Bijlage 1 Verkenning de Rechtvaardige Stad.
Tekst van het document
Hoe lang staan starters ingeschreven, en wat is de woonduur van doorstromers? • De meettijd bij toewijzing varieert van 7,5 jaar inschrijvingstijd bij (her)starters tot ruim 22 jaar woonduur bij doorstromers. • De zoektijden liggen rond 1,8 jaar bij zowel (her) starters als doorstromers. Deze zoektijden laten zien hoe lang mensen intensief en aaneengesloten gezocht hebben tot het moment dat zij een nieuwe woning toegewezen krijgen/aanvaarden. De gemiddelde zoektijd is in de laatste 10 jaar opgelopen van 1,4 naar 1,8 jaar. Huishoudens die eveneens actief zoeken, maar die (nog) niet slagen vallen buiten deze cijfers (Bron: Enserve/Entree). Zijn er veel bijzondere toewijzingen? • De Woningmarktmonitor GMR 2024 laat een substantieel en toenemend aandeel toewijzingen met enigerlei vorm van voorrang, urgentie of directe bemiddeling zien. Het aandeel toewijzingen aan urgente aandachtgroepen bedroeg 21% in 2024 en aan statushouders 11%. Het aandeel reguliere toewijzingen liep in 2024 terug naar 63%. • In 2025 vonden 869 van de toewijzingen plaats via het reguliere aanbodmodel, 498 toewijzingen kwamen via loting tot stand en 208 via urgentie of indicatie. (Bron: Enserve/Entree).
Figuur: Slaagkans op de sociale huurmarkt, totaal. Bron: Enserve/Entree.
34
Klimaateffect hittestress Als representant van klimaateffecten kijken we naar eventuele warmteoverlast in de woning, met behulp van een analyse van burgerpeilinggegevens. Uit de Stads- en Wijkmonitor: “Hinder en gezondheidsklachten door hoge temperaturen (‘hittestress’) zijn maatschappelijke thema’s. Het is bekend dat de temperatuur in Nijmegen hoger ligt dan in het omliggende landelijk gebied, in een warme zomernacht zijn verschillen van 7 graden gemeten. Ook binnen de stad zijn er verschillen.” •
•
•
Wijken met veel of weinig warmteoverlast in de woning •
•
Wijken waar (in 2025 en de 2 jaar ervoor) door veel bewoners warmteoverlast wordt aangegeven zijn Benedenstad, Stadscentrum, Bottendaal, Galgenveld, Groenewoud, Nije Veld, St. Anna en Grootstal. Dit zijn centraal in het stedelijk gebied gelegen gebieden. In Kwakkenberg, Oosterhout, Lent en De Kamp ervaren naar verhouding minder inwoners warmteoverlast in de woning. Dit zijn meer aan de buitenrand van de stad gelegen gebieden.
Een periode van warm weer kan ertoe leiden dat mensen veel last van de warmte of zelfs gezondheidsproblemen krijgen. Uit de Nijmeegse burgerpeiling 2025 blijkt dat ruim een kwart van de Nijmegenaren de afgelopen twee jaren overlast heeft ondervonden van warmte in de woning: 27% ervaart regelmatig of vaak overlast (door afronding verschilt dit cijfer met de figuur). Ruim 40% zegt hiervan af en toe last te hebben gehad en bij bijna een derde (30%) is het niet aan de orde. Tijdens aanhoudend warm weer kan in NijmegenCentrum, Nijmegen-Oud-West en Nieuw-West en Nijmegen-Zuid ongeveer een derde deel tot de helft van de inwoners geen verkoeling vinden in tuin (balkon) of buurt. Waarschijnlijk spelen kenmerken van de woning en verharding van openbare ruimte of privégrond een rol.
Percentage inwoners dat vaak of regelmatig veel last heeft gehad van warmte in huis. Bron: Gemeente Nijmegen, Burgerpeiling 2025
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
35
Mobiliteitsongelijkheid
Hinder en overlast bedrijvigheid en infrastructuur
Externe data-analyse: in de “Verkenning mobiliteitsongelijkheid in Nijmegen” van Mobycon (2025) zijn risicofactoren benoemd voor mobiliteitsongelijkheid: autobezit, laag inkomen, afhankelijkheid bij jongeren en ouderen, afstand tot voorzieningen, gemiddelde afstand bushaltes, tevredenheid OV in buurt en gezondheidsaspecten. Uit een data-analyse in deze verkenning gericht op beschreven risicofactoren komt naar voren:
In de ruimtelijke opbouw van de stad zijn grotere concentraties van bedrijvigheid en zwaardere verkeersinfrastructuur aanwezig die naast “baten” ook “lasten” kunnen opleveren voor de aangelegen woongebieden. Woonwijken in de nabijheid van werkgebieden (risico hinder) • De Grift: Ressen • Winkel- en horecagebied Nijmegen-Centrum: Stadscentrum, Benedenstad. • Haven- en Industrieterrein, Oostkanaalhaven: Biezen, Hees. • Westkanaaldijk, Neerbosch West: ’t Acker, De Kamp • Bijsterhuizen: ’t Acker, ’t Broek. • Kerkenbos: ’t Broek. • Winkelcentrum Dukenburg: Zwanenveld. • Heijendaal (RUN, HAN, Radboud Ziekenhuis): Heijendaal, St. Anna, Brakkenstein.
