Inspraakreactie P. Vos deel IV.pdf
Tekst van het document
In Frankrijk, waar gemeenten met meer dan 5 000 inwoners wettelijk verplicht zijn om woonwagenlocaties aan te leggen, voldoen momenteel slechts 69% van deze gemeenten aan de wet. Als openbare woonwagenlocaties worden gebouwd, liggen ze vaak gelegen in geïsoleerde en/of milieugevaarlijke gebieden en voldoen ze niet aan basisvoorwaarden voor goede huisvesting, ondanks dat bewoners huur betalen huur. Travellers die eigen land bezitten worden vaak verhinderd om daar te wonen, omdat hen een bouwvergunning wordt geweigerd. Deze situatie dwingt veel reizigers om zonder vergunning standplaats in te nemen of om "langs de weg" te leven. Omdat in verschillende landen het betreden van verboden terrein een misdrijf is, verblijven zij daar op dat moment in strijd met de wet, wat op zijn beurt de stereotype beelden van hen als criminelen versterkt. Het roept ook spanningen op met de buurt. In deze context, vond ik het verontrustend dat in diverse landen, beschikbare financiële middelen voor het opzetten van woonwagenlocaties grotendeels niet ingezet werden door de lokale overheden. In mijn recente rapport over België, wijs ik op de problemen waar Travellers tegen aan lopen bij het aanvragen van registratie bij de lokale overheid.
Het ontbreken van registratie maakt het moeilijk voor hen om identiteitsdocumenten te verkrijgen, te registreren op stemlijsten en toegang tot essentiële diensten zoals het openen van een bankrekening en verkrijgen van een autoverzekering. In Frankrijk wordt een wet uit 1969 die vereist dat Travellers een speciale reisvergunning bij zich te hebben en dat zij zich regelmatig moeten melden bij de politie, momenteel aangepast. Het werd al geruime tijd bekritiseerd, omdat het Franse Travellers beperkte tot tweederangs burgers maakte en hen uitsloot van de fundamentele rechten van de mens. In verschillende landen worden woonwagens niet erkend als woonvorm, waardoor Travellers niet in aanmerking komen voor huursubsidie, bouwvergunningen of het krijgen van een lening voor woningverbetering en hen berooft van huurbescherming in geval van uitzetting. Uit verschillende landen ontving ik verontrustende informatie die aangaf, dat Travellers in toenemende mate worden blootgesteld aan gedwongen ontruimingen zonder dat hen alternatieven worden aangeboden. Sommige uitzettingen worden uitgevoerd tijdens de winter, anderen hebben betrekking op gezinnen die hebben al jaren verbleven op dezelfde woonwagenlocatie. Het is zorgwekkend dat de internationale normen met betrekking tot de gedragswijze bij ontruimingen vaak worden geschonden.
Zowel het Europees Hof voor de Rechten van de Mens als het Europees Comité voor Sociale Rechten zijn van mening, dat ontruimingen of uitzettingen door verschillende lidstaten hebben geleid tot schendingen van zowel het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens als het Europees Sociaal Handvest. Gemeld wordt dat veel gezinnen als gevolg van deze frequente ontruimingen voortdurend in beweging zijn. De instabiliteit die door deze situatie wordt veroorzaakt is in het bijzonder schadelijk voor kinderen. Een verslag uit 2014 opgesteld door de Vlaamse parlementaire ombudsman voor de rechten van het kind benadrukt dat ongeveer 100 kinderen van Travellers in Vlaanderen niet naar school konden gaan als gevolg van herhaalde ontruimingen. Die ook nog eens kostbaar zijn. Lokale overheden zouden zorgvuldiger de voordelen in overweging moeten nemen van het investeren in lange termijn oplossingen, die recht doen aan de mensenrechten ten opzichte van het spenderen van enorme bedragen aan ontruimingen, die geen duurzame oplossingen met zich meebrengen. Overal zijn gespannen verhoudingen met de politie ook een gemeenschappelijk kenmerk van het leven van Travellers. De politie is in het verleden al belast met het toezicht op nomadische groepen die door de overheden bij voorbaat als verdacht werden ervaren.
Tegenwoordig wordt etnische profilering van Travellers door de politie nog herhaaldelijk gemeld, net als politiegeweld tijdens ontruimingen.
Tegen deze achtergrond, zijn de aanwezige gegevens over Travellers m.b.t. welzijn en rechtspositie, hoewel schokkend, misschien niet verrassend: In het Verenigd Koninkrijk, wordt geschat dat hun levensverwachting ten minste 10% lager ligt dan het landelijk gemiddelde, terwijl de kindersterfte veel hoger ligt. Het zelfmoord percentage onder Travellers in Ierland is naar verluidt zes keer het nationale gemiddelde. Ook waren in Ierland in 2010, 84% van de Travellers werkloos. In alle betrokken landen, worden kinderen van Travellers vaak toegang tot onderwijs ontzegd en wanneer ze naar school gaan, is er sprake van een hoog percentage schooluitval. Weinigen van hen bereiken het voortgezet onderwijs.
Wat moeten we doen? Ten eerste is het van cruciaal belang om alle discriminerende bepalingen die het leven van mensen die in woonwagens leven regelen te elimineren. In de 21e eeuw, moeten Travellers niet langer worden verhinderd, dat zij gebruik kunnen maken van al hun rechten op voet van gelijkheid met andere burgers. Alle gevallen van racistische uitlatingen tegen Travellers moeten stevig worden veroordeeld door de overheden en het aanzetten tot haat jegens hen zou adequaat moeten worden vervolgd en bestraft. Er is behoefte aan meer onderzoek en bewustmaking met betrekking tot de geschiedenis van de Travellers; dit kan helpen om lang bestaande vooroordelen weg te nemen en daarmee een halt kunnen toeroepen aan de voortdurende schending van mensenrechtenschendingen tegen de leden van deze groepen. De specifieke cultuur, identiteit en de levenswijze van de Travellers zou volledig moeten worden erkend. Het debat op initiatief van het Ierse parlement in 2015 met het oog op het verlenen van de status van etnische minderheid aan de Ierse Travellers is een veelbelovend voorbeeld. In zijn algemeenheid zouden Travellers meer mogelijkheden moeten krijgen om hun cultuur te bevorderen als onderdeel van het Europese culturele erfgoed, zoals door het Comité van Ministers van de Raad van Europa in haar aanbeveling Rec (2004) 14 m.b.t.
de bewegingsvrijheid en standplaatsen van Travellers in Europa . Er moeten resolute maatregelen moeten worden getroffen om het aantal en de kwaliteit van woonwagenlocaties die beschikbaar zijn voor Travellers te vergroten, dat geldt zowel voor doortrekkersterreinen als terreinen voor langdurig verblijf. Lokale overheden moeten sterk worden gestimuleerd, en zo nodig gedwongen, om tijdelijk verblijf van Travellers mogelijk te maken. Lidstaten moeten ervoor zorgen dat dergelijke verplichtingen worden afgedwongen. Ze moeten niet hun verantwoordelijkheid voor het verstrekken van adequate accommodatie afschuiven op lokale overheden. Goede praktijkvoorbeelden bestaan, zoals aangestipt door de Raad van Europa. Het toepassen van mediation tussen Travellers, lokale overheden en lokale gemeenschappen is een effectieve manier om gezamelijke oplossingen te vinden voor het standplaatsentekort Dergelijke praktijken, waarbij sprake is van actieve deelname van de Travellers, zou moeten worden ondersteund en herhaald. De overheden zouden ontruimingen moeten vermijden en op zoek gaan alternatieven die aansluiten op mensenrechten, daar ontruimingen traumatisch zijn, verstorend uitwerken op de opvoeding van kinderen en de sociale integratie in de weg staan.
Initiatieven die gericht zijn op het verbeteren van de toegang tot onderwijs voor kinderen van Travellers moeten worden ondersteund en verspreid, in plaats van verhinderd zoals vaak het geval is. Nils Muižnieks http://www.coe.int/en/web/portal/‐/travellers‐time‐to‐counter‐deep‐rooted‐ hostility?inheritRedirect=true