Five Year Report Nijmegen European Green Capital 2018
Tekst van het document
ALWAYS A GREEN CAPITAL TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
2
ALWAYS A GREEN CAPITAL
ALWAYS A GREEN CAPITAL TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
4
#08
#10
#12
#14
#18
#20
#22
#24
#26
#28
#32
#38
ALWAYS A GREEN CAPITAL
INHOUD 05 Voorwoord Burgemeester Hubert Bruls 06 Green Capital Bekendheid activiteiten 08 Wethouders aan het woord Cilia Daemen en Tobias van Elferen 10
THEMA ENERGIETRANSITIE
12
Reeth en het windpark Koos Nijssen
14
THEMA VITALE STAD
16
Operatie Steenbreek en Herenboeren Ingrid Kerkvliet
18
Kleurrijk Groen Henk Moeniralam en Jitske Broers
20 THEMA CIRCULAIRE ECONOMIE 22 Dar en Circulaire Raad Bart de Bruin 24 Jonge ondernemer Puck Bakker 26 THEMA KLIMAATADAPTATIE 28 Theatermakers met groen hart Cor Burger en Robbert Koekoek 30 Weervrouw en klimaatambassadeur Margot Ribberink 32
THEMA MOBILITEIT
34 Expert stadslogistiek Birgit Hendriks 36 Feiten en cijfers Duurzame logistiek en mobiliteit 38
Infographic Bekendheid en draagvlak maatschappelijke transities
39 Colofon
VOOR ALTIJD GREEN CAPITAL Het is al weer vijf jaar geleden dat Nijmegen, de oudste stad van Nederland, in 2018 de duurzame hoofdstad van Europa was. Er is in die vijf jaar veel gebeurd en de urgentie van het investeren in een duurzame wereld en het tegengaan van klimaatverandering tekent zich overal op aarde steeds scherper af. Wij kijken nog steeds met trots terug naar Nijmegen European Green Capital 2018. De groene beweging in Nijmegen heeft in 2018 een boost gekregen die nu, vijf jaar later, nog steeds merkbaar is. In Nijmegen en ook in onze regio. We zetten grote stappen om stad en regio verder te vergroenen, we werken hard aan de energietransitie en de circulaire economie krijgt snel meer vorm. De enorme inzet van onze inwoners, ondernemers, instellingen en organisaties voor het realiseren van een aantrekkelijke duurzame toekomst voor iedereen is hartverwarmend en nog altijd inspirerend voor velen. Deze inzet is wat mij betreft de belangrijkste nalatenschap van Nijmegen European Green Capital. In dit Five-Year Report laten we daarom zo veel mogelijk de mensen aan het woord die elke dag actief zijn in het verduurzamen van onze stad en regio.
Zij vertellen hoe het Green Capital-jaar heeft bijgedragen aan een inclusieve benadering van duurzaamheid, hoe allerlei verschillende organisaties nu samen werken aan circulariteit, hoe de aanvankelijk ongewenste komst van windturbines in een kleine gemeenschap uiteindelijk geleid heeft tot duurzame samenwerking. U leest verhalen van duurzame doeners, ons ware kapitaal. Zij geven ons een hoopvolle indruk van hoe Nijmegen, voor altijd Green Capital, op koers blijft naar een aantrekkelijke duurzame toekomst voor iedereen. Ik wens u veel leesplezier. Hubert Bruls Burgemeester van Nijmegen, European Green Capital 2018
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
5
Top 3 van meest bekende activiteiten
1 Operatie Steenbreek Van verstening naar vergroening 13 juni 2018
66%
2 Picknick op de Waalbrug Nederlands grootste duurzame picknick 16 september 2018
49%
3 Het bezoekerspaviljoen Gerund door vrijwilligers 2018
EN VERDER... 4
5
6
7 4 8
9
Bron: Nijmegen European Green Capital, 4 jaar later. Stadspanel over duurzame veranderingen en European Green Capital (zie ook pag. 38 en 39)
6
8
Green Capital Challenges omarmt binnen het thema Afval de kunstroute Walk of Waste met kunstige vuilnisbakken op de Waalkade, 2018. Duurzaamheidscafé Nijmegen met op de voorgrond wijlen bestuurslid Irene Dankelman. In Nijmegen wordt de eerste circulair ingerichte sociale huurwoning van Nederland geopend, 30 januari 2018. Het eerste biervaatje Parapluvius, gewonnen uit Nijmeegs regenwater, wordt feestelijk aangeslagen, 5 juli 2018. Tijdens zijn bezoek aan Nijmegen European Green Capital test koning Willem-Alexander een circulair bankje, 4 juli 2018. Netwerk Kleurrijk Groen wordt opgericht om bewoners met verschillende achtergronden te bereiken, 2018.
6
ALWAYS A GREEN CAPITAL
5
7
9
48%
1
2
3
HIGHLIGHTS 1 2 3 4 5
6
7
8
4
5
7
Spiegelwaalconcert, 20 juni 2018. Wilgenhut bouwen tijdens Groene Vrijdag, 14 december 2018. Award ceremony in De Vereeniging met Navarone, 21 juni 2018. Openingsfestival Wondertuin, 19 t/m 21 januari 2018. Bertrand Piccard, initiatiefnemer van de Solar Impulse Foundation, tijdens de internationale conferentie EcoProcura over duurzaam inkopen, 3 t/m 5 oktober 2018. Ondertekening door 22 Europese steden van Call for Action voor verbetering duurzaamheid in steden, 23 november 2018. Burgemeester Hubert Bruls ontvangt het Green Capital-vouwboek van burgemeester Thomas Kufen van Essen, European Green Capital 2017, en opent officieel het Green Capital-jaar, 20 januari 2018. Opening van museum voor natuur en cultuurhistorie De Bastei, 19 en 20 mei 2018.
6
8
7
interview
CILIA DAEMEN EN TOBIAS VAN ELFEREN Cilia Daemen is sinds 2022 wethouder bij de gemeente Nijmegen. Zij is verantwoordelijk voor welzijn, gezondheid, inclusie, mobiliteit, klimaatadaptatie en stadsvergroening. Tobias van Elferen is sinds 2022 wethouder bij de gemeente Nijmegen. Hij is verantwoordelijk voor financiën, duurzaamheid (energie en milieu), cultureel erfgoed, digitalisering en ICT, personeel en organisatie.
• Wethouder Tobias van Elferen en wethouder Cilia Daemen zijn trots op de European Green Capital Award. Foto: Jan Willem de Venster
Wethouders blikken terug op vijf jaar sinds Green Capital:
‘HOE LATEN WE NOU DE HELE STAD MEEDOEN?’
Nijmegen was in 2018 European Green Capital. Er waren drie pogingen nodig om de titel naar de stad te halen, maar in 2016 werd in Ljubljana de Nijmeegse inzet beloond. Wat kregen de toenmalige raadsleden en huidige wethouders Cilia Daemen (GroenLinks) en Tobias van Elferen (D66) daarvan mee? En hoe kijken zij nu naar het effect van het Green Capital-jaar? Cilia Daemen herinnert zich de spanning tijdens de uitslagavond nog goed. “Wat me vooral bijstaat is het contactmoment met Harriët Tiemens (toenmalig wethouder duurzaamheid; red.), toen zij zei: ‘Ja, we zijn het!’. Als raadslid kreeg je natuurlijk ook wel iets mee van de voorbereiding: de pitch die daar gehouden werd, bewoners die met de bus en sommigen zelfs per fiets naar Ljubljana waren gegaan om de Nijmeegse delegatie daar te steunen. Maar ook hoeveel werk het was om de titel binnen te halen. Dat is een heel proces.”
8
ALWAYS A GREEN CAPITAL
Trots Tijdens de eerste poging in 2014 liep Tobias van Elferen, toen nog raadslid, een stuk met de supporters mee. “Tijdens het wandelen nam de spanning toe. We voelden dat we allemaal een bijdrage leverden om er een succes van te maken.” Toen in 2018 de derde poging slaagde, was hij vooral trots. “De duurzame, circulaire, groene ambities zijn in Nijmegen altijd hoog geweest. En plots krijg je erkenning als duurzame hoofdstad. Je bent gewoon Green Capital van Europa!”
Daemen wilde als raadslid, maar ook als bewoner ervaren wat zo’n benoeming nou betekent. “Hoe zorg je ervoor dat de hele stad erbij betrokken wordt? Dat was natuurlijk ook wel het debat in de raad. Ik ben zelf naar verschillende activiteiten gegaan. Bijvoorbeeld naar een bijeenkomst over tuinadvies. Om ook te weten: waar gaat de tijd en het geld in zitten?”
