2023-144 Bijlage 1 Rekenkameronderzoek Volkshuisvestingsbeleid gemeente Nieuwegein.pdf
Tekst van het document
4.3.2 Doel: realiseren van 1.000 woningen verzorgd wonen tot 2030 (bestaande bouw en nieuwbouw) Een ander doel was om doormiddel van nieuwbouw en transformatie te voorzien in voldoende nultredenwoningen en verzorgd wonen (1.000 extra verzorgd wonen woningen tot 2030). Dit onder andere door met
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
42
woningcorporaties afspraken te maken over het geschikt maken van hun voorraad voor verzorgd wonen, marktpartijen te stimuleren woningen voor ouderen en mensen met een fysieke beperking te bouwen binnen de zorgcirkels en zelf voorrang te geven aan de realisering van woningen voor ouderen en mensen met een fysieke beperking bij de uitgifte van gemeentegrond binnen de zorgcirkels.
GEMEENTE GEEFT RICHTLIJNEN PASSEND BOUWEN MEE BIJ ONTWIKKELINGEN IN ZORGCIRKEL Om de doelstellingen rondom verzorgd wonen te halen heeft de gemeente in haar beleid meerdere zorgcirkels vastgelegd. Het realiseren van woningen waar mensen langer zelfstandig thuis kunnen blijven wonen is met voorrang de doelstelling binnen deze cirkels. Voor nieuwbouw in de zorgcirkels is daarom in april 2021 de richtlijn ‘bouw je voor oud, dan bouw je nooit fout’ opgesteld. De richtlijn moet ervoor zorgen dat de nieuwbouwwoningen en complexen die in de zorgcirkels gebouwd worden geschikt zijn voor ouderen. In de richtlijn zijn onder andere maatregelen opgenomen over waar woningbouwcomplexen aan moeten voldoen. Zo moeten complexen traploos zijn en zonder obstakels toegankelijk zijn. Ook voor de woningen zelf zijn voorschriften opgenomen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan minimale oppervlaktes van badkamers en slaapkamers. Daarnaast zijn er suggesties gedaan voor preventieve veiligheidsmaatregelen zoals ruwe vloertegels in de badkamer en handgrepen in de douche en op het toilet. Ook voor de buitenruimte en woonomgeving zijn aandachtspunten meegenomen (bestrating, breedte van paden, hellingbaanpercentages, route naar openbaar vervoer, et cetera).
Gerealiseerde en geplande woningen voor ouderen en zorg nagenoeg allemaal in zorgcirkels gebouwd In de woningbouwmonitor is per gerealiseerd project aangegeven welk van de doelgroepen uit het volkshuisvestingsbeleid (starters, stijgers, ouderen of zorg) met dit woningbouwproject bediend werd. Zoals eerder aangegeven is er (op basis van planologische bestemmingen) de afgelopen vijf jaar beperkt gebouwd voor de doelgroepen ouderen (20) en zorg (69). In de toekomstige woningplannen van de gemeente zijn meer woningen voor deze doelgroepen opgenomen. In de periode 2023-2030 staan 185 woningen voor ouderen en 50 zelfstandige zorgwoningen geprogrammeerd. In onderstaand figuur zoomen we in op de locaties van de gerealiseerde en geplande woningen voor deze doelgroepen. Direct valt op dat nagenoeg alle woningen voor deze doelgroepen binnen de zorgcirkels gebouwd zijn. Daarmee wordt het doel om binnen de zorgcirkels voorrang te geven aan deze doelgroepen behaald. Figuur 11: Locaties gerealiseerde en geplande woningen voor doelgroepen ouderen en zorg
Bron: Stec Groep, 2022.
