Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen, Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Tekst van het document
Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen
Samen voorbereid op het weer van de toekomst oktober 2023
Kronenburgerpark, Kruittoren. Foto Max1Kneefel Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
nijmegen.nl
Voorwoord Klimaatverandering houdt ons allemaal bezig. Van inwoner tot onder nemer en van gemeentebestuur tot (groene) samenwerkingspartner. De een meer dan de ander, maar in Nijmegen merken en zien we de gevolgen van klimaatverandering ook. Wateroverlast door hevige regenbuien. Hitteoverlast in stenige wijken. Droog gras in de stadsparken. Hoe gaan we hiermee om en welke concrete acties gaan we ondernemen zodat Nijmegen bestand is tegen weersextremen? In deze klimaatadaptatie strategie vindt u de doelen van de gemeente hiervoor, hoe we die gaan bereiken en welke concrete acties hierbij horen. Klimaatverandering, en de gevolgen ervan, is op dit moment een van de meest actuele én veelbesproken thema’s, maar als gemeente zijn we hier al langer mee bezig. We hebben
Aanleggen tegeltuintjes (Bron: Hans de Groot, Operatie Steenbreek)
actie ondernomen. Denk aan de aanleg van de nevengeul voor de waterveiligheid. En aan de aanleg van wadi’s – groene greppels die regenwater opvangen en infiltreren in de
Aanpassingen in de stad zijn nodig én we moeten anders omgaan met bouwen en
bodem – en infiltratieriolen en -putten die water doorlaten dat in de bodem terechtkomt.
ontwikkelen. Hier hebben we iedereen uit Nijmegen voor nodig. Van inwoner tot
Verder stimuleren we onze inwoners om in actie te komen. Onder andere met de
woningcorporatie. En van scholen tot bedrijventerreinverenigingen. Gelukkig hebben
campagne Operatie Steenbreek die eraan heeft bijgedragen dat er sinds 2018 al bijna
ook zij niet stilgestaan de afgelopen jaren.
600.000 tegels zijn gewipt. Met subsidie van de gemeente zijn regenpijpen afgekoppeld en groene daken aangelegd. Mooier én koeler, zo’n groen dak. Willen inwoners graag de
Ik hoop dat de overtuiging en het enthousiasme waarmee inwoners van Nijmegen,
openbare ruimte in hun wijk geschikter maken voor de gevolgen van klimaatverandering?
ondernemers en partijen de afgelopen jaren al aan de slag gingen om Nijmegen
Wij helpen daarbij. Zo zijn er bijvoorbeeld in 2023 100 geveltuintjes aangelegd in de
‘klimaatveranderingproof’ te maken, blijft en dat we dit terugzien bij het uitvoeren van
benedenstad.
deze klimaatadaptatiestrategie. Bij de totstandkoming van de klimaatadaptatiestrategie zijn eveneens veel belanghebbenden betrokken, zoals inwoners en maatschappelijke
Alle beetjes helpen. Maar willen we Nijmegen leefbaar, gezond en veilig houden, dan is
organisaties. Samen maken we Nijmegen leefbaar, veilig en gezond én voorbereid op
een grotere aanpak nodig. Klimaatstresstesten, gepresenteerd in 2022, tonen dit ook aan.
weersextremen.
Ikzelf ervaar het als ik op zoek ga naar schaduwplekken en sommige pleinen tijdens hete zomerdagen mijd. Of als het water tijdens hoosbuien niet meer weg kan stromen op straat
Cilia Daemen
en de nieuw aangeplante bomen langs onze straten het zwaar hebben in droge zomers.
Wethouder Klimaatadaptatie en Stadsvergroening
2 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Inhoud Voorwoord
2
Samenvatting
4
1. Inleiding Leeswijzer
5 6
2. Beleidsmatig kader
7
3. Doelen voor een klimaatadaptief Nijmegen
10
3.1 | Doelstellingen droogte 3.2 | Doelstellingen hitte 3.3 | Doelstellingen wateroverlast 3.4 | Doelstellingen gevolgbeperking overstromingen 3.5 | Themaoverstijgende leidende principes 3.6 | Prioritaire locaties
10 12 15 16 16 19
Bijlagen 4. Streefbeeld klimaatadaptieve stad
20
5. Aanpak
22
5.1 | Planning 5.2 | Maatregelen 5.3 | Financiën
22 22 26
6. De uitvoeringsagenda: 10-actiepunten
28
1. Wat speelt er in Nijmegen? 2. De opgavekaarten 3. Methodiek prioritaire locaties 4. Toelichting streefbeeld klimaatadaptieve stad 5. Toelichting instrumenten 6. Toelichting monitoring 7. Klimaatschadeschatter 8. Longlist: acties voor de lange termijn
33 36 43 44 51 52 53 54
3 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Samenvatting
hebben we 10 prioritaire locaties geselecteerd. Hiervoor geldt dat deze vóór 2035 zijn aangepakt. Dit betekent dat we eerst onderzoeken of de risico’s daadwerkelijk aan de orde zijn en welke maatregelen, zowel fysiek als niet-fysiek, mogelijk zijn. Is een
Het klimaat verandert, ook in Nijmegen hebben we dat de laatste jaren steeds vaker ervaren. Het Rijk benadrukt de urgentie om maatregelen te nemen tegen de gevolgen van klimaatverandering, en heeft in november 2022 de brief Water en Bodem sturend naar de Tweede Kamer gestuurd.
structurele oplossing niet haalbaar, dan nemen we een tijdelijke maatregel om de ernstige gevolgen die kunnen optreden bij niets doen te voorkomen.
Aanpak De doelstellingen zijn stadsbreed. Echter, het klimaatbestendig maken van Nijmegen
Hierin komt naar voren dat de tijd van vrijblijvendheid voorbij is. In dit document
vraagt om een integrale afweging van verschillende doelstellingen. Dat werken we
beschrijven we onze strategie om van Nijmegen een klimaatadaptieve stad te maken.
gebiedsgericht uit bij het opstellen van de omgevingsvisie. Onze stad kent een grote
Deze is in samenwerking met de stad en deskundigen opgesteld en houdt rekening met
variatie in bodemsoorten en de aanwezigheid van grond- en oppervlaktewater. Ook de
de landelijke en regionale beleidskaders op het gebied van klimaatadaptatie.
ruimtelijke opzet van de verschillende wijken verschilt. Dit zijn bepalende factoren voor de oplossingsrichting, oftewel het streefbeeld voor een klimaatadaptieve stad.
Doelstellingen per thema Nijmegen wil in 2035 klimaatbestendig zijn. Om dit doel te bereiken zijn per thema
Financiële consequenties
(droogte, hitte, wateroverlast en gevolgbeperking overstromingen) stadsbrede
Het klimaatadaptief maken van Nijmegen is een van de grootste uitdagingen waar we
doelstellingen opgesteld, waarmee invulling wordt gegeven aan wat we in Nijmegen
voor staan. Ook op financieel gebied. Dit is tweeledig, want zelfs als we niets doen krijgen
verstaan onder klimaatadaptatie. Daarnaast beschrijven we aan de hand van leidende
we te maken met (schade)kosten, bijvoorbeeld als gevolg van extreme regenbuien. Wat
principes hoe we onze doelstellingen willen bereiken en geven we prestatie-indicatoren
de maatschappelijke risico’s en kosten op korte (2023-2026) en langere (2035) termijn zijn
mee voor ruimtelijke ontwikkelingen. We maken onderscheid tussen urgente en minder
moeten we nog verder uitzoeken en afzetten tegen de te maken kosten en investeringen.
urgente locaties. De minder urgente locaties pakken we op door werk met werk te maken.
Hierbij is het belangrijk te realiseren dat alles wat we nu doen, voor de komende decennia is.
Op sommige plekken is de urgentie echter zo hoog dat we niet kunnen wachten op een meekoppelkans. Hier is een extra inspanning nodig. Uit de lijst met urgente locaties
Uitvoeringsagenda In de uitvoeringsagenda die we hebben opgesteld, staan de 10 belangrijkste actiepunten beschreven waarmee we de komende jaren (2023-2026) aan de slag gaan. Voor overige acties, is een longlist opgesteld. De te nemen maatregelen verdelen we in 3 sporen: fysieke maatregelen, acties om te zorgen dat klimaatadaptatie in ieders handelen verankerd zit (het nieuwe normaal) en acties om de samenwerking met onze partners in de stad verder vorm te geven. Werken aan klimaatadaptatie doen we niet alleen, we doen het samen met de stad.
