Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3_Toelichting
Tekst van het document
bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek TunnelwegKoninginnelaan) Toelichting Versie: vastgesteld
Colofon bestemmingsplan
Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek TunnelwegKoninginnelaan) IDN: NL.IMRO.0268.BP5503-VG01 Gemeente Nijmegen
Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl
Toelichting
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
3
4
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Inhoudsopgave Toelichting
Toelichting
3
Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer
7 7 7 7 8
Hoofdstuk 2 2.1 2.2
Planbeschrijving Beschrijving huidige situatie Beschrijving toekomstige situatie
11 11 13
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3
Beleidskader Relevant rijksbeleid Relevant provinciaal beleid Relevant gemeentelijk beleid
23 23 26 27
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15
Sectorale aspecten Stedenbouwkundige /landschapelijke aspecten M.e.r.-beoordeling Bedrijven en milieuzonering Geluid Luchtkwaliteit Ruimtelijke veiligheid Bodem Water Flora en Fauna Cultuurhistorie en archeologie Verkeer en parkeren Kabels en leidingen Trillingen Windhinder Klimaat en Duurzaamheid
31 31 32 33 36 40 42 48 53 56 63 73 77 77 77 78
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3
Juridische planbeschrijving Inleiding Systematiek van de planregels Beschrijving per bestemming
81 81 81 81
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
83
Hoofdstuk 7 7.1 7.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid Inspraak Overleg
85 85 85
Bijlagen bij toelichting Bijlage 1
Ladderonderbouwing
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
5
Bijlage 2
Notitie Hoogbouw
Bijlage 3
Bezonningsstudie
Bijlage 4
Aanmeldingsnotitie m.e.r.
Bijlage 5
Trillingsonderzoek
Bijlage 6
Akoestisch onderzoek
Bijlage 7
Aanvullende Notitie Geluid DGMR
Bijlage 8
Risico spoor op plangebied, 21 juli 2022
Bijlage 9
VRGZ advies
Bijlage 10
Notitie stikstofdepositie, 16 februari 2023
Bijlage 11
Quickscan Flora en Fanua, 25 maart 2019
Bijlage 12
Aanvullend onderzoek vleermuizen en steenmarters, 4 november 2019
Bijlage 13
Quickscan Wnb, 6 oktober 2022
Bijlage 14
Nader onderzoek Wnb, 29 september 2023
Bijlage 15
Windhinder
Bijlage 16
Windhinder, aanvullende notitie
Bijlage 17
Zienswijzennota
6
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
Met het plan wordt beoogd om op de locatie van het voormalige UWV-kantoor een hoogwaardige vastgoedontwikkeling mogelijk te maken. Het gebied heeft momenteel een laagwaardige ruimtelijke kwaliteit en uitstraling, mede door het leegstaande voormalige UWV-kantoor aan de Koninginnelaan 164. Dit kantoorgebouw, gelegen op een strategische locatie binnen de Nijmeegse stationsomgeving, wordt herontwikkeld tot een hoogwaardig hotel, coworking spaces, commerciële functies (o.a. horeca) en wonen. Onder het nieuwe gebouw wordt een parkeergarage voorzien voor de bewoners/gebruikers met een in- en uitgang aan de Fresiastraat.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
De locatie van het voormalig UWV - gebouw bevindt zich aan de westkant van het spoor in de wijk Wolfskuil en wordt begrensd door de Tunnelweg, de Koninginnelaan, Fresiastraat en een gemeentelijke kavel. Op onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied in de directe omgeving weergegeven. De exacte begrenzing van het plangebied is ingetekend op de verbeelding van dit bestemmingsplan.
Figuur 1. Ligging plangebied en omgeving, plangebied indicatief rood omkaderd. Direct ten noordwesten van het plangebied ligt het verkeerspunt dat ook bekendstaat als de 'Vijfknoop', vanwege de vijf wegen die hier samenkomen (Tunnelweg, Marialaan, Tweede Oude Heselaan, Krayenhofflaan en Koninginnelaan).
1.3
Vigerend bestemmingsplan
Het vigerend bestemmingsplan betreft het bestemmingsplan 'Nijmegen Centrum Stationsomgeving'. Dit bestemmingsplan is door de raad op 12 december 2012 vastgesteld; het plan is geheel onherroepelijk in werking.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
7
Figuur 2. Uitsnede bestemmingsplan 'Nijmegen Centrum - Stationsomgeving', plangebied indicatief rood omkaderd.
De beoogde ontwikkeling past niet in het vigerend bestemmingsplan, omdat de toegestane gebruiksfuncties en bouwmogelijkheden op grond van de vigerende bestemmingen niet toereikend zijn. Er gelden voor de onderhavige locatie momenteel de bestemmingen Kantoor en Gemengd -1. Daarnaast geldt voor een deel van het plangebied de dubbelbestemming Waarde Archeologie 2. Rondom het voormalige UWV-gebouw is een bouwvlak ingetekend met een maximale bouw- en goothoogte van 25 meter. In het midden bevindt zich nog een bouwvlak, ter plaatse van de reeds gesloopte basisschool. Onderhavige bestemmingsplanherziening vormt vanwege deze strijdigheid met het vigerend bestemmingsplan het juridisch en planologisch kader voor de beoogde ontwikkeling.
1.4
Leeswijzer
Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en gaat vergezeld van een toelichting. De planregels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. De toelichting bestaat uit een planbeschrijving met (separate) bijlagen. De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit zeven hoofdstukken. De opbouw van de hoofdstukken is zodanig dat er sprake is van een logische volgorde in vraagstelling (wat, waarom, waar, hoe, etc.). Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 'Planbeschrijving'. Dit gaat in op de beschrijving van de huidige situatie van het plangebied en directe omgeving. Daarnaast worden de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt op een rij gezet. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het relevante beleid op Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. Daarbij wordt bekeken of de voorgestane ontwikkeling in lijn is met dit beleid. In hoofdstuk 4 wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. Vanuit de verschillende van invloed
8
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
zijnde haalbaarheidsaspecten zoals externe veiligheid, luchtkwaliteit en water wordt in dit hoofdstuk beschreven waarom de ontwikkeling die voorliggend bestemmingplan mogelijk maakt, uitgevoerd kan worden. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet toegelicht. Er wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe hetgeen in voorliggend plan is vastgelegd juridisch wordt geregeld. Hoofdstuk 6 geeft inzicht in de economische uitvoerbaarheid van het plan. In het laatste hoofdstuk van dit bestemmingsplan wordt verslag gedaan van het (voor)overleg en de zienswijzen.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
9
10
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Hoofdstuk 2 2.1
Planbeschrijving
Beschrijving huidige situatie
Het voormalig UWV gebouw staat leeg en heeft een vorm en hoogte die weinig aansluit op de laagbouw en omgeving van het tuindorp Wolfskuil. Door de leegstand verloedert niet alleen het gebouw maar ook de direct aangrenzende omgeving. Dit geeft een naargeestige uitstraling en sfeer als onderdeel van de stationsomgeving aan de westzijde.
Figuur 3. Plangebied vanuit zuid-oosthoek bezien, voorgrond braakliggend, achtergrond UWV-pand.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
11
Figuur 4. Entree parkeerterrein voormalig UWV-kantoor aan de Fresiastraat.
