CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

C10 d.d. 13 april 2022 van de ODRN inzake Begrotingswijziging ODRN 2022 en begroting 2023

Besluitronde (raadsvergadering) 11 mei 2022, gemeente NijmegenBij agendapunt: Brieven nog in behandeling20.455 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Aan: - Provinciale Staten van Gelderland - De raden van de gemeenten Beuningen, Druten, Berg en Dal, Heumen, Nijmegen en Wijchen In afschrift aan: het college van GS en de colleges van B&W

Nijmegen, 13 april 2022

Geachte Statenleden, leden van de raad, U ontvangt hierbij de concept-wijziging I begroting 2022 en de concept-begroting 2023 inclusief meerjarenraming 2024-2026 van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen. Deze stukken zijn besproken en in concept vastgesteld door het Dagelijks Bestuur op 7 april 2022. Toelichting op begrotingswijziging I 2022 We leggen ons bestuur een begrotingswijziging voor waarmee we de begroting 2022 actualiseren. We sluiten we de begroting 2022 aan op de geactualiseerde werkplannen. We actualiseren de budgetten voor subsidies en diverse opdrachten en we hogen ons budget op in verband met extra kosten voor de Omgevingswet. Deze extra kosten dekken we deels met een aanvullende bijdrage van onze deelnemers. Toelichting op de begroting 2023 De begroting 2023 is gebaseerd op de advieslijsten die we begin 2022 met onze opdrachtgevers hebben afgestemd. Deze zijn opgesteld op basis van de uitgangspunten vereenvoudigde bedrijfsvoering 2023 waarover ons Algemeen Bestuur in december 2021 besloten heeft. Verder houden we rekening met een structurele aanvullende bijdrage van jaarlijks € 3 ton voor ontwikkeling en opleiding. Ook verwerken we voorzienbare effecten van de Omgevingswet en de wet Kwaliteitsborging voor het bouwen en specifieke aanpassingen voor individuele opdrachtgevers. Ten slotte hogen we de begroting vanaf 2023 op met de indexering van 2023.

We wijzen u op mogelijke herverdeeleffecten als gevolg van de vereenvoudigde bedrijfsvoering. We hebben adviesbureau Twynstra Gudde gevraagd herverdeeleffecten te berekenen van de vereenvoudigingen die we vanaf 2023 doorvoeren. Twynstra Gudde heeft geconcludeerd dat herverdeeleffecten waarschijnlijk beperkt zijn. Maar dit geeft geen garantie voor de toekomst. De impactanalyses zijn gebaseerd op deels vervuilde tijdschrijfdata over 2019 en 2020. Ondanks zorgvuldige voorbereiding, kan de uitkomst daardoor anders uitpakken. We zullen de realisatie ten

opzichte van de werkplannen in 2023 monitoren en onze opdrachtgevers zo vroegtijdig mogelijk informeren over afwijkingen. Procedure Begrotingswijziging 1 2022 De tekst van de gemeenschappelijke regeling ODRN en in onze financiële verordening geven aan dat het Algemeen Bestuur bevoegd is te besluiten over wijzigingen van de begroting. In de tekst van de gemeenschappelijke regeling ODRN staat tevens vermeld dat over een wijziging van de begroting net als bij een begroting een zienswijze van de deelnemers moet worden gevraagd. We laten de wijziging I van de begroting 2022 meelopen in de zienswijzeprocedure van de begroting 2023, zie onderstaand voor de procedure. Procedure begroting 2023 In de gemeenschappelijke regeling ODRN is bepaald dat deelnemers hun zienswijze over de conceptbegroting bij het Algemeen Bestuur kunnen indienen. Op 7 juli 2022 stelt het Algemeen Bestuur de begrotingswijziging I 2022 en de begroting 2023 vast met inachtneming van de ingebrachte zienswijzen. De begroting 2023 moeten we uiterlijk 1 augustus bij de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties indienen. We zullen de Minister dan ook de begrotingswijziging I 2022 verstrekken. Advies Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Regio Nijmegen (AGR) We hebben conform de afspraken in de door de regiogemeenten vastgestelde Begrotingsrichtlijnen 2023 advies aangevraagd bij de AGR.

De AGR stuurt u het advies z.s.m. rechtstreeks toe. Wij verwijzen naar de planning, die door deze adviesfunctie is opgesteld, voor de datum waarop u een advies kunt verwachten. Zienswijze U kunt uw schriftelijke zienswijze over de concept-begrotingswijziging I 2022 en de conceptbegroting 2023 bij ons kenbaar maken. Gelet op het feit dat ons Bestuur de reacties moet bundelen en eventueel van reactie moet voorzien, ten behoeve van de behandeling in het Algemeen Bestuur op 7 juli 2022, verzoeken wij u uiterlijk 23 juni 2022 uw zienswijze in te sturen. Voorstellen Het Dagelijks Bestuur van de ODRN stelt het Algemeen Bestuur voor in te stemmen met bijgevoegde begrotingswijziging I 2022 en de begroting 2023 en deze vast te stellen. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben. Voor vragen kunt u terecht bij mevrouw Jacqueline Tiemens, telefonisch bereikbaar op 06-52 78 07 30 en per mail via jacqueline.tiemens@odrn.nl. Met vriendelijke groet, het Dagelijks Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen, namens deze, Hans van der Noordt

secretaris

1 Versie: AB 7 juli 2022

Inhoudsopgave

1.

Inleiding

3

2.

Begroting

6

2.1.

Financiële begroting 2022

7

2.2.

Toelichting op de begrotingsposten

8

3.

Bijlagen

14

3.1.

Begroting 2021 AB 1 juli 2021, mutaties 2021 en actuele begroting 2022

15

3.2.

Ontwikkelbijdrage per deelnemer

16

3.3.

Onze belangrijkste producten in aantallen

17

3.4.

Werkplannen 2022 en aansluiting op de begroting

19

2

1. Inleiding

3

We leggen u een begrotingswijziging voor waarmee we de begroting 2022 actualiseren. We stellen voor de begrote baten en de lasten 2022 met € 1,3 miljoen op te hogen naar € 23,9 miljoen. Met deze wijziging sluiten we de begroting 2022 aan op de geactualiseerde werkplannen1 (+ € 8,5 ton), actualiseren we de budgetten voor subsidies en diverse opdrachten (- € 1 ton) en stellen we ons ontwikkelbudget bij in verband met extra kosten voor de Omgevingswet (+ € 6,8 ton).

Vergelijking met de realisatie over 2021 Om de bijgestelde begroting 2022 in perspectief te plaatsen, vergelijken we deze met de realisatie over 2021. Deze vergelijking wordt enigszins vertekend door de Ontwikkelbijdrage. Als we deze bijdrage buiten beschouwing laten, groeien onze baten van € 22,6 miljoen. Als we deze bijdrage buiten beschouwing laten, groeien onze baten van € 22,6 miljoen (realisatie 2021) naar een begroting van € 22,9 miljoen in 2022. Dat is een toename van € 0,3 miljoen of +1 %. Deze toename is een beperkte volumestijging, want we hebben de tarieven 2022 niet geïndexeerd ten opzichte van 2021.

Gevolgen uitstel Omgevingswet In februari 2022 is aangekondigd dat de invoering van de Omgevingswet opnieuw wordt uitgesteld. Minister De Jonge van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening heeft bepaald dat 1 januari 2023 de nieuwe ingangsdatum wordt. Dat sluit aan bij onze wens, omdat een inwerkingtreding gedurende een jaar ingewikkelder is. Bij de actualisatie van deze begroting en bij het maken van werkafspraken over 2022 is dat dan ook het uitgangspunt geweest. Uitstel van de inwerkingtreding van de Omgevingswet maakt dat we meer kosten maken. Ook zijn er tegenvallers door de gebrekkige ontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Verder zijn er ook kosten die we bij het opstellen van het Ontwikkelprogramma in 2019 niet voorzien hadden. In de Kadernota 2023 gingen we nog uit van inwerkingtreding per 1 juli 2022 en begrootten we deze kosten op € 6 ton. Met het verdere uitstel van de inwerkingtreding van de wet is het bedrag opgelopen. Bij invoering op 1 januari 2023 ramen we dit op € 6,8 ton. We leggen hiervoor u een dekkingsvoorstel voor: 50% dekken we uit onze begroting (€ 339.000) en voor de andere 50% vragen we een eenmalige aanvullende bijdrage van onze deelnemers.

1. De begroting is opgesteld op basis van de werkplannen 2022 van februari 2022. De gemeente Nijmegen heeft aangegeven aanvullende werkzaamheden te willen opnemen om aan te sluiten bij het VTH-beleid. Hierover worden in de loop van 2022 besluiten genomen. Deze aanvulling en eventuele andere bijstellingen die in de loop van 2022 worden overeengekomen nemen we, voor zover deze doorwerken naar 2023, mee bij de actualisatie van de begroting 2023 in de eerste helft van 2023.