4 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
1
Inleiding
Klimaatverandering in Nijmegen Ook Nijmegen is door de inrichting van de stad, in combinatie met de unieke ligging op de stuwwal en aan de Waal, kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Deze kwetsbaarheid hebben we in 2022 in beeld gebracht met de presentatie van onze klimaatstresstesten. Hierin zijn de maatschappelijke risico’s voor onze stad beschreven. De kwetsbare plekken voor wateroverlast ontstaan vooral door de hoogteverschillen en de mate van verharding. Kenmerkend hierbij zijn de droogdalen. Vanaf de stuwwal in
Dat het klimaat verandert staat inmiddels niet meer ter discussie. Inter nationaal lijken natuurrampen elkaar steeds sneller op te volgen. Duizenden mensen lijden onder extreme temperaturen of hebben hun huizen moeten ontvluchten door natuurbranden, overstromingen of noodweer.
Berg en Dal en Hengstdal stroomt het water bij een hevige bui naar het Javaplein, de
Ook Nederland ontspringt de dans niet. De afgelopen jaren zijn temperaturen boven
Hittestress speelt met name in de sterk versteende gebieden van Nijmegen. Vooral het
de 35 graden al heel normaal. De 40 graden hebben we zelfs al meer dan eens bereikt.
centrum en de wijken rondom het centrum (zoals het Waterkwartier en Biezen) warmen
Hogere temperaturen hebben een nadelige invloed op ons welbevinden, onze
sterk op tijdens hete zomerdagen. Dit zijn ook de wijken met een hoger aandeel sociale
productiviteit en gezondheid én leiden zelfs tot hogere sterftecijfers. Daarnaast komen
woningbouw. Hier zien we de meeste tegeltuinen. Doordat tegels warmte vasthouden,
extreme regenbuien steeds vaker voor. Hoe ernstig het kan worden, bleek 2 jaar geleden
hebben bewoners bij hogere temperaturen meer last van hitte en klimaatverandering.
bij wateroverlast in België, Duitsland en Limburg. Dat droogte ook in toenemende mate
Het hitte-eilandeffect is daarnaast sterk aanwezig bij het haven- en industrieterrein,
een probleem is om rekening mee te houden, is de afgelopen jaren duidelijk geworden.
Westkanaaldijk, Bijsterhuizen en industrieterrein Winkelsteeg. Ook voor de natuur en
Het gebrek aan water speelde de natuur parten. De levering van drinkwater en de
de waterkwaliteit is hitte een probleem.
Spoorkuil, Groenestraat en het Goffertpark. Daarnaast gaat er een stroom richting het centrum, waardoor er veel water te zien is op straat bij de Bijleveldsingel en in de binnenstad. Bijlage 1 bevat een korte samenvatting van de stresstesten.
voedselzekerheid lijken bovendien steeds meer in het gedrang te komen. Bij langdurige perioden van droogte is vooral het groen op de hoge, droge gronden van
Ruimtelijke inrichting en het waterbeheer
de stuwwal erg kwetsbaar. Verder krijgen we te maken met dalende grondwaterstanden
Toch is het niet de klimaatverandering alleen die de ernst van de gevolgen bepaalt. De
en -peilen van het oppervlaktewater. Lagere waterstanden kunnen zeker in combinatie
ligging van Nederland in een delta en de manier waarop we onze omgeving en ons
met hoge temperaturen leiden tot een verslechtering van de waterkwaliteit, met een
waterbeheer de afgelopen eeuwen hebben ingericht, maken ons land extra kwetsbaar.
nadelige invloed op de visstand.
Ons waterbeheer is er de afgelopen eeuwen op gericht geweest om het water zo snel
De gevolgen van de toenemende weersextremen zijn dus enorm. Als we niets doen
mogelijk af te voeren. In de steden betekende dit dat het regenwater via de riolen naar
worden de risico’s op schade aan gebouwen, bomen en natuur, met bijbehorende
de zuiveringsinstallatie werd afgevoerd. De toenemende mate van verharding zorgde er
schadeclaims, groter. Niet aanpassen aan het veranderende klimaat brengt de
bovendien voor dat water niet de grond in kon zakken. Nu het klimaat verandert en er met
gezondheid en veiligheid van mensen in gevaar. Kortom, door de klimaatverandering
grotere regelmaat heftige regenbuien voorkomen, raken de riolen in de steden steeds vaker
lijken we de grenzen van onze ruimtelijke inrichting en ons waterbeheer te hebben
overvol en ontstaat wateroverlast op straat.
bereikt.
5 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Leeswijzer Deze klimaatadaptatiestrategie beschrijft de ambitie van de gemeente Nijmegen. In hoofdstuk 2 wordt het beleidsmatige kader toegelicht: de landelijke en regionale afspraken om Nederland klimaatbestendig te maken. Belangrijk hierin is de Landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving (hierna landelijke maatlat genoemd), waar alle gemeenten mee moeten werken. In hoofdstuk 3 staat hoe Nijmegen invulling geeft aan de landelijke maatlat: de doelen voor een klimaatadaptief Nijmegen, de leidende principes en prestatieindicatoren om deze doelen te bereiken en de daaruit volgende prioritaire locaties, die we op korte termijn willen aanpakken. Hierbij ligt de focus op het beperken van de gevolgen van hittestress, hevige regenval en droogte. Andere effecten zoals bosbranden, stormen, overstromingen en invasieve exoten komen niet of beperkt aan bod. In hoofdstuk 4 wordt met een streefbeeld de stip op de horizon geschetst: het streefbeeld van de klimaatadaptieve stad, rekening houdend met de inrichting van de stad en ondergrond. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op onze aanpak: hoe willen we onze doelen bereiken. In hoofdstuk 6 komt aan bod welke acties we de komende jaren nemen: het 10-puntenplan (de uitvoeringsagenda).
6 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
2
Beleidsmatig kader In deze klimaatadaptatiestrategie beschrijven we hoe we onze stad weerbaar willen maken tegen de toenemende weersextremen. Hierbij is rekening gehouden met de landelijke en regionale beleidskaders.
Met het willen bepalen we wat we in Nijmegen verstaan onder klimaatadaptatie, welke ambitie we hebben en welke aanpak we volgen. We maken inzichtelijk wat we moeten doen om klimaatbestendig te worden, maar ook welke risico’s we daarin accepteren. Deze strategie gaat in op de doelstellingen en leidende principes, maar ook op de wijze waarop we de stip op de horizon willen bereiken. Dit doen we op een manier die past bij Nijmegen. De werken fase gaat over de uitvoering. Wat willen we de komende jaren doen, om te zorgen dat we de ambities en doelen, die in de willen fase zijn bedacht, halen. De uitvoeringsagenda gaat hier verder op in. Hierbij wordt de onderverdeling aangehouden:
• Fysieke acties: denk aan het aanpakken van prioritaire gebieden en het werk met werk maken.
Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie Om Nederland tijdig voor te bereiden op de klimaatveranderingen is in 2018 het Delta programma Ruimtelijke adaptatie uitgebracht. Hierin staan 7 ambities beschreven die ervoor moeten zorgen dat Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestending
• Het nieuwe normaal: zorgen dat we klimaatadaptatie verankeren in het handelen en denken van iedereen in de organisatie.
• Participatie: welke acties nemen we om samen te werken met onze inwoners en professionele partners in de stad.
is ingericht. Het Deltaprogramma beschrijft drie stappen voor het uitwerken van de ambities: weten, willen en werken. In Nijmegen volgen we deze stappen. Het weten houdt in: weten wat er gebeurt bij weersextremen. Hiervoor heeft Nijmegen
Figuur 1 Overzicht aanpak Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie
stresstesten laten uitvoeren. Uit de stresstesten komt naar voren dat bepaalde delen van de stad gevoelig zijn voor wateroverlast, maar ook voor hitte en droogte. De belangrijkste conclusies zijn:
• De wateroverlastplekken zijn goed te herleiden naar de natuurlijke opbouw van de stad, namelijk daar waar de droogdalen zitten.
weten
willen
werken
Wat gebeurt er bij bepaalde weersextremen?
Wat vinden we van de gevolgen? En hoe gaan we daarmee om?
