Bijlage 13 Deel 1 Atlas Indische buurt
Tekst van het document
Indische buurt Galgenveld - Nijmegen Atlas beschermd stadsbeeld deel I, beschrijving Rein Geurtsen & partners b ureau voor st adsont wer p
Gewijzigd januari 2014
Galgenveld, Indische buurt Gemeentelijk beschermd stadsbeeld vastgesteld op 13 mei 2009 | besluitnummer 44/2009
colofon medewerkers Rein Geurtsen & partners:
Rein Geurtsen Valerie Koppelle Esther Stuijts
gemeente Nijmegen: architectuurhistoricus:
Hans Verheul Joosje van Geest
Indische buurt Galgenveld - Nijmegen Atlas beschermd stadsbeeld deel I, beschrijving Gewijzigd januari 2014
Rein Geurtsen & partners b u re a u vo o r st a dso nt we r p
S t a t i o n s p l e i n 1 4
t 0 1 5 2 1 2 3 0 0 2
stadsontwerp@reingeurtsen.nl
2 6 1 1 B V D e l f t
f 0 1 5 2 1 4 8 2 7 5
w w w.reingeur tsen.nl
in opdracht van: Gemeente Nijmegen
Indische buurt, beschermd stadsbeeld
begrenzing Beschermd stadsbeeld
beschermd Stadsbeeldobject
gemeentelijk monument
rijksmonument
inhoud
Bijlage: Indische buurt, Galgenveld - Nijmegen
inleiding
7
leeswijzer
7 deel II, overzicht gevelbeelden (januari 2014)
1
aanpak 9
1.1 onderzoek
9
1.2 methodiek
9
1.3 bronnen
11
2
13
de historische episodes van Galgenveld en de Indische Buurt
2.1 de historisch-morfologische context 1878, het eerste uitbreidingsplan van
13
Nijmegen 2.2 Galgenveld - Indische Buurt: algemene karakteristiek
15
2.3 Galgenveld - Indische Buurt: stedebouwkundige karateristiek
17
gesloten bouwblok
19
2.4 eerste episode Galgenveld: het plan Graadt van Roggen, 1904-1906
21
historisch-morfologische context in 1906; radiaalwegen en gordelwegen
21
stedebouwkundig concept en ruimtelijke compositie
23
hiërarchische ruimtelijke compositie
25
openbare ruimte
27
architectuur
29
2.5 tweede episode Galgenveld: Uitbreidingsplan J.J. Weve, 1918-1923
31
sociale woningbouw
31
stedebouwkundig concept en ruimtelijke compositie
33
openbare ruimte
37
architectuur
39
43
huidige staat
2.6 derde episode Galgenveld: Het Uitbreidingsplan 1934 van Alphons Siebers
45
samenhang tussen verkeersstructuur en groenstructuur
47
het duo ir. Alphons Siebers en ir. Piet Verhagen
47
de nieuwe stedebouwkundige opzet van Galgenveld
51
stedebouwkundig concept en ruimtelijke compositie
53
beeldkwaliteitplan avant-la-lettre
55
openbare ruimte
57
architectuur
59
3
63
stedebouwkundige en architectonische waardering
4
waardestelling Indische Buurt Nijmegen
67
atlas
67
de methodiek
69
kaart bouwperiodes
71
eerste episode, Uitbreidingsplan 1908
73
tweede episode, Uitbreidingsplan 1918
83
derde episode, Uitbreidingsplan 1934
123
literatuurlijst
143
legenda
145
5
de topografische kaart van Transchot en Von Müffling, 1820. Het “Galgenveldt” ligt ten zuiden van de binnenstad en mocht toen nog niet worden bebouwd
6
monumentale constructie op het Amsterdamse Galgenveld, aan de overzijde van het IJ, 1790.
inleiding
De Indische Buurt is een onderdeel van het stadsdeel Galgenveld.
Het College van B&W heeft op 11 september 2001, op advies van
Dat ligt ten zuidoosten van het Keizer Karelplein en de laatnegen-
het Gelders Genootschap, het besluit genomen om de procedure
tiende-eeuwse ringboulevard van Nijmegen. Het is een onderdeel
in gang te zetten voor de aanwijzing van de Indische Buurt tot
van de stadsuitleg die tot stand kwam na de ontmanteling van de
Beschermd Stadsbeeld. Op 24 april 2002 werd dit besluit door de
vestingwerken, die in Nijmegen plaats vond tussen 1874 en 1886.
Gemeenteraad bekrachtigd.
De Indische Buurt wordt begrensd door de Fransestraat aan de
In de gemeentelijke Uitwerkingsnota Beeldkwaliteit, die in juni 2004
noordzijde, de St. Annastraat aan de westzijde en de Oude Groe-
is vastgesteld, is het voornemen tot bescherming mede aanleiding
newoudseweg aan de zuidzijde. Daar vormt het verdiept gelegen
geweest het gebied als ‘bijzonder toetsingsgebied’ te classificeren.
baanvak van de spoorlijn Nijmegen-Venlo een barrière. Aan de oostzijde grenst de Indische Buurt aan de qua architectuur en ste-
Het Bureau Architectuur en Monumenten van de Afdeling Stadsont-
denbouw sterk afwijkende naoorlogse Professorenbuurt. De begren-
wikkeling heeft als taak om de procedure tot aanwijzing tot uitvoe-
zing is hier minder strak en eenduidig. Voor- en naoorlogse woning-
ring te brengen. Aan het bureau Rein Geurtsen & Partners, bureau
bouw gaan geleidelijk in elkaar over.
voor Stadsontwerp te Delft, is de opdracht verstrekt voor het samenstellen van de Atlas Galgenveld – Indische Buurt Nijmegen.
Vóór de ontmanteling van de vestinggordel was het Galgenveld een deel van het vrije schootsveld, de banzone, die vanouds de vesting-
leeswijzer
gordel van de stad omringde. De ietwat macabere naam Galgenveld
De Atlas Galgenveld – Indische Buurt bestaat uit vier onderdelen:
duidt erop dat dit veld werd gebruikt voor de executie van juridische vonnissen. Veel steden situeerden hun galgenveld op een goed
In hoofdstuk 1 wordt de aanpak uiteengezet en de methodiek die
zichtbare plaats, ter vermaning en ook wel uit trots op orde, gezag
ten grondslag ligt aan de cultuurhistorische analyse.
en wetshandhaving binnen de stadsmuren. Ook in Nijmegen lag het op een plaats die voor iedere bezoeker van de stad goed te zien
Hoofdstuk 2 bevat de cultuurhistorische analyse. Uit historisch on-
was, vlak voor de stadspoort en tussen twee uitvalswegen, de Sint
derzoek naar de stedebouwkundige ontwikkeling van het stadsdeel
Annastraat in zuidelijke richting, en de Groesbeekseweg in zuidoos-
Galgenveld - Indische Buurt is gebleken dat het in een aantal his-
telijke richting.
torische episoden tot stand is gekomen. Daarom is het onderzoek toegespitst op het stedebouwkundige en architectonische gedach-
Inmiddels is dit stuk van het schootsveld veranderd in een van de
tegoed dat in de verschillende historische episoden aan de planvor-
meest aantrekkelijke buurten van Nijmegen. Aantrekkelijk vanwege
ming ten grondslag heeft gelegen. De analyse spitst zich toe op drie
de menging van wonen met stedelijke voorzieningen. Maar ook van-
hoofdelementen:
wege de waarde van het ruimtelijk erfgoed dat deze buurt in zich
-
de historische gelaagdheid van Galgenveld en Indische Buurt. Hierbij worden de verschillende tijdsperiodes uit het ontstaan
heeft.
van de buurt, zoals die heden ten dagen in het straatbeeld nog
Galgenveld Nijmegen RG & P
7
zichtbaar zijn, behandeld; -
de ruimtelijke compositie van onderdelen van Galgenveld. Hierbij wordt per historische episode geanalyseerd hoe het stedebouwkundig plan ruimtelijk is gecomponeerd en hoe de architectuur van de bebouwing daar op inspeelt;
-
de identiteit van de buurt. Hierbij wordt benoemd welke ruimtelijke en programmatische elementen bepalend zijn voor de identiteit van de Indische Buurt.
Hoofdstuk 3 bevat, als resultaat van de analyses, de waardering voor de stedebouw, de openbare ruimte en de architectuur, neergelegd in een Waarderingskaart en een Waardestelling. De cultuur-
Enkelvoudig Object; Javastraat 102; 1913, architect onbekend
historische waardering is gerelateerd aan twee schaalniveaus: het schaalniveau van de Indische Buurt als onderdeel van de stadsvorm van Nijmegen en het schaalniveau van de verschillende deelgebieden die binnen de buurt zijn aan te wijzen. Hoofdstuk 4 bevat de Atlas. Allereerst wordt de methodiek uiteengezet. Vervolgens wordt de atlas per historische episode uitgewerkt. In een afzonderlijk Bijlageboek is een overzicht weergegeven van alle gevelbeelden in de Indische Buurt, alfabetisch geordend op straatnaam. Daarin zijn actuele foto-opnamen gecombineerd met historische bouwtekeningen van de straatwanden.
