CConstaterende datNijmegen
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Adviesrapport 'Bloei'

Besluitronde (raadsvergadering) 18 december 2024, gemeente NijmegenBij agendapunt: D1 d.d. 15 oktober 2024 over Subsidies culturele instellingen deelregeling De Basis38.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

Woord vooraf In Nijmegen beoordeelt voor de derde keer een onafhankelijke adviescommissie de meerjarenplannen van de culturele organisaties, waarmee ze aanspraak willen maken op twee- of vierjarige financiële ondersteuning voor hun activiteiten en in sommige gevallen ook exploitatie. Dat is behalve een eervolle taak ook vooral heel spannend, niet in de laatste plaats omdat de afgelopen maanden het beeld lieten zien dat het verdelen van cultuursubsidies altijd gaat over het verdelen van schaarste, landelijk, regionaal en lokaal. En daarbij vallen altijd ook pijnlijke beslissingen. Dat is in deze ronde in Nijmegen niet anders en de commissie voelt zowel de opluchting en blijdschap van de organisaties die door kunnen, als de onmacht en de teleurstelling van organisaties en instellingen die geen subsidie ontvangen. De commissie weet dat ze in beide gevallen individuen raakt die zich met hart en ziel inzetten voor kunst en cultuur in Nijmegen. De cultuurvisie Groei. uit 2019 vormt het vigerende beleid dat onder de subsidieregelingen ligt op basis waarvan de commissie naar deze plannen heeft gekeken. Daarbij constateert de commissie dat een groot deel van de organisaties in Nijmegen inmiddels gewend geraakt lijkt te zijn aan het op papier zetten van wat ze doen.

Dat klinkt simpel, maar een goed plan is, daarvan is de commissie overtuigd, een resultaat van goede artistieke plannen, van sterk ondernemerschap en van een heldere visie op de meerwaarde in de stad. De plannen zijn over het algemeen beter dan vier jaar geleden. De commissie is ook verheugd over de ophoging van het budget voor zowel De Basis, als de Meerjarige Culturele Programma’s. Wanneer je je echter realiseert dat een groot deel van de groei van het budget net als bij De Basis besteed is aan indexatie tijdens de kunstenplanperiode 2021-2024 en daarnaast verdampt in kostenstijgingen vanwege de hoge inflatie en vanwege het recht doen aan fair pay, dan is er meer te besteden maar was de ruimte voor de commissie beperkt om over plannen van én nieuwkomers, én iedereen die in 2021-2024 een meerjarige subsidie ontving positief te kunnen adviseren. Immers, niet alle plannen zouden kunnen worden gehonoreerd. De commissie heeft desalniettemin met veel plezier de 48 aanvragen voor de Meerjarige Culturele Programma’s en de zes aanvragen voor De Basis gelezen. Ze is tevreden dat 33 van de 48 plannen een bijdrage ontvangen, ook omdat er €300.000 aan het budget is toegevoegd. Daarnaast kunnen de instellingen uit De Basis doorgaan met waar ze mee bezig zijn.

In de wetenschap dat in het najaar van 2024 nog een beoordelingsronde volgt voor de regeling Eenjarige Culturele Subsidies, vermoedt de commissie een aantal van de niet-gehonoreerde aanvragers terug te zien. In dit rapport staan, na een uitgebreide inleiding waarin we uitleggen hoe we te werk zijn gegaan, alle adviezen van de commissie aan de gemeente. We hopen daarmee inzicht te geven in hoe we gewerkt hebben en hoe onze keuzes tot stand zijn gekomen. We wensen alle culturele organisaties, instellingen en makers succes in de periode 2025-2028.

Adviescommissie Groei.: Jenneke Harings (vz.), Bas Aaftink, Joy Arpots, Jacki Dodemontová, Marcel Kranendonk, Claudia Linders.

2

Inhoudsopgave 5

Inleiding

7

Opdracht en werkwijze

9

Financieel kader

11

Beoordelingscriteria

15

Conclusie en aanbevelingen

17

Slot

Adviezen De Basis 19

Openbare Bibliotheek Gelderland Zuid

22

Cultuurhuis de Lindenberg

26

Doornroosje

29

LUX

32

Stadsschouwburg Nijmegen en Concertgebouw De Vereeniging

36

Valkhof Museum

Adviezen Meerjarige Culturele Programma’s 40

Beatwise

42

Beeldenwereld

44

Belangenvereniging Buitentheater

46

Breblen

48

Club Goud (In Samenwerking Met)

50

Consuming Art

52

De Basis Nijmegen

54

De Broederij

56

De Horde

58

Dziga

60

ElanArt

62

Extrapool/Knust

64

Fabrikaat

67

Festival De Oversteek

69

Festival Jazz International Nijmegen

71

Go Short

73

Hubert

75

InScience

77

Jazz & Impro Nijmegen (Podium JIN)

79

Keys to Music Foundation

81

Kultuurbarbaar

83

Kunstnacht 3

85

Moderne Muziek Nijmegen

87

Music Meeting

89

MuZIEum

91

New Dutch Connections

93

Nijmeegs Cabaret

95

Nijmeegse Orgelkring

97

Nimma Media

99

NOX

101

NYMA Theater

103

Otis Talent

105

P-Art

107

Perelman

109

Platform DIS

111

Platform POST

113

Poëziecentrum Nederland

115

POPOP

117

Popsport

119

Popwaarts

121

RUIS

123

Schemerlicht

125

TG Greppel

127

The Mansion

129

Theater Oostpool

131

Vasim Circus Space

133

Waalhalla

135

Wintertuin | De Nieuwe Oost

Bijlagen 138

Bijlage 1 – Overzicht alle aanvragen & financieel kader

141

Bijlage 2 – Toelichting subsidiecriteria

4

Inleiding De gemeente Nijmegen investeert met trots in kunst en cultuur. Investeren in cultuur is onder meer investeren in gelukkige inwoners, in gezonde inwoners en in een aantrekkelijke stad voor bedrijven en toeristen. Hoewel het budget voor cultuur groeit, maakt het slechts minder dan 3% uit van de gemeentebegroting. En met die minder dan 3% moeten zo veel mogelijk, liefst alle inwoners van Nijmegen met kunst en cultuur in aanraking komen. Dat kan zijn op een festival of in de Schouwburg, dat kan zijn in de bibliotheek of in een exporuimte, dat kan zijn in de openbare ruimte of op school. Er zijn veel plekken waar je verwacht of onverwacht van kunst en cultuur kunt genieten. Gemeente Nijmegen vindt dat ook erg belangrijk, gezien de cultuurvisie Groei. van 2019, die nog steeds leidend is in de keuzes die de gemeente maakt. Kunst en cultuur toegankelijk voor iedereen, het vergroten van de aantrekkingskracht van Nijmegen en ruimte voor innovatie en creativiteit zijn de speerpunten uit die visie. De subsidieregelingen waarvoor de commissie Groei. adviseert zijn een afgeleide daarvan. Het beoordelen van meerjarenplannen is geen sinecure. Dat hebben we de afgelopen maanden bij het Rijk en bij de rijksfondsen, bij provincies, bij fondsen en bij verschillende gemeenten gezien.

Voor de tweede keer gaat een, met de landelijke cyclus overeenkomende nieuwe kunstenplanperiode van start, waarbij een commissie oordeelt over de aanvragen voor meerjarensubsidies. De commissie constateert daarbij dat de plannen allengs beter zijn geworden; er is meer aandacht voor het geheel, de lange termijn, de ambities en de plannen zijn over het algemeen meer uitgewerkt. Dat geldt zowel voor de aanvragers in de MCP-regeling (Meerjarige Culturele Programma’s) als voor de aanvragers in De Basis, de zes grote instellingen in de stad (Openbare Bibliotheek Gelderland Zuid, Stadsschouwburg Nijmegen & De Vereeniging, Cultuurhuis de Lindenberg, LUX, Doornroosje en Valkhof Museum). De commissie zag vier jaar geleden dat er potentiële groei en professionaliseringsmogelijkheden in de Nijmeegse culturele sector zaten, en ziet nu dat de investering in de sector haar vruchten afwerpt. Zoals in het woord vooraf al aangeven is het daarom extra zuur dat gestegen kosten ervoor zorgen dat de financiële groei stagneert. Er waren weliswaar extra middelen beschikbaar, maar die gingen rechtstreeks naar het gat dat was ontstaan vanwege de inflatie, gestegen loonkosten en Fair Pay. Dat maakt dat de commissie nog veel kwetsbare begrotingen ziet, waarbij krapte (en het risico op hoge werkdruk) toch nog de boventoon voert.

