C5 d.d. 31 maart 2022 van de VRGZ inzake Jaarstukken 2021 en Begroting 2023
Tekst van het document
2.2
Crisisbeheersing
De sector Crisisbeheersing vormt samen met de sector Brandweer het programma Crisis- en Rampenbestrijding. De GHOR maakt onderdeel uit van de sector Crisisbeheersing.
2.2.1 Uitvoering (kern)taken Crisisbeheersing en Corona Hoewel corona in 2021 minder aandacht vanuit de sector Crisisbeheersing vroeg dan in 2020, heeft deze crisis ook in 2021 nog impact gehad op onze organisatie. Tot 1 juli gold ook voor onze regio nog GRIP4 waarbij de sector een actieve rol had in het faciliteren van het ROT, RBT en de informatievoorziening. Veel medewerkers van de sector vervulden een rol in de crisisorganisatie van corona, ook na de afschaling van de multidisciplinaire crisisorganisatie. Ook in de nafase kwamen er nog vele taken op ons af, waaronder de informatievoorziening tussen Rijk-Regio-Gemeenten, evaluatie en verantwoording, afstemming over ontwikkelingen en maatregelen met betrekking tot corona en de voorbereiding en afwikkeling van de informele RBT’s. Voor de GHOR maakte het einde van de GRIP4-fase weinig verschil: hun monodisciplinaire rol in de coördinatie en informatievoorziening van opgeschaalde acute zorg bleef bestaan. Aan het einde van 2021 namen de besmettingen weer snel toe, waardoor er van de betrokken crisisfunctionarissen weer veel inspanning werd gevraagd. De (kern)taken van de sector zijn zo veel mogelijk opgepakt maar wel binnen de beperkingen die de maatregelen en de extra taken voor de crisisorganisatie met zich meebrachten. Hierdoor zijn niet alle oefeningen doorgegaan en zijn waar mogelijk oefeningen digitaal gedaan.
Dat geldt deels ook voor opleidingen. Sommige zaken zijn op een lager tempo opgepakt dan oorspronkelijk beoogd (zie ook de Tussenrapportage van het Regionaal Beleidsplan die in december 2021 aan het Algemeen Bestuur is voorgelegd en naar gemeenten is gestuurd).
2.2.2 (Door)ontwikkeling crisisorganisatie Het beheren en ontwikkelen van de crisisorganisatie vormt de kern van de sector. In het Regionaal Beleidsplan 2020-2023 is aangegeven dat we in 2023 willen beschikken over een meer flexibele crisisorganisatie. Denk hierbij aan een crisisorganisatie die ook zonder opschaling ingericht kan
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
17
worden, de flexibilisering van GRIP (met onder meer asynchroon opschalen) en meer duiding geven aan de rol van de crisisorganisatie in voorbereiding op een opschaling. Een verkenning hiervan in 2020 is in 2021 nader uitgewerkt en wordt in 2022 geïmplementeerd. Daarnaast is ook gebleken dat de opkomst van de sectie Bevolkingszorg binnen de crisisorganisatie kwetsbaar is. Eind 2019 hebben de gemeentesecretarissen op advies van de VRGZ besloten dat de kolom Bevolkingszorg op orde gebracht moet worden. Vanwege corona is pas in oktober 2021 hierover verkennend met de ambtelijke vertegenwoordigers van de gemeenten gesproken. In 2022 wordt dit verder opgepakt.
2.2.3 (Door)ontwikkeling oefenen en evalueren Vanwege corona is er geëxperimenteerd met nieuwe, digitale oefenvormen, die ook in de toekomst benut kunnen worden. Daarnaast is geïnvesteerd in een pool voor incidentevaluatie, waardoor het evalueren van incidenten minder kwetsbaar is belegd. De leer- en ontwikkelpunten zijn beter geborgd door een nieuwe manier van registreren en monitoren. Hiermee is invulling gegeven aan een betere PDCA-cyclus, wat ook aansluit bij de aanbevelingen uit de evaluatie van de Wet veiligheidsregio’s.
2.2.4 De lerende organisatie doorontwikkelen Er is geïnvesteerd in de doorontwikkeling van de multidisciplinaire waarneempool. Zo zijn nieuwe waarnemers opgeleid en werkafspraken doorontwikkeld. De resultaten van de oefeningen worden voor alle partijen inzichtelijk gemaakt, geregistreerd en meegenomen in de volgende oefencyclus. Het leren van oefeningen door de crisisorganisatie, ambtelijk en bestuurlijk, en repressieve functionarissen wordt daardoor zo goed mogelijk gefaciliteerd.
2.2.5 Werken volgens een vaste oefen- en planningscyclus Door meer planmatig en doelmatig te werken en crisisfunctionarissen tijdig mee te nemen in de beoogde planning, worden oefendoelen en oefenmomenten beter geborgd en weten de functionarissen beter waar ze aan toe zijn. In de praktijk maakte corona het ook regelmatig complex om goede uitvoering te geven aan de plannen. Toch hebben veel crisisfunctionarissen de gelegenheid gehad om te oefenen en is daarbij aangesloten bij de oefendoelen.
2.2.6 Verdere professionalisering van de oefenstaf Er is een nieuw plan gemaakt voor de inrichting van de oefenorganisatie. Zo zijn er nu separate teams die de CoPI-oefeningen, de ROT-oefeningen en de GBT/RBT-oefeningen organiseren en uitvoeren. Ieder van deze oefeningen vergt andere expertise. Met de herinrichting van de oefenorganisatie is het streven om met name de GBT/RBT-oefeningen kwalitatief beter aan te laten sluiten bij de behoeften van bestuurders.
2.2.7 Netcentrisch werken binnen de witte keten In 2020 is het gebruik van het Landelijk Crisis Management Systeem-Gezondheidszorg (LCMS-GZ) in de witte keten geïmplementeerd. In 2021 zijn extra mensen opgeleid en is door trainingen en oefeningen het gebruik van LCMS-GZ beter ingebed. Via netwerkbijeenkomsten was het de
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
18
bedoeling om elkaar beter te leren kennen en zo de samenwerking verder te bevorderen. Vanwege corona zijn deze deels vervangen door digitale sessies.
2.2.8 VIK In 2021 is gestart met het onderzoek naar het inrichten van een Veiligheidsinformatieknooppunt (VIK): een middel om een realtime omgevingsbeeld te geven, trends te signaleren en deze signalen daar waar wenselijk te agenderen in de koude of lauwe situatie (dreigingen) om daarmee bestuurders handelingsperspectief te geven. Deze ontwikkeling sluit aan op landelijke initiatieven om een KCR-2 (Knooppunt Coördinatie RegioRijk) te realiseren. Dit betreft een landelijk informatieknooppunt tussen rijk en regio’s. Hiermee wordt invulling gegeven aan een leemte ten aanzien van informatiemanagement en coördinatie. De bedoeling is dat de regionale VIK’s hierop aansluiten. De realisering van een VIK en KCR-2 sluit naadloos aan bij de uitkomsten van de commissie Evaluatie Wet veiligheidsregio’s. Deze commissie schetst het steeds grotere belang van goed informatiemanagement ten behoeve van de bestrijding van crises, met als doel voor het bestuur betere handelingsperspectieven te bieden. In 2022 wordt het VIK verder vormgegeven.
2.2.9 Evenementen In 2021 is een voorstel uitgewerkt hoe de taken van de VRGZ op het gebied van evenementenadvisering, met name vanuit de GHOR, in lijn gebracht kunnen worden met de beschikbare formatie. Op basis van dit voorstel worden in 2022 gesprekken met gemeenten en evenementenorganisatoren gevoerd en wordt verkend hoe ver deze wijzigingen kunnen reiken. Over de uitkomst zal in 2022 worden gerapporteerd.
2.2.10 GRIP-incidenten In 2021 hebben zich de volgende GRIP-incidenten voorgedaan: Datum
Incident
Plaats
GRIP
5 januari
Vrijkomen gevaarlijke stof
Druten
GRIP1
12 januari
Brand
Zaltbommel
GRIP1
26 februari
Brand
Vuren
GRIP1
1 april
Brand
Wijchen
GRIP1
26 mei
Brand
Tiel
GRIP1
27 augustus
Brand
Culemborg
GRIP1
31 augustus
Verstoring openbare orde (jongen in hoogspanningsmast)
Malden
GRIP1
Tabel 2.4: overzicht GRIP-incidenten
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
19
3 Programma Regionale Ambulance Voorziening
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
20
3
Programma Regionale Ambulance Voorziening (RAV)
Naast de algemene ontwikkelingen (zie paragraaf 1.2) staan hieronder de specifieke ontwikkelingen voor de ambulancezorg toegelicht.