Architectonisch Ensemble; Javastraat 21-25; 1911; architect-aannemer: P.J. van den Hooft
Stedelijk Ensemble; Javastraat 124-138; 1921; architect: M.E. Veugelers
8
aanpak
1.1
onderzoek
1
schaalniveaus, met als twee uitersten het afzonderlijke gebouw én
De redengevende beschrijving van culturele waarden in deze Atlas
de stadsvorm als geheel. Op ieder schaalniveau kan de samenhang
bouwt voort op het rapport Vooroorlogse woonbuurten in Nijmegen,
tussen architectuur en stedebouw anders worden gedefinieerd, als
Gelders genootschap, mei 2001 en het rapport Randzone Be-
uitvloeisel van de opvattingen over stadsesthetiek en architectuur in
schermd Stadsbeeld 19de-eeuwe Stadsuitleg, november 2002. Deze
de verschillende episoden van het ontstaan van de buurt.
studies zijn aangevuld met stedebouwhistorisch onderzoek, waarbij een bijdrage is geleverd door de architectuurhistoricus Drs. Joosje
Van klein naar groot onderscheiden we:
van Geest. Dit heeft geleid tot een onderverdeling in drie historische
·
Enkelvoudige Architectonische Objecten.
episoden, waarin achtereenvolgens door drie stedebouwkundigen
De buurt bevat een groot aantal bijzondere panden, die als
duidelijk verschillende visies zijn neergelegd. De sporen van deze
afzonderlijk object zijn ontworpen, soms zonder enige samen-
visies zijn in het hedendaagse stadsbeeld nog duidelijk zichtbaar.
hang met het stedebouwkundig plan, als willekeurige invulling van een straatwand, soms uitdrukkelijk in samenhang met
Daarnaast heeft een gedetailleerd archiefonderzoek plaatsgevon-
het stedebouwkundig plan. Met name in de eerste episode,
den naar bouwjaar en architect van de verschillende gebouwen en
eind negentiende eeuw, was de individuele stadsvilla één van
gebouwencomplexen in de buurt.
de belangrijkste bouwstenen van het stedebouwkundig plan. Grote stadsvilla’s werden zodanig ontworpen dat ze optimaal
1.2
methodiek
profiteerden van hun ligging in het stratenplan, als zichtpunt in
Het doel van de cultuurhistorische analyse is een zo compleet
de monumentale assen die aan het plan ten grondslag liggen,
mogelijke verkenning van de culturele waarden van het ruimtelijk
of met fraaie erkers en serres profiterend van het uitzicht over
erfgoed dat de Indische Buurt bevat.
pleinen en prospecten.
De analyse is afgestemd op de specifieke historische ontwikkeling waaraan Galgenveld haar verschijningsvorm te danken heeft. Het
·
Architectonische Ensembles.
unieke van Galgenveld is, dat de buurt vorm heeft gekregen in drie
Dit zijn grotere complexen, meestal woongebouwen, die als één
opeenvolgend historische episoden, met volstrekt uiteenlopende
geheel zijn ontworpen, als onderdeel van een straatwand of
opvattingen over stedebouw en architectuur. Galgenveld is als het
pleinwand. Vanaf het begin van de twintigste eeuw werd door
ware drie keer opnieuw ontworpen. Van de eerste drie ontwikke-
speculatieve bouwondernemingen de eerste complexgewijs
lingsstadia zijn steeds slechts fragmenten uitgevoerd. De buurt laat
ontworpen bebouwing gerealiseerd, in de vorm van aaneenge-
zich daardoor als een staalkaart van bouwstijlen en soorten stede-
sloten rijen herenhuizen. Het afzonderlijke burgerlijke stads-
bouw lezen, als een collectie die een rijk geschakeerd geheel vormt.
huis kreeg meer status door het tot een onderdeel te maken
Daarom is gekozen voor een chronologische methodiek, waarin de
van een groter stedelijk ensemble, met de uitstraling van een
ontstaansgeschiedenis per planfase uiteengerafeld is.
stadspaleis. Na een classicistische start, geïnspireerd op Engelse voorbeelden, bleek dit ‘stadspaleis’ onvermoede nieuwe mogelijkheden te bieden tot uitbundige decoratieve verfraaiing.
Dwars door deze historische driedeling loopt een onderscheid in vier
Galgenveld Nijmegen RG & P
9
G e be
es
ro ew
ks
St. Annastra
at
eg
Beschermd stadsbeeld
de historische linten
10
onderverdeling in particuliere bebouwing en sociale woningbouw
aanpak
De verwende welvarende burgerij kon zo steeds nieuwe ver-
kan bijvoorbeeld aangetast zijn, doordat de buurt is aangepast aan
leidende beelden worden voorgeschoteld. Korte tijd later werd
het explosief gegroeide autobezit. Ook kan het voorkomen dat de
ook voor de sociale woningbouw gezocht naar monumentale,
betekenis van een straat in de compositorische opzet van het ste-
complexgewijze architectuur, als uitdrukking van de emancipa-
debouwkundig plan niet of nauwelijks meer afleesbaar is, doordat
tie van de arbeidersklasse en de maatschappelijke kracht van
later een totaal afwijkende bebouwing is gerealiseerd. In Galgen-
de corporatieve organisatie.
veld is daar vaak sprake van geweest. Om de betekenis van het
1
ruimtelijk erfgoed goed te kunnen inschatten is daarom in iedere ·
Stedelijke Ensembles.
historische episode het toen geldende ontwerpconcept, met het bij-
Dit zijn gebieden waarbij het stedebouwkundig plan, de archi-
behorende gedachtegoed, zo goed mogelijk gereconstrueerd. Daar-
tectuur én de openbare ruimte als één geheel zijn ontworpen,
bij is steeds aangegeven welke schaalniveaus aan de orde waren en
als ‘Totaal Kunstwerk’. Dit erfgoed dateert met name uit het
welke samenhang tussen de schaalniveaus er speelde.
heroïsche decennium na de Eerste Wereldoorlog, toen de stadsesthetiek als een belangrijk maatschappelijk-politiek on-
1.3
bronnen
derwerp werd beschouwd.
De atlas vertrekt vanuit het bestaande onderzoeksmateriaal. De belangrijkste bronnen voor de stedebouw-historische ontwikkeling
·
de Stadsvorm als geheel.
van Nijmegen en Galgenveld zijn:
In Galgenveld speelt dit slechts in beperkte mate. Dat komt
-
ruimtelijke ontwikkelingen in kaart gebracht, 2003;
omdat het stedebouwkundig plan drie keer opnieuw is ontworpen. Van het oorspronkelijke stedebouwkundig plan, met
-
Gelders genootschap, L.M.P van Meijel en G.J.M. Derks; Vooroorlogse woonbuurten in Nijmegen, 2001;
de a-symmetrische stervorm is alleen het assenkruis van Archipelstraat en Javastraat uitgevoerd. Dat assenkruis defi-
Billy Gunterman; Historische Atlas van Nijmegen, 2000 jaar
-
Gelders Genootschap, Randzone Beschermd Stadsbeeld 19deeeuwse Stadsuitleg, november 2002.
nieert, samen met het a-symmetrische plein op het kruispunt, de bijdrage van Galgenveld aan de stadsvorm van Nijmegen. In de dertiger jaren werd een tweede poging gedaan om een
Over de stedebouwhistorische dimensie en met name over de
nieuwe samenhang in de stadsvorm als geheel te introduceren,
rol van de ontwerpers van de stedebouwkundige plannen is vaak
in de vorm van een groene dooradering van Galgeveld. Deze is
weinig gepubliceerd; noch in de tijd van ontstaan van de stede-
echter grotendeels weer om zeep geholpen toen de wijk na de
bouwkundige plannen, noch in latere historische beschouwingen.