Welke acties nemen we?
stresstesten
strategie
uitvoeringsagenda
• De hitteplekken zijn te verklaren door de bovengrondse inrichting, met veel verharding en weinig groen.
• Droogte kennen we ook in Nijmegen, vanwege de hooggelegen zandgronden, waar het water makkelijk in wegzakt.
7 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Regionaal beleid
en dat vanaf nu het water- en bodemsysteem als basis moet dienen voor de inrichting
In 2019 heeft Nijmegen, samen met de provincie Gelderland, Waterschap Rivierenland,
en het ruimtegebruik van Nederland. Voor het bestaande bebouwde gebied en voor
omliggende gemeenten en stakeholders, als eerste regio een Regionale Adaptatie
nieuwbouw geldt dat dit groen en klimaatadaptief moet worden ingericht, volgens de
Strategie en een bijbehorend Regionaal Uitvoeringsprogramma vastgesteld.
hiervoor opgestelde landelijke maatlat.
De partijen hebben als missie: De regio Rijk van Nijmegen en Land van Maas & Waal zet zich in om - bij voorkeur - in 2035, maar uiterlijk in 2050 een klimaatbestendige regio te zijn.
Landelijke maatlat voor een groene klimaatadaptieve gebouwde omgeving
Belangrijke thema’s zijn de groenblauwe stad, klaar voor de hitte en het herstel van de
Om landelijk een ‘gelijk speelveld’ te creëren, hebben de ministeries van Binnenlandse
blauwe motor van de stuwwal.
Zaken en Koninkrijksrelaties, Infrastructuur en Waterstaat en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, het Interprovinciaal
Op het niveau van de Groene Metropoolregio werken we ook samen. In het regio
Overleg en de Unie van Waterschappen in maart 2023 een landelijke maatlat
arrangement Arnhem-Nijmegen zijn klimaatadaptatie en water en bodem sturend
uitgebracht.
belangrijke speerpunten. In de Woondeal Arnhem-Nijmegen is een klimaatadaptieve ontwikkeling een vast uitgangspunt. Ook in de Regio Deal Arnhem-Nijmegen Gezonde
De maatlat beschrijft doelen, prestatie-eisen en leidende principes (in de maatlat worden
Groene Groei heeft klimaatadaptatie een prominente plaats.
ze richtlijnen genoemd) voor een klimaatadaptieve inrichting. In 2023 werkt het Rijk aan de (juridische) borging van (onderdelen van) de maatlat.
Kamerbrief Water en Bodem sturend Omdat het klimaat sneller verandert dan verwacht, heeft de minister in november 2022
Tot die tijd geldt het ‘pas toe of leg uit’-principe: gemeenten passen de maatlat toe of
de kamerbrief ‘Water en Bodem sturend’ naar de Tweede Kamer gestuurd. Hierin geeft de
motiveren waarom dit niet mogelijk is. De maatlat is als uitgangspunt meegenomen in
minister aan dat de grenzen van het waterbeheer en de inrichting lijken te zijn bereikt
deze klimaatadaptatiestrategie voor Nijmegen.
8 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Afkoppelnota Nijmegen
Hitteplan Nijmegen
In 2013 heeft Nijmegen de Afkoppelnota vastgesteld. Met het afkoppelen, of niet
De gemeente Nijmegen, GGD Gelderland-Zuid en het Rode Kruis hebben in een lokaal
aansluiten, van hemelwaterafvoer op de riolering wil de gemeente Nijmegen de over
hitteplan vastgelegd hoe zij gecoördineerd taken en activiteiten uitvoeren als het
belasting van het riool en daarmee de wateroverlast verminderen. Voor het creëren
Nationaal Hitteplan wordt geactiveerd. De afspraken hebben als hoofddoel gezondheids
van waterberging geldt hierin een norm van 10 millimeter, zowel voor het particulier als
effecten door hitte te voorkomen (preventie). Het hitteplan is een van de maatregelen om
openbaar terrein. De nieuwe bergingsnormen voor nieuwbouw worden verder uitgewerkt
klimaatadaptatie te verankeren in beleid en processen, zoals beschreven in hoofdstuk 6
in de omgevingsvisie en het Water- en Rioleringsprogramma.
van deze strategie.
Gemeentelijk Rioleringsplan
Gezond en Actief Leven Akkoord 2023-2026
In het huidige Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) staan al veel adaptatiemaatregelen
De gemeente Nijmegen heeft met het plan van aanpak Gezond en Actief Leven Akkoord
beschreven. In deze strategie komen we met nieuwe doelen, leidende principes en
2023-2026 ‘Samen op weg naar een gezonde Nijmeegse generatie in 2040’ invulling
prestatie-indicatoren. Deze vatten de ambitie van de gemeente Nijmegen samen. In 2024
gegeven aan de landelijke gezondheidsdoelen van het Gezond en Actief Leven Akkoord
wordt het nieuwe GRP opgesteld en gaat dan het Water- en Rioleringsprogramma (WRP)
(GALA). Een van doelen uit het GALA is een gezonde en fysieke leefomgeving die uitnodigt
heten. Bij het opstellen van het WRP onderzoeken we de haalbaarheid en de betaal
tot bewegen en ontmoeten. In Nijmegen werken we binnen de Gezondheidsagenda
baarheid van de klimaatambities uit deze strategie en de mogelijkheid om water
‘Samen werken aan gezondheid’ aan het speerpunt ‘Gezonde leefomgeving’, waarbij
gerelateerde klimaatmaatregelen op te nemen in het WRP.
we een toegankelijke aantrekkelijke openbare ruimte willen realiseren, die uitnodigt tot spelen, bewegen en ontmoeten. Dit biedt veel raakvlakken en koppelkansen met het inrichten van een klimaatadaptieve openbare ruimte.
9 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
3
Doelen voor een klimaatadaptief Nijmegen In dit hoofdstuk beschrijven we de stadsbrede doelstellingen die we hebben geformuleerd voor een klimaatadaptief Nijmegen. We gaan in op hoe we dit willen aanpakken (de leidende principes) en welke prestatie-indicatoren we meegeven.
3.1 | Doelstellingen droogte De afgelopen jaren hebben we ervaren wat de impact kan zijn van langdurige perioden van droogte. Uiteraard kunnen we de hoeveelheid neerslag die valt niet beïnvloeden. Wel willen we de impact van langdurige droogte zoveel mogelijk minimaliseren. Onze doelstellingen zijn:
We willen bijdragen aan het herstel van de grondwaterstand We willen het waterreservoir van de stuwwal vullen en het kwelsysteem voeden, zodat de laaggelegen (kwel)natuur vitaal blijft en onze drinkwatervoorraad op peil blijft.
We streven naar een zo vitaal mogelijk groenareaal Het groen op de stuwwal is extra kwetsbaar in droge perioden. We streven naar een
We sluiten ons aan bij de landelijke maatlat zoals genoemd in hoofdstuk 2 en hanteren
groenareaal dat zo goed mogelijk bestand is tegen lange perioden van droogte.
hierbij het ‘pas toe of leg uit’-principe. Dat wil zeggen dat deze moet worden toegepast, sluiten we af met een samenvatting van de genoemde doelstellingen, leidende principes
We willen schade aan gebouwen, funderingen, wegen en kwetsbare functies voorkomen of beperken
en prestatie-indicatoren.
Hoewel er op dit moment geen schadegevallen bekend zijn en er nog onvoldoende
tenzij aangetoond kan worden dat dit redelijkerwijs niet mogelijk is. Het hoofdstuk
bekend is over het voorkomen of beperken van schade, nemen we deze doelstelling De doelstellingen en streefbeelden willen we in de omgevingsvisie integraal en
wel op. We volgen de ontwikkelingen. Mocht schade in de toekomst wel voorkomen,
gebiedsgericht uitwerken en opnemen in het omgevingsplan. We streven ernaar om
dan onderzoeken we de mogelijkheden.
bij gemeentelijke projecten de strategie waar mogelijk al toe te passen, vooruitlopend op de vaststelling in het omgevingsplan. De doelstellingen zijn ruimtelijk weergegeven
We streven naar schoon en voldoende water
in de opgavekaarten in bijlage 2.
We spannen ons in om het grond- en oppervlaktewater voldoende kwaliteit te laten behouden en voldoende op peil te laten blijven.