Dit beeld is niet voorbehouden aan Nijmegen; dit patroon zien we in het hele land. Belangrijk om hier al te vermelden is dat de commissie ook constateert dat niet alleen een groot deel van de begroting bij de instellingen uit De Basis bestaat uit vastgoedkosten, maar dat dat ook in steeds hogere mate bij de MCP het geval is. We zien nu dat exploitatiekosten gestegen zijn; dat huurprijzen volledig worden doorberekend en dat er organisaties zijn met vastgoedvraagstukken en anticiperen op een mogelijke verhuizing naar een pand met een hogere huurprijs. Het is misschien logisch, het is sowieso de realiteit: de gemeente draagt zorg voor haar instellingen met panden, maar de verantwoordelijkheid wordt groter als ook vastgoedkosten in het middensegment hoger worden. Dat geeft mogelijk een vertekend beeld op de toch al schaarse 3% van de gemeentebegroting die gealloceerd is voor kunst en cultuur, als er van die 3% ook nog een groot deel naar vastgoed gaat. We constateren wel dat het in krapte moeilijk groeien is. Nog steeds is de commissie kritisch op een grote mate van subsidieafhankelijkheid bij een groot deel van de organisaties; we denken dat het

5

mogelijk moet zijn om meer eigen inkomsten te genereren. Ook vinden we soms dat er weinig aandacht gaat naar het publiek, dat het aanbod weinig vraaggericht is en dat publieksgroei achterblijft. Maar, we realiseren ons ook dat dat ook makkelijk praten is als er met (te) weinig mensen (te) veel werk moet worden verzet en/of er met minder middelen minder programma gerealiseerd kan worden. De balans blijft moeilijk te vinden. We zien dat een aantal organisaties zich goed heeft ontwikkeld. Nog steeds zouden we graag meer plannen gehonoreerd zien dan we nu hebben geadviseerd, maar het geld was op. Nog vier jaar kunnen doorgroeien voor startende organisaties had de infrastructuur ongetwijfeld goed gedaan. Twee kansen willen we in deze inleiding niet onbesproken laten. Landelijk constateren rijksfondsen, de Raad voor Cultuur, ministers en staatssecretarissen dat het huidige cultuurbestel, inclusief processen en regelingen, toe is aan een grondige herziening. Voormalig staatssecretaris Gunay Uslu heeft daartoe de Raad voor Cultuur al enige tijd geleden om advies gevraagd. Dat advies, Toegang tot cultuur, verscheen in januari 2024 en geeft richting aan het proces dat, ijs en weder dienende, plaats gaat vinden in de komende kunstenplanperiode (2025-2028), met als doel een nieuw bestel. Er wordt gesproken over een groot rijksfonds en een grotere rol voor de regio.

De commissie ziet dat de inzet op de 025-regio vier jaar geleden groter was dan nu het geval is, en vermoedt dat daar nog kansen liggen. Dat Nijmegen (mogelijk) voor Culturele Hoofdstad 2033 wil gaan, in samenspraak met Arnhem en de regio, biedt kansen om deze samenwerkingen te intensiveren. Dat zou een mooie aanloop zijn naar 2029. Een bedreiging noemen we ook: het huidige kabinet. De btw-verhoging, het afschaffen van de Geefwet, en het frame waarin kunst en cultuur besproken worden – kunst en cultuur zijn voor de elite! – kunnen zorgen voor een nieuwe kaalslag in de culturele sector. De commissie is blij dat dit frame in Nijmegen niet gebezigd wordt, maar alle aanslagen op de middelen voor cultuur, zullen opnieuw laten zien dat de sector kwetsbaar is en blijft. In een aantal gevallen is de sector nog niet eens hersteld van de bezuinigingsoperatie van Halbe Zijlstra uit 2013. In de rest van dit rapport staan opdracht en werkwijze, financieel kader, beoordelingscriteria, algemene bevinden en een aantal adviezen aan de gemeente. De individuele adviezen volgen daarna: eerst De Basis, dan de MCP. Aan het eind een overzicht van alle aanvragers en bedragen.

6

Opdracht en werkwijze Commissie Groei. De commissie Groei. bestaat voor de beoordeling van de MCP en de De Basis uit: • Jenneke Harings (vz.) • Bas Aaftink • Joy Arpots • Jacki Dodemontová • Marcel Kranendonk • Claudia Linders

Opdracht De commissie Groei. werkt volgens het ‘Reglement Adviescommissie Groei.’ zoals dat op 10 december 2019 door het college van B&W is vastgesteld. Voor de regelingen Meerjarige Culturele Programma’s en De Basis waarover de commissie in dit rapport adviseert luidt de opdracht als volgt: ‘De commissie heeft tot taak het college eenmaal per twee jaar schriftelijk te adviseren in het kader van de Subsidieregeling Cultuur Nijmegen 2025.’

Werkwijze MCP Op 25 januari 2024 heeft de commissie gesproken met de gemeente over mogelijke aanpassingen in de regeling. Dat heeft onder andere geleid tot het terugbrengen van de subsidiecriteria: het werden er drie waarop alle plannen zouden worden beoordeeld. Op 1 april was de deadline voor de regeling MCP. De commissie kwam op 18 april voor het eerst bij elkaar. Op 22 april had de commissie de beschikking over alle stukken van 48 aanvragers voor de beoordeling van de MCP. Pitches met alle aanvragers vonden plaats van 22-25 april en van 13-17 mei. De aanvragers hadden de gelegenheid om tien minuten hun plan toe te lichten en daarna had de commissie een vraaggesprek van 15 tot 20 minuten. Alle commissieleden hebben alle plannen gelezen. Vooraf is afgesproken welke plannen in welke vergadering besproken zouden worden. Twee commissieleden brachten ter voorbereiding op de vergadering een schriftelijk preadvies uit, waarbij de aanvraag getoetst werd aan de drie criteria. Tijdens deze vergaderingen zijn de oordelen van de commissie tot stand gekomen, waarbij alle plannen in eerste instantie individueel zijn beoordeeld. Bij mogelijke belangenverstrengeling hebben enkele commissieleden niet mee geadviseerd; dat kwam in een enkel geval voor. Na de individuele beoordeling van alle plannen bleek het budget ontoereikend voor de plannen die positief werden beoordeeld.

De commissie heeft ook de opdracht om de integraliteit van alle plannen te beoordelen. Na nog twee integrale vergaderingen werd het advies van de commissie definitief. Daarbij tekent de commissie aan dat ze positief adviseerde over 38 van de 48 plannen, maar dat het budget ontoereikend was om alle 38 aanvragers ook te honoreren. Daartoe heeft de commissie alle aanvragen opnieuw bekeken en in integraliteit beoordeeld, waarbij ze heeft geconcludeerd dat de 5 aanvragers met positief advies die als laatste zijn afgevallen minder goed scoorden op het criterium ‘meerwaarde voor de stad’.

7

Voor de zomer zijn de adviezen met de aanvragers gedeeld om ze te checken op feitelijke onjuistheden. Deze zijn na de zomer verwerkt. Op 3 september zijn de adviezen in het college vastgesteld en overgenomen.

Werkwijze De Basis Op 15 juni was de deadline voor de regeling De Basis. Op 28 juni had de commissie de beschikking over alle stukken van zes aanvragers voor de beoordeling van De Basis. Pitches met alle aanvragers vonden plaats op 27 en 29 augustus. De aanvragers hadden de gelegenheid om tien minuten hun plan toe te lichten en daarna had de commissie een vraaggesprek van ongeveer een half uur. Op de dagen dat de aanvrager pitchte is ook het plan integraal besproken. Alle commissieleden hebben alle plannen gelezen. Vooraf is afgesproken welke plannen in welke vergadering besproken zouden worden. Alle commissieleden brachten ter voorbereiding op de vergadering een schriftelijk preadvies uit, waarbij de aanvraag getoetst werd aan drie criteria: artistieke kwaliteit, uitvoerbaarheid en meerwaarde voor de stad. Tijdens de pitch- en vergaderdagen zijn de oordelen van de commissie tot stand gekomen, waarbij alle plannen individueel zijn beoordeeld. De geadviseerde bedragen zijn de bedragen die de gemeente heeft vastgesteld voor deze ronde van De Basis.

