CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Besluitronde (raadsvergadering) 30 november 2022, gemeente NijmegenBij agendapunt: D1 d.d. 27 september 2022 inzake Ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)29.021 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen) Plan

Versie: ontwerp

Colofon bestemmingsplan

Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen) IDN: NL.IMRO.0268.BP24012-ON01

Gemeente Nijmegen

Bureau Ruimtelijke Planvorming Korte Nieuwstraat 6 6511 PP Nijmegen www.nijmegen.nl

Toelichting

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

3

4

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Inhoudsopgave

Toelichting

3

Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6

Inleiding Aanleiding en doel Nut en noodzaak Dorpensingel Ligging plangebied Besluitvorming Dorpensingel Vigerende bestemmingsplannen Leeswijzer

7 7 8 10 11 13 13

Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3 2.4

Planbeschrijving Karakteristieken van het plangebied Het tracé (ligging) van de Dorpensingel Wegontwerp Dorpensingel Inpassing van de Dorpensingel

15 15 16 18 19

Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3

Ruimtelijk beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid

25 25 26 28

Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

Functioneel beleidskader Verkeer en vervoer Groen, natuur en landschap Water Archeologie Cultuurhistorie Kabels, leidingen en explosieven

31 31 39 48 51 55 57

Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7

Milieu Bedrijven Bodem Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid M.e.r.-beoordeling Duurzaamheid en klimaatadaptatie

59 59 59 60 60 62 62 63

Hoofdstuk 6 6.1 6.2

Plansystematiek en juridische vormgeving Algemeen Regels

65 65 65

Hoofdstuk 7 7.1 7.2

Uitvoerbaarheid Economische uitvoerbaarheid Maatschappelijke uitvoerbaarheid

69 69 69

Regels Hoofdstuk 1

75 Inleidende regels

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

77

5

Artikel 1 Artikel 2

Begrippen Wijze van meten

77 80

Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9

Bestemmingsregels Verkeer Leiding - Gas Leiding - Hoogspanning Leiding - Hoogspanningsverbinding Waarde - hoge archeologische verwachtingswaarde Waarde - zeer hoge archeologische verwachtingswaarde Waterstaat - Waterlopen

81 81 82 84 86 88 91 94

Hoofdstuk 3 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14

Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Overige regels

97 97 98 99 101 102

Hoofdstuk 4 Artikel 15 Artikel 16

Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel

103 103 105

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1

Verkeerseffecten Dorpensingel

Bijlage 2

Natuurwaarden Dorpensingel en Vossenhol

Bijlage 3

Stikstofrapport Dorpensingel

Bijlage 4

Akoestisch onderzoek Dorpensingel

Bijlage 5

Onderzoek Luchtkwaliteit

Bijlage 6

Herziening MER beoordeling Dorpensingel

Bijlage 7

Provincie Gelderland

Bijlage 8

GGD Gelderland-Midden en Zuid

Bijlage 9

Natuur- en milieufederatie Gelderland

Bijlagen bij regels Bijlage 1

6

Inrichtings- en beheerplan Dorpensingel

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding en doel

De Dorpensingel wordt gezien als ontbrekende schakel in de verkeerstructuur die bijdraagt aan de ontwikkeling van het gebied tussen de Waal en de A15. De planontwikkelingen van de Waalsprong en de verwachte mobiliteitstoename zullen er toe leiden dat de verkeersdruk op de wegen in het gebied zal toenemen. Verder is tussen Lent en Bemmel het regionaal landschapspark Lingezegen ontwikkeld, onderdeel De Woerdt. Het totale Park Lingezegen strekt zich uit tot Arnhem en is bedoeld als uitloopgebied voor de bewoners in dit deel van de Betuwe, dus ook voor (nieuwe) bewoners van Bemmel, Ressen en de Waalsprong. De historische verbinding van Bemmel naar Lent en Nijmegen via de Zandsestraat-Vossenpelssestraat - Laauwikstraat en via de Ressensestraat - Stationsstraat zijn niet geschikt om de toename van het verkeer op een veilige manier te verwerken. Bovendien is in Lent een nieuw woongebied ontwikkeld, de functie van een weg voor doorgaand verkeer past daar niet in. Met de bouw van de woongebieden De Stelt-Zuid en -Oost en Vossenpels-Noord neemt de noodzaak van maatregelen verder toe. Doel van de Dorpensingel is om Lent en Bemmel goed en veilig bereikbaar te houden. Met de aanleg van de Dorpensingel ontstaat een nieuwe, directe verbinding vanuit Bemmel naar de N325 en vice versa.

De Dorpensingel betekent voor Bemmel een betere ontsluiting, dit is belangrijk voor de bereikbaarheid van Bemmel. Ook voor Lent ontstaat een betere ontsluiting. De nieuwe verbinding ontlast de twee bestaande routes, namelijk de route via Vossenpelssestraat/Laauwikstraat in Lent en de route via Ressensestraat/Stationsstraat in Ressen en Bemmel. Dit verbetert de leefbaarheid en veiligheid in Lent en Ressen.

Samenwerkings- en realisatieovereenkomst Dorpensingel Op 19 maart 2019 hebben de gemeenten Nijmegen en Lingewaard een samenwerkings- en realisatieovereenkomst Dorpensingel ondertekend. Het doel van deze overeenkomst is om samen te komen tot realisatie van het project Dorpensingel. Het project Dorpensingel is onderverdeeld in vier deelprojecten, te weten: deelproject Tracé Dorpensingel-Oost, deelproject Vossenhol, deelproject Vossenpelssestraat en deelproject Ressensestraat (zie onderstaande afbeelding): Het deelproject Tracé Dorpensingel-Oost omvat de aanleg van een nieuwe weg, de Dorpensingel, tussen het Keizer Augustusplein (Ovatonde) en de Zandsestraat, op grondgebied van de gemeenten Lingewaard en Nijmegen. Het deelproject Vossenhol omvat de uitvoering van maatregelen voor profielaanpassing van het Vossenhol op grondgebied van de gemeente Lingewaard. Deelproject Vossenpelssetraat betreft de uitvoering van verkeersluwe maatregelen op de Vossenpelssestraat en Laauwikstraat op grondgebied van de gemeenten Lingewaard en Nijmegen. Deelproject Ressensestraat betreft de uitvoering van verkeersmaatregelen ter verbetering van de huidige gelijkvloerse oversteek van het RijnWaalpad met de Ressensestraat op grondgebied van gemeente Lingewaard.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

7

De Dorpensingel ligt op grondgebied van Nijmegen en Lingewaard. De aanleg van het tracé Dorpensingel is niet mogelijk op basis van de geldende bestemmingsplannen. Daarom wordt een nieuw bestemmingsplan voor de Dorpensingel op Nijmeegs grondgebied opgesteld. De gemeente Lingewaard stelt tegelijkertijd een bestemmingsplan voor de Dorpensingel op Lingewaards grondgebied op tezamen met de aanpassingen voor het Vossenhol.

1.2

Nut en noodzaak Dorpensingel

Tussen Bemmel en Nijmegen-Noord zijn op dit moment drie verbindingen: via de snelwegen A15 en A325. via Ressen over de Ressensestraat en de Stationsstraat naar de Griftdijk. via het Vossenhol en/of de Teselaar en dan over de Zandsestraat en Vossenpelsestraat/Vossenpels naar de Laauwikstraat en de Turennensingel.

Door de combinatie van de huidige ontsluitingsstructuur tussen Nijmegen en Bemmel en de ruimtelijke ontwikkelingen ontstaat een aantal (verkeers)knelpunten: In Lent (Vossenpelssestraat, Laauwikstraat) staat de leefbaarheid als gevolg van het verkeer onder druk. Denk hierbij aan aspecten als verkeersveiligheid, oversteekbaarheid, geluid en dergelijke. Door de geplande uitbreiding van de woningbouw in Lent zal dit aspect steeds meer aandacht vragen.