10 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
3.1.1 Leidende principes
Daarnaast willen we het gebruik van drinkwater waar mogelijk vervangen door
Om deze doelstellingen te bereiken, hanteren we de volgende leidende principes, die
regenwater.
richting geven aan de oplossingen:
We houden regenwater vast en infiltreren het We verharden alleen daar waar het moet, we vergroenen waar het kan
Hemelwater houden we zoveel mogelijk vast op de plaats waar het valt. Vanwege de
We hanteren hierbij het ‘groen, tenzij…’-principe. Dit betekent dat we uitgaan van een
grootte van de opgave en de beperkte beschikbare ruimte kijken we voor oplossingen
groene inrichting. Verharding passen we alleen toe waar dit echt noodzakelijk is en een
niet alleen naar de gangbare methoden als wadi’s en infiltratieriolen en -putten, maar
functie heeft. Zo liggen er kansen voor meer groen bij brede trottoirs, verharde speel
naar de hele beschikbare (openbare) ruimte. We onderzoeken de geschiktheid van
plaatsen en pleinen. Maar ook het vergroenen van parkeerplaatsen (met open
wegfunderingen voor infiltratie en van waterdoorlatende, -passerende en open
verharding) biedt mogelijkheden.
verharding. Als het mogelijk is passen we deze methoden toe. We houden de ontwikkelingen op de markt hierbij goed in de gaten.
We zorgen voor een gezonde, watervasthoudende bodem Het groen op de hoge en droge zandgronden is extra kwetsbaar bij langdurige perioden
We houden bodem en water zo schoon mogelijk
van droogte. Een gezonde, humusrijke bodem verbetert niet alleen de groeiomstandig
Bij het verwerken van hemelwater in de bodem of het oppervlaktewater zorgen we ervoor
heden, maar heeft ook een groter watervasthoudend vermogen. Dit zorgt ervoor dat het
dat het hemelwater niet onnodig vervuild raakt. Zo gaat onze voorkeur uit naar infiltratie
groen minder kwetsbaar is en we minder hoeven te sproeien. Ook mulch en bodem
van hemelwater op autoluwe wegen ten opzichte van drukke verkeerswegen. Als hemel
bedekkende planten kunnen ertoe bijdragen dat er minder bodemvocht verdampt.
water toch vervuild is geraakt, zorgen we in het grondwaterbeschermingsgebied voor een zuiverende voorziening, bijvoorbeeld een goede bodempassage.
We kiezen voor klimaatbestendige beplanting, die past bij de bodem en de grondwaterstand We kiezen bij voorkeur voor planten en bomen die beter kunnen omgaan met extreme weersomstandigheden zoals langdurige droogte, hitte en wateroverlast. We planten de juiste soort op de juiste plaats, waarbij we, als het kan, inheemse soorten toepassen. Hierbij houden we rekening met de bodemsoort en de grondwaterstand. Daarnaast kiezen we vaker voor ecologisch beheerd groen, zoals kruidenrijke bermen, die bestand zijn tegen droogte. Door variatie, soortkeuze en een goede groeiplaats is de beplanting minder vatbaar voor weersextremen, ziekten en plagen.
We besparen en benutten Gezien de dalende grondwaterstanden en de toenemende druk op de drinkwater voorraad, vooral in droge perioden, moeten we in de toekomst veel bewuster met ons water omgaan. Samen met Vitens zetten we daarom in op waterbesparing. Bron: Gijs de Bakker
11 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
3.1.2 Prestatie-indicatoren
3.2 | Doelstellingen hitte
Bij ruimtelijke ontwikkelingen gelden de volgende prestatie-indicatoren: De stijgende temperaturen leiden steeds vaker tot hittestress. We streven ernaar
Bij nieuwbouw verwerken we 40 tot 70 millimeter hemelwater
dat Nijmegen tijdens hitte een gezonde groene leefomgeving biedt, met voldoende
Hemelwater houden we zoveel mogelijk vast op de plek waar het valt. Voor nieuwbouw
koelteplekken. Ook willen we dat vitale en kwetsbare functies, zoals de energie
hanteren we de landelijke maatlat. Hierbij geldt dat er een range van 40 tot 70 millimeter
voorziening en zorginstellingen, blijven functioneren. Onze doelstellingen zijn:
water op het privaat terrein of in daaraan gekoppelde extra voorzieningen in het plan gebied of binnen de watersysteemgrenzen moet worden verwerkt. Dit sluit aan bij de
We willen koelte en groen binnen bereik van iedereen
landelijke maatlat. Deze normen worden verder uitgewerkt in de omgevingsvisie en
In aansluiting op het bestaande raadsbesluit, dat vanuit iedere woning binnen een
het WRP.
loopafstand van 300 meter een aaneengesloten groengebied van 5.000 m² bereikbaar moet zijn, stellen we als aanvullende doelen voor hitte:
10% minder verharding bij renovaties in de openbare ruimte Voor renovaties aan de openbare ruimte geldt dat er minimaal 10% minder verharding wordt teruggelegd dan in de bestaande situatie.
• Binnen de aaneengesloten groengebieden van 5.000 m² is een schaduwrijke ontmoetingsplek van minimaal 1.000 m² aanwezig. • Daarnaast is vanaf 300 meter loopafstand van elke woning een toegankelijke koele groene plek in de schaduw van 1.000 m². • Andere mogelijkheden voor koeling zijn openbare gebouwen met koeling binnen een loopafstand van 300 meter. De voorkeur gaat uit naar groene koelingsmogelijkheden. De afstand van 300 meter is gekozen omdat een gemiddelde inwoner deze afstand in 5 minuten kan afleggen.
We willen voldoende schaduw op loop- en fietsroutes en verblijfsplaatsen De gevoelstemperatuur in en uit de schaduw kan wel 10 tot 15 graden verschillen. Om de stad aangenaam te houden, willen we daarom voldoende schaduw. We hanteren daarbij de volgende doelstellingen: • 40% schaduw op hoofdloop- en fietsroutes; • 30% schaduw op loop- en fietsroutes op buurtniveau; • 40% schaduw op verblijfsplaatsen, tenzij dit de gewenste gebruiksfunctie in de weg staat.
12 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Het schaduwpercentage van 40% is gekozen, omdat dan een keuze tussen schaduw en
2. Warmte weren: warmte kan geweerd worden door het aanbrengen van groene gevels
zon mogelijk is. Als hoofdloop- en fietsroutes hanteren we de hoofdwegen, de snelfiets
en groene daken, maar ook ander (nature en biobased) materiaalgebruik werkt
routes en de looproutes in het centrum.
verkoelend. Voor het weren van warmte via ramen is zonwering essentieel. Door onder meer rekening te houden met kleur- en materiaalgebruik (biobased en nature based
We willen voldoende groen in de buurten
solutions), reflectie en oriëntatie, kan opwarming in de woning en de omgeving
Groen zorgt door schaduw, verdamping en verminderde opwarming voor een lagere
voorkomen worden. Vooral biobased bouwen wordt aanbevolen, omdat hout minder
gevoelstemperatuur. We streven daarom naar:
lang warmte vasthoudt dan steen.
• 40% groen in de wijken; • 35% groen in het centrum; • 10% meer vergroening op bedrijventerreinen ten opzichte van de huidige situatie.
3. Passief koelen: goed ventileren kan eveneens een grote bijdrage leveren aan het verkoelen. Dit kan in de stad, door middel van wind, maar ook binnenshuis door ’s nachts deuren en ramen open te zetten of op een andere manier te ventileren.
Onder groen verstaan we al het groen dat vanuit de lucht waarneembaar is, zowel op openbaar als particulier terrein. Het gaat dan om het groen op maaiveldniveau (inclusief open verharding), groen op daken en boomkronen.
4. Actief koelen: actieve koelinstallaties (airco’s) hebben vanwege de opwarming van de omgevingstemperatuur, het energieverbruik en de geluidsproductie niet de voorkeur, maar sluiten we niet uit.
