Bijlagen bij de toelichting Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
Tekst van het document
bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o. Bijlagen bij de toelichting
Versie: vastgesteld
Colofon bestemmingsplan
Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o. IDN: NL.IMRO.0268.BP33000-VG01
Gemeente Nijmegen
Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl
Bijlagen bij de toelichting
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
3
4
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Quickscan flora en fauna
6
Bijlage 2
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen
19
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
5
Bijlage 1 Quickscan flora en fauna
6
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
NOTITIE
Gemeente Nijmegen t.a.v. mevr. T. Martens Postbus 9105 6500 HG Nijmegen DATUM:
15 juni 2021
ONS KENMERK:
20-0869/20.10541/GerHo
UW KENMERK:
VPL 292042
AUTEUR:
G. Hoefsloot
PROJECTLEIDER:
G. Hoefsloot
STATUS:
versie 1
CONTROLE:
J. Daamen
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen De gemeente Nijmegen gaat het bestemmingsplan van het bestaande bedrijventerrein De Grift actualiseren. Bureau Waardenburg heeft op basis van de begrenzing van het huidige bestemmingsplan en een oriënterend veld- en bronnenonderzoek de effecten van deze ingreep beoordeeld in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb).
Conclusie Een overzicht van de functie van het plangebied en eventuele effecten op beschermde soorten is weergegeven in onderstaande tabel. De beoordeling gaat alleen over het plangebied behorend bij de actualisatie van het bestemmingsplan van het bestaande bedrijventerrein. Het nieuwe bestemmingsplan voor uitbreiding bedrijventerrein en de aanpassing van afslag 38 nabij De Grift zijn in andere notities getoetst.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 1
Tabel 1
Wnb beoordeling beschermde bedrijventerrein De Grift Nijmegen.
Soortgroep
Soort en functie
soorten
actualisatie
bestemmingsplan
Risico op
Overtreding
Ontheffing
Nader
negatieve
Wnb
Wnb
onderzoek /
nodig
maatregelen
effecten Planten
geen
nvt
nvt
nvt
nvt
Ongewervelden
Leefgebied
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
teunisbloempijlstaart in deelgebied oost Vissen
Leefgebied grote modderkruiper
Amfibieën
Leefgebied poelkikker
Reptielen
geen
nvt
nvt
nvt
nvt
Grondgebonden
Leefgebied kleine
nee
nee
nee
nee
zoogdieren
marterachtigen en
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
nee
steenmarter Vleermuizen
Verblijfplaatsen en vliegroutes verschillende soorten
Vogels
Broedbiotoop roek,
(jaarrond
buizerd, boomvalk,
beschermd)
sperwer, ransuil, huismus
De actualisatie van het bestemmingsplan betekent dat de huidige bestemmingen gehandhaafd blijven. De actualisatie van het bestemmingsplan heeft geen negatieve gevolgen voor aanwezige beschermde natuurwaarden. De natuurwetgeving staat de uitvoerbaarheid van het plan binnen de planperiode niet in de weg.
Toelichting Plangebied De begrenzing van het plangebied is aangegeven met rode lijn in figuur 1. De twee deelgebieden liggen geheel binnen de gemeente Nijmegen. Enkele bijzonderheden per deelgebied: Oost van de Griftdijk (grootste gebied): - watergang en watervoerende slootjes, grote akkerpercelen, ruig grasland, bosjes, solitaire bomen, boomgaardjes; - verschillende woonhuizen en bedrijven;
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 2
-
-
de grens van het plangebied is de greppel westelijk van het spoor Arnhem-Nijmegen, het spoor en de greppel met groenstrook maken geen deel uit van het plangebied. West: een rij zomereiken met schapenweides en watergang aan de westzijde van het deelgebied; een huisjespark met een dichte haag eromheen aan de zuidzijde van het bedrijventerrein De Rietgraaf; tankstation met wasstraat.
Figuur 1
Begrenzing (in rood) van de twee percelen van het te actualiseren bestemmingsplan bedrijventerrein De Grift x. Kaart aangeleverd door gemeente Nijmegen.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 3
Figuur 2
Westzijde van bedrijventerrein Rietgraaf. Een schapenweide en rij zomereiken langs een watergang.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 4
Figuur 3
Oostzijde van deelgebied oost met bosjes en woningen, de groenstrook langs het spoor Arnhem-Nijmegen is een noord-zuid corridor in Nijmegen-noord voor flora en fauna.
Voorgenomen ingreep Informatie over de voorgenomen ingreep is aangeleverd door de gemeente Nijmegen. De actualisatie betreft een conserverend bestemmingsplan. De huidige bestemmingen en het gebruik blijft ongewijzigd. Wettelijk kader Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de soortenbescherming zoals opgenomen in de Wnb. Bij toepassing van de Wnb worden drie beschermingsregimes onderscheiden: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn, Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn en Beschermingsregime andere soorten. Voor een aantal landelijk algemeen voorkomende soorten amfibieën en grondgebonden zoogdieren van het Beschermingsregime andere soorten heeft de provincie een vrijstelling van verbodsbepalingen verleend voor werkzaamheden in het kader van ruimtelijke ontwikkeling en inrichting. Het SMP-N is van toepassing op het plangebied (Martens & Krijt, 2019). Dit soortenmanagementplan voorziet in inrichtings- en beheermaatregelen waardoor een duurzame instandhouding van de beschermde soorten steenuil, ransuil, kerkuil, buizerd, roek, rugstreeppad, poelkikker, grote modderkruiper, wezel, hermelijn en bunzing is geborgd. Er geldt daarom een vrijstelling voor deze acht soorten. Voor andere beschermde soorten geldt geen vrijstelling en kan een ontheffing nodig zijn als de werkzaamheden leiden tot overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 5
Natura 2000-gebieden Het plangebied maakt geen deel uit van een Natura 2000-gebied en ligt hemelsbreed op ruim 2 kilometer afstand van het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied Rijntakken. Het geactualiseerde bestemmingsplan zorgt niet voor aantasting van relevante soorten en begroeiingen in Natura 2000-gebieden, omdat het huidig gebruik van het plangebied gehandhaafd blijft. Significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden zijn uitgesloten. Een beoordeling van effecten van stikstofdepositie op beschermde gebieden maakt geen onderdeel uit van dit rapport. Natuurnetwerk Nederland Het plangebied maakt geen onderdeel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN; in Gelderland bestaande uit het Gelders Natuurnetwerk en Groene Ontwikkelingszones). Het geactualiseerde bestemmingsplan veroorzaakt geen effecten op het NNN. Houtopstanden Er worden geen bomen gekapt. Effecten op houtopstanden zijn uitgesloten. Methodiek onderzoek Voorliggende toetsing in het kader van de Wnb is opgesteld op basis van een eenmalig veldbezoek en de huidige ter beschikking staande kennis en inschattingen van deskundigen. Effecten zijn bepaald en beoordeeld op basis van de mogelijke functie van het plangebied voor beschermde soorten en de voorgenomen ingreep. Het uitgangspunt is dat in het geactualiseerde bestemmingsplan het huidig gebruik van het plangebied behouden blijft.
Voor een actueel overzicht van beschermde soorten die in de regio voorkomen is het Stappenplan Wet natuurbescherming gemeente Nijmegen (Bureau Waardenburg, 2019) geraadpleegd. Hierin is een overzicht opgenomen van beschermde soorten van de Wnb die in de gemeente voorkomen met hun verspreiding. De gegevens zijn afgeleid van gegevens uit de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF) uit de periode 2014-2019. Daarnaast is voor voorliggend onderzoek de NDFF geraadpleegd voor de meest actuele gegevens. Hierbij is uitgegaan van een zoekgebied met een straal van ca. 200 meter om het plangebied. Het plangebied bestaande uit twee deelgebieden is op 19 november 2020 door een ecoloog bezocht. Vanaf de openbare weg zijn de deelgebieden geïnspecteerd op geschikte groeiplaatsen voor beschermde soorten planten en leefgebied en verblijfplaatsen van fauna. Met een verrekijker zijn landschapselementen zoals bomen, bosjes en wateren geïnspecteerd op verblijf- en nestplaatsen voor vleermuizen, eekhoorns en vogels. De boomkronen waren goed te inspecteren op holen en nesten omdat de bomen al veel blad hadden verloren. Tijdens de inspectie is zoveel mogelijk concrete informatie verzameld met betrekking tot de aan- of afwezigheid van beschermde soorten (sporenonderzoek naar o.a. prooiresten, prenten en uitwerpselen).
