CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Vaststellen bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Besluitronde (raadsvergadering) 28 september 2022, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Bestemmingsplan Nijmegen-West 13 (CPO toekomstmuziek, Kerkstraat) (64/2022)26.326 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Uit de rekenresultaten van Aerius Calculator 2020 blijkt dat er ten gevolge van de beoogde planontwikkeling geen stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden plaatsvindt. Derhalve zijn significante negatieve effecten op de stikstofgevoelige habibtattypen uit te sluiten. Een vergunning in het kader van de Wnb is derhalve niet benodigd. Verder is er tussen het plangebied en het Natura 2000-gebied een grote diversiteit aan gebouwen gelegen welke het plangebied van het Natura 2000-gebied scheidt zowel fysiek als in zicht. Dit sluit andere effecten, naast stikstofdepositie, op het Natura 2000-gebied uit. Beschermde soorten De soortenbescherming regelt de bescherming van dier- en plantensoorten. De Wet

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

31

natuurbescherming kent drie aparte beschermingsregimes: Beschermingsregime soorten Vogelrichtlijn (Europees); Beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn (Europees); en Beschermingsregime andere soorten (Nationaal). Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. De wet hanteert daarbij het "nee, tenzij-principe". Alle schadelijke handelingen ten aanzien van beschermde planten- en diersoorten zijn in principe verboden. Alleen onder strikte voorwaarden zijn afwijkingen van de verbodsbepalingen mogelijk. Hiertoe moet een Wet natuurbescherming ontheffing voor soorten bij de Provincie aangevraagd worden. Daarnaast is in de wet een zogenaamde 'algemene zorgplicht' opgenomen. De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Bij uitvoering van activiteiten moeten negatieve gevolgen zoveel mogelijk worden voorkomen dan wel beperkt of ongedaan gemaakt worden. Door Ecolybrium is een ‘Quickscanonderzoek Ecologische Waarden’ inclusief veldbezoek uitgevoerd.

Hieruit komt naar voren dat: Er geen effecten optreden ten aanzien van beschermde soorten vaatplanten, vleermuizen, broedvogels, amfibieën, vissen, grondgebonden zoogdieren, libellen, dagvlinders, nachtvlinders, sprinkhanen, reptielen en overige ongewervelden. Er geen effecten optreden ten aanzien van foeragerende en/of migrerende vleermuizen omdat het gebied geheel ongeschikt is geacht als primair jachtgebied en primaire vliegroute. Er geen nader soortgericht onderzoek nodig is omdat er geen knelpunten te verwachten zijn op de aanwezige soorten en soortgroepen. Er geen overtredingen plaatsvinden in het kader van de Wet natuurbescherming.

Daardoor wordt geconcludeerd in de quickscan dat de voorgenomen ontwikkeling uitgevoerd kan worden zonder in overtreding te zijn van de verbodsbepalingen uit de Wet Natuurbescherming. Provinciaal beleid Omgevingsvisie en –verordening Gelderland In de Omgevingsvisie Gelderland staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. In de omgevingsvisie zijn de waardevolle natuurgebieden opgenomen: het Gelders Natuurnetwerk (GNN) en de Groene Ontwikkelingszone (GO). De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. In de verordening is het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd. Doorwerking plangebied Het plangebied ligt op circa 2,2 kilometer afstand van het Gelders deel van Natuurnetwerk Nederland (GNN) en tevens van de Groene Ontwikkelingszone (GO). De provincie heeft geen doelstellingen voor gebieden die buiten het Natuurnetwerk Nederland liggen. Ruimtelijke ontwikkelingen die geen significant negatief effect hebben op de wezenlijke waarden en kenmerken van het Natuurnetwerk Nederland mogen plaatsvinden. Er is geen sprake van externe werking. De voorgenomen ontwikkeling tast de kernkwaliteiten van het GNN dan ook niet aan en past binnen het beleid van de provincie Gelderland. Het afwegingskader EHS hoeft niet te worden doorlopen.

De Omgevingsvisie en -verordening zijn wat dat betreft niet van toepassing.

32

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Gemeentelijk beleid Coalitieakkoord 2018- 2022, Nijmegen: samen vooruit Inwoners en toekomstige inwoners van Nijmegen stellen hogere eisen aan de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving, mensen kiezen in toenemende mate hun woonplaats op grond van de kwaliteit van de leefomgeving en kijken van daaruit welke banen bereikbaar zijn. Een groene gemeente met goede voorzieningen en een aantrekkelijke stedelijke woon- en leefomgeving heeft de toekomst. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor de gemeente Nijmegen een prioriteit. Bij de inrichting dient oog te zijn voor het gebruik van het groen en voor de ecologische waarde. Daarnaast wil de gemeente een overheid zijn die inwoners en organisaties de ruimte biedt de eigen leefomgeving vorm te geven. Topindicator groen (2010) In 2010 heeft de raad voor groen de topindicator “binnen 300 meter van iedere woning 0,5 hectare aaneengesloten vlakgroen” vastgesteld. De topindicator refereert aan onderzoeken van Alterra waarin 300 meter als realistische loopafstand naar groen voor kinderen en ouderen wordt geadviseerd. De 0,5 hectare komt daarbij voort uit ervaringscijfers. Na nuancering en verfijning van de topindicator is in 2013 een overzicht gemaakt van gebieden waar de toevoeging van groen gewenst is. De gemeente past de topindicator toe bij veel plannen en beleidsstukken. Bijvoorbeeld in de nota 'Samen gezond verder.

Lokaal gezondheidsbeleid Nijmegen 2013-2016' wordt het belang van groen genoemd en is de topindicator onderdeel van het beleid. Voorliggende ontwikkeling maakt aan de Daniëlsweg tussen zwembad West en Kerkstraat 5 een appartementengebouw mogelijk. De locatie is gelegen in een groen stuk van Nijmegen. Zo bevindt zich direct aan de voorzijde van het beoogde gebouw het Planetenpark. Dit park sluit direct aan aan het Dorpspark Hees. Derhalve wordt bij de bouw van deze appartementen voldaan aan de Topindicator Groen. Groenplan De groene draad (2007) Het groenbeleid is vastgelegd in 'De groene draad - kansen voor het Nijmeegse groen' en heeft als doelstelling: inzicht te geven in het totaal van groene ontwikkelingen in en om de stad en hun onderlinge samenhang; een sturingsinstrument voor het bestuur te zijn voor groene ontwikkelingen in de stad; vanuit een groen toekomstperspectief een gids of leidraad te zijn voor toekomstige stedelijke ontwikkelingen; de groene ambities te benoemen voor de komende jaren die vertaald worden in een uitvoeringsprogramma.

De hoofdgroenstructuur en de hoofdbomenstructuur zijn de basis en de ruggengraat van het groen in Nijmegen. Deze structuren houdt de gemeente dan ook in stand. In bestemmingsplannen gaat het dan om de bestemmingen Groen, Natuur en Bos. Daarnaast kennen ook andere plekken een groene bestemming bijvoorbeeld kleinere groenplekken op wijkniveau. De voorgenomen ontwikkeling heeft geen invloed op de hoofdgroenstructuur. Direct ten zuiden van het plangebied ligt de enkelbestemming Groen (bestemmingsplan: Nijmegen West, 2013-10-23). Echter, deze wordt door het plan niet beïnvloed. Door het plan wordt een deel van de enkelbestemming Gemengd omgezet naar Wonen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

33

Handboek stadsbomen (2009) Het Handboek Stadsbomen is een uitwerking van het Groenplan “De Groene draad, kansen voor het Nijmeegse groen". Het Handboek Stadsbomen vormt het kader voor inrichtingsplannen en beheerplannen voor de openbare ruimte waar het bomen betreft. Het handboek is daarnaast te definiëren als toetsingskader voor ruimtelijke plannen en initiatieven en biedt inzicht in de beleidsuitgangspunten ten aanzien van bescherming, aanplant, beheer en kap van bomen. De hoofddoelstelling van het Handboek Stadsbomen is het waarborgen van de duurzame instandhouding van het Nijmeegse bomenbestand door middel van behoud én ontwikkeling. De volgende uitgangspunten staan daarbij centraal: Optimale inzet van middelen. Waarborgen van een vitaal bomenbestand. Zorgen voor draagvlak; zorgvuldig afwegen, bewust besluiten en tijdig communiceren. Meer bomen en meer kronen. Inzet op kwantiteit en kwaliteit.