1.
In de wijken Meijhorst, Malvert (Dukenburg) en De Kamp (Lindenholt) zijn meervoudige risico’s op mobiliteitsongelijkheid beschreven: • Malvert: naar verhouding laag autobezit, veel 75+ers (afhankelijk), achterstanden gezondheid (waaronder fysieke beperkingen). • Meijhorst: laag inkomen, achterstanden gezondheid (waaronder fysieke beperkingen). • De Kamp: tevredenheid OV in buurt laag, achterstanden gezondheid. 2. Autoafhankelijkheid is hoog in Ressen en Oosterhout, maar daarentegen is het autobezit hier boven gemiddeld. In Oosterhout speelt wel de combinatie van veel jongeren en 75+ers (afhankelijkheid) en de genoemde autoafhankelijkheid door ligging, voorzieningen en bereikbaarheid van banen. 3. Wijken waar enkelvoudige risicofactoren op mobiliteitsongelijkheid naar voren komen zijn volgens Mobycon Zwanenveld en Lankforst (lager autobezit), Hatert en Nije Veld (lager inkomen), Weezenhof en Hunnerberg (meer 75+ers: afhankelijkheid), Kwakkenberg (grotere afstand tot dagelijkse voorzieningen). 4. De gemiddelde afstand tot bushaltes is niet onderscheidend (gemiddeld 300 meter).
36
Woonwijken gelegen aan zwaardere infrastructuur voor wegverkeer of rail • N325 Prins Mauritssingel: Ressen, Lent. • S100 Generaal James Gavinsingel - Energieweg - Neerbosscheweg - Weg door Jonkerbos – Grootstalselaan - Scheidingsweg: Lent, Biezen, Neerbosch-Oost, Goffert, Hatert, Grootstal, Brakkenstein. • S101 Laan van Oost-Indië: Biezen. • S102 Industrieweg – Marialaan – Tunnelweg: Biezen, Wolfskuil, Stadscentrum. • S103 – N326 Graafseweg: Bottendaal, Nije Veld, Heseveld, Neerbosch-Oost, De Kamp, Zwanenveld, Tolhuis. • S104 Hatertseweg - Van Boetbergweg: Hazenkamp, Sint Anna, Hatertse Hei, Goffert, Hatert, Malvert, Aldenhof, Weezenhof. • S105 (St. Annastraat): Bottendaal, Galgenveld, Nije Veld, Heijendaal, Sint Anna, Hatertse Hei, Grootstal, Brakkenstein. • S106 (Groesbeekseweg): Altrade, Galgenveld, Hengstdal, Kwakkenberg, Groenewoud. • Railverbinding Arnhem – Nijmegen CS: Ressen, Lent, Benedenstad, Stadscentrum, Biezen. • Railverbinding Nijmegen CS – Limburg: Stadscentrum, Bottendaal, Nije Veld, Galgenveld, Heijendaal, Groenewoud. • Railverbinding Nijmegen CS – Noord Brabant: Stadscentrum, Bottendaal, Nije Veld, Heseveld, Goffert,
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
De Kamp, Zwanenveld, Tolhuis
Geluid of stank van wegverkeer en bedrijven In de tweejaarlijkse burgerpeiling vragen we aan Nijmegenaren van 15+ jr. naar eventuele geluidsoverlast of geuroverlast in het huishouden, van onder meer: • Wegverkeer; • Brommers, scooters, motoren • Industrie, bedrijven; • Horecabedrijven. Uit analyse van de burgerpeiling-uitkomsten 2025 komen de volgende opvallende scores per wijk naar voren: Vaak geluidoverlast wegverkeer (--) in: Stadscentrum, Grootstal, Heseveld, Lankforst, ‘t Acker. Geregelde geluidoverlast wegverkeer komt niet veel voor (++) in: Altrade, Hengstdal, Kwakkenberg, Hazenkamp, St. Anna, Wolfskuil, Tolhuis, Malvert. Vaak geluidoverlast brommers, scooters, motoren (--) in: Stadscentrum, Nije Veld, Meijhorst, Lankforst, ’t Acker, ‘t Broek. Geregelde geluidoverlast brommers, scooters, motoren komt niet veel voor (++) in: Bottendaal, Galgenveld, Altrade, Hunnerberg, Hengstdal, Kwakkenberg, Hazenkamp, St. Anna, Brakkenstein, Ressen. Vaak geluidoverlast horeca (--) in: Stadscentrum, Benedenstad,. Geregelde geluidoverlast horeca (-) in: Hatertse Hei. Vaak geuroverlast wegverkeer (--) in: Grootstal, Brakkenstein, Aldenhof, Lent. Geregelde geuroverlast wegverkeer (-) in: Neerbosch-Oost. Geregelde geuroverlast industrie of bedrijven (-) in: Hees, ’t Acker, De Kamp, Oosterhout.
