CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan met Toelichting

Besluitronde (raadsvergadering) 20 december 2023, gemeente NijmegenBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg -8 (Groenewoudseweg 275) (134/2023)22.367 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275) Toelichting

Versie: vastgesteld

Colofon bestemmingsplan

Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275) IDN: NL.IMRO.0268.BP9008-VG01

Gemeente Nijmegen

Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl

Toelichting

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

3

4

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Inhoudsopgave Toelichting

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4

Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerend bestemmingsplan Leeswijzer

7 7 7 8 8

Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3

Planbeschrijving Beschrijving huidige situatie Beschrijving toekomstige situatie Stedenbouwkundige karakteristieken

11 11 11 12

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3

Beleidskader Relevant rijksbeleid Relevant provinciaal beleid Relevant gemeentelijk beleid

17 17 20 22

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14 4.15

Sectorale aspecten Vormvrije M.E.R.-beoordeling Wonen Bedrijven en milieuzonering Geluid Luchtkwaliteit Natuur - onderdeel Natura 2000 (Stikstof) Externe veiligheid Ruimtelijke veiligheid Bodem Water Flora en Fauna Cultuurhistorie en archeologie Bereikbaarheid en Mobiliteit Ontplofbare Oorlogsresten (OO) Duurzaamheid en Klimaatadaptatie

27 27 27 31 32 34 36 36 37 38 38 41 48 53 57 59

Hoofdstuk 5 5.1 5.2

Juridische planbeschrijving Inleiding Systematiek van de planregels

65 65 65

Hoofdstuk 6

Economische uitvoerbaarheid

67

Hoofdstuk 7 7.1 7.2 7.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid Participatie Overleg Inspraak

69 69 69 69

Bijlagen bij toelichting

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

5

Bijlage 1

Beeldkwaliteitsplan

Bijlage 2

Aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling Groenewoudseweg 275

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek

Bijlage 4

Ontwerpbesluit hogere waarden

Bijlage 5

Stikstofrapport

Bijlage 6

Verkennend asbest- en bodemonderzoek

Bijlage 7

Quickscan Flora & Fauna

Bijlage 8

Nader ecologisch onderzoek

Bijlage 9

Bureau- en verkennend booronderzoek archeologie

Bijlage 10

Participatieverslag

Bijlage 11

Bezonningsstudie

Bijlage 12

Zienswijzennota

6

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Met dit bestemmingsplan wordt een nieuwe invulling gegeven aan het perceel Groenewoudseweg 275. Op dit perceel bevond zich een kantoor van de GGD. Dit GGD-kantoor is verplaatst naar de Professor Bellefroidstraat. Op de vrijkomende locatie ontwikkelt studentenhuisvester SSH& in samenwerking met de gemeente een plan voor de bouw van maximaal 198 studentenwoningen. Dit bestemmingsplan maakt de ontwikkeling van dit plan planologisch mogelijk. Het aantal studenten in Nijmegen blijft groeien. Dat brengt opgaven met zich mee, waaronder huisvesting van een steeds groter aantal studenten. Daarnaast is er nu al een groot tekort aan studentenkamers. Deze opgave voor studentenhuisvesting is verwoord in de "Notitie studentenhuisvesting Nijmegen 2021-2030". In de notitie worden ook (mogelijke) locaties voor de invulling van deze opgave genoemd. De voormalige GGD-locatie is een van deze locaties. De afgelopen jaren is onderzocht wat ruimtelijk aanvaardbaar en passend is op deze locatie. De gemeentelijke ambities zoals ook verwoord in de omgevingsvisie zijn hierin meegenomen. Ook is er overleg geweest met het bewonersplatform over de ruimtelijke randvoorwaarden voor deze locatie. In de omgevingsvisie Nijmegen 2020-2040 staan uitgangspunten voor het gebruik van de ruimte in Nijmegen. Het geeft daarmee de richting aan de ontwikkeling van de stad voor de komende jaren.

Een van de gebieden waar in de komende jaren de focus op komt te liggen is Campus Heyendaal. Deze ontwikkeling sluit aan bij de Campus Heyendaal.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Het plangebied ligt aan de zuidzijde van de Groenewoudseweg, op de hoek met de Professor Bellefroidstraat. Het GGD-pand ligt aan de westkant van de Professor Bellefroidstraat. Aan de zuidzijde wordt het plangebied begrensd door een complex van de Veiligheidsregio. Aan de westzijde staat woonbebouwing. De gronden in het plangebied zijn kadastraal bekend als Gemeente Hatert, sectie B, nummer 5443. Het plangebied beslaat een oppervlakte van circa 8.000 m². Op onderstaande afbeelding is de ligging van het plangebied in de directe omgeving weergegeven. De exacte begrenzing van het plangebied is ingetekend op de verbeelding van dit bestemmingsplan.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

7

Plangebied (rood omcirkeld)

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Het vigerend bestemmingsplan is het bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg. Dit bestemmingsplan is door de raad op 15 februari 2017 vastgesteld; het plan is op 18 april 2018 onherroepelijk geworden. Het plangebied heeft volgens dit bestemmingsplan de bestemming "Maatschappelijk". De beoogde herontwikkeling van de ggd-locatie naar een woonlocatie past qua bestemming en maatvoering niet in het vigerend bestemmingsplan. Onderhavige bestemmingsplanherziening vormt vanwege deze strijdigheid met het vigerend bestemmingsplan het juridisch en planologisch kader voor de beoogde ontwikkeling.

1.4

Leeswijzer

Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende planregels en gaat vergezeld van een toelichting. De planregels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. De toelichting bestaat uit een planbeschrijving met (separate) bijlagen. De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit zeven hoofdstukken. De opbouw van de hoofdstukken is zodanig dat er sprake is van een logische volgorde in vraagstelling (wat, waarom, waar, hoe, etc.). Na dit inleidende hoofdstuk volgt hoofdstuk 2 'Planbeschrijving', dit gaat in op de beschrijving van de huidige situatie van het plangebied en directe omgeving. Daarnaast worden de ontwikkelingen die het plan mogelijk maakt op een rij gezet. Verder beschrijft dit hoofdstuk de stedenbouwkundige uitgangspunten voor het plan. Hoofdstuk 3 geeft een beschrijving van het relevante beleid op Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk niveau. Daarbij wordt bekeken of de voorgestane ontwikkeling in lijn is met dit beleid. In hoofdstuk 4 wordt de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan aangetoond. Vanuit de verschillende van invloed zijnde haalbaarheidsaspecten zoals externe veiligheid, luchtkwaliteit en water wordt in dit hoofdstuk beschreven waarom de ontwikkeling die voorliggend bestemmingplan mogelijk maakt,

8

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

uitgevoerd kan worden. In hoofdstuk 5 wordt de juridische planopzet toegelicht. Er wordt een antwoord gegeven op de vraag hoe hetgeen in voorliggend plan is vastgelegd juridisch wordt geregeld. Hoofdstuk 6 geeft inzicht in de economische uitvoerbaarheid van het plan. In het laatste hoofdstuk van dit bestemmingsplan wordt verslag gedaan van het (voor)overleg en de zienswijzen.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

9

10

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Beschrijving huidige situatie

De ontwikkellocatie, op de locatie van het GGD-gebouw aan de Groenwoudseweg 275, ligt ten noorden van de Hogeschool Arnhem-Nijmegen (HAN)-/universiteitscampus. De locatie ligt binnen een driehoek die wordt gevormd door de spoorlijn Nijmegen-Venlo, de Groenewoudseweg en de Heyendaalseweg. Door de toevoeging van de HAN tussen de universiteitscampus en het spoor is het gemengde gebied ten noorden van het spoor sterker verbonden geraakt met het campusgebied. In en rond het gebied bevinden zich inmiddels faciliteiten en functies die raakvlakken hebben met de campus en de HAN. Voorbeelden van deze functies zijn het ROC, het Technovium en studentenhuisvesting. Door de ontwikkeling van deze functies ten noorden van het spoor is de grens van de campus vervaagd en opgeschoven. Hierdoor is een gemengd gebied ontstaan met woonfuncties en maatschappelijke functies, maar ook met kleinschalige bedrijvigheid. De noordrand van de driehoek bestaat hoofdzakelijk uit woningen van twee lagen met een kap uit de jaren '30. Deze bebouwing ligt ten zuiden van Groenewoudseweg, maar hoort officieel bij de wijk Galgenveld. De wijk Galgenveld ligt ten noorden van de Groenewoudseweg. Langs de Groenewoudseweg is de kenmerkende ruimtelijke karakteristiek van het bebouwingslint nog altijd herkenbaar. Al worden op diverse plekken aan de Groenewoudseweg woningen afgewisseld door grotere panden.

