projectgerelateerd
Figuur 11: Energieverbruik gemeente Nijmegen in petajoule (PJ) (Energiemonitoring 2008-2018)
Ontwikkeling Onderstaande grafiek geeft aan hoe het energieverbruik en de duurzame energieopwek zich de afgelopen jaren ontwikkeld hebben in vergelijking met de doelstellingen uit de routekaart. De besparing loopt voor op de doelstellingen, ondanks een groei in het aantal woningen en bedrijven. De duurzame energie-opwek blijft echter achter. Sinds 2008 is er 2,5% duurzame energie bijgekomen, zie onderstaande schema.
Figuur 12: Gepland verloop energieverbruik en duurzame opwek scenario 2045-max en het daadwerkelijke verloop (Energiemonitoring 2008-2018)
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
21
Projectgerelateerd
Figuur 13: toename duurzame energie (Energiemonitoring 2008-2018)
Geplande woningen en bedrijven Nieuwe woningen en bedrijven hebben een effect op de energiehuishouding. Tussen 2008 en 2018 is het particuliere elektriciteitsverbruik met 3,2% toegenomen door de bouw van nieuwe woningen in de Waalsprong, Waalfront en het Stadscentrum. Daartegenover was er in bestaande woningen een besparing van het elektraverbruik van circa -2,2 %. Dit resulteert in een netto vermeerdering van 1,1 %.
Figuur 14: besparingspercentages (t.o.v. 2018 elektriciteit) voor particulieren, bedrijven en totaal
Figuur 15: besparingspercentages (t.o.v. 2018 elektriciteit) gas voor particulieren, bedrijven en totaal
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
22
Projectgerelateerd
Duurzaamheidsprogramma Sinds 2008 zet Nijmegen volop in op energie- en klimaatbeleid. Sindsdien is het energieverbruik al met 7% verminderd, ondanks het feit dat de stad sindsdien verder is gegroeid. De bussen in Nijmegen rijden sinds begin 2013 op groen gas uit GFT afval, de stad is klimaatbestendiger gemaakt door afkoppelen van regenwater en de aanleg van de dijkteruglegging. Wanneer de maatregelen bij mobiliteit worden meegewogen, heeft Nijmegen als stad sinds 2008 ongeveer 11% CO2 reductie gerealiseerd. Uitgaande van de in de ‘Routekaart Nijmegen Energieneutraal 2045’ geschetste prognose, wordt in 2020 een CO2 reductie van 28% bereikt. Hiermee wordt de doelstelling van het ‘EU Covenant of Mayors’ (tenminste 20% CO2 reductie in 2020) naar verwachting ruimschoots behaald.
3.6.1
Opwekking duurzame elektriciteit
Momenteel is de duurzame opwekking van elektriciteit nog niet op het gewenste niveau (zie figuur 7). De gemeente faciliteert en stimuleert verschillende initiatieven en netwerken. Dit staat beschreven in de uitvoeringsagenda duurzaamheid. Hier staan geen concrete projecten in, waardoor het lastig inschatten is of de doelstellingen gehaald worden. Waar het gaat om de opwekking van duurzame elektriciteit werkt Nijmegen samen met de regio aan de Regionale Energie Strategie (RES). De locaties voor windenergie zijn met De Grift en het Engie-terrein al benut. Veel meer mogelijkheden voor windenergie zijn er binnen het grondgebied van Nijmegen niet. Op de korte termijn worden zonneparken op de Grift en in de Duitse Bocht van de A73 gerealiseerd, maar grootschalige opwekking van elektriciteit door zon kent zijn grenzen als gevolg van de intensief gebruikte ruimte. Omdat Nijmegen op haar eigen grondgebied de doelstellingen voor de opwekking van duurzame energie niet kan realiseren, werkt ze intensief samen met de regio om de gezamenlijke doelstellingen wel te kunnen behalen. Ten opzichte van de 3,13 PJ elektriciteit, die in de gemeente in 2018 verbruikt werd, bieden de (al planologisch bestemde en vergunde) zonne-parken en windturbines een capaciteit van circa 0,25 PJ.
Uitbreiding van dit type duurzame energie is (behoudens technologische innovaties) vooral te vinden op daken van woningen en bedrijven. De potentiele capaciteit hiervan is circa 0,5 PJ Omdat Nijmegen op haar eigen grondgebied de doelstellingen voor de opwekking van duurzame energie niet kan realiseren, werkt ze intensief samen met de regio om de gezamenlijke doelstellingen wel te kunnen behalen. De doelstellingen die het Rijk de regio meegeeft voor de RES gaan verder dan dit. In 2021zal de regio een RES bod doen waarin de Nijmeegse bijdrage opgenomen wordt. Voor de langere termijn, als er grootschalig duurzame energiedragers (zoals bijvoorbeeld waterstofgas) beschikbaar komen, is op het ENGIE-terrein een ruimtereservering voor een duurzame energiecentrale gemaakt (Gebiedsvisie Waal Energie). Daarnaast heeft de ARN nog een aanzienlijke restcapaciteit voor het opwekken van warmte en elektriciteit. Met de regio is een gezamenlijk inkoopcontract voor duurzame elektriciteit uit de eigen regio afgesloten. Dit jaagt de ontwikkeling van duurzame energie in de regio aan. Vanwege het intensieve ruimtegebruik binnen het grondgebied van de gemeente en daarmee de beperkte mogelijkheden voor het toepassen van grootschalige energieopwekking door zon of wind, is het voor de gemeente een grote uitdaging om haar doelstellingen te behalen.
Afspraken die hierover in regionaal verband worden gemaakt geven hierin mogelijk meer inzicht.