3.1
Corona-effecten
Net als alle zorgaanbieders heeft ook Ambulancezorg Gelderland-Zuid (AZGZ) te maken met de effecten van de coronacrisis. AZGZ heeft opnieuw bijgedragen aan patiëntenspreiding door heel Nederland. Door gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen waren rijtijden ook in 2021 langer dan normaal. Daarnaast zorgden langere aanrijtijden naar de ziekenhuizen ervoor dat ambulances langer niet inzetbaar waren. Het gevolg is een lagere effectiviteit per dienst en dus een verlaging van de prestatie. Vanwege quarantaines en positieve besmettingen was personeel niet inzetbaar waardoor andere collega’s extra diensten hebben gedraaid of uitzendkrachten zijn ingehuurd.
3.2
Managementstructuur
Door de jaren heen is de ambulancesector uitgegroeid van een vervoersdienst naar een zorgorganisatie. Deze ontwikkeling gaat de komende jaren nog verder en in een hoog tempo. Om flexibel op alle veranderingen in te spelen en om een goede gesprekspartner te zijn binnen de acute zorgketen dient de huidige organisatiestructuur dan ook omgevormd te worden. In het kader van deze ontwikkeling zijn in 2021 een nieuwe manager Support en een nieuwe manager Operations AZGZ aangesteld.
3.3
Doelmatige inzet zorgdifferentiatie
Ambulancezorg Gelderland-Zuid kent naast spoedvervoer en mobiele intensive care twee andere vormen van ambulancevervoer. Midden complexe ambulancezorg (MCA) voor midden-complex gepland vervoer en laag complexe ambulancezorg (LCA), met beperkte medische mogelijkheden in de auto, voor laag-complex gepland vervoer. Het doel van deze differentiatie is de dienstverlening door de ambulancezorg te verbeteren. Bij de uitwerking is gebleken dat het aanbieden van LCA en MCA geen toegevoegde waarde heeft. Om die reden gaat AZGZ vanaf najaar 2022 alleen nog MCA aanbieden waarmee we de gehele range van de zorgambulance afdekken. Daarnaast zorgt meer MCA-capaciteit ervoor dat de ALS-auto (hoogwaardige ambulancezorg) minder ingezet wordt voor midden-complex vervoer.
3.4
Responstijd
De langere aanrijtijden, maar ook de stijgende vraag naar ambulancevervoer, hebben ertoe geleid dat het niet is gelukt om in 95% van het aantal ritten binnen 15 minuten ter plaatse te zijn. Een extern onderzoek heeft aangetoond dat met het huidige aantal diensten er geen verbeteringen mogelijk zijn. Voor 2022 zijn afspraken gemaakt met zorgverzekeraars om meer diensten te vergoeden. Daarom worden in 2022 nieuwe medewerkers aangetrokken en opgeleid om het aantal diensten uit te breiden. Dit is een belangrijke maatregel waarvan het effect op de prestaties vanaf eind 2022 zichtbaar zal zijn.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
21
3.5
Prestaties (voorgenomen) Norm
Gerealiseerd in 2021
Gerealiseerd in 2020
10.000
12.277
11.027
95%
90,1%
90,8%
A1-ritten gemiddelde meldtijd (min:sec)
Max. 01:40
01:48
01:50
A1 ritten gemiddelde opstarttijd (min:sec)
Max. 00:45
01:00
00:59
A1-ritten gemiddelde rijtijd (min:sec)
06:30
07:35
07:35
A1-ritten gemiddelde responstijd (min:sec)
08:55
10:23
10:24
A2-ritten ambulance
8.000
9.049
8.351
A2-ritten binnen 30 minuten
98%
94,9%
95,6%
10.000
10.034
9.593
-
9.465
8.688
100%
100%
100%
Wat Operationele prestaties A1-ritten ambulance A1-ritten binnen 15 minuten
B-ritten ambulance Eerste hulp geen vervoer3 Vakbekwaamheid Medewerkersbekwaamheidsverklaring
Tabel 3.1: prestatiecijfers Ambulancezorg Gelderland-Zuid
Wat
Aantal 1-1-2021
Aantal 31-12-2021
Posten / standplaatsen
8
8
A-ambulances en B-ambulances
27
28
Mobiele Intensive Care Unit (MICU)
1
1
Rapid Responder voertuigen
4
3
Eenheden
Tabel 3.2: kerngegevens Ambulancezorg Gelderland-Zuid
3
Ambulance verleent wel eerste hulp ter plaatse maar hulpverlening leidt niet tot vervoer
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
22
4 Paragrafen
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
23
4
Paragrafen
4.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
4.1.1 Beleid weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit Elk jaar worden bij de verschillende organisatieonderdelen de risico’s in kaart gebracht. Deze risico’s zijn als volgt gerubriceerd en gewaardeerd: ▪
▪
▪ ▪ ▪
In de begroting en jaarrekening wordt een cijfermatige samenvatting van de risicoinventarisatie opgenomen met de berekening van het weerstandsvermogen (zie paragraaf 4.1.2 Risico’s). Bij het uitbrengen van de financiële rapportages (begroting, jaarrekening en tweemaal per jaar tussentijdse cijfers) worden nieuwe of verdwenen risico’s als mutatie gemeld in de paragraaf Risico’s. De frequentie van de rapportage over risico’s wordt groter als daar aanleiding voor is. Voor de omvang van de algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding wordt 5% van de baten genomen als streefwaarde. Voor de omvang van de reserve RAV wordt 10% van de baten genomen als minimumnorm en 15% als streefwaarde.
De jaarrekening is met inachtneming van bovenstaand beleid opgesteld. Bovenstaande normering voor de omvang van de algemene reserve bestaat al geruime tijd. De VRGZ is voornemens deze normering in de loop van 2022 te evalueren. Mocht hieruit voortkomen dat het wenselijk is aanpassingen te doen in de normering of het beleid, dan zal dit in de kaderbrief opgenomen worden. Programma Crisis- en Rampenbestrijding Omvang algemene reserve (Bedragen * € 1.000,-)
Realisatie 2021
Norm 5% van de baten programma C&R
2.682
Algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding
2.682
Percentage eigen vermogen van de baten
5%
Tabel 4.1: omvang algemene reserve Bestemde reserves worden niet meegenomen in deze toetsingstabel van het eigen vermogen. Bij de gepresenteerde cijfers wordt ervan uitgegaan dat de voorstellen voor bestemming van het resultaat 2021, zoals uiteengezet in paragraaf 5.4, door het Algemeen Bestuur worden overgenomen. In de begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026 zal een geactualiseerd meerjarig beeld van de algemene reserve worden geschetst.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
24
Weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit (Bedragen * € 1.000,-)
Realisatie 2021
Benodigde weerstandscapaciteit
4.350
Beschikbare weerstandscapaciteit
2.682
Weerstandsvermogen
62% Tabel 4.2: weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit C&R
De benodigde weerstandscapaciteit is het resultaat van de gewogen risicocapaciteit van de geïnventariseerde risico’s (zie paragraaf 4.1.2). De beschikbare weerstandscapaciteit is gelijk aan de algemene reserve. Het weerstandsvermogen is de mate waarin de benodigde capaciteit wordt gedekt door de beschikbare capaciteit. Zoals uit tabel 4.2 blijkt, is het weerstandsvermogen ontoereikend om de risico’s af te dekken. Naarmate de gecalculeerde risico’s zich voordoen zullen hiervoor extra bezuinigingsmaatregelen moeten worden getroffen of wordt de bijdrage van gemeenten hoger. Programma RAV De reserves van de Ambulancezorg GZ (AZGZ) zien er als volgt uit: Omvang reserve aanvaardbare kosten RAV (Bedragen * € 1.000,-)
Realisatie 2021
Minimale norm is 10% van de baten
2.710
Streefwaarde is 15% van de baten
4.065
Reserve aanvaardbare kosten RAV
1.621
Percentage eigen vermogen van de baten
6% Tabel 4.3: reserve aanvaardbare kosten RAV
De AZGZ heeft over 2021 een negatief resultaat behaald van € 205.000,-. Met het bestuur is afgesproken dat de minimale omvang van het eigen vermogen 10% van de baten is. Voor 2021 komt dat uit op een benodigde reserve van € 2.710.000,-. De reserve per eind 2020 was € 1.826.000,-. Na verwerking van het negatieve resultaat blijft een reserve over van € 1.621.000,-. Het percentage eigen vermogen ten opzichte van de baten komt uit op 6% ten opzichte van de minimale bestuurlijke norm van 10%. Cijfermatig haalt de AZGZ de minimale norm van 10% van de baten niet en dit wordt vooral veroorzaakt door de negatieve resultaten van 2019 en 2021. Afgesproken is dit niet vanuit de gemeentelijke bijdragen aan te vullen, maar alleen vanuit de resultaat op het programma RAV. In de begroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026 zal een geactualiseerd meerjarig beeld van de reserve aanvaardbare kosten worden geschetst.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
25
Weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit (Bedragen * € 1.000,-)
Realisatie 2021
Benodigde weerstandscapaciteit
1.386
Beschikbare weerstandscapaciteit
1.621
Weerstandsvermogen
117% Tabel 4.4: weerstandsvermogen en weerstandscapaciteit RAV
De beschikbare weerstandscapaciteit is toereikend om de geïnventariseerde en gecalculeerde risico’s te dekken.