Adviezen De pitches en de vergaderingen zijn genotuleerd door secretaris Jack Orsel. De adviesteksten zijn geschreven door Boudewijn Smid. De inleiding is geschreven door de voorzitter van de commissie, Jenneke Harings.

Feitelijke onjuistheden Alle aanvragers van zowel MCP als De Basis hebben de kans gekregen om aan te geven of er feitelijke onjuistheden in hun adviestekst stonden. De gemeente heeft getoetst of het ook daadwerkelijk om feitelijke onjuistheden ging; die zijn aangepast. De commissie heeft gekeken of teksten bij niet-feitelijke onjuistheden (maar interpretatiekwesties, of anders) aangepast konden worden voor de duidelijk- en leesbaarheid. Dat is in een aantal gevallen gebeurd. Dit heeft niet tot andere oordelen of inzichten geleid.

Rapport Het volledige rapport is in oktober 2024 vastgesteld in het college van B&W.

8

Financieel kader Vier jaar geleden is gemeente Nijmegen gestart met het professionaliseren van haar financiering van kunst en cultuur. Met een cultuurvisie, subsidieregelingen en extra middelen is er ruimte gekomen voor het brede spectrum van kunst en cultuur. Nu, vier jaar later, zien we daar het resultaat van. Er stromen nieuwkomers door uit de eenjarige regeling, aanvragers zijn geprofessionaliseerd door de coronaregeling Weerbaar & Wendbaar. Kortom, er zit dynamiek in de sector. Dat blijkt ook uit het coalitieakkoord waarbij extra middelen beschikbaar zijn gesteld voor kunst en cultuur. Toch constateert de commissie dat het budget voor de MCP niet evenredig is meegegroeid met de ambitie die uit de cultuurvisie spreekt. Zeker niet, als je kostenstijgingen als resultaat van inflatie, fair pay en cao-onderhandelingen meeneemt. Vier jaar geleden zagen we veel potentieel in Nijmegen en dat zien we nu terug in het aantal aanvragers en de kwaliteit van de plannen. We zijn daarover positief, maar we hebben helaas niet in alle gevallen positief kunnen adviseren.

Financieel plaatje

Beschikbare

Beschikbare

Aangevraagd

bedrag 2021-2024

bedrag

bedrag

(prijspeil 2024)

2025-2028

MCP

€1.604.555*

€2.135.578**

€3.549.315

€1.413.737

De Basis

€19.675.793

€21.662.505

Nvt

Nvt

*

Overvraag

Het startbedrag voor de MCP in 2021 was €1.100.000. Daar zijn in 2023 een aantal tweejarige subsidies bijgekomen. Inclusief indexatie van de organisaties en instellingen die in 2024 middelen uit de MCP-regeling krijgen is €1.604.555 het beschikbare bedrag in 2024.

** Was bij aanvang vastgesteld op €1.800.000.

Meerjarige Culturele Programma’s Voor de deelregeling Meerjarige Culturele Programma’s is in de periode 2025-2028 jaarlijks een bedrag van €2.135.578 beschikbaar. Het subsidieplafond is deze ronde bereikt; er zijn zelfs extra middelen gekomen. Het verschil met het bedrag dat voor de instellingen in De Basis beschikbaar is, is groot. Dat herkent de commissie ook van andere gemeenten; overheden dragen immers bij aan de exploitatie van deze grote organisaties, met grote gebouwen. Toch stelt de commissie de vraag of een nog bredere en grotere meerjarige ondersteunde groep culturele organisaties en instellingen niet voor nog een diverser en steviger cultuurbestel zorgt, dat voor meer Nijmegenaren te bereiken is. Voor het verder uitbreiden van meerjarig ondersteunde organisaties en instellingen zouden dan extra middelen moeten komen. Ook belangrijk te vermelden is dat de commissie verwacht dat de instellingen die voor twee jaar financiële ondersteuning ontvangen over twee jaar weer zullen aanvragen. Daarnaast verwacht de commissie ook dan weer nieuwkomers, of terugkomers die nu buiten de boot vallen. Rondom de aanvraagronde over twee jaar spelen veel onzekerheden, die soms ook buiten de verantwoordelijkheid 9

van de gemeente vallen. Wat doet bijvoorbeeld het nieuwe kabinet, met de btw, met de geefwet, en met de landelijke investeringen in kunst en cultuur? Maar ook is het onduidelijk welk budget over twee jaar beschikbaar is voor de MCP. Op zijn minst het totaalbedrag voor de organisaties die nu voor twee jaar een bijdrage ontvangen (€587.452 +indexatie). Omdat je wil behouden wat je hebt, maar mogelijk ook nog wil groeien – Groei is nog steeds het vigerende cultuurbeleid – is de vraag of dit bedrag mogelijk nog wat groter moet worden. Eenjarige Culturele Subsidies Om aan te kunnen vragen bij de deelregeling Meerjarige Culturele Programma’s dient een zekere continuïteit in de organisatiestructuur en in de ingediende plannen aanwezig te zijn. Waar de commissie daar te weinig van overtuigd was en waar de plannen zich nog te veel richten op losstaande projecten, heeft de commissie besloten op dit moment niet positief te adviseren. Wel verwacht (en hoopt) de commissie een aantal aanvragers in oktober 2024, als de subsidieronde Eenjarige Culturele Subsidies 2025 plaatsvindt, terug te zien. Toch is de commissie voorzichtig: het subsidieplafond voor deze regeling is jaarlijks slechts €300.000.

10

Beoordelingscriteria De opdracht voor de commissie is om bij haar advisering de aanvragen te toetsen aan de criteria en de voorwaarden die zijn vastgesteld in de subsidieregeling. Voor zowel de MCP als De Basis luiden deze criteria als volgt: • Artistieke kwaliteit | Kernbegrippen voor de beoordeling van kwaliteit zijn vakmanschap, zeggingskracht en oorspronkelijkheid. Het gaat niet uitsluitend om bewezen kwaliteit, voortkomend uit eerder opgedane ervaring, maar ook om potentiële kwaliteit. • Uitvoerbaarheid | Bij dit criterium beoordelen we in hoeverre de aanvrager een realistisch en uitvoerbaar plan presenteert. In dit criterium komen ook Fair Practice Code en Governance Code Cultuur aan bod. • Meerwaarde voor de stad | Hier wordt getoetst of de activiteiten van toegevoegde waarde zijn op het bestaande aanbod in de stad. Er wordt gekeken of ze bijdragen aan de diversiteit van het totale aanbod in de stad. Ook wordt bekeken in hoeverre de organisatie een nieuw en/of meer divers publiek bereikt en in hoeverre een aanvrager zich bewust is van de doelgroep die hij bereikt. Voor de toelichting op de beoordelingscriteria verwijzen we naar de ’Subsidieregeling Cultuur Nijmegen’ (zie bijlage 3). Wel willen we bij een aantal criteria opmerkingen maken.

De commissie heeft alle plannen individueel beoordeeld en alle criteria moeten in beginsel voldoende zijn om tot een positief advies te komen. We hebben 38 plannen positief beoordeeld, waarna we in de integrale afweging vanwege het subsidieplafond enkele plannen alsnog hebben moeten afwijzen. De commissie concludeert dat op het criterium meerwaarde voor de stad het verschil is gemaakt.

Opmerkingen beoordelingscriteria Artistieke kwaliteit & participatie en educatie Belangrijk om te vermelden is het criterium artistieke kwaliteit. Over artistieke kwaliteit valt veel te zeggen, getuige ook het proefschrift Een waardevol oordeel, dat begin 2024 verscheen. Artistieke kwaliteit is een ‘open norm, zogezegd, die in de praktijk invulling krijgt’, aldus Pieter Bots, de auteur van het proefschrift en al jarenlang senior beleidsmedewerker bij de Raad voor Cultuur. We hechten er waarde aan om dit hier te benoemen, omdat we zelf hebben gezien dat een aantal aanvragers die zich bezighouden met cultuureducatie en -participatie, buiten de boot vallen. Er wordt vaak gezegd dat educatie en participatie als vanzelf minder kans maken. Dat is niet het geval. We hebben ook de educatie- en participatieplannen beoordeeld op vakmanschap, zeggingskracht en oorspronkelijkheid. Dat betekent dat we in het kader van educatie en participatie altijd benieuwd zijn naar: met wie (welke makers) werk je? Hoe zien de programma’s eruit voor de deelnemers? Wat wil je bij de deelnemers teweegbrengen? Dat is niet anders dan bij producerende of presenterende instellingen.