Het Handboek Stadsbomen heeft betrekking op alle bomen binnen de gemeentegrenzen. Dat zijn dus niet alleen de park-, laan- en straatbomen, maar ook bomen in tuinen en op particuliere terreinen. Voor bosopstanden, bosplantsoen en bomen in natuurgebieden gelden andere beleidskaders en wet- en regelgeving. In het Handboek Stadsbomen is de hoofdbomenstructuur opgenomen. Deze structuur vormt samen met de hoofdgroenstructuur de basis van het groen in Nijmegen. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling worden geen bomen gekapt en de ontwikkeling heeft geen invloed op de hoofdbomenstructuur. Ecologie van de stad “De bijzondere ligging van Nijmegen op een kruispunt van het rivierengebied, de hogere zandgronden en het stuwwallencomplex zorgt ervoor dat niet alleen rondom Nijmegen, maar ook binnen de stadsgrenzen een verscheidenheid aan leefmilieus voor planten en diersoorten aanwezig is. Nijmegen heeft de ambitie om bij nieuwe ontwikkelingen kansen voor natuur te benutten. Door het nemen van inrichtings- en beheermaatregelen kan de ontwikkeling leiden tot een verbetering van de biodiversiteit. Met name in aansluiting op plassen en watergangen. De biodiversiteit kan worden gestimuleerd door het maaiveld in te richten en te beheren als bloemrijk grasland met plukjes struweel. De beplanting dient bij voorkeur te bestaan uit een menging van inheemse soorten.

Deze maatregelen komen ten goede aan onder andere insecten, kleine zoogdieren en vogels. “ Bij nieuwe ontwikkelingen zoals voorliggend plangebied ontstaan kansen voor de natuur in de stad. Ook met de ontwikkeling van dit plan wordt gekeken naar de kansen voor natuur in de stad. Hier wordt op ingespeeld door onder andere het: toepassen van halfverharding; egel-, insect- en vogelvriendelijk aanplanten van de tuin; behouden van bestaande bomen en het aanplanten van nieuwe bomen; realiseren van een groen dak op de 1e verdieping van de gemeenschappelijke ruimte; realiseren van ingebouwde nestplaatsen voor vogels en vleermuizen.

34

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Figuur 6: Inrichtingsplan toekomstige situatie

Ecologische structuren, hotspots en wijkspots De gemeente heeft de ecologische structuren, ecologische hotspots en ecologische waardevolle wijkspots in de wijk in Nijmegen in kaart gebracht. Ecologische structuren laten de relaties zien tussen natuurwaarden in de stad en natuurwaarden om de stad. Soorten kunnen zich hierlangs verplaatsen en hebben zo een gevarieerd leefgebied tot hun beschikking.

Figuur 7: Ecologische structuur Nijmegen met ligging van het plangebied (rode stip)

Het plangebied ligt niet in of nabij een waardevolle ecologische hotspot of structuur. Sterker nog het gebied ligt op de grens van de gebieden die geclassificeerd zijn als ‘relatief lage’ of

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

35

‘gemiddelde’ natuurwaarden. Daarmee heeft de ontwikkeling die in het plangebied mogelijk wordt gemaakt geen (negatieve) invloed op de ecologische structuur van Nijmegen. Stad en Natuur: klimaatadaptatie en natuurinclusief bouwen Bij nieuwe ontwikkelingen zoals dit plangebied ontstaan kansen voor de natuur in de stad. Op 14 november 2018 heeft de gemeenteraad de motie Natuurinclusief bouwen aangenomen. Natuurinclusief bouwen Natuurinclusief bouwen is een verzamelterm voor tal van maatregelen en manieren om natuur te integreren bij de bouw van woningen, kantoren en andere gebouwen. Door natuurinclusieve maatregelen wordt de leefomgeving voor gebouwbewonende diersoorten verbeterd en de biodiversiteit bevorderd. Onderdeel van natuurinclusief bouwen is bijvoorbeeld de toepassing van kruidendaken op de platte daken van nieuwbouw of het voorzien van nestelgelegenheden. De bouwwijze en tuininrichting in dit plan zijn natuurinclusief onder andere door de realisatie een groen dak op de gemeenschappelijke ruimte, ingebouwde nestplaatsen voor vogels en vleermuizen en de realisatie van een vogel- , egel- en insectenvriendelijke tuin. Groen en klimaat Dat het klimaat verandert zien we terug in allerlei verschijnselen. Het weer fluctueert zoals het dat nooit eerder gedaan heeft. Langdurige hitteperiodes, periodes van droogte met (te) lage waterstanden, hevige regenbuien en meer stormen.

Het grootste gedeelte van wat we nu bestemmen, ontwerpen en vergunnen in de openbare ruimte is ervoor bedoeld om de komende 20, 30, 40 en 50 jaar er nog steeds te staan en goed te functioneren. We willen een plaats creëren waar mensen nu en in de toekomst graag zijn en verblijven. Door de klimaatsveranderingen ontstaan er steeds meer milieuproblemen en ongemakken in de stedelijke omgeving. Door overmatige regenval ontstaat wateroverlast, de temperatuurstijging veroorzaakt hitte eilanden in overmatig stenige omgevingen, door het fijnstof probleem krijgen steeds meer mensen gezondheidsklachten en door de droogte wortelen bomen hoger wat opdruk veroorzaakt of vallen ze zelfs om bij stormen. Het voorliggende plan betreft een inbreidingslocatie. Op een braakliggend terrein wordt een appartementengebouw gerealiseerd. Ondanks dat dit een toevoeging van bebouwing en verharding betreft, wordt dit op een klimaatadaptieve wijze gedaan. Zo wordt er bewust gekozen voor ruimte voor groen in het ontwerp, door onder andere de aanleg van een groen dak op de 1e verdieping van de gemeenschappelijke ruimte, het gebruik van halfverharding en de aanplant van nieuwe bomen in de tuin. Groen zorgt voor verkoeling door middel van schaduwwerking en verdamping. Daarnaast vangt groen fijnstof en andere vervuilende stoffen in de lucht af.

Ook heeft groen een functie om wateroverlast tegen te gaan, groen neemt namelijk water op en groenstroken zorgen er voor dat water kan infiltreren in de bodem.

