CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

C8 d.d. 14 april 2023 van de ODRN inzake Financiële stukken ODRN

Besluitronde (raadsvergadering) 10 mei 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Brieven nog in behandeling25.817 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Maar omdat er te weinig kwaliteitsborgers op de markt zijn, blijven aanbouwen en interne verbouwingen vooralsnog bij de gemeente. Het aantal bouwmeldingen waarop privaat toezicht gehouden wordt, is dus nog klein en het aantal vergunningen voor bouwen is door de dubbeling hoog. Dit werkt kostenverhogend, in 2024 willen we hiervoor € 8 ton extra

De gesprekken over deze lijsten worden ten tijde van het opstellen van deze begroting nog met opdrachtgevers gevoerd. Het is dus mogelijk dat de advieslijsten nog wijzigen. Zo lopen er gesprekken over projecten actualisatie milieuvergunningen, een trainee programma en een traject kennisontwikkeling en opleiding van medewerkers vergunningverlening milieu. Afspraken hierover en eventuele andere aanpassingen verwerken we bij actualisatie van de begroting in het voorjaar van 2024. 7

26

uittrekken. We gaan ervan uit dat per 1 juli 20248 alle gevolgklasse 1 onder de Wkb valt. Hierdoor nemen de kosten in de tweede helft van 2024 af. In de volgende tabel laten we u het begrotingsbedrag 2024 uitgesplitst naar structurele en genoemde astructurele effecten van in totaal € 1,7 miljoen per deelnemer zien.

* 1.000

2024 Astructureel

GEMEENTE BERG EN DAL

2.738

239

Structureel 2.499

GEMEENTE BEUNINGEN

2.348

213

2.135

GEMEENTE DRUTEN

671

33

637

GEMEENTE HEUMEN

1.045

98

948

GEMEENTE NIJMEGEN

10.126

762

9.364

GEMEENTE WIJCHEN

1.101

52

1.049

GEDEP STATN PROV GLD

8.555

326

8.229

26.584

1.724

24.860

Over deze astructurele effecten gaan we met deelnemers in gesprek. We zullen samen bekijken hoe we de uitdagingen zo efficiënt en effectief mogelijk het hoofd kunnen bieden. Mogelijk leidt dit tot een bijstelling van de begroting 2024. Deze voeren we door bij wijziging van deze begroting in het voorjaar 2024. Ad c. De overige bijstellingen van € 7,5 ton houden verband met afspraken over aanvullende projecten. Zo hebben we afspraken met de provincie Gelderland over een aantal projecten om onze BRZO-dienstverlening te versterken: analyse ongewone voorvallen, regievoering BRZO-bedrijven en een project waarmee we BRZO-medewerkers willen aantrekken en opleiden. U ziet de begrote meerjarenbedragen per deelnemer in de volgende tabel:

* 1.000 GEMEENTE BERG EN DAL GEMEENTE BEUNINGEN GEMEENTE DRUTEN GEMEENTE HEUMEN GEMEENTE NIJMEGEN GEMEENTE WIJCHEN GEDEP STATN PROV GLD

GEDEP STATN PROV GLD project IPPC9 Totaal deelnemersbijdragen

2023 2.573 2.030 630 943 9.770 1.022 7.602

2024 2.738 2.348 671 1.045 10.126 1.101 8.555

2025 ev 2.499 2.135 637 948 9.364 1.049 8.229

24.570

26.584

24.860

26.584

24.860

21 24.592

Omdat er nog geen definitief besluit is genomen over inwerkingtreding bestaat het risico dat een bijstelling naar boven nodig is. In dat geval zullen we de begroting het voorjaar van 2024 aanpassen. 9 Dit betreft een project waarvan we de bijdragen in eerdere jaren ontvangen hebben. 8

27

Bovenregionale bijdragen De bovenregionale bijdragen nemen met € 4,2 ton af. De omzet bij de omgevingsdiensten in het Gelders stelsel daalt met € 5,9 ton. Dat komt vooral doordat deze diensten de vergunningverlening complexe gemeentelijke inrichtingen vanaf 2024 zelf gaan uitvoeren. De omzet bij de provincie Overijssel neemt € 1,7 ton toe door een aantal nieuwe BRZOprojecten. In de volgende tabel ziet u de begrotingsbedragen waarin we deze mutaties verwerkt hebben: * 1.000 PROVINCIE OVERIJSSEL OMG.DIENST ARNHEM Overige stelsel diensten

2023 854 497 749

2024 1.032 484 200

2025 ev 1.003 484 200

Totaal bovenregionaal

2.099

1.715

1.686

Grotere opdrachtgevers blijven de provincie Overijssel en de ODRA (handhaving van aandachtsbedrijven en complexe provinciale bedrijven). De baten voor overige stelseldiensten bouwen we af van € 7 ton in 2023 naar € 2 ton vanaf 2024. Dit bedrag bestemmen we nog voor specialistische advisering.

Subsidies en overige baten De subsidies en overige baten nemen met € 2,9 ton toe. Dat komt voor € 1,9 ton door de bijdrage van het ministerie van EZK voor energiecontroles. Daarnaast verhogen we de subsidiebijdragen van DCMR en ODNL met € 1 ton. De detacheringsbijdrage met de gemeente Nijmegen loopt een jaar langer door wat een aanpassing geeft van ruim € 60.000. We hebben € 60.000 geraamd voor diverse nog af te sluiten opdrachten. We voorzien vooralsnog geen aanvullende opdrachten en we stellen voor deze post te laten vervallen. In deze tabel ziet u de begrotingsbedragen waarin we deze mutaties verwerkt hebben:

* 1.000 GEMEENTE NIJMEGEN GEDEP STATN PROV GLD DCMR MILIEUDIENST OMGEVINGSDIENST NL Ministerie I&W Ministerie E&K

2023 57 56 195 133 585 178

2024 63 213 127 190

2025 ev 213 127 193

Totaal subsidies en overige bijdragen

1.204

593

533

28

Lasten 2024 De mutaties van de begrote lasten laten we in deze tabel zien:

Salariskosten Salariskosten overhead Opleidingskosten Inhuur Inhuur overhead Piofah IRVN Kapitaallasten Materiële kosten opdrachtgevers Overige materiele kosten Bijdrage regionaal stelsel Ontwikkelprogramma

2023

2024

2025

2026

1006 308 23 1531 480 -58 146 20 208 47 28 113

1456 413 34 2212 532 -328 195 -204 234 624 41 -300

1393 399 32 873 150 -335 197 -206 233 620 39 -300

1392 399 32 866 150 -335 203 -206 233 620 39 -300

3.852

4.909

3.096

3.095

We lichten eerst de mutatie over 2024 toe. Deze mutatie van € 4,9 miljoen betreft: a) Effecten wijziging I begroting 2023, € 2 ton b) Indexering, € 2,7 miljoen c)

Overige bijstellingen 2024, € 1,99 miljoen

In de volgende tabel ziet u deze mutaties uitgesplitst naar begrotingscategorie:

a. in € * 1.000 Salariskosten Salariskosten overhead Opleidingskosten Inhuur Inhuur overhead Piofah IRVN Kapitaallasten Materiële kosten opdrachtgevers

Actualisatie 2023 103 -184 77 200

b.

Overig 1.812 511 -306 -250

Totale bijstelling 2024 1.456 413 34 2.212 532 -328 195 -204

34

-

234

68

556

624

Indexering 1.456 309 34 400 21 162 117 46

c.

Overige materiele kosten

-

Bijdrage regionaal stelsel

-

Ontwikkelprogramma

-

41 34

-334

41 -300

196

2.724

1.990

4.909

Totaal lasten

29

a. Wijziging I begroting 2023 Deze aanpassingen voor in totaal € 2 ton betreft effecten wijziging I begroting 2023 die doorwerken in 2024. Het gaat om: € 1 ton formatie-uitbreiding toezichthouder milieu, - € 1,8 ton piofah (minder repro- en facilitaire kosten en -0,53 fte financieel medewerker), € 77.000 meerkosten IRVN en € 2 ton materiële kosten opdrachtgevers. Voor een uitgebreidere tekstuele toelichting verwijzen we u naar de wijziging I begroting ODRN 2023.

b. Indexering De indexering van in totaal € 2,7 miljoen is berekend op basis van de percentages in de uitgangspunten van de begroting: aanvullend over 2023 (7,31%) en over 2024 (3,55%).

c. Overige bijstellingen 2024 Inhuur De toename van de baten is deels tijdelijk (effect van invoering Omgevingswet en Wkb) en er zijn door het voornemen van de gemeente Nijmegen om de BRIKS-taken terug te nemen onzekerheden over de toekomstige omzetontwikkelingen. We kiezen daarom voor maximale flexibiliteit en breiden de formatie van onze medewerkers niet uit. We voegen de extra middelen, voor € 1,8 miljoen, aan het budget voor inhuur toe.

Inhuur overhead Ook bij de overhead kiezen we voor flexibiliteit en nemen we geen nieuw vast personeel aan. De extra middelen voor overhead besteden we daarom ook aan inhuur overhead. In de paragraaf overhead kun u lezen dat we het aandeel overhead ramen op 29% van de totale begrote lasten.