8

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

De historische verbinding van Bemmel via Lent naar Nijmegen via de Vossenpelssestraat -Laauwikstraat is, door het reeds gerealiseerde en nog te ontwikkelen woongebied, niet geschikt om een grote functie te vervullen voor het doorgaand verkeer tussen Bemmel en Nijmegen. De Vossenpelssestraat ligt op de grens van woongebied naar Park Lingezegen. Door de barrièrewerking van de weg is het in de huidige situatie vanuit de Waalsprong minder aantrekkelijk het park te bezoeken. De oversteek van het RijnWaalpad over de Ressensestraat is een knelpunt in het tracé tussen Nijmegen en Arnhem als het gaat om verkeersveiligheid. Dit wordt vooral veroorzaakt door de vormgeving van de fietsvoorziening en de oversteek over de Ressensestraat. Bovendien loopt de Ressensestraat dwars door het waardevol dorpsgezicht van Ressen. Op het Vossenhol in Bemmel staat de verkeersveiligheid onder druk. De huidige vormgeving (een rijbaan met fietssuggestiestroken) voldoet in de huidige situatie niet aan de kenmerken van een gebiedsontsluitingsweg.

Naar aanleiding van bovenstaande knelpunten is het project Dorpensingel geformuleerd. Het project biedt kansen voor Bemmel, Lent en Nijmegen. Het doel van het maatregelenpakket is de diverse problemen op het vlak van bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid op te lossen: Een robuustere, duidelijkere en veiligere ontsluitingsroute vanaf de A325/Prins Mauritssingel naar het westelijk deel van Bemmel. Vergroten van de leefbaarheid in Lent doordat er minder verkeer rijdt door de woonwijken. Vergroten van de leefbaarheid in Ressen en het verbeteren van de kwaliteit van het RijnWaalpad door minder verkeer op de Ressensestraat. Betere bereikbaarheid voor voorzieningen rondom de Ovatonde (het Keizer Augustusplein) en de ontsluiting van de (te realiseren) woningen ten noordwesten van de Zandse Plas.

Bureau Goudappel heeft in opdracht van gemeenten Nijmegen en Lingewaard de verkeerskundige effecten van de Dorpensingel in beeld gebracht (Verkeerseffecten Dorpensingel: Verkeerseffecten Dorpensingel, Goudappel, 5 juli 2021). Met de Dorpensingel ontstaat een nieuwe verbinding in het regionale verkeersnetwerk. Hierdoor zal verkeer anders gaan rijden. Met behulp van een verkeersmodel is onderzocht wat het effect van de Dorpensingel is op de verkeerintensiteiten op de verschillende wegen. Daarnaast is gekeken naar het effect op verkeersveiligheid en de verkeersafwikkelingen. In de autonome situatie nemen de verkeersintensiteiten op de wegen toe als gevolg van de diverse ruimtelijke ontwikkelingen in het gebied en de autonome groei van het verkeer. Uit het verkeersonderzoek blijkt dat het verwachte gebruik van de Dorpensingel 6.100 mvt/etmaal is. De Dorpensingel wordt gebruikt als een alternatief voor de huidige verbinding van Bemmel via Lent naar Nijmegen (via de Vossenpelssestraat - Laauwikstraat) en de verbinding via de Ressensestraat - Stationsstraat. De Dorpensingel draagt bij aan een robuustere, duidelijkere en veiligere ontsluitingsroute vanaf de A325/Prins Mauritssingel naar Bemmel. Een deel van het verkeer tussen Bemmel en de Waalbrug blijft ook straks via de bestaande route van de Vossenpelsestraat - Laauwikstraat - Turennesingel rijden.

Met de Dorpensingel ontstaat er een nieuwe route. Het oostelijk deel van Lent wordt bereikbaar via de Dorpensingel. De Dorpensingel heeft tot gevolg dat een deel van de toenames tussen de huidige en de autonome situatie worden gecompenseerd. Met andere woorden, de Dorpensingel zorgt ervoor dat de verkeersintensiteiten in de toekomst minder zullen toenemen. Op de Stationsstraat-Ressensestraat is zelfs sprake van een afname ten opzichte van de huidige situatie. Zie voor een uitgebreidere toelichting van het verkeersonderzoek paragraaf

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

9

Verkeerseffecten Dorpensingel.

1.3

Ligging plangebied

Voorliggend bestemmingsplan betreft het deelproject Tracé Dorpensingel-Oost voor zover gelegen op grondgebied van Nijmegen. Dit omvat het gedeelte vanaf de nieuw te realiseren rotonde bij de bouwmarkt/bioscoop tot aan de Woerdsestraat (tevens gemeentegrens).

Afbeelding: deelproject Dorpensingel-Oost (plangebied omvat gedeelte tussen de rotonde bouwmarkt/bioscoop en de Woerdsestraat)

Afbeelding: luchtfoto met plangebied (gedeelte Dorpensingel in Nijmegen is met rood aangegeven)

10

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

1.4

Besluitvorming Dorpensingel

Volgens het Structuurplan Land over de Waal uit 1996 realiseert Nijmegen een nieuw stadsdeel met 10.000 tot 12.000 woningen in het gebied de 'Waalsprong'. In het structuurplan wordt het autoverkeer gebundeld op de centrale as, de Prins Mauritssingel. De bestaande parallelle verbindingen (Griftdijk en Vossenpelssestraat) worden voor het autoverkeer "geknipt". Voor het OV en de fiets blijven kortere radiale verbindingen beschikbaar. Dit principe is mede geïntroduceerd om de concurrentiepositie van het OV en langzaam verkeer te verbeteren (de zgn. "omrijfactor"). Binnen het woongebied van de Waalsprong wordt voor de hoofdstructuur vooral ingezet op een aantal nieuw te ontwikkelen oostwest-verbindingen (Dorpensingel, Vrouwe Udasingel, Parmasingel), die proberen de barrière van de stadsas en de spoorlijn te overbruggen. Het Milieu Effect Rapport Waalsprong uit 2003 is opgesteld op een moment dat de ontwikkelingen voor de Waalsprong al in volle gang waren. Ten tijde van het opstellen van dit MER waren er al besluiten genomen en plannen gemaakt op rijks-, provinciaal- en regionaal niveau over de invulling van de Waalsprong. Dit gegeven is daarom van invloed op de uitgangspunten voor zowel de bestaande toestand als de autonome ontwikkeling die in het MER zijn gehanteerd voor de effectbeschrijving.

In het Voorkeursmodel Waalsprong uit 2003 wordt vervolgens een nieuwe koers ingezet voor de Waalsprong. Het Voorkeursmodel Waalsprong is een ruimtelijk plan met de status van een structuurvisie. Bestaande structuren en kwaliteiten van het gebied worden prominenter ingezet als ruimtelijke dragers van het plan. De Stadsbrug zal er voor zorgen dat Nijmegen beter bereikbaar wordt en het woongebied meer bij de stad hoort. Het centrumgebied wordt aan de rivier gesitueerd, tussen de nieuwe stadsbrug en de spoorlijn. De Waalsprong wordt niet langer gezien als een wijk achter de dijk, maar als een stad aan de rivier. Nadrukkelijk wordt de relatie gezocht met de bestaande stad en de ontwikkelingen daar (Koers West en centrum). Het zwaartepunt van de bebouwing van de Waalsprong schuift naar het westen van de spoorlijn (Groot-Oosterhout). Daarentegen blijft de locatie Ressen vrij van bebouwing zodat aan de oostzijde een optimale relatie ontstaat met het Betuwse landschap. De nieuwe structuurlijnen in de Waalsprong zoals de Vrouwe Udasingel, de Dorpensingel en landschapszone blijven in de oost-west richting gehandhaafd. Als onderdeel van de ontwikkeling van de Waalsprong is het noodzakelijk de verkeersstructuur te verbeteren om de bereikbaarheid van de Waalsprong én de rest van de stad in de toekomst te kunnen garanderen.