3.2.1 Leidende principes Om deze doelstellingen te bereiken, hanteren we de volgende leidende principes:
We kiezen voor een evenwichtige spreiding van groen door de stad Groen verdampt vocht en heeft daarmee een verkoelende werking. Nijmegen kent al een
We gebruiken de volgende voorkeursvolgorde voor verkoeling
uitgebreid netwerk van groene structuren, waar we koeltegebieden kunnen maken. Daarnaast streven we in de wijken naar een gelijkmatige en evenwichtige verdeling van
1. Koele groene omgeving: het aanplanten en behoud van bomen met een brede boomkroon is de meest effectieve manier om de omgeving te verkoelen. Bomen
het groen. Zo voorkomen we hitte hotspots en kan er meer hemelwater in de bodem infiltreren.
planten we bij voorkeur in de volle grond en niet in bakken. Daarnaast heeft groen in het algemeen een verkoelende werking door het absorberen van warmte en het
We onderzoeken de wenselijkheid van windcorridors voor verkoeling
verdampen van vocht.
Wind heeft een verkoelend effect en zorgt daardoor voor een lagere gevoelstemperatuur.
Maar groen heeft meer voordelen. Het draagt bij aan een schonere lucht, werkt
Door de compacte stadsopbouw van Nijmegen is het verkoelend effect van de wind
stressverlagend, en heeft een gunstig effect op de algehele verbetering van het welzijn
tijdens hittegolven beperkt. Hiervoor zijn diep de stad in stekende open groene lobben
en de fysieke en mentale gezondheid van de inwoners. Als groene oplossingen niet
nodig. Op dit moment lenen alleen de uiterwaarden zich hiervoor. Juist in de hitte
mogelijk zijn, kan ook op andere manieren schaduw worden gecreëerd door
gevoelige wijken zouden windcorridors verlichting kunnen bieden. De effectiviteit van
bijvoorbeeld schaduwdoeken.
windcorridors in Nijmegen moet nog verder onderzocht worden.
13 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
We benutten de kansen voor het versterken van de biodiversiteit Bij de keuze voor groene oplossingen zorgen we ervoor dat we de biodiversiteit zoveel mogelijk versterken. Voorbeelden hiervan zijn kruidenrijke wadi’s, bloeiende gevels en daken, inheemse beplanting en beplanting die voedsel en schuilmogelijkheden biedt voor insecten, vogels en andere dieren.
3.2.2. Prestatie-indicatoren Bij ruimtelijke ontwikkelingen gelden de volgende prestatie-indicatoren:
40 tot 50% warmtewerende oppervlakten bij nieuwbouw Voor nieuwbouw geldt dat het plangebied zo wordt ingericht dat een belangrijk deel van de horizontale en verticale oppervlakten (range 40 tot 50%) warmtewerend zijn. Bij voorkeur gebeurt dit door het toepassen van groen op maaiveld, groene gevels en groene daken, maar kan ook op andere manieren worden gerealiseerd. Gebouwen en eventuele binneninstallaties zoals airco’s, mogen niet leiden tot extra opwarming van verblijfsplekken buiten de gebouwen.
Kleinere groene schaduwplekken Behalve de grote koelteplekken van 1.000 m2, creëren we, waar mogelijk, kleinere groene schaduwplekken.
14 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
3.3 | Doelstellingen wateroverlast Het veranderende klimaat zorgt ervoor dat extreme regenbuien onze stad vaker zullen raken. De huidige ondergrondse en bovengrondse infrastructuur is hierop nog niet ingericht, waardoor schade kan ontstaan. Korte tijd water op straat zullen we in de toekomst steeds vaker meemaken en vinden we daarom acceptabel. Schade willen we echter zoveel mogelijk proberen te voorkomen. We gaan hierbij uit van schade die optreedt bij een bui van 70 millimeter water in een uur, een bui die in 2050 eens in de 100 jaar valt. Onze doelstellingen zijn:
We streven ernaar dat de stad een bui kan verwerken van 70 millimeter in een uur, waarbij zo min mogelijk schade optreedt
maar ook in (semi-)ondergrondse infiltratievoorzieningen. Daarnaast kiezen we voor
Dit betekent:
grote robuuste voorzieningen die op centrale punten verbonden zijn met de rest van het
• Dat hoofdwegen beschikbaar blijven, tenzij er een goede alternatieve route
groenblauwe netwerk. Parkeerterreinen, sportvelden, speelterreinen, (school)pleinen
beschikbaar is. Hulpdiensten kunnen hun bestemming binnen de gewenste tijd
en het oppervlaktewater bieden hiervoor mogelijkheden. Uiteraard moet hierbij de
bereiken.
infrastructuur zodanig worden aangelegd dat het hemelwater goed afstroomt naar
• Dat waterschade niet leidt tot stroomuitval. Aangezien onze elektriciteitskasten
de bergingsgebieden, bij voorkeur oppervlakkig.
bestand blijken tegen 80 centimeter water, voldoen we al grotendeels aan dit doel. • Dat regenwater in de openbare ruimte niet leidt tot structurele schade aan panden.
Alleen als het echt niet anders kan, voeren we het hemelwater af Bij zeer heftige buien zal het niet mogelijk zijn om het hemelwater plaatselijk vast
We zien dit als een inspanningsverplichting. Buien met een grotere intensiteit
te houden. Dit water voeren we af. We doen dit bij voorkeur bovengronds en onder
dan 70 millimeter in een uur zien we als overmacht.
natuurlijk verval, zonder hierbij schade te veroorzaken. Dit kan bijvoorbeeld met verhoogde stoepranden (of dieperliggende wegen).
3.3.1 Leidende principes Om deze doelstellingen te bereiken, hanteren we de volgende leidende principes:
3.3.2 Prestatie-indicatoren Bij ruimtelijke ontwikkelingen geldt de volgende prestatie-indicator:
We bergen het water zoveel mogelijk waar het valt we dat het water afstroomt naar de lagergelegen gebieden, de droogdalen, en daar
Bij nieuwbouw zodanig bouwen, dat er geen schade optreedt bij een bui van 70 millimeter per uur
wateroverlast veroorzaakt. Voor bergingsruimte kijken we naar de mogelijkheden die de
Dit kan bijvoorbeeld door het vloerpeil van de woningen minimaal 20 centimeter
gehele (openbare) ruimte biedt. Dit kan in (verdiepte) groenvakken, wadi’s, raingardens,
te verhogen ten opzichte van het hoogste punt van de openbare weg.
Hemelwater bergen we zoveel mogelijk op de plek waar het valt. Hiermee voorkomen
15 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
3.4 | Doelstellingen gevolgbeperking overstromingen Als het gaat om het beperken van de gevolgen van overstromingen, is onze doelstelling:
We zorgen voor gevolgbeperking van overstromingen bij overstroombare gebieden langs de Waal en buitendijkse gebieden Nijmegen is voorbereid op gevolgbeperking van overstromingen in overstroombaar gebied langs de Waal en in laaggelegen binnendijkse gebieden (Nijmegen-Noord, Lindenholt en Dukenburg).
3.5 | Themaoverstijgende leidende principes
3.4.1 Leidende principes Om deze doelstelling te bereiken, hanteren we onderstaand leidend principe:
Naast de hierboven beschreven leidende principes hanteren we enkele aanvullende leidende principes om de doelstellingen te bereiken. Deze gelden voor alle genoemde
We werken aan meerlaagse veiligheid
klimaatthema’s.
Het werken aan meerlaagse veiligheid bestaat uit: 1. Preventie
Het natuurlijk (water- en bodem)systeem is uitgangspunt voor de inrichting
Waterschap Rivierenland zorgt er samen met ons voor dat onze dijken voldoen aan het
Bij de keuzes voor het ruimtegebruik nemen we het natuurlijk water- en bodemsysteem
wettelijke beschermingsniveau.
als uitgangspunt en grijpen hier zo min mogelijk op in. We bouwen bij voorkeur niet op locaties waar dit vanuit waterhuishoudkundig oogpunt niet gewenst is. Als we op basis
2. Ruimtelijke ordening
van een integrale afweging toch voor de betreffende locatie kiezen, moet de bouw
In de buitendijkse gebieden is bij ruimtelijke ontwikkeling rekening gehouden met het
zodanig plaatsvinden, dat dit geen nadelige invloed heeft op de natuurlijke water
overstromingsrisico.
huishouding. Daarnaast moet worden aangetoond hoe het ontwerp van het groen, bebouwing en infrastructuur is afgestemd op de verwachte stijgingen en/of dalingen
3. Crisisbeheersing
van de grondwaterstand.