Hopeloos actueel Van Elferen vult aan: “De intentie en de ambitie waren hoog om mensen mee te laten doen. En dat is nog steeds enorm actueel. Wij zijn allebei nog dagelijks bezig met hoe laten we nou de hele stad meedoen? Hoe maken we duurzaamheid, vergroening, circulariteit iets van iedereen?”
‘Zaadje is in 2018 geplant’ Volgens Daemen gebruiken inwoners de in 2018 behaalde titel nog steeds terecht om de gemeente op haar verantwoordelijkheid te wijzen. “We zijn niet voor niets Green Capital geworden, want we waren met verschillende thema’s al enorm bezig. Dat hebben we kunnen vieren en sommige dingen hebben een extra vliegwiel gekregen. Ook gebruiken mensen het als argument in discussies: je bént Green Capital, dus waarom doe je dit dan niet?”
Aardgasvrij en isolatie Of, zoals Van Elferen het verwoordt: “Maak het maar waar. Noblesse oblige.” Zelf ziet hij het effect sinds Green Capital nog volop in Nijmegen. “Neem die trofee, die staat te pronken in de hal van het stadhuis. En projecten als aardgasvrije wijken en isolatie hadden er zonder Green Capital echt anders uitgezien.” De ambities liggen hoog, Nijmegen wil in 2045 aardgasvrij zijn, landelijk ligt dat streven op 2050. “Daarbij is iedere bewoner van belang. Als je dat kunt doen onder de Green Capitalvlag, dan zorgt dat voor herkenbaarheid. Je gaat samen voor zo’n ideaal.” Ook heeft Green Capital volgens hem een grote rol gespeeld bij het scherper op het netvlies krijgen van de grondstoffencrisis. “Het heeft ervoor gezorgd dat er nu veel circulaire kansen van de grond komen. Denk aan circulair bouwen, daar zijn we ontzettend druk mee bezig, hier en in de regio.* We doen dat wel omdat we toen dat zaadje hebben geplant. Behalve de CO2-crisis hebben we ook een grondstoffencrisis. Je ziet dat circulaire initiatieven echt voortkomen uit de Green Capital-tijd.” Daemen ziet in haar portefeuille ook duidelijke voorbeelden van initiatieven die vanuit Green Capital zijn voortgekomen. “Neem stadslandbouw, gezamenlijke moestuinen in de wijken en de opening van het nieuwe voedselloket in Nijmegen. Er zijn veel
van dat soort initiatieven, vaak vanuit bewoners of sociale ondernemingen ontstaan, die we met subsidies kunnen ondersteunen. Als je dat op weg helpt, heb je ook voor de lange duur een groep mensen aan acties verbonden.”
Meedoen Bewoners kunnen volgens haar ook makkelijk meedoen aan klimaatadaptatie dankzij een campagne als Operatie Steenbreek die in 2018 van start ging. “Een mooi voorbeeld van heel concrete dingen zoals tegels wippen, tuinadviezen, regenpijpen afkoppelen en geveltuinen aanleggen”, vertelt Daemen. “Als je wil meedoen, dan zijn dit de opties die jij hebt. En we kunnen je er ook nog bij ondersteunen.” Ze is enthousiast over de manier waarop verschillende bewonersgroepen worden benaderd. “Dat is denk ik ook wel iets wat we geleerd hebben van het Green Capital-jaar. Dat het niet voor iedereen hetzelfde werkt.”
Duurzame mobiliteit Schone lucht is volgens Daemen ook een belangrijk, maar wel abstracter thema. “In het Green Capital-jaar is een manifest ondertekend voor schonere binnenvaart en dat werkt nu ook nog. Zo werd recent een landelijk verbod op varend ontgassen aangekondigd dat vanaf volgend jaar juli ingaat.” Verder kwamen er in 2018 eHubs. “Feitelijk de start van deelmobiliteit in Nijmegen”, vertelt Van Elferen. Daemen knikt instemmend. “Deelmobiliteit is toen goed op de kaart gezet. Er is in Nijmegen ook meer draagvlak dan in sommige andere steden, veel inwoners maken zelf al een keuze voor deelmobiliteit.” Van Elferen vult aan: “Het is als derde stad op het gebied van woningtekort ook geen wensbeeld, het is de enige manier.”
Onderwijs en inclusie Daemen noemt verder nog de Nijmeegse onderwijsinstellingen
Radboud Universiteit en HAN, die steeds meer opleidingen hebben waarin duurzaamheid is verankerd. “Radboud Universiteit heeft zelfs in alle opleidingen een plek gegeven aan duurzaamheid.” Van Elferen voegt daar nog het ROC aan toe. “Zij gaan mboleerlingen van technische opleidingen voorbereiden op de transitie. En we hebben deze studenten daarbij ook keihard nodig. De arbeidsmarkt is misschien wel een van de grootste knelpunten als het gaat om versneld verduurzamen.” Inclusiviteit was ook een belangrijk speerpunt in 2018. “Als je wil dat iedereen mee kan doen aan de strijd tegen klimaatverandering, dan wil je groepen mensen die niet van nature in die groene netwerken zitten er ook bij hebben. Netwerk Kleurrijk Groen is toen opgericht (zie ook pag. 18 en 19; red.). Dat was ook echt nodig, want anders blijft het thema van een te kleine groep mensen.”
Op de kaart gezet Nijmegen heeft zichzelf op de kaart gezet als duurzame hoofdstad van Europa. Dat bleek ook weer toen de BBC een lovend artikel schreef over The progressive city that few know (zie QR-code pag. 39). Blijft Nijmegen zich als Green Capital profileren of liever als koploper op duurzaamheidsgebied? “We hoeven niet te kiezen”, stelt Van Elferen. “We blijven die vlag hijsen. En we blijven strijden onder die vlag. Op een gegeven moment wordt het steeds moeilijker aan te tonen dat wat we doen voortkomt uit Green Capital, maar laat het maar gewoon een vlag zijn waaronder we strijden, waar we trots op zijn.” ∞
*Sinds 2021 is er regionale samenwerking van 18 gemeenten in de Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen. Circulariteit is, mede voortvloeiend uit het Nijmeegse Green Capital-jaar, een van de vijf opgaven van deze regiosamenwerking.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
9
10
ALWAYS A GREEN CAPITAL
ENERGIE TRANSITIE Nijmegen energieneutraal, dat is waar we in 2045 willen zijn! Dat betekent dat we streven naar een volledig duurzame energievoorziening en aardgasvrije wijken in 2045, waarbij, binnen de grenzen van de regio, op termijn evenveel duurzame energie wordt opgewekt als we gebruiken. Dat vraagt om betrokkenheid van de gemeente, inwoners en bedrijven. En het vraagt om slimme oplossingen.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
11
interview
windparknijmegenbetuwe.nl
• Koos Nijssen, secretaris van buurtvereniging Leefbaar Reeth. Foto: Erik van ‘t Hullenaar
Koos Nijssen over leefbaarheid buurtschap Reeth:
‘NIET ALLEEN DE LASTEN, MAAR OOK DE LUSTEN’ “Het is hier prachtig en we hebben een fijne en hechte buurt.” Koos Nijssen geniet van het wonen in buurtschap Reeth, even ten noorden van Nijmegen. Maar dat woongenot wordt wel steeds behoorlijk op de proef gesteld, vertelt de secretaris van buurtvereniging Leefbaar Reeth. Aanvankelijk verzette het buurtschap zich dan ook tegen de komst van Windpark Nijmegen-Betuwe. Nu gaat het samenwerken met de initiatiefnemers van het windpark voor de komst van een eigen zonnepark, van en voor de bewoners van Reeth. Koos Nijssen verhuisde twaalf jaar geleden van de Flevopolder naar Reeth in de gemeente Overbetuwe. “Een heel fijne, hechte buurt die elkaar helpt als het nodig is”, vat Nijssen de kleine gemeenschap samen. Toen hij er kwam wonen, was al bekend dat er vlakbij, op Nijmeegs grondgebied, mogelijk een windpark zou komen. “Ik was al wat gewend, in de Flevopolder staan
12
ALWAYS A GREEN CAPITAL
honderden windmolens. Daardoor was ik er niet zo bang voor dat de afstand tot ons huis, minimaal 600 meter, een probleem zou worden.” Maar toen de vier windturbines eind 2016 gingen draaien, bleek de dichtstbijzijnde molen tóch voor overlast te zorgen. Bij laagstaande zon viel de slagschaduw van de wieken over de woning. “Je kon dan geen krant meer lezen, dan
WINDPARK EN ZONNEPARK Windpark Nijmegen-Betuwe telt vier windmolens met een hoogte (inclusief wieken) van 150 meter. Het windpark ligt op Nijmeegs grondgebied en levert sinds eind 2016 duurzame energie voor ruim 7.000 huishoudens per jaar. De vier windmolens kregen in 2021 gezelschap van Zonnepark de Grift met ruim 11.000 zonnepanelen. Genoeg om 1.475 huishoudens per jaar van duurzame energie te voorzien. Zonnepark de Grift is, net als het windpark, eigendom van burgers.
werd je echt helemaal gek.” Nadat de molens anders waren afgesteld, was dit probleem verholpen. “Ik merk nu vrijwel niks meer van de windmolens. Maar dat geldt niet voor iedereen in de buurt hoor. Sommigen horen continue een lage bromtoon en dat is echt heel vervelend.”
