CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 Planningskader wonen en zorg ouderen

Besluitronde (raadsvergadering) 22 december 2021, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling Bestemmingsplan Nijmegen Bottendaal Galgenveld -7 (Van Slichtenhorststraat 91-93) (129/2021)12.261 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

PLanningskader wonen en zorg ouderen 2017 Geschikt wonen voor ouderen in Nijmegen: de opgave tot 2025

januari 2017

Inhoudsopgave 1

Inleiding

.3

1.1 Uitgangspunt is het woonservicegebiedenbeleid..........................................................................................3 1.2 Verschillen tussen Planningskader2014en Planningskader 2017................................................................4 1.3 Leeswijzer ...................... .................................................................................................................................. 4 2

Resultaten planningskader 2014............................................................................................................................5

3

Inventarisatie ..........................................................................................................................................................7 3.1 Gehanteerde definities ............................................................................... . ........................................ ............ 7 3.2 Verzamelen gegevens aanbod zijde ................................................................................................................7 3.3 Verzamelen gegevens vraagzijde....................................................................................................................9 3.3.1 Opbouw huishoudens Nijmegen .......................................................................................................9

4

Analyse en opgave ................................................................................................................................................10 4.1 Uitkomsten vraag en aanbod sociale huur segment ...................................................................................10 4.1.1 Levensloopgeschikte woningen/nultredenwoningen ouderen......................................................11 4.1.2

Beschut wonen.................................................................................................................................11

4.1.3

Beschermd wonen ouderen ......................... . ....................................................... . .... . ...................... 13

4.2 Rolstoelwoningen .........................................................................................................................................14 4.3 AangepastwonenABF ................................................................................. . ................................................. 15 4.4 Overige woonsegmenten ..............................................................................................................................16 4.5 Reeds geplande nieuwbouw en plannen in ontwikkeling ...........................................................................16 5

Conclusies .............................................................................................................................................................19

6

Perspectief op realisatie .......................................................................................................................................22

Bijlagen........................................................................................................................................................................... 25 Bijlage 1, Woonservicegebieden ......................................................................... ... ........................................................ 26 Bijlage 2. Overzicht met afwijkingen richtlijn ................................................................................................................ 28 Bijlage 3. Aanbod zorgwoningen ouderen (sociale huur).............................................................................................29 Bijlage 4. Tabel huishoudenssamenstelling 2015 & 2025 ..................................................... . ................................ . ...... 30 Bijlage5. Planningskader 2017......................................................................................................................................32 Bijlage 6. Ontwikkeling ouderen in de Waalsprong ......................................................................................................35 Bijlage 7. Kaart met Wmo-woningaanpassingen ..........................................................................................................37 Bijlage 8.

Vraag naar woningen in verschillende categorieën ......................................................................................38 Bijlage9. Kanslocaties ...................................................................................................................................................42 Bijlage 10. Advies en beantwoording Seniorenraad .....................................................................................................43

2

I

Inleiding

Het planningskader Wonen en Zorg is een kader voor het plannen van toekomstige huisvesting voor ouderen en voor mensen met beperkingen op woonservicege bieden niveau in Nijmegen. Het geeft informatie over de woningcategorieën en de benodigde aantallen (zorg)woningen per woonservicegebied in de toekomst. In 2008 hebben wij, het college van Burgemeester en Wethouders, op het gebied van wonen en zorg een eerste planningskader vastgesteld. In 2014 is dat planningskader herzien. De vergrijzing en het ingezette rijksbeleid ten aanzien van extramuralisering leiden ertoe dat meer mensen langerzeifstandig (thuis) wonen. De verzorgingshuizen zijn bijna allemaal verleden tijd en in Nijmegen zijn ze al verleden tijd. Deze nieuwe informatie vraagt om nieuwe cijfers. Deze ontwikkelingen hebben invloed op de opgave voor het aantal geschikte woningen (met zorg) dat nodig is voor Nijmegen. Dat zien we ook terug in de uitkomsten van deze herziening van het planningskader. Deze actualisatie is een uitwerkingvan de Woonvisie die de raad in 2016 heeft vastgesteld. Daarnaast is het input voorde prestatieafspraken die met de woningcorporaties worden gemaakt.

Het planningskader 2017 gaat alleen over de doelgroep ouderen en focust op corporatiewoningen in de huurcategorieën tot de liberalisatiegrens. De reden hiervoor is dat we van de woningcorporaties een goed beeld hebben van het aanbod van woningen voor ouderen en met hen prestatieafspraken kunnen maken over de woningvoorraad. Samen met de corporaties en de grote zorgeanbieders zijn we gekomen tot een realistisch aanbod, Als we het in deze notitie over ouderen hebben dan hebben we het over zelfstandig wonende ouderen, van 65 jaar of ouder, die soms zorg nodig hebben (extramuraal), maar ook over ouderen in een intramurale setting (beschermd wonen ouderen). Bij de intramurale setting gaat het altijd om ouderen met een grotere zorgbehoefte (vanaf ZZP5) op basis van psychogeriatrie en/of somatiek. Voor beschermd wonen gaat dit planningskader wel in op alle categorieën wonen, dus zowel alle huur als koop. Naast de toekomstige opgave lichten we in deze notitie nog een aantal andere zaken toe, zoals: •

Vraag naar woningen voor mensen met een mobiliteitsbeperking

•

Vraag-aanbod koopwoningen en Vrije sector huurwoningen.

Het planningskader voor kwetsbare overige doelgroepen (geestelijke gezondheidszorg en gehandicaptenzorg) met een specifieke woonvraag wordt in een later stadium herzien (eind 2018). De materie rondom deze doelgroepen is lastig kwantificeerbaar aan zowel vraag- als aanbodzijde, vanwege de grote veranderingen in de zorg. Daarom is er voor gekozen is om dit planningskader los te koppelen van het planningskader wonen en zorg voor ouderen.

1.1

Uitgangspunt is het woonservicegebiedenbeleid

Het uitgangspunt van het nieuwe planningskader is gelijk aan dat van het planningskader 2014. We gaan uit van een indeling in woonservicegebieden (zie bijlage 1). Nijmegen heeft vijftien woonservicegebieden. De doelstelling van het woonservicegebiedenbeleid (2013) is als volgt gedefinieerd: •

Ouderen, zorgbehoevenden, mensen met (functie)beperkingen blijven geïntegreerd wonen in hun wijk met de benodigde zorg en dienstverlening. We realiseren levensloopbestendige wijken door voldoende en levensloopgeschikte woningen voor deze bewoners te realiseren;

•

We realiseren per gebied bereikbare zorg- en welzijnsvoorzieningen.

•

We willen zoveel mogelijk de zelfstandigheid bevorderen van genoemde burgers en dragen zorg voor een barrièrevrije en sociaalveilige woonomgeving. Voor de openbare ruimte heeft de gemeente Nijmegen daarvoor een 'Handboek toegankelijkheid' opgesteld.

•

Voor mensen die niet (meer) de regie kunnen voeren over het eigen leven bestaat een intramuraal woningaanbod. Dit kan in de vorm van een grote verpleeginstelling dan wet in de vorm van kleinschalig

wonen zijn. De ambitie is om woonvormen voor deze doelgroep ook per woon servicegebied in te richten of te behouden. Daar waard it niet mogelijk is, hanteren we het uitgangspunt dat er stad sbreed voldoende aanbod moet zijn.

1.2

Verschillen tussen Planningskader2014 en Planningskader2017

Het is niet mogelijk om een één op één vergelijking te maken tussenbeide planningskaders. De context waarin het beide beleidskaders zijn opgesteld is sindsdien op een aantal punten veranderd. In de zorg is veel veranderd sinds 2015. Mensen moeten en willen vaak langer zelfstandig thuis wonen, de verzorgingshuizen zijn verdwenen en de verpleeghuizen zijn er alleen voor die personen die echt niet meer thuis kunnen wonen en vaak al in de laatste levensfase verkeren, Daardoor zien we bijvoorbeeld (landelijk, maar ook in Nijmegen) dat in minder dan 3 jaar tijd de gemiddelde woonduur in een verpleeghuis gedaald is van ca 2,5 jaar naar minder dan ijaar. De vraag naar geschikte woningen voor ouderen is daarmee ook veranderd. Ook de onderzoeksmethode van het onderzoeksbureau ABE-research (ABE) naar de vraagzijde (zie H3.2) is veranderd. Doordat men betere gegevens heeft over demografische ontwikkelingen, inkomensontwikkelingen, wonirigmarktontwikkelingen en het beleid ten aanzien van wonen en zorg is de input van het model aangepast. Daarmee wordt de output ook anders. Verder hebben we voor het Planningskader van 2017 veel energie gestoken in het op orde krijgen van het woningaanbod van corporaties en zorginstetlingen. Daarvan hebben we nu een completer beeld dan in 2014.