4

Budgetten en begrotingsposten geactualiseerd Met deze begroting actualiseren we onze budgetten voor formatie en inhuur. Ons MT heeft besloten dat we willen sturen op een norm van 20% inhuur. Dat streven vertalen we in de begroting. Dit is een behoorlijke ambitie, omdat het door de krapte op de arbeidsmarkt moeilijk is personeel aan ons te binden. Tot slot actualiseren we een aantal begrotingsposten, zoals de post voor PIOFAH en de materiële lasten.2 We nemen de actualisatie van de begroting 2022 mee in de zienswijzeprocedure van de begroting 2023.

2. PIOFAH staat voor personeel, informatie, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting.

5

2. Begroting

6

2.1. Financiële begroting 2022 We stellen voor de lasten en de baten 2022 met afgerond € 1,3 miljoen te verhogen. In de volgende tabel ziet u de jaarcijfers 2021, de initiële begroting, de voorgestelde mutaties en de bijgestelde begroting over 2022. In het vervolg van dit memo lichten we de mutaties puntsgewijs toe.

LASTEN

nr.

Omschrijving

1 Salariskosten 1 Opleidingskosten

Jaarrekening

Initiële begroting

Mutaties

Bijgestelde begroting

2021

2022

2022

2022

12.708.040

14.649.911

-55.840

14.594.071

196.989

285.777

6.104

291.881

1 Inhuur

4.292.444

2.892.550

828.938

3.721.488

2 PIOFAH

2.783.663

2.680.490

67.379

2.747.869

3 Kapitaallasten

376.838

400.000

-75.000

325.000

4 Overige materiële kosten

999.633

935.090

-90.765

844.325

5 Bijdrage regionaal stelsel

253.630

355.796

1.424.843

447.000

666.052

1.113.052

Totaal lasten

23.036.081

22.646.614

1.346.869

23.993.483

Omschrijving

Jaarrekening

6 Ontwikkelprogramma

355.796

BATEN nr.

Initiële begroting

Mutaties

Bijgestelde begroting

2021

2022

2022

2022

7 Bijdrage deelnemers

20.392.131

19.438.000

907.609

20.345.609

7 Bovenregionale taken

2.097.804

1.710.202

2.148.437

-50.633

8 Subsidies en diverse opdrachten

429.359

613.177

-101.159

512.018

9 Bijdrage Ontwikkelprogramma

1.014.843

447.000

591.052

1.038.052

10 Vrijval voorziening harmonisatietoelage 11 Onttrekking bestemmingsreserve

Totaal baten

Rekening-/begrotingssaldo

7

52.505

0

36.407

0

23.635.447

22.646.614

599.366

0

1.346.869 23.993.483

0

0

2.2. Toelichting op de begrotingsposten 1. Salariskosten, opleidingskosten en inhuur, € 779.202 nadeel (- € 55.840 + € 6.104 + € 828.938) De aanpassing van de werkplannen en afspraken gastheerschap zorgt ervoor dat we onze budgetten voor salariskosten, opleidingen en inhuur moeten ophogen met per saldo € 7,8 ton. We hebben de ambitie te willen sturen op 20% inhuur. Bij gebrek aan een norm hebben we in het verleden mutaties zoals taakstellingen ten laste van ons inhuurbudget geboekt. Het gevolg hiervan is dat ons inhuurbudget te laag is. Dat stellen we nu bij, waardoor onze budgetten voor salariskosten en inhuur meer in overeenstemming komen. Het zal in praktijk moeilijk zijn de norm van 20% inhuur waar te maken. Door krapte op de arbeidsmarkt zijn we in 2021 uitgekomen op 25% inhuur. Ons budget voor opleidingskosten bedraagt 2% van de loonsom. We hebben de budgetten voor salariskosten, opleidingen en inhuur verdeeld conform de genoemde percentages. Dat kunt u zien in de volgende tabel: Aangepaste in € * 1.000

begroting 2022

Aandeel

Salariskosten

14.594

78%

Opleidingen

292

2%

Subtotaal

14.886

80%

Inhuur

3.721

20%

Totaal

18.607

100%

2. PIOFAH-taken, € 67.379 nadeel De mutaties op dit budget geven we in de volgende tabel weer: in € * 1.000 Stand initieel

2.680

Medewerker bedrijfsvoering

-53

Aanvulling ICT PIOFAH

91

Overige aanpassingen

20

Totaal aanpassingen

67

Aangepaste begroting 2022

2.748

Een medewerker bedrijfsvoering die onderdeel was van het PIOFAH-contract is met pensioen gegaan. We hebben voor de betreffende taken een medewerker in dienst genomen. Het budget hiervoor hebben we aan ons budget voor salariskosten toegevoegd. Dit geeft een verlaging van het PIOFAH-budget met € 53.000. De ICT-contracten betaalden we voorheen zelf. Deze hebben we nu bij onze gastheer, de gemeente

8

Nijmegen, ondergebracht. We hevelen hiervoor € 91.000 materieel budget over naar het budget voor PIOFAH-taken, zie punt 4. Tot slot zijn er nog wat overige bijstellingen, van in totaal € 30.000. Deze houden onder andere verband met aanpassingen van de dienstverlening aan ons groeiende personeelsbestand.

3. Kapitaallasten, € 75.000 voordeel We hebben onze afschrijvingslasten structureel op € 4 ton begroot. De ontwikkelkosten van ons zaaksysteem WRS hebben we, met het oog op mogelijke vervanging, niet geactiveerd de afgelopen jaren. Dat zorgt voor een afname van ons activabestand en een daling van de afschrijvingslasten. We verwachten € 75.000 minder afschrijvingslasten dan begroot en stellen voor dit bedrag aan de Ontwikkelbijdrage 2022 toe te voegen, zie ook punt 6.

4. Overige materiële kosten, € 90.675 voordeel Van het budget materiële kosten betalen we diverse uitgaven, zoals kosten voor woonwerkverkeer, dienstreizen, abonnementen, porto, drukwerk, representatie en advertenties voor de werving van personeel. We verlagen dit budget met € 90.675. Dat komt doordat we de ICT-kosten bij het PIOFAH-contract hebben ondergebracht, zoals benoemd bij punt 2.

6. Bijstelling Ontwikkelbudget 2022, € 666.052 nadeel De meeste projecten van de Ontwikkelagenda zijn in de afrondende fase en vergen nog een beperkte inzet. Dat geldt niet voor de inzet op de Omgevingswet. Het uitstel van de inwerkingtreding van deze wet naar 1 januari 2023 maakt dat we meer kosten maken. In de Kadernota 2023 gingen we nog uit van een invoerdatum per 1 juli 2022 en begrootten we deze kosten op € 6 ton. Met het verdere uitstel van de inwerkingtreding is het bedrag opgelopen naar € 6,8 ton. Er zijn extra kosten voor het in de lucht houden van de projectorganisatie, we maken meer kosten voor het op peil houden van het opleidingsniveau en voor het aanbieden van veegklassen voor nieuwe medewerkers. Verder zijn er tegenvallers door de gebrekkige ontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Daardoor moest het proces van inrichten, testen en bijstellen verschillende malen opnieuw plaatsvinden en kon er weinig vooruitgang worden geboekt. Tot slot zijn er ook kosten die we bij het opstellen van het Ontwikkelprogramma in 2019 niet hebben voorzien. Voorbeelden daarvan zijn de kosten voor communicatie en voor het aanpassen van de legesverordeningen.

9

In de volgende tabel ziet u de kosten voor 2022 in verband met invoering van de Omgevingswet:

in € * 1.000

Begrote kosten 2022

Projectorganisatie

184

Werkprocessen aanpassen op de Omgevingswet

166

Opleidingen en grootschalig oefenen

238

Legesverordeningen aanpassen

35

DSO en processen

30

Communicatie

25

Totaal

678

Vooralsnog houden we deze raming aan. Maar er zijn geluiden dat invoering op 1 januari 2023 discutabel is vanwege technische problemen met het DSO. We houden de ontwikkelingen in de gaten en zullen, als dat aan de orde is, onze activiteiten tijdig afschalen. We zullen ons bestuur in het najaar van 2022 rapporteren over de stand van zaken. We hebben een uitvraag gedaan bij de projectleiders van de programmaonderdelen van de Ontwikkelagenda. Voor afronding van deze agenda in 2022 is, inclusief de genoemde kosten voor de Omgevingswet, in totaal € 1,1 miljoen budget nodig. Hiervan ziet u in de volgende tabel een overzicht: Benodigd budget in € * 1.000

2022

OWP Sturing Ontwikkelprogramma

23

OWP 1.1 Eigenaarschap

25

OWP 1.3 Gezamenlijk opdrachtgeverschap en regionale samenwerking

25

OWP 2.1 Verbetering bedrijfsvoering

87

OWP 2.2 Verbetering personele functie

85

OWP 2.3 Grip op informatievoorziening

170

OWP 3.1 Nieuwe Omgevingswet

678

OWP 3.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

20

Totaal

10

1.113

Het dekkingsvoorstel voor deze kosten ziet u in de volgende tabel:

