Gewijzigd bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord Toelichting
Tekst van het document
bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord Toelichting
Versie: vastgesteld
Colofon bestemmingsplan
Nijmegen Koudenhoek Noord IDN: NL.IMRO.0268.BP26200-VG01
Gemeente Nijmegen
Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl
Toelichting
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
3
4
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
Inhoudsopgave Toelichting
Toelichting
3
Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4
Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerende bestemmingsplannen Leeswijzer
7 7 8 9 9
Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3
Planbeschrijving Beschrijving huidige situatie Beschrijving toekomstige situatie Stedenbouwkundige karakteristieken
11 11 11 11
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Beleidskader Relevant rijksbeleid Provinciaal beleid Regionaal beleid Ladder duurzame verstedelijking Relevant gemeentelijk beleid
19 19 23 25 27 28
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15
Sectorale aspecten Vorm vrije MER beoordeling Wonen Bedrijven en milieuzonering Geluid Trillingshinder Luchtkwaliteit Externe veiligheid Bodem Water Flora en Fauna Cultuurhistorie en archeologie Verkeer en vervoersaspecten Kabels en leidingen OOO (Opsporing Ontplofbare Oorlogsresten) Duurzaamheid & Klimaat
33 33 35 37 38 39 40 42 44 45 51 60 68 70 70 72
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3
Juridische planbeschrijving Inleiding Systematiek van de planregels Beschrijving per bestemming
77 77 77 77
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
79
Hoofdstuk 7 7.1 7.2
Maatschappelijke uitvoerbaarheid Inspraak Overleg
81 81 81
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
5
Bijlagen bij toelichting Bijlage 1
Milieueffectrapport
Bijlage 2
Toetsingsadvies MER
Bijlage 3
ODRN Koudenhoek Noord 2023
Bijlage 4
Akoestisch onderzoek Koudenhoek Noord
Bijlage 5
Koudenhoek Noord Cluster 1+2+3
Bijlage 6
Koudenhoek Noord Cluster 5 +7+10 en Citadel
Bijlage 7
Koudenhoek Noord cluster 8 +9
Bijlage 8
Koudenhoek Noord cluster Watergang en park
Bijlage 9
Quickscan Citadelcollege
Bijlage 10
quickscan Wnb
Bijlage 11
Onderzoek fauna en flora
Bijlage 12
Stikstofonderzoek
Bijlage 13
Trillingsonderzoek
Bijlage 14
Zienswijzennota
Bijlage 15
Overzicht van wijzigingen
Bijlage 16
Overzicht onderzoeksrapporten
6
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding
De planvorming voor de ontwikkeling van het gebied Koudenhoek Noord is de verdere uitwerking van het Ambitiedocument en de bijbehorende essentiekaart voor Hof van Holland, Woenderskamp, Broodkorf (heet nu Koudenhoek) uit 2016, waarin de kaders voor verdere ontwikkeling zijn vastgesteld.
Met dit als uitgangspunt zijn bestemmingsplannen tot stand gekomen voor Hof van Holland,
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
7
Woenderskamp, Dijkzone en Koudenhoek Zuid. Inmiddels is de ontwikkeling op stoom, is de wijk Woenderskamp voor het grootste gedeelte gerealiseerd, is gestart met de bouw van onder andere de voorzieningen in Hof van Holland, is een aanvang gemaakt met de planvorming voor de Dijkzone en is gestart met de realisatie van het zuidelijk deel van Koudenhoek. Voorafgaand is versneld de nieuwe VMBO-vestiging van het Citadelcollege gerealiseerd. Deze voorziening is opgenomen in het bestemmingsplan voor Koudenhoek Zuid. Met het plan wordt beoogd om het gebied Koudenhoek Noord te ontwikkelen ten behoeve van woningbouw.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied
Het plangebied is gelegen aan de Griftdijk Noord in Lent. Het plangebied wordt begrensd door de Griftdijk Noord aan de westzijde, de Dijkstraat en de fietsstraat aan de zuidzijde en de Margaretha van Mechelenweg en de spoorlijn aan de oostzijde. De noordelijke gebiedsgrens wordt gevormd door de oever van de Oosterhoutse Plas. De gronden in het plangebied zijn kadastraal bekend als gemeente Nijmegen, sectie F, nummers 23 (ged.), 1104 (ged,), 1105 (ged.) 38 (ged.), 21 (ged.), 206, 259, 39, 16, 40, 14, 257, 10, 11 en 12 (ged.). Het plangebied beslaat een oppervlakte van circa 112.052 m². Op onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied in de directe omgeving weergegeven. De exacte begrenzing van het plangebied is ingetekend op de verbeelding van dit bestemmingsplan.
ligging plangebied.
8
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
1.3
Vigerende bestemmingsplannen
De vigerende bestemmingsplannen betreft de bestemmingsplannen Buitengebied Dorp Lent, onherroepelijk 02-11-2010, Buitengebied Dorp Lent - 43 (Griftdijk Noord 24), onherroepelijk 05-04-2023, Toeleveringscentrum voor de tuinbouw, Dijkstraat-Griftdijk Noord te Lent, onherroepelijk 02-11-2010, Nijmegen Broodkorf Zuid, onherroepelijk 04-07-2018, Nijmegen Prins Mauritssingel, onherroepelijk 10-06-2015 en Buitengebied Dorp Lent- 26 (Westelijke Parallelroute) onherroepelijk 04-04-2012. De beoogde ontwikkeling past niet in de vigerende bestemmingsplanen, omdat de genoemde bestemmingsplannen geen woningbouw mogelijk maken. Onderhavige bestemmingsplanherziening vormt vanwege deze strijdigheid met de vigerende bestemmingsplannen het juridisch en planologisch kader voor de beoogde ontwikkeling.
1.4
Leeswijzer
Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en gaat vergezeld van een toelichting. De planregels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. De toelichting bestaat uit een planbeschrijving met (separate) bijlagen. De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit zeven hoofdstukken. De opbouw van de hoofdstukken is zodanig dat er sprake is van een logische volgorde in vraagstelling (wat, waarom, waar, hoe, etc.).
Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 'Planbeschrijving', dit gaat in op de beschrijving van de huidige situatie van het plangebied en directe omgeving. Daarnaast worden de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt op een rij gezet. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het relevante beleid op Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. Daarbij wordt bekeken of de voorgestane ontwikkeling in lijn is met dit beleid. In hoofdstuk 4 wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. Vanuit de verschillende van invloed zijnde haalbaarheidsaspecten zoals externe veiligheid, luchtkwaliteit en water wordt in dit hoofdstuk beschreven waarom de ontwikkeling die voorliggend bestemmingplan mogelijk maakt, uitgevoerd kan worden. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet toegelicht. Er wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe hetgeen in voorliggend plan is vastgelegd juridisch wordt geregeld. Hoofdstuk 6 geeft inzicht in de economische uitvoerbaarheid van het plan. In het laatste hoofdstuk van dit bestemmingsplan wordt verslag gedaan van het (voor)overleg en de zienswijzen.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
9
10
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
Hoofdstuk 2 2.1
Planbeschrijving
Beschrijving huidige situatie
Het plangebied is momenteel in niet actief in gebruik. Het voorgaande gebruik was gebruik ten behoeve van een toeleveringscentrum voor de tuinbouw en agrarische doeleinden. De omgeving van het plangebied kenmerkt zich door tijdelijke opslag van stenen en zand. Het gebied wordt begrensd door de Griftdijk Noord aan de westzijde, de Dijkstraat en de fietsstraat aan de zuidzijde en de Margaretha van Mechelenweg en de spoorlijn aan de oostzijde. De noordelijke gebiedsgrens wordt gevormd door de zuidelijke oever van de Oosterhoutse Plas.
