CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)_Toelichting

Besluitronde (raadsvergadering) 11 september 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 -1 (Wijchenseweg 4) (70/2024)18.789 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4) Toelichting

Versie: vastgesteld

Colofon bestemmingsplan

Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4) 30 mei 2024 IDN: NL.IMRO.0268.BP14001-VG01 Gemeente Nijmegen

Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl

Toelichting

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

3

4

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

7 7 7 8 10

Hoofdstuk2 2.1 2.2 2.3

Planbeschrijving Beschrijving huidige situatie Beschrijving toekomstige situatie Stedenbouwkundige karakteristieken

11 11 12 13

Hoofdstuk3 3.1 3.2 3.3

Beleidskader Relevant rijksbeleid Relevant provinciaal beleid Relevant gemeentelijk beleid

15 15 17 19

Hoofdstuk4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15

Sectorale aspecten Stedenbouwkundige /landschappelijke aspecten Bedrijven en milieuzonering Geluid Luchtkwaliteit Geur Externe veiligheid Bodem Water Natuur Cultuurhistorie en archeologie Verkeer en parkeren Kabels en leidingen Explosieven Klimaat M.e.r.-beoordeling

23 23 23 24 24 25 26 33 34 38 43 46 48 48 48 51

Hoofdstuk5 5.1 5.2 5.3

Juridische planbeschrijving Inleiding Systematiek van de planregels Beschrijving per bestemming

53 53 54 54

Hoofdstuk6 6.1 6.2

Economische uitvoerbaarheid Kostenverhaal Financiële haalbaarheid

59 59 59

Hoofdstuk7 7.1 7.2 7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Inspraak Overleg Zienswijzen

61 61 61 65

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

5

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1

Overzicht onderzoeksrapporten

Bijlage 2

Inrichgtingsschets

Bijlage 3

rapport externe veiligheid

Bijlage 4

Quickscan stikstof

Bijlage 5

Natuurtoets

Bijlage 6

Bodemonderzoek

Bijlage 7

Beoordelingsbrief Brandweer

Bijlage 8

Zienswijzenbeantwoording

6

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Met dit bestemmingsplan wordt de vestiging van een gasbedrijf als Antargaz aan de Wijchenseweg 4 in Nijmegen juridisch planologisch mogelijk gemaakt. Antargaz is een gasbedrijf, voor het op- en overslaan van propaan en butaan en het vullen van gasflessen. Het bedrijf levert, vervoert en slaat propaan- en butaangas op in voorraadtanks en vult gasflessen af voor particulier en zakelijk gebruik, in de Benelux en sinds 2019 ook in Duitsland. Sinds 2011 is Antargaz een dochteronderneming van het beursgenoteerde UGI corporation (circa 8.000 werknemers). Antargaz is in Nijmegen vooralsnog gevestigd in Winkelsteeg, aan de Roggeweg 7-9 en de Sint Teunismolenweg, met circa 30 werknemers. Antargaz valt onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Vanwege de gebiedsontwikkeling Winkelsteeg is het nodig om de bedrijfsactiviteiten van Antargaz in Winkelsteeg te beëindigen. In het bestemmingsplan Winkelsteeg - Kanaalknoop Noord zijn bestaande Bevi-bedrijven - en dus Antargaz - wegbestemd. Daarom wordt gesproken over bedrijfsverplaatsing naar de, door de gemeente aangekochte, locatie aan de Wijchenseweg 4. De verplaatsing draagt er ook aan bij dat er minder gevaarlijke stoffen door Nijmegen hoeven te worden vervoerd, nu de nieuwe locatie Wijchenseweg gunstig is gelegen, direct ontsloten op de A73. Dit bestemmingsplan maakt de verplaatsing dus juridisch planologisch mogelijk.

Daartoe wordt voor de nieuwe locatie aan de bedrijfsbestemming een zogenaamde specifieke functieaanduiding voor de vestiging van een gasbedrijf als Antargaz toegevoegd. Omdat de terreininrichting voor de nieuwe locatie nog niet bekend is, is nu in het bestemmingsplan een maximale externe veiligheidscontour (PR 10-6 contour) opgenomen (planologisch spoor). De latere omgevingsvergunning milieu zal uitgaan van de werkelijke - en kleinere - externe veiligheidscontour, aangezien dan de terreininrichting bekend is en de Best Beschikbare Technieken (BBT) moeten worden toegepast (milieuspoor). Binnen de maximale externe veiligheidscontour zijn zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten uitgesloten, anders dan de beperkt kwetsbare objecten de bestaande zoutloods en de nieuwe gebouwen voor het gasbedrijf.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het bestemmingsplangebied is gelegen aan de Wijchenseweg 4 te Nijmegen. Het plangebied wordt begrensd door een watergang. Aan de oostzijde ligt er achter de watergang een fietspad, het Streekpad. De percelen van Rijkswaterstaat, CBR en de spoorlijn Nijmegen - 's Hertogenbosch maken tevens deel uit van het plangebied. De gronden in het plangebied zijn kadastraal bekend als gemeente Neerbosch: Sectie E GeheelE GeheelE E E

Nummer 4005 4093 4092 4093 4132

Geheel of gedeeltelijk Geheel Geheel Geheel Gedeeltelijk Gedeeltelijk

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

7

E 3665 Gedeeltelijk E 3666 Gedeeltelijk E 2610 Gedeeltelijk L 196 Gedeeltelijk L 197 Gedeeltelijk L 198 Gedeeltelijk L 199 Gedeeltelijk L 236 Gedeeltelijk Tabel: kadastrale percelen in het plangebied Op de afbeelding hierna is de ligging van het plangebied in de directe omgeving weergegeven.

Afbeelding: ligging van het plangebied (zwarte bollenlijn) en perceel Antargaz (paars)

1.3

Vigerend bestemmingsplan

In de huidige situatie geldt er geen bestemmingsplan voor de locatie, maar een beheersverordening: 'Beheersverordening Brabantse Poort 2021', vastgesteld door de gemeenteraad op 28 april 2021. De Beheersverordening verwijst door naar de beheersverordening 'Brabantse Poort' van de gemeente Nijmegen, vastgesteld 15 mei 2013 en naar enkele facetbestemmingsplannen, waarin specifieke thema's zijn geregeld, zoals archeologie. De nieuwe locatie van het gasbedrijf heeft al de bestemming "Bedrijf". Binnen de bestemming "Bedrijf" is opgenomen dat Bevi-bedrijven niet zijn toegestaan. Dit zijn bedrijven die vallen

8

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

onder Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Antargaz is een gasbedrijf, voor het op- en overslaan van propaan en butaan, dat valt onder het Bevi, met ondergeschikte detailhandel. Het bedrijf past niet binnen de vigerende regels en derhalve is een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk om de verplaatsing juridisch planologisch mogelijk te kunnen maken. Ondergeschikte detailhandel was reeds binnen de bestemming 'Bedrijf' toegestaan.

Voor de locatie voor Antargaz wordt aan de vigerende bedrijfsbestemming een zogenaamde specifieke functieaanduiding voor de vestiging van een gasbedrijf als Antargaz toegevoegd.

Omdat de terreininrichting voor de nieuwe locatie nog niet bekend is, is nu in het bestemmingsplan een maximale externe veiligheidscontour (PR 10-6 contour) opgenomen (planologisch spoor). De latere omgevingsvergunning milieu zal uitgaan van de werkelijke - en kleinere - externe veiligheidscontour, aangezien dan de terreininrichting bekend is en de Best Beschikbare Technieken (BBT) moeten worden toegepast (milieuspoor). Binnen de maximale externe veiligheidscontour zijn zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten uitgesloten, anders dan de beperkt kwetsbare objecten de bestaande zoutloods en de nieuwe gebouwen voor het gasbedrijf ('milieuzone - zones wet milieubeheer'). Het bouwvlak is ook iets aangepast.