11

Uitvoerbaarheid •  Toelichting op de begroting | Meer dan eens misten we als commissie een toelichting op de begroting. Met een toelichting op de begroting kun je beoordelen of een bulkbedrag voor, bijvoorbeeld marketing & communicatie, een logisch bedrag is. Waaraan het bedrag wordt uitgegeven en hoe die post tot stand is gekomen. Net als bij bijvoorbeeld een bulkbedrag voor personeelskosten. Soms biedt het plan specificatie, maar zo nu en dan tastten we echt in het duister. We hebben gezien dat een toelichting op de begroting niet verplicht is opgenomen in de regeling. We hebben er dus niemand kritisch op beoordeeld, maar we vinden het hier de moeite van het vermelden waard. •  Eigen inkomsten/ondernemerschap | We noemden het eerder al: het valt op dat er in weinig begrotingen blijk gegeven wordt van eigen inkomsten. Dat staat in zekere zin los van de subsidieafhankelijkheid, maar geeft wat ons betreft een beeld van de financieringsmix in Nijmegen. Het geldt voor kleinere instellingen meer dan voor grote; dat is ook logisch, want het heeft vaak ook met een gebrek aan tijd te maken. Toch zou hierop inzetten op termijn iets kunnen opleveren, zeker omdat we al beargumenteerd hebben dat er altijd te weinig middelen zullen zijn.

•  Gelieerde rechtspersonen | Vaker dan eens merkten we op dat verschillende stichtingen, bv’s en of andere rechtspersonen verbonden zijn aan de aanvrager. We hebben daartoe jaarverslagen van de gelieerde rechtspersonen opgevraagd, maar deze waren niet verplicht; we hebben ze ook niet altijd gekregen. Om een goed beeld te krijgen van de financiële stromen, en daarmee ook van de subsidiebehoefte, vindt de commissie dat deze stukken in de toekomst onderdeel zouden moeten uitmaken van de subsidieaanvraag. •  Publiek en bezoekersaantallen | Het gaat niet, of dan zeker toch niet alleen, over bezoekersaantallen wanneer we als commissie plannen beoordelen. Toch valt het ons op dat een visie op en kennis van het (Nijmeegse) publiek in de plannen regelmatig ontbreekt. Kennis van het publiek is onontbeerlijk, ook als het gaat om nieuwe publieksstrategieën. De communicatie- en marketingparagrafen van een aantal van de beoordeelde organisaties zijn algemeen en weinig concreet. Daardoor kan ook niet beoordeeld worden wie in Nijmegen bereikt worden of op welke doelgroepen op welke manier extra wordt ingezet. Daar zou de commissie graag meer inzicht in hebben gekregen.

Verbinding met andere domeinen In de cultuurvisie Groei. wordt de maatschappelijke betekenis van kunst en cultuur breed uitgemeten. Het gaat dan met name over de verbinding van kunst en cultuur met andere domeinen, zoals het sociale domein (zoals zorg, wijkgericht werken), economie (zoals toerisme, binnenstad), onderwijs en meer. De intrinsieke waarde van kunst en cultuur staat voorop, maar vanwege die intrinsieke waarde kunnen kunst en cultuur ook waarde hebben op andere domeinen. We zien dat er wel degelijk veel organisaties zijn die zich bezighouden met maatschappelijke vraagstukken: in wijken, binnen de zorg of anderszins. Problematisch is dat dit soort projecten vaak alleen met cultuurgeld worden gefinancierd en dat ze vaak incidenteel plaatsvinden. Er is nauwelijks ruimte om dit structureel aan te pakken. Meer en meer zien we voorbeelden waarin of overheidsafdelingen of organisaties vanuit verschillende domeinen samenwerken om dit soort projecten te financieren. Het zou mooi zijn als gemeente Nijmegen hiertoe ook de handschoen oppakt.

12

Hoe hebben we naar de codes gekeken? Fair Practice We zien dat veel organisaties zich bewust zijn van Fair Practice. Dat is mooi. We zien echter ook dat het daarbij erg vaak gaat over Fair Pay, en niet over de rest van de Fair Practice. Fair Practice bestaat uit vijf kernwaarden (solidariteit, diversiteit, vertrouwen, duurzaamheid en transparantie) en drie principes (Fair Pay, Fair Chain en Fair Share). Een van de belangrijkste vinden we als commissie gezond en veilig werken en dat gaat verder dan alleen Fair Pay. We zien vertrouwenspersonen terugkomen in plannen, gedragscodes en er wordt aandacht aan sociale veiligheid besteed. We blijven benadrukken dat aandacht voor alle elementen uit deze code aandacht verdienen. Dat niet alles tegelijk kan, daar hebben we ook begrip voor.

Governance Code Cultuur Deze code valt eigenlijk (deels) onder de transparantie van de Fair Practice. Weet je wie de beslissingen maakt? Heeft je bestuur of je rvt een statuut? Is er een aftreedschema. Zo heeft deze code acht principes waarover je als culturele organisatie na zou moeten denken. Ook als je maar een kleine organisatie bent. We zien te vaak nog terug dat men de Governance Code onderschrijft, maar dat niet duidelijk wordt wat het onderschrijven betekent. Code Diversiteit & Inclusie Deze code blijft een hoofdbreker: niet iedereen hoeft alles voor iedereen te doen. Kies je publiek. Wel vindt de gemeente dat je een inspanning moet leveren om je publiek te verbreden en/of te vergroten en dat alle culturele organisaties samen alle Nijmegenaren zouden moeten bereiken. Dat is natuurlijk veel gevraagd. Maar toch zien we weinig terug van inspanningen op de vier P’s: programma, personeel, publiek en partners. Daar liggen kansen.

Een aantal algemene opmerkingen Maximaal aantal pagina’s Dit keer was de regeling streng in het aantal toegestane pagina’s. Dat gold alleen voor de MCP. De instellingen in De Basis waren vrij in het aantal woorden. Het is goed om het aantal voor de MCP iets te verhogen en die voor De Basis in te perken. Een maximum van 20 pagina’s is gangbaar. Iets te vaak hoorden we nu dat er toch net te weinig ruimte was om goed uit te kunnen leggen wat de komende vier jaar de plannen en strategie zijn.

Vestigingsklimaat voor makers Meer organisaties dan vorige rondes zijn zich bewust van het feit dat een stad waar makers wonen, meer mogelijkheden bieden. Ze willen zich inzetten voor makers, al dan niet door talentontwikkeling. Nog steeds is Nijmegen geen echte makersstad – en wordt gezegd dat Arnhem de maakstad is, vanwege ArtEZ, en Nijmegen de presentatiestad – maar eigen makers zijn voorbeelden voor anderen en 13

aanjagers van talentontwikkeling, verandering en het bereiken van jonge mensen. De commissie is verheugd dat er makers zijn die in de MCP-regeling terecht zijn gekomen, zoals De Staat en Sven Ratzke.

Blik op de disciplines Vier jaar geleden misten we als commissie de discipline theater, nu zien we dat theater zeker vertegenwoordigd is in de MCP, met Schouwburg, LUX en De Lindenberg als presentatieplekken. We vinden dat een mooie toevoeging aan de brede infrastructuur die Nijmegen rijk is. (Pop)muziek is nog altijd flink vertegenwoordigd en de beeldende kunst trekt ook aan, met een mooie mix van organisaties. Het is nog steeds een zegen voor de stad dat aanvragers niet binnen genres moeten aanvragen. Organisaties zoals Schemerlicht, Hubert en Kunstnacht kunnen zich op die manier multidisciplinair ontwikkelen, zonder dat ze in hokjes hoeven te passen. Daarbij ziet de commissie dat er vanuit de eenjarige subsidies en coronaregelingen zeventien nieuwkomers een aanvraag hebben ingediend, waarbij er over acht plannen positief is geadviseerd en over negen plannen niet. De meeste komen uit de Eenjarige Culturele Subsidies; de commissie constateert dat doorstroom mogelijk is. Er zijn niet veel organisaties die na de afgelopen vier jaar niet opnieuw hebben aangevraagd. Van de aanvragers die we terugzien, ontvangen helaas zes een negatief advies.