Ontwikkelbijdrage 2022 en 2023

2022

2023

447

310

Onderbesteding 2021

43

-

Aanvullende bijdrage van deelnemers Overheveling Ontwikkelbijdrage 2023 naar 2022

339

-

209

-209

Bijstellingen deelnemersbijdragen

591

-209

Primitieve begroting

I

Mutaties:

Meevaller afschrijvingslasten Bijgestelde begroting

75 1.113

II III

101

I + II + III

In de jaarrekening 2021 stellen we voor de onderbesteding op het budget 2021 van € 43.052 over te hevelen naar 2022. We stellen voor dat bedrag aan de begroting 2022 toe te voegen. We vragen een aanvullende bijdrage van onze deelnemers van 50% van de kosten voor 2022 in verband met invoering van de Omgevingswet. Dit komt neer op € 339.000 (50% van 678.000). We stellen voor deze bijdrage te verdelen over de deelnemers op basis van relatieve aandelen in de realisatie van 2021. In bijlage 2 ziet u een overzicht van de bijdragen per deelnemer. We hebben in de begroting 2023 € 3,1 ton opgenomen voor kosten voor de vervanging van ons zaaksysteem WRS. Dit bedrag willen we voor € 209.000 in 2022 inzetten, om hiervan de uitgaven in 2022 te kunnen betalen. We stellen voor dit bedrag over te hevelen van 2023 en aan het begrote ontwikkelbudget 2022 toe te voegen. Het bedrag van € 3,1 ton was bedoeld als dekking voor de initiële vervangingskosten van ons zaaksysteem. In 2022 dekken we hiermee de kosten van een projectleider die we hiervoor hebben aangetrokken. Daarmee wordt het geld deels voor het bestemde doel ingezet. We houden na deze wijziging in 2023 nog € 101.000 over voor de initiële vervangingskosten van het zaaksysteem. We zullen u nog rapporteren over de kosten en dekking hiervan.

11

7. Aanpassing van de begrote baten op de werkplannen, € 856.976 voordeel (deelnemers € 907.609, provincie Overijssel en stelsel-omgevingsdiensten - € 50.633) De werkplannen 2022 geven aanleiding de baten 2022 met € 8,57 ton op te hogen.3 In de volgende tabel ziet u een specificatie van de aanpassing per opdrachtgever: Werkplan

Primitieve

Bijstellingen

in € * 1.000

2022

begroting 2022

2022

Gemeente Berg en Dal

2.137

2.027

110

Gemeente Beuningen

1.499

1.456

43

534

473

61

Gemeente Druten Gemeente Heumen

848

824

23

Gemeente Nijmegen

7.754

7.546

207

Gemeente Wijchen

965

858

106

Provincie Gelderland

6.611

6.253

358

20.346

19.438

908

Provincie Overijssel Brzo

855

817

38

ODA

257

300

(42)

ODRA

548

510

38

OddV

145

146

(0)

ODNV

136

190

(54)

ODR

79

89

(10)

OVIJ

77

96

(20)

2.098

2.148

(51)

22.443

21.586

857

Subtotaal baten deelnemers

Subtotaal bovenregionaal Totaal

In bijlage 3 ziet u een overzicht van onze belangrijkste producten in aantallen en in bijlage 4 vindt u een uitsplitsing van de werkplannen naar activiteiten. Meer details en een inhoudelijke onderbouwing per opdrachtgever kunt u vinden in de werkplannen die we per opdrachtgever hebben opgesteld.

3. De begroting is opgesteld op basis van de werkplannen 2022 van februari 2022.De gemeente Nijmegen heeft aangegeven aanvullende werkzaamheden te willen opnemen om aan te sluiten bij het VTH-beleid. Hierover worden in de loop van 2022 besluiten genomen. Deze aanvulling en eventuele andere bijstellingen nemen we, voor zover deze doorwerken naar 2023, mee bij de actualisatie van de begroting 2023 in de eerste helft van 2023.

12

8. Subsidies en diverse opdrachten, € 101.159 nadeel Onder deze post begroten we subsidiebijdragen van DCMR en ODNL, inkomsten uit detachering en overige baten. We stellen deze post met € 1 ton naar beneden bij. Het gaat vooral om een bijstelling van de begrote subsidie-opbrengsten. Deze bijdragen waren per abuis inclusief btw geraamd. Verder is de subsidiebijdrage verlaagd vanwege een herverdeling van de middelen naar het ICT-project GiR2.0 van Brzo+, waaraan wij een beperkte bijdrage leveren. In de volgende tabel ziet u de bijdragen na verwerking van de genoemde bijstelling:

in € * 1000

2022

Communicatie 6 Brzo-omgevingsdiensten

58

Meerjarenafspraak (MJA) 6 Brzo-omgevingsdiensten

118

Modernisering Omgevingsveiligheid (MOV) Cluster 1 Brzo

60

Subtotaal subsidies

236

Inkomsten uit detachering

176

Overige baten

100

Totaal

512

Naast subsidies ramen we € 1,7 ton voor baten in het kader van detacheringsovereenkomsten die geen deel uitmaken van de werkplannen. Ook nemen we € 1 ton op voor overige baten van incidentele opdrachtgevers en van kleine posten die niet in de werkplannen zijn opgenomen.

9. Bijdrage Ontwikkelprogramma, € 591.052 voordeel We stellen voor de begrote deelnemersbijdragen in 2022 met € 5,9 ton op te hogen. Voor een onderbouwing verwijzen we naar punt 6.

13

3. Bijlagen

14

3.1.

Begroting 2021 AB 1 juli 2021, mutaties 2021 en actuele

begroting 2022

In de volgende tabel ziet u de aansluiting tussen de primitieve begroting 2022, de mutaties en de actuele begroting 2022: Primitieve begroting 2022

Begrotingswijziging DB 28 mei 2021

Actuele begroting 2022

14.542

108

14.650

286

-

286

Inhuur

2.893

-

2.893

PIOFAH

2.788

-108

2.680

Kapitaallasten

400

-

400

Materiële lasten

935

-

935

Bovenregionaal

356

-

356

Ontwikkeluitgaven

447

-

447

22.647

-

22.647

in € * 1.000 Personele lasten Opleidingen

Totaal lasten Totaal baten

22.647

22.647

We hebben met de gemeente Nijmegen gesproken over de invulling van de P&O-taak. Met ingang van 1 juni 2021 is de adviesrol P&O uit de gastheerovereenkomst gehaald. Dit voorstel hebben we op 29 mei 2021 voorgelegd aan ons Dagelijks Bestuur. Bij het besluit hierover is met een begrotingswijziging budget van structureel € 108.000 overgeheveld van het PIOFAH-budget naar personele lasten.

15

3.2.

Ontwikkelbijdrage per deelnemer

In de volgende tabel ziet u de aandelen van de deelnemers in de Ontwikkelbijdragen die we in 2022 en 2023 inzetten:

Deelnemers

Saldo 31

Aanvullende

december 2021

bijdrage 2022

Gemeente Berg en Dal

83.564

34.655

118.219

Gemeente Beuningen

52.302

24.162

76.464

Gemeente Druten

19.593

8.846

28.439

Gemeente Heumen

36.168

13.851

50.020

Gemeente Nijmegen

299.950

130.244

430.194

in €

Totaal

Gemeente Wijchen

30.538

15.416

45.954

Provincie Gelderland

277.936

111.827

389.763

Totaal

800.052

339.000

1.139.052

Het saldo van € 800.052 is conform de verplichting op 31 december 2021 in onze jaarrekening 2021. Dit bedrag hebben we in afgelopen jaren al met onze deelnemers verrekend. De aanvullende bijdrage van € 339.000 is nieuw en hebben we op basis van de omzetbijdragen 2021 over de deelnemers verdeeld. Dat kunt u zien in de volgende tabel. Nadat het Algemeen bestuur heeft ingestemd met deze aanpassing van de begroting 2022, zullen we de bovengenoemde bedragen afrekenen met onze deelnemers. De verdeling van de aanvullende Ontwikkelbijdrage per deelnemer is als volgt: Omzet 2021 Deelnemers in €

Aanvullende

excl. mutatie

bijdrage 2022

onderhandenwerk

Aandeel

(ohw) Gemeente Berg en Dal

34.655

2.185.089

10%

Gemeente Beuningen

24.162

1.523.465

7%

Gemeente Druten

8.846

557.747

3%

Gemeente Heumen

13.851

873.360

4%

Gemeente Nijmegen

130.244

8.212.258

38%

Gemeente Wijchen

15.416

972.022

5%

Provincie Gelderland

111.827

7.051.003

33%

Totaal

339.000

21.374.944

100%

16

3.3

Onze belangrijkste producten in aantallen

Uitgevoerd in

Werkplan

2021

2022

5.447 u.

5.740 u.

Melding Besluit mobiel breken (V12) vaste prijs

10 st.

19 st.

Melding Activiteitenbesluit (V13) vaste prijs

294 st.

318 st.

Melding Besluit bodemkwaliteit (V14) vaste prijs

297 st.

267 st.

Melding Besluit bodemkwaliteit (V14) nacalculatie

10 u.