Om de milieueffecten van de voorgenomen wijzigingen in de verkeersstructuur in beeld te brengen heeft de gemeenteraad besloten om een aanvulling op het MER Waalsprong 2003 op te stellen. In de aanvullende MER Waalsprong uit 2006 zijn verschillende alternatieven voor de verkeersstructuur van de Waalsprong uitgewerkt. Met de vaststelling van de verkeersstructuur Waalsprong in de gemeenteraad van de gemeente Nijmegen in 2007 is gekozen voor een andere verkeersstructuur in de Waalsprong. Voor de oostelijke kant is niet gekozen voor de Dorpensingel Oost, maar wordt ingezet op de oostelijke parallelroute (Vossenpelsestraat) en het treffen van maatregelen op deze route. De Dorpensingel Oost wordt ruimtelijk echter niet onmogelijk gemaakt. De ruimtelijke ontwikkelingen hebben inmiddels vorm gekregen. Ten oosten van de Prins Mauritssingel is al een groot deel van de geplande woningbouw gerealiseerd of nagenoeg gerealiseerd. Daarmee wordt de aanleg van de Dorpensingel steeds urgenter. Door de gemeente Nijmegen is in het raadsbesluit van 6 juli 2011 besloten tot aanleg van de Dorpensingel en heeft het college de opdracht gekregen om met betrekking tot de aanleg van de Dorpensingel Oost verder te overleggen met de gemeente Lingewaard, teneinde de aanleg van de Dorpensingel Oost en de knip in de Vossenpelssestraat daadwerkelijk te kunnen

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

11

realiseren. Aanleg Dorpensingel leidt tot een heldere en robuuste verkeersstructuur en vermindering van de verkeershinder in woongebieden in Lent. Beide gemeenten hebben vervolgens besloten de aanleg gezamenlijk op te pakken. Doel is op korte termijn daadwerkelijk de weg te realiseren. In de planning wordt gestreefd naar uitvoering in 2015 en 2016. In het Bestuursconvenant Dorpensingel (2013) tussen gemeenten Nijmegen en Lingewaard worden afspraken gemaakt over welke informatie beschikbaar moet komen om na dit convenant, indien aan de orde, via een samenwerkingsovereenkomst te komen tot daadwerkelijke realisatie van de Dorpensingel. In 2014 hebben beide gemeenten het document "Dorpensingel Trade-off tracéalternatieven" opgesteld. De hoofddoelstelling van het project betreft de realisatie Dorpensingel als een verbinding, in de vorm van een gebiedsontsluitingsweg met voldoende capaciteit tussen de Zandsestraat in Lingewaard en de Prins Mauritssingel in Nijmegen in 2015/2016. Het doel van dit onderzoek is het uitwerken en beoordelen van tracéalternatieven voor de Dorpensingel. Hiertoe worden de omgevingseffecten van de verschillende alternatieven onderzocht en vervolgens wordt nagegaan hoe de tracéalternatieven scoren ten opzichte van de doelstellingen en elkaar en of ze voldoen aan de gestelde randvoorwaarden.

Dit onderzoek geeft de bevindingen van het onderzoek weer en vormt de basis voor het bepalen van een voorkeursalternatief. Hoewel de Dorpensingel nog steeds de voorkeursoplossing is, is in 2016 naar betaalbare alternatieven voor de Dorpensingel gekeken (Onderzoek varianten bereikbaarheid Bemmel). Er is gezocht naar varianten die binnen de beschikbare budgetten te realiseren zijn. De “Variant Ressen” leek daarbij een goed alternatief. In de zogenaamde 'Ressense variant' werd het verkeer via de Ressensestraat en één of twee busbanen geleid om van en naar de Prins Mauritssingel te komen. Voor de verschillende alternatieven bleek echter onvoldoende draagvlak. In 2017 hebben de gemeenteraden van Lingewaard en Nijmegen de motie "Nijmegen en Lingewaard komen er samen uit' aangenomen (raadsbesluiten van 9 november 2017 resp. 15 november 2017). In die motie hebben de gemeenteraden de colleges van B&W opgeroepen om een gezamenlijk voorstel voor het project Dorpensingel te doen met inachtneming van de volgende voorwaarden: 1. 2. 3. 4. 5.

de Dorpensingel met voorkeur voor 50 km/u; verkeersluwe maatregelen op de Vossenpels, zijnde geen knip; de bussluis van Nijmegen naar Bemmel niet wordt opengesteld; de bussluis van Bemmel naar Nijmegen niet wordt opengesteld, tenzij verkeerskundig absoluut noodzakelijk, en; aanvullende maatregelen voor Vossenhol en de Teselaar opgenomen worden.

Ook worden de colleges gevraagd om met een heldere financiële onderbouwing te komen en om een aanvraag voor een financiële bijdrage in te dienen bij de provincie.

De colleges van B&W van Lingewaard en Nijmegen hebben begin 2018 de gezamenlijke "Gebiedsvisie Dorpensingel" vastgesteld (collegebesluiten van 13 maart 2018). Om de volgende stap in het proces te zetten is het belangrijk om de Dorpensingel in een breder perspectief te plaatsen dan uitsluitend vanuit verkeerskundig oogpunt. Daarom is een gebiedsvisie opgesteld voor de Dorpensingel waarin wordt ingegaan op de identiteit van het gebied tussen de Waal en de A15 en de meerwaarde die de Dorpensingel heeft voor het versterken van de beleving van deze identiteit en de kenmerken van het gebied.

12

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Op 19 maart 2019 hebben de gemeenten Nijmegen en Lingewaard een samenwerkings- en realisatieovereenkomst Dorpensingel ondertekend. Het doel van deze overeenkomst is om samen te komen tot realisatie van het project Dorpensingel.

1.5

Vigerende bestemmingsplannen

In het plangebied gelden de volgende bestemmingsplannen: Bestemmingsplan Landschapszone (16 december 2009); Bestemmingsplan Landschapszone - 11 (Landschappelijk wonen) (13 mei 2020); facetbestemmingsplan Archeologie (vastgesteld 25 juni 2014); en facetbestemmingsplan Parkeren (vastgesteld 13 september 2017).

Deze bestemmingsplannen zullen door voorliggend bestemmingsplan deels worden overschreven.

1.6

Leeswijzer

In hoofdstuk 1 wordt ingegaan op de aanleiding en de nut en noodzaak van de Dorpensingel. In hoofdstuk 2 staat de planbeschrijving, waarbij onder andere wordt ingegaan op het tracé en de landschappelijke inpassing van de Dorpensingel. In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het rijks-, provinciaal en gemeentelijk ruimtelijk beleid. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 ingegaan op de verschillende deelaspecten, zoals verkeer, groen en water. In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de milieuaspecten. Daarna wordt in hoofdstuk 6 de plansystematiek toegelicht. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de economische en maatschappelijk uitvoerbaarheid.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

13

14

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Hoofdstuk 2 2.1

Planbeschrijving

Karakteristieken van het plangebied

Het plangebied en haar directe omgeving bestaat overwegend uit op een stroomrug gelegen oeverwalgronden. De inrichting bestaat uit een historisch gegroeid agrarisch cultuurlandschap in een gebied dat van oudsher aantrekkelijk is geweest voor akkerbouw, veeteelt, tuinbouw en bijbehorende bewoning. Typerend voor dit landschap is het kleinschalige karakter met diverse boomgaarden, perceels- en erfbeplantingen en kenmerkt zich door een sterke samenhang tussen het bovengrondse landschap, het grondgebruik en de geologische ondergrond. Het gebied heeft, als onderdeel van het rivierengebied, een sterke relatie met het omliggende rivierenlandschap. Door de komst van o.a. de glastuinbouw is een deel van de oorspronkelijke verkaveling verloren gegaan. Hier en daar zijn de restanten van de verkaveling nog tussen de tuinbouwbedrijven zichtbaar. Op sommige plaatsen is de oorspronkelijke structuur en inrichting (van voor 1860) nog wel herkenbaar, zoals in het gebied rondom Ressen (met smalle landelijke wegen en boerderijen) en rondom de Woerdsestraat. Ressen met haar kerkje is aangemerkt als beschermd dorpsgezicht en vormt dan ook een landmark binnen De Woerdt. Ook langs de Waaldijk is het oorspronkelijke landschap nog grotendeels in tact. Met name het open zicht op het Rijk van Nijmegen is goed waarneembaar.