43
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
Bijna 1.100 nultredenwoningen gerealiseerd in periode 2017-2021 Op basis van de woningbouwmonitor is niet te achterhalen hoeveel nultredenwoningen er gerealiseerd zijn de afgelopen jaren (niet ieder appartement is namelijk automatisch een nultredenwoning). Daarvoor houdt de gemeente een aparte lijst bij. In de periode 2017-2021 zijn bijna 1.100 nultredenwoningen gerealiseerd. Een derde van deze woningen zijn gerealiseerd door transformatie. De overige woningen waren onderdeel van nieuwbouwprojecten. Het grootste gedeelte van de nultreden woningen is gerealiseerd in het sociale huursegment. In de afgelopen vijf jaar zijn in dit segment zo’n 425 nultredenwoningen gerealiseerd (35% van het totaal). Ook in het middenhuur segment (55), de vrije sector huur (155) en koop (30) zijn nultredenwoningen gerealiseerd. Van zo’n 475 nultreden woningen is het prijssegment niet bekend. Figuur 12: Aantal gerealiseerde nultredenwoningen, naar segment (periode 2017-2021) 0 2017
50
40
100
61
2018
108
2019
110
150
200
250
300
350
400
450
500
31 16
2020
159
2021
156 Sociale huur
96
318 Middenhuur
Vrije sector huur
Koop
Onbekend
Bron: Gemeente Nieuwegein, 2022
Gemeente, corporaties en zorgpartij werken samen aan verzorgd wonen in bestaande voorraad Naast dat de gemeente met nieuwbouw voorziet in de behoefte aan nultreden en verzorgd wonen is in maart 2018 ook het convenant Verzorgd Wonen ondertekend door de woningcorporaties Mitros, Jutphaas Wonen, Portaal, zorgorganisatie ZorgSpectrum en de gemeente Nieuwegein. Het convenant moet zorgen voor de volgende stap in de realisatie van verzorgd wonen in de gemeente. In het convenant zijn concreet afspraken gemaakt over de inspanningen, rollen en financieringsbijdragen van de betrokken partijen. In het convenant zijn 9 complexen van de woningcorporaties aangewezen om ontwikkeld te worden tot verzorgd wonen complexen. De gemeente Nieuwegein heeft in totaal € 300.000 gereserveerd om dit te realiseren. Op basis van de infokaart seniorenwoningen blijkt dat inmiddels 8 van deze locaties ook daadwerkelijk geschikt zijn (gemaakt) voor verzorgd wonen. In totaal zijn daarmee in de bestaande voorraad 550 verzorgd wonen woningen gerealiseerd. De woningcorporaties onderzoeken momenteel welke andere complexen nog omgezet kunnen worden naar verzorgd wonen.
Zorgbehoevende krijgen via Woningnet voorrang bij toewijzing van verzorgd wonen woningen Om ervoor te zorgen dat in de verzorgd wonen complexen ook daadwerkelijk mensen komen te wonen met een zorgvraag krijgt deze doelgroep voorrang bij de toewijzing van verzorgd wonen woningen. De toewijzing gebeurt via Woningnet. In 2019-2021 hebben zo’n 50 mensen met een zorgvraag een woning in één van de verzorgd wonen complexen betrokken. Er staan daarnaast nog eens 25 mensen met een zorgvraag op de wachtlijst voor een verzorgd wonen woning. Om de doorstroming en deze verhuisbewegingen op gang te brengen zet de gemeente wooncoaches- en consulenten in. Een groot deel van de hierboven benoemde verhuizingen is tot stand gekomen met behulp van één van beide. De wooncoach stimuleert ouderen die in te grote eengezinswoningen wonen namelijk te verhuizen naar een verzorgd wonen complex. De verhuisconsulent probeert hetzelfde doel te bereiken, maar werkt vanuit de voorrangsregeling ‘van groot naar beter’ van de woningcorporaties.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
44
Een kanttekening die hierbij wel geplaatst moet worden is dat een deel van de ouderen die op zoek was naar een verzorgd wonen woning, uiteindelijk een andere (niet verzorgd, maar wel passende) woning heeft geaccepteerd. Dit komt (deels) doordat een deel van het verzorgd wonen aanbod niet aansluit bij de wensen van ouderen. Het aanbod bestaat bijvoorbeeld voor een deel uit 2-kamer appartementen, terwijl ouderen vooral behoefte hebben aan 3-kamer appartementen. In de praktijk blijkt dat wanneer het alternatief niet aantrekkelijk genoeg is, deze beperkt verhuisgeneigde doelgroep nauwelijks te bewegen is.