🙁
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
23
Projectgerelateerd
3.6.2
Duurzame warmte
In 2045 wil Nijmegen aardgasvrij zijn. In de warmtevisie is de strategie geschetst om de wijken van het aardgas te halen en om te schakelen naar een duurzame energievoorziening. In 2018 voorzag aardgas meer dan 95% van de totale warmtevraag van Nijmegen. De overige warmte wordt geleverd door het warmtenet. Om in 2045 aardgasvrij te zijn moeten 78.000 woningen aan een andere warmtebron gekoppeld worden. Dit zijn bijna 3000 woningen per jaar. De gemeente begint met Dukenburg, Hengstdal, Bottendaal, Hatert en het stationsgebied. De ambitie is om deze gebieden in 2035 aardgasvrij te hebben. Daarnaast wordt voor de hele stad een aanpak ontwikkelt om particuliere woningen transitiegereed te maken. De gemeente zet sterk in op deze eerste pilotgebieden, waarbij ook koppelingen met gebiedsontwikkeling worden gezocht (bijvoorbeeld Stationsomgeving). De opgave voor de pilotwijken is ambitieus. Ze is ook afhankelijk van de ontwikkeling van markinstrumenten, regionale samenwerking en opheffing van belemmerende regelgeving en financiële bezwaren door het Rijk. Tevens is capaciteitsvergroting bij installateurs, aannemers en infrabedrijven nodig. De pilotgebieden zijn gekozen omdat ze een gunstige uitgangspositie hebben. Het is echter de vraag of de bulk van de warmtetransitie die na de pilots plaats moet vinden op tijd gedaan kan worden, zonder grote landelijke veranderingen.
🙁 3.6.3
Samenvatting energie
De gemeente heeft een grote opgave om energieneutraal te worden. Momenteel is het aandeel duurzame energie laag. Het intensieve ruimtegebruik binnen de grenzen van de gemeente maken dat regionale samenwerking van groot belang is voor de opwek van duurzame energie. Dit geldt ook voor het verduurzamen van het aanbod van warmte. Daarbij spelen vooral externe factoren een rol, zoals beperkende landelijke regelgeving, financiële beperkingen en capaciteitstekorten. Hoewel er nog veel tijd is, is het onzeker of met de huidige mogelijkheden de doelstellingen op het gebied van opwek van duurzame energie en duurzame warmte binnen de gestelde termijn gerealiseerd kunnen worden.
3.7
Gezond en veilig
3.7.1
Geluid
Buren en verkeer worden door Nijmegenaren vaak genoemd als bron van geluidhinder. Verder ervaren Nijmegenaren hinder door evenementen in de buitenlucht en door activiteiten van bedrijven. Op basis van de geluidskaart is berekend dat in 2016 8.630 personen ernstige geluidshinder ervaarden, zo’n 5% van de bevolking. Wegverkeer is hierin verreweg de grootste factor. Op basis van peilingen uit 2017 blijkt dat ca. 26,8% van de huishoudens regelmatig geluidsoverlast ervaart door wegverkeer. Dit percentage is over de afgelopen zes jaar stabiel gebleven. In 2017 had 56% van de huishoudens in Nijmegen vaak of wel eens hinder van geluid uit één of meerdere bronnen in de buurt.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
24
Projectgerelateerd
Figuur 16: Geluidsbelasting jaargemiddeld (Atlasleefomgeving.nl)
In het Actieplan geluid zijn verschillende maatregelen vastgelegd om de geluidhinder te verminderen: ▪ Stimuleren van fietsgebruik en openbaar vervoer met schone en stillere bussen. ▪ Meer gebieden met een maximum snelheid van 30 km/uur, waardoor de geluidproductie van het gemotoriseerde verkeer lager wordt. ▪ Bij groot onderhoud aan wegen wordt stiller asfalt toegepast. ▪ Het geluid van individuele bedrijven wordt beheerst met vergunningen op basis van de Wet milieubeheer. Voor een groot aantal activiteiten gelden standaard geluidvoorschriften. ▪ De gemeente voert een saneringsprogramma uit. In het verleden zijn er al veel woningen aangepakt, in 2019 moeten zo’n 350 woningen aangepakt worden. Gezien de vele maatregelen zullen veel knelpunten op het gebied van geluid weggenomen worden in de referentiesituatie. Een aandachtspunt is wel dat door de groei van de stad er meer geluidsbronnen bij komen. Daar staat tegenover dat door elektrificatie het verkeer over het algemeen wat stiller wordt en dat bij nieuwbouw en renovatie (steden)-bouwkundige maatregelen tegen geluidhinder genomen worden. Vooralsnog krijgt de autonome situatie met het ingezette beleid een positieve beoordeling.
😊
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
25
Projectgerelateerd
3.7.2
Gezonde luchtkwaliteit
Schone lucht draagt bij aan een aantrekkelijke stad. Momenteel is de luchtkwaliteit in Nijmegen matig, maar zij voldoet aan de Nederlandse normen. De ambitie is om in 2030 ook aan de WHO-advieswaarden voor luchtkwaliteit te voldoen op het gebied van NO2 en fijn stof. Zoals op onderstaande kaarten te zien is, is de luchtkwaliteit rondom drukke verkeersaders slecht, maar in de rest van de stad redelijk goed.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
26
Projectgerelateerd
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
27
Projectgerelateerd
Stikstofdioxide (2019)
Fijnstof PM10 (2019)
Roet (2019)
NO2-advieswaarde WHO: 40 µg/m3 Streven roetreductie: tot 0,61 µg/m3 PM10-advieswaarde WHO: 20 µg/m3
Figuur 17: Jaarmeting concentraties stikstofdioxide, roet en fijnstof (PM10) in 2019 op meetpunt Nijmegen-Graafseweg (bron: www.luchtmeetnet.nl) Aandachtspunt: Nijmegen-Graafseweg is een locatie aan een drukke verkeersader, dit is een van de locaties in Nijmegen met de slechtste luchtkwaliteit
Niet overal wordt momenteel aan de WHO-advieswaarden voldaan. De gemeente werkt aan het Maatregelprogramma luchtkwaliteit 2018 t/m 2022. De acties hieruit werken door op duurzaamheid en klimaat, mobiliteit, ruimtelijke ordening, communicatie en samenwerking. De komende jaren ligt de focus op maatregelen voor schone binnenscheepvaart en het behalen van de roetreductienorm: in 2022 zou de concentratie circa 0,61 µg/m3 moeten zijn. In 2015 was dit nog 1,02 µg/m3. Uit recente metingen en modelberekeningen blijkt dat Nijmegen de roetreductienorm nagenoeg gaat halen in 2022, door reeds ingezette maatregelen en door autonome ontwikkelingen (zoals de landelijke verschoning van voertuigen op de weg). In de rest van de stad worden de WHO-advieswaarden voor NO2 en PM10 in het grootste deel van de stad gehaald. Het is de verwachting dat de dalende trend in de fijnstofconcentratie van de afgelopen jaren doorzet. Op basis daarvan ligt het in de lijn der verwachting dat in de referentiesituatie (2040) aan de WHO-advieswaarden voldaan zal worden en kan de situatie positief worden beoordeeld.
