CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Koersdocument 2025

Besluitronde (raadsvergadering) 19 juni 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Koersdocument 2025 (68/2024)11.067 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

2025

2026

verschil

Beleidsaanpassingen Implementatie omgevingswet Subsidieregeling voor doe-het-zelvers en gratis maatwerkadvies Laadinfra Kansengelijkheid onderwijs Actieprogramma Economische Visie en de Impuls Lokale Economie Regenboogagenda Totaal

-800 -1.700 -300 -1.000 -300 -100

0 0 -100 -750 0 0

800 1.700 200 250 300 100 3.350

In de Stadsbegroting 2024-2027 sloten alle jaren op € 0: het gehele ravijn werd ‘gedempt’. Dit was mede mogelijk vanwege de gedeeltelijk ‘reparatie’ van het gemeentefonds door het rijk met € 1 miljard.

2

Dit is in de Stadsbegroting 2024-2026 (deels) hersteld: • Structureel spaarbedrag is met € 0,9 miljoen opgehoogd;

•

Reservering voor het opvangen van volume ontwikkeling zorg is geheel hersteld

20

Bijlage 4: voorjaarsnota en het regeerakkoord op hoofdlijnen en effecten op het gemeentefonds WMO-volume In de voorjaarsnota 2024 van het rijk is opgenomen dat het rijk vanaf 2026 rekening houdt met extra middelen voor de WMO vanwege demografische ontwikkelingen. Hiervoor reserveert het rijk vanaf 2026 € 75 miljoen cumulatief per jaar. Het rijk doet dit vooruitlopende op uitkomsten van een houdbaarheidsonderzoek naar de ontwikkelingen van de vraag naar WMO. Het streven van het rijk is om ingang van 2026 hierover nadere afspraken te maken. Overhevelen specifieke uitkeringen (SPUK’s) naar gemeentefonds In de voorjaarsnota 2024 van het rijk is opgenomen dat aan plan gaat worden gewerkt om bestaande specifieke uitkeringen (SPUK’s) door te lichten en zo mogelijk te verminderen. De laatste jaren zijn namelijk het aantal specifieke uitkeringen (SPUK’s) fors gestegen. Dit past niet bij de voorkeur om middelen bestedingsvrij en zonder oormerken over te hevelen van het rijk naar medeoverheden. Daarnaast zijn aan specifieke uitkeringen verantwoordings- en controle-eisen verbonden, die kosten met zich meebrengen. In het regeerakkoord op hoofdlijnen, dat na de voorjaarsnota bekend is geworden, is opgenomen dat alle SPUK’s, met uitzondering van de BUIG, gaan verdwijnen. Deze middelen worden in het gemeentefonds gestort, met een korting van 10%.

Gemeentefonds: koppeling met BBP vanaf 2024 in plaats van 2027 Vorig jaar heeft het rijk een nieuwe manier vastgesteld voor het bepalen van de omvang van het gemeentefonds vanaf 2027. In plaats van een koppeling met de rijksbegroting, wordt het gemeentefonds gekoppeld met het BBP. In de volgende bijlage wordt dit toegelicht. In de voorjaarsnota van het rijk is opgenomen dat deze nieuwe systematiek niet per 2027, maar per 2024 ingaat. Door incidentele compensaties is het effect in de jaren 2024-2026 nihil, met uitzondering van 2025. In dat jaar is het gemeentefonds € 675 miljoen lager.

21

Bijlage 5: nieuwe normeringssystematiek gemeenfonds: koppeling volume en prijs Het kabinet Rutte IV heeft in haar regeerakkoord aangegeven dat zij vanaf 2027 een nieuwe financieringssystematiek willen voor decentrale overheden. In het regeerakkoord wordt aangegeven dat hiermee een stabielere financiering en een vergroting van de autonomie wordt beoogd. Inmiddels ligt er een voorstel waarin de financieringsmethodiek niet verandert: gemeenten blijven voornamelijk middelen krijgen via het gemeentefonds. De manier waarop de omvang van het gemeentefonds wordt bepaald, in jargon de normeringssystematiek, wordt wel aangepast. Het voorstel van het rijk is dat het gemeentefonds op twee manieren gekoppeld wordt aan het Bruto Binnenlands Product (BBP): • Prijsontwikkeling: op basis prijs BBP van het jaar • Volumeontwikkeling: op basis van gemiddelde van volume groei BBP van afgelopen 8 jaar (volume is alles wat niet prijs is) Nu is de prijsontwikkeling van het BBP niet gelijk aan de loonontwikkeling. Het prijs bbp geeft namelijk de verandering (meestal stijging) van de prijzen aan. Als het gaat om de loonaanpassing dan is dit het deel dat nodig is om hetzelfde te kunnen kopen als het voorgaand jaar. Naast deze aanpassing wordt vaak een loonverbetering afgesproken, dit wordt ook wel de reële loonstijging of koopkrachtstijging genoemd. Met dit deel kan ‘meer’ gekocht worden dan daarvoor.