De Veiligheidsregio heeft een plan klaarliggen voor de evacuatie bij (dreigende)
We maken gebruik van de hoogteverschillen en van de natuurlijke structuren van bodem
dijkdoorbraak. Dit is afgestemd met de betreffende instanties.
en water. Dit betekent dat de problematiek per gebied kan verschillen, net als de
Bij gebiedsontwikkeling houden we bij de ruimtelijke inrichting rekening met risico’s van
oplossingen. Op de zandgrond is ruimte voor infiltratie nodig en bij kleigebieden kan
hogere rivierstanden. Dit blijft altijd een integrale afweging.
hemelwater in het oppervlaktewater worden geborgen.
16 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
We maken slim gebruik van de beschikbare ruimte
We kiezen eerst voor natuurlijke oplossingen, daarna pas voor techniek
Er worden veel ruimteclaims gedaan op de beperkte ruimte in de stad. Door creatief
We geven de voorkeur aan oplossingen die simpel zijn, aansluiten bij het natuurlijke
om te gaan met de maatregelen en door functies te combineren, beperken we onze
systeem en die makkelijk aan te passen zijn aan toekomstige ontwikkelingen. Zo kiezen
ruimteclaim. Slimme functiecombinaties zijn te vinden op het gebied van onder meer
we liever voor het ophogen van het vloerpeil dan voor drainage.
wonen, parkeren, mobiliteit, spelen, water(afvoer) en bewegen. Tegelijkertijd zien we dat we bij het inrichten van een klimaatadaptieve inrichting afhankelijk zijn van de
We doen het samen met de stad
beschikbare onder- en bovengrondse ruimte. Zo hebben we bij het plaatsen van bomen
We kunnen de klimaatadaptatiedoelen niet alleen behalen. We hebben onze partners
ondergronds te maken met aanwezige riolering, kabels en leidingen. Met de energie
in de stad, zowel inwoners als professionele partijen, hard nodig om de doelstellingen
transitie op komst wordt de drukte in de ondergrond de komende tijd alleen maar groter.
te halen.
Ook bovengronds kunnen de mogelijkheden voor groen en wadi’s beperkt door de beschikbare ruimte en het gebruik van deze ruimte. Hierin zijn integrale afwegingen
Onze oplossingen richten zich op gebied, gebouw en gebruiker
nodig.
Dit betekent dat we met onze oplossingen zowel kijken naar de inrichting van de omgeving (voldoende mogelijkheden voor waterberging, voldoende groen), als naar
We voorkomen afwenteling
het gebouwniveau (vloerpeil, oriëntatie). Maar ook naar wat de gebruiker kan doen
Afwenteling van hemelwater en hitte naar het terrein van derden is niet toegestaan.
met gedrag, denk aan het sluiten van ramen tijdens hitte.
Ook mag er geen sprake zijn van extra waterschade aan gebouwen en voorzieningen en/of geen extra afvoer op kwetsbare (water)systemen of gebieden buiten de plangrens
Alle in dit hoofdstuk genoemde doelstellingen, leidende principes en prestatie-
vergeleken met de situatie voor het project.
indicatoren zijn samengevat in het overzicht Doelen voor een klimaatadaptief Nijmegen op de volgende pagina.
17 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Doelen voor een klimaatadaptief Nijmegen Droogte
Hitte
Doel
Doel
Langdurige droogte leidt niet tot structurele schade aan bebouwing, fundering, wegen, groen, grond- en oppervlaktewater en vitale en kwetsbare functies.
Doelstellingen
We streven naar: • Herstel van de grondwaterstand. • Vitaal groenareaal. • Beperken schade aan gebouwen, funderingen, wegen en kwetsbare functies. • Schoon en voldoende water.
Prestatie-indicatoren
• 40-70 millimeter hemelwater verwerken op privaat terrein, in plangebied of watersysteem. • Minimaal 10% minder verharding ten opzichte van de huidige situatie.
Leidende principes
• Minimaal verharden; groen, tenzij... • Klimaatbestendige beplanting, passend bij bodem en grondwater. • Hemelwater besparen en benutten. • Hemelwater vasthouden en infiltreren. • Schoon water en schone bodem.
Wateroverlast
Een gezonde groene fysieke leefomgeving, met voldoende koelteplekken. Vitale en kwetsbare functies, groengebieden en ecologische verbindingen zijn bestand tegen hitte.
Doelstellingen
Koelte binnen bereik • In bestaande groengebieden een koelteplek van minimaal 1.000 m2. • Op maximaal 300 meter van elke woning: - een koelteplek van minimaal 1.000 m2 of - een koel openbaar gebouw.
Doel
DOEL: We zorgen voor gevolgbeperking van overWe zorgen voor bij gevolgbeperking van overstromingen stromingen overstroombare gebieden bij overstroombare gebieden langs de Waal en buitendijkse langs de Waal en buitendijkse gebieden. gebieden
DOELSTELLINGEN: We zorgen voor gevolgbeperking van overstromingen bij Doelstellingen overstroombare gebieden langs de Waal en buitendijkse gebieden. We streven ernaar dat de stad een bui van
DOELSTELLINGEN: Doelstellingen We zorgen voor gevolgbeperking van overstromingen bij We zorgen voor gevolgbeperking van overoverstroombare gebieden langs de Waal en buitendijkse gebieden. stromingen bij overstroombare gebieden
70 millimeter in een uur kan verwerken, PRESTATIE INDICATOREN: • waarbij Bij gebiedsontwikkeling houden we bijoptreedt. de ruimtelijke zo min mogelijk schade inrichting rekening met risico’s van hogere We streven ernaar dat: rivierstanden
langs deINDICATOREN: Waal en buitendijkse gebieden. PRESTATIE • Bij gebiedsontwikkeling houden we bij de ruimtelijke inrichting rekening met risico’s van hogere Prestatie-indicator rivierstanden
LEIDENDE er eenPRINCIPES alternatieve route is. • We werken aan meerlaags veiligheid (preventie, •ruimtelijke Waterschade niet leidt tot stroomuitval. ordening, crisisbeheersing)
LEIDENDE PRINCIPES met risico’s van hogere rivierstanden. • We werken aan meerlaags veiligheid (preventie, ruimtelijke ordening, crisisbeheersing)
vitale functies blijven beschikbaar.
• Hoofdwegen beschikbaar blijven, tenzij
Prestatie-indicator
Zodanig bouwen dat er geen schade optreedt bij een bui van 70 millimeter in een uur.
Voldoende schaduw • Minimaal 40% op hoofdloop- en fietsroutes. • Minimaal 30% op loop- en fietsroutes op buurtniveau. • Minimaal 40% op verblijfsplaatsen.
Doel
DOEL: Hevige neerslag leidt niet tot schade aan We zorgen voorbovengevolgbeperking van overstromingen gebouwen, en ondergrondse infra- bij overstroombare gebieden langs de Waal en buitendijkse structuur en voorzieningen. Kwets bare en gebieden
• Hemelwater uit de openbare ruimte niet leidt tot structurele schade aan panden.
Voldoende groen • Minimaal 40% groen in de wijken. • Minimaal 35% groen in het centrum. • + 10% groen op bedrijventerreinen.
Bij ruimtelijke inrichting rekening houden
Leidend principe
We werken aan meerlaagse veiligheid: • Preventie • Ruimtelijke ordening • Crisisbeheersing
Leidende principes
• Water bergen waar het valt. • Afvoeren als het niet anders kan.
Prestatie-indicatoren
• 40 - 50% warmtewerende oppervlakten. • Groene schaduwplekken.
Leidende principes
oktober 2023 Dit overzicht is onderdeel van de klimaatadaptatiestrategie Nijmegen
Gevolgbeperking overstroming
• Voorkeursvolgorde: koele groene omgeving, warmte weren, passief koelen, actief koelen. • Evenwichtige spreiding van groen. • Biodiversiteit versterken.
Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Themaoverstijgende leidende principes • Natuurlijk water- en bodemsysteem is uitgangspunt. • Slim gebruikmaken van beschikbare ruimte. • Afwenteling voorkomen. • Natuurlijke oplossingen eerst, daarna pas techniek. • Maatregelen richten zich op gebied, gebouw en gebruiker. • We doen het samen met de stad.