Achterliggende data zijn op te vragen via onderzoek. statistiek@nijmegen.nl of bij aangegevn bronvermelding.
37
Bijlage 2: Eindrapportage gesprekken in de stad Conclusies Externe Stakeholderanalyse Ruimtelijke Rechtvaardigheid. Analyse van de straatinterviews en interviews met professionals in Hatert, Hengstdal en Nijmegen-Noord - 29 april 2026, in samenwerking met Spinsels. 1. Inleiding Deze rapportage beschrijft hoe inwoners en professionals ruimtelijke rechtvaardigheid in drie Nijmeegse wijken ervaren: Hatert, Hengstdal en Nijmegen-Noord. Het doel van het onderzoek is verkennen hoe inwoners in verschillende wijken van Nijmegen denken over rechtvaardigheid in relatie tot hun nabije leefomgeving. De uitkomsten van deze verkenning neemt de gemeente Nijmegen mee in het uitwerken van de bouwsteen De Rechtvaardige stad in de actualisatie van de Omgevingsvisie De Nabije Stad.
2. Onderzoeksopzet De data van het onderzoek is opgehaald met een interactieve onderzoeksinstallatie in de vorm van een grote weegschaal in de publieke ruimte. Inwoners zijn uitgenodigd om via blokken op de weegschaal hun leefomgeving vorm te geven. Door een keuze te maken, en dus een blok van de weegschaal te pakken, verandert de weegschaal van positie. Op basis daarvan is het gesprek aangegaan over welke voorzieningen en waarden inwoners belangrijk vinden in hun wijk, hoe ze hun wijk ervaren, in welke mate ze betrokken zijn en wat ze van de gemeente verwachten. De interactieve onderzoeksinstallatie heeft tussen 31 januari 2026 en 2 april 2026 op verschillende momenten op verschillende locaties gestaan: het winkelcentrum in Hatert, het winkelcentrum in Hengstdal, en voor de Albert Heijn en Jumbo in stadsdeel Nijmegen-Noord. In totaal zijn er 70 straatinterviews afgenomen, waarvan 29 in Hatert, 20 in Hengstdal en 21 in Nijmegen-Noord. De respondenten zijn verschillend in leeftijd, achtergrond en geslacht.
wijk. In Hatert is gesproken met twee professionals die werken bij Buurtteams Jeugd & Gezin en Buurtteams Volwassenen. In Nijmegen-Oost is gesproken met de coördinator van het STIP. In Nijmegen-Noord met een wijkboa en een woningconsulent van een woningcorporatie. In Nijmegen-Oost is gepoogd een tweede professional te interviewen, maar bij gebrek aan reactie en tijdsdruk is ervoor gekozen om het bij één respondent te houden. De interviews van de professionals worden slechts kort besproken in dit eindverslag. Aanvankelijk werd verwacht dat de professionals inzicht zouden hebben in hoe inwoners rechtvaardigheid ervaren in relatie tot hun nabije leefomgeving. Dat bleek niet het geval: zij hebben voornamelijk kennis van hoe inwoners sociale rechtvaardigheid ervaren. De grootste reden hiervoor is dat de uitgenodigde professionals in hun werkpraktijk te maken krijgen met sociale vraagstukken. De onderzoekers zijn zich ervan bewust dat er geen generalistische uitspraken gedaan kunnen worden over de wijk op basis van dit aantal respondenten. Dit onderzoek betreft een verkenning: het geeft een globaal, en dus geen uitputtend, idee van hoe inwoners denken over rechtvaardigheid. De bevindingen zijn beoordeeld aan de hand van drie vormen van rechtvaardigheid. Distributieve rechtvaardigheid gaat over de vraag of middelen, voorzieningen en kansen eerlijk verdeeld zijn.
Procedurele rechtvaardigheid gaat over de vraag of mensen eerlijk kunnen meedenken en meebeslissen. Erkenningsgerichte rechtvaardigheid gaat over de vraag of mensen zich gezien en gewaardeerd voelen.