Deze panden met een grotere bouwmassa, zoals de kerk, het gebouw van de HAN en het GGD-gebouw, liggen verspreid langs de Groenewoudseweg. Hierdoor variëren maat- en schaalverhoudingen in dit gebied. Aan zowel de noordzijde als de zuidzijde van het stationsgebied Nijmegen-Heyendaal bevinden zich panden met een groter bouwvolume. Het station vormt een schakel in het gebied. Het gebied rondom het station is zeer divers, maar het ontbreekt hier aan gebouwen met een goede tussenmaat. De verbinding in het gebied en de verschillen in verticale opbouw laten zien dat een passende tussenmaat de overgang van jaren '30 woningen naar Technovium zou kunnen verzachten. Het plangebied heeft een rechthoekige vorm en wordt aan de zuidzijde begrensd door het kantoor van de Veiligheidsregio en aan de westzijde door achtertuinen van de woningen aan de Groenewoudseweg. Aan de oostzijde wordt de grens gevormd door de Professor Bellefroidstraat. Het gebied sluit aan de voorzijde aan op de Groenewoudseweg. Het bestaande gebouw heeft een andere vorm en bouwstijl dan naastgelegen bebouwing. Het gebied aan zuidzijde is ingevuld met hoogbouw rondom station Heyendaal en heeft een grofmazige korrelstructuur.

2.2

Beschrijving toekomstige situatie

Het voormalige GGD-kantoor aan de Groenewoudseweg ligt in het gebied dat de overgang vormt naar Campus Heyendaal. Het gebied sluit aan bij de noordzijde van station Heyendaal en heeft campus gerelateerde functies. Het is een gebied om te werken, te studeren en om te wonen. Een woonfunctie voor studenten sluit aan bij het gemengde karakter van het gebied. Bovendien is huisvesting van studenten in de nabijheid van de campus wenselijk om verplaatsingen van

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

11

grote groepen, op onder meer fietspaden, in de spitstijden te verminderen. Het is belangrijk om vrijkomende locaties in dit gebied een functie te geven die past binnen het overgangsgebied tussen de campus en de Groenewoudseweg en die aansluit bij de hedendaagse behoeften. Studentenhuisvesting een zeer passende functie op deze locatie. Op de locatie zal nieuwbouw voor studentenhuisvesting plaatsvinden. Deze nieuwbouw wordt gerealiseerd door SSH&. Bij deze keuze voor nieuwbouw, in plaats van vastgoedtransformatie, spelen duurzaamheidseisen een grote rol. Het GGD-gebouw kan binnen de beschikbare financiële middelen niet worden aangepast om te voldoen aan deze duurzaamheidseisen. Om die reden is gekozen voor nieuwbouw. Bij nieuwbouw zijn aspecten als oriëntatie, opbouw in bouwvolume, opbouw in massa per bouwblok en een goede entree relevant. Paragraaf 2.3 beschrijft de kaders die gelden voor de uitwerking van de bouwplannen voor de locatie.

2.3

Stedenbouwkundige karakteristieken

De nieuwbouw zal bestaan uit een ensemble van gebouwen. Door drie kleine gebouwen te realiseren, in plaats van één groot bouwblok, wordt ook de aansluiting gezocht bij de direct naastgelegen grondgebonden woningen. De drie bouwblokken samen hebben tegelijkertijd een relatie met de volumineuze gebouwen in de omgeving. Daarnaast wordt de hoogte beperkt. Ook dit waarborgt een betere aansluiting met de omgeving. Ruimtegebruik Het is belangrijk dat het gebouw aan de zijde van de Groenewoudseweg niet te massaal overkomt. De massa van het gebouw moet aansluiten bij de naastgelegen woningen. Dit betekent dat de op de Groenewoudseweg gerichte bebouwing een hoogte van maximaal uit 3 bouwlagen zal krijgen. Het wordt een gebouw dat rekening houdt met de omgeving en dat afstand houdt tot de weg. Het gebouw zal een groter volume hebben dan de bebouwing in de directe omgeving. Dit komt in deze omgeving vaker terug. Zoals ook het huidige GGD gebouw, dat als een groter volume in het bebouwingslint ligt. Op het zuidelijke deel van het terrein, aansluitend op het gebouw van de Veiligheidsregio Gelderland-zuid, is ruimte om meer hoogte te creëren. De bebouwing krijgt aan de zuidzijde 4 bouwlagen. Hiermee sluit de te realiseren bebouwing aan bij de ten zuiden van de planlocatie gelegen gebouwen. Het gebouw van de Veiligheidsregio bestaat namelijk uit 4 bouwlagen.

Het nieuwe gebouw van de GGD, schuin tegenover het gebouw van de Veiligheidsregio, wordt maximaal 7 bouwlagen hoog. Het nog zuidelijker gelegen gebouw "De gouverneur" heeft 13 bouwlagen. Het gebied rondom station Heijendaal wordt in de Omgevingsvisie 2020-2040 'Nijmegen stad in beweging' gezien als een stedelijke knoop. Rondom deze stedelijke knoop is hogere bebouwing mogelijk. Aan de zuidoost zijde van het perceel komt de hoofdentree. Daardoor ontstaat een logische uitgang in de richting van het station en het campusgebied. Dit levert minder drukte en daarmee minder overlast aan de Groenewoudseweg. De parkeerplaats komt in de toekomst op dezelfde plek als de huidige parkeerplaats. Door deze ruimte open te laten zal het totale bebouwingspercentage van de planlocatie maximaal 50% bedragen.

12

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Afbeelding: plattegrond potentieel ontwerp studentenhuisvesting GGD-locatie (bron: beeldkwaliteitsplan "GGD-locatie, Stedenbouwkundige toelichting en principes voor beeldkwaliteit")

Afbeelding: Impressie massa studentenhuisvesting GGD-locatie (bron: beeldkwaliteitsplan "GGD-locatie, Stedenbouwkundige toelichting en principes voor beeldkwaliteit") Ruimtelijke kwaliteit en beleving Het uitgangspunt voor de inrichting van het plangebied is een voetgangersvriendelijke binnenruimte met een groen karakter. De buitenruimte is makkelijk toegankelijk en als samenhangend geheel ontworpen. De binnentuin tussen de gebouwen wordt ingericht als een aangename, groene verblijfsplek voor de toekomstige bewoners. Een brede groene zoom aan de noord- en aan de westzijde schept afstand tot de Groenewoudseweg en tot de bestaande woning ten westen van de locatie. Deze zone is niet bedoeld als verblijfsplek en kent een

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

13

natuurlijke inrichting. Ook langs de Professor Bellefroidstraat wordt door een groene inrichting enige afstand gecreëerd tussen de straat en het gebouw. De bebouwing wordt getrapt binnen deze openbare groene ruimte gesitueerd. De bebouwing krijgt drie en vier lagen, waardoor het getrapt richting het station Heyendaal hoger wordt. De openbare ruimte zal doorwerken op het perceel tussen de gebouwen en hier een relatie mee krijgen. Ruimtelijke uitgangspunten Om te waarborgen dat de ontwikkeling in de omgeving past, zijn voorafgaand aan de planvorming (na analyse van het gebied) uitgangspunten geformuleerd. Op basis van deze uitgangspunten zijn, in samenwerking met de architect en de toekomstige eigenaar, enkele schetsmodellen ontwikkeld. Deze modellen zijn besproken met omwonenden en een daarna opgerichte klankbordgroep. De opmerkingen van de omwonenden zijn, zoveel als mogelijk, verwerkt in de uitgangspunten. De analyse, de modellen en het participatieproces hebben geleid tot definitieve ruimtelijke uitgangspunten. De verdere planvorming moet voldoen aan deze uitgangspunten. Op hoofdlijnen zijn de volgende ruimtelijke uitgangspunten geformuleerd. 1.

