10. Bijlage bij de toelichting deel 1b
Tekst van het document
6.11.2 Levenscycluskosten Alternatieven In de levenscycluskosten zijn naast de investeringskosten ook de kosten voor het beheer en onderhoud van de kansrijke alternatieven opgenomen. Dit bevat onder andere kosten voor het onderhoud aan het grondlichaam. De beheer- en onderhoudskosten zijn vrijwel niet onderscheidend. Meekoppelkansen De meekoppelkansen zijn niet apart beschouwd bij de raming, omdat de kosten of baten veel kleiner zijn dan de kosten voor de dijkversterking.
6.11.3 Businesscase Op basis van de gemaakte kostenraming voor de dijkversterking en de kansrijke alternatieven voor de dijkteruglegging, en de gevonden financieringsbronnen voor de mogelijke realisatie van de kansrijke alternatieven zijn bandbreedtes voor financiering van een dijkteruglegging in dijksectie 12 vastgesteld. Voor de dijkversterking is er geen openstaande financiering. Voor de dijkteruglegging is er voor alle dijkterugleggingsalternatieven sprake van een tekort, waarbij dat van alternatief 2 en 3 groter is dan dat van alternatief 1. Voor alternatieven 2 en 3 zijn er vanuit de beoogde verhoogde ruimtelijke kwaliteit van het gebied wel meer aanvullende financieringsmogelijkheden vanuit gemeenten en provincie. Op basis van de huidig beschikbare informatie ten aanzien van de financiering van de verschillende alternatieven, kan geen conclusie getrokken worden ten aanzien van de kansrijkheid van alternatieven voor de dijkteruglegging. Op het moment van rapporteren is de stand dat de financiering op termijn met de betrokken stakeholders (rijk en regio) duidelijk gemaakt zal moeten worden. Vooralsnog is de financiering geen doorslaggevend criterium voor de dijkteruglegging. Ook op basis van de kostenbesparing, nu en in de toekomst, kan geen conclusie getrokken worden ten aanzien van de voorkeur voor een dijkversterking of een dijkteruglegging.
Deze is namelijk afhankelijk van de besluiten in het nieuwe nationale programma Integraal Rivier Management (IRM). De verkenning laat zien dat dijkteruglegging in principe haalbaar is en kansen voor gebiedsontwikkeling biedt. Doorgang op korte termijn is echter afhankelijk van de besluitvorming in IRM. Daarnaast zal ook naar de provincie en de gemeente gekeken worden om financiële dekking te vinden voor een dijkteruglegging. Zoals de raming laat zien, zijn de investeringskosten van een dijkteruglegging hoger dan de investeringskosten van een dijkversterking. De besparing die behaald kan worden, liggen daarom vooralsnog in het
86 | 93
Witteveen+Bos | 101592-13.40/18-014.393 | Definitief
voorkomen van een dubbele investering, in het geval dat de dijk nu versterkt wordt en over een aantal jaar alsnog verlegd moet worden.
6.11.4 Overzicht kosten De verschillen in de alternatieven worden verklaard door het beperkte ruimtebeslag in alternatief 1. Voor alle alternatieven geldt dat er nog niet sprake is van een sluitende businesscase, waar dat voor de dijkversterking wel het geval is.
Beoordelingscriteria, invloed op
natuurverbinding
recreatief rivierpark
kosten
investeringskosten inclusief vastgoed (m€)
18 - 29
32 - 51
31 - 51
8,8 - 14,3
investeringskosten exclusief vastgoed (m€)
12 - 19
21 - 34
20 - 33
3,5 - 5,8
levenscycluskosten, 100 jaar (m€)
25 - 41
39 - 64
39 - 63
17,4 - 28,3
levenscycluskosten, 50 jaar (m€)
22 - 36
36 - 58
35 - 58
13,5 - 22
-
-
-
0
businesscase
87 | 93
Witteveen+Bos | 101592-13.40/18-014.393 | Definitief
1
2
3
1
Dijkversterking dijksectie 12
Thema
beperkte verlegging
Tabel 6.11 Overzichtstabel alternatieven dijkteruglegging kosten
7 LEEMTEN IN KENNIS EN AANBEVELING MER FASE 2 7.1
Leemten in kennis en informatie
Voor de alternatievenafweging is voldoende informatie beschikbaar. De beoordeling van het voorkeursalternatief wordt in fase 2 voor het MER aangevuld met bijvoorbeeld: - een variantenafweging voor aanlegmethoden; - afweging over innovatieve pipingmaatregelen; - berekeningen met nauwkeurigere modellen (ontwerp, rivierkunde); - resultaten van veldonderzoek, zoals voor bodem, natuur, archeologie; - een effectenbeoordeling die de hele reikwijdte en detailniveau van het MER omvat; - Mocht er sprake zijn van een voorkeursalternatief met dijkteruglegging, dan zal de businesscase nog aangevuld moeten worden. Voor MER fase 2 is met name de inpassing van het voorkeursalternatief een belangrijk aspect.
7.2
Mogelijke monitoringsvoorstellen
Op dit moment is er geen monitoring nodig. Dit is onderdeel van MER fase 2.
7.3
Nog te onderzoeken mogelijke maatregelen en aanbevelingen
De mogelijke maatregelen worden verder uitgewerkt in de komende fase van het ontwerpproces. Bijlagen IIX geven hier al een voorzet voor. Voor alle thema’s is het nodig om deze maatregelen te onderzoeken in MER fase 2.
88 | 93
Witteveen+Bos | 101592-13.40/18-014.393 | Definitief