14

Conclusie en aanbevelingen Naar aanleiding van de discussies tijdens het bespreken van de aanvragen, de integrale afweging en de algemene bevindingen doet de commissie een aantal aanbevelingen. • Broedplaatsen | We hebben al vaak gepleit voor maakplekken, third places, broedplaatsen. Plekken waar geëxperimenteerd kan worden door makers, waar gepresenteerd kan worden door makers en mogelijkmakers. Waar dingen mogen mislukken. De gemeente ontwikkelt op dit moment haar broedplaatsenbeleid, de commissie wil hier nogmaals meegeven dat broedplaatsen als culturele hubs belangrijk zijn bij gebiedsontwikkeling, maar ook in de wijken. Ze vormen een katalysator voor een gebied en zijn placemakers. Ze ziet de uitwerking van het broedplaatsenbeleid met veel plezier tegemoet – en hoopt hierin de samenwerking met vastgoed ook terug te zien. • Vastgoed | De gemeente is verantwoordelijk voor de gebouwen van de organisaties in De Basis. Ook in de MCP zien we huisvestingsproblematiek: organisaties zijn op zoek naar nieuwe panden, en/of de huisvestingskosten zijn zo gestegen dat ze van invloed zijn op (het aantal) activiteiten van een organisatie. De commissie hoopt dat de afdelingen cultuur en vastgoed (en mogelijk gebiedsontwikkeling) de komende jaren samen optrekken om deze problematiek het hoofd te kunnen bieden. • Integrale aanpak | Dat geldt ook voor de verbinding met andere domeinen.

Wil je kunst en cultuur structureel inzetten bij wijkaanpak, gebiedsontwikkeling, binnenstad, economie, enzovoort, dan zal dat in gezamenlijkheid moeten. Dat gaat ook over het nadenken over voorzieningen, dat gaat ook over financiële mogelijkheden voor kunst en cultuur binnen andere domeinen bij andere afdelingen van de gemeente. • Nachtcultuur | De gemeente denkt ook na over beleid op het gebied van nachtcultuur. Daar kunnen bovengenoemde maak- en presentatieplekken een rol in spelen, maar de commissie adviseert ook na te denken over financiering van de nachtcultuur, die in de MCP nog niet goed terug te zien is. Er zijn voorbeelden in het land waarbij een nachtvisie gepaard gaat met al dan niet eenmalige subsidieregelingen om de nachtcultuur een boost te geven. De commissie vindt dat aansprekende voorbeelden. • Infrastructuur | De commissie ziet dat in de MCP weinig plek is voor participatie en educatie. De educatie is belegd bij De Lindenberg, en komt in sommige andere plannen terug. Participatie zit voor een deel ook bij de amateurkunst. Toch kan het volgens de commissie geen kwaad deze waardevolle onderdelen van het culturele ecosysteem eens onder de loep te leggen en te bekijken of iedereen toegang heeft tot kunst en cultuur, via educatie of participatie. • Publiek | Zowel actieve als passieve cultuurparticipatie is waardevol.

De commissie ziet dat de kennis over het publiek hier en daar nog wat te wensen overlaat. Investeren in gezamenlijk publieksonderzoek, al dan niet op basis van doelgroepsegmentatie, al dan niet geïnstigeerd door de gemeente, kan waardevol zijn om zicht te krijgen op welke Nijmegenaren wel en welke niet worden bereikt. Op die manier kan de culturele sector ook gerichter inzetten op Nijmegenaren die nog niet bereikt worden. Niet iedereen hoeft er voor iedereen te zijn, maar in gezamenlijkheid wil je er wel voor iedereen zijn. • Festivalhuis | Het festivalhuis is ook door de commissie enthousiast ontvangen. De commissie had gehoopt er meer van terug te zien: afstemming over wanneer de festivals plaatsvinden, efficiëntie in de backoffice, mogelijke andere samenwerkingen. Dat betaalt zich nog niet uit, hoewel de aanvragers wel spreken van positieve effecten. De commissie hoopt dat hier nog een efficiëntieslag gemaakt wordt, onder meer over de afstemming in de data. 15

• Museumvisie | De commissie heeft geadviseerd de aanvraag van het muZIEum niet te honoreren, omdat deze te weinig aansloot bij de uitgangspunten van de regeling en van Groei. Dat neemt niet weg dat ze de meerwaarde van het museum voor de stad heel groot vindt. Vier jaar geleden vond iets vergelijkbaars plaats met De Bastei. De commissie pleit nu voor een museumvisie, waarin Valkhof Museum, muZIEum, De Bastei, doorontwikkeling Wereldmuseum, maar ook Nationaal Fietsmuseum Velorama, Museum Kinderdorp Neerbosch, Gebroeders van Lymborchhuis, Museum voor Anatomie en Pathologie en misschien zelfs het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis een plek krijgen. Musea gaan over erfgoed én over kunst en cultuur. Ze passen niet helemaal, soms helemaal niet, bij de uitgangspunten van de cultuurvisie, maar ze zijn belangrijk voor de stad, haar erfgoed, haar aantrekkingskracht. Ze kunnen elkaar ook versterken. De commissie is van mening dat een integrale visie op het museumlandschap in Nijmegen, én de ondersteuning vanuit de gemeente daarvan, de musea steviger kan positioneren. • Nieuwkomers | De afgelopen jaren heeft een aantal organisaties gewerkt met nieuwkomers en vluchtelingen. Sommige van die organisaties zijn nu ook weer uit beeld. Kunst en cultuur helpen bij de zorg voor vluchtelingen en andere nieuwkomers, bij je ergens welkom voelen en bij de integratie. Belangrijk, aldus de commissie.

Omdat we organisaties hebben zien komen en gaan, spreken we de wens uit dat het werken met vluchtelingen verduurzaamd kan worden. • MCP over twee jaar | Een groot deel van de aanvragers heeft voor twee jaar aangevraagd. Dat betekent dat ze over twee jaar weer moeten aanvragen. De commissie vraagt de gemeente om de kaders voor over twee jaar zo snel mogelijk vast te leggen, en de extra middelen die nu in de MCP zijn gekomen structureel te maken. Als die extra middelen over twee jaar niet beschikbaar zijn, zal de MCP-ronde in 2026 (voor 2027-2028) lijken op een bezuiniging. • Culturele Hoofdstad | De commissie vindt het getuigen van moed en dapperheid om te verkennen of Nijmegen culturele hoofdstad kan worden in 2033. Ze denkt dat er met wat er nu is een mooie basis ligt. • 025 & het nieuwe bestel | We herhalen het advies hier ook nog eens. Kijk verder dan de stadsgrenzen en trek samen op. Dat lukt al als het gaat over culturele hoofdstad, maar er is misschien nog wel meer te halen. Houd de landelijke ontwikkelingen over het nieuwe bestel scherp in de gaten. Meld je, waar het kan, als gemeente die wil experimenteren – en loop op de troepen vooruit.

16

Slot Het is voor de commissie mooi om de ontwikkeling te zien die vanaf 2019, vanaf het verschijnen van de cultuurvisie, is ingezet. Nijmegen is een stad waar kunst en cultuur thuishoort. Het organiseren van kunst en cultuur voor iedereen is met deze budgetten nog best ingewikkeld; en kijk je landelijk naar wat per hoofd van de bevolking in gemeenten aan kunst en cultuur uitgegeven wordt, dan is er ook in Nijmegen nog groei mogelijk. Maar we zien, al met al, ook nu al groei. En bloei. Het wordt steeds duidelijker dat cultuur bijdraagt aan brede welvaart. Aan hoe gelukkig mensen zijn. En aan een gezonde en sociale samenleving. Ook in Nijmegen.

