CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan met Toelichting

Besluitronde (raadsvergadering) 20 december 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg -8 (Groenewoudseweg 275) (134/2023)22.367 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Deze kaart is onderdeel van de Nota Nieuw Beleid (2013) en in een bijgewerkte vorm van het Facetbestemmingsplan Archeologie 2023. De op de kaart aangeduide waarden vormen de basis voor nieuwe bestemmingsplannen, waar nodig aangevuld met nieuw onderzoek. Het streven van de gemeente Nijmegen is in eerste instantie gericht op behoud in situ. Planaanpassingen kunnen de kosten voor archeologisch onderzoek overbodig maken of sterk beperken. Initiatiefnemers wordt dan ook aangeraden in een vroeg stadium met de gemeente in overleg te gaan inzake de mogelijkheden om te kijken naar de best mogelijke opties. Het kan daarbij gaan om adviezen voor de soort van archeologisch onderzoek die het beste gekozen kan worden of om de mogelijkheden van archeologie sparend bouwen te bekijken. Bestaande archeologische waarden in het plangebied Het bestemmingsplangebied is in het Facetbestemmingsplan archeologie 2023 vrijgegeven omdat uitgevoerd bureau- en booronderzoek heeft aangetoond dat er geen archeologische waarden in het plangebied te verwachten zijn omdat de oorspronkelijke bodemopbouw geheel is verdwenen.

52

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Bestemmingsplanregels Vanwege het vrijgeven van het terrein, omdat er geen archeologische waarden meer te verwachten zjin, is er geen beschermende dubbelbestemming meer benodigd. Er wordt daarom geen dubbelbestemming voor archeologie opgenomen. De wettelijke meldingsplicht voor de zogenaamde toevalsvondsten blijft echter gelden.

Meldingsplicht art. 5.10 en 5.11 Erfgoedwet Archeologische vondsten dan wel waarnemingen gedaan bij niet-archeologisch onderzoek moeten gemeld worden op basis van de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. Dit soort vondsten wordt aangeduid als toevalsvondst. Om het documenteren van toevalsvondsten en waarnemingen mogelijk te maken, verdient het aanbeveling de volgende standaardtekst bij de vergunningverlening op te nemen, die refereert aan de wettelijke meldingsplicht van archeologische waarden (ex artikel 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet): Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.10). Degene die bij het opsporen van archeologische monumenten, zonder het verrichten van een opgraving, waarnemingen doet, waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat die waarnemingen van belang zijn voor de archeologische monumentenzorg, meldt die waarnemingen zo spoedig mogelijk bij Onze minister (artikel 5.11). Deze melding kan in de praktijk worden gedaan bij het bevoegd gezag archeologie van de gemeente Nijmegen.

4.13 Bereikbaarheid en Mobiliteit Beleid mobiliteit Het mobiliteitsbeleid ligt vast in het ambitiedocument mobiliteit 2019-2030 “Nijmegen goed op weg” en in de Omgevingsvisie 2020 – 2040 “Nijmegen, stad in beweging”. Het ambitiedocument vormt de bouwsteen voor de omgevingsvisie. Nijmegen is een groeiende stad met behoefte aan nieuwe woningbouwlocaties. Het bepalen van nieuwe woningbouwlocaties behoeft een integrale afweging. Vanuit mobiliteitsperspectief gezien vindt nieuwe woningbouw of herstructurering bij voorkeur plaats rondom mobiliteitsknooppunten, zoals treinstations, of in de nabijheid van hoogwaardig openbaar vervoer of snelle fietsroutes. Op deze manier kunnen de extra verplaatsingen op een duurzame manier worden opgevangen binnen de bestaande infrastructuur. Duurzame mobiliteit staat centraal in het beleid van de gemeente Nijmegen. Het gaat daarbij zowel om het inzetten en stimuleren van schone vervoersmiddelen als het efficiënter benutten van vervoer. Het doel van het beleid is de stad te laten groeien zonder mobiliteitsproblemen te krijgen. Daarbij wordt ingezet op lopen, fiets en openbaar vervoer. Met deze vervoersvormen kunnen verschillende maatschappelijke doelen worden bereikt.