Dit planningskader is een instrument in ons bredere beleid om een betaalbare en passende woningvoorraad te realiseren voor ouderen. In ons sociale beleid streven we ernaar om ouderen met een beperking in staat te stellen zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen wonen en leven en mee te laten doen in de maatschappij. Naast een geschikte woning, is daar uiteraard meer voor nodig, zoals vormen van ondersteuning vanuit de Wmo, (thuis)zorg, voldoende voorzieningen zoals winkels, ontmoetingsgelegenheid en openbaar vervoer in de nabijheid en een toegankelijke openbare ruimte.

1.3 Leeswijzer Hoofdstuk 2 laat een korte terugblik zien op het planningskader 2014. In hoofdstuk 3 wordt aangegeven hoede inventarisatie van de gegevens heeft plaatsgevonden. Hoofdstuk 4 geeft vervolgens een analyse van de gegevens en de bijbehorende opgave tot 2025. Hoofdstuk 5 geeft een conclusie en hoofdstuk 6 laat zien hoe we dit willen realiseren.

2

Resultaten planningskader 2014

In het Coalitieakkoord 2014-2018 is de inhaalslag op het terrein van wonen en zorg als speerpunt benoemd. Mensen met een zorgvraag moeten goed en zoveel mogelijk zelfstandig kunnen wonen in hun eigen wijk, met een passend voorzieningenniveau. Het planningskader uit 2014 liet zien wat er richting 2030 nog nodig was om vraag en aanbod van woningen goed op elkaar te laten aansluiten. Er bleek een groeiend tekort aan seniorenwoningen en levensloopgeschikte woningen in Nijmegen te zijn. Daarnaast liet het planningskader 2014 in de wijken Centrum, Midden, Oost, Dukenburg en Lindenholt een tekort op het gebied van beschermd en verzorgd wonen zien. Deze wijken zijn destijds aangewezen als prioriteitswijken. In deze wijken hebben wij dan ook extra inzet gepleegd om locatie te vinden voor het realiseren van wonen met zorg. In paragraaf 3.3 wordende definities beschreven van de verschillende woonvormen. Naast een extramurale opgave (levensloopgeschikt, verzorgd/beschut) blijft een intramurale opgave (bescherm wonen ouderen) bestaan. Bij voorkeur in de eigen wijk. Dit kan in de vorm van een grote verpleeginsteUing dan wel in de vorm van kleinschalig wonen. Ook bij beschermd wonen zijn zorgen wonen steeds meer gescheiden en realiseren woningcorporaties het woningaanbod en een zorgaanbiederde zorg.

Op basis van het planningskader wordt er bij ontwikkellocaties nadrukkelijk gekeken naar de mogelijkheden voor wonen met zorg, Wij voeren tot op heden een terughoudend beleid (Nee, tenzij) als het gaat om het toevoegen van woningen in de bestaande stad. Dit om de voortgang van de grote ontwikkeUocaties Waaisprong en Waatfront op peil te houden. Wonen met zorg (beschut en beschermd) is én van de criteria op basis waarvan een uitzondering op dit beleid gemaakt ken worden. Momenteel wordt er gewerkt aan nieuw beleid voor de woningbouwprogrammering, hierin worden de criteria ook tegen het licht gehouden. Dit planningskader vormt input voor de nieuwe woningbouwprogrammering. Tussen 2014 en 2017 zijn onderstaande beschermd wonen voor ouderen complexen gerealiseerd': a

de Wollewei in Malvert, Dukenburg (32 woningen)

•

de Horizon in de Meijhorst, Dukenburg (48 woningen)

•

locatie Margriet in Oost, Oost-Noord (32 woningen)

•

Campanula in LaaLiwik, Noord -Lent (32 woningen)

•

De Vlechting in Zwanenveld, Dukenburg (32 woningen)

•

Alpha en Omega in Oost, Oost-Noord (37 woningen)

•

Nieuwbouw Huize Rosa, Neerbosch-Oost (36 woningen)

In totaal zijn er daarmee 249 woningen beschermd wonen toegevoegd. Als we kijken naar de prioriteitswijken, dan zien we dat alleen in Oost daadwerkelijk nieuwe zorgwoningen zijn gerealiseerd. Voor de andere prioriteitsgebieden zijn wel kanslocaties in beeld gebracht, maar is nog niets gerealiseerd. De trajecten voor wonen en zorg zijn langlopend en daarmee is het dus niet verwonderlijk dat de volgende projecten nog in onderzoek/voorbereiding zijn en nog niet daadwerkelijk zijn uitgevoerd: •

St. Agnetenweg in Lindenholt (ce. 32 woningen, beschermd wonen)

•

Vossenlaan in Midden (ce. 40 woningen beschermd wonen)

•

Smit Draad in Midden (ce. 36 woningen beschut wonen en 36 beschermd wonen)

•

Vlierestraat in Oost-Zuid (ce. 36 woningen beschut wonen en 36 beschermd wonen)

•

Doddendaat (intersportlocatie) in Centrum (ca. 40 woningen beschermd wonen)

'Onder andere de volgende locaties zijn verdwenen voor huisvesting van ouderen met zorgbehoelte: Doddeodaal, Piushove, verpleeghuis Margriet, Doekenborg, Orangerie, 5onnehaert, Park Maldenborgh

Wonen met zorg is meer dan alleen nieuwbouw van beschut en beschermd wonen en het levensloopgeschikt bouwen en renoveren. Zowel landelijk als lokaal beleid is er opgericht dat mensen zo lang als mogelijk in hun eigen huis kunnen blijven wonen. In 2015 heeft de gemeente Nijmegen de SWON opdracht gegeven voor de campagne 'Bewust wonen', waarbij bewoners van bestaande woningen bewust worden gemaakt van de mogelijkheden om hun woning beter geschikt te maken (meer levensloopgeschikt). Naast woningaanpassing vereist het langer zelfstandig wonen ook een aanbod van zorg- en welzijn en andere voorzieningen in de buurt en/of een mobiliteitsoplossing. De kanteling naar de wijk in het sociaal domein speelt hier op in. In 2016 is besloten (College Voorstel, 2016,0738) dat de campagne "Bewust wonen" wordt voortgezet. In 2017 heeft de raad, via een initiatiefvoorstel, de "Blijverslening" vastgesteld. Mensen die hun woning levensloopgeschikt willen maken kunnen tegen gunstige voorwaarden een hypothecaire lening bij de SVN afsluiten. De "Blijverslening" wordt ook een onderdeel van "Bewust wonen".

3

Inventarisatie

3.1

Gehanteerde definities

Voordat begonnen wordt met een inventarisatie van vraag en aanbod, is het handig te weten over welke woonvormen wordt gesproken en welke definitie daar bij hoort.

•

Nultredenwoningen: De woning is een nultredenworiingen indien deze zowel van buitenaf als binnen in de woning toegankelijk is zonder traplopen.

•

Levensloopgeschikte woningen/rollatorworiingen: Een woning die minimaal voldoet aan de richtlijnen uit Bijlage 2 van de Regionale Huisvestingsverordening. Rolstoelwoningen: Een woning die minimaal voldoet aan de richtlijnen uit Bijlage 2 van de Regionale Huisvestingsverordening.

•

Beschut wonen: betreft de situatie waarbij een huishouden (65+) in een levensloopgeschikte woning woont en gebruik kan maken van verpleging of verzorging. Er zijn faciliteiten om elkaar te ontmoeten (spontaan of georganiseerd) en waar het mogelijk is om met enige regelmaat iets te organiseren voor en/of door de ouderen.

•

Geclusterd wonen: hieronder wordt verstaan wonen in een complex, waarbij geen mogelijkheid is tot gefaciliteerd ontmoeten.

•

Beschermd wonen ouderen: Betreft een woon- en verblijfsvorm met 24-uurs nabije zorg en toezicht. Met nabij wordt hier gedoeld op zorg die permanent aanwezig is in het gebouw. Concreet gaat het om personen met een ZZP 5-8, Hierbij gaat het om personen met dementie (PG) en personen met somatische problematiek (SOM.) of een combinatie.