Vanwege de voornoemde externe veiligheidscontour omvat het plangebied ook de aangrenzende bestemmingen "Bedrijf", "Groen", "Verkeer" en "Water" uit de vigerende beheersverordening. Binnen deze bestemmingen vindt er geen verandering plaats, anders dan dat er een gebiedsaanduiding ten behoeve van externe veiligheidscontour wordt toegevoegd. Het plangebied omvat ook de terreinen van het CBR en Rijkswaterstaat (zoutloods). Voor het terrein van Antargaz, en de terreinen van het CBR en Rijkswaterstaat (zoutloods) gaan bebouwingspercentages van 20% gelden.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

9

Volledige plangebied bestemmingsplan Onderhavige bestemmingsplanwijziging vormt het juridisch planologisch kader voor de beoogde ontwikkeling. Facetbestemmingsplannen die na vaststelling van de beheersverordening van kracht zijn geworden, zijn overgenomen. Er zijn actuele regels opgenomen voor de bescherming van de hoogspanningsleiding en gasleiding, voor parkeren en voorwaarden voor ondergeschikte detailhandel.

1.4

Leeswijzer

Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en gaat vergezeld van een toelichting. De planregels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. De toelichting bestaat uit een planbeschrijving met (separate) bijlagen. De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit zeven hoofdstukken. Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 'Planbeschrijving', dit gaat in op de huidige situatie van het plangebied en directe omgeving. Daarnaast worden de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt op een rij gezet. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het relevante beleid op Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. Daarbij wordt bekeken of de voorgestane ontwikkeling in lijn is met dit beleid. In hoofdstuk 4 wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. Vanuit de verschillende van invloed zijnde haalbaarheidsaspecten zoals externe veiligheid, luchtkwaliteit en water wordt in dit hoofdstuk beschreven waarom de ontwikkeling die voorliggend bestemmingplan mogelijk maakt, uitgevoerd kan worden. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet toegelicht. Er wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe hetgeen in voorliggend plan is vastgelegd juridisch wordt geregeld. Hoofdstuk 6 geeft inzicht in de economische uitvoerbaarheid van het plan.

In hoofdstuk 7 van dit bestemmingsplan wordt verslag gedaan van het (voor)overleg en de zienswijzen.

10

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Beschrijving huidige situatie

Op het perceel aan de Wijchenseweg 4 staat een bedrijfsgebouw. Het bedrijfsgebouw bestaat uit één bouwlaag met een kap. Hierna is een foto opgenomen van dit gebouw. Het grootste gedeelte van het perceel is onverhard.

Afbeelding: foto van het aanwezige bedrijfsgebouw De omliggende percelen in het plangebied zijn in gebruik door Rijkswaterstaat (met name voor gladheidsbestrijding: opslag van zout in een zoutloods) en het CBR (examencentrum). Delen van het gebied zijn verhard en delen zijn onverhard. Verder is het perceel omzoomd met diverse loofbomen en ligt er een watergang rondom het gebied. Onderstaande afbeeldingen verbeelden dit.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

11

Afbeeldingen: de aanwezige bomen (links) en de watergang (rechts)

Afbeeldingen zoutloods (links) en CBR (rechts)

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

De terreininrichting van Antargaz aan de nieuwe locatie aan de Wijchenseweg 4 is nog niet bekend. Vooralsnog is er alleen een globaal vlekkenplan. Op de huidige locatie heeft Antargaz aan de Roggeweg de volgende activiteiten: kantoren, een kleine werkplaats, ondergeschikte detailhandel (winkel met gevulde gasflessen en toebehoren, zoals gebruikstoestellen voor gasflessen), een beperkt magazijn, gasvulstation met opslag gasflessen, 2 ondergrondse tanks met respectievelijk 4,8 m3 propaan en 2,7 m3 butaan en parkeren servicewagens. En aan de Sint Teunismolenweg: buitenterrein met opslag van (lege) tanks, opslag gasflessen, parkeren/stalling tankauto's, kraanwagen, portacabin, laad/los opstelling voor tankwagens gekoppeld aan een ondergrondse voorraad terptank (80 m³). Bij de nieuwe locatie aan de Wijchenseweg zal mogelijkerwijs het bestaande bedrijfsgebouw worden gesloopt. Hierna is het globale vlekkenplan opgenomen:

12

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Afbeelding: het SO (schetsontwerp) vlekkenplan (zie ook Bijlage 2 Inrichgtingsschets)

2.3

Stedenbouwkundige karakteristieken

Het plan is gelegen aan het begin van het bedrijventerrein 'de Brabantse Poort', tussen de A73, de Wijchenseweg en het spoor. Doordat de locatie in de huidige situatie omzoomd is met een ruime waterloop en een dichte bomenrand, is het een soort eilandje. De locatie Wijchenseweg 4 is hierdoor zowel vanaf het spoor als vanaf de Wijchenseweg weinig zichtbaar. De zoutloods en CBR staan in een meer open inrichting en zijn vanaf de Wijchenseweg wel goed zichtbaar. In de toekomstige situatie zal een gedeelte van het groen van het terrein van Wijchenseweg 4 verwijderd worden, er zal meer ruimte voor opslag nodig zijn. Het gebied zal, zoals dat nu ook is, relatief weinig bebouwing kennen en veel buitenruimte hebben, die ook nodig is als verkeers- en parkeerruimte. Gezien de afgezonderde ligging, zal het bedrijf zich niet uitdrukkelijk naar de omgeving richten en zal de terreininrichting vooral functioneel ingegeven zijn.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

13

14

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Hoofdstuk 3

Beleidskader

3.1

Relevant rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. Deze visie is door het Rijk vooruitlopend op de nieuwe Omgevingswet. Aan de hand van een toekomstperspectief is hierin de langetermijnvisie van het Rijk op het gebied van ruimte en mobiliteit in beeld gebracht. Op de geformuleerde 21 nationale belangen met bijbehorende opgaven wil het Rijk (net als nu) sturen een richting geven. De opgaven die voortkomen uit de nationale belangen van het Rijk zijn vertaald in vier integrale prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

ruimte maken voor klimaatadaptatie en energietransitie; duurzaam economisch groeipotentieel bevorderen; zorgen voor sterke en gezonde steden en regio's; stimuleren van een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Met de NOVI geeft het kabinet richting aan de grote opgaven die het aanzien van Nederland de komende dertig jaar ingrijpend zullen veranderen. Denk aan het bouwen van nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. Centraal in de te maken afwegingen tussen belangen staat een evenwichtig gebruik van de fysieke leefomgeving in zijn volledige omvang (boven- en ondergrond). Bij het maken van beleidskeuzes dient uit te worden gegaan van een omgevingsinclusieve benadering van de leefomgeving. Een omgevingsinclusieve benadering van de leefomgeving houdt in dat ontwikkeling van de leefomgeving samen gaat met versterking van te beschermen waarden als gezondheid, landschap, waterveiligheid, natuur, cultureel erfgoed, leefomgevingskwaliteit en milieukwaliteit. Veiligheid, gezondheid en duurzaamheid zijn basale randvoorwaarden voor alle maatschappelijke activiteiten zoals bedrijfsmatige activiteiten, de energietransitie en de woningbouw. Ten aanzien van het specifieke, voorliggende project is er geen direct relevant beleid opgenomen in de NOVI. In het NOVI wordt aangegeven dat er wordt gestreefd naar een gezonde en veilige leefomgeving.