16 u.

Milieuvergunning (V52, V53 en V55) nacalculatie

14.860 u.

14.044 u.

75 st.

89 st.

Aantal Brzo-controles (T60) vaste prijs

68 st.

54 st.

Aantal Brzo-hercontroles (T61) vaste prijs

11 st.

24 st.

Bouwaanvragen (verleend) (V30) vaste prijs

1.823 st.

1.557 st.

Bouwaanvragen (verleend) (V30) nacalculatie

1.074 u.

679 u.

Sloopmeldingen (asbest) (V10) vaste prijs

in aantallen Vergunningverlening Milieu Vooroverleg Milieu (V5) nacalculatie

Milieuneutrale verandering (V54) vaste prijs

Brzo

Vergunningverlening BRIKS

2.287 st.

2.484 st.

Gebruiksmeldingen (V11) vaste prijs

205 st.

255 st.

Leegstandswetaanvragen (V87) vaste prijs

63 st.

110 st.

Aanvragen Huisvestingswet (V88) vaste prijs

28 st.

30 st.

Kapaanvragen (V35) vaste prijs

187 st.

204 st.

Reclame-aanvragen (V39) vaste prijs

108 st.

98 st.

Gebruiksvergunningen (V49) vaste prijs

39 st.

44 st.

Controles (T30) vaste prijs

684 st.

900 st.

Hercontroles (T32) vaste prijs

656 st.

604 st.

Voornemens last onder dwangsom (T80) vaste prijs

217 st.

176 st.

Last onder dwangsom / bestuursdwang (T81/T82) vaste prijs

Toezicht Milieu

68 st.

56 st.

Aantal klachten Milieu in S@men (T10C/T10D) vaste prijs

1.510 st.

970 st.

Aantal klachten Milieu in S@men (T10C/T10D) nacalculatie

776 u.

655 u.

573 st.

n.v.t. -> nacalculatie

Toezicht BRIKS Geïnspecteerde bouwdossiers (T34) vaste prijs

17

Uitgevoerd in

Werkplan

2021

2022

Geïnspecteerde bouwdossiers (T34) nacalculatie

549 u.

13.226 u.

Toezicht bestaande bouw (T35) vaste prijs

37 st.

35 st.

Toezicht bestaande bouw (T35) nacalculatie

2.723 u.

2.885 u.

Toezicht sloopmelding (T36) vaste prijs

553 st.

n.v.t. -> nacalculatie

Toezicht sloopmelding (T36) nacalculatie

924 u.

3.229 u.

Toezicht monumenten (T37 en T38) vaste prijs

112 st.

146 st.

Toezicht monumenten (T37 en T38) nacalculatie

408 u.

286 u.

Toezicht brandveilig gebruik (T39) vaste prijs

20 st.

12 st.

Toezicht brandveilig gebruik (T39) nacalculatie

79 u.

58 u.

Toezicht reclame (T44) vaste prijs

31 st.

29 st.

Toezicht reclame (T44) nacalculatie

124 u.

165 u.

Voornemens last onder dwangsom (T80) nacalculatie

1.074 u.

1.458 u.

Last onder dwangsom / bestuursdwang (T81/T82) nacalculatie

1.351 u.

1.840 u.

695 st.

547 st.

in aantallen

Aantal klachten Bouw in S@men (T10A/T10B) vaste prijs

18

3.3.

Werkplannen 2022 en aansluiting op de begroting

In de volgende tabel ziet u een samenvatting van de werkplannen 2022: Werkplannen 2022 Aantal producten

Uren

Exploitatie begroting in € * 1.000

(2.1): Vooroverleg voeren

568 st.

5.995 u.

1.316

(2.2): Melding behandelen

3.401 st.

16 u.

1.261

(2.3.1): Vergunningaanvraag Wabo behandelen

3.365 st.

16.470 u.

5.700

(2.3.2): Besluiten overige wetgeving

360 st.

1.049 u.

391

(2.3.3): Omgevingsvergunning BRIKS intrekken

56 st.

26

(2.3.3): Omgevingsvergunning Milieu intrekken Behandelen vergunning (3.1): Handhavingsverzoek behandelen (3.2): Incidentmelding en klachten behandelen (3.3): Piket / rampen (3.4): Controle uitvoeren (3.5): Handhavingsbesluit nemen

4.179 u.

483

7.750 st.

27.709 u.

9.177

6 st.

491 u.

85

1.610 st.

915 u.

658

7 st.

293 u.

36

2.023 st.

21.416 u.

5.128

232 st.

3.470 u.

554

3.878 st.

26.585 u.

6.462

(4.1): Last onder dwangsom ten uitvoer leggen

16 st.

81 u.

20

(4.2): Bestuursdwang ten uitvoer leggen

1 st.

71 u.

11

2.560 u.

242

Uitvoeren toezicht

(4.4): Proces-verbaal opleggen Handhaven

17 st.

2.712 u.

273

(5.1): Specialistisch advies verstrekken

264 st.

19.167 u.

2.178

5.750 u.

648

24.917 u.

2.825

(5.2): Juridisch advies verstrekken Advisering

264 st.

Projecten excl. Ontwikkelbijdrage

3.916

Totaal werkplannen

22.653

In de volgende tabel ziet u de aansluiting tussen onze werkplannen en de begrote baten: in € * 1.000

2022

Baten deelnemers

20.346

Baten bovenregionaal

2.098

Baten ODNL/DCMR en overige opdrachten

210

Subtotaal werkplannen 2022 Baten uit detacheringsovereenkomsten en overig baten

22.653 4

301

Bijdrage Ontwikkelprogramma

1.038

Totaal begrote baten 2022

23.993

4. Met een aantal kleine opdrachtgevers hebben we geen werkplan opgesteld. Voor deze baten hebben we een stelpost opgenomen.

19

3.4.

Normering van de inhuur

In de ontwikkelagenda is de ambitie genoemd om inhuur terug te dringen en daarvoor een norm (voor de flexibele schil) te benoemen. De reden hiervoor zijn de hoge inhuurkosten. Het aandeel inhuur wordt op verschillende manieren gedefinieerd. Wij hebben aansluiting gezocht bij de definitie van het A&O Fonds en van de Regeling beleidsindicatoren gemeenten: het aandeel inhuur als percentage van totale loonsom plus totale kosten inhuur externen In de monitor het A&O Fonds van over 2020 geeft het fonds aan dat het percentage inhuur van gemeenten sinds 2016 schommelt tussen 16 en 20 %5. Deze bevinding geeft aanknopingspunten voor bepaling van de norm. We zouden een percentage van 18% aan kunnen houden. Dat is het gemiddelde van het A&O Fonds % tussen 2016 en 2020. Gezien de recente ontwikkelingen, zoals de Omgevingswet en de WKB, waarmee we rekening dienen te houden, achten we een norm van 20% meer wenselijk en passend voor de ODRN. We stellen daarom voor een norm van 20% van de totale loonsom vast te stellen. Deze norm biedt een kader voor het maximale bedrag dat de ODRN kan besteden aan inhuur. De norm is flexibel en subjectief, omdat deze afhankelijk is van de situatie (ontwikkelingen, markt etc.) en geldt daarom echt als richtlijn. Het zal, gezien de krapte op de arbeidsmarkt, lastig zijn om aan deze norm te voldoen.

In het jaarverslag monitoren we het aandeel inhuur van de directe salariskosten (inclusief inhuur). We komen voor 2021 uit op 29% en in 2020 was het percentage 28%. We blijven echter kritisch zijn op inhuur (efficiënt inhuren), alleen waar nodig en zetten waar mogelijk inhuur om naar vast personeel.

5

Uitgaven aan externe inhuur blijven gelijk

In 2020 besteedden gemeenten 18 procent van de loonsom aan externe inhuur, gelijk aan het percentage in 2019. De uitgaven aan externe inhuur zijn daarmee dit jaar verder gestabiliseerd; sinds 2016 schommelt dit percentage tussen de 16 en 20 procent. … 70 procent van de gemeenten geeft aan ernaar te streven de uitgaven aan externe inhuur terug te dringen (2019:68 procent). Dit doen ze onder andere door flexibele banen om te zetten in vaste banen, het aanbieden van tijdelijke contracten en flexibele inzet van (eigen) medewerkers door bijvoorbeeld medewerkers van afdelingen waar het werk vanwege corona minder was te verplaatsen naar afdelingen waar juist meer werk was. Pagina 6 https://www.aeno.nl/uploads/AO-fonds-Gemeenten-Personeelsmonitor-2020.pdf

20

1

Versie: AB 7 juli 2022

Inhoudsopgave 1.

Voorwoord De ODRN in 2023

3

2.

Inleiding

5

3.

Programma’s

7

3.1.

Programma Vergunningverlening

8

3.2.

Programma Handhaving en Toezicht

10

3.3.

Programma Brzo

12

3.4.

Samen Sterk

14

3.5.

Programma Advisering

16

3.6.

Programmabegroting

19

4.

Financiële begroting 2023 meerjarenraming 2024 - 2026

20

4.1.