Figuur 5. Entree voormalig UWV-kantoor op de hoek Koninginnelaan - Tunnelweg.
12
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Figuur 6. Aanzicht voormalig UWV-kantoor vanaf Tunnelweg. Het plangebied is aan de zijden van de Fresiastraat, Koninginnelaan en Tunnelweg omzoomd door een groenstrook, met enkele bomen, struiken en hagen. Het groen heeft een kwalitatief laagwaardige uitstraling. De Fresiastraat en de parkeervoorziening bij het voormalige UWV-kantoor wordt nog gebruikt voor het parkeren. De Fresiastraat begrenst het plangebied aan de zuidzijde en loopt in de huidige situatie dood ter hoogte van de voormalige basisschool nabij de groene helling richting het spoor. Het plangebied grenst aan de oostzijde aan de met struiken begroeide helling, waarop het spoor en het station zijn gelegen. In de huidige situatie is er echter geen toegang tot het station vanaf deze zijde. Om het station te bereiken moet men eerst via de Tunnelweg onder het spoor en station door, om vervolgens via de Spoorstraat of de Burgemeester Hustinxstraat het hoogteverschil te overbruggen en het station via de oostkant te bereiken.
2.2
Beschrijving toekomstige situatie
2.2.1
Aanleiding
De komende jaren gaan het station en de stationsomgeving van Nijmegen Centraal flink op de schop. Deze ingrijpende verandering biedt kansen. Onder meer voor de aan de westkant gelegen oude UWV-locatie. Hier willen de gemeente Nijmegen en eigenaar van de voormalige UWV-locatie samen bouwen aan hoogwaardige vastgoedontwikkeling. De Nijmeegse stationsomgeving verandert in rap tempo. Aan de centrumkant van het Centraal Station komen extra fietsenstallingen en nieuwe looproutes naar de binnenstad. Ook werken we aan verbetering van het busvervoer. Aan de westkant van het station trekken we de perrontunnel door naar een extra perron en het talud, zodat ook hier een volwaardige
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
13
stationsentree ontstaat.
2.2.2
Functies
De hierboven beschreven herontwikkeling van de UWV-locatie wordt hoofdzakelijk voorzien in het plangebied. Het voorliggende bestemmingsplan ziet op het planologisch-juridisch mogelijk maken van het gewenste gebruik. Het plan voorziet daarom in de volgende onderdelen/functies: Wonen, inclusief maximaal 10 atelierwoningen, tot een maximum aantal van 490 woningen; Hotel en/of studentenhotel (tot maximaal 7.000 m2 bvo), incl. enige ondersteunende horeca, vergaderzalen; Horeca/restaurant (maximaal 700 m2 vvo); Co-working spaces (maximaal 1.000 m2 bvo); Overig commercieel programma, in plint (maximaal 300 m2 bvo); Ondergrondse parkeergarage.
Wonen Vanwege de tekorten aan betaalbare woningen wordt voor deze locatie gekozen voor een groot aandeel sociale en middeldure huurwoningen (65%). Hiermee wordt ruimte geboden voor onder andere studenten en een groeiende groep Nijmegenaren op de woningmarkt die niet in aanmerking komen voor een sociale woning of een koopwoning. Daarnaast wordt ruimte geboden voor de ontwikkeling van vrije sector woningen. Middeldure huurwoningen in het Westerkwartier hebben een huurprijs passend bij het aantal punten uit het Woningwaarderingstelsel (WWS). Met zijn stedelijke uitstraling en ligging vlakbij station en centrum sluit de UWV-locatie goed aan bij de woonwensen van juist deze, vaak wat jongere, doelgroepen.
Bedrijvigheid Waar termen als ‘druk’ en ‘hip’ de centrumkant van het station typeren, laat de westelijk gelegen en minder op de binnenstad gerichte UWV-locatie zich als ‘rustig en zakelijk, zonder saai te zijn’ omschrijven. Die kenmerken vormen ook de uitgangspunten van het nieuwe programma. De uitstekende bereikbaarheid per openbaar vervoer en de nabijheid van de aantrekkelijke Nijmeegse binnenstadmaken de UWV-locatie geschikt voor de vestiging van een hotel. Het hotel is lopend vanaf het station snel bereikbaar, net als de historische binnenstad. Wie ‘zakelijk karakter’ zegt, zegt al snel bedrijfsruimtes. Of in dit geval: ‘co-working spaces’. Mensen kunnen hier werken, met elkaar overleggen of vergaderen. Zeker voor een stad als Nijmegen waar veel hoogopgeleiden wonen en treinreizigers doorheen komen, zijn co-working spaces een uitkomst. Ook zijn de ruimtes ideaal voor mensen die voor hun werk niet aan tijd of plaats zijn gebonden, zoals zzp-ers, freelancers en expats. Ook (economisch) geschikt in het licht van vastgoedontwikkeling aan de westkant van het station is de komst van kleinschalige horeca, detailhandel en commerciële dienstverlening. Let wel: het gaat hier om een beperkt aantal vestigingen in de plint van de nieuwe bebouwing. Idee is dat deze kleinschalige bedrijfjes (dus niet grootschalig) voor meer ‘reuring’ en levendigheid in de omgeving zorgen.
Ook dragen gebouwen waar overdag mensen aanwezig zijn, bij aan het
14
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
gevoel van sociale veiligheid. Momenteel zijn er geen concrete plannen om kantoren of vrijetijds-vestigingen (leisure) een plekje te geven op de UWV-locatie. Nijmegen-West heeft genoeg supermarkten en winkels voor dagelijkse boodschappen. Deze functies staan dan ook niet in het herontwikkelingsprogramma.
2.2.3
Stedenbouwkundige uitwerking
Gebied met potentie Lange tijd waren er voor de westkant van het station weinig herontwikkelingsmogelijkheden, mede gezien de ongewisse toekomst van deze strategische locatie. Met de komst van een 'echte' stationsingang, verdient het aandacht om de potentie van juist dit stukje Nijmegen opnieuw te beoordelen. Al in 2012 is in de 'Ontwikkelingsvisie Nijmegen Centraal' een beeld van de herontwikkeling van de stationsomgeving geschetst. Intussen zijn verschillende plannen gerealiseerd. Beschrijving toekomstige situatie De stationsomgeving als knooppunt van mobiliteit en leefbaarheid leent zich goed voor een intensief programma met een mix aan functies op het gebied van wonen en werken. Het 'UWV-locatie-programma' zorgt voor levendigheid en maakt de transformatie van het station (mede) financieel haalbaar. Daarnaast creëert 'massa' en 'hoogte' aan de westkant van het spoor een nieuwe ruimtelijke beleving en draagt bij aan een herkenbare en hoogwaardige entree van het nieuwe Westerkwartier. In de gemeentelijke visie is het passender om bij nieuwbouw het hoogteaccent meer te koppelen aan de nieuwe westelijke stations entree en lager te bouwen richting de laagbouw aan de Koninginnelaan (Wolfskuil).