Duurzame mobiliteit brengt mensen in beweging, is goed voor de gezondheid en luchtkwaliteit, versterkt sociale cohesie, creëert gelijke kansen, versterkt de economische structuur en draagt bij aan de beleving van de stad. Lopen

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

53

De voetganger is lang onderbelicht gebleven binnen het mobiliteitsbeleid. En dit terwijl het verplaatsen te voet duurzaam, gezond en het meest ruimte-efficiënt is. De gemeente wil lopen op de korte afstand stimuleren. Fietsen Nijmegen is een fietsstad bij uitstek. De afgelopen jaren is veel aandacht besteed aan de fiets. Er zijn verschillende regionale en lokale (snelle) fietsroutes aangelegd en het aantal stallingen in de binnenstad is uitgebreid. Het fietsgebruik binnen de gemeente Nijmegen is mede door het ingezette beleid toegenomen. Deze lijn wordt behouden en uitgebreid. Openbaar vervoer De provincie Gelderland is opdrachtgever van het openbaar vervoer. De regio Arnhem en Nijmegen is continu met de provincie in overleg om tot een optimaal busnetwerk te komen. Belangrijke uitgangspunten voor het openbaar vervoer zijn onder andere de realisatie van hoogwaardig Openbaar Vervoer (HOV) corridors tussen het Centraal station Nijmegen en de omliggende kernen en tussen het Centraal Station Nijmegen en Heyendaal en goede verbindingen tussen de wijken en het station en/of het centrum. Auto De auto blijft een rol spelen in het Nijmeegse verkeerssysteem. Echter om de stad leefbaar en aantrekkelijk te houden wordt ervoor gekozen om ruimtelijk geen verdere groei van het autoverkeer te faciliteren.

Dit betekent dat er keuzes worden gemaakt over waar welke vervoersstroom worden gefaciliteerd. Hierbij is de S100 bedoeld voor de doorstroming van het autoverkeer. De wegen binnen de S100 zijn bedoeld voor bestemmingsverkeer. Parkeren vormt een belangrijk en onlosmakelijk onderdeel van de autobereikbaarheid van de stad. Er wordt gestreefd naar een aantrekkelijke stad waar geparkeerde auto's zoveel mogelijk uit het zicht staan, waar parkeeroverlast wordt tegengegaan, duurzaam vervoer wordt gestimuleerd en er meer ruimte komt voor actieve mobiliteit. Het beleid voor parkeren is uitgewerkt in de nota “Parkeren in Nijmegen auto en fiets, 2020 – 2030” en de “Beleidsregels parkeren, parkeernormen auto en fiets” (aangehaald als “Beleidsregels parkeren 2022”). Met de beleidsregels beoogt de gemeente Nijmegen te sturen op de leefbaarheid en bereikbaarheid van Nijmegen. Nieuwe ontwikkelingen (nieuwbouw, functieverandering of uitbouw) kunnen gepaard gaan met een parkeerbehoefte en een toenemend parkeerdruk in de openbare ruimte. Een te hoge parkeerdruk leidt tot ongewenst zoekverkeer en bereikbaarheids- en leefbaarheidsprobleem. De gemeente Nijmegen tracht dit probleem te voorkomen door de verantwoordelijkheid om te voorzien in een parkeerbehoefte neer te leggen bij de initiatiefnemer van een ontwikkeling.

Bij deze verantwoordelijkheidsstelling is het hoofdmotief dat een parkeervraag bij een ontwikkeling niet mag worden afgewenteld naar de openbare weg. Mobiliteit rond het plangebied De drie op de planlocatie geplande de appartementengebouwen met maximaal 198 (on)zelfstandige studentenwoningen hebben mogelijk invloed op de verschillende mobiliteitsaspecten in de omgeving van de planlocatie. De locatie ligt in de nabijheid van een treinstation. Daarnaast is de universiteitscampus eenvoudig per fiets of lopend te bereiken. De mobiliteit die dit plan veroorzaakt kan eenvoudig