3.2 Procedurele rechtvaardigheid
3.1 Distributieve rechtvaardigheid
Gefrustreerde participatie doordat kanalen onduidelijk zijn De meeste respondenten geven aan ervoor open te staan om mee te denken over veranderingen in de wijk, maar weten niet hoe. Een aantal respondenten, waaronder vier jongeren, zegt concrete ideeën te hebben voor het verbeteren van de wijk, maar niemand te kennen die ze kan helpen om hun ideeën echt in actie om te zetten. Ze geven aan dat ze niet weten hoe de ze gemeente kunnen bereiken. Onbekendheid van participatiemogelijkheden lijkt in Hatert de dominante drempel te zijn, niet de onwil. De gemeente is volgens de respondenten weinig zichtbaar in de wijk. Respondenten hebben het gevoel dat meldingen over de leefomgeving niet of nauwelijks worden opgepakt, wat ervoor zorgt dat er weinig vertrouwen in de gemeente is. Een respondent vertelt op cynische toon:
Achterblijvende basisleefbaarheid Hatert heeft de sterkste concentratie van leefbaarheidsproblemen. Het concreetst zichtbaar is de verschraling van het winkelcentrum: de Bruna is verdwenen, de groenteboer en slager zijn weg, en diensten als geld storten en pakketjes versturen zijn aanzienlijk lastiger geworden. Meerdere respondenten benoemen dit als een verlies dat de wijk verslechterd heeft. Naast het winkelaanbod zeggen respondenten kwaliteit te missen in de openbare ruimte. De wijk is relatief versteend, er is weinig groen, er ligt afval op straat, en straatverlichting schiet tekort. Dat laatste heeft invloed op het gevoel van onveiligheid. Veel respondenten voelen zich onveilig. Een groot deel van de respondenten gaat ’s avonds niet meer alleen de straat op. Ze hebben last van hangjongeren (soms op fatbikes) en van vandalisme. Ook respondenten die zich wel veilig voelen, benoemen onveiligheid als thema: “Ik voel me hier veilig, maar het is hier niet veilig.” – inwoonster Hatert, 80 jaar. Adrie (eind 70) geeft aan minder last te hebben van de hangjongeren, maar durft haar buren niet meer aan te spreken op vuilnisoverlast, uit angst voor reacties. Ze heeft het idee dat de openbare ruimte minder een plek is van ontmoeting en meer een plek is geworden waar je doorheen loopt.
Meer straatverlichting en een jongerencentrum wordt door meerdere respondenten als mogelijke oplossing genoemd om het gevoel van veiligheid te vergroten. Zij vinden dat er niet genoeg plekken zijn waar jongeren naartoe kunnen gaan in de wijk, waardoor ze op straat gaan hangen. Sommigen respondenten geven aan dat het wijkcentrum vooral gebruikt wordt door oudere en minder mobiele inwoners. Het is volgens hen een belangrijke plek is die voor verbinding en beweging zorgt.
Naast de straatinterviews zijn er ook vijf interviews afgenomen met professionals die dagelijks werken in de
38
3. Hatert
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
“De gemeente?! Mag ik even lachen? Ze luisteren toch niet.” — Juul (70 jaar) Ook Tom (73 jaar) geeft aan dat hij weinig vertrouwen in de gemeente heeft. Dat komt voornamelijk omdat hij vindt dat de gemeente niet goed uitlegt hoe beslissingen die ze maken bijdragen aan de leefwereld van inwoners. Meerder respondenten geven aan dat het zou helpen als de gemeente duidelijker is en minder vasthoudt aan onbegrijpelijke regelgeving.
3.3 Erkenningsgerichte rechtvaardigheid Sociale fragmentatie met erosie van erkenning Het merendeel van de respondenten geeft aan zich niet gehoord en niet gezien te voelen. Ze hebben behoefte aan een mensgerichte overheid die hun leefwereld begrijpt. Met betrekking tot de leefomgeving zeggen enkele respondenten dat er te weinig rekening met ze wordt gehouden. Zo benoemt Natasja (55 jaar) dat de openbare ruimte in Hatert niet rolstoeltoegankelijk is. Juul (70 jaar) gaf aan dat de blindengeleidelijnen een tijdje weg waren op het plein voor het winkelcentrum. Tournay (80 jaar) vertelt dat ze het idee
39
heeft dat er niet genoeg gelijkvloerse woningen zijn voor ouderen met een verminderde mobiliteit. Respondenten zeggen over het algemeen de wijk als sociaal en levendig te ervaren. Er zijn inwoners die vrijwilligerswerk doen, die de culturele diversiteit van de wijk positief beleven en die bewust naar het wijkcentrum gaan om te socializen. Anderen zeggen juist weinig in contact te staan met medeinwoners en ergeren zich aan het multiculturele karakter van de wijk. Inwoners die zichzelf scharen onder een minderheid (LHBTQ, lichamelijke beperking) voelen soms uitsluiting.