Tweede Wereldoorlog voor de laatste keer opnieuw werd gewij-
Sinds jaar en dag speelt veel van het stedebouwkundige werk zich
zigd.
immers grotendeels af in de anonimiteit, als een weinig op de voorgrond tredend onderdeel van de taak van de gemeentelijke over-
Dit hiërarchisch onderscheid in vier schaalniveaus, tussen het indi-
heid. De stedebouwkundige structuur krijgt vaak vorm in reeksen
viduele pand en de stadsvorm als geheel, duidt niet op een verschil
van overleg tussen overheid en private partijen, waarover weinig
in belangrijkheid. Alle niveaus zijn even belangrijk. Essentieel is
tot geen verslaglegging voorhanden is.
juist de wijze waarop de verschillende schaalniveaus samenhangen. Wel zijn er van plek tot plek verschillen aan te wijzen in het
Voor een eerder Nijmeegs onderzoek van bureau Rein Geurtsen
aantal schaalniveaus dat aan de orde is. In sommige gevallen is
& Partners, de studie “Hengstdal Nijmegen, Wikken en Wegen in
er sprake van een uitermate gave en onbeschadigde samenhang
waardevolle wijken, de methode in de praktijk”*, is daarom een
tussen alle niveaus. Op andere plekken ontbreken door historische
aanvullende literatuurstudie gedaan. Een waardevolle bron is de
omstandigheden één of meer schaalniveaus, of hebben er min of
reeks vaktijdschriften uit de periode 1920 tot 1950, waarin enkele
meer ingrijpende aantastingen plaatsgevonden. De openbare ruimte
malen gepubliceerd is over de stedebouwkundige ontwikkeling van
* verricht in 2004 in opdracht van de Gemeente en de samenwerkende woningbouwcorporaties, en in samenwerking met Bureau De Lijn
Galgenveld Nijmegen RG & P
11
Nijmegen. Tevens heeft een aanvullend archiefonderzoek plaatsgevonden in het Regionaal Archief Nijmegen, het Provinciaal Archief Arnhem, het archief van de Woningbouwstichting “De Gemeenschap” en het archief van A. Siebers, een van de vooroorlogse stedebouwkundige adviseurs van de gemeente Nijmegen, in het Nederlands Architectuur Instituut. Ten behoeve van de Atlas Galgenveld – Indische Buurt is dit onderzoek nader aangevuld, om ook voor dit stadsdeel een meer nauwkeurig beeld van de ontstaansgeschiedenis te kunnen verkrijgen. Daartoe is onderzoek gedaan naar publicaties over het werk van de toonaangevende architecten die in Galgenveld projecten hebben gerealiseerd en is er aanvullend archiefonderzoek gedaan in onder andere de Gemeentebladen en vaktijdschriften.
historisch-morfologische context eind 19e eeuw
3
1 2 Nijmegen in 1865 (7) 1. St. Annastraat; 2. Groesbeekseweg; 3. Oranjesingel
12
de historische episodes van Galgenveld en de Indische Buurt
2
Na de ontmanteling van de vestingwerken en na de aanleg van
fraaie en gezonde omgeving. Zo kreeg Nijmegen, evenals steden
het monumentale ringvormige stelsel van boulevards, pleinen en
als Arnhem, Maastricht en Groningen, in het derde kwart van de
stadsparken, werd Galgenveld de eerstvolgende stadsuitleg. De
negentiende eeuw haar befaamde plan voor de ontmanteling van
stedenbouwkundige opzet van Galgenveld is zowel getekend door
vestingwerken.
de specifieke Nijmeegse topografische situatie alsook door de stedebouwtraditie die de stad in enkele decennia vanuit het niets had
Deze eerste generatie stedebouwplannen uit de periode van het
weten op te bouwen.
economisch reveil van de Lage Landen volgden het voorbeeld van de laat achttiende-eeuwse plannen voor de ontmanteling van
2.1
historisch-morfologische context 1878, het eer-
vestingwerken in veel middelgrote Franse steden. Zo ontstond het
ste uitbreidingsplan van Nijmegen
project voor de aanleg van een Ceintuurbaan of Ringboulevard, die
De stadsvorm van Nijmegen is in sterke mate bepaald door haar
de stad bevrijdde van de beknellende omgording door vestingwer-
geografische situering, op de plek waar de meanderende rivier de
ken en stadspoorten, die de stad openlegde naar haar ommeland,
Waal de voet van de diluviale stuwwal aansnijdt. Naast deze topo-
en die de stad een nieuwe territoriale samenhang bood. De basis
grafische factoren waren militaire factoren, tot aan de ontmanteling
hiervoor werd gelegd in het Stedebouwkundig Plan van Uitleg van
van het vestingstelsel in 1874, bepalend voor de stadsvorm.
Van Gendt in 1876. Brender à Brandis verbeterde dit plan in augustus 1878 en het uiteindelijk goedgekeurde plan van Bert Brou-
De velden, akkers en bossen op de stuwwal buiten de stad werden
wer van september 1878, met het ringvormige stelsel van singels,
doorsneden door linten en veldwegen. De belangrijkste uitvalswe-
boulevards en parken. De behoefte om de stad te openen naar haar
gen zoals de Groesbeekseweg, de Daalseweg en de Berg en Dalse-
weidse ommeland kwam op monumentale wijze tot uitdrukking in
weg zijn eeuwenoude routes die de stad verbonden met de buur-
het fraaie sterplein, het Keizer Karelplein. Op dit grote cirkelvormig
plaatsen en met handelscentra in de verre omgeving. Bij de aanleg
parkplein werden de belangrijke uitvalswegen, naar de Duitse stad
van deze routes zijn veelal de hoogtelijnen van het geplooide stuw-
Kleef en naar Grave en ’s-Hertogenbosch, samengebundeld in een
wallandschap gevolgd. Galgenveld ligt ingeklemd tussen twee van
neobarokke, stervormige compositie. Maar ook de beëindiging van
die radiaalwegen, De Sint Annastraat en de Groesbeekseweg.
de ringboulevard in twee stadsparken aan de Waal, aan de westzijde het Kronenburgpark en aan de oostzijde het Hunnerpark, droeg
Het besluit tot ontmanteling van de vestingwerken was voor Nijme-
bij aan deze nieuwe openheid naar het landschap van het omme-
gen het signaal voor een nieuwe periode van stedelijke ontwikkeling
land. De laatste decennia van de negentiende eeuw werden zo een
op progressief-liberale grondslag. Onder leiding van het drieman-
stedebouwkundig hoogtij voor Nijmegen, een periode waarin met
schap J.H. Graadt van Roggen, H.L. Terwindt en M.W. Francken
name voor de gegoede burgerij volop werd gebouwd, langs de hoog
maakte de stad zich op voor een economische opbloei. Maar ook
en droog gelegen zuidoost flank van de stad.
voor een toekomst als woonstad voor de gegoede burgerij, waaronder een grote schare aan oud-kolonialen en renteniers, die Nijme-
De Nijmeegse auteur Th. Tummers verwoordt het historisch belang
gen als woonplaats prefereerden vanwege de zandgronden en de
van het plan van het driemanschap als volgt: “De kracht die deze
Galgenveld Nijmegen RG & P
13
het uitgevoerde plan van Bert Brouwer uit 1878 (18)
historische-morfologische context na aanleg van de zogenaamde gordelwegen uit 1908
14
historische-morfologische context eind 19e eeuw, na aanleg van het uitbreidingsplan van Bert Brouwer uit 1878
geo-morfologie en historische infrastructuur. De ellips geeft de ligging van Galgenveld aan. Galgenveld heeft minder reliëf dan het oostelijke stadsdeel Hengstdal 1. Berg en Dalseweg; 2. Postweg; 3. Daalseweg
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
wijk ruim honderd jaar later in een sterk veranderde wereld nog
van vier elkaar opeenvolgende plannen. Nadat de wethouder Graadt
altijd heeft doet de bewondering groeien door de visie en de vol-
van Roggen zijn eerste utopische schets voor Galgenveld tekende is
harding waarmee de ideeën destijds zijn uitgewerkt. De wethouders
de stedebouwkundige opzet nog drie keer ingrijpend gewijzigd. Het
Herman L. Terwindt, Walraven Francken en het gemeenteraadslid
ontstaansbeeld van Galgenveld in de eerste helft van de twintigste
Johan H. Graadt van Roggen, die namens het Nijmeegse gemeen-
eeuw is niet dat van een rustig patroon van tijdsgolven, maar van
tebestuur de uitleg vanaf 1874 consequent leidden, kregen in de
een min of meer onstuimige branding. De verschillende historische
vorige eeuw terecht alle eer voor hun prestatie. (...)”
episoden lijken flink dooreen te zijn geklutst. Een groot deel van
2
de bebouwing van de buurt is gerealiseerd in stedebouwkundige “Ook de industrialisatie van de negentiende eeuw dreigde volledig
plannen van oudere datum. Met andere woorden: in een groot deel
aan Nijmegen voorbij te gaan, waardoor de welvaart ver achterbleef
van de buurt lopen stedebouw en architectuur niet synchroon. In
bij een stad als Arnhem, dat al in de jaren twintig en dertig zijn
hoofdstuk 2.4 t/m 2.6 wordt nader op dit fenomeen ingegaan.
stadswallen had kunnen slechten. In dit klimaat, in deze achteropgeraakte provinciestad, had het driemanschap Terwindt, Francken
Het gebied rond het Javaplein vormt hier op een uitzondering. Dit
en Graadt van Roggen, de moed en de visie om in Nijmegen een
begrip kwam in de episode na de Eerste Wereldoorlog als hét stads-
open en groene stad te zien, een stad met brede boulevards, par-
culturele ideaalbeeld naar voren. Bij ruimtelijke totaalkunstwerken
ken, villa’s en chique sociëteiten.” *
vormen stedebouw, architectuur én openbare ruimte één esthetisch geheel.