Het gebied wordt doorsneden door een aantal sterke landschappelijke lijnen die in het verleden hebben gefunctioneerd als kaden, dijken en/of watergangen. De belangrijkste noord-zuid lijnen zijn de Visveldsestraat/Zwarteweg, de Woerdsestraat, de Bemmelse Zeeg aan de oostzijde en meer naar het westen, de Grifdtijk. Deze noord-zuid belijning kan in samenhang met de Waalbandijk (Bemmelse dijk) als ruggengraat van het gebied worden beschouwd. Een derde belangrijke lijn is de Ressense Wal die als een lichte verhoging en deels voorzien van (fruit)bomen in het landschap ligt. De lijn is de voormalige grenslijn tussen de polderdistricten Lent en Oosterhout en bepaalt aan de westkant van het spoor de richting van de verkaveling. Verder is rondom de Woerdsestraat op een aantal plaatsen de oorspronkelijke verkaveling herkenbaar in het slotenpatroon en de inrichting en het gebruik van de percelen. De landschappelijke karakteristieken van het gebied zijn uitermate geschikt voor recreatieve doeleinden voor zowel lokaal gebruik als voor de brede regio. Cultuurhistorie (woerden, forten, landgoederen en buurtschappen zoals Ressen), water (plassen, deels ontstaan na zandwinning, en de Waal met zijn uiterwaarden) en de ontwikkeling van de grote landschapsparken zoals Lingezegen en De Waaijer dienen straks als trekkers voor de Waalsprong en daarbuiten.

Tussen Arnhem en Nijmegen is Park Lingezegen als een nieuw regionaal landschapspark ontwikkeld met veel ruimte voor landbouw, natuur, cultuur en water. In de directe omgeving van de Waalsprong, vooral op grondgebied van de gemeente Lingewaard, is het zuidelijk deel van Park Lingezegen ontwikkeld (deelgebied De Woerdt). Hierbij zijn extra lokale karakteristieken toegevoegd zoals zichtbaar bij landgoed Doornik. Vanzelfsprekend is ook het waardevolle dorpsgezicht Ressen onderdeel van dit landschapspark. De landschapsstructuur tussen Lent en Bemmel is gevormd door de dynamiek van het rivierwater van de Waal. Eeuwen lang heeft deze rivier sedimenten afgezet en verplaatst. Als langgerekt lint door het landschap vormt deze rivier tevens een snelweg voor het migreren van flora en fauna. Kortom, een unieke geomorfologisch en ecologisch interessant landschap dicht bij de stedelijke agglomeratie en hiermee voor veel mensen in potentie beleefbaar. Juist deze ruimtelijke aaneengesloten eenheid is opgepakt als een te koesteren en verder te ontwikkelen gebied. De dijk met haar uiterwaarden is een herkenbare drager van de landschapsstructuur op de overgang van land en water. Van en naar de dijk zijn de (uit)zichten aanwezig en de uiterwaarden vormen de zuidelijke koppeling van groenstructuren.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

15

Park De Waaijer is een groen-blauwe zone die in de toekomst als een aaneengesloten recreatief gebied centraal in de Waalsprong ligt. Op een hoger schaalniveau vormt deze landschappelijke zone een ecologische corridor tussen de uiterwaarden van de Waal in het westen en het agrarisch parkgebied De Woerdt in het oosten. Hierin heeft de Zandse plas, meest oostelijke plas, het karakter van een natuurplas.

Ontwikkelingen in de nabijheid van het plangebied Rondom het Keizer Augustusplein (Ovatonde), het beginpunt van de Dorpensingel, ligt een archeologisch rijksmonument. Dit gebied is archeologisch waardevol omdat er vier tijdsperioden binnen korte afstand boven elkaar, individueel herkenbaar zijn in de bodem. Onder voorwaarden zijn kleine delen van dit monument bebouwd in combinatie met de inrichting van het gebied als park waarin de tijdsperiode (uit de ondergrond) van de "Jagers en verzamelaars" gevisualiseerd is. Dit park strekt zich straks uit van de bioscoop in het zuidoosten tot Grote Boel en Zuiderveld in het noordwesten. Een wezenlijk onderdeel van de totale ontwikkeling van de Waalsprong is ook de economische ontwikkeling. Met name in de noordwestelijke hoek van de Waalsprong, nabij de A15 wordt bedrijvigheid ontwikkeld op het gebied van logistiek (Park 15, de Grift, railterminal). Tevens wordt ten noordoosten van het Keizer Augustusplein (Ovatonde) een locatie ontwikkeld voor de vestiging van een bouwmarkt/tuincentrum, restaurant en tankstation. Ten zuidoosten van de Ovatonde zijn al een bioscoop en een café-restaurant gerealiseerd. Ten zuiden van het Dorpensingeltracé in de gemeente Nijmegen zal aan de Zandse Plas een woningbouwproject worden ontwikkeld met 50 woningen. Deze woningen ontsluiten via een rotonde op de Dorpensingel.

Het ontwikkelingsgebied (voor de hiervoor genoemde bouwmarkt met tuincentrum) ten zuiden van Ressen is gesitueerd in een gebied dat gekenmerkt wordt door een sterk landschappelijk en groen karakter. Het sluit direct aan op de oude dorpskern Ressen en de groene setting van Park Lingezegen en landschapspark De Waaijer. Derhalve wordt dit gebied in aansluiting op het landschap rond de Dorpensingel, ingericht als een landschapspark waarin het kleinschalig (agrarische) cultuurlandschap centraal staat.

2.2

Het tracé (ligging) van de Dorpensingel

De ligging van de Dorpensingel is bepaald aan de hand van de uitgangspunten zoals overeengekomen in de samenwerkings- en realisatieovereenkomst Dorpensingel. De belangrijkste randvoorwaarden, en daarmee de varianten in de ligging en de inpassing van de weg, komen voort uit verkeerskundige eigenschappen bij de inrichting van dit wegvak; de passage van onder- en bovengrondse infrastructuur; de archeologie in de ondergrond; de aankoop van gronden en de structuur van het landschap met bijbehorende cultuurhistorisch en landschappelijk waardevolle elementen. Het onderzoek naar natuurwaarden heeft inzicht gegeven in de aanwezige (beschermde) soorten en de bijbehorende randvoorwaarden waar rekening mee gehouden moet worden. Vanuit het Soortenmanagement plan Nijmegen (SMP-N) wordt rekening gehouden met de ontwikkeling van specifieke natuurdoeltypen aan de noordzijde van de Zandse plas. Tevens is bij de situering van de Dorpensingel rekening gehouden met de groen- en natuurwaarden vanwege de ligging in de Groene Ontwikkelingszone (GO) in gemeente Lingewaard.

16

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

kaart: gebiedsvisie landschappelijke inpassing Dorpensingel

Bij de verkenningen naar de inpassing van de Dorpensingel zijn globaal een noordelijke ligging, een midden ligging en een zuidelijke ligging bekeken (zie onderstaande kaart). De uiteindelijke inpassing van de Dorpensingel zoals deze nu in dit bestemmingsplan wordt uitgewerkt kent een optimalisatie tussen de noordelijke en midden variant. De zuidelijke ligging behoudt veel te weinig ruimte voor een goede landschappelijke inrichting, de weg komt strak tussen de oever van de plas en de verschillende hoogspanningsmasten te liggen, en maakt het heel lastig om het fietspad op passende wijze te realiseren in combinatie met een veilige oversteek van de Woerdsestraat.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

17

De midden ligging doorsnijdt de belangrijkste bestaande structuren die vanuit landschap, cultuurhistorie en natuur hoog gewaardeerd worden. Het verwijderen, verplaatsen en opnieuw inpassen van deze structuren doet geen recht aan de landschappelijke-, cultuurhistorische- en natuurwaarden.

Kaart: tracévarianten Dorpensingel (noord, midden en zuid)

De Dorpensingel zal bijdragen aan de (regionale) bereikbaarheid van huidige en toekomstige woon- en werklocaties alsmede de diverse recreatieve voorzieningen. De Dorpensingel onttrekt verkeer aan bestaande wegen (Ressensestraat en Vossenpelssestraat/Laauwikstraat). Tevens wordt de regionale bereikbaarheid van Park Lingezegen vanuit de omgeving van Nijmegen en Bemmel verbeterd doordat het park sneller en makkelijker bereikbaar wordt. Maar ook voor de woongebieden grenzend aan park Lingezegen verbetert de toegankelijkheid doordat er een verkeersafname plaatsvindt op de wegen die tussen het park en de woonwijken in liggen.

2.3

Wegontwerp Dorpensingel

De Dorpensingel wordt door de functie van de weg en de te verwachten verkeersintensiteiten gezien als gebiedsontsluitingsweg. Voor de weg gaat een maximum snelheid van 50 km/u gelden. Hiervoor wordt de komgrens van Nijmegen aangepast en neemt de gemeente Lingewaard een verkeersbesluit. Het wegprofiel dat bij een gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom hoort, gaat uit van gescheiden rijbanen en een vrijliggend fietspad dichtbij de weg. Verder staan er bomen nabij en

18

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

langs de rijbanen en is de weg en het fietspad verlicht. Wat de wegindeling betreft komt het er op neer dat het wegprofiel van de Keizer Hendrik VI-singel met gescheiden rijbanen, doorgetrokken wordt naar het oosten, tot aan de Zandsestraat in Bemmel. Onderstaande afbeelding geeft de ligging van de Dorpensingel en het verkeerskundig ontwerp weer. Het eerste gedeelte vanaf het Keizer Augustusplein (ovatonde) is al (gedeeltelijk) aangelegd. In het kader van het eerder beschreven ontwikkelingsgebied Ressen zal een rotonde worden aangelegd om de gebieden aan de noord en zuidzijde (P+R locatie, bioscoop, horeca en strand) te ontsluiten. Tussen het Keizer Augustusplein en de eerste rotonde worden ten behoeve van de Dorpensingel de rijbanen parallel naast elkaar gelegd en voorzien van een groene middenberm; dit past binnen het ter plaatse geldende bestemmingsplan. De Dorpensingel sluit hier oostwaarts op aan. Het RijnWaalpad kruist ter hoogte van deze rotonde (met voorrang) in de noord-zuid richting.

Kaart: verkeerskundig ontwerp (ligging tracé) Dorpensingel

De inpassing van de weg kent een ligging van ca. 50 cm boven het huidige maaiveld, waardoor er geen verstoring van de ondergrond plaatsvindt door het wegcunet. In de doorsnede van het wegprofiel wordt dit hoogteverschil over een ruime breedte opgevangen en landschappelijk ingepast waardoor de lichte verhoging nauwelijks ervaren wordt in het landschap. De weg loopt zo veel mogelijk parallel aan de bestaande landschapsstructuren zoals de bestaande watergangen en kavelgrenzen. Het woningbouwplan 'Landschappelijk wonen' ten zuiden van de Dorpensingel, wordt met een rotonde op de Dorpensingel ontsloten. Op basis van de landschappelijke structuur zijn met bochten richtingsveranderingen in het wegtracé ingepast, deze hebben tevens een snelheidsremmende werking. Ter hoogte van de kruising met de Woerdsestraat is een as-verspringing aangebracht, mede daardoor ontstaat ter plaatse van het kruispunt een verbrede middenberm. Hiermee is er voldoende ruimte voor verkeer op de Woerdsestraat om de Dorpensingel te kruisen. Het is fysiek niet mogelijk om met de auto vanaf de Woerdsestraat de Dorpensingel op te gaan of andersom. Ten oosten van de Woerdsestraat maakt de weg een scherpe bocht naar het zuidoosten om aan te sluiten op de Zandsestraat.

2.4

Inpassing van de Dorpensingel

Uitgangspunten landschappelijke inpassing Het landschap vormt het uitgangspunt voor de ontwikkelingen in het gebied. De landschappelijke groen/ blauwe landschapselementen, die zijn ontstaan of aangelegd, vormen hierin de dragers, het casco waarbinnen ontwikkelingen in het kader van wonen, werken,

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

19

recreëren en mobiliteit worden ingepast. De individuele ontwikkelingen kennen elk een vorm en inrichting die gezamenlijk de landschappelijke dragers van het gebied zullen vormen. Hiermee wordt het beeld, de beleving en het gebruik van het gebied vergroot. De combinatie van de landschappelijke context en de verkeerskundige meerwaarde van de Dorpensingel vormt de essentie voor de inpassing van de Dorpensingel. Hierbij staat alles in het teken van het benutten en versterken van het beeld, de beleving en het gebruik van de landschappelijke-, cultuurhistorische- én natuurwaarden in het gebied. Bij de positionering van de rijbanen en de landschappelijke inrichting rondom de Dorpensingel zijn deze waarden als uitgangspunt genomen. Hierdoor zijn verstoringen in de cultuurhistorische en groenstructuur minimaal of worden zelfs versterkt door de 'nieuwe' inrichting met karakteristieke landschapselementen zoals hoogstam fruitbomen, solitaire bomen, boomgroepen, windsingels, bosschages, struweel en gradiënten in aansluiting op verschillende greppels en sloten. De landschappelijke structuur van het gebied bepaalt de ligging van het wegtracé. De bestaande sloten en kavelgrenzen bepalen de ligging en de inpassing in het gebied.

Daarnaast zal het nieuwe wegtracé op een terughoudende wijze worden ingepast in het landschap dat wil zeggen dat het landschap met haar inrichtingselementen, dominant is over de weg. Concreet betekent dit dat de Dorpensingel met het karakter van een 'parkway' door het gebied zal lopen, waarbij de nieuw toe te voegen landschapselementen een versterking vormen van het bestaande landschap. De beplanting volgt daarbij niet de weg maar de structuur van het landschap. Dit verbetert de landschappelijke karakteristieken van het totale landschap, oftewel de omgeving van de weg en niet alleen de inrichting van de weg zelf. Door bestaande wandelen fietspaden (ook klompenpaden) te verbinden aan nieuwe routes zal de toegankelijkheid van het gebied worden versterkt.

De inpassing van de Dorpensingel in haar omgeving In hoofdlijnen bestaat het plan voor de landschappelijke inpassing van de Dorpensingel uit onderstaande volgende onderdelen. Het inrichtingsplan voor de landschappelijke inpassing van de Dorpensingel is opgenomen in Bijlage 1 bij de regels. Op het gedeelte tussen het keizer Augustusplein en de eerste rotonde wordt een groene middenberm toegevoegd in combinatie met bomen aan de buitenzijde van de weg. Na de rotonde krijgt de weg over het hele tracé een 'parkway'-inrichting, dat wil zeggen rondom de rijbanen van de weg komen verspreide bomen en boomgroepen in verschillende soorten, vormen en kleuren: - Ten westen van de Woerdsestraat krijgt de inrichting van de parkway een eigen karakteristieke identiteit gericht op soorten die aansluiten bij de bosjes waarmee de noordrand van de Zandse plas wordt aangeplant. De parkway wordt groepsgewijs aangeplant met verschillende bomen in een herkenbare kleur, kroonvorm, formaat en/of bloeiwijze waarmee ook nectar en stuifmeel voor bijen en insecten geproduceerd wordt. Door het afwisselend aanplanten ontstaat een structuurrijk beeld. - Ten oosten van de Woerdsestraat is het principe van de inrichting van de parkway hetzelfde met bomen in een herkenbare kleur, kroonvorm, formaat en bloeiwijze alleen gericht op soorten die aansluiten bij de hoogstamboomgaarden.

Op het gedeelte tot aan de kruising met de Woerdsestraat wordt het gebied tussen de Dorpensingel en de Zandseplas ingericht met bosjes omzoomd door een mantel- en zoomvegetatie. Langs de oever van de plas worden verspreid kleinere en grotere struwelen van bijvoorbeeld verschillende soorten wilg ingepast. Tevens worden langs de oever verspreid enkele bomen ingepast, die aansluiten bij natte groeiplaatsomstandigheden. Deze inrichting sluit aan bij de leefgebieden van bijvoorbeeld enkele uilensoorten.

20

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Karakteristieken van de inrichting van dit gebied zijn onder andere beschreven in het soortenmanagementplan Nijmegen de Waalsprong(SMP-N). Ten oosten van de kruising met de Woerdsestraat wordt aansluiting gezocht bij de boomgaarden in de omgeving. Hier worden hoogstamboomgaarden ingepast binnen de bestaande landschappelijke structuur (kavel- en slootpatroon). Hiermee wordt de bestaande structuur van het gebied versterkt en herkenbaar gemaakt. De hoogstamboomgaard zal ontstaan vanuit een geleidelijke omvorming van de bestaande situatie als laagstamboomgaard. De boomgaard bestaat uit een afwisseling van fruit- en notenbomen met soorten zoals appel, peer, pruim, kers, walnoot, tamme kastanje en amandel. Waar de boomgaard en weg elkaar overlappen zal de boomgaard worden voorzien van niet-vruchtdragende soorten. Het tussenliggende landschap (tussen de bomen en struwelen) en de bermen worden op een natuurlijke wijze ingericht met ruig grasland en/of bloemen- en kruidenweiden. Aan de noordzijde van de Dorpensingel komt langs (bijna) het hele tracé een brede (ondiepe) watergreppel en een windhaag. In de bocht ten oosten van de Woerdsestraat wordt de 'greppel' verbreed aangelegd als aanvullende waterberging voor de weg. Bestaande waterstructuren in het gebied worden grotendeels behouden of voorzien van duikers wanneer de weg de watergang kruist.

Aan de duiker is op 5 plaatsen een faunapassage, droge verbinding voor grondgebonden zoogdieren, gekoppeld. De ligging van de weg en het fietspad is iets verhoogd ten opzichte van het maaiveld zodat er geen verstoring van archeologische waarden plaatsvindt. De bestaande wandel- en fietspaden (ook klompenpaden) worden verbonden aan nieuwe routes waardoor de toegankelijkheid van het gebied zal worden versterkt.

Kaart uit inrichtingsplan: landschappelijke inpassing Dorpensingel

Maatregelen voor flora en fauna In het inrichtingsplan is in diverse faunamaatregelen voorzien: Habitat verbetering door het treffen van inrichtingsmaatregelen: zie daarvoor de voorgaande toelichting op de landschappelijke inrichting. Het opheffen van barrières en het voorkomen van verkeersslachtoffers, hiervoor worden de volgende maatregelen genomen bij de aanleg van de Dorpensingel.

Hop-over voor vogels Langs het totale tracé van de Dorpensingel wordt een inrichting gerealiseerd die zal

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

21

functioneren als een hop-over voor vogels. Specifiek op vier plaatsen langs het tracé (zie groene cirkels op de kaart bij de faunamaatregelen in het inrichtingsplan) valt dit samen met de verwachte vliegroutes uit het natuuronderzoek. Op Nijmeegs grondgebied gaat het op locaties ten oosten van de rotonde bij Hornbach en centraal in de knik van de Dorpensingel. Hier functioneren de aangebrachte hogere beplantingen in de bermen als een hop-over voor vogels. Hierdoor worden vogels gestimuleerd omhoog te vliegen en komen zij zo niet in aanraking met het verkeer. Rondom de Woerdsestraat is een snelheidsremmende voorziening aangebracht in de Dorpensingel. Deze voorziening zal ook een positieve uitwerking hebben op het voorkomen van verkeersslachtoffers onder vogels.

Faunapassages Op vijf plaatsen in het traject van de Dorpensingel zijn faunapassages, droge verbindingen voor grondgebonden zoogdieren, opgenomen in het ontwerp. Op twee plekken op Nijmeegs grondgebied worden bij de kruising met een watergang een passage aangelegd. Deze passages zijn meestal gekoppeld aan een duiker. Door de koppeling aan de watergang is er een logische landschappelijke begeleiding aanwezig. De onderdoorgangen worden vanuit de omgeving door robuuste begeleiding aangesloten op kruisingen van bestaande en nieuwe landschapselementen. Op de locatie van de solitaire droge verbinding moet deze 'natuurlijke' begeleiding worden gerealiseerd door beplantingen en kleine schermen bij de tunnelmond aan te brengen.

Rollers en zitpalen Lage palen dicht langs de weg vormen een risico voor vogels om slachtoffer te worden van het verkeer. Er komen geen kilometerpaaltjes of reflectorpaaltjes langs de Dorpensingel. Overige palen worden zoveel mogelijk in functie gecombineerd en daarmee in aantal teruggebracht. Mochten er palen gebruikt worden door bijvoorbeeld uilen (om als 'luisterplek' te dienen om hun prooien op te sporen en/of als rustplek om een prooi op te eten) worden hierop rollers geplaatst. Naast de rollers worden op ruime afstand van de weg zitpalen geplaatst in het leefgebied van de uilen om juist wel als 'luisterplek' en rustplek te dienen.

22

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Soortenmanagementplan Nijmegen de Waalsprong Het inrichtingsplan Dorpensingel omvat, naast de benodigde mitigerende maatregelen, ook inrichtingsmaatregelen die voortkomen uit het Soortenmanagementplan Nijmegen de Waalsprong (SMP-N). Deze inrichtingsmaatregelen voor het SMP-N zijn vooral gelegen in het gebied tussen de Dorpensingel en de Zandse plas en bestaan uit rietoevers, kruidenrijk grasland, bosjes, struweel en bomen. De aanleg van dit inrichtingsplan maakt onderdeel uit van de realisatie van de Dorpensingel zelf. Met de aanleg van de weg worden ook faunapassages aangelegd. Hetzelfde geldt voor de verschillende landschapselementen. Het beheer van de landschappelijke inpassing wordt gedaan door de gemeente Nijmegen.

Aanleg inrichtingsplan De aanleg van dit inrichtingsplan maakt onderdeel uit van de realisatie van de Dorpensingel zelf. Met de aanleg van de weg worden ook faunapassages aangelegd. Hetzelfde geldt voor de verschillende landschapselementen. Het beheer van de landschappelijke inpassing wordt gedaan door de gemeente Nijmegen. De aanleg van het inrichtingsplan is als voorwaardelijke verplichting opgenomen in de regels van dit bestemmingsplan.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

23

24

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Hoofdstuk 3

Ruimtelijk beleidskader

3.1

Rijksbeleid

3.1.1

Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte

In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) staan de plannen voor ruimte en mobiliteit tot 2040. Zo beschrijft het kabinet in de Structuurvisie in welke infrastructuurprojecten het de komende jaren wil investeren. Provincies en gemeentes krijgen meer bevoegdheden bij ruimtelijke ordening. De Rijksoverheid richt zich op nationale belangen, zoals verbetering van de bereikbaarheid. De SVIR laat een sterke focus zien op het herstel van de economie met prioriteit bij de ontwikkeling van de mainports Amsterdam en Rotterdam, de brainport Eindhoven en de greenports met bijbehorende achterlandverbindingen. Voor de topregio's heeft het Rijk een excellente ruimtelijk-economische structuur voor ogen, door een aantrekkelijk vestigingsklimaat in een goede internationale bereikbaarheid van de stedelijke regio's en concentratie van de topsectoren. Hiervoor moeten genoeg woningen, bedrijventerreinen en kantoren beschikbaar zijn. En deze moeten passen bij de wensen van bedrijven en hun werknemers. In Nijmegen bevindt zich een van deze topregio's: de Health Valley. Uitgaande van de verantwoordelijkheden van het Rijk zijn de ambities uitgewerkt in rijksdoelen tot 2028 en is aangegeven welke nationale belangen daarbij aan de orde zijn.

Het kabinet heeft in de SVIR 3 rijksdoelen geformuleerd: de concurrentiekracht vergroten door de ruimtelijk-economische structuur van Nederland te versterken. Dit betekent bijvoorbeeld een aantrekkelijk (internationaal) vestigingsklimaat; de bereikbaarheid verbeteren; zorgen voor een leefbare en veilige omgeving met unieke natuurlijke en cultuurhistorische waarden.

Hiervan zijn 13 onderwerpen van 'nationaal belang' afgeleid, waarvoor centrale sturing nodig wordt geacht en waarvoor het Rijk verantwoordelijk is en haar bevoegdheden wil inzetten. In vergelijking met eerder rijksbeleid wordt veel aan lagere overheden overgelaten. Planologische besluiten worden niet meer preventief getoetst op de naleving van nationale normen tenzij het de directe belangen van Rijkswaterstaat, het ministerie van Defensie en het ministerie van EL&I inzake wegen waterbeheer, defensieterreinen rijksinpassingsplannen voor energie-infrastructuur betreft.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

25

3.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening

In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn rijksregels opgenomen ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland. Deze zijn van belang voor de inhoud van bestemmingsplannen. Het kabinet heeft de keuze voor deze onderwerpen gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Deze structuurvisie bundelt het nationale ruimtelijke en infrastructuurbeleid in 13 nationale belangen. Met de uitbreiding van het Barro en het Bro (Besluit ruimtelijke ordening) is de juridische verankering van de SVIR nagenoeg compleet. Een deel van het Barro is gebaseerd is op eerdere planologische kernbeslissingen (pkb's) en beleidsnota's die in de SVIR worden herbevestigd. Deze onderdelen volgen de nahangprocedure en kunnen vervolgens in werking treden. Het betreft de volgende onderdelen: Rijksvaarwegen; Project Mainportontwikkeling Rotterdam; Kustfundament; Grote rivieren; Waddenzee en waddengebied; Defensie; Hoofdwegen en hoofdspoorwegen; Elektriciteitsvoorziening; Buisleidingen van nationaal belang voor het vervoer van gevaarlijke stoffen; Natuurnetwerk Nederland; Primaire waterkeringen buiten het kustfundament; IJsselmeergebied (uitbreidingsruimte); Erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde; Ruimtereservering parallelle Kaagbaan.

Als erfgoed van uitzonderlijke universele waarde is onder andere de Romeinse Limes aangewezen. De Romeinse Limes loopt over een groot deel van het plangebied.

3.1.3

Conclusie

Bij de verschillende deelparagrafen is ingegaan op het (rijks) beleid dat specifiek op het betreffende thema van toepassing is (bijvoorbeeld ten aanzien van de Romeinse Limes) in relatie tot de ontwikkelingen die in dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan past binnen het rijksbeleid.

3.2

Provinciaal beleid

3.2.1

Omgevingsvisie Gaaf Gelderland

In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland (december 2018) staan de hoofdlijnen van het provinciale beleid en ambities over thema's zoals ruimte, energie, klimaat, water, mobiliteit, economie, natuur en landbouw. De Omgevingsvisie is een 'plan' dat richting geeft (een gedeeld vergezicht), en ruimte biedt; geen plan met exacte antwoorden. De uitwerking van de Omgevingsvisie vindt plaats in sectorale of regionale programma's, waaronder de Regionale Energiestrategieën, Programma Mobiliteit, en Regionale Woonagenda's. De doelstelling van de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland is een gezond, veilig, schoon en welvarend Gelderland. Hierbij ligt de focus op duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige

26

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

economie. De Omgevingsvisie omschrijft de doelstelling als volgt: gezond: een gezonde leefomgeving, schone en frisse lucht, een schoon milieu, een niet vervuilde bodem, voldoende schoon en veilig (drink)water, en de bescherming van onze flora en fauna; veilig: voorbereid zijn op klimaatverandering, zoals hitte, droogte, bosbranden en overstromingen. En aandacht voor verkeersveiligheid en veilige bedrijvigheid; schoon: het tegengaan van schadelijke uitstoot, afval en uitputting van grondstoffen. En het investeren in nieuwe, alternatieve vormen van energie; welvarend: een dynamisch, duurzaam en aantrekkelijk woon-, werk- en ondernemersklimaat, goed bereikbaar en met een goed functionerende arbeidsmarkt en dito kennis- en onderwijsinstellingen.

Duurzaamheid, verbondenheid en een krachtige economie worden in onderlinge samenhang bekeken. Dit resulteert in ambities op het gebied van de energietransitie, klimaatadaptatie, circulaire economie, biodiversiteit, bereikbaarheid, vestigingsklimaat en de woon- en leefomgeving. Deze ambities zijn gerelateerd aan de kerntaken van de provincie. Elke ambitie kent zijn eigen doelstellingen en aanpak. Voor de uitvoering hanteert de provincie vier 'doe-principes': doen: de provincie kijkt breed met focus en zoekt actief ruimte; laten: de provincie stimuleert niets buiten haar visie; zelf: de provincie neemt zelf verantwoordelijkheid en geeft het goede voorbeeld; samen: de provincie werkt samen met partners en stimuleert innovatie en kennisdeling.

Sinds 2014 zijn vijf wettelijke verplichte planfiguren opgenomen in de Omgevingsvisie. Het gaat om ruimtelijk beleid, waterbeleid, milieubeleid, natuur- en landschapsbeleid, en verkeers- en vervoersbeleid.

3.2.2

Omgevingsverordening Gelderland

De doelstellingen uit de Omgevingsvisie zijn juridisch vertaald in de Omgevingsverordening (31 maart 2021). De verordening wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de Provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch gewaarborgd is. De verordening voorziet ten opzichte van de Omgevingsvisie niet in nieuw beleid en is daarmee dus beleidsneutraal. De Omgevingsverordening richt zich net zo breed als de Omgevingsvisie op de fysieke leefomgeving in de provincie Gelderland. Dit betekent dat vrijwel alle regels die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving opgenomen zijn in de Omgevingsverordening. Het gaat hierbij om regels op het gebied van ruimtelijke ordening, milieu, water, mobiliteit en bodem. De Omgevingsverordening heeft de status van een Ruimtelijke verordening in de zin van artikel 4.1 Wet ruimtelijke ordening. In de provinciale Omgevingsverordening is de begrenzing van het gebied van de Romeinse Limes weergegeven. Een groot deel van de Dorpensingel ligt binnen de zone van de Romeinse Limes. Daarmee is er ook sprake van een provinciaal belang. De regels in dit bestemmingsplan borgen de in het plangebied aanwezige kernkwaliteiten van de Romeinse Limes. De Dorpensingel doorkruist de Groene Ontwikkelingszone (GO).

Dit betreft echter het gedeelte van de Dorpensingel gelegen in de gemeente Lingewaard en valt dus buiten het plangebied van dit bestemmingsplan.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

27

3.2.3

Conclusie

Bij de verschillende deelparagrafen is ingegaan op het (provinciale) beleid dat specifiek op het betreffende thema van toepassing is (bijvoorbeeld ten aanzien van de Romeinse Limes) in relatie tot de ontwikkelingen die in dit bestemmingsplan mogelijk worden gemaakt. Geconcludeerd kan worden dat het bestemmingsplan past binnen het provinciale beleid.

3.3

Gemeentelijk beleid

3.3.1

Omgevingsvisie 2020-2040

De Omgevingsvisie 2020-2040 (Nijmegen stad in beweging) beschrijft de kwaliteit en ontwikkeling van haar fysieke leefomgeving voor de lange termijn. Hierin leggen we onze langetermijnvisie tot 2040 voor de stad vast, met richtinggevende speerpunten voor de sociaal-economische en fysieke leefomgeving. De Nijmeegse Omgevingsvisie is de opvolger van de Structuurvisie uit 2013.

In de Omgevingsvisie worden 4 grote opgaven benoemd voor de komende decennia: 1.

2.

3.

4.

de economisch veerkrachtige stad: we gaan onze economische kansen beter benutten. We willen dat de banengroei in onze stad zich gaat verhouden tot de bevolkingsgroei en mobiliseren ons onbenutte potentieel. Dit doen we met de stad én met de regio, die de motor is van onze economische groei. We hebben economisch sterke sectoren in de stad, maar we hebben ook dringend behoefte aan meer werkgelegenheid, zowel voor hooggeschoolden als voor praktisch werkenden; de sociale en gezonde stad: Nijmegen is en blijft een sociale stad. We werken aan gevarieerde, gemengde wijken en willen sociale tegenstellingen en maatschappelijke onvrede verkleinen; de aantrekkelijke stad: Nijmegen is een prachtige stad en dat blijven we. De kwaliteit van de stedelijke omgeving is voor ons een prioriteit. We willen onze sterke identiteit als stad met historie in een groene omgeving behouden en uitdragen. Nijmegen staat landelijk in de top drie van steden met het hoogste percentage woningtekort. We blijven groeien. Het aantal ouderen neemt toe, maar er vestigen zich ook meer jongeren. Deze voor Nederland bijzondere dubbele groei vraagt veel van onze stedelijke voorzieningen; duurzame stad: Nijmegen loopt voorop in de uitvoering van de duurzaamheidsopgaven voor Nederland. We hebben de ambitie en de potentie om samen met de regio koploper op het gebied van duurzaamheid en circulariteit te blijven.

De oplossingen die we samen met de stad en regio uitwerken voor de energietransitie, duurzame mobiliteit, klimaatadaptatie en circulaire economie zijn ook voor de rest van het land van belang.

We hebben in totaal acht ruimtelijke keuzes voor de fysieke leefomgeving uit de verschillende opgaven afgeleid: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.

28

Compacte, dynamische stad; Toekomstbestendige wijken; Groene, gezonde stad; Duurzame mobiliteit; Energieopgave; Groter centrumgebied; Sterke campussen; We omarmen het kanaal.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Op de omgevingsvisiekaart is de Dorpensingel-Oost als nieuwe verbinding binnen het hoofdwegennet aangegeven (zwarte lijn). Tevens is de laanstructuur aangegeven (groen).

kaart: uitsnede Omgevingsvisiekaart

3.3.2

Coalitieakkoord 2018-2022, Nijmegen: samen vooruit

In het coalitieakkoord zijn 4 inhoudelijke samenhangende opgaven voor de stad benoemd: het moet duurzamer een sociale stad blijven; versterken economische veerkracht bouwen aan een aantrekkelijke stad.

Over de Dorpensingel wordt gesteld dat al jaren over de Dorpensingel wordt gesproken en er inmiddels meerdere raadsbesluiten liggen die de realisatie van de Dorpensingel ondersteunen. De Dorpensingel ontlast de bestaande wegen in de Waalsprong. Voor het einde van 2019 wil het college uitsluitsel over de haalbaarheid om de Dorpensingel te realiseren en aanvullende maatregelen, zoals een waarschijnlijke knip op de Vossenpelsestraat.

3.3.3

Conclusie

In het volgende hoofdstuk is verder ingegaan op het beleid dat geldt voor het betreffende thema. Conclusie is dat het bestemmingsplan past binnen het gemeentelijk beleid.

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

29

30

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

Hoofdstuk 4

Functioneel beleidskader

4.1

Verkeer en vervoer

4.1.1

Mobiliteitsbeleid Nijmegen

In de nota 'Nijmegen goed op weg' heeft Nijmegen haar ambities voor mobiliteit voor de periode 2019 tot 2030 vastgelegd. Deze nota is vastgesteld in de gemeenteraadsvergadering van 25 september 2019. Regionale samenwerking is hierbij essentieel om de bereikbaarheid van Nijmegen en van de regio Arnhem Nijmegen te verbeteren. Alleen op die manier kunnen we ervoor zorgen dat we regionaal, nationaal en internationaal bereikbaar blijven. Daarom wordt intensief samengewerkt met regio, provincie en rijk. De verwachting is dat het aantal inwoners van Nijmegen fors blijft groeien. Ook het aantal banen zal meegroeien, naar verwachting met 10.000 extra banen de komende 10 jaar. Extra mensen betekent ook extra verplaatsingen. Extra verplaatsingen betekent extra druk op de soms toch al volle bestaande wegen, fietspaden, bussen en treinen. Dit betekent niet alleen dat - zonder extra maatregelen - de bereikbaarheid van Nijmegen onder druk komt te staan, maar ook dat we steeds meer de negatieve kanten van de mobiliteit gaan ervaren, denk aan geluidshinder, slechte luchtkwaliteit of verkeersonveiligheid. De ruimtelijke opgaven van Nijmegen hierbij zijn dat de stad aantrekkelijk, duurzaam, economisch veerkrachtig en sociaal en gezond wil zijn. De ruimtelijke mogelijkheden in de stad om de mobiliteitsgroei te faciliteren zijn echter beperkt.

Waar in het verleden vooral werd gewerkt aan uitbreiden van de infrastructuur ligt het accent nu meer op het efficiënter benutten van de bestaande infrastructuur. In het ambitiedocument Nijmegen Goed op Weg wordt hierbij de verkeersveiligheid benoemd als randvoorwaarde voor alle ontwikkelingen in de stad. Om de groei van de stad te faciliteren wordt ingezet op de meest duurzame en ruimte-efficiënte vervoermiddelen: lopen, fiets en OV. Dit betekent niet dat er niet geïnvesteerd wordt in het wegennet; de auto blijft een rol spelen in het Nijmeegse verkeerssysteem.

4.1.2

Autoverkeer

Een goede bereikbaarheid van Nijmegen per auto is in de eerste plaats gediend met een goede en betrouwbare afwikkeling van het verkeer op de autosnelwegen rondom de stad. Het is van groot belang dat deze autowegen goed functioneren. Er is dan namelijk geen noodzaak om dóór Nijmegen te rijden als je niet in Nijmegen hoeft te zijn. Het doorgaande verkeer gaat buiten de stad om, terwijl het bestemmingsverkeer de stad vanuit de beste windrichting kan benaderen. Op regionaal niveau wordt hierbij een pallet van maatregelen toegepast gericht op het zo efficiënt mogelijk benutten van bestaande infrastructuur en het stimuleren van duurzame vervoerswijzen en waar nodig uitbreiden van de capaciteit. Daarbij speelt in deze regio het verbreden/doortrekken van de A15 (tussen Valburg en Zevenaar) een belangrijke rol. Binnen de stad hanteren we voor de doorstroming 3 beleidslijnen: doorstromen op de S100 om de bereikbaarheid van de belangrijkste bestemmingen te garanderen; doseren: als de doorstroming op de S100 op piekmomenten onder druk staat, wordt het verkeer op de invalswegen naar de route toe "gebufferd". De gemeente zet zwaar in op dynamisch verkeersmanagement: we monitoren het verkeer en waar nodig sturen we bij;

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

31

overstappen: aan de rand van de stad bieden we transferia aan waar automobilisten kunnen overstappen op het openbaar vervoer of de (elektrische) fiets.

Het parkeerbeleid is ondersteunend aan deze visie. Om te voldoen aan het uitgangspunt 'parkeren uit het zicht', zetten we in op het beperken van het aantal parkeerplaatsen voor bezoekers in het centrum. Het bezoekersparkeren zal meer gefaciliteerd worden aan de randen middels bestaande parkeergarages (aan de rand van het centrum) en transferia (aan de rand van de stad of in de regio). Hier kan worden overgestapt op duurzame vervoerswijzen. Bestaande P+R-voorzieningen worden verbeterd en er wordt gezocht naar nieuwe P+R-locaties. Aan de Dorpensingel ligt P+R Noord; de gemeente onderzoekt de mogelijkheden om het gebruik van dit terrein te vergroten en de overstap te verbeteren.

kaart: huidige wegennetwerk met zoekgebieden voor P+R-gebieden

De stedelijke hoofdwegen in de Waalsprong zijn onderdeel van de toegangswegen naar de stad en vervullen een functie voor het verbinden van stadsdelen en de bereikbaarheid met de regio.

32

ontwerp bestemmingsplan Landschapszone - 12 (Dorpensingel Nijmegen)

kaart: huidige hoofdwegenstructuur in Nijmegen Noord

De ontsluitingsstructuur voor gemotoriseerd verkeer wordt in belangrijke mate gevormd door Prins Mauritssingel en de Graaf Alardsingel. De Prins Mauritssingel is de belangrijkste invalsweg van Nijmegen vanuit het noorden. De Graaf Alardsingel is een belangrijke gebiedsontsluitingsweg in het Nijmeegs verkeerssysteem en verbindt de Prins Mauritssingel met stadsbrug De Oversteek. De weg maakt onderdeel uit van de S100, de belangrijkste doorstroomroute in de stad. De doorstroming en verkeersafwikkeling op de S100 heeft op stedelijk niveau de hoogste prioriteit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=f38a1aa1-462b-40a4-a40f-d492da2e7cd2