Dit deel, de koopkrachtstijging, is niet verdisconteerd in de prijs BBP en is daarmee verdisconteerd in de volumeontwikkeling van het BBP.

Koopkrachtstijging

in volume bbp

Koopkrachtbehoud

in prijs bbp

Concreet betekent dit dat alleen de reservering van de prijsontwikkeling in het gemeentefonds onvoldoende is om de loonsomstijging op te vangen. Voor 2027 en 2028 schatten we in dat € 5 miljoen per jaar aanvullend moet worden gereserveerd voor het opvangen van de loonsomstijging. Deze aanvullende reservering kan ten laste van de volumeontwikkeling BBP. In het financieel beeld voor de Stadsbegroting is dit zo gedaan: bedragen * € 1 miljoen

2025

2026

2027

2028

0,0

-5,0 5,0 0,0

-10,0 10,0 0,0

Te reserveren in GF voor reële groei lonen vanaf 2027 Uit volume ontwikkeling gemeentefonds 0,0

22

Bijlage 6: knelpunt Jeugd: verschil prognose en begroting nader geduid (excl. effect nieuwe aanbestedingen) Voor het prognosticeren van de kosten voor jeugdzorg is voor het deel jeugdzorg zonder verblijf een prognose model ontwikkeld. Dit model prognosticeert, op basis van de prijs en volumeontwikkeling in de afgelopen jaren en de toekomstige demografische ontwikkeling, de kosten voor jeugdzorg zonder verblijf. Uit de prognoses komen fors meer kosten dan begroot. Maar, de vraag is of het volledige verschil als nadeel verwacht kan worden, daarvoor is van belang om in te zoomen op de oorzaken. In onderstaande grafiek wordt het verschil tussen de prognose en begroting onderverdeeld in drie delen. Na de grafiek worden deze delen toegelicht.

€ 100,0 mlj

Prognose en begroting jeugdzorg (prognose 2023 = realisatie 2023) € 7,4 mlj

€ 80,0 mlj

€ 8,7 mlj

€ 8,6 mlj € 6,6 mlj

€ 0,9 mlj

€ 0,9 mlj

€ 9,6 mlj € 6,6 mlj

verschil begroting

€ 7,0 mlj

prognose

€ 60,0 mlj

€ 23,2 mlj

€ 40,0 mlj

€ 20,0 mlj

€ 0,0 mlj

2023 2024 groei taakstelling - commissie van wijzen (hervormingsagenda) prognose kosten jeugd

2025 taakstelling - aanvullend Rutte IV begroting begroting

2026

Groei Op basis van het prognosemodel wordt de komende jaren een groei voorspeld. Aangezien het prognosemodel op dit moment het beste voorspelmodel is dat we hebben voor het inschatten van de toekomstige ontwikkeling is het prudent om deze groei op te nemen in de begroting. Daarbij kan eventueel wel als scenario opgenomen worden dat het rijk (een deel van deze) uitzetting gaat betalen. Als de redeneerlijn van de commissie van wijzen en eerder die van de Raad van State wordt gevolgd dan heeft het rijk een financiële verantwoordelijkheid. 3 Daarnaast

3

Jeugdzorg een onderwerp van aanhoudende zorg (commissie van wijzen 18 mei 2022) Er is geen twijfel over dat de uitvoering van de Jeugdwet voor gemeenten tot een verplicht takenpakket leidt in de vorm van medebewind, waarop bovengenoemde bepalingen van toepassing zijn. Slechts voor zover de gemeentelijke activiteiten niet rechtstreeks de uitvoering van de Jeugdwet betreffen, ligt er geen verplichting voor het Rijk tot bekostiging.