3.2

Verzamelen gegevens aanbodzijde

Voor het Planningskader 2011 is de aanbodzijde in beeld gebracht door de woningcorporaties2 en zorgaanbieders. Daarbij gaat het om hoeveel geschikte woningen voor ouderen (levensloopgeschikt, verzorgd/beschut wonen en beschermd wonen ouderen) er op dit moment zijn tot de liberalisatiegrens voor de huurtoeslag. Met een werkgroep van de Nijmeegse corporaties en de twee grote zorgaanbieders (ZZG en De Waalboog) is een traject gestart om in onderlinge overeenstemming te komen tot een gedeeld beeld over de aanbodzijde. Daarbij zijn alle woningen betrokken die 100% levensloopgeschikt/rollatorgeschikt zijn bode woningen die bijna levensloopgeschikt zijn. De laatst genoemde categorie is vergeleken de richtlijnen uit Bijlage 2 van de Regionale huisvestingverordening. De richtlijnen geven aan waaraan een rollator- of rolstoelwoning moet voldoen. Met de werkgroep zijn de richtlijnen besproken en geconstateerd is dat er op sommige punten voor rollatorwoningen (by. draaicirkel verkeersruimtes, drempel naar buitenruimte), in marges, kan worden afgeweken van de richtlijn, met als doel om de klant sneller te kunnen helpen. De woning is dan nog steeds toe- en doorgankelijk voor iemand die een rollator gebruikt. Wel moet de voordeur altijd goed te bereiken zijn en de woning zelf ook. De draaicirkels in de woning moeten wel gehanteerd worden conform de richtlijnen.

Bij voorkeur zijn er geen schegplaten en drempels in de woning. In bijlage 2 is een overzicht weergegeven van de mogelijkheden tot afwijken van de richtlijnen (rolstoelwoningen moeten aan alle punten uit de huisvestingsverordening voldoen). Als een dergelijke woning aan een oudere verhuurd wordt (met of zonder indicatie), wordt aan de huurder meegegeven dat een woning mogelijk niet 100% voldoet. Dit wordt goed doorgenomen tussen verhuurder en

Corporatie Mooiland heeft circa 500 woningen in haarbezit in Nijmegen. Zij maken nog een inventarisatie van de aantal

'

tevensloopgeschikte woningen. Deze zijn dus nog niet opgenomen in het Planningskader 2017

huurder. Aan de gemeente wordt door de verhuurder doorgegeven waarom de woning net niet volledig levensloopgeschikt is, zodat de gemeente een afweging kan maken bij een eventuele Wmo-aanvraag3. Door het accepteren van de woning vervalt namelijk in eerste instantie het recht om aanspraak te maken op een woningaanpassing op grond van de Wmo, voor die onderdelen waarop de woning afwijkt van de criteria voor levensloopgeschiktheid. We kiezen hierbij dus voor een pragmatische aanpak die aansluit bij wat de bewoner nodig heeft en leidt tot een realistische opgave voor de woningcorporaties. De corporaties zetten zich in om het aanbod woningen-wonen en zorg uit te breiden en niet om te beslissen over het wel of niet aanpassen van een woning gefinancierd door de Wmo. In de Wrno-verordening is een bepaling opgenomen dat de burger een "eigen verantwoordelijkheid" heeft. Als er voor een geaccepteerde woning toch een Wmo-woningaanpassing wordt aangevraagd, dan kan op basis van de Wmo-verordening een afwijzing plaatsvinden, Als er sprake is van gewijzigde omstandigheden, by. een toename van de beperkingen van de huurder, dan wordt uiteraard opnieuw door de gemeente gekeken naar de mogelijkheden voor woningaanpassing en/of verhuizing. Bij de vervolgstappen (hoofdstuk 6) wordt aangegeven wat er nog moet gebeuren en moet worden vastgelegd om dit in goede banen te leiden.

Naar aanleiding van de inventarisatie die voor het planningskader is gedaan heeft een aantal corporaties besloten haar gehele bezit per woning goed in kaart te brengen. De aanbodzijde wordt dan ook een dynamische inventarisatie en wordt regelmatig bijgewerkt. In onderstaande tabel wordt het huidige aanbod sociale huurwoningen voor ouderen weergegeven. In bijlage 3 is onderstaande tabel verwoord naar taartdiagrammen op de kaart van Nijmegen. Tabel 1. Huidige aanbod sociale huurwoningen geschikt voor ouderen.

-

k-idige aanbod sociale huurwoningen geschikt voor ouderen

i

Levenstoopgeschikte Brakkenstein

0

108

Centrum

5

0

0

Dukenburg

357

87

104

Hatert

380

95

24

Hatertse Hei/Grootstal

212

0

0

Heijendaal

0

0

Lindenholt

10

0 0

Midden

101 220

24

0

Neerbosch-Oost

30

148

108

Nieuw-West

0

124

0

Noord -Lent

201

42

56

Noord-Oosterhout Oost-Noord

63

0

139

166

0 106

140

Oost-Zuid

13

20

441

Oud-West

256

76

26

Nijmegen

1977

900

1005

De huurder krijgt een beschikking van de gemeente Nijmegen waarmee hij voorrang krijgt bij het zoeken naar een passende woning. Aan deze beschikking zit een verhuiskostenvergoeding vast. In de beschikking staande eisen waaraan de nieuwe woning van de klant moet voldoen. Bij de acceptatie van de woning wordt de beschikking getoetst.

Verzamelen gegevens vraagzijde

3,3

De vraagkont (hoeveel woningen zijn er nodig) is opgevraagd bij het onderzoeksbureau ABF Research. Zij rekenen modelmatig de vraag door met het zogenaamde 'Fortunamodet'. Met dit model wordt een prognose opgesteld voor de ontwikkelingvan het aantal mensen met behoefte aan beschermd wonen, aan beschut wonen en levensloopgeschikte woningen. Hierbij wordt rekening gehouden met demografische ontwikkelingen, inkomensontwikkelingen, woningmarktontwikkelingen en het landelijke beleid ten aanzien van wonen en zorg. Het model gaat echter uitvan woonmilieus en niet van woonservicegebieden, zoals Nijmegen die kent. Om toch een beeld te krijgen van de goede vraagzijde per woonservicegebied, hebben we de 65+-er uit het model getild om nader te bestuderen (zie ook onderzoek Verhuisgedrag en woonwensen ouderen, O&S juli 2015). Deze doelgroep is namelijk minder verhuisgeneigd en daardoor kan een beeld van de vraag per woonservicegebied worden gegeven. Verder zat er een discrepantie tussen het type woningen zoals vermeld in het model en zoals wij dat in Nijmegen hanteren. Het model gaat uit nultredenwoningen en geclusterd wonen. Terwijl we in Nijmegen gekozen hebben voor een indeling in levensloop-/rollator- en rolstoelgeschikte woningen en beschut wonen.

De corporaties hebben aangegeven welke complexen zij geschikt achten voor ouderen (beschut wonen) en welke complexen in hun ogen vallen onder geclusterd wonen. De geclusterde (geen ontmoeten) en levensloopgeschikte woningen aan de aanbodzijde worden gekoppeld aan de nLlltredenwoningen vanuit het model. Met deze aanvullingen is het mogelijk om een vergelijking te maken en een beeld te vormen van de toekomstige vraag. De afdeling Onderzoek en Statistiek van de gemeente Nijmegen heeft data aangeleverd op het gebied van de huidige woningmarkt en demografische gegevens waardoor vergelijken en het trekken van conclusies mogelijk word t. Opbouw huishoudens Nijmegen

3.3.1

In onderstaande tabel wordt weergegeven hoeveel huishoudens er in Nijmegen zijn en hoe deze in te delen zijn naar leeftijd, samenlevingsvorm en mobiliteitsbeperking. In bijlage 4 is een tabel opgenomen met uitgebreide weergave van de huishoudensopbouw in Nijmegen. Tabel 2. Opbouw huishoudens

11I'N'4. Totaal Nijmegen

I

92.743

101.350

Huishoudens naar leeftijd •

<65

75.280

77.321

0

65-75

9.688

13.331

•

>75

7.775

10.698

Huishoudens naar samenlevingsvorm •

Alleenstaand

55.924

•

Samenwonend

36.819

1

65.202 36.148

Huishoudens naar mobiliteitsbeperking •

Geen mobiliteitsbeperking

80.617

86,337

•

Met rnobiliteitsbeperking

12.126

15.013

7.504

9.204

>

Licht

>

Matig

2.284

2.731

Zwaar/gebruik roRator

1.363

1.822

Zwaar/gebruik rolstoel

975

1.256

>

De tabel laat duidelijk zien dat het aantal huishoudens in de verschillende leeftijdscategorieën groeit. De groep 75+ laat de vergrijzing goed zien. Ook het aantal alleenstaanden groeit met name in de categorieën 65-74 (40%) en 75+ (30%). Gezien de groei van de huishoudens met een mobiliteitsbeperking is er dus ook demografisch een verklaring voor de behoefte aan zorgwoningen en levensloopgeschikte woningen.