Door voorliggend bedrijf te verplaatsen van een locatie waar in de toekomst woningen worden gebouwd naar een locatie nabij andere bedrijven en de snelweg, wordt er bijgedragen aan een veilige leefomgeving en een betere zonering van functies op passende locaties binnen het bestaande stedelijke gebied van Nijmegen. Er kan gesteld worden dat er geen nationale belangen in het geding zijn met de realisatie van het plan.

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en de bijbehorende Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) zijn rijksregels opgenomen ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland. Deze zijn van belang voor de inhoud van bestemmingsplannen. Het kabinet heeft de keuze voor deze onderwerpen gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) en NOVI. Deze bundelt het nationale ruimtelijke en infrastructuurbeleid in 13 nationale belangen. Het betreft de volgende onderdelen:

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

15

Rijksvaarwegen; Project Mainportontwikkeling Rotterdam; Kustfundament; Grote rivieren; Waddenzee en waddengebied; Defensie; Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; Electriciteitsvoorziening; Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen; Natuurnetwerk Nederland; Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde; Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.

Binnen het Barro en de bijbehorende Regeling Algemene Regels Ruimtelijke Ordening (Rarro) zijn tevens regels opgenomen met betrekking tot defensieradars. Om zeker te stellen dat deze radars een goed beeld van het luchtruim behouden en dat dit beeld niet in onaanvaardbare mate wordt verstoord door hoge objecten zijn bouwhoogte beperkingen vastgelegd, die gelden binnen de aangewezen radarverstoringsgebieden. De regels van het Barro moeten in acht worden genomen bij het opstellen van provinciale ruimtelijke verordeningen en bestemmingsplannen, zodat ze doorwerken tot het niveau van de lokale besluitvorming. Zodra de Omgevingswet in werking treedt, vervalt het Barro. De regels van het Barro zullen dan worden vervangen door het Besluit kwaliteit leefomgeving. Met het planvoornemen zijn geen nationale belangen in het geding.

3.1.3

Ladder duurzame verstedelijking

Per 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd ten aanzien van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Voortaan geldt een onderbouwing op basis van “behoefte” (in plaats van 'actuele regionale behoefte'). Dit houdt in dat de reikwijdte van de stedelijke ontwikkeling die een bestemmingsplan mogelijk maakt, leidend is voor het ruimtelijk verzorgingsgebied waarbinnen de Laddertoets moet worden gedaan . Ook is dit leidend voor het al dan niet plegen van regionale afstemming. Zowel bij een ontwikkeling binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied blijft het van belang de behoefte te onderbouwen (ook al lijkt artikel 3.1.6, lid 2, Bro anders te suggereren). De derde trede van de eerdere Ladder onderbouwing (de eis dat gemotiveerd moet worden in hoeverre ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied passend zijn of worden ontsloten) is geschrapt. Er is een nieuw onderdeel toegevoegd aan artikel 3.1.6 (lid 3) Bro waarmee de Laddertoets bij flexibele planvormen (wijzigings- of uitwerkingsplan) kan worden doorgeschoven naar het moment van vaststelling van het wijzigings- of uitwerkingsplan. De in het plan voorziene ontwikkeling kan niet worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in deze bepaling van het Bro, zodat artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro niet van toepassing is. De verhuizing van het bedrijf vindt plaats naar een locatie die al de bestemming 'Bedrijf' heeft.

Dit betekent dat er geen sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. De locatie had al

16

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

een stedelijke functie en is omsloten door infrastructuur. De invulling van de bedrijfsbestemming betreft een verhuizing van een bestaand bedrijf in de kern Nijmegen. Het bedrijf verhuist binnen dezelfde gemeente. Dit toont voldoende aan dat er behoefte voor de ontwikkeling is. In de huidige situatie is het een goedlopend bedrijf, dat verplaatst naar een nieuwe locatie omdat de huidige locatie in afnemende mate een geschikte vestigingslocatie is die bovendien aan de ontwikkeling tot woongebied aldaar in de weg staat. Op basis van voorliggende paragraaf kan gesteld worden dat de ladder duurzame verstedelijking niet van toepassing is.

3.1.4

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met dit Rijksbeleid.

3.2

Relevant provinciaal beleid

3.2.1

Provinciale Omgevingsvisie Gelderland

In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland (vastgesteld 19 december 2018, in werking getreden 1 maart 2019) staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. De doelstelling van de "Omgevingsvisie Gaaf Gelderland" is een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Hierbij ligt de focus op duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie. De Omgevingsvisie omschrijft de doelstelling als volgt: Gezond: een gezonde leefomgeving, schone en frisse lucht, een schoon milieu, een niet vervuilde bodem, voldoende schoon en veilig (drink)water, en de bescherming van onze flora en fauna. Veilig: voorbereid zijn op klimaatverandering, zoals hitte, droogte, bosbranden en overstromingen. En aandacht voor verkeersveiligheid en veilige bedrijvigheid. Schoon: het tegengaan van schadelijke uitstoot, afval en uitputting van grondstoffen. En het investeren in nieuwe, alternatieve vormen van energie. Welvarend: een dynamisch, duurzaam en aantrekkelijk woon-, werk- en ondernemersklimaat, goed bereikbaar en met een goed functionerende arbeidsmarkt en dito kennis- en onderwijsinstellingen. Duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie worden in onderlinge samenhang bekeken.

Dit resulteert in ambities op het gebied van de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en de woon- en leefomgeving. Deze ambities zijn gerelateerd aan de kerntaken van de provincie. Elke ambitie kent zijn eigen doelstellingen en aanpak. Voor de uitvoering hanteert de provincie vier 'doe-principes': doen: de provincie kijkt breed met focus en zoekt actief ruimte; laten: de provincie stimuleert niets buiten haar visie; zelf: de provincie neemt zelf verantwoordelijkheid en geeft het goede voorbeeld; samen: de provincie werkt samen met partners en stimuleert innovatie en kennisdeling. Bij het ruimtelijke beleid is het provinciaal belang het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit, het vergroten van klimaatbestendigheid en behoud van natuur- en landschappelijke kwaliteit. De kwantitatieve regionale opgave bij wonen en werklocaties is eveneens van provinciaal belang. Hiervoor zijn er provinciale kaders voor het terugdringen van leegstand en overcapaciteit in gemeentelijke plannen. De uitwerking van de Omgevingsvisie vindt plaats in sectorale of regionale programma's, waaronder de Regionale Energiestrategieën, Programma Mobiliteit, en

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

17

Regionale Woonagenda's. Bij de Omgevingsvisie zijn diverse kaartbeelden opgenomen, waarop de visie nader verbeeld is. Op de planlocatie zijn geen relevante facetten opgenomen. Wel zijn er aanduidingen opgenomen ten aanzien van duurzame energie opwekking, maar deze zijn niet relevant voor voorliggend project. In de Omgevingsvisie wordt onder meer aandacht besteed aan veilige bedrijvigheid. Met de verplaatsing van het bedrijf wordt de omgeving veiliger. Het bedrijf verhuist van een dicht bebouwde locatie naar een locatie met meer open ruimte waar de veiligheid geborgd kan worden door voldoende afstand te houden naar omliggende functies. Dit betekent dat er bij een eventueel incident, waarvan de kans al zeer klein is, een kleinere kans is op slachtoffers. Ook draagt de verhuizing bij aan de bereikbaarheid van het bedrijf. De nieuwe locatie is veel dichter bij de snelweg gelegen dan de originele locatie. Dit bespaart ook het vervoer van de gasflessen en -tanks door een gedeelte van de kern en maakt de routing naar het bedrijf korter.