4.11 Cultuurhistorie Rijksbeleid Cultuurhistorie speelt een belangrijke rol bij de ruimtelijke inrichting van ons land. Het geeft identiteit en kwaliteit aan een gebied. Om deze redenen heeft het rijk de beleidslijn ingezet om cultuurhistorie onderdeel te laten zijn van het afwegingskader bij het opstellen van bestemmingsplannen. Deze beleidslijn is verwoord in de beleidsbrief Modernisering

36

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Monumentenzorg uit 2009 en heeft geleid tot wijziging van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) sinds 1 januari 2012. Met het gewijzigde Bro zijn gemeenten wettelijk verplicht cultuurhistorie deel uit te laten maken van het afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het rijk vraagt hiermee aan gemeenten om bij het opstellen van bestemmingsplannen, projectafwijkingsbesluiten en beheersverordeningen cultuurhistorische gebouwen, objecten en structuren te inventariseren en daaraan conclusies te verbinden en die in het bestemmingsplan te verankeren. Deze wetgeving gaat opgenomen worden in de Omgevingswet. De Erfgoedwet 2016 vormt de basis voor de monumentenzorg. Rijksmonumenten worden op basis van deze wet aangewezen, evenals rijksbeschermde stadsgezichten. Voor het wijzigen en slopen van rijksmonumenten is een 'Omgevingsvergunning voor de activiteit monumenten' nodig. Gemeentelijk beleid Erfgoedverordening De aanwijzing en bescherming van gemeentelijke monumenten en gemeentelijke beschermde stads- en dorpsgezichten geschiedt op basis van de gemeentelijke Erfgoedverordening Nijmegen 2021. Afhankelijk van de beschermingsvorm is voor wijziging, verbouw en sloop al dan niet een 'Omgevingsvergunning voor de activiteit monumenten' nodig.

Aandachtslijst Cultureel Erfgoed De aandachtslijst betreft een inventarisatie van onbeschermd waardevol erfgoed en is bedoeld om ongewenste sloop van cultureel erfgoed te voorkomen en herbestemming te stimuleren. De lijst is globaal getoetst aan de selectiecriteria uit de Monumentenverordening. Er is nog geen uitgebreid onderzoek gedaan. Pas als er sprake is van een beschermingsprocedure zal dit onderzoek worden gedaan en worden de exacte cultuurhistorische waarden vastgesteld. Het college heeft de mogelijkheid om bij sloopplannen een beschermingsprocedure te starten. Op 18 maart 2015 is de Aandachtslijst Cultureel Erfgoed door de gemeenteraad van Nijmegen vastgesteld. Diverse gebouwen en objecten in Hees staan op de aandachtslijst.

Nota Cultureel Erfgoed Het gemeentelijk erfgoedbeleid is vastgelegd in de Nota Cultureel Erfgoed (vastgesteld 15-5-2013). Deze nota beschrijft op welke manier erfgoed kan bijdragen aan de ambitie van de gemeente Nijmegen om de identiteit van de stad te behouden en te versterken. Hiervoor worden drie strategieën ingezet: duurzame ruimtelijke ontwikkeling, kennis & inspiratie en bescherming & instandhouding. De strategie duurzame ruimtelijke ontwikkeling heeft betrekking op een toekomstbestendige stad, waar erfgoed ingezet wordt om bij ruimtelijke ontwikkelingen de eigen identiteit te behouden of te versterken. De verplichtingen vanuit het Besluit ruimtelijke ordening en de daaruit voortvloeiende beleidsvrijheid die we als gemeente hebben, zetten we in om deze ambitie te kunnen realiseren. Erfgoed is namelijk een factor die mede kwaliteit geeft aan de ruimte en daarmee ruimtelijke ontwikkelingen kan verrijken. De cultuurhistorische elementen die onderdeel zijn van de identiteit van de stad kunnen we niet allemaal als beschermd monument of gezicht aanwijzen, maar zijn wel onderdeel van de manier waarop we onze stad beleven, inrichten en gebruiken. De cultuurhistorische beleidskaart is de basis voor de cultuurhistorische inbreng bij het opstellen van ruimtelijke plannen. De beleidskaart is

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

37

onderdeel van de gemeentelijke Omgevingsvisie (2020).

Figuur 8: Uitsnede cultuurhistorische beleidskaart met groen gemarkeerd de ligging van het plangebied.

Het betreffende bestemmingsplangebied 'valt binnen gebiedstype 3 van de cultuurhistorische beleidskaart. In deze gebieden is sprake van een rijke cultuurhistorische gelaagdheid. Het gaat om zowel de grotere schaal, zoals het stedenbouwkundige plan en historische structuren, als om specifieke objecten en om de samenhang tussen de structuren, bebouwing en / of cultuurlandschap. Bij de bebouwing gaat het niet zozeer om de architectuur en het beeld, maar om het silhouet, zoals de situering, de nok- en goothoogte en de nokrichting. Zowel de zichtbare als de niet-zichtbare geschiedenis van het gebied zal uitgangspunt moeten zijn bij ontwikkelingen. In deze gebieden zijn cultuurhistorische waarden een middel om nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen kwaliteit te geven en de identiteit van een gebied herkenbaar en het verleden zichtbaar te houden en te versterken. Er is daarom veel aandacht voor cultuurhistorie bij ruimtelijke plannen. Nieuwe ontwikkelingen zijn mogelijk, maar worden afgestemd op het karakter van het gebied. Cultuurhistorische analyse Het plangebied kent een rijke geschiedenis. Voordat de huidige villa De Beuken werd gebouwd stond op het perceel een aanzienlijk buitenhuis met de naam De Koepel. Het bestond uit een groot herenhuis, een erf, een tuinmanshuis, een zomerhuis, tuinen met vruchtbomen, bloemhout en grachten.

Er zijn geen afbeeldingen bekend van de tuinen rond De Koepel maar uit verschillende advertenties waarin het goed te koop wordt aangeboden blijkt het om een weelderige tuin te gaan.

38

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Figuur 9: Advertentietekst uit de Opregte Haarlemse Courant van 25 november 1861

Figuur 10: Foto Regionaal Archief uit 1910 Huize De Koepel met op de voorgrond het nu nog bestaande weggetje De Dam

Het dorp Hees was in de negentiende eeuw een geliefde woonplaats voor welgestelden en aan de Kerkstraat lagen dan ook meerdere buitenverblijven omgeven door weelderige tuinen. Rechts van De Koepel lag het buitengoed Andelshof, waar later het St. Jozefklooster zou worden gebouwd. In 1913 werd het hoofdgebouw van het buitengoed gesloopt en werden de huidige villa De Beuken, plus een tuinmanswoning en een schuur, gebouwd naar een ontwerp van de architect E. Verschuyl uit Hilversum. Hij bouwde een ruime villa met een schilderachtige opzet in nieuw-historiserende trant met invloeden van de Engelse landhuisstijl. Karakteristiek zijn het vakwerk van de topgevels en de dakkapellen en de toepassing van ramen met veelruits bovenlichten. Het pand heeft een sobere bouwmassa die wordt bekroond door een hoog dak met een kleine dakruiter en markante schoorstenen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

39

Figuur 11: Villa De Beuken in 1930 & 2021 en de bebouwing aan de Dam.

De velden met tuinderijen en akkertjes achter het bebouwingslint aan de Kerkstraat werden ontsloten door smalle landweggetjes, die loodrecht op de Kerkstraat stonden. Naast villa De Beuken liep De Dam, waaraan tuinderijen en ook een aantal huizen waren gelegen. Ter hoogte van het plangebied stond, direct aan het weggetje, een groot dubbel woonhuis. Het weggetje bestaat nog steeds, het is het huidige voet- en fietspad dat in de volksmond het Daniëlspad wordt genoemd. Ter plaatse van het voormalig huis is nu een park. Na WOII wordt op enige afstand ten oosten van het plangebied de wijk Heseveld gebouwd. De landerijen en tuinderijen van Hees verdwijnen geleidelijk. De directe omgeving van het plangebied behoudt een groen karakter omdat deze wordt ingericht als park.