TUSSENTIJDSE CONCLUSIE •
• •
•
Nagenoeg alle gerealiseerde woningen die, op basis van de woningbouwmonitor, gelabeld zijn voor de doelgroepen ouderen en zorg zijn gebouwd binnen de zorgcirkels. Ook het overgrote deel van de geplande woningen voor deze doelgroepen staat gepland in één van de zorgcirkels. In de periode 2017-2021 zijn daarnaast 1.100 nultreden woningen gerealiseerd. De gemeente en woningcorporaties hebben verder, op basis van het convenant Verzorgd Wonen, de afgelopen jaren zo’n 550 verzorgd wonen woningen gerealiseerd binnen bestaande complexen. In 2021 hebben zo’n 40 zorgbehoevenden één van deze woningen betrokken. Op basis van bovenstaande worden de kwantitatieve doelen ten aanzien van nultreden en verzorgd wonen (1.000 extra tot 2040) behaald. De achterliggende kwalitatieve doelen vragen daarentegen nog extra aandacht. Doordat een groot deel van de nultredenwoningen buiten de zorgcirkels vallen, zijn deze niet geschikt voor elke oudere (door de grotere afstand tot voorzieningen). Daarnaast worden niet alle woningen die bedoeld zijn voor ouderen ook daadwerkelijk bewoond door ouderen. Dit komt doordat alleen sociale huurwoningen met voorrang toe te wijzen zijn en doordat de woningen niet altijd voldoen aan de wensen en eisen van ouderen (2-kamers in plaats van 3-kamers bijvoorbeeld).
4.3.3 Doel: regionaal afstemmen vraag-aanbod van plaatsen in instellingen en het faciliteren van kleinschalige woonvormen voor deze groepen Het laatste doel van het hoofdstuk ‘wonen en zorg’ was het op regionaal niveau afstemmen van vraag en aanbod van plaatsen in instellingen voor GGZ, GZ, maatschappelijke opvang en Jeugdzorg en het op plaatselijk niveau faciliteren van de realisering van kleinschalige woonvormen voor deze groepen. De gemeente wilde dit bereiken door de (regionale) woonruimteverdeling zo in te richten dat een woning ook op het gebied van zorg en welzijn bij de juiste persoon terecht komt, de extramuralisering van woonvoorzieningen in de sfeer van de GGZ, GZ en Jeugdzorg te faciliteren, de vraag vanuit MO en BW naar zelfstandige huisvesting te accommoderen en te zorgen voor voldoende intramurale zorgvoorzieningen binnen de gemeente.
GEMEENTE ZET HUISVESTINGSVERORDENING IN OM TE STUREN OP PASSENDE WONINGVOORRAAD De gemeente zet de nieuwe huisvestingsverordening in om het woonruimteverdelingssysteem te veranderen en voorrang te geven aan mensen met een fysieke beperking of ondersteuningsvraag. Met deze regels blijven woningen beschikbaar en komen ze bij de juiste doelgroep terecht. In de Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2019 Gemeente Nieuwegein zijn bijvoorbeeld de volgende regels opgenomen: • Woningen met zorgvoorzieningen, nultredenwoningen, woningen voor minder validen en jongerenwoningen kunnen door burgemeester en wethouders met voorrang worden toegewezen aan de omschreven doelgroep • Burgemeester en wethouders kunnen bij het verlenen van de huisvestingsvergunning voorrang verlenen aan één of meer bijzondere doelgroepen en/of urgent woningzoekenden
45
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
Taakstelling U16: 600 contingentwoningen per jaar, Nieuwegein verantwoordelijk voor 36 woningen Medio 2019 is het ‘Plan van Aanpak huisvesting en ondersteuning kwetsbare doelgroepen’ vastgesteld. In deze aanpak zijn voor de huisvesting en ondersteuning van kwetsbare groepen door Utrechtse zorginstellingen, corporaties en de gemeente Utrecht gezamenlijk afspraken gemaakt over de uitgangspunten, ambitie, doelen en te ondernemen acties. Afgesproken is dat de totale taakstelling voor de U16 regio 600 woningen per jaar bedraagt (reguliere uitstroom MOBW plus de inhaalslag). Het aandeel van Utrecht stad daarbinnen bedraagt 385. De regiogemeenten zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de overige 215 woningen per jaar. De gemeente Nieuwegein heeft de opdracht meegekregen om per jaar 36 contingentwoningen te realiseren. In onderstaande paragraaf gaan we in op de behaalde resultaten. Resultaten afspraken te realiseren contingentwoningen jaarlijks gemonitord Sinds 2019 wordt de huisvesting en ondersteuning van kwetsbare doelgroepen op regionaal niveau gemonitord. Doel van de monitor is om een totaaloverzicht te bieden van de kwantitatieve resultaten van het plan van aanpak ten aanzien van de realisatie van zelfstandige woningen voor personen afkomstig uit maatschappelijke opvang en beschermd wonen. In de monitor zijn ook cijfers opgenomen over de resultaten van individuele gemeenten.