😊
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
28
Projectgerelateerd
3.7.3
Omgevingsveiligheid
Op de risicokaart van Nederland zijn alle omgevingsrisico’s op kaart weergegeven. In Nijmegen zijn enkele risico’s van belang: ▪ Opslagfaciliteiten met gevaarlijke stoffen Er liggen er een aantal op bedrijventerreinen verspreid over de stad. Er liggen geen risicocontouren over woningen of andere gevoelige objecten. ▪ Transportroutes gevaarlijke stoffen over spoor, weg en water. ▪ Een risico voor paniek tijdens grote evenementen in het Goffertpark.
Figuur 18: Uitsnede risicokaart.nl
Er zijn dus enkele risico’s aanwezig in de huidige situatie, maar deze vormen geen bijzondere veiligheidsknelpunten. Ook niet in relatie tot de kaart met de autonome ontwikkelingen (zie paragraaf 3.1). De autonome situatie wordt hiermee positief beoordeeld.
😊 3.7.4
Bewegen en ontmoeten
Als het gaat om buiten bewegen, spelen en ontmoeten is de aanwezigheid van fysieke buitenruimte van belang. Het gaat dan om sportparken, maar ook om de aanwezigheid van voldoende en kwalitatief goede speel- en ontmoetplekken in de wijken en buurten. De sportparken en speelplekken zijn verspreid over stad en het Goffertpark heeft een mooie centrale ligging (zie kaart voorzieningen (sportaanbod, speeltuinen) en kaart leven en bewegen, beide ook opgenomen in Stad in Beeld). Daarnaast kent Nijmegen vele mooie groene gebieden, met ook recente toevoegingen zoals het Rivierpark. Een kanttekening hierbij is dat de aanwezigheid van groen niet direct leidt tot bewegen, maar wel de mogelijkheid biedt. Naast positieve elementen kent de stad ook elementen die bewegen en spelen belemmeren. Met de huidige indeling van de stad zijn er (water)wegen in de stad die worden ervaren als barrières, onder andere de Graafseweg, de spoorkuil, het kanaal en de Waal.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
29
Projectgerelateerd
Figuur 19: Leven en Bewegen (Stad in Beeld)
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
30
Projectgerelateerd
De aanwezigheid van het Goffertpark, de sportparken en de vele sport- en speelplekken in de wijken maken dat bewegen en ontmoeten wordt gestimuleerd en dat er voldoende hiertoe ingerichte ruimte in de wijken aanwezig is. Hierbij zijn autonoom geen grote ontwikkelingen voorzien, waardoor de referentiesituatie positief wordt beoordeeld. De aanwezige barrières vormen wel een belangrijk aandachtspunt bij de ontwikkeling van de stad.
😊 3.7.5
Veilige infrastructuur voor fietsers en voetgangers
Naast verkeersdrukte is verkeersveiligheid door inwoners van Nijmegen aangegeven als grootste stadsprobleem. Landelijk is er een stijging in het aantal verkeersslachtoffers, maar in Nijmegen is deze stijging niet zichtbaar. Onderstaande figuur laat het aantal verkeersslachtoffers met letsel per vervoerswijze zien. In 2015 en 2016 lag het aantal slachtoffers rond de 120. Daarnaast waren in 2015 zeven verkeersdoden te betreuren, in 2016 waren dat er vijf.
Figuur 20: Letselslachtoffers naar vervoerwijze (Stads- en wijkmonitor)
Het aantal slachtoffers in de kwetsbare groep ((brom)fietsers en voetgangers) is licht toegenomen tussen 2016 en 2015. Vooral omdat er meer voetgangerslachtoffers waren. Daarnaast is er een duidelijke verschuiving van fietsers naar e-bike/bromfiets, waarschijnlijk door toenemende populariteit van e-bikes. De gemeente Nijmegen streeft natuurlijk naar zo min mogelijk verkeersslachtoffers en sluit aan bij het regionale verkeersbeleid. Eén van de uitgangspunten is dat wegen voldoen aan de landelijke uitgangspunten van Duurzaam Veilig, dus bij voorkeur zoveel mogelijk vrijliggende fietspaden langs 50 km/uur wegen, ruimere fietspaden en meer opstelruimte bij verkeerslichten. De beschikbare ruimte hiervoor in bestaand stedelijk gebied is echter niet overal aanwezig, terwijl het wel drukker en voller wordt door toenemende inwonersaantallen. Hierdoor is het de verwachting dat het aantal fiets- en voetgangersslachtoffers niet erg verandert en wordt de referentie op dit vlak beoordeeld als neutraal.
😐 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
31
Projectgerelateerd
3.7.6
Samenvatting gezond en veilig
Op het gebied van een gezonde en veilige leefomgeving doet de gemeente Nijmegen het goed. De geluidbelasting, luchtkwaliteit en omgevingsveiligheid zijn voldoende. Er zijn genoeg plekken en mogelijkheden om te bewegen in de buitenlucht, wat de gezondheid bevorderd. De veiligheid van fietsers en voetgangers is een aandachtspunt, maar de situatie is niet slecht. Een risico voor de gezondheid en veiligheid van de stad is de verdichting. Hierdoor wordt de stad drukker en voller, wat kan leiden tot meer geluidoverlast en meer veiligheidsrisico’s.