4

Analyse en opgave

In deze paragraaf wordt een analyse gegeven van de vraag- en aanbodcijfers van de sociale huursector en wordt de opgave geformuleerd voor levenstoopgeschikte woningen en beschut en beschermd wonen. Daarbij wordt gekeken naar een tijdshorizon tot 2025. Ook de overige segmenten komen kort aan bod in paragraaf 4.4.

4.1

Uitkomsten vraag en aanbod sociale huursegment

In deze paragraaf wordende uitkomsten van vraag en aanbod tegen elkaar afgezet. De verschillen in de uitkomsten laten de toekomstige opgave zien tot 2025. Vraag, aanbod en de opgave vormen samen het Planningskader 2017. De cijfers zijn geen absoluut kader en geen blauwdruk, maar geven richting aan de ontwikkelopgaven voor de komende jaren. Grafiek 'l laat de opgave voor geschikt wonen voor ouderen in de sociale huursector voor de komende jaren zien, oftewel het 'Planriingskader geschikt wonen 2017'. De opgave is het verschil tussen vraag en aanbod. Een negatieve opgave betekent echter niet dat woningen worden gesloopt. In bijlage 5 zijn de tabellen opgenomen, waarin de cijfers zijn neergezet.

500 -

400

Liñuiïiiikider geschikt wonen: opgave tot 2025

-

300

200 :::j4i___ -100

-200

tevensloopgeschikte woonruimten

0 Beschut wonen

Beschermd wonen ouderen

Grafiek 1. Planningskader geschikt wonen sociale huur, opgave tot 2025

De grote opgave voor Oud-West valt te verklaren door een grote toename van de oudere bevolking in dit woonservicegebied de komende jaren. Het overschot in Oost-zuid wordtverklaard door Joachim en Anna en de vijverhof. Joachim en Anna kent een grote regionale functie en valt dus niet in zijn geheel toe te wijzen aan Nijmegen, De Vijverhol ligt op het grondgebied van Berg en Dal, maar is ook bedoeld voor bewoners uit Hengstdal.

10

In Nijmegen hebben we op dit moment: Ca. 3850 levensloopgeschikte sociale huurwoningen (13% vd voorraad) Ca 900 woningen in beschut wonen •

Ca. 1000 woningen in beschermd wonen (verpleeghuiszorg), waarvan 750 onzelfstandig (deels in bezit van zo rga an bied e rs) Van de overige levensloopgeschikte woningen (2000) zijner ongeveer 700 aangemerkt als geclusterd wonen'.

•

Binnen onze definitie vallen deze woningen nu onder (even sloopgeschikte woningen, echter door het regelen van de "mogelijkheid toto n tm oeten", wordt het mogelijk om deze woningen te categoriserena [s beschut wonen. Met de corporaties gaan we nader bekijken of de geclusterde woningen omgezet kunnen worden naar beschut wonen, door ontmoeten toe te voegen. Wat zijn de mogelijkheden hiervoor? Als we er naar streven zoveel mogelijk woningen levensloopgeschikt te maken, dan is er nog wel werk te doen. Zie hiervoor grafiek 1 e de volgende paragrafen.

4.1.1

Levensloo_pgeschikte woninggoJnultredenwo@ingen ouderen

Als we kijken naar de aanbodcijfers van de corporaties en de vraagcijfers uit het model van ABE, dan ligt er tot 2025 een opgave van circa 400 levensloopgeschikte huurwoningen op stedelijk niveau. Dit kan gerealiseerd worden door enerzijds nieuwbouw en anderzijds door aanpassing van bestaande complexen bij renovaties. Er zijn ongeveer 380 woningen die kunnen worden toegevoegd door een relatief kleine aanpassing te plegen aan het complex (bijvoorbeeld door het plaatsen van elektrische deurdrangers). Ook al lijkt de opgave voor levens loopgeschikt bouwen nu niet zo groot, we verwachten door de toenemende vergrijzing wel een toename van de vraag (zie tabel 1, p. 8), Daarnaast impliceren de cijfers de hoeveelheid mensen die een bepaalde wooing nodig heeft. Dat betekent dat er veel meer woningen nodig zijn, omdat de woning niet specifiek wordt toegewezen aan de juiste doelgroep. Dat geldt gedeeltelijk ook voor beschut wonen. Als er in complexen ook jongere ouderen gehuisvest kunnen worden kan dat ervoor zorgen dat in de woonvorm het organiseren van ontmoeting beter wordt geregeld, omdat de relatief jongere mensen meer organiserend vermogen hebben. Een levensloopgeschikte woning is bovendien een toekomstbestendige woning die ook extra gebruiksgemak biedt aan huishoudens met jonge kinderen. Daarnaast bestaat er de mogelijkheid om van de geclusterde woningen beschut wonen te maken.

Dan verschuiven de woningen van de categorie levensloopgeschikt naar beschut en neemt dus de opgave levensloopgeschikte woningen weer toe. Op het niveau van de woonservicegebieden zien we in veel delen van Nijmegen tekorten ontstaan. Met name Oost (Noord en Zuid), NieuwWest, Dukenburg en het Centrum verdienen aandacht. In de wijken waar een overschot is aan levensloopgeschikte sociale huurwoningen, wil dit niet zeggen dat er niet meer gebouwd hoeft te worden. Uitgangspunt is immers dat alle woningen in principe levensloopgeschiktgebouwd worden, dus wellicht is er meer nodig in andere woonsegmenten. In de wijken Hatert en Hatertse Heiligt de prioriteit eerder op het realiseren van beschermd wonen en beschut wonen.

4.1.2

Beschut wonen.

De afgelopen jaren hebben we gesproken over verzorgd wonen. Deze term levert inde praktijk discussie op. Het verzorgingshuis met zijn combinatie van wonen, zorg en ruimte voor ontmoeting bestaat sinds 2015 vrijwel niet meer en wonen en zorg zijn financieel van elkaar gescheiden. Corporaties geven aan dat de definitie verzorgd wonen niet meer toe te passen is. Verzorgd wonen wordt vaak niet meer geclusterd aangeboden. En het "ontmoeten" wordt niet meer gerealiseerd. Er zijn voor corporaties geen financieringsgrondslagen om een gemeenschappelijke ruimte te realiseren. Corporaties geven aan dat het verzorgd wonen in de wijk kan worden

11

ingebed. En dat wat hun betreft de term verzorgd wonen ken worden afgeschaft. De corporaties stelten zich op het standpunt dat het gaat om "gewoon wonen» in een levens loopgeschikte woning, waarbij zorg wordt afgenomen. Echter door de toenemende vergrijzing neemt, op basis van het ABE-model, de vraag van ouderen naar geclusterde woonvormen toe, ondanks de veranderingen in de langdurige zorg. Ouderen hebben behoefte aan comfortabel wonen in een veilige woonomgeving in elkaars nabijheid, met gelegenheid om elkaar te ontmoeten en zo nodig te helpen of een oogje in het zeil te houden. Het oude verzorgingshuisprincipe bestaat echter niet meer. Er is dus een oplossing nodig voor deze woonbehoefte. De term verzorgd wonen laten we vervallen, omdat dit tot verwarring leidt. Vanaf nu spreken we over beschut wonen en de locatie is bepalend of we spreken van beschut wonen voor ouderen. Beschut wonen, is een woonvorm, relatief dichtbij voorzieningen voor de doelgroep ouderen. Er is enige mate van clustering, dat hoeft niet perse een complex te zijn, maar kan ook bijvoorbeeld in de vorm van een hofje. Het moet mogelijk zijn om 'ontmoeten' te faciliteren. De gemeente maakt een inventarisatie van alle ontmoetingsmogelijkheden in de stad. Ook de corporaties maken een inventarisatie van hun ontmoetingsmogelijkheden.