In onderstaande tabel gaan we in op de resultaten voor de periode 2019-2021. Tabel 9: resultaten afspraken te realiseren contigentwoningen jaarlijks gemonitord 2019 Stad Utrecht U16 Nieuwegein
Contingent 385 215 36
2020 Gerealiseerd 238 78 20
2021 381 170 71
231 122 36
Bron: Monitor huisvesting en ondersteuning kwetsbare doelgroepen, 2019-2021.
Afspraken over te realiseren contingentwoningen in 2019 in Nieuwegein, regio en Utrecht niet gehaald Op basis van de tabel blijkt dat de doelen voor zowel de stad Utrecht, de totale regio U16 als de gemeente Nieuwegein in 2019 niet gehaald zijn. De achterstand die in de eerste helft van 2019 is ontstaan is in de tweede helft niet ingelopen. Van de 600 contingentwoningen zijn er eind 2019 maar 316 daadwerkelijk gerealiseerd. Voor Nieuwegein geldt dat de taakstelling van 36 woningen ook niet gehaald is. In totaal zijn 20 contingentwoningen gerealiseerd. Afspraken over te realiseren contingentwoningen in 2020 in Nieuwegein ruim gehaald Op basis van de tabel blijkt dat de stad Utrecht en de gemeente Nieuwegein het ten aanzien van de contingent doelstellingen in 2020 heel goed hebben gedaan. De bijdrage aan de contingentrealisatie was in 2020 in Nieuwegein in totaal 71 woningen. In aanvulling daarop zijn door Portaal in Nieuwegein nog eens 13 woningen in Meanderpark tijdelijk beschikbaar gesteld in verband met de renovatie van de BOKA in IJsselstein. Dat is een derde van de totale contingent taakstelling voor de gehele regio, en daarmee ruim meer dan de taakstelling voor de gemeente Nieuwegein zelf. In totaal heeft de regio mede hierdoor iets meer dan 80% van de contingent taakstelling gerealiseerd.
Nieuwegein realiseerde in 2021 voldoende contingentwoningen, taskforce moet voor versnelling zorgen In de stad Utrecht en regio U16 zijn de doelstellingen ten aanzien van huisvesting van kwetsbare groepen in 2021 niet gehaald. Dit komt onder andere door de toename van de vraag naar woningen voor aandachtsgroepen, de krapte op de woningmarkt en de relatief lage mutatiegraad. In de gemeente Nieuwegein is het afgesproken aantal contingentwoningen daarentegen wel gehaald. Momenteel staan er in Nieuwegein 15 mensen op de wachtlijst. Dit zijn mensen die aangemeld zijn, maar nog niet gehuisvest. Bijna de helft van deze mensen wacht minder dan 3 maanden. Ondanks dat loopt de realisatie van de regio nog (steeds) achter bij de opgave. Er is daarom een taskforce ‘versneld tijdelijk woonruimte toevoegen’
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
46
opgericht. Zij sturen op de aanwending van bestaand (gemeentelijk) vastgoed voor wonen, tijdelijke huisvesting te realiseren en op andere manieren tot versnelde toename van huisvestingsmogelijkheden te komen. Aan deze maatregelen wordt in samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties, marktpartijen en zorgaanbieders gewerkt. In 2022 moeten deze maatregelen leiden tot extra huisvesting. De gemeente realiseerde de afgelopen jaren meerdere woon-zorgconcepten In de periode 2017-2021 zijn in de gemeente Nieuwegein meerdere woonzorgconcepten gerealiseerd. In onderstaande tabel is een opsomming weergegeven. Tabel 10: Overzicht gerealiseerde woon-zorgconcepten Naam project Verzorgd wonen Pitstop Inn Between en Kamers met Kansen
Het PerspectiefHuis’
Meanderpark
Omschrijving Via nieuwbouw en aanpassingen in de bestaande voorraad zijn de afgelopen vijf jaar bijna 550 verzorgd wonen woningen gecreëerd. In samenwerking met het Leger des Heils is ‘de Pitstop’ opgezet. Dit is een zorglocatie met (tijdelijke) ambulante begeleiding. In het centrum van Nieuwegein is woonproject Inn Between gestart. Dit is een tijdelijk woonproject met 76 kamers waar mensen met verschillende achtergronden samen leven in een community: statushouders, jongeren, spoedzoekers en reguliere bewoners. Hierbinnen is het voor jongeren ook mogelijk om zelfstandig te leren wonen door middel van coaching op alle leefgebieden (Kamers met Kansen). In Pallasburg is door Timon het ‘PerspectiefHuis’ opgezet. In dit huis wonen jongeren (tijdelijk) samen met andere jongeren die ook problemen thuis hebben. Wonen bij het PerspectiefHuis bestaat uit 3 fasen. In fase 1 is er 24 uur begeleiding aanwezig. De jongeren in fase 2 zijn al meer zelfstandig en bereiden zich voor om zelfstandig te gaan wonen in fase 3 of op een plek buiten het PerspectiefHuis. Fase 3 is de laatste stap naar volledig zelfstandig wonen. In 2020 is het gemengd wonen concept in Meanderpark opgeleverd. Het voormalige gemeentehuis van Nieuwegein is hiervoor omgebouwd naar 250 sociale huurwoningen. Hier wonen starters en mensen uit kwetsbare groepen in een gemengde woonvorm. De bewoners kijken naar elkaar om.