Biertje drinken Toen duidelijk was dat het windpark er definitief kwam, hebben de bewoners vóór de bouw afspraken gemaakt met de ontwikkelaars. Volgens Nijssen ging dat in een goede sfeer. “We waren het niet met elkaar eens, maar we dronken na afloop van onze gesprekken rustig samen een biertje.” Afgesproken werd dat alle huishoudens binnen 650 meter van een windmolen 10.000 euro compensatie kregen, als ze geen individuele planschadevergoeding zouden indienen. Op één na hebben alle bewoners daar toen gebruik van gemaakt.
Goede buren Verder spraken beide partijen af dat de slagschaduw van de wieken zou worden teruggebracht naar nul. Normaal gesproken liggen die afspraken een stuk ruimer: maximaal zeventien dagen per jaar en dan maximaal twintig minuten per keer. Ook richtte het windpark een omgevingsfonds op. Dat fonds levert een positieve bijdrage aan de leefbaarheid in de omgeving van Windpark Nijmegen-Betuwe. “De landelijke richtlijn is dat windparken per megawattuur die ze produceren 50 cent in een omgevingsfonds stoppen. Dat gebeurt bij ons ook”, vertelt Nijssen, “alleen heeft Windpark NijmegenBetuwe dat bedrag verhoogd naar 1 euro per megawattuur.” Waarom betaalt het windpark twee keer zoveel? “Omdat zij goede buren willen zijn van ons. En omdat zij heel goed begrijpen dat zij overlast veroorzaken in de buurt, denk ik.” Reeth financierde verschillende initiatieven uit het omgevingsfonds (zie kader).
OMGEVINGSFONDS WINDPARK Het omgevingsfonds van Windpark Nijmegen-Betuwe verstrekt subsidies voor projecten en initiatieven op het gebied van duurzaamheid, energiebesparing en duurzame energie, leefbaarheid en sociale samenhang. Reeth is een van de vier woongebieden waar het omgevingsfonds geld aan uitkeert. Het buurtschap kreeg tijdens de eerste aanvraagronde (najaar 2018) geld voor drie buurtschapsnaamborden van cortenstaal en een startbijdrage in de kosten voor de aanleg van glasvezel. Met het toegezegde geld uit de laatste ronde (najaar 2022) hebben de bewoners een AED-apparaat aangeschaft en hebben achttien van hen een reanimatietraining gevolgd. Ook is er een bedrag toegezegd voor een samenkomstruimte bij het geplande coöperatieve zonneveld van buurtschap Reeth.
Inwoners van Reeth zijn inmiddels zelf ook betrokken bij het windpark. “Als het windpark bezoekers uit andere gemeenten ontvangt, worden wij vaak uitgenodigd om iets te vertellen vanuit het bewonersperspectief. Hoe wij vinden dat het is gegaan en hoe wij vinden dat het nu loopt. Daar werken we met elkaar aan mee. Sterker nog, een van onze buurtbewoners is nu beheerder van het bezoekerscentrum van het windpark.”
Fair De manier waarop het windpark omgaat met de omwonenden, maakt volgens Nijssen dat het buurtschap inmiddels met de windmolens kan leven. “Sommige buren hebben er écht last van en dat is verschrikkelijk vervelend. Maar hoewel veel bewoners nog steeds liever geen windpark zouden willen, kan de grote groep er wel mee leven. Het is geen breekpunt meer.” De goede afspraken, maar ook het omgevingsfonds spelen daarbij een belangrijke rol. “Het is niet fair om alleen maar anderen geld te laten verdienen in jouw buurt, waarom krijgt die buurt dan zelf ook niet wat? Dat gevoel is heel sterk bij ons”, stelt Nijssen, niet alleen doelend op het windpark, maar ook op andere ontwikkelingen vlak bij Reeth. Hij noemt het grote zonnepark dat momenteel wordt aangelegd én de mogelijke komst van een railterminal
waar hij zich fel tegen verzet. “We lijken wel het afvalputje van Overbetuwe voor allerlei projecten en op een gegeven moment is het gewoon genoeg.”
Eigen zonnepark Inmiddels is het buurtschap bezig om zelf een zonnepark van 5 hectare op te richten. “We vonden het eigenlijk te gek dat wij als buurtschap wel de lasten hebben, maar niet de lusten. Dus wij wilden ook wel een stukje ‘lusten’. En we wilden ook een bijdrage leveren aan de energietransitie”, vertelt Nijssen. “We wonen in een buurt met wat oudere huizen die moeilijk te verduurzamen zijn. En als we dan toch iets willen bijdragen, dan is een eigen zonnepark natuurlijk wel heel erg leuk.” Inwoners van Reeth brachten het startkapitaal voor onderzoek en vergunningaanvraag bij elkaar en richtten een coöperatie op. Inmiddels heeft de gemeente Overbetuwe een vergunning afgegeven voor de bouw van zonnepark het Reethse Veld. “We hopen nog dit jaar van start te kunnen gaan met de bouw”, vertelt Nijssen. “Omdat wij goed contact hebben met de medeontwikkelaar van het windpark, Pim de Ridder van Wiek-II, doen we de ontwikkeling van ons eigen zonnepark nu ook samen met hem.” Daarmee is het toekomstige zonnepark een mooi voorbeeld van hoe partijen die eerst tegenover elkaar stonden nu samenwerken aan de energietransitie. ∞
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
13
14
ALWAYS A GREEN CAPITAL
VITALE STAD De oudste stad van Nederland bruist van de energie! Oftewel: Old City, Young Vibe. Een vitale stad ademt, groeit, is groen en biedt ruimte. Nijmegen heeft het allemaal, vindt ook het Green Destinations Comité. Na vier Golden Awards kregen we in 2022 een Platinum Award! Een wereldwijde erkenning voor bestemmingskwaliteit en bestemmingsbeheer ten behoeve van duurzaam toerisme.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
15
interview
Ingrid Kerkvliet over Steenbreek, Herenboeren en Van Tuin Tot Bord:
‘GROEN IS GEEN SLUITSTUK, MAAR EEN STARTPUNT’ Als het gaat om een gezonde leefomgeving, dan kun je in Nijmegen niet om Ingrid Kerkvliet heen. Ze vertelt bevlogen over vergroenen, biodiversiteit en duurzame (stads)landbouw. Volgens haar is het vijf over twaalf, maar helpt het niet om somber in een hoekje te gaan zitten. “Met elkaar kunnen we zeker iets bewerkstelligen.” Het netwerk dat ze tijdens het Green Capital-jaar opbouwde, loopt als een groene draad door de loopbaan van Ingrid Kerkvliet. De thema’s biodiversiteit, duurzame landbouw en klimaatadaptatie staan daarbij centraal. Met het project Stadsbijen zette ze in 2013 de eerste bijenkasten op het dak van het stadhuis, waarna ze in de loop van 2017 aanhaakte bij de Green Challenges. Die brachten een jaar later, toen Nijmegen Green Capital was, iedere maand een ander thema onder de aandacht van inwoners van de stad. Kerkvliet werd aanjager van de thema’s biodiversiteit en food. Eind 2017 kwam daar nog een opdracht bij: Operatie Steenbreek Nijmegen, een campagne om inwoners aan te sporen de tegels in hun tuin te vervangen door groen. “Ik voelde me vereerd en was enthousiast, maar wilde de campagne graag samen met iemand opzetten.” Ze benaderde Yvonne Keijzers, met wie ze eerder het vrouwennetwerk Future Builders had opgericht. “Ook zij was meteen enthousiast.”
Meerjarig Kerkvliet vertelt dat de gemeente al langer wilde aanhaken bij de landelijke Stichting Steenbreek, zeker met het
16
ALWAYS A GREEN CAPITAL
Green Capital-jaar in het vooruitzicht. “De Europese Commissie verlangt natuurlijk ook dat je na zo’n jaar doorgaat met duurzame activiteiten. Daarom was deze campagne, die ook na 2018 door zou lopen, heel geschikt.” Ook voor haarzelf was het vooruitzicht op een langer lopend project een prettig vooruitzicht. “Je bouwt een campagne nooit in één jaar op. Je hebt altijd minstens twee jaar nodig voor de opbouw, het zaaien, en dan kun je eigenlijk pas gaan uitbouwen, of oogsten.”