Piofah gemeente Nijmegen We nemen van de gemeente Nijmegen verschillende diensten af op het vlak van personeel, ICT en huisvesting: de zogenaamde PIOFAH-taken. Dit ligt vast in de gastheerovereenkomst die loopt van 2020 tot en met 2023. Vanaf 2024 zullen we een nieuwe overeenkomst met de gemeente Nijmegen sluiten. De piofah-overeenkomst met de gemeente Nijmegen bouwen we af met € 3 ton. Dit betreft een afname van de kosten voor beheer van ICT-contracten. We zijn overeengekomen dat we deze contracten zelf gaan beheren. Het budget hiervoor hevelen we over naar het budget voor materiële kosten. We hebben de overeenkomst afgelopen jaren flink afgebouwd en we gaan deze in 2024 nog verder afbouwen. De keuze is gemaakt om een financieel pakket aan te schaffen dat goed is toegesneden op onze bedrijfsvoering. Het liefst een integraal pakket: financiën, HRM en tijdschrijven in één. Met dit besluit zullen we in 2024 ook de dienstverlening op het gebied van financiën en de salarisadministratie niet meer van de gemeente Nijmegen afnemen. Omdat hierover nog geen formeel besluit is genomen, nemen we aanpassingen van de begroting mee bij de actualisatie van de begroting in het voorjaar van 2024.

Kapitaallasten De begrote afschrijvingslasten zijn deels gebaseerd op het activeren van investeringen in ICT-applicaties. Tegenwoordig is er veelal sprake van ICT-contracten op basis van jaarlijkse licentiekosten die we niet activeren. Ook de contractering van ons nieuwe zaaksysteem, onze financiële pakket en tijdschrijf en HRM-module zullen op basis van licenties plaatsvinden. Vooruitlopend hierop hevelen we jaarlijks € 2,5 ton over van de kapitaallasten naar het budget voor materiële kosten (waaronder uitgaven voor ICT).

30

Materiële kosten Dit gaat om materiële kosten die we niet via de gastheer afnemen, zoals kosten voor woon-werkverkeer, dienstreizen, abonnementen, porto, ICT, drukwerk, representatie en advertenties voor de werving van personeel. We voegen aan dit budget structureel € 5,5 ton (€ 3 ton piofah Nijmegen en € 2,5 ton kapitaallasten) toe. Deze mutaties hebben we hiervoor toegelicht.

Ontwikkel- en innovatiebudget vanaf 2024 In 2023 ronden we de ontwikkelagenda af. We zetten in dat jaar de laatste hiervoor bestemde bijdragen van onze deelnemers in. De ontwikkelopgaven zijn daarmee niet afgerond. In de begroting 2023 hebben we daarom jaarlijks € 3 ton aan de begroting toegevoegd. Hiermee betalen we ureninzet voor ‘interne’ projecten. Deze bijdrage is verwerkt in de toeslag van 23% op het uurtarief voor direct primaire inzet en wordt door al onze opdrachtgevers betaald. We zien daarom geen toegevoegde waarde om deze inzet apart in de begroting te laten zien en stellen voor dit budget aan onze reguliere budgetten toe te voegen. We doen in de bestuursrapportages en jaarstukken uiteraard wel verslag van de inzet van deze middelen.

Wijzigingen 2025 tot en met 2027 In 2025 en 2026 hogen we de baten en lasten op met jaarlijks afgerond € 3,1 miljoen. Dit betreft voor € 2,6 miljoen indexering (inhaal 2023 7,31% en index 2024 3,55%). We hebben daarnaast structurele extra baten geraamd voor onze deelnemers van jaarlijks € 9 ton voor met name extra projecten bij de provincie Gelderland. De bovenregionale baten nemen met € 6 ton af. Met name doordat deze diensten de vergunningverlening complexe gemeentelijke inrichtingen zelf gaan uitvoeren. De ophoging van de subsidiebedragen in 2024 trekken we voor jaarlijks € 1,7 ton door. De lasten 2023 zijn verhoogd met € 2,7 miljoen vanwege indexering en met het structureel doortrekken van de effecten uit 2023 en 2024 zoals hierboven toegelicht. Aanvullende werkafspraken voegen we toe aan de begrote inhuur waarmee we kiezen voor maximale flexibiliteit. In 2024 is het percentage inhuur 27%. Dit loopt door de omzetdaling af van naar respectievelijk 22% en 21% in 2025 en 2026. Dat laten we in de volgende paragraaf zien. Het aandeel overhead handhaven we meerjarig op 29% van de totale lasten. De begrote baten 2026 zijn vertaald naar jaarlaag 2027. Alleen de specifieke uitkering van het ministerie van EZK voor energiecontroles loopt af in 2026 en nemen we niet mee in de begroting 2027. Dit zorgt voor een afname van de baten en lasten met € 1,9 ton.

31

4.6. Overhead en inhuur We sturen actief op uitgaven voor overhead en inhuur. Deze proberen we te beperken omdat we onze middelen zoveel mogelijk willen inzetten voor onze primaire processen. De ambitie 20% inhuur, moeten we vanwege de turbulente ontwikkelingen, loslaten. In 2024 begroten we 27% inhuur. Dat percentage daalt in de jaren daarna naar 21%:

In € * 1.000 Jaarstukken 2022 Inhuur 4.797 Inhuur overhead 219 Subotaal inhuur 5.016 Salariskosten 13.720 Salariskosten overhead 2.027 Totaal salarissen en inhuur 20.763 Inhuur als % van totaal salarissen en inhuur 24%

2023 5.100 666 5.766 14.007 2.951 22.725

2024 5.762 718 6.481 14.381 3.056 23.918

2025 4.423 336 4.759 14.318 3.043 22.120

2026 4.416 336 4.752 14.318 3.043 22.113

25%

27%

22%

21%

Het aandeel overhead als percentage van de totale lasten, schommelt rond de 27/29% en is daarmee marktconform10. In de volgende tabel ziet u de ontwikkeling van de overhead. in € * 1.000 Opleidingskosten PIOFAH-taken - gemeente Nijmegen

Jaarrekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

176

327

335

2.651

1.576

1.298

ICT - IRVN

1.101

1.160

Kapitaallasten software, pc’s e.d.

300

272

208

Materiële kosten

747

659

1.227

Bijdrage regionaal stelsel

270

395

408

666

718

Inhuur overhead Loonkosten overhead (2022 incl. inhuur)

2.246

2.951

3.056

Totaal overhead

6.390

7.947

8.411

Totaal lasten

23.675

28.378

28.892

Overhead%

27%

28%

29%

Belangrijke mutatie is dat we de piofah-taken vanaf 2023 rechtstreeks via de IRVN afnemen. Het piofah-budget gemeente Nijmegen is daarom vanaf 2023 gesplitst in een deel piofah gemeente Nijmegen en een deel ICT IRVN. We zien ook een verschuiving van deze budgetten naar onze budgetten voor materiële kosten en voor inhuur en loonsom. Taken die we voorheen bij de gemeente Nijmegen belegd hadden, voeren we steeds meer zelf uit.

10

Overheadpercentages schommelen volgens benchmark en onderzoek rond de 30%:  Volgens een door Arno Seinstra uitgevoerde benchmark 2023 bij 16 omgevingsdiensten is het percentage overhead bij Omgevingsdiensten tussen 22% - 40%. (AB 17 november 2022)  In het artikel ‘Overheadkosten gemeenten gemiddeld 32%’ (Binnenlands bestuur d.d. 12 mei 2017) staat dat het gemiddelde overheadpercentage bij gemeenten 32% is. Dat blijkt uit een onderzoek van adviesbureau Berenschot onder 65 gemeenten over 2016.

32

4.7. Lasten en baten per taakveld In het volgende overzicht ziet u de begrote baten en lasten naar taakveld:

Omschrijving in € * 1.000

Lasten 2024

Baten 2024

11.099

5.511 4.083 6.064 15.657

8.3 Bouwen & Wonen BRIKS vergunningen BRIKS Toezicht en handhaven BRIKS Advies en projecten Totaal

9.382

7.018 3.996 2.220 13.234

Overhead

8.411

7.4 Milieubeheer Milieu vergunningen Milieu Toezicht en handhaven Milieu Advies en projecten Totaal

Toevoegingen/onttrekkingen aan de reserves Totaal Resultaat

28.892

28.892

-

Onze totale baten 2024 begroten we op € 28,9 miljoen. Hiervan ramen we € 15,6 miljoen (54%) voor het taakveld milieubeheer en we trekken € 13,2 miljoen (46%) uit voor het taakveld bouwen en wonen. Deze percentages zijn gelijk aan de realisatie 2022. In onze advieslijsten geven we per opdrachtgever een nadere specificatie naar product.