De starters zijn ‘dragende’ bewoners: zij hebben een actieve zorgtaak en worden hier ook op geselecteerd. De ‘vragende’ bewoners worden ondersteund door zorgpartners en door de community zelf. Zij wonen hier om (weer) zelfredzaam te worden.
Bron: Stec Groep, 2022.
Momenteel bevinden zich meerdere woonzorgconcepten in de planfase In de gemeente spelen daarnaast momenteel meerdere particuliere initiatieven rondom wonen en zorg (zoals Knarrenhofjes). De gemeente faciliteert deze, mits de initiatiefnemers een binding hebben met Nieuwegein. Zo is de locatie van het voormalige zwembad de Pinguïn toegewezen aan woongroep Mandala. In eerste instantie zouden er grondgeboden woningen op deze locaties ontwikkeld worden. Deze zijn naar aanleiding van het initiatief van de woongroep omgezet naar appartementen. Daarnaast draagt de gemeente gemengde woningbouw projecten een warm hart toe en ziet het de voordelen van gemengde woon/zorg projecten. De gemeente vindt het daarbij belangrijk dat deze initiatieven niet alleen op ouderen gericht zijn. Er moet binnen deze woonconcepten een gemengde samenstelling van bewoners ontstaan (zoals bij het Meanderpark). Gemeente zet voor intramurale zorg in op nieuwe woonzorgcentra Een andere doel van de gemeente was het zorgen voor voldoende intramurale zorgvoorzieningen binnen de gemeente. De gemeente heeft daarvoor samen met ZorgSpectrum onderzoek gedaan hoe en waar de uitbreiding van intramurale zorg kan plaatsvinden. Dit heeft tot de ontwikkeling van meerdere plekken in woonzorgcentra geleid en is een nieuwe vorm van wonen en verpleegzorg.
In 2020 en 2021 zijn er respectievelijke 39 en 30 zelfstandig zorgwoningen opgeleverd. In 2021 is daarnaast woonzorgcentrum De Kuifmees gerealiseerd. Binnen dit complex zijn 76 (intramurale) zorgappartementen gerealiseerd. Ook zijn er plannen om aan de Fultonbaan extra woonzorgplekken te realiseren. Het is daarentegen nog onduidelijk hoe deze ontwikkeling er precies uit gaat zien. Door veranderend Rijksbeleid mogen er namelijk geen intramurale verpleeghuisplekken meer worden toegevoegd aan de voorraad.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
47
NIEUW PROGRAMMA WONEN, WELZIJN EN ZORG 2022-2026 Eén van de acties uit het volkshuisvestingsbeleid was het opstellen van een nieuw programma wonen en zorg met daarin de ambities voor de komende 10 jaar op dit thema. Er is namelijk blijvende aandacht nodig voor de in-, door-, en uitstroom uit voorzieningen voor wonen en zorg om dichtslibben te voorkomen. De komende jaren gaan we door op de ingeslagen weg met het nieuwe programma Woonwijs. Het nieuwe programma Woonwijs is als programma onderdeel van de Omgevingsvisie en is geworteld in het Ruimtelijk Domein, het Sociaal Domein en het Openbaar Domein. Op 14 oktober 2021 is het programma wonen, welzijn en zorg 2022-2026 vastgesteld. Hiermee is het programma woonwijs 2016-2020 geactualiseerd. Het hoofddoel van het programma is dat inwoners van Nieuwegein op een passende plek wonen, met daar waar nodig is (in)formele ondersteuning nabij. In het uitvoeringsprogramma zijn daarom de volgende acties uiteengezet: 1. Toevoegen zorgwoningen; 1000 woningen in potentie geschikt in nieuwbouw en bestaande bouw 2. Bestendigen en uitbreiden zorgcirkels; toevoegen zorgcirkel Rijnhuizen, fysieke woonomgeving aanpassen, voorrang voor zorgwoningen in de zorgcirkel 3. Doorontwikkelen en uitbreiden Verzorgd Wonen 4. Toevoegen 150 intramurale plekken voor ouderen, waaronder voor mensen met dementie 5.