Uitgangspunten

21

4.2.

Wijzigingen in de meerjarenbegroting 2023 - 2026

24

4.3.

Financiële meerjarenbegroting 2023 - 2026

26

4.4

Toelichting op de begrotingsposten

27

4.4.

Overhead

34

4.5.

Lasten en baten per taakveld

35

4.6.

Geprognosticeerde meerjarenbalans ultimo 2021 tot en met ultimo 2023

36

5.

Paragrafen

37

5.1.

Weerstandscapaciteit en risicobeheersing

38

5.2.

Financiering

39

5.3.

Bedrijfsvoering

41

5.4.

Onderhoud kapitaalgoederen

44

6.

Bijlagen

45

6.1.

Primitieve begroting 2023, mutaties en actuele begroting 2023

46

6.2.

Aanpassingen begroting 2023 en meerjarenraming 2024 – 2025

47

6.3.

Advieslijsten 2023

48

6.4.

Indexering 2023

50

6.5.

Verklarende woordenlijst

51

2

1. Voorwoord De ODRN in 2023

3

Voor u ligt de begroting 2023. Een begroting die we hebben opgesteld in de wetenschap dat er nog veel kan veranderen de komende tijd. In 2023 is ons nieuwe bestuur en de nieuwe directie helemaal vertrouwd met de ODRN, en andersom. Wij kunnen er op dit moment alleen maar van uitgaan dat de goede sfeer en constructieve interactie van de afgelopen paar jaar tussen bestuur en organisatie zich zal voortzetten.

Ontwikkelingen met impact We gaan in 2023 werken met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging van het bouwen. In de begroting hebben we opgenomen wat wij inschatten dat dat voor ons werk betekent en voor de dienstverlening die we bieden aan onze deelnemers en opdrachtgevers. Ook daarin zijn wijzigingen denkbaar gedurende het jaar. En met name de landelijke, provinciale en regionale ontwikkelingen die op ons af komen zullen hun impact hebben op onze werkwijzen en samenwerking met andere organisaties.

Sterke identiteit Als de buitenwereld zo in beweging is, moet je terugvallen op je kernkwaliteiten en het hart van je identiteit. Natuurlijk bestaat ook voor de ODRN de basis uit de zorg voor een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving, net zoals dat geldt voor de andere 28 Nederlandse omgevingsdiensten en de zes Gelderse omgevingsdiensten. Maar wij hebben daarnaast een sterke identiteit: die van een kennisgedreven uitvoeringsorganisatie. Bij ons werken 250 mensen in de volle en integrale breedte van milieu- en bouwvraagstukken omdat ze hun gespecialiseerde kennis continu willen versterken en inzetten voor een veilig en duurzaam Nederland.

Van output naar outcome Nu we de Ontwikkelagenda uit 2020 in 2022 grotendeels hebben afgerond, zien we de ODRN een doorstart maken. De afgelopen jaren hebben we streng gestuurd op financiën en bedrijfsvoering. Nu dat op orde is, zijn we in staat om de ontwikkeling in te stappen van het sturen op output naar het sturen op outcome, oftewel op maatschappelijk effect. Een spannend avontuur, waarvan we nu nog niet weten hoe dat er uit gaat zien. We weten wel dat de noodzaak hiertoe zich luid en duidelijk aandient.

Boeien en binden Veel van wat we in deze begroting hebben opgenomen hangt nauw samen met de arbeidsmarkt. Dat die krap is, behoeft geen toelichting. We zullen er alles op inzetten om mensen te boeien en te binden. Ook willen we met andere organisaties samenwerken om gezamenlijk maatschappelijk relevante, boeiende en kennisintensieve loopbanen te ontwikkelen en ons als daarmee te profileren. Kortom: in 2023 komt er veel op ons af. We blijven daarin voortdurend uitgaan van onze kracht: een kennisintensieve uitvoeringsorganisatie zijn voor veiligheid, duurzaamheid en gezondheid. Het Dagelijks Bestuur van de ODRN, Jan van der Meer, Noël Vergunst, Nelson Verheul, Sijmen Versluis

4

2. Inleiding

5

Als Omgevingsdienst Regio Nijmegen werken we voor verschillende gemeenten, twee provincies en voor andere omgevingsdiensten. Met elke opdrachtgever maken we afspraken over wat we gaan doen en welke onderwerpen daarbij prioriteit hebben. Dat leggen we vast in de werkplannen. Soms is maatwerk nodig voor onderwerpen die hoog op de agenda staan. Veel aandacht gaat nu vooral naar de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb).

Invoering Omgevingswet De Omgevingswet wordt zoals het er nu naar uitziet op 1 januari 2023 van kracht. Deze wet zorgt voor veranderingen waarmee we in 2023 voor het eerst echt in de praktijk te maken krijgen. We hebben afspraken gemaakt over de gevolgen voor de bodem- en geluidtaken en deze in de begroting 2023 vertaald. Gemeenten hebben tot en met 2024 de tijd voor hun omgevingsvisie, en tot en met 2029 voor het omgevingsplan. Wij werken daar op hun expert-onderdelen aan mee. Daarvoor is het nodig dat onze medewerkers goed zijn opgeleid en over de jongste inzichten in wet- en regelgeving beschikken.

Invoering Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Tegelijk met de Omgevingswet treedt de Wkb in werking en ook deze wet zorgt voor veel veranderingen. Niet meer de ODRN, maar de initiatiefnemer zorgt voor de bouwtechnische toets en het toezicht tijdens de bouw. Daarvoor in de plaats krijgen we twee andere taken: de toets op de risicobeoordeling en op het dossier van het bevoegd gezag.

Vereenvoudiging bedrijfsvoering In 2022 hebben we de in 2020 gestarte Ontwikkelagenda afgesloten. Het vereenvoudigen van onze bedrijfsvoering was een van de onderdelen. Dit implementeren we vanaf 2023. We gaan werken met een sterk vereenvoudigde producten- en dienstencatalogus (PDC) en gaan over op uniforme uurtarieven. De ontwikkeling houdt niet op. Ons bestuur heeft de intentie uitgesproken om op middellange termijn over te stappen naar een financieringsmethodiek op basis van een abonnementstarief. Hiermee willen we een wezenlijke stap zetten richting het sturen op gemeenschappelijke inhoudelijke thema’s. Deze intentie gaan we in 2023 uitwerken.

Functioneren omgevingsdiensten De afgelopen periode zijn er diverse rapporten verschenen waarin het functioneren van omgevingsdiensten besproken wordt. Daarbij kunt u denken aan het rapport ‘Om de leefomgeving’ van de Commissie Van Aartsen en het artikel 217a-onderzoek van de provincie Gelderland over het Gelders Stelsel. Deze rapporten zullen opvolging krijgen. Op dit moment is nog onduidelijk wat de precieze vorm daarvan wordt, maar zeker is dat we daarmee in 2023 aan de slag gaan.

Steeds blijven verbeteren Een kennisgedreven organisatie als de ODRN is nooit klaar en dient zich elke keer voor te bereiden om de uitdagingen aan te gaan. Bovendien hebben we de ambitie om onze organisatie steeds te blijven verbeteren. We stellen daarom voor een structureel opleidings- en ontwikkelbudget in de begroting vanaf 2023 op te nemen.

6

3. Programma’s

7

Inleiding In dit hoofdstuk leest u achtereenvolgens over de volgende programmaonderdelen en projecten: 

Programma Vergunningverlening

Programma Handhaving en Toezicht

Programma Brzo

Samen Sterk

Programma Advisering

Per programma gaan we in op de volgende vragen: 

Wat doen we voor wie?

Wat willen we bereiken?

Wat gaan we daarvoor doen?

Nieuwe set KPI’s De vraag ‘Wat willen we bereiken?’ beantwoorden we bij elk programma met behulp van kritische prestatie-indicatoren (KPI’s). Deze KPI’s geven een indicatie van onze doelstellingen. Het gaat om een nieuwe set van KPI’s die we afgelopen jaar in overleg met onze opdrachtgevers herijkt hebben. ’Hiermee gaan we sturen. Niet alleen op financiën, maar vooral op maatschappelijk relevante indicatoren. Omdat we deze indicatoren vanaf 2022 gaan monitoren, hebben we nog geen realisatiegegevens over 2021. We merken op dat de mate waarin we de indicatoren kunnen beïnvloeden wisselt. We sterven bijvoorbeeld een bepaald percentage naleefgedrag na, maar we kunnen het gedrag van instellingen maar beperkt beïnvloeden. Als afsluiting van dit hoofdstuk beantwoorden we in paragraaf 3.6 met behulp van de programmabegroting 2023 een vierde vraag, namelijk: ‘Wat mag dat kosten?’