Op basis van deze inventarisaties kunnen voor beschut wonen kanslocaties worden aangewezen. Aan beschut wonen is in de meeste woonservicegebieden in Nijmegen een tekort. De opgave naar beschut wonen is in Oud-West het grootst. De demografische gegevens, zoals die bij Bureau Onderzoek en Statistiek van de gemeente Nijmegen bekend zijn, laten een duidelijke vergrijzing van dit stadsdeel zien in de jaren tot 2025. In Hatert en Midden komt uit het model een overschot. Echter het woonservicegebied Midden kent maar 24 woningen voor beschut wonen en dat is eigenlijk te weinig. De uitkomsten van het model laten in woonservicegebied Midden geen opgave voor beschut wonen zien in de sociale huursector. Dit opvallende gegeven hebben we dubbel gecheckt en kunnen we niet verklaren. Andere cijfers laten nl. wel degelijk een vergrijzing zien en er is ook een stijging van huishoudens met een zware mobiliteitsbeperking. Lilt de cijfers blijken geen afwijkingen op stadsniveau en er zijn geen aanwijzingen om aan te nemen dat de doorvertaling naar woonservicegebieden niet goed is gegaan. Wellicht kiezen mensen die niet voor een sociale huurwoning aanmerkingen komen op een andere manier hun weg. We vermoeden dat ze kiezen voor geclusterd wonen en zelf het ontmoeten regelen.

Gezien de spreiding van beschut wonen overdo woonservicegebieden en het feit dat we in elk woonservicegebied aanbod willen hebben, kunnen we beredeneren dat er juist wel een behoefte bestaat aan beschut wonen in Midden. Stakeholders (professionals en bewoners uit de wijk) geven ook aan dat er behoefte is aan meer levensloopgeschikte woningen en beschut wonen. Dus ondanks dat er uit het planningskader blijkt dat er geen opgave beschut wonen is, willen we de lopende ontwikkelingen wel voortzetten (Vossenlaan, Smit Draadterrein), Het planningskader laat zien dat er voor Nijmegen als geheel nog circa 1600 woningen als beschut wonen moeten worden toegevoegd tot 2025. Dit kan zijn door nieuwbouw, maar ook door creatieve oplossingen in bestaande bouw. Door bijvoorbeeld de geclusterde woningen te voorzien van een ontmoetingsmogelijkheid. Mensen willen graag bij elkaar wonen, maar toch zelfstandig. Het zorgt voor een gevoel van veiligheid (mensen kennen elkaar) en welbevinden. Beschut wonen ken een (gedeeltelijk) antwoord bieden op vraagstukken als isolement en vereenzaming. We kunnen concluderen dat deze woonvorm wordt gemist op veel plekken in de stad. Beschut wonen gaat om comfortabel wonen in een veilige woonomgeving. Ontmoeten is daarbij een belangrijk punt, of dat nu in het gebouw is of in de nabijheid wordt aangeboden.

Per ontwikkellocatie moet het 'ontmoeten' dan ook nader worden gedefinieerd. We streven ernaar dat nieuwbouw beschut wonen voldoet aan de volgende uitgangspunten:

12

o

De woningen zijn tevensloopgeschikt. Voor bestaande bouw volgens de richtlijnen van de huisvestingsverordening en voor nieuwbouw volgens GPR (een instrument dat gemeente Nijmegen gebruikt voor het duurzaam en toegankelijk bouwen van o.a. woningen) incl, de checklist Langer Thuis binnen GPR.

o

De woningen maken deel uit van een cluster. Mensen met en zonder zorgbehoefte wonen gemengd, waarmee de inzet van een informeel netwerk mogelijk wordt. De woningen zijn in principe wel bedoeld voor ouderen.

o

Het aandeel beschut in het cluster zal in de loop van de tijd meegroeien met de bevolkingsontwikkeling en de toenemende vraag.

o

De woningen zijn minimaal 55-55 m2 GBO (één- of tweepersoonshuishoudens) groot en hebben bij voorkeur3 kamers (minimaal conform Bouwbesluit). Een complex bestaat verschillende grootten woningen.

o

Voor sociale huurwoningen geldt passend toewijzen in de het kadervan Woningwet 2015

o

Er zijn één of meerdere ruimtes aanwezig voor het stallen van scootmobielen, inclusief elektra voor het opladen.

o

Er zijn veiligheids- en/of alarmeringsvoorzieningen in de woning aanwezig.

o

Voorzieningen (winkels, kapper enz.) zijn over het algemeen op rollatorafstand bereikbaar vanaf een cluster.

o

Binnen het cluster of in de directe nabijheid is een gelegenheid aanwezig om elkaar te ontmoeten (mag ook park of tuin zijn, mits gehe(ejaar te gebruiken). Voor de uitwerking van deze nabijheid (rollatorafstand of toch in het gebouw) is maatwerk nodig en wordt dan ook per ontwikkellocatie bepaald door de gemeente in samenspraak met de ontwikkelaar. In een bestemmingsplan of ineen anterieure overeenkomst wordt vastgelegd hoe in het 'ontmoeten' wordt voorzien. Bij het uitzoeken van de ontwikkellocatie kan hier al meteen naar worden gekeken. Bij voorkeur zijn ook aanvullende zorgdiensten (wijkverpleegkundige, huisarts, fysio) in de nabijheid beschikbaar.

o

Geregeld worden activiteiten georganiseerd voor en/of door de bewoners van het complex (al dan niet ondersteund door vrijwilligers en lokale partner), zodat het ontmoeten wordt gefaciliteerd. De grootte van de ontmoetingsruimte wordt nader bepaald.

Kortom de opgave voor beschut wonen is groot. Een deel ken worden ingevuld als corporaties hun bestaande geclusterde complexen geschikt maken met een ontmoetingsruimte. Dit is in het vervolg onderwerp van gesprek. Daarnaast gaan we vanuit de gemeente onderzoek waar dagbesteding en andere ontmoetingsruimtes aanwezig zijn en dit leggen we dan naast de beschut wonen complexen. Op basis daarvan kunnen we nieuwe actiepunten opvoeren, zodat er een mooie spreiding over de stad gaat plaatsvinden en dat ouderen de mogelijkheid krijgen om te ontmoeten. Corporaties moeten ook in actie komen om deze opgave in te vullen. Creativiteit is daarbij een kernwoord.

4,1.3

Beschermd wonen ouderen

ABE heeft ook een berekening gemaakt voor het intramuraal wonen voor ouderen. In het model wordt geen onderscheid gemaakt naarwoonsegmenten (sociale huur, middel/dure huur en koop), dus het gaat bil intramuraal over het gehele aanbod. De corporaties en de zorgaanbieders hebben de aanbodzijde aangeleverd. Daarnaast hebben we ook de Sterrenschans (44 woningen) en Aquaviva (32) meegeteld aan de aanbodzijde. Er is dus een redelijk scherp beeld van de opgave richting 2025 voor deze doelgroep. De opgave voor beschermd wonen is voor 2025 circa 209 plaatsen. Voor beschermd wonen houden we voorlopig vast aan de prioriteitswijken uit het Planningskader 2014, om er voor te zorgen dat dein gang gezette ontwikkelingen kunnen worden afgerond. Te zien is dat er nog duidelijk een opgave in Lindenholt, Centrum en Midden aanwezig is. Maar ook buiten de

13

prioriteitsgebieden is er nog behoefte aan beschermd wonen. Te denken valt dan aan Dukenburg, Nieuw-West en Hatert. In 5jaartijd neemt de vraag naar intramurale zorg toe, door de toenemende vergrijzing. De groei van de cliënten die intramurale zorg ontvangt blijft wel aanzienlijk achter bij de groei van het aantal 75-plussers. Dit is te verklaren door het feit dato u deren steeds langer thuis (wil(en) blijven wonen. Een deel van de opgave voor beschermd wonen ligt ook bij ontwikkelaars en zorgaanbieders. Zo wordt binnenkort aan de Krekeistraat door Dagelijks Leven een kleinschalige complex opgeleverd.

Het is een aantoonbare trend dat het aantal oude ouderen veel sneller stijgt dan de behoefte aan plekken beschermd wonen vanwege de aanzienlijk kortere verblijfsduur. Ouderen blijven zo lang mogelijk thuis wonen en als zij echt niet thuis kunnen wonen verhuizen ze. De gemiddelde verblijfsduur in beschermd wonen voor ouderen is minder dan een jaar.