Boomfeestdag NL Bloeit!, een latere vaste samenwerkingspartner van Operatie Steenbreek, was al bezig om een soort XL-versie van de Nationale Boomfeestdag te organiseren voor het Green Capital-jaar. Op 14 maart 2018 deden maar liefst 32 basisscholen mee. “Dat was hét lanceringsmoment voor Steenbreek, ook omdat een week later de gemeenteraadsverkiezingen plaatsvonden. Dan laten politici zich graag zien en helpen mee”, vertelt Kerkvliet glimlachend. Er gingen die dag zo’n dertienduizend tegels uit en er kwamen zesduizend bomen en planten voor in de plaats.
“Daarnaast was er een leuke sfeer op al die schoolpleinen. En we hebben enorm veel publiciteit gehaald, onder meer met een groot artikel in de Volkskrant. Het was een geslaagde start en dit is ook hoe we daarna verder zijn gegaan: aanhaken bij acties en publiciteit zoeken. Helaas is Yvonne Keijzers in oktober 2019 na een kort ziekbed overleden. Ze heeft een grote bijdrage geleverd aan de succesvolle start van Operatie Steenbreek.”
Nieuwe uitdaging Er volgde een periode van bouwen aan naamsbekendheid, netwerken en aanhaken bij projecten van de gemeente en woningbouwcorporaties. “Na tweeenhalf jaar begon dat z’n vruchten af te werpen. Want toen gingen partijen óns benaderen. En bewoners wisten ons beter te vinden.” Na vijf jaar kijkt ze terug op een geslaagde campagne, waarmee jaarlijks honderdduizend tegels werden opgehaald. Afgelopen juni maakte Kerkvliet de overstap naar Natuur en Milieu Gelderland om daar aan de slag te gaan als projectleider landbouw, voedsel en gezonde leefomgeving.
Herenboeren Ook zet ze zich zo’n acht uur per week in als voorzitter van Herenboeren Nijmegen en Lingezegen. Herenboeren staat voor samen duurzaam voedsel produceren: voedsel van dichtbij, met veel aandacht voor biodiversiteit en een
‘We zijn iets heel moois aan het opbouwen’
steenbreeknijmegen.nl
• Ingrid Kerkvliet afgelopen voorjaar als campagneleider Operatie Steenbreek Nijmegen. Foto: David van Haren
gezonde bodem. De boerderij wordt gedragen door ruim tweehonderd huishoudens. Die huishoudens zijn mede-eigenaar, leggen 2.000 euro in (1.000 euro bij een eenpersoonshuishouden) en betalen een vast bedrag aan contributie voor dat wat er van het land komt. De zoektocht naar een eerste stuk grond – het doel is drie Herenboerderijen in de buurt van Nijmegen – duurde maar liefst tweeënhalf jaar. Op 1 juni gingen de eerste planten en zaden de grond in bij de eerste Herenboerderij, ten noorden van Nijmegen, in Park Lingezegen. “Hoewel het een lange zoektocht was, heb ik toch altijd gedacht: we zijn iets heel moois aan het opbouwen.” Ze vertelt enthousiast over de bevlogenheid binnen het bestuur. “Niet alleen bij de zoektocht naar grond, maar ook in de overtuiging dat de landbouw anders moet. Met de boeren, de leden en het bestuur van Herenboeren Lingezegen laten we zien dat je voedsel kunt produceren zonder gebruik van bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Het is elke
week genieten wanneer iedereen het oogstaandeel komt ophalen. Met elkaar kunnen we zeker iets bewerkstelligen.”
Sociale aspect Kerkvliet is ook voorzitter van Stichting Van Tuin Tot Bord. “Met drie buurtmoestuinen en drie buurtrestaurants speelt het sociale aspect hier een belangrijke rol. Naast het kennismaken met gezond voedsel, ook voor mensen met weinig geld. Het draait om samen in de tuin werken, samen koken en samen eten. In dit project komen heel veel dingen samen die enorm belangrijk zijn als je aan een leefbare, gezonde stad wil werken.”
Netwerk Zowel bij Van Tuin Tot Bord als bij Herenboeren Nijmegen en Lingezegen kwam Kerkvliet een paar oude bekenden tegen, allemaal contacten die ze opdeed of aanhaalde tijdens Green Capital. “Persoonlijk heb ik in dat jaar mijn netwerk flink uitgebreid. Net zoals nu dus bij Herenboeren. Daar word ik altijd
heel gelukkig van: met een fijn team bouwen aan iets wat ik heel mooi vind én wat bijdraagt aan mijn persoonlijke ontwikkeling. Dat laatste vind ik ook altijd wel belangrijk.” De titel Green Capital geeft een stad als Nijmegen volgens Kerkvliet de kans om te reflecteren. “Wat doen we en waar willen we naartoe? Soms vrees ik dat die scherpte ook weer weg kan zakken door de waan van alledag. Dat is jammer, je zou eigenlijk iedere keer weer een wake-upcall moeten hebben. Juist omdat de urgentie zo enorm is wat betreft de biodiversiteitscrisis en de klimaatcrisis. Hoewel ik het woord crisis eigenlijk niet wil gebruiken, volgens mij is het falend beleid. Een crisis overkomt je, maar dit hebben we al vijftig jaar aan zien komen.” Tot slot heeft ze een wens voor Nijmegen. “Als ik kijk naar klimaatadaptatie, dan is het tóch harder trekken aan het vergroenen. Zeker ook als je ziet wat er bij wordt gebouwd in de stad. Groen moet geen sluitstuk zijn, maar een startpunt. Bij alles wat we doen.” ∞
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
17
interview
‘Wij hebben ervoor gezorgd dat verbreding heeft plaatsgevonden’
bureauwijland.nl
• De eerste Leergang Kleurrijk Groen met uiterst links Henk Moeniralam. Foto: Jeroen van Heijningen
Henk Moeniralam en Jitske Broers van Kleurrijk Groen:
‘DUURZAAMHEID IS VAN IEDEREEN’ “Kleurrijk Groen is springlevend. En blijft doorgaan, omdat de nood voor een diverser draagvlak van duurzaamheid nog steeds hoog is.” Aan het woord is Jitske Broers, sinds anderhalf jaar programmacoördinator Kleurrijk Groen bij Bureau Wijland. Samen met oud-voorzitter Henk Moeniralam van Netwerk Kleurrijk Groen blikt ze terug op de eerste jaren van Kleurrijk Groen, een initiatief van Bureau Wijland. Dit advies- en projectbureau zet zich in voor een duurzame en diverse samenleving.
De oorsprong van Kleurrijk Groen ligt in het jaar vóór het Green Capital-jaar. Henk Moeniralam vertelt dat directeur Qader Shafiq van Bureau Wijland in 2017 bij een voorbereidingsconferentie op dat Green Capital-jaar was. “Hij zag een nogal eenzijdig samengesteld publiek en dacht: dit kan niet, de betrokkenheid bij Green Capital moet worden verbreed.” Daarom organiseerde hij later dat jaar een ontmoetingsconferentie op een boot op de Waal.
18
ALWAYS A GREEN CAPITAL
Na deze bijeenkomst werd een netwerk opgebouwd. Moeniralam, die dertig jaar als milieuonderzoeker bij de gemeente Nijmegen had gewerkt, ging in zijn eigen netwerk op zoek naar geschikte kandidaten. “Elke eerstelijnspersoon moest vijf personen uitnodigen, de tweede lijn moest weer drie personen uitnodigen. Zo heb ik vanuit de Caribisch-Surinaamse gemeenschap acht personen meegebracht.” Naar aanleiding van de ontmoetings-
conferentie werd de eerste Leergang Kleurrijk Groen opgezet. Tijdens zo’n leergang worden ambassadeurs opgeleid die in hun eigen achterban kennis over verduurzaming delen. Vorig jaar vond de tweede leergang plaats en dit najaar gaat een derde leergang van start. “Kleurrijk Groen is springlevend. En blijft doorgaan, omdat de nood voor een diverser draagvlak van duurzaamheid nog steeds hoog is. Duurzaamheid is van iedereen”, vertelt programmacoördinator Jitske Broers. Een leergang bestaat uit acht modules: strategische invloed en beïnvloedingsvaardigheden, afvalpreventie, duurzame mobiliteit, energie en energietransitie, inspiratie en motivatie, journalistieke tips, economie en duurzaamheid en de wereld van de bijen. “Er worden eisen gesteld aan de deelnemers. Ze krijgen de cursus
• Bijeenkomst van Netwerk Kleurrijk Groen in de Hortus Nijmegen, september 2022. Henk Moeniralam staat voor de groep en Jitske Broers zit uiterst links. Foto: Kleurrijk Groen
Vaste groep
gratis, maar moeten wel een opdracht uitvoeren. Die opdracht luidt: groene kennis omzetten in groene invloed”, aldus Moeniralam, die zelf deelnam aan de eerste leergang.