4.1.2 Risico’s In tabel 4.5 is een samenvatting van de risico’s met financiële omvang opgenomen. Bij de bepaling van de noodzakelijke risicocapaciteit is rekening gehouden met de weging van de verwachtingswaarde van de kans dat de risico’s zich voordoen. Bedragen *€ 1.000,-
Verwachtingswaarde afzonderlijke risico’s
Noodzakelijke risicocapaciteit VRGZ
Noodzakelijke risicocapaciteit C&R
Noodzakelijke risicocapaciteit RAV
Nieuwe wet- en regelgeving en politiek bestuurlijke risico’s
3.507
2.582
2.142
440
Maatschappelijke risico’s
1.117
441
309
132
Economische risico’s
1.455
1.019
713
306
Middelen, organisatie, medewerkers en efficiency
3.169
1.694
1.186
508
Totaal
9.248
5.736
4.350
1.386
Tabel 4.5: samenvatting risico’s
Ten opzichte van vorig jaar hebben zich onderstaande mutaties voorgedaan. Vervallen risico’s Duiktaak Het Algemeen Bestuur heeft ingestemd met het voorstel om de dienstverleningsovereenkomst die tijdelijk met veiligheidsregio’s Gelderland-Midden en Brabant-Noord is aangegaan voor de inzet van hun duikteams in Gelderland-Zuid, structureel te continueren. Ook heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de kostenuitzetting van € 130.000,- vanaf 2022 die deze overeenkomst met zich meebrengt. Verder is het Algemeen Bestuur voornemens om de uitzetting voor het jaar 2022 incidenteel te dekken uit het verwachte positieve resultaat van de jaarrekening 2021 van de VRGZ. En tot slot wordt (conform kaderbrief) in de conceptbegroting 2023 voor het jaar 2023 en volgende jaren het verzoek om een structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage verwerkt. Het gecalculeerde bedrag in de risicobuffer kan daarmee vervallen.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
26
Rechtmatigheidsverantwoording In 2021 werd voorgesteld om in verband met de aanstaande rechtmatigheidsverklaring een Concerncontroller aan te stellen (deels gefinancierd door de GGD Gelderland-Zuid). Het Algemeen Bestuur is akkoord met het aanstellen van de Concerncontroller en de financiering uit de algemene reserve in 2022. Met ingang van de begroting 2023 wordt de controller structureel gedekt uit de per saldo lagere lasten als gevolg van de vastgestelde nieuwe regeling voor vrijwilligersvergoedingen. HOvD en IM CoPI In 2021 zijn de piketpools HOvD en IM CoPI omgezet van vrije instroom naar piketdiensten. De financiële impact is inmiddels bekend en past binnen de financiële kaders. Brandweerzorgplan De VRGZ heeft aan een update van het Brandweerzorgplan gewerkt. Het conceptprojectplan is afgerond. In het eerste kwartaal van 2023 zal het plan bestuurlijk voorgelegd worden, de financiële consequenties zijn naar verwachting minimaal.
Nieuwe risico’s Wet- en regelgeving op het gebied van duurzaamheid In de organisatie wordt binnen de beschikbare budgetten rekening gehouden met duurzaamheid bij de aanschaf en gebruik van materiaal en middelen. Omdat de VRGZ een organisatiebrede visie en beleid wil ontwikkelen en aan nieuwe wet- en regelgeving moet voldoen, is een projectgroep gestart. In 2022 volgt een bedrijfsanalyse van hetgeen op het gebied van duurzaamheid al gebeurt en wat nog ontbreekt. Vervolgens wordt de ambitie geformuleerd en in de tweede helft van 2022 wordt bekend of er financiële gevolgen zijn. Van twee onderwerpen staat al vast dat deze op korte termijn opgelost moeten worden: de vervanging van fluorhoudend schuim en het voldoen aan de wettelijke normering voor dieselmotoremissie (DME). De kosten zijn niet te voorkomen omdat: ▪ in het door de VRGZ gebruikte SVM fluorhoudend PFAS zit dat schadelijk is voor mens en milieu. In 2025 wordt het gebruik van fluorhoudend schuim verboden. Daarom is het noodzakelijk dat de komende jaren een overgang wordt gemaakt van fluorhoudend SVM naar fluorvrij SVM. Naast het inkopen van nieuw fluorvrij schuim zal het fluorhoudende schuim moeten worden afgevoerd, materialen worden aangepast op dit nieuwe schuim en zullen de brandweermedewerkers extra moeten worden getraind. De lasten hiervoor bedragen in totaal € 300.000,-.
▪ de wettelijke normering met betrekking tot diesel motor emissie (DME) is gewijzigd. Hierdoor is het noodzakelijk dat aanpassingen aan panden en/of materieel de komende tijd plaatsvinden. Deze aanpassingen zijn nodig om de uitstoot van schadelijke uitlaatgassen te verminderen. Gezien de omvang van de aanpassing zal dit over meerdere jaren plaatsvinden. Uit een eerste onderzoek blijkt dat ongeveer € 150.000,- nodig is om te voldoen aan de nieuwe normering. Beide onderwerpen dienen opgelost te worden en aan het bestuur wordt voorgesteld om een bestemde reserve van totaal € 450.000,- te vormen uit het positieve resultaat van 2021.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
27
Prijsstijgingen Op basis van aankondigingen en signalen van leveranciers zullen prijzen in 2022 en 2023 hoger uitvallen dan de standaard indexering waar de VRGZ conform afspraak mee rekent. Prijsstijgingen bij materialen tot 20% zijn momenteel al merkbaar en ook de prijzen van energie stijgen fors. Op basis van de huidige tarieven is een stijging van 100% niet ondenkbaar (€ 750.000,-). Dit werkt door in veel andere producten en dienstverlening. De kans dat verdere hogere prijsstijgingen bij materieel maar ook bij ingehuurde diensten zoals bij installatietechnische werkzaamheden zich voor gaan doen, worden groot geacht. Tegelijkertijd zijn de exacte gevolgen moeilijk in te schatten. Om deze twee redenen is in de risicobuffer rekening gehouden met dit risico. Krapte arbeidsmarkt AZGZ In de hele breedte van de zorgsector zijn meer mensen nodig dan beschikbaar zijn. Op dit moment is de RAV nog aantrekkelijk. Op termijn wordt rekening gehouden met een personeelstekort, met name in geval van gunstige cao-aanpassingen voor verpleegkundigen. Overige risico’s Een aantal risico’s is niet vervallen, gewijzigd of nieuw, maar wel relevant voor de VRGZ: WNRA / taakdifferentiatie / toekomstbestendig brandweerstelsel Zie hoofdstuk twee voor een beschrijving van de ontwikkelingen. ZCC De vorming van de Meldkamer Oost5 in Apeldoorn vordert.