Vrijkomende locaties in bestaande wijken ook benutten voor woonzorgprojecten 6. Ruimte voor lokale woonzorginitiatieven; minimaal één maar liever twee tot drie initiatieven een locatie bieden 7. Continueren en bestendigen dienstverlening van de wooncoaches en de verhuisconsulent 8. Campagne Langer zelfstandig – bewustwording en anticiperen op de toekomst 9. Duidelijke afspraken en monitoring in-, door- en uitstroom bij specifieke woonzorgvoorzieningen 10. Uitbreiden en toevoegen nieuwe plekken in het segment klein en betaalbare woonruimte; 150 eenheden (kamers, studio’s, 2- kamer appartementen) 11. Borgen gemengd tijdelijk wonen; definitieve plek voor Inn Between (75 à 80 wooneenheden) 12. Aanpak werken met netwerken om inwoners heen ontwikkelen 13. Versterken van de wijkgerichte zorg- en welzijnsstructuur 14. Creëren en behouden van een goede balans tussen draaglast en draagkracht in de wijk
4.4 Hoofdconclusie 1: meer inzicht in aanpassingen bestaande (particuliere) voorraad noodzakelijk Gedane woningaanpassingen hoofdzakelijk gefinancierd vanuit gemeentelijke Wmo budget De gemeente streefde naar het op peil houden van de basiskwaliteit voor de toegankelijkheid en aanpasbaarheid van de woningvoorraad en nieuwbouw in Nieuwegein. Dit onder andere door de bestaande woningvoorraad meer geschikt te maken voor ouderen en mensen met een beperking. In de periode 2018-2022 hebben in Nieuwegein 370 inwoners een woonvoorziening aangevraagd en ontvangen. Gemiddeld genomen zijn dit zo’n 75 inwoners per jaar. Het ging daarbij zowel om grote als kleine woningaanpassingen. Sinds 2017 zijn er daarnaast 16 verzilverleningen aangevraagd. De blijverslening is slechts 1 keer aangevraagd. Er is de afgelopen vijf jaar daarmee beperkt gebruik gemaakt van beide leningen en woningaanpassingen worden hoofdzakelijk uit het gemeentelijke budget Wmo gefinancierd. Meer inzicht in aanpassingen bestaande voorraad noodzakelijk Realiseren van voldoende levensloopgeschikte woningen voor ouderen blijft de komende jaren een belangrijk aandachtspunt, gezien de vergrijzing en het grote aandeel eigenwoningbezit in de gemeente. Wanneer huishoudens aanpassingen ‘achter de voordeur’ realiseren en dit zelf financieren en regelen is het voor gemeenten niet altijd inzichtelijk dat er aanpassingen gedaan zijn.
Naar verwachting kan niet alleen met nieuwbouw worden voorzien in de behoefte aan meer levensloopgeschikte woningen. Er is daarom meer inzicht nodig in de aanpassingen binnen de bestaande voorraad.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
48
4.5 Hoofdconclusie 2: nieuwbouw en transformatie voorzien samen in behoefte van ouderen Nieuwbouw en transformatie voorzien in behoefte ouderen: veel extra woningen binnen zorgcirkels De gemeente wilde door middel van nieuwbouw en transformatie voorzien in voldoende nultredenwoningen. In totaal is berekend dat er 1.800 extra nultredenwoningen nodig zijn tot 2030. 1.000 van deze woningen moeten geschikt zijn voor verzorgd wonen. In de periode 2017-2021 zijn daarnaast nog 1.100 nultreden woningen gerealiseerd. Op basis van analyses blijkt daarnaast dat nagenoeg alle woningen die gelabeld zijn voor de doelgroepen ouderen en zorg (op basis van de woningbouwmonitor) binnen de zorgcirkels zijn gebouwd. Ook het overgrote deel van de geplande woningen voor deze doelgroepen staat gepland in één van de zorgcirkels. De gemeente en woningcorporaties hebben daarnaast, vanuit het convenant Verzorgd Wonen, de afgelopen jaren zo’n 550 woningen voor verzorgd wonen gerealiseerd binnen bestaande complexen. Een groot deel van deze woningen wordt bewoond door bestaande bewoners. Daarnaast hebben in de periode 2019-2021 zo’n 50 zorgbehoevenden een verhuisbeweging gemaakt naar één van deze woningen.