Ogen in de wijk “Iedere deelnemer krijgt een opdracht om een duurzaam initiatief te organiseren binnen zijn of haar eigen groep”, vertelt de oud-voorzitter. “En om dat ook zelf vorm te geven”, vult Broers aan. “Ze mogen hun eigen input daarvoor gebruiken. Zij zijn de ogen in hun wijk en kunnen signaleren waar behoefte aan is. De opdracht ligt er dus, de uitvoering is aan de deelnemer. Dat zorgt voor een scala aan allerlei creatieve ideeën.” Het aantal deelnemers aan een leergang varieert van twaalf tot acht per keer. “De eerste leergang heeft veel losgemaakt”, aldus Moeniralam. “Toen ik bij de gemeente Nijmegen werkzaam was, deed ik via de milieumonitor vaak onderzoek naar de betrokkenheid van de Nijmeegse bevolking bij duurzaamheid en de concrete deelname aan duurzame initiatieven. Steeds bleek dat er maar een beperkte groep deelnam: mensen met een hoog inkomen en een hoge opleiding. En die woonden in bepaalde wijken. Bureau Wijland en de Leergang Kleurrijk Groen hebben ervoor gezorgd dat verbreding langzaam heeft plaatsgevonden. Dat kan via onderzoek worden aangetoond.” Broers vertelt dat de deelnemers aan het eind van een leergang een certificaat krijgen. “Ook bieden we ze altijd een excursie aan. We doen dat ook een beetje
als waardering. Bij de eerste en de tweede leergang gingen de deelnemers naar een imkerij met uitgebreide rondleiding en honing proeven. Dat was educatief, maar ook leuk en goed voor het groepsgevoel. En je leert een heleboel van die bijen, wat betreft het milieu.”
Voortvloeisels Onder de noemer van Kleurrijk Groen zijn sinds de eerste leergang ook andere projecten ontstaan, vertelt Broers. Ze noemt festival Di-Vers, waar afgelopen september de vijfde editie van plaatsvond. Dit festival staat in het teken van ontmoeting en verbinding tussen mensen, culturen en natuur. “Daarnaast hebben we een project Kleurrijk Koken gehad met kookfilmpjes vanuit allerlei hoeken van de wereld. We hebben ook nog een project Groen Doen! gehad, in samenwerking met bureau Lentekracht.” Dit inmiddels afgeronde project leverde negen groene initiatieven op, variërend van groene gevels tot insectenhotels. “En het Wij-bos, natuurlijk”, vult Moeniralam aan. In dit bos zijn zowel inheemse als uitheemse bomen geplant en iedere boom in het Wij-bos heeft een naam of aanduiding die verwijst naar het land of gebied waar diverse burgers in de samenleving vandaan komen. “Mensen die een leergang hebben gevolgd, kwamen daar ook een boom planten. Zij namen hun familie mee, namen hun kinderen mee en die kinderen vertellen er weer over op school. Een mooi sneeuwbaleffect.” Het Wij-bos is inmiddels vol, er zijn plannen voor een tweede perceel.
“De mensen die aan een leergang hebben meegedaan, blijven in ons netwerk”, vertelt Broers. “Dat is een groep nu, aangevuld met mensen die niet hebben deelgenomen aan een leergang. Die groep mensen helpt ons, ondersteunt ons bij andere projecten die wij uitvoeren. Bijvoorbeeld tijdens festival Di-Vers, daar geven zij workshops of ze treden op. Zo hebben zij meegeholpen bij het internationaal festival voor wetenschapsfilms InScience en democratiefestival Grondfest waar we een programma hebben verzorgd met leden van Netwerk Kleurrijk Groen. Dat zijn allemaal voortvloeisels.” Volgens Moeniralam is Kleurrijk Groen inmiddels een vaste speler in Nijmegen op het gebied van duurzaamheid. Maar het netwerk is ook over de gemeentegrenzen gegroeid. “Inmiddels is er ook een Netwerk Kleurrijk Groen Arnhem. Dat is absoluut voortgekomen uit het netwerk in Nijmegen”, aldus de oud-voorzitter. Is een verdere uitbreiding denkbaar? “Dat kan. We zijn er nog lang niet hoor. Met name jongeren in bepaalde groepen kunnen we nog meer stimuleren. Zij zijn de wereld van de toekomst en daar moeten we ons een beetje op gaan richten.”
Duurzame 100 Kleurrijk Groen veroverde drie jaar op rij een mooie plek in de Trouw Duurzame 100: nummer 35 in 2019, nummer 20 in 2020 en nummer 14 in 2021. Dat Kleurrijk Groen nu niet meer voorkomt in deze lijst, is te danken aan het feit dat directeur Qader Shafiq van Bureau Wijland inmiddels zelf zitting heeft genomen in de jury. Waarmee de initiatiefnemer van Kleurrijk Groen zelf het goede voorbeeld geeft: groene kennis omzetten in groene invloed. En programmacoördinator Broers helemaal gelijk heeft: Kleurrijk Groen is springlevend! ∞
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
19
20
ALWAYS A GREEN CAPITAL
CIRCULAIRE ECONOMIE Sinds het Green Capital-jaar zijn in Nijmegen veel activiteiten en initiatieven rondom de circulaire economie ontstaan. In een circulaire economie proberen we grondstoffen en onderdelen zoveel mogelijk te hergebruiken. Ondernemers, onderwijsinstellingen en overheden vormen sinds 2020 samen de Circulaire Raad Rijk van Nijmegen, dé aanjager van het regionale circulaire programma.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
21
interview
Bart de Bruin, algemeen directeur van Dar:
‘NIJMEGEN EN DE REGIO OMARMEN DE CIRCULAIRE TRANSITIE’ dar.nl
• Bart de Bruin, algemeen directeur van Dar. Foto: Dar
In de gemeente Nijmegen verzorgt Dar de afvalinzameling en het beheer van de openbare ruimte. Bart de Bruin is er al ruim een decennium werkzaam, sinds 2018 als algemeen directeur. Daarnaast is hij onder meer voorzitter van de Circulaire Raad Rijk van Nijmegen. Deze raad is een collectief van ondernemers, overheid en onderwijs die de circulaire economie in de regio willen aanjagen. Het Green Capital-jaar heeft er mede voor gezorgd dat de transitie naar een circulaire economie regionaal op de agenda is gekomen. “Voormalig wethouder Harriët Tiemens was op zoek naar manieren om het Green Capital-jaar een blijvende en steeds grotere impact te laten krijgen. In die zoektocht zijn we uitgekomen op een groot draagvlak om dit met de hele regio én met alle overheden, onderwijs en ondernemers op te pakken.” Dat leidde in 2020 tot de oprichting van de Circulaire Raad met De Bruin als voorzitter. “Met een kernteam met RvN@ en ook twee Nijmeegse ambtenaren die mee
22
ALWAYS A GREEN CAPITAL
tempo maken op dit dossier, om het zo maar te zeggen. Nijmegen pakt zeker een eigen verantwoordelijkheid om dat te blijven stimuleren. Dat vind ik mooi om te zien en dat is ook nodig”, aldus De Bruin. “Dat is denk ik de grootste legacy op het gebied van circulariteit, dat we mede dankzij de Circulaire Raad en zijn netwerk echt meters maken in de circulaire transitie.”
Bestaansrecht De Bruin noemt als voorbeeld het Lifeport Festival Circulair, eenjaarlijks evenement in Nijmegen dat regionaal mkb, onderwijs en overheid samen-
brengt om te werken aan een meer circulaire economie. Op de laatste edities kwamen ruim driehonderd bezoekers uit de regio af. “Dat zijn allemaal mensen uit deze regio die iets met circulariteit hebben”, vertelt De Bruin. “Daar zit dus energie! En dat gaan we de komende jaren verder uitbouwen.”
Circulaire prijs Een ander concreet resultaat van de Circulaire Raad is de Cirkel, een circulaire prijs die sinds 2020 wordt uitgereikt. De prijs is bedoeld voor de organisatie of ondernemer die zich het meest onderscheidt op het gebied van circulair ondernemen door de positieve impact op het grondstofgebruik. Vaak zijn dat wat grotere, gevestigde bedrijven, erkent De Bruin. “Maar omdat we zagen dat startende ondernemers eigenlijk niet konden concurreren, hebben we in 2022 nog een prijs in het
leven geroepen: de Startup Cirkel. We staan aan het begin van de circulaire transitie, daarom is het goed om juist deze kleinere bedrijven met prachtige circulaire innovaties in de schijnwerpers te zetten en ze te helpen om verder te gaan groeien.”