3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

De doelstellingen uit de Omgevingsvisie zijn juridisch vertaald in de Omgevingsverordening Gelderland (vastgesteld 24 september 2014), inclusief een 8-tal herzieningen (geconsolideerde versie , februari 2022). De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De Omgevingsverordening heeft de status van een Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening. Op het plangebied zijn geen specifieke regelingen uit de Omgevingsverordening van toepassing, behalve dat voor de beleidsvelden wonen, werklocaties, bedrijventerreinen en detailhandel geldt dat ontwikkelingen passend moeten zijn binnen regionaal afgestemde programma's. Voorliggend plan betreft de verhuizing van een bedrijf binnen de stad Nijmegen.

Doordat het geen nieuwe bedrijf betreft, hoeft er niet regionaal te worden afgestemd. Derhalve is de bedrijfsverplaatsing passend binnen het beleid zoals opgenomen in de verordening.

3.2.3

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het provinciale beleid.

18

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

3.3

Relevant gemeentelijk beleid

3.3.1

Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging'

In de Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging' beschrijft de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. De Omgevingsvisie gaat om meer dan alleen ruimtelijke aspecten, zo beschrijft de visie hoe de inrichting van de fysieke leefomgeving kan bijdragen aan sociale, maatschappelijke en economische doelen. De Omgevingsvisie vervangt sectorale beleidsvisie voor thema's die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen. Hiermee biedt de Omgevingsvisie één integraal document met de kaders voor het ruimtelijk beleid van Nijmegen. De Omgevingsvisie bouwt o.a. voort op bestaand beleid, het coalitieakkoord 2018-2022, en de structuurvisie uit 2013. In oktober 2020 is de Omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Door actualisatie blijft de Omgevingsvisie actueel.

De Omgevingsvisie dient 4 doelen: 1. Een kader en inspiratie bieden voor initiatiefnemers uit de stad. 2. Het geven van spelregels voor afstemming met de omgeving bij ontwikkelingen. 3. Het in samenhang presenteren van de Nijmeegse ambities, als uitgangspunt bij het werk van medewerkers van de gemeente. 4. Te gebruiken als sturingsinstrument voor het college van B&W en de gemeenteraad bij ruimtelijke ontwikkelingen en investeringen.

Uitgangspunt: Groei binnen de bestaande stad De Omgevingsvisie constateert dat Nijmegen tot 2040 blijft groeien in aantal inwoners, werknemers en bezoekers. Een belangrijk uitgangspunt van de Omgevingsvisie is het streven om die toekomstige groei te accommoderen binnen de bestaande grenzen van de stad. Zo blijft het aantrekkelijke landschap rondom de stad behouden en helpt verdichting bovendien om het draagvlak voor voorzieningen in stand te houden. Ruimte voor nieuwe woningen en werkgelegenheid wordt dus gezocht binnen de bestaande stadsgrenzen, waarbij de focus ligt op de volgende gebieden: Waalsprong, Waalfront, centrum/stationsomgeving, Kanaalzone/Winkelsteeg en campus Heyendaal.

Opgaven en ruimtelijke keuzes 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes staan centraal in de Omgevingsvisie (zie figuren). Nieuwe ruimtelijke initiatieven dienen altijd bij te dragen aan de 4 grote opgaven uit de Omgevingsvisie, en bij voorkeur aan meer dan één tegelijkertijd.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

19

4 opgaven De Economisch veerkrachtige stad, Sociale en gezonde stad, Aantrekkelijke stad, en Duurzame stad zijn de vier opgaven die de basis vormen van het bestuursakkoord (2018-2022) en de Omgevingsvisie. Van hieruit wordt de ontwikkeling van de stad bekeken en worden onze ambities geformuleerd. 1. Economisch veerkrachtige stad We gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid voor zowel hooggeschoolden als voor praktisch werkenden. 2. Sociale en gezonde stad Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen. 3. Aantrekkelijke stad Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top 3 van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er vestigen zich ook meer jongeren.

Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen. 4. Duurzame stad Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven. De oplossingen die we samen met de stad en regio uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang.

8 richtinggevende keuzes De 4 opgaven voor Nijmegen zijn goed te combineren, we kijken daarom naar integrale oplossingen. Waarbij we een vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken benaderen en de

20

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

oplossing bijdraagt aan het oplossen van meerdere problemen. Hieronder de kern van de richtinggevende keuzes uit de Omgevingsvisie. 1. Compacte, dynamische stad: Omdat we de impact van groei op de omgeving zo klein mogelijk willen houden ligt de nadruk op verdichting. De groeiopgave willen we benutten om kwaliteit toe te voegen aan de stad, o.a. door meer functiemenging, informele werkmilieus en transformatie. Stedelijke knooppunten, daar waar voorzieningen, werklocaties en vervoersstromen samenkomen, zijn kansrijke plekken voor verdichting en functiemenging. Bij nieuw te bouwen woningen verschuift het accent naar een- en tweepersoonshuishoudens, waaronder betaalbare woningen voor studenten, starters, ouderen en kwetsbare doelgroepen. Voor nieuwe kantoren is vooral het stationsgebied kansrijk. Brabantse Poort en Campus Heyendaal beschouwen we als toekomstbestendige kantoorlocaties. Voor onder meer logistiek en de maakindustrie ontwikkelen we in overleg met regio bedrijventerrein de Grift. Het Engieterrein wordt herontwikkeld voor watergebonden bedrijvigheid en bedrijven die duurzame energie opwekken. Op de campussen richten we ons op herontwikkeling, intensivering en functiemenging. In Winkelsteeg onderzoeken we de mogelijkheden voor een gemengd stedelijk milieu, daarbij rekening houdend met de perspectieven en ontwikkelmogelijkheden van bestaande en toekomstige bedrijvigheid.

2. Toekomstbestendige wijken Om tot een inclusieve en vitale stad te komen, streven we onder meer naar een goede mix van allerlei typen woningen en woonmilieus in sociale huur, huur en koop. In combinatie met de daarbij passende, bereikbare en goed toegankelijke voorzieningen. Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen staan de leefwereld, het welbevinden en de gezondheid van inwoners centraal. Tijdelijke functies en initiatieven ondersteunen we om verbeteringen te realiseren.

3. Groene, gezonde stad We willen als stad bijdragen aan de gezondheid van onze inwoners en het verbeteren van de biodiversiteit. Een gezonde leefomgeving is daarbij een belangrijk integraal thema, waarbij het o.a. gaat om luchtkwaliteit, geluidsbelasting, hitte, groen en water, bewegen en mobiliteit, ontmoeten en voorzieningen. Dichtbij huis zijn er mogelijkheden om te ontmoeten, wandelen, spelen en sporten. Daarvoor ontwikkelen we o.a. een netwerk van aantrekkelijke beweegroutes op stad- en wijkniveau. 4. Duurzame mobiliteit In de regio Arnhem-Nijmegen werken we gezamenlijk aan duurzame mobiliteit en bereikbaarheid. Het gaat om het inzetten en stimuleren van schone vervoersmiddelen en het efficiënter benutten van vervoer. Om de stad te laten groeien zonder mobiliteitsproblemen te laten ontstaan zetten we in op: lopen, fiets, OV en Mobility as a Service. Met deze vervoersvormen kunnen we een aantal maatschappelijke doelen bereiken. Duurzame mobiliteit brengt mensen in beweging, is goed voor de gezondheid en luchtkwaliteit, versterkt sociale cohesie, creëert gelijke kansen, versterkt de economische structuur en draagt bij aan de beleving van de stad. 5. Energieopgave Ons doel is dat Nijmegen uiterlijk in 2045 energieneutraal en aardgasvrij is. Samen met andere gemeenten, waterschappen en de provincie stellen we een Regionale Energie Strategie (RES) op.

Hierin maken we keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de daarvoor nodige opslagen energie infrastructuur. De RES geeft met zoekgebieden aan welke gebieden in de

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

21

regio geschikt zijn voor de opwekking van hernieuwbare energie. 6. Groter centrumgebied De komende jaren werken we aan de verbreding van het centrum naar de gebieden rondom de Waal. Onder de noemer 'Nijmegen omarmt de Waal' realiseren we verschillende projecten en ontstaat hier een variatie van nieuwe gemengde milieus en hebben de rivieroevers een belangrijke openbare functie. Het gaat o.a. om de Stationsgebied, NYMA, Hof van Holland, Waalkade, Valkhofkwartier, Vlaams Kwartier, en Burchtstraat/Augustijnenstraat. 7. Sterke campussen De komende jaren blijven we investeren in de clusters Health & high Tech om nieuwe banen te creëren. We willen ruimte bieden aan nieuwe bedrijven en meewerken aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dit doen we mede door te investeren in uitstraling en kwaliteit en door de mogelijkheden voor intensivering en functiemenging op campussen te onderzoeken. De Novio Tech Campus, Campus Heyendaal en de binnenstad zijn sterke campussen in Nijmegen. 8. We omarmen het kanaal We zien een samenballing van opgaven rondom het Maas-Waalkanaal. Hier zien we kansen voor intensivering en transformatie in de huidige woongebieden in Dukenburg, Lindenholt, Neerbosch-Oost, Hatert, groene gebieden en de werkgebieden Winkelsteeg en Oost-Kanaalhavens. Door de Kanaalzone tot ontwikkeling te brengen werken we o.a.

aan een betere verbinding van Dukenburg en Lindenholt met de rest van de stad en geven we de bestaande wijken rondom het kanaal een impuls. De transformatieopgave vraagt om verdere verkenning en onderzoek.

In relatie tot de beoogde ontwikkeling in het plangebied is het volgende beleid uit deze Omgevingsvisie relevant: verdichting en compacte, dynamische stad. Met het verplaatsen van het bedrijf wordt er bijgedragen aan de verdichting van de bebouwing in het plangebied en directe omgeving. Met de toevoeging van het bedrijf wordt er bijgedragen aan het intensiever gebruiken van het gebied, dat in de huidige situatie veel ruimte biedt voor nieuwe bedrijvigheid. Daarnaast maakt het de transformatie van het gebied Winkelsteeg mogelijk.

3.3.2

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met het gemeentelijke beleid.

22

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Hoofdstuk 4 4.1

Sectorale aspecten

Stedenbouwkundige /landschappelijke aspecten

De ruimtelijke hoofdstructuur van het bedrijventerrein wordt bepaald door de belendingen van hoofdinfrastructuur; de Wijchenseweg, rijksweg en spoorlijn. Daarbinnen zijn bedrijfskavels ontwikkeld met een sterk solitair karakter en een relatief lage bebouwingsgraad. Ter plaatse van de planlocatie betreft dit ook routegebonden functies, zoals het rijopleidingscentrum en de locatie Rijkswaterstaat met zoutopslag. Deze zijn direct ontsloten op de Wijchenseweg. De vestiging van het gasbedrijf past goed in deze karakteristieken en sluit aan bij de verkeersbehoefte en de kenmerkende lage bebouwingsgraad in dit gebied.

4.2

Bedrijven en milieuzonering

Milieuzonering is een instrument voor het invullen en beheren van de ruimte. Bij milieuzonering tussen milieugevoelige functies (zoals woningen) en milieubelastende functies (zoals bedrijven) kan gebruik worden gemaakt van twee verschillende principes. Bij het principe van functiescheiding wordt voldoende ruimtelijke scheiding aangebracht tussen milieugevoelige functies en milieubelastende functies om overlast zo veel mogelijk te beperken. Bij het principe van functiemenging gaat het om het creëren van een levendige stedelijke omgeving met een gevarieerde mix aan functies. Voor het voorliggende bestemmingsplan is gebruik gemaakt van functiescheiding. Zodoende wordt het nieuwe bedrijf ruimtelijk gescheiden van de stedelijke woon-werkomgeving. Om te bepalen of sprake is van voldoende functiescheiding is zoals gebruikelijk gebruik gemaakt van de richtafstanden van de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG). In de handreiking 'Milieuzonering en bedrijven' van de VNG is een tabel opgenomen met de richtafstanden per milieucategorie. Ten aanzien van de milieuzonering zijn voor voorliggend plan de volgende uitgangspunten gehanteerd: Type bedrijf: groothandel in vloeibare en gasvormige brandstoffen, vloeistoffen, o.c. < 100.000 m3 Voor dit soort bedrijven geldt een afstand van 50 meter voor de aspecten geur en geluid, t.o.v. een rustige woonwijk.

Voor het aspect veiligheid geldt de grootste afstand, te weten 200 meter. Binnen 50 meter van de planlocatie zijn geen functies gelegen die gevoelig zijn voor geur en/of geluidsoverlast zoals bijvoorbeeld woningen. Wel zijn er diverse kantoorpanden aanwezig binnen 200 meter van de planlocatie. Voor een verdere verantwoording van het aspect 'externe veiligheid' wordt verwezen naar paragraaf 4.6.

De bestemmingen van de bedrijfslocaties van de zoutloods en van CBR wijzigen niet; alleen wordt het bebouwingspercentage verhoogd. Omgekeerde werking Omgekeerd dient ook bekeken te worden of de nieuwe functie geen belemmeringen oplevert voor de omliggende bedrijven. Op basis van een inventarisatie worden er geen gevolgen voor

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

23

de overige bedrijven verwacht. Ten aanzien van externe veiligheid is een separate paragraaf opgenomen om de risico's te verantwoorden.

4.3

Geluid

In de Wet geluidhinder (Wgh) en het Besluit geluidhinder (Bgh) worden grenzen gesteld aan de geluidsbelasting van woningen en andere geluidsgevoelige bestemmingen. Het gaat daarbij om de geluidsbelasting die wordt veroorzaakt door verkeer (weg, water en rail) en industrie. Voor deze geluidsbronnen gelden verschillende voorkeurswaarden, die alleen onder voorwaarden mogen worden overschreden. Bij overschrijding van de voorkeurswaarde is een besluit hogere waarde vereist In de gemeentelijke Beleidsregels Hogere Waarden Wet geluidhinder 2013 is vastgelegd onder welke voorwaarden geluidsbelastingen boven de voorkeurswaarden zijn toegestaan. Uitgangspunten Omgevingsvisie: We voorkomen veiligheids- en gezondheidsrisico's. Daarom willen we een leefbare, veilige en schone stad met aandacht voor luchtkwaliteit, bodemkwaliteit, geluid en de gevolgen van klimaatverandering (hitte). In het plangebied worden geen nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen mogelijk gemaakt. Derhalve is er geen aanvullend akoestisch onderzoek uitgevoerd. Het nieuwe bedrijf in het plangebied zal zelf mogelijk geluid veroorzaken. Er zijn echter in de nabijheid van de locatie geen geluidsgevoelige objecten gelegen. Derhalve is er geen belemmering voor het planvoornemen op basis van het aspect 'geluid'.