Figuur 12: Uitsnede topografische kaart van 1930 met omcirkeld villa De beuken. De stippellijn geeft De Dam met de direct daaraan gelegen bebouwing weer. Rechts het plangebied en omgeving op de luchtfoto uit 1949. Lichtgroen = bestemmingsplangebied, rood = Kerkstraat, lichtblauw = De Dam / huidige Daniëlspad, de punt van de oranje pijl wijst naar de bebouwing aan De Dam.

Cultuurhistorische waarden in het plangebied

40

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

De cultuurhistorische waarden in de gemeente Nijmegen zijn vastgelegd op de cultuurhistorische waardenkaart (opgesteld door RAAP 2021). De waardenkaart is de basis voor de cultuurhistorische inbreng bij ruimtelijke plannen. Voor het bestemmingsplangebied en omgeving ziet de kaart er als volgt uit (groen omcirkeld):

Figuur 12: Uitsnede van de Cultuurhistorische Waardenkaart met de ligging van het plangebied in de groene cirkel en ingezoomd op het plangebied. Rode lijn = weg voor 1832, paarse lijn = weg voor 1940 (gestippeld is verdwenen), gele stippellijn = pad voor 1832 (verdwenen), huissymbool=historische nederzettingslocatie ( rood = bestaand (De Beuken) / oranje = verdwenen (op het perceel een tuinmanswoning, aan De Dam een dubbele woning)), boom = cultuurhistorisch waardevolle boom, paars gestippeld = cultuurhistorisch waardevolle tuinaanleg, roze=jonge buitenplaats, groen gearceerd = cultuurhistorisch waardevol bos

Beschermde objecten In het bestemmingsplangebied bevindt zich de onderstaand monument: Kerkstraat 5

villa De Beuken gemeentelijk monument

Er bevinden zich binnen het plangebied geen panden die op de Aandachtslijst Cultureel Erfgoed staan. Cultuurhistorisch waardevolle structuren In of direct grenzend aan het plangebied zijn onderstaande cultuurhistorisch waardevolle structuren aanwezig: Cultuurhistorisch waardevolle wegen: 1. Kerkstraat: de Kerkstraat is een historische weg met een oude ouderdom die onderdeel is van de historische wegenstructuur van Nijmegen van voor 1850. Langs delen van de weg staan grote monumentale laanbomen. Als oude verbindingsweg tussen Nijmegen en Neerbosch hebben de weg plus de laanbeplanting een hoge cultuurhistorische waarde. 2. De Dam – Daniëlsweg: het voormalige landweggetje door de verdwenen tuinderijen heeft een hoge ouderdom en ontsloot in het verleden de velden en akkers achter de bebouwing aan de Kerkstraat. Het smalle weggetje, is een overblijfsel van de verkavelingsstructuur in het voormalige tuindersgebied en heeft daarmee cultuurhistorische waarde. Cultuurhistorisch waardevol bebouwingslint aan de Kerkstraat: aan de Kerkstraat is het landelijke en groene karakter van het voormalige dorp Hees goed bewaard. Het gaaf bewaarde lint, met vrijstaande buitenverblijven, villa's, woningen en een klooster die zijn geplaatst in daarbij behorende en kenmerkende, weelderig groene tuinen, maakt de rijke geschiedenis van het voormalig dorp Hees zichtbaar en voelbaar.

Cultuurhistorisch waardevol groen

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

41

1.

2.

3.

Tuinaanleg rond villa De beuken: zoals de cultuurhistorische waardenkaart laat zien wordt de huidige villa omgeven door overblijfselen van een cultuurhistorisch waardevolle tuinaanleg en overblijfselen van een buitenplaats. Het groen is kenmerkend voor het verleden van het plangebied als een voormalig buitenverblijf en een villa met een landelijk karakter. Wij hebben de initiatiefnemer gevraagd om bij de tuinaanleg rekening te houden met het verleden van het plangebied als een voormalig buitenplaats en een villa met een landelijk karakter. Cultuurhistorisch waardevol groen aan De Dam - Daniëlsweg: direct grenzend aan de zuidwestzijde van het plangebied, aan het fietspad, bevindt zich een smalle strook groen die is ingericht als een parkje. De dichtbegroeide strook, met grote bomen en struweel, behoort tot de oorspronkelijke tuinaanleg van De Koepel en heeft daarmee grote cultuurhistorische waarde De cultuurhistorische waardenkaart toont aan de zuidwestzijde van het plangebied een strook cultuurhistorisch waardevol bos. Ter plaatse van deze strook is een bomenrij aanwezig.

Cultuurhistorische waarden in de bestemmingsplanherziening Met de bestemmingsplanherziening wijzigt het aanzicht van de Kerkstraat niet of nauwelijks. Ook het aanzicht van de beschermde villa wijzigt niet. In de voormalige achtertuin van de villa komt een klein appartementencomplex. Het complex wordt toegankelijk door de reeds bestaande oprit een de oostzijde van de villa. De bebouwing die wordt mogelijk gemaakt sluit wat betreft schaal aan bij de bestaande karakteristiek van gemengde bebouwing van villa's en boerderijen met kappen aan de Kerkstraat. De bouw van het appartementengebouw parallel aan de Dam roept verre herinneringen op aan de bebouwing die eens aan de dwarsdammen aan de Kerkstraat stond. Vanuit cultuurhistorie zijn er geen bezwaren tegen de bestemmingsplanherziening.

4.12 Archeologie Rijksbeleid Met de ondertekening van het Verdrag van Valletta (Malta) in 1992 is in Nederland de beleidsmatige zorg voor het archeologisch bodemarchief aanzienlijk toegenomen. In het verdrag staat: Archeologische waarden dienen als onvervangbaar onderdeel van het culturele erfgoed te worden meegenomen en te worden ontzien bij de ontwikkeling en besluitvorming van ruimtelijke plannen. Mocht bescherming onvoldoende mogelijk zijn dan dient, volgens dit verdrag, de informatie te worden onttrokken aan de bodem via archeologisch onderzoek. Uitgangspunt hierbij is dat de initiatiefnemer van de verstoring van het bodemarchief de kosten van het onderzoek en de eventuele op te leggen maatregelen dient te dragen. Inmiddels zijn de uitgangspunten van het Verdrag in de Nederlandse wetgeving geïmplementeerd in de (voormalige) Monumentenwet 1988 via de Wijzigingswet Wet op de Archeologische Monumentenzorg (WAMz, 1-9-2007). Met het in werking treden van de Erfgoedwet op 1-7-2016 is de Monumentenwet 1988 grotendeels vervallen. Tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn de hoofdstukken II, paragrafen 2 en 3, IV, V, paragrafen 1 en 9, en VI van de Monumentenwet 1988, zoals die luidden voor inwerkingtreding van deze wet, nog van toepassing. Hoofdstuk V regelt de Archeologische Monumentenzorg.

42

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Het Besluit ruimtelijke ordening Artikel 3.1.6, lid 5 regelt de omgang van het bestemmingsplan met de in een gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten. Dit wordt straks onderdeel van de Omgevingswet. Dit komt er op neer dat tenzij dit reeds in een milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer is vastgelegd, er ten minste in het bestemmingsplan wordt aangegeven hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten rekening is gehouden.