54

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

binnen de bestaande infrastructuur worden opgevangen. Hieronder wordt verder ingegaan op de verschillende mobiliteitsaspecten die rond deze ontwikkeling spelen. 1. Bereikbaarheid Gemotoriseerd verkeer: Het plangebied ligt kadastraal gezien aan de Groenewoudseweg en maakt onderdeel uit van de wijk Galgenveld en ligt in het stadsdeel Nijmegen-Oost. Het plangebied wordt ontsloten via de Professor Bellefroidstraat. Deze weg valt onder de categorie erftoegangsweg. De Professor Bellefroidstraat sluit direct aan op de Groenewoudseweg en Heyendaalseweg, beide gebiedsontsluitingswegen. Professor Bellefroidstraat maakt onderdeel uit van de aanrijroute voor de brandweer en hulpdiensten. Langzaam verkeer: Het plangebied wordt voor de voetganger vanuit de Professor Bellefroidstraat en de Groenewoudseweg ontsloten. Voor de fietser wordt het plangebied vanuit de Professor Bellefroidstraat ontsloten. Openbaar vervoer: Voor gebruik van het openbaar vervoer, bus en trein, is het plangebied aanwezen op de haltevoorzieningen bij “Station Heyendaal” gelegen aan de Campusbaan, deze bevinden zich op circa 300 meter loopafstand. De locatie is goed ontsloten voor de verschillende vormen van mobiliteit. 2. Expeditie Het expeditieverkeer ontsluit op dezelfde wijze als het overige gemotoriseerde verkeer. 3.

Parkeren Het onderzoek naar de parkeerbehoefte als gevolg van het nieuw te realiseren studentenhuisvesting is gebaseerd op de parkeer- en verkeercijfers die zijn vastgelegd in de 'Beleidsregels parkeren 2022'. In de planregels van dit bestemmingsplan is, op basis van deze beleidsregels, geborgd dat bij bouwplannen moet worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid. In de Beleidsregels wordt uitgegaan van verschillende gebiedstype en van verschillende bij deze gebiedstypen horende parkeer- en verkeercijfers. Daarmee wordt zo veel mogelijk recht gedaan aan de situatie ter plaatse. Dit betekent dat voor eenzelfde functie, afhankelijk van de locatie van deze functie, verschillende parkeernormen kunnen gelden. Bij de keuze voor de parkeernormen op een bepaalde locatie spelen volgens de Beleidsregel verschillende aspecten een rol: bereikbaarheid met het openbaar vervoer, fiets en het autobezit (Beleidsregels, artikel 1). Het plangebied valt volgens Kaart 1 van de Beleidsregel (Stedelijkheidszones t.b.v. parkeernormering) binnen het gebiedstype dat in de Beleidsregel is aangeduid als 'centrumgebied'. Zie de afbeelding hieronder:

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

55

Bron afbeelding: Beleidsregel. Rode arcering: centrumgebied, plangebied is zwart omcirkeld. Op de locatie worden kleine zelfstandige eenkamer studentenwoningen en onzelfstandige kamers gerealiseerd. Het maximaal aantal woningen op de locatie bedraagt 198. Volgens de beleidsregels geldt voor dit soort woningen in een centrumgebied een parkeernorm van 0,2 parkeerplaatsen per woning. Verder dienen er volgens de beleidsregels per woning 2 fietsparkeerplaatsen aanwezig te zijn. Deze normen zijn inclusief de parkeerbehoefte voor bezoekers. Dit betekent dat op de planlocatie ruimte moet zijn voor 40 parkeerplaatsen. Daarnaast moet op de locatie ruimte geboden worden voor 400 fietsparkeerplaatsen. Op de planlocatie is een parkeerterrein planologisch vastgelegd. Dit parkeerterrein heeft een capaciteit van ruim 40 parkeerplaatsen. Op de locatie is ook voldoende ruimte voor fietsparkeerplaatsen. De fietsparkeerplaatsen worden grotendeels inpandig gerealiseerd. Voor bezoekers worden uitpandig fietsparkeerplaatsen gerealiseerd. In de regels van dit bestemmingsplan is het bouwen en gebruik van de gebouwen gekoppeld aan de voorwaarde dat op eigen terrein voldoende parkeergelegenheid wordt gerealiseerd. 4.

Verkeersveiligheid Om de verkeersveiligheid te vergroten worden de wegen in Nijmegen, waar mogelijk en wenselijk, ingericht als 30 km/uur straten, belangrijke voorwaarde hierbij is dat de auto-intensiteit voldoende laag is. Dit is verwoord in het Ambitiedocument mobiliteit 2019-2030 'Nijmegen Goed op Weg' Op de wegen binnen de bebouwde kom geldt voor de gebiedsontsluitingswegen en industrieterreinen een maximum snelheid van 50 km/h. (uitgezonderd gedeelten van de

56

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Neerbosscheweg). Voor de overige wegen binnen bebouwde kom geldt 30 km/h. Het plangebied ligt aan de oostzijde aan een erftoegangsweg, binnen bebouwde kom, hiervoor geldt een maximumsnelheid van 30 km/h. Aan de noordzijde wordt het gebied voor de voetgangers op een voetpad ontsloten die gelegen is aan een gebiedsontsluitingsweg, hiervoor geldt een maximumsnelheid van 50 km/h. Het is niet de bedoeling dat dit voetpad gebruikt gaat worden door fietsers. Bij de inrichting van het plangebied worden maatregelen genomen,die gericht zijn op het tegengaan van het gebruik van dit voetpad door fietsers. 5. Verkeerstoename De verkeersgeneratie wordt berekend aan de hand van de “Beleidsregels parkeren 2022”. De beleidsregels gaan bij de berekening van de verkeersgeneratie uit van CROW-publicatie 381. Net zoals bij het bepalen van de parkeerbehoefte, wordt bij de berekening van de verkeersgeneratie voor motorvoertuigen uitgegaan van de gebiedsindeling van Kaart 1 bij de beleidsregel. De gemeente Nijmegen heeft een stedelijkheidsgraad 'sterk stedelijk'. Het plangebied valt, zoals eerder aangegeven, in gebied "centrumgebied". Volgens CROW-publicatie 381 geldt in een sterk stedelijk centrumgebied voor verkeersgeneratie een norm van 0,8 verkeersbewegingen per etmaal per woning voor zowel kamerverhuur niet zelfstandig als kamerverhuur zelfstandig (student).

Bij 198 wooneenheden is de verkeersgeneratie 158,4 verkeersbewegingen per etmaal. Voorheen had het plangebied de bestemming “Maatschappelijk”. Het oorspronkelijke kantoorgebouw op de locatie heeft een bedrijfsvloeroppervlakte (BVO) van circa 5200 m2. Dit soort functies (kantoor zonder baliefunctie) voor verkeersgeneratie een norm van 3,2 verkeersbewegingen per etmaal per 100 m2 BVO. Dit betekent een verkeersgeneratie van 166,4 verkeersbewegingen per etmaal. Deze herontwikkeling van het plangebied zorgt voor een minimale rekenkundige afname van het gemotoriseerd verkeer.

4.14 Ontplofbare Oorlogsresten (OO) Het plangebied is verdacht op afwerp-, geschuts- en dumpmunitie:

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

57

Blauw = geschutsmunitie, oranje = dumpmunitie, bruin = afwerpmunitie De verdenking op afwerpmunitie heeft te maken met luchtaanvallen door de geallieerden op 17 september 1944 op Duitse stellingen net ten noorden van dit plangebied. De verdenking op geschutsmunitie heeft te maken met de “granatentijd”, toen Nijmegen in de periode van september 1944 tot maart 1945 regelmatig door Duits geschut beschoten werd. De verdenking op dumpmunitie is gebaseerd op het feit dat op luchtfoto's uit de oorlog hier een aantal geallieerde stellingen aanwezig waren. Op onderstaande foto van 15 januari 1945 zijn deze stellingen goed te zien:

58

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

De verdachte gebieden zijn vastgesteld n.a.v. een gemeentebreed vooronderzoek in 2016. Vanuit de Arbowetgeving heeft de opdrachtgever/initiatiefnemer de verplichting om werkzaamheden veilig uit te laten voeren. Onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten hoort hier ook bij. Alle grondroerende werkzaamheden die uitgevoerd worden in na de oorlog ongeroerde grond dienen onder OOO-condities uitgevoerd te worden. Dat betekent dat die gebieden voorafgaande aan de civieltechnische werkzaamheden moeten worden onderzocht of de werkzaamheden worden onder begeleiding van een daartoe gecertificeerd opsporingsbedrijf uitgevoerd. Om te kunnen beoordelen welke gebieden na de oorlog geroerd zijn of niet kan de opdrachtgever/initiatiefnemer als tussenstap voor het veldonderzoek nog een bureauonderzoek laten uitvoeren. Geadviseerd wordt om dat uit te laten voeren door een bedrijf dat zich vrijwillig heeft laten certificeren conform de CS-VROO.

4.15 Duurzaamheid en Klimaatadaptatie Nijmegen als duurzame stad is een van de 4 hoofdopgaven van de Omgevingsvisie. Nijmegen heeft de ambitie om voorop te lopen op het gebied van duurzaamheid en toekomstbestendigheid. We gaan uit van duurzaam grondgebruik, waarbij ontwikkelingen waarde aan de stad toevoegen en een bijdrage leveren aan het oplossen van onze grote opgaven. Circulair bouwen, klimaatadaptatie, natuurinclusief bouwen en energieneutraal zijn hierbij centrale (samenhangende) thema's, die ook elders in de stad vorm krijgen. De hoofdambities van Nijmegen voor duurzaamheid richten zich op de energietransitie (streven energieneutraal in 2045), stimulering van circulaire economie (streven circulaire regio in 2050) en klimaatadaptatie (streven volledig klimaatneutrale stad in 2050). Circulaire stad

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

59

De regio Arnhem-Nijmegen wil zich profileren als circulaire regio. Dit uit zich onder meer in de met het Rijk afgesloten woondeal waarin nadrukkelijk deze groene ontwikkeling aan de groeiopgave van de regio gekoppeld is. In de nieuwe woningbouwplannen spannen wij ons in om minimaal 25% circulair te laten ontwikkelen. Vanaf 2030 wil de regio minimaal 50% circulair bouwen om uiteindelijk in 2050 te komen tot een circulaire leefomgeving. We streven daarom naar circulaire woningbouw, het liefst met gebruik van hernieuwbare organische bouwmaterialen (bijvoorbeeld hout, vlas, schapenwol etc.). We gebruiken de GPR methodiek als ontwerptool en beoordelingsmethodiek om de duurzaamheid van gebouwen in beeld te brengen. Onze ambitie is om van de bouw een drijvende kracht te maken voor de circulaire economie. Daarom hebben we ons ook aangesloten bij de City Deal Circulair en Conceptueel Bouwen. We willen laten zien dat het grootschalig circulair en conceptueel bouwen van woningen niet ten koste gaat en mag gaan van snelheid en betaalbaarheid. Daarbij zijn er verschillende manieren om circulair bouwen in te vullen: 1. Biobased bouwen, waarbij de ambitie is om structureel meer biobased materiaal toe te gaan passen in woningbouwprojecten, en tevens beleidsmatig te verankeren en te stimuleren. 'Biobased materiaal' is hierbij materiaal dat CO2 opslaat en hernieuwbaar is. 2.

Geïndustrialiseerd conceptueel bouwen, waarbij de ambitie is om zoveel mogelijk nieuwbouwwoningen: a. Geïndustrialiseerd te laten produceren, om de productie te versnellen, de kwaliteit van de woningen te optimaliseren en afval- en reststromen te minimaliseren tijdens de productie; b. Conceptueel te realiseren, waarmee variatie mogelijk is in woningtype, -vorm en -stijl. 3. Waarderings- en financieringsmodellen, waarbij de ambitie is om circulair bouwen zo te gaan waarderen, dat de totale kosten en opbrengsten over de gehele levensduur – inclusief restwaarde en maatschappelijke kosten en baten – kunnen worden meegenomen in de financiering en waardering van vastgoed. In de Grond-, weg- en waterbouw onderschrijft Nijmegen de uitgangspunten van de Green Deal Duurzaam GWW 2.0; samen met onze ketenpartners willen we de verduurzaming in de sector structureel aanjagen. Voor het afwegen van duurzame keuzen maken we o.a. gebruik van het Ambitieweb en Dubocalq. We streven naar een gesloten grondbalans. Voor het ontwikkelen van de GGD locatie tot studentenhuisvesting wordt het huidige pand gesloopt. Wij adviseren om circulair te slopen. Het is waardevol om in kaart te brengen welke materialen vrijkomen tijdens sloop en deze waar mogelijk op locatie her te gebruiken. Het kunstwerk aan de voorzijde van de GGD wordt als onderdeel van het pand ook gesloopt.

Een architect zal bekijken of het kunstwerk in zijn huidige vorm of in een nieuwe vorm kan worden teruggebracht. Wij adviseren hier ook te kijken naar het hergebruiken van de huidige materialen van het kunstwerk en/of vrijkomende materialen uit de bebouwing. Er is aangegeven dat aandacht voor duurzaamheid in de architectuur en de buitenruimte een pré is. De bovenste laag bebouwing kan worden uitgevoerd met ander materiaal. Wij adviseren om in ieder geval hier te kiezen voor biobased materialen. Ook in de buitenruimte kunnen biobased materialen worden toegepast in de inrichting. Klimaatadaptatie Nijmegen ligt in een kwetsbaar landschap dat gevoelig is voor hitte, droogte en wateroverlast. Klimaatverandering heeft bijvoorbeeld effect op piekbuien. Plekken in de stad met dichte bebouwing zijn gevoelig voor hittestress. Samen met partners in de regio, zoals gemeenten, provincie en waterschappen en vele andere organisaties, werken we daarom aan een regionale

60

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

adaptatie strategie om een klimaatbestendige regio te zijn. In deze strategie staat beschreven wat de ambities en doelstellingen zijn voor de korte en langere termijn en hoe we binnen (en buiten) de regio met klimaatadaptatie aan de slag willen gaan. Thema's voor Nijmegen in deze strategie zijn 'een groenblauwe stad' en 'klaar voor de hitte'. Op 26 maart 2019 heeft het college de Regionale Adaptatie Strategie (RAS) vastgesteld. De regionale klimaateffectatlas geeft een overzicht van de huidige stand van zaken van kennis en informatie over de potentiële klimaatkwetsbaarheden van de regio. Water, droogte en hitte De opgave voor een klimaatbestendige wijk vraagt om een integrale blik waarbij de combinatie van inrichting, architectuur, (bodem)infrastructuur en beplanting zorgen voor een aangenaam klimaat. Concreet gaat het bijvoorbeeld om de situering van gebouwen voor schaduwwerking, schaduw van bomen en verkoeling door beplanting, keuze van materialen, het beperken van verharding en de keuze van het type verharding, wortelruimte en kwalitatief goede grond voor planten en bomen, groene daken en natuurlijk de waterhuishouding om wateroverlast en droogte te voorkomen. Het is onze ambitie dat het watersysteem zichtbaar (bovengronds) is en een positieve bijdrage levert aan het woon- en verblijfsklimaat en recreatieve en ecologische kansen schept.

De waterhuishouding vormt een integraal onderdeel van de stedenbouwkundige opgave. We maken een robuust watersysteem dat rekening houdt met de impact van klimaatverandering, en zodoende zowel toenemende piekbuien als drogere perioden aankan. We belasten het riool niet met regenwater maar laten het via een bodempassage naar het oppervlaktesysteem stromen. Zo zorgen het watersysteem en het groennetwerk voor een klimaatbestendige, gezonde openbare ruimte. Denk bijvoorbeeld aan maatregelen als: Een zoveel mogelijk groen ingerichte omgeving met niet meer dan noodzakelijke verharding van wegen, fiets-/voetpaden en terrassen. Met het vele groen ontstaat een natuurlijke piekberging voor neerslag en het zorgt voor minder hittestress en droogte. Inpassen van bestaande bomen vanwege de hoeveelheid schaduw die ze direct geven in vergelijking met nieuwe bomen. En ook vanwege de biodiversiteit die al in de bestaande bomen aanwezig is. Het verwerken van hemelwater op de plek waar het valt, zodat het verderop in het afvoertraject geen overlast kan veroorzaken. Groen en water dragen bij aan het ter plekke vasthouden en verwerken van regenwater, zowel in de openbare ruimte als op particulier grondgebied. Zie de paragrafen Water en Flora en Fauna voor nadere uitwerking. Vermijd grote gesloten verharde parkeervlakken en zorg voor voldoende schaduw op parkeerterreinen.

Gevelgroen en groendaken dragen bij aan een betere waterberging en terugdringen van hittestress. Overstekken en geïntegreerde zonneweringen in gebouwen kunnen bijdragen aan de vermindering van hittestress in de woning.

Natuurinclusief bouwen In de Omgevingsvisie kiezen we voor natuurinclusief bouwen. We nemen de natuur vanaf het begin mee bij de planontwikkeling en gaan uit van de gebiedsspecifieke kansen. Dat betekent dat nieuwe ontwikkelingen bewust ruimte creëren voor natuur, in de groenstructuur en bij/in gebouwen. Natuurinclusief bouwen is een van de maatregelen om die ambitie te realiseren. Dit is niet alleen goed voor de flora en fauna, maar ook voor klimaatadaptatie en de belevingswaarde van toekomstige bewoners. We bouwen hiervoor voort op de Toolbox Natuurinclusief Bouwen en Ontwikkelen die we voor de Waalsprong en het Waalfront hebben

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

61

opgesteld. In de paragraaf Flora en fauna is het onderwerp natuurinclusief bouwen nadere uitgewerkt. De gemeente stelt een klimaatadaptatieplan op. Hierin zijn verschillende doelstellingen opgenomen. Wij adviseren het gebied klimaatbestendig in te richten door aan de volgende doelstellingen te voldoen: - Pas het bestaand groen zoveel in en realiseer niet meer verharding dan noodzakelijk. De streefwaarde hierbij is minstens 40% groen. Het plangebied bestaat nu uit een kantoorgebouw en een parkeerplaats. Door de planontwikkeling zal de verharding afnemen. De streefwaarde van minstens 40% groen is hier van toepassing. - We infiltreren 75% van het regenwater dat jaarlijks valt lokaal. - De bergingscapaciteit voor privaat en openbaar gebied moet in totaal voldoen aan 70 mm in een uur. Met het huidige watersysteem voldoen we hieraan. - De belangrijkste loop- en fietsroutes liggen op het heetst van de dag voor minimaal 40% in de schaduw. Het gaat hierbij om het percentage schaduw van bomen en gebouwen. Het perceel is momenteel voor 41% bebouwd. Met de nieuwe ontwikkeling gaat dit percentage met maximaal 9% omhoog naar 50% van het perceel. Het terrein rond de gebouwen wordt groen ingericht. waarbij het oppervlakte verharding afneemt. Dit betekent dat het aandeel verhard oppervlak afneemt.

De parkeerplaats heeft waarschijnlijk overcapaciteit en kan worden ingezet als dubbel gebruik met een centrale verblijfplaats. Wij adviseren om de parkeerplaats zo groen mogelijk in te richten door extra bomen te planten en geen gesloten verharding toe te passen. Er dient voldoende schaduw en koelte te zijn op de verblijfplaats en ruimte voor wateropvang (conform klimaatadaptatiestrategie). Binnen het plan wordt is een kader aangewezen met infiltratiemogelijkheid. Tussen de gebouwen bevindt zich een binnenterrein met een fietsenstalling. Mogelijk met een terras of buitenverblijf hierboven. Mogelijk kan het dak van de fietsenstalling en terras als groen dak gerealiseerd worden. Een groenzone met bomenrij wordt aangemoedigd. Energieneutraal Nijmegen heeft de ambitie om uiterlijk in 2045 energieneutraal en aardgasvrij te zijn. Energiebesparing is een eerste vereiste om de energievraag te minimaliseren. Daarnaast zitten er kansen in het opwekken van hernieuwbare energie en in aardgasvrij bouwen. Het instrument GPR kan de energieprestaties van een gebouw in beeld brengen. Deze software staat via de gemeente Nijmegen ter beschikking aan ontwikkelaars in dit gebied. De ontwikkelaar kan deze systematiek ook gebruiken om haar ontwerpen te optimaliseren en te toetsen op bouwbesluitaspecten zoals energieprestatie en materiaalprestatie.

Energiebehoefte beperken Vanaf 1 januari 2021 is bijna energie neutrale bouw (BENG) de norm. De energiebehoefte van een gebouw bestaat uit de warmte- en koudevraag en kan in kaart worden gebracht met een energiescan. De energiebehoefte wordt bepaald door een samenspel van factoren, zoals de verhouding glas ten opzichte van dichte gevel, de mate van isolatie, de mate van kierdichting, de aanwezigheid van koudebruggen, de vorm (geometrie), de ligging en de bezonning van een gebouw. Hierbij kan ook onderzocht worden of oververhitting in een gebouw een probleem kan zijn en hoe de ventilatie geoptimaliseerd kan worden. Hernieuwbare energie opwekken De resterende energiebehoefte kan (deels) worden opgewekt met zonne-energie. Nijmegen heeft de ambitie dat alle geschikte daken vol liggen met zonnepanelen. Naast de standaard

62

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

zonnepanelen komen er steeds meer opties op de markt, denk aan geïntegreerde zonnedaken en -gevels en zonnedakpannen. Aardgasvrij Per 1 juli 2018 moeten nieuwbouwwoningen aardgasvrij zijn. Het gaat om alle nieuwbouwwoningen die op of na 1 juli 2018 worden ingediend voor een omgevingsvergunning. Alternatieven voor verwarmen met aardgas zijn aansluiten op het warmtenet (indien mogelijk) of verwarmen met een warmtepomp of infraroodpanelen. Het gebied is onder voorwaarden geschikt voor een Warmte-Koude opslagsysteem. Voor het bepalen van deze voorwaarden zal afstemming gezocht moeten worden met eventuele nabijgelegen andere gebruikers van bodemwarmte en zal de milieuhygiënische situatie van de bodem in ogenschouw genomen moeten worden. Een bijkomend voordeel van een WKO is dat de woning hiermee in de zomer kan worden gekoeld. De nieuwbouw biedt de mogelijkheid om de daken te gebruiken voor opwekking van zonne-energie in de vorm van zonnepanelen en de energiebehoefte zoveel mogelijk te beperken door bovengenoemde factoren onder de paragraaf 'Energiebehoefte beperken' mee te nemen bij de bouw. De bebouwing is aardgasvrij. Het perceel bevindt zich niet binnen een grondwaterbeschermingsgebied. Wij adviseren de mogelijkheid te onderzoeken voor het realiseren van een WKO-systeem.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