Een bijzonderheid daarbij vormt de totstandkoming van het ZCC van de VRGZ in samenwerking met de Veiligheidsregio Gelderland Midden. Momenteel vindt landelijk overleg plaats over de financiering. Vitaliteitsbeleid In 2021 zijn verschillende onderdelen van het vitaliteitsbeleid Fit naar de volgende fase uitgewerkt zoals het fietsplan en het tweede loopbaanbeleid. In de loop van 2022 zullen voorstellen aangeboden worden aan de OR en het GO. Ontwikkelingen Oekraïne Sinds 24 februari 2022 volgen de ontwikkelingen in Oekraïne elkaar in hoog tempo op. De veiligheidsregio krijgt hier op verschillende manieren mee te maken. Het Kabinet heeft zich begin maart tot de veiligheidsregio’s gericht om de opvang van Oekraïense vluchtelingen te coördineren en samen met de gemeenten te organiseren. Hoe de rol van de VRGZ er precies uit gaat zien moet zich de komende periode nog uitkristalliseren. In financieel opzicht is op het moment van schrijven niet meer bekend dan de mededeling dat het kabinet van Rijkswege de kosten die gemaakt zullen worden, integraal zal vergoeden. Over de wijze van vergoeden zullen nadere afspraken worden gemaakt. In verband met deze uitspraak van de Tweede Kamer over de integrale vergoeding is er geen bedrag opgenomen in de risicobuffer. Verder krijgt de VRGZ te maken met de gevolgen voor de veiligheid in het land en in de regio.
Landelijk is in kaart gebracht welke thema’s een rol kunnen gaan spelen en dus actief gemonitord worden. De mate waarin een thema zich voordoet kan verschillen. De thema’s zijn: energie-uitval
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
28
(gas/elektra), digitale verstoring/cyber-security, uitval telecom en ICT, nucleaire dreiging, voedsel (schaarste) en crisiscommunicatie. Tot slot kunnen de ontwikkelingen in Oekraïne de prijsstijgingen zoals hiervoor genoemd, versterken. Corona In de hoofdstukken een tot en met drie is het effect dat de pandemie het afgelopen jaar had op de verschillende sectoren beschreven. Het is onbekend hoe de pandemie zich in de (nabije) toekomst gaat ontwikkelen. De VRGZ gaat zich op deze toekomst voorbereiden. Fraude-risico’s In 2021 heeft de VRGZ beleid opgesteld over het voorkomen van fraude en is een fraude risico analyse uitgevoerd. De analyse zal jaarlijks geactualiseerd worden en daarover zal gerapporteerd worden in de jaarrekening. De belangrijkste risico’s zijn: ▪ het laten versturen van een onjuiste factuur en deze (laten) accorderen. Om dit te ondervangen was al een aantal maatregelen van kracht zoals functiescheiding bij de invoer van crediteuren en beperking in de bevoegdheden qua hoogte van te accorderen facturen. Dit risico is niet geheel uit te sluiten ▪ kwaadwillenden die gegevens van medewerkers gebruiken om middelen overgemaakt te krijgen. Deze situatie heeft zich het afgelopen jaar één keer voorgedaan. Het verzoek tot overboeking werd tijdig onderschept waardoor geconcludeerd kan worden dat systeem voldoende heeft gewerkt.
Aanvullende maatregelen die genomen zijn: verdere aanscherping van het betaalproces en creëren awareness bij medewerkers (communicatiecampagne over informatiebeveiliging en -veiligheid, verspreiding ‘nep’ phishing mail)
4.1.3 Kengetallen Onderstaande kengetallen zijn opgenomen conform Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De kengetallen zijn berekend zoals aangegeven in de Ministeriele Regeling juli 2015. Realisatie 2021
Gewijzigde begroting 2021
Realisatie 2020
Netto schuldquote
63%
78%
63%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
63%
78%
63%
Solvabiliteitsratio
10%
7%
9%
Structurele exploitatieruimte
2%
-0,8%
5%
Kengetallen
Tabel 4.6: kengetallen De solvabiliteit geeft de verhouding tussen het eigen vermogen en het totale vermogen aan. De daling van de structurele exploitatieruimte in 2021 ten opzichte van 2020 wordt veroorzaakt door het lagere positieve resultaat. In 2020 gingen meer activiteiten niet door (zoals opleidingen) waardoor meerdere budgetten niet aangewend werden.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
29
4.2
Onderhoud kapitaalgoederen
Een overzicht van de geplande en gerealiseerde investeringen is opgenomen in de bijlagen bij dit jaarverslag. In zijn algemeenheid worden kapitaalgoederen van de VRGZ onderhouden en vervangen na afloop van de economische levensduur. De belangrijkste kapitaalgoederen betreffen de gebouwen.
4.3
Financiering
4.3.1 Beleid t.a.v. risicobeheer en financieringsportefeuille Risicobeheer Het is de VRGZ niet toegestaan om leningen te verstrekken en rente en aflossing van leningen te garanderen. Financieringsportefeuille De hoeveelheid geld die nodig is voor de uitvoering van de verschillende taken van de organisatie wordt beheerd door de treasuryfunctie. Werkwijze, taken en verantwoordelijkheden zijn vastgelegd in het treasurystatuut. De VRGZ voert een risicomijdend beleid en voldeed in 2021 aan wet- en regelgeving. Voor de VRGZ geldt het schatkistbankieren voor decentrale overheden. Dit houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse Staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Als gevolg van het uitstellen van diverse investeringen was de financieringsbehoefte lager waardoor de leningen die vóór 2021 werden afgesloten afdoende waren. Aan het einde van het jaar is een tweetal leningen afgelost. Vooralsnog is hiervoor geen nieuwe financiering aangetrokken.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
30
4.3.2 Rente en treasury Realisatie 2021
Begroting 2021
Realisatie 2020
986
1.070
1.010
-
-
-
986
1.070
1.010
-
-
-
-
-
-
a. De externe rentelasten over korte en lange financiering b. De externe rentebaten Totaal door te rekenen externe rente c. De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Totaal c
-
-
-
986
1.070
1.010
-
-
-
-
-
-
986
1.070
1.010
1.139
1.224
1.097
-153
-154
-87
Saldo door te rekenen externe rente (a+b+c) d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) De aan taakvelden (programma’s inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente e. De werkelijk aan taakvelden (programma’s inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) f. Renteresultaat op het taakveld treasury
Tabel 4.7: renteschema
Kasgeldlimiet Het Ministerie van Financiën geeft aan welk bedrag mag worden gefinancierd met kortlopende geldleningen; de kasgeldlimiet. Als de kasgeldlimiet structureel wordt overschreden, moet de kortlopende schuld worden omgezet in een langlopende schuld. Uit tabel 4.8 blijkt dat de VRGZ binnen de norm voor de kasgeldlimiet is gebleven. Kasgeldlimiet (bedragen x € 1.000,-) Omvang begroting per 01-01-2021 (= grondslag)
76.542
In procenten van de grondslag
8,20%
Toegestane kasgeldlimiet
6.276 1e kwartaal
2e kwartaal
3e kwartaal
4e kwartaal
Totaal netto vlottende schuld
2.008
1.887
1.669
-2.722
Toegestane kasgeldlimiet
6.276
6.276
6.276
6.276
4.268
4.389
4.607
8.998
Ruimte
Tabel 4.8: kasgeldlimiet
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
31
De reden dat de netto vlottende schuld in het 4e kwartaal lager is komt doordat de langlopende leningen afgelost zijn met liquide middelen. Alleen laatstgenoemde wordt gerekend tot de netto vlottende schuld. Renterisiconorm Om ongewenste financiële gevolgen van rentewijzigingen te beperken geeft het ministerie ook een renterisiconorm aan. Deze renterisiconorm geeft de omvang van de schuld weer die in een jaar maximaal voor renteconversie in aanmerking mag komen. De uitkomst hiervan mag niet overschreden worden zodat een spreiding van de opgenomen leningen, looptijden en renteaanpassingsdata en een eventueel hieruit voortvloeiende rentewijziging ontstaat. In 2021 bleef de VRGZ binnen de norm van de Wet Financiering decentrale overheden (Fido). Renterisiconorm (bedragen x € 1.000,-)
2021
1 Renteherziening op lening o/g
0
2 Betaalde aflossingen
6.203
3 Renterisico (1+2)
6.203
4 Begrotingstotaal 2021
76.542
Bij Min. Regeling vastgestelde %
20%
5 Renterisiconorm
15.308
Toets renterisiconorm (5-3)
6 Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
9.105 Tabel 4.9: renterisiconorm
4.4
Organisatie en bedrijfsvoering
In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan de taken waarvoor binnen de begroting geen afzonderlijke programma’s zijn opgenomen. Het gaat om de wijze waarop de bedrijfsvoering plaatsvindt en een korte beschrijving van de ontwikkelingen die daarop van invloed zijn.