De woningen gericht op ouderen zijn niet altijd geschikt of beschikbaar voor ouderen Op basis van bovenstaande worden de kwantitatieve doelen ten aanzien van nultreden en verzorgd wonen (1.000 extra tot 2030) waarschijnlijk behaald. De achterliggende kwalitatieve doelen vragen daarentegen nog extra aandacht. Doordat een groot deel van de nultredenwoningen buiten de zorgcirkels vallen, zijn deze niet geschikt voor elke oudere (door de grotere afstand tot voorzieningen). Uit de gevoerde gesprekken blijkt daarnaast dat niet alle woningen die bedoeld zijn voor ouderen ook daadwerkelijk bewoond worden door ouderen. Dit komt doordat alleen sociale huurwoningen met voorrang toe te wijzen zijn en doordat de woningen niet altijd voldoen aan de wensen en eisen van ouderen (2-kamers in plaats van 3-kamers bijvoorbeeld).
4.6 Hoofdconclusie 3: afgelopen jaren meerdere woon-zorgconcepten gerealiseerd De gemeente realiseerde de afgelopen jaren meerdere woon-zorgconcepten In de periode 2017-2021 zijn in de gemeente Nieuwegein meerdere woonzorgconcepten gerealiseerd en in de gemeente spelen momenteel meerdere particuliere initiatieven rondom wonen en zorg (zoals knarrenhofjes). Zo is de locatie van het voormalige zwembad de Pinguïn toegewezen aan woongroep Mandala. In eerste instantie zouden er grondgeboden woningen op deze locaties ontwikkeld worden. Deze zijn naar aanleiding van het initiatief van de woongroep omgezet naar appartementen. Daarnaast draagt de gemeente gemengde woningbouw projecten een warm hart toe en ziet het de voordelen van gemengde woon/zorg projecten. De gemeente vindt het daarbij belangrijk dat deze initiatieven niet alleen op ouderen gericht zijn. Er moet binnen deze woonconcepten een gemengde samenstelling van bewoners ontstaan (zoals bij het Meanderpark). Gemeente zet voor intramurale zorg in op nieuwe woonzorgcentra Een andere doel van de gemeente was zorgen voor voldoende intramurale zorgvoorzieningen binnen de gemeente. De gemeente heeft daarvoor samen met ZorgSpectrum onderzoek gedaan hoe en waar de uitbreiding van intramurale zorg kan plaatsvinden. Dit heeft tot de ontwikkeling van meerdere plekken in woonzorgcentra geleid.
In 2020 en 2021 zijn er respectievelijke 39 en 30 zelfstandig zorgwoningen opgeleverd. In 2021 is daarnaast woonzorgcentrum De Kuifmees gerealiseerd. Binnen dit complex zijn 76 (intramurale) zorgappartementen gerealiseerd. Ook zijn er plannen om aan de Fultonbaan extra woonzorgplekken te realiseren, maar het is nog onduidelijk hoe deze ontwikkeling er precies uit gaat zien. Door veranderend Rijksbeleid mogen er namelijk geen intramurale verpleeghuisplekken meer worden toegevoegd aan de voorraad.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
49
4.7 Hoofdconclusie 4: Nieuwegein haalt taakstelling kwetsbare doelgroepen en doet het beter dan regio Nieuwegein behaalt taakstelling huisvesting kwetsbare doelgroepen jaarlijks, doet het beter dan regio Het laatste doel op het thema wonen en zorg was het op regionaal niveau afstemmen van vraag en aanbod van plaatsen in instellingen voor GGZ, GZ, maatschappelijke opvang en Jeugdzorg en het op plaatselijk niveau faciliteren van de realisering van kleinschalige woonvormen voor deze groepen. In het ‘Plan van Aanpak huisvesting en ondersteuning kwetsbare doelgroepen’ zijn voor de huisvesting en ondersteuning van kwetsbare groepen afspraken gemaakt. Afgesproken is dat de totale taakstelling voor de U16 regio 600 woningen per jaar bedraagt. De gemeente Nieuwegein heeft de opdracht meegekregen om per jaar 36 contingentwoningen te realiseren. In 2019 heeft de gemeente Nieuwegein, net als de regio en stad Utrecht, de taakstelling niet gehaald (20 in plaats van 36 woningen). In 2020 en 2021 heeft de gemeente, in tegenstelling tot de regio en stad Utrecht, de taakstelling wel ruim behaald (respectievelijk 71 en 36 woningen). Ondanks dat loopt de realisatie van de regio nog (steeds) achter bij de opgave. Er is daarom een taskforce ‘versneld tijdelijk woonruimte toevoegen’ opgericht.