Om dit voor elkaar te krijgen is gekozen voor een integrale benadering en oplossing waar de grondeigenaar van de UWV-locatie (van Herk groep), gemeente Nijmegen, Prorail en NS bij betrokken zijn geweest. Concreet betekent dit voor het bouwplan een bouwhoogte tot 71 meter van het hoogte accent ten opzichte van het aangrenzend maaiveld om zo aan te haken bij de hoogte van de toekomstige Metterswanetoren aan de oostkant van het station als twee markeringen van de stationszijden. Verder laten we de bouwhoogte richting Koninginnelaan geleidelijk aflopen naar een hoogte van 4 en 5 bouwlagen zodat sprake is van een passende aansluiting op de hier aanwezige laagbouw. Verder is het van belang dat de 'plint' van het gebouw (begane grond zone) een bijdrage levert aan de beoogde levendigheid van de direct aangrenzende openbare ruimte. Dit komt de sociale veiligheid en leefbaarheid ten goede. Zo zijn er langs alle zijden van het gebouw entrees van woningen en andere voorzieningen (o.a. hotel en horeca ) aangebracht. De openbare ruimte rondom het gebouw en richting de aangrenzende nieuwe station entree is primair gericht op de voetganger. Om dit te kunnen realiseren dient het bewoners parkeren opgelost te worden in een parkeergarage op eigen terrein. Tevens dient het oplossen van het fiets parkeren integraal 'meegenomen' te worden ( zie ook paragraaf mobiliteit).
Hoog bouwen met beleid Gezien het beperkte aantal vierkante meters en het plan om deze meters optimaal te gebruiken, bouwen we zoveel mogelijk in de hoogte. Dat heeft gevolgen. Zo draagt de komst van (extra) hoogbouw in de stationsomgeving onder meer bij aan een intensiever OV-gebruik en vermindering van automobiliteit. Ook levert 'hoogte' een bijdrage aan de leesbaarheid van de
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
15
stad (zichtlijnen) en haar stedelijke structuur. Recente voorbeelden in de spoorzone zijn de hoogbouw aan de Graafseweg, Talia, Nimbus en de Handelskade. En daar komen straks de Hezelpoorttoren en de geplande hoogbouw op de UWV-locatie bij. In ons groene, duurzame en sociale Nijmegen hebben we extra oog voor invulling van de buitenruimte bij intensieve nieuwbouwprojecten, zoals op de UWV-locatie. In dit geval denken we bijvoorbeeld aan de aanleg van groene daken, gevelgroen en geveltuinen. Groen brengt verkoeling, vangt overtollig regenwater beter op en absorbeert geluid in tegenstelling tot (stenen) binnenplaatsen en balkons. Verder trekt groen vogels, vlinders en insecten aan, waarmee het de biodiversiteit versterkt. Op basis van de stedenbouwkundige uitgangspunten, volumestudies en gebruikmakend van de hoogteverschillen binnen het plangebied is aan de hand van een voorlopig ontwerp het toekomstig bouwprogramma uitgewerkt.
Figuur 7. Impressie van de aansluiting Tunnelweg en westelijke stationsentree.
16
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Figuur 8. Impressie van de aansluiting Fresiastraat, westelijke stationsentree en spoelzandwaaier waarop spoor is gelegen.
De voetafdruk van het nieuwe plan komt er op hoofdlijnen als volgt uit te zien, waarbij de vorm van het pand zich schikt naar de vorm van het perceel en voldoende ruimte laat voor openbare ruimte en ontsluitingen op de omliggende wegen. Vanaf de Koninginnelaan in het westen loopt het terrein af richting de zandwaaier, waarop het spoor is gelegen. Het plan speelt in op deze hoogteverschillen.
Figuur 9. Schetsontwerp beoogde situatie.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
17
De onderstaande afbeelding geeft een impressie van het aanzicht van dit voorplein bij de stationsentree.
Figuur 10. impressie van het aanzicht van het stationsplein De UWV-locatie grenst aan een groen spoortalud (zandwaaier) dat deel uitmaakt van de gemeentelijke hoofdgroenstructuur en een ecologische verbindingszone. Deze zone loopt vanaf de Waal langs het spoor door tot aan Park Brakkenstein en vervolgens verder naar Groesbeek. Van het spoortalud wil de gemeente Nijmegen een groene, voor iedereen toegankelijke zoom maken. De rest van de buitenruimte zal qua inrichting aansluiten bij de nieuwe stationsentree. Het bouwplan biedt plaats aan een verscheidenheid aan functies. Deze functies zullen geclusterd in het nieuwe gebouw worden ondergebracht en via verschillende entrees toegankelijk zijn om ruimtelijke en functionele scheiding in het plan aan te brengen. De onderstaande figuren tonen waar in het gebouw welke functies een plek zullen krijgen en via welke zijde deze functies toegankelijk zijn. Zo zijn de hoogbouw appartementen toegankelijk vanaf de Tunnelweg en zijn de laagbouwappartementen toegankelijk vanaf de Koninginnelaan. Het hotel krijgt een entree aan het nieuwe stationsplein en de toerit voor de parkeervoorziening wordt aan de zuidzijde aan de Fresiastraat voorzien. De commerciële functies in de plint rondom het gebouw zijn direct in de plint toegankelijk.
18
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Figuur 11. Globale verdeling programma.
De vastgoedontwikkeling op de voormalige UWV-locatie staat niet op zichzelf en is met oog voor de locatie en ligging in de stedelijke structuur tot stand gekomen. De onderstaande afbeeldingen tonen het nieuwe gebouw en de aansluiting op de omliggende bebouwde omgeving.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
19
Figuur 12. Nieuwbouw aansluitend op de bestaande omgeving, ruimtelijke verbinding in bouwhoogtes.
Figuur 13. Nieuwbouw aansluitend op de bestaande omgeving, begeleiding tunnelweg richting stationsentree.
20
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Figuur 14. Nieuwbouw aansluitend op de bestaande omgeving, aansluiting op tuinstad Wolfskuil
Figuur 15. Nieuwbouw aansluitend op de bestaande omgeving, aansluiting op nieuwe stationsentree
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
21
Figuur 16. Nieuwbouw aansluitend op de bestaande omgeving, aansluiting op openbare ruimte Samenvattend kan worden gesteld dat voor realisatie van het plan een flinke bouwmassa dichtbij het spoor nodig is. Waarbij de hoogbouw een ‘visuele relatie’ aangaat met die aan de oostkant van het spoor, te weten de Nimbus-toren en de Metterswane-nieuwbouw. Meer naar het westen neemt de bouwhoogte af om zo aan te sluiten op de woonwijk aan de Koninginnelaan. De hoge bouwdichtheid in juist de stationsomgeving past ook in de filosofie om mensen optimaal gebruik te laten maken van Nijmegens belangrijkste OV-knooppunt. Bovendien blijft de stad bereikbaar, ondanks een groeiend inwoneraantal.
22
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1
Relevant rijksbeleid
3.1.1
Rijksbeleid
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) Op 11 september 2020 heeft het Rijk vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI omvat een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving. Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Het streven naar integraliteit dat onderdeel is van de NOVI valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzes. Die zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven: 1. 2. 3.
Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen.
De nationale overheid richt zijn in de NOVI zich op 21 verschillende nationale belangen: 1.
Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; 2. Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; 3. Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties; 4. Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving; 5. Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften; 6. Waarborgen en realiseren van een veilig, robuust en duurzaam mobiliteitssysteem; 7. In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit; 8. Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving; 9. Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten; 10. Beperken van klimaatverandering;
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
23
11. Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, die in 2050 CO2-arm is,en de daarbij benodigde hoofdinfrastructuur; 12. Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen; 13. Realiseren van een toekomstbestendige, circulaire economie; 14. Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuurvoor water en mobiliteit); 15. Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoende beschikbaarheid van zoetwater; 16. Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; 17. Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit; 18. Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; 19. Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang; 20. Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit; 21. Ontwikkelen van een duurzame visserij.
Conclusie Het plan ziet op de realisatie van woningen, en commerciële ruimten waaronder een hotel. Het draagt bij aan de nieuwe stationsomgeving en duurzaam ruimtegebruik. Het schept de randvoorwaarden voor een excellente ruimtelijk-economische structuur in Nijmegen. Het plan is vanwege deze redenen in lijn met de NOVI.
3.1.2
Ladder duurzame verstedelijking
Per 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd ten aanzien van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Voortaan geldt een onderbouwing op basis van “behoefte” (in plaats van 'actuele regionale behoefte'). Dit houdt in dat de reikwijdte van de stedelijke ontwikkeling die een bestemmingsplan mogelijk maakt, leidend is voor het ruimtelijk verzorgingsgebied waarbinnen de Laddertoets moet worden gedaan. Ook is dit leidend voor het al dan niet plegen van regionale afstemming. Zowel bij een ontwikkeling binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied blijft het van belang de behoefte te onderbouwen (ook al lijkt artikel 3.1.6, lid 2, Bro anders te suggereren). De derde trede van de eerdere Ladder onderbouwing (de eis dat gemotiveerd moet worden in hoeverre ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied passend zijn of worden ontsloten) is geschrapt. Er is een nieuw onderdeel toegevoegd aan artikel 3.1.6 (lid 3) Bro waarmee de Laddertoets bij flexibele planvormen (wijzigings- of uitwerkingsplan) kan worden doorgeschoven naar het moment van vaststelling van het wijzigings- of uitwerkingsplan. De in het plan voorziene ontwikkeling kan worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in deze bepaling van het Bro, zodat artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro van toepassing is.
Zowel de ontwikkeling van de woningen als de ontwikkeling van de commerciële ruimtes (voor zover nog niet bij recht toegestaan in het huidige bestemmingsplan) classificeert als een stedelijke ontwikkeling. Voor het commercieel programma en de woningen heeft BRO een laddertoets uitgevoerd. De rapportage is opgenomen in Bijlage 1 Ladderonderbouwing bij de toelichting van dit bestemmingsplan. Onderstaand zijn de belangrijkste conclusies opgenomen. Voor de volledige afweging wordt op deze plaats verwezen naar het rapport in de bijlagen.
24
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Resultaten laddertoets woningbouwprogramma De realisatie van 490 appartementen voorziet in een kwalitatieve behoefte: Op regionaal niveau is behoefte aan betaalbare huurwoningen (vooral appartementen) terwijl de nadruk in de bestaande plancapaciteit op dure koopwoningen ligt. Middeldure huurwoningen zijn hard nodig voor mensen die niet in aanmerking komen voor sociale huur of een koopwoning, of die bewust een bepaalde flexibiliteit zoeken, die ze in de koopsector niet kunnen vinden. Dat kunnen oud- studenten, (andere) starters of expats zijn met een voor middeldure huur ideaal startinkomen, maar bijvoorbeeld ook huurders in de sociale huursector die willen doorstromen. Het initiatief realiseert betaalbare huurwoningen en voorziet daarmee in een regionale beheofte. Ook in de gemeente Nijmegen zelf is behoefte aan huurappartementen, zowel in het sociale als vrije sector segment. Met de realisatie van deze woningen werkt de gemeente actief aan het streven naar een 'ongedeelde stad'. De plancapaciteit voor sociale huurappartementen blijft wat achter op de behoefte. Ook de plancapaciteit voor vrije sector huurappartementen blijft achter op de behoefte, wat toevoeging van woningen in dit segment gewenst maakt. Dit maakt dat de realisatie van 490 appartementen in verschillende segmenten (sociaal, middensegment, vrije sector) ook op lokaal niveau voorziet in een kwalitatieve behoefte.
In de woonmilieus in Nijmegen met veel functiemenging (centrumstedelijk, stadsbuurt) richt de kwalitatieve woningbehoefte zich sterk op appartementen (met name sociale huur en vrije sector huur, en beperkte mate koop). Doelgroepen voor dit woonmilieu zijn in de eerste plaats studenten, starters, jonge tweeverdieners en (in mindere mate) ook senioren. Met zijn stedelijke uitstraling en ligging vlakbij station en centrum sluit de UWV-locatie goed aan bij de woonwensen van juist deze doelgroepen. Daarmee biedt de plek uitstekende kansen voor de ontwikkeling van verschillende typen huurwoningen. Voor de financiele haalbaarheid van het plan staat de gemeente Nijmegen in het programma ook duurdere huurwoningen toe (circa 30%). Aangezien dit niet de overhand neemt, hoeft dit niet te bijten met de kwalitatieve woningbehoefte en bestaande plannen in de gemeente.
Resultaten laddertoets commercieel programma De herontwikkeling van de UWV-locatie te Nijmegen wordt vanuit de doelstellingen en kaders van de Ladder voor duurzame verstedelijking positief beoordeeld. De herontwikkeling leidt tot een kwalitatief sterk, samenhangend en marktgericht concept op een zeer strategische locatie in Nijmegen, namelijk als 'Poort' naar zowel het mobiliteitsknooppunt (NS- en busstation) als de binnenstad. Het heeft dan ook een belangrijke ruimtelijk-functionele meerwaarde voor Nijmegen en de regio. Er is voor de beoogde functies voldoende behoefte aanwezig en het functiepatroon is complementair aan het bestaande aanbod in Nijmegen en de regio. De effecten op de regionale ruimtelijk-economische structuur en het woon-, leef- en werkklimaat zijn per saldo positief. Er wordt geen extra leegstand verwacht door de ontwikkeling. Integendeel: met het plan wordt het leegstaande UWV-pand vervangen door een nieuwe vastgoedontwikkeling met een toekomstgerichte invulling. De ontwikkeling vindt plaats in bestaand stedelijk gebied, ruimtelijk-functionele synergie met de Nijmeegse binnenstad.
met
een
duidelijke
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
25
3.1.3
Conclusie
De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het rijksbeleid omdat de ontwikkeling overeenkomt met de ambities uit de NOVI, niet in strijd is met het Barro en wordt voldaan aan de ladder voor duurzame verstedelijking.