2.

3. 4.

5.

6. 7. 8. 9.

14

De ontwikkeling bestaat uit een cluster van drie bouwvolumes. Deze opbouw zorgt ervoor dat het geheel niet te massaal overkomt en er geen harde wand ontstaat aan de Groenewoudseweg. Het is op deze manier mogelijk om aan alle zijden een goede aansluiting bij de omgeving te realiseren. Het ensemble van gebouwen heeft een volume dat overeenkomt met het huidige GGD-gebouw. Aan de zijde van de Groenewoudseweg sluit het toekomstige gebouw aan bij de hoogte van de naastgelegen woningen. Dit houdt in dat de maximale bouwhoogte aan de Groenewoudseweg bij drie lagen 10 meter boven peil is. Op het meer naar achter gelegen deel van het terrein, met vier lagen, is dat 13 meter boven peil. Verder is het voorstelbaar dat het toekomstige gebouw een relatie met de bebouwing aan de overzijde heeft. Dit kan door te spiegelen aan de bebouwing aan de overzijde door gevelindeling, rijke baksteenarchitectuur of accenten. De bovenste laag van de te realiseren bebouwing kan worden uitgevoerd in een ander materiaal, verdiept komen te liggen of voorzien worden van een schijnkap. De architectonische uitwerking zal door de welstandscommissie worden beoordeeld. De te realiseren bebouwing vormt een onderbreking in het bebouwingslint, typologie en architectuur aan de Groenewoudseweg. Maar door de beperkte bouwhoogte aan de voorzijde (van maximaal drie lagen) past het gebouw wel in de omgeving.

Het toekomstige gebouw wordt alleen aan de achterzijde hoger dan de bebouwing aan de Groenewoudseweg. De gebouwen achter de projectlocatie hebben een grotere hoogte. Daarom zijn vier bouwlagen hier acceptabel. De achterzijde van de te realiseren bebouwing, aan de zuidoostzijde, sluit zo aan bij de naastgelegen gebouwen. Bovendien draagt het extra bouwvolume bij aan de realisatie van een haalbaar programma. Aan de zuidzijde worden eveneens maximaal vier bouwlagen toegestaan. Dit in verband met privacy voor buurpercelen en bezonning van het binnenterrein. Hiervoor is een bezonningsstudie uitgevoerd, zie bijlage Bijlage 11 Bezonningsstudie. Het gebouw moet aansluiten bij de bestaande rooilijn van de Groenewoudseweg of verder van de Groenewoudseweg af worden geplaatst, met groen aan de voorzijde. Aan de zijde van de professor Bellefroidstraat moet minimaal 5 meter ruimte worden aangehouden tussen het trottoir en het gebouw. Private buitenruimtes (alleen bij onzelfstandige woningen) zoals balkons worden zoveel mogelijk afgekeerd van omringende woningen. Geen private buitenruimte aan de Groenewoudseweg. Het terrein mag voor maximaal 50% worden bebouwd. Er moet aandacht zijn voor duurzaamheid, zowel in de architectuur als in de buitenruimte. Waterberging moet door infiltratie van hemelwater op eigen terrein plaatsvinden.

De hoofdontsluiting en parkeerontsluiting voor gemotoriseerd verkeer komt aan de Professor Bellefroidstraat. (Aan de Groenewoudseweg mogen geen ontsluitingen voor

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

gemotoriseerd of fietsverkeer komen, omdat dat voor onoverzichtelijke situaties en overlast zorgt). 10. Het parkeren moet op eigen terrein plaatsvinden en moet voldoen aan de gemeentelijke parkeernorm van 0,2 parkeerplaatsen per eenheid. 11. De buitenruimte dient groen en samenhangend te worden, als een grote tuin waarin de bouwvolumes staan. Hierbij wordt de groene binnentuin een verblijfsplek voor de bewoners. In de groene zone aan de Groenewoudseweg kan niet worden verbleven. De inrichting van deze zone is natuurlijk.

Beeldkwaliteit In de Uitwerkingsnota Beeldkwaliteit heeft de gemeente Nijmegen haar ambities voor de beeldkwaliteit van de stad vertaald in criteria voor bouwplannen en ruimtelijke ontwikkelingen. Deze nota beschrijft het toetsingsniveau voor de verschillende gebieden in de stad. Voor bestaande woon- of werkgebieden waar geen grootschalige ontwikkelingen verwacht worden geldt een "luw" toetsingsniveau. De basis voor het ruimtelijk beeld van deze gebieden is al enige tijd geleden gerealiseerd. Kleine veranderingen hebben meestal geen grote invloed op het beeld van deze gebieden. De inrichting en het onderhoud van de openbare ruimte is in hoofdzaak een taak van de overheid. Waar het gaat om bouwen aan en om de eigen woning of bedrijf, heeft de eigenaar ook de verantwoordelijkheid om er iets goeds van te maken.

Kaart toetsingsniveaus uitwerkingsnota Beeldkwaliteit gemeente Nijmegen. Het plangebied is bestempeld als 'luw'. De Heyendaalseweg heeft de status bijzonder. Het luwe toetsingsniveau geldt in principe voor alle gebieden die niet vallen onder de niveaus "bijzonder", "aandacht” of "vrij". In deze gebieden is het van belang om de bestaande kwaliteiten te behouden en te waken voor achteruitgang. In gebieden waar een luw toetsingsniveau van kracht is, zullen minder strenge eisen worden gesteld aan bouwplannen. Het welstandstoezicht zal zich hier vooral richten op het voorkomen van achteruitgang en verlies van bestaande ruimtelijke kwaliteit.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

15

Dit plan zorgt voor een nieuwe ontwikkeling op de GGD-locatie. Voor deze nieuwe ontwikkeling is het toetsingsniveau luw niet voldoende. Om de kwaliteit op de locatie te kunnen garanderen geldt er een beeldkwaliteitsplan met specifieke toetsingscriteria. Dit biedt de mogelijkheid om duidelijke kaders voor de ontwikkeling te kunnen meegeven en om het plan te toetsten. Beeldkwaliteitsplan De plannen moeten architectonisch nog verder worden uitgewerkt. Daarom is ervoor gekozen een beeldkwaliteitsplan op te stellen. Hiermee wordt het toetsingskader voor beeldkwaliteit van de architectuur en de terreininrichting vastgelegd. In het beeldkwaliteitsplan voor deze ontwikkeling zijn toetsingscriteria opgenomen voor de volgende aspecten: Stedenbouw en bouwmassa Architectuur Inrichting buitenruimte Duurzaamheid

Het beeldkwaliteitsplan is voorgelegd aan de welstandscommissie. De inhoudelijke toetsingscriteria zijn akkoord bevonden. Het beeldkwaliteitsplan wordt vastgesteld door gemeenteraad. Het beeldkwaliteitsplan is ook te vinden als bijlage bij deze toelichting. Mobiliteit, toegankelijkheid en parkeren De toegang naar de parkeerplaats aan de westzijde op het terrein zal worden ontsloten via de Professor Bellefroidstraat. Dit is in de huidige situatie ook het geval. Het streven is om zoveel mogelijk gebruik te maken van bestaande infrastructurele voorzieningen. Voor studentenhuisvesting geldt een parkeernorm van 0,2 parkeerplaatsen per woning. Deze parkeerplaatsen worden waarschijnlijk minimaal benut. Wanneer studenten naar de campus reizen, gaan ze bij voorkeur met de fiets, te voet of met het openbaar vervoer (of in combinatie). Deze modaliteiten nemen minder ruimte in beslag en zijn minder belastend voor het milieu. Omdat studenten vooral gebruikmaken van de fiets of lopen, zijn de onderwerpen veiligheid voor fietsers en voetgangers belangrijk. Door één in- en uitrit voor gemotoriseerd verkeer te behouden ontstaat een leesbare verkeerssituatie. Daarnaast moet worden gestuurd op de wijze waarop fietsers de toekomstige bebouwing bereiken.

Door meerdere ingangen te maken en fietsenstallingen inpandig te realiseren, is het mogelijk grote stromen fietsers te sturen en doorstroming te verbeteren. Deze fietsenstalling komt in de nabijheid van de ingang naar de woningen. Daarnaast ontstaan mogelijkheden om voetgangersbewegingen te sturen via een veilige semi-openbare ruimte gekoppeld aan het nieuwe gebouw dat gerealiseerd wordt aan de Groenewoudseweg. Wel moet er in de buitenruimte een mogelijkheid komen waar bezoekers hun fiets kunnen parkeren. Om te zorgen voor minimale overlast bij laden, lossen en bij het ophalen van afval door ophaaldiensten zal in de verkeerszone een oplossing worden gezocht. Programma Het totaal aantal wooneenheden binnen het complex bedraagt maximaal 198. Duurzaamheid Het gebouw van de GGD zal plaatsmaken voor een gebouw dat zowel qua bouwwijze en architectuur met duurzaamheid rekening houdt. Rond het gebouw ontstaat ruimte voor groen en waterberging. Hemelwater wordt geïnfiltreerd op eigen terrein.

16

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 3

Beleidskader

3.1

Relevant rijksbeleid

3.1.1

Nationale Omgevingsvisie

Op 11 september 2020 heeft het Rijk vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Omgevingswet de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De NOVI omvat een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. De intentie van het Rijk is om met de NOVI een perspectief te bieden om grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Bij die opgaven kan worden gedacht grote en complexe opgaven met betrekking tot klimaatverandering, energietransitie, circulaire economie, bereikbaarheid en woningbouw. Een centraal aspect van de NOVI is de focus op een nieuwe aanpak van vraagstukken in de fysieke leefomgeving. Werken op basis van integraliteit met betrekking tot verschillende vraagstukken in plaats van sectorale aanpakken voor individuele vraagstukken vormt de kern van deze nieuwe aanpak. Het streven naar integraliteit dat onderdeel is van de NOVI valt samen in vier verschillende prioriteiten waartussen een onderscheid wordt gemaakt in de NOVI, te weten: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

Binnen de NOVI worden drie afwegingsprincipes gehanteerd om te komen tot weloverwogen beleidskeuzen. Die zouden moeten helpen bij het afwegen en prioriteren van verschillende belangen en opgaven: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal; Afwentelen wordt voorkomen.

De nationale overheid richt zijn in de NOVI zich op 21 nationale belangen: Bevorderen van een duurzame ontwikkeling van Nederland als geheel en van alle onderdelen van de fysieke leefomgeving; Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; Waarborgen en versterken van grensoverschrijdende en internationale relaties; Waarborgen en bevorderen van een gezonde en veilige fysieke leefomgeving; Zorg dragen voor een woningvoorraad die aansluit op de woonbehoeften; Waarborgen en realiseren van een veilig, robuust en duurzaam mobiliteitssysteem; In stand houden en ontwikkelen van de hoofdinfrastructuur voor mobiliteit; Waarborgen van een goede toegankelijkheid van de leefomgeving; Zorg dragen voor nationale veiligheid en ruimte bieden voor militaire activiteiten; Beperken van klimaatverandering; Realiseren van een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, die in 2050 CO2-arm is, en de daarbij benodigde hoofdinfrastructuur;

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

17

Waarborgen van de hoofdinfrastructuur voor transport van stoffen via (buis)leidingen; Realiseren van een toekomstbestendige, circulaire economie; Waarborgen van de waterveiligheid en de klimaatbestendigheid (inclusief vitale infrastructuur voor water en mobiliteit); Waarborgen van een goede waterkwaliteit, duurzame drinkwatervoorziening en voldoende beschikbaarheid van zoetwater; Waarborgen en versterken van een aantrekkelijk ruimtelijk-economisch vestigingsklimaat; Realiseren en behouden van een kwalitatief hoogwaardige digitale connectiviteit; Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; Behouden en versterken van cultureel erfgoed en landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten van (inter)nationaal belang; Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit; Ontwikkelen van een duurzame visserij.

In de NOVI staat dat wonen één van de basisbehoeften van mensen is. Iedereen in Nederland moet prettig kunnen wonen voor een redelijke prijs. Een woningvoorraad die aansluit op de huidige en toekomstige woonbehoefte van mensen is daarom van nationaal belang. In de NOVI stelt de rijksoverheid dat de primaire verantwoordelijkheid voor de gebouwde omgeving, de woningvoorraad en de leefbaarheid bij gemeenten en provincies ligt. Het Rijk is systeemverantwoordelijk. Dit betekent dat het Rijk kaders stelt, stimuleert en eventueel sanctioneert. De NOVI heeft de opgaven die voortkomen uit de nationale belangen van het Rijk vertaald in vier integrale prioriteiten. Binnen de prioriteit "sterke en gezonde steden en regio's", kiest de NOVI voor het geconcentreerd plaats laten vinden van verstedelijking in de regio, waarbij toe te voegen nieuwe woon- en werklocaties zorgvuldig en op ruimte- en mobiliteitsefficiënte wijze worden ingepast. Het woningaanbod in de regio's sluit daarbij aan bij de vraag naar aantallen en typen woningen, woonmilieus en prijsklasse. Dit bestemmingsplan draagt bij aan de huidige en toekomstige woonbehoefte, zoals verwoord in de NOVI. Er wordt woonruimte voor studenten in de omgeving van de universiteitscampus en het station Heijendaal gerealiseerd.

Het plan zorgt voor een woningaanbod van een typologie waar grote behoefte aan is en dat op ruimte- en mobiliteitsefficiënte wijze wordt ingepast.

3.1.2

Ladder duurzame verstedelijking

Besluit ruimtelijke ordening Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Aan het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is de ladder voor duurzame verstedelijking toegevoegd. Daartoe is een artikellid ingevoegd op grond waarvan overheden nieuw te realiseren stedelijke ontwikkelingen dienen te motiveren. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening in de vorm van een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Met de ladder voor duurzame verstedelijking wordt een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten nagestreefd. Per 1 juli 2017 geldt het gewijzigde Bro ten aanzien van de Ladder voor duurzame verstedelijking. Er dient een onderbouwing plaats te vinden op basis van “behoefte”. Dit houdt in dat de reikwijdte van de stedelijke ontwikkeling die een bestemmingsplan mogelijk maakt, leidend is voor het ruimtelijk verzorgingsgebied waarbinnen de Laddertoets moet worden gedaan. Ook is dit leidend voor het al dan niet plegen van regionale afstemming. Zowel bij een ontwikkeling binnen als buiten het bestaand stedelijk gebied is het van belang om

18

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

de behoefte te onderbouwen. De toetsing van de Ladder vindt plaats op basis van een aantal vragen: - Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? - Is er behoefte aan de ontwikkeling? - Is de ontwikkeling passend binnen de behoefte van het ruimtelijk verzorgingsgebied? - Wat zijn de kwalitatieve aspecten van de ontwikkeling? Is er sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling? Een stedelijke ontwikkeling wordt gedefinieerd als een "ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen". Een ontwikkeling op het gebied van wonen is een "nieuwe stedelijke ontwikkeling", zoals bedoeld in het Bro, als de ruimtelijke ontwikkeling minstens 12 woningen omvat. De plannen voor de Groenewoudseweg voldoen aan deze eisen. De plannen maken meer dan 12 woningen mogelijk. De ontwikkeling ligt binnen bestaand stedelijk gebied. Is er behoefte aan de ontwikkeling? Nijmegen is een stad die voorlopig blijft groeien. Dit wordt veroorzaakt door een geboorteoverschot en door een immigratieoverschot. Demografische trends laten zien dat jongeren, hoogopgeleiden en ouderen naar de steden trekken vanwege het woonmilieu, de werkgelegenheid en voorzieningen. Nijmegen is met ruim 176.000 inwoners (per 1 januari 2018) de 10e stad van Nederland.

Volgens de prognoses van het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) blijft de bevolking voorlopig groeien. De laatste prognoses gaan voor Nijmegen uit van groei tot in ieder geval 2040. Daarmee is Nijmegen in de regio de stad die sterk en het langst doorgroeit. De bevolkingsgroei en de grote woningvraag waarbij de woningvraag in Nijmegen ruimschoots het aanbod overstijgt, maakt de verdere ontwikkeling van Nijmegen noodzakelijk. Er is nu zelfs sprake van overspannenheid op de woningmarkt. Nijmegen kent momenteel, na Amsterdam en Utrecht, het grootste woningtekort. Er is dringend behoefte aan nieuwe woningbouwplannen, voor alle doelgroepen, om invulling te geven aan de gewenste versnelling van de woningbouwopgave. Tot 2030 worden er 10.000 woningen toegevoegd aan de bestaande voorraad en tot 2040 zijn dit er zelfs 15.000. De ontwikkeling aan de Groenewoudseweg bevat een specifiek programma voor studenten. Nijmegen is een studentenstad met een jonge bevolking. De aanwezigheid van de onderwijsinstellingen, zoals de Radboud Universiteit, de Hogeschool Arnhem-Nijmegen en het ROC, vormen een belangrijke bijdrage aan de levendigheid en het karakter van de stad. Het geeft een belangrijke economische spin-off van hightech bedrijven en dito werkgelegenheid. Tot 2030 dienen er 2.000 studentenwooneenheden gerealiseerd te worden, waarvan 1.000 door de SSH&.

De toevoeging van de 198 wooneenheden op deze locatie, door de SSH&, draagt hieraan bij. Met het afronden van de nieuwe woningbouwprojecten in Waalfront en Waalsprong in zicht, verschuift de focus van de stad Nijmegen meer en meer van uitbreiding naar inbreiding in de bestaande stad. Is de ontwikkeling passend binnen de behoefte van het ruimtelijk verzorgingsgebied? De ontwikkeling past binnen het ruimtelijke verzorgingsgebied. In Nijmegen is er grote behoefte aan woningen, zo ook in de wijk Galgenveld. Deze wijk maakt deel uit van het stadsdeel Nijmegen-Oost. Er wonen zo'n 6.799 mensen. De wijk wordt ervaren als ruimtelijk en groen, met variatie aan rijwoningen, portiekflats en laagbouw. De inwoners ervaren de wijk als

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

19

schoon (91%) en hebben een goede binding met de wijk (82%). In de wijk wonen veelal zelfredzame (hoogopgeleiden) inwoners met een hoog inkomen. De gemiddelde WOZ-waarde is €408.000. Van de woningen bestaat 53% uit hoogbouw (dat is iets hoger dan het gemiddelde van 45%). Slechts 14% van de woningen zijn sociale huurwoningen. De demografische ontwikkeling van de wijk geeft aan dat er een toename is in de vergrijzing. Het aandeel studentenwoningen bevindt zich momenteel voornamelijk op een groot studentencomplex van de SSH&. Slechts 7% van de vergunde verkamerde panden liggen in deze wijk. Aandachtspunten voor de wijk zijn onveilige verkeerssituaties, geluidsoverlast en zwerfvuil of afval. Het toevoegen van studentenwoningen zorgt voor een groter aandeel sociale huurwoningen in de buurt. Het plan bestaat uit een wooncomplex op de plaats van een kantoorgebouw. Het complex heeft een beperkte grootte. Ook de bouwhoogte van het complex is beperkt. Het programma zorgt voor meer diversiteit van de wijk, één van de ambities uit de Omgevingsvisie. Er wordt rekening gehouden met de bouwhoogte van de woningen, zodat de wijk niet te veel ''de lucht'' in gaat. Ook houdt het plan rekening met de directe omwonenden, die wellicht negatieve ervaringen hebben met het wonen in de nabijheid van een studentencomplex.

Wat zijn de kwalitatieve aspecten van de ontwikkeling? Klimaatadaptatie en energietransitie spelen een rol bij de ontwikkeling. Dit zorgt ervoor dat de kosten voor de toekomstige bewoners laag blijven. Daarnaast wordt er gebouwd met veel aandacht voor omwonenden. De gebouwen worden zo ontworpen dat omwonenden beperkt overlast zullen ervaren van de nieuwe bewoners. Dit gebeurt door geen balkons toe te passen aan de zijde van de bestaande bebouwing. Ook wordt er rekening gehouden met de inrichting van de openbare ruimte op het terrein, zodat er zo min mogelijk hinder plaatsvindt.

3.1.3

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling vindt plaats in bestaand stedelijk gebied. Deze ontwikkeling voorziet in de behoefte aan woonruimte voor studenten. De ontwikkeling voldoet aan de ladder voor duurzame versteldelijking.

3.2

Relevant provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland (december 2018) staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid over onderwerpen als ruimte, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. Een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland staat daarbij centraal. Met behulp van zeven ambities – op het terrein van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en op het woon- en leefklimaat – geeft de Omgevingsvisie hier richting aan. In relatie tot de beoogde ontwikkeling in het plangebied is het volgende beleid uit deze Omgevingsvisie relevant: Woon- en leefomgeving: dynamisch, divers, duurzaam De Omgevingsvisie Gaaf Gelderland geeft over de woon- en leefomgeving het volgende aan: Om het landschap open, groen en het voorzieningenniveau op peil te houden en leegstand te voorkomen, is bouwen binnen bestaand verstedelijkt gebied het vertrekpunt. De Omgevingsvisie geeft de voorkeur aan het benutten van bestaande gebouwen. De Omgevingsvisie gaat uit van concentraties van bebouwing. Pas als er geen andere goede mogelijkheden zijn, wordt uitgegaan van uitbreiden aan de randen van onze steden of dorpen.

20

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

De ontwikkeling die dit bestemmingsplan mogelijk maakt, vindt plaats binnen bestaand verstedelijkt gebied. De ontwikkeling past binnen het beleid voor de woon- en leefomgeving, zoals dat in de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is beschreven. Bij het ruimtelijke beleid is het provinciaal belang het vergroten van de ruimtelijke kwaliteit, het vergroten van klimaatbestendigheid en behoud van natuur- en landschappelijke kwaliteit. De kwantitatieve regionale opgave bij wonen en werklocaties is eveneens van provinciaal belang. Hiervoor zijn er provinciale kaders voor het terugdringen van leegstand en overcapaciteit in gemeentelijke plannen. Voor een zorgvuldige locatie-afweging op regionaal niveau wordt de ladder duurzame verstedelijking ingezet. Als juridische basis gebruikt de provincie de ladder voor duurzame verstedelijking die het Rijk heeft vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro).

3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

De Omgevingsverordening is een van de instrumenten om de ambities uit Omgevingsvisie te realiseren. Om samen een Gaaf Gelderland te bereiken, legt de Provincie bij het uitvoeren van haar taken de focus op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. De Provincie geeft hier richting aan door gezamenlijk zeven samenhangende ambities na te streven op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, economisch vestigingsklimaat en woon- en leefklimaat. In de verordening zijn alleen regels opgenomen als dit nodig is om de provinciale ambities waar te maken of wettelijke plichten na te komen. Net als de Omgevingsvisie richt de Omgevingsverordening zich op de inrichting en kwaliteit van de Gelderse leefomgeving. Daarom zijn bijna alle regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, natuur, water, verkeer en bodem in deze verordening opgenomen. Alleen de Waterverordeningen (per waterschap) en de Gelderse Vaarwegverordening 2009 zijn (nog) niet in de Omgevingsverordening opgenomen.

De Omgevingsverordening heeft daarom de status van: Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening: Milieuverordening in de zin van artikel 1.2 Wet Milieubeheer: Natuurverordening in de zin van de Wet Natuurbescherming; Waterverordening in de zin van de Waterwet; Verkeersverordening in de zin van artikel 57 van de Wegenwet en artikel 2 A van de Wegenverkeerswet.

De ontwikkeling ligt niet in een gebied waarbinnen volgens de Omgevingsverordening regels gelden waarmee de ontwikkeling in strijd is.

3.2.3

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling past binnen het provinciaal beleid.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

21

3.3

Relevant gemeentelijk beleid

3.3.1

Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging'

In de Omgevingsvisie 'Nijmegen Stad in Beweging' beschrijft de gemeente haar visie op de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van de stad tot 2040. De Omgevingsvisie gaat om meer dan alleen ruimtelijke aspecten, zo beschrijft de visie hoe de inrichting van de fysieke leefomgeving kan bijdragen aan sociale, maatschappelijke en economische doelen. De Omgevingsvisie vervangt sectorale beleidsvisie voor thema's die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen. Hiermee biedt de Omgevingsvisie één integraal document met de kaders voor het ruimtelijk beleid van Nijmegen. De Omgevingsvisie bouwt onder andere voort op bestaand beleid, het coalitieakkoord 2018-2022, en de structuurvisie uit 2013. In oktober 2020 is de Omgevingsvisie vastgesteld door de gemeenteraad. Door actualisatie blijft de Omgevingsvisie actueel. De Omgevingsvisie dient 4 doelen: 1. 2. 3. 4.

Een kader en inspiratie bieden voor initiatiefnemers uit de stad Het geven van spelregels voor afstemming met de omgeving bij ontwikkelingen Het in samenhang presenteren van de Nijmeegse ambities, als uitgangspunt bij het werk van medewerkers van de gemeente Te gebruiken als sturingsinstrument voor het college van B&W en de gemeenteraad bij ruimtelijke ontwikkelingen en investeringen

Uitgangspunt: Groei binnen de bestaande stad De Omgevingsvisie constateert dat Nijmegen tot 2040 blijft groeien in aantal inwoners, werknemers en bezoekers. Een belangrijk uitgangspunt van de Omgevingsvisie is het streven om die toekomstige groei te accommoderen binnen de bestaande grenzen van de stad. Zo blijft het aantrekkelijke landschap rondom de stad behouden en helpt verdichting bovendien om het draagvlak voor voorzieningen in stand te houden. Ruimte voor nieuwe woningen en werkgelegenheid wordt dus gezocht binnen de bestaande stadsgrenzen, waarbij de focus ligt op de volgende gebieden: Waalsprong, Waalfront, centrum/stationsomgeving, Kanaalzone/Winkelsteeg en campus Heyendaal. Opgaven en ruimtelijke keuzes 4 opgaven en 8 richtinggevende keuzes staat centraal in de Omgevingsvisie (zie figuren). Nieuwe ruimtelijke initiatieven dienen altijd bij te dragen aan de 4 grote opgaven uit de Omgevingsvisie, en bij voorkeur aan meer dan één tegelijkertijd.

22

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

4 opgaven De Economisch veerkrachtige stad, Sociale en gezonde stad, Aantrekkelijke stad, en Duurzame stad zijn de vier opgaven die de basis vormen van de Omgevingsvisie. Van hieruit wordt de ontwikkeling van de stad bekeken en worden onze ambities geformuleerd. 1.

Economisch veerkrachtige stad We gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid voor zowel hooggeschoolden als voor praktisch werkenden.

2.

Sociale en gezonde stad Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen.

3.

Aantrekkelijke stad Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top 3 van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er vestigen zich ook meer jongeren. Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen.

4.

Duurzame stad Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven. De oplossingen die we samen met de stad en regio uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang.

8 richtinggevende keuzes De 4 opgaven voor Nijmegen zijn goed te combineren, we kijken daarom naar integrale oplossingen. Waarbij we een vraagstuk vanuit meerdere invalshoeken benaderen en de oplossing bijdraagt aan het oplossen van meerdere problemen. Hieronder de kern van de richtinggevende keuzes uit de Omgevingsvisie. 1.

Compacte, dynamische stad:

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

23

Omdat we de impact van groei op de omgeving zo klein mogelijk willen houden ligt de nadruk op verdichting. De groeiopgave willen we benutten om kwaliteit toe te voegen aan de stad, o.a. door meer functiemenging, informele werkmilieus en transformatie. Stedelijke knooppunten, daar waar voorzieningen, werklocaties en vervoersstromen samenkomen, zijn kansrijke plekken voor verdichting en functiemenging. Bij nieuw te bouwen woningen verschuift het accent naar een- en tweepersoonshuishoudens, waaronder betaalbare woningen voor studenten, starters, ouderen en kwetsbare doelgroepen. Voor nieuwe kantoren is vooral het stationsgebied kansrijk. Brabantse Poort en Campus Heyendaal beschouwen we als toekomstbestendige kantoorlocaties. Voor onder meer logistiek en de maakindustrie ontwikkelen we in overleg met regio bedrijventerrein de Grift. Het Engieterrein wordt herontwikkeld voor watergebonden bedrijvigheid en bedrijven die duurzame energie opwekken. Op de campussen richten we ons op herontwikkeling, intensivering en functiemenging. In Winkelsteeg onderzoeken we de mogelijkheden voor een gemengd stedelijk milieu, daarbij rekening houdend met de perspectieven en ontwikkelmogelijkheden van bestaande en toekomstige bedrijvigheid.

2.

Toekomstbestendige wijken Om tot een inclusieve en vitale stad te komen, streven we onder meer naar een goede mix van allerlei typen woningen en woonmilieus in sociale huur, huur en koop. In combinatie met de daarbij passende, bereikbare en goed toegankelijke voorzieningen. Bij alle ruimtelijke ontwikkelingen staan de leefwereld, het welbevinden en de gezondheid van inwoners centraal. Tijdelijke functies en initiatieven ondersteunen we om verbeteringen te realiseren.

3.

Groene, gezonde stad We willen als stad bijdragen aan de gezondheid van onze inwoners en het verbeteren van de biodiversiteit. Een gezonde leefomgeving is daarbij een belangrijk integraal thema, waarbij het o.a. gaat om luchtkwaliteit, geluidsbelasting, hitte, groen en water, bewegen en mobiliteit, ontmoeten en voorzieningen. Dichtbij huis zijn er mogelijkheden om te ontmoeten, wandelen, spelen en sporten. Daarvoor ontwikkelen we o.a. een netwerk van aantrekkelijke beweegroutes op stad- en wijkniveau.

4.

Duurzame mobiliteit In de regio Arnhem-Nijmegen werken we gezamenlijk aan duurzame mobiliteit en bereikbaarheid. Het gaat om het inzetten en stimuleren van schone vervoersmiddelen en het efficiënter benutten van vervoer. Om de stad te laten groeien zonder mobiliteitsproblemen te laten ontstaan zetten we in op: lopen, fiets, OV en Mobility as a Service. Met deze vervoersvormen kunnen we een aantal maatschappelijke doelen bereiken. Duurzame mobiliteit brengt mensen in beweging, is goed voor de gezondheid en luchtkwaliteit, versterkt sociale cohesie, creëert gelijke kansen, versterkt de economische structuur en draagt bij aan de beleving van de stad.

5.

Energieopgave Ons doel is dat Nijmegen uiterlijk in 2045 energieneutraal en aardgasvrij is. Samen met andere gemeenten, waterschappen en de provincie stellen we een Regionale Energie Strategie (RES) op. Hierin maken we keuzes voor de opwekking van duurzame elektriciteit, de warmtetransitie in de gebouwde omgeving en de daarvoor nodige opslag- en energie infrastructuur. De RES geeft met zoekgebieden aan welke gebieden in de regio geschikt zijn voor de opwekking van hernieuwbare energie.

6.

Groter centrumgebied De komende jaren werken we aan de verbreding van het centrum naar de gebieden

24

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

rondom de Waal. Onder de noemer 'Nijmegen omarmt de Waal' realiseren we verschillende projecten en ontstaat hier een variatie van nieuwe gemengde milieus en hebben de rivieroevers een belangrijke openbare functie. Het gaat o.a. om de Stationsgebied, NYMA, Hof van Holland, Waalkade, Valkhofkwartier, Vlaams Kwartier, en Burchtstraat/Augustijnenstraat. 7.

Sterke campussen De komende jaren blijven we investeren in de clusters Health & high Tech om nieuwe banen te creëren. We willen ruimte bieden aan nieuwe bedrijven en meewerken aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Dit doen we mede door te investeren in uitstraling en kwaliteit en door de mogelijkheden voor intensivering en functiemenging op campussen te onderzoeken. De Novio Tech Campus, Campus Heyendaal en de binnenstad zijn sterke campussen in Nijmegen.

8.

We omarmen het kanaal We zien een samenballing van opgaven rondom het Maas-Waalkanaal. Hier zien we kansen voor intensivering en transformatie in de huidige woongebieden in Dukenburg, Lindenholt, Neerbosch-Oost, Hatert, groene gebieden en de werkgebieden Winkelsteeg en Oost-Kanaalhavens. Door de Kanaalzone tot ontwikkeling te brengen werken we o.a. aan een betere verbinding van Dukenburg en Lindenholt met de rest van de stad en geven we de bestaande wijken rondom het kanaal een impuls. De transformatieopgave vraagt om verdere verkenning en onderzoek.

Voor de ontwikkeling van het plangebied is het volgende beleid uit de Omgevingsvisie relevant: De herontwikkeling van het gebied draagt bij aan het speerpunt compacte, dynamische stad. Het plan draagt bij aan de stedelijke verdichtingsopgave rondom ov-knooppunten met een gemixt programma (wonen, werken en recreatie). Het plan levert betaalbare woningen voor studenten. Dit zijn aspecten die van belang zijn binnen de compacte, dynamische stad. Klimaatadaptatie en energietransitie spelen een rol in het plan. Op de locatie komt meer groen dan in de bestaande situatie . De nieuwbouw zal moeten voldoen aan de geldende regels en daardoor meer bijdragen aan de energie-transitie en veel duurzamer worden dan het huidige GGD-gebouw. Daarnaast draagt deze ontwikkeling bij aan het speerpunt toekomstbestendige wijken. De ontwikkeling draagt bij aan een goede mix van allerlei typen woningen en woonmilieus in sociale huur, huur en koop. Verder draagt de ontwikkeling bij aan het speerpunt sterke campussen. De ontwikkeling draagt bij aan de ontwikkeling van de campus Heijendaal en het stedelijk knooppunt, station Nijmegen Heyendaal.

3.3.2

Conclusie

De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan de realisatie van de doelstellingen uit de omgevingsvisie.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

25

26

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

Hoofdstuk 4 4.1

Sectorale aspecten

Vormvrije M.E.R.-beoordeling

Het voorkomen van aantasting van het milieu is van groot maatschappelijk belang. Het is daarom zaak om het milieubelang volwaardig in de besluitvorming te betrekken. Om hier in de praktijk vorm aan te geven is het instrument milieueffectrapportage of te wel m.e.r. ontwikkeld. De m.e.r.-beoordeling is een instrument met als hoofddoel het milieubelang volwaardig te laten meewegen bij de voorbereiding en vaststelling van plannen en besluiten. De voorgenomen ontwikkeling is opgenomen in eerste kolom van de zogenaamde D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage. De realisatie van de woningen kan worden aangemerkt als een stedelijk ontwikkelingsproject, maar blijft ruim onder de drempelwaarde. Dit neemt niet weg dat in dit geval een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient plaats te vinden. Dit dient plaats te vinden aan de hand van drie criteria: 1. 2. 3.

Kenmerken van het project; Plaats van het project; Kenmerken van het potentiële effect.

In het kader van de voorgenomen ontwikkeling is een vormvrije m.e.r.-beoordeling opgesteld. Uit de beoordeling wordt geconcludeerd dat aard en omvang van het project niet leiden tot belangrijke nadelige milieugevolgen. Het doorlopen van een volledige m.e.r.-procedure is niet noodzakelijk. De aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling is een aparte bijlage bij dit bestemmingsplan.

4.2

Wonen

4.2.1 Demografische ontwikkeling Nijmegen De komende jaren blijft de bevolking van Nijmegen groeien, daarover zijn alle prognoses het eens. Over hoe sterk die groei zal zijn, bestaan er uiteenlopende scenario's, variërend van 185.000 tot 195.000 inwoners in 2030. De toename zal het sterkst zijn bij de groep vijfenzeventigplussers. 4.2.2 Primos prognose De Primos Prognose wordt jaarlijks uitgevoerd door ABF Research, onder andere voor het ministerie van BZK. Deze prognose is de standaardprognose voor Nederland als het gaat over aantal inwoners, aantal huishoudens, de woningvoorraad en de kwantitatieve woningbehoefte. Er wordt verwacht dat in 2035 de piek wordt bereikt in Nijmegen als het gaat om inwonersaantal. Naar verwachting zijn er in 2035 186.260 inwoners in de stad. Na 2035 zakt dit aantal, maar blijft dit nog altijd fors hoger dan het aantal wat we momenteel kennen (179.080 inwoners in 2022, 182.610 inwoners in 2050). Vertaald naar huishoudens komt dit neer op 97.180 huishoudens in 2022, 101.530 in 2035 en 99.720 in 2050. De "ABF woningmarktregio Nijmegen" kent in 2022 een tekort van -5,6% (-11.700 woningen). Het Nederlandse tekort ligt op -3,9%. In 2035 is dit voor de regio -3% ( -6.760 woningen), landelijk -1,8%. In 2050 is dit voor de regio -1,7% (-3.990 woningen) en landelijk -1,4%.