‘De alternatieve ambtsketen voor de burgemeester is een praktisch voorbeeld van legacy’
Voor het vervolgtraject ligt een aanvraag bij de Regio Deal Arnhem-Nijmegen, een partnerschap tussen Rijk en regio om opgaven in de regio aan te pakken. De Bruin hoopt daar geld uit te krijgen zodat de Circulaire Raad een aantal jaren door kan. “De inhoudelijke projecten gaan wel lopen, maar je hebt ook procesgeld nodig. Onder meer voor een programmadirecteur en in ons geval de bijdrage aan het innovatieplatform RVN@, een soort spin in het web die alles organiseert. We draaien nu een aantal jaren met behulp van alle partners met ook de provincie erbij. Het wordt tijd voor de volgende fase. Ik hoop dat de Regio Deal gaat lukken en dat we het aantal ondernemers fors gaan uitbreiden, dan kunnen we weer een aantal jaren door.”
in rap tempo een aantal voorbeelden van de bijdrage van Dar aan het Green Capital-jaar. “We waren bij allerlei evenementen betrokken. Daarnaast maakte de milieustraat deel uit van de groene routes die dat jaar langs allerlei duurzame initiatieven in de stad gingen. En samen met de stichting Wecycle en netbeheerder Alliander hebben we een alternatieve ambtsketen voor de burgemeester mogelijk gemaakt.” Deze circulaire ambtsketen is gemaakt van oud koper en uit elektronica-afval teruggewonnen edelmetalen. “Als je het hebt over legacy, dan is dit wel een heel mooi voorbeeld. Ik vind wel dat we er nog wat mee moeten gaan doen. Hij krijgt gelukkig binnenkort een hele mooi zichtbare plek op het stadhuis. Daarnaast zou ik het mooi vinden als we die keten wellicht kunnen koppelen aan de circulaire prijs.”
Topprestatie
Lijn voortzetten
De Bruin werd halverwege het Green Capital-jaar benoemd tot algemeen directeur bij Dar, daarvoor was hij er al werkzaam in andere functies. “Nijmegen is onze grootste aandeelhouder. Als je bij het behalen van zo’n titel kunt helpen, dan moet je dat doen. En ik denk dat Dar voor Nijmegen een belangrijk instrument is om te zorgen dat de stad – en nu kom je op onze missie uit – een circulaire, frisse en groene leefomgeving heeft. Nijmegen is onze klant en de 180 duizend inwoners zijn dat ook. Gezamenlijk leveren we elke dag een topprestatie waardoor het zo prettig wonen is in Nijmegen.”
Volgens De Bruin heeft het Green Capital-jaar niet direct geleid tot gedragsverandering onder Nijmegenaren. “Dat zijn langjarige processen. Ik denk dat daarvoor partijen als Dar de kaders moeten scheppen. Sommige ontwikkelingen zijn geen direct uitvloeisel vanuit het Green Capitaljaar, maar ze passen wel in die lijn. Nijmegen en ook de regio omarmen circulariteit vooral ook door concrete stappen te zetten. Niet te veel praten, maar gewoon doen. De stad is daarvoor in 2018 beloond en die lijn wordt gewoon doorgezet.” Zo gaf de gemeente Nijmegen toestemming aan Dar om Road2Work@Dar op te richten, een aparte bv voor elektronica-afval. “Die sorteert inmiddels vijf tot zes miljoen kilo elektronica afval
Volgende fase
Bijdrage Dar Hij zegt even in zijn geheugen te moeten graven, maar noemt vervolgens
die we klaarmaken voor recycling, reparatie en producthergebruik. Daarnaast zijn we dankzij de komst van een luierrecyclingsinstallatie bij ARN van start kunnen gaan met de gescheiden inzameling van luiers. En ook de verduurzaming van ons wagenpark, het zijn allemaal nieuwe ontwikkelingen die passen bij een Green Capital.”
Transitie Circulariteit komt steeds hoger op de agenda te staan bij Dar, vertelt De Bruin. “Ook in een sector als de woningbouw worden regionaal nu stappen gezet op weg naar circulaire woningbouw. Met Via-T wordt er hier in de regio een centrum gerealiseerd voor vakmanschap, innovatie en duurzaamheid. Een omgeving waarin samenwerken tussen alle partijen uit overheid, onderwijs en bedrijfsleven net zoals bij de Circulaire Raad de basis vormt. Alleen op die manier kunnen we de complexe vraagstukken oplossen en daadwerkelijk stappen zetten.” “Die transitie is superinteressant en tegelijk dus ook complex. Want circulair betekent niet altijd op voorhand financieel rendabel. Virgin materiaal is in veel gevallen nog steeds goedkoper dan gerecycled materiaal. Het moet uiteindelijk niet gaan om zoveel mogelijk verkopen, maar om de waarde van de producten die we met zijn allen maken en consumeren zo lang mogelijk te behouden. Dat vraagt veel innovatiekracht, ondernemerschap en vooral ook een andere manier van samenwerking in de verschillende productketens. Ik ben er van overtuigd dat die nieuwe samenwerkingsvormen er gaan komen om die circulaire transitie daadwerkelijk op gang te krijgen.” ∞
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
23
interview
Puck Bakker, ondernemer bewuste kledingmerken:
‘IK ZOU HET VOOR GEEN GOUD MEER ANDERS WILLEN DOEN’ Wie duurzaam wil shoppen, kan in Nijmegen terecht bij allerlei verschillende winkels, vooral tweedehands of vintage. Maar duurzaam is zoveel meer, benadrukt de jonge Nijmeegse ondernemer Puck Bakker. Najaar 2022 opende zij Re-tale, een kleurrijke kledingwinkel in het centrum van Nijmegen. “Duurzaam is een heel brede term, zelf gebruik ik liever de term bewust.”
Puck Bakker studeerde modemanagement en ging daarna aan de slag op de inkoopafdeling van een fast fashionmerk. Ze onderhield daar de contacten met leveranciers in het buitenland. “Ik vond dat werk heel erg leuk, maar de druk op de leveranciers werd steeds groter. Op een gegeven moment dacht ik: wil ik hier wel in door? Sta ik hier nog wel achter?” Een eigen winkel, dat leek haar wel wat. Een Nijmeegse modeondernemer bij wie ze advies inwon zei: ga eerst maar eens in een winkel staan, dan weet je pas echt wat het inhoudt.
Ach die winkel…
re-tale.nl
• Puck Bakker in haar winkel. Foto: Studio Elo
24
ALWAYS A GREEN CAPITAL
Ze ging aan de slag bij Make My Day, een succesvolle Nijmeegse conceptstore. “Ik had het daar waanzinnig naar mijn zin en ik dacht: ach, die eigen winkel…, dat hoeft niet meer. Maar na drie jaar, zo rond 2021, begon het toch weer een beetje te kriebelen. Ondertussen wist ik veel meer over duurzaamheid en bewust ondernemen. Als ik dan een eigen winkel ging beginnen, dan wilde ik me daar ook echt goed over kunnen voelen.” Tegelijk speelde corona een rol bij haar afwegingen. “Ik keek naar mensen in de zorg die echt iets betekenden en dacht:
wat voeg ik nou toe? Mode kan iets heel moois zijn, maar het is in de kern natuurlijk iets redelijk oppervlakkigs. Je kan supergoed zijn in wat je doet en daar veel geld mee verdienen, maar voel je je daar van binnen ook echt goed over? Ook als je niet weet wat erachter zit?” Bakker besloot het anders aan te pakken en begon een online winkel met handgemaakte items uit India.
Leefbaar loon Sinds vorig jaar verkoopt ze die produc-ten ook in een fysieke winkel (zie kader). Ze werkt samen met drie vaste Indiase partners die een veilige, inclusieve werkomgeving garanderen en hun werknemers een leefbaar loon betalen. “Bij een leefbaar loon wordt gekeken naar de gemiddelde lasten van een gemiddeld persoon en dat is bijna het dubbele van het minimum loon. Ook betalen de ateliers waar ik mee werk niet per stuk, maar een vast salaris. Dat zijn dingen die daar voor zekerheid zorgen en die ik heel belangrijk vind.”