17

De Basis 2025-2028

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

Openbare Bibliotheek Gelderland Zuid Bibliotheekorganisatie

Over de instelling in 2025 - 2028 In de afgelopen beleidsperiode heeft de Openbare Bibliotheek Gelderland Zuid (OBGZ) de beweging gemaakt van aanbod- naar vraaggericht. In de komende periode (2025-2028) wil ze impactgericht gaan werken. Ze concentreert zich op maatschappelijke problemen en zoekt naar oplossingen die de levens van inwoners uit hun werkgebied positief beïnvloeden. Hierbij richt de OBGZ zich meer dan ooit op gelijke ontwikkelkansen voor iedereen en haar rol als aanjager van de maatschappelijke dialoog. Vier gebieden vormen de komende jaren de rode draad van de dienstverlening van de OBGZ. Zo richt ze zich ten eerste op ‘Ontwikkeling jeugd’: ieder kind en iedere jongere hebben dezelfde kansen om zich te ontwikkelen tot een (digi)taalvaardige, nieuwsgierige en geïnformeerde burger. Daarnaast richt ze zich op ‘Taal & Digitale groei: iedere volwassene kan meedoen in de talige en digitale maatschappij. Verder is de bibliotheek een plek voor ‘Kennis, Ontmoeting & Verblijf’. En ten slotte ligt de focus op ‘Ontspanning, Verdieping & Verrijking’: iedereen heeft fysiek en digitaal, zonder drempels toegang tot inspirerende literatuur en cultuur.

Subsidieadvies De commissie adviseert €6.937.653 toe te kennen voor een periode van vier jaar.

Inhoudelijke beoordeling aan de hand van de criteria Artistieke kwaliteit De OBGZ draagt met drie heldere programmalijnen bij aan de cultuurvisie Groei.: kunst en cultuur voor en door iedereen, het vergroten van de aantrekkingskracht van Nijmegen door middel van cultuur en ruimte voor innovatie en creativiteit. In al deze programmalijnen prevaleert de betekenis voor de samenleving. De komende beleidsperiode gaat de OBGZ nog meer impactgericht werken. Impactgericht werken betekent dat de aanvrager kwaliteit verkiest boven kwantiteit. In eigen woorden: ‘We zijn dus niet zo zeer gericht op méér activiteiten, méér bezoekers en méér leden, maar op de kwaliteit van ons aanbod en waardevol gebruik van de bibliotheek, waarmee we uiteindelijk ook impact creëren op persoonlijke levens.’ Onderdeel van deze ontwikkeling is ook dat de OBGZ niet langer denkt in ‘leden’, maar in ‘betrokken gebruikers’ van al haar vestigingen. Daarmee laat de aanvrager zien met zijn tijd mee te gaan. In het verlengde van impactgericht werken onderzoekt de OBGZ hoe zij het effect van haar inspanningen beter meetbaar kan maken. Zodat ze - naar eigen zeggen - de juiste dingen doet, op het juiste moment, voor de juiste doelgroep, op tijd kan bijsturen én haar meerwaarde kan laten zien. Dat juicht de commissie toe. Ze is onder de indruk van de maatschappelijke rol die de OBGZ vervult. Ze wil de 19

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

aanvrager wel op het hart drukken de culturele waarden hoog op de agenda te houden en niet te laten ondersneeuwen te midden van alle sociaal- maatschappelijke functies. De commissie had graag een uitgebreidere visie gelezen op de waarde van taal, boeken lezen in het algemeen en van literatuur in het bijzonder. Uitvoerbaarheid De OBGZ overlegt een beknopte maar sterke aanvraag waarin de professionaliteit in alle lagen van de bedrijfsvoering naar voren komt. De plannen sluiten aan bij de programmalijnen en ogen realistisch. Bovendien constateert de commissie dat de plannen mooi aansluiten bij de cultuurvisie Groei. De begroting is helder maar rudimentair. De commissie constateert dat de subsidiebehoefte stevig toeneemt: van 6,9 miljoen euro in 2025 tot 7,8 miljoen euro in 2028. De verklaring daarvoor is een stijging in personele lasten en huisvestingskosten. Loffelijk is het streven om 80 procent van de gemeentelijke subsidie te laten terugvloeien in de lokale economie. De commissie had graag gelezen waarom dat percentage nu nog op het niveau van 65 procent zit. De grootste financieringsposten in deze aanvraag zijn personele kosten - het kapitaal van de organisatie - en de exploitatie van de locaties. De commissie vindt het goed dat er een paragraaf aantrekkelijk werkgeverschap is opgenomen in de aanvraag, al is deze weinig concreet.

Vooral het vinden van vrijwilligers is een risico, waarop de commissie graag reflectie had gezien. Voor de afzonderlijke activiteiten worden fondsen aangeschreven. De commissie had deze financiering graag teruggezien op de begroting, omdat daarmee helderder wordt hoeveel geld naar projecten en daarmee specifiek naar cultuur gaat. Met de nieuwe Bibliotheekwet komt meer geld beschikbaar om bibliotheekvoorzieningen (weer) voor iedereen bereikbaar te maken. De Bibliotheek heeft plannen voor de herinrichting van de Mariënburg, de doorontwikkeling van de vestiging in Dukenburg en de opening van een vestiging in NijmegenNoord. De commissie hoopt dat extra middelen van het Rijk voor bibliotheken, die via de gemeente verdeeld worden, ingezet kunnen worden voor de ontwikkeling van deze locaties. Dat deze ontwikkelingen buiten deze aanvraag is gehouden is logisch, maar geeft een vertekend beeld van de subsidiebehoefte van de bibliotheek. De codes staan adequaat beschreven. De Governance Code Cultuur wordt punt voor punt behandeld en nageleefd. Prijzenswaardig vindt de commissie dat de reflectie op de Fair Practice Code verder gaat dan alleen fair pay, maar ook ingaat op fair share en fair chain. Van een organisatie met een groot medewerkersbestand en honderden vrijwilligers had de commissie wel een visie op sociale veiligheid verwacht.

De aanvrager overlegt een sterke marketingparagraaf met een heldere visie op ‘boeien en binden’. De OBGZ is nu vijf jaar bezig met het verzamelen van data van haar doelgroepen om meer impactgericht te kunnen werken. Dat juicht de commissie toe, maar ze had wel graag een concretisering van deze aanpak willen lezen. Sterk vindt de commissie dat aanvrager die data ook met de andere instellingen in De Basis en de gemeente wil delen, zodat geen dubbel werk wordt gedaan. Meerwaarde voor de stad Vroeger gingen mensen naar de bibliotheek voor een boek of voor een cd. De OBGZ is nu een huiskamer van de stad waar informatie gedeeld wordt en ontmoeting belangrijk is. De aanvrager is in die landelijke ontwikkeling prima meegegaan en staat open voor iedereen. Ze draagt met haar activiteiten bij aan een inclusiever Nijmegen, een stad waarin mensen elkaar verstaan en begrijpen en iedereen gelijke ontwikkelkansen heeft. Met het Taalcafé, Taalhuis en het Digitaal Café stimuleert de Bibliotheek 20

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

de talige en digitale vaardigheden van Nijmegenaren, niet alleen in haar vestigingen, maar op verschillende locaties in de wijk. Ook speelt ze een belangrijke rol in de gezinsaanpak van laaggeletterdheid. Een sterk punt is dat de OBGZ datagedreven invulling geeft aan haar rol in de stad. Ze schuift aan bij het overleg in de brede sociale basis, maar is nog niet altijd de natuurlijke partner die ze zou willen zijn. Ook het feit dat de OBGZ deelnemer is in de Cultuur en Welzijn Alliantie kan veel opleveren. De commissie vindt deze alliantie een aansprekend voorbeeld van de synergie van twee domeinen, die ook in het gesprek met de gemeente iets zou kunnen opleveren. Daarnaast werkt OBGZ met alle literaire partners in de stad intensief samen aan aansprekende programmering, zoals Kletskoppen Kindertaalfestival, een Avond vol Boeken, en Kids’n’ Billies. De commissie hoopt dat de aanvrager zich ook blijft verbinden met andere culturele instellingen. De Code Diversiteit & Inclusie heeft de aanvrager goed in het vizier. De OBGZ werkt volgens de vier P’s: publiek, partners, programma en personeel. Zes thema’s, voortgekomen uit teambesprekingen en personeelsdagen, kregen een specifiekere uitwerking. ‘In totaal zijn inmiddels 33 specifieke acties uitgevoerd om de organisatie op dit vlak te verbeteren, van genderneutrale toiletten tot een inclusievere selectieservice,’ aldus de aanvrager.