18
nijmegen.nl
3.6 | Prioritaire locaties
Prioritaire locaties
Op verschillende locaties in Nijmegen voldoen we momenteel nog niet aan de doel stellingen die in de vorige paragrafen zijn beschreven. De komende jaren pakken we beetje bij beetje de stad aan, door werk met werk te maken. Voor sommige locaties is de urgentie dusdanig hoog, dat we niet kunnen wachten op een meekoppelkans. Hier is een extra inspanning nodig. Dit zijn de prioritaire locaties. In bijlage 3 is toegelicht welke methodiek we gebruiken voor het bepalen van deze locaties. Voor 2035 willen we de gevolgen, die kunnen optreden bij de prioritaire locaties, hebben aangepakt. Hiervoor moeten we eerst onderzoeken of het effect daadwerkelijk optreedt (staat de straat daadwerkelijk blank) en of de gevolgen hiervan dan ook optreden (moeten de hulp diensten hierdoor echt ver omrijden). Vervolgens gaan we op zoek naar een oplossing. Dit kan een structurele oplossing zijn (aanpassen van het wegprofiel, zodat het water er niet blijft staan), of een tijdelijke maatregel (zorgen dat er voldoende zandzakken klaarstaan). Overigens zijn de locaties waar de problemen zich voordoen, niet per definitie de locaties waar de maatregelen getroffen moeten worden. Het gaat om de volgende prioritaire gebieden:
19 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
4
Streefbeeld klimaatadaptieve stad De klimaatdoelen, zoals beschreven in hoofdstuk 3, gelden weliswaar stadsbreed, maar een gebiedsgerichte aanpak is noodzakelijk. Nijmegen kent namelijk een grote variatie in zowel de ondergrond (reliëf, water en bodem) als in ruimtelijke opzet van de wijken. Deze factoren zijn bepalend voor de oplossingsrichting. In dit hoofdstuk schetsen we het streefbeeld voor een klimaatadaptieve stad, waar we op de lange termijn naartoe werken.
Aanpak Nijmegen klimaatadaptief: combinatie van groenblauwe structuur en stedelijke wijktypen Om Nijmegen klimaatbestendig te maken zijn dus zowel de ondergrond als de bebouwing en infrastructuur (bovengrond) van belang. De uitdaging zit in het komen tot oplossingen waarbij beide systemen op elkaar zijn afgestemd. Deze combinatie levert verschillen tussen gebieden op, met de bijbehorende kwetsbaarheden en kansen. Vanwege de schaarse ruimte is vooral van belang om combinaties te vinden van groen en water én combinaties die meerdere doelen dienen, zoals biodiversiteit.
Belangrijke factoren bij het klimaatbestendig maken van Nijmegen
Creëren van een robuust groenblauw netwerk Heel belangrijk in de aanpak is het creëren van een robuust groenblauw netwerk.
1. De ondergrond
Hiermee wordt voor een groot deel in de klimaatopgave voorzien. Het netwerk is een
Nijmegen kent met haar ligging op de stuwwal en aan de Waal een grote variatie in
samenhangend geheel van groen (koelte en gezondheid) gecombineerd met de
bodemsoorten en aanwezigheid van grond- en oppervlaktewater. Zo is Nijmegen voor
wateropgave (benutten, vasthouden en infiltreren en vertraagd afvoeren). Dit bestaat
een deel gelegen op hoge, goed doorlatende zandgronden met lage grondwater
uit bestaande en nieuwe groengebieden, natuurlijke stroombanen, verbindingszones en
standen en een relatief hoge hellingsgraad. Andere delen zijn gelegen op minder of niet
wijkgebonden maatregelen. Door het ontwikkelen van een fijnmazige groenblauwe
doorlatende gronden met hoge grondwaterstanden en relatief veel oppervlaktewater.
structuur over de hele stad, is Nijmegen beter bestand tegen klimaatextremen. Het zorgt bovendien voor een prettige leefomgeving. De kaart op de volgende pagina geeft het
2. Stedelijke wijktypen
gewenste streefbeeld weer, een combinatie van groenblauwe structuur en en wijk
Iedere tijdsperiode kent een specifieke bebouwingsopzet. Zo zijn sommige wijken of
gebonden principes. Dit is een eerste aanzet die in de toekomst nog verder wordt
stadsdelen meer organisch gegroeid en andere zijn gerealiseerd volgens een strak
uitgewerkt en verfijnd.
verkavelingspatroon. Men is in de tijd ook steeds anders gaan denken over groen en water in de stad. Per wijktype verschillen de mogelijkheden, de doelgroep en de
In bijlage 4 geven we een toelichting op het streefbeeld om van Nijmegen een klimaat
aanpak om Nijmegen weerbaar te maken voor de klimaatverandering.
adaptieve stad te maken.
20 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Streefbeeld klimaatadaptieve stad
21 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
5
Aanpak In hoofdstuk 3 is ingegaan op de ambitie: wat verstaan we onder een klimaatadaptief Nijmegen. Vervolgens is in hoofdstuk 4 invulling gegeven aan het streefbeeld: hoe ziet een klimaatadaptief Nijmegen er dan uit. In dit hoofdstuk komt onze aanpak aan bod: hoe willen we de ambities voor een klimaatadaptief Nijmegen bereiken. De kern van onze aanpak is dat we vanaf nu alles wat we doen, klimaatadaptief doen, en daarbij onze inwoners en professionele stakeholders betrekken.
5.1 | Planning Klimaatadaptief handelen houdt in dat iedereen weet wat het is en dit onderwerp meeneemt in projecten. Zo wordt de stad steeds klimaatadaptiever. We onderscheiden 3 mijlpalen: een voor de korte termijn, een voor de middellange termijn en een voor de lange termijn: • Voor 2026 moet klimaatadaptatief handelen het nieuwe normaal worden, zowel intern als extern (participatie). • Voor 2035 zijn alle prioritaire locaties onderzocht en streven we ernaar deze, waar nodig, te hebben aangepakt. • Voor de lange termijn geldt dat iedere ingreep in de stad klimaatadaptief is gebeurd en dat daarmee de hele stad voldoet aan de doelstellingen.
5.2 | Maatregelen De te nemen maatregelen verdelen we in 3 sporen: 1. Fysieke maatregelen. 2. Acties om te zorgen dat klimaatadaptatie in ieders handelen verankerd zit. We noemen dit het nieuwe normaal. 3. Acties om de participatie van onze partners in de stad verder vorm te geven. De 3 sporen lichten we hieronder verder toe.
Fysieke maatregelen Prioritaire locaties Op sommige locaties is de urgentie dusdanig hoog, dat extra inspanning noodzakelijk is. Deze prioritaire gebieden willen we 2035 aangepakt hebben. Hiervoor maken we een plan van aanpak richting 2035. Dat gebeurt deels in het WRP, omdat daarin de uitvoering van het klimaatadaptatiebeleid, met name voor wateroverlast, een plek krijgt.
22 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Klimaatadaptatie ofwel extreme buien en verdroging vallen onder de gemeentelijke watertaken (de hemelwatertaak). Hiervoor zijn in 2022 intern en op regionaal niveau met onder meer het waterschap, doelen en ambities geformuleerd. Nieuwbouw en renovaties We gaan door op de ingezette weg om klimaatadaptatie zoveel mogelijk toe te passen. Dat doen we door als organisatie werk met werk te maken bij nieuwbouw en renovaties. Op dit moment staan er veel projecten in de steigers. Hier hebben we te maken met bestaande kaders, projectplannen en budgetten. We streven ernaar om deze projecten binnen de bestaande kaders klimaatadaptief in te richten. Het gaat vooral om de volgende projecten: • Nijmegen heeft een grote bouwopgave. De komende jaren moeten er 15.000 woningen worden gebouwd. Dat gebeurt in grote ontwikkelingen zoals De Waalsprong, Winkelsteeg, het Stationsgebied en de Molenpoort, maar ook in kleinere projecten en met individuele woningen. Biobased bouwen stimuleren we omdat houten materialen beter bestand zijn tegen hittestress. In de Groene Metropoolregio wordt dit gestimu
Aanleg geveltuin Nijmegen (bron: steenbreek.nl)
leerd, vanwege meerdere voordelen op het gebied van stikstof, klimaat en grondstoffen. • In het kader van De Vernieuwingsgolf wordt de openbare ruimte van verschillende buurten de komende jaren vernieuwd. Als eerste zijn de Spoorbuurt (vanaf 2024), Kanunnikenbuurt (vanaf 2025) en Kinderdorp Neerbosch (vanaf 2026) aan de beurt. • Bij de mobiliteitsopgave liggen kansen bij het verwijderen en/of het vergroenen van
Bewonersinitiatieven We gaan door met het ondersteunen van bewonersinitiatieven die bijdragen aan de
parkeerplaatsen, de aanleg van hoofdfietsroutes en een groene herinrichting van 50
klimaatadaptatiedoelstellingen. Op ons online participatieplatform MijnWijkplan kunnen
naar 30 kilometerwegen.
inwoners ideeën indienen voor de verbetering van hun buurt. Initiatieven die bijvoor
• Met de uitvoering van de Biodiversiteitsagenda leggen we ecologische verbindings zones aan en stimuleren we natuurinclusief bouwen met groene maatregelen.
beeld bijdragen aan het vergroenen van de stad, faciliteren we zoveel mogelijk. Voorbeelden zijn het Castellaplein in Bottendaal en het Dorpsplein Lent.