2.2
Beschrijving toekomstige situatie
In de toekomstige situatie zal in het plangebied een nieuwe woonwijk worden gerealiseerd dat zich kenmerkt door groene kwaliteiten van het landschap in het gehele plangebied te laten doordringen. Het nieuwe woongebied Koudenhoek Noord maakt onderdeel uit van de Waalsprong en ligt aan de Oosterhoutse plas en aan de westkant aan een van de oudste wegen van Nijmegen naar Arnhem de Griftdijk.
2.3
Stedenbouwkundige karakteristieken
2.3.1
Ligging
Het deel van de Waalsprong dat rondom de oude kern van Lent is en wordt gerealiseerd wordt omringd door een aaneengeschakelde landschappelijke ring, de 'Donut' genoemd. Vanuit de woningbouwgebieden zijn via een fijnmazig netwerk van verbindingen de wijken en buurten onderling goed met elkaar en met de diverse omringende landschappen in de directe nabijheid verbonden. Koudenhoek Noord grenst direct aan de groene waterrijke landschapszone, de Oosterhoutse Plas. De intentie is de groene kwaliteiten in het gehele plangebied te laten doordringen.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
11
De “Donut” Illustratie ligging Koudenhoek Noord, De Urbanisten, 2019
2.3.2
Aanleidingen, uitgangspunten en ambities
Het bestaande terrein van het plangebied kent slechts enkele interessante intrinsieke aanknopingspunten. De ondergrond is in de loop van de jaren veel herverkaveld en vergraven, waarmee oude landschappelijke structuren of kwaliteiten nog maar nauwelijks herkenbaar aanwezig zijn om als aanknopingspunt voor het ontwerp te kunnen dienen. In de fase van het Ambitiedocument is daarom gesteld dat hier een geheel nieuw landschap kan worden gecreeerd, dat de kwalitatieve ruimtelijke drager voor het plan zal kunnen zijn en een relatie kan aangaan met de Landschapszone en Oosterhoutse Plas. Het landschap wordt zo maximaal mogelijk het gebied in gehaald en is vanuit iedere woning voelbaar en beleefbaar. Toekomstbestendig wonen in een nieuw landschap Voortbordurend op de uitgangspunten in het Ambitiedocument is daarom als hoofduitgangspunt voor de stedebouwkundige opzet van het gebied gekozen voor een zich onderscheidend woonmilieu met een geheel eigen en nieuwe identiteit. Gericht op de toekomst met daarin een hoge ambitie met betrekking tot sociale inclusiviteit en duurzaamheid in de breedste zin van het woord, klimaatadaptatie, natuurinclusiviteit, biodiversiteit, circulariteit, (e-)mobiliteit etc. Wonen in een nieuw groen 'omspoelend' landschap met meer ruimte voor groen en minder voor auto-infrastructuur.
2.3.3
Het plan, stedebouwkundig ruimtelijke opzet
Stedenbouwkundig ruimtelijke opzet Bij de stedenbouwkundige opzet van het plan is ervoor gekozen een nieuw landschap de identiteit van de wijk te laten bepalen. Anders dan in meer traditioneel opgezette wijken is niet het stratenpatroon, maar juist de ruime groenstructuur de drager van het plan. Hierdoor is minder ruimte nodig voor verharding ten behoeve van auto ontsluitingen en meer ruimte beschikbaar voor groen. Dit moet ertoe leiden dat het nieuwe woonlandschap nog meer
12
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
toekomstbestendig is en klimaat adaptief. In het gebied aanwezige kwalitatieve groene- en/of cultuurhistorische elementen worden zoveel mogelijk in het plan opgenomen. In alle zones hebben de woningen zicht op het landschap, in het landschap zijn er doorzichten naar de Oosterhoutseplas. In dit landschap liggen clusters woningen (grondgebonden rijwoningen en vrijstaande of twee onder -één kap woningen) en appartementen. In de vorm van 'hoven' met losse woningblokken. Ze variëren in identiteit, afhankelijk van hun positie in het gebied. De blokken liggen in verschillende richtingen in het gebied en ten opzichte van elkaar. Hierdoor ontstaan interessante ruimtes en zichtlijnen met vanuit iedere woning een optimale ervaring van de groene ruimte en het landschap en is de Oosterhoutse plas voelbaar en beleefbaar. De buitenzijden van de hoven grenzen (grotendeels) direct aan landschap, de binnenzijde kenmerkt zich door een grotendeels groene inrichting, al dan niet met privétuinen, terrassen en collectief groen en gemeenschappelijke voorzieningen voor de bewoners. De in hoofdzaak groene binnenruimten staan in verbinding met het glooiende omspoelende landschap, dat een robuuste samenhangende groenstructuur vormt. Deze opzet zorgt tevens voor een optimale mogelijkheid tot sociale cohesie in de wijk en binnen de clusters/hoven.
In de zuidoosthoek grenst het nieuwe woongebied aan een sportcluster met ruimte voor een multifunctioneel sportveld, skills garden, korfbalvereniging en tennisvereniging, gesitueerd in de hinderzone van de warmtecentrale. De sportvoorzieningen hebben zelf ook een hinderzone waarbinnen geen gevoelige functies, zoals wonen kunnen worden gerealiseerd. Deze zone is standaard 50 meter. De sportvelden en hun clubgebouwen zullen landschappelijk worden ingepast in het nieuwe landschap. De sportfuncties hebben naast betekenis voor de wijk ook een bovenwijkse functie. Gelegen op het knooppunt van fietsroutes zijn ze goed verbonden met andere delen van de Waalsprong.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
13
locatie sportvelden met hindercirkel.
De zone langs de Griftdijk Noord is gerelateerd aan de karakteristieken van de dijk op de plek van de historische trekvaart. Deze dijk is hoger gelegen. In de recente geschiedenis lagen hieraan tuinderijen. Inmiddels is dit voormalige tuinbouwgebied al langere tijd niet meer als zodanig in gebruik. De oorspronkelijke bedrijfswoningen zijn nu woonhuizen op kleinere, maar toch ruime kavels. En op de grotere tuinderijkavels zijn inmiddels hier en daar nieuwe woningen toegevoegd. Ze grenzen met de achterkant van de kavels aan het te ontwikkelen gebied en zullen een ruimtelijk goede inpassing en aansluiting op de nieuwe wijk krijgen. In de tweede lijn, achter de Griftdijk in Koudenhoek Noord: bebouwing in een losse setting, vrijstaand, tweekapper, rijwoningen, georiënteerd op het groene middengebied, gras met inheemse bomen van de eerste grote. Gelegen aan een rustige slingerende woonstraat, in het noorden aangesloten op de rotonde Italiëstraat, in het zuiden op Dijkstraat/Griftdijk Noord, dan wel op de rotonde aan de Margaretha van Mechelenweg. Met een knip voor autoverkeer, zodat er geen directe autoverbinding tussen van Mechelenweg en Griftdijk Noord is.