Hij constateert zelf dat vooral in de diversiteit en inclusie van het personeel nog een slag te winnen valt. De commissie hoopt dat de OBGZ daarin de komende beleidsperiode de nodige stappen zet. Voor iedere leeftijdscategorie en doelgroep zijn er activiteiten of een event. Een sterk streven vindt de commissie dat de OBGZ niet alleen haar doelgroepen goed wil bedienen, maar ze in het kader van community building ook onderling wil verbinden en ze een stem wil geven in de ontwikkeling van de bibliotheek(locaties) via het principe of-by-for all. De aanvrager wil meer gaan programmeren met en voor jongeren, en hoopt uit die pool nieuwe vrijwilligers te kunnen werven. De commissie is nieuwsgierig naar de resultaten daarvan, juist omdat het vrijwilligersbestand vergrijst. Binnen het Nederlandse netwerk van 140 bibliotheken profileert de OBGZ zich als de instelling die zich vooral richt op sociale innovatie. Ze wil via het versterken van sociale vaardigheden mensen en groepen met verschillende culturele achtergrond met elkaar in gesprek brengen om polarisatie tegen te gaan en te zorgen voor meer verbinding. Dat vindt de commissie binnen het veld een prima positionering.

21

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

Cultuurhuis de Lindenberg Cultuureducatie en -participatie

Over de instelling in 2025 - 2028 De missie van de Lindenberg is persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijke verbinding door middel van kunst en cultuur te bieden. In cultuureducatie ligt de bestaansgrond van de instelling. Kansenongelijkheid en laagdrempeligheid vormen daarbij belangrijke uitgangspunten. De afgelopen jaren is de Lindenberg flink gegroeid, en de groei zet door. Er is meer vraag vanuit het onderwijs; met name de vraag uit het VMBO en middelbaar beroepsonderwijs groeit. Het aantal cursisten in de vrije tijd neemt in alle leeftijdsgroepen toe. Die groeiende vraag koppelt de Lindenberg in de komende periode aan blijvende doorontwikkeling van het aanbod, die aansluit op de vraag van bewoners. Naast innovatie van het aanbod ziet de Lindenberg vier belangrijke opgaven voor de komende periode: het vergroten van de toegankelijkheid, het vergroten van de maatschappelijke betekenis, het verstevigen van de samenwerking met het onderwijs en last but not least: een vernieuwd gebouw.

Subsidieadvies De commissie adviseert €4.680.908 toe te kennen voor een periode van vier jaar.

Inhoudelijke beoordeling aan de hand van de criteria Artistieke kwaliteit Mensen aanmoedigen tot actieve kunstbeoefening, artistieke en creatieve ontwikkeling en persoonlijke ontplooiing is de corebusiness van Lindenberg Cultuurhuis. Doel is om mensen in Nijmegen en omgeving zowel gelukkiger als weerbaarder te maken. Dat vindt de commissie een lovenswaardige propositie. Dit doet de instelling via haar podium, via cursussen in de vrije tijd zoals muziek, dans, beeldend en technologie, schrijven en theater en via cultuureducatie op scholen. Voor de komende beleidsperiode heeft de Lindenberg vijf opgaven geformuleerd. Stuk voor stuk heldere doelstellingen, die de commissie graag meer uitgewerkt had gezien. Buiten de vijf opgaven gaat de Lindenberg voort op de ingeslagen weg. Dat vindt de commissie logisch. De laatste jaren was er groei in aantal cursussen (voor cursisten van alle leeftijden), meer samenwerking met onderwijs en zorg en meer aanwezigheid in de wijken. De zeggingskracht van de activiteiten is imposant, alleen al gezien het aantal mensen dat de Lindenberg bereikt. Belangrijker nog is de impact die met de activiteiten gegenereerd wordt. De podiumfunctie van de Lindenberg is drieledig: professioneel aanbod, interne producties en presentaties, en culturele verhuur.

Naar eigen zeggen van de Lindenberg vloeien receptieve en actieve cultuurparticipatie steeds meer in elkaar over: voorbeelden daarvan zijn de meemaakpodia en de begeleiding naar een presentatie vanuit de eigen cursussen. Daarin pakken de kernwaarden toegankelijkheid en participatie een zwaardere rol dan de artistieke kwaliteit. Daarmee vervult de 22

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

instelling een andere podiumfunctie dan aanbieders als Stadsschouwburg Nijmegen en Concertgebouw De Vereeniging en LUX. Het professionele aanbod richt zich voornamelijk op (jeugd)theater en cabaret voor zowel volwassenen als kinderen. Deze duidelijke positionering juicht de commissie toe. De aanvrager draagt zo bij aan de artistieke groei van de stad van onderop. De podiumprogrammering kent drie thematische pijlers: Schoonheid en troost voor iedereen, Vrijheid en democratie en Toekomstlab. Dat vindt de commissie interessante thema’s. De aanvrager reflecteert op de medewerker van de toekomst. Daaronder vallen ook de vakdocenten die de kwaliteit van het artistieke programma moeten borgen. De commissie mist een beschrijving van welke kwaliteit de Lindenberg nastreeft om het vakmanschap op niveau te houden. De aanstelling van een medewerker Toegankelijkheid is in dat perspectief overigens hoopgevend. De bedoeling is dat deze medewerker nieuwe mensen naar de Lindenberg weten te trekken, waaronder logischerwijs ook docenten waarmee de instelling vernieuwing en diversiteit in het aanbod kan bewerkstelligen. De Lindenberg ontdekt en stimuleert talentvolle cursisten, helpt hen de weg te vinden naar eerste presentaties en optredens.

Om doorstroom naar andere speelplekken en om het leren van professionals te bevorderen, biedt ze talentontwikkelingsprogramma’s aan, in samenwerking met andere Nijmeegse culturele organisaties en partners uit andere domeinen. Via het Meemaakpodium bereikt de instelling nieuwe doelgroepen en begeleidt ze hen naar het podium. De commissie is van mening dat de instelling met al deze initiatieven de spin in het web is van het Nijmeegse ecosysteem op het gebied van cultuurparticipatie. Uitvoerbaarheid De Lindenberg presenteert een realistisch plan, met heldere doelen en bijpassende activiteiten. De aanvrager beschikt ook over de benodigde kennis en ervaring om het projectplan te verwezenlijken. De commissie is benieuwd naar de consequenties van de voorgenomen (ver)nieuwde huisvesting voor de uitvoering van de programmaonderdelen, voor de capaciteit en het personeel. Daarop had ze graag reflectie gelezen. De commissie is zeer te spreken over het uitgebreide toetsingskader op de strategische beleidsvisie met de vijf geformuleerde opgaven voor de komende periode. De Lindenberg zet stevig in op impact en wil ook de waarde daarvan bepalen met behulp van de Social Profit Canvas-methode. Ook dat juicht de commissie toe. De begroting is weinig inzichtelijk. De commissie had graag willen lezen hoeveel geld er per programma beschikbaar is.

De gemeentelijke subsidie bedraagt 42 procent van de begroting. De commissie constateert dat dat redelijk marktconform is. In de periode 2021-2024 is een flinke groei gerealiseerd, en er is nog steeds groei gaande (groeiende vraag uit onderwijs, meer cursisten, meer amateurbeoefenaars, en steeds meer samenwerking met andere domeinen. Als het (financiële) beleid van de laatste jaren wordt voortgezet (meer omzet, minder afhankelijk van subsidie en een betere vermogenspositie) gaat De Lindenberg een (financieel) gezonde periode tegemoet. De Lindenberg overlegt een passend marketing- en communicatieplan en denkt goed na over haar publieksbereik en imago. Opvallend vindt de commissie dat net als vier jaar geleden stevig wordt ingezet op digitalisering en online marketing. De commissie onderschrijft deze herhaalde ambitie: de Lindenberg ziet kansen om via online middelen een nog groter publiek te bereiken. De aanvrager reflecteert uitgebreid op de codes. De principes van de Governance Code Cultuur zijn 23

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

goed uitgewerkt. De commissie juicht het toe dat de reflectie op Fair Practice veel verder gaat dan alleen fair pay. De bezoldiging is goed uitgewerkt, en daarnaast schetst de aanvrager een beeld van de medewerker van de toekomst, formuleert hij de morele ambitie van de instelling, wijdt zij een paragraaf aan solidariteit en aan duurzaamheid. Ook de sociale veiligheid staat volop in de aandacht, met onder meer zowel een interne als een externe vertrouwenspersoon. Meerwaarde voor de stad De Lindenberg heeft een belangrijke rol in het toegankelijk maken van kunst- en cultuurparticipatie en -educatie in de stad. De instelling staat aan de bakermat van de culturele ontwikkeling van ruim 47.000 Nijmeegse leerlingen per jaar. Dat betekent dat vrijwel ieder kind in Nijmegen van cultuureducatie kan genieten. Alleen al dit gegeven onderstreept de meerwaarde van de Lindenberg voor Nijmegen. Daarnaast zijn er nog de cursisten, de bezoekers van voorstellingen en de deelnemers aan wijkgerichte activiteiten. Om van toegevoegde waarde voor de stad te blijven, beweegt het aanbod van de Lindenberg mee op de golven van maatschappelijke veranderingen. De aanvrager legt dat zelf als volgt uit: ‘Omdat ons aanbod antwoord geeft op vragen die leven in de stad. Omdat wij de vragen kunnen vertalen naar verbinding en een groter gevoel van welzijn voor de inwoners van (de regio) Nijmegen.

Omdat wij expert zijn in het vertalen van vragen naar culturele activiteiten.’ Dit sturen op sociale input vindt de commissie een sterk principe. Met haar veelheid van activiteiten bereikt de Lindenberg een breed publiek. De commissie constateert dat de aanvrager zich goed bewust is van zijn doelgroepen. Daarbij geeft de Lindenberg ook rekenschap aan de Code Diversiteit & Inclusie. De aanvrager beschrijft helder welke stappen gemaakt gaan worden ten aanzien van een divers programma en een nieuw en divers publiek. De Lindenberg heeft zich de afgelopen jaren ontwikkeld als brede samenwerkingspartner voor een scala aan podiumkunsten, cultuureducatie, talentontwikkeling en het domein zorg en welzijn. De commissie constateert dat de instelling van een waardevolle maar enigszins introverte speler getransformeerd is naar een toegankelijke en geliefde samenwerkingspartner die in staat is om dromen vanuit de stad waar te maken. Domein-overstijgend werken zit in de genen van de Lindenberg. Zo is onderwijs een voordehand liggende partner. Samen met OBGZ, Bindkracht10 en Sterker Sociaal Werk vormt de aanvrager sinds 2021 de Cultuur en Welzijn Alliantie. Door de expertises te bundelen wordt ingezet op cultuur als interventie op het terrein van zorg en welzijn, met directe impact op de levens van inwoners van Nijmegen.

Daarnaast is de Lindenberg een belangrijke gesprekspartner voor de gemeente, in de alliantie en in de sociale basis. Bovendien heeft De Lindenberg sinds 2024 een nieuwe afdeling Cultuur & Maatschappij, die domein-overstijgend werkt. Ze haalt vragen uit de stad op en probeert hierop antwoorden te formuleren. Dat gebeurt vaak in de vorm van projecten die structureel worden als de vraag blijft bestaan en de middelen het toestaan. De commissie vindt de afsluiting van het beleidsplan met een paragraaf over ethiek voorbeeldig. Daarin formuleert de aanvrager de grondslag van zijn handelen: ‘We stellen ons de vragen of de mens voorop staat in onze organisatie en bij onze afwegingen. [..] Als het gaat om beheersing van processen, het aanbieden van cursussen of bedrijfsmatige afwegingen, kijken we dan voldoende naar de menselijke maat? Zowel die van de medewerker als van de bezoeker, leerling of cursist? [..] De culturele codes bieden ons handvatten die we actief naast ons werken leggen om ons bij de les 24

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

te houden. In ons beleid verwerken we de codes en bij ieder nieuw plan stellen we onszelf vragen als, voor wie doen we het? Is het een daadwerkelijke verbetering? Zet het mensen in hun kracht? Zijn we voldoende genuanceerd? Sluiten we niemand uit?’

25

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

Doornroosje Poppodium

Over de instelling in 2025 - 2028 Doornroosje is niet alleen een poppodium, maar ook een actieve speler in het popklimaat van de stad, de regio en het land. Ze streeft ernaar nieuwe kansen voor muziek te grijpen en een breed scala aan doelgroepen te trekken. Doornroosje zoekt een optimale balans tussen inhoudelijke kwaliteit, bezoekersaantallen en financiën. Post-corona organiseerde Doornroosje in 2022 en 2023 meer shows dan ooit. Daarmee trok het podium een recordaantal bezoekers. De koers voor de komende vier jaar ligt in lijn met dat wat Doornroosje de afgelopen jaren heeft gedaan: de samenkomst van artiest en publiek faciliteren. De inhoudelijke kwaliteit van de programmering is daarbij het vertrekpunt. Het in stand houden van de Nijmeegse popketen van presentatieplekken is voorwaardenscheppend. Waar mogelijk ontwikkelt Doornroosje deze keten verder. Concrete plannen daarvoor zijn het realiseren van de nieuwbouw voor Merleyn – geen onderdeel van deze aanvraag – en het initiëren van festivals voor specifieke genres en publiek.

Subsidieadvies De commissie adviseert €1.762.035 toe te kennen voor een periode van vier jaar.

Inhoudelijke beoordeling aan de hand van de criteria Artistieke kwaliteit De missie van Doornroosje We Do Music! heeft in ruim tien jaar niets aan zeggingskracht ingeboet en krijgt over de volle breedte invulling. De artistieke kwaliteit van de programmering is hoog, o ndanks dat daaraan geen dominante artistieke visie ten grondslag ligt. De aanvrager zegt daar zelf over: ‘We stimuleren muzikale ontwikkeling en brengen doorlopend de nieuwe aanwas van genres en artiesten voor het voetlicht, voor een divers publiek dat zich continu vernieuwt. Programmakansen en –verantwoordelijkheden worden structureel geïdentificeerd. Zo worden hiaten voorkomen, neemt verscheidenheid toe en komen we samen tot plannen.’ Dat vindt de commissie een adequate artistieke werkwijze voor een poppodium, mede doordat de programmeurs ruim baan krijgen voor het programmeren van wat zij belangrijk en goed vinden. Het geloof in het vakmanschap van de programmeurs is bewonderingswaardig en terecht, gezien het trackrecord van de instelling. De commissie signaleert wel dat het programmateam met vier kernprogrammeurs kwetsbaar oogt. Prijzenswaardig vindt ze dat Doornroosje lokale programmeurs de kans geeft hun muzikale ideeën met de stad te delen.

Onder het motto Life is better with Live biedt Doornroosje ook de komende jaren een breed programma waarbij - in de woorden van de aanvrager - ‘urgentie, oorspronkelijkheid, relevantie, verscheidenheid, vakbekwaamheid voorop staan.’ Op het programma - en het verlanglijstje- staan kwalitatief hoogstaande acts, zowel nationaal, lokaal als internationaal. Daarbij wordt experiment niet 26

Commissie Groei. De Basis 2025-2028

geschuwd en staan zowel oorspronkelijkheid als diepgang centraal. Er is ook ruimte voor bekende namen die een groot publiek kunnen trekken. De zeggingskracht van het programma is groot, met een veelheid aan activiteiten voor een recordaantal bezoekers (in 2023). Toch staat voor Doornroosje in de programmering niet het maximaliseren maar het optimaliseren van de bezoekersaantallen voorop. Dat vindt de commissie een sterk artistiek principe. Uitvoerbaarheid Doornroosje overlegt een sterk plan met heldere doelstellingen. De instelling zet haar (professionele) organisatie, locaties en bijbehorende faciliteiten optimaal en kosteneffectief in om die doelen te bereiken. Doornroosje geeft aan dat er in het algemeen geen grote wijzigingen en/ of investeringen zijn voorzien. De focus ligt op organische groei met de huidige staf en inventaris. Dat vindt de commissie een gezond uitgangspunt. De kennis en ervaring om het beleidsplan uit te voeren zit bij enkele zeer ingevoerde medewerkers aan zowel de inhoudelijke als de zakelijke kant. Vanuit het belang dat Doornroosje aan de festivals hecht, is zij al jarenlang betrokken bij een aantal (grotere) buitenfestivals. Besloten is om deze gegroeide praktijk formeel juridisch juist vast te leggen. Doornroosje zal vanaf 2025 Oranjepop en Bevrijdingsfestival als projecten binnen de exploitatie van Doornroosje organiseren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Nijmegen&id=31a6e2ba-a3a1-476c-b696-db6640cee1cf