4.4.1 Ambtelijke organisatie De VRGZ wordt geleid door een directie bestaande uit twee leden: een directeur Crisisbeheersing en een directeur Brandweer- en Ambulancezorg. De GHOR (onderdeel van de sector Crisisbeheersing) wordt aangestuurd door de Directeur Publieke Gezondheid (DPG) die tevens directeur is van de GGD Gelderland-Zuid.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
32
4.4.2 Besturing Managers van sectoren en afdelingen zijn verantwoordelijk voor zowel de inhoud van hun beleidsterreinen als voor de budgetbeheersing om hun taken uit te voeren. Zij opereren als integraal manager en zijn dus naast genoemde inhoudelijke aspecten ook verantwoordelijk voor alle PIOFACHtaken (personeel, informatievoorziening en ICT, organisatie, financiën, administratie, communicatie en huisvesting). Dit alles wordt uitgevoerd binnen de door het bestuur en directie vastgestelde (financiële) beleidskaders. De directie ziet erop toe dat de ambtelijke organisatie integer handelt en de bestuursbesluiten goed uitvoert. Ook bevordert de directie de onderlinge samenwerking en samenhang tussen de sectoren en afdelingen en de samenwerking met de externe partners ten behoeve van integrale advisering aan het bestuur en de operationele taakuitvoering. Binnen de vastgestelde kaders opereren de managers van de sectoren en afdelingen met een grote mate van zelfstandigheid en verantwoordelijkheid, waarbij medewerkers de vrijheid hebben om als professionals te opereren. Leidinggevenden stimuleren en ondersteunen hen in de ontwikkeling van hun professionaliteit.
4.4.3 Bedrijfsvoering Het jaar 2021 was ook voor de sector Bedrijfsvoering een bewogen jaar. Zowel de crisisorganisaties van de GGD als VRGZ moesten vanwege de COVID-19-pandemie langdurig opschalen. Dit leidde tot extra inzet van onderdelen van de sector Bedrijfsvoering. Ondertussen hebben diverse ontwikkelingen plaatsgevonden die hieronder worden geschetst. HRM Implementatie AFAS Na de invoering van het nieuwe personele en financiële systeem AFAS op 1 januari 2020, heeft 2021 in het teken gestaan van de verdere doorontwikkeling en uitrol van dit systeem. Door corona en de ondersteuning van de corona-crisisorganisatie die daarmee samenhangt, is de doorontwikkeling minder snel gegaan dan verwacht. Piketregeling In 2021 is de nieuwe regeling ‘Brandweer- en crisispiket Veiligheidsregio Gelderland-Zuid’ met instemming van de medezeggenschapsraad ingevoerd. Deze regeling omvat alle belangrijke afspraken en uitgangspunten voor de uitvoering van piketten binnen de VRGZ. Op deze manier worden zo veel als mogelijk voor alle functionarissen dezelfde uitgangspunten gehanteerd.
Finance & Control Interne controle Op basis van de interne controles en de interim controle is vastgesteld dat de interne beheersing van de financiële processen op orde is. De aandachtspunten uit de rapportage van de accountant (Management Letter) zijn afgerond of onderhanden. Daarnaast is gewerkt aan de voorbereiding op de wetswijziging ten aanzien van rechtmatigheid. De verantwoordelijkheid voor de rechtmatigheid van het gevoerde (financiële-) beleid ligt, nu en straks, bij het Dagelijks Bestuur. Het Dagelijks Bestuur richt daarvoor (via de directie) de administratie en interne beheersing zodanig in, dat zij verantwoording kan afleggen aan het Algemeen Bestuur. Naast de genoemde voorbereidingen heeft
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
33
het Algemeen Bestuur op 16 december 2021 ingestemd met de aanstelling van een Concerncontroller die werkzaam zal zijn voor zowel de VRGZ en de GGD. Inkopen en aanbesteden Alle aanbestedingstrajecten die de VRGZ heeft opgestart zijn binnen de Europese aanbestedingsregels afgerond en daarmee rechtmatig tot stand gekomen.
Vastgoed- & Facility Management Het achterstallige onderhoud aan de panden waarvoor het bestuur een incidentele bijdrage heeft geleverd, is voor circa zestig procent uitgevoerd. Hiermee lopen we de achterstand in die in 2020 door corona opgelopen was. Voor 2022 is de verwachting dat we al het onderhoud binnen het budget gaan realiseren. De werkzaamheden uit het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) worden conform planning uitgevoerd. In 2022 start de voorbereiding van de regulier geplande herijking van het MJOP zodat in 2023 een nieuwe schouw kan worden gehouden. De uitvoering van het nieuwe huisvestingsmodel binnen het Strategisch Plan Vastgoed loopt conform planning. Het inrichten van de vier samenwerklocaties (Wijchen, Tiel, Geldermalsen en Lent) is afgerond. Hierbij is vanzelfsprekend rekening gehouden met het hybride werken (combinatie van op kantoor en thuis werken), dat als gevolg van de coronacrisis versneld is ingevoerd. In de zomer is gestart met de hoofdlocatie Multipost in Nijmegen, in 2022 zal uitvoering worden gegeven aan de overige locaties. De nieuwbouw van de brandweerkazerne in Dodewaard is gerealiseerd. Binnen de mogelijkheden van de aanbestedingsregels zijn hier lokale ondernemers zo veel mogelijk bij betrokken.
Daarnaast krijgt duurzaamheid veel aandacht bij renovaties en nieuwbouw. In de blauwdruk die in Dodewaard is toegepast (en gebruikt gaat worden bij volgende kazernes) is duurzaamheid één van de uitgangspunten. De gevel van het nieuwbouwpand in Tiel wordt bijvoorbeeld gemaakt van gerecycled kunststof. Inkoop De afdeling Inkoop heeft in nauwe samenwerking met andere organisatieonderdelen het inkoopbeleid herzien dat in juni 2021 formeel is vastgesteld. Om uitvoering aan dit beleid te geven is eind 2021 een verbeterplan opgeleverd. Het verbeterplan bevat een groot aantal aanbevelingen om de doorontwikkeling van de inkooporganisatie mogelijk te maken. Dit wordt in 2022 opgepakt met de relevante organisatieonderdelen wat bijdraagt aan de rechtmatigheid en doelmatigheid van de inkopen en het bereiken van de organisatiedoelstellingen.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
34
Informatievoorziening Informatiemanagement en ICT Informatieveiligheid Voor wat betreft informatieveiligheid werd in 2020 het normenkader voor alle overheden, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), van kracht. De nadruk ligt in deze nieuwe norm veel meer op risicomanagement, met een explicietere rol voor bestuurder en lijnmanagers: minder maatregelen en meer in control zijn. De bestuurder is verantwoordelijk voor informatieveiligheid. In juni 2021 hebben alle veiligheidsregio’s zich gecommitteerd aan de ambitie om per 1 januari 2023 aan de BIO te voldoen. Het voldoen aan de hiervoor genoemde baseline is randvoorwaarde om aangesloten te blijven op de Nederlandse vitale infrastructuur, en daarmee aangesloten kunnen worden op het vertrouwelijke informatie-uitwisselingssysteem van het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC). In 2021 is een interim CISO bij de VRGZ gestart om deze ambitie met de organisatie te gaan realiseren. Het voornemen is de CISO-functie permanent in te vullen. In 2022 en volgende jaren zal via een stappenplan invulling worden gegeven aan het ambitieniveau, gekoppeld aan activiteiten, prioriteiten en capaciteit. Landelijk verkeersplein VRGZ is in 2021 aangesloten op het landelijk verkeersplein.