Voorlichting over interbestuurlijke verhoudingen (Raad van State 25 maart 2021, kenmerk W04.20.0444/I) De afgelopen decennia zijn veel nieuwe taken en verantwoordelijkheden aan gemeenten overgedragen. Door de drie decentralisaties in het sociale domein is het gemeentelijke takenpakket in het bijzonder uitgebreid. Daarnaast leiden de Omgevingswet en de klimaatdoelstellingen tot nieuwe taken en opgaven voor gemeenten en provincies. Bij de overdracht van deze taken - in ieder geval die in het kader van het sociaal domein en de Omgevingswet - staan ruimte voor lokaal maatwerk en betere en snellere besluitvorming centraal, evenals een grotere mate van zelfredzaamheid van en participatie door burgers.

Tegelijkertijd zijn de overdracht van taken en de gewenste maatschappelijke veranderingen - gemotiveerd vanuit de gedachte dat gemeenten veel efficiënter en goedkoper kunnen werken - gepaard gegaan met forse bezuinigingen die niet of onvoldoende

23

blijven we als gemeente sturen met regionale en lokale maatregelen op het volume en betaalbaarheid van de jeugdhulp. Taakstelling – aanvullend Rutte IV In het regeerakkoord Rutte IV is een aanvullende besparing opgenomen, bovenop de overeengekomen maatregelen uit de hervormingsagenda. De verwachte besparing is inmiddels omgezet in een korting op het gemeentefonds, voor Nijmegen betekent dit een lagere uitkering van € 6,6 miljoen vanaf 2025. In de Voorjaarsnota van het rijk is opgenomen dat de besparing voor 2025 niet mogelijk is en de uitname uit het gemeentefonds wordt teruggedraaid. Het rijk komt dit jaar wel met een voorstel om een inkomensafhankelijk bijdrage te introduceren. Hiermee denkt het rijk de besparing vanaf 2026 te realiseren, dit is afhankelijk van besluitvorming door het nieuw kabinet. In alle scenario’s is rekening gehouden met het weghalen van de besparing in 2025. In scenario 2 wordt ervan uitgegaan dat de besparing niet wordt gerealiseerd en het rijk niet compenseert. Het financieel nadeel is dan voor Nijmegen. In scenario 1 en 3 wordt van de afspraak uitgegaan dat deze maatregel voor rekening en risico van het rijk is. Het eventueel niet realiseren van deze maatregel wordt dan gecompenseerd door het rijk. Taakstelling commissie van wijzen (hervormingsagenda) Het gaat hier om de verwachte besparingen vanuit de hervormingsagenda.

In de begroting is hiervoor een besparing ingeboekt van € 7 miljoen. Of we de besparing gaan halen en zo nee, of het rijk moet bijpassen is nu nog onduidelijk. In het prognosemodel van O&S wordt alleen rekening gehouden met de maatregelen die voor 2022 zijn gestart en voor zover deze effecten hebben gehad voor 2023. De tussenrapportage van de commissie van wijzen in januari 2025 zal waarschijnlijk het eerste moment zijn dat hierover landelijk meer duidelijk gaat geven.

Financiële scenario’s jeugdzorg Met het splitsen van het verschil in drie delen kan voor elk deel een redeneerlijn gemaakt worden of het tot een nadeel gaat leiden in de Stadsbegroting, dat doen we aan de hand van drie scenario’s: 1. Bestaande afspraken zijn uitgangspunt (basisscenario); 2. Het rijk houdt de hand op de knip; 3. Het rijk is ruimhartig in het nemen van haar (financiële) verantwoordelijkheid. Hieronder zijn de financiële bijstellingen van de scenario’s op de stadsbegroting opgenomen. De totaalregel laat het effect zien op het saldo van de Stadsbegroting. Scenario 1: bestaande afspraken zijn uitgangspunt (basisscenario) In dit scenario zijn bestaande afspraken uitgangspunt. We gaan ervan uit dat de extra groei die vanuit het prognosemodel wordt geprognosticeerd niet wordt gecompenseerd door het rijk. Scenario 1, bedragen * € 1 miljoen 1. Groei bijstelling als gevolg van groei jeugdzorg verwachte compensatie rijk voor groei jeugdzorg 2. Hervormingsagenda (zie nota bene) 3. Aanvullende taakstelling Rutte IV bijstelling taakstelling Rutte IV Verschuiven taakstelling Rutte IV (VJN rijk) - taakstelling weg bij WWZ - taakstelling naar financiën

programma

2025

2026

2027

2028

WWZ Fin. WWZ*

-8,6 0 pm

-9,6 0 pm

-9,6 0 pm

-9,6 0 pm

0

0

0

WWZ WWZ Fin.