3.2
Relevant provinciaal beleid
3.2.1
Provinciale Omgevingsvisie Gelderland
De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is vastgesteld door PS op 19 december 2018. Gedeputeerde Staten van Gelderland hebben in hun vergadering van 26 februari 2019 namens Provinciale Staten van Gelderland besloten dat de Omgevingsvisie 'Gaaf Gelderland Gelderland' (met inachtneming van amendement 18A44) op 1 maart 2019 in werking treedt. De omgevingsvisie ‘Gaaf Gelderland’ bevat de hoofdlijnen van het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie Gaaf Gelderland beschrijft de strategische hoofdopgaven voor de lange termijn. Deze zijn onderverdeeld in zeven thema’s, te weten energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en woon- en leefomgeving. Sinds 2014 is een vijftal wettelijk verplichte planfiguren voor ruimte, natuur, water, milieu en verkeer en vervoer opgenomen in de Omgevingsvisie. Daarbij zijn gebieden en functies aangewezen. Deze blijven voortbestaan onder deze omgevingsvisie. Het gaat om de aanwijzing van functies van regionale oppervlaktewateren, van gebieden waar milieukwaliteit bijzondere bescherming behoeft, van Natura-2000 gebieden en van bijzondere natuurgebieden. Andere kaarten en functiebeschrijvingen uit de oude Omgevingsvisie Gelderland hebben een uitvoerend of informerend karakter en worden daarom overgeheveld naar programma’s of andere beleidsdocumenten.
In hun vergadering van 26 februari 2019 hebben Gedeputeerde Staten van Gelderland daartoe het Regionaal Waterprogramma, de Handreiking Plussenbeleid en de Beleidslijn Windenergie vastgesteld. Doorwerking plangebied Binnen het plangebied worden diverse functies gerealiseerd. Een hiervan is wonen. Ten aanzien van de woon- en leefomgeving streeft de provincie naar een dynamisch, divers en duurzaam woonprogramma. Een duurzaam en divers woon- en leefklimaat, dat steeds weet te anticiperen op ontwikkelingen; dat is wat wij willen. Zo versterken wij de economische kracht en kwaliteit van leven in Gelderland: nu en in de toekomst. Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag; voor ieder een passende, duurzame woning. Ze benutten de bestaande bebouwde omgeving optimaal met voldoende ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen. Alle nieuwbouw wordt aardgasloos aangelegd en zoveel mogelijk circulair gebouwd. In 2035 zijn alle (bestaande) wijken van het aardgas. Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal. De nieuwe woningen worden in lijn met de bovenstaande ambities gasloos gerealiseerd. Door veelal huurwoningen in het betaalbare segment te realiseren wordt aangesloten bij een concrete behoefte van een groeiende doelgroep op de woningmarkt, die nu nog onderbediend is.
Het plan voor de woningbouw sluit op die manier aan bij de provinciale visie. Overige ambities hebben betrekking op het scheppen van een krachtig en duurzaam vestigingsklimaat, door te zorgen voor een gevarieerd aanbod aan goed ontsloten, kwalitatief hoogwaardige werklocaties en het hergebruiken van leegstaande werklocaties. Het plan sluit
26
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
naadloos aan bij deze ambitie door aan het station een moderne accommodatie voor bedrijvigheid mogelijk te maken.
3.2.2
Omgevingsverordening Gelderland
De doelstellingen uit de Omgevingsvisie zijn juridisch vertaald in de Omgevingsverordening Gelderland (december 2015). De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de Provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De Omgevingsverordening heeft de status van een Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening. Doorwerking plangebied In relatie tot de beoogde ontwikkeling in het plangebied is het volgende beleid uit deze Omgevingsverordening relevant. Er zijn geen passages die van invloed zijn op het plangebied en de voorgenomen planontwikkeling. De regels voor de locatie hebben alleen betrekking op glastuinbouw. Glastuinbouw is binnen dit bestemmingsplan niet toegestaan. Het plan is niet in strijd met de provinciale omgevingsverordening.
3.2.3
Conclusie
De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het provinciale beleid.
3.3
Relevant gemeentelijk beleid
3.3.1
Omgevingsvisie Nijmegen 2020-2040 Stad in beweging
In de Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging' beschrijft de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. De Omgevingsvisie gaat om meer dan alleen ruimtelijke aspecten, zo beschrijft de visie hoe de inrichting van de fysieke leefomgeving kan bijdragen aan sociale, maatschappelijke en economische doelen. De Omgevingsvisie vervangt sectorale beleidsvisies voor thema's die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen. Hiermee biedt de Omgevingsvisie één integraal document met de kaders voor het ruimtelijk beleid van Nijmegen. De Omgevingsvisie dient 4 doelen: Een kader en inspiratie bieden voor initiatiefnemers uit de stad; Het geven van spelregels voor afstemming met de omgeving bij ontwikkelingen; Het in samenhang presenteren van de Nijmeegse ambities, als uitgangspunt bij het werk van medewerkers van de gemeente; Te gebruiken als sturingsinstrument voor het college van B&W en de gemeenteraad bij ruimtelijke ontwikkelingen en investeringen.
Uitgangspunt: Groei binnen de bestaande stad De Omgevingsvisie constateert dat Nijmegen tot 2040 blijft groeien in aantal inwoners, werknemers en bezoekers. Het streven om die toekomstige groei te accommoderen binnen de
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
27
bestaande grenzen van de stad is een belangrijk uitgangspunt van de Omgevingsvisie. Zo blijft het aantrekkelijke landschap rondom de stad intact en bovendien helpt verdichting om het draagvlak voor voorzieningen in stand te houden. Ruimte voor nieuwe woningen en werkgelegenheid wordt dus gezocht binnen de bestaande stadsgrenzen, waarbij de focus ligt op de volgende gebieden: Waalsprong, Waalfront, centrum/stationsomgeving, Kanaalzone/Winkelsteeg en campus Heyendaal. Opgaven en ruimtelijke keuzes 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes staat centraal in de Omgevingsvisie. Nieuwe ruimtelijke initiatieven dienen altijd bij te dragen aan de 4 grote opgaven uit de Omgevingsvisie en bij voorkeur aan meer dan één tegelijkertijd.
4 opgaven De Economisch veerkrachtige stad, Sociale en gezonde stad, Aantrekkelijke stad, en Duurzame stad zijn de vier opgaven die de basis vormen van het bestuursakkoord (2018-2022) en de Omgevingsvisie. Van hieruit wordt de ontwikkeling van de stad bekeken en worden ambities geformuleerd. Economisch veerkrachtige stad We gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid, zowel voor hooggeschoolden als voor praktisch werkenden. Sociale en gezonde stad Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen. Aantrekkelijke stad Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top drie van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er vestigen zich ook meer jongeren.
Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen. Duurzame stad Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven. De oplossingen die we samen met de stad en regio
28
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang. Conclusie Onderhavige ontwikkeling van een nieuwe westentree voldoet aan de opgaven genoemd in 3 en 4. Een nieuwe stationsentree aan deze zijde betekent een veel betere bereikbaarheid van station Nijmegen vanuit het westen van de stad. Tegelijkertijd wordt hiermee de oostkant van het station ontlast. De entreeontwikkeling draagt bij aan het verkleinen van de barrièrewerking van het spoor en benut in de toekomst de ligging aan het station. 8 richtinggevende keuzes De vier opgaven voor Nijmegen zijn goed te combineren en daarom kijken we naar integrale oplossingen. Waarbij een vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken bekijken en de oplossing bijdraagt aan het oplossen van meerdere problemen. Hieronder de kern van de richtinggevende keuzes uit de Omgevingsvisie. Compacte, dynamische stad Toekomstbestendige wijken Groene, gezonde stad Duurzame mobiliteit Energieopgave Groter centrumgebied Sterke campussen We omarmen het kanaal
Conclusie Richtinggevende keuzes 1, 3 en 4 zijn van toepassing op het plangebied. Het 'UWV-locatie-programma' zorgt voor levendigheid en maakt de transformatie van het station (mede) financieel haalbaar. Daarnaast creëert 'massa' en 'hoogte' aan de westkant van het spoor een nieuwe ruimtelijke beleving en draagt bij aan een herkenbare en hoogwaardige entree van het nieuwe Westerkwartier. Deze ontwikkeling betreft een stedelijke verdichting met hoogbouw plannen rond een openbaar vervoers-knoop.