• Voor de uitvoering van het Bomenplan kijken we naar locaties waar vanwege hittestress meer schaduw gewenst is. • Bij Koers voor de Binnenstad wordt gezocht naar mogelijkheden voor vergroening in de binnenstad, inclusief de Waalkade.
Quick wins Quick wins in de openbare ruimte pakken we versneld aan. Denk aan het ontstenen en vergroenen van trottoirs of pleinen, het versmallen en vergroenen van wegen, het
• Bij de ontwikkeling van groene sociale knooppunten (groene speel- en ontmoetings
vergroenen van parkeerplaatsen, de aanleg van wadi’s en het verdiepen van groen
plekken) worden klimaatadaptieve maatregelen genomen. Voorbeelden zijn Park
vakken. Bij quick wins maken we gebruik van bestaande kansen die snel uitgevoerd
Waaijenstein, veldje Barenbrug, Landbouwbuurt, Muntenbuurt en het Dukaatplein.
kunnen worden.
23 Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
De Groene Corridor
Tenslotte investeren we in kennis en onderzoek naar trends en maatregelen, zoals
De Groene Corridor loopt van de Waal tot aan de bossen van Heumensoord langs de
windeffecten, droogteaanpak, funderingsproblematiek, sociale effecten en veiligheids
spoorlijn Nijmegen-Venlo. Het deel van de Waal tot aan de Graafsebrug maakt deel uit
impact. We halen kennis op bij kennisinstellingen, zoals Radboud Universiteit, de HAN,
van het project Stationsgebied. Het traject ten zuiden van de Graafsebrug tot aan
Van Hall Larenstein, Yuverta en Wageningen University & Research. We leren ook van
Heumensoord moet nog projectmatig worden uitgewerkt. We willen het gebied samen
andere gemeenten in binnen- en buitenland.
met bewoners van omliggende wijken en kennisinstellingen inrichten en er een toe gankelijke groene, klimaatbestendige zone van maken, die bijdraagt aan de leefbaarheid
Sturingsinstrumenten
en biodiversiteit. Dit project maakt deel uit van de Regio Deal Arnhem-Nijmegen, het
Om de ambities te realiseren, moeten we aan de slag. Hiervoor hebben we iedereen
Lifeport Cool Lab, dat we samen met vergelijkbare projecten in Arnhem, Heumen,
nodig, zowel medeoverheden als onze partners in de stad. Er zijn verschillende manieren
Overbetuwe en Westervoort uitvoeren.
waarop we kunnen zorgen dat onze klimaatadaptatieambities worden meegenomen door anderen, passend bij verschillende overheidsrollen. De overheidsrollen en
Kaders voor het nieuwe normaal
bijbehorende instrumenten lichten we verder toe in bijlage 5.
Om te zorgen dat klimaatadaptatie het nieuwe normaal wordt, moet het onderdeel zijn van ons beleid en onze processen. Voor nieuwe projecten wordt een klimaatadaptieve
Monitoring
inrichting het uitgangspunt. In de omgevingsvisie geven we per stadsdeel aan waar
Door te monitoren, houden we grip op de vragen of we de dingen goed doen en of we de
prioriteiten moeten liggen. Daarnaast worden in de omgevingsvisie de doelstellingen
juiste dingen doen. We maken hierbij gebruik van onze eigen data, maar ook van data van
gebiedsgericht uitgewerkt in klimaatadaptieve maatregelen. Met deze uitwerking wordt
externen, zoals de GGD of de Dar. We monitoren de output, outcome, input en de impact
duidelijk wat de financiële en ruimtelijke consequenties zijn van de in hoofdstuk 3
van onze maatregelen. In bijlage 6 beschrijven we de monitoring.
opgestelde doelen. De beschikbare ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen is immers beperkt. Meer groen kan bijvoorbeeld inhouden minder parkeerruimte. In het omgevings
Samenwerking met de stad
plan werken we dat uit in regelgeving.
We kunnen de klimaatadaptatiedoelen niet alleen behalen. Dit doen we samen met de
Daarnaast zorgen we er in goede samenwerking voor dat een klimaatadaptieve inrichting
stad:
een plek krijgt in de werkprocessen en (beleids)instrumenten van de verschillende afdelingen:
Samenwerking met inwoners
• ambitiedocumenten voor ruimtelijke ontwikkelingen
Een groot deel van onze inwoners is zich al bewust van het veranderende klimaat, maar
• anterieure overeenkomsten
de komende jaren blijven we inzetten op het vergroten van bewustwording. Dit doen we
• grondexploitaties
samen met Natuur- en Milieu Educatie, die de samenwerking tussen zo’n 35 natuur
• vergunningverlening en handhaving
organisaties in Nijmegen coördineert. Zij ervaren een groeiende vraag naar projecten
• beleidsdocumenten van andere relevante vakdisciplines
rondom klimaat en duurzaamheid en hebben de ambitie om hierop in te gaan zetten:
• Handboek Inrichting Openbare Ruimte (HIOR)
een kans om te benutten.
• beheerafspraken met de Dar • beheerplannen van water en riolering, groen en wegen
Stadspanel 24
Klimaatadaptatiestrategie Nijmegen | Samen voorbereid op het weer van de toekomst
Samen met inwoners Hoe staat de stad erin?
In Nijmegen is een groot aantal bewonersgroengroepen actief. Het komende jaar
In een peiling uit juli 2023 onder ruim 1.900 inwoners van onze stad blijkt dat:
gaan we in samenwerking met het Natuur- en Milieu Educatie Centrum in De Bastei
• 95% zich bewust is van het veranderende klimaat.
op zoek naar slimme manieren om de kennis en kunde van deze enthousiaste en
• 80% zich verantwoordelijk voelt om zelf maatregelen te nemen.
daadkrachtige bewoners nog meer te benutten. Bovendien werken deze groepen al
Aan de wil om klimaatadaptieve maatregelen te nemen is over het algemeen dus
wijkgericht en hebben zij kennis van de buurt, wat ook kan helpen bij het betrekken
geen gebrek.
van overige bewoners. Denk bijvoorbeeld aan de Tuinbrigade van de Broerderij in Lindenholt, waarbij een groep vrijwilligers verwaarloosde tuinen opknapt, of
Uit de peiling blijkt ook dat:
de ‘groendakboswachters’ die kunnen helpen met de aanleg en onderhoud van
• 80% wil dat de gemeente inwoners stimuleert om zelf maatregelen te nemen.
groene daken.
• 40% vindt dat we inwoners en verhuurders mogen dwingen tot het nemen van maatregelen.
We stimuleren inwoners om zelf klimaatadaptieve maatregelen te nemen, zoals het vergroenen van tuinen en het afkoppelen van regenpijpen. Dit doen we onder andere door de lopende subsidie voor het afkoppelen van regenpijpen, de actie ‘Pijpenkappuh’ van Lentekracht, en de tegelophaaldagen van Dar en Operatie Steenbreek. De komende jaren onderzoeken we aanvullende acties en middelen, samen met partners zoals De Bastei, woningcorporaties, kennisinstellingen en welzijnsorganisaties. Ook onderzoeken we of het (wijk- of buurtgericht) inzetten van meer verplichtende regels wenselijk is en in welke mate. Inwoners die zelf aan de slag willen, helpen we zoveel mogelijk. Denk hierbij aan praktische hulpmiddelen, of aan informatie over klimaatbestendige plantkeuzes. Hier zijn we al mee bezig, maar de komende jaren gaan we hiermee intensiever aan de slag door klimaatadaptieve bewonersinitiatieven waar mogelijk voorrang te geven.