3.8
Leefomgeving
3.8.1
Leefbaarheid
De gemiddelde leefbaarheid in Nijmegen is goed volgens de leefbaarometer. Noord- en Oost-Nijmegen scoren het beste in de leefbaarometer. De zuidwestelijke wijken en buurten doen het minder goed. Deze zijn ook door de gemeente als aandachtsgebied aangemerkt. De drie buurten die het slechtst scoren zijn Zwanenveld, Meijhorst en Aldenhof, hier is de leefbaarheidsscore zwak. Hier scoren de buurten op alle criteria van de leefbaarometer (woningen, bewoners, voorzieningen, veiligheid en fysieke omgeving) slechter dan gemiddeld. In de rest van Nijmegen is de leefbaarheid wel voldoende tot uitstekend.
Figuur 21: Leefbaarheidssituatie Nijmegen (Stad in Beeld)
In vergelijking tot andere steden van een vergelijkbare grootte doet Nijmegen het ook goed, dat blijkt uit de scores: ▪ Eindhoven: ruim voldoende ▪ Arnhem: ruim voldoende ▪ Maastricht: ruim voldoende ▪ Groningen: goed ▪ Amersfoort: goed ▪ Enschede: goed 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
32
Projectgerelateerd
Ondanks de aandachtswijken is de leefbaarheid in Nijmegen conform de Leefbaarometer goed. Het is niet te verwachten dat dit autonoom anders wordt omdat de Stads- en wijkmonitor al jaren een stabiel beeld geeft van de waardering van de leefbaarheid. Hierdoor is de beoordeling positief.
😊 3.8.2
Functiemenging
Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft een model ontwikkeld om functiemenging weer te geven. Dit is het Ruimtelijke Dichtheden en Functiemenging in Nederland (RUDIFUN) model. Hiermee is onderzoek mogelijk naar de samenhang tussen ruimtelijke dichtheden en menging van wonen met andere functies. Op de onderstaande kaart zijn de buurten te zien met een geringe mate van functiemenging. Hiervoor is de Mixed Use Index van RUDIFUN gebruikt. Deze index geeft de verhouding tussen het vloeroppervlak voor wonen en andere functies weer. De uitschieters zijn op de kaart weergegeven, dit zijn de buurten waar het vloeroppervlak voor meer dan 80% voor wonen wordt gebruikt (geel), of voor meer dan 80% voor andere functies (paars). De bedrijventerreinen zijn goed op de kaart te zien. Hier is functiemenging niet wenselijk, vanwege de overlast die bedrijven kunnen veroorzaken voor de functie wonen. Er zijn echter veel buurten waar overwegend gewoond wordt en weinig andere functies zijn.
Figuur 22: RUDIFUN Mixed Use Index
In totaal hebben 21 van de 44 buurten een geringe mate van functiemenging. Er is geen autonoom beleid waardoor hier een verandering in is te verwachten. Voor de referentiesituatie wordt dit negatief beoordeeld.
🙁 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
33
Projectgerelateerd
3.8.3
Diversiteit woonomgeving
De diversiteit van de woonomgeving wordt hier beoordeeld aan de hand van de verdeling van leeftijdsgroepen in de wijken en de vraag of de beschikbaarheid van woningen hierop is ingesteld (zie ook onderstaande figuur). De leeftijdsgroepen zijn in Nijmegen niet gelijkmatig over de wijken verdeeld (BRP). In Nijmegen-Centrum en Nijmegen-Oost ligt een sterk accent op jongeren/studenten. Nijmegen-Zuid, gebouwd in de jaren '50 en '60 en Dukenburg, gebouwd rond 1970, zijn de meest vergrijsde stadsdelen van Nijmegen. In Lindenholt, gebouwd in de jaren ’80, is het aandeel van middelbare leeftijd, tussen 45 en 69, erg hoog. In de leeftijdsopbouw van Nijmegen-Noord springt de sterke vertegenwoordiging van kinderen en hun ouders (30-44) in het oog waarschijnlijk ook doordat hier relatief weinig sociale huur aanwezig is.
Figuur 23: Leeftijdsopbouw per stadsdeel (stads- en wijkmonitor)
Studenten en kamerbewoners zijn een belangrijke groep binnen de Nijmeegse bevolking. In totaal woont 14% van de bevolking in een verkamerd verhuurd pand of in een woning/eenheid van de SSHN (Stichting Studentenhuisvesting Nijmegen). Daarbij is er veel verschil tussen de wijken. In de wijken Heyendaal, Groenewoud en het Stadscentrum woont meer dan 40% van de bewoners in zo'n woonvorm. Ook in Bottendaal, Galgenveld en Kwakkenberg is deze groep sterk aanwezig. Daarentegen is hun aandeel laag in de wijken in Dukenburg, Lindenholt en Nijmegen-Noord.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
34
Projectgerelateerd
Figuur 24: Aandeel kamerbewoning
Momenteel is er behoefte aan meer woningen. Uit het woningbehoefteonderzoek uit 2019 volgt een opgave om de zelfstandige woningvoorraad tot en met 2030 met ruim 10.000 woningen uit te breiden. Na 2030 neemt de vraag naar zelfstandige woningen iets af (als gevolg van de vergrijzing), maar blijft er een opgave om de voorraad uit te breiden (met circa +5.000 woningen tot en met 2040). De vraag naar studentenhuisvesting ligt op 1.955 studenteneenheden tot en met 2030, dit kan zowel via zelfstandige- als onzelfstandige woonruimte ingevuld worden. De vraag naar onzelfstandige woonruimte onder mensen met een zorgvraag neemt de komende tien jaar nog licht toe als gevolg van de vergrijzing (meer ouderen met een zware zorgvraag). Maar een steeds groter deel van de zorgvragers zal langer zelfstandig wonen en maken daarmee deel uit van de ‘reguliere’ vraag naar zelfstandige woningen. Het beleid van de gemeente is gericht op herontwikkeling in bestaand stedelijk gebied en het afronden van de Waalsprong en het Waalfront. Per saldo is er in diverse Nijmeegse stadsdelen sprake van een onevenwichtige opbouw met een deel vergrijsde wijken en een deel van de wijken waar het aantal studenten beduidend groter is dan overige bewoners. Tevens is er een structureel tekort aan woningen.
Gelijktijdig is het niet te verwachten dat de verdeling van leeftijdsgroepen in de wijken sterk verandert, omdat de verdeling ook gekoppeld is aan de functies zoals bijvoorbeeld de campus Heyendaal. De referentiesituatie wordt daarom negatief beoordeeld.
🙁 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
35
Projectgerelateerd
3.8.4
Waardering leefomgeving
In 2017 waardeerden Nijmegenaren de stad als woon- en leefgemeente met een 7,7 (in 2015 was dit 7,6) (stadsmonitor). Ruim een derde van de Nijmegenaren ziet vooruitgang in de stad, slechts 11% achteruitgang. De waardering van de stad is licht hoger dan in 2013 en 2015. Dit komt vooral omdat meer Nijmegenaren de stad mooi vinden, de binnenstad aantrekkelijk vinden, gehecht zijn aan en trots zijn op de stad.
Figuur 25: waardering Nijmegen (Stads- en wijkmonitor)
Het percentage Nijmegenaren dat zich in de buurt vaak of soms onveilig voelt is de laatste jaren geleidelijk aan het dalen. In 2017 geeft 2% aan zich ‘vaak’ onveilig te voelen en 13% ‘soms’. Het percentage Nijmegenaren dat zich vaak of soms onveilig voelt in de buurt is aan het afnemen. De meest genoemde redenen voor de onveiligheidsgevoelens zijn: ▪ mensen in de buurt die men vanwege hun gedrag niet vertrouwt; ▪ groepen jongeren op straat; ▪ drugsdealers/drugsverslaafden; ▪ donkere/slecht verlichte plaatsen.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
36
Projectgerelateerd
Figuur 26: onveiligheidsbeleving (Stads- en wijkmonitor)
Vanwege bovenstaande waarderingen van de leefomgeving wordt de huidige situatie positief beoordeeld. Er zijn geen aanwijzingen dat dit autonoom anders wordt, dat men de stad bijvoorbeeld minder mooi vindt of de binnenstad minder aantrekkelijk. De referentiesituatie wordt daarom eveneens als positief beoordeeld.
😊 3.8.5
Samenvatting leefomgeving
Nijmegen is een prettige stad om te wonen, dit blijkt uit de leefbaarheidsscore en de waardering van de stad. Er zijn echter ook aandachtspunten, want in enkele wijken blijft de leefbaarheid achter. Daarnaast kennen diverse wijken in de stad een onevenwichtige verdeling van bewonersgroepen waardoor de diversiteit in die wijken relatief beperkt is. Er is sprake van een structureel tekort aan woningen. Dit tekort blijft ondanks de voorgenomen versnelling in huidige beleid bestaan.
3.9
Economie
3.9.1
Werkgelegenheid
Voor ondernemers is het moeilijk om personeel te vinden in sectoren als transport en logistiek, ICT, bouw, zorg en horeca. In 2018 had Nijmegen 100.580 arbeidsplaatsen. De arbeidsmarkt is in veel sectoren vrij krap, wat betekent dat er meer vacatures zijn dan geschikte kandidaten. De economie krijgt steeds meer de vorm van een zandloper: veel vraag naar praktisch én theoretisch opgeleide mensen, maar een afname in de middenklasse. En het zijn vooral de MBO’ers in administratieve beroepen onder de middengroepen (méér dan de personen met een havo- of vwoopleiding) die risico lopen (Platform 31). Er is momenteel voldoende werkgelegenheid, zelfs meer dan geschikte kandidaten. De verwachting is echter dat dit uiteindelijk uit de pas gaat lopen, omdat middenklasse-banen wegvallen. De werkgelegenheid in autonome situatie krijgt daarom een neutrale beoordeling.
😐 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
37
Projectgerelateerd
3.9.2
Bijdrage economische ontwikkeling
Het Nijmeegse ondernemersklimaat staat er goed voor volgens waarderingen van ondernemers en gegevens uit diverse statistieken en krijgt gemiddeld een 6,6. Onderdelen die goed beoordeeld worden, zijn: bereikbaarheid met openbaar vervoer, de nabijheid van kennisinstellingen en toeleverende/afnemende bedrijven. De bereikbaarheid van de stad per auto en de gemeentelijke regelgeving worden minder gewaardeerd. Deze uitkomsten zijn gebenchmarkt, in andere steden was het gemiddelde 6,2.
Figuur 27: Monitor Vestigingsklimaat
Bedrijventerrein De Grift biedt ruimte voor gemengde bedrijvigheid en logistiek. Voor detailhandel zijn er twee locaties die ontwikkeld worden in de nabije toekomst: Hof van Holland en Ressen. In de regio Arnhem – Nijmegen zijn de afgelopen jaren behoorlijk wat hectares bedrijventerrein uitgegeven. Gezien de huidige economische groei is het de verwachting dat er in de nabije toekomst het bestaande aanbod niet meer toereikend is. In augustus 2019 was er nog 29 ha bedrijventerrein voor uitgifte beschikbaar. Veel bedrijven zitten ook op andere locaties in de stad gevestigd dan op bedrijventerreinen. De behoeftes van bedrijven veranderen, de ontwikkeling is van monofunctionele bedrijventerreinen naar meer gemengde woon-werklocaties en bedrijvigheid in woonwijken. Toegankelijkheid met openbaar vervoer wordt ook belangrijker. Het is waarschijnlijk dat de grootste groei in werkgelegenheid niet langer op de bedrijventerreinen of kantoorlocaties plaatsvindt, maar in het centrum en de woonwijken (Monitor Vestigingsklimaat). Kortom: momenteel staat de stad er economisch goed voor, het vestigingsklimaat is goed. Dit staat echter wel onder druk. Er is nog beperk de mogelijkheid tot uitbreiding van bedrijventerreinen en er is weer vraag naar grotere kantoren, met name op de kansrijke toekomstbestendige centrumlocaties.
Ook is er behoefte aan aanvullend aanbod voor kleine kantoorgebruikers (tot 250 m2), binnenstedelijke kantoorlocaties en 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
38
Projectgerelateerd
co-working voor ZZP-ers en culturele ondernemers (Economische visie 2020-2025). Hier is in het bestaande ruimtelijke beleid nog weinig aandacht voor, waardoor er naar verwachting in de nabije toekomst niet genoeg ruimte is om economische groei te accommoderen. Waar in de huidige situatie het ondernemersklimaat enigszins hoger ligt dan het gemiddelde van de benchmark steden (6,6 ten opzichte van 6,2), leidt bovenstaande ertoe dat de autonome ontwikkeling naar verwachting ongeveer gelijk trekt met de benchmark steden. Hierdoor krijgt de economische ontwikkeling in Nijmegen een neutrale beoordeling.
😐 3.9.3
Samenvatting economie
De huidige situatie ten aanzien van de economische ontwikkeling van Nijmegen is redelijk goed. Er is echter meer aandacht nodig voor de ontwikkeling van zowel de werkgelegenheid, als de werklocaties voor een toekomstbestendige economische ontwikkeling.
3.10
Bereikbaarheid
3.10.1 Bereikbaarheid (multimodaal) van werklocaties Dit criterium wordt beoordeeld aan de hand van de Monitor Vestigingsklimaat (zie bijlage 1b) en de algemene waardering die hierin aan de multimodale bereikbaarheid van werklocaties wordt gegeven (zie ook bijlage 1b voor de waardering per locatie). Nijmegen heeft een duidelijke structuur als het gaat om de werkgebieden. Fysiek is TPN-West het grootste werkgebied. Als het gaat om het aantal arbeidsplaatsen is Heyendaal veruit het grootste. Het Stadsdeelcentrum Dukenburg wordt ook gezien als werkgebied. Dit is het enige werkgebied wat ten aanzien van bereikbaarheid via alle vervoersmodaliteiten (auto, fiets, OV en vracht) beter wordt beoordeeld dan het gemiddelde van Nijmegen. Voor Heyendaal valt de goed beoordeelde bereikbaarheid per OV en fiets op. Vooral de binnenstedelijke werkgebieden Binnenstad, Singel en Stationsgebied worden relatief slecht beoordeeld voor de bereikbaarheid met auto en voor vrachtverkeer. De meer perifere gebieden zijn relatief slecht bereikbaar per OV. TPN-West en de De Grift zijn daarnaast ook relatief slecht bereikbaar per fiets. Met het programma Duurzame Mobiliteit en Bereikbaarheid van de regio Arnhem Nijmegen wordt regionaal aan verbetering van de bereikbaarheid door infrastructurele en gedragsmaatregelen gewerkt.
Dit programma kent zes werksporen, gericht op verschillende modaliteiten: ▪ Robuust wegennet (o.a. aanpak knooppunt Bankhoef op de A15, doortrekking A15, verbetering A12); ▪ Betrouwbaar spoor (o.a. aanpak station Nijmegen, ICE-verbinding naar Duitsland via Arnhem); ▪ (H)OV voor iedereen (o.a. intensiveren van hoogwaardig openbaar vervoer, maar ook de ontsluiting van werkgelegenheidsgebieden); ▪ Aantrekkelijk fietsnetwerk (ontwikkeling van een regionaal netwerk van snelle fietsroutes, bijvoorbeeld een nieuwe snelfietsroute tussen Arnhem en Nijmegen via Elst); ▪ Slim en Schoon Onderweg (programma met 17 projecten om gedragsverandering in gang te zetten, o.a. via de werkgeversaanpak, logistieke makelaars en campusaanpak); ▪ Verkeersveilige omgeving (verbetering van de verkeersveiligheid in de regio). Hiervoor is een intensieve samenwerking aangegaan tussen de regio Arnhem Nijmegen en de provincie Gelderland, Rijkswaterstaat, Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en VNO/NCW. De verwachting is dat hierdoor de bereikbaarheid van Nijmegen, inclusief de werkgebieden, op peil kan blijven, ondanks de groei van de regio. In de huidige situatie zijn de werkgebieden niet voor alle modaliteiten goed bereikbaar,
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
39
Projectgerelateerd
meestal wel voor enkele modaliteiten. In de huidige situatie is er soms ook sprake van filevorming in de spits, al is dat iets dat nooit zal oplossen. Wel worden diverse maatregelen ingezet om werknemers met een ander vervoersmiddel (zoals de fiets of het OV) te laten reizen, of buiten de spits te laten rijden, waar nog voldoende wegcapaciteit beschikbaar is. Het spreiden van de collegetijden van de Radboud Universiteit en de HAN op de campus Heyendaal is daarvan een goed en succesvol voorbeeld dat landelijke erkenning heeft gekregen. Als gevolg van toenemende verkeersintensiteiten zal de bereikbaarheid altijd een uitdaging blijven. De multimodale bereikbaarheid van vrijwel alle werklocaties kent een aandachtspunt voor één of enkele modaliteiten, maar de gemiddelde waardering in de huidige situatie is redelijk positief. De autonome ontwikkelingen op dit vlak geven echter aan dat de bereikbaarheid een uitdaging blijft. Daarom volgt per saldo een neutrale beoordeling.