Centrale groenzone-omspoelend landschap Oorspronkelijk werd dit gebied gekenmerkt door stroomgeulen van de Rijn die meanderden door het landschap. Dit nieuwe landschap kenmerkt zich door hogere zandruggen en lagergelegen kleiige komgronden. Op de stroomruggen werd vroeger gewoond en landbouw bedreven in de natte laagtes stonden elzen en wilgenstruiken en er lagen hooilanden met wat hoger ruiger gras. Aan de noordzijde is vanaf de Oosterhoutse Plas een archeologisch waardevol gebied (een Romeins grafveld), in de ondergrond aanwezig. Hierop mag niet worden gebouwd. De grond rondom het grafveld wordt opgehoogd met een meter ten behoeve van woningbouw hierdoor komt het oorspronkelijke maaiveld optisch lager te liggen. Op de plankaart wordt dit gebied de open laagte genoemd waarin ruiger gras afgewisseld met open plekken de structuur bepaald.
14
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
We noemen de centrale groenzone in voorgaande beschrijving daarom het omspoelende landschap. Hierin liggen clusters grondgebonden woningen en appartementen. De buitenzijden van de hoven grenzen (grotendeels) direct aan landschap, de binnenzijde kenmerkt zich door een grotendeels groene inrichting, al dan niet met privétuinen, terrassen en collectief groen en gemeenschappelijke voorzieningen voor de bewoners. De in hoofdzaak groene binnenruimten staan in verbinding met het glooiende omspoelende landschap, dat een robuuste samenhangende groenstructuur vormt. Deze opzet zorgt tevens voor een optimale mogelijkheid tot sociale cohesie in de wijk en binnen de clusters/hoven. Het parkeren gebeurt voor bewoners en bezoekers in geconcentreerde parkeerhoven deels in- of tegen het cluster. Deze zullen groen worden ingericht en zoveel mogelijk deel uit maken en aansluiten op het landschap. De Centrale groene zone (ten westen van de doorgaande noord-zuid fietsverbinding) kent voornamelijk laagbouw met grondgebonden woningen.
Het bomenrijke landschap langs de Margaretha van Mechelenweg. Het landschap tussen de centrale doorgaande fietsroute en de Margaretha van Mechelenweg wordt gekenmerkt door een bosrijke inrichting. De woningdichtheid is aan deze zijde hoger. Deze sluit aan bij de parkzone rond Grote Boel en groene buffer van Koudenhoek Zuid als ecologische verbindingszone. Aan de (noord) oostzijde aan/bij de plas, langs de Margaretha van Mechelenweg en het verhoogd gelegen spoor is ruimte voor appartementencomplexen. Deze
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
15
appartementen krijgen zowel met de Oosterhoutse plas als met het boslandschap een relatie. Parkeren kan deels plaats vinden in het landschap, door slim gebruik te maken van hoogteverschillen/struiken en de situering van de ventweg (slingerend) kan het parkeren in het groen worden opgenomen. De appartementen aan de Margaretha van Mechelenweg krijgen een eigen aansluiting op de Van Mechelenweg en parkeren onder de gebouwen, onder een groen dek en deels in de openbare ruimte. Richting de sportvelden liggen grondgebonden woningen. Deze woningen hebben een directe relatie met het bos. In het Beeldkwaliteit plan is het beoogde ruimtelijk beeld van Koudenhoek Noord beschreven. De uitgangspunten voor het nieuwe landschap, de inrichting buitenruimte en de vormgeving van de bebouwing zijn op hoofdlijnen geformuleerd, zodat er sturing kan worden gegeven aan het eindbeeld en gelijktijdig ruimte geboden wordt bij de architectonische uitwerking van de bebouwing. Van een ontwerp wordt verwacht dat het passend is binnen het beoogd ruimtelijk beeld (clusters en landschap), maar ook dat het op zichzelf logisch en consequent is vormgegeven Verkeersontsluiting Auto De auto ontsluitingen blijven aan de randen (west en oost) in het gebied. Aan de (noord)westzijde vanaf de rotonde Griftdijk Noord-Italiëstraat en aan zuid en oostkant vanaf de Margaretha van Mechelenweg.
Oostzijde De appartementengebouwen in de noordoosthoek van het plangebied krijgen een aansluiting op de Margaretha van Mechelen weg. Deze ontsluit een mogelijke (half verdiepte) parkeervoorziening/dek van de gebouwen en tevens een landschappelijk ingerichte parkeervoorziening op maaiveld met ruimte voor een natuurlijk vormgegeven geluidwerende voorziening. Hiermee wordt de groene rand rond Grote Boel verder doorgezet naar het zuiden als doorlopende groenstructuur. Een stukje verder zuidelijk is een tweede ontsluiting voor autoverkeer vanaf de Van Mechelenweg. Deze sluit aan op de doorgaande fietsroute die hier het karakter krijgt van een fietsstraat (auto te gast) en zorgt voor de autobereikbaarheid van de daaraan gelegen woonclusters en hun parkeervoorzieningen. Voor auto's zal een "knip" worden aangebracht, waarmee het geen noord-zuid doorgaande autoverbinding is naar de Dijkstraat. Even zuidelijker komt een auto ontsluiting vanaf de Van Mechelenweg ten behoeve van de bereikbaarheid van tennisvereniging en halen en brengen scholieren Citadelcollege. De hoofdontsluiting ten behoeve van de school en zuidelijk deel Koudenhoek Noord en sportvoorzieningen gebeurt vanaf de rotonde Margaretha van Mechelenweg en fietsstraat Dijkstraat.
16
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
ontsluitingen en parkeerhoven
Het sportcluster biedt ruimte voor een multifunctioneel sportveld, skills garden, (korfbal)vereniging en tennisvereniging. Deze functies hebben naast betekenis voor de wijk ook een bovenwijkse functie. Gelegen op het knooppunt van fietsroutes is het goed verbonden met andere delen van de Waalsprong. Westzijde Het westelijk deel van het gebied met de eraan gelegen woningen en de aangrenzende clusters in het westelijk deel van de centrale groenzone wordt ontsloten door een zeer rustige slingerende fietsstraat, in het noorden aangesloten op de rotonde Italiëstraat, in het zuiden op Dijkstraat/Griftdijk. Met een knip voor autoverkeer Fiets De Waalsprong heeft een fijnmazig fietsnetwerk dat intern alle delen met elkaar verbindt. Tevens zijn er een aantal doorgaande snelle fietsroutes die zorgen voor een snelle fietsverbinding op regionaal niveau. Een van de doorgaande snelle fietsverbindingen loopt door Koudenhoek Noord, vanuit De Grote Boel naar de rotonde Van Mechelenweg. In het noordelijk stuk van Koudenhoek Noord heeft deze het karakter van een fietsstraat, waar de auto te gast is. In deze fietsstraat zit een knip voor autoverkeer dat zo niet van noord naar zuid door het gehele gebied kan maar altijd het gebied in en uit gaat via de Van Mechelenweg.
Parkeren Parkeren voor de clusters is geconcentreerd georganiseerd in de directe nabijheid van en gedeeltelijk in het betreffende wooncluster. Groen ingerichte parkeerveldjes die aansluiten bij
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
17
het landschappelijk karakter van het betreffende landschapstype. Als onderdeel van dat landschap of als onderdeel van de groene inrichting van de binnen gebieden van de clusters. De vrijstaande woningen en de twee-onder-een kap woningen hebben merendeels parkeren op eigen erf voor bewoners. Het kleine appartementencomplex in de zuidwesthoek van het plan heeft een parkeerplaats die wordt meegenomen in het landschappelijk ontwerp en hier onderdeel van uit maakt.
18
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
Hoofdstuk 3
Beleidskader
3.1
Relevant rijksbeleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI)
Met de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomst en de ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De NOVI gaat uit van vier prioritaire opgaven: 1. 2. 3. 4.