4.4

Luchtkwaliteit

In de Wet milieubeheer titel 5.2 ('Wet luchtkwaliteit') zijn luchtkwaliteiteisen opgenomen. Deze betreffen de stoffen: zwaveldioxide, stikstofdioxide (NO2), stikstofoxiden, fijn stof (PM10), koolmonoxide, benzeen, benzo(a)pyreen, lood en ozon. In Nederland worden over het algemeen alleen overschrijdingen geconstateerd voor de stoffen NO2 en PM10. Het luchtkwaliteitonderzoek beperkt zich dan ook tot deze twee stoffen. De grenswaarden voor NO2 en PM10 uit de Wet luchtkwaliteit zijn weergegeven in onderstaande tabel. De regelgeving met betrekking tot luchtkwaliteitseisen is verder uitgewerkt in AMvB's en Ministeriële regelingen. Bij het faciliteren van ruimtelijke plannen moet volgens de Nederlandse wetgeving de verandering van de luchtkwaliteit door het plan worden getoetst. Tabel: luchtkwaliteit

Jaargemiddelde grenswaarde NO2

norm 40 µg/m3

ingangsdatum 1 januari 2015

Jaargemiddelde grenswaarde PM10

40 µg/m3

1 juni 2011

Daggemiddelde grenswaarde PM10

max. 35 dagen/jaar > 50 µg/m3

1 juni 2011

Een ruimtelijke ontwikkeling kan doorgang vinden indien aannemelijk kan worden gemaakt dat: de ruimtelijke ontwikkeling, al dan niet in combinatie met aan het project verbonden maatregelen, niet in betekende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit, of; de luchtkwaliteit door de ruimtelijke ontwikkeling, al dan niet in combinatie met aan het

24

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

project verbonden maatregelen, per saldo verbetert of tenminste gelijk blijft (Wm artikel 5.16.1.b.1°), of; bij een beperkte verslechtering van de luchtkwaliteit vanwege de ruimtelijke ontwikkeling, de luchtkwaliteit in een gebied rondom het project per saldo verbetert (Wm artikel 5.16.1.b.2°). De verbetering en verslechtering zullen beide moeten gelden voor overschrijdingssituaties en dienen te worden betrokken op de concentraties van NO2 en/of PM10, of; De ruimtelijke ontwikkeling is beschreven in, past binnen, of is in elk geval niet strijdig met een vastgesteld programma zoals het NSL (Wm artikel 5.16.1.d), of; er geen grenswaarden worden overschreden door de ruimtelijke ontwikkeling.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelt dat blootstelling aan PM2,5 schadelijker is dan blootstelling aan PM10. De kleinere deeltjes van PM2,5 dringen dieper in de longen door (WHO, 2006; Brunekreef en Forsberg, 2005). In de Europese richtlijn voor luchtkwaliteit van zijn daarom sinds 2008 grens- en richtwaarden voor PM2,5 opgenomen. Voor PM2,5 geldt een Europese grenswaarde van 25 µg/m3 voor het jaargemiddelde. De WHO beschouwt deze grenswaarde als interimdoelstelling op weg naar een advieswaarde van 10 µg/m³ (WHO, 2006). Momenteel ligt een nieuwe EU-richtlijn voor luchtkwaliteit ter consultatie waarin nieuwe advieswaarden zijn opgenomen voor PM2,5; PM10 en NOx van respectievelijk 5 µg/m3, 15 µg/m3 en 10 µg/m3. Wat betreft de bijdrage van een plan aan de luchtkwaliteit is het Besluit Niet In Betekenende Mate Bijdragen (Luchtkwaliteitseisen) van belang, die gelijk met de wetswijziging van kracht is geworden. Plannen die niet meer dan 3% bijdragen aan een verslechtering van de luchtkwaliteit, hoeven niet getoetst te worden aan de luchtkwaliteitseisen in de Wet Milieubeheer, hoofdstuk 5. Het plan voorziet in de realisatie van een nieuw bedrijf, dat verhuist binnen Nijmegen en behoud van twee bestaande bedrijven.

Gezien de beperkte schaal van het plan kan het worden aangemerkt als NIBM, vooral als men beschouwt dat een nieuwe woonwijk van 1.500 woningen met één ontsluitingsweg ook wordt aangemerkt als NIBM. Als aangegeven worden de routes voor aanrijden naar de locatie verkort, wat per saldo positief is op de uitstoot en dus voor de luchtkwaliteit.

4.5

Geur

Geur kan in de leefomgeving hinder veroorzaken en brengt om die reden ook gezondheidsrisico's met zich mee. Bij geur van bedrijven gaat het om de geuruitstoot (emissie) van bedrijven die zich verspreid via de lucht en een geurbelasting veroorzaakt op de woon- en leefomgeving. Een gasbedrijf is niet aan te merken als een geurgevoelig object. Derhalve is niet onderzocht of er andere geur veroorzakende bedrijven nabij de planlocatie zijn gesitueerd. De zoutloods en het CBR zijn reeds gevestigd op de locatie; de gevoeligheid wijzigt niet. Wel kan het bedrijf zelf geurhinder veroorzaken. Op basis van milieuzonering (paragraaf 4.2) geldt hier ook nu al een afstand van 50 meter voor. Binnen deze afstand zijn geen geurgevoelige objecten gelegen. Bovendien is de toevoeging van het gasbedrijf, die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, voor het aspect geur niet relevant omdat de werkzaamheden niet tot geuroverlast leiden. Derhalve vormt het aspect geur geen belemmering voor de realisatie van het plan.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

25

4.6

Externe veiligheid

Externe veiligheid moet worden meegewogen in de besluitvorming over ruimtelijke ontwikkelingen. Bij deze afweging is het van belang de risico's te beschouwen die ontstaan door inrichtingen vallend onder het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) en door risicovolle transportroutes. Voor het plaatsgebonden risico (PR) zijn grenswaarden voor kwetsbare objecten aangegeven en richtwaarden voor beperkt kwetsbare objecten. Het groepsrisico (GR) dient verantwoord te worden. Gemeentelijk beleid Het gemeentelijk beleid is vastgelegd in de Beleidsvisie externe veiligheid Nijmegen, Ambities en aanpak externe veiligheid. Voor dit bestemmingsplan is met name de gemeentelijke route gevaarlijke stoffen van belang. Op grond van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs) heeft gemeente Nijmegen in 2013 een routering voor gevaarlijke stoffen vastgesteld binnen haar grenzen. Deze routering is weergegeven in een uitsnede, zie onderstaande figuur. De verplaatsing van Antargaz (vanuit Winkelsteeg naar de Wijchenseweg) draagt er ook aan bij dat er minder gevaarlijke stoffen door Nijmegen hoeven te worden vervoerd, nu de nieuwe locatie Wijchenseweg gunstig is gelegen, direct ontsloten op de A73. De route door de stad wordt dan minder gebruikt, wat de veiligheid vergroot.

Risico-ontvanger en potentieel risicoveroorzaker De objecten en gebouwen die binnen dit plan worden mogelijk gemaakt zijn risico-ontvanger van diverse risicobronnen in de omgeving evenals een risicoveroorzaker omdat een gasbedrijf, zijnde een Bevi-bedrijf wordt toegelaten. Het plangebied als risico-ontvanger De volgende risicobronnen hebben invloed op het bestemmingsplangebied. Het spoor van Nijmegen naar Den Bosch. De A73. De Wijchenseweg als aangewezen routering vervoer gevaarlijke stoffen. De hogedruk aardgasleiding N576-70.

Toetsing aan Plaatsgebonden risico (PR)

26

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Onder het PR wordt verstaan de kans per jaar dat een persoon, die zich continu en onbeschermd op een bepaalde plaats in de omgeving van een gevarenbron bevindt, overlijdt ten gevolge van een ongeval met gevaarlijke stoffen van die bron. De PR contour van de genoemde risicobronnen valt niet over de voorgenomen ontwikkeling en vormt dus geen belemmering voor de ontwikkeling.

De verantwoording van het groepsrisico Het groepsrisico geeft de kans weer op een ongeval met ten minste 10, 100 of 1000 dodelijke slachtoffers binnen het invloedsgebied van de beschouwde risicobron. Het groepsrisico dient verantwoord te worden. Het plangebied ligt op 27 meter van het spoor van Nijmegen naar Den Bosch. Daarnaast ligt het op ongeveer 300 meter van de A73 en ongeveer 60 meter van de Wijchenseweg. De toe te voegen bestemming is een beperkt kwetsbare bestemming (zijnde een Bevi bedrijf) vanwege de lage te verwachte dichtheid van werknemers.

Het spoor Het plangebied ligt slechts voor een klein deel binnen de zone 0-30 meter vanaf het spoor (zie blauwe arcering in onderstaand beeld). Binnen deze zone zijn zeer kwetsbare objecten uitgesloten.

Daarnaast ligt het plangebied in een zone van 30-200 meter vanaf het spoor. Binnen deze zone zijn zeer kwetsbare objecten uitgesloten, maar is wel een afwijkingsbevoegdheid opgenomen. Daarvoor is dan een zware verantwoording noodzakelijk. Het planvoornemen gaat niet uit van een toevoeging van zeer kwetsbare objecten binnen deze zone. De toevoeging van het gasbedrijf leidt ook niet tot een verhoging van het groepsrisico ten opzichte van de bestaande bestemming. In de bestaande bestemming (beheersverordening uit 2013) is immers al bedrijvigheid toegelaten. Op grond van artikel 8 lid 2b van het Bevt wordt hier verder afgezien van de uitgebreide verantwoording van het groepsrisico.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

27

De routering over de Wijchenseweg Voor het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Wijchenseweg geldt dat de risico's op deze route voor 90% wordt veroorzaakt door het bedrijf waarvoor de huidige planlocatie geschikt wordt gemaakt. Aldus zal het gebruik op de bestaande route sterk afnemen en zal alleen op het deel tussen de A73 en de nieuwe locatie het gebruik vergelijkbaar blijven. Er worden met de nieuwe bestemming ook niet meer werknemers toegelaten in het invloedsgebied van de routering dan nu al zijn toegestaan. Voor het plangebied zelf heeft de routering dan ook geen invloed. De veiligheidswinst wordt met name geboekt doordat er in de nieuwe situatie veel minder vervoer van gevaarlijke stoffen van en naar het bedrijventerrein Winkelsteeg plaatsvindt. Over het gehele traject van de routering wordt veiligheidswinst geboekt. In onderstaande figuur is de bestaande situatie waarbij de Wijchenseweg een doorgaande route is voor het vervoer van gevaarlijke stoffen in de huidige situatie vergeleken met de toekomstige situatie waarbij meer dan 90% van het vervoer eindigt en begint bij de Wijchenseweg 4.

28

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

Afbeelding: Groepsrisico routering ter hoogte plangebied. Met blauw doorgaande bestaande route en rood beoogde nieuwe situatie. De hogedruk aardgasleiding Naast de locatie voor het gasbedrijf loopt een hogedruk aardgasleiding van 32 cm doorsnede met een druk van 40 bar. Deze leiding heeft een belemmeringenstrook aan weerszijde van 4 meter waarbinnen niet gebouwd mag worden. De 100% lethaal contour van de leiding loopt over het bestaande gebouw van de Wijchenseweg 4. Met de verplaatsing van Antargaz naar deze locatie zullen er niet of nauwelijks wijzigingen plaatsvinden in de personendichtheid langs dit deel van de buisleiding. Derhalve is er ook geen toename van meer dan 10% van het groepsrisico langs deze buisleiding (artikel 12, lid 3b Bevb). Een nadere verantwoording van het groepsrisico is niet nodig. Binnen het plangebied is daarnaast nog een gifwolkscenario denkbaar vanuit een incident op de snelweg A73. De kans daarop is echter dusdanig gering dat hiervoor een standaard verantwoording van het groepsrisico is opgenomen op pagina 33 van de Beleidsvisie externe veiligheid uit 2014.

Het plangebied als potentiële risicoveroorzaker Binnen het plangebied wordt een gasbedrijf voor het op- en overslaan van propaan en butaan (beiden in vloeibare vorm) en het vullen van gasflessen met propaan en butaan, zijnde een Bevi-bedrijf (niet zijnde een BRZO-bedrijf), planologisch mogelijk gemaakt. Uitgangspunt bij een Bevi-bedrijf is dat de externe veiligheidsrisico's (de PR 10-6 contour) zoveel als mogelijk op eigen terrein en eventueel het omliggende groen en de infrastructuur worden afgewikkeld. Dan zijn er in de toekomst geen beperkingen voor omliggende percelen en blijven de risico's voor de omgeving beperkt. Voor het aspect externe veiligheid is een onderzoek verricht (Rapport / Externe Veiligheid Antargaz, Adviesgroep AVIV BV, Project 245807, datum 24 mei 2024), waarvan het rapport is opgenomen als Bijlage 3 rapport externe veiligheid bij deze toelichting. Figuur 2 uit Bijlage 3 rapport externe veiligheid toont de plaatsgebonden risicocontouren. De contour voor de grenswaarde van het plaatsgebonden risico van 1.0 10-6 /jr ligt buiten de grens van de activiteiten. Binnen de contour bevinden zich bedrijfspanden van derden. De bedrijfspanden zijn beperkt kwetsbare objecten waarvoor de contour geldt als richtwaarde.

De plaatsgebonden risicocontour van 1.0 10-6 /jr ligt geheel binnen de milieuzone van dit Bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4).

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

29

Figuur 2 uit Bijlage 3 rapport externe veiligheid Om de vestiging van het gasbedrijf, zijnde een Bevi-bedrijf, in het plangebied mogelijk te maken is er voor gekozen om een maximale PR 10-6 contour in het bestemmingsplan op te nemen, waarbij de PR 10-6 contour deels over perceel 4093 wordt toegestaan. De effecten fakkel- en plasbrand 10 kW/m2, vuurbal 35 kW/m2 en explosie 0.1 bar zijn gelegen buiten de inrichtingsgrens. Binnen de aandachtsgebieden zijn er geen gronden bestemd voor zeer kwetsbare gebouwen. Op perceel 4093 is nu sprake van opslag van zout t.b.v. gladheidsbestrijding. Het gebouw van de zoutopslag kan worden gezien als een beperkt kwetsbaar object. Overlap van een PR 10-6 contour met een beperkt kwetsbaar object is alleen gemotiveerd toegestaan (nee, tenzij). Nu er op perceel 4093 zeer weinig werknemers gedurende het jaar aanwezig zijn (onbemande

30

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

vestiging) wordt dit aanvaardbaar geacht. Aan de oostzijde grenst het perceel voor het gasbedrijf aan perceel 4005. Het gebouw op dit perceel is momenteel in gebruik als kantoor en school voor rijexamens. Dit is dus een veel intensiever gebruik dan de zoutloods waardoor het onwenselijk is dat er een PR 10-6 contour over dit perceel valt. De maximale PR 10-6 contour valt niet over de percelen aan de zuidzijde van het spoor (o.a. de Praxis). Een PR 10-6 contour over die percelen is dus niet mogelijk. Zie de afbeelding hierna voor de maximale PR 10-6 contour.

Binnen de maximale PR 10-6 contour zijn geen (nieuwe) zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten toegestaan, met uitzondering van de beperkt kwetsbare objecten van de bestaande zoutloods en de nieuwe gebouwen voor het gasbedrijf (zie regels, Artikel 13 Algemene aanduidingsregels).

De komst van het Bevi-bedrijf op deze locatie zal ook een groepsrisico veroorzaken. Bij het opstellen van dit plan is de terreininrichting nog niet exact bekend en is het nog niet duidelijk waar de risicobronnen binnen het plangebied zullen worden gevestigd. Om toch een beeld te geven van het groepsrisico van het beoogde bedrijf dat zich hier mag vestigen is een berekening gemaakt van de hoogte van het groepsrisico met als voorbeeld de positie van de belangrijkste bronnen zoals aangegeven in de figuur hiervoor.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

31

Afbeelding: FN curve plot

De beperking van geen (nieuwe) zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten binnen de maximale PR 10-6 contour zal ook de hoogte van het groepsrisico beperken. In het vergunningstraject zal ook gestreefd worden naar een zo laag mogelijk groepsrisico (milieuspoor). Een verantwoording van het groepsrisico zal plaatsvinden in het vergunningstraject. Het groepsrisiconiveau is, met het toekennen van deze maatwerkregeling voor zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten geen belemmering voor deze planontwikkeling. Advies veiligheidsregio De Veiligheidsregio Gelderland Zuid (VRGZ) heeft op 23 november 2023 een advies uitgebracht over de aspecten zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid (zie bijlage Bijlage 7. De VRGZ gaat op deze aspecten akkoord met de gekozen verantwoording van het groepsrisico. De VRGZ doet nog een aantal voorstellen voor de verbetering van de veiligheid op het terrein van de medewerkers van Antargaz die bij de verdere ontwikkeling worden betrokken. De gemeente zal de VRGZ ook blijven betrekken bij de vergunningfase en de realisatie fase van de verplaatsing van Antargaz om het terrein zo veilig mogelijk in te richten. Het advies heeft betrekking op een ruimere contour (ontwerp bestemmingsplan), daar waar bij de vaststelling de contour kleiner is gemaakt.

Dit beperkt de veiligheidsrisico's verdergaand, waardoor de aanpassing niet nogmaals getoetst behoeft te worden. Samengevat Omdat de terreininrichting van het gasbedrijf nog niet bekend is, is nu in het bestemmingsplan een maximale externe veiligheidscontour (PR 10-6 contour) opgenomen (planologisch spoor). De maximale contour is gekoppeld aan de contour van de aanduiding 'milieuzone - zones wet milieubeheer', art. 14.1. De latere omgevingsvergunning milieu zal uitgaan van de werkelijke - en kleinere - externe veiligheidscontour, aangezien dan de terreininrichting bekend is en de Best Beschikbare Technieken (BBT) moeten worden toegepast (milieuspoor). Binnen de maximale externe veiligheidscontour zijn zeer kwetsbare, kwetsbare en beperkt kwetsbare objecten uitgesloten, anders dan de beperkt kwetsbare objecten van de bestaande zoutloods en de nieuwe

32

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

gebouwen voor het gasbedrijf. Conclusie Op grond van externe veiligheid zijn er geen belemmeringen voor de planontwikkeling. Relevante contouren voor externe veiligheid zijn opgenomen op de verbeelding en verankerd in de regels.

4.7

Bodem

Indien sprake is van een planologische functiewijziging, is een inventarisatie benodigd om te kunnen bepalen of de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem ter plaatse geschikt is voor het voorgenomen gebruik in relatie tot de (financiële) uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. De gemeente Nijmegen heeft voor haar beheersgebied de Nota Bodembeheer opgesteld. Hierin is het lokale beleid voor grondverzet en bodemsanering beschreven. Bekende bodemkwaliteit Binnen het plangebied zijn in het verleden diverse milieuhygiënische bodemonderzoeken uitgevoerd. Op de milieuatlas van de gemeente Nijmegen (https://kaart.nijmegen.nl/milieu/) zijn de bij de gemeente Nijmegen bekende bodemonderzoeken digitaal in te zien en te downloaden. Op deze site zijn ook de locaties te vinden die (mogelijk) verontreinigd zijn. Hieronder is een uitsnede van deze kaart opgenomen.

Afbeelding: uitsnede milieuatlas gemeente Nijmegen (lagen bodemverontreiniging en verdachte bodemlocaties) Ter plaatse van de Wijchenseweg 4 is het meest recente onderzoek uitgevoerd door Tauw in september 2020 Rapportnummer 6751R001-1276910LFK-V02-rlk-NL, zie Bijlage 6). In dit onderzoek wordt het volgende geconcludeerd: De werkzaamheden in het pand hebben niet geleid tot een bodemverontreiniging. In de bovenen ondergrond is geen van de geanalyseerde parameters boven de achtergrondwaarde en/of rapportagegrens gemeten. De grond wordt indicatief beoordeeld als altijd toepasbaar. In het grondwater is geen van de geanalyseerde parameters boven de streefwaarde gemeten. Ter plaatse de afwateringszone is visueel geen asbestverdacht materiaal waargenomen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Brabantse Poort 2021 - 1 (Wijchenseweg 4)

33

Analytisch is in één mengmonster asbest in een gehalten van 1,3 mg/kg d.s. gemeten. De gemeten waarde blijft ruim beneden de 0,5x interventiewaarde van 50 mg/kg d.s. Derhalve is nader onderzoek is niet noodzakelijk. Er zijn geen asbestvezels aangetoond. De afwateringszone is voldoende onderzocht op asbest. Op het overig terrein zijn in de bovengrond slechts lichte verontreinigingen (achtergrondwaarde) gemeten van minerale olie, PAK, lood en kobalt. Géén van de genoemde parameters overschrijden de lokale maximale waarde zoals weergegeven in de nota bodembeheer van de gemeente Nijmegen. De bovengrond wordt indicatief beoordeeld als altijd toepasbaar of klasse industrie. In het grondwater is barium boven de streefwaarde aangetoond. Barium is waarschijnlijk van nature aanwezig. De lichte verontreinigingen in grond en grondwater passen in het beeld van het deelgebied 4 ‘1965-heden'. Samenvattend kan geconcludeerd worden dat met de resultaten uit het huidige onderzoek de kwaliteit van de bodem voldoende is onderzocht. Conclusie In het plangebied wijzigt de bestemming niet, er wordt enkel een aanduiding toegevoegd. Voor dit deel van het gebied geldt dat er geen bodemverontreiniging bekend is, of verwacht wordt, die de bestemmingswijziging belemmert. De bekende bodemkwaliteit vormt ook geen risico bij het huidige gebruik.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=c46f5140-9e38-4d54-849e-63a9a3c91aae