Van een beleid voor huisvesting van de minder bedeelde sociale groepen was in die periode nog geen sprake. Deze waren doorgaans
Maar, het Javaplein is in Galgenveld eerder een uitzondering dan
aangewezen op de bestaande sterk verpauperde woningvoorraad en
regel. Anders dan bij buurten als Spoorbuurt of Bomenbuurt, die ar-
later op speculatiebouw. Er ontstond zo een maatschappelijke twee-
chitectonisch en stedebouwkundig een homogeen karakter hebben,
deling die afbreuk deed aan de utopische glans van de progressief-
kan de Indische Buurt gekenmerkt worden als uitermate divers,
liberale plannen, en die op den duur maatschappelijk onhoudbaar
met een gemengd karakter, zowel architectonisch als stedebouw-
zou worden.
kundig. Eind negentiende en begin twintigste eeuw ontstond die diversiteit met opzet, omdat architecten zich bekwaamden in de
De Woningwet van 1901, die onder het kortstondige progressieve
toepassing en vermenging van allerlei historische stijlelementen.
kabinet Goeman Borgesius tot stand kwam, zou de basis leggen
In de architectuurhistorie heet die stijlperiode daarom het ‘Eclecti-
voor een meer integrale aanpak van de stadsontwikkeling. In de
cisme’.
wijk Galgenveld deed deze Woningwet echter pas na de Eerste Wereldoorlog haar invloed gelden.
In de periode tussen de twee Wereldoorlogen werd de diversiteit nog verder versterkt doordat het laat-negentiende eeuwse straten-
2.2
Galgenveld - Indische Buurt: algemene karakte-
plan zich geleidelijk vulde met bebouwing van latere datum, in uit-
ristiek
eenlopende vormen van architectuur. Als reactie op de periode van
Het historisch onderzoek naar stedebouw en architectuur van
het eclecticisme zochten veel architecten toen naar nieuwe vormen
Galgenveld en van de Indische Buurt in het bijzonder, levert een
van stijlzuivere architectuur, volgens uiteenlopende architectoni-
nauwkeurig beeld op van de bouwgeschiedenis van de buurt.
sche opvattingen. Dat heeft een fraaie staalkaart opgeleverd. Naast
Daarbij komt een bijzondere karakteristiek naar voren. Galgenveld
ambachtelijke Hollandse neostijlen onderscheiden zich een rationa-
heeft een lange bouwgeschiedenis. Het is een stadsdeel dat niet
listisch-ambachtelijke bouwstijl, een expressionistische bouwstijl en
het resultaat is van één stedebouwkundig plan, maar van een reeks
een modern functionalistische bouwstijl.
* Bron: Tummers T., Lustverblijven zijn herrezen, schuilend in een bloemgaard, Nijmegen 1995
Galgenveld Nijmegen RG & P
15
voorbeeld van de diversiteit aan bouwstijlen en bouwjaren die in Galgenveld - Indisch Buurt naast elkaar te vinden zijn; Javastraat 104 (1961, aannemer: Bouwbureau ‘Heyendaal’) en 104a (1913, architect Charles Estourgie)
Bijzondere kwaliteit van de openbare ruimte: het statige “square”, op het kruispunt van de Javastraat en de Archipelstraat.
16
Café Frowijn aan de Pontanusstraat, voorbeeld van stedelijke voorzieningen in een woonbuurt
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
kelde eengezinswoningen alsook uit bouwblokken met beneden- en Zo werd Galgenveld een laboratorium in zakformaat van de Nij-
bovenwoningen. In 1920 bouwde de kleine Woningbouwvereni-
meegse stedebouwkundige en architectonische ontwikkeling in de
ging “Zonnewijk” een complex van dertig middenstandswoningen
twintigste eeuw. Dit heeft geresulteerd in een uitermate afwisselend
aan de Javastraat, in het deel ten noorden van de Archipelstraat.
architectonisch beeld van de bebouwing. Abstracter uitgedrukt: de
In 1921- 1922 bouwde de Woningbouwvereeniging “Nijmegen”
buurt kent een sterke historische gelaagdheid, zowel van stede-
(thans Portaal) een veel groter complex middenstandswoningen,
bouwkundige principes alsook van architectonische visies. De es-
rondom het Javaplein. Dit is het eerder genoemde voorbeeld van
sentie van Galgenveld is dat al die historische lagen als twee spelen
een ‘totaalkunstwerk’ , waarbij alle onderdelen van het bouwplan
kaarten dooreen zijn geschud.
één esthetische eenheid vormen. Dit complex werd ontworpen door
Dat dit niet tot een kakofonie heeft geleid komt door het bijzonder
architect M.E. Veugelers.
samenhangende vermogen van de openbare ruimte. Die ademt de sfeer van een vroeg twintigste-eeuwse stadswijk, met monumentale
In deze vooroorlogse sociale woningbouwcomplexen zijn geen
pleinen en brede straten, beplant met grote stadsbomen. De open-
winkels of andere programmatische verbijzonderingen opgenomen.
bare ruimte zorgt voor samenhang en cohesie in de buurt. Hoog-
De voorzieningen zijn hoofdzakelijk gesitueerd aan de hoofdontslui-
tepunt daarvan is het uit twee delen bestaande statige “square”,
tingswegen langs de randen van de wijk én aan de Archipelstraat.
het monumentale bomenplein op het kruispunt van Javastraat en Archipelstraat.
2.3
Galgenveld - Indische Buurt: stedebouwkundige
karakteristiek De Indische Buurt is vanaf haar ontstaan bij uitstek een woonwijk
De stedebouwkundige hoofdstructuur van Galgenveld - Indische
voor welgestelden en voor de betere middenklasse. Zowel in de
Buurt kenmerkt zich door een patroon van overwegend brede
voor- als naoorlogse periode hebben particuliere bouwondernemers
straten en een bebouwingstypologie van gesloten bouwblokken. De
hier een hoofdrol vervuld. De vooroorlogse particuliere bouw (voor
structuur heeft een hiërarchische hoofdopzet.
WOI) is hoofdzakelijk gerealiseerd vóór 1914, ten tijde van de eerste episode van de stadsuitleg.
Galgenveld is een stadsdeel op het breukvlak van de negentiende en de twintigste eeuw. Op veel plaatsen manifesteert zich de
In de periode tussen de twee wereldoorlogen is de particuliere bouw
nieuwe maatschappij van de industrialisatie, van de opkomst van
vrijwel volledig tot stilstand gekomen. Er zijn nog enkele kleine
de arbeidersklasse en de “kleine luiden”, maar in hoofdopzet ademt
projecten van één of enkele woonblokjes gerealiseerd, die veelal
de wijk nog het liberalisme en het comfortabele woonklimaat van
direct aansluiten op de bebouwing van de 19de-eeuwse schil. In
de gegoede burgerij. Daarom geldt voor veel delen van Galgenveld
deze periode verschoof het accent naar de complexmatige sociale
het zelfde als wat Ir. Dick Pouderoyen opmerkte over de Nijmeegse
woningbouw.
ringgordel in zijn studie uit 1986**:
Een bijzonder aspect van de sociale woningbouw in de Indische
“Ondanks de grote mate van eenduidigheid in de aanleg van de
Buurt is dat deze hoofdzakelijk werd gerealiseerd voor de meer
laat-negentiende eeuwse stad is er nergens sprake van een eento-
gegoeden onder de arbeidersklasse, toen aangeduid als ‘midden-
nig straatbeeld.”