Op basis van locatiekenmerken en expert judgement is beoordeeld of het plangebied geschikt is voor de in de regio voorkomende beschermde soorten.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 6
Functie van het plangebied voor beschermde soorten Voor de soortgroep reptielen heeft het plangebied geen functie omdat er in de omgeving geen soorten reptielen voorkomen en daarnaast geen geschikt leefgebied aanwezig is voor de reptielensoorten die in de gemeente voorkomen. De soortgroep reptielen wordt niet verder behandeld in deze notitie. Het plangebied is beoordeeld op betekenis voor beschermde soorten planten, ongewervelden, vissen, amfibieën, grondgebonden zoogdieren, vleermuizen en vogels. Planten Uit het plangebied en directe omgeving zijn geen waarnemingen bekend van beschermde plantensoorten. Op grond van verspreidingsgegevens en het veldonderzoek wordt geconcludeerd dat het plangebied géén functie heeft voor beschermde plantensoorten. Ongewervelden In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van de teunisbloempijlstaart, een nachtvlinder van Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (NDFF). Waardplanten voor deze soort zijn o.a. teunisbloem, harig wilgenroosje, basterdwederik en grote kattenstaart. Geschikte groeiplaatsen voor deze planten zijn in deelgebied oost op diverse plaatsen aanwezig in het plangebied o.a. langs watergangen en in greppels. Het is niet bekend of deelgebied oost een functie heeft voor de teunisbloempijlstaart. Het plangebied heeft géén functie voor andere soorten beschermde ongewervelden.
Vissen In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van de grote modderkuiper (Beschermingsregime andere soorten). In de watergangen direct aan de westzijde en zuidzijde van bedrijf Barenbrug is in 2017 een grote modderkruiper gevangen (Hoefsloot, 2017). De watergangen in de beide deelgebieden zijn geschikt leefgebied voor deze soort en kunnen een functie hebben als migratiegebied én als jaarrond functioneel leefgebied. Waarnemingen van andere soorten beschermde vissen uit het plangebied en omgeving zijn niet bekend en het ontbreekt aan geschikt leefgebied voor andere beschermde vissoorten. Andere beschermde soorten vissen komen in het plangebied niet voor. Amfibieën In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen gedaan van diverse soorten beschermde amfibieën: bruine kikker, bastaard kikker, gewone pad en kleine watersalamander (Beschermingsregime andere soorten). De watergangen en de oevers in de twee deelgebieden zijn geschikt leefgebied voor deze soorten. Voor deze soorten geldt een vrijstelling bij ruimtelijke ingrepen. In de watergang direct aan de westzijde van bedrijf Barenbrug is in 2017 een poelkikker gevangen (Hoefsloot, 2017; Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn). De watergangen en oevers in de twee deelgebieden zijn voor deze soort geschikt leefgebied (voortplantingswater en landbiotoop).
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 7
Waarnemingen van andere soorten beschermde amfibieën uit het plangebied en omgeving zijn niet bekend. Het plangebied heeft geen functie voor andere beschermde soorten amfibieën. Grondgebonden zoogdieren In de omgeving zijn waarnemingen bekend van de beschermde soorten bunzing, egel, haas en konijn (NDFF; Beschermingsregime andere soorten). Andere soorten van dit beschermingsregime die het plangebied kunnen gebruiken als leefgebied zijn wezel, hermelijn, steenmarter, vos, woelrat en verschillende soorten muizen. Voor de steenmarter geldt in de provincie geen vrijstelling van verbodsbepalingen Wnb. Voor de kleine marterachtigen (wezel, hermelijn en bunzing) heeft de gemeente Nijmegen een ontheffing in de Waalsprong via een soortenmanagementplan (Martens & Krijt, 2019). Voor de overige soorten geldt een vrijstelling in de provincie. Soorten van het Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn komen in het plangebied niet voor. De twee deelgebieden hebben geschikt leefgebied voor kleine marterachtigen en steenmarter. In deelgebied oost zijn o.a. bosjes, ruig begroeide greppels en de erven van de woningen geschikt leefgebied met verblijfplaatsen (figuur 3 en 4). In deelgebied west is er leefgebied met mogelijk verblijfsplaatsen aanwezig aan de westrand van de schapenweide en rondom het huisjespark tussen het bedrijventerrein en het tankstation.
Figuur 4
Takkenhoop op het erf van een woning aan de Stationsstraat. Een geschikte schuilplaats voor marterachtigen.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 8
Vleermuizen In de omgeving komen o.a. de soorten gewone- en ruige dwergvleermuis, laatvlieger en rosse vleermuis voor (NDFF; Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn). Verblijfplaatsen Hieronder is per deelgebied aangegeven of er voor vleermuizen potentiele verblijfplaatsen zijn. • Deelgebied oost: verblijfplaatsen mogelijk in de wat oudere bomen aan de noordgrens van het plangebied en op de erven van woningen. In de woningen en bedrijfspanden zijn ook diverse verblijfsopties in daken en gevels. • Deelgebied west: geschikte verblijfplaatsen in de aanwezige gebouwen met pannendaken en in diverse bedrijfspanden. Foerageergebied en vliegroute Voor verschillende soorten vleermuizen hebben de groene delen van de twee deelgebieden zoals bosjes en greppels en watergangen waarschijnlijk een functie als foerageergebied voor de hierboven genoemde soorten. Een essentiële functie van de groengebieden als foerageergebied is uitgesloten omdat er in de omgeving foerageergebied in ruime mate aanwezig is. Diverse locaties kunnen onderdeel zijn van een vaste vliegroute met essentieel karakter (de enige beschutte vliegroute tussen foerageergebieden en verblijven). De omgeving van het plangebied is vrij open en alternatieve verbindende elementen zijn beperkt aanwezig. Het gaat om de volgende locaties: • Deelgebied oost: bomenrijen, watergangen en greppels o.a.
langs het bestaande bedrijventerrein, het talud van de Stationsstraat bij het spoor en de groene wal langs de spoorlijn zelf; • Deelgebied west: de watergang aan de westzijde met de rij zomereiken en de begroeiing rondom het huisjespark. Vogels In de omgeving van het plangebied zijn waarnemingen bekend van o.a. de volgende soorten waarvan de nestplaats jaarrond beschermd is 1 : buizerd, boomvalk, sperwer, ransuil, roek en huismus. Er zijn op verschillende locaties in de twee deelgebieden in november 2020 roepende en foeragerende huismussen vastgesteld. De huismus gebruikt nestplaatsen in bebouwing met dakpannen aan weerszijden van de Griftdijk (o.a. Griftdijk 9 in deelgebied west). De mussen vliegen regelmatig de Griftdijk over en gebruiken de beukenhaag ter hoogte van het tankstation in deelgebied west als leefgebied. Het is onbekend hoeveel paartjes aan weerszijden van de Griftdijk broeden. Huismussen gebruiken mogelijk ook woningen met
1 Op grond van door het voormalige ministerie van LNV verstrekte handreikingen worden nesten van de volgende soorten als jaarrond beschermde nestplaatsen beschouwd: boomvalk, buizerd, gierzwaluw, grote gele kwikstaart, havik, huismus, kerkuil, oehoe, ooievaar, ransuil, roek, slechtvalk, sperwer, steenuil, wespendief, zwarte wouw.
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen 9
pannendaken in deelgebied oost als nestplaats en de omliggende begroeiing als leefgebied. De roeken die in het bosje bij afrit Elst broeden, gebruiken de akkers en graslanden in deelgebied oost waarschijnlijk als foerageergebied. Afhankelijk van het seizoen en het gebruik van de percelen is er voor de vogels voedsel te halen. Een essentiële foerageerfunctie van de percelen in het broedseizoen is niet uitgesloten. In de bomen aan de noordzijde van deelgebied oost is een groot nest aanwezig dat geschikt is als nestplaats voor buizerd, boomvalk, sperwer en ransuil. Verschillende exemplaren buizerd waren in november 2020 aanwezig in deelgebied noord. Het is niet bekend welke soort(en) in 2020 of voorgaande jaren hebben gebroed in het nest. Het groen in het plangebied heeft geen essentiële foerageerfunctie voor de roofvogels en de ransuil. Het plangebied is geschikt leefgebied voor soorten vogels waarvan de nestplaats niet jaarrond beschermd is (bijvoorbeeld diverse soorten akker- struweel- en bosvogels zoals patrijs, graspieper (beide soorten Rode Lijst), merel, heggenmus, zwartkop, gekraagde roodstaart en winterkoning). Effecten van de ingreep Het plangebied heeft mogelijk een functie voor diverse soorten beschermde ongewervelden, vissen, amfibieën, grondgebonden zoogdieren, vleermuizen en vogels.
Omdat het huidige gebruik van het plangebied ongewijzigd blijft heeft de actualisatie van het bestemmingsplan geen negatieve effecten op deze functies. Het nieuwe bestemmingsplan voor uitbreiding bedrijventerrein en de aanpassing van afslag 38 nabij De Grift hebben mogelijk wel effecten op deze soorten. De plangebieden van deze twee ruimtelijke ontwikkelingen grenzen aan het plangebied van het bestaande bedrijventerrein. In twee andere notities zijn de effecten van deze ingrepen getoetst aan de Wet natuurbescherming. Beoordeling Wet natuurbescherming • Er is geen risico op negatieve effecten op beschermde soorten flora en fauna en daarmee geen risico op overtreding van verbodsbepalingen van de Wnb. • Er zijn geen negatieve effecten op Natura 2000-gebieden (stikstofbeoordeling is geen onderdeel van deze toetsing) de NNN en houtopstanden. Advies voor nader onderzoek Er is geen onderzoek naar flora en fauna nodig voor de actualisatie van het bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein. Randvoorwaarden voor werkzaamheden en maatregelen in het kader van de Zorgplicht Er zijn geen randvoorwaarden voor de actualisatie van het bestemmingsplan van het bestaand bedrijventerrein. Kansen voor natuur In de twee deelgebieden behorende bij plangebied bestaand bedrijventerrein zijn diverse groene gebieden en watergangen aanwezig. Er zijn diverse kansen om het gebied
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen10
ecologisch waardevoller te maken. Denk aan het maken van natuurvriendelijke oevers en brede hagen en bloemrijke graslanden. Hierdoor ontstaat er voor verschillende soorten planten en dieren leefgebied en wordt het gebied een functionele verbinding voor dieren. In de bijlage van deze notitie zijn enkele effectieve natuurmaatregelen genoemd. Literatuur Backx, B.J.A., 2020. Habitatgeschiktheidsanalyse kleine marterachtigen Waalsprong Nijmegen. In het kader van de Wet natuurbescherming. Rapport RA19087-01. Eco Assist, Helmond. Hoefsloot, G. 2017. Onderzoek grote modderkruiper Zuiderveld. Bureau Waardenburg notitie 16687/17.05393/GerHo. Martens, T & N. Krijt. 2019. Soortenmanagementplan Nijmegen-De Waalsprong. Gemeente Nijmegen, 2019.
Voor vragen over deze notitie kunt u contact opnemen met G. Hoefsloot. Akkoord voor uitgave:
Kwaliteitszorg Bureau Waardenburg bv F. van Vliet
Paraaf:
Bureau Waardenburg bv is niet aansprakelijk voor gevolgschade, alsmede voor schade welke voortvloeit uit toepassingen van de resultaten van werkzaamheden of andere gegevens verkregen van Bureau Waardenburg bv; opdrachtgever vrijwaart Bureau Waardenburg bv voor aanspraken van derden in verband met deze toepassing. © Bureau Waardenburg bv / Gemeente Nijmegen Dit rapport is vervaardigd op verzoek van opdrachtgever en is zijn eigendom. Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden d.m.v. druk, fotokopie, digitale kopie of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de opdrachtgever hierboven aangegeven en Bureau Waardenburg bv, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd. Lid van de branchevereniging Netwerk Groene Bureaus. Het kwaliteitsmanagementsysteem van Bureau Waardenburg bv is gecertificeerd door EIK Certificering overeenkomstig ISO 9001:2015.. Bureau Waardenburg bv hanteert als algemene voorwaarden de DNR 2011, tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen.
Bureau Waardenburg, Varkensmarkt 9 4101 CK Culemborg, 0345 51 27 10, info@buwa.nl, www.buwa.nl
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen11
Bijlage Kansentabel natuur
Quickscan Wet natuurbescherming actualisatie bestemmingsplan bestaand bedrijventerrein De Grift Nijmegen12
Bijlage 2 Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen
vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
19
Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen Ontwerpbestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o.
Gemeente Nijmegen Bureau Ruimtelijke Planvorming (SR30) Februari 2023
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
1
2
1. Inleiding Het ontwerp bestemmingsplan Nijmegen bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o. heeft in de periode van donderdag 21 april 2022 tot en met woensdag 1 juni 2022 voor een ieder ter inzage gelegen. Er zijn in totaal 20 zienswijzen binnengekomen, waarvan twee zienswijzen buiten de termijn zijn ingekomen. De zienswijzen die binnen de gestelde termijn zijn ingekomen zijn in deze ‘Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen’ samengevat en voorzien van een beantwoording door het college van burgemeester en wethouders. Ook is aangegeven of de zienswijze al dan niet tot aanpassing van het bestemmingsplan heeft geleid. Voor zover een onderdeel van een zienswijze niet specifiek aan bod zou komen, wil dat niet zeggen dat de zienswijze niet in de beoordeling betrokken is. De reactie op het betreffende onderdeel ligt dan besloten in de weerlegging van de overige onderdelen van de zienswijze. De zienswijzen zijn dus volledig in de beoordeling betrokken. In deze nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen zijn de NAW-gegevens (naam, adres, woonplaats) van bepaalde indieners van zienswijzen weggelaten. Dit weglaten, de ‘anonimiseringsverplichting’, vloeit voort uit de Algemene verordening persoonsgegevens (AVG). Daarin is bepaald dat NAW-gegevens van natuurlijke personen niet elektronisch beschikbaar mogen zijn.
Dit geldt niet voor ondernemingen die behoren tot een rechtspersoon (bijvoorbeeld een B.V. of een v.o.f.) en voor personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure. De NAW-gegevens van de indieners zijn wel bekend bij de gemeente. Wel valt uit de nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen ter herleiden op welke locatie de zienswijze betrekking heeft. Dit heeft er mee te maken dat de locatie benodigd is voor een goede beantwoording van de zienswijze en het daarmee samenhangende af te wegen belang. De wijzigingen die (ambtshalve) zijn doorgevoerd aan de toelichting, regels en verbeelding zijn per zienswijze en in een apart hoofdstuk (aan het eind van deze nota) samengevat.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
3
4
2. Overzicht zienswijzen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Reclamant 1, ingekomen op 18 mei 2022. Reclamant 2, ingekomen op 31 mei 2022 en aangevuld op 30 mei 2022. Reclamant 3, ingekomen op 30 mei 2022. Reclamant 4, Fietsersbond, afdeling Overbetuwe , ingekomen op 30 mei 2022. Reclamant 5, ingekomen op 27 mei 2022. Reclamant 6, ingekomen op 30 mei 2022. Reclamant 7, TotalEnergies, Stationsstraat 27 Nijmegen, ingekomen op 1 juni 2022 8. Reclamant 8, ingekomen op 14 juni 2023 en daarmee buiten de zienswijzentermijn. 9. Reclamant 9, Gacon B.V., Groothandelsweg 5 Nijmegen, pro forma ingekomen op 31 mei 2022 en aangevuld op 2 juni 2022. 10. Reclamant 10, Heijting Milieu Service B.V., Groothandelsweg 16 Nijmegen, ingekomen op 31 mei 2022. 11. Reclamant 11, pro forma ingekomen op 31 mei 2022 en aangevuld op 8 juni 2022. 12. Reclamant 12, Aannemers- en Grondverzetbedrijf Van Wijk B.V., Stationsstraat 82 Nijmegen, ingekomen op 31 mei 2022. 13. Reclamant 13, ingekomen op 23 mei 2022. 14. Reclamant 14, Vierboom Trucks B.V., Koopmansweg 1a Nijmegen, ingekomen op 1 juni 2022. 15. Reclamant 15, SCHENKgroep, Koopmansweg 6 en 7 en Groothandelsweg 4 - 8 Nijmegen, ingekomen op 25 mei 2022 16. Reclamant 16, Waterschap Rivierenland, Tiel, ingekomen op 31 mei 2022. 17. Reclamant 17, Resim Vastgoed B.V., Nijmegen sectie D nummers 120, 121 en 122 (bedrijfsgebouwen Rondweg, Halve Weg en Windmolenweg), ingekomen op 31 mei 2022. 18.
Reclamant 18, ingekomen op 1 juni 2022. 19. Reclamant 19, ingekomen op 1 juni 2022. 20. Reclamant 20, ingekomen op 2 juni 2022 en daarmee buiten de zienswijzentermijn.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
5
6
3. Samenvatting en beoordeling zienswijzen 3.1
Reclamant 1
Inhoud zienswijze
Reclamant dient een zienswijze in welke betrekking heeft op de grond naast het restaurant Brasserie 1910, Griftdijk 201 Nijmegen. Reclamant geeft aan dat deze grond de bestemming ‘Groen’ heeft gekregen, terwijl deze grond al ruim 20 jaar dienst doet als parkeerplaats. Voorheen bij restaurant Mona’s en nu al ruim 4 jaar bij restaurant Brasserie 1910. Reclamant geeft aan dat het exploiteren van een restaurant op deze plek niet mogelijk is zonder parkeerplaats en verzoekt daarom de bestemming ‘Groen’ te vervangen voor de bestemming ‘Parkeerplaatsen’, met nadere aanduiding ‘t.b.v. de naastgelegen horecabestemming’.
Beoordeling
Op basis van archiefonderzoek is gebleken dat op 7 oktober 2009 een omgevingsvergunning (met toepassing van artikel 19, lid 2 WRO) is afgegeven voor de uitbreiding van de aanwezige horeca en een parkeerterrein aan de zuidzijde van (nu) Brasserie 1910. De bestemming van het terrein ten zuiden van het restaurant is niet correct en zal daarom worden aangepast. Op de verbeelding wordt binnen de bestemming ‘Groen’ de functieaanduiding ‘parkeerterrein’ opgenomen. In de regels wordt aan lid 8.1 een nieuw sub b toegevoegd “ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’ tevens voor een parkeerterrein, uitsluitend ten behoeve van de aangrenzende horecagelegenheid”. De overige leden worden doorgenummerd.
Conclusie
Deze zienswijze heeft geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan. Verbeelding: op de verbeelding wordt binnen de bestemming ‘Groen’ de functieaanduiding ‘parkeerterrein’ opgenomen. Regels: aan lid 8.1 wordt een nieuw sub b toegevoegd “ter plaatse van de aanduiding ‘parkeerterrein’ tevens voor een parkeerterrein, uitsluitend ten behoeve van de aangrenzende horecagelegenheid;”.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
7
3.2
Reclamant 2
Inhoud zienswijze
De zienswijze van reclamant is ingekomen op 25 mei 2022 en op 30 mei 2022 aangevuld. Beide zienswijzen worden in samenhang met elkaar samengevat en beantwoord. Op 18 juli 2022 is nogmaals een aanvulling op de zienswijze ingekomen, ruim buiten de zienswijzentermijn. De overwegingen in deze laatste zienswijze zijn meegenomen in de beantwoording. Reclamant brengt een aantal punten naar voren: Woning Stationsstraat 49 Reclamant merkt op dat in het ontwerpbestemmingsplan aan de woning aan de Stationsstraat 49, conform de verleende omgevingsvergunning, een woonbestemming is toegekend. Reclamant stelt dat hierbij niet de juiste begrenzing van de woonbestemming is opgenomen. De begrenzing wijkt af van de vergunde situatie. Derhalve verzoekt reclamant dit aan te passen conform de begrenzing die destijds is aangevraagd en vergund. Dit in juiste combinatie met de aangrenzend te leggen bedrijfsbestemming. Reclamant merkt op dat de grond voor de wijziging is gelegen in de reeds door de gemeente toegekende gebruiksmogelijkheden voor deze woning. Reclamant heeft op 28 mei 2020 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor het handelen in strijd met de regels van ruimtelijke ordening. De gemeente heeft besloten om de omgevingsvergunning te verlenen.
Bedrijfsgebouw en bedrijfsmatig gebruik Stationsstraat 49 Reclamant merkt ten eerste op dat het zuidelijk deel van het bedrijfsgebouw achter de woning is bestemd als ‘wonen’. Reclamant stelt dat dit, samen met het kadastrale perceel waarop het bedrijf staat, een bedrijfsbestemming dient te krijgen. Daarnaast merkt reclamant op dat het noordelijke deel van het bedrijfsgebouw achter de woning bestemd is als agrarisch, zonder bebouwing. Reclamant stelt dat dit, samen met het kadastrale perceel waarop het bedrijf staat, een bedrijfsbestemming dient te krijgen. De grond van de wijziging is volgens reclamant gelegen in de planologische status van deze bedrijfsbebouwing. Op 5 april 2006 is in een brief aan toenmalig wethouder Depla over het perceel en de bebouwing gezegd dat aannemelijk is dat ten tijde van het verkrijgen van de rechtskracht reeds sprake was van afwijkend gebruik, in casu bestaande uit handel in antiek en bouwmaterialen. Eveneens is in de brief aangegeven dat een passende bedrijfsbestemming zal worden toegekend. Op 6 oktober 2006 heeft de gemeente vrijstelling verleend voor het gebruik aan reclamant voor het gebruik van de bestaande bedrijfsgebouwen ten behoeve van handel in antiek en bouwmaterialen.
Reclamant geeft aan dat in de jaren hierna veelvuldig overleg is geweest met de gemeente om het bedrijfsmatig passende gebruik te gaan bestemmen, waarin de gemeente zich volgens reclamant in beginsel kon vinden. Echter, reclamant geeft aan dat de gemeente gaande dit overleg de Beheersverordening “Nijmegen Bedrijventerrein Oosterhout en Rietgraaf e.o.” onherroepelijk vastgesteld, zonder aan reclamant een beroepsmogelijkheid te bieden. Daarnaast heeft de gemeente naar zeggen van reclamant de bedrijfsloodsen en het bedrijf onder ‘Agrarisch’ geschaard, de in 2006 verleende vrijstelling genegeerd en geen rekening gehouden met de toen bij de gemeente bekende noodzaak om een bedrijfsbestemming toe te kennen. Daarna is op 14 april 2020 de “Gebiedsvisie de Grift” uitgekomen, waarin de loods en het perceel van reclamant aangegeven staat als ‘bestaand bedrijf’. In de Visie De Grift is in paragraaf 8.4 opgenomen dat het proces voor de actualisatie start met een gespreksronde met gevestigde bedrijven. Echter, reclamant geeft aan dat met hem geen overleg is gevoerd over zijn ‘bestaande bedrijf’ en wordt hij naar zeggen
8
geconfronteerd met een ontwerpbestemmingsplan dat op veel punten niet correct is. Reclamant verzoekt derhalve om de bedrijfsbebouwing en het bijbehorende perceel een passende bestemming te geven, zoals deze reeds eerder is voorgelegd aan de gemeente. Zie hiervoor onderstaande kaart:
Actueel inzicht Reclamant merkt vervolgens op dat het recentelijk gerealiseerde zonnepark niet is bestemd in het ontwerpbestemmingsplan en vraagt hiervoor een passende regeling op te nemen. Verder verzoekt reclamant om in het bestemmingsplan een regeling op te nemen waarbij de bij het zonnepark gewenste opslag van elektriciteit in de vorm van grote accu’s/batterijen kan worden gerealiseerd in de bedrijfshal. Stationsstraat 47 en 51 Reclamant geeft aan dat beide woningen naast zijn perceel in het vigerende bestemmingsplan (beheersverordening) verbaal geregeld waren en dat deze nu een bestemmingsvlak toegekend hebben gekregen dat diep in noordelijke richting doorloopt. Volgens reclamant belemmert deze bestemmingswijze de gebruiksrechten op locatie van reclamant voor zover het betreft het uitoefenen van bedrijfsactiviteiten conform de aangevraagde milieucategorisering. Althans, niet is aangegeven dat deze bestemmingen zondermeer naast elkaar kunnen worden gelegd. Reclamant verzoekt om hier duidelijkheid over te geven bij de vaststelling van het bestemmingsplan, waarbij de eerder aangevraagde bedrijfsactiviteiten aan de Stationsstraat 49 onbelemmerd kunnen worden toegekend.
Reclamant geeft mede daarom in overweging mee om Stationsstraat 51, voor zover het niet de woning betreft, hier ook een bedrijfsbestemming aan toe te kennen in plaats van de aanduiding grondverzetbedrijf binnen de woonbestemming.
Beoordeling Woning Stationsstraat 49 Op 5 augustus 2020 is een omgevingsvergunning (zaaknummer W.Z20.104569.01) verleend voor het omzetten van een (agrarische) bedrijfswoning naar een burgerwoning met bijbehorende tuin. De begrenzing van de woonbestemming is weergegeven in onderstaande afbeelding, die als voorschrift aan de omgevingsvergunning is verbonden. Deze vergunde situatie wordt conform het verzoek van de reclamant overgenomen in het bestemmingsplan. De verbeelding zal op dit punt worden aangepast.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
9
Afbeelding: begrenzing woonbestemming conform verleende vergunning d.d. 5 augustus 2020
In navolging van de zienswijze heeft de reclamant buiten de zienswijzentermijn (d.d. op 18 juli 2022) verzocht de begrenzing van de woonbestemming te verruimen (zie rode contour in navolgende afbeelding, zodat een deel van de aanwezige bedrijfsbebouwing als bijgebouw bij de woning kan dienen en de diepte van de woonbestemming meer in lijn komt te liggen met de buurpercelen. Daarnaast wenst de reclamant de overige bebouwing op het perceel via de achterzijde te ontsluiten. Dat laatste is niet gewenst, omdat deze ontsluitingsweg daar niet op berekend is. Ontsluiting van het perceel Stationsstraat 49 dient nu en in de toekomst plaats te vinden via de Stationsstraat.
Afbeelding: beoogde situatie volgens reclamant (aanvullend verzoek d.d.18 juli 2022)
Resumerend is de gemeente bereid deels tegemoet te komen aan het verzoek van reclamant en zal de bestemming ‘Wonen’ in noordelijke richting uitgebreid worden, waarmee het bestaande bedrijfsgebouw als bijgebouw bij de woning kan dienen. Volledigheidshalve wenst de gemeente daarbij op te merken dat er – gelet op de omvang
10
van het bijgebouw – geen ruimte meer is om vergunningvrij nieuwe aan- of uitbouwen, bijgebouwen of overkappingen te realiseren. Daartoe wordt het erf bij de woning (de bestemming ‘Wonen’ buiten het bouwvlak) voorzien van de bouwaanduiding ‘bijgebouw’. In de regels wordt aan sublid 14.2.2 sub d onder 7 wordt een punt 4 toegevoegd: “in afwijking van punt 3 mag het bebouwde oppervlakte van het erf ter plaatse van de aanduiding ‘bijgebouw’ niet meer bedragen dan 180 m2;”. De bestemming ‘Wonen’ wordt niet in oostelijke richting uitgebreid, zodat ontsluiting van de gronden met de bestemming ‘Agrarisch’ (zie volgende punt) ook in de toekomst kan plaatsvinden via de Stationsstraat. De verbeelding wordt als volgt gewijzigd:
Bedrijfsgebouw en bedrijfsmatig gebruik Stationsstraat 49 In het voorheen geldende bestemmingsplan Buitengebied Bemmel 1978 – dat bekrachtigd is in de nu geldende beheersverordening – zijn de percelen aan de noordzijde van de Stationsstraat voorzien van een agrarische bestemming. Dat geldt ook voor het perceel van reclamant. In het verleden is er een vergunning verstrekt voor de handel in antiek en bouwmaterialen in de bestaande bedrijfsgebouwen (overeenkomstig de door middel van artikel 15 WRO verleende vrijstelling op 6 oktober 2006). Het is niet wenselijk dat de percelen aan de noordzijde van de Stationsstraat verkleuren naar een bedrijfsbestemming (met milieucategorie 3.2), vanwege nabij gelegen woningen. Bovendien hoort bedrijvigheid in milieucategorie 3.2 in principe thuis op een bedrijventerrein en niet in een (agrarische) bebouwingslint. Daarnaast is een bestemmingswijziging naar ‘Bedrijf’ (met milieucategorie 3.2) in strijd met het de Omgevingsverordening Gelderland. In artikel 2.12 van de verordening is bepaald dat een bestemmingsplan geen nieuwe bedrijvigheid in het buitengebied mogelijk maakt die naar huidige planologische inzichten en ruimtelijke aanvaarbaarheid thuishoren op een bedrijventerrein. Ook zijn er omtrent het perceel van de reclamant geen afspraken gemaakt in het Regionaal programma werklocaties (Rpw).
De afgelopen jaren is er herhaaldelijk contact geweest met de reclamant over de wijze van bestemmen. In het verleden is reeds aangegeven dat het opnemen van een bedrijfsbestemming op het perceel vanwege geldend provinciaal beleid niet mogelijk is. Dit beleid is thans ongewijzigd. In 2016 heeft de gemeente daarom voorgesteld het perceel van reclamant te voorzien van de bestemming ‘ Gemengd’ en binnen deze bestemming bedrijvigheid in milieucategorie 3.1 mogelijk te maken, alsmede de handel in antiek en bouwmaterialen (reeds vergund). De reclamant kon daar destijds niet mee instemmen.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
11
Reclamant geeft aan dat hij in 2016 niet in de gelegenheid is gesteld om een beroep in te stellen tegen de vaststelling van de beheersverordening. De gemeente wil reclamant erop wijzen dat de Wro geen voorbereidingsprocedure kent voor de beheersverordening. Deze is vergelijkbaar met andere verordeningen die de gemeente kan vaststellen. Er is in het kader van de beheersverordening geen bezwaar bij de gemeenteraad of beroep bij de bestuursrechter mogelijk. Dit is door de wetgever zo bepaald. Wel heeft de (concept)verordening gedurende een periode van 3 weken ter inzage gelegen, met de mogelijkheid om een inspraakreactie in te dienen. Het doel van dit bestemmingsplan is de bestaande (legaal aanwezige c.q. vergunde) situatie juridisch-planologisch vast te leggen en te voorzien van een passende bestemming. In het ontwerpbestemmingsplan is de in 2006 verleende vrijstelling abusievelijk niet verwerkt. Dat geldt ook voor de in het verleden verleende vergunningen voor de aanwezige bedrijfsbebouwing. Het bestemmingsplan zal op dit punt gewijzigd worden. Concreet houdt dit in dat de legaal aanwezige bebouwing wordt voorzien van een bouwvlak met een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 5 en 7 meter. De bestemming ‘Agrarisch’ wordt gehandhaafd en de begrenzing daarvan wordt afgestemd op de bestemming ‘Wonen’ (zie vorige punt).
De aanwezige bedrijfsbebouwing wordt voorzien van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – handelsonderneming’. In de regels wordt aan lid 3.1 een nieuw sub b toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – handelsonderneming tevens voor de handel in antiek en bouwmaterialen;”. De overige subleden worden doorgenummerd. De gemeente is van mening dat de bestaande bedrijfsbebouwing en gebruiksmogelijkheden daarmee passend bestemd worden. De verbeelding komt er als volgt uit te zien:
Actueel inzicht Op 4 april 2019 is een omgevingsvergunning verleend voor de aanleg van een zonnepark op de kadastrale percelen bekend als gemeente Nijmegen, sectie E, perceelnummers 17, 1306 en 1307. Het kadastraal perceel bekend als gemeente Nijmegen, sectie D, perceelnummer
12
2486 is tevens in de omgevingsvergunning betrokken. Dit perceel is echter buiten het voorliggende plangebied gelegen. De gronden waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft worden op verzoek van de reclamant voorzien van een passende regeling. Op de verbeelding wordt binnen de bestemming ‘Agrarisch’ een functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – zonnepark’ opgenomen. In lid 3.1 van de regels wordt een nieuw sub c toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – zonnepark’ tevens voor een zonnepark met de daarbij behorende voorzieningen”. De overige leden worden doorgenummerd. Aan het verzoek van de reclamant om een regeling op te nemen voor de opslag van elektriciteit in grote accu’s en/of batterijen wordt niet tegemoet gekomen. Het grootschalig opslaan van energie betreft een bedrijfsmatige activiteit die niet is toegestaan binnen de bestemming ‘Agrarisch’. Indien de reclamant een grote accu of buurtbatterij wenst te realiseren, dient hiervoor een afzonderlijke ruimtelijke procedure te worden doorlopen. Op dit punt leidt de zienswijze niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. Stationsstraat 47 en 51 Voor wat betreft de Stationsstraat 47 geldt dat het gehele kadastrale perceel is voorzien van een woonbestemming. Voor de Stationsstraat 51 is de begrenzing van de woonbestemming (aan de noordzijde) afgestemd op het perceel van reclamant.
Het feit dat de aangrenzende woonbestemmingen in noordelijke richting doorgetrokken zijn, levert niet per definitie een beperking op voor het uitoefenen van de vergunde bedrijfsactiviteiten op het perceel van de reclamant. De afstand tussen hinderveroorzakende activiteiten en woningen wordt immers gemeten vanuit het bouwvlak van de meest nabij gelegen woning. Dit betekent dat niet de bestemming ‘Wonen’ maatgevend is, maar de bouwvlakken van de aangrenzende woningen. Het in noordelijke richting doortrekken van de bestemming ‘Wonen’ heeft dus geen negatieve invloed op de gebruiksmogelijkheden op het perceel van reclamant. Voor wat betreft de wijze van bestemmen van het perceel Stationsstraat 51 wordt kortheidshalve verwezen naar de beantwoording van de zienswijze van reclamant 6.
Conclusie
Deze zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassingen van het bestemmingsplan: Verbeelding: de bestemming ‘Wonen’ op het perceel Stationsstraat 49 wordt verkleind en in overeenstemming gebracht met de verleende omgevingsvergunning uit 2020. Op verzoek van reclamant wordt het bestaande bijgebouw binnen de bestemming ‘Wonen’ getrokken. Het erf (bestemming ‘Wonen’ buiten het bouwvlak) wordt voorzien van de bouwaanduiding ‘bijgebouw’. Regels: aan sublid 14.2.2 sub d onder 7 wordt een punt 4 toegevoegd: “in afwijking van punt 3 mag het bebouwde oppervlakte van het erf ter plaatse van de aanduiding ‘bijgebouw’ niet meer bedragen dan 180 m2;”. Verbeelding: de legaal aanwezige bebouwing achter de woning aan de Stationsstraat 49 wordt voorzien van een bouwvlak met een goot- en bouwhoogte van respectievelijk 5 en 7 meter. De bestemming ‘Agrarisch’ wordt gehandhaafd en de begrenzing daarvan wordt afgestemd op de bestemming ‘Wonen’ (zie vorige punt). De aanwezige bedrijfsbebouwing wordt voorzien van de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – handelsonderneming’. Regels: aan lid 3.1 een nieuw sub b toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – handelsonderneming tevens voor de handel in antiek en bouwmaterialen;”.
Verbeelding: ten behoeve van het zonnepark wordt binnen de bestemming ‘Agrarisch’ een functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – zonnepark’ opgenomen. Regels: in lid 3.1 van de regels wordt een nieuw sub c toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – zonnepark’ tevens voor een zonnepark met de daarbij behorende voorzieningen”.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
13
3.3
Reclamant 3
Inhoud zienswijze
Reclamanten stellen ten eerste dat het huidige ontwerpbestemmingsplan niet overeenkomt met het in 1991 vastgestelde industrieterrein de Grift door de gemeente en provincie. Reclamanten geven daarnaast aan dat zij in 1992 van de gemeente Bemmel geen boerderij mochten vestigen op perceel E 8 en verwijzen hierbij naar een uitspraak van mei 1996 Raad van State Derksen/Gemeente Bemmel (r.o. 3.92.5333). Vervolgens wordt door reclamanten verwezen naar Land over de Waal, punt 9 van de Raadsvergaderingsstukken van 1997, waarin vermeld staat dat op perceel van reclamanten zwaar vervuilende industrie gepland is. Reclamanten zien wat betreft dit punt graag medewerking voor realisatie. Reclamanten benoemen verder dat de kadasternummers gewijzigd zijn en dat de gemeente diverse malen een voorkeursrecht op het perceel heeft gevestigd. Ten slotte geven reclamanten aan ernstig bezwaar te maken tegen de gelegenheidsplanologie die bij de onderhavige ontwikkeling toegepast wordt, reclamanten bestempelen dit als in strijd met het gelijkheidsbeginsel en daarom strijdig met de goede ruimtelijke ordening.
Beoordeling
Insteek van het bestemmingsplan Nijmegen Bedrijventerrein De Grift en Rietgraaf e.o. is geweest om enerzijds meer mogelijkheden c.q. flexibiliteit te bieden door de eerder geldende beheersverordening te vervangen door een actueel en uniform bestemmingsplan, en anderzijds met name de bestaande situatie vast te leggen. Het bestemmingsplan maakt dus geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. De eigendommen van reclamanten in het plangebied hebben een agrarische functie en zijn zodoende ook met deze bestemming opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan. In het Voorkeursmodel Waalsprong uit 2003, het Ontwikkelingsbeeld Waalsprong uit 2013 en de gemeentelijke structuurvisie van 2013 is er geen sprake van het ontwikkelen van de Grift voor zwaar vervuilende industrie. Ook in de latere gebiedsvisie voor de Grift is hier geen sprake van. Daarnaast geldt dat de woningbouw die in Zuiderveld deels gerealiseerd en in ontwikkeling is leidt tot andere hindercontouren. Gelet op regionale afspraken in het RPW, de ruimtelijke uitstraling en milieueffecten is uitbreiding met zwaar vervuilende industrie niet aan de orde.
Conclusie
Deze zienswijze heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
14
3.4
Reclamant 4
Inhoud zienswijze
Reclamant heeft een zienswijze ingediend welke betrekking heeft op de ontwikkeling rond afslag 38, de aanpassingen aan het fietspad langs de Griftdijk en de rotonde aan de Stationsstraat.
Beoordeling
Uw zienswijze heeft betrekking op verkeerskundige en infrastructurele gronden gelegen buiten de begrenzing van het plangebied van dit bestemmingsplan. Vanuit juridisch oogpunt kan uw zienswijze daarom niet inhoudelijk beoordeeld worden en wordt het bestemmingsplan ook niet aangepast. Recentelijk heeft de gemeente Nijmegen het ontwerpbestemmingsplan ‘Chwbestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’ in procedure gebracht. Dit bestemmingsplan ziet toe op de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift, waaronder ook de aanpassingen aan de bestaande verkeersinfrastructuur (o.a. Griftdijk en Stationsstraat). Wij onderschrijven de samenhang tussen de ontsluiting van het bestaande en het nieuwe bedrijventerrein en hebben dit op elkaar afgestemd. In het kader van het thans voorliggende bestemmingsplan nemen wij uw zienswijze voor kennisgeving aan. Indien gewenst kun u uw zienswijze inbrengen in het kader van het ontwerpbestemmingsplan ‘Chw-bestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’.
Conclusie
Deze zienswijze heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
15
3.5
Reclamant 5
Inhoud zienswijze
Reclamanten stellen dat het gebied, dat ligt tussen het Total tankstation “de Rietgraaf” en restaurant Brasserie 1910, al langer dan 20 jaar een parkeerplaats is. Volgens hen is dit dus geen ‘groen’ terrein. Zij zien graag dat dit wordt aangepast in het bestemmingsplan. Daarnaast geven reclamanten aan dat zij de verkeersafwikkeling op de Griftdijk hen moeilijk te verwezenlijken lijkt. Voor hen is de toegang naar het tankstation een zeer zwaarwegend punt. De realisatie van een snelfietspad in twee richtingen voor de toegang van het tankstation is volgens hen geen optie. Zij vrezen dat het onveilig wordt om met grote voertuigen bij het bedrijf te komen en weer te verlaten.
Beoordeling
Voor wat betreft het eerste deel van de zienswijze over de parkeerplaats wordt verwezen naar de beantwoording van de zienswijze van reclamant 1 (paragraaf 3.1). Het bestemmingsplan wordt op dit punt aangepast. Het tweede deel van uw zienswijze heeft betrekking op verkeerskundige en infrastructurele gronden gelegen buiten de begrenzing van het plangebied van dit bestemmingsplan. Vanuit juridisch oogpunt kan uw zienswijze daarom niet inhoudelijk beoordeeld worden en wordt het bestemmingsplan ook niet aangepast. Recentelijk heeft de gemeente Nijmegen het ontwerpbestemmingsplan ‘Chwbestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’ in procedure gebracht. Dit bestemmingsplan ziet toe op de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift, waaronder ook de aanpassingen aan de bestaande verkeersinfrastructuur (o.a. Griftdijk en Stationsstraat). Wij onderschrijven de samenhang tussen de ontsluiting van het bestaande en het nieuwe bedrijventerrein en hebben dit op elkaar afgestemd. In het kader van het thans voorliggende bestemmingsplan nemen wij uw zienswijze voor kennisgeving aan. Indien gewenst kun u uw zienswijze inbrengen in het kader van het ontwerpbestemmingsplan ‘Chw-bestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’.
Conclusie
Deze zienswijze heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
16
3.6
Reclamant 6
Inhoud zienswijze
Reclamant stelt dat de woon- en bedrijfslocatie van Stationsstraat 51 en 51A te Ressen/Nijmegen niet juist bestemd zijn. Derhalve verzoekt reclamant om voor deze adressen de bestemming aan te passen. Hierna volgt een toelichting. Bestaande situatie Aan de Stationsstraat 51 staat een burgerwoning en aan de Stationsstraat 51A een grondverzetbedrijf, betreffende de kadastrale percelen 176 en 202. Op de locatie staat een burgerwoning met bijgebouwen. Op het oostelijke perceel is een toerit gemaakt naar de achterzijde. Hier zijn ten behoeve van het bedrijf een verhard terrein, parkeerplaatsen en een bedrijfshal aangelegd. Reclamant geeft aan dat voor de bedrijfshal door de gemeente, na toetsing aan de toen geldende regels, een bouwvergunning is verleend (toegevoegd als bijlage). Daarnaast is door de gemeente een uitritvergunning verleend voor de toerit naar het bedrijf. Bestemde situatie Reclamant merkt op dat deze locaties in het ontwerpbestemmingsplan geheel of gedeeltelijk bestemd zijn als ‘Wonen’. Daarnaast is op een deel van de locaties de aanduiding ‘grondverzetbedrijf’ van toepassing. Verder is een deel van de percelen bestemd als ‘Agrarisch’, waarbij geen bouwvlak of bedrijfsbestemming is opgenomen.
Indien het bestemmingsplan op deze manier wordt vastgesteld betekent dit volgens reclamant dat voor dat deel het gebruik als ‘grondverzetbedrijf’ en ook de daar aanwezige bebouwing/verharding onder het overgangsrecht komen te vallen. Hier maakt reclamant bezwaar tegen, alsmede tegen de begrenzing van de woonbestemming en van de aanduiding ‘grondverzetbedrijf’, omdat deze volgens reclamant beide verkeerd begrensd zijn. Gewenste situatie Het verzoek van reclamant is om aan het grondverzetbedrijf een bedrijfsbestemming toe te kennen, eventueel met de aanduiding ‘grondverzetbedrijf’ en daarbinnen de bebouwing op het achterterrein ook positief te bestemmen. Op de inrit naast de woonbestemming wenst reclamant de aanduiding ‘inrit’, zodat daar alleen een inrit is toegestaan die de woning niet zal hinderen. Daarnaast is een tekening bijgevoegd waarin reclamant aangeeft hoe de bedrijfsbestemming gelegd dient te worden en waaruit ook blijkt hoe de woonbestemming begrensd dient te worden. Daarnaast dient volgens reclamant de te verkleinen woonbestemming niet de aanduiding ‘grondverzetbedrijf’ te hebben, maar uitsluitend de woonbestemming. Tot slot is het verzoek om binnen de bedrijfsbestemming niet alleen het bedrijf toe te staan, maar ook ‘tuin’ behorende bij de aangrenzende woning.
Beoordeling Bestemde situatie De bedrijfsbebouwing aan de noordzijde van het perceel is abusievelijk onder het overgangsrecht gebracht. Ook is dit gedeelte van het perceel niet voorzien van de aanduiding ‘grondverzetbedrijf’. Dit zal bij de vaststelling hersteld worden. In de beantwoording onder ‘gewenste situatie’ wordt hier nader op ingegaan. Gewenste situatie Het is niet wenselijk dat de percelen aan de noordzijde van de Stationsstraat verkleuren naar een bedrijfsbestemming, vanwege de aanwezigheid van woningen. In het voorheen geldende bestemmingsplan Buitengebied Bemmel 1978 – dat bekrachtigd is in de nu geldende beheersverordening – zijn de percelen aan de noordzijde van de Stationsstraat voorzien van een agrarische bestemming. Dat geldt ook voor het perceel van reclamant. Met het voorliggend bestemmingsplan wordt de bestaande (legaal aanwezige) situatie
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
17
juridisch-planologisch vastgelegd en voorzien van een passende bestemming. Dit betekent dat de begrenzing van de bestemming ‘Wonen’ wordt aangepast conform het voorstel van reclamant. Het overige gedeelte van het perceel wordt overeenkomstig het bestemmingsplan Buitengebied Bemmel 1978 bestemd als ‘Agrarisch’. Om de huidige bedrijfsactiviteiten voort te kunnen zetten wordt maatwerk toegepast. Dit betekent dat binnen de bestemming ‘Agrarisch’ een functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – grondverzetbedrijf’ wordt opgenomen. Daarmee komt de aanduiding ‘specifieke vorm van wonen – grondverzetbedrijf’ op de verbeelding te vervallen. Deze wordt vervangen door de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – grondverzetsbedrijf’, die wordt opgenomen voor het noordelijke deel van het perceel gemeente Nijmegen Sectie E perceelnummer 176 en voor het perceel gemeente Nijmegen Sectie E perceelnummer 202.