-6,6 6,6

gestoeld zijn op gemotiveerde berekeningen. De overdracht stond daarmee op gespannen voet met artikel 108, derde lid, van de Gemeentewet, dat bepaalt dat het opdragen van medebewind aan gemeentebesturen gepaard moet gaan met volledige dekking van de kosten van de nieuwe taak.

24

totaal effect op Stadsbegroting

-8,6

-9,6

-9,6

-9,6

* deze reeks staat op pm om aan te geven dat op de werkconferentie van 2 juli nog overwegingen op deze regel worden gegeven, zie ook de nota bene aan het einde van deze bijlage.

Scenario 2 het rijk houdt de hand op de knip In dit scenario gaan we ervan uit dat alle maatregelen niet tot besparingen leiden en dat het financieel nadeel alleen door de gemeente Nijmegen wordt gedragen. Scenario 2, bedragen * € 1 miljoen 1. Groei bijstelling als gevolg van groei jeugdzorg verwachte compensatie rijk voor groei jeugdzorg 2. Hervormingsagenda 3. Aanvullende taakstelling Rutte IV bijstelling taakstelling Rutte IV Verschuiven taakstelling Rutte IV (VJN rijk) - taakstelling weg bij WWZ - taakstelling naar financiën

programma

2025

2026

2027

2028

WWZ Fin. WWZ

-8,6 0 -0,9

-9,6 0 -7,0

-9,6 0 -7,0

-9,6 0 -7,0

-6,6

-6,6

-6,6

-23,2

-23,2

-23,2

WWZ WWZ Fin.

-6,6 6,6

totaal effect op Stadsbegroting

-8,6

Scenario 3. Het rijk is ruimhartig in het nemen van haar (financiële) verantwoordelijkheid In dit scenario gaan we ervan uit dat alle financiële nadelen door het rijk worden gecompenseerd. Het effect op de stadsbegroting van Nijmegen is daarmee nihil. Scenario 3, bedragen * € 1 miljoen 1. Groei bijstelling als gevolg van groei jeugdzorg verwachte compensatie rijk voor groei jeugdzorg 2. Hervormingsagenda (zie nota bene) 3. Aanvullende taakstelling Rutte IV bijstelling taakstelling Rutte IV Verschuiven taakstelling Rutte IV (VJN rijk) - taakstelling weg bij WWZ - taakstelling naar financiën

programma

2025

2026

2027

2028

WWZ Fin. WWZ

-8,6 8,6 pm

-9,6 9,6 pm

-9,6 9,6 pm

-9,6 9,6 Pm

0

0

0

0,0

0,0

0,0

WWZ WWZ Fin.

-6,6 6,6

totaal effect op Stadsbegroting

0,0

Als knelpunt wordt het scenario 1. ‘Bestaande afspraken zijn uitgangspunt’ meegenomen. Nota bene: • Bij het inboeken van de besparingseffecten van de maatregelen uit de hervormingsagenda is rekening gehouden met een inschatting uit 2021 van de effecten die de maatregelen voor Nijmegen opleveren. In het boekwerk voor de werkconferentie op 2 juli zullen overwegingen voorgelegd worden of deze reeks zo moet blijven, aangepast te worden naar de laatste inzichten of de besparingen in overeenstemming gebracht moeten worden met de opgenomen besparingen in de hervormingsagenda. • De opgenomen prognose uit het prognosemodel van O&S is gebaseerd op de gegevens tot en met 2022 en prognosticeert alleen de jaren 2025 en 2026. Op dit moment wordt de prognose geactualiseerd met de realisatiecijfers 2023. Hiermee is ook een prognose mogelijk voor de jaren 2027 en 2028. De prognose wordt in aanloop naar de werkconferentie op 2 juli hierop aangepast.

25

•

Naast dit financieel knelpunt worden grote onderdelen van de jeugdzorg dit jaar aanbesteed. De inschatting is dat dit tot (fors) hogere tarieven en (daardoor) kosten gaat leiden. In de financiële knelpunten is hiervoor een bedrag opgenomen. In aanloop naar de werkconferentie op 2 juli zal dit bedrag worden geactualiseerd.

26

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=012d730a-c62d-4ff7-b230-3912954e8d2b