Dit ‘plein’ maakt het mogelijk om via de eigen infrastructuur landelijke voorzieningen te ontsluiten, zoals het Landelijk Crisis Management Systeem (LCMS), Elektronische Leeromgeving en de Database Brandonderzoek. Documentaire Informatievoorziening (DIV) & Archiefwet Er is verder gewerkt aan de implementatie van zaakgericht werken en het optimaliseren van het gebruik van het documentair informatiesysteem. Archieven rondom gebruiksvergunningen zijn overgedragen aan gemeenten onder wiens verantwoordelijkheid deze archieven vallen. Ook is de vernietiging van archieven met vernietigingstermijnen 2020, 2021 en 2022 voorbereid. Uitvoering hiervan vindt in het eerst kwartaal van 2022 plaats. In 2020 is het actieplan geactualiseerd waarbij ook de verbeterpunten van de Archiefinspectie zijn meegenomen. De uitvoering van het verbetertraject is in 2021 in gang gezet en wordt in 2022 en 2023 vervolgd. Hiervoor is een eenmalig budget beschikbaar gesteld.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
35
Samenstelling personeelsbestand In onderstaande tabel zijn een aantal gegevens opgenomen over de opbouw van het personeelsbestand. 2021
2020*
2019
2018
Aantal dienstverbanden (excl. brandweervrijwilligers/inhuur)
625
621
626
636
Aantal brandweervrijwilligers
767
759
738
737
Totaal dienstverbanden VRGZ
1.392
1.380
1.364
1.373
Totaal medewerkers VRGZ excl. dubbele dienstverbanden**
1.264
1.275
FTE in dienst
542
552
540
549
FTE inhuur
12
10
13
30
Inclusief vrijwilligers
44
44
44
44
Exclusief vrijwilligers
47
47
47
47
Inclusief vrijwilligers
82 - 18
83 – 17
79 – 21
83 - 17
Exclusief vrijwilligers
67 - 33
67 – 33
66 – 34
65 - 35
5,6%
5,7%
4,3%
5,1%
Aantal medewerkers VRGZ
Aantal FTE (excl. brandweervrijwilligers)
Gemiddelde leeftijd
Verhouding man-vrouw (%)
Ziekteverzuim (%) Ziekteverzuim (excl. vrijwilligers)
Tabel 4.10: opbouw personeelsbestand *i.v.m. vergelijkingsdoeleinden aangepast (n.a.v. ingebruikname nieuw HRM systeem per 1 januari 2020) ** combinatie vrijwilligersfunctie met kantoorfunctie
4.5
Verbonden partijen
De VRGZ werkt intensief samen met de GGD Gelderland-Zuid op het gebied van de bedrijfsvoering (geleverd door de afdelingen Vastgoed- en Facilitymanagement, HRM, IV en Financiën & Control). Voor de Meldkamer Oost-Nederland (MON) zal een construct Kosten Gemene Rekening (KGR) opgezet worden. Kern van een dergelijk construct is dat gezamenlijk het risico gedragen wordt en dat geen btw in rekening gebracht hoeft te worden over de dienstverlening. Het personeel zal in dienst komen van de VNOG (Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland) en de VRGZ zal op basis van een verdeelsleutel bijdragen. Er is in beide gevallen geen sprake van een verbonden partij in die zin dat de VRGZ risico's draagt die vanuit de andere partij worden veroorzaakt anders dan vanuit de inhoudelijke samenwerking. Wel zijn er kosten gemoeid met het eventueel verbreken van het samenwerkingsverband.
Jaarverslag Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
36
5 Jaarrekening Dagelijks Bestuur d.d. 24 maart 2022
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
37
5
Jaarrekening
5.1
Balans per 31 december
ACTIVA Bedragen x € 1.000,-
2021
2020
Vaste Activa Materiële vaste activa met een economisch nut
59.830
56.889 59.830
56.889
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Debiteuren
2.234
3.303
472
1.074
Uitzettingen Rijks schatkist
3.895
10.865
Overige vorderingen
1.851
1.541
Debiteuren openbare lichamen
8.452
16.783
Liquide middelen Kassaldi
1
2
Banksaldi
161
1.256 162
1.258
Overlopende activa Overige nog te ontvangen/vooruitbetaald
Totaal
1.419
901 1.419
901
69.863
75.831 Tabel 5.1: balans - activa
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
38
PASSIVA Bedragen x € 1.000,-
2021
2020
Vaste Passiva Eigen vermogen Reserve aanvaardbare kosten RAV
1.826
1.013
Algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding
2.532
1.822
Bestemde reserve meldkamer
450
450
Bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden
474
0
5.282
3.285
1.789
3.722
Gerealiseerd resultaat
7.071
7.007
Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorzieningen ter egalisatie van kosten
618
556
2.409
2.412 3.027
2.968
43.489
49.692
Vaste schuld met rentetypische looptijd > 1 jaar Onderhandse lening van openbare lichamen Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd < 1 jaar Crediteuren
1.834
3.070
Crediteuren openbare lichamen
336
100
Nog in tarieven te verrekenen
811
741
Belastingen en sociale premies
3.891
4.647
Overige schulden
4.123
3.311 10.995
11.869
Overlopende passiva Nog te betalen bedragen Vooruitontvangen rijksoverheid
4.296
3.467
985
828 5.281
4.295
69.863
75.831
Gewaarborgde geldleningen
0
0
Garantstellingen
0
0
Totaal
Tabel 5.2: balans – passiva
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
39
5.2
Overzicht van baten en lasten in de jaarrekening over het begrotingsjaar
Bedragen x € 1.000,-
Realisatie
Gew.begr.
Begroting
Realisatie
2021
2021
2021
2020
25.934
23.675
23.675
24.790
159
0
0
58
Subsidies Rijk
7.390
7.063
7.063
7.364
Bijdrage deelnemende gemeenten
41.356
41.356
41.427
39.146
Opbrengsten bedrijfsvoering
2.660
2.545
2.514
2.363
Overige opbrengsten
3.213
1.283
1.283
2.481
Som der bedrijfsopbrengsten
80.712
75.922
75.962
76.202
Personeelskosten
58.608
55.235
55.004
52.876
Kapitaallasten
7.241
7.774
7.754
6.573
Overige bedrijfskosten
13.567
13.671
13.542
13.108
Rentebaten en -lasten
-138
-138
-138
-77
Som der bedrijfskosten
79.278
76.542
76.162
72.480
Totaal saldo baten en lasten
1.434
-620
-200
3.722
Toevoegingen reserves
0
0
0
0
Onttrekkingen reserves
355
620
200
0
Gerealiseerd resultaat VR
1.789
0
0
3.722
Budget aanvaardbare kosten Aanpassing budget voorgaande jaren
Tabel 5.3: overzicht van baten en lasten VRGZ
Bovenstaand overzicht wordt toegelicht in twee programma's: programma Crisis- en Rampenbestrijding (paragraaf 5.5 en 5.6) en programma RAV (paragraaf 5.7 en 5.8).
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
40
5.3
Grondslagen van resultaatbepaling en waardering
De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Het overzicht van baten en lasten van de veiligheidsregio omvat het totaal van alle activiteiten die de VRGZ heeft uitgevoerd. De cijfers worden nader gepresenteerd en toegelicht in het overzicht baten en lasten programma Crisis- en Rampenbestrijding en het programma RAV. Onderlinge verrekeningen tussen beide programma's zijn opgenomen in het overzicht van baten en lasten per programma. In het overzicht van baten en lasten op het niveau van de totale VRGZ zijn de onderlinge verrekeningen geëlimineerd.
5.3.1 Grondslagen van resultaatbepaling De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Bij het programma RAV wordt afgeweken van deze regel, omdat dit een zorggefinancierde taak is. Hiervoor is aansluiting gezocht bij de regelgeving voor zorginstellingen. De lasten worden bepaald op basis van historische kosten, met inachtneming van de vermelde grondslagen van waardering van activa en passiva en toegerekend aan het verslagjaar waarop ze betrekking hebben. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Aangezien het niet is toegestaan voorzieningen te vormen voor jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Het gaat dan om aanspraken op een overbruggingsperiode, levensloop en versterkt ouderdomspensioen. Voor jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde kosten zonder (naar verwachting) een jaarlijks vergelijkbaar volume is een verplichting opgenomen.
5.3.2 Grondslagen van waardering Alle activa en passiva zijn gewaardeerd tegen nominale waarde tenzij anders is vermeld. De belangrijkste posten worden hieronder nader toegelicht.