Voor beschermd wonen voor ouderen, zien we in veel gebieden tekorten. In Brakkenstein, Neerbosch-Oost en Oost-Zuid is juist een veelvoud aanwezigvan wat noodzakelijk is voor het woonservicegebied zelf, Deze gebieden vervullen deels een opvangvoorde stad als geheel. Het aanbod in Oost-Zuid wordt grotendeels ingevuld door Joachim en Anna en Nijevelt van De Wealboog (385 plaatsen van de 441). Deze locaties vervullen deels bovenregionale functie met zeer specialistische zorg. De negatieve opgave is daarmee verklaard, Op de Vijverhof (grondgebied van gemeente Bergen Dal), verzorgt ZZG de overige 56 plaatsen. Deze worden dus ook maar deels ingevuld door bewoners uit Nijmegen. De Waalboog heeft aangegeven dat er circa 150 plaatsen kunnen worden toebedeeld aan de zeer specialistische zorg. Deze zijn in mindering gebracht op het totaal aantal plaatsen in OostZuid. Nieuwe ontwikkelingen voor beschermd wonen, zoals bijvoorbeeld gepland op de Vlierestraat, worden door ons dan ook aangemoedigd, evenals eventuele andere initiatieven die tot meer spreiding leiden. Ook Lent laat nu nog een overschot aan woningen zien, maar de behoefte na 2030 zal gestaag groeien. In bijlage 6 is een overzicht gegeven van de bevolkingsgroei in Nijmegen Noord, In de planontwikkelingen moet daar dan ook al rekening mee worden gehouden.

Nu is er nog ruimte om te bouwen, tegen de tijd dat de woningen noodzakelijk zijn is er geen ruimte meer. Het creatief omgaan met woonvormen is dan ook noodzakelijk.

Kortom, uit het planningskader blijkt een tekortvan 209 woningen. Maar doordat we toch enige spreiding over de stad willen hebben, wordt er per initiatief gekeken of het nodig is. Door de regionale functie van Joachim en Anna geeft Oost-Zuid een vertekend beeld. Naast de at ingezette ontwikkelingen aan de St, Agnetenweg, Vlierestraat, Doddendaal, St. Hubertusstraat en Vossenlaan is er nog ruimte voor kleinschalige ontwikkelingen. Per ontwikkeling wordt gekeken of er behoefte aan hebben.

4.2

Ro/stoelwonin gen

Binnen de rolstoelgebruikers in Nijmegen is ook een gedeelte ouderen. Daarom hebben we deze paragraaf opgenomen in dit planningskader. Zijner wel voldoende rolstoelwoningen? Op dit moment zijn er in de gemeente Nijmegen bijna 400 rolstoetwoningen aanwezig binnen het woningbestand van de woningcorporaties. Hiervan worden 90 woningen gehuurd door zorginstellingen voor bijzondere doelgroepen (RIBW, Pluryn, Driestroom). Gemiddeld genomen is er een wachtlijst van ongeveer 20-25 personen met een gemiddelde wachttijd van 1 jaar. Het grootste gedeelte van deze wachtlijst wordt uiteindelijk opgelost in de bestaande woningvoorraad van de corporaties door middel van woningaanpassing, deels door de corporaties, deels door de gemeente vanuit de Wmo-middelen. Echter er komt ook steeds meervraag naar woningen voor gezinnen met rolstoelafhankelijke kinderen of voor koppels die beide rotstoelafhankelijk zijn (medio 2017 vijf casussen). Deze kunnen niet ondergebracht worden in de rolstoelwoningen die corporaties momenteel opgenomen hebben in hun opgave of

14

kunnen vaak ook niet worden geplaatst in bestaande aangepaste woningen. In overleg met de corporaties probeert de gemeente deze grotere woningen in het programma op te nemen. Van corporaties wordt verwacht dat zij scherp toezien bij leegkomende grote woningen (éónsgezinswoningen) waar een aanbouw mogelijk is. Binnen de Rolstoeltoewijzingscommissie wordt deze problematiek met de corporaties besproken. En binnen de prestatieafspraken moet deze opgave ook een plek krijgen. Het gaat hierbij dus om maatwerk bij uitstek en van geval tot geval moet bekeken worden wat een passende oplossing is.

Grafiek 2 laat cie mobiliteitsbeperking voor rolstoelgebrLlik zien per leeftijdsklasse en een totaal. Te zien is dat er een stijgend aantal personen met een zware mobiliteitsbeperking rolstoelafhankelijk is. Wij willen hieraan cie toekomstige vraag naar rolstoelwoningen koppelen. Voor heel Nijmegen is de vraag in 2025 ongeveer 1200 woningen en in 2030 ongeveer 1300. De mobiliteitsbeperkingen zijn niet uitgesplitst naar woonsegment. Het gaat hier dan ook om woningen in alle segmenten. Een harde conclusie over een tekort kan dan ook niet worden getrokken, omdat er geen beeld is van particuliere rolstoelgeschikte woningen. Daarnaast zijn er ook personen in een rolstoel die in een niet-rolstoelwoning goed uit de voeten kunnen. Feit blijft wel dat we sar rr en met de corporaties meer rolstoelgeschikte woningen willen creëren.

Zware mobiliteitsbeperking rolstoel 1400 1200 1000

2 800 .

:1

600

.c

400

C

200

C

ce

iI.i

F

0

6

el, IP91

11

1' 19

.2015 2025 .2030 Grafiek 2. Inzicht in personen met een zware mobiliteitsbeperking ro Istoelolhankelijk (Bron: ABF Research))

4.3

Aangepast wonen ABF

Om een zo volledig beeld van geschikte woningen voor ouderen te leveren, gaan we, net als in het planningskader van 2014, in deze paragraaf even kort in op de binnen de Wmo aangepaste woningen. Het ABF-model kent ook een categorie aangepaste woningen. Het gaat hierbij wel om een grote groep woningen, maar het is onduidelijk welke aanpassingen het betreft. Doordat het model daar geen uitspraken over doet is deze categorie voor nu buiten beschouwing gelaten. De gemeente houdt de woningaanpassingen (groot en klein) vanuit de Wmo wel bij (bijlage 7). We streven er naar ore in de bestaande woningvoorraad meer levensloopgeschikte woningen te realiseren door aanpassingen die eigenaren of corporaties plegen aan de woning. Aangepaste woningen leveren een bijdrage aan een meer leven sloopgeschikte woningvoorraad. Door het invoeren van de Blijverslening verwachten we ook in de koopsector een toename van het aantal meer levensloopgeschikte woningen. Corporaties nemen bij renovaties het onderdeel levensloopgeschikt ook mee. Ook de campagne Bewust wonen levert een bijdrage aan het vergroten van het aanbod levensloopgeschikte woningen.

15

4.4

Overige woonsegmenten

Voor levensloopgeschikte woningen ligt er zeker nog een opgave voor de particuliere markt onder de liberalisatiegrens. Hetzelfde geldt voor de middeldure/dure huurende koopsector. De aanbodkant hiervan is moeilijk in beeld te brengen. De gegevens aan de aanbodzijde voor deze woonsegmenten is dusdanig versnipperd dat het nooit een volledig beeld zal opleveren. We kunnen dus alleen iets zeggen over de toename van de vraag naar dit type woningen, uitgaande van 65+-ers. We kunnen niet aangeven of er al voldoende zijn of dat er een tekort is. Als gemeente hebben we ook weinig tot geen mogelijkheden om te sturen op deze markt, we kunnen alleen faciliteren en de ontwikkelaar binnen de kaders van het beleid de ruimte geven. Vanuit liet woonbeleid worden deze kaders aangegeven.

Uit het model blijkt dat er niet of nauwelijks vraag is naar beschut wonen in de koopsector. De opgave kunnen we niet in beeld brengen, omdat we de aanbodzijde niet weten. Zo blijkt uit de grafieken in bijlage 8 (Let op! verschillende schaal op y-as).

Het Socratesmodel van AB Research laat ziend at inde huursector ongeveer 75% van de 65-ers minder dan €24.900 inkomen heeft in 2015. In 2045 is dit percentage afgenomen naar 62%. In de koopsector is dit percentage toch nog 33% en dat stijgt naar 36% in 2045. Deze mensen met een koopwoning hebben vaak een afbetaalde woning of een lage hypotheek, onwaarschijnlijk ook een klein pensioen. Bij verkoop van de woning kunnen zij wel recht hebben op een sociale huurwoning, maar door een te groot vermogen hebben ze geen recht op huurtoeslag. Verder valt op te merken dat het aantal minder rijke 65'-ers en 75-ers tussen 2015 en 2046 sterk afneemt. Respectievelijk van 59% naar 48% en van 68% naar 52%. Van deze groep zijn steeds meer mensen in bezit van een koopwoning. Respectievelijk 36% naar56% en van 30% naar 54%. Kortom, in de meeste gevallen neemt het aantal arme huishoudens toe, maar zakt het percentage arme huishoudens. Dit geldt niet voor huurders tussen 65 en 75 jaar. In die groep daalt het aantal arme huishoudens ook absoluut, maar wel pas op de zeer lange termijn.