Duurzaam economisch groeipotentieel voor Nederland; Ruimte voor de klimaatverandering en energietransitie; Sterke, leefbare en klimaatbestendige steden en regio’s met voldoende ruimte om te wonen, werken en bewegen; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
In de visie worden de nationale belangen genoemd die gewaarborgd moeten worden in het beleid voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het bijvoorbeeld ook om behoud en versterking van cultureel erfgoed en landschappelijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang. Drie principes Hierbij worden drie inrichtingsprincipes gehanteerd die helpen om in een specifieke casus of gebied bij botsende belangen een zorgvuldige weging tussen nationale belangen te maken. Die inrichtingsprincipes zijn: 1. 2. 3.
Combineren boven enkelvoudig; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen voorkomen.
De NOVI is zelfbindend voor het Rijk. De rijksoverheid zet er wel op in dat provincies en gemeenten bij het vaststellen van hun eigen omgevingsvisies rekening houden met wat er in de NOVI staat.
3.1.2
Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)
Voor het juridisch borgen van de nationale belangen uit de SVIR heeft het Rijk, op basis van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), twee besluiten waarmee dat mogelijk is. Een daarvan is het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (barro). Dit besluit geeft de juridische kaders die nodig zijn om het vigerend ruimtelijk rijksbeleid te borgen. In dit besluit zijn rijksregels opgenomen ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland. Deze zijn van belang voor de inhoud van bestemmingsplannen. Het kabinet heeft de keuze voor deze onderwerpen gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Deze structuurvisie bundelt het nationale ruimtelijke en infrastructuurbeleid in 13 nationale belangen. Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte. Met de uitbreiding van het Barro en het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) is de juridische verankering van de SVIR nagenoeg compleet. Een deel van het Barro is gebaseerd op eerdere planologische kenbeslissingen (pkb’s) en beleidsnota’s die in de SVIR worden herbevestigd. Deze onderdelen volgen de nahangprocedure en kunnen vervolgens in werking treden. Het betreft de volgende onderdelen:
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
19
Rijksvaarwegen; Project mainportontwikkeling Rotterdam; Kunstfundament; Grote rivieren; Waddenzee en waddengebied; Defensie; Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; Elektriciteitsvoorziening; Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen; Natuurnetwerk Nederland; Primaire waterkeringen buiten het kunstfundament; IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde; Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.
3.1.3
Omgevingswet en de Nationale Omgevingsvisie
Het Rijk werkt aan een grootschalige en ingrijpende herziening van het omgevingsrecht. De verschillende (sectorale) wetten op het gebied van o.a. bouwen, milieu, water, natuur en ruimtelijke ordening worden samengevoegd in één nieuwe wet, de Omgevingswet. Uitgangspunten van de wet zijn: minder en overzichtelijke regels, meer ruimte voor initiatieven, lokaal maatwerk en vertrouwen. De Omgevingswet is aangenomen door de Eerste en Tweede Kamer en treedt naar verwachting op 1 juli 2023 in werking. Deze datum is echter nog niet definitief en schuift mogelijk nog verder naar achteren. De Omgevingswet wordt nader uitgewerkt in vier Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB's). De behandeling van de ontwerp-AMvB's door de Eerste Kamer is afgerond. Het gaat om de onderstaande AMvb's: 1. Omgevingsbesluit: algemene, procedurele regels voor overheid, burgers en bedrijven; 2. Besluit kwaliteit leefomgeving: materiële (inhoudelijke) regels voor met name de overheid; 3. Besluit activiteiten leefomgeving: materiële regels voor burgers en bedrijven; 4. Besluit bouwwerken leefomgeving: materiële regels voor burgers en bedrijven. De Omgevingswet verplicht het Rijk, provincies en gemeenten straks om een omgevingsvisie te maken voor elk van deze overheidsniveaus (vervangt de huidige structuurvisies).
Vooruitlopend op de Omgevingswet en de nog op te stellen Nationale Omgevingsvisie heeft het Rijk een Nationale Omgevingsagenda opgesteld. In deze startnota staan een aantal strategische opgaven centraal die uitwerking behoeven in de Nationale Omgevingsvisie. Deze opgaven zijn: 1. 2. 3. 4.
naar een duurzame en concurrerende economie; naar een klimaatbestendige en klimaatneutrale samenleving; naar een toekomstbestendige en bereikbare woon- en werkomgeving; naar een waardevolle leefomgeving.
3.1.4
Besluit ruimtelijke ordening (Bro)
Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Aan het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ladder voor duurzame verstedelijking toegevoegd. Daartoe is een artikellid ingevoegd op grond waarvan overheden nieuw te realiseren stedelijke ontwikkelingen dienen te motiveren. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Ladder duurzame verstedelijking
20
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
Per 1 juli 2017 is het Bro gewijzigd ten aanzien van de Ladder voor duurzame verstedelijking, met als doel deze te vereenvoudigen en de onderzoekslasten te beperken. De nieuwe ladder luidt als volgt (artikel 3.1.6 lid 2 Bro): “De toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Indien blijft dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied.” Voortaan geldt een onderbouwing op basis van “behoefte” (in plaats van 'actuele regionale behoefte'). Dit houdt in dat de reikwijdte van de stedelijke ontwikkeling die een bestemmingsplan mogelijk maakt, leidend is voor het ruimtelijk verzorgingsgebied waarbinnen de Laddertoets moet worden gedaan. Ook is dit leidend voor het al dan niet plegen van regionale afstemming. Zowel bij een ontwikkeling binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied blijft het van belang de behoefte te onderbouwen (ook al lijkt artikel 3.1.6, lid 2, Bro anders te suggereren).
De derde trede van de eerdere Ladder onderbouwing (de eis dat gemotiveerd moet worden in hoeverre ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied passend zijn of worden ontsloten) is geschrapt. Er is een nieuw onderdeel toegevoegd aan artikel 3.1.6 (lid 3) Bro waarmee de Laddertoets bij flexibele planvormen (wijzigings- of uitwerkingsplan) kan worden doorgeschoven naar het moment van vaststelling van het wijzigings- of uitwerkingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan maakt een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk. Hiervoor is in paragraaf 3.4 Ladder duurzame verstedelijking een onderbouwing opgenomen. De in het plan voorziene ontwikkeling met 395 woningen kan worden aangemerkt als een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in deze bepaling van het Bro, zodat artikel 3.1.6, tweede lid, van het Bro wel van toepassing is.
3.1.5
Archeologie
Met de ondertekening van het Verdrag van Valletta (Malta) in 1992 is in Nederland de beleidsmatige zorg voor het archeologisch bodemarchief aanzienlijk toegenomen. In het verdrag staat: Archeologische waarden dienen als onvervangbaar onderdeel van het culturele erfgoed te worden meegenomen en te worden ontzien bij de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen. Mocht bescherming onvoldoende mogelijk zijn dan dient, volgens dit verdrag, de informatie te worden onttrokken aan de bodem via archeologisch onderzoek. Uitgangspunt hierbij is dat de initiatiefnemer van de verstoring van het bodemarchief de kosten van het onderzoek en de eventuele op te leggen maatregelen dient te dragen. Inmiddels zijn de uitgangspunten van het Verdrag in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd in de (voormalige) Monumentenwet 1988 via de Wijzigingswet Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMz, 1-9-2007). Met het in werking treden van de Erfgoedwet op 1-7-2016 is de Monumentenwet 1988 grotendeels vervallen. Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn de hoofdstukken II, paragrafen 2 en 3, IV, V, paragrafen 1 en 9, en VI van de Monumentenwet 1988, zoals die luidden voor inwerkingtreding van deze wet, nog van toepassing. Hoofdstuk V regelt de Archeologische Monumentenzorg.