3.4 Wat zeggen de professionals? De geïnterviewde professionals doen vooral uitspraken over sociale rechtvaardigheid. Ze beschrijven hoe complexe regelgeving en systemen de toegang tot zorg en ondersteuning belemmeren. Mensen voelen zich daardoor
niet gezien en niet gehoord. Ze identificeren meerdere problemen in de wijk, zoals financiële kwetsbaarheid, een taalachterstand of weinig arbeidskansen. Daarnaast ervaren ze een culturele mismatch in de hulpverlening: een overwegend wit team in een multiculturele wijk levert minder vertrouwen en contact op. Schaamte vormt een extra drempel: inwoners vragen doordat ze zich schamen vaak niet om hulp.
3.5 Rechtvaardigheid Voor de respondenten in Hatert gaat rechtvaardigheid over het daadwerkelijk zien en horen van inwoners. De gemeenteambtenaren zouden zich meer moeten inleven in hun leefwereld, en minder moeten uitgaan van regelgeving en moeilijke systemen. Kortom, meer menselijkheid en minder bureaucratie.
4. Hengstdal
4.2 Procedurele rechtvaardigheid
4.1 Distributieve rechtvaardigheid
Geleefde bewonerseigenaarschap en -participatie Hengstdal onderscheidt zich van de andere wijken doordat participatie hier geen wens, maar een werkende praktijk is. Bewoners nemen initiatief en zien de gemeente als partner in de inrichting van de wijk. Bewoners voelen zich gehoord.
Groene en goed voorziene leefomgeving met verkeersknelpunt De leefomgeving wordt door de respondenten uit Hengstdal goed gewaardeerd. Het groen rondom de wijk is een veelgenoemde kwaliteit en wordt door vrijwel alle generaties gewaardeerd: als wandelplek voor ouderen en als speelplek voor jongeren. Respondenten geven aan dat de nabijheid van groen de sociale cohesie versterkt en een ontmoetingsplek is voor inwoners van verschillende leeftijden. “Groen versterkt het gevoel van samen leven.” – Dreah (50 jaar) Kinderen geven aan de speelplekken te waarderen, al geven ze aan dat er meer diversiteit zou kunnen zijn, zoals een voetbalveld, een speeltuin of juist een grasveld zonder geformaliseerde speeltoestellen. Zowel tieners als ouders van tieners merken op dat er voor oudere jongeren niet veel aanbod is, al weten ze niet wat voor aanbod er dan zou moeten komen. Het wijkcentrum wordt omschreven als een essentieel laagdrempelig ontmoetingspunt, dat belangrijker wordt naarmate mensen ouder worden. Een verbeterpunt dat door jonge en oude respondenten vaak benoemd wordt, is de verkeersveiligheid: auto’s rijden te hard en er zijn weinig oversteekpunten. Voor Lily (11 jaar) en Tim (12 jaar) zorgt dit er bijvoorbeeld voor dat ze minder snel naar de speelplek gaan, omdat ze dan een drukke weg over meten steken.
Boudewijn (78 jaar) pleit voor autoluwe straten en fietspaden en Maria (70 jaar) voor een 30-kilometerzone. Een anonieme respondent (25 jaar) signaleert een risico op verbubbeling van de wijk. Gijs (41 jaar) wijst op het hoge aandeel koopwoningen als motor van homogeniteit, en pleit voor meer sociale woningbouw om diversiteit structureel te borgen. Sommige respondenten geven aan verhuisd te zijn van Dukenburg of Willemskwartier naar Hengstdal. Opvallend is dat zij reflecteren op de bevoorrechting van Hengstdal. Ze signaleren dat andere wijken in Nijmegen meer gemeentelijke aandacht nodig hebben dan Hengstdal als het gaat om de aanwezigheid van voorzieningen en sociale cohesie.
40
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
“Het eigenaarschap ligt bij de bewoners, en de gemeente helpt daarbij.” – Kokken (85 jaar). Toch signaleren respondenten dat de gemeente niet altijd doorpakt na gesprekken, omdat ze gemeente soms lang niet van zich laat horen. Ook geven respondenten aan dat de gemeente niet altijd goed communiceert. Daan (20 jaar) vond dat hij bij ingrijpende ruimtelijke veranderingen zoals sloop of een herinrichting eerder geïnformeerd had moeten worden. Gerard (88 jaar) schrijft brieven over de staat van stoepen in de openbare ruimte, maar krijgt geen reactie. Over het algemeen is de betrokkenheid groot. De terugkoppeling vanuit de gemeente kan verbeterd worden.
4.3 Erkenningsgerichte rechtvaardigheid Tolerantiecultuur en inclusieve diversiteit Respondenten geven aan dat Hengstdal een cultuur van tolerantie heeft. Diversiteit wordt door veel van hen als een kwaliteit van de wijk gezien. De wijk wordt vaak omschreven als gastvrij en inclusief. Dat komt onder andere door de inrichting van openbare plekken, en de aanwezigheid van groen en speelplekken die ontmoeting faciliteren. “Het is een smeltkroes. Integratie en ontmoeting zijn hier vanzelfsprekend.” – Tineke (62 jaar) Toch ervaart niet iedereen de wijk als inclusief. Een oudere respondent geeft aan de openbare ruimte niet altijd toegankelijkheid te vinden, omdat de stoepen slecht onderhouden zijn. Hierdoor gaat hij minder vaak naar buiten en voelt hij zich minder betrokken in de wijk.