3.3.2
Conclusie
De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het gemeentelijke beleidskader.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
29
30
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Hoofdstuk 4 4.1
Sectorale aspecten
Stedenbouwkundige /landschapelijke aspecten
In de voorliggende paragraaf wordt ingegaan op de stedebouwkundige effecten van het plan, zowel functioneel als qua bebouwing, en de wijze waarop wordt ingespeeld op de natuurlijke en gebouwde omgeving. De komende jaren gaan het station en de stationsomgeving van Nijmegen Centraal flink op de schop. Deze ingrijpende verandering biedt kansen. Onder meer voor de aan de westkant gelegen oude UWV-locatie. Hier willen de gemeente Nijmegen en ontwikkelaar Van Herk Groep samen bouwen aan hoogwaardige vastgoedontwikkeling. De Nijmeegse stationsomgeving verandert in rap tempo. Aan de centrumkant van het Centraal Station komen extra fietsenstallingen en nieuwe looproutes naar de binnenstad. Ook werken we aan verbetering van het busvervoer. Aan de westkant van het station trekken we de perrontunnel door naar een extra perron en het talud, zodat ook hier een volwaardige stationsentree ontstaat. Gebied met potentie Lange tijd waren er voor de westkant van het station weinig herontwikkelingsmogelijkheden, mede gezien de ongewisse toekomst van deze strategische locatie. Met het einde van de economische crisis en de komst van een 'echte' stationsingang, verdient het aandacht om de potentie van juist dit stukje Nijmegen opnieuw te beoordelen. Rustig en zakelijk Vlakbij de nieuwe westelijke ingang staat het voormalige UWV-gebouw.
Pandeigenaar Van Herk Groep wil de 'UWV locatie' graag ontwikkelen. Net als de gemeente die een grondpositie heeft tussen het pand en het spoor. Beide partijen hebben vastgoedplannen met het gebied tussen de Fresiastraat en de Tunnelweg, als onderdeel van het 'Westerkwartier' dat een rustig en zakelijk karakter krijgt, zonder saai te zijn. Oost en West Door deze eigen uitstraling onderscheidt het gebied zich van de oostkant van het station dat zich het best laat omschrijven als 'jong, dynamisch, hip en cultureel'. Wat mede komt door de aanwezigheid van Doornroosje, het Talia-gebouw, de Nimbustoren, de geplande metamorfose van Metterswane en de horeca- en (centrum)voorzieningen in de omgeving. Tegelijkertijd vullen 'Oost' en 'West' elkaar mooi aan, juist door die verschillende karakters. Bij inpassing van hoogbouw in een stedelijke omgeving dient grote zorgvuldigheid in acht te worden genomen ( o.a. inpassing Nijmeegse skyline, aansluiting schaal en maat directe omgeving, parkeren, bezonning en windhinder, zie ook Bijlage 2 Notitie Hoogbouw) Al in 2012 is in de 'Ontwikkelingsvisie Nijmegen Centraal' een beeld van de herontwikkeling van de stationsomgeving geschetst. Intussen zijn verschillende plannen gerealiseerd. Andere onderdelen, zoals de ontwikkeling van het Westerkwartier, wachten op groen licht.
De basis van de visie staat nog steeds, maar verdient op sommige punten een herijking. De stationsomgeving als knooppunt van mobiliteit en leefbaarheid leent zich goed voor een intensief programma met een mix aan functies op het gebied van wonen en werken. Het 'UWV-locatie-programma' zorgt voor levendigheid en maakt de transformatie van het station
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
31
(mede) financieel haalbaar. Daarnaast creëert 'massa' en 'hoogte' aan de westkant van het spoor een nieuwe ruimtelijke beleving en draagt bij aan een herkenbare en hoogwaardige entree van het nieuwe Westerkwartier. In de gemeentelijke visie is het passender om bij nieuwbouw het hoogteaccent meer te koppelen aan de nieuwe westelijke stations entree en lager te bouwen richting de laagbouw aan de Koninginnelaan (Wolfskuil). Om dit voor elkaar te krijgen is gekozen voor een integrale benadering en oplossing waar de grondeigenaar van de UWV-locatie (van Herk groep), gemeente Nijmegen, Prorail en NS bij betrokken zijn geweest. Concreet betekent dit voor het bouwplan een bouwhoogte van circa 71 meter van het hoogte accent ten opzichte van het aangrenzend maaiveld om zo aan te haken bij de hoogte van de toekomstige Metterswanetoren aan de oostkant van het station als twee markeringen van de stationszijden. Verder laten we de bouwhoogte richting Koninginnelaan geleidelijk aflopen naar een hoogte die aansluit op de hier aanwezige laagbouw. Verder is het van belang dat de 'plint' van het gebouw (begane grond zone) een bijdrage levert aan de beoogde levendigheid van de direct aangrenzende openbare ruimte. Dit komt de sociale veiligheid en leefbaarheid ten goede. Zo zijn er langs alle zijden van het gebouw entrees van woningen en andere voorzieningen (o.a. hotel en horeca ) aangebracht.
De openbare ruimte rondom het gebouw en richting de aangrenzende nieuwe station entree is primair gericht op de voetganger. Om dit te kunnen realiseren dient het bewoners parkeren opgelost te worden in een parkeergarage op eigen terrein. Tevens dient het oplossen van het fiets parkeren integraal 'meegenomen' te worden (zie ook paragraaf mobiliteit) Hoog bouwen met beleid Gezien het beperkte aantal vierkante meters en het plan om deze meters optimaal te gebruiken, bouwen we zoveel mogelijk in de hoogte. Dat heeft gevolgen. Zo draagt de komst van (extra) hoogbouw in de stationsomgeving onder meer bij aan een intensiever OV-gebruik en vermindering van automobiliteit. Ook levert 'hoogte' een bijdrage aan de leesbaarheid van de stad (zichtlijnen) en haar stedelijke structuur. Recente voorbeelden in de spoorzone zijn de hoogbouw aan de Graafseweg, Talia, Nimbus en de Handelskade. En daar komen straks de Hezelpoorttoren en de geplande hoogbouw op de UWV-locatie bij. In ons groene, duurzame en sociale Nijmegen hebben we extra oog voor invulling van de buitenruimte bij intensieve nieuwbouwprojecten, zoals op de UWV-locatie. In dit geval denken we bijvoorbeeld aan de aanleg van groene daken, gevelgroen en geveltuinen. Groen brengt verkoeling, vangt overtollig regenwater beter op en absorbeert geluid in tegenstelling tot (stenen) binnenplaatsen en balkons.