3.1. Programma Vergunningverlening Wat doen we voor wie? Voor de gemeenten Nijmegen, Beuningen, Berg en Dal, Heumen en de Provincie Gelderland verzorgen we over de gehele breedte van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) de vergunningverlening. De activiteiten beslaan de onderdelen BRIKS (bouwen, reclame, inritten, kappen en slopen) en Milieu. De gemeenten Druten en Wijchen hebben uitsluitend de milieutaak aan de ODRN uitbesteed. Daarnaast verlenen we voor de gemeenten Nijmegen en Berg en Dal nog enkele speciale vergunningen: bouwobjecten, woningonttrekking en leegstandsvergunning. Verder nemen we voor de gemeente Nijmegen besluiten in het kader van de Regeling vervoer over land van gevaarlijke stoffen bijzondere toestemming voor het laden en lossen van consumentenvuurwerk.

8

Verder leveren we het integrale milieu-advies voor de omgevingsvergunningen voor de zogeheten complexe gemeentelijke bedrijven buiten onze eigen regio, in de hele provincie Gelderland. Een bijzondere wettelijke taak hebben we als een van de zes landelijke Brzo-omgevingsdiensten voor de Brzo- en Rie-4-bedrijven. We zijn verantwoordelijk voor het volledige VTH-pakket van Brzo-inrichtingen voor de provincies Gelderland en Overijssel. Tot slot adviseren we bij de handhaving op de bouw bij provinciale inrichtingen.

Wat willen we bereiken?

We zorgen ervoor dat de vergunningsaanvragen binnen de daarvoor afgesproken termijn worden afgehandeld.

We voorkomen dat een vergunning van rechtswege wordt verleend doordat een aanvraag niet binnen de afgesproken termijn is afgehandeld.

We zorgen ervoor dat de vergunningen kwalitatief goed zijn om in een eventuele bezwaar- en beroepsprocedure overeind te blijven.

We leveren op verzoek van onze opdrachtgevers binnen de afgesproken tijd kwalitatief goede adviezen op milieuaspecten.

Indicatoren KPI

Doel %

Proces

% tijdigheid, vergunningen regulier – Milieu

90%

Vergunningen

% tijdigheid, vergunningen uitgebreid – Milieu

90%

Vergunningen

% tijdigheid, vergunningen regulier – BRIKS

98%

Vergunningen

% tijdigheid, vergunningen uitgebreid – BRIKS

90%

Vergunningen

% actueel, vergunningen – Milieu

80%

Vergunningen

% tijdigheid meldingen (belang partners) – Milieu

90%

Vergunningen

% tijdigheid meldingen (belang partners) – BRIKS

90%

Vergunningen

Voor de bedrijven met het bevoegd gezag provincie Gelderland hebben we aanvullend specifieke indicatoren afgesproken in het programma Complexe Vergunningverlening. Daarvoor verwijzen we u naar paragraaf 3.3.

Wat gaan we daarvoor doen? We gaan samen met onze opdrachtgevers een inschatting maken van het toekomstige aantal vergunningen en adviezen. Dat doen we op basis van trends, ervaring en kennis van ontwikkelingen bij onze opdrachtgevers. De inschatting leggen we vast in een werkplan. Op basis hiervan zorgen we voor voldoende en goed personeel, zodat we volgens de indicatoren kunnen werken. De daadwerkelijke hoeveelheid vergunningen die we leveren is uiteraard afhankelijk van de vraag naar vergunningen van burgers en bedrijven en anderen. We behandelen en verlenen niet alleen omgevingsvergunningen. We adviseren ook op verschillende onderdelen, zoals bodem, lucht & geur, geluid, externe veiligheid en

9

bijdragen aan bestemmingsplanparagrafen. We zorgen ervoor dat zowel de vergunningverlening als de advisering wordt uitgevoerd door medewerkers die voldoen aan de geldende kwaliteitseisen Voor de uitvoering van de complexe vergunningverlening milieu werken we samen met de zes andere omgevingsdiensten in Gelderland. De werkwijze is in hoofdlijn dat de ODRN de (deel) vergunning opstelt en deze als een advies aan de andere omgevingsdienst geeft. Deze dienst (of één van zijn partners) heeft het mandaat om de omgevingsvergunning namens het bevoegd gezag te tekenen en te verzenden. We verwachten dat de invoering van de Omgevingswet invloed heeft op het aantal, het proces en de inhoud van vergunningaanvragen. Voor bouwen kunnen vergunningplichtige activiteiten Bouwbesluittoetsvrij of zelfs vergunningsvrij worden. We hebben geprobeerd de precieze gevolgen zo goed mogelijk in te schatten. Daarvoor krijgt u een beeld in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing in deze begroting. Daarnaast wordt naar verwachting de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen ingevoerd. De gevolgen hiervan zijn beperkter dan van de invoering van de Omgevingswet.

3.2. Programma Handhaving en Toezicht Wat doen we voor wie? Voor alle partners stellen we een jaarlijks uitvoeringsprogramma op. Daarin staan zowel bedrijven die we controleren als de projecten die we uitvoeren. Alle bedrijven zijn ingedeeld in categorieën, die oplopen in complexiteit: van A1 tot en met D4/5. Daarnaast voeren we voor de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Heumen, Nijmegen en de provincie Gelderland en Overijssel de BRIKS-controles uit.

Wat willen we bereiken? 

We voeren het werkplan uit zoals we dat afgesproken hebben.

We verbeteren het naleefgedrag door goed en slagvaardig te werken.

We nemen gemelde milieu- en bouwklachten snel en adequaat in behandeling.

10

Indicatoren KPI

Doel %

Proces

% tijdigheid afhandelen klachten (vanuit beginset) – Milieu

80%

Toezicht

% tijdigheid afhandelen klachten (vanuit beginset) – BRIKS

80%

Toezicht

% volledige naleving na 1e controle (naleefgedrag) – Milieu

60%

Toezicht

% volledige naleving na 1e controle (naleefgedrag) – BRIKS

60%

Toezicht

% hercontroles < 3 weken – Milieu

75%

Toezicht

% hercontroles < 3 weken – BRIKS

75%

Toezicht

% van geplande bezoeken afgezet tegen werkelijk

90%

Toezicht

90%

Toezicht

85%

Handhaving

85%

Handhaving

uitgevoerd (HUP) % van geplande bezoeken afgezet tegen werkelijk uitgevoerd – BRIKS % van herstelde overtredingen na opgelegd handhavingsbesluit – Milieu % van herstelde overtredingen na opgelegd handhavingsbesluit – BRIKS

Wat gaan we daarvoor doen? We werken informatie- en risicogestuurd. We bepalen aan de hand van een inschatting van de risico’s hoe vaak en intensief we milieu- en bouwinspecties uitvoeren. Als we daar aanleiding toe zien, houden we ook steekproefsgewijs of themagericht toezicht. Bij overtredingen gebruiken we de bestuursrechtelijke instrumenten om de overtreding te stoppen. Bij de bestuursrechtelijke en strafrechtelijke aanpak is de Landelijke Handhavingsstrategie (LHS) leidend. Medewerkers zullen ook in 2023 opleidingen volgen om te kunnen blijven voldoen aan de landelijk vastgestelde kwaliteitscriteria voor toezicht en handhaving. Toezicht & Handhaving Milieu We zetten de beschikbare milieuhandhavingscapaciteit in voor het uitvoeren van reguliere milieucontroles en de afhandeling van milieuklachten, handhavingsverzoeken en het nemen van handhavingsbesluiten. Daarnaast zetten we capaciteit in voor projecten. Dit gaat om zowel regionale als provinciale projecten binnen het stelsel van de zeven Gelderse omgevingsdiensten. Binnen het stelsel leveren we een bijdrage aan de uitvoering van het gezamenlijke Jaarprogramma Ketentoezicht. Hierin worden de afvalstromen benoemd die bij ketentoezicht aandacht zullen krijgen. Daarnaast zijn er nog enkele belangrijke regionale projecten, zoals de Vierdaagseweek en controles gericht op energiebesparende maatregelen.

Een belangrijk speerpunt is de aanpak van ondermijnende criminaliteit. We werken daarbij projectmatig samen met andere ketenpartners. Hierbij zetten we zowel milieuals bouwinspecteurs in.

11

Toezicht & Handhaving BRIKS In 2023 voeren we risicogerichte BRIKS-inspecties uit waarbij we rekening houden met het beleid, waaronder risicogestuurd toezicht. Daarnaast behandelen we bouwklachten en handhavingsverzoeken. Dit voeren we uit voor de opdrachtgevers die de bouwtaken bij ons belegd hebben. Met individuele opdrachtgevers hebben we afspraken gemaakt over de uitvoering van een specifieke opdrachten, zoals bijvoorbeeld ‘energielabel C bij kantoorgebouwen’. Ook houden we toezicht op illegale (ver)bouw, op voorschriften die gaan over het slopen van een bouwwerk en op het plaatsen van reclame. Tot slot voeren we voor alle opdrachtgevers de asbesttaken uit en de afhandeling van meldingen, toezicht en indien nodig de daaropvolgende handhaving.

3.3. Programma Brzo Wat doen we voor wie? Wij zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van alle VTH-werkzaamheden voor de majeure risicobedrijven in de provincies Gelderland en Overijssel: landsdeel Oost. Het gaat om bedrijven die vallen onder het Besluit Risico’s Zware Ongevallen (Brzo) en om bedrijven die vallen onder categorie 4 van Bijlage 1 van de Richtlijn Industriële Emissies (RIE4).1 Het gaat om in totaal 60 bedrijven, waarvan 44 bedrijven in Gelderland en 16 in Overijssel.

Wat willen we bereiken? De interprovinciale bestuurlijke adviescommissie Milieu, Toezicht en Handhaving (IPO BAC MTH) stelt jaarlijks het Uitvoeringsprogramma Brzo vast. Dit programma maakt deel uit van de meerjarenagenda (MJA) Brzo 2020 - 2023. Met de MJA hebben de provincies aangegeven dat zij, samen met de zes Brzo-omgevingsdiensten, werken aan een excellente uitvoering van de VTH-taken bij Brzo- en RIE4-bedrijven en een gezamenlijk landelijk speelveld willen ontwikkelen. De samenwerking tussen de zes Brzo-OD’s heeft dan ook als doel te werken alsof zij één dienst zijn in een excellente uitvoering van onze werkzaamheden. In het landelijke programma worden projecten uitgevoerd die de taakuitvoering bij de Brzo-OD’s optimaliseren. Voor de integrale uitvoering wordt met Brzo-partners een Brzo+ programma uitgevoerd. In het Bestuurlijk Omgevingsberaad (Bob) is een gezamenlijk meerjarenvoorstel 2021 2024 vastgesteld voor de versterking van omgevingsveiligheid in clusters. Hierin is onder Cluster 1 Brzo+ ondergebracht. De ambitie van het Brzo+ samenwerkingsverband is om de veilige operatie van risicovolle bedrijven en installaties op een hoger niveau te brengen vanuit de invalshoeken veiligheid, gezondheid en milieu.

1. De uitvoering van de VTH-werkzaamheden voor Brzo-bedrijven is in Nederland belegd bij zes Brzo-OD’s, waaronder de ODRN. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt het begrip Brzo-bedrijf vervangen door Seveso-inrichting.

12

Indicatoren KPI

Doel %

Proces

% werkelijk uitgevoerd afgezet tegen de geplande Brzo-controles

100%

Gelderland – Extra Brzo

% werkelijk uitgevoerd afgezet tegen de geplande Wabo-controles

100%

Gelderland – Extra Brzo

% hercontroles < 3 weken Wabo Brzo- en RIE4-bedrijven

100%

Gelderland – Extra Brzo

% hercontroles < 3 weken Brzo-controles

100%

Gelderland – Extra Brzo

% handhavingscontroles/traject (dwangsom) < 3 weken na

75%

Gelderland – Toezicht en

bij Brzo- en RIE4-bedrijven

begunstigingstermijn % van de klachten waarbij de veroorzaker bekend is wordt < 6

Handhaving 95%

maanden opgelost: alleen in groeiscenario % van de Brzo-inspectierapportages dat binnen 8 weken na het

Gelderland – Toezicht en Handhaving

80%

Gelderland – Extra Brzo

75%

Gelderland – Extra Brzo

70%

Gelderland – Extra Brzo

controlebezoek aan de inrichtinghouder is verzonden % volledige naleving bedrijven gemiddelde en lage prioriteit (naleefgedrag) % volledige naleving bedrijven zeer hoge en hoge prioriteit (naleefgedrag)

Wat gaan we daarvoor doen? 1. We gaan op drie niveaus met onze Brzo-activiteiten aan de slag: 2. We voeren de VTH-taken uit bij Brzo-bedrijven in de regio Oost-Nederland: Wabo-vergunningverlening en zowel Wabo- als Brzo-toezicht & handhaving. 3. We dragen bij aan de uitvoering van twee landelijke ontwikkelprogramma’s: Brzo6-OD’s en Brzo+. Dit doen we door het leveren van landelijke projectleiders en de inbreng van specialistische kennis op het gebied van externe veiligheid, lucht & geur, geluid, bodem, afval en water. We zorgen via een programma Brzo Oost voor: • implementatie van de landelijk vastgestelde projectresultaten binnen de ODRN. • regionale afstemming en samenwerking met ketenpartners RWS, waterschappen, Veiligheidsregio’s, SZW, ILT en OM. • Brzo-medewerkers die gekwalificeerd en gecertificeerd zijn via een hoogwaardig landelijk opleidingsprogramma. • actieve communicatie en kennisdeling over Brzo-activiteiten. • aansturing van de genoemde activiteiten via programmamanagement

Wat mag dat kosten? Het landelijk programma dat met de 6 Brzo-OD’s wordt uitgevoerd maakt deel uit van de MJA Brzo 2020 - 2023. De financiering hiervan is vastgesteld in het Interprovinciale overleg. We voeren de optimalisatie van de integrale uitvoering met Brzo-partners uit in een Brzo+ programma. Het Bestuurlijk Omgevingsberaad heeft een meerjarenvoorstel

13

2021 - 2024 vastgesteld en daarin is onder Cluster 1 Brzo+ ondergebracht. Het Ministerie van Infrastructuur & Waterstaat financiert de bijdrage van de Brzo-OD’s aan het Brzo+ programma. De opdrachtgevers provincie Gelderland (60%) en provincie Overijssel (40%) hebben via een gedeeld budget in het werkplan een implementatieprogramma Brzo Oost met ons afgesproken.

3.4. Samen Sterk Wat doen we voor wie? In 2020 is het programma ‘Samen Sterk’ gestart. Het heeft de vorm van een programma, omdat gestuurd wordt op doelen en samenhang en omdat het een langjarige werking heeft. Het programma richt zich op een verbetering van de bestaande samenwerking op VTH-gebied tussen de uitvoerende partijen Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA), ODRN en de afdeling Vergunningverlening en Handhaving (VVHH) van de provincie Gelderland, maar ook voor de samenwerking tussen de provincie Gelderland als opdrachtgever en de drie uitvoerende partijen als opdrachtnemer. Aanleiding voor de start van het programma was de constatering dat de basis niet op orde is. Een achterstand in actualiteit en vergunningverlening bij Wabo en Wnb, toezicht en handhaving wordt niet altijd conform nalevingsstrategie (LHS) uitgevoerd en aandachtsbedrijven die veel tijd en energie vragen. De doelen van Samen Sterk zijn: Een veilige leefomgeving en een betrouwbare overheid. Vervolgens het effectief en efficiënt uitvoeren van het werk. In het plan van aanpak Samen Sterk zijn een aantal programma’s opgenomen: 

Brede samenwerking – Regie vanuit de ODRN

Complexe vergunningverlening – Uitvoering bij de ODRN

Aandachtsbedrijven – Regie vanuit ODRA, bijdrage van de ODRN

Complexe handhaving – Regie vanuit de ODRA, bijdrage van de ODRN

We lichten deze vier programma’s nu kort toe.

3.4.1 Brede samenwerking Wat willen we bereiken? Een solide basis onder het duurzaam beter samenwerken. Het doel is om onze attitude te veranderen en onze competenties te ontwikkelen. De inhoudelijke programma’s resulteren in ‘opgeleverde vergunningen’, een verbetering van advieskwaliteit en bestuurlijke sensitiviteit en minder bestuurlijke zorgen over aandachtsbedrijven. De impuls die we in 2022 hier aan hebben kunnen geven was beperkt, vanwege het ontbreken van middelen. Het werkplan 2023 voorziet in een voorstel om in 2023 hier wel op in te zetten.

14

Wat gaan we daarvoor doen? Om beter te worden in de gewenste competenties willen we onze medewerkers op verschillende manieren nieuwe kennis en ervaring laten opdoen via: trainingen, intervisie, bij elkaar in de keuken kijken en door casuïstiek. De programma’s bieden ons namelijk praktijkvoorbeelden waarin geoefend kan worden met de benodigde competenties.

3.4.2 Complexe vergunningverlening Wat willen we bereiken? Dit programma is ingevoerd om meer focus en sturing aan te brengen op de Wabo- en Wnb-vergunningverlening bij bedrijven onder bevoegd gezag van de provincie Gelderland. De focus ligt op adequate vergunningverlening. Daarmee bedoelen we vergunningen die tot stand zijn gekomen in één werkproces met een integrale beoordeling en waarin de actuele wet- en regelgeving is verwerkt. Tegelijk is de opgave om met deze aanpak ook om de huidige achterstanden weg te werken. Het programma moet zorgen voor een verbeter- en inhaalslag bij de Wabo- en Wnbvergunningverlening. Daarom willen we in 2023 de programmadoelen in onderstaande tabel hebben bereikt. De samenwerking en afstemming die vorm heeft gekregen tussen de uitvoerende organisaties: ODRA, ODRN en de afdeling VVHH van de provincie Gelderland willen we in 2023 voortzetten en versterken. We hebben de basis op orde en zijn in control. Dit betekent dat we continu inzicht hebben in de werkzaamheden, voortgang en resultaten en ook dat we in staat zijn om zo nodig maatregelen voor extra sturing te signaleren en door te voeren. We wegen de voor- en nadelen af en als dat nodig is leggen we dit bestuurlijk voor.

Indicatoren KPI

Doel %

Proces

% actualiteit Wabo in beeld

100%

Gelderland – Vergunningen

90%

Gelderland – Vergunningen

81 %

Gelderland – Vergunningen

72 %

Gelderland – Vergunningen

70 %

Gelderland - Vergunningen

% actuele Wabo vergunningen voor BRZO/RIE4 bedrijven % actuele Wabo vergunningen voor bedrijven met risicocategorie zeer hoog % actuele Wabo vergunningen voor bedrijven met risicocategorie hoog – gemiddeld - laag % Actuele Wnb vergunning/toestemming

Wat gaan we daarvoor doen? De werkzaamheden hebben een integrale aanpak die gericht zijn op actuele vergunningen. Daarvoor gaan we het volgende doen: 1. We implementeren de werkwijze ‘bedrijf centraal’, waarbij niet de aanvraag maar de gehele vergunningsituatie bij een bedrijf centraal staat.

15

2. We vergunnen en programmeren toekomstbestendig, door vergunningen periodiek en volgens het VTH-beleid op actualiteit te beoordelen en prioriteiten te stellen voor procedures. 3. We verstevigen de samenwerking bij de samenloop van Wnb-Wabo-procedures.

3.4.3 Aandachtsbedrijven In 2020 is de provincie Gelderland samen met de ODRA en ODRN gestart met het programma Aandachtsbedrijven. Dit zijn bedrijven met een meervoudige complexe problematiek, die niet binnen de reguliere uitvoering van VTH-taken kan worden opgelost. Vaak gaat het om een combinatie van omgevingsveiligheid, ruimtelijke problematiek en een actieve omgeving. Op het totaal van zo’n 200 provinciale bedrijven gaat het om een beperkt aantal van zo’n 20 aandachtsbedrijven. We pakken de problemen op door projectgroepen te vormen met de verschillende betrokken uitvoerders en specialisten van de ODRA, de provincie Gelderland en ODRN. De uitgangspunten zijn: 

We zorgen voor een jaarlijkse programmatische aanpak, met voor elk aandachtsbedrijf een projectmatige aanpak met een eenduidig doel. De aanpak is erop gericht voorkombare problematiek en bestuurlijke zorgen uit te sluiten.

We doen voor elk aandachtsbedrijf een omgevingsscan. Hierbij geven we specifiek aandacht aan de verbinding met lokaal bestuur.

We zorgen ervoor dat voor elk aandachtsbedrijf de stand van zaken bij het projectdoel op elk moment inzichtelijk is.

Het overkoepelende doel van het programma Aandachtsbedrijven is om te komen tot uniformering en verduidelijking van de aanpak van deze bedrijven. Op die manier kunnen we sneller reageren en is het beter mogelijk om ervaringen te delen en de aanpak verder te professionaliseren.

3.4.4 Complexe handhaving ODRN levert toezichthouders milieu aan de pool van het programma voor uitvoering toezicht bij complexe bedrijven.

3.5. Programma Advisering Wat doen we voor wie? We verzorgen voor diverse opdrachtgevers de juridische advisering en de rechtsbescherming op het gebied van het omgevingsrecht. We zorgen ervoor dat het beleid van de opdrachtgevers juridisch goed onderbouwd is. Daardoor hebben besluiten, die opdrachtnemers op grond van dat beleid nemen, een goede juridische basis en kunnen we deze goed verdedigen in bezwaar- en beroepsprocedures. We handelen inkomende Wob-verzoeken af en bereiden ons voor op nieuwe wetgeving. Dit doen we samen met

16

onze opdrachtgevers. Tot slot informeren we desgevraagd inwoners en bedrijven over het omgevingsrecht.

Wat willen we bereiken? We willen bijdragen aan een veilige leefomgeving. De advisering is erop gericht om inwoners gericht te helpen en een interne bijdrage te leveren aan kwalitatief goede besluiten, eventuele knelpunten in de uitvoering tegen te gaan of daarvoor een oplossing aan te dragen. Soms zitten er juridische onduidelijkheden in de regelgeving en het beleid. Wij melden dit aan de opdrachtgevers en doen voorstellen voor verbetering. Door veranderingen in de wetgeving en jurisprudentie moet beleid soms worden aangepast. Ook daarover denken we met de opdrachtgevers mee.

Indicatoren KPI % beschikkingen dat overeind blijft in juridische procedures -

Doel %

Proces

90%

Advies

90%

Advies

90%

Advies

90%

Advies

Bezwaar – Milieu % beschikkingen dat overeind blijft in juridische procedures Bezwaar – BRIKS % beschikkingen dat overeind blijft in juridische procedures (Hoger) Beroep – Milieu % beschikkingen dat overeind blijft in juridische procedures (Hoger) Beroep – BRIKS Klanttevredenheid over activiteit en deelaspect (uitgedrukt in cijfer van 1-10) of ontevreden, tevreden en zeer tevreden

Cijfer 7 of

Dienstverlening

80%

Wat gaan we daarvoor doen? Voor de advisering zorgen we voor voldoende kwalitatief personeel. We verwerken de ontwikkelingen op juridisch gebied in onze adviezen, zowel qua wetgeving als jurisprudentie. Ook zorgen we ervoor dat we in rechtsbeschermingsprocedures goed beslagen ten ijs komen. We informeren onze opdrachtgevers en collega’s actief vanuit onze rol over de gevolgen voor de uitvoering van veranderende wet- en regelgeving op het terrein van het omgevingsrecht, zoals de Omgevingswet, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen, de Wet open overheid en de Wet elektronische publicaties.

Openbare bekendmakingen De Wet elektronische publicaties (de Wep) heeft als doel om burgers digitaal te informeren over besluiten die impact hebben op hun leefomgeving. Deze wet, die op 1 januari 2023 ingaat, verplicht bestuursorganen (bijvoorbeeld gemeenten en provincies) om officiële publicaties online te zetten op de website officielebekendmakingen.nl. Daarop kunnen burgers alle algemene bekendmakingen, mededelingen en kennisgevingen van de overheid raadplegen. Burgers kunnen zo tijdig hun recht van inspraak uitoefenen. Wij zijn volop bezig met de implementatie van deze wet. De wet verplicht om naast beschikkingen, zoals verleende vergunningen, ook de bijhorende stukken van de uitgebreide procedures te anonimiseren en publiceren. Onder uitgebreide procedures vallen vooral milieuvergunningen. Met de publicatie spelen we in op de behoefte van Nijmeegse burgers om informatie te kunnen inzien over milieuvervuiling door bedrijven.

17

De Wet Open Overheid (Woo), de opvolger van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), treedt op 1 mei 2022 in werking. Deze wet regelt dat overheden uit zichzelf (in principe alle) documenten openbaar moeten maken. Dit gaat verder dan de openbaarmakingsverplichtingen uit de WEP. De actieve openbaarmakingsplicht van de Woo betekent dat het bestuursorgaan de (inspannings)plicht heeft om actief, dus zonder dat iemand daarom vraagt, documenten openbaar te maken. Dat wil zeggen, elektronisch beschikbaar te stellen en te houden zodat iedereen ze kan inzien en downloaden. Wij zijn inspanningsplichtig en zijn volop bezig met de implementatie van deze wet. Zo zullen we onder meer beschikkingen2 zoals verleende vergunningen, handhavingsbesluiten, beslissingen op bezwaar en Wob-besluiten (art. 3.3 Woo) openbaar maken.

Ontwikkeling en opleiding We zijn in 2020 met het Ontwikkelprogramma en dat gaan we in 2022 afronden. Daarmee is onze ontwikkelopgave niet beëindigd. Een organisatie als de onze kan het nooit zonder ontwikkeling of innovatie doen. We moeten blijven vernieuwen, vanuit onze kracht en onze toegevoegde waarde. Er komen allerlei ontwikkelingen op ons af: onder andere vanuit de Commissie VTH, diverse governance-onderzoeken en maatschappelijke opgaven. Het gaat in veel gevallen om ontwikkelingen die nog ongewis zijn, maar waarin van ons wel een standpunt en stellingname wordt verwacht. Dat betekent voor nu dat we voorstellen om een nieuw ontwikkelpad voor te bereiden. Dat pad moet gestoeld zijn op onze identiteit en onze visie: we zijn een kennisgedreven uitvoeringsorganisatie en zijn bevlogen om in het VTH-domein het allerbeste te leveren voor een leefbare, veilige, gezonde en duurzame omgeving. We zien ook ontwikkelpunten binnen onze organisatie, bijvoorbeeld op het gebied van advieskwaliteit en bestuurlijke sensitiviteit. Daar willen we aan blijven werken. Tegelijkertijd hebben we te maken met een lastige arbeidsmarkt. We stellen voor vanaf 2023 jaarlijks € 3 ton extra te reserveren voor ontwikkeling en opleiding. Samen met het al in de begroting opgenomen budget voor opleiding van jaarlijks € 3 ton, reserveren we dan jaarlijks € 6 ton hiervoor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=11b33c16-9f28-42e6-ace2-dcde89996eb1