5.3.3 Activa Materiële vaste activa met een economisch nut Onder materiële vaste activa worden activa verstaan die bedoeld zijn om de bedrijfsuitoefening duurzaam te dienen. De materiële vaste activa (met een aanschafwaarde > € 10.000,-) worden gewaardeerd tegen aanschaffingsprijs of vervaardigingkosten, verminderd met een lineaire afschrijving gebaseerd op economische levensduur of tegen lagere bedrijfswaarde. Aan de materiële vaste activa wordt rente toegerekend tegen het bestuurlijk vastgestelde percentage van 2%. Indien de VRGZ investeringsbijdragen van derden ontvangt wordt dit expliciet toegelicht.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
41
Afschrijvingstermijn4 Persoonlijke beschermingsmiddelen en werkkleding Bluskleding en beschermingsmiddelen (bluspakken, gaspakken etc.) Ademlucht (toestel, cilinder, gelaatstuk etc.)
5 / 8 / 10 10 / 15
Automatisering Hard- en software
3/4/5
Telefonie
10
ICT-infrastructuur
15 / 30
Communicatie- en verbindingsmiddelen Alarmontvanger
5
Mobiele Data Terminal (MDT)
5
Communicatienetwerksysteem (C2000/P2000) Signalering kazerne
5/7 10
Gebouwen en inventaris Installaties en testapparatuur ademluchtwerkplaats
8 / 15
Inventaris/meubilair/aggregaat
10 / 15
Verbouwing
10 / 20
Semi-permanente unit
20
Gebouw / kazerne
30 / 40
Medische inventaris Medische apparatuur (o.a. defibrillatoren, autopulse, AED) Brancards
5/7 7
Vaartuigen Blusboten
30
Motorboot
10 / 15
Hulpboot en trailer
20
Midlife update
10
Bepakking vaartuigen Reddingsvest
5
Bepakking overig
10 / 15
4 bij een aantal genoemde activa zijn meerdere afschrijvingstermijnen weergegeven. Dit komt doordat onder de genoemde
hoofdrubrieken een aantal subcategorieën vallen waarvan het te ver voert ze allemaal hier te vermelden.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
42
Voertuigen Ambulance en Rapid responder
5
MICU-voertuig
10
Tankautospuit, redvoertuig en hulpverleningsvoertuig
12 / 15
Schuimblus- en haakarmvoertuig Haakarmbak
20 15 / 20
Overige voertuigen (vervoer van personen en materiaal)
5 / 7 / 8 / 10
Midlife updates van de diverse voertuigen
4 / 7 / 8 / 10
Inventaris en bepakking voertuigen Inventaris tankautospuit
15
Inventaris overige voertuigen
7
Werken op hoogte
7
Hydraulisch redgereedschap
8 / 15
Pneumatisch gereedschap / hefkussen Meetapparatuur (explosiegevaar-, CO2-meter etc.)
10 5 / 10 / 15
Oppervlakteredding (redbord, redsets e.d.) Watertransportsysteem
10 15 / 20
Kettingzaag
10
Overdrukventilator
10
Draagbare motorspuit
10
Warmtebeeldcamera
7
Vakbekwaamheidsmiddelen Oefenaanhanger en oefencontainer
15
Oefenmiddelen (PPMO)
5/8
Simulatiecontainer
3
Oefenterrein
20 Tabel 5.4: grondslagen
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Deze zijn gewaardeerd op nominale waarde voor zover nodig rekening houdend met mogelijke oninbaarheid. De voorziening oninbaarheid wordt bepaald op basis van de ouderdom van de openstaande posten per balansdatum (dynamische methode). Overige activa Alle overige activa in de balans zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
43
5.3.4 Passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen van het programma Crisis- en Rampenbestrijding bestaat uit een algemene reserve voor Crisis- en Rampenbestrijding en een aantal bestemde reserves. Het eigen vermogen van het programma RAV bestaat uit de reserve aanvaardbare kosten RAV. Het eigen vermogen bestaat daarnaast uit het nog te bestemmen resultaat over het laatste boekjaar. Voorzieningen De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake zijn geformuleerd. De voorziening niet-actief personeel is gevormd voor de afdekking van kosten voor niet-actief personeel. De kosten van niet-actief personeel in verband met FLO (functioneel leeftijdsontslag) kunnen worden gedeclareerd en maken derhalve geen onderdeel uit van deze voorziening. Dit geldt voor beide programma’s. De voorzieningen zijn nominaal gewaardeerd. Er wordt geen rente toegerekend aan de voorzieningen. Voor zover niet anders is vermeld zijn passiva gewaardeerd tegen nominale waarde.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
44
5.4
Toelichting balans
Vaste activa Bedragen x € 1.000,VASTE ACTIVA Verloopoverzicht materiële vaste activa met economisch nut: Investering
Mutatie onderhanden activa
Desinvestering
Afschrijving
Afwaardering
Stand 31-12-2021
24.915
1.858
1.073
0
1.400
0
26.446
Grond en terreinen
4.255
0
0
0
0
0
4.255
Voertuigen en bepakkingen
20.758
7.390
-1.860
30
2.908
0
23.350
Inventaris
1.661
241
0
0
259
0
1.643
Verbindingsmiddelen
1.240
19
0
0
447
0
812
Automatisering
1.370
165
0
0
493
0
1.042
Persoonlijke beschermingsmiddelen
2.690
188
0
0
596
0
2.282
56.889
9.861
-787
30
6.103
0
59.830
Stand 01-01-2021 Gebouwen
Tabel 5.5: verloopoverzicht MVA
Voor een toelichting op de investeringen wordt verwezen naar het investeringsoverzicht (paragraaf 6.5 Investeringen).
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
45
Aansluiting afschrijvingskosten en kapitaallasten 2021 Afschrijvingskosten
6.103
Berekende rentelasten over investeringen
1.138
Totaal kapitaallasten
7.241 Tabel 5.6: aansluiting afschrijving en kapitaallasten
Vlottende activa VLOTTENDE ACTIVA Stand 01-01-2021
Stand 31-12-2021
3.344
2.274
Voorziening dubieuze debiteuren
-41
-40
Debiteuren openbare lichamen
1.074
472
Uitzettingen Rijks schatkist
10.865
3.895
0
0
Overige vorderingen
1.541
1.851
Totaal
16.783
8.452
Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Debiteuren
Nog in tarieven te verrekenen
Tabel 5.7: balans vlottende activa
Alle uitzettingen hebben een looptijd < 1 jaar. Alle overtollige liquide middelen boven het drempelbedrag van € 569.000,- (0,75% van het begrotingstotaal) worden uitgezet bij het Rijk. Met ingang van 1 juli 2021 is dit percentage opgehoogd naar 2% van het begrotingstotaal. De uitzettingen Rijks schatkist zijn fors afgenomen. Dit komt vooral doordat in 2021 twee leningen volledig zijn afgelost, hiervoor is geen nieuwe financiering aangetrokken.
Middelen buiten 's Rijks schatkist Drempelbedrag Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
1.251
932
165
156
569
569
1.518
1.518
0
0
1.354
1.362
681
363
0
0
Tabel 5.8: drempelbedragen
De overschrijding van het drempelbedrag in de eerste twee kwartalen wordt veroorzaakt doordat een van de bankrekeningen ten onrechte niet automatisch is afgeroomd naar de schatkist. Dit is in het 3e kwartaal weer rechtgezet.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
46
Liquide middelen
Stand 01-01-2021
Stand 31-12-2021
Kas
2
1
Rekening courant Rabobank
18
22
Rekening courant ING-bank
1.146
51
Rekening courant BNG-bank
92
88
1.258
162
Totaal
Tabel 5.9: liquide middelen
Alle liquide middelen staan ter vrije beschikking van de VRGZ. Overtollige middelen worden in de Rijksschatkist aangehouden (zie Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar).
Overlopende activa
Stand 01-01-2021
Stand 31-12-2021
901
1.419
901
1.419
Vooruitbetaalde bedragen Totaal
Tabel 5.10: overlopende activa
De vooruitbetaalde bedragen betreffen met name vooruitbetaalde onderhoudscontracten, verzekeringspremies en abonnementen. Een deel van deze bedragen valt hoger uit dan eind 2020.