63

64

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1

Inleiding

Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding (met legenda) en planregels, vergezeld van een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De verbeelding heeft de rol van visualisering van de bestemmingen. De planregels regelen de gebruiksmogelijkheden van de gronden, de bouwmogelijkheden en de gebruiksmogelijkheden van de aanwezige en/of op te richten bebouwing. De toelichting heeft weliswaar geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave en onderbouwing van het bestemmingsplan en bij de uitleg van de verbeelding en planregels.

5.2

Systematiek van de planregels

Voor het bestemmingplan wordt gebruik gemaakt van het Standaard bestemmingsplan van de gemeente Nijmegen. Het Standaard bestemmingsplan is gebaseerd de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP 2012) waarin landelijke standaarden voor planregels en verbeelding zijn geformuleerd. De standaardisatie maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op een vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. Het bestemmingsplan wordt zowel in analoge als digitale vorm opgesteld. Bij interpretatieverschillen heeft het digitale bestemmingsplan voorrang. De planregels van het bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275) bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsplanregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

65

66

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid De voorgestelde bestemmingsplanwijziging maakt het mogelijk diverse functies te realiseren binnen het plangebied. De gemeente is eigenaar van het terrein. Dit heeft tot gevolg, dat de financiële regie via een gemeentelijke grondexploitatie loopt. De grondexploitatie bevat onder andere kosten voor aankoop van grond, het bouwrijp maken en de (gemeentelijke) plankosten. Er is sprake van een sluitende exploitatie. Dit betekent dat de kosten worden gedekt door de opbrengsten. De bestemmingsplanherziening is financieel-economisch uitvoerbaar. Via de grondprijs is het kostenverhaal in het ontwikkelgebied anderszins verzekerd en hoeft bij de vaststelling van het bestemmingsplan geen exploitatieplan als bedoeld in de Wet ruimtelijke ordening te worden vastgesteld.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

67

68

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1

Participatie

Het participatieproces is door de gemeente in 2019 gestart bij de planvorming rond de verplaatsing van de GGD naar de Professor Bellefroidstraat. In een latere fase van het proces is ook de initiatiefnemer bij het participatieproces betrokken. Het proces is samengevat in een participatieverslag. Het participatieverslag is als bijlage bij deze toelichting gevoegd. In het participatieverslag laat de gemeente zien hoe omwonenden en andere belanghebbenden bij de planvorming rond de herontwikkeling van het perceel Groenewoudseweg 275 zijn betrokken. Na vaststelling van het bestemmingsplan zal de initiatiefnemer het participatieproces verder voeren.

7.2

Overleg

In artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is opgenomen dat de gemeente bij de voorbereiding van een ruimtelijk plan overleg moet plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van provincie en rijk die betrokken zijn bij de zorg voor ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. In het kader van dit vooroverleg is het concept ontwerpbestemmingsplan toegestuurd naar de Provincie Gelderland en Waterschap Rivierenland. De provincie Gelderland heeft in een reactie aangegeven akkoord te gaan met het plan. Waterschap Rivierenland heeft niet gereageerd. Er spelen geen rijksbelangen. Er heeft geen vooroverleg op grond van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening plaatsgevonden.

7.3

Inspraak

Voor dit bestemmingsplan is op 17 mei 2023 een vooraankondiging in het Gemeenteblad gepubliceerd. De zienswijzenprocedure wordt tevens als inspraak gezien. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken van donderdag 29 juni 2023 tot en met woensdag 9 augustus 2023 ter visie gelegen. De tervisielegging is gepubliceerd op woensdag 28 juni 2023. Gedurende deze periode zijn er 4 zienswijzen ingekomen. De beantwoording hiervan is opgenomen in de Zienswijzennota

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

69

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=28f69dc8-6c7e-4b1a-8abd-741f09064cd1