4.4 Wat zeggen de professionals? De professional in Nijmegen-Oost wijst vooral op sociale problematiek die vaak niet aan de oppervlakte zichtbaar is, zoals verborgen schuldenproblematiek en eenzaamheid onder jongeren. Om toegankelijker te zijn voor inwoners, pleit ze voor een vaste locatie van het STIP in de wijk die ook dient als ontmoetingsplek. Het STIP is nu in korte tijd drie keer verhuisd, waardoor kwetsbare bewoners het STIP niet
41
goed weten te vinden. Daarnaast merkt ze dat systemen zo zijn ingericht dat ze het systeem dienen, en niet de mensen die geholpen zouden moeten worden. Volgens haar zou het helpen om beleid te ontwerpen op basis van de mensen die het het moeilijkst hebben.
5. Nijmegen-Noord 5.1 Distributieve rechtvaardigheid Kindvriendelijkheid, maar versteend en aanwezigheid parkeersdruk De respondenten uit Nijmegen-Noord zijn tevreden over hun wijk. Met name het goede voorzieningenniveau voor jonge gezinnen wordt veelvuldig genoemd: speelplekken, sportfaciliteiten, de nabijheid van groen, een markt, en de aanwezigheid van meerdere supermarkten maken Nijmegen-Noord gezins- en kindvriendelijk. Bijna alle respondenten noemen dezelfde verbeterpunten: verstening in de wijk zelf (dus m.u.v. het groen rondom), parkeerproblemen en verkeersveiligheid. Respondenten die al in Nijmegen-Noord woonden, voordat de wijk verbouwd werd, betreuren de afname van het groen: boomgaarden hebben plaatsgemaakt voor gebouwen. Zij vinden dat de wijk er slechter op is geworden. Ook nieuwe bewoners vinden er meer groen in de wijk zou mogen zijn, en geven aan dat er best wat versteende pleintjes zijn. Veel steen maakt de leefomgeving minder aantrekkelijk zeggen respondenten.
“De gemeente zou meer vanuit het perspectief van de zwaksten moeten redeneren. De keten is zo sterk als de zwakste schakel.” – professional werkend in Nijmegen-Oost.
4.5 Rechtvaardigheid De respondenten in Hengstdal begrijpen rechtvaardigheid in termen van samenwerking, eigenaarschap en inclusiviteit, waarbij inwoners en gemeente samen verantwoordelijkheid dragen. Sommigen van hen geven aan dat het rechtvaardig is als andere wijken meer aandacht van de gemeente krijgen dan dat Hengstdal krijgt, omdat ze vinden dat aandacht in andere wijken harder nodig is.
Een ander knelpunt is de parkeerdruk. Respondenten geven aan moeite te hebben met het vinden van een (betaalbare) parkeerplek. Dit heeft invloed op het sociale leven van sommige respondenten. Onder andere Iris (33 jaar) nodigt minder visite uit omdat parkeren lastig en duur is. Ze ziet daardoor minder mensen en vertelt dat haar sociale leven achteruit is gegaan. Tot slot vertellen respondenten dat auto’s te hard rijden en er te weinig zebrapaden zijn.
5.2 Procedurele rechtvaardigheid Structureel belemmerde participatie door tijdgebrek Veel respondenten geven aan te willen meedenken over de inrichting van hun leefomgeving, maar worden daarin structureel belemmerd door tijdgebrek. Dat heeft te maken met de samenstelling van de wijk: “De demografie van de wijk, gezinnen met twee werkende ouders en jonge kinderen, maakt participatie in avondbijeenkomsten of formele inspraakprocessen lastig’’ – Richard (32 jaar). Respondenten geven aan over het algemeen te weten hoe gemeentelijke participatieprocessen werken. Wel geven sommigen van hen aan dat de gemeente traag handelt
42
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
en regels belangrijker lijkt te achten dan de behoeftes van inwoners. Er is behoefte aan een gemeente die minder vasthoudt aan regels en meer oog heeft voor de menselijke kant.
5.3 Erkenningsgerichte rechtvaardigheid Homogeniteit als erkenningsprobleem Het meest opvallende erkenningsvraagstuk in NijmegenNoord is de homogeniteit van de wijk. Een hoop respondenten beschrijven de wijk als een bubbel van welvarende jonge gezinnen. Holle en Nicole (55): “We wonen hier in een bubbel van bakfietsers en matchadrinkers.” – Nicole (55 jaar). Respondenten geven aan dat dat komt door de woningsamenstelling van de wijk: er zijn overwegend koopwoningen en dus ook relatief veel gezinnen met hoge inkomens. Vincent (35 jaar) wijst op de kloof tussen inwoners met een koop- en sociale huurwoningen: de twee groepen wonen naast elkaar maar hebben weinig contact. De nieuwe samenstelling van de wijk heeft ervoor gezorgd dat het dorpse karakter is verdwenen. Oorspronkelijke bewoner Anja (66 jaar) merkt op dat de ontwikkeling van de wijk niet in haar belang heeft gediend. Jongeren en ouders van jongeren geven aan dat er weinig voorzieningen zijn voor jongeren, omdat er vooral op jongere kinderen gefocust wordt. Jamilla (14 jaar) rijdt op een fatbike, en voelt dat ze daardoor negatief wordt bekeken door medebewoners. Ze geeft aan dat ze zich verveelt: “Er wordt veel georganiseerd voor jonge kinderen, maar onze leeftijdsgroep wordt vergeten.” - Jamilla, 14 jaar Ze zou graag zien dat er jongerencentrum komt, waar ze samen met leeftijdsgenoten kan hangen of kan koken.
Maarten (42 jaar) beaamt dat merkt op dat oudere jongeren geen speeltoestel meer willen, maar een hangplek. Hij hoopt dat de fysieke inrichting meegroeit met het ouder worden van de vele kinderen in de wijk. Daarnaast merkten twee respondenten op dat zij slecht ter been zijn en last hebben van losliggende stoeptegels.
5.4 Wat zeggen de professionals? De professionals in Noord bevestigen het positieve beeld van de wijk, maar nuanceren de hoge welwillendheid om te participeren: dat heeft te maken met over het algemeen
43
hoge opleidingsniveau van inwoners in NijmegenNoord. Zij vertellen dat er ook inwoners zijn die minder vertrouwen in de gemeente hebben en daardoor niet willen participeren. Betreft sociale rechtvaardigheid, is er een stijging van schulden na het coronatijdperk te merken. Dit blijft verborgen in een wijk waar financiële problemen als afwijkend gelden. Tot slot geven de professionals aan dat er frustratie is over gemeentelijke processen, zowel bij inwoners als bij professionals, omdat ze te langzaam gaan en onnodig veel stappen bevatten, bijvoorbeeld de afhandeling van meldingen over overlast.
6. Vergelijking tussen de drie wijken 6.1 Distributieve rechtvaardigheid: eerlijke verdeling van voorzieningen, middelen en kansen Hatert mist basisvoorzieningen; Hengstdal en Noord functioneren goed, maar kennen eigen tekorten Op het gebied van distributieve rechtvaardigheid laten de drie wijken een duidelijk verschil in uitgangspositie zien. Respondenten uit Hatert missen basisvoorzieningen. Het winkelcentrum verschraalt concreet en zichtbaar: basiswinkels en -diensten zijn verdwenen en worden niet naar behoren vervangen. De openbare ruimte is vervuild, versteend en inwoners ervaren de straatverlichting als onvoldoende. Onder andere daardoor is onveiligheid een thema in Hatert. Sommige respondenten in Hatert vragen als oplossing specifiek om een jongerencentrum: ze denken dat het gebrek aan plekken voor jongeren een directe oorzaak is van overlast op straat.
5.5 Rechtvaardigheid De respondenten in Nijmegen-Noord begrijpen rechtvaardigheid als het creëren van een goed functionerende wijk die bereikbaar is (ook per auto), waar voorzieningen op orde zijn voor alle leeftijdssoorten, en waar diverse soorten mensen wonen.
Hengstdal heeft de best gewaardeerde leefomgeving van de drie wijken. Het groen rondom de wijk wordt door vrijwel alle generaties gewaardeerd als ontmoetings- en speelplek, en draagt volgens respondenten bij aan de sociale cohesie. Het meest concrete verbeterpunt is verkeersveiligheid: auto’s rijden te hard en er zijn te weinig oversteekpunten. Opmerkelijk is dat respondenten die vanuit andere wijken naar Hengstdal zijn verhuisd, zelf benoemen dat de verdeling van gemeentelijke aandacht en voorzieningen over de stad niet eerlijk is: andere wijken zouden meer aandacht nodig hebben. Nijmegen-Noord is over het algemeen tevreden over het voorzieningenniveau, maar kent drie terugkerende knelpunten: verstening in de wijk zelf (ondanks het groen rondom), parkeerdruk en verkeersveiligheid. De verstening wordt door zowel nieuwe als oorspronkelijke bewoners benoemd als kwaliteitsverlies. De parkeerdruk heeft een direct effect op het sociale leven: respondenten nodigen minder visite uit omdat parkeren lastig en duur is.
6.2 Procedurele rechtvaardigheid De wil om mee te doen is overal aanwezig; de drempels verschillen per wijk Op het gebied van procedurele rechtvaardigheid laten de drie wijken een duidelijke gelaagdheid zien. In Hengstadal is participatie is een geleefde praktijk. Bewoners nemen initiatief, voelen zich gehoord en zien de gemeente als partner. Toch is ook hier ruimte voor verbetering: de gemeente pakt niet altijd snel door na gesprekken, en de
44
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
terugkoppeling na inbreng van inwoners laat soms op zich wachten. In Nijmegen-Noord is de wil om mee te doen groot, maar tijdgebrek is de dominante drempel. Respondenten weten over het algemeen hoe gemeentelijke processen werken, maar ervaren de gemeente als traag en te regelgebonden. Er is behoefte aan een overheid die meer oog heeft voor de menselijke kant en minder vasthoudt aan procedures. Hatert kent de grootste procedurele drempel. Respondenten geven aan mee te willen denken, maar weten simpelweg niet hoe ze de gemeente kunnen bereiken of welke kanalen er beschikbaar zijn. Lage participatie in Hatert lijkt dan ook niet per se voort te komen uit onwil, maar uit onwetendheid. Daarbij komt dat het vertrouwen in de gemeente laag is: meldingen over de leefomgeving worden niet of nauwelijks opgepakt, wat de drempel om mee te doen verder verhoogt. Een gedeeld patroon in alle drie de wijken is de behoefte aan betere terugkoppeling vanuit de gemeente. Of het nu gaat om een melding over een kapotte stoeptegel, een brief over de staat van de openbare ruimte of inbreng bij een inspraakavond: respondenten willen weten wat er met hun inbreng is gedaan. Het ontbreken van die terugkoppeling ondermijnt het vertrouwen, ook in wijken waar dat vertrouwen relatief hoog is.
6.3 Erkenningsgerichte rechtvaardigheid Niet-gezien worden is het meest gedeelde thema; de oorzaak verschilt per wijk Op het gebied van erkenningsgerichte rechtvaardigheid is het contrast tussen de wijken het scherpst, maar tekent zich tegelijkertijd een gedeeld onderliggend patroon af. In Hatert is de erosie van erkenning het sterkst voelbaar. Het merendeel van de respondenten geeft aan zich niet gehoord en niet gezien te voelen door de gemeente. Een deel van de respondenten ervaart bovendien uitsluiting in de directe leefomgeving: inwoners met een lichamelijke beperking stuiten op een openbare ruimte die niet op hen is ingericht en LHBTQ+-inwoners voelen zich niet altijd veilig op straat. De sociale fragmentatie is in Hatert ook het grootst: hoewel er een actieve kern van betrokken bewoners is, trekken anderen zich terug en neemt het onderlinge contact af. Hengstdal scoort op dit vlak het sterkst. Respondenten omschrijven de wijk als tolerant, gastvrij en inclusief, en koppelen dat deels aan de inrichting van de openbare ruimte: groen en speelplekken die ontmoeting faciliteren. Toch is ook hier een kanttekening: de wijk zou kunnen
45
verbubbelen, onder andere door een groot aantal koopwoningen. Oudere en niet mobiele mensen ervaren de wijk niet altijd als toegankelijk door slecht onderhoud van de openbare ruimte. In Nijmegen-Noord is het erkenningsvraagstuk van een andere aard. De wijk wordt door veel respondenten als een bubbel omschreven: een homogene gemeenschap van welvarende jonge gezinnen, mede bepaald door de woningsamenstelling. Respondenten die niet binnen dat profiel passen, zoals oorspronkelijke bewoners, inwoners met een lager inkomen, en tieners, voelen dat. In alle drie de wijken is er een groep die structureel minder gezien wordt: tieners. In Hatert, Hengstdal en NijmegenNoord geven zowel jongeren zelf als oudere respondenten aan dat er te weinig aanbod is voor de tienerleeftijd, en dat de openbare ruimte niet op hen is ingericht. Een ander gedeeld patroon is de behoefte aan een mensgerichte overheid: respondenten in alle drie de wijken, in Hatert het sterkst, willen een gemeente die luistert, uitlegt en reageert, en die niet altijd op basis van regelgeving handelt. Spinsels is een sociaal ontwerpbureau dat ideeën tot leven brengt. We onderzoeken maatschappelijke vraagstukken en ontwerpen vernieuwende oplossingen samen met allerlei belanghebbenden in de samenleving, zoals studenten, beleidsmakers, nieuwkomers, en ouderen. Redactie: Maarten Dietz Fotografie: Maud van den Berg
46
Omgevingsvisie Nijmegen | Wijziging 2026
Spinsels
+31623586068
Papengas 9A
info@spinsels.org
6511WS Nijmegen
www.spinsels.org
Bijlage startnotitie | Verkenning De Rechtvaardige Stad
47
Nijmegen.nl