Gemeentelijk beleid Het archeologiebeleid van de gemeente Nijmegen is er, in overeenstemming met Malta en de Erfgoedwet, op gericht om het bodemarchief zoveel mogelijk te ontzien. Indien dat niet mogelijk is, wordt voorafgaande aan de bodemverstoring archeologisch onderzoek verricht. De wijze van onderzoek wordt bepaald op basis van de vast te stellen archeologische waarden en de aard en omvang van de bodemingrepen. De archeologische (in bredere zin: cultuurhistorische) kennis die hierbij wordt vergaard, levert informatie op die mede als inspiratiebron kan dienen voor het ontwerp van een gebouw of bij het inrichten van de openbare ruimte. Zo kan het 'verhaal van de plek' ook door toekomstige generaties nog worden gelezen. De Structuurvisie voor Nijmegen uit 2013 legt nadrukkelijk een koppeling tussen archeologie en lokale identiteit, en als bron of inspirator voor toerisme, een economisch belangrijke factor in de economie van de gemeente Nijmegen. Het zal duidelijk zijn dat een betere bescherming van het bodemarchief en vooral ook het tijdig meewegen van de archeologische belangen vraagt om een zo goed mogelijk inzicht in de verwachte ligging, verspreiding en aard van het bodemarchief. Om deze reden heeft de gemeente Nijmegen een archeologische beleidskaart ontwikkeld (ABAK), waarop de belangrijkste archeologische vindplaatsen en zones en hun waardering zijn aangegeven.

Deze kaart is onderdeel van de Nota Nieuw Beleid (2013) en in een bijgewerkte vorm van het facetbestemmingsplan archeologie (2014). De op de kaart aangeduide waarden vormen de basis voor nieuwe bestemmingsplannen, waar nodig aangevuld met nieuw onderzoek. Het streven van de gemeente Nijmegen is in eerste instantie gericht op behoud in situ. Planaanpassingen kunnen de kosten voor archeologisch onderzoek overbodig maken of sterk beperken. Initiatiefnemers wordt dan ook aangeraden in een vroeg stadium met de gemeente in overleg te gaan inzake de mogelijkheden om te kijken naar de best mogelijke opties. Het kan daarbij gaan om adviezen voor de soort van archeologisch onderzoek die het beste gekozen kan worden of om de mogelijkheden van archeologiesparend bouwen te bekijken.

Bestaande archeologische waarden in het plangebied Het plangebied Kerkstraat 5 kende vooraf een Waarde Archeologie -3. Een waarde 3 gebied heeft een zeer hoge archeologische waarde, die door de dubbelbestemming beschermd wordt. Aan een waarde 3 gebied zijn ondergrenzen verbonden, waarbij archeologisch onderzoek noodzakelijk wordt. Deze grenzen bedragen voor de geplande ingreep een oppervlak van tenminste 50 m2 en een verstoring of bodemingreep die dieper dan 30 cm gaat.

Onderzoeken en aangepaste waarden archeologie in het plangebied Vooraf was er in het plangebied zelf geen archeologisch onderzoek uitgevoerd. De waarde 3

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

43

was gebaseerd op het feit dat het plangebied in de historische kern van het voormalige dorp Hees ligt. Het plangebied maakte in het verleden deel uit van het voormalige landgoed De Koepel. Op basis van onderzoeken in de omgeving van het plangebied is bovendien gebleken dat eveneens archeologische resten uit de Bronstijd, de IJzertijd, de Romeinse tijd en de Middeleeuwen zouden kunnen worden verwacht. Om na te gaan hoe de situatie binnen het plangebied concreet was en om daarmee te kunnen bepalen of dit van invloed is op de haalbaarheid van het plan, is in juli 2021 een inventariserend veldonderzoek d.m.v. proefsleuven uitgevoerd. In het plangebied is één behoudenswaardige vindplaats aangetroffen. Het betreft grondsporen in de vorm van (paal)kuilen, greppels en een sloot van de tuin of het erf van voormalig buitenhuis de Koepel. Daarnaast heeft er mogelijk een vijver in het plangebied gelegen. Op basis van het vondstmateriaal dateren de archeologische resten uit het einde van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw. De archeologische resten in het plangebied houden waarschijnlijk verband met de tuinaanleg en het erf van het voormalige buitenhuis de Koepel. Het buitenhuis zelf is reeds in de vroege 20e eeuw gesloopt, resten hiervan zijn niet aangetroffen. De bevindingen van het uitgevoerde onderzoek zijn verwerkt in een eindrapport: T.S. van Cruchten, Nijmegen, Kerkstraat 3-5.

Gemeente Nijmegen (GD). Een Inventariserend Veldonderzoek door middel van Proefsleuven (IVO-P), karterende en waarderende fase, Transect-rapport 3566, Nieuwegein 2021

De gemeente Nijmegen onderschrijft de resultaten van het onderzoek. De gegevens legitimeren de vigerende Waarde Archeologie – 3. Bestemmingsplanregels Voor het hele bestemmingsplangebied blijft de dubbelbestemming Waarde Archeologie - 3 gelden. Bovendien heeft de gemeente Nijmegen met het Selectiebesluit Archeologie d.d. 15 september 2021 bepaald dat in het kader van de geplande ontwikkeling nader onderzoek uitgevoerd dient te worden. Dit onderzoek dient te bestaan uit een Definitief Onderzoek (opgraving) binnen de contour van het geplande appartementengebouw.

Meldingsplicht art. 5.10 en 5.11 Erfgoedwet Archeologische vondsten dan wel waarnemingen gedaan bij niet-archeologisch onderzoek moeten gemeld worden op basis van de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Dit soort vondsten wordt aangeduid als toevalsvondst. Om het documenteren van toevalsvondsten en waarnemingen mogelijk te maken, verdient het aanbeveling de volgende standaardtekst bij de vergunningverlening op te nemen, die refereert aan de wettelijke meldingsplicht van archeologische waarden (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet): Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo

44

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.10). Degene die bij het opsporen van archeologische monumenten, zonder het verrichten van een opgraving, waarnemingen doet, waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat die waarnemingen van belang zijn voor de archeologische monumentenzorg, meldt die waarnemingen zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.11). Deze melding kan in de praktijk worden gedaan bij het bevoegd gezag archeologie van de gemeente Nijmegen.

4.13 Verkeer en parkeren 4.13.1 Bereikbaarheid Gemotoriseerd verkeer Het plangebied ligt kadastraal gezien aan de Kerkstraat, het gemotoriseerd verkeer wordt via de Kerkstraat en de Korte Bredestraat aan de Wolfskuilseweg ontsloten. De Kerkstraat en de Korte Bredestraat functioneren als een erftoegangsweg binnen een 30km/u zone. De Wolfskuilseweg is een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom. Langzaam verkeer Het plangebied wordt voor de voetganger en fietser vanuit de Danielsweg en de Kerkstraat ontsloten. De Kerkstraat is een erftoegangsweg waarbij er menging van het verkeer is, voor de voetgangers is een aparte infrastructurele voorziening aanwezig. Openbaar vervoer Voor gebruik van het openbaar vervoer is het plangebied aangewezen op de haltevoorzieningen aan de Paul Krugerstraat. Deze bevinden zich op ca. 650m. loopafstand.

4.13.2 Expeditie Het expeditie verkeer ontsluit op dezelfde wijze als het overige gemotoriseerde verkeer.

4.13.3 Parkeren Het aantal parkeerplaatsen wordt berekend aan de hand van de beleidsregels parkeren. Dit is een uitwerking van de door Burgemeester en Wethouders vastgestelde nota “Parkeren in Nijmegen, auto en fiets, 2020 - 2030” en “Beleidsregels Parkeren Nijmegen, Parkeernormen Auto en Fiets”. De gemeente Nijmegen heeft een stedelijkheidsgraad "sterk stedelijke” en het plangebied 'Kerkstraat, Nijmegen West – 13 CPO Toekomstmuziek' valt in gebied "Rest bebouwde kom". De appartementen zullen onder de dure sector koop vallen, waarbij een norm van 1,5 parkeerplaats geldt per appartement. In totaal zullen dus minimaal 15 parkeerplaatsen op eigen terrein dienen te worden gerealiseerd. Deze ruimte is beschikbaar.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

45

4.13.4 Verkeersveiligheid Om de verkeersveiligheid te vergroten richten we onze wegen, waar mogelijk en wenselijk, in als 30 km/u straten, belangrijke voorwaarde hierbij is dat de auto-intensiteit voldoende laag is. Dit is verwoord in het Ambitiedocument mobiliteit 2019-2030 'Nijmegen Goed op Weg'. Op de wegen binnen de bebouwde kom geldt voor de GOW-plus, GOW-basis en de industrieterreinen een maximum snelheid van 50 km/u. Voor de overige wegen binnen bebouwde kom geldt 30 km/u. Het plangebied ligt aan een erftoegangsweg, binnen bebouwde kom, hiervoor geldt een maximumsnelheid van 30 km/h.

4.13.5 Verkeersgeneratie De 10 appartementen leiden tot 67 m.v.t. bewegingen per dag. 10x6.7=67 m.v.t. bewegingen. Het plangebied ligt kadastraal gezien aan de Kerkstraat, het gemotoriseerd verkeer wordt via deze straat aan de Wolfkuilseweg ontsloten. De verkeersgeneratie leidt niet tot capaciteitsproblemen op de hier bovengenoemde wegen.

4.14 Ruimtelijke Veiligheid Het plan is besproken met de Brandweer Gelderland-Zuid. Het advies is bijgesloten als bijlage in de toelichting. Op 3 februari is per email aangegeven, voor zover relevant voor de ruimtelijke uitgangspunten, dat: De erfontsluitingsweg (tussen de Kerkstraat) via Villa de Beuken naar het plangebied 4,5 meter breed moet worden, (mag ook 3,5 meter breed zijn met een strook bodemverharding zoals grasbetontegels naar 4,5 meter); De eventueel te plaatsen bodemverharding zoals grasbetontegels moeten bestand zijn voor voertuigen met een aslast van 11,5 ton en totaalgewicht 30 ton; Er moet een keermogelijkheid komen (door slim gebruik te maken van de opstelplaats en de parkeerplaatsverharding) zal alleen de ingetekende boom verplaatst moeten worden

46

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

De brandweer ziet geen bezwaren tegen woningbouw op deze locatie.

4.15 NGE (Niet Gesprongen Explosieven) Het plangebied is verdacht op dumpmunitie:

Figuur 13: Verdachte locatie dumpmunitie

Het pand op deze locatie is in de oorlog gevorderd geweest, waarbij het uitgangspunt is dat er rondom het gebouw afvalkuilen aanwezig kunnen zijn met achtergelaten munitie.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

47

Het gebied is verdacht op: Verdachtgebied dumpmunitie gevorderde panden Kleinkalibermunitie Tot 2 cm (Duits) Honderdtallen Gedumpt/achtergelaten Handgranaten Ei- en steelhandgranaten (Duits) Tientallen Gedumpt/achtergelaten Geweergranaten Brisant/rook (Duits) Tientallen Gedumpt/achtergelaten Munitie granaatwerpers Panzerfaust (Duits) Exemplarisch Gedumpt/achtergelaten Munitietoebehoren Verpakkingsmaterialen (Duits) Tientallen Gedumpt/achtergelaten

Maximale diepte waarop deze artikelen aangetroffen kunnen worden is ongeveer 2 meter beneden maaiveld. Grondroerende werkzaamheden die binnen het plangebied uitgevoerd gaan worden in na de oorlog ongeroerde grond dienen onder OOO-condities plaats te vinden. Dit kan in de vorm van onderzoek door een opsporingsbedrijf voorafgaande aan de werkzaamheden of door begeleiding van de werkzaamheden. Uit de directe omgeving zijn enkele vondsten bekend van achtergelaten munitie-artikelen, deze dateren van 1945 en 1981.

Figuur 14: uchtfoto van 16 april 1945 zijn op het achterterrein indicaties te zien van graafactiviteiten.

4.16 Kabels en leidingen Kabels en rioolleidingen vormen voor de planontwikkeling geen belemmering.

48

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

4.17 Klimaat Nijmegen als duurzame stad is een van de 4 hoofdopgaven van de Omgevingsvisie. We hebben de ambitie om voorop te lopen op het gebied van duurzaamheid en toekomstbestendigheid. We gaan uit van duurzaam grondgebruik, waarbij ontwikkelingen waarde aan de stad toevoegen en een bijdrage leveren aan het oplossen van onze grote opgaven. Circulair bouwen, klimaatadaptatie, natuurinclusief bouwen en energieneutraal zijn, zijn hierbij centrale (samenhangende) thema's die ook elders in de stad vorm krijgen. De hoofdambities van Nijmegen voor duurzaamheid richten zich op de energietransitie (streven energieneutraal in 2045), stimulering van circulaire economie (streven circulaire regio in 2050) en klimaatadaptatie (streven volledig klimaatneutrale stad in 2050).

Circulaire stad De regio Arnhem-Nijmegen wil zich profileren als circulaire regio. Dit uit zich onder meer in de met het Rijk afgesloten woondeal waarin nadrukkelijk deze groene ontwikkeling aan de groeiopgave van de regio gekoppeld is. In de nieuwe woningbouwplannen spannen wij ons in om minimaal 25% circulair te laten ontwikkelen. Vanaf 2030 wil de regio minimaal 50% circulair bouwen om uiteindelijk in 2050 te komen tot een circulaire leefomgeving. We streven daarom naar circulaire woningbouw, het liefst met gebruik van hernieuwbare organische bouwmaterialen (bijvoorbeeld hout, vlas, schapenwol etc.). We gebruiken de GPR methodiek als ontwerptool en beoordelingsmethodiek om de duurzaamheid van gebouwen in beeld te brengen. Onze ambitie is om van de bouw een drijvende kracht te maken voor de circulaire economie. Daarom hebben we ons ook aangesloten bij de City Deal Circulair en Conceptueel Bouwen. We willen laten zien dat het grootschalig circulair en conceptueel bouwen van woningen niet ten koste gaat en mag gaan van snelheid en betaalbaarheid. Daarbij zijn er verschillende manieren om circulair bouwen in te vullen: 1.

2.

3.

Biobased bouwen, waarbij de ambitie is om structureel meer biobased materiaal toe te gaan passen in woningbouwprojecten en tevens beleidsmatig te verankeren en te stimuleren. 'Biobased materiaal' is hierbij materiaal dat CO2 opslaat en hernieuwbaar is. Geïndustrialiseerd conceptueel bouwen, waarbij de ambitie is om zoveel mogelijk nieuwbouwwoningen: a. Geïndustrialiseerd te laten produceren om de productie te versnellen, de kwaliteit van de woningen te optimaliseren en afval- en reststromen te minimaliseren tijdens de productie; b. Conceptueel te realiseren, waarmee variatie mogelijk is in woningtype, -vorm en -stijl. Waarderings- en financieringsmodellen, waarbij de ambitie is om circulair bouwen zo te gaan waarderen, dat de totale kosten en opbrengsten over de gehele levensduur – inclusief restwaarde en maatschappelijke kosten en baten – kunnen worden meegenomen in de financiering en waardering van vastgoed.

Klimaat adaptief Nijmegen ligt in een kwetsbaar landschap dat gevoelig is voor hitte, droogte en wateroverlast. Klimaatverandering heeft bijvoorbeeld effect op piekbuien. Plekken in de stad met dichte bebouwing zijn gevoelig voor hittestress. Samen met partners in de regio, zoals gemeenten, provincie, waterschapen en vele andere organisaties, werken we daarom aan een regionale

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

49

adaptatie strategie om een klimaatbestendige regio te zijn. Thema's voor Nijmegen in deze strategie zijn 'een groenblauwe stad' en 'klaar voor de hitte'. De regionale klimaateffectatlas geeft een overzicht van de huidige stand van zaken van kennis en informatie over de potentiële klimaatkwetsbaarheden van de regio. https://climadapserv.maps.arcgis.com/apps/MapSeries/index.html?appid=141dc8934ba849cfb1 dac8e8da5a94e3

Water, droogte en hitte De opgave voor een klimaatbestendige wijk vraagt om een integrale blik waarbij de combinatie van inrichting, architectuur, (bodem)infrastructuur en beplanting zorgen voor een aangenaam klimaat. Concreet gaat het bijvoorbeeld om de situering van gebouwen voor schaduwwerking, keuze van materialen, het beperken van verharding en de keuze van het type verharding, wortelruimte en kwalitatief goede grond voor planten en bomen, groene daken en natuurlijk de waterhuishouding. Denk bijvoorbeeld aan maatregelen als: Een zoveel mogelijk groen ingerichte omgeving met niet meer dan noodzakelijke verharding van wegen, fiets-/voetpaden en terrassen. Met het vele groen ontstaat een natuurlijke piekberging voor neerslag wat zorgt voor minder hittestress en droogte. Initiatiefnemer past halfverhardening toe en de tuin wordt zoveel mogelijk bij-insect en vogelvriendelijk aangeplant. Inpassen van bestaande bomen vanwege de hoeveelheid schaduw die ze direct geven in vergelijking met nieuwe bomen. Ook vanwege de biodiversiteit die al in de bestaande bomen aanwezig is. De bomen aan de randen blijven staan, mits gezond. Nieuwe bomen worden in de tuin bijgeplant. Het verwerken van hemelwater op de plek waar het valt omdat het dan verderop in het afvoertraject geen overlast kan veroorzaken.

Groen en water dragen bij aan het ter plekke vasthouden en verwerken van regenwater zowel in de openbare ruimte als op particulier grondgebied. Zie de paragraaf Water en Groen voor nadere uitwerking. Vermijd grote gesloten verharde parkeervlakken of voorzie ze van voorzieningen zoals pergola's om lokale oververhitting te beperken. Half open parkeerterreinen/waterdoorlatende tegels zijn ook goede opties. Gevelgroen en groendaken dragen bij aan een betere waterberging en het terugdringen van hittestress. Er komt een groen dak op de gemeenschappelijke ruimte op de eerste verdieping. Overstekken en geïntegreerde zonneweringen in gebouwen kunnen bijdragen aan de vermindering van hittestress in de woning. Er wordt gekozen voor geïntegreerde zonwering en triple beglazing.

Natuurinclusief bouwen In de Omgevingsvisie kiezen we voor natuurinclusief bouwen. We nemen de natuur vanaf het begin mee bij de planontwikkeling en gaan uit van de gebiedsspecifieke kansen. Dat betekent dat nieuwe ontwikkelingen bewust ruimte creëren voor natuur, in de groenstructuur en bij/in gebouwen. Natuurinclusief bouwen is een van de maatregelen om die ambitie te realiseren. Dit is niet alleen goed voor de flora en fauna, maar ook voor klimaatadaptatie en de belevingswaarde van toekomstige bewoners. We bouwen hiervoor voort op de Toolbox Natuurinclusief Bouwen en Ontwikkelen die we voor de Waalsprong en het Waalfront hebben opgesteld. Kijk in de paragraaf Groen voor een nader uitwerking van natuurinclusief bouwen. De bouwwijze en tuininrichting is natuurinclusief, waaronder een groen dak op de

50

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

gemeenschappelijke ruimte; ingebouwde nestplaatsen voor vogels en vleermuizen; vogel- , egel- en insectenvriendelijke tuin.

Energieneutraal Nijmegen heeft de ambitie om uiterlijk in 2045 energieneutraal en aardgasvrij te zijn. Energiebesparing is een eerste vereiste om de energievraag te minimaliseren. Daarnaast zitten er kansen in het opwekken van hernieuwbare energie en in aardgasvrij bouwen. Het instrument GPR kan de energieprestaties van een gebouw in beeld brengen. Deze software staat via de gemeente Nijmegen ter beschikking aan ontwikkelaars. De ontwikkelaar kan deze systematiek ook gebruiken om haar ontwerpen te optimaliseren en te toetsen op bouwbesluitaspecten zoals energieprestatie en materiaalprestatie.

Energiebehoefte beperken Vanaf 1 januari 2021 is bijna energie neutrale bouw (BENG) de norm. De energiebehoefte van een gebouw bestaat uit de warmte- en koudevraag en kan in kaart worden gebracht met een energiescan. De energiebehoefte wordt bepaald door een samenspel van factoren, zoals de verhouding glas ten opzichte van dichte gevel, de mate van isolatie, de mate van kierdichting, de aanwezigheid van koudebruggen, de vorm (geometrie), de ligging en de bezonning van een gebouw. Hierbij kan ook onderzocht worden of oververhitting in een gebouw een probleem kan zijn en hoe de ventilatie geoptimaliseerd kan worden.

Hernieuwbare energie opwekken De resterende energiebehoefte kan (deels) worden opgewekt met zonne-energie. Nijmegen heeft de ambitie dat alle geschikte daken vol liggen met zonnepanelen. Naast de standaard zonnepanelen komen er steeds meer opties op de markt, denk aan geïntegreerde zonnedaken en -gevels en zonnedakpannen. Op het dak worden zonnepanelen aangebracht. Aardgasvrij Per 1 juli 2018 moeten nieuwbouwwoningen aardgasvrij zijn. Het gaat om alle nieuwbouwwoningen die op of na 1 juli 2018 worden ingediend voor een omgevingsvergunning. Alternatieven voor verwarmen met aardgas zijn aansluiten op het warmtenet (indien mogelijk) of verwarmen met een warmtepomp of infraroodpanelen. In het gebied is geen warmtenet aanwezig. Het gebied is onder voorwaarden geschikt voor een Warmte-Koude opslagsysteem. Voor het bepalen van deze voorwaarden zal afstemming gezocht moeten worden met eventuele nabijgelegen andere gebruikers van bodemwarmte en zal de milieu hygiënische situatie van de bodem in ogenschouw genomen moeten worden. Een bijkomend voordeel van een WKO is dat de woning hiermee in de zomer kan worden gekoeld.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

51

52

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1

Inleiding

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding (met legenda) en planregels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De verbeelding heeft de rol van visualisering van de bestemmingen. De planregels regelen de gebruiksmogelijkheden van de gronden, de bouwmogelijkheden en de gebruiksmogelijkheden van de aanwezige en/of op te richten bebouwing. De toelichting heeft weliswaar geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het bestemmingsplan en bij de uitleg van de verbeelding en planregels. In de volgende twee paragrafen wordt de systematiek van de planregels uiteengezet en wordt een uitleg per bestemming gegeven.

5.2

Systematiek van de planregels

Voor het bestemmingplan wordt gebruik gemaakt van het Standaard bestemmingsplan van de gemeente Nijmegen. Het Standaard bestemmingsplan is gebaseerd de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) waarin landelijke standaarden voor planregels en verbeelding zijn geformuleerd. De standaardisatie maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op een vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. Het bestemmingsplan wordt zowel in analoge als digitale vorm opgesteld. Bij interpretatieverschillen heeft het digitale bestemmingsplan voorrang. De planregels van het bestemmingsplan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsplanregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen.

5.2.1

Inleidende regels

Bij de inleidende regels wordt ingegaan op de begrippen en de wijze van meten.

5.2.2

Bestemmingsplanregels

De gronden van het gehele plangebied hebben een positieve bestemming. Een positieve bestemming betekent dat gebruik van de gronden voor de verschillende bestemmingen direct mogelijk is. Bovendien betekent het dat oprichting van gebouwen direct mogelijk is nadat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning ten behoeve van het bouwen hebben verleend. Een omgevingsvergunning wordt verleend indien zij voldoet aan onder meer de planregels van het bestemmingsplan, het Bouwbesluit, de Bouwverordening en de welstandsnota. De opbouw van de bestemmingen ziet er in beginsel als volgt uit: bestemmingsomschrijving; bouwregels;

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

53

afwijking van de bouwregels; specifieke gebruiksregels; afwijking van de gebruiksregels; omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van; werkzaamheden; wijzigingsbevoegdheid.

5.2.3

Algemene regels

Onder het kopje algemene regels zijn de regels opgenomen die voor alle bestemmingen gelden. Hierbij gaat het om de volgende bepalingen:

Anti-dubbeltelregel: deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels: regels over beeldende kunst, bouwwerken ten algemenen nutte en ondergronds bouwen. Algemene gebruiksregels: er zijn regels opgenomen over het toestaan van aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten. Daarnaast is een bepaling over evenementen opgenomen en wordt aangegeven welk gebruik in ieder geval strijdig is met de bestemmingen in hoofdstuk 2. Algemene afwijkingsregels: in deze bepaling wordt aan het bevoegd gezag de bevoegdheid gegeven om een omgevingsvergunning te verlenen ten behoeve van niet-ingrijpende bouwactiviteiten. De criteria, die bij toepassing van de bevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn daarbij aangegeven. Overige regels: in de overige regels staan bepalingen omtrent parkeren opgenomen. Daarnaast is een bepaling opgenomen over de uitsluiting van bepalingen van de bouwverordening en is uitleg opgenomen over de voorrang van dubbelbestemmingen op enkelbestemmingen.

5.3

Beschrijving per bestemming

Enkelvoudige bestemming Wonen De gronden die bestemd zijn als 'Wonen' zijn primair bedoeld voor het wonen. Daarnaast zijn aan huis verbonden beroeps- en bedrijfsactiviteiten toegestaan. Op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend worden gebouwd: a. b.

gebouwen en overkappingen; bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde.

De hoofdgebouwen zijn alleen toegestaan binnen het bouwvlak, dat geheel mag worden bebouwd. De goot- en bouwhoogte zijn op de verbeelding weergegeven. Aan- en uitbouwen en erfafscheidingen zijn binnen en buiten het bouwvlak toegestaan.

54

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Waarde - Archeologie 3 In gebieden met waarde 3 (terreinen van zeer hoge archeologische waarde) geldt een archeologische (dubbel)bestemming. Ten behoeve van de dubbelbestemming mogen uitsluitend andere bouwwerken, geen gebouwen of overkappingen zijnde, worden opgericht. Indien er ten behoeve van de andere, op de gronden geldende bestemming, een bouwwerk wordt opgericht waarvoor grondwerk wordt verricht dieper dan 9,00 m +NAP dient er een rapport te worden overlegd waarin de archeologische waarde van de gronden voldoende zijn vastgesteld. Er kan, na advies van de archeologisch deskundige, omgevingsvergunning worden verleend voor bouwwerken ten behoeve van overige geldende bestemmingen. Tevens is een omgevingsvergunning voor werken- en werkzaamheden vereist. Deze dubbelbestemming beslaat het gehele plangebied.

Algemene aanduidingsregels Behalve bestemmingen en een dubbelbestemming zijn binnen het bestemmingsplan aanduidingen te onderscheiden. Deze aanduidingen bevatten specificaties van bestemmingen de dubbelbestemming met betrekking tot het gebruik of het bouwen. Aanduidingen komen zowel op de verbeelding als in de planregels voor. In dit bestemmingsplan komen verschillende functie- als gebiedsaanduidingen (bouwvlakken, maatvoeringsaanduidingen (maximum goot- en bouwhoogte) voor. Overgangs- en slotregels Hierin wordt ingegaan op het overgangsrecht en de slotregel.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

55

56

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid 6.1

Kostenverhaal

De gemeentelijke kosten ten gevolge van deze ontwikkeling worden middels het heffen van leges in rekening gebracht bij de initiatiefnemer. Uit de gevraagde herziening van het bestemmingsplan kan schade voortvloeien als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening om welke reden er gerede twijfel bestaat over de vereiste economische uitvoerbaarheid van de gevraagde planologische maatregel. Er dient voorkomen te worden dat de gemeente voor initiatieven planschade betaalt. Om die reden is in een overeenkomst opgenomen dat de initiatiefnemer zich ten behoeve van de economische uitvoerbaarheid van de planologische maatregel bereid verklaart de daaruit voortvloeiende voor vergoeding in aanmerking komende planschade volledig aan de gemeente te compenseren.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

57

58

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1

Inspraak

Voor dit bestemmingsplan is op 16 februari 2022 een vooraankondiging gepubliceerd. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken van donderdag 3 maart 2021 tot en met woensdag 14 apriil 2021 ter visie gelegen. De tervisielegging is gepubliceerd op woensdag 2 maart 2022. Gedurende deze periode zijn er 3 zienswijzen ingekomen.

7.2

Overleg

Er heeft vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening plaatsgevonden. Het Waterschap is akkoord met het plan. Er spelen geen rijks- en/of provinciale belangen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

59

60

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Regels

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

61

62

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

Inleidende regels

Begrippen

plan:

het bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat) met identificatienummer NL.IMRO.0268.BP11013-VG01 van de gemeente Nijmegen.

1.2

bestemmingsplan:

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3

aanbouw

een aan een hoofdgebouw aangebouwd gebouw, dat op de grond staat, dat in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw en dat een aparte ruimte vormt die al dan niet vanuit het hoofdgebouw bereikbaar is.

1.4

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.5

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.6

aangebouwd bijgebouw

een bijgebouw dat direct grenst aan een aan- of uitbouw en niet tevens aan het hoofdgebouw. Voor een aangebouwd bijgebouw geldt de definitie van een bijgebouw, met uitzondering van de eis van vrijstaandheid. Wanneer een aangebouwd bijgebouw wordt gebruikt ten behoeve van aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten of huisvesting in verband met mantelzorg, dan is de eis van functionele ondergeschiktheid niet van toepassing.

1.7

aan huis verbonden beroepsactiviteiten

een dienstverlenend beroep, dat op kleine schaal in of bij een woning wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de desbetreffende beroepsuitoefening een ruimtelijke uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie. Prostitutie is uitgesloten.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen West - 13 (CPO Toekomstmuziek, Kerkstraat)

63

1.8

aan huis verbonden bedrijfsactiviteiten het verlenen van diensten en/of; het uitoefenen van ambachtelijke bedrijvigheid (geheel of overwegend door middel van handwerk uit te oefenen) en/of; het voeren van de administratie van bedrijfsactiviteiten die (behoudens genoemde administratieve werkzaamheden) niet ter plaatse worden uitgeoefend; het verstrekken van logies en ontbijt (bed and breakfast);

waarvan de aard, omvang en uitstraling zodanig zijn dat de activiteit in of bij de woning met behoud van de woonfunctie ter plaatse kan worden uitgeoefend. Een seksbedrijf is uitgesloten.

1.9

achtergevel

de bestaande achtergevel van het hoofdgebouw.

1.10

achtergevellijn

de achterste grens van het bouwvlak en het verlengde daarvan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=1381790d-e225-4ee2-92d4-8afa72185bfb