Verder trekt groen vogels, vlinders en insecten aan, waarmee het de biodiversiteit versterkt. In het kader van onderhavig planvoornemen is een bezonningsstudie uitgevoerd. De resultaten van deze bezonningstudie zijn toegevoegd aan onderhavig planvoornemen, zie Bijlage 3.
4.2
M.e.r.-beoordeling
Voor plannen en besluiten die ontwikkelingen bevatten die (mogelijk) belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben, geldt de verplichting om de procedure voor milieueffectrapportage te doorlopen of te beoordelen of het doorlopen van een dergelijke procedure noodzakelijk is (een m.e.r.-beoordeling). Op die manier krijgt milieu een volwaardige rol in de afweging van belangen. Sinds de wijziging van het Besluit m.e.r. per 1 april 2011 zijn er twee vormen van m.e.r.-beoordelingen:
32
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
1. 2.
projecten die vallen onder bijlage D van het Besluit m.e.r. en de vormvrije m.e.r.-beoordeling ook wel vergewisplicht genoemd. Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten.
Voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling gelden twee voorwaarden: 1. 2.
het gaat over één of meer activiteiten die voorkomen op de D-lijst van het Besluit m.e.r. de omvang van al die activiteit(en) ligt onder de drempelwaarde (kolom 2 van de D-lijst).
De herontwikkeling van de UWV-locatie valt in het Besluit m.e.r. onder: 'De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen' (onderdeel D 11.2). Het plan voorziet in de volgende onderdelen/functies: Wonen, inclusief maximaal 10 atelierwoningen, tot een maximum aantal van 490 woningen; Hotel en/of studentenhotel (tot maximaal 7.000 m2 bvo), incl. enige ondersteunende horeca, vergaderzalen; Horeca/restaurant (maximaal 700 m2 vvo); Co-working spaces (maximaal 1.000 m2 bvo); Overig commercieel programma, in plint (maximaal 300 m2 bvo); Ondergrondse parkeergarage. De drempelwaarden van 100 ha oppervlakte, 2000 woningen en 200.000 m³ bedrijfsoppervlakte worden niet overschreden. Omdat de drempelwaarden indicatief zijn, is er echter wel een vormvrije m.e.r. beoordeling nodig voor het bestemmingsplan. De vormvrije m.e.r.-beoordeling wordt opgesteld in de vorm van een aanmeldingsnotitie (Bijlage 4 Aanmeldingsnotitie m.e.r.). Op basis van de aanmeldingsnotitie zal het bevoegd gezag, i.c. het college van burgemeenster en wethouders, een belissing nemen inzake de mer-plicht. Dit besluit wordt genomen, voorafgaand aan de publicatie van het ontwerpbestemmingsplan.
4.3
Bedrijven en milieuzonering
Doel milieuzonering Het leidende beginsel van alle ruimtelijke plannen in Nederland is dat van een 'goede ruimtelijke ordening' (art. 3.1 Wro). Dit betekent dat in deze plannen tevens een aanvaardbaar 'woon- en leefklimaat' moet worden gewaarborgd. Om de verschillende actieve 'leef-functies' (zoals werken en recreëren) op een goede wijze met de meer passieve 'woon-functies' (zoals consumeren en slapen) te kunnen combineren, is in de ruimtelijke ordening het instrument 'milieuzonering' ontwikkeld. Door bij nieuwe ontwikkelingen voldoende afstand in acht te nemen tussen milieubelastende activiteiten en 'gevoelige functies', is het mogelijk om enerzijds gevoelige objecten als woningen te beschermen tegen diverse vormen van 'milieubelasting'. Anderzijds biedt milieuzonering duidelijkheid ten aanzien va de milieubelasting veroorzakende activiteiten, door de hiervoor beschikbare ruimte te kwantificeren. De VNG-publicatie De VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering, Handreiking voor maatwerk in de gemeentelijke ruimtelijke ordeningspraktijk (verder: “de VNG-publicatie”) is een belangrijk hulpmiddel voor milieuzonering in de ruimtelijke planvorming-praktijk.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
33
Om een milieuzonering in een concrete situatie te kunnen uitwerken bevat de VNG-publicatie een aantal bouwstenen. De belangrijkste bouwstenen voor milieuzonering zijn de twee richtafstandenlijsten die zijn opgenomen in bijlage 1 van de VNG-publicatie. Voor een scala aan milieubelastende activiteiten, gerangschikt naar SBI-code, zijn richtafstanden aangegeven ten opzichte van een rustige woonwijk (of een vergelijkbaar omgevingstype, zoals een rustig buitengebied). In deze bijlagen wordt onderscheid gemaakt naar richtafstanden voor de ruimtelijke relevante milieuaspecten geur, stof, geluid en gevaar. De grootste van deze vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een activiteit in een milieucategorie. Ook zijn indices opgenomen voor de aspecten verkeer, visueel, bodem en lucht, waarmee dus per activiteit een indicatie wordt gegeven voor de potentiele belasting ten aanzien van deze aspecten. In de publicatie wordt gesteld dat deze richtafstanden (met uitzondering van de richtafstand voor gevaar), zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat, met één afstandstap kunnen worden verlaagd indien er sprake is van het omgevingstype gemengd gebied. In de onderstaande beoordeling wordt de wijze waarop de VNG-brochure wordt toegepast (welke afstanden gelden voor welke bedrijven) nader toegelicht.
Beoordeling Het huidige bestemmingsplan bood in het thans ter beoordeling liggende plan de volgende mogelijkheden:
Figuur 17. Uitsnede bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving. In het huidige bestemmingsplan is het plangebied bestemd voor kantoorvoorzieningen (het paarse vlak) met ondergeschikte nevenfuncties en gebouwen. Het bruine vlak betreft de bestemming Gemengd-1, waarbinnen een veelheid aan functies is toegestaan, zoals cultuur en ontspanning, dienstverlening, kantoren en maatschappelijke voorzieningen, met bijbehorende gebouwen en ondersteunende voorzieningen. Het voorliggende plan kent aan het gehele plangebied de bestemming Gemengd toe. Nieuw binnen deze bestemming is de functie wonen. Kantoren en (commerciële) dienstverlening
34
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
blijven toegestaan. Ook zal het bestemmingsplan plaats bieden aan een hotel en lichte horeca. Het scala aan toegestane activiteiten wordt dus iets uitgebreid en toegespitst op het specifieke, te realiseren programma. Voor wat betreft milieuzonering is van belang dat er nu naast milieubelastende activiteiten (hotel, lichte horeca, commerciële dienstverlening en kantoren) ook milieugevoelige activiteiten worden gerealiseerd in hetzelfde gebouw. Daarbij zijn de volgende uitgangspunten van belang: Het omliggende gebied betreft een gemengd gebied, met een ontsluitingsweg en een veelheid aan verschillende functies in de directe omgeving aan de rand van het centrum. De richtafstanden in bijlage I van de VNG-brochure zijn van toepassing, maar mogen met één afstandtrap worden verlaagd. De functies die worden mogelijk gemaakt, zijn commerciële dienstverlening, horeca (cafés en bars), hotel en kantoren. Al deze activiteiten vallen op grond van de VNG-brochure in milieucategorie 1, met een grootste richtafstand van 10 meter voor de aspecten geur en geluid. Deze afstanden kunnen vanwege het gemengde omgevingstype met een afstandstrap worden verlaagd naar 0 meter. Echter, binnen een gemengd gebied zoals in voorliggend plan is sprake van een mix van milieubelastende en milieugevoelige functies. De richtafstanden vertellen in zulke gebieden niet het volledige verhaal.
