Masterplan netcongestie 1.0
Tekst van het document
Masterplan netcongestie 1.0 De Nijmeegse aanpak voor het tegengaan van en omgaan met schaarste op het stroomnet
Gemeente Nijmegen, 23 april 2024
1 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Inhoudsopgave Overzicht maatregelen masterplan netcongestie
3
Inleiding Aanleiding: netcongestie, een urgent probleem Doel: samenhangende aanpak op korte termijn Totstandkoming van het masterplan
4 4 4 5
Deel I - Situatie
6
1. Wat is netcongestie: de landelijke en Gelderse situatie Schaarste in transportcapaciteit: zowel voor afname én invoeding Problemen op de verschillende niveaus van het stroomnet
7 7 7
2. Probleemanalyse: de knelpunten voor Nijmegen Algemeen: vraag versus netcapaciteit Impact op gemeentelijke ambities en doelen
11 11 13
3. De stakeholders: taken, verantwoordelijkheden en samenwerking Rijk en toezichthouder ACM bepalen de hoeken van het speelveld Netbeheerders: investeerders en belangrijkste kennispartners Provincie: regisseur op het integraal programmeren in het energiesysteem toch vooral na 2030 Regio en regiogemeenten: van elkaar leren, met elkaar prioriteren
21 21 22 22 22
Deel II – Aanpak
24
4. Opgave: actieve inzet op meerdere sporen Tweeledige opgave Actieve rolneming als gemeente Tegelijk werken aan verschillende soorten oplossingen
25 25 25 26
5. De basis: kennis, samenwerking en uitvoering Sterkere informatievoorziening en meer kennis Intensievere samenwerking Vergroting van de uitvoeringscapaciteit
27 27 27 29
6. A-B-C: verzwaren, beter benutten en prioriteren Spoor A: Netverzwaring Spoor B: Betere benutting Spoor C: Prioriteren
30 30 32 39
7. Vervolg: uitvoeren en tijdig bijstellen Veel onzekerheid en risico’s Communicatie-aanpak Monitoring, evaluatie en actualisatie
40 40 40 41
Bijlagen
42
▪ ▪
Overzicht maatregelen masterplan netcongestie Maatregel – rol gemeente
met wie?
wanneer
Basisspoor verbetering eigen informatievoorziening
Liander, GMR/REE
2024-2025
lobby landelijke informatievoorziening
provincie, G40
2024-2025
versterking samenwerking netbeheerder
Liander
2024-2030
agendering bij stakeholders binnen de stad
stedelijke stuurgroep
2024-2025
sterkere bovengemeentelijk afstemming
buurgemeenten, GMR
2024-2025
bevorderen uitvoeringscapaciteit
onderwijs, bedrijfsleven
2024-2030
A. Netverzwaring HS/MS: faciliteren stations en kabeltracés
Liander, TenneT
2024 – na 2030
MS/LS: faciliteren inpassing middenspanningsruimtes
Liander
2024 – na 2030
B. Beter benutten Innovatie verder faciliteren innovatie: koppelen aan bestaande projecten / initiatieven
Liander, bedrijfsleven, coöperaties, corporaties
2024-2030
Inzet gemeentelijk besparingsprogramma
REE, ODRN
2024-2030
Verhogen kennis sturen op netbewuste batterij-opslag
Liander, GMR, G40
2024-2025
Informatievoorziening thuis- en buurtbatterijen
Liander
2024-2025
Kaderstelling voor systeembatterijen en elektrolyzers
Liander, externe epertise
2024-2025
Inzetten lobby voor regulering van systeembatterijen
provincie, G40
Netbewust verwarmen item in warmtetransitievisie
Corporaties, Liander
Bevorderen slimme oplossingen voor gebiedsontwikkelingen
Liander
2024-2030
Faciliteren congestiemanagement door ind. grootverbruikers
Liander, bedrijfsleven
2024-2025
Faciliteren Smart energy hub, met focus op TPN West
bedrijfsleven, Liander
2024-2030
Faciliteren netbewust (door)ontwikkelen van werklocaties
Liander, ext. expertise
2024-2025
Stimuleren van maatregelen voor slim netbewust laden
Liander, GMR, provincie
2024-2030
Verkenning oplossingen voor collectieve laadvoorzieningen
Liander, GMR
2024
Afstemming met provincie concessie openbaar vervoer
Provincie, Liander
2024
2024-2025 2024 – na 2030
C. Prioriteren prioritering en herfasering woningbouw
buurgemeenten, Liander
2024-2025
Aanvullend temporiseren laadvoorzieningen
Liander, provincie
2024-2030
Keuze uitstel realisatie maatschappelijke voorzieningen
Liander,maatsch.partners
2024-2025
Maatschappelijk prioriteren op ingediende aanvragen
Liander
2024-2030
Communicatie-aanpak
Liander, GMR, provincie
2024-2025
Monitoring, evaluatie en actualisatie
Liander
2024-2025
Vervolg
3 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Inleiding Aanleiding: netcongestie, een urgent probleem De druk op het elektriciteitsnet loopt op. In grote delen van het land is steeds minder ruimte in de netinfrastructuur om extra stroom te ‘transporteren’. De afgelopen paar jaar bleek uit meldingen van de netbeheerders TenneT en Liander dat ook voor Nijmegen netcongestie in toenemende mate een belemmering vormt. De stedelijke ontwikkeling en de ambities van de gemeente brengen namelijk meer stroomgebruik met zich mee; er is meer behoefte aan nieuwe aansluitingen op het stroomnet. De netbeheerders kondigden november 2022 en oktober 2023 – in stappen aan dat zij de benodigde versterking van de netinfrastructuur de komende jaren niet tijdig kunnen voltooien. In ieder geval tot 2030 kunnen in Gelderland – en daarmee ook Nijmegen – niet alle geplande functies worden voorzien van stroom. Kortom: voldoende stroom is de komende jaren niet meer zelfsprekend en de impact van netcongestie op onze ambities is dan ook groot. De impact van netcongestie Bij netcongestie kan het voor komen dat niet alle nieuwe stroomgebruikers een netaansluiting krijgen van de netbeheerder en geen contract om stroom af te nemen of zelf te leveren. Bij netcongestie is dit beperkter mogelijk: •
dan nodig voor de gewenste elektriciteitsvraag, vanwege de groei van de gemeente qua bevolking en economie, vanwege de verduurzaming van huishoudens, bedrijven en mobiliteit;
•
dan de gewenste hoeveelheid lokale elektricteitsopwek uit hernieuwbare bronnen zon en wind.
In 2022 kreeg het opkomende probleem aandacht in het gemeentelijke coalitie-akkoord voor deze bestuursperiode. We intensiveerden als gemeente het contact met de netbeheerders en met de andere overheden in regioverband. We lieten ons in 2023 als college nader informeren over de gevolgen voor Nijmegen en kwamen tot de conclusie dat een werkwijze, alleen gericht op losse deelkwesties, niet toereikend is om met het probleem om te gaan. Ook al is nog veel onzeker, het is tijd voor een samenhangende aanpak, vanuit een gemeentelijk masterplan.
Doel: samenhangende aanpak op korte termijn Netcongestie is een urgent acuut probleem. Het speelt nu, de komende jaren en mogelijk ook op lange termijn. Centrale vraag is welke aanpak nodig én ook haalbaar is in Nijmegen, waarbij we als gemeente de rol die we kunnen spelen optimaal inzetten. Met het masterplan streven we ernaar een overzicht te bieden van de maatregelen die we als gemeente willen nemen in de nabije toekomst (tot 2026) en gedurende de daaropvolgende periode tot 2030. De nieuwe inzichten over netcongestie, de consequenties en de mogelijke maatregelen volgen elkaar snel op. De verwachting is dan ook dat het masterplan snel aan actualisatie toe is.
▪ ▪
Dit masterplan is stapsgewijs opgebouwd en bestaat uit twee hoofddelen: I. Een analyse van de situatie, met daarin een nadere duiding wat netcongestie inhoudt. Verder een probleemanalyse van wat de schaarste op het stroomnet betekent voor Nijmegen en als derde een overzicht met welke stakeholders we te maken hebben, voor onze eigen rolneming en samenwerking. II. Uiteenzetting van de aanpak op meerdere sporen, met onder andere aandacht voor de noodzaak om te prioriteren in aanloop naar een nieuwe omgevingsvisie. Afsluitend is er aandacht voor het vervolg, over de uitvoering en het tijdig bijstellen van het masterplan. We kijken in dit masterplan tot 2030, omdat voor het jaar 2029 door netbeheerder TenneT de afronding is aangekondigd van belangrijke aanpassingen in het landelijke hoofdnet. Wanneer de verschillende aanpassingen samen gereed zijn, kunnen ze nieuwe ruimte op het stroomnet geven. Dit masterplan richt zich niet op de ontwikkeling van het gehele energiesysteem op termijn, vanaf 2030. Hiervoor is op dit moment de Lokale Energiestrategie (LES) in voorbereiding. Uiteraard is er wel samenhang met andere onderdelen van het energiesysteem en de voortgang in het lopende verduurzamingsbeleid van de gemeente, zoals voor energiebesparing en de warmtetransitie. De bevindingen van de LES kunnen dan ook leiden tot aanpassingen van het masterplan.
Elektriciteit: onderdeel van een totaal energiesysteem.
Totstandkoming van het masterplan Dit masterplan kwam tot stand door interne inventarisatie en in afstemming met stakeholders buiten de gemeentelijke organisatie. In de eerste plaats is Liander een belangrijke samenwerkingspartner. De netbeheerder stelde data en kennis ter beschikking. Ook zijn recente publicaties over netcongestie benut, naast plannen van de netbeheerders was informatie beschikbaar via media, overheden, kennisnetwerken en onderzoeksbureaus. Daarnaast is er in toenemende mate uitwisseling met buurgemeenten, de Groene Metropoolregio en provincie. Ook contact in andere samenwerkingsverbanden, zoals de G40, leverde inzichten op voor dit masterplan.
5 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Deel I - Situatie
▪ ▪
1. Wat is netcongestie: de landelijke en Gelderse situatie Netcongestie is een landelijk probleem. In meerdere provincies is er extra schaarste in de transportcapaciteit voor elektriciteit op het stroomnet, zoals in Gelderland. In versterkte mate is er in onze omgeving congestie: • bij zowel afname én invoeding van elektriciteit; • op de verschillende schaalniveaus van het stroomnet; • voor groot- én kleinverbruikers.
Schaarste in transportcapaciteit: zowel voor afname én invoeding Groei van de bevolking en economie, in combinatie met de elektrificatie van de samenleving, zorgen ervoor dat er op steeds meer plaatsen een gebrek aan transportcapaciteit voor elektriciteit ontstaat. Elektrificatie vindt voornamelijk plaats bij vervoer en warmte. Het gebruik van fossiele brandstoffen wordt vervangen door elektrische oplossingen, bijvoorbeeld via elektrische motoren met batterijen en warmtepompen.
Vergelijking met verkeersdrukte Netcongestie kan goed worden vergeleken met een file op de snelweg. Als er te veel auto’s tegelijkertijd de weg op willen, komt alles tot stilstand. Als veel gebruikers tegelijkertijd veel transportvermogen vragen, treedt er een piekbelasting op waardoor er, analoog aan files van auto's, een transportstilstand van elektriciteit optreedt. Oftewel, dan valt de stroom uit en gaat het licht uit.
Het gevolg is dat er op steeds meer momenten meer vraag en aanbod is dan dat het stroomnet kan transporteren. Nieuwe bedrijven of grote aantallen woningen kunnen daardoor minder of geen energie afnemen, en nieuwe lokale initiatieven voor opwek kunnen opgewekte stroom niet leveren of terugleveren aan het net. Oftewel, er is ook congestie bij het invoeden van stroom op het net. Het huidige elektriciteitsnet is oorspronkelijk niet ontworpen voor lokale invoeding. De werkzaamheden van de netbeheerders om het net geschikt te maken kunnen de snelle veranderingen en groei van het netgebruik op dit moment niet bijbenen. Deels ligt dat aan tekort aan arbeid en materieel.
Problemen op de verschillende niveaus van het stroomnet Het elektriciteitsnet is hiërarchisch opgebouwd met verschillende spanningsniveaus, met daartussen schakels. Gebruikers van stroom worden verdeeld in twee soorten: • Grootverbruikers met een aansluiting groter dan >3x80 Ampère (vanaf 55kW); denk aan productiebedrijven, nutsinstallaties (bijv. gemalen) of grote apparaten (zoals liften of bouwkranen). • Kleinverbruikers (t/m 3x80 Ampère); denk aan individuele woningen en MKB-bedrijven. Alle onderdelen en beide type stroomgebruikers hebben te maken met netcongestie, ieder op een eigen manier. In de basis is er schaarste op twee lagen in het net:
7 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Capaciteit afname elektriciteit van het net
Capaciteit invoeding elektriciteit op het net
Bron: https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/14 maart 2024
1) Te weinig transportcapaciteit op het landelijk hoogspanningsnet De grootste impact van te weinig capaciteit is voelbaar bij grootverbruikersaansluitingen en grote ontwikkelingen, zoals bedrijventerreinen of grootschalige woonprojecten. Hoogspanningsbeheerder TenneT kan niet genoeg energie transporteren vanuit het hoogspanningsnet naar het middenspanningsnet van de regionale netbeheerder in onze omgeving: Liander. De netbeheerder kan in beperkte mate (of pas later) aanvragen in behandeling nemen voor netaansluitingen en transportcapaciteit. De contractvorming en de concrete aansluiting lopen vertraging op.
▪ ▪
Schematisch overzicht van het elektriciteitsnetwerk, met de verschillende spanningsniveaus. Bron: Liander
Gevolgen voor grootverbruikers In september 2021 kondigde TenneT voor heel Gelderland een beperking aan voor teruglevering van opgewekte stroom uit nieuwe grootschalige opwekprojecten: nieuwe aanvragen voor een aansluiting kunnen sindsdien niet uitgevoerd worden door de netbeheerder. Dit vertraagt nieuwe initiatieven voor bijvoorbeeld zonnedaken op bedrijfspanden en zonnevelden. Eerder waren er alleen incidentele meldingen van belemmeringen voor specifiek locaties of gebieden in Gelderland, zoals voor extra stroomafname in Nijmegen Noord. Op 17 november 2022 verkondigde hoogspanningsbeheerder TenneT dat er in heel Gelderland tot nader order geen ruimte op het stroomnet is voor nieuwe grootverbruikersaansluitingen om elektriciteit af te nemen. Op 18 oktober 2023 berichtte TenneT vervolgens dat definitief alle aanvragen van grootverbruikersaansluitingen van 17 november 2022 en later op een wachtrij komen te staan. Onderzoek van TenneT in 2022-2023 naar netcongestieverminderende maatregelen leverde namelijk onvoldoende ruimte op het net. De beperking geldt voor nieuwe aansluitingen, én voor verzwaring van bestaande aansluitingen. Het meest recente beperkende nieuws van TenneT, begin februari jongstleden, treft de ruimte voor het maken van groepsafspraken van meerdere stroomgebruikers samen met de netbeheerder om gezamenlijk slimmer om te gaan met de geboden netcapaciteit.
Dat gebeurt bijvoorbeeld op bedrijventerreinen in zogeheten Smart Energy Hubs. TenneT berichtte dat dergelijke afspraken in Gelderland slechts in zeer beperkte mate en alleen met maatwerk mogelijk zijn de komende jaren. Dat energiehubs in de praktijk niet altijd een oplossing zijn, komt namelijk doordat de energieprofielen (de mate van benutting van de stroomnetten door de tijd) van TenneT en de regionale netbeheerder lang niet altijd op elkaar aansluiten. Terwijl regionale netbeheerders vooral pieken zien in de ochtend en avond, is de belasting op het hoogspanningsnet veel grilliger en kan er op allerlei momenten piekbelasting plaatsvinden. Dat komt bijvoorbeeld door windparken en door internationale elektriciteitsstromen. Bovendien zijn de pieken op het hoogspanningsnet daardoor meestal pas kort van tevoren te voorspellen. 9 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
TenneT en Liander doen op dit moment een verdiepende studie naar deze belastingprofielen in Gelderland. De resultaten daarvan worden in het tweede kwartaal van 2024 verwacht. Mede op basis van de resultaten van deze studie, willen TenneT en Liander twee Energy Hub pilots selecteren om te onderzoeken op welke manier Energy Hubs toch doorgang kunnen vinden. De consequentie van het voorafgaande is vertraging voor de vestiging, nieuwbouw, uitbreiding en verduurzaming van maatschappelijk vastgoed, bedrijven en voorzieningen als laadpleinen. Voor de wachtrij geldt nu nog: ‘wie het eerst komt, die het eerst maalt’. Zodra er wel weer meer capaciteit in het elektriciteitsnet beschikbaar is, zal deze wachtlijst worden weggewerkt. TenneT verwacht dat dat vanaf 2030 weer het geval is.
Gevolgen voor kleinverbruikers In eerste instantie leken aansluitingen voor kleinverbruik op de meeste plekken in de lagere spanningsnetten vrij van beperkingen te blijven. Op 18 oktober 2023 sprak TenneT echter de verwachting uit dat er in Gelderland vanaf 2026 ook beperkingen kunnen gaan gelden voor initiatieven voor kleinverbruikaansluitingen.
2) Gebruikspieken en congestie op het midden- en laagspanningsnet Het hoogspanningsnet is via onderstations gekoppeld aan de individueel stroomverbruikers via het middenen laagspanningsnet. Voor de schakeling tussen deze ondergrondse midden- en laagspanningsnetten staan er in elke woonwijk meerdere middenspanningsruimtes (trafohuisjes). Ook deze schakels en de kabels krijgen in toenemende mate te maken met overbelasting. Dat heeft verschillende oorzaken: 1)
Teruglevering van energie door huishoudens (in de zomer) Overdag ontstaat druk door de toenemende hoeveelheid zonnepanelen op onze huizen. Die panelen wekken, op zonnige dagen, grote hoeveelheden energie op. Daar zijn deze netwerken niet op berekend. Er ontstaat op die momenten een grote opwekpiek, terwijl er juist een relatief kleine elektriciteitsvraag in die woningen is. Ook hebben de verschillen in het spanningsniveau van de elektriciteit uit zonnepanelen effect op de stabiliteit van het stroomnet.
2)
Toename elektriciteitsvraag huishoudens (in de winter) Als het donker en koud is, ontstaat juist het tegenovergestelde probleem. Er is een grotere vraag naar energie. Zeker als we onze huizen meer gaan verwarmen met elektriciteit (warmtepomp) in verband met de energietransitie en we 's avonds en 's nachts meer energie nodig hebben voor het opladen van elektrische vervoersmiddelen, zal er juist in de avond en in de nacht een grote piek in de vraag zijn. Ook voor deze piek is het stroomnet op veel plekken in de stad niet zwaar genoeg.
Gevolgen De toename van zonnepanelen op daken en de overstap naar elektrische auto’s en warmtepompen zal dit probleem de komende jaren steeds groter maken. Op zonnige dagen moet soms de hoeveelheid elektriciteit die huishoudens terugleveren al worden teruggeschakeld. Dat betekent dat huishoudens dus dan ook voor die momenten geen vergoeding krijgen voor de stroom die hun panelen hadden kunnen opwekken. Tegelijkertijd kan er, zonder verzwaring van het stroomnet, niet voldoende energie worden geleverd aan huishoudens. Dit hindert gemeenten om lokale opwek uit zon te stimuleren en bijvoorbeeld zero emissiezones te realiseren waarvoor laadpleinen nodig zijn. Woningen van consumenten en kleinschalige utiliteiten worden op dit moment nog door de netbeheerder aangesloten met een aanvraag t/m 3x80A. We zien dat ook het elektriciteitsnet in de wijken voor consumenten en kleine ondernemers op steeds meer plekken vol raakt. De netbeheerders constateren dat er sprake is van personeels- en materiaaltekorten, waardoor het langer kan duren om werkzaamheden uit te voeren.
▪ ▪
2. Probleemanalyse: de knelpunten voor Nijmegen Netcongestie raakt de gemeente op meerdere manieren. Nijmegen heeft grote ambities voor de komende jaren, zoals vastgelegd in onze Stadsbegroting. Met een blijvend vol elektriciteitsnet ontstaan er steeds grotere problemen bij elektrisch laden, de elektrificatie van de industrie, het verwarmen van huizen en het toevoegen van 12.000 woningen en 10.000 banen. Daarmee staan ook op de middellange termijn ambities onder druk. Maar ook los van de ambities heeft netcongestie invloed op de autonome stedelijke ontwikkeling met behoud van een betaalbaar en betrouwbaar energiesysteem.
Algemeen: vraag versus netcapaciteit Netbeheerders analyseren continu wat de verwachte vraag is van stedelijke functies. Zowel wat betreft grootals kleinverbruik. Vanwege netcongestie voert Liander momenteel voor onze regio verdiepende analyses uit, zodat er een scherper inzicht komt voor Nijmegen en omgeving dan het indicatieve eerste beeld hieronder. Voor de analyse hebben we samen met andere regiogemeenten gegevens beschikbaar gesteld aan de netbeheerder. Wat betreft de groei van kleinverbruikers is met name een actueel inzicht van de woningbouwplanning van belang, inclusief een inschatting van het type warmte-oplossing.
Indicatief beeld over de verhouding in gewenste groei van stroomgebruik naar type doeleinde. (bron: Liander, febr 2024)
Daarnaast analyseert Liander met TenneT wat de komende jaren per onderstation als gebruikslimiet geldt. Dat bepaalt hoeveel capaciteit er is voor groei van stedelijke functies in de ‘achterliggende’ voedingsgebieden. Deze gebieden zijn gemeentegrens overschrijdend en delen we dus met buurgemeenten. Op basis van voorlopige cijfers van eind 2023 / begin 2024 is de conclusie dat in onze omgeving in de periode vóór 2030 er minder netruimte is dan de gewenste vraag. Op basis van nieuwe metingen en bevindingen over het elektriciteitstransport in de laatste winterperiode komt Liander in het tweede kwartaal van 2024 met actuelere inzichten. Ook per voedingsgebied en gemeente. Liander heeft aangekondigd vanaf nu deze analyse jaarlijks te gaan doen. 11 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Regelmatig zal Liander ons als gemeente van nieuwe data voorzien. Als gemeente zijn we zeer afhankelijk van de netbeheerder in het verkrijgen van actuele inzichten. Door de snelle ontwikkelingen blijven gegevens onzeker en kunnen deze vlug aan actualisatie toe zijn. De onderstaande figuur opgenomen capaciteitslimieten zijn een voorlopig inzicht van Liander. Naar verwachting bepaalt TenneT in het tweede kwartaal van 2024 in samenspraak met Liander nieuwe capaciteitslimieten per onderstation1.
Verwachte belasting per onderstation (OS). Bron: Liander, februari 2024
Onderstations en voedingsgebieden (zie voetnoot). Bron: Liander, november 2023
1 De figuur geeft een indicatie van de voedingsgebieden per onderstation. Door plaatsing van nieuwe onderstations in
de omgeving en investeringen in het middenspanningsnet kunnen de voedingsgebieden de komende tijd wijzigen.
▪ ▪
Impact op gemeentelijke ambities en doelen De impact op de gemeentelijke ambities en de daarbij gestelde doelen kunnen we laten zien aan de hand van de deelprogramma’s van de stadsbegroting die geraakt worden. We schetsen daarbij wat we op dit moment weten over de impact van netcongestie.
Wonen en stedelijke ontwikkeling Geraakte ambities en doelen Netcongestie heeft in Nijmegen gevolgen voor het tijdig aansluiten van nieuwbouwwoningen en raakt de twee gemeentelijke ambities uit de Stadsbegroting voor wonen en stedelijke ontwikkeling: • We zijn een aantrekkelijke stad om te wonen, met goede werklocaties, openbare ruimtes en voorzieningen. • We zijn een stad met een gevarieerd woningaanbod dat aansluit bij de vraag van alle nieuwe en bestaande bewoners. Doelen die door netcongestie geraakt worden: • De toevoeging van 12.000 woningen van 2022 tot en met 2030, zoals vastgelegd in de Woondeal 2.0. De Omgevingsvisie wordt geactualiseerd, mede op basis van woonbehoefteonderzoek uit 2023 waaruit voor Nijmegen een blijvende forse groeibehoefte blijkt voor de komende jaren. • De focus voor woningbouw in specifieke gebieden: Nijmegen-Noord en het Waalfront en in het Stationsgebied en Kanaalzone zuid (Winkelsteeg en Dukenburg). Relevant is dat Kanaalzone-Zuid en Stationsgebied zijn aangemerkt als 2 van de inmiddels 17 landelijk prioritaire grootschalige NOVEX woningbouwlocaties, waarvoor wordt gerekend met financiële rijksbijdragen.
• De kwalitatieve volkshuisvestingsopgave, met tijdige toevoeging van voldoende huisvesting voor aandachtsgroepen, vanuit het principe dat elke gemeente in de regio invulling geeft aan twee derde betaalbare bouw, inclusief minimaal 30% sociale huur. • Meer woningen creëren in de bestaande voorraad, bijvoorbeeld met woningsplitsing.
Impact door minder garantie op stroom in de bestaande wijken In 2023 werd al vastgesteld tijdens gesprekken met de regionale netbeheerder Liander dat op bepaalde plekken in Nijmegen zelfs kleinverbruikersaansluitingen niet meer gegarandeerd kunnen worden vanwege congestie in de lagere spanningsnetten, wat kan resulteren in wachtrijen. In Nijmegen is een verzwaring van de netinfrastructuur in de woonwijken noodzakelijk: het geheel van middenspanningsruimtes (MSRs) en de ondergrondse kabels in het laagspanningsnet. Per buurt staan er momenteel circa 15 van dit soort trafogebouwtjes, 667 in totaal in Nijmegen. Liander heeft berekend dat in Nijmegen de toevoeging van 50-60% aan MSRs nodig is - dat betekent zo’n 500 - en verzwaring van 70 bestaande MSRs. Een MSR heeft een oppervlakte nodig van 26 à 34 m² (inclusief de omgeving van het huisje zelf 11 m²). Dit is ongeveer gelijk aan 3 parkeerplaatsen à 12 m².
13 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Middenspanningsruimte. Bron: Liander
Impact door een grotere woningbouwplanning dan ruimte voor netaansluiting Bij woningbouwprojecten zijn voor de individuele kleinverbruikers aansluitingen per woning nodig. Een aanvraag bij de netbeheerder is pas in een laat stadium van de planontwikkeling mogelijk: na verlening van de omgevingsvergunning en een huisnummerbesluit. Liander moet conform geldende regelgeving de aanvragen op binnenkomst behandelen: ‘wie het eerst komt die het eerst maalt’. De netcongestie op het hoogspanningsnetwerk van TenneT in de provincies Gelderland, Flevoland en Utrecht is van een dusdanig niveau dat mogelijk ook woningbouw geraakt gaat worden. Volgens TenneT komt, zonder maatregelen, vanaf 2026 in deze provincies zelfs de netcapaciteit voor kleinverbruikers in de knel2. Op dit moment wordt er door de netbeheerders gewerkt aan een actieplan om te voorkomen dat deze beperkingen op kleinverbruikers vanaf 2026 nodig gaan zijn. Of de acties ook daadwerkelijk er voor gaan zorgen dat kleinverbruik niet geraakt wordt door de netcongestie is onzeker. De netbeheerders hebben een eerste grove inschatting gemaakt van de hoeveelheid woningen die nog gerealiseerd kan worden tot aan de netuitbreiding van TenneT, verwacht in 2029. In het tweede kwartaal van 2024 worden deze cijfers herijkt.
Voorlopige raming van Liander is dat de capaciteit van de onderstations die Nijmegen en omgeving bedienen voor 2030 ruimte biedt voor toevoeging van ruim 8.000 woningen. Alleen al in de Nijmeegse woningbouwplanning zijn op dit moment plannen voor ruim 15.500 woningen in de periode 2024-2030. Er is dus onvoldoende ruimte, zelfs wanneer rekening gehouden wordt met een gezonde overcapaciteit van 30% ten opzichte van de gewenste hoeveelheid om met uitval van plannen rekening te houden. planvoorraad ruimte (woningen) Nijmegen OS Teersdijk OS Nijmegen
3
2024
2025
2026
2027
2028
2029
2.200
2.016
7
0
479
730
800
0
6.000
13.546
1.702
1.861
3.679
3.326
1.705
1.273
8.200
15.562
1.709
1.861
4.158
4.056
2.505
1.273
In de omgevingsvisie zijn meerdere gebiedsontwikkelingen benoemd, van belang voor de stad. Aan een groot deel van de nieuwe gewenste netaansluitingen is gedacht in deze gebieden. Een deel van de opgave is gerealiseerd of is op weg naar uitvoering, waarbij Liander de aanvraag voor netaansluiting in behandeling heeft. Veel plannen bevinden zich nog in eerdere stadia. De aanvragen voor netaansluiting van die projecten dienen nog plaats te vinden en lopen risico. 2 Stelling Daimy Abdoelkariem, lead netstrategie bij TenneT (bron: https://www.tennet.eu/nl/nieuws/flexibel-verbruik-elektriciteit-
flevopolder-gelderland-en-utrecht-moet-beter). 3 Gemeentelijke inventarisatie van woningbouwplanningen maart 2024. De ruimte op het net omgerekend naar woningen betreft de raming van Liander van november 2023. Deze cijfers zijn een eerste analyse en er kunnen geen rechten aan ontleend worden. In deze cijfers zijn voor onderstation Nijmegen nog de capaciteit en woningbouwplanningen in Nijmegen-Noord meegerekend die onder het recent gerealiseerde en aangesloten onderstation Oosterhout vallen.
▪ ▪
Gebieden met een gemengde opgave met een mix van aansluitingen voor groot- en kleinverbruik zijn het Stationsgebied, Winkelsteeg, Waalsprong en Waalfront.
Bron: Liander / gemeente Nijmegen, maart 2024
Bron: Liander / gemeente Nijmegen, maart 2024
Economie, werk en inkomen Geraakte ambities en doelen Netcongestie vormt een ernstige hindering voor de economische ontwikkeling van de stad. Als gemeente hebben we de ambitie om bij te dragen aan het creëren en behouden van meer en passende banen en als stad aantrekkelijk te zijn voor werkgevers en werknemers. Daarbij streven we een krachtig (inter)nationaal economisch profiel na. De doelen, zoals vanuit de gemeentelijke economische visie, die daarbij het meest direct geraakt worden door netcongestie: • Het stimuleren van de start en groei van bedrijven in een sterk economisch ecosysteem, met name in de kansrijke Nijmeegse sectoren. • Het bieden van perspectief op zinvol werk en leggen verbinding tussen werk, inkomen, onderwijs, welzijn en zorg. • Versterking van de bedrijvigheid en innovatiekracht van de clusters health & high tech.
15 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
• • •
Ondersteuning van ondernemers en bedrijven, met benutting van kansen om ondernemerschap en innovatie te stimuleren. Het zorgen voor goede en duurzame werklocaties. Het investeren in onze aantrekkelijke en gastvrije binnenstad.
Impact voor het ondernemerschap van individuele bedrijven Individuele bedrijven kunnen hinder ondervinden bij uitbreiding, verhuizing en/of het elektrificeren van bestaande bedrijfsprocessen, bijvoorbeeld als onderdeel van verduurzamingsdoelen. In oktober 2023 is door TenneT definitief bekend gemaakt dat alleen aanvragen voor grootverbruikaansluitingen (vanaf 3x80Ampère) gedaan vóór 17 november 2022 nog in behandeling worden genomen door de regionale netbeheerder. Zij kunnen nog een contract voor aansluiting krijgen, dan wel uitbreiding van hun bestaande contract voor meer stroomvermogen. Aanvragen vanaf 17 november 2022 moeten wachten. Deze situatie houdt aan tot 2030.
Impact op de (door)ontwikkeling van werklocaties Daarmee is er ook hinder voor de collectieve doorontwikkeling van de Nijmeegse werkgebieden met veel grootverbruikaansluitingen: campus Heijendaal en Novio Tech Campus (NTC) en de bedrijventerreinen TPNWest, De Winkelsteeg, Bijsterhuizen, De Grift/Rietgraaf en Brabantse Poort. Uit de recent uitgevoerde werklocatieverkenning blijkt een banenpotentie op de huidige werklocaties van 4.500 tot 5.000 nieuwe banen, met name op Winkelsteeg, het Engie-terrein en De Grift. Om dit waar te maken zijn nieuwe stroomaansluitingen nodig voor de uitbreiding van werkprocessen en realisatie van nieuwe bedrijven. De komende jaren kunnen in Nijmegen echter nieuwe grootverbruikaansluitingen of het verzwaren van bestaande aansluitingen voor bedrijven en instellingen niet of nog maar beperkt worden gerealiseerd. Uitbreiding van bedrijven die verder gaat dan hun gecontracteerd elektriciteitsvermogen of aanleg van nieuwe bedrijventerreinen is daarmee op dit moment alleen mogelijk als deze ‘netneutraal’ zouden zijn. Het nieuws in februari van TenneT van dit jaar dat collectieve afspraken op werklocaties - om in zogeheten smart energyhubs tot slimme oplossingen te komen voor netcongestie - slechts in zeer beperkte mate mogelijk zijn in deze periode treft initiatieven voor TPN West en Bijsterhuizen.
De komende maanden wordt meer duidelijkheid verwacht in hoeverre maatwerkoplossingen mogelijk zullen zijn. Een scherper beeld per werklocatie is gewenst. Probleem daarbij is dat het aan de netbeheerders niet is toegestaan data te delen over contracten met individuele klanten (bedrijven) met derden, hun energiegebruik en -profielen.
Bereikbaarheid - mobiliteitstransitie Geraakte ambities en doelen Netcongestie raakt de ambitie om als stad veilig bereikbaar en leefbaar te zijn en blijven voor bewoners, bedrijven en bezoekers. Ook de ambitie op het gebied van de mobiliteitstransitie wordt gehinderd, namelijk het toewerken naar een duurzaam bereikbare stad. Geraakte doelen: • Een optimale bereikbare stad door een goede balans tussen de vervoersmodaliteiten (vracht)-auto, OV, fiets, vaartuig en voetganger. • Goed bereikbare (economische) kerngebieden, zowel op lokaal, regionaal als landelijk niveau. • Een toekomstbestendige binnenhaven die toegankelijk is en optimaal wordt gebruikt. • Een passend aanbod van parkeer- en stallingsfaciliteiten aan, zowel voor de auto als de fiets.
▪ ▪
•
Het stimuleren duurzame vervoerswijzen (lopen, fietsen en openbaar vervoer) en verschoning van gemotoriseerd verkeer.
Impact door beperking op laadfaciliteiten Dat deze doelen belemmerd worden door netcongestie hangt ermee samen dat het verkeer en vervoer elektrificeert en dat we dat als gemeente willen bevorderen. Voor elektrificatie zijn laadvoorzieningen nodig. Het gaat om zowel individuele laadpunten als collectieve voorzieningen. Netcongestie speelt niet alleen omdat hiervoor nieuwe aansluitingen nodig zijn - zo’n 8.000 tot 2030 - maar ook vanwege het laadgedrag: met name aan het eind van de werkdag zorgt elektrisch laden voor een piekbelasting op het stroomnet.
Scenario’s voor de groei van elektrische voertuigen en laadpunten. Bron: gemeente Nijmegen, maart 2024
Geplande en gewenste laadvoorzieningen die geraakt worden door netcongestie: • De plaatsing van individuele publieke laadpalen. Vooralsnog houdt Liander er rekening mee dat losse publieke laadpalen geplaatst kunnen worden, mits deze ‘slim’ gebruikt worden, dat wil zeggen zoveel mogelijk buiten de piekbelastingmomenten. • De realisatie van collectieve voorzieningen, zoals laadpleinen, stads(rand)hubs met P+R faciliteiten en/of laadvoorzieningen voor bouwvoertuigen/-werkapparatuur; daarvoor is geen ruimte voor nieuwe grootverbruikaansluitingen tot 2030. • Het stimuleren van efficiënte en schone stadslogistiek door elektrisch te laden en de instelling van Zeroemissiezones in 2025. Het succes daarvan is mede-afhankelijk van het kunnen laden in de omgeving. • Voor de elektrificatie en het bereiken van schoner openbaar vervoer zijn laadvoorzieningen nodig bij de busremise op de Energieweg (circa 5MVA vermogensvraag), afhankelijk van de uitkomst van de provinciale OV-concessie komend jaar. • Voor de walstroomvoorziening voor scheepvaart is uitbreiding gewenst van 4 naar 6 laadpunten aan de Waalkade, maar ook hiervoor zijn geen grootverbruikaansluitingen beschikbaar tot 2030. Dit jaar hebben we daardoor geen gebruik kunnen maken van een rijkssubsidie voor de uitbreiding.
Maatschappelijke voorzieningen: cultuur en cultureel erfgoed, sport, onderwijs, welzijn, wijkontwikkeling en zorg
17 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Geraakte ambities en doelen Als gemeente hebben we verschillende ambities en bijbehorende doelen verwoord in onze Stadsbegroting op het gebied van maatschappelijke voorzieningen, waar ook de stroomvoorziening en verduurzaming in het geding zijn: • Een bereikbaar en hoogwaardig cultureel aanbod. • Benutting van het unieke erfgoed in Nijmegen om de aantrekkelijkheid van onze stad voor te vergroten. Inzet is bescherming en instandhouding van ons erfgoed en het zichtbaar plus beleef maken van het verleden. • Het stimuleren van beweging en sport, onder meer met goede, toegankelijke accommodaties. Doel is beschikbaarheid van deugdelijke en goed bereikbare sportvoorzieningen in alle delen van de stad, die maximaal gebruik worden. • Gelijke participatiekansen en optimale ontwikkelingsmogelijkheden door scholing en opvang; met voor kinderen en jongeren duurzame, moderne en toegankelijke onderwijsgebouwen. Inzet is een goede verdeling van scholen over de stad en vernieuwing van schoollocaties. • Wijkvoorzieningen voor een vitaal & gezond leefklimaat in wijken.
Impact door onvoldoende stroom en minder kansen voor verduurzaming op locaties Om het geheel aan maatschappelijke voorzieningen kwalitatief en kwantitatief op peil te houden zijn accommodatie-investeringen nodig. Binnen de gemeente, met instellingen/organisaties en netbeheerder Liander moet er nog een completer beeld komen welke plannen door een tekort aan stroomvoorziening geraakt (kunnen) worden. Momenteel is er focus op de belemmeringen binnen projecten die nu acuut spelen. Voorbeelden zijn de realisatie van het nieuwe archeologisch depot in Winkelsteeg, de opvanglocaties voor Oekraïeners op de Tarweweg en de COA-locatie van het voormalige belastingkantoor, waar alleen nog voldoende stroomvoorziening is vanwege een gedoogsituatie. Op provincieniveau wordt gewerkt aan een actieplan Maatschappelijke ontwikkelingen Gelderland. Daarvoor zijn er nog onzekerheden: • over hoeveel vermogensbudget Liander mag ‘vasthouden’ voor (maatschappelijke) ontwikkelingen waar nog geen concrete aanvraag voor ligt; • wie welke beweegruimte krijgt in het bepalen welke ontwikkelingen wel/niet doorgaan.
Verduurzaming Geraakte ambities en doelen De verduurzamingsopgave, met name de op gang gekomen transitie naar een fossielvrije energievoorziening, is één van de belangrijkste triggers voor netcongestie. De verdere stappen voor verduurzaming ondervinden op hun beurt negatieve gevolgen van netcongestie. Gemeentelijke ambities die in het geding zijn: • In het algemeen het streven naar een groene, gezonde en vitale omgeving om in te wonen, te werken en te recreëren. • Een energieneutrale stad worden in 2045, waarin we inwoners en bedrijven ondersteunen bij de energie- en warmte transitie en duurzame inwonersinitiatieven stimuleren. • Het worden van een circulaire stad waar we verantwoord omgaan met grondstoffen en deze zoveel mogelijk opnieuw gebruiken. Netcongestie raakt meerdere gemeentelijke doelen in de gemeentelijke verduurzamingsopgave: • Realisatie van een energie- en warmtetransitie en verduurzaming in de wijken en bij bedrijven, samen met ondernemers, bewoners en organisaties.
▪ ▪
• • •
Benutting voor het opwekken en gebruiken van duurzame energie. Stimulering van circulair bouwen en een circulaire economie in onze regio. Het beheersen, voorkomen en verminderen van luchtverontreiniging (conform vastgestelde normen) en schadelijke effecten door bedrijven en industrie.
Infographic van de warmte- en energietransitie in Nijmegen
Impact door beperkte handelingsruimte Samengevat betekent netcongestie bij verduurzaming dat de gemeente, ondernemers, organisaties en bewoners veelal worden ingeperkt in hun handelingsruimte. Technisch zijn er veel oplossingen denkbaar. Tegelijkertijd zijn tal van gewenste maatregelen, te treffen voorzieningen of risicodragende investeringen niet (of te laat) toegestaan. Of ze zijn (mogelijk) financieel en qua uitvoeringscapaciteit niet haalbaar. Lokale opwek Sinds september 2021 is in Gelderland opwek uit grote zonnedaken maar beperkt mogelijk: alleen als het eigen verbruik te allen tijde groter is dan de piekopwek; of met een vorm van opslag of energiedelen in de directe omgeving. Voor duurzame energieprojecten, die energie leveren aan het stroomnet, bestaat al langer een wachtrij. Dit heeft bijvoorbeeld de ontwikkeling van zon-op-dak-projecten in Nijmegen vertraagd in 2022 en zorgt voor stagnatie van nieuwe initiatieven. Verschillende ondernemers in bijvoorbeeld TPN-West konden de opgewekte energie niet terug leveren aan het net en moesten daarom hun zonnepanelen uitzetten. Er zijn ondernemers die graag meer panelen willen plaatsen, maar zij kunnen dit niet doen omdat het net de extra elektriciteit niet aankan. Ook VvE’s ondervinden hetzelfde probleem.
Voor de gemeente ontbreekt een kans om zelf het goede voorbeeld te geven, ook voor wat betreft verduurzaming van maatschappelijk vastgoed. Warmtetransitie Ambitie is om samen met bewoners en organisaties in de wijken een energie- en warmtetransitie en verduurzaming te realiseren. Doel is daarbij aanbod van schone én betaalbare vormen van warmte en elektriciteit. Voor de komende jaren is de doelstelling om 10.000 woningen aardgasvrij te maken. Dat betekent investeren in warmtebronnen, infrastructuur en keuzes voor de oprichting van een warmtebedrijf. Dat is
19 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
complex om te organiseren vanwege de planningen van woningbouw, voorzieningen en bedrijvigheid, vervanging openbare ruimte en aanpassingen van oude netwerken. Netcongestie komt daar als extra factor bij. Om aardgasvrij te verwarmen worden warmtebronnen ingezet, die ook elektriciteit gebruiken (warmtepompen, WKO’s). Hoge temperatuur warmtenetten vragen weinig vermogen. Maar midden- en lage temperatuur vragen meer vermogen. Deze kunnen ook met netcongestie te maken krijgen. Netbeheerder Liander is bezorgd dat de toename van individuele warmtepompen leidt tot grote piekmomenten op de dag in het winterseizoen, zeker wanneer er tegelijkertijd dan ook minder opwek is uit zon en wind (bij windluwte). Verduurzaming gemeentelijk vastgoed / werkprocessen Ambitie is als gemeente het goede voorbeeld te geven en in de periode 2022-2035 de kernportefeuille energieneutraal en aardgasvrij te maken. Dat gebeurt op logische momenten, zoals bij groot onderhoud. Door de netcongestie lopen we vertraging op bij diverse verduurzamingsmaatregelen die daarvoor nodig zijn. Ook wat betreft publieke werken - waar de gemeente vaak een opdracht gevende rol heeft – kan netcongestie de geplande elektrificatie van apparaten en voertuigen belemmeren. Het gaat daarbij om zaken als grond-, werken waterbouw (GWW), stadsbeheer en afvalverwerking (DAR).
De mede-uitvoering van het convenant Schoon en emissieloos bouwen (SEB) kan gestremd raken. Verbetering van de luchtkwaliteit en circulaire economie Luchtkwaliteit is een belangrijk thema in de gemeentelijke ambitie van een veilige en gezonde leefomgeving. In het Uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit zijn concrete stappen voorzien om vervuiling door wegverkeer, binnenvaart, industrie en houtrook te verminderen. Netcongestie werkt hierbij vertragend. Meerdere maatregelen zijn gekoppeld aan elektrificatie, wat minder uitstoot in de directe omgeving betekent. Ondernemers kunnen hun bedrijf minder goed doorontwikkelen, omdat ze geen extra stroomvermogen kunnen krijgen. Dat dempt de investeringsbereidheid op korte termijn in verduurzaming en innovaties, zoals voor circulariteit.
▪ ▪
3. De stakeholders: taken, verantwoordelijkheden en samenwerking Bij de aanpak van netcongestie zijn zowel de netbeheerders als alle overheidslagen betrokken. Zij verschillen in hun rol vanwege: ze hebben andere verantwoordelijkheden, wettelijke bevoegdheden, investeringsvermogen en kennis. Voor een bewuste gemeentelijke rolneming is het van belang onze stakeholders te kennen.
Rijk en toezichthouder ACM bepalen de hoeken van het speelveld Het Rijk bepaalt, mede op basis van Europese regelgeving, wat bevoegdheden en handelingsruimte zijn voor mede-overheden en netbeheerders. Eind 2022 lanceerde het Kabinet een Landelijke Actieprogramma Netcongestie met maatregelen om de juiste investeringen en prioriteitskeuzes te stimuleren. Oktober 2023 kondigde de ministerie van EZK verdere onorthodoxe maatregelen aan, die momenteel worden uitgewerkt. Zo werkt het Rijk aan een handreiking voor gemeenten om instrumenten voor grondbeleid beter te benutten om te voorkomen dat grondverwerving een belemmering vormt voor de voortgang van de netuitbreiding. Recent heeft het kabinet aangekondigd om tussen 2024 en 2030 166 miljoen euro beschikbaar te stellen voor een Stimuleringsprogramma Energiehubs. Het programma zorgt onder andere voor het aanstellen van regisseurs en de ontwikkeling van een toolkit met standaarden voor het delen van data en contracten tussen partijen. Bovendien komen er vanaf 2024 grootschalige flexibiliteitstenders om op strategische locaties in het stroomnet onder meer batterijen en elektrolysers in te zetten. Deze voorzieningen kunnen balans aanbrengen door op de juiste moment stroom af te nemen en in te voeden op het net.
Voor de versnelling van de netuitbreidingen wil het Rijk de vergunningsprocedures gaan verkorten met maximaal 1,5 jaar door uitbreidingsprojecten aan te merken als ‘zwaarwegend maatschappelijk belang’ en komen er pilots voor ‘proactief bouwen’ door TenneT in situaties waar afgegeven vergunningen nog niet onherroepelijk zijn.
Rol van toezichthouder ACM Op rijksniveau werkt toezichthouder ACM (De Autoriteit Consument & Markt) aan nieuwe regels zodat netbeheerders en overheden meer instrumenten tot hun beschikking krijgen in de aanpak van netcongestie. In het voorjaar van 2024 nog wordt een besluit verwacht dat het mogelijk maakt dat stroomgebruikers met een groot maatschappelijk belang eerder toegang kunnen krijgen. Dat geldt zolang er schaarste is op het elektriciteitsnet. De regelgeving op dit moment staat niet toe dat er gediscrimineerd mag worden bij het in behandeling nemen van aanvragen voor elektriciteitsaansluitingen. Netbeheerder of gemeente kunnen geen voorrang geven aan afzonderlijke projecten. De wachtlijst wordt afgewerkt volgens het principe ‘wie het eerst komt wie het eerst maalt. Verder heeft de toezichthouder besluiten in voorbereiding, zodat (groepen) grootverbruikers meerdere soorten afspraken kunnen maken. Het betreft transportrechten over flexibelere inzet van hun vermogen met de netbeheerders. Ook bereidt de ACM een besluit voor dat netbeheerders meer kunnen ingrijpen als
21 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
grootverbruikers structureel veel minder stroom afnemen dan hun contract; dit staat ruimte voor transportrechten voor anderen in de weg.
Netbeheerders: investeerders en belangrijkste kennispartners Het zijn de netbeheerders die investeringen plannen en uitvoeren in het stroomnet. Naar gelang ruimte op het elektriciteitsnet sluiten zij contracten af met grootverbruikers voor transportrechten en verzorgen ze de aansluiting. De netbeheerders investeren landelijk op dit moment jaarlijks circa 5 miljard euro in het elektriciteitsnet wat moet leiden tot minimaal een verdubbeling van de transportcapaciteit rond 2032. De netbeheerders gaan netuitbreidingen meer standaardiseren om de doorlooptijden te verminderen. Ook komen er inpassingsteams die samen met lokale overheden de ruimtelijke inpassing van de energieinfrastructuur oppakken. Samen met de ACM werken netbeheerders aan flexibele en tijdgebonden contracten, de zogenoemde alternatieve transportrechten. Hierdoor wordt het elektriciteitsnet in de piekuren ontlast en kunnen er meer partijen in een congestiegebied worden aangesloten. Ook krijgt energieopslag eigen contractvoorwaarden, omdat opslag kan bijdragen aan het oplossen van netcongestie. Netbeheerder Liander zet zich in onze regio in om per onderstation en gemeente een scherper beeld te krijgen van de ontwikkelruimte de komende jaren, met focus op woningbouw.
Liander stelt investeringsplannen op en heeft lokale netvisies in voorbereiding, ook voor de netinfrastructuur waar in Nijmegen gebruik van wordt gemaakt. Verder denkt Liander mee in de beleidsvorming en initiatieven voor netcongestie-oplossingen. Wat betreft de versterking van het stelsel van middenspanningsruimtes en laagspanningsnetten is een traject voor een buurtsgewijze aanpak gestart met de gemeente Nijmegen. Over de samenwerking met de gemeente is een gezamenlijke intentie-verklaring opgesteld en begin dit jaar ondertekend.
Provincie: regisseur op het integraal programmeren in het energiesysteem toch vooral na 2030 Provincies hebben een regierol gekregen in de planning van het energiesysteem. Ze zorgen sinds 2023 in zogenaamde ‘energy boards’ voor bestuurlijke afstemming met gemeenten en netbeheerders om projecten voor netuitbreidingen per gebied gebundeld en integraal aan te pakken. De provincie Gelderland heeft hiervoor een beleidskader Gelders Energie Infrastructuur (GEIS) opgesteld, met drie sporen: sneller bouwen, prioriteren & programmeren en slimme oplossingen. Acties daarbij voor de provincie zijn: • Inzicht in situatie geven van de Gelderse onderstations, samen met de netbeheerders. • Spelregels opstellen voor prioriteren en verdelen van schaarste. • Bepalen van de rolverdeling bij het prioriteren. In het tweede kwartaal van 2024 wordt meer duidelijkheid verwacht over het mandaat en de werkwijze van de energyboard in Gelderland. Dat is onder andere afhankelijk van het actieplan dat wordt voorbereid voor het zogeheten FGU-congestiegebied van de provincies Flevoland-Gelderland-Utrecht.
Regio en regiogemeenten: van elkaar leren, met elkaar prioriteren De formele rol van gemeenten op het gebied van netcongestie is allereerst het ruimtelijk faciliteren van de versterking en uitbreiding van het stroomnet. Als gemeente maken we het beleid en bepalen we waar ruimte beschikbaar komt voor de elektriciteitsvoorzieningen. Als bevoegd gezag verstrekken wij de benodigde vergunningen. Daarnaast hebben we als gemeente lokaal de verantwoordelijkheid voor de uitvoering van onze ambities op het terrein van groei en verduurzaming. Deze ambities worden bedreigd door netcongestie en
▪ ▪
vragen om oplossingen. Gemeenten kunnen hierin zowel een faciliterende, verbindende als aanjagende rol vervullen. We werken daarin samen met provincie en rijk, naast de netbeheerders. Waar nodig lobbyen we als gemeente bij het rijk voor aanpassingen in wet- en regelgeving en voor financiële steun. We beseffen ons ook dat onze rolneming niet statisch is: die is in beweging, we zijn een lerende organisatie, inspelend op nieuwe wet- en regelgeving en technische ontwikkelingen. In de Groene metropoolregio pakt de GMR de rol van informatieverstrekking en procesbegeleiding: • Communiceren en duidelijkheid geven wat wel/niet kan. • Het organiseren van gebiedsateliers, het samenbrengen van partijen, zoals bijvoorbeeld de regiogemeenten in het Rijk van Nijmegen. • Het mee-opstellen van een regionaal prioriteringsproces. • Meedoen in de provincie-aanpak GEIS/pMiek en het opstellen van spelregels en rolverdeling bij het prioriteren. Voorbeelden van gemeentelijke rolneming De netaansluiting van elektriciteit is in principe de verantwoordelijkheid van de netbeheerders, zoals Liander en TenneT. De gemeente heeft geen mandaat over deze aansluitingen, maar speelt wel een rol waar ruimte en infrastructuur nodig zijn.
Een goed voorbeeld hiervan is de inpassing van middenspanningsruimtes – de knooppunten binnen het laagspanningsnet – die in de elektriciteitsvoorziening van met name woningen en kleine bedrijven voorzien. Naast de reguliere taken met betrekking tot de netaansluiting, is het ook belangrijk om rekening te houden met grote ontwikkelingen in de stad, waaronder grote projecten die door de gemeente worden geïnitieerd. Liander erkent het belang van deze ontwikkelingen en wil graag samenwerken om ervoor te zorgen dat de elektriciteitsvoorziening in de stad hierop afgestemd is. Deze samenwerking helpt om de energie-infrastructuur optimaal te plannen en te implementeren. Ook voor bedrijventerreinen heeft de gemeente geen direct gezag, maar wel een faciliterende, organiserende en coördinerende rol. Bijvoorbeeld op het gebied van Smart Energy Hubs. Smart Energy Hubs zijn innovatieve en geïntegreerde systemen die verschillende energiebronnen en -technologieën met elkaar verbinden, zoals zonneenergie, windenergie, energieopslag en slimme netwerken. Deze hubs fungeren als energiecentrales op lokaal niveau en kunnen een belangrijke rol spelen bij het efficiënt beheren en distribueren van energie op bedrijventerreinen.
23 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Deel II – Aanpak
▪ ▪
4. Opgave: actieve inzet op meerdere sporen Uit de probleemanalyse is op te maken dat de impact van netcongestie op de Nijmeegse samenleving en onze ambities groot en veelzijdig is. Er is een sterke onderlinge afhankelijkheid tussen onze ambities, omdat ze met dezelfde transportschaarste te maken hebben. Netcongestie is hardnekkig en is er in ieder geval tot 2030. Hoe zien we met dat inzicht de gemeentelijke opgave?
Tweeledige opgave Gezien de ernst van de situatie zien we een tweeledige opgave:
Tegengaan van netcongestie Niets doen tot 2030 is geen optie. We nemen onze verantwoordelijkheid voor een veilig, betrouwbaar, schoon en betaalbaar energiesysteem. We beseffen ons dat we sterk afhankelijk zijn van ontwikkelingen buiten de gemeente. Tegelijkertijd willen we de invloed die we hebben om netcongestie tegen te gaan optimaal inzetten. We zoeken de samenwerking op met onze stakeholders in het energiesysteem om ruimte te creëren op het elektriciteitsnet.
Omgaan met netcongestie Ondanks alle inspanningen van ons, de netbeheerders, alle bedrijven en bewoners, zal transportschaarste de komende jaren een blijvende en belangrijke oorzaak zijn voor het uitstellen, anders of niet uitvoeren van projecten. Daar waar het tegengaan van netcongestie onvoldoende ruimte geeft zetten we tijdig in op het maken van prioriteitskeuzes in onze plannen voor de stad. Zo voorkomen we onnodige transportschaarste waar maatschappelijke belangen het meest gediend zijn.
Actieve rolneming als gemeente Uit de stakeholdersanalyse blijkt dat ondanks de formele beperkte rol van de gemeente, wij invloed kunnen hebben. We kiezen ervoor de diverse gemeentelijke rollen en instrumenten bewust in te zetten vanuit een goed besef van onze relatie met onze stakeholders. Vetrekpunten:
Integrale aanpak Zoals ook al in de Stadsbegroting 2024-2027 staat aangegeven werken we als gemeente met integraal programmeren, om daarmee in kaart te brengen welke knelpunten en kansen er ontstaan in het koppelen van opgaves van de gemeente. Hierbij worden de planningen van woningbouw, de vervangingen in de openbare ruimte, aanpassingen van oude netwerken en grootschalige bedrijvigheid over elkaar heen gelegd. Hierbij hoort ook prioriteren gezien de schaarste qua middelen, ruimte en netcongestie.
Ruimte voor lokaal maatwerk en experimenteren Oplossingsmogelijkheden door lokaliteit (kortere transportafstand) en collectiviteit (energiehubs) zijn nog onderbelicht en onvoldoende ingeregeld. In samenspraak met netbeheerders, provincie en Rijk zoeken we experimenteerruimte op. Om op tijd meters te maken.
25 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Tegelijk werken aan verschillende soorten oplossingen Onze bevinding is dat het probleem van netcongestie in onze gemeente te groot en veelzijdig is om met één type oplossing aan te pakken. De huidige manier van werken en regels zijn niet toereikend om met het probleem om te gaan. Inzet is nodig op verschillende sporen tegelijk, waarbij we ook als gemeente een rol kunnen spelen. Voor netcongestie zijn er vier soorten oplossingen, zoals schematisch aangegeven in de figuur hieronder.
Dit masterplan richt zich op de gemeentelijke inzet bij oplossingen onder A, B en C: A.
Sneller, meer infrastructuur realiseren. Dat betekent voor de gemeente faciliteren dat netinvesteringen tijdig ruimte krijgen en gerealiseerd kunnen worden.
B.
Een betere benutting van het bestaande net stimuleren, met de inzet van slimme oplossingen door gemeente, bedrijven, investeerders en huishoudens. Bedoeling is daarmee de behoefte aan transportcapaciteit te verlagen. De focus ligt op maatregelen die ook meerwaarde hebben voor het energiesysteem op (middel)lange termijn na 2030. Daarin zijn we als gemeente afhankelijk van derden en is er op dit moment onzekerheid: wat kunnen/mogen netbeheerders toelaten en wat zijn de ontwikkelingen in wet- en regelgeving?
C.
Prioriteren, om met nog resterende schaarste om te gaan. Dat betekent omgaan met de beperkte netcapaciteit door te prioriteren en te (her)programmeren van de betrokken ontwikkelprogramma’s en opgaves.
In de volgende hoofdstukken staat per spoor de aanpak uiteengezet. Type oplossingen onder D kijken verder vooruit, naar de lange termijn: het programmeren om het toekomstige energiesysteem aan te sluiten op de toekomstige behoefte. Dit spoor is geen onderdeel van dit masterplan, het wordt onderdeel van de visie op het Lokaal Energiesysteem (LES) dat op dit moment wordt voorbereid. Gezien de opgave die we schetsten voor de aanpak van netcongestie in Nijmegen onderscheiden we ook een basisspoor, faciliterend aan de bovengenoemde sporten. Dat spoor bestaat uit het zorgen voor meer lokaal inzicht in de problematiek, intensievere samenwerking met onze stakeholders en grotere uitvoeringscapaciteit.
▪ ▪
5. De basis: kennis, samenwerking en uitvoering Sterkere informatievoorziening en meer kennis We zorgen voor een beter inzicht in de problematiek, de oplossingsmogelijkheden en te maken keuzes door betere uitwisseling van informatie met netbeheerder en mede-overheden: • Planningen in energiebehoefte en opwek. • De werking van de netinfrastructuur, netvisie en investeringsplannen. • Instrumenten en handelingsperspectief in de aanpak van netcongestie. We voeren lobby voor landelijke verbetering in de informatievoorziening.
Binnen de gemeente en onze regio is het van belang om als overheden en samenwerkingspartners in de stad actueler en scherper inzicht te hebben, met name aan de vraagkant: welke energiebehoefte verwachten we de komende jaren: wanneer, waar en voor wie? We zijn hiervoor in hoge mate afhankelijk van netbeheerder Liander. Met andere G40-gemeenten constateren we dat er nog beter inzicht nodig is in knelpunten en kansen. Daarvoor zijn data nodig over netcapaciteit, energiestromen en fysieke grenzen van het stroomnet. Momenteel wordt zelfs basale informatie slechts in enkele gebieden met gemeenten en energiehubs gedeeld. Lang niet alle informatie is privacygevoelig en zou beschikbaar moeten kunnen zijn. Er is behoefte aan: • duidelijke afspraken welke data (capaciteit, nettopologie, energiegebiedsprofielen, spanningskwaliteit) wanneer en onder welke voorwaarden beschikbaar komen. • inzicht in de fysieke belasting op alle netvlakken; dat betekent meten van energiestromen en thermische belasting.
Intensievere samenwerking Niet alleen voor informatievoorziening zijn we als gemeente afhankelijk van derden. Dit geldt ook bij het bepalen van de aanpak en uitvoering van maatregelen.
Gemeente en Liander We intensiveren de samenwerking met netbeheerder Liander. Hiervoor is een wederzijdse intentieverklaring opgesteld. Hierin staan afspraken over de wijze waarop Liander en gemeente de komende jaren willen samenwerken: • betrokkenheid van de gemeente bij prioritering van transportverzoeken; • informatiedeling; • afstemming van elkaars planningen en werkzaamheden in de openbare ruimte; • afsluiten van een nadere samenwerkingsovereenkomst.
Via de intentieverklaring spreken gemeente en Liander uit samen te gaan sturen op vraag en aanbod van elektriciteit. In de verklaring – 26 januari jongstleden ondertekend - staat dat de gemeente betrokken wordt bij de prioritering van transportverzoeken, voor zover de wetgeving dit toelaat. We stemmen planningen op elkaar af en de gemeente faciliteert en versnelt de uitbreiding van het stroomnet, zoals we onlangs hebben gedaan met het vaststellen van richtlijnen voor de plaatsing van middenspanningsruimtes (trafostations).
27 Map = chrijven algemeen / sjab Nota, beleids- of projectplan
Ondertekening intentieverklaring Nijmegen-Liander 26 januari 2024
Binnen de gemeente Met stakeholders binnen Nijmegen gaan we actief het gesprek aan voor meer inzicht in de problematiek en mogelijke oplossingen. Dit doen we onder meer door agendering in het Stedelijk Managementoverleg Energietransitie Nijmegen en de Stuurgroep Energietransitie Nijmegen;
De eerdere stedelijke overlegverbanden gericht op de warmtetransitie zijn verbreed naar een Stedelijk Managementoverleg Energietransitie Nijmegen en de Stuurgroep Energietransitie Nijmegen. In deze overleggen zijn verschillende Nijmeegse partijen vertegenwoordigd, waaronder het bedrijfsleven en woningcorporaties. Verder richten we - zoals in het coalitieakkoord is opgenomen - een klimaatberaad op met een afspiegeling van (ad random geselecteerde) inwoners die ons gaan adviseren over het lokale energie- en klimaatbeleid.
Met buurgemeenten, regio en provincie We laten onze gemeente actief vertegenwoordigen in regionale afstemmingsinitiatieven voor de aanpak van netcongestie: • ambtelijk en bestuurlijke platformen: Circulaire Regio / Integraal Programmeren; • de samenwerking om te komen tot de RES2.0; • afstemmingsoverleg met buurgemeenten en Liander in het Rijk van Nijmegen; • contacten met de provincie, onder ander via de GMR in de Energyboard.
Voor de aanpak van netcongestie is meer afstemming nodig met andere gemeenten in onze regio: de netinfrastructuur bedient immers voedingsgebieden die gemeentegrens overschrijdend zijn en netbeheerders moet keuzes maken bij de inzet van schaarse arbeidscapaciteit. De provincie Gelderland werkt momenteel haar regierol uit wat betreft de programmeringskeuzes in het energiesysteem, om begin 2025 een Meerjarenprogramma Infrastructuur, Energie en Klimaat vast te stellen (pMIEK).