Zij sturen op de aanwending van bestaand (gemeentelijk) vastgoed voor wonen, tijdelijke huisvesting te realiseren en op andere manieren tot versnelde toename van huisvestingsmogelijkheden te komen. Aan deze maatregelen wordt in samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties, marktpartijen en zorgaanbieders gewerkt. In 2022 moeten deze maatregelen leiden tot extra huisvesting.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
50
Kwaliteit en duurzaamheid In deze paragraaf lichten we de probleem- en doelstelling van het volkshuisvestingsbeleid in de gemeente Nieuwegein kort toe. Deze uiteenzetting is gebaseerd op de geldende woonvisie ‘Woonvisie 2015’, de ‘Aanvulling Woonvisie 2015’ en het ‘Woningbouwprogramma 2030’ met bijbehorend uitvoeringsprogramma ‘Uitvoeringsprogramma woningbouw 2018-2022’.
5.1 Probleem- en doelstellingen Probleemstelling: • De woning voorraad van Nieuwegein is voor een belangrijk deel meer dan 30 jaar oud. De fysieke kwaliteit behoefte daarom hier en daar verbetering. Delen van de woningvoorraad hebben een minder goede en eentonige uitstraling. • Energielasten maken een steeds groter deel uit van de woonlasten. Het verduurzamen van woningen is daarom ook een belangrijke opgave. Verduurzaming en energiebesparing hebben zo niet alleen effect op het milieu, maar ook op het woonlastenplaatje. • Ongeveer de helft van de woningen is aangesloten op stadsverwarming. De rest van de woningen moeten in ruim 20 jaar van het aardgas af. • Nederland krijgt te maken met meer en heftigere regenbuien, langere droge periodes en meer hete zomerse dagen en nachten. Om ook in de toekomst prettig te kunnen wonen moet nu al stap voor stap geïnvesteerd worden in een klimaatbestendige inrichting van de stad. • Door de grote vraag naar woningen groeit ook het aantal initiatieven om de bestaande woningvoorraad te wijzigen en intensiever te benutten. Intensievere bewoning kan echter ook invloed hebben op de kwaliteit van de woonomgeving. Doelstelling: • Verduurzaming van de woningvoorraad om zo bij te dragen aan een verlaging van de woonlasten en het terugdringen van het energieverbruik. • Verbetering van de kwaliteit en uitstraling van de bestaande woningvoorraad.
• Duurzame nieuwbouw en transformatie. • Klimaatadaptatie meenemen bij nieuwbouw en de aanpak van de bestaande woningvoorraad. • Transformaties van kantoren moeten een kwaliteitsniveau met toekomstwaarde hebben. • Wijzigen van woningvoorraad via omzetten en splitsen alleen mogelijk maken wanneer het de kwaliteit van de woonomgeving niet aantast.
5.2 Uitwerking van rollen, instrumenten en activiteiten In deze paragraaf gaan we in op de rollen, instrumenten en activiteiten die de gemeente heeft toegepast om de ambities binnen het thema ‘vitale stad’ te behalen. Rollen De gemeente Nieuwegein kan als woningmarktregisseur vier rollen hebben: beleidsmaker, verbinder, kennismakelaar en aanjager. Hieronder analyseren we hoe de gemeente de verschillende rollen heeft ingezet om de gestelde doelen te bereiken. Beleidsmaker: door op verschillende thema’s (nieuw) beleid op te stellen en afspraken te maken met de woningcorporaties geeft de gemeente invulling aan haar rol als beleidsmaker.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
51
INSTRUMENTEN EN ACTIES VANUIT DE ROL VAN BELEIDSMAKER •
• • • • •
De gemeente maakt met woningcorporaties afspraken over de verduurzaming van hun voorraad en het realiseren van energieneutrale nieuwbouw en het starten van pilotprojecten ten aanzien van nul op de meter renovaties. De gemeente maakt afspraken met de woningcorporaties over het op peil houden van de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. De gemeente stelt nieuw welstandsbeