CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept omgevingsprogramma luchtkwaliteit preview DSO

Besluitronde (raadsvergadering) 11 maart 2026, gemeente NijmegenBij agendapunt: Wensen en bedenkingen Ontwerp omgevingsprogramma Luchtkwaliteit 2026-203016.551 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTEBLAD

Officiële uitgave van de gemeente Nijmegen

Omgevingsprogramma Luchtkwaliteit 2026 -2030 Het college van burgemeester en wethouders van Gemeente Nijmegen, bijeen in zijn vergadering van DATUM

Concept

Besluit vast te stellen;

1

Artikel I Het "Omgevingsprogramma luchtkwaliteit" opgenomen in Bijlage A.

Artikel II Dit besluit treedt in werking per DATUM Aldus vastgesteld in de collegevergadering van DATUM De gemeentesecretaris, Drs. A.P.W. van de Klift De voorzitter, Drs. H.M.F. Bruls

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

Bijlage A Bijlage bij artikel I

Omgevingsprogramma luchtkwaliteit

Concept

1 Algemeen 1.1 Inleiding De gemeente Nijmegen werkt aan een gezonde, schone en duurzame leefomgeving. Luchtkwaliteit is daarin een belangrijke pijler: schone lucht draagt direct bij aan het welzijn van inwoners en het beschermen van hoog gevoelige groepen, zoals kinderen en ouderen. Met dit Omgevingsprogramma Luchtkwaliteit 2026-2030 zet Nijmegen de volgende stap in het realiseren van haar ambities van een gezonde stad, waarin luchtverontreiniging geen negatieve invloed heeft op de gezondheid.

1.2 Aanleiding We zijn halverwege de uitvoering van het uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit 2020–2030. Dit is een logisch moment om te beoordelen waar we staan en te bepalen welke stappen nog nodig zijn. Intussen heeft de Europese Unie nieuwe, strengere grenswaarden vastgesteld en heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) haar advieswaarden aangescherpt. Onze ambitie blijft onveranderd: luchtkwaliteit mag geen negatieve invloed hebben op de gezondheid. De aangescherpte normen en adviezen vragen echter om een herijking van onze maatregelen, zodat deze blijven aansluiten bij de laatste inzichten en wettelijke kaders. Deze combinatie van een tussentijdse evaluatie en de nieuwe Europese en internationale richtlijnen vormt de aanleiding om het uitvoeringsprogramma te herzien en toekomstbestendig te maken.

1.3 Participatie Bij het opstellen van dit omgevingsprogramma hebben we actief de betrokkenheid van stakeholders gezocht. Vertegenwoordigers van bewonersgroepen, maatschappelijke organisaties en onze samenwerkingspartners zijn op verschillende momenten uitgenodigd om mee te denken. Hun kennis, ervaringen en zorgen hebben we gebruikt om het plan beter aan te laten sluiten bij de praktijk en bij de belangen van de stad en haar omgeving. Tijdens een thema avond luchtkwaliteit is ruimte geboden aan geïnteresseerden om mee te praten en richting te geven aan het omgevingsprogramma. Ook hebben we de afdeling Onderzoek en Statistiek gevraagd het stadspanel te peilen naar het draagvlak voor bepaalde maatregelen. Het participatieverslag is als bijgevoegd als bijlage II.

1.4 Geen m.e.r.-plicht Voor dit omgevingsprogramma is beoordeeld of sprake is van een m.e.r.-plicht of m.e.r.-beoordelingsplicht op grond van de Omgevingswet en het Besluit milieueffectrapportage. Het programma bevat beleidsmatige, niet-juridisch bindende maatregelen die gericht zijn op het verbeteren van de luchtkwaliteit en bescherming van de gezondheid. Het programma maakt geen nieuwe activiteiten of projecten mogelijk die voorkomen op de C- of D-lijst van het Besluit m.e.r., en vormt geen kader voor toekomstige m.e.r.-(beoordelings)plichtige besluiten. Aangezien het programma geen belangrijke nadelige milieugevolgen kan veroorzaken, is het Omgevingsprogramma Luchtkwaliteit 2026–2030 niet m.e.r.-plichtig en niet m.e.r.-beoordelingsplichtig.

1.5 Leeswijzer Dit Omgevingsprogramma Luchtkwaliteit 2026–2030 bestaat uit acht hoofdstukken. Elk hoofdstuk heeft een eigen functie in het totaalbeeld van ambities, maatregelen en uitvoering. Hoofdstuk 1 – Algemeen Hier wordt uitgelegd waarom het programma is opgesteld, welke ontwikkelingen aanleiding zijn voor actualisatie, hoe participatie heeft plaatsgevonden en hoe het document moet worden gelezen. Hoofdstuk 2 – Luchtkwaliteit in Nijmegen Dit hoofdstuk geeft een overzicht van de huidige luchtkwaliteit, de belangrijkste bronnen van luchtvervuiling en de trends in emissies en concentraties. Ook wordt de samenhang met stikstof en klimaat uitgelegd. Hoofdstuk 3 – Kaders en doelen

2

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

Hier worden de strategische kaders beschreven: Omgevingsvisie, gezondheidsbeleid, Europese normen, WHO-advieswaarden en het Schone Lucht Akkoord. Ook staan hier de doelen en uitgangspunten die richting geven aan alle maatregelen.

Concept

Hoofdstuk 4 – Uitvoering (maatregelen) Dit is het kernhoofdstuk van het programma. De 29 maatregelen zijn gegroepeerd in vier thema’s: • Schoner vervoer • Minder uitstoot van schepen • Schone Nijmeegse bedrijven • Gezonde inrichting van de stad Per maatregel staat wat we gaan doen, waarom, welke doelen het dient en wat de stand van zaken is. Hoofdstuk 5 – Monitoring en evaluatie Hier staat hoe we de voortgang en effecten van het programma volgen, hoe de jaarlijkse evaluatie plaatsvindt en hoe we het programma tussentijds kunnen bijstellen. Hoofdstuk 6 – Organisatie en samenwerking Dit hoofdstuk beschrijft hoe de uitvoering wordt georganiseerd en welke partners hierbij betrokken zijn, zoals ODGM, provincie, GGD en RIVM. Hoofdstuk 7 – Financiën Een overzicht van de financiële kaders, de benodigde middelen en de inzet van programma-budgetten. Bijlage II - participatieverslag Bevat o.a. het participatieplan en participatieverslag, inclusief de input van bewoners, bedrijven en partners en de verwerking hiervan in het programma.

2 Luchtkwaliteit in Nijmegen 2.1 Bronnen van luchtvervuiling in Nijmegen Binnen Nijmegen zijn er verschillende bronnen van luchtvervuiling. Figuur 1 laat de bijdrage zien van elk van deze bronnen binnen de gemeente Nijmegen voor de belangrijkste vervuilende stoffen. Figuur 1

Bronnen van luchtvervuiling Nijmegen Emissieregistratie, RIVM, 2023)

3

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

2.2 Ontwikkeling luchtkwaliteit

Concept

De concentraties stikstofdioxide (NO₂) en fijnstof in de Nijmeegse lucht nemen de laatste jaren duidelijk af. Dit blijkt uit continue metingen van het Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML) van het RIVM én uit de resultaten van het Nijmeegse luchtmeetnet, die dezelfde dalende trend laten zien. Het RIVM meet onder andere op een zogenoemde verkeersbelaste locatie aan de Graafseweg, waar de hoogste concentraties te verwachten zijn. Daar is de concentratie stikstofdioxide in tien jaar tijd gedaald van 34 µg/m³ naar 19,6 µg/m³ in 2024. Daarmee wordt nu al voldaan aan de strengere grenswaarde die in 2030 gaat gelden (20 µg/m³). Voor fijnstof wordt onderscheid gemaakt tussen de fijnstof PM₁₀ en de fijnere fractie fijnstof PM₂,₅. De PM₁₀-concentratie daalde in dezelfde periode van 22 µg/m³ naar 17 µg/m³, en PM₂,₅ van 15 µg/m³ naar 10 µg/m³. Ook hiermee wordt al voldaan aan de aangescherpte grenswaarden die in 2030 ingaan. Naast verkeersbelaste locaties meet het RIVM ook de stadsachtergrond, op de Ruyterstraat. Omdat deze locatie verder van drukke wegen ligt, zijn de gemeten concentraties lager. Dit geeft een realistischer beeld van de luchtkwaliteit waaraan de meeste Nijmegenaren worden blootgesteld. Ook hier is sprake van een dalende trend, met waarden die onder die van de Graafseweg liggen.

Alles bij elkaar betekent dit dat de lucht in Nijmegen schoner en gezonder wordt en dat in 2030 in vrijwel de hele stad wordt voldaan aan de nieuwe grenswaarden. Tegelijkertijd laten prognoses zien dat langs enkele drukke wegen de NO₂-concentraties in 2030 nog boven de nieuwe grenswaarde zullen uitkomen. Dat betekent dat er daar sprake zal zijn van (dreigende) overschrijding.

2.3 Samenhang met stikstof en klimaatverandering Klimaatverandering, stikstofbeleid en luchtkwaliteit zijn nauw met elkaar verbonden. De huidige stikstofproblematiek ontstaat door een te hoge depositie van ammoniak (NH₃) en stikstofoxiden (NOₓ) op stikstofgevoelige natuurgebieden. Daarbij spelen dezelfde bronnen vaak een rol: wegverkeer, bouw, scheepvaart, industrie en huishoudens. Ook de gevolgen van emissies zijn onderwerp-overstijgend. Zo is stikstofdioxide (NO₂) in de lucht schadelijk voor de gezondheid, terwijl neergeslagen NO₂ biodiversiteit aantast. Bovendien versterken de problemen elkaar soms. Klimaatverandering leidt bijvoorbeeld tot meer zonneschijn, waardoor de hoeveelheid ozon (O₃) in de lucht toeneemt. Dit verslechtert de luchtkwaliteit en is schadelijk voor de gezondheid (RIVM, 2023). In figuur 2 zijn enkele van deze verbanden weergegeven. Niet om de volledige samenhang in kaart te brengen, maar om bewust te maken hoe sterk deze onderwerpen elkaar raken. Dit benadrukt de noodzaak van een integrale aanpak van stikstof, klimaatverandering en luchtkwaliteit, waarbij ook aanverwante onderwerpen zoals circulariteit worden meegenomen. Figuur 2

Gemeente Nijmegen

De samenhang tussen luchtkwaliteit, stikstof en klimaat maakt dat er geen eenvoudige oplossingen bestaan. Daarom houden we bij de uitvoering rekening met maatregelen die elkaar onbedoeld kunnen tegenwerken. Tegelijkertijd biedt deze samenhang ook kansen. Zo zorgt het weren van brommers niet alleen voor een betere luchtkwaliteit, maar ook voor minder stikstofuitstoot en lagere emissies van broeikasgassen. Hetzelfde geldt voor bouwen met elektrische mobiele werktuigen en voor de verdere elektrificatie van het wagenpark.

3 Kaders en doelen

4

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

3.1 Inleiding

Concept

We willen de lucht in Nijmegen zo gezond mogelijk maken. Dit sluit aan bij de WHO-advieswaarden en de EU-richtlijn voor luchtkwaliteit. Dit Omgevingsprogramma luchtkwaliteit 2026-2030 is nauw verbonden met onze omgevingsvisie: De Nabije Stad 2050. De omgevingsvisie beschrijft de lange termijn doelen en ambities voor de leefomgeving van Nijmegen tot 2050. Dit Omgevingsprogramma vertaalt de ambities ten aanzien van luchtkwaliteit naar concrete maatregelen. Kort gezegd: de visie bepaalt de koers, dit programma regelt de uitvoering.

3.2 Omgevingsvisie gemeente Nijmegen 'De Nabije Stad 2050' In de omgevingsvisie is vastgelegd dat Nijmegen een gezonde stad wil zijn, waarin luchtverontreiniging geen negatieve invloed heeft op de gezondheid. De gemeente werkt hiervoor aan het terugdringen van emissies uit verkeer, industrie en houtstook, stimuleert schone mobiliteit en schoon bouwen, en borgt bij ruimtelijke ontwikkelingen voldoende afstand tussen vervuilingsbronnen en gevoelige bestemmingen. Ook wordt aangesloten bij (toekomstige) strengere Europese normen en de WHO-advieswaarden voor luchtkwaliteit. Tijdens het vaststellen van de vernieuwde omgevingsvisie zijn een aantal moties en amendementen aangenomen die het college op roepen werk te maken van een aantal onderwerpen, zoals de afstand tot wegen, het behouden van de kwaliteit van de gezonde leefomgeving én daarover te rapporteren. Daarnaast roept de raad op om aan te geven wanneer we aan de WHO-advieswaarden willen voldoen. Dit wordt meegenomen in de volgende actualisatie van de omgevingsvisie. Dit Omgevingsprogramma vertaalt deze lange termijnambities naar concrete maatregelen, projecten en samenwerkingen, zoals deelname aan het Schone Lucht Akkoord, gebiedsgerichte aanpak in onder andere Nijmegen-West, en actieve betrokkenheid van inwoners en bedrijven. Daarnaast gaat een aantal van deze maatregelen ook opgenomen worden in het omgevingsplan.

Zo draagt het programma bij aan een leefbare stad, waar luchtkwaliteit integraal verbonden is met andere opgaven zoals duurzaamheid, klimaatadaptatie en mobiliteitstransitie.

3.3 Gezondheidsbeleid Nijmegen In juni 2024 is de “Visie op gezondheid Nijmegen 2040” vastgesteld. Doelen van deze visie zijn dat de gezondheidsverschillen afnemen af en gezondheidswinst voor alle inwoners. Gezonde leefomgeving is 1 van de 5 speerpunten. Gezonde leefomgeving is een omgeving die als prettig wordt ervaren en die uitnodigt tot gezond gedrag zoals bewegen, sporten en gezond eten. Dat betekent ook een nabije stad met ruimte voor ontmoeten. En dat negatieve omgevingsfactoren, zoals hittestress en luchtvervuiling, zo min mogelijk invloed hebben op de gezondheid. Met dit Omgevingsprogramma dragen we hier aan bij.

3.4 WHO-advieswaarden en EU-richtlijn De WHO heeft in 2021 op basis van het laatste wetenschappelijke onderzoek nieuwe advieswaarden voor luchtkwaliteit gepubliceerd. Deze zijn een stuk lager dan wat er eerder geadviseerd werd. Deze advieswaarden zijn op dit moment nog niet binnen handbereik. De Europese Unie heeft in 2024 een nieuwe richtlijn gepubliceerd die toewerkt naar deze WHO-advieswaarden. Deze richtlijn moet nog in Nederland geïmplementeerd worden, maar deze stelt tussendoelen waar we in 2030 aan moeten voldoen op weg naar de WHO-advieswaarden. Met de uitvoering van dit omgevingsprogramma streven we ernaar om deze normen te halen. De raad heeft ons opgeroepen bij de volgende actualisatie van de omgevingsvisie mee te nemen op welke termijn we aan de WHO-advieswaarden willen voldoen.

3.5 Schone Lucht Akkoord Luchtkwaliteit is het resultaat van de uitstoot van duizenden bronnen, zowel lokaal als uit binnen- en buitenland (figuur 3). Om de lucht te verbeteren is daarom een samenhangend pakket aan maatregelen van verschillende overheden nodig.

5

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

Concept

Figuur 3

Het landelijke Schone Lucht Akkoord (SLA) heeft als doel de luchtkwaliteit in Nederland structureel te verbeteren, ook wanneer de wettelijke grenswaarden al worden gehaald. Het SLA is een vrijwillig akkoord tussen het Rijk, provincies en een groot aantal gemeenten. Nijmegen heeft zich in 2020 aangesloten bij dit akkoord. Samen streven de deelnemers naar een gezondheidswinst van minimaal 50 procent in 2030 ten opzichte van 2016, en naar het behalen van de WHO-advieswaarden van 2005. In het SLA werken deelnemende partijen per bron of thema aan de uitvoering van afspraken en pilots en de ontwikkeling van effectieve maatregelen en manieren van aanpak om de lucht gezonder te maken. De daarbij opgedane kennis en ervaring wordt actief gedeeld met andere deelnemers.

3.6 Doelen In de omgevingsvisie is vastgelegd dat Nijmegen een gezonde stad wil zijn, waarin luchtverontreiniging geen negatieve invloed heeft op de gezondheid. Om dit te bereiken onderscheiden we een aantal doelen. Elk van de maatregelen genoemd in dit programma draagt bij aan één of meer van de volgende doelen: Verbeteren luchtkwaliteit De maatregel draagt direct bij aan het schoner en gezonder maken van de lucht door de uitstoot van schadelijke stoffen te verminderen. Daarmee beschermen we de gezondheid van inwoners, verbeteren we de leefomgeving en dragen we bij aan klimaat- en duurzaamheidsdoelen. Inzicht krijgen in luchtkwaliteit De maatregel draagt bij en het verkrijgen van meer en betrouwbaardere informatie over de luchtkwaliteit. Zo krijgen we een duidelijker beeld van mogelijke gezondheidsrisico’s en kunnen we maatregelen gerichter inzetten. Beter beschermen van hoog gevoelige groepen De maatregel draagt bij aan het beter beschermen van inwoners die extra gevoelig zijn voor slechte luchtkwaliteit, zoals kinderen, ouderen en mensen met gezondheidsproblemen. Dit doen we door gerichte maatregelen te nemen en rekening te houden met hun situatie bij beleid en uitvoering. Verminderen van hinder (geur/rook) De maatregel draagt er aan bij dat inwoners minder hinder ervaren van geur en rook uit de omgeving.

Door de uitstoot te beperken en sneller in te grijpen bij klachten verbeteren we de leefomgeving en de gezondheid van omwonenden. Verminderen van natuurbelasting (stikstof) De maatregelen dragen bij aan het terugdringen van de hoeveelheid stikstof die neerkomt in natuurgebieden. Dit helpt kwetsbare natuur te herstellen en te behouden, en draagt bij aan een gezondere en duurzamere leefomgeving. Verbeteren van samenwerking met andere partijen De maatregel draagt bij aan de nauwere en effectievere samenwerken met andere overheden, bedrijven, inwoners en kennisinstellingen. Door informatie en kennis met elkaar te delen en meer samen te werken bereiken we meer resultaat. Verbeteren van communicatie naar inwoners

6

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

Deze maatregel draagt er aan bij dat we inwoners duidelijker, sneller en op een begrijpelijke manier informeren over ontwikkelingen in hun leefomgeving. Ook maken we het makkelijker voor inwoners om vragen te stellen en mee te praten. Bij elke maatregelen is opgenomen aan welke van deze doelen de maatregel bijdraagt.

Concept

3.7 Uitgangspunten bij de uitvoering Bij het uitvoeren van maatregelen in dit programma hanteren we de volgende uitgangspunten: We stellen gezondheid centraal Bij de uitvoering van maatregelen staat de gezondheid van inwoners centraal. Dit betekent dat we niet alleen kijken naar het halen van wettelijke normen, maar vooral kijken naar de effecten op de gezondheid. Waar mogelijk maken we bij de uitvoering keuzes die leiden tot extra gezondheidswinst. Daarbij hebben we speciale aandacht voor hoog gevoelige groepen, zoals kinderen, ouderen en mensen met gezondheidsproblemen. We hebben een brede kijk op luchtkwaliteit Een brede kijk op luchtkwaliteit betekent dat we verder kijken dan alleen de concentraties van vervuilende stoffen in de lucht en de wettelijke grenswaarden. Het gaat om een integrale benadering waarbij gezondheid, leefomgeving en samenhang met andere thema’s centraal staan. Dit betekent ook dat onderwerpen als stikstofdepositie, geurhinder en binnenklimaat onderdeel zijn van dit Omgevingsprogramma vanwege hun duidelijke relatie met luchtkwaliteit en gezondheid. We hanteren gedragsverandering als rode draad We richten ons op gedragsverandering bij inwoners, organisaties en bedrijven. Bij het uitvoeren van maatregelen houden we rekening met de effectiviteit in het realiseren van blijvende gedragsverandering. Bij houtstook is hier recent gedragsonderzoek naar gedaan.

Voor andere maatregelen benutten we bestaande kennis of laten we nader onderzoek verrichten. Ook stageplekken faciliteren behoort tot de mogelijkheden. We werken samen met de stad Als gemeente hebben we maar tot op zekere hoogte invloed op de luchtkwaliteit binnen de regio. Externe invloeden blijven een rol spelen. We werken daarom samen met andere (lokale) besturen om de luchtverontreiniging te beperken. Daarnaast betrekken we bij de uitvoering ook andere partijen zoals GGD, belangengroepen, bewoners, verkeersdeelnemers, lokale industrie etc. We ondersteunen en stimuleren kansrijke initiatieven Naast de maatregelen genoemd in dit programma zetten we ons waar mogelijk in om kansrijke initiatieven die een positief effect hebben op de luchtkwaliteit te ondersteunen en stimuleren. Luchtkwaliteit is volwaardig onderdeel van ruimtelijke ontwikkeling Bij ruimtelijke ontwikkelingen heeft luchtkwaliteit een volwaardige plek in de planvorming en besluitvorming. Met onze advisering over luchtkwaliteit dragen we bij aan het bereiken en in stand houden van een gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit.

4 Uitvoering 4.1 Inleiding In de voorgaande hoofdstukken zijn de kaders van dit programma geschetst. Dit hoofdstuk vormt het hart van dit programma; de daadwerkelijke maatregelen. Er zijn 29 maatregelen die gaan bijdragen aan het schoner maken van de lucht. Deze zijn geordend in de subhoofdstukken; werken aan schoner vervoer, minder uitstoot van schepen, schone Nijmeegse bedrijven en gezonde inrichting van de stad. Daarnaast is ook het monitoren van de luchtkwaliteit als aparte maatregel opgenomen. Per doel wordt kort toegelicht wat er gaat gebeuren, aan welke doelen het bijdraagt en wat het beoogde resultaat van de maatregel is. Hoofdstuk 5 gaat verder in op hoe we monitoren of het programma en de maatregelen het gewenste effect hebben.

7

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

4.2 Werken aan schoner vervoer 4.2.1 Maatregel 1: faciliteren stadslogistieke hubs

Concept

Maatregel 1: faciliteren stadslogistieke hubs

Beschrijving van de maatregel

In Nijmegen zijn meerdere logistieke hubs actief die zich richten op stadslogistiek. Vanuit deze hubs worden goederen voor klanten in de stad gebundeld en duurzaam bezorgd. Deze vorm van logistiek – de last mile logistics – richt zich op een efficiënte en duurzame organisatie van de laatste kilometers van de bezorging.

Doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Beoogd resultaat

Bedrijven en inwoners van Nijmegen laten hun goederen zoveel mogelijk bezorgen via een stadslogistieke hub. Door leveringen te bundelen, neemt het aantal ritten in de stad af. Dat zorgt voor minder uitstoot, minder verkeersdruk en een beter leefklimaat.

Afbakening (wat valt er onder)

Het gaat om logistieke hubs die zich specifiek richten op stadsdistributie, met inzet van kleine elektrische voertuigen en vrachtfietsen. Grootschalige distributiecentra die goederen leveren aan de regio of landelijke markt vallen hier niet onder.

Stand van zaken

In Nijmegen zijn al enkele hubs actief die bijdragen aan duurzame stadslogistiek. Ook logistieke partijen zoals PostNL en DHL gebruiken overslagpunten aan de rand van de stad om uitstootvrije bezorging te realiseren. De gemeente ondersteunt deze ontwikkeling door ruimte te bieden voor hubs en door samenwerking te stimuleren tussen logistieke partijen, ondernemersverenigingen en vastgoedeigenaren. In 2024 heeft de gemeente de Beleidsaanpak Stadslogistiek vastgesteld. Daarin staat dat de gemeente een stimulerende en faciliterende rol vervult bij de verdere ontwikkeling van logistieke hubs. In 2025 onderzoekt de gemeente samen met marktpartijen en de regio welke maatregelen kunnen bijdragen aan groter gebruik van logistieke hubs en betere bundeling van logistieke stromen.

Gemeente Nijmegen

4.2.2 Maatregel 2: invoering zero-emissiezones Maatregel 2: invoering zero-emissiezones Beschrijving van de maatregel

De zero-emissiezones zijn gebieden in Nijmegen waar (op termijn) alleen emissievrije bestel- en vrachtwagens mogen rijden. Met deze maatregel willen we de luchtkwaliteit verbeteren, de CO₂-uitstoot verminderen en bijdragen aan een gezonde en toekomstbestendige stad.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

Vanaf 2030 rijden alle bestel- en vrachtwagens binnen de zero-emissiezones emissievrij. Er blijven enkele tijdelijke uitzonderingen bestaan voor voertuigen waarvoor nog geen emissievrije alternatieven beschikbaar zijn. Deze uitzonderingen zijn vastgelegd in het ontheffingenbeleid.

Afbakening (wat valt er onder)

De maatregel betreft de invoering van zero-emissiezones in de binnenstad, Hof van Holland en campus Heijendaal. De zones gelden niet voor personenauto’s.

Stand van zaken

De zero-emissiezones Nijmegen zijn per 1 januari 2025 ingevoerd. De zones gelden voor bestel- en vrachtverkeer en worden gehandhaafd met kentekencamera’s. Ondernemers zijn in de aanloop actief geïnformeerd via bijeenkomsten, nieuwsbrieven, een ondernemersloket en persoonlijke ondersteuning bij de overstap naar schoon vervoer. Het ontheffingenloket is in gebruik genomen en wordt de komende periode verder verbeterd op basis van de ervaringen van gebruikers. De gemeente werkt daarnaast samen met andere zero-emissiegemeenten, I&W en brancheorganisaties om het beleid te actualiseren en kennis te delen.

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van de natuurbelasting (stikstof)

Gemeente Nijmegen

8

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van de natuurbelasting (stikstof) Verbeteren van samenwerking met andere partijen

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

4.2.3 Maatregel 3: zero-emissieloket en MKB aanpak

Concept

Maatregel 3: zero-emissieloket en MKB aanpak

9

Beschrijving van de maatregel

Deze aanpak richt zich op ondernemers die ondersteuning nodig hebben bij de overstap naar emissievrij vervoer of op zoek zijn naar slimmere logistieke oplossingen. Vaak gaat het om kleinere bedrijven en eenpitters. De gemeente ondersteunt deze ondernemers met persoonlijk advies, duidelijke informatie, een proefloket voor voertuigen, pilots en onderzoeken, en inspiratie via voorbeeldbedrijven. Ook in de toekomst blijft het belangrijk om actief contact te houden met het mkb, samenwerking te stimuleren en praktische ondersteuning te bieden bij vragen en knelpunten.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

In 2030 rijden alle bestel- en vrachtwagens in de zero-emissiezones elektrisch. Het doel is om zoveel mogelijk ondernemers te ondersteunen bij deze overgang, zodat de invoering van de zones niet leidt tot verschraling van het aanbod of verlies van lokale bedrijvigheid.

Afbakening (wat valt er onder)

Wel: advies, voorlichting en campagnes gericht op mkb-bedrijven. Niet: provinciale logistieke makelaars die zich vooral richten op grote logistieke partijen.

Stand van zaken

De mkb-aanpak zero-emissie is in 2023 gestart en wordt sinds 2024 actief uitgevoerd. Ondernemers worden ondersteund via de adviseur duurzame mobiliteit, het loket voor de zero-emissiezones en gerichte informatiebijeenkomsten, bijvoorbeeld op bedrijventerreinen. Daarnaast zijn diverse pilots uitgevoerd, zoals met elektrische bestelwagens, vrachtfietsen en deelconcepten voor stadsdistributie. In samenwerking met de provincie Gelderland, Rijk, en andere gemeenten wordt kennis gedeeld en aansluiting gezocht bij landelijke programma’s zoals Logistiek010 en het Nationaal Programma Zero Emissie Stadslogistiek (ZES). De komende jaren ligt de nadruk op: • het uitbreiden van de mkb-begeleiding; • het monitoren van deelname en effecten; • het blijven stimuleren van samenwerking tussen ondernemers, logistieke dienstverleners en de gemeente.

Verbeteren van samenwerking met andere partijen Verbeteren van communicatie naar inwoners

Gemeente Nijmegen

4.2.4 Maatregel 4: duurzame OV-concessie Maatregel 4: duurzame OV-concessie

Beschrijving van de maatregel

De duurzame OV-concessie zorgt ervoor dat het openbaar busvervoer in Nijmegen en de regio vanaf 2026 stap voor stap volledig emissievrij wordt. Nieuwe elektrische bussen vervangen de huidige voertuigen, waardoor het openbaar vervoer stiller, schoner en klimaatvriendelijker wordt. De maatregel maakt deel uit van de nieuwe concessie Arnhem–Nijmegen–Foodvalley (ANF) en draagt bij aan een betere luchtkwaliteit, minder stikstofuitstoot en een gezonde leefomgeving. De overgang naar zeroemissiebussen vraagt samenwerking tussen vervoerders, gemeenten, provincie en netbeheerders voor de aanleg van voldoende laadcapaciteit.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Beoogd resultaat

Vanaf 2027 rijden alle bussen die van, naar en door Nijmegen rijden volledig emissievrij.

Afbakening (wat valt er onder)

De bussen in de concessie ANF. Daarbuiten vallen streeklijnen van een andere concessie (die hebben soms wel elektrische bussen). Denk aan lijnen naar Brabant, Limburg en Kleef.

Stand van zaken

De voorbereidingen voor de nieuwe busconcessie Arnhem–Nijmegen–Foodvalley (ANF) zijn in volle gang. Vanaf de zomer van 2026 start de nieuwe concessie met de instroom van volledig elektrische bussen. Deze vervanging verloopt gefaseerd: in 2026 en de eerste helft van 2027 worden alle huidige aardgasbussen vervangen door zero-emissiebussen. De overgang vraagt een zorgvuldige afstemming met netbeheerders, vervoerders en regionale partners, omdat de beschikbaarheid van voldoende stroom een belangrijke randvoorwaarde is. De bussen worden op meerdere locaties in de regio opgeladen, onder andere bij bedrijven en busremises. Voor de laadvoorzieningen bij de busremise in Nijmegen is nog de aanleg van een hoogspanningskabel vanaf de ARN-locatie nodig. De planning is erop gericht dat alle bussen die van, naar en door Nijmegen rijden vanaf 2027 emissievrij zijn. Daarmee levert het openbaar vervoer een belangrijke bijdrage aan een schonere lucht, minder stikstofuitstoot en de duurzame mobiliteitsdoelen van de regio.

Concept

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van de natuurbelasting (stikstof) Verbeteren van samenwerking met andere partijen

(van 9-12-2025 16:32)

Gemeente Nijmegen

4.2.5 Maatregel 5: duurzame concessie doelgroepenvervoer

Concept

Maatregel 5: duurzame concessie doelgroepenvervoer

10

Beschrijving van de maatregel

Binnen de huidige contractperiode met de vervoerders (augustus 2020 – juli 2030) is de ambitie om uiterlijk op 1 januari 2030 al het doelgroepenvervoer binnen AVAN emissieloos uit te voeren. Daarmee wil de regio bijdragen aan een gezonde leefomgeving en aan de doelstellingen voor schone mobiliteit. Voor het inzetten van zero-emissierolstoelbussen geldt een voorbehoud. De beschikbaarheid en kosten van deze voertuigen spelen hierbij een belangrijke rol. Afhankelijk van de marktontwikkeling kan het Algemeen Bestuur van de BVO DRAN besluiten om de infasering van deze bussen tijdelijk uit te stellen.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • • •

Beoogd resultaat

Vanaf 1 januari 2028 is het routevervoer binnen AVAN volledig emissieloos. Uiterlijk in 2030 geldt dit ook voor het gehele doelgroepenvervoer, inclusief voertuigen voor hulpmiddelen en woningaanpassingen.

Afbakening (wat valt er onder)

Wel: Doelgroepenvervoer (ook voor hulpmiddelen en woningaanpassingen) Niet: Regulier openbaar vervoer en taxi's

Beter beschermen van (kwetsbare) groepen Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van natuurbelasting (stikstof) Verbeteren van samenwerking met andere partijen

De transitie naar emissieloos doelgroepenvervoer is in volle gang. De huidige vervoerders zetten al in op elektrische voertuigen bij de vernieuwing van hun wagenpark. In 2024 is binnen AVAN gestart met de gefaseerde invoering van elektrische routebussen, vooral op veelgebruikte trajecten. De BVO DRAN volgt de technologische en financiële ontwikkelingen rond elektrische rolstoelbussen nauwlettend. In 2025 worden de mogelijkheden en kosten voor verdere infasering van zero-emissierolstoelbussen opnieuw beoordeeld. Daarnaast werkt de regio samen met vervoerders, gemeenten en provincies aan: • het uitbreiden van de laadinfrastructuur voor doelgroepenvervoer; • het delen van kennis en praktijkervaring over emissievrije voertuigen; en • het monitoren van milieueffecten en betrouwbaarheid van het vervoer.

Stand van zaken

De overgang naar volledig emissievrij doelgroepenvervoer verloopt volgens planning, met ruimte voor aanpassing als de marktontwikkeling of beschikbaarheid van voertuigen daar aanleiding toe geeft.

Gemeente Nijmegen

4.2.6 Maatregel 6: verduurzamen gemeentelijk wagenpark Maatregel 6: verduurzamen gemeentelijk wagenpark De gemeente Nijmegen houdt het eigen wagenpark continu tegen het licht en vervangt voertuigen stapsgewijs door schonere en zuinigere alternatieven. Bij de aanschaf van nieuwe voertuigen wordt nadrukkelijk gekozen voor de nieuwste en schoonste technieken. Voor korte dienstreizen beschikken medewerkers over (elektrische) dienstfietsen. Daarnaast stimuleert de gemeente het gebruik van het openbaar vervoer.

Beschrijving van de maatregel

De komende jaren is het doel om ook ons woon-werkverkeer met de auto te verminderen. Op dit moment komt nog 37% van de medewerkers met de auto naar werk. In potentie zouden circa 80% van onze medewerkers niet met de auto naar hun werkplek hoeven komen, maar comfortabel gebruik kunnen maken van de (elektrische) fiets of het OV. Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

Zo min mogelijk uitstoot door ons eigen reisgedrag.

Afbakening (wat valt er onder)

Wel: alle voertuigen in eigendom van de gemeente Nijmegen en reisgedrag voor woon-werkverkeer. Niet: tijdelijk gehuurde voertuigen voor specifieke taken, zoals bij verkiezingen of evenementen.

Stand van zaken

De verduurzaming van het gemeentelijk wagenpark is de afgelopen jaren in een stroomversnelling gekomen. Inmiddels rijdt meer dan 90% van de voertuigen emissievrij of hybride. De resterende voertuigen worden uiterlijk in 2026 vervangen door elektrische varianten, tenzij er (tijdelijk) nog geen geschikt alternatief beschikbaar is. Voor korte ritten binnen de stad maken medewerkers steeds vaker gebruik van elektrische fietsen of de OVfiets. Ook dienstreizen met het openbaar vervoer nemen toe dankzij de inzet van de mobiliteitskaart. Om een beter beeld te krijgen van de modal split van ons woon-werkverkeer is in 2025 onderzoek gedaan een enquête over ons reisgedrag uitgezet en een analyse gemaakt van onze reisafstanden. Op dit moment

Concept

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van de natuurbelasting (stikstof)

(van 9-12-2025 16:32)

Concept

komt nog 37% van de medewerkers met de auto naar werk. Om minder autogebruik te stimuleren wordt gewerkt aan de bekendheid van alternatieve vervoersmiddelen en het verminderen van parkeermogelijkheden van medewerkers. Met deze maatregelen blijft de gemeente Nijmegen haar voorbeeldrol waarmaken in de overgang naar zeroemissie mobiliteit.

11

Gemeente Nijmegen

4.2.7 Maatregel 7: weren van brommers en snorfietsen met verbrandingsmotor Maatregel 7: weren van brommers en snorfietsen met verbrandingsmotor

Beschrijving van de maatregel

De gemeente Nijmegen voert stap voor stap beleid om brom- en snorfietsen met een verbrandingsmotor uit de stad te weren. Daarmee wil de gemeente de luchtkwaliteit verbeteren, de uitstoot van fijnstof, stikstof en benzeen verminderen en bijdragen aan een gezondere en stillere leefomgeving. De maatregel omvat het instellen van milieuzones voor brom- en snorfietsen, het aanbieden van subsidieregelingen voor sloop en overstap naar elektrisch vervoer, en het voorbereiden van een volledig verbod op fossiele brom- en snorfietsen per 2028, met een overgangsregeling tot 2030 voor schonere bouwjaren.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Beoogd resultaat

Vanaf 2030 rijden in Nijmegen alle brom- en snorfietsen uitstootvrij.

Afbakening (wat valt er onder)

De maatregel betreft de gefaseerde uitfasering van brom- en snorfietsen met een verbrandingsmotor, binnen de milieuzones die samenvallen met de zero-emissiezones voor stadslogistiek.

Stand van zaken

De milieuzones voor brom- en snorfietsen zijn op 1 januari 2025 ingevoerd. De gemeente heeft de zones gekoppeld aan de bestaande zero-emissiezones voor stadslogistiek, wat zorgt voor een eenduidig en herkenbaar gebied voor bewoners en bezoekers. De subsidieregeling voor het inruilen of slopen van vervuilende brom- en snorfietsen is succesvol: sinds 2021 zijn al honderden oude voertuigen vervangen door elektrische alternatieven. Ook wordt in samenwerking met de provincie Gelderland en het Rijk gewerkt aan extra financiële prikkels en aan publieke laadpunten voor lichte elektrische voertuigen. In 2026 volgt een evaluatie van de milieuzones, waarin onder meer het effect op luchtkwaliteit, geluid en verkeersgedrag wordt onderzocht. De resultaten daarvan worden gebruikt om de voorbereiding van het verbod per 2028 verder uit te werken en af te stemmen met de landelijke regelgeving. De gemeente blijft tot die tijd inzetten op heldere communicatie, gedragsstimulering en samenwerking met dealers, rijscholen en inwoners om de overgang naar uitstootvrij brom- en snorfietsverkeer soepel te laten verlopen.

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van de natuurbelasting (stikstof) Verbeteren van samenwerking met andere partijen

Gemeente Nijmegen

4.2.8 Maatregel 8: duurzame afvalinzameling Maatregel 8: duurzame afvalinzameling Beschrijving van de maatregel

Stimuleren van zero-emissie afvalinzameling van de DAR. Bij vervanging van het wagenpark gaat de DAR voor de meest schone optie, en wordt er toegewerkt naar een zero-emissie wagenpark. Hierbij worden kansen om deze verschoning te versnellen ondanks de netcongestie onderzocht.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

DAR beschikt over een duidelijk plan en tijdspad voor de overgang naar een volledig zero-emissie wagenpark. Daarmee wordt de afvalinzameling in Nijmegen schoner, stiller en duurzamer uitgevoerd.

Afbakening (wat valt er onder)

Deze maatregel heeft betrekking op het zero-emissie maken van het wagenpark van DAR, dus alleen op het vervoer en inzameling, niet op de verwerking van afvalstromen.

Stand van zaken

DAR heeft de afgelopen jaren al belangrijke stappen gezet richting emissievrije afvalinzameling. Een deel van het wagenpark rijdt inmiddels op elektriciteit of biogas, en bij elke vervanging wordt gekozen voor de schoonste en stilste beschikbare voertuigen. In 2024 heeft DAR samen met de gemeente Nijmegen en de regio Arnhem–Nijmegen een routekaart opgesteld voor de verdere elektrificatie van het wagenpark. Hierbij wordt rekening gehouden met technologische ontwikkelingen, laadcapaciteit en de beschikbaarheid van netaansluitingen.

Concept

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

(van 9-12-2025 16:32)

Gemeente Nijmegen

4.2.9 Maatregel 9: onderzoeken of aanvullende mobiliteitsmaatregelen nodig zijn (nieuw)

Concept

Maatregel 9: onderzoeken of aanvullende mobiliteitsmaatregelen nodig zijn

Beschrijving van de maatregel

De gemeente onderzoekt of aanvullende maatregelen nodig zijn om te kunnen voldoen aan de nieuwe luchtkwaliteitsnormen en de ambities voor gezonde lucht. Op basis van actuele meet- en modelgegevens wordt bekeken waar nog knelpunten bestaan en welke extra stappen effectief kunnen zijn om de uitstoot van verkeer te verminderen. Het onderzoek richt zich op de doeltreffendheid van bestaande maatregelen en op nieuwe kansen, zoals gedragsstimulering, aanpassing van milieuzones of samenwerking met regionale partners. De uitkomsten vormen de basis voor een eventuele uitbreiding of aanscherping van het gemeentelijke luchtkwaliteitsbeleid.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

De gemeente beschikt over actueel inzicht in de effectiviteit van bestaande maatregelen en weet of aanvullende acties nodig zijn om te voldoen aan de nieuwe luchtkwaliteitsnormen en de eigen gezondheidsdoelen. Op basis van de onderzoeksresultaten kan de gemeente gerichte keuzes maken om het luchtkwaliteitsbeleid waar nodig aan te vullen of aan te scherpen, zodat Nijmegen ook in de toekomst voldoet aan de normen en blijft werken aan schone en gezonde lucht voor alle inwoners.

Afbakening (wat valt er onder)

• •

Stand van zaken

Maatregelen voor mobiliteit zijn zeer effectief voor het verminderen van luchtvervuilende stoffen. Op dit moment wordt met name gewerkt aan de uitvoering van reeds vastgelegde maatregelen. Mogelijke nieuwe maatregelen zijn het toevoegen of uitbreiden van zero-emissiezones voor stadslogistiek of het invoeren van milieuzones op bedrijventerreinen. Daarnaast is het verminderen van autobezit- en gebruik een effectieve maatregel aangezien daarmee de luchtvervuiling op onze (hoofd)wegen verminderd kan worden. Hier draagt met name de mobiliteitstransitie aan bij.

Inzicht in luchtkwaliteit Stimuleren van nieuwe maatregelen

Uitfasering van gemotoriseerde voertuigen in alle categorieën Vermindering van uitstoot door bewustwording en gedragsverandering

Gemeente Nijmegen

4.3 Minder uitstoot van schepen 4.3.1 Maatregel 10: aanleg walstroom Maatregel 10: aanleg walstroom Beschrijving van de maatregel

De gemeente stimuleert de aanleg en het gebruik van walstroom, zodat schepen en voertuigen aan de kade of op bedrijventerreinen hun motoren of dieselaggregaten kunnen uitschakelen. Hierdoor neemt de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen, zoals stikstofoxiden (NOₓ), benzeen en fijnstof, aanzienlijk af.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Beoogd resultaat

Er komen meer walstroompunten in Nijmegen bij, die ook daadwerkelijk worden gebruikt door schepen en bedrijven.

Afbakening (wat valt er onder)

Stand van zaken

• • •

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van overlast (geur/rook) Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

Het stimuleren van de aanleg van walstroom op bedrijventerrein TPN-West. Het uitbreiden van de walstroomvoorzieningen op de Waalkade, zodra dit technisch mogelijk is en netcongestie geen belemmering meer vormt. Het onderzoeken van de mogelijkheden om op termijn een walstroomplicht of generatorverbod in te voeren voor bedrijventerrein (want voor Waalkade en andere openbare kades bestaat deze al) .

In september 2025 zijn de walstroomkasten op de Waalkade verplaatst, waardoor de volledige stroomcapaciteit nu benut kan worden. Zodra de netcongestie in het gebied is opgelost, kan de gemeente de walstroomvoorzieningen verder uitbreiden om meer ligplaatsen van schone stroom te voorzien. Voor bedrijventerrein TPN-West is een verkennend onderzoek uitgevoerd naar de behoefte en haalbaarheid van walstroom. Op basis daarvan worden momenteel de voorwaarden uitgewerkt voor een subsidieregeling, waarmee bedrijven worden gestimuleerd om walstroom aan te leggen of te gebruiken. Daarnaast verkent de gemeente verschillende financieringsmogelijkheden en samenwerkingen met ondernemers, netbeheerder Liander en de provincie Gelderland om de realisatie van walstroom te versnellen.

Gemeente Nijmegen

12

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

4.3.2 Maatregel 11: korting op haven- en overslaggelden voor schone schepen

Concept

Maatregel 11: korting op haven- en overslaggelden voor schone schepen Beschrijving van de maatregel

De gemeente zet de korting op haven- en overslaggelden voort voor schepen met een duurzaamheidscertificaat, zoals de Green Award. Daarnaast wordt onderzocht hoe deze regeling verder kan worden doorontwikkeld met toekomstige certificeringen, zoals een emissielabel.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

Er komt een doorontwikkeling van het gedifferentieerd kortingstarief op de haven- en overslaggelden, gekoppeld aan het niveau van duurzaamheidscertificering (zoals de Green Award of vergelijkbare emissielabels).

Afbakening (wat valt er onder)

Het toepassen van korting op de Nijmeegse haven- en overslaggelden. Het onderzoeken van een gezamenlijke aanpak binnen het havensamenwerkingsverband Gelreport (met de gemeenten Arnhem en Tiel) om tot een uniform en toekomstbestendig kortingssysteem te komen.

Stand van zaken

Schepen met een Green Award-certificaat krijgen momenteel een 15% korting op de haven- en overslaggelden. Uit recente gegevens blijkt dat steeds meer schepen beschikken over dit certificaat, wat aantoont dat de regeling goed werkt als stimulans voor verduurzaming. Binnen het havensamenwerkingsverband Gelreport wordt onderzocht of een gedifferentieerd kortingstarief kan worden ingevoerd. Daarbij wordt gekeken naar verschillende certificeringsniveaus en de mogelijkheden om dit regionaal te harmoniseren.

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

Gemeente Nijmegen

4.3.3 Maatregel 12: elektrisch varen (zero emission services) Maatregel 12: elektrisch varen (zero emission services) Beschrijving van de maatregel

De gemeente stimuleert de ontwikkeling van zero-emissie binnenvaart door het gebruik van batterij-elektrische aandrijving te faciliteren. Hiervoor is contact met firma ZES (Zero Emission Services), die een netwerk van wisselbare batterijcontainers voor de binnenvaart ontwikkelt. Het doel is om bij BCTN op het ENGIE-terrein een laad- en wisselstation te realiseren waar schepen snel en efficiënt batterijcontainers kunnen wisselen of opladen, zodat ze volledig elektrisch kunnen varen.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

Er wordt een laad- en wisselpunt voor batterijcontainers gerealiseerd op het ENGIE-terrein in Nijmegen, waarmee de binnenvaart in de regio emissievrij kan opereren.

Afbakening (wat valt er onder)

De gemeente stimuleert en faciliteert deze ontwikkeling, onder andere door ondersteuning bij vergunningprocedures en afstemming met betrokken partijen. De gemeente draagt niet financieel bij aan de realisatie, omdat het een initiatief van private partijen betreft.

Stand van zaken

Het bestemmingsplan voor het ENGIE-terrein is goedgekeurd, waardoor de ontwikkeling van een laad- en wissellocatie voor batterijcontainers nu mogelijk is. Onder leiding van Oost NL vinden gesprekken plaats tussen firma ZES, ENGIE en BCTN over de inrichting en exploitatie van de locatie. De gemeente Nijmegen heeft hierin een faciliterende en coördinerende rol, onder meer bij vergunningverlening en afstemming met andere overheden en netbeheerders. De partijen verkennen momenteel de technische haalbaarheid, ruimtebehoefte en aansluiting op het elektriciteitsnet. Doel is om in de periode 2026–2027 te starten met de realisatie van het wisselstation, zodat de eerste schepen kort daarna volledig emissievrij kunnen varen tussen Nijmegen en andere binnenhavens binnen het ZES-netwerk.

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

Gemeente Nijmegen

4.3.4 Maatregel 13: waterstof voor Rijn-Alpine corridor / condor Maatregel 13: waterstof voor Rijn-Alpine corridor / condor Beschrijving van de maatregel

13

Concept

De gemeente Nijmegen neemt deel aan de onderzoeksgroep CONDOR binnen het RH₂INE-netwerk (Rhine Hydrogen Integration Network of Excellence). In dit samenwerkingsverband wordt onderzocht hoe een rendabele waterstof-elektrische binnenvaart kan worden gerealiseerd op de corridor Rotterdam–Duitsland.

(van 9-12-2025 16:32)

Concept

Het project richt zich op het ontwikkelen van haalbare businesscases, logistieke ketens en laad- en tankinfrastructuur die de overstap naar zero-emissie binnenvaart versnellen. Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Beoogd resultaat

Het project levert een rendabele businesscase op voor waterstof-elektrische binnenvaart, waardoor steeds meer schepen kunnen overschakelen op deze schone technologie. Op termijn kan dit leiden tot de realisatie van een waterstoftankstation voor de binnenvaart in Nijmegen. Hiervoor zijn al ruimtelijke mogelijkheden opgenomen in het bestemmingsplan van het ENGIE-terrein.

Afbakening (wat valt er onder)

De gemeente draagt financieel bij aan het onderzoek. De gemeente neemt actief deel aan werksessies binnen CONDOR H₂. De gemeente onderzoekt de kansen voor een toekomstig waterstoflaad- of tankstation op het ENGIE-terrein.

Stand van zaken

De eerste resultaten laten zien dat waterstof-elektrisch varen technisch haalbaar is, maar dat schaalvergroting en infrastructuurontwikkeling noodzakelijk zijn voor een rendabele exploitatie. Nijmegen onderzoekt, samen met Oost NL, ENGIE en andere partners binnen RH₂INE, de mogelijkheid om een waterstoftanklocatie te realiseren op het ENGIE-terrein aan de Waal.

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

Gemeente Nijmegen

4.3.5 Maatregel 14: lobby schone binnenvaart Maatregel 14: lobby schone binnenvaart

Beschrijving van de maatregel

De gemeente Nijmegen werkt samen met andere overheden en partners, zowel regionaal, nationaal als internationaal, aan de verduurzaming van de binnenvaart. Deze samenwerking richt zich op het delen van kennis, het uitvoeren van proefprojecten en onderzoeken, en het gezamenlijk behartigen van belangen richting hogere overheden en Europese netwerken. Door actief deel te nemen aan samenwerkingsverbanden kan Nijmegen invloed uitoefenen op beleid, regelgeving en innovatie, en bijdragen aan een toekomstbestendige, schone binnenvaartsector.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

Verbeteren van samenwerking met andere partijen

Beoogd resultaat

De samenwerking leidt tot duidelijkere wet- en regelgeving, gezamenlijke duurzaamheidsdoelstellingen en praktische initiatieven die de uitstoot van de binnenvaart structureel verminderen. Hierdoor ontstaat een sterkere regionale en internationale inzet op zero-emissie binnenvaart.

Afbakening (wat valt er onder)

De samenwerking kan verschillende vormen aannemen, afhankelijk van de kansen die zich voordoen — zoals onderzoeken, pilotprojecten, convenanten of kennisnetwerken. Niet hieronder vallen directe investeringen in schepen of infrastructuur; de rol van de gemeente is stimulerend, coördinerend en verbindend.

Stand van zaken

De gemeente Nijmegen werkt actief samen met regionale, nationale en internationale partners aan de verduurzaming van de scheepvaart. Zo participeert Nijmegen in onderzoeken naar langzamer varen, samen met verschillende provincies en kennisinstellingen, om brandstofverbruik en uitstoot te verminderen. Daarnaast heeft Nijmegen de Intentieverklaring voor een duurzame Rijnbinnenvaart ondertekend, een initiatief van de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen, gericht op gezamenlijke inzet voor emissievrije binnenvaart op de Rijncorridor. Ook binnen netwerken zoals RH₂INE, Green Ports Nederland en Oost NL werkt Nijmegen mee aan innovatieve pilots, beleidsontwikkeling en kennisdeling over schone aandrijftechnieken, laadinfrastructuur en financieringskansen voor duurzame binnenvaart. De komende periode blijft Nijmegen inzetten op het versterken van deze samenwerkingen, om ervoor te zorgen dat duurzame binnenvaart structureel wordt ondersteund in beleid, regelgeving en praktijk.

Gemeente Nijmegen

4.3.6 Maatregel 15: meetnet luchtverontreiniging langs de Waal Maatregel 15: meetnet luchtverontreiniging langs de Waal Beschrijving van de maatregel

14

Concept

De gemeente Nijmegen wil het meetnet langs de Waal uitbreiden om beter inzicht te krijgen in de luchtkwaliteit in dit gebied. Idealiter gebeurt dit binnen een landelijk meetnet, zodat gegevens goed vergelijkbaar en breed bruikbaar zijn. Er is met name behoefte aan structurele metingen van benzeen en stikstofdioxide (NO₂) langs de rivier. Daarnaast zijn extra elektronische neuzen (e-noses) welkom om toezicht te houden op het ontgassingsverbod

(van 9-12-2025 16:32)

Concept

voor de binnenvaart. Deze e-noses zijn niet in eigendom van de gemeente Nijmegen, maar maken deel uit van het landelijke netwerk van het Rijk. Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Inzicht krijgen in luchtkwaliteit Verbeteren van samenwerking met andere partijen Verbeteren van communicatie naar inwoners

Beoogd resultaat

• • • •

Betere en continue monitoring van de luchtkwaliteit langs de Waal. Inzicht in benzeen- en NO₂-concentraties op en rond de rivier. Effectievere communicatie met inwoners over actuele luchtkwaliteit en trends. Beter toezicht op naleving van het ontgassingsverbod en verduurzaming van de binnenvaart.

Afbakening (wat valt er onder)

Uitbreiding van het luchtmeetnet langs de Waal, en eventueel ook langs het Maas-Waalkanaal. De maatregel geldt uitsluitend voor het grondgebied van de gemeente Nijmegen.

Stand van zaken

Sinds de invoering van het landelijke ontgassingsverbod heeft deze maatregel een lagere prioriteit gekregen. In Nijmegen zijn op dit moment enkele e-noses actief, beheerd door de DCMR, die onderdeel vormen van het landelijke detectienetwerk voor ontgassingsactiviteiten. Sinds het ingaan van het verbod zijn geen mogelijke ontgassingen meer waargenomen binnen het Nijmeegse grondgebied. Daarnaast zijn op de Waalkade twee tijdelijke meetpunten voor NO₂ geplaatst, waarmee gegevens worden verzameld over luchtkwaliteit in het havengebied. De gemeente blijft in overleg met DCMR, RIVM, ODGM en het ministerie van I&W over de mogelijkheden voor een structurele uitbreiding van het meetnet langs de Waal en het Maas-Waalkanaal. Zodra financiering en landelijke coördinatie beschikbaar komen, kan Nijmegen hier actief op aansluiten.

Gemeente Nijmegen

4.3.7 Maatregel 16: routekaart zero emissie binnenhaven (nieuw) Maatregel 16: routekaart zero emissie binnenhaven (nieuw) Beschrijving van de maatregel

De gemeente Nijmegen ontwikkelt een routekaart naar een zero-emissie binnenhaven, als uitwerking van maatregel 7 uit het Schone Lucht Akkoord. Deze routekaart beschrijft de stappen, mijlpalen en tijdlijn om de binnenhaven stap voor stap emissievrij te maken. De routekaart biedt inzicht in de maatregelen, investeringen en samenwerkingen die nodig zijn om uitstoot door de binnenvaart, overslag en havenactiviteiten structureel te verminderen.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• •

Inzicht krijgen in luchtkwaliteit Verbeteren luchtkwaliteit

Een routekaart zero-emissie binnenhaven waarin is uitgewerkt: • welke activiteiten onder de maatregel vallen; • welke fasering en tijdslijnen gelden om de zero-emissiedoelen te bereiken; en • welke maatregelen, partners en middelen daarvoor nodig zijn.

Beoogd resultaat

De routekaart vormt de basis voor besluitvorming en uitvoering richting een volledig emissievrije binnenhaven. • Afbakening (wat valt er onder)

• • •

Stand van zaken

Het vinden van financiering en het extern uitzetten van de opdracht voor het opstellen van de routekaart. Het zoeken van samenwerking met de provincie Gelderland en het havensamenwerkingsverband GelrePort. Het bepalen van de scope van de binnenhaven en de activiteiten die onder de routekaart vallen. Het uitwerken van een tijdlijn met concrete stappen richting emissievrij havenbeheer.

De maatregel bevindt zich nog in de voorbereidende fase. De gemeente Nijmegen verkent momenteel de mogelijkheden voor financiering en de uitvoering van de opdracht voor het opstellen van de routekaart. Er wordt afgestemd met de provincie Gelderland, GelrePort en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat over de inhoudelijke scope en aanpak, zodat de routekaart goed aansluit bij landelijke en regionale initiatieven voor duurzame binnenhavens. De verwachting is dat de opdrachtverlening voor het opstellen van de routekaart in 2026 kan plaatsvinden, waarna het document dient als leidraad voor de verduurzaming van de Nijmeegse binnenhaven.