Het Besluit ruimtelijke ordening Artikel 3.1.6, lid 5 regelt de omgang van het bestemmingsplan met de in een gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Dit wordt straks onderdeel van de Omgevingswet. Dit komt er op
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
21
neer dat tenzij dit reeds in een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer is vastgelegd, er ten minste in het bestemmingsplan wordt aangegeven hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.
3.1.6
Cultuurhistorie
Cultuurhistorie speelt een belangrijke rol bij de ruimtelijke inrichting van ons land. Het geeft identiteit en kwaliteit aan een gebied. Om deze redenen heeft het rijk de beleidslijn ingezet om cultuurhistorie onderdeel te laten zijn van het afwegingskader bij het opstellen van bestemmingsplannen. Deze beleidslijn is verwoord in de beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg uit 2009 en heeft geleid tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) sinds 1 januari 2012. Met het gewijzigde Bro zijn gemeenten wettelijk verplicht cultuurhistorie deel uit te laten maken van het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het rijk vraagt hiermee aan gemeenten om bij het opstellen van bestemmingsplannen, projectafwijkingsbesluiten en beheersverordeningen cultuurhistorische gebouwen, objecten en structuren te inventariseren en daaraan conclusies te verbinden en die in het bestemmingsplan te verankeren. De Monumentenwet 1988 vormt de basis voor de monumentenzorg. Rijksmonumenten worden op basis van deze wet aangewezen, evenals rijksbeschermde stadsgezichten. Voor het wijzigen en slopen van rijksmonumenten is een 'Omgevingsvergunning voor de activiteit monumenten' nodig. Conclusie: in het plangebied bevinden zich geen rijksmonumenten. Het plan is niet in strijd met het rijksbeleid.
3.1.7
Onderbouwing actuele behoefte t.a.v. woningbouw
Kwantitatieve en kwalitatieve woonbehoefte Nijmegen is een stad die voorlopig blijft groeien. Dit wordt veroorzaakt door een geboorteoverschot en door een immigratieoverschot. Demografische trends laten zien dat jongeren, hoogopgeleiden en ouderen naar de steden trekken vanwege het woonmilieu, de werkgelegenheid en voorzieningen. In Nijmegen wordt dit versterkt door de aantrekkingskracht van Universiteit en Hogeschool. Daardoor komen er veel jongeren naar de stad. Een deel van hen blijft hier ook wonen. Daarmee heeft Nijmegen een jonge bevolking. Nijmegen is met ruim 173.000 inwoners (per 1 januari 2017), de 10e stad van Nederland. Volgens de prognoses van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) blijft de bevolking voorlopig groeien. De laatste prognoses gaan voor Nijmegen uit van groei tot in ieder geval 2040 in plaats van 2030. Daarmee is Nijmegen in de regio de stad die sterk en het langst doorgroeit. De bevolkingsgroei en de grote woningvraag waarbij de woningvraag in Nijmegen ruimschoots het aanbod overstijgt, maakt de verdere ontwikkeling van Nijmegen Noord noodzakelijk. Er is nu zelfs sprake van overspannenheid op de woningmarkt. Er is dringend behoefte aan nieuwe woningbouwplannen en plancapaciteit om invulling te geven aan de gewenste versnelling van de woningbouwopgave. In (sub)regionaal verband zijn afspraken gemaakt over de woningbouwaantallen.
De woningbouwcijfers zijn in juni 2015 vastgesteld door Gedeputeerde Staten en vervangen het oude KWP3 (Kwalitatief Woon Programma 3). De regio heeft afgesproken woningbouwplannen te prioriteren door gebruik te maken van een stoplichtmodel. Het plan Broodkorf Zuid zal op groen worden gezet en valt binnen de gemaakte afspraken over de woningbouwaantallen. Bij brief van 15 maart 2016 hebben Gedeputeerde Staten van Gelderland laten weten dat - op basis van het nieuwe subregionale cijfer - tot 2025 ruimte is voor 13.100 woningen voor plannen die
22
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
op "groen" staan. De 120 geplande woningen van dit bestemmingsplan Broodkorf Zuid maken hier deel van uit en passen daarmee binnen de kwantitatieve behoefte. Daarnaast heeft de provincie Gelderland (d.d.14-11-2017 de notitie 'Ruimte voor goed wonen') de koers voor Wonen vastgesteld. Daarin staan de woonbehoeften per Gelderse woonregio, maatwerk en flexibele plannen centraal. Samen met gemeenten en andere betrokken partijen maakt de provincie afspraken over wat er nodig is voor een goede plek om te wonen voor iedereen in Gelderland. In de provincie Gelderland is de woningmarkt momenteel volop in beweging. De vraag naar woningen is op dit moment in sommige regio's groot, en daar moet ruimte voor zijn om op in te springen. Tegelijkertijd wil de provincie er met deze koers voor zorgen dat we verstandige keuzes maken voor de toekomst, voor als er bijvoorbeeld meer kleine huishoudens komen en woningen energieneutraal moeten zijn. In de Woonvisie Nijmegen 2015-2020 (vastgesteld door raad op 27 januari 2016) wordt uitgegaan van een uitbreidingsbehoefte van woningen in de Waalsprong. Het plangebied behoort hier toe. Het plan maakt onderdeel uit van de Waalsprong, waarvoor een bouwopgave ligt van in totaal circa 12.000 woningen. De keuze om in het Waalspronggebied te voorzien in de uitbreidingsbehoefte van Nijmegen, is reeds gemaakt in de jaren negentig van de vorige eeuw (Vinex).
Hierover heeft besluitvorming plaatsgevonden op Rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Deze uitbreidingsbehoefte van woningen in het stedelijke en groenstedelijk woonmilieus kan niet worden voorzien in de bestaand stedelijk gebied. Gezien de snelle groei van de stad en de beperkte uitbreidingsmogelijkheden in de stad, is de Waalsprong en de ontwikkeling van Broodkorf Zuid noodzakelijk om in die groei, woningbouwbehoefte en versnellingsopgave van woningbouw te voorzien. Voor de ambitie van een ongedeelde stad met gevarieerde, toekomstbestendige wijken en goed wonen voor arm en rijk, jong en oud, allochtoon en autochtoon betekent dit in het bijzonder dat we op Waalsprongniveau sturen op bevordering van: de beschikbaarheid van sociale en goedkope huurwoningen tot de aftoppingsgrenzen; versnelling van de nieuwbouw in de koopsector; de beschikbaarheid van goedkope huurwoningen en middeldure huurwoningen; aanbod van beschut wonen (en waar nodig beschermd wonen) voor ouderen en levensloopgeschikt en duurzaam bouwen.
3.1.8
Conclusie
Het voorliggende bestemmingsplan maakt een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk. Het plan Koudenhoek Noord speelt in op de actuele kwalitatieve en kwantitatieve woningbouwbehoefte. Geconcludeerd kan worden dat dit bestemmingsplan in overeenstemming is met het Rijksbeleid.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1
Omgevingsvisie Gaaf Gelderland
In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland (vastgesteld 19 december 2018, inwerking getreden 1 maart 2019) staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. Er zijn grote, grensoverschrijdende ontwikkelingen die ook Gelderland raken. Het energievraagstuk, klimaatverandering, uitputting van grondstoffen, kwetsbare biodiversiteit, verdere verstedelijking in combinatie met krimp, toenemende mobiliteit op de weg en in de lucht, digitalisering, internationalisering. Uitdagingen die om antwoorden vragen. De vraagstukken van nu zijn te groot en te ingewikkeld om los van elkaar aan te pakken. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Dat is het streven. Dat is waar wij aan willen werken. Dit doen wij door bij de uitoefening van onze taken de focus
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
23
te leggen op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Met behulp van zeven ambities geeft de Provincie richting: 1. energietransitie 2. klimaatadaptatie 3. circulaire economie 4. biodiversiteit 5. bereikbaarheid 6. economisch vestigingsklimaat 7. woon- en leefklimaat In relatie tot de ontwikkeling Koudenhoek Noord is het volgende beleid uit de Omgevingsvisie relevant. Klimaatadaptatie: omgaan met veranderend weer De provincie heeft de volgende ambities op dit vlak: 1.
In 2050 is Gelderland klimaatbestendig. We zijn goed voorbereid en toegerust op de gevolgen van klimaatverandering: wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingsgevaar. 2. In 2020 hebben we samen met partners de risico's en kansen van het veranderend klimaat in beeld gebracht en strategieën opgesteld die leidraad zijn voor ons handelen. Circulaire economie De provincie heeft de volgende ambities op dit vlak: 1.
Wij willen de eerste afvalloze provincie van Nederland zijn. Afval bestaat niet meer; er zijn alleen nog grondstoffen die blijvend hun waarde behouden in onze schone industrie. 2. Om dit te bereiken is in 2030 het gebruik van primaire grondstoffen in Gelderland met 50% teruggebracht. Biodiversiteit: werken met de natuur De provincie heeft de volgende ambities op dit vlak: 1.
In 2050 gaat het goed met de biodiversiteit in Gelderland. In Gelderland wordt natuur-inclusief gewerkt. Biodiversiteit wordt overal waar mogelijk versterkt en ingepast, óók buiten de specifiek als natuur aangewezen gebieden. 2. In 2030 is 75% van de Europese doelen van de Vogel- en Habitatrichtlijn behaald. Bereikbaarheid: duurzaam verbonden De provincie heeft de volgende ambities op dit vlak: 1.
In 2050 is de groei van de mobiliteit op een slimme manier opgevangen en verplaatsen mensen in Gelderland zich veilig, snel, betaalbaar en klimaatneutraal. Snel en veilig internet fungeert daarbij als alternatief voor fysieke verplaatsingen. 2. In 2050 is het netwerk voor goederenvervoer in Gelderland toegankelijk, duurzaam en klimaatneutraal. 3. In 2030 is al ons busvervoer zonder uitstoot en is 35% van het totaal aantal verplaatsingen met de fiets. Woon- en leefomgeving: dynamisch, divers, duurzaam De provincie heeft de volgende ambities op dit vlak: 1.
2.
24
Gelderland heeft een aanbod aan woningtypen en woonmilieus passend bij de diversiteit aan woningvraag; voor ieder een passende, duurzame woning. We benutten de bestaande bebouwde omgeving optimaal met voldoende ruimte voor klimaatadaptieve maatregelen. Alle nieuwbouw wordt aardgasloos aangelegd en zoveel mogelijk circulair gebouwd. In 2035
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
3.
zijn alle (bestaande) wijken van het aardgas. Woningen in Gelderland zijn in 2050 klimaatneutraal.
3.2.2
Omgevingsverordening Gelderland
De doelstellingen uit de Omgevingsvisie zijn juridisch vertaald in de Omgevingsverordening Gelderland (geconsolideerde versie januari 2023). De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De Omgevingsverordening heeft de status van een Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening.
3.2.3
Conclusie
Bij de verschillende deelparagrafen is ingegaan op het (provinciale) beleid dat specifiek op het betreffende thema van toepassing is in relatie tot de ontwikkelingen die in dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan past binnen het provinciale beleid.
3.3
Regionaal beleid
Sinds 1 juli 2015 bestaat de Stadsregio Arnhem-Nijmegen niet meer als officiële bestuurslaag. Hierdoor is er geen instantie meer direct verantwoordelijk voor het regionale beleid op het gebied van mobiliteit, ruimte, wonen en werken. Voor de beleidsvelden wonen, detailhandel en bedrijventerreinen geldt dat provincie Gelderland in haar omgevingsvisie en omgevingsverordening nog wel verwijst naar de regionale afspraken. Voor deze beleidsvelden worden nog steeds regionale afspraken vastgelegd in gezamenlijk overleg met regiogemeenten en provincie. Ook voor andere beleidsvelden blijft regionale afstemming in veel gevallen noodzakelijk. Woondeal regio Arnhem-Nijmegen In maart 2020 heeft de gemeente Nijmegen samen met het Rijk, de provincie Gelderland en de regio Arnhem-Nijmegen een woondeal ondertekend. Doel van deze woondeal is om tot een gezamenlijke inzet van instrumentarium en middelen te komen om opgaven op de woningmarkt op te pakken. Met de woondeal gaan wordt een meerjarige samenwerking aangegaan met het Rijk, provincie en regiogemeenten om vanuit de NOVI-propositie en de op stellen regionale verstedelijkingsstrategie samen invulling te geven aan de opgaven op de woningmarkt. Woondeal 2.0 In maart 2023 tekenden gemeenten, provincie Gelderland en het Rijk de geactualiseerde Woondeal Arnhem-Nijmegen.
Die moet niet alleen voor meer woningen zorgen, maar ook voor een betere uitvoering van de gemaakte afspraken. Rijk, provincie en gemeenten zetten in op: Realisatie van de woningbouwopgave als bouwsteen en binnen de kaders van de gezamenlijke Verstedelijkingsstrategie Arnhem-Nijmegen/Foodvalley. Een gezonde woningmarkt met een woningtekort van 2% in 2030. Daarom zetten we
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
25
conform de provinciaal bestuurlijke afspraak in op de bouw van 33.000 woningen tot en met 2030. En richting 2040 zo'n 55.000 woningen. Circa 20.000 van deze woningen worden gerealiseerd in 3 grootschalige NOVEX woningbouwlocaties: Nijmegen Stationsgebied, Nijmegen Kanaalzone en de Spoorzone Arnhem Oost en 17.000 woningen in de 17 andere focusgebieden. Ophoging van de woningproductie van 3.300 naar zo'n 3.700 woningen per jaar; onder andere door inzet op flexwoningen en ruimte voor alternatieve woonvormen. Gezamenlijk inzet voor het huisvesten van jong talent om zo bij te dragen aan de kenniseconomie. Door realisatie van voldoende studentenhuisvesting en inzet op voldoende aanbod voor jonge starters. Het Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting (LAS) wordt hierbij als uitgangspunt gehanteerd. Beter benutten van de bestaande voorraad als (onderbelichte) kans voor het verminderen van de woningnood en het optimaal benutten van de gebouwde omgeving bij de groei van het aantal kleinere huishoudens, als kans voor het vergroten van leefkwaliteit in bestaande wijken, én voor het realiseren van de ambities van de verstedelijkingsstrategie 'meer landschap meer stad'. In lijn met de nationale doelstelling naar 2/3 betaalbaar een vergroting van de beschikbaarheid van woningen voor mensen met lage en middeninkomens, waaronder veel starters.
We zorgen voor voldoende betaalbare woningen voor aandachtsgroepen en een evenwichtige spreiding daarvan over de gemeenten. Op dit moment is 31% van de woningen in de regio een corporatiewoning. Iedere gemeente zorgt vanaf 2025 binnen de nieuwbouw voor minimaal 30% sociale huur en minimaal 35% middenhuur en betaalbare koop (tot € 355.000). Op basis van de uitkomsten van het Realisatie van de woningbouwopgave als bouwsteen en binnen de kaders van de gezamenlijke woningbehoefteonderzoek zet de regio zich ervoor in dat een op basis van het woonbehoefteonderzoek per gemeente te bepalen deel in het middensegment bestaat uit betaalbare koopwoning voor de lagere inkomens met een prijs van maximaal € 250.000 of middenhuur. Verduurzamen en toekomstbestendig maken van de bouwsector en vermindering van bouwkosten, doordat circulair en conceptueel bouwen de norm is bij woningbouw. Zo dragen we bij aan de reductie van 55% tot 60% CO2-uitstoot (Paris-proof), 50% primaire grondstoffen en 50% uitstoot van stikstof in 2030. Met klimaatadaptief bouwen en beheren beperken we de overlast van de gevolgen van klimaatverandering. Dit gaat hand in hand met natuurinclusief bouwen. In Nijmegen wordt vanuit de Omgevingsvisie, Uitvoeringsagenda Wonen en het coalitieakkoord al ingezet op 30% sociale huur, 15% middenhuur en 20% betaalbare koopwoningen.
De geconcretiseerde afspraken uit de Woondeal worden als uitgangspunt gehanteerd bij de actualisatie van de Uitvoeringsagenda Wonen in 2023.
Conclusie: De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met dit beleid.
26
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
3.4
Ladder duurzame verstedelijking
3.4.1
Kwantitatief
Nijmegen is een stad die sterk groeit en voorlopig blijft groeien. Dit wordt veroorzaakt door een geboorteoverschot en door een immigratieoverschot. Demografische trends laten zien dat jongeren, hoogopgeleiden en ouderen naar de steden trekken vanwege het woonmilieu, de werkgelegenheid en voorzieningen. In Nijmegen wordt dit versterkt door de aantrekkingskracht van de Universiteit en Hogeschool. Daardoor komen er veel jongeren naar de stad. Een deel van hen blijft hier ook wonen. Daarmee heeft Nijmegen een jonge bevolking. Nijmegen is met ruim 177.000 inwoners (per 1 januari 2021), de 10e stad van Nederland. Volgens de prognoses van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) blijft de bevolking voorlopig groeien. De laatste prognoses gaan voor Nijmegen uit van groei tot in ieder geval 2040. Daarmee is Nijmegen in de regio de stad die sterk en het langst doorgroeit. De bevolkingsgroei en de grote woningvraag waarbij de woningvraag in Nijmegen ruimschoots het aanbod overstijgt, maakt de verdere ontwikkeling van Nijmegen Noord noodzakelijk. Er is nu zelfs sprake van overspannenheid op de woningmarkt. Er is dringend behoefte aan nieuwe woningbouwplannen en plancapaciteit om invulling te geven aan de gewenste versnelling van de woningbouwopgave.
3.4.2
Huishoudensprognose
In de afgelopen 10 jaar is het aantal zelfstandige huishouden in de gemeente Nijmegen met ruim 11.000 huishoudens toegenomen naar 96.185 in 2018 (+12%). De groei voor de komende jaren is van verschillende factoren afhankelijk, zoals de inwonersgroei, gezinsverdunning en het langer zelfstandig wonen. De groei van het aantal inwoners komt enerzijds door natuurlijke aanwas en anderzijds door een vestigingssaldo, zowel binnenland als buitenlands, waaronder ook expats en internationale studenten. Naast inwonersgroei speelt ook de gezinsverdunning mee. Huishoudens zijn gemiddeld steeds kleiner; met name het aantal alleenstaanden groeit. Deze tendens wordt het langer zelfstandig wonen van mensen met een zorgvraag versterkt (extramuralisering). Het plangebied Koudenhoek Noord ligt in de Waalsprong. Voor de Waalsprong geldt een bouwopgave van in totaal circa 12.000 woningen tot 2030. De keuze om in het Waalspronggebied te voorzien in de uitbreidingsbehoefte van Nijmegen, is al gemaakt in de jaren negentig van de vorige eeuw (Vinex). Hierover heeft besluitvorming plaatsgevonden op Rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Gezien de snelle groei van de stad en de beperkte uitbreidingsmogelijkheden in de stad, is de Waalsprong en de ontwikkeling van dit gebied noodzakelijk om in die groei, woningbouwbehoefte en versnellingsopgave van woningbouw te voorzien.
In (sub)regionaal verband zijn afspraken gemaakt over de woningbouwaantallen. De regio heeft daarbij afspraken gemaakt over de kwantiteit en kwalitatieve woningbouwopgave. Dit plan valt binnen de gemaakte afspraken over de woningbouwaantallen en sluit aan bij de behoefte.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
27
3.4.3
Bestaand stedelijk gebied
Bovengenoemde ontwikkeling bestaat voornamelijk uit grondgebonden woningen en appartementen in een nieuw groen 'omspoelend' landschap, waarvan de ligging kan varieren van aan het water, in de boomgaard of in tiny forests. Er is gekozen voor een zich onderscheidend woonmilieu met een geheel eigen en nieuwe identiteit, gericht op de toekomst met daarin een hoge ambitie met betrekking tot sociale inclusiviteit en duurzaamheid in de breedste zin van het woord, klimaatadaptie, natuurinclusiviteit, circulariteit, (e-)mobiliteit etc. In dergelijke ontwikkeling kan niet worden voorzien in bestaand stedelijk gebied. Er is veel vraag naar wonen in een woonmilieu met historie, groen en voorzieningen op korte afstand en goed woningaanbod van energiezuinige en duurzame woningen. Deze ruimte voor een planontwikkeling van 395 is elders in de stad niet beschikbaar.
3.4.4
Conclusie
Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in de transformatie ontwikkeling van 395 woningen. Dit past binnen de kwantitatieve en kwalitatieve woningbouwbehoefte. Ook past deze ontwikkeling in de provinciale doelen, bijvoorbeeld ten aanzien van duurzaamheid. Er wordt een bijzonder woonmilieu aan de Waalsprong toegevoegd.
3.5
Relevant gemeentelijk beleid
3.5.1
Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging'
In de Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging' beschrijft de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. De Omgevingsvisie gaat om meer dan alleen ruimtelijke aspecten, zo beschrijft de visie hoe de inrichting van de fysieke leefomgeving kan bijdragen aan sociale, maatschappelijke en economische doelen. De Omgevingsvisie vervangt sectorale beleidsvisie voor thema's die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen. Hiermee biedt de Omgevingsvisie één integraal document met de kaders voor het ruimtelijk beleid van Nijmegen. De Omgevingsvisie bouwt o.a. voort op bestaand beleid, het coalitieakkoord 2018-2022, en de structuurvisie uit 2013. In oktober 2020 is de Omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Door actualisatie blijft de Omgevingsvisie actueel. De Omgevingsvisie dient 4 doelen: 1. 2. 3. 4.
Een kader en inspiratie bieden voor initiatiefnemers uit de stad; Het geven van spelregels voor afstemming met de omgeving bij ontwikkelingen; Het in samenhang presenteren van de Nijmeegse ambities, als uitgangspunt bij het werk van medewerkers van de gemeente; Te gebruiken als sturingsinstrument voor het college van B&W en de gemeenteraad bij ruimtelijke ontwikkelingen en investeringen.
Uitgangspunt: Groei binnen de bestaande stad De Omgevingsvisie constateert dat Nijmegen tot 2040 blijft groeien in aantal inwoners, werknemers en bezoekers. Een belangrijk uitgangspunt van de Omgevingsvisie is het streven om die toekomstige groei te accommoderen binnen de bestaande grenzen van de stad. Zo blijft het aantrekkelijke landschap rondom de stad behouden en helpt verdichting bovendien om het draagvlak voor voorzieningen in stand te houden. Ruimte voor nieuwe woningen en werkgelegenheid wordt dus gezocht binnen de bestaande stadsgrenzen, waarbij de focus ligt
28
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
op de volgende gebieden: Waalsprong, Kanaalzone/Winkelsteeg en campus Heyendaal.
Waalfront,
centrum/stationsomgeving,
Opgaven en ruimtelijke keuzes 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes staat centraal in de Omgevingsvisie (zie figuren). Nieuwe ruimtelijke initiatieven dienen altijd bij te dragen aan de 4 grote opgaven uit de Omgevingsvisie, en bij voorkeur aan meer dan één tegelijkertijd.
4 opgaven De Economisch veerkrachtige stad, Sociale en gezonde stad, Aantrekkelijke stad, en Duurzame stad zijn de vier opgaven die de basis vormen van het bestuursakkoord (2018-2022) en de Omgevingsvisie. Van hieruit wordt de ontwikkeling van de stad bekeken en worden onze ambities geformuleerd. 1.
Economisch veerkrachtige stad We gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid voor zowel hooggeschoolden als voor praktisch werkenden.
2.
Sociale en gezonde stad Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen.
3.
Aantrekkelijke stad Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top 3 van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er vestigen zich ook meer jongeren. Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen.
4.
Duurzame stad Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven. De oplossingen die we samen met de stad en regio uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang.
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
29
8 richtinggevende keuzes De 4 opgaven voor Nijmegen zijn goed te combineren, we kijken daarom naar integrale oplossingen. Waarbij we een vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken benaderen en de oplossing bijdraagt aan het oplossen van meerdere problemen. Hieronder de kern van de richtinggevende keuzes uit de Omgevingsvisie. 1.
2.
3.
Compacte, dynamische stad: Omdat we de impact van groei op de omgeving zo klein mogelijk willen houden ligt de nadruk op verdichting. De groeiopgave willen we benutten om kwaliteit toe te voegen aan de stad, o.a. door meer functiemenging, informele werkmilieus en transformatie. Stedelijke knooppunten, daar waar voorzieningen, werklocaties en vervoersstromen samenkomen, zijn kansrijke plekken voor verdichting en functiemening. Bij nieuw te bouwen woningen verschuift het accent naar een- en tweepersoonshuishoudens, waaronder betaalbare woningen voor studenten, starters, ouderen en kwetsbare doelgroepen. Voor nieuwe kantoren is vooral het stationsgebied kansrijk. Brabantse Poort en Campus Heyendaal beschouwen we als toekomstbestendige kantoorlocaties. Voor onder meer logistiek en de maakindustrie ontwikkelen we in overleg met regio bedrijventerrein de Grift. Het Engieterrein wordt herontwikkeld voor watergebonden bedrijvigheid en bedrijven die duurzame energie opwekken. Op de campussen richten we ons op herontwikkeling, intensivering en functiemenging. In Winkelsteeg onderzoeken we de mogelijkheden voor een gemengd stedelijk milieu, daarbij rekening houdend met de perspectieven en ontwikkelmogelijkheden van bestaande en toekomstige bedrijvigheid.
Toekomstbestendige wijken Om tot een inclusieve en vitale stad te komen, streven we onder meer naar een goede mix van allerlei typen woningen en woonmilieus in sociale huur, huur en koop. In combinatie met de daarbij passende, bereikbare en goed toegankelijke voorzieningen. Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen staan de leefwereld, het welbevinden en de gezondheid van inwoners centraal. Tijdelijke functies en initiatieven ondersteunen we om verbeteringen te realiseren. Groene, gezonde stad We willen als stad bijdragen aan de gezondheid van onze inwoners en het verbeteren van de biodiversiteit. Een gezonde leefomgeving is daarbij een belangrijk integraal thema, waarbij het o.a. gaat om luchtkwaliteit, geluidsbelasting, hitte, groen en water, bewegen en mobiliteit, ontmoeten en voorzieningen. Dichtbij huis zijn er mogelijkheden om te ontmoeten, wandelen, spelen en sporten. Daarvoor ontwikkelen we o.a. een netwerk van aantrekkelijke beweegroutes op stad- en wijkniveau.
4.
Duurzame mobiliteit In de regio Arnhem-Nijmegen werken we gezamenlijk aan duurzame mobiliteit en bereikbaarheid. Het gaat om het inzetten en stimuleren van schone vervoersmiddelen en het efficiënter benutten van vervoer. Om de stad te laten groeien zonder mobiliteitsproblemen te laten ontstaan zetten we in op: lopen, fiets, OV en Mobility as a Service. Met deze vervoersvormen kunnen we een aantal maatschappelijke doelen bereiken. Duurzame mobiliteit brengt mensen in beweging, is goed voor de gezondheid en luchtkwaliteit, versterkt sociale cohesie, creëert gelijke kansen, versterkt de economische structuur en draagt bij aan de beleving van de stad.
5.
Energieopgave Ons doel is dat Nijmegen uiterlijk in 2045 energieneutraal en aardgasvrij is. Samen met andere gemeenten, waterschappen en de provincie stellen we een Regionale Energie Strategie (RES) op. Hierin maken we keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de daarvoor nodige opslag- en energie infrastructuur. De RES geeft met zoekgebieden aan welke gebieden in de regio geschikt zijn
30
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Koudenhoek Noord
voor de opwekking van hernieuwbare energie. 6.
Groter centrumgebied De komende jaren werken we aan de verbreding van het centrum naar de gebieden rondom de Waal. Onder de noemer 'Nijmegen omarmt de Waal' realiseren we verschillende projecten en ontstaat hier een variatie van nieuwe gemengde milieus en hebben de rivieroevers een belangrijke openbare functie. Het gaat o.a. om de Stationsgebied, NYMA, Hof van Holland, Waalkade, Valkhofkwartier, Vlaams Kwartier, en Burchtstraat/Augustijnenstraat.
7.
Sterke campussen De komende jaren blijven we investeren in de clusters Health & high Tech om nieuwe banen te creëren. We willen ruimte bieden aan nieuwe bedrijven en meewerken aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dit doen we mede door te investeren in uitstraling en kwaliteit en door de mogelijkheden voor intensivering en functiemenging op campussen te onderzoeken. De Novio Tech Campus, Campus Heyendaal en de binnenstad zijn sterke campussen in Nijmegen.
8.
We omarmen het kanaal We zien een samenballing van opgaven rondom het Maas-Waalkanaal. Hier zien we kansen voor intensivering en transformatie in de huidige woongebieden in Dukenburg, Lindenholt, Neerbosch-Oost, Hatert, groene gebieden en de werkgebieden Winkelsteeg en Oost-Kanaalhavens. Door de Kanaalzone tot ontwikkeling te brengen werken we o.a. aan een betere verbinding van Dukenburg en Lindenholt met de rest van de stad en geven we de bestaande wijken rondom het kanaal een impuls. De transformatieopgave vraagt om verdere verkenning en onderzoek.