33

4.8. Meerjarenbalans 2022 - 2024 In het volgende overzicht ziet u de balans 2022 en geprognosticeerde balans van 2023 en 2024: ultimo 2022

ultimo 2023

ultimo 2024

854

900

900

-

-

-

973 2.981 -

500 1.481

500 1.438

Liquide middelen Overlopende activa Nog te ontvangen bedragen

135

400

400

43

100

100

Totaal activa Passiva VASTE PASSIVA Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserve Het gerealiseerde resultaat

4.986

3.381

3.338

718 339 -614

104

104

in € * 1.000 Activa VASTE ACTIVA Materiele vaste activa Investeringen met een economisch nut VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Onderhanden werk Uitzettingen met een rente-typische looptijd <1 jaar -Vorderingen op openbare lichamen -Uitzettingen in 's Rijksschatkist -Overige vorderingen

Voorzieningen Voorziening harmonisatietoelage Voorziening verlof stuwmeren VLOTTENDE PASSIVA -Schulden aan openbare lichamen -Schulden aan kredietinstellingen -Overige schulden Overlopende passiva -Verplichtingen

179 457

147 441

120 425

1.670 1.271 966

2.000

2.000

339

339

349

349

Totaal passiva

4.986

3.381

3.338

We gaan ervan uit dat het resultaat over 2022 van - € 6,1 ton op onze algemene reserve in mindering wordt gebracht zodat deze op € 1 ton uitkomt. Over 2023 en 2024 ramen we een sluitende begroting, wat maakt dat onze algemene reserve onveranderd blijft. In onze risicoparagraaf actualiseren we risico’s en bepalen we ons benodigde weerstandscapaciteit. We geven onze deelnemers aan bij de bepaling van hun benodigde weerstandscapaciteit rekening te houden met het bedrag aan risico’s dat onze weerstandscapaciteit te boven gaat.

34

5. Paragrafen

35

De regelgeving kent acht verplichte paragrafen voor provincies, gemeenten en de gemeenschappelijke regelingen. Dit is vastgelegd in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Drie van de verplichte paragrafen gaan over heffingen, grondbeleid en deelname in verbonden partijen. Deze zijn voor ons niet van toepassing. Op de andere paragrafen gaan we in dit hoofdstuk in.

5.1. Weerstandscapaciteit en risicobeheersing De jaarstukken en de begroting verschijnen vrijwel gelijktijdig. In de jaarstukken 2022 hebben we de inventarisatie geactualiseerd. We hebben daarbij een fors risico opgenomen voor inflatie van € 1,57 miljoen. In de aanpassing van de begroting 2023 hebben we een aanvullende indexering over 2023 opgenomen. Als u instemt met deze wijziging, kunnen we dit risico verlagen naar € 250.000. De overige risico’s zijn nog onverminderd van kracht11. We komen daarmee op een risicobedrag van € 1.487.000. Daarvan ziet u in de volgende tabel een samenvatting: Risico’s in € * 1.000 Inflatie Achterblijvende omzet Begrotingsrisico Wet elektronische publicaties (Wep) Uitval automatisering Ziekteverzuim Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelatie Krapte op de arbeidsmarkt Privatisering van bouwregelgeving (Wkb) Omgevingswet Totaal

2024

250 527 10 38 38 75 25 175 250 100 1.487

Omdat niet alle risico’s zich tegelijkertijd zullen voordoen, passen we een dempingsfactor toe van 0,6.12 Dit geeft een benodigd weerstandsvermogen van € 8,9 ton. De weerstandsratio (algemene reserve / benodigd weerstandsvermogen) bedraagt daarmee: € 104.000/ € 8,9 ton = 0,12. Dit is onvoldoende. We zullen onze deelnemers dan ook vragen bij de bepaling van hun weerstandsvermogen rekening te houden met het verschil tussen ons benodigd en feitelijk weerstandsvermogen.

11 12

Voor een toelichting van de risico’s verwijzen we u naar de jaarstukken 2022. Deze factor is conform 2019 en wordt landelijk gehanteerd.

36

5.2. Financiering Volgens de Wet Fido (Financiering decentrale overheden) is elke gemeenschappelijke regeling verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de rente-risiconorm, de verwachte toe- of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. De paragraaf moet in ieder geval de beleidsvoornemens bevatten ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille.

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Het doel van de kasgeldlimiet is om het risico van rentefluctuaties voor kort lenen te beperken. Volgens de Wet Fido bedraagt de kasgeldlimiet 8,5% van het totaal van de begroting. Voor de begroting 2024 komt dat uit op een bedrag van € 2,46 miljoen. We hebben een treasurystatuut voor de omgang met liquide middelen en financiering. Ook hebben we een overeenkomst met de huisbankier, BNG Bank. Het gebruik van derivaten wordt niet toegestaan. We lenen alleen voor kapitaaluitgaven die de reguliere bedrijfsvoering betreffen. We hebben voor de inrichting van de ICT-omgeving en de huisvesting sinds 2013 kredieten beschikbaar voor in totaal € 2,1 miljoen. Tot op heden is het niet nodig geweest om voor investeringen middelen met een looptijd langer dan één jaar aan te trekken. Als dit in de toekomst wel nodig is, dan nemen we hiervoor een voorstel in de bestuursrapportage op. In 2014 is het zogenaamde Schatkistbankieren verplicht geworden. We hebben hiervoor een speciale rekening geopend bij BNG Bank en bij het Rijk. We moeten alle bedragen boven € 1.000.000 (gemiddeld over een maand) overmaken naar deze speciale rekening. Het Rijk heeft toegang tot deze rekening en gebruikt deze gelden voor zijn eigen financiering.

Financiële kengetallen Het BBV schrijft een verplichte set van kengetallen voor die in de begroting opgenomen moeten worden. Deze kengetallen zijn de volgende:

37

Netto schuldquote Dit geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft dus een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De schuldquote van de ODRN in het begrotingsjaar 2024 is 1,0 % en is voldoende. 13 De VNG adviseert om bij een schuldquote > 130% de schulden af te bouwen. Solvabiliteitsratio Hierbij gaat het om het eigen vermogen als bedoeld in artikel 42 van het BBV, gedeeld door het totaal van de passiva.14 De solvabiliteitsratio in het begrotingsjaar 2024 is 3% (€ 104.000/€ 3.381.000). Structurele exploitatieruimte Deze indicator geeft aan of de begroting structureel en reëel in evenwicht is. 15 Hierbij gaat het om het onderscheid tussen structurele (meerjarige) en incidentele (eenmalige) inkomsten en uitgaven. Structurele uitgaven zijn bijvoorbeeld de personeelskosten en kapitaallasten en bijdragen. De incidentele inkomsten en uitgaven verschillen per jaar. Een voorbeeld van incidentele uitgaven zijn bijvoorbeeld de implementatiekosten voor de Omgevingswet. Wij gaan ervan uit dat de structurele baten en lasten vooralsnog met elkaar in evenwicht zijn en daarmee ramen we dit percentage op 0%. We kunnen, door inhuur niet te verlengen en door geen nieuwe inhuurcontracten aan te gaan, onze lasten aanpassen aan de afname van de baten vanaf 2025.

Wel merken we hier op dat het effect van het terugnemen van de BRIKS-taken door de gemeente Nijmegen nog niet in deze begroting verwerkt is. Mocht dit besluit in deze meerjarenraming doorgevoerd worden, dan kan dat leiden tot een onevenwichtigheid in structurele baten en lasten.

13

De netto schuldquote = (A+B+C-D-E-F-G)/H x 100% A Vaste schulden (cf. art. 46 BBV) B Netto vlottende schuld (cf. art. 48 BBV) C Overlopende passiva (cf. art. 49 BBV) D Financiële activa (cf. art. 36 lid d, e en f) E Uitzettingen < 1 jaar (cf. art. 39 BBV) F Liquide middelen (cf art. 40 BBV) G Overlopende activa (cf. art. 40a BBV) H Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (dus excl. mutaties reserves))

14

Artikel 42 van de BBV: Het eigen vermogen bestaat uit de reserves en het gerealiseerde resultaat

volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening. 15

De structurele exploitatieruimte = ((B-A)+(D-C))/(E) x 100% A Totale structurele lasten B Totale structurele baten C Totale structurele toevoegingen aan de reserves D Totale structurele onttrekkingen aan de reserves E Totale baten

38

5.3. Bedrijfsvoering Het bestuur De ODRN kent drie bestuursorganen: Algemeen Bestuur, Dagelijks Bestuur en voorzitter. We lichten deze organen kort toe. Het Algemeen Bestuur bestaat uit acht leden. Dit zijn leden van de colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en een vertegenwoordiger namens het college van Gedeputeerde Staten van Gelderland. Daarnaast is hetzelfde aantal plaatsvervangende leden aangewezen. De bevoegdheden van het Algemeen Bestuur zijn vergelijkbaar met de bevoegdheden van de gemeenteraad en van de provinciale staten. Het Dagelijks Bestuur telt vier leden, inclusief de voorzitter. Het heeft de bevoegdheid die vergelijkbaar is met het college van burgemeester en wethouders heeft en het college van Gedeputeerde Staten. In 2022 is (deels) een nieuw Dagelijks Bestuur benoemd als gevolg van de verkiezingen voor de gemeenteraden. De voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De voorzitter leidt de vergaderingen van zowel het Dagelijks als Algemeen Bestuur. Hij vertegenwoordigt de ODRN in en buiten rechte. De heer Jan van der Meer vertegenwoordigt de provincie Gelderland en is de voorzitter van de ODRN.