VASTE PASSIVA Eigen vermogen
Stand 31-122020
Bestemming 2020
Stand 01-012021
Toevoeging
Onttrekking
Stand 31-122021
Reserve aanvaardbare kosten RAV
1.013
813
1.826
0
0
1.826
Algemene reserve C&R
1.822
710
2.532
0
0
2.532
450
0
450
0
0
450
0
699
699
0
225
474
0
130
130
0
130
0
3.285
2.352
5.637
0
355
5.282
Bestemde reserve meldkamer Bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden Bestemde reserve duiktaak Totaal
Tabel 5.11: verloop eigen vermogen
Het Algemeen Bestuur heeft op 24 juni 2021 besloten om uit het jaarresultaat € 699.000,- te onttrekken voor een nieuw te vormen bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden en € 130.000,voor een bestemde reserve duiktaak, een bedrag van € 710.000,- toe te voegen aan de algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding en € 813.000,- aan de reserve aanvaardbare kosten RAV.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
47
Nadere uiteenzetting nog te bestemmen resultaat naar programma Vanuit het jaarresultaat 2021 programma RAV wordt voorgesteld om: 205
Te onttrekken aan de reserve aanvaardbare kosten RAV Totaal programma RAV
-205
Vanuit het jaarresultaat 2021 programma Crisis- en Rampenbestrijding wordt voorgesteld om: Toe te voegen aan de algemene reserve Crisis- en Rampenbestrijding tot 5% van de baten
150
Uit te keren aan deelnemende gemeenten
561
Te onttrekken aan de bestemde reserve meldkamer
0
Toe te voegen aan de bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden
15
Toe te voegen aan de bestemde reserve duiktaak
130
Toe te voegen aan de bestemde reserve cao-ontwikkelingen
688
Toe te voegen aan de bestemde reserve wet- regelgeving op het gebied van duurzaamheid
450
Totaal programma Crisis- en Rampenbestrijding
1.994
Totaal voorstel voor resultaat 20215
1.789 Tabel 5.12: nog te bestemmen resultaat
Resultaatbestemming Het programma C&R realiseerde in 2021 een positief resultaat van € 1.994.000,-. Het voorstel voor resultaatbestemming is als volgt: ▪ Indien positieve resultaten worden behaald, geldt als uitgangspunt dat een toevoeging plaatsvindt aan de algemene reserve tot de bestuurlijke norm. Door toevoeging van € 150.000,- aan de bestaande algemene reserve wordt de bestuurlijke norm van 5% bereikt. ▪ In de begroting werd een onttrekking van € 200.000,- uit de bestemde reserve meldkamer voorzien om het verschil te financieren tussen de daling van de kosten van de formatie en de uitname van de Rijksbijdrage. Laatstgenoemde is hoger omdat in de uitname reeds rekening is gehouden met het besparingspotentieel na de samenvoeging. In 2021 is gebleken dat de formatie op de meldkamer grote delen van het jaar niet volledig bezet is geweest. Hierdoor is het niet noodzakelijk om de bestemde reserve vrij te laten vallen. Daarnaast vindt de samenvoeging in Apeldoorn later plaats (april 2023 in plaats van begin 2022) waardoor het hierboven genoemde verschil zich langer voor kan doen. ▪ Omdat een deel van de geplande werkzaamheden uit de bestemde reserve uitgestelde werkzaamheden niet zijn uitgevoerd wordt voorgesteld om dit deel van de onttrekking in 2021 weer toe te voegen (archiefverbetering). Dit betreft een bedrag van € 55.000,-.
5 negatief is per saldo onttrekking
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
48
▪
▪
▪
Daarnaast is in 2021 € 40.000,- extra uitgegeven aan het achterstallig onderhoud dan was begroot (zie toelichting Huisvestingskosten in paragraaf 5.6.2). Deze extra uitgave kan dus vrij vallen uit de reserve. Per saldo leidt dit tot een toevoeging aan de reserve van € 15.000,-. In 2021 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met het voorstel om de dienstverleningsovereenkomst die tijdelijk met de veiligheidsregio’s Gelderland-Midden en Brabant-Noord is aangegaan voor de inzet van hun duikteams in Gelderland-Zuid, structureel te continueren. Ook heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met de kostenuitzetting van € 130.000,- die deze overeenkomst vanaf 2022 met zich meebrengt. Voorstel is deze uitzetting in 2022 incidenteel te dekken door een bestemde reserve te vormen. Overeenkomstig wat is beschreven in de Kaderbrief 2023 wordt in de programmabegroting 2023 voor de gemeentelijke bijdrage een indexering toegepast van 0,6% (gebaseerd op de door het bestuur vastgestelde standaard uitgangspunten). Omdat de nieuwe cao is vastgesteld in januari 2022 kon de bijbehorende loonontwikkeling niet worden meegenomen in de Kaderbrief 2023. Omdat de nacalculatie van de werkelijke index conform vastgestelde methodiek pas plaatsvindt in de eerstvolgende begroting, zijnde 2024, leidt deze loonontwikkeling in de begroting 2023 tot een tekort van € 688.000,-.
Voorgesteld wordt om voor dit incidentele tekort een bestemde reserve te vormen. Daarnaast wordt voorgesteld om voor een bedrag van € 450.000,- een bestemde reserve te vormen in verband met de wet- en regelgeving op het gebied van duurzaamheid voor een tweetal onderwerpen. Op dit moment wordt binnen de brandweer gebruik gemaakt van een fluorhoudend schuimvormende middel (SVM). In dit middel zit onder andere de stof PFAS die schadelijk is voor mens en milieu. In 2025 wordt het gebruik van fluorhoudend schuim verboden. Daarom is het noodzakelijk dat de komende jaren een overgang wordt gemaakt van fluorhoudend SVM naar fluorvrij SVM. Naast het inkopen van nieuw fluorvrij schuim zal het fluorhoudende schuim moeten worden afgevoerd, materialen worden aangepast op dit nieuwe schuim en zullen de brandweermedewerkers extra moeten worden getraind. De lasten hiervan bedragen in totaal € 300.000,-. Met betrekking tot diesel motor emissie (DME) geldt dat de wettelijke normering is gewijzigd. Hierdoor is het noodzakelijk dat aanpassingen aan panden en/of materieel de komende tijd plaatsvinden. Deze aanpassingen zijn nodig om de uitstoot van schadelijke uitlaatgassen te verminderen. Gezien de omvang van de aanpassing zal dit over meerdere jaren plaatsvinden. Uit een eerste onderzoek blijkt dat ongeveer € 150.000,- nodig is om te voldoen aan de nieuwe normering.
Na deze toevoeging en de toevoegingen aan de genoemde bestemde reserves resteert een positief resultaat van € 561.000,-. Voorgesteld wordt om dit bedrag terug te betalen aan de gemeenten.
Jaarrekening Veiligheidsregio Gelderland-Zuid 2021
49
Voorzieningen De VRGZ heeft twee voorzieningen: een voorziening voor niet-actief personeel en een voorziening voor groot onderhoud. Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's Voorziening niet-actief personeel Voorzieningen ter egalisatie van kosten Voorziening groot onderhoud Totaal voorzieningen
Stand 01-01-2021
Toevoeging
Aanwending
Vrijval
Stand 31-12-2021
556
572
326
184
618
2.412
1.281
1.284
0
2.409
2.968
1.853
1.610
184
3.027
Tabel 5.13: voorzieningen
De voorziening voor niet-actief personeel is gevormd voor de verwachte uitgaven inzake WW- en wachtgelduituitkeringen. De aanwending uit de voorziening bedraagt in 2021 € 326.000,-. Daarnaast heeft een dotatie plaatsgevonden van € 572.000,-, deze heeft betrekking op nieuwe instroom in 2021. Aangezien een oud-medewerker ander werk heeft gevonden en een aantal lopende dossiers is afgesloten kon een deel van de voorziening vrijvallen (€ 184.000,-). In 2021 is € 1.284.000,- aangewend uit de voorziening groot onderhoud. Dat is meer dan wat gepland is in het meerjarenonderhoudsplan (€ 852.000,-). Dit heeft te maken met doorgeschoven onderhoud uit voorgaande jaren en het deels naar voren halen van onderhoud voor de komende jaren. Inmiddels is het haalbaar gebleken om de geplande jaarlijkse activiteiten conform planning uit te voeren. Omdat er echter nog sprake is van achterstanden uit voorgaande jaren is vanaf 2022 een extra medewerker beschikbaar om deze weg te werken. In 2019 is een uitvoeringsplan opgesteld voor het wegwerken van het achterstallig onderhoud dat in de panden aanwezig was voor de jaren 2020 tot en met 2022. Bij de uitvoering worden achterstallige onderhoudswerkzaamheden gecombineerd met regulier planmatig onderhoud dat ten laste wordt uitgevoerd van de voorziening.