standsbouw’. * In deze fase van de ontwikkeling van de sociale woningbouw kwamen voor het eerst subsidies van de Rijksoverheid
Hij maakt een onderscheid tussen de ‘vaste ordening’ van de
beschikbaar voor de iets beter bedeelde arbeidersklasse, de lagere
stadsuitleg en de daarbinnen optredende variabelen. Zo is er bij-
ambtenaren en employees van semi-overheidsbedrijven, zoals PTT
voorbeeld sprake van een uniforme positie van de straatwanden:
en Spoorwegen. Deze woningbouw bestaat zowel uit aaneengescha-
een gesloten rooilijn op vaste afstanden van de rijbaan. Binnen de
* Bron: “Vooroorlogse woonbuurten in Nijmegen” – Gelders Genootschap ** Bron: Tummers T., Lustverblijven zijn herrezen, schuilend in een bloemgaard, Nijmegen 1995
Galgenveld Nijmegen RG & P
17
Oranjesingel 14 t/m 34 Dit gedeelte van de Oranjesingel is een voorbeeld van een gevelwand in eclectische bouwstijl. De herenhuizen werden gebouwd tussen 1895 en 1898, naar een ontwerp van architect G. Busken. De gevelwand kenmerkt zich door afwisseling van vensters, dakkapellen, topgevels en decoratieve toevoegingen in de vorm van torentjes, erkers en serre’s loggia’s en balkons en voorts alle mogelijke decoraties van lijsten, banden en blokken en diverse kleuren baksteen. De daklijst en de vensterbanken onder de vensters van de verdiepingen liggen in een horizontale lijn, hetgeen in een totaalbeeld van de ornamentrijke gevelwand toch zorgt voor een zekere samenhang. (30)
Groesbeekseweg 16-18; 22-24 De straatwand die hier is afgebeeld, is ontworpen door architect W.J. Maurits en dateert uit circa 1895. Opvallend onderdeel van de in neo-renaissancestijl uitgevoerde straatwand vormen de hoektorentjes, die zowel uit architectonisch als stedebouwkundig oogpunt de straat accent verlenen. Het is een beeldbepalende straatwand langs de uitvalswegen van Nijmegen. (30)
18
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
vaste ordening is er volop ruimte voor variatie. Als deze variabelen
Galgenveld - Indische Buurt geen monotoon straatbeeld. Dat komt
de ‘vaste ordening’ niet wijzigen, is er van inbreuk op de vaste or-
doordat op veel plaatsen verspringingen in de rooilijnen voor verle-
dening geen sprake. Ze betekenen juist een verrijking van het ge-
vendiging zorgen. Daarnaast zorgen de vele voortuinen, afgeschei-
bied. Dat geldt zowel voor de veelheid van variabelen uit de periode
den door tuinmuren en hekwerken, voor verlevendiging en voor een
van ontstaan, maar ook voor variabelen van latere datum, zoals
groen straatbeeld. Dit beeld wordt verder versterkt door de plant-
de voorbeelden van geslaagde moderne invullingen van de negen-
soenen en door de straatbeplanting. Dit laatste element is karakte-
tiende eeuwse straatwanden. Met andere woorden: de laat-negen-
ristiek voor Galgenveld - Indische Buurt. De meeste straten hebben
tiende-eeuwse stedebouw kent een hoge mate van duurzaamheid.
een relatief breed straatprofiel, met aan weerszijden grote straatbo-
Daarin schuilt wellicht ook de verklaring voor het feit dat Galgen-
men tussen rijbaan en trottoir. Helaas is op verschillende plaatsen
veld - Indische Buurt, ondanks de verschillende stedebouwkundige
de symmetrische boombeplanting aangetast, bijvoorbeeld in delen
ontstaansperioden en ondanks de veelheid van bouwstijlen, toch als
van de Javastraat en de Archipelstraat. Herstel van dit beeldbe-
een aangenaam en samenhangend stadsdeel wordt ervaren.
palende element van de openbare ruimte zou in het kader van de
2
aanwijzing tot beschermd stadsbeeld aanbeveling verdienen. Een bijzondere positie in het hiërarchische stratenplan valt toe aan het Javaplein, dat pas in het tweede stedebouwkundige plan werd geïntroduceerd, als een nieuw thema van openbare ruimte: het monumentale entreeplein. Dit is een thema dat in het eerste stedebouwkundige plan nog niet voorkomt, zoals te zien is aan de eerder bebouwde randen van de wijk, langs de Sint Annastraat en de Groesbeekseweg. Op het Javaplein wordt de bezoeker aan
* Wel bracht het plan van 1934 “het uitgestrekte volkspark op De Goffert, in het zuidwesten van de stad”, op anderhalve kilometer afstand van Galgenveld gelegen. Bron: Verhagen P., “Bij het Uitbreidingsplan Nijmegen”, Tijdschrift voor Volkshuisvesting en stedebouw 15 (1935) blz 195
de zuidelijke toegang van de buurt, aan de Oude Groenewoudseweg, verwelkom. Door de verdiepte ligging van het spoor is deze weg een bijzonder fenomeen in het Nijmeegse stadslandschap. De spoorweg is daardoor wel een fysieke barrière maar geen visuele.
gesloten bouwblok In de gedeelten van de wijk die vóór de Tweede Wereldoorlog tot stand zijn gekomen vormen gesloten bouwblokken de belangrijkste bouwstenen van de ruimtelijke compositie van straten en pleinen. De vaak zeer ruime binnenterreinen met individuele achtertuinen zijn veelal geheel door bebouwing omsloten en spelen in de visuele beleving van de openbare ruimte een ondergeschikte rol. Het groene karakter en de ruime opzet van de straatprofielen compenseren iets van het wijkpark dat in de stedebouwkundige opzet ontbreekt. Pas in het derde stedebouwkundige plan, van 1934, het Plan Siebers, werd er aandacht geschonken aan de stedelijke groenvoorziening, in de vorm van een brede groenzone langs de Archipelstraat, die overigens slechts voor een klein deel werd uitgevoerd.* Ondanks het dominante principe van het gesloten bouwblok heeft
Sumatrastraat gezien vanuit Sumatraplein, de openbare ruimte uit deze episode is groen opgezet, zowel de bomen op straat als de groene voortuinen. In deze straat is de symmetrische boombeplanting niet aangetast
Galgenveld Nijmegen RG & P
19
eerste episode; Uitbreidingsplan Nijmegen 1906; Wethouder Joh. H. Graadt van Roggen Bron: uitsnede plattegrond uit ‘Naar Nijmegen’, 1912 (7)
Duinoord Den Haag, met het befaamde Sweelinckplein. Het plan voor deze wijk kwam van 18911902 tot stand, ongeveer in dezelfde periode als het verwante sla-olie plan van Galgenveld. Het plan is ingediend door de Haagse bankier dr. D.P. Scheurleer bij de gemeente en werd in gewijzigde vorm overgenomen door de “N.V. Haagsche Bouwgrond Maatschappij Duinoord”. Bron: Monumenten Inventarisatieproject Den Haag 1850-1940; blauw: 1850-1940, geel: na 1940
20
de stad in 1908 met de twee oostelijke gordelwegen, kaart F. Gorissen
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2.4 eerste episode: het plan Graadt van Roggen,
flink gewijzigde vorm worden gerealiseerd.*
1904 - 1906
Het uitbreidingsplan voor Galgenveld werd in 1904 en 1906 door
2
de Gemeenteraad vastgesteld. (Het plan wordt verder in dit boekje Het economisch reveil dat
aangeduidt als het plan van 1906.) In 1909 en 1911 volgden deel-
vanaf het vierde kwart van
plannen voor Oost-Neerbosch en het gebied tussen de Graafseweg
de negentiende eeuw de Lage
en de St. Annastraat. Het plan, gelegen tussen de St. Annastraat en
Landen uit haar eeuwenlange
de Groesbeekseweg, ten zuiden van de Fransestraat, was hoofdza-
economische winterslaap,
kelijk ontworpen door wethouder Joh. H. Graadt van Roggen. Deze
uit de “Jan Salietijd”, wakker
was al vanaf 1874 wethouder en raadslid in Nijmegen en was in die
schudde, bereikte aan het
hoedanigheid nauw betrokken geweest bij de ontmanteling van de
eind van de negentiende eeuw
vestingwerken en bij de stadsuitleg. Het betrof een plan met alleen
ook de middelgrote steden als
wegen in verschillende orden van importantie, en zonder aandui-
Nijmegen. In de grote steden
ding van bebouwing.
als Amsterdam en Rotterdam had de combinatie van strak
historisch-morfologische context; radiaalwegen en
volgehouden liberalisme en
gordelwegen
explosieve economische groei
De woningwet van 1901 bracht voor grotere steden als Nijmegen
tot grote maatschappelijke
de verplichting mee tot het vaststellen van uitbreidingsplannen,
problemen geleid. De steden groeiden letterlijk dicht en de economische opbloei dreigde
Johan H. Graadt van Roggen; overleden in 1902, enkele jaren voordat zijn uitbreidingplan voor Galgenveld werd vastgesteld
de voorloper van de huidige bestemmingsplannen. Deze hadden echter nog een zeer beperkte juridische status. Er kon niet méér worden vastgelegd dan de aanleg van wegen, straten en pleinen.
te stagneren. Dit leidde tot de
NUTS-bestemmingen, zoals wonen of een park, konden niet worden
invoering van de Woningwet
vastgelegd. Wel bracht de wet een onteigeningsbevoegdheid met
van 1901. Deze was in eerste instantie bedoeld om de situatie van
zich mee, voor het geval een grondeigenaar zich zou willen verzet-
de Volkshuisvesting te verbeteren. Maar daarnaast bood deze Wo-
ten tegen de aanleg van wegen over zijn grondgebied. Dat bood de
ningwet aan gemeentebesturen van grote en snelgroeiende steden
gemeente de kans om orde op zaken te stellen in het beloop van
een instrumentarium om leiding te kunnen geven aan de stads-
wegen en straten in het gebied buiten de ringboulevard. Dat was
ontwikkeling. Een van die instrumenten was de bevoegdheid om
dringend nodig, om twee redenen. Ten eerste om in te kunnen grij-
uitbreidingsplannen vast te stellen. Gekoppeld aan het uitbreidings-
pen in de praktijk van de zogenaamde lintbebouwing, waarbij langs
plan kregen de gemeenten tevens een onteigeningsbevoegdheid, en
de bestaande, vaak smalle wegen min of meer vrijelijk kon worden
daarmee daadwerkelijke uitvoerende bevoegdheid.
gebouwd. Zonder ingrijpen door de overheid zou daar volop gebruik van gemaakt gaan worden, vanwege de economische voordelen van
In veel gevallen duurde het overigens enkele decennia voordat
het bouwen langs bestaande wegen. Dat zou er toe leiden dat er
ook de lokale politieke verhoudingen op deze bevoegdheden waren
vaak geen ruimte meer zou zijn voor noodzakelijke verkeerskundige
ingespeeld. Dat blijkt wel uit het eerste uitbreidingsplan van Nij-
maatregelen, zoals het verbreden of rechttrekken van wegen. Een
megen dat onder de Woningwet tot stand kwam uit het plan Gal-
tweede reden voor de overheid om in te grijpen vloeide voort uit
genveld uit 1906. Dit was het eerste plan dat na het plan voor de
de beperkingen van het stelsel van historische wegen in het gebied
ontmanteling van 1878 werd voorgesteld voor de gebieden buiten
rondom de ringboulevard. Dit waren overwegend wegen die in ra-
de Ringboulevard en tevens het eerste plan dat onder de Woning-
diale richting naar het centrum toe liepen. Naarmate de stadsuitleg
wet tot stand kwam. Pas in de jaren ‘20 en ‘30 zou het plan in een
vorderde was er echter steeds meer behoefte aan ringvormige ver-
* Bron: http://www.noviomagus.nl/Historie/Historie2.htm
Galgenveld Nijmegen RG & P
21
1918
eerste episode; detail van Nijmegen, Galgenveld 1906; Wethouder Joh. H. Graadt van Roggen; donkerrood: wel uitgevoerd, lichtbruin:niet uitgevoerd
22
eerste episode Galgenveld: de Indische buurt: 1904-1918
Javastraat 21-37 ; De woningen zijn aaneen gebouwd in blokken van verschillende lengte, die samen bijna gesloten straatwanden vormen. De oudste straatwanden (b.v. noordelijke deel van de Javastraat en Van Slichtenhorststraat) zijn opgebouwd uit afzonderlijk ontworpen enkele of dubbele herenhuizen.
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
bindingen, aan wegen die parallel aan de ringboulevard lopen en die zorgen voor dwarsverbindingen tussen de historische radiaalwegen. Er was behoefte aan zogenaamde ‘gordelwegen’. De stadsmorfologische kaart van Gorissen uit 1908 toont het stratenpatroon dat toen planmatig was gerealiseerd. Ten oosten van de stad zijn twee gordelwegen aangelegd: ·
een binnenste gordel; de lijn Koolemans Beynenstraat / Heydenrijckstraat / Museum Kamstraat
·
een buitengordel: de lijn Dommer v. Poldersveldtweg / Huygensweg / Sterrenschansweg
stedebouwkundig concept en ruimtelijke compositie Het uitbreidingsplan van 1906 omvat een uitgestrekt gebied tussen de St. Annastraat, Fransestraat, Groesbeekseweg en Groenewoudseweg. Kenmerkend voor het plan is het geheel nieuw ontworpen en complexe patroon van rechte en gebogen straten, diagonalen en typologisch schema Plan Galgenveld 1906; stadsontwerp in een symmetrische laat-barokke traditie, vermengd met pittoreske-romantische elementen (gestippelde lijnen)
enkele pleinvormige ruimten. Het is een plan dat past in de laatnegentiende-eeuwse stedebouwkundige traditie. In deze periode bloeide een nieuwe brede cultuurstroming op, de Art Nouveau, die vrijwel alle domeinen van het dagelijkse leefomgeving beïnvloedde. Stilistisch was dit een reactie op het eclecticisme van de periode 1870-1900, op het kriskras kopiëren en vermenging van historische stijlen. Architecten en vormgevers zochten naar een stijlzuivere esthetiek, waarbij zowel de organische vormwereld van de natuur als ook de pas ontdekte vormrijkdom van de Japanse Cultuur als inspiratiebronnen dienden. In Nederland kreeg deze stroming de bijnaam Slaoliestijl, ontleend aan de befaamde reclameplaten voor slaolie van de Calvé-fabriek in Delft. De stedebouw van deze episode, zoals die herkenbaar is in veel laat-negentiende eeuwse residentiele woonwijken in Den Haag, Haarlem en Amsterdam, noemen we daarom ook wel slaolie-stedebouw. Kenmerkend is een opmerkelijke vervlechting tussen enerzijds neobarokke elementen, zoals grandeur, axialiteit en symmetrie, en anderzijds landschappelijke, pittoreske elementen uit de landschaps-
compositorisch schema eerste episode Galgenveld; a-symetrische compositie, op pragmatische wijze ingepast in de bestaande context. Het pittoresk-romantische stadsontwerp domineert de laat-barokke traditie grijs: bestaand; rood: uitgevoerd; zwart: niet uitgevoerd
architectuur, zoals deze met name in het Engeland van de 18e eeuw was ontwikkeld, eerst voor feodale estates, voor ‘buitens’, en later Galgenveld Nijmegen RG & P
23
de Timorstraat is onworpen in de zogenaamde “slaolie” stijl. Dit houdt in dat de straat gebogen is. Links: Timorstraat vanuit Javastraat, rechts: Timorstraat kijkend richting Van Slichtenhorststraat.
de Archipelstraat was ontworpen als een brede hoofdader, die het plangebied in een noordelijke en een zuidelijke helft opdeelde. Foto is gemaakt vanaf de kruising van de Javastraat en de Archipelstraat, kijkend richting plein aan Balistraat/Lombokstraat.
de Balistraat; ter plaatse van het plantsoen. Geen aaneengesloten gevelwanden, maar vrijstaande villa-architectuur.
24
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
ook voor geürbaniseerde estates in steden. Het bijzondere van deze
nen en onregelmatig gevormde knooppunten. Daarna is dat schema
nieuwe ontwerpbenadering, die vanaf midden negentiende eeuw in
stapsgewijs omgevormd tot een plan dat zich op pragmatische wijze
Nederland werd geïmporteerd, is dat zij de grandeur van de barok-
invoegt in de bestaande constellatie van wegen en topografie. Het
ke landschappen wist om te zetten in een gecombineerde ervaring
neo-barokke karakter is zichtbaar in de Archipelstraat, ontworpen
van iets subliems, overweldigends, en iets pittoresks, iets schilder-
als een brede hoofdader, die het plangebied in een noordelijke en
achtigs. In plaats van het barokke landschap, waarin ieder individu
een zuidelijke helft opdeelt, én in het halve sterplein. Het roman-
meedogenloos onderworpen is aan een hoger machtssysteem, is
tisch pittoreske karakter is zichtbaar in de vele gekromde straten,
de pittoreske werkelijkheid voor eenieder makkelijk beet te vatten,
zoals de Timorstraat en de Borneostraat. Én in het door Graadt van
een individueel toe te eigenen realiteit. Dat verklaart ook de snel
Roggen ontworpen villapark, tussen de huidige Heijendaalseweg
groeiende populariteit van deze stijlbeginselen bij de welvarende en
en Groesbeekseweg. Kortom: het sublieme, het pittoreske en het
vrije burgerij, van stedebouw via huisraad tot mode.
pragmatische zijn in één concept verenigd. Weliswaar in vergelijking
2
met de grote voorbeelden uit die tijd, ook in Nederland, op een ietEn dan is er nog die derde factor die bepalend is voor de grote in-
wat primitieve wijze, maar toch duidelijk een teken van de nieuwe
vloed van de 18e eeuwse landschapsarchitectuur op de stedebouw
tijdgeest.
van de eeuwwisseling: naast het sublieme en het pittoreske: het pragmatische. Als volleerde virtuozen wisten landschapsarchi-
hiërarchische ruimtelijke compositie
tecten hinderlijke gegevenheden van topografie of grondeigendom
Op basis van het eerste stedebouwkundige plan heeft de wijk een
naar hun hand te zetten en om te toveren tot plankwaliteit. Deze
hiërarchische hoofdopzet gekregen. Deze bestaat uit drie hiërarchi-
pragmatische behendigheid zou makers van stedebouwkundige
sche lagen. De eerste laag omvat twee hoofdassen: de rechte Java-
plannen goed van pas komen, weerbarstig als stedebouwkundige
straat in de noord-zuidrichting en de lichtgekromde Archipelstraat
opgaven vaak zijn.
in de oost-westrichting. De hoofdassen verdelen Galgenveld in vier kwadranten van verschillende grootte. De assen kruisen elkaar in
Het gegeven dat bij stedebouwkundige plannen de aandacht voor
een monumentaal, symmetrisch gevormd plein, dat niet als plein is
een logische en heldere stedelijke hoofdstructuur gecombineerd
benoemd, maar dat de namen draagt van twee straten: de Lom-
diende te worden met de aandacht voor een zo uniek mogelijke
bok- en de Balistraat. Dit plein is vanaf het begin ontworpen als het
woonmilieu voor de individuele burger, maakt dat veel plannen
epicentrum van de buurt, een asymmetrisch sterplein. Met de grote
uit die episode iets weg hebben van een letterlijke verstrengeling
plantsoenen vol monumentale bomen en de omringende bebouwing
van twee stijlbeginselen. Veel plannen bevatten enerzijds barokke
van grote vrijstaande en geschakelde villa’s, ademt het plein nog
elementen, zoals axiale boulevards, sterpleinen, overzichtelijkheid
volledig de sfeer van een laatnegentiende-eeuwse stadsuitleg. De
en symmetrie. Anderzijds bevatten ze gekromde, vloeiende lijnen,
tweede laag in de hiërarchische opbouw wordt gevormd door twee
asymmetrie en doolhofvormen.
secundaire assen die in een diagonale richting op het centrale plein samen zouden moeten komen. Dat er momenteel geen zes, maar
Het plan van wethouder Joh. H. Graadt van Roggen lijkt op het
‘slechts’ vijf straten op dit plein samenkomen komt doordat de zui-
eerste gezicht grotendeels los van bestaande structuren en verka-
delijke diagonale straat in het tweede stedebouwkundige plan werd
velingpatronen ontworpen te zijn. Bij nadere beschouwing blijkt het
geschrapt.
echter een behendige ontwerpoefening te zijn met de drie geijkte principes: het sublieme, het pittoreske en het pragmatische. De oe-
De secundaire laag kreeg later een groter belang, doordat langs de
fening begint met een helder typologisch principe, waarin neobarok-
diagonale as twee kleine pleinen werden gesitueerd, het Sumatra-
ke en pittoreske elementen ineengevlochten zijn: symmetrie, lange
plein en een naamloos plein in de Borneostraat. Beide pleinen zijn
gestrekte lijnen en centraliteit, versus gebogen en meanderende lij-
ook weer een knooppunt van vijf straten. Hier vindt de ontmoeting Galgenveld Nijmegen RG & P
25
de hiërarchische lagen van het plan van Graadt van Roggen, 1906; links de primaire laag, midden de secundaire laag, rechts de tertiaire laag
profielfoto Archipelstraat, t.p.v. de Molukkenstraat. Hier is te zien dat de symmetrische bomenlaan is aangetast. Het groene beeld komt voornamelijk door bomen en planten in de private (voor)tuinen
26
van Slichtenhorststraat vanuit Timorstraat
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
plaats met de kleinere straten, die samen het derde niveau van het hiërarchische stratenplan vormen, met straten als de Celebesstraat,
Hoewel het uitbreidingsplan maar ten dele volgens het oorspronke-
de Madoerastraat en de Molukkenstraat.
lijke concept werd uitgevoerd is in het noordelijke en westelijke deel sprake van een duidelijke samenhang tussen stedebouw en archi-
Van dit uitbreidingsplan van 1906 werd uiteindelijk maar een
tectuur. De pleinen en plantsoenen zijn waardevolle verblijfsruimten
beperkt deel uitgevoerd. Alleen het segment tussen Javastraat en
en ankerpunten voor het geheugen van de stedeling.
Borneostraat werd in hoofdlijnen overeenkomstig het oorspronkelijke ontwerp gerealiseerd. De overige delen, het gebied ten zuiden
openbare ruimte
daarvan, de Professorenbuurt, werden in verschillende episodes
Ook de inrichting van de openbare ruimte draagt in Galgenveld
geheel afwijkend ingevuld, terwijl het geplande villapark, ten oosten
- Indische Buurt in belangrijke mate bij aan het waardevolle beeld.
van de Heijendaalseweg in zijn geheel niet werd uitgevoerd.
Veel straten zijn nog altijd voorzien van een traditionele klinkerbestrating en een monumentale laanbeplanting. Graadt van Rog-
Het meest in het oog springend zijn twee pleinen. Allereerst een
gen ging door op de beplantingsprincipes die bij de aanleg van de
groot, gehalveerd sterplein, het huidige parkplein aan de Java-
Nijmeegse singelstructuur werd gehanteerd, toen een relatie werd
straat, met de daaromheen lopende Balistraat en Lombokstraat.
gelegd tussen de boomsoort en architectuur. De vaak flamboyante
Vervolgens, meer noord-oostwaarts, het huidige Sumatraplein. Op
architectuur van het eclecticisme vroeg om een robuuste, statige
deze pleinvormige ruimten komt een groot aantal straten bijeen.
rustige tegenhanger, de laanbeplanting van grote inheemse bomen
Ook de als hoofdader gedachte Archipelstraat werd aangelegd.
als linde, eik en iep. Pas later deden de meer exotische boomsoor-
Hiervan heeft het direct op de St. Annastraat aansluitende deel
ten hun intrede.
een afwijkend smal dwarsprofiel, doordat dit deel al eerder als een
Zoals uit historische foto’s is op te maken hebben de inrichting van
kleine dwarsstraat was aangelegd, de St. Annadwarsstraat.
pleinen en plantsoenen in de loop der decennia wel wijzigingen
Aan de noordkant werd een verbinding gemaakt met de oudere
ondergaan. Die zijn echter ten opzichte van het totaalbeeld van on-
stadsuitleg door de Van Slichtenhorststraat in zuidoostelijke richting
dergeschikt karakter, zodat bij herinrichtingen de essenties van het
te verlengen, tot aan het Sumatraplein en door de reeds gemaakte aanzet tot de Javastraat in zuidelijke richting als een hoofdas van de nieuwe wijk door te trekken. Van de overige ontworpen straten zijn alleen de Timorstraat, Celebesstraat en Borneostraat aangelegd. De bebouwing van het Galgenveld kwam in een vrij langzaam tempo op gang, wellicht omdat het voor toenmalige begrippen relatief ver was afgelegen van de binnenstad en het Keizer Karelplein. Als gevolg daarvan is slechts een klein deel van het stratenplan van Graadt van Roggen uitgevoerd in de karakteristieke bouwstijl van die tijd: het architectonisch eclecticisme, het vermengen van neo-stijlen, en in de gebruikelijke typologieën van die tijd: de vrijstaande stadsvilla en het individueel ontworpen aaneengeschakelde herenhuis. Deze bebouwing vind je aan de randen van de Indische
Sumatraplein
Buurt, die het dichtst liggen bij de historische linten en op het naamloze ’halve sterplein’. Galgenveld Nijmegen RG & P
27
de Van Schaeck Mathonsingel, de boulevard die het Keizer Karelplein verbindt met het station
de St. Annastraat, het historische lint ten westen van de Indische buurt
In de inventarisatie-atlas van Dick Pouderoyen werd de consequente profielindeling van de negentiendeeeuwse stadsuitleg geanalyseerd (1986) (17)
de Groesbeekseweg
de Van Slichtenhorststraat
typische 19de eeuwse profielen Bron: Stüben, Dr.Ing.J.; Ober-und Geheimer Baurat in Berlin-Grunewald; Der Städtebau; 1907; Handbuch der Architektur, Vieter Teil; Strassen-Querprofile; Blz 469 (33)
28
Sumatrastraat 6-20; architect P. Langhout
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
negentiende eeuwse straatbeeld: openheid en ruimte, op eenvoudige wijze kunnen worden teruggebracht. Van wezenlijk belang zijn ook de erfafscheidingen tussen stoep en voortuin. Bij veel woningen zijn die nog intact. Ze zijn veelal ontworpen in samenhang met de architectuur van de woningen. Bij de woningbouw uit deze eerste episode zijn dat gietijzeren hekwerken. De voortuinen dragen, samen met de laan beplanting en het groen van de pleinen en plantsoenen, bij aan het groene karakter van de buurt.*
architectuur De bebouwing uit deze episode omvat hoofdzakelijk woningen voor welgestelden. Dit zijn deels individuele woningen, gerealiseerd in opdracht van particulieren, deels rijen herenhuizen, gerealiseerd door bouwondernemers, de toenmalige projectontwikkelaars, voor de verhuur aan welgestelden. De grote vrijstaande stadsvilla’s op ruime kavels staan met name op het halve sterplein op het vrijstaande villa op de hoek van Javastraat - Archipelstraat; 1913; architect Charles Estourgie
kruispunt van Javastraat en Archipelstraat. Individueel ontworpen en aaneengeschakelde herenhuizen zijn gebouwd aan de oudste straatwanden, het noordelijke deel van de Javastraat en de Van Slichtenhorststraat. Meestal zijn dat enkele herenhuizen, met een a-symmetrische gevelopbouw, maar er komen ook dubbele herenhuizen voor met een symmetrische gevelopbouw. Galgenveld - Indische Buurt kent ook één markant voorbeeld van een langere rij herenhuizen die als één geheel zijn ontworpen, een architectonisch ensemble, in de Sumatrastraat. Dat blok is geïnspireerd op de typologie van chique stadshuizen die in de late achttiende eeuw in Engeland populair werd, het ‘Terrace’. Deze typologie is afgeleid van grote feodale stadspaleizen, die werden opgedeeld in afzonderlijke herenhuizen voor de rijke burgerij, zodat ieder huis status en grandeur kon ontlenen aan het architectonische ensemble. Het blok bestaat uit acht herenhuizen met een symmetrische totaalcompositie, waarin verschillende decoratieve motieven ook op symmetrische wijze zijn toegepast. In het oorspronkelijke ontwerp van de anonieme architect is deze totaalopzet nog duidelijker af te lezen.
* Bron: Tummers, T., Architectuur in Nijmegen, een overzicht van architectuur en stedebouw na 1900, Nijmegen 1994
Galgenveld Nijmegen RG & P
29
tweede episode; Uitbreidingsplan Nijmegen 1918 Deze kaart is in 1924 vervaardigd als wandkaart uitgegeven door de directeur van Gemeentewerken (7)
30
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
“… deel ik u verder mede dat by het opmaken van het plan is uitge-
2.5
tweede episode: Uitbreidingsplan J.J. Weve,
1918-1923
gaan van het denkbeeld dat zooveel doenlyk naar het stadscentrum voerende en overigens kringvormige hoofdwegen moesten worden verbeterd of in de toekomst mogelijk gemaakt. Na vaststelling van
In 1918 stelde de Gemeenteraad het eerste uitbreidingsplan voor
dit hoofdwegennet heeft partiëele indeeling plaatsgehad, waarbij
de hele gemeente vast. Dat verving de drie bestaande partiële uit-
rekening werd gehouden met de beteekenis der stadskwartieren en
breidingsplannen uit 1906, 1909 en 1911, dus ook het plan Galgen-
hunne toekomstige bestemming tot meer voorname, middelsoort en
veld uit 1906.
volkswoonwijken, terwijl ook voor industriewijken werd verzorgd”
Het plan werd ontworpen door J.J. Weve (1852-1942), de directeur
– J.J. Weve, directeur van Gemeentewerken”**
van Gemeentewerken. Dat hij de feitelijke auteur van het plan is mag blijken uit de door hem geschreven toelichting in het gemeen-
Na een herziening in 1921, betreffende het beloop van enkele we-
teblad: “In verband hiermede bericht ik U dat zowel het eerste, als
gen, werd in 1923 wederom een wijziging van het uitbreidingsplan
het nu herzien plan van de uitbreiding onzer Gemeente door mij als
vastgesteld. De hoofdgedachte van het plan bleef daarbij echter in
directeur van Gemeentewerken zijn ontworpen.”
stand. De wijzigingen van 1923 kwamen tot stand onder verantwoordelijkheid van de nieuwe directeur van Gemeentewerken dhr.
Weve heeft een belangrijk stempel gedrukt op de stadsontwikkeling
C. E. Blaauw, tevens stadsarchitect.
van Nijmegen. Hij was niet alleen directeur van Gemeentewerken, maar vanaf 1880 eveneens stadsarchitect. In die hoedanigheid
Toen werd besloten om openbaar groen en speelplaatsen te schrap-
bouwde hij tal van robuuste baksteengebouwen. Daarnaast was hij
pen, met als argument dat vrijwel alle woningen over een tuin
ook civiel ingenieur, onder meer verantwoordelijk voor de aanleg
beschikten.
van riolering, hij was lid van de gezondheidscommissie en was tevens betrokken bij de restauratie van verschillende historische
sociale woningbouw
bouwwerken.
Een nieuw fenomeen in Galgenveld is de realisatie van grote complexen sociale woningbouw, gebouwd in de jaren twintig. Daarmee
In zijn toelichting gaf Weve aan dat een ideaal plan voor de stad
veranderde Galgenveld van een villawijk in een gemengde woon-
onhaalbaar was omdat grote stukken grond door particuliere
buurt. In deze naoorlogse jaren van crisis en hoge prijzen voor
eigenaren in de loop der jaren al van allerlei bouwwerken waren
bouwmaterialen kwam kortstondig een actieve overheidsinterventie
voorzien. Toch was het voor die tijd een baanbrekend plan, omdat
op gang. Omdat de particuliere woningbouw bijna volledig stag-
het voor het eerst de bedoelingen van de Woningwet van 1901 ten
neerde, bleef ook de bouw van middenstandswoningen achter. De
uitvoer bracht. Zijn plan beperkt zich niet meer tot een stratenplan,
Rijksoverheid hanteerde daarom een minder stringent op de armste
maar geeft ook vanuit het oogpunt van de volkshuisvesting een
lagen van de bevolking gericht volkshuisvestingsbeleid. Daardoor
functionele indeling van de stadsuitleg aan. In zijn toelichting meldt
werden de bij Koninklijk Besluit toegelaten woningbouwverenigin-
hij dan ook een plan te hebben gemaakt waarin “met de nieuwere
gen in staat gesteld om het gat op te vullen dat particuliere bouw-
inzichten op het gebied van stadsuitbreiding rekening kon worden
ondernemers in dit segment van de woningbouwmarkt lieten liggen,
gehouden”. *
zodat woningbouwcorporaties voor het eerst konden bouwen voor de beter betaalde arbeider en niet te vergeten de opkomende groep
De functionalistische en volkshuisvestelijke benadering blijkt uit het
van lagere ambtenaren.
volgende citaat:
*
citaat van Weve uit toelichting: “In verband hiermede bericht ik U dat zowel het eerste, als het nu herzien plan van de uitbreiding onzer Gemeente door mij als directeur van Gemeentewerken zijn ontworpen.” Bron: Gemeenteblad Nijmegen, Woningwet Plan van Uitbreiding, Nijmegen 1919 ** Bron: brief aan den Heer K.W. Kruijer, 2 februari 1920
Galgenveld Nijmegen RG & P
31
tweede episode; detail van Nijmegen: de Indische Buurt, Uitbreidingsplan 1918 donkergroen: wel uitgevoerd, lichtgroen: niet uitgevoerd
32
tweede episode Galgenveld: de Indische buurt Uitbreidingsplan 1918
de historische episodes van Galgenveld en de Indische buurt
2
Deze woningen zijn niet ontworpen door van Wamelen, die wel als de ‘huisarchitect’ van Nijmegen werd beschouwd, maar gebouwd naar ontwerp van de Nijmeegse architect M.E. Veugelers. In de jaren tachtig en negentig van de 20ste eeuw zijn in deze complexen groot onderhouds- en renovatiewerkzaamheden uitgevoerd die op onderdelen ingrijpende gevolgen hebben gehad voor het bebouwingsbeeld.*
stedebouwkundig concept en ruimtelijke compositie Vanaf het fin de siècle en met name na de Eerste Wereldoorlog tekent zich in Nederland een breed maatschappelijk reveil af, een toenemende appèl op collectieve waarden in de samenleving. Dit reveil, van natuurbescherming tot stedebouw en architectuur, vormde een reactie op de episode van het hoogtij van het politieke liberalisme in het laatste kwart van de negentiende eeuw, met zijn “laissez-faire mentaliteit”. Een reactie ook op de explosieve groei van steden in de voorafgaande decennia. In veel steden had dit tot een chaotische situatie geleid, met name op gebieden als verkeer en volkshuisvesting, met als gevolg sociale onrust en economische stagnatie. De Woningwet van 1901 was één van de krachten die geel: uitgevoerd deel eerste episode Galgenveld (1908) rood: uitgevoerd in tweede episode Galgenveld (1918), zwart: niet uitgevoerd deel van plan tweede episode Galgenveld (1918)