Krachtige vrouwen Een van de drie vaste partners is een non-profitorganisatie die alleen met vrouwen werkt in landelijke gebieden in India. Van de winst worden de lonen betaald, maar ook kinderopvang of voorlichtingsprojecten. “Die vrouwen zijn nu de hoofdverdieners van hun gezin. Als zij dochters hebben, groeien die op een andere manier op doordat zij zien dat de mogelijkheden er wél zijn. Zij geloven echt dat als een vrouw zich
‘Ik zie mijn winkel als een optie voor een betere, bewustere consumptie’ krachtig en goed voelt, dat zij het hele gezin daarin dan meeneemt.” De jonge Nijmeegse ondernemer vertelt dat deze manier van werken haar enorm veel voldoening geeft. “Hier kopen mensen een blouse waar ze blij mee zijn. Tegelijk is iemand aan de andere kant er ook bij gebaat. En dat is echt het allerleukste gevoel dat er is. Ik denk dat ik vijf jaar geleden nooit had verwacht dat ik met kleding ook nog iets kleins kan bijdragen aan een betere wereld. Ik zou het nu voor geen goud meer anders willen doen.”
ervaring komt eerder terug. Je hebt toch een zaadje geplant.” Een ander voorbeeld van bewuste productie zijn de twee Spaanse merken die ze naast de Indiaase merken in haar winkel verkoopt. “Zij produceren op heel kleine schaal. Ze wachten orders af die ze van winkels krijgen en dat maken ze. Als ik wil bijbestellen, moet het opnieuw gemaakt worden. Dan verzamelen ze weer de orders en verspillen ze geen materiaal of arbeid. Op die manier heeft ieder merk dat ik verkoop wel een connectie met een van de drie doelen.”
Bewust
Nijmegen?!
Bakker erkent dat ze keuzes moest maken. “Duurzaam is een hele brede term, ik gebruik liever de term bewust. Duurzaamheid is voor iedereen iets anders, het wordt ook vaak heel leeg gebruikt. Het is ook heel persoonlijk, want ik vind het peoplestukje heel belangrijk, dus wij richten ons meer op de arbeidsomstandigheden van de mensen die de kleding maken. Daarnaast werken we veel met gerecyclede materialen en gaan we zo zuinig mogelijk om met grondstoffen. Dus dat is meer een planetstukje.” Bakker besloot zich te focussen op drie pijlers uit de sustainable development goals van de Verenigde Naties: equality, conscious consumption and production en partnership for the goals. Bewuste consumptie en productie? “Ik zie mijn winkel als een optie voor een betere, bewustere consumptie. Ik wil mensen in de winkel eerlijk helpen en heb liever dat ze met een goed gevoel weggaan dan met het gevoel dat ik ze iets heb aangesmeerd. Kijk, als niemand iets koopt, dan is het snel afgelopen. Maar iemand met een positieve
Toen Bakker vorig jaar een winkel in Nijmegen begon, kreeg ze soms verbaasde reacties. Paste haar idee niet beter in een stad als Amsterdam of Utrecht? “De winkel past juist heel goed in Nijmegen. Hier wonen veel mensen die heel bewust met allerlei zaken omgaan, onder wie ook veel studenten. Bovendien kom ik hier zelf vandaan en ik miste zo’n soort winkel best wel in Nijmegen.” De opening vorig jaar van haar winkel, vond ze heel spannend. “Ik had verwacht dat mensen er te veel aan moesten wennen, dat het te luid was, te kleurrijk en dat mensen duurzaam te snel in een geitenwollensokkenhokje zouden plaatsen. Ook ligt mijn prijs gemiddeld iets hoger. Maar ze blijken aangenaam verrast en gaan meestal ook wel met iets meer kennis erover de winkel weer uit. Weet je, het is niet zo dat ik de wereld verander met wat ik doe, maar ik probeer het in ieder geval beter te doen dan een gemiddeld fast fashionbedrijf. Ik denk dat Nijmegen daar juist heel erg klaar voor is.” ∞
WIN JE WINKEL Puck Bakker was in maart 2022 de winnares van Win je winkel, een van de vele acties van Hartje Nijmegen. Sinds 2020 maakt Hartje Nijmegen de binnenstad aantrekkelijker, schoner, groener en economisch sterker. Hiervoor stelt Nijmegen samen met bewoners, bezoekers en ondernemers een actieplan op. Win je winkel is een van de projecten die onder dit actieplan valt. Uit 88 inzendingen kozen een vakjury en het publiek in maart 2022 het plan van Bakker als winnaar. Ze won een eigen winkel in de binnenstad en vestigde zich later dat jaar in een pand aan de Stikke Hezelstraat. De gemeente Nijmegen nam de eerste zes maanden huur en 15.000 euro om te investeren in de winkel voor rekening. De zes daaropvolgende maanden nam Bakker het huurbedrag stapsgewijs over. Inmiddels betaalt ze de volledige huur zelf.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
25
26
ALWAYS A GREEN CAPITAL
KLIMAAT ADAPTATIE De Spiegelwaal is een prachtig voorbeeld van hoe een stad zich kan aanpassen aan het klimaat, door ruimte te geven aan het water. Daarnaast is het vergroenen van de stad en het afkoppelen van regenpijpen belangrijk om hitte en wateroverlast tegen te gaan. Via Operatie Steenbreek werden in Nijmegen in vijf jaar tijd ruim een half miljoen stenen in de tuin vervangen door groen en bijna 250 regenpijpen afgekoppeld.
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
27
interview
Cabaretduo Piepschuim over klimaatvoorstelling:
‘VÓELEN WAT HET PROBLEEM IS’ Cabaretduo Piepschuim is geen onbekende in Nijmegen. Cor Burger en Robbert Koekoek studeerden allebei in de Waalstad en treden er regelmatig op. In 2018 sloot het muzikale duo het Green Capital-jaar af met een optreden tijdens het laatste Duurzaamheidscafé. Onlangs speelden ze er hun nieuwste voorstelling Buiten de Lijntjes over de gevolgen van klimaatverandering. “De kunst kan zich niet afzijdig houden.” In de programmaboekjes van de theaters staat Buiten de Lijntjes als volg omschreven: ‘Een zware boodschap verpakt in het lichtste materiaal denkbaar: Piepschuim.’ Een cabaretvoorstelling over klimaatverandering lijkt inderdaad nogal tegenstrijdig. Want hoe leg je uit wat het publiek kan verwachten? “Het is ingewikkeld om daarin de juiste snaar te raken”, erkent Robbert Koekoek, de multi-instrumentalist van het duo. “Je wil mensen niet afschrikken”, vertelt tekst- en liedjes-schrijver Cor Burger. “Ze moeten zich niet af gaan vragen: gaan we grapjes maken over hongersnood?! Maar ik denk dat we de goede vorm hebben gevonden.”
28
ALWAYS A GREEN CAPITAL
Volgens Burger is een voorstelling over de klimaatverandering ook pure noodzaak: “We kunnen als kunstenaars niet achterblijven en doen alsof deze crisis niet bestaat. De kunst kan zich niet afzijdig houden en heeft hier een taak. Het verhaal móet op een andere manier worden verteld, want de wetenschap krijgt het niet op een goede manier voor het voetlicht. Want die cijfers zijn er al heel lang en we doen niks. Dus dat verhaal moet beter.”
Ander perspectief “Theater is echt een andere drager”, legt Koekoek uit. “We spelen dit programma inmiddels ook regelmatig op congres-
sen. Omdat wij vanuit een andere discipline spreken, raken we juist ook mensen die professioneel met het klimaat bezig zijn. Ze krijgen hetzelfde verhaal te horen, maar uit een heel ander perspectief.” Burger vult aan: “Zij zijn er rationeel mee bezig. Ze kennen de cijfers en de grafieken. Alleen, die raken je niet vol in je hart, daar waar je kwetsbaar bent. En dat is precies wat wij wél doen. De mensen laten vóelen wat het probleem is.”
Buikpijn Buiten de Lijntjes begint met een lach, zoals het vaste publiek dat wel is gewend van Piepschuim. Maar deelt dan een keiharde tik uit in het daaropvolgende gradenlied met de titel De toekomst is niet meer wat-ie is geweest. En het tweede nummer Als – “Wat ik zelf nog veel heftiger vind”, aldus Burger – is ook een behoorlijk buikpijnnummer. “We beginnen heel naar”, erkent hij, “je
• Cor Burger (l) en Robbert Koekoek gebruiken in hun voorstelling Buiten de Lijntjes kleding en decor van andere cabaretiers. Foto: Bert Beelen piepschuim.com
‘We zijn deze voorstelling roomser dan de paus’ het rapport van het VN-klimaatpanel IPCC. “Alles wat we in de voorstelling zeggen, is waar”, aldus Burger. Die bewering maakt het publiek na afloop ook wat kritischer, merken de twee. Zijn ze privé ook zo begaan met het klimaat of is het allemaal theater? Eten ze vlees, vliegen ze, hoe zijn ze naar het theater gekomen? “Wij zijn fundamentalisten hoor”, zegt Burger lachend. “Maar dat was voor dit programma ook al”, reageert Koekoek. “Maar omdat we dit soort vragen vóór willen zijn en geen discussies aan willen gaan, zijn we deze voorstelling roomser dan de paus.”
CO2-neutraal
ziet mensen echt even terugdeinzen. Ik zeg dan: ‘We weten dat u hoop nodig heeft. Dat krijgt u, dat beloven we… Maar nu nog niet.’ We moeten het publiek uiteindelijk natuurlijk iets anders bieden dan alleen maar ellende. Ergens moet er een vorm van humor in. Mensen stellen zich open als ze hebben gelachten. Het moet grappig en urgent zijn én je moet hoop bieden.” Met een belangrijke boodschap: praat over het klimaat, over wat je zelf kunt doen.
Grondig onderzoek De voorstelling kreeg vorm in coronatijd, toen theaters regelmatig dicht moesten. Burger en Koekoek hadden daardoor alle tijd voor grondig onderzoek. Ze lazen honderden boeken en volgden online cursussen over het klimaat. Ook werkten ze samen met onder anderen Margot Ribberink (zie pag. 30 en 31) en klimaatwetenschapper Heleen de Coninck, die meeschreef aan
Misschien is Buiten de Lijntjes zelfs wel de eerste CO2-neutrale voorstelling. Zo rijdt het duo inmiddels met een elektrische bus naar de theaters. “Dus het vakantiegeld voor de komende jaren is ook op”, vertelt Koekoek lachend, om serieus te vervolgen: “Dat is echt een keuze.” Ook spelen ze in een hergebruikt decor en tweedehands kleding van andere cabaretiers. Maar dat de kleding echt van Pieter Derks en Theo Maassen komt en het oude decor van Lebbis, geloven maar weinig mensen. Koekoek vindt dat maar raar. “Het is zó in lijn met deze voorstelling!”
Nijmegen Piepschuim speelt de voorstelling door het hele land, nu voor het tweede seizoen. Daarbij deden ze drie keer Nijmegen aan: als duo in de Lindenberg en in LUX en de Vereeniging met de Nijmeegse journalist en programmamaker Sinan Can als verteller en een strijkkwartet onder leiding van Egon Kracht. Beide voorstellingen kwamen tot stand dankzij een speciale subsidieregeling van de gemeente Nijmegen in coronatijd om de culturele sector
overeind te houden. Koekoek: “Spelen met een grote bezetting was iets wat we al langer wilden. Nu konden we dat realiseren en ontstond een soort zijproject van onze reguliere theatervoorstelling, maar wel met hetzelfde thema.” De twee kennen Nijmegen goed. Ze studeerden er allebei en Koekoek woont er nog steeds. “Nijmegen is een progressieve stad met een hoogopgeleide bevolking, je speelt hier over het algemeen voor een geïnteresseerd en goedgeïnformeerd publiek.” Burger: “Je merkt echt wel dat de klimaatbubbel waarin wij ons begeven een grote overlap heeft met Nijmegen. Het voelt een beetje alsof je de mensen hier makkelijker kunt raken omdat ze de feiten voor een deel al kennen.”
Hoopvolle toekomst Piepschuim speelt de voorstelling in aangepaste vorm ook op middelbare scholen. “In een stad als Nijmegen zien kinderen meestal wel dat er een urgent probleem is”, vertelt Burger. Koekoek vult aan: “Zij beseffen wat ze te verliezen én te winnen hebben. Kinderen die in een meer landelijk gebied wonen, zien voor mijn gevoel vooral wat ze te verliezen hebben. Dat vond ik een heel akelige constatering. Want wij willen ook perspectief bieden in de voorstelling. Niet de oplossing, maar wel een hoopvolle toekomst. En dat miste ik daar.” Komt er daarom een vervolg op Buiten de Lijntjes? “We spelen deze voorstelling nog de rest van dit seizoen, maar ik ben wel alvast dingen aan het schrijven”, vertelt Burger. “Dat zit in dezelfde hoek. Ik verwacht namelijk niet dat de klimaatcrisis is opgelost als we klaar zijn met de tour. Dat voelt als een grap en dat is het in zekere zin ook.” ∞
TERUGBLIK OP VIJF JAAR GREEN CAPITAL
29
interview
Margot Ribberink, van weervrouw tot advocaat van de natuur:
‘GREEN CHALLENGES VOORLOPER VAN BURGERINITIATIEVEN’ Margot Ribberink heeft de afgelopen jaren grote veranderingen gezien. “Het borrelt van onderaf en dat is echt begonnen in 2018.” De Green Challenges die Nijmegen toen kende, waren volgens haar voorlopers van de talloze burgerinitiatieven die nu overal ontstaan. “Mensen maken zich zorgen, niet alleen over het klimaat, maar zeker ook over de natuur.” Ze deelt die zorgen en wil haar eigen impact én die van deze burgerinitiatieven vergroten. Margot Ribberink is van huis uit bioloog, maar ze is vooral bekend als weervrouw. En – met name in Nijmegen – ook van haar monumentale boerderij die in 2012 in z’n geheel werd verplaatst vanwege de aanleg van een nieuwe stadsbrug. Die brug, De Oversteek, overspant niet alleen de Waal, maar ook de Spiegelwaal. Deze nevengeul is een geslaagd voorbeeld van hoe een stad zich kan aanpassen aan het klimaat door ruimte te geven aan het water.
Energie Water speelde ook een belangrijke rol in Ribberinks bijdrage aan het Green Capital-jaar. “In de aanloop naar dat jaar zat er heel veel energie in de stad, op allerlei onderwerpen: mobiliteit, consumptie, mode, biodiversiteit, afval en ook water. Het was een heel creatieve periode. Er waren brainstormavonden en steeds meer Nijmegenaren sloten zich aan.” Hieruit ontstonden twaalf maandthema’s met eigen challenges, waarin bewoners van Nijmegen werden uitgedaagd om mee te doen. Ribberink werd aanjager van het thema water. “Water is natuurlijk ongelooflijk
30
ALWAYS A GREEN CAPITAL
breed. Het gaat over extreme buien en de aanpassingen in de stad. Maar ook over onze rivier en hoog en laag water. En over gezondheid en water. Samen met vrijwilligers heb ik verschillende acties ontwikkeld om dit thema onder de aandacht te brengen bij de inwoners van Nijmegen. Ik was een heel jaar elke avond, elke dag op pad. Ook in het weekend. Dat kostte heel veel energie, maar het heeft me ook heel veel gebracht. En er zijn hele mooie acties uitgevoerd.”
Zaadjes “Met die challenges wilden we Nijmegenaren laten proeven aan alle thema’s, in al hun verscheidenheid. Er zijn toen zaadjes geplant, waarvan het effect nu nog steeds zichtbaar is.” Als voorbeeld noemt ze Operatie Steenbreek, een succesvolle vergroeningscampagne die van start ging als actie van een van de challenges. Ribberink is ambassadeur van zowel de landelijke Stichting Steenbreek als de Nijmeegse campagne. “Nijmegen is landelijk gezien uitgegroeid tot een voorbeeldcampagne”, vertelt ze trots.
Naast aanjager van een van de Green Challenges, was Ribberink in 2018 ook lid van de programmaraad. “Die richtte zich niet zozeer op de inwoners, maar vooral op het programma naar buiten.” Met die externe zichtbaarheid zit het wel goed, zo bleek eerder dit jaar uit een BBC-artikel over Nijmegen als duurzame hoofdstad (zie QR-code pag. 39). “Ik heb met de journalist een wandeling door de stad gemaakt en we hebben daarna talloze keren gebeld en gemaild.” Ribberink vertelt in het artikel onder meer dat Nijmegen grote successen op het gebied van duurzaamheid boekt en een groot voorbeeld is voor de rest van de wereld.
Veranderingen De wereld is sinds 2018 wel veranderd, stelt Ribberink. “Neem bijvoorbeeld Stichting Steenbreek. De eerste jaren een netwerkorganisatie die vooral kennis en inspiratie deelde. Maar nu is het tijd om te kijken naar problemen die zich bij met name gemeenten voordoen bij de uitvoering. Hoe kunnen we ze helpen bij de ambitie om in 2030 als klimaatadaptieve en klimaatrobuuste gemeente uit de verf te komen? Dat is toch even een andere vraag dan een paar jaar geleden.” Ribberink ziet niet alleen veranderingen om zich heen, maar ook bij zichzelf. “Ik maak me de laatste jaren veel meer zorgen over de natuur dan over het