😐 3.10.2 Bereikbaarheid over weg en water De bereikbaarheid van Nijmegen staat onder druk (ambitiedocument Mobiliteit 2019). Daar komt bij dat naar verwachting het aantal inwoners tot 2035 groeit met 10 tot 15% en dat er circa 15.000 banen bij komen in Nijmegen. De doorstroming tijdens de spitsuren staat nu al regelmatig onder druk, dus deze groei zou betekenen dat de hele stad vast komt te staan als we uit blijven gaan van automobiliteit. Filevorming is onder andere afhankelijk van het regionale verkeersstelsel. Met het regionale programma Duurzame Mobiliteit en Bereikbaarheid wordt zowel de verduurzaming van de mobiliteit als de verbetering van de doorstroming beoogd. Doorstroommaatregelen zijn onder andere het doortrekken van de A15 en aanpak A50 knooppunt Bankhoef, maar ook de bevordering van slimme efficiënte stadslogistiek. Voor het op peil houden van de doorstroming is het nodig om werkgevers en werknemers te stimuleren om buiten de spits te rijden en over te stappen op een ander vervoersmiddel zoals de fiets of de bus. Naast stimuleren zal de gemeente hiervoor ook faciliteiten bieden, zoals kwalitatief hoogwaardig vervoer, snelle fietsroutes en goede overstap- en overslagpunten. Ondanks deze maatregelen verwacht de gemeente dat de drukte tijdens piekuren blijft toenemen.
In de toekomst kan het dan ook nodig zijn om de capaciteit op de invalswegen te begrenzen (doseren) om de leefbaarheid in de stad niet verder onder druk te zetten en de doorstroming op de S100 te kunnen garanderen. De bereikbaarheid van Nijmegen en haar economische kerngebieden betreft niet alleen de bereikbaarheid via de weg en het spoor. Door de situering aan de Waal vormt de haven een belangrijke spil in het (inter)nationale goederenvervoer per water. Het vervoer via het water is een goed alternatief voor een deel van het lange afstandsvervoer per weg. De gemeente streeft dan ook naar een versterking van de inzet van de rivier. In de referentiesituatie verbetert de bereikbaarheid op regionaal niveau als gevolg van de inzet op grote infrastructurele maatregelen, OV en fietsnetwerken. Lokaal blijft de bereikbaarheid van diverse locaties (over de weg) onder druk staan als gevolg van een toenemende druk op de doorstroming (zie ook onderstaande figuur) op de S100 en het benodigde doseren op de randen van de stad. Hierdoor is het de verwachting dat de doorstroming in 2030 bij ongewijzigd beleid als slecht moet worden beschouwd. Dit wordt als een risico gezien voor de bereikbaarheid van Nijmegen.
🙁
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
40
Projectgerelateerd
Figuur 28: Toename intensiteiten autoverkeer bij ongewijzigd beleid (Mobiliteitsvisie)
3.10.3 Samenvatting bereikbaarheid In de huidige situatie is de bereikbaarheid van Nijmegen redelijk goed. Voor het wegverkeer vooral ook door de recente realisatie van de Oversteek, maar ook voor de fiets. De bereikbaarheid komt echter onder druk te staan. De doelstelling van het mobiliteitsbeleid is om het gebruik van alternatieve vervoersmiddelen te vergroten. Door uitvoering van het Programma Hoogfrequent Spoor, aanleg snelfietspaden en elektrificeren van de Maaslijn zal het comfort en de capaciteit van deze alternatieven in de toekomst verder toenemen. Gezien de groei van het aantal inwoners en het aantal banen blijft de bereikbaarheid een belangrijk aandachtspunt.
3.11
Recreatie
3.11.1 Recreatiemogelijkheden Voor recreatie zijn enerzijds recreatieplekken in de stad en anderzijds de toegang tot recreatieplekken buiten de stad van belang. Binnen de stad liggen sport- en speelplekken gelijkmatig over de stad verdeeld. Daarnaast zijn er veel groene (ontmoetings)plekken door de stad verspreid. Binnen de gemeente ligt een fijnmazig fietsnetwerk, dat ook toegang tot het buitengebied biedt. Buiten de gemeente liggen verschillende recreatiegebieden op korte afstand (<10 km), zoals de Ooijpolder, Berendonck, park Lingezegen en Watergoed. 11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
41
Projectgerelateerd
De verbinding met het buitengebied wordt enigszins belemmerd door barrières, zoals de Graafseweg, de spoorkuil, het kanaal en de Waal. Over het kanaal en de Waal zijn weinig bruggen. Tegelijkertijd biedt het water ook aantrekkelijke plekken in de stad. Concluderend kan gezegd worden dat er in en nabij Nijmegen genoeg hoogwaardige recreatiemogelijkheden zijn. Dit onderdeel wordt positief beoordeeld.
😊 3.11.2 Cultureel erfgoed Nijmegen is de oudste stad van Nederland en de geschiedenis is door de hele stad zichtbaar. De roerige geschiedenis van de stad komt goed naar voren in de binnenstad waar gebouwen uit verschillende tijdsperioden tegenover elkaar staan. Op de cultuurhistorische beleidskaart van de gemeente Nijmegen staan de beschermde en waardevolle gebieden weergegeven. Gebiedstype 4 zijn gebieden met hoge cultuurhistorische waarde. Gebiedstype 4 is beschermd, hier is het beleid gericht op het behouden en beschermen van de cultuurhistorische waarden, dit betreft 7% van de gemeente Nijmegen. Gebiedstype 2 en 3 moeten nieuwe ontwikkelingen cultuurhistorische waarden als uitgangspunt voor de ontwikkeling meenemen. Samen bevatten deze 43% van de gemeente. In totaal moet er in de helft van de gemeente speciale aandacht aan cultuurhistorie gegeven worden in ruimtelijke planvorming.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
42
Projectgerelateerd
Figuur 29: Cultuurhistorische beleidskaart en uitleg per categorie (Nota Cultureel Erfgoed)
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
43
Projectgerelateerd
Daarnaast heeft de gemeente beleid gericht op het behouden van gebouwde monumenten. Voor het behoud vindt de gemeente Nijmegen het belangrijk dat de monumenten ook toekomstbestendig zijn. Dit betekent dat er passende functies in de gebouwen moeten zijn, zodat gebouwen gebruikt blijven worden en dat de panden verduurzaamd worden. Er is veel cultureel erfgoed in de stad en de gemeente heeft beleid om dit erfgoed te benutten en te betrekken in ruimtelijke ontwikkelingen. Voorbeelden hiervan zijn zichtbaar in de stad. De verwachting is dat dit beleid autonoom goed doorwerkt. Dit leidt tot een positieve beoordeling.