In bijlage 8 zijn verschillende grafieken weergegeven met de vraagzijde voor 2015, 2025 en 2030.

4.5

Reeds geplande nieuwbouw en plannen in ontwikkeling

Het streven om alle woningen levensloopgeschikt te bouwen lukt helaas niet overal. Een deel daarvan is te verklaren door een vergrote opgave in goedkope huurwoningen. Deze categorie woningen is te klein om levensloopgeschikt te kunnen bouwen. Voor wat betreft de andere woningen is er eigenlijk geen goede reden om ze niet tevensloopgeschikt te bouwen. De ambitie van de woningcorporaties en van de gemeente is om alle nieuwbouw levensloopgeschikt te bouwen. De corporaties willen hiervoor een inspanriingsverklaring met de gemeente aangaan. Lukt dat niet, dan wordt er richting de gemeente gemotiveerd aangegeven waarom het niet mogelijk is. Daarnaast streven we ernaar dat ook alle nieuwe niet-corporatie woningen Ievensloopgeschikt worden gebouw volgens de criteria van GPR. Kortom, alles levensloopgeschikt, maar er zijn uitzonderingen.

16

Tabel 3, Harde en zachte projecten corporaties: Ievensloopgeschikte woningen (i n cl. beschut en beschermd wonen)

2020-2022 Centrum

Doddendaal, lnterspoi tiocetie

Standvast wonen

Dukenburg

Malvert LLB

Standvast wonen

40 (zacht) 50

Standvast wonen/De Han Locatie Dukenburg

Dukenburg

Gemeenschap

Hatert

Hatert Vlek 2, circusterrein

Portaal

Lindenho)t

St. Agnetenweg

De Gemeenschap

Midden

Kolpingbuurt: appartementen

Talis

30 75 36 (zacht) 16

Midden

Ko)pingbuurt: grondgebonden

Talis

Noord-Oosterhout

Groteboel fase 4

Talis

Oost-Zuid

Vlierestraat

De Gemeenschap

Oost-Zuid

Nieuwbouw Hengstdal

Standvast wonen

Oost-Zuid

Vlierestraat

Standvast wonen

Oost-Noord

Tooropstraat

Standvast wonen

Oud-West

Koningsdaal

De Gemeenschap

75

Oud-West

Molenweg tuincentrum Jacobs

Portaal

109

Oud-West

Kompas Handelskade

Standvast wonen

24

Nijmegen

7 42 30 39 36 18

392

1

124

1

66

Bron: Prestatieafspraken 2017-2020

Naast deze nieuwbouwlijst, waarbij corporaties actief zijn, zijn er ook ontwikkellocaties van andere ontwikkelaars waar wonen en zorg tot de mogelijkheden behoort. Onderzocht wordt of op de volgende locaties wonen en zorg gerealiseerd kan worden (Kansenkaart bijlage 9). De tabel laat de initiatieven zien die nu (december 2017) serieus in beeld zijn. Daarmee wordt bedoeld dat er of een bestuurlijke uitspraak ligt, of een bestemmingsplan al is aangepast of dat er een ambitiedocument voor gemaakt is. Het is een dynamisch lijstje.

Tabel 4. Kansfontwikkellocatie beschermd en beschut wonen

-

sic I

Dukenburg Hatertse Hei/Grootstal Midden

•

•

Han-locatie Van Schuylenburgweg Nieuwbouw winkelcentrum Weezenhof

•

Krekelstraat

•

Vossenlaan Hubertusstraat (Alfa Lava)) Wezenlaan locatie Talis

•

• • • •

Hof van Holland Vossenpels Broodkorf Woenderskamp

a

Hoge Bongerd/De Schans

Oost-Zuid

•

Vijverhof

Nieuw-West

1 •

Noord -Lent

•

Aanpassen Kerkstraat St. Jozefklooster

Tot 2022 is een kleine 600 levensloopgeschikte woningen (i n cl. beschermd en beschut wonen) opgenomen in de nieuwbouwplanning van de corporaties. Daarmee wordt al voor een deel tegemoet gekomen aan de opgave die

17

uit het planningskader blijkt: ruim 2000 woningen tot 2025. De woningen die worden aangepast tot een tevensloopgeschikte woning zijn niet inbegrepen bij deze aantallen (corporaties kunnen dit nog niet aangeven), In de volgende woonservicegebieden hebben we wel nog een opgave, maar geen plannen: •

Brakkenstein

• Centrum •

Heijendaal

•

Lindenholt

•

Neerbosch-Oost

•

Nieuw-West

De opgave in de woonservicegebieden Hatertse hei/Grootstal en Oud-West is aanzienlijk en wordt niet volledig ingevuld met ontwikkelingen en initiatieven die hier op dit moment bekend zijn.

18

5

Conclusies

Uit verschillende prognoses blijkt dat de totale vraag naar wonen met zorg in Nijmegen toeneemt, met name door de vergrijzing. Het aantal 65 plussers neemt toe, van ruim 26.000 in 2017, naar ruim 30.000 in 2025, Daarnaast neemt de vraag naar zelfstandig wonen met zorg toe door de verder doorgevoerde extramuralisering. En door een afname van geïndiceerde cliënten met een lichtere zorgvraag (ZZP1/4) neemt de vraag naar het wonen met zorg toe. Pas vanaf ZZP 5 komt men in aanmerking voor verpleeghuiszorg, dus mensen moeten langer thuis blijven wonen en daar zorg ontvangen. Het levensloopgeschikt bouwen en het aanpassen van woningen is voor een grote groep mensen noodzakelijk en voor niemand nadelig (levensloopgeschikt bouwen kost minder dan achteraf levensloopgeschikt maken). Daarom zetten we maximaal in op het realiseren van levensloopgeschikte woningen. Wij willen dat corporaties standaard gaan bouwen volgens GPR (een instrument dat de gemeente hanteert voor duurzaam en toegankelijk bouwen), inclusief de Checklist Langer Thuis. Met de corporaties wordt dit vastgelegd in de prestatieafspraken. Met particuliere ontwikkelaars willen we toe naar een inspanningsverplichting. Omdat het gaat om een bovenwettelijk maatregel is het moeilijk afdwingbaar, maar wel mee te geven. Daarbij is het van belang dat de gemeente dit in onderhandelingen met particuliere partijen meeneemt.

De opgave voor levensloopgeschikte woningen is dat in principe alles levensloopgeschikt gebouwd wordt en dat waar mogelijk bij renovatie ook de woningen zo levensloopgeschikt mogelijk worden gemaakt. De uitkomsten van het planningskader geven aan waar er nog behoefte is aan levensloopgeschikte woningen. Het toevoegen van levensloopgeschikte woningen kan door corporaties ook snel gebeuren, door het aanpassen van een aantal complexen (aangedragen in de inventarisatie). Daardoor kunnen al circa 350 woningen worden toegevoegd Beschut wonen is een belangrijke wens voor de kwaliteit van wonen en leven. Er is veel vraag naar vanuit de huidige samenlevingen die vraag neemt toe. Ouderen hebben behoefte aan een woonomgeving waar ze zich veilig voelen, sociale contacten in de nabijheid hebben en elkaar kunnen helpen wanneer nodig. Zekervoor ouderen met regieverlies, is een beschutte woonomgeving belangrijk. Ontmoeten staat daarbij centraal. Corporaties geven aan dat het realiseren van 'ontmoeten' inpandig minder makkelijk gerealiseerd kan worden. We moeten creatief zijn om alternatieven te vinden. Per ontwikkeling wordt bekeken of het ontmoeten in de nabijheid (liefst rol(atorafstand, 100-300 meter) kan plaatsvinden. Zo niet, dan is de locatie niet geschikt voor beschut wonen of het 'ontmoeten' wordt wel inpandig gerealiseerd.