De ambtelijke organisatie De ambtelijke organisatie kenmerkt zich door een platte organisatie. We hebben zes afdelingen, met aan het hoofd de directeur en de directeur Bedrijfsvoering, tevens adjunct-directeur. De afdelingshoofden geven ieder leiding aan een afdeling met gemiddeld 30 medewerkers. Bij de grotere afdelingen vergunningverlening milieu en Interne Ondersteuning zijn teammanagers benoemd.

Personeel In 2023 hebben we intensief ingezet om het deskundigheidsniveau en de ontwikkelingsmogelijkheden van medewerkers te versterken door de uitvoering van een ambitieus opleidingsplan. Ook in 2024 blijven we inzetten op opleiding en ontwikkeling om medewerkers te kunnen laten voldoen aan de kwaliteitscriteria 2.2 en hiermee de organisatie als geheel robuuster te maken. Dit past dan ook in de ambitie, verwoord in de visie van de ODRN om een professionele kennisorganisatie te zijn. Ook zal het in 2023 opgestelde Strategisch Personeel Plan operationeel worden, waardoor er voor de komende jaren een duidelijker beeld is welke deskundigheden, vaardigheden en competenties vereist zijn om toekomstige ontwikkelingen goed aan te kunnen. Uiteraard heeft dat gevolgen voor een aantal HR-instrumenten zoals werving en selectie, opleiding en ontwikkeling en duurzame inzetbaarheid. Des te meer is een toekomstbestendige (nieuwe) gesprekcyclus van belang. In 2023 is hiervoor een organisatie brede pilot uitgevoerd die ertoe leidt dat de nieuwe HR-gesprekcyclus formeel in 2024 wordt ingevoerd. In 2024 zijn de consequenties bekend voor de organisatie en de individuele medewerkers, van het overbrengen van de zogenaamde BRIKS-taken naar de gemeente Nijmegen. Wat de personele en financiële gevolgen daarvan zijn is op dit moment niet duidelijk.

De intensievere samenwerking met de ODRA wordt in 2024 verder vormgegeven en dat geeft o.a. meer ontwikkelingsmogelijkheden voor de medewerkers.

39

Ziekteverzuim Ziekteverzuim blijft onze aandacht houden. De norm voor het ziekteverzuim is 5%. Het verzuimpercentage van 2022 was 7,1%. De focus op verzuimpreventie blijft dus een aandachtspunt. De aanbesteding van de Arbodienstverlening via de gemeente Nijmegen loopt per 1 januari 2024 af. Dit betekent dat we moeten kiezen of we mee gaan in een nieuwe aanbesteding via de gemeente Nijmegen of dat we op zoek gaan naar een eigen Arbodienstverlener. De keuze hiervoor hangt samen met de keuze voor een integraal Financieel en HR-softwarepakket. Hiervoor worden in 2023 al de nodige uitzoekwerkzaamheden gedaan. Naast verzuimpreventie waar wij met het vitaliteitsbeleid actief op inzetten, overwegen we ook een ander proces voor de verzuimbegeleiding. Dit om meer focus te hebben op het verzuim en dit te beleggen daar waar de kennis en expertise aanwezig is. In 2024 zal deze verder worden geprofessionaliseerd. Dit kan betekenen dat er specifieke opleiding nodig is vanuit HR en dat er wellicht meer interventies worden ingezet bij zieke medewerkers om hiermee de re-integratie te bevorderen.

ICT Voor onze informatievoorziening zijn wij afhankelijk van goede ICT-systemen. Daarom gaan we het zaaksysteem en het financiële systeem in 2023 vervangen. We kiezen ervoor ons nieuwe zaaksysteem te “kopiëren” van de ODRA, de partner waarmee wij de samenwerking stevig aanhalen. In 2024 zullen wij gaan leren om met het zaaksysteem en de inrichting te werken (nazorg) en zullen wij wijzigingen doorvoeren om de puntjes op de i te zetten. Mede gezien het “nieuwe” werken in het kader van de Omgevingswet. Hetzelfde geldt voor ons financiële systeem, al is de impact hiervan kleiner omdat het een klein deel van de organisatie raakt. Verder gaan wij in 2024 ons HRM-pakket vervangen. In 2023 doen we kennis op door uitvoering van projecten in het kader van het Interbestuurlijk Programma (IBP). In 2024 gaan we het geleerde praktisch toepassen. Denk hierbij aan onderwerpen als datakwaliteit, datagestuurd werken, risico-analyses, sturen op outcome, uniform informatiemodel en ICT-referentiearchitectuur. De IRVN, de regionale samenwerkingspartner op ICT-gebied voor de gemeenten in de regio Nijmegen, levert onze ICT-apparatuur.

Dienstverlening Voor de kwaliteit van onze dienstverlening hebben we normen vastgesteld. Die norm is dat van alle ingevulde klanttevredenheidsonderzoeken de categorieën ‘tevreden’ en ‘zeer tevreden’ gezamenlijk minstens 80% van het totaal vormen. De afgelopen jaren hebben we deze norm ruim gehaald. In 2022 was 85% van onze klanten tevreden. Wij streven er vanzelfsprekend naar om deze norm ook de komende jaren te blijven behalen.

Financiën We hanteren een eenvoudige en transparante financieringsmethodiek. Vanaf 2023 rekenen we af op basis van nacalculatie van uren. Het uurtarief 2024 bepalen we door de totale lasten te delen door het totaal aantal productieve uren.

40

Begrote lasten 202416 Totaal aantal productieve uren Gemiddeld tarief per uur (€ 28,6 miljoen /271.000 uur)

€

28,6 miljoen 271.000 € 105

Om recht te doen aan de verschillen van onze opdrachtgevers, passen we een differentiatie op de uurtarieven toe: onze deelnemende gemeenten betalen € 102 per uur en onze overige opdrachtgevers (inclusief de provincie Gelderland) € 110 per uur. Deze tarieven kunnen we ook onderbouwen met indexeringspercentages:

in € Tarieven huidig obv index 2023: 1,98% Aanvullende index 2023: 6,62% Index 2024: 3,55%

Laag 92 98 102

Gemiddeld 95 101 105

Hoog 99 105 110

Met een aanvulling van 6,62%, is de totale indexering over 2023 8,6% (initieel 1,98% + 6,62% aanvullend). Dit percentage is een gewogen gemiddelde van indexering lonen/inhuur en materiële lasten in de verhouding en 84/16 en gebaseerd op:  het principeakkoord CAO 2023 voor lonen en inhuur 9,1% en,  de prijsontwikkeling BBP volgens het CEP van maart 2023. voor de materiële lasten 6,4%. De index 2024 van 3,55% is volgens de begrotingsrichtlijnen 2024. De financiële spelregels staan in een aantal kaderstellende nota’s: een Treasurystatuut, de Financiële verordening, de Controleverordening en een Notitie weerstandsvermogen en risico-inventarisatie. In het Treasurystatuut staan de afspraken over de omgang met liquide middelen en benodigde financiering voor investeringen. In de Financiële verordening zijn onder meer de afspraken vastgelegd over de aanbieding van rapportages. In de Controleverordening staan de afspraken over de accountantscontrole. De Notitie weerstandsvermogen en risico-inventarisatie gaat in op de theorie en uitgangspunten van ons risicobeleid.

Huisvesting De ODRN huurt van de gemeente Nijmegen kantoorruimte aan de Mariënburg 75. De huisvesting voldoet aan het uitgangspunt van het Nieuwe Werken en heeft nu meer de functie gekregen van verzamelgebouw en biedt daarbij diverse soorten werkplekken. De gemeente Nijmegen voorziet vanuit de gastheerovereenkomst ook in zaken als het gebruik van vergaderzalen, sanitaire voorzieningen, catering, telefooncentrale en beveiliging.

Communicatie Team communicatie werkt in 2024 door aan vertrouwen in ons werk en waar we voor staan. De Omgevingswet en de ontvlechting van de Nijmeegse Briks-taken zal een flink beroep doen op het team. Dan hebben we het over zowel de interne als de externe communicatie. Daarnaast werkt het team door aan zichtbaarheid, van ons werk en de dillema’s die we daarbij tegenkomen. Het team is proactief, zet eigen kanalen in en brengt focus aan in thema’s.

16 Totale lasten 2024: € 28,9 miljoen. Hiervan realiseren we € 3 ton met doorbelasting van externe

advieskosten en € 28,6 miljoen met ureninzet van onze medewerkers.

41

5.4. Onderhoud kapitaalgoederen Deze paragraaf heeft tot doel om te laten zien hoe we als ODRN de instandhouding van de kapitaalgoederenvoorraad, onze investeringen, waarborgen. We hebben geen panden in eigendom. We leasen vier dienstauto’s. We investeren alleen in de werkplekken en ICT-voorzieningen. Deze schrijven we tegen een reële termijn jaarlijks af. Zo is er na het einde van de levensduur een vrijval van kapitaallasten die gelijk is aan de jaarlast. Op die manier hoeven we alleen voor prijsontwikkelingen te indexeren om de instandhouding van de investeringen te waarborgen. In de bijlage is een investeringsbegroting opgenomen.