Aan lid 3.1 (bestemmingsomschrijving ‘Agrarisch’) wordt een nieuw sub b toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – grondverzetbedrijf’ tevens voor het bestaande grondverzetbedrijf en de daarbij behorende voorzieningen, zoals in- en uitritten, verhardingen, parkeervoorzieningen en tuinen.” De bestaande legaal aanwezige bebouwing ten behoeve van het grondverzetbedrijf wordt voorzien van een bouwvlak en maatvoeringsaanduiding die recht doet aan de bestaande situatie (goothoogte 5 meter, bouwhoogte 7 meter). Een en ander betekent dat de verbeelding er als volgt uit komt te zien:
Conclusie
Deze zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassingen van het bestemmingsplan: Verbeelding: de bestemming ‘Wonen’ ter plaatse van de Stationsstraat 51 wordt verkleind conform het voorstel van reclamant. De overige gronden worden voorzien van de bestemming ‘Agrarisch’ met de functieaanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – grondverzetsbedrijf’. Regels: aan lid 3.1 wordt een nieuw sub d toegevoegd: “ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – grondverzetbedrijf’ tevens voor het bestaande grondverzetbedrijf en de daarbij behorende voorzieningen, zoals in- en uitritten, verhardingen, parkeervoorzieningen en tuinen.”. De overige subleden worden doorgenummerd. Regels: lid 14.1 sub c komt te vervallen. De overige subleden worden hernummerd.
18
3.7
Reclamant 7
Inhoud zienswijze
Reclamant heeft een zienswijze ingediend welke betrekking heeft op infrastructurele wijzigingen die negatieve gevolgen hebben voor de bereikbaarheid en ontsluiting van het tankstation en wasstraat.
Beoordeling
Uw zienswijze heeft betrekking op verkeerskundige en infrastructurele gronden gelegen buiten de begrenzing van het plangebied van dit bestemmingsplan. Vanuit juridisch oogpunt kan uw zienswijze daarom niet inhoudelijk beoordeeld worden en wordt het bestemmingsplan ook niet aangepast. Recentelijk heeft de gemeente Nijmegen het ontwerpbestemmingsplan ‘Chwbestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’ in procedure gebracht. Dit bestemmingsplan ziet toe op de uitbreiding van bedrijventerrein De Grift, waaronder ook de aanpassingen aan de bestaande verkeersinfrastructuur (o.a. Griftdijk en Stationsstraat). Wij onderschrijven de samenhang tussen de ontsluiting van het bestaande en het nieuwe bedrijventerrein en hebben dit op elkaar afgestemd. In het kader van het thans voorliggende bestemmingsplan nemen wij uw zienswijze voor kennisgeving aan. Indien gewenst kun u uw zienswijze inbrengen in het kader van het ontwerpbestemmingsplan ‘Chw-bestemmingsplan Nijmegen Uitbreiding bedrijventerrein De Grift’.
Conclusie
Deze zienswijze heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
19
3.8
Reclamant 8
Inhoud zienswijze
Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van 21 april tot en met 1 juni 2022. De zienswijze van reclamant is ingekomen op 14 juni 2022 en daarmee niet binnen de gestelde termijn ingediend.
Beoordeling
De zienswijzen is buiten de gestelde termijn van zes weken ingekomen. Er zijn geen gegronde redenen om aan te nemen dat de reclamant niet is staat is geweest binnen de gestelde termijn te reageren. Bovendien heeft de zienswijze hoofdzakelijk betrekking op de beoogde uitbreiding van bedrijventerrein De Grift. Voor deze ontwikkeling wordt een separate procedure doorlopen. Om voornoemde redenen is de zienswijze niet in behandeling genomen.
Conclusie
Deze zienswijze heeft niet geleid tot aanpassing van het bestemmingsplan.
20
3.9
Reclamant 9
Inhoud zienswijze
De oorspronkelijke zienswijze is pro forma ingediend. Op 2 juni 2022 is de zienswijze inhoudelijk aangevuld. Milieucategorie Voor het perceel Groothandelsweg 5, waar Gacon is gevestigd, geldt de enkelbestemming ‘Bedrijventerrein’. Deze bestemming beperkt zich tot bedrijvigheid in milieucategorie 3.1 van de Staat van bedrijfsactiviteiten. De huidige en toekomstige activiteiten van Gacon zijn echter niet terug te vinden in deze Staat van bedrijfsactiviteiten. In de toelichting is bovendien beschreven dat de activiteiten van Gacon vallen onder categorie 4.1. Met het huidige ontwerpbestemmingsplan worden de activiteiten van Gacon niet positief bestemd hetgeen onwenselijk wordt geacht. Gacon is een bedrijf dat is gespecialiseerd in het renoveren en verduurzamen van metalen en betonnen ondergronden, waaronder het reinigen, stralen en coaten van metalen en betonnen objecten, applicatie van kunststofvloeren en het uitvoeren van betonreparaties. Daarnaast worden ook metalen geschoopeerd. Dat is een activiteit die niet valt onder het conserveren van metalen, maar wel valt onder categorie 3.2. Ook andere metaalverwerkende, -bewerkende technieken en methoden inclusief de voorbehandeling van metalen wil Gacon in de toekomst kunnen uitvoeren. Reclamant stelt voor om op het perceel van Gacon bedrijven toe te staan tot en met categorie 4.1.
Functieaanduiding In het ontwerpbestemmingsplan is een functieaanduiding opgenomen die voor Gacon bedoeld lijkt te zijn. Deze is echter op een deel van het perceel van Groothandelsweg 3 gelegd (dat niet in bezit is van Gacon) en niet op het perceel van Groothandelsweg 5. Buitenterrein In artikel 7.3.8 is opgenomen dat het opslaan van goederen dient plaats te vinden binnen het bouwvlak. Het buitenterrein van Gacon wordt ook buiten het bouwvlak gebruikt voor de opslag van o.a. containers, metalen en andere roerende goederen. Dit zou met artikel 7.3.8 niet meer toegestaan zijn en daarmee wordt Gacon fors in haar bedrijfsvoering beperkt. Voorgesteld wordt dit deel van het voorschrift te schrappen of het bouwvlak zodanig te verleggen dat deze parallel loopt aan de erfafscheiding aan de voorzijde (oostzijde) van het perceel Groothandelsweg 5.
Beoordeling
De aanleiding voor het opstellen van dit bestemmingsplan is met name het vastleggen van de bestaande situatie op het bedrijventerrein, alsmede de wens om te komen tot een uniforme en actuele bestemmingsregeling. Milieucategorie In het ontwerpbestemmingsplan worden in algemene zin bedrijven tot en met milieucategorie 3.1 toegestaan. Voortschrijdend inzicht heeft ertoe geleid op het bedrijventerrein De Grift bedrijvigheid tot en met milieucategorie 3.2 toe te staan. Daarmee wordt meer recht gedaan aan het karakter van de bedrijven op het bestaande bedrijventerrein De Grift. Bovendien sluit dit beter aan bij de toegestane milieucategorieën op de beoogde uitbreiding van bedrijventerrein De Grift. Het bestemmingsplan wordt op dit punt aangepast. Wat betreft de Staat van Bedrijfsactiviteiten wordt opgemerkt dat dit een algemene lijst betreft die sinds 2009 niet meer geüpdatet is door de VNG. Dat de (specifieke) bedrijfsactiviteiten van een bedrijf niet worden genoemd in de Staat van Bedrijfsactiviteiten is niet uitzonderlijk. Om deze reden is in de bestemming