Corporaties, zorg- en welzijnspartijen en de gemeente Nijmegen staan samen aan de lat om het beschut wonen goed vorm te geven. De opgave voor beschut wonen ligt rond de 1600 woningen. Het aantal kansrijke initiatieven voor deze woonvorm is niet groot, dus hier ligt een grote opgave voor de komende jaren. Een deel kan, zoals vermeld in paragraaf 4.1 gezocht worden in het toevoegen van "ontmoeten" aan de 700 geclusterde woningen die de corporaties hebben aangegeven. Een andere invulling is nieuwbouw en kansen in de bestaande stad aangrijpen. De opgave voor beschermd wonen is vanuit het planningskader duidelijk. Omdat de verblijfsduur van ouderen in het beschermd wonen zeer kort is, moeten we blijven monitoren op de daadwerkelijke opgave van deze woonvorm. De opgave ligt rond de 200 plaatsen stadsbreed. Er is al een aantal initiatieven opgestart: •

St. Agnetenweg in Lindenholt (ca. 32 woningen, beschermd wonen)

•

Vossenlaan in Midden (ca. 40 woningen beschermd wonen)

•

Smit Draad in Midden (ca. 36 woningen beschut wonen en 36 beschermd wonen)

•

Vlierestraat in Oost-Zuid (ca. 36 woningen beschut wonen en 36 beschermd wonen)

•

Doddendaal (intersportlocatie) in Centrum (ca. 40 woningen beschermd wonen)

Met deze invulling zien we nog steeds dat er qua spreiding in de stad een aantal woonservicegebieden minder goed bedeeld worden, bijvoorbeeld Nieuw-West en Hatert. Mogelijke initiatieven voor deze woonservicegebieden zien wij dan ook wel als kansrijk, om zo goed mogelijk te spreiden.

19

In het Planningskader 2014 zijn vier prioriteitsgebieden aangewezen: Lindenholt, Oost, Centrum en Midden. Een één op één vergelijking van de uitkomsten met de cijfers uit het Planningskader 2014 is niet reëel. Er is te veel veranderd, zowel qua input van het model, aan de aanbodzijde als de woonvormen. In het planningskader 2017 zijn or nicer gebieden die aandacht behoeven, maar met minder extreme verschillen in opgave. Als gekeken wordt naar grafiek 1, dan kunnen we concluderen dat de volgende gebieden prioriteit moeten krijgen, In tabel 5 wordt in volgorde van de grootte van de opgave deze prioriteit weergegeven. De al ingezette ontwikkeltrajecten moeten worden voortgezet, maar zijn niet in onderstaande samenvatting weergegeven.

Tabel 5. samenvatting planningskader geschikt wonen: welke gebieden hebben prioriteit.

ILevenstoopgeschikttYL.] it-Ii

Beschut wo it-i

Centrum

Oud-West

Oost-Zuid

Hatertse Hei/Grootstal

Hatert

Dukenburg

Oost-Zuid

Nieuw-West Dukenburg

Midden

Nieuw-West

Centrum

Oost-Noord

Dukenburg

Lindenholt

Neerbosch-Oost

Lindenholt

Centrum

Brakkenstein

Neerbosch-Oost

Oud-West

Midden

Noord -Lent

Hatertse Hei/Grootstal

Heijendaal

Brakkenstein

Heijendaal

Oost-Noord

Noord-Oosterhout

Heijendaal

Oost-Noord

Nieuw-West Noord-Oosterhout

In bijlage 5 is in de tabellen weergegeven hoeveel woningen binnen de kansrijke initiatieven erop dit moment zijn opgenomen per woonservicegebied. Daarbij is de nieuwbouw in Waalfront en Waalsprong niet meegenomen. Puntsgewijs kan het volgende over de woonservicegebieden worden gezegd: • •

De geplande woningbouw op de Intersportlocatie Lost in het Centrum de vraag naar beschermd wonen op. De plannen die in onderzoek zijn voor Dukenburg leveren een bijdrage aan de opgave beschut wonen en levensloopgeschikte woningen.

•

Standvast wonen biedt haar 65+-ers in Dukenburg, woonachtig in éénsgezinswoningen, de mogelijkheid om door te stromen naar een nieuwbouw appartement in de wijk. Hieraan zijn wel specifieke voorwaarden verbonden, maar dit kan wel bijdragen aan de juiste mensen in de juiste woning,

•

De ontwikkelingen in Midden leveren een bijdrage aan het verlagen van de opgave beschermd wonen. Ook worden in Midden beschut wonen en levensloopgeschikte woningen gerealiseerd. Daarmee wordt ook in Midden een bijdrage geleverd aan een ongedeelde stad,

•

De opgave van beschermd wonen wordt in Lindenholt grotendeels opgelost als de locatie St. Agnetenweg wordt ingevuld.

•

Voor beschut wonen ligt er een opgave in Oost-Noord. Door de realisatie van 36 woningen in deze woonvorm wordt de opgave at voor de helft ingevuld. De realisatie van een aantal levensloopgeschikte woningen in de Tooropstraat leveren een bijdrage aan de opgave.

•

Aan de Molenweg worden 109 levensloopgeschikte woningen gebouwd.

•

De ontwikkelingen op de Vijverhof dragen bij aan beschut wonen in Oost-Zuid.

•

We zien dat er in Hatert voldoende levensloopgeschikte woningen zijn tot 2025 in de sociale huursector, maar gezien de toenemende vergrijzing moeten we niet stoppen met het realiseren van meer Ievensloopgeschikte woningen.

20

•

Noord -Lent ken teen lage prioriteit als het gaat om de opgave. Echter, we weten dat de vergrijzing in Noord na 2030 pas echt gaat beginnen (zie bijlage 6). Het is daarom noodzakelijk om binnen de huidige planontwikkelingen rekening te houden met beschut en beschermd wonen.

Uit de kanslocaties en de geplande nieuwbouw van de corporaties blijkt ook dat er een aantal woonservicegebieden onderbelicht blijft, zoals by in Hatertse Hei, Neerbosch-Oost en Lindenholt voor beschut wonen. In deze gebieden moeten we gezamenlijk op zoek gaan naar mogelijkheden om toch aan de opgave te voldoen. Ook zou er nader bekeken moeten worden of in de plannen van liet Waaifront toch nog een mogelijkheid is om beschut wonen op te nemen.

21

6

Perspectief op realisatie

Uit de cijfers blijkt dat er nog altijd een opgave ligt op het gebied van wonen met zorg. Gezien de te verwachten tekorten zetten we op alle terreinen in op het realiseren van geschikte woonvormen met zorg. De werkgroep gaat verder om de genoemde opgaven te concretiseren.

De volgende stappen gaan we hiertoe zetten: •

Het planningskadervormtde richting voor nïeuwe ontwikkelingen op gebied van wonen met zorg. Voor de woonopgave van de doelgroep ouderen gaan we uitvan de opgave binnen de 15 woonservicegebieden.

•

Voor de doelgroep ouderen is de woningbehoefte per woonservicegebied te bepalen. We maken afspraken op basis van de woonvraag pertype woning en per partij.

•

In het Planningskader 2014 zijn 4 prioriteitsgebieden aangewezen: Oost, Lindenholt, Midden en Centrum. In deze gebieden zijn we de afgelopen jaren nadrukkelijker aan de slag gegaan om dear wonen met zorg meer vorm te geven. Door nieuwbouw in deze wijken is of beschermd wonen of beschut wonen toegevoegd. Doordat de processen langdurig zijn, wordt een aantal ontwikkelingen pas de komende jaren uitgevoerd. We vinden dat de ingezette trajecten een goede bijdrage leveren aan het realiseren van wonen met zorg, dus we gaan daar dan ook mee door.

In het Planningskader 2017 zien we een opgave voor de hele stad en daar zullen we met alle betrokken partijen alert op moeten zijn. De kansen die er zijn om wonen met zorg en levensloopgeschikte woningen te realiseren bekijken we, zowel in de sociale woningbouw als in de duurdere huur- en koopsector. In principe worden alle woningen levensloopgeschikt gebouwd, tenzij dit niet samengaat met andere doelstellingen, zoals bouwen voor een specifieke doelgroep. Partijen houden elkaar scherp op het realiseren van beschermde en beschutte woonvormen. Bij het realiseren van nieuwbouw moet wel het woonservicegebiedenbeleid in acht worden genomen en worden gekeken naar de opgave uit het Planningskader. Dat betekent niet dat de grenzen van de woonservicegebieden en de cijfers heel hard zijn, maar er moet goed worden gekeken naar de wijk en de directe woonomgeving en hoe ervorm ken worden gegeven aan een ontwikkeling. Het terughoudende beleid ten aanzien van woningbouw in de bestaande stad blijft gelden voor de verschillende ontwikkellocaties. Dat houdt in, datvanuit hetwoonbeleid wordt aangegeven wat er mogelijk is op een bepaalde locatie, als het maar wonen en zorg als basis heeft. We zetten de volgende instrumenten in om de afspraken vorm te geven. >

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=8ce98be3-9ee4-4278-808f-5df32882969e