5.5. Openbaarheidsparagraaf in het kader van de Wet open overheid (Woo) Onze verslaggevingsrichtlijnen schrijven voor dat we jaarlijks in de begroting aandacht moeten besteden aan beleidsvoornemens inzake de uitvoering van de Woo en in de jaarlijkse verantwoording verslag moet doen van de uitvoering van de Woo in relatie tot die beleidsvoornemens. We kunnen hier nog niet aan voldoen. Er is namelijk nog geen inschatting te geven over kwaliteit en aantal documenten. Dat komt omdat onze opdrachtgevers nog geen keuzes gemaakt hebben over wat we openbaar gaan maken. We weten ook nog niet wanneer we beginnen met openbaar maken. PLOOI, het platform waarop wij de documenten moeten plaatsen die onder de actieve openbaarmaking vallen, is nog niet beschikbaar. We maken in 2023 een keuze: wachten op de ontwikkelingen rondom PLOOI of openbaar maken op een eigen platform. Hieraan zijn extra kosten verbonden. En we lopen het risico dat we later alsnog moeten overgaan naar PLOOI.

42

6. Bijlagen

43

6.1. Van primitieve naar dynamische begroting 2024 In onderstaande tabel geven we u inzicht in de lasten en baten volgens de primitieve begroting 2024 zoals vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 14 juli 2022, de daarop doorgevoerde mutaties en de dynamische begroting die het vertrekpunt is voor de wijzigingen die we in dit voorstel voorleggen.

in € * 1.000

2023

2024

2025

2026

Lasten primitief

24.186

23.982

23.982

23.982

35 -35 -160 160 456 -117 -279 -60 339

39 -39

46 -46

46 -46

456 -117 -279 -60

456 -117 -279 -60

456 -117 -279 -60

Bijstellingen: DB 20 sept 2022 DB 13 okt 2022 DB 15 dec 2022

AB 15 dec 2022

IRVN Overige materiele kosten Kapitaallasten Ontwikkelbudget Salariskosten Inhuur Piofah Overige materiele kosten Ontwikkelbudget

Lasten dynamisch

24.525

23.982

23.982

23.982

Baten primitief

24.186

23.982

23.982

23.982

23.982

23.982

23.982

Bijstellingen: AB 15 dec 2022 Baten dynamisch

Onttrekking bestemmingsreserve

339 24.525

Op 20 september 2022 heeft het Dagelijks Bestuur besloten extra middelen uit te trekken voor veiligheidsbeleid van de ICT. Op 13 oktober 2022 is besloten € 160.000 kapitaallasten in te zetten voor het project vervanging financieel pakket, HRM en tijdschrijfmodule. Op 15 december 2022 heeft het Dagelijks bestuur ingestemd met een voorstel waarmee we de budgetten voor overhead geactualiseerd hebben.

44

6.2. Investeringsbegroting

Hier ziet u onze investeringsbegroting.

2023 Boekwaa rde in € * 1.000

Investeri ngen

2024

Afschrijvi ngen

Boekwaa rde

31-122022

Inrichting ICT applicaties ICT Pc's e.d. Totaal

Investeri ngen

Afschrijvi ngen

31-122023

2025 Boekwaa rde

Investeri ngen

Boekwaa rde

31-122024

31-122025

700

70

123

647

70

110

607

70

113

564

141

40

104

77

40

53

64

40

32

72

12

40

25

28

40

28

40

40

40

40

854

150

252

752

150

191

711

150

185

676

Overige onvoorzien Begroot

20

17

21

272

208

206

2026 Boekwaarde in € * 1.000

Afschrijvi ngen

Investeringen

2027

Afschrijvingen

31-12-2022

Boekwaarde

Investeringen

Afschrijvingen

31-12-2026

Boekwaarde 31-12-2027

Inrichting

700

70

116

518

70

118

470

ICT applicaties

141

40

32

80

40

40

80

ICT Pc's e.d.

12

40

40

40

40

40

40

Totaal

854

150

188

638

150

198

590

Overige onvoorzien

18

8

Begroot

206

206

Het thuiswerken waardoor we minder in werkplekken op locatie investeren17, maar ook het feit dat we steeds meer ICT-licenties aanschaffen, maken dat onze investeringsbegroting afneemt. Eind 2022 bedroeg de boekwaarde van onze activa € 8,5 ton. We ramen komende jaren investeringen van jaarlijks € 1,5 ton. Samen met de afschrijvingen over onze huidige activa, komen we daarmee op een jaarlijkse afschrijvingslast van ruim € 2 ton.

Aanschaffingen t.b.v. het thuiswerken activeren we niet. Deze boeken we in het jaar van aanschaf als kosten. 17

45

6.3. De advieslijsten 2024 In deze paragraaf ziet u de advieslijsten die de basis vormen voor de begrote baten 2024: € 28,9 miljoen. Op deze pagina een overzicht van de producten BRIKS, € 12,8 miljoen en op de volgende pagina’s de producten milieu € 10,7 miljoen en vervolgens een overzicht van de grootste projecten van in totaal 5,3 miljoen.

BRIKS Totaal Vergunningverlening Informatieplicht BRIKS Omgevingsoverleg BRIKS Melding BRIKS Omgevingsvergunning BRIKS APV Besluit Vergunning Leegstandswet Vergunning Huisvestingswet Advies Monumenten Advies Beleidsontwikkeling BRIKS Toezicht en Handhaving Behandeling Klachten BRIKS Piket Bouwen Toezicht Verleende Omgevingsvergunning BRIKS Toezicht Bestaande Bouw BRIKS Toezicht sloop/asbest Toezicht Overige Illegaliteit Toezicht APV besluit + evenementen Toezicht Huisvestingswet Controle inrichtingseisen aanvraag Alcoholwetvergunning Bestraffende handhaving BRIKS Advies Evenementen Juridisch Verzoek tot handhaving BRIKS Herstellende handhaving BRIKS Rechtsbescherming BRIKS Juridisch Advies BRIKS Overige Informatieverzoeken BRIKS

46

Uren

Producten

Totale budget

124.950

22.213

12.842.707

68.305

9.504

7.017.793

93

38

€

9.535

8.325

1.398

€

853.099

9.193

2.943

€

942.330

48.436

4.514

€

4.979.523

677

175

€

69.003

167

45

€

17.073

172

20

€

17.564

873

71

€

89.077

369 38.824

300 4.065

€

40.590 3.996.424

3.729

758

€

380.395

351

285

€

35.756

20.513

1.344

€

2.118.275

4.834

416

€

500.408

5.759

968

€

589.594

895

91

€

91.728

192

26

€

19.572

49

10

€

5.018

30

4

€

3.011

2.202

108

€

225.065

271 8.092

55 735

€

27.601 829.349

431

35

€

43.986

3.419

239

€

349.864

3.840

301

€

394.274

402

160

€

41.225

9.728

7.909

9.728

7.909

999.141 €

999.141

Milieu

Uren

Totaal Vergunningverlening Informatieplicht Milieu Omgevingsoverleg Milieu Melding Milieu Omgevingsvergunning Milieu Instemming Flora & Fauna Actualisatietoets Vergunningen Milieueffectrapportage Besluit Laden en Lossen Gevaarlijke Stoffen Ontheffing Besluit Stortplaatsen Goedkeuringsbesluit Advies Afval en Circulaire economie Advies Bodem Advies Fysieke Leefomgeving Advies Geluid en Trillingen Advies Lucht & Geur Advies Omgevingsveiligheid Advies Water Advies HUP Advies Beleidsontwikkeling Milieu Toezicht en Handhaving Behandeling klachten Milieu Behandeling Ongewoon Voorval Piket Milieu Milieucontrole Hercontrole Milieu Seveso Inspectie Toezicht integraal HAT Energietoezicht Toezicht Bodem Toezicht natuur - Seveso Toezicht festiviteiten Bestraffende handhaving Milieu Beoordeling (verplichte) rapportages Juridisch Verzoek tot handhaving Milieu Herstellende handhaving Milieu Rechtsbescherming Milieu Juridisch Advies Milieu Overige

47

*

Producten

Totale budget

101.137

14.616

10.710.232

51.457

8.292

5.510.642

235

96

€

25.420

7.267

5.908

€

792.493

8.985

761

€

923.347

22.861

273

€

2.478.816

0

0

€

-

783

33

€

84.192

2.257

48

€

242.566

0

0

€

-

474

26

€

52.091

395

32

€

43.165

516

32

€

55.794

1.685

171

€

175.344

1.302

62

€

134.399

1.239

101

€

128.860

1.419

140

€

154.391

1.246

78

€

133.446

0

0

€

-

152

8

€

15.630

643 39.049

522 2.976

€

70.688 4.082.569

3.339

452

€

341.944

1.039

84

€

110.171

140

114

€

14.793

15.103

983

€

1.558.874

5.596

628

€

574.956

6.285

117

€

691.372

517

70

€

52.693

0

0

€

-

3.166

286

€

323.918

178

14

€

19.619

0

0

€

-

1.863

106

€

195.484

1.823 7.177

124 540

€

198.746 755.801

223

14

€

22.984

3.301

350

€

341.023

2.890

81

€

310.133

764

95

€

81.661

3.453

2.807

361.220

Projecten Opdrachtgever

Projectnaam

In €

Gelderland

Programma complexe vergunningverlening

€

390.056

Gelderland

AADV (BRZO)

€

223.651

Gelderland

Programmaproject Luchtadvies

€

217.140

Gelderland

BRZO Oost

€

209.850

Gelderland

Programmaproject Geluidadvies

€

198.000

Ministerie EZK

SPUK extra toezicht en handhaving energiebesparingsplicht

€

190.427

ODRA

Complexe handhaving provinciale bedrijven

€

185.158

Gelderland

BREF-Afval

€

150.183

Overijssel

BRZO Oost

€

139.900

Gelderland

Regievoering bedrijven

€

138.006

Gelderland

Advies Wnb provinciale bedrijven

€

121.242

Gelderland

Coordinatie en functioneel beheer Risicokaart

€

115.898

Nijmegen

Energiecontroles

€

100.368

Gelderland

Regievoering Brzo-bedrijven

€

94.710

Nijmegen

Energielabels kantoren - toezicht

€

89.516

ODRA

Programma Aandachtbedrijven Algemeen

€

88.757

Gelderland

Omgevingswetproject

€

81.180

ODRA

Vink

€

81.180

ODNL

Samenwerking RIVM - ODNL ZZS

€

78.397

Gelderland

Advisering initiatieven waterstof- en energietransitie

€

73.062

Gelderland

Energietoezicht Gelderland

€

73.062

Nijmegen

Juniorenprogramma

€

68.827

Gelderland

Aanpak ZZS

€

66.135

Gelderland

Programmaproject Uitvoering werken

€

66.000

DCMR

Communicatiestrategie BRZO OD's

€

64.163

Nijmegen

Detachering Rardy Nicolasen

€

62.730

Nijmegen

Aanpak ondermijning

€

60.221

Gelderland

Nieuwe aanpak toezichtsplannen

€

59.518

Gelderland

Juniorenprogramma

€

57.787

Gelderland

Projectleiding Circulaire Economie

€

57.137

Nijmegen

Kamerverhuur

€

54.989

€

3.657.250

€

1.681.511

€

5.338.762

Projecten > € 50.000 Projecten < 50.000 Totaal

48

Begroting | wijziging 1

1

Inhoudsopgave

1.

Inleiding

3

2.

Begroting

5

3.

Wijzigingen baten verklaard

8

4.

Wijzigingen lasten verklaard

13

5.

Bijlagen

17

2

1. Inleiding

3

In het najaar van 2022 hebben we een kadernota uitgebracht bij actualisatie van de begroting 2023 en de begroting 2024. In deze nota schetsten we een zorgelijk beeld van ontwikkelingen en uitdagingen die op ons afkomen. We leven in een turbulente tijd. Er zijn veel ontwikkelingen die we vorig jaar, bij het opstellen van de begroting 2023, nog niet konden voorzien. De effecten hiervan vertalen we nu in de wijziging van deze begroting. Denk daarbij aan het effect van de forse inflatie en aan de consequenties van het steeds maar uitstellen van de Omgevingswet. Maar we hebben afgelopen jaar ook steeds met onze opdrachtgevers om tafel gezeten. En we hebben afspraken gemaakt over nieuwe projecten zoals: kamerverhuur, juniorenprogramma, het actualiseren van vergunningen, complexe vergunningverlening, BRZO en het voeren van toezicht op energie labels van kantoren. Met deze wijziging van onze begroting sluiten we deze weer aan op de werkplannen. Ten slotte heeft het Rijk onze aanvragen voor specifieke uitkeringen IBP en energiecontroles goedgekeurd. Deze uitkeringen nemen we nu in onze begroting op. We leggen u een begrotingswijziging voor waarmee we de begroting 2023 actualiseren. De begrote baten hogen we met € 3,9 miljoen op, van € 24,5 miljoen naar € 28,4 miljoen.

Met deze wijziging sluiten we de begroting 2023 aan op de geactualiseerde werkplannen (+ € 1,1 miljoen), actualiseren we de budgetten voor subsidies en diverse opdrachten (+ € 8 ton) en ramen we een aanvullende bijdrage als compensatie voor gestegen kosten door de inflatie 2023 (+ € 1,9 miljoen). De € 3,9 miljoen extra baten bestemmen we als volgt: 

€ 1,9 miljoen voor kostenstijging (inflatie 2023) van onze lasten,

€ 1,5 miljoen voor extra inhuur en materiële kosten gerelateerd aan het primaire proces en

€ 0,5 miljoen voor uitbreiding van de overhead.

In deze notitie lichten we de wijzigingen voor u toe. Bestuur ODRN

4

2. Begroting

5

Begroting 2023 We stellen voor de lasten en de baten 2023 met € 3,9. miljoen te verhogen. In de volgende tabel ziet u de jaarcijfers 2022, de dynamische begroting, de voorgestelde mutaties en de bijgestelde begroting over 2023. In bijlage 5.1 ziet u een verloopoverzicht van de primitieve begroting 2023, verwerkte begrotingswijzigingen nadien en de dynamische begroting die nu ons vertrekpunt is.

Omschrijving in € * 1.000

Jaarrekening 2022

Dynamische begroting 2023 I

II

Begroting 2023 I + II

20.154

21.541

3.050

24.592

1.817

2.106

-7

2.099

358

439

765

1.204

656

440

43

483

78

-

-

-

23.061

24.525

3.852

28.378

11.695

13.000

1.006

14.007

4.578

3.570

1.531

5.100

281

103

208

311

16.555

16.673

2.745

19.418

2.027

2.643

308

2.951

176

303

23

327

219

186

480

666

1.674

1.552

-64

1.487

977

1.037

152

1.190

300

252

20

272

747

612

47

659

270

366

28

395

6.390

6.952

994

7.947

731

900

113

1.013

23.675

24.525

3.852

28.378

614

-

-

-

Wijzigingen

Baten Bijdragen deelnemers Bovenregionale bijdragen Subsidies en diverse opdrachten Bijdrage Ontwikkelprogramma

1

Vrijval voorziening harmonisatietoelage Totaal baten Lasten Salariskosten Inhuur Materiële kosten opdrachtgever Subtotaal directe kosten Salariskosten overhead Opleidingskosten Inhuur overhead Piofah gemeente Nijmegen ICT IRVN Kapitaallasten Materiele kosten overhead Bijdrage regionaal stelsel Subtotaal overhead Ontwikkel- en opleidingsbudget Totaal lasten Saldo

1

6

Inclusief onttrekking bestemmingsreserve invoeringskosten Omgevingswet € 339.000.

Wijzigingen begroting 2023 We laten u in volgende tabel zien hoe de mutatie van € 3,9 miljoen is opgebouwd. Deze bestaat voor € 1,9 miljoen uit een aanvullende indexeringsbijdrage van onze deelnemers vanwege de inflatie 2023. De verdeling daarvan over de begrotingsposten ziet u in de linker kolom. In de middelste kolom ziet u een aantal overige mutaties van in totaal € 2 miljoen. Omschrijving In € * 1.000

Aanvullende index 2023

Overige bijstellingen

Totaal

Bijdragen deelnemers Bovenregionale bijdragen Subsidies en diverse opdrachten Bijdrage Ontwikkelprogramma Totaal baten

1.899 1.899

1.152 -7 765 43 1.954

3.050 -7 765 43 3.852

Salariskosten Inhuur Materiële kosten opdrachtgever Subtotaal primaire kosten Salariskosten overhead Opleidingskosten Inhuur overhead Piofah gemeente Nijmegen ICT IRVN Kapitaallasten Materiele kosten overhead Bijdrage regionaal stelsel Subtotaal overhead Ontwikkel en opleidingsbudget Totaal lasten

1.006 276 8

1.254 200

1.006 1.531 208

1.291 204 23 14 120 80 20 47 28

1.454 103 465 -184 72 -

2.745 308 23 479 -64 152 20 47 28

538 70 1.899

456 43 1.954

994 113 3.852

0

0

0

Saldo

Alle wijzigingen lichten we in dit stuk toe. In hoofdstuk 3 lichten we de wijzigingen van de baten toe en in hoofdstuk Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. laten we zien hoe we d eze baten over de lasten verdeeld hebben.

7

3. Wijzigingen baten verklaard

8

In dit hoofdstuk lichten we de bijstellingen van de baten toe. In bijlage 5.3 ziet u een aansluiting van de omzetbedragen op de werkplannen. Ook laten we daar zien hoe de verdeling is tussen de BRIKS en milieutaken en tussen de verschillende programma’s

Bijdragen deelnemers De werkplannen 2023 geven aanleiding de bijdragen van onze deelnemers met € 1,1 miljoen op te hogen vanwege extra werkafspraken2. Daarnaast vragen we van onze deelnemers een aanvullende bijdrage van € 1,9 miljoen voor in 2023 gestegen kosten door inflatie. In de volgende tabel ziet u een specificatie van de aanpassing per deelnemer: Aanvullende Begroting Bijstellingen indexering Totale Begroting in € * 1.000 huidig werkafspraken 2023 bijstelling nieuw GEMEENTE NIJMEGEN 8.527 487 756 1.243 9.770 GEMEENTE BEUNINGEN 1.615 259 156 415 2.030 GEMEENTE DRUTEN 573 8 48 56 630 GEMEENTE BERG EN DAL 2.246 129 198 327 2.573 GEMEENTE HEUMEN 870 1 73 74 943 GEMEENTE WIJCHEN 955 -11 79 67 1.022 GEDEP STATN PROV GLD 6.755 258 589 847 7.602 Subtotaal werkplannen 21.541 1.131 1.899 3.030 24.570 Vooruitontvangen IPPC 21 21 21 21.541

1.151

1.899

3.050

24.591

Bijstelling werkafspraken De meeste bijstellingen zijn van de gemeente Nijmegen + € 5 ton. Ook begrote bedragen voor de gemeente Beuningen en de provincie Gelderland nemen toe, beiden met zo’n € 2,5 ton. De werkplannen waren in eerste instantie opgesteld op basis van het uitgangspunt dat de Omgevingswet en de WKB medio 2023 in zouden gaan. Uitstel van de wet naar 1 januari 2024, heeft bij de gemeenten Berg en Dal, Beuningen en Nijmegen tot gevolg dat de kosten voor BRIKS vergunningverlening toenemen, met respectievelijk: € 1,4 ton, €1,6 ton en € 0,6 ton.3 Daarnaast hebben we afspraken gemaakt over nieuwe projecten zoals: kamerverhuur, juniorenprogramma, het actualiseren van vergunningen, complexe vergunningverlening, BRZO en het voeren van toezicht op energie labels van kantoren. Ook deze nemen we nu in de begroting 2023 op. Aanvullende indexering 2023 Bij het opstellen van de begroting 2023 (in het eerste kwartaal van 2022) was de omvang van de kostenstijging als gevolg van de komende nieuwe cao nog niet te voorzien. De

2

De begroting is opgesteld op basis van de werkplannen 2023 stand eind februari 2023.

3

Deelnemers kiezen er mogelijk voor de gemeentelijke begrotingen in afwachting van de realisatie

nog niet aan te passen. Wij nemen de bedragen nu al wel in onze begroting op omdat deze de basis vormt voor de raming en planning van ons personeel. We voorzien geen risico’s, want als deze inzet zich niet voordoet, zijn we voldoende flexibel om onze (inhuur)kosten bij te sturen.

9

hoge inflatie van de afgelopen periode zal een doorvertaling kennen in de cao. We worden dus geconfronteerd met kostenstijgingen die we niet met onze begroting kunnen dekken. In reactie hierop hebben we ons algemeen bestuur op 16 februari jl. geïnformeerd over ons voornemen om in de begroting van 2023 en 2024 rekening te houden met: i) een aanvullende bijdrage van onze deelnemers over 2023; ii) een aanvullende indexering vanaf 2024. De uitwerking hebben van dit voornemen hebben we vervolgens afgestemd met ons bestuur en onze partners. We becijferden een aanvullende bijdrage over 2023 van € 1.9 miljoen (+ 7,31%). Dit bedrag is gebaseerd op aannames van cao stijgingen 2023. In maart 2023 is het principe akkoord cao 2023 bekend geworden en heeft het CBS nieuwe inflatiecijfers gepubliceerd. Op basis hiervan komen we op een bijgesteld percentage van 6,61% 4 We hebben aangegeven in het najaar van 2023 op terug te komen de aanvullende bijdrage over 2023 zullen nacalculeren. Dat doen we op basis van het definitieve cao-akkoord voor de indexering van onze loonsom en op basis van de ontwikkeling van de index van onze materiële lasten. Het verschil tussen de definitief berekende bijdrage en de € 1,9 miljoen zullen we met onze deelnemers afrekenen. Het effect is beperkt. Op basis van het verschil tussen de 7,31% en de 6,61% zou het gaan om € 1,8 ton (0,6% van onze totale baten).

In eerdere jaren ontvangen bijdrage Vooruitontvangen IPPC betreft een in 2021 van de provincie ontvangen bijdrage voor een IPPC project. Deze middelen zetten we in 2023 in en voegen we nu aan de begroting toe.

Werkplannen bovenregionale opdrachtgevers De bijstelling van begroting van onze overige deelnemers is beperkt. Voor de volledigheid geven we u in volgende tabel de bedragen per opdrachtgever: In € * 1.000 OMG.DIENST VELUWE IJ OMG.DIENST ARNHEM OMG.DIENST.NOORD-VEL OMGEVINGS DE VALLEI OMG RIVIERENLAND OMG ACHTERHOEK PROVINCIE OVERIJSSEL OD TWENTE OMG.DNST IJSSELLAND Totaal

Begroting huidig Bijstellingen 83 549 139 147 54 273 861 2.106

4 -52 3 5 7 4 -7 11 18 -7

Begroting nieuw 88 497 142 152 61 277 854 11 18 2.099

4 Dit percentage is een gewogen gemiddelde van indexering lonen/inhuur en materiële

lasten in de verhouding en 84/16 en gebaseerd op:  het principeakkoord CAO 2023 voor lonen en inhuur 9,1% en  de prijsontwikkeling BBP volgens het CEP van maart 2023. voor de materiële lasten 6,4%

10

Subsidies en diverse opdrachten Onder deze post begroten we landelijke specifieke uitkeringen gemeenten en provincie (SPUK), subsidiebijdragen van DCMR en ODNL en inkomsten uit detachering. Vooral vanwege toegekende SPUK bijdragen verhogen we deze post met afgerond € 8 ton. In de volgende tabel ziet u genoemde bijstelling en de bedragen na verwerking hiervan:

In € * 1.000

Begroting huidig

Bijstellingen

Begroting nieuw

GEMEENTE NIJMEGEN GEDEP STATN PROV GLD DCMR MILIEUDIENST OMGEVINGSDIENST NL SPUK VTH - Ministerie I&W SPUK energiecontroles Min EZK Diversen

46 57 175 60 100

11 -1 20 72 585 178 -100

57 56 195 133 585 178 -

Totaal

439

765

1.204

De bijdragen van de gemeente Nijmegen en de provincie Gelderland betreffen bijdragen van detacheringsovereenkomsten. Diversen betreft een stelpost voor additionele onvoorziene opdrachten. Gezien alle bijstellingen achten we het ramen van een stelpost hiervoor niet meer opportuun.

Bijstelling ontwikkelbijdrage In de jaarstukken 2022 geven we aan € 43.451 van de ontwikkelbijdrage nog niet ingezet te hebben. We hebben dit bedrag eind 2022 als vooruit ontvangen verantwoord met de intentie dit in 2023 in te zetten. We stellen nu voor dit bedrag aan de begroting 2023 toe te voegen en in te zetten voor ontwikkelopgaven in 2023. In volgende tabel ziet u de in 2023 geraamde baten en lasten voor ontwikkelopgaven:

in € * 1.000

Baten

Lasten

Besluit

Bijdrage deelnemers

101

101 AB 14 7 2022 Begroting 2023

Bijdrage deelnemers Onttrekking bestemmingsreserve

43

43 Dit voorstel: actualisatie begroting 2023

339

339 AB 15 12 2022 Onttrekking bestemmingsreserve

Budget kapitaallasten

-

160 DB 13 10 2022 Vervanging CODA

Jaarlijks ontwikkelbudget

-

300 AB 14 7 2022 Begroting 2023

Aanvullende index 2023

-

70 Dit voorstel: Actualisatie begroting 2023

Totaal

483

1.013

Met de besluitvorming in dit voorstel is in totaal ruim € 1 miljoen beschikbaar voor ontwikkelopgaven in 2023. Dit budget zetten we in voor de opgaven die we u in de Kadernota 2023/2024 hebben voorgelegd. Voor een deel van deze opgaven zijn projectplannen opgesteld. Ons MT heeft middelen daarvoor grotendeels bestemd.

11

Dat ziet u in onderstaande tabel:

in € * 1.000

2023

Invoeringskosten OW

417

Vervanging financieel pakket tijdschrijfmodule en HRM systeem

157

Vervanging zaaksysteem (projectorganisatie)

198

Subtotaal

772

Nog te bestemmen en onvoorzien

241

Totaal

1.013

Zoals beloofd in de kadernota 2023/2024, lichten we deze projecten voor u toe. Daarvoor verwijzen we naar de bijlage.

12

4. Wijzigingen lasten verklaard

13

Bij de verklaring van de wijzigingen van de lasten, in totaal € 3,9 miljoen, onderscheiden we wijzigingen van kosten gerelateerd aan het primaire proces (€ 2,7 miljoen) en aan overhead (€ 1 miljoen) en aanpassing van het ontwikkelbudget (+ €1,1 ton).