De toelaatbaarheid van milieubelastende functies in gebieden met functiemenging wordt beoordeeld aan de hand van de volgende drie ruimtelijk relevante milieucategorieën: Categorie A: toelaatbaar aanpandig aan woningen Categorie B: toelaatbaar indien bouwkundig afgescheiden van woningen Categorie C: toelaarbaar indien gesitueerd langs een hoofdweg
Commerciële dienstverlening en horeca (cafés en bars), hotel en kantoren vallen alle in categorie A en mogen dus aanpandig aan woningen worden gerealiseerd. Naast de milieubelastende functies die in het plangebied mogen worden gerealiseerd zijn er ook milieubelastende functies rondom het plangebied gelegen, die van invloed kunnen zijn op de realisatie van milieugevoelige functies, zoals woningen. Meest relevant is het station. Het station classificeert als milieucategorie 3.2, met richtafstanden van 50 meter voor gevaar (mag niet met een trap worden verlaagd) en 100 meter voor geluid, voorzien van de aanduiding 'continu' (voor het voortdurende karakter van het geluid bij een station) en 'divers' (voor de veelheid aan geluid bij stationsactiviteiten) en een verkeersindice van 3, duidend op een grote verkeersaantrekkende werking. Aangezien het een gemengd omgevingstype betreft kan de afstand voor geluid met een trap worden verlaagd tot 50 meter. De woningen worden gerealiseerd buiten de 50 meter zone. Het aspect gevaar is verder uitgelicht in paragraaf 4.5 en vanuit milieuzonering behoeft dit op deze plaats geen nadere onderbouwing. Het aspect geluid is nader onderbouwd met akoestisch onderzoek naar weg- en spoorverkeerslawaai en naar de geluidbelasting van het emplacement.
Dit is verder uitgewerkt in paragraaf 4.3 en daaruit blijkt dat op een deel van de noord- en de oostzijde van het hoogbouwblok er sprake is van cumulatie van weg- en railverkeer. De oostgevel wordt bovendien belast door geluid van het emplacement. De geluidsbelastingen van het wegverkeer en het spoor blijven ruim onder de maximale waarden waardoor de geluidsituatie bij de woningen, waarbij cumulatie optreedt, niet onaanvaardbaar is. Ook is er een onderzoek uitgevoerd naar de effecten van trillingen van het spoor, zie Bijlage 5 Trillingsonderzoek. De resultaten zijn hieronder beknopt weergegeven. De afstand van de nieuwbouw binnen het plangebied tot aan het spoor is nog relatief groot. Het
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
35
dichtstbijzijnde spoor dat toegang geeft tot het emplacement ligt op 95 meter en de afstand tot het eerste doorgaande spoor 5 bedraagt 115 meter. Op deze afstanden zijn in de bodem al geen voelbare trillingen meer te verwachten. In de te realiseren bebouwing zou lichte trillingsversterking kunnen ontstaan in vloeren. In het qua trillingen meest kritische plintdeel aan spoorzijde zou dit in het ongunstigste geval kunnen leiden tot trillingssterkten net boven de voelbaarheidsgrens. Worst case is een maximum trillingssterkte Vmax van 0,16 berekend, wat echter nog ruim onder de streefwaarde uit de SRB-B is, geldend voor woonfuncties in de nachtperiode. Deze waarde wordt alleen onder ongunstige omstandigheden bereikt door goederentreinen op de dichtstbijzijnde sporen 5, 6 en 107 (richting emplacement) en dan alleen als deze snelheden van meer dan 40km/u aanhouden. In de regel wekken ook goederentreinen geen voelbare trillingen op in betonbouw op deze afstand. De verwachte gemiddelde trillingssterkte Vper is dan ook verwaarloosbaar. Het project kan dan ook probleemloos voldoen aan de in de SBR-B gestelde streefwaarden. Conclusie Er zijn geen belemmeringen voor de planontwikkeling
4.4
Geluid
Toetsingskader wegverkeerslawaai Op basis van de Wet geluidhinder (artikel 77 Wgh) dient bij een bestemmingsplan een akoestisch onderzoek te worden uitgevoerd als het plan mogelijkheden biedt voor: de toevoeging van een nieuwe woning of andere geluidsgevoelige functie binnen de zone van een weg; de aanleg van een nieuwe weg; de reconstructie van een bestaande weg.
De breedte van de zone van een weg is afhankelijk van het aantal rijstroken, de ligging binnen/buiten stedelijk gebied en de maximumsnelheid. De Wet geluidhinder kijkt niet naar wegen met een maximumsnelheid van 30 km/u. Aantal rijstroken Breedte geluidszone in meters Binnenstedelijk Buitenstedelijk gebied gebied 1 of 2 200 250 3 of 4 350 400 5 of meer 350 600 Onderhavig plangebied ligt binnen de geluidszone van meerdere wegen. Per weg wordt binnen de geluidszone van die weg de geluidsbelasting in een prognosejaar op de geluidsgevoelige objecten berekend. Deze waarden worden verminderd conform artikel 110g van de Wgh. Dit is een anticipatie op de ontwikkeling van stillere voertuigen. Wegtype
Aftrek
Doelsnelheid <70km/u
5dB
Doelsnelheid 70km/u of meer Als de geluidsbelasting zonder aftrek 57 dB bedraagt
36
4dB
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Centrum - Stationsomgeving - 3 (hoek Tunnelweg-Koninginnelaan)
Als de geluidsbelasting zonder aftrek 56 dB bedraagt
3dB
Als de geluidsbelasting een andere waarde heeft Tabel: Aftrek artikel 110g
2dB
In de Wgh zijn grenswaarden opgenomen met betrekking tot de geluidbelasting op de gevels van woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. De voorkeursgrenswaarde voor de geluidbelasting op de gevel is 48 dB en mag in principe niet worden overschreden.
Onder bepaalde voorwaarden, als maatregelen onvoldoende doeltreffend zijn en het voldoen aan de grenswaarden onoverkomelijke bezwaren ontmoet van landschappelijke, stedenbouwkundige of financiële aard, mag de geluidbelasting hoger zijn dan de voorkeursgrenswaarde maar lager dan de maximaal toelaatbare waarde. Hiervoor kan middels een ontheffing een hogere waarde te worden vastgesteld. De voorwaarden staan in het Hogere Waardebeleid. De maximaal toelaatbare waarde voor een nieuwe woonfunctie in stedelijk gebied bedraagt 63dB. Deze locatie vervangt bestaande bebouwing en ligt binnen 500 meter van een ov-knooppunt. Er mag dus een Hogere Waarde Besluit worden afgegeven.