😊 3.11.3 Samenvatting recreatie Op het gebied van recreatie staat de gemeente er zowel in de huidige situatie als de referentiesituatie er goed voor. Er is een breed scala aan recreatiemogelijkheden in de gemeenten en in de directe omgeving. Daarnaast heeft de gemeente het cultureel erfgoed goed bij de ontwikkeling van de stad betrokken. Dit creëert waarde voor toerisme en recreatie.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
44
Projectgerelateerd
4
Effectbeoordeling en -vergelijking
Bij de ontwikkeling van de Omgevingsvisie zijn verschillende opgaven gehanteerd. Deze opgaven zijn gevisualiseerd in een kaartbeeld en besproken met diverse stakeholders en de inwoners. De kaarten van de opgaven zijn opgenomen als bijlage 2 bij dit OER. In dit hoofdstuk worden de opgaven kort beschreven. Vervolgens worden de effecten van de opgaven/alternatieven op de leefomgeving beschreven.
4.1
Opgaven in de aanloop van de Omgevingsvisie
In vier opgaven zijn de mogelijkheden voor de ontwikkeling van de stad verkend. Voor elk van de hoofdthema’s is één toekomstbeeld geschetst die volledig inzet op de ambities die bij dit thema horen. Uitgangspunt bij iedere opgave is dat de gemeente de groei van het aantal inwoners accommodeert. In opdracht van de Gemeente Nijmegen is een verkenning uitgevoerd naar de ruimtevraag van de toekomst en is met een breed team vanuit de gemeente gewerkt aan het definiëren van de opgave, de oplossingsrichtingen en de afwegingen. Dit traject liep parallel aan de totstandkoming van de Omgevingsvisie. Deze verkenning naar mogelijke toekomstrichtingen voor Nijmegen, uitgevoerd door bureaus SITE en Brink, laat zien welke ruimte er is om deze dynamiek een plek te geven (zie ook bijlage 6). De resultaten van deze studie geven aan dat het uitgangspunt dat bij iedere opgave de groei kan worden geaccommodeerd realistisch is. De belangrijkste punten uit de opgaven worden hieronder toegelicht. Sociaal en gezonde stad De kaart met de belangrijkste opgaven is weergegeven in bijlage 2.1 en onderdeel van Stad in Beeld van de Omgevingsvisie. Deze opgave richt zich op inclusieve stad, voorzieningen, bewegen, spelen en gezondheid. Een stad waarin de inwoner centraal staat en iedereen mee kan doen. Waar rekening wordt gehouden met anderen en aandacht is voor wie hulp nodig heeft.
Een stad ook met een passend voorzieningenniveau in alle wijken en een gezonde omgeving die bewegen en sociaal actief zijn stimuleert en faciliteert. Voor voorzieningen wordt in een aantal wijken de behoefte aan voorzieningen onderzocht. In de Waalsprong wordt een nieuw winkelgebied gerealiseerd. Om bewegen en ontmoeten te bevorderen worden er beweegroutes, parklinten en groene verblijfsgebieden gemaakt. Tussen de wijken komen meer fietsroutes en vanaf de stations aantrekkelijke looproutes. De verbinding met het buitengebied wordt ook verbetert. Binnen de stad wordt ingezet op groen. Ten slotte wordt ook een nieuwe locatie voor een zwembad gezocht. Voor automobiliteit wordt de S100 gebruikt voor doorgaand verkeer. Het gebied dat omsloten wordt door de S100 wordt autoluwer gemaakt. Ten slotte krijgt de wijk Dukenburg extra aandacht. Met de bewoners gaat de gemeente onderzoeken hoe de wijk versterkt kan worden door verbetering van het woningaanbod en versterking van de voorzieningen. Aantrekkelijke stad De kaart met de belangrijkste opgaven is weergegeven in bijlage 2.2 en onderdeel van Stad in Beeld van de Omgevingsvisie. Deze opgave is vooral gericht op het culturele aanbod/klimaat, de cultuurhistorische rijkdom, de levendigheid, het aantrekkelijke woonklimaat, het vestigingsklimaat voor bedrijven en de regionale functie van de stad. De woonopgave krijgt hier ook een plek in.
11 juni 2020
AANGEVULD OER OMGEVINGSVISIE NIJMEGEN
BG9482TPRP2006111353
45
Projectgerelateerd
De historische kernen en cultuurhistorisch belangrijke gebieden worden beschermd en de geschiedenis blijft herkenbaar in de stad. De groene plekken worden zo ingericht dat ze gebruikt kunnen worden voor bewegen, spelen en ontmoeten. De gebieden langs het kanaal worden een plek voor wonen, werken en ontmoeten. Rondom de Waal wordt een levendig en vernieuwend gebied gemaakt voor wonen en recreatie. Verder zijn er sterlocaties aangewezen die extra aandacht verdienen. Het gaat om Veur-Lent, NYMA en Honig, de Romeinse Limeslocaties en het stationsgebied. Economisch veerkrachtige stad De kaart met de belangrijkste opgaven is weergegeven in bijlage 2.3 en onderdeel van Stad in Beeld van de Omgevingsvisie. In deze opgave groeit de stad en komen er meer banen bij om de welvaart en sociale voorzieningen te behouden. Deze opgave kijkt vanuit het perspectief van ondernemers naar de stad en het vestigingsklimaat. Nijmegen blijft investeren in de kracht van sterke clusters van bedrijven in Health en High Tech. Voor andere belangrijke groeisectoren is er ook ruimte, zoals logistieke dienstverlening (de Grift), ICT/zakelijke dienstverlening (stations) en circulaire economie (o.a. ENGIE) en maakindustrie (TPN West). Bij de (kanaal-)havens kunnen bedrijven die gebruikmaken van water zich ontwikkelen. Er wordt ruimte gemaakt op toekomstbestendige werklocaties voor extra werkgelegenheid.