Wijzigingen van de primaire kosten Het grootste deel van de bijstellingen zetten we in ten behoeve van het primaire proces. U ziet de mutaties in deze tabel:

Omschrijving

Aanvullende index 2023

Overige bijstellingen

Totaal

Salariskosten Inhuur Materiële kosten opdrachtgever

1.006 276 8

1.254 200

1.006 1.531 208

Totaal primaire kosten

1.291

1.454

2.745

In €* 1.000

De wijziging van deze kosten van € 2,7 miljoen, betreft € 1,29 miljoen aanvullende indexering en € 1,45 miljoen bijstellingen gerelateerd aan extra werkzaamheden. We hogen hiermee het inhuurbudget op met € 1,25 miljoen. We kiezen voor flexibiliteit nu, door het voornemen van Nijmegen om de BRIKS taken terug te nemen, de omzetontwikkeling onzeker is. Ook zien we dat we, door de krapte op de arbeidsmarkt, vaker moet inhuren. In 2022 gaf dat een overschrijding van het inhuurbudget. We kwamen uit op 28% inhuur. Met de voorgestelde aanpassing van de begroting, begroten we voor 2023 27% inhuur, een percentage met een hoog realiteitsgehalte gezien de complexiteit van de arbeidsmarkt. In de volgende tabel ziet u de berekening van de genoemde percentages:

Omschrijving

Jaarrekening

Bijgestelde Begroting

in €* 1.000

2022

2023

Salariskosten Inhuur

11.695 4.578

14.007 5.100

Totaal salarissen plus inhuur

16.273

19.107

28%

27%

Aandeel inhuur

We stellen verder voor de post materiële kosten opdrachtgever met € 2 ton op te hogen. We kopen voor specialistische opdrachten steeds meer expertise bij derden in. Deze inzet belasten we één op één aan opdrachtgevers door. Om onderscheid te maken tussen materiële kosten, die we tot onze overhead rekenen, en deze kosten voegen we de categorie ‘materiële kosten opdrachtgever’ aan onze begroting toe.

14

Wijzigingen van de overhead We gaan in deze paragraaf in op onze overhead. We hebben een aantal begrotingsposten (loonsom overhead, inhuur overhead en materiële kosten overhead) toegevoegd om u beter inzicht in deze kosten te geven. In de volgende tabel ziet u een mutatieoverzicht van de posten waar het om gaat:

in € * 1.000 Opleidingskosten PIOFAH gemeente Nijmegen ICT IRVN Kapitaallasten Materiële kosten Bijdrage regionaal stelsel Inhuur overhead Loonkosten overhead

Dynamische Begroting 2023 303 1.552 1.037 252 612 366 186 2.643

Totaal overhead Totaal lasten Overhead%

6.9525

Aanvullende index 2023

Wijziging overig

Begroting 2023

23 120 80 20 47 28 14 205

-184 72 465 103

327 1.487 1.190 272 659 395 666 2.951

538

456

7.947

24.525

28.378

28%

28%

We stellen voor de overhead 2023 op te hogen van € 6,9 miljoen naar € 7,9 miljoen, oftewel 28% van de totale lasten. Daarmee handhaven we het aandeel ten opzichte de dynamische begroting 2023 (28%). Uit onderzoek en benchmark blijkt dat dit percentage bij omgevingsdiensten en gemeenten schommelt rond 30% 6. De wijziging, een aanvulling van de overhead met € 1 miljoen, bestaat uit € 5,38 ton inflatie (kolom aanvullende index 2023) en € 4,56 ton extra inzet die samenhangt met nieuwe ontwikkelingen en opgaven (kolom wijziging overig). Het grootste deel van de extra overhead voegen we toe aan het budget inhuur overhead, + € 4,65 ton. Daarvan betalen we de meerkosten van inhuur, ongeveer 1/3 deel van onze overhead huren we in, en daarmee betalen we extra ondersteuning die we nodig hebben om projecten in 2023 te realiseren. Zo willen we ons team informatievoorziening tijdelijk verstreken om de ICT projecten te kunnen bemensen. We kiezen, met het oog op de consequenties van het terughalen van de BRIKS taken door Nijmegen, zo min mogelijk voor vaste formatie-uitbreidingen. Enige uitzondering is het voorstel om de formatie van de afdeling Vergunningverlening milieu met 1 fte teamleider (schaal 11), + € 1 ton, uit te breiden. De span of attention

5 Primitieve begroting 2023 € 7,1 miljoen minus € 1,6 ton kapitaallasten die we inzetten voor onze

ontwikkelopgaven. 6 Gebruikelijke overheadpercentages schommelen volgens benchmark en onderzoek rond de 30%: o Volgens een door Arno Seinstra uitgevoerde benchmark 2023 bij 16 omgevingsdiensten is het percentage overhead bij Omgevingsdiensten tussen 22% - 40%. (AB 17 november 2022) o In het artikel 7 ‘Overheadkosten gemeenten gemiddeld 32%’ (Binnenlands bestuur d.d. 12 mei 2017) staat dat het gemiddelde overheadpercentage bij gemeenten 32% (met een bandbreedte van 22 tot 42%) is. Dat blijkt uit een onderzoek van adviesbureau Berenschot onder 65 gemeenten over 2016.

15

van deze afdeling is te groot7 voor één afdelingshoofd. In 2022 zijn we daarom een pilot gestart om het afdelingshoofd te ondersteunen en met twee teamleiders. Deze pilot is succesvol. We stellen daarom voor deze formatie in de begroting op te nemen. Eén van de teamleiders was al begroot. De formatie voor de andere voegen we nu toe. De ICT ondersteuning door de IRVN is vanaf 1 januari 2023 geen onderdeel meer van de PIOFAH overeenkomst met de gemeente Nijmegen. We maken nu rechtstreeks met de IRVN afspraken over deze dienstverlening. Het budget voor de IRVN is uitgebreid met in totaal € 72.000. Dit hangt samen met de door IRVN aangekondigde kostenontwikkeling door: wet- en regelgeving (AVG en BIO), beveiliging, krapte op de arbeidsmarkt en prijsstijgingen door wereldwijde chiptekorten en consequenties van geo-politieke ontwikkelingen. Ook is hierin meegenomen de kosten om voor iedere IRVN-organisatie een eigen Microsoft klantomgeving te realiseren (dat was tot nu toe gedeeld). IRVN heeft aangekondigd dat de extra kosten oplopen van € 72.000 in 2023 naar € 95.000 vanaf 2028. De kosten Piofah nemen af met € 1,8 ton. Een financieel medewerker 0,53 fte is vanaf maart 2023 met pensioen. We nemen de taken met ons eigen personeel over. En we hebben minder facilitaire kosten.

Doordat we de informatieverstrekking aan onze klanten gedigitaliseerd hebben, besparen we op de kosten voor repro. Ook valt een nieuwe berekeningswijze van de verdeling van de facilitaire kosten gunstig voor ons uit.

Wijzigingen van het ontwikkelbudget We stellen voor dit budget op te hogen met € 113.000: € 70.000 voor aanvullende indexering en met € 43.000 voor middelen die we in 2022 niet hebben ingezet. We lichten ontwikkelbaten en lasten toe in hoofdstuk 3 wijziging baten verklaard en in bijlage 5.2 geven we u inzicht in onze projecten.

7 Bij deze afdeling werken bijna 80 medewerkers ( eind januari 2023: 53 eigen en 26 inhuur)

16

5.

rsie: MT 22 maart 2022

17

Bijlagen

5.1 Begroting 2023 van primitief naar dynamisch In de volgende tabel ziet u de aansluiting tussen de primitieve begroting 2023 (AB 14 juli 2022), de in 2022 doorgevoerde aanpassingen en de dynamische begroting 2023:

Omschrijving in €* 1.000 Salariskosten

Primitieve begroting 2023

Aanpassingen DB 13 okt 2022

DB 20 DB 15 dec AB 15 dec sept 2022 2022 2022

Dynamische begroting 2023

15.188

-

-

456

-

15.644

303

-

-

-

303

3.873

-

-

-

3.756

2.833

-

35

117 279

-

2.589

-

-

-

-

-

412

160

-

-

252

810

-

-35

60

-

715

-

-

-

-

-

-

366

-

-

-

-

366

401

160

-

-

339

900

Totaal lasten

24.186

0

0

0

339

24.525

Totaal baten

24.186

0

0

0

339

24.525

0

0

0

0

0

0

Opleidingskosten Inhuur Piofah

Kapitaallasten Overige materiele kosten Bijdrage regionaal stelsel Ontwikkel en opleidingsbudget

Begrotingssaldo

18

5.2 Ontwikkelprojecten 2023 Invoeringskosten van de Omgevingswet Voor de invoeringskosten van de Omgevingswet hebben we in 2022 een bestemmingsreserve van € 339.000 gevormd. Dit bedrag is met besluit van ons Algemeen Bestuur in 2023 aan deze reserve onttrokken. Vanwege meerkosten als gevolg van uitstel van wet heeft ons MT besloten het budget met € 78.000 op te hogen naar € 417.000. In deze tabel laten we u de voorgenomen besteding van dit budget zien:

2023 52 114 143 35 73

In €* 1.000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=41d69743-6b0f-4145-ab7c-250fe2c71215