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

27

Deze aantallen suggereren dat Nijmegen voldoende plannen heeft om de tekorten in te halen over de jaren en dat het zwaartepunt van het aantal inwoners relatief goed opgevangen kan worden, doordat het tekort aan woningen verminderd zal zijn in 2035. 4.2.3 Woonbehoefte onderzoek Mede op basis van het driejaarlijks Woononderzoek Nederland (WoON2021) is de woningbehoefte in Nijmegen in beeld gebracht. Nijmegen kent een relatief groot woningtekort. Voor Nijmegen ligt dit op 5,8%, terwijl een tekort van circa 2% als acceptabel wordt gezien voor een goed functionerende woningmarkt. Er ligt een opgave om de zelfstandige woningvoorraad tot en met 2030 met 12.250 woningen uit te breiden. Kwalitatief richt de behoefte zich op het uitbreiden van de sociale woningvoorraad; met name behoefte aan appartementen. In de vrije sector huur richt de vraag zich ook op appartementen en er is er een negatieve behoefte aan grondgebonden woningen. In de koopsector is er vraag naar alle segmenten, grondgebonden woningen en appartementen, goedkoop, middelduur en duur. In de woonmilieus met veel functiemenging richt de kwalitatieve woningbehoefte zich sterk op appartementen (met name sociale huur en vrije sector huur). In de andere woonmilieus gaat de voorkeur naar grondgebonden koopwoningen uit.

De Landelijke Monitor Studentenhuisvesting van Kences geeft inzicht in de woonsituatie en de woonwensen van studenten in de Nederlandse studentensteden. De Monitor geeft inzicht in de situatie in Nijmegen. In 2022 waren er 18.400 HBO- en WO-studenten woonachtig in Nijmegen. Van deze groep studeert 90% in Nijmegen zelf en woont 10% weliswaar in Nijmegen, maar studeert ergens anders. De groep studenten die in Nijmegen woont én studeert is 16.500 mensen groot. Van deze groep woont meer dan 60% op kamers. Samen met de groep studenten die in Nijmegen op kamers woont maar elders studeert, zijn er bijna 12.500 uitwonende studenten in Nijmegen die op een kamer wonen. Het betreft ongeveer twee derde van alle uitwonende studenten in Nijmegen. Een veel kleiner deel van de studenten in Nijmegen woont in een studio (15%) of een meerkamerwoning (17%; doorgaans betreft dit appartementen). Net als bij de reguliere woningvraag is er ook bij de studentenhuisvesting sprake van een tekort. De markt voor studentenhuisvesting in Nijmegen is te typeren als zeer gespannen. Er zijn aanzienlijk meer studenten van elders die op zoek zijn naar studentenhuisvesting in Nijmegen dan mensen (afgestudeerd of niet) die een studentenwoonruimte in Nijmegen gaan verlaten. Op dit moment ligt dit tekort volgens Kences op zo'n 2.300 studenteneenheden. Dat is ruim 12% op het aanbod aan studentenhuisvesting.

Daarbij is ervan uitgegaan dat 300 woningen waarvoor harde plannen bestaan werkelijk worden gerealiseerd. Gelet op de groei van het aantal studenten met een wens om in Nijmegen te wonen (+ 1.300) en het huidige tekort van 2.300 woonplekken zouden er tot 2030 ongeveer 3.600 wooneenheden voor studenten bij moeten komen. Net als bij de reguliere woningvraag lijkt het overigens niet wenselijk om het totale tekort de komende jaren in te lopen. Ook hierbij gaan we ervan uit dat het reëel is om het tekort terug te brengen tot ongeveer 2%. Dan zijn de komende jaren 3.200 extra woningen nodig. 4.2.4 Woondeal regio Arnhem-Nijmegen Nijmegen is een aantrekkelijke woonstad en verwacht een groei van het aantal inwoners. Nijmegen heeft na Amsterdam en Utrecht de grootste krapte op de woningmarkt. Het is dan ook van groot belang dat er snel nieuwe woningen worden toegevoegd. Vanwege dit tekort heeft Nijmegen, samen met Arnhem en de regio, in maart 2020 een Woondeal gesloten met het Rijk. Het doel van deze woondeal is om tot een gezamenlijke inzet van instrumentarium en middelen te komen om opgaven op de woningmarkt op te pakken. Met

28

vastgesteld bestemmingsplan Nijmegen Groenewoud Kwakkenberg - 8 (Groenewoudseweg 275)

de woondeal gaan we een meerjarige samenwerking aan met het Rijk, provincie en regiogemeenten om vanuit de NOVI-propositie en de op stellen regionale verstedelijkingsstrategie samen invulling te geven aan de opgaven op de woningmarkt. Voor Nijmegen is de woondeal van belang om op korte en lange termijn invulling te geven aan de ontwikkeling van de stad. We willen tot 2030 minimaal 10.000 woningen bouwen, op korte termijn woningbouwversnelling realiseren en ook na 2030 zorgen voor een continue bouwstroom met een goede mix van woningen. Daarbij zetten we ons ook in voor voldoende betaalbare woningen voor kleine huishoudens. Met de ondertekening van de woondeal erkennen partijen het strategisch belang van de complexe gebiedsontwikkelingen in het Stationsgebied/Binnenstad en in de Kanaalzone. In deze gebieden komen woonopgaven samen met duurzaamheids-, werk-, leefbaarheids- en mobiliteitsopgaven. Door de gemaakte afspraken ontstaat het gewenste perspectief voor de verdere ontwikkeling van deze gebieden. Het Rijk heeft landelijk € 2 miljard beschikbaar gesteld om een impuls te geven aan de woningbouw. €1 miljard wordt ingezet voor een korting op de verhuurdersheffing, ingeval van nieuwbouw door woningcorporaties.

Het Rijk zet daarnaast € 1 miljard in om een bijdrage te leveren aan het versnellen van de woningbouw, de beschikbaarheid van voldoende betaalbare woningen, inclusief de bijdragen aan de fysieke bereikbaarheid die daarvoor nodig is en het zorgdragen voor een kwalitatief goede leefomgeving. In het kader van de woondeal voor de regio Arnhem-Nijmegen besluit de provincie in het kader van het Actieplan Wonen binnenkort over een additionele financiële bijdrage bovenop het bedrag dat beschikbaar wordt gesteld door het Rijk. Hier staat tegenover dat Nijmegen (en Arnhem) minimaal 30% sociale huur en 15% middeldure huur dienen te realiseren, waarbij gekeken wordt naar differentiatie in de wijken. Voor de regio geldt: minimaal 50% betaalbaar (sociale- en middeldure huur en betaalbare koop tot de Nationale Hypotheek Garantie-grens van €405.000). De plannen voor de Groenewoudseweg 275 omvatten het volgende programma: -

198 studentenwoningen door SSH&, prijscategorie sociale huur

Dit aandeel sociale huur wordt toegevoegd in een buurt, namelijk Galgenveld, waar momenteel slechts 14% van de woningen onder het segment sociale huur valt. In die zin draagt deze ontwikkeling bij aan het differentiëren van het aanbod in de wijk Galgenveld. Aldus de BAG zijn er 2.679 woonadressen in de buurt Galgenveld. 14% hiervan, +- 375 woningen, zijn sociale huurwoningen. Met een toename van 198 woningen komt dit neer op 2.877 woonadressen. Het aandeel sociale huurwoningen is dan gegroeid tot ongeveer 21,4%. 4.2.5 Woonagenda subregio Nijmegen en omstreken 2020-2030 Met deze woonagenda heeft de gemeente Nijmegen samen met de regio afspraken gemaakt over het wonen in de regio. Centraal staat goed wonen en leven voor alle huidige en toekomstige inwoners van de regio gemeenten. De woningvoorraad en woonomgeving moet kunnen voldoen aan de (veranderende) woonbehoeften van de inwoners met voldoende aanwezige of bereikbare voorzieningen in de buurt. Afgesproken is aandacht te schenken aan de relatie tussen wonen en mobiliteit, versterking van openbaar groen, energieneutraliteit, alternatieve energieopwekking en voldoende levensloopbestendige woningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=28f69dc8-6c7e-4b1a-8abd-741f09064cd1