Gemeente Nijmegen

4.4 Schone Nijmeegse bedrijven

15

Concept

(van 9-12-2025 16:32)

4.4.1 Maatregel 17: reguleren en handhaven van emissies van bedrijven

Concept

Maatregel 17: reguleren en handhaven van emissies van bedrijven

Beschrijving van de maatregel

Bedrijven zijn op grond van de bestaande wet- en regelgeving verplicht om de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht zoveel mogelijk te voorkomen, te beperken of te beheersen. De Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM) ziet er namens de gemeente op toe dat deze regels worden nageleefd. Het beschermen van de gezondheid van omwonenden staat hierbij centraal. Door middel van vergunningverlening, toezicht en handhaving wordt gecontroleerd of bedrijven voldoen aan de geldende emissie-eisen en streven we er continue naar waar mogelijk de uitstoot van schadelijke stoffen door bedrijven te verminderen.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • • •

Inzicht krijgen in luchtkwaliteit Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van overlast (geur) Verminderen van natuurbelasting (stikstof)

Beoogd resultaat

• • •

Beter inzicht in de emissies van schadelijke stoffen door bedrijven. Structurele vermindering van de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht. Betere bescherming van gezondheid en leefomgeving van omwonenden.

Afbakening (wat valt er onder)

Het betreft het toepassen van bestaande wet- en regelgeving door de ODGM, waaronder: • Actualiseren van vergunningen • Opleggen van maatwerk • Toetsen van vergunningaanvragen • Toezicht en monitoring van industriële emissies • Handhaving bij overtredingen Stimulering van bedrijven valt buiten de scope van deze maatregel. De uitvoering van deze maatregel is structureel belegd bij de ODGM. Er wordt gewerkt op basis van een regionale uitvoerings- en handhavingsstrategie, waarin de luchtkwaliteit en industriële emissies als prioritair thema zijn opgenomen. Jaarlijks vind een vertaling plaats van deze strategie naar concrete werkzaamheden middels het regionaal uitvoeringsprogramma en gemeentelijk werkplan. Er is een uitvoeringsagenda Industrie en omwonenden met extra maatregelen. Emissiegegevens van bedrijven worden steeds beter ontsloten via digitale monitoringssystemen, waardoor inzicht in de luchtkwaliteit en naleving toeneemt. Omwonenden en bedrijven worden hier actief bij betrokken.

Stand van zaken

Gemeente Nijmegen

4.4.2 Maatregel 18: stimuleren voorkomen en beperken emissies bij bedrijven (nieuw) Maatregel 18: stimuleren voorkomen en beperken emissies bij bedrijven (nieuw) Beschrijving van de maatregel

De gemeente stimuleert dat bedrijven de uitstoot van schadelijke stoffen naar de lucht voorkomen, beperken of verminderen, en dat zij omwonenden actief betrekken bij hun milieubeleid. Dit gebeurt door bedrijven te informeren, adviseren en ondersteunen bij het nemen van bovenwettelijke maatregelen voor schonere productie en emissiereductie.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • • • •

Verbeteren luchtkwaliteit Verminderen van overlast (geur) Verminderen van natuurbelasting (stikstof) Verbeteren van samenwerking met andere partijen Verbeteren van communicatie naar inwoners

•

Lagere uitstoot van schadelijke stoffen door bedrijven door toepassing van vrijwillige of innovatieve maatregelen. Betere communicatie en meer transparantie tussen bedrijven en omwonenden. Versterkte samenwerking tussen gemeente, ODGM, bedrijven en maatschappelijke partners.

Beoogd resultaat

• •

Afbakening (wat valt er onder)

De maatregel richt zich op het stimuleren van aanvullende (bovenwettelijke) maatregelen door bedrijven om luchtvervuiling te voorkomen of te verminderen. Daaronder vallen: • Voorlichting en kennisdeling over emissiereductie en schone technieken • Advisering bij verduurzamingsplannen en investeringskeuzes • Begeleiding bij participatie en communicatie richting omwonenden Regulering en handhaven vallen buiten deze maatregel.

Stand van zaken

16

Concept

De uitvoering van deze maatregel bevindt zich in de opstartfase. De gemeente Nijmegen en de Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM) gaan verkennen hoe advies en stimulering van bedrijven het beste kan worden georganiseerd. In 2026 wordt een plan van aanpak opgesteld waarin staat: • hoe bedrijven gericht worden benaderd en ondersteund; • welke voorlichtings- en communicatiekanalen worden ingezet; en • hoe bewonersparticipatie hierbij een vaste plek krijgt.

(van 9-12-2025 16:32)

Eerste activiteiten zijn gericht op bedrijven in Nijmegen-West en Weurt, waar veel aandacht is voor industriële emissies en samenwerking met omwonenden. De uitvoering start naar verwachting in de loop van 2026.

Concept

Gemeente Nijmegen

17

4.4.3 Maatregel 19: grip op geurhinder van bedrijven (nieuw) Maatregel 19: grip op geurhinder van bedrijven (nieuw) Geuruitstoot kan in de leefomgeving leiden tot hinder, gezondheidsklachten en gevoelens van ongerustheid. Daarom is, aansluitend op maatregelen 18 en 19, meer aandacht nodig voor het voorkómen en beperken van geurhinder van bedrijven. Ook moet voorkómen worden dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen gerealiseerd worden met een te hoge geurbelasting. In nieuw beleid gaan we vastleggen wat beschouwd wordt als aanvaardbare geurbelasting.

Beschrijving van de maatregel

•

Inzicht krijgen in luchtkwaliteit Verminderen van hinder (geur/rook) Verbeteren van samenwerking met andere partijen, w.o. gemeente Beuningen en provincie Gelderland Verbeteren van communicatie naar inwoners

Beoogd resultaat

• • • • •

Minder geurhinder voor omwonenden. Actueel inzicht in geuremissies, geurbelasting en klachtensituaties. Geen nieuwe geurgevoelige gebouwen op locaties waar de richtwaarde wordt overschreden. Een geactualiseerd en samenhangend geurbeleid dat aansluit bij de Omgevingswet. Verankering van geurregels in het omgevingsplan, gebaseerd op de omgevingsvisie.

Afbakening (wat valt er onder)

De maatregel richt zich op (mogelijke) geurhinder veroorzaakt door niet-agrarische bedrijven. Agrarische geurhinder valt buiten de scope van deze maatregel.

Stand van zaken

We werken aan een nieuw beleidskader geur met aangepaste normen, zones en planregels. Dit wordt naar verwachting in 2026 vastgesteld en vormt de basis voor nieuw omgevingsplanbeleid en een betere aanpak van geurhinder in Nijmegen-West en omgeving. Recent is een geuronderzoek uitgevoerd en de landelijke Handreiking geur industrie 2025 vastgesteld. Samen met de provincie Gelderland en de gemeente Beuningen vertalen we deze naar lokaal beleid. Tot die tijd blijft het Gelderse geurbeleid gelden. Aanbevelingen uit het geuronderzoek worden al uitgevoerd, zoals de gezamenlijke kwartaalevaluatie van milieuklachten sinds 2024. Verdere verbeteringen in klachtvalidatie en -afhandeling zijn onderdeel van de Uitvoeringsagenda Nijmegen-West en Weurt. Daarnaast versterken we vergunningverlening, toezicht en handhaving om structurele geurhinder aan te pakken.

Tactische doelen waar deze maatregel aan bijdraagt

• • •

Gemeente Nijmegen

4.5 Gezonde inrichting van de stad 4.5.1 Maatregel 20: ontmoedigen houtstook Maatregel 20: ontmoedigen houtstook

Beschrijving van de maatregel

De gemeente Nijmegen voert gerichte communicatie- en voorlichtingsacties uit om het gebruik van houtstook te ontmoedigen en de overlast door rook en geur te verminderen. Dit geldt zowel voor kleinschalige houtstook (zoals haarden en kachels) als voor grootschalige toepassingen. De voorlichting vindt plaats via postercampagnes in abri’s, brieven in overlastgebieden, en online campagnes met praktische tips en informatie over minder vervuilend stoken. Daarnaast wordt inwoners duidelijk gemaakt dat houtstook geen duurzaam alternatief is voor aardgasvrij wonen. Ook in de zomer wordt via een kleine campagne aandacht besteed aan vuurkorven en barbecues, om overlast en gezondheidsrisico’s te beperken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=52949476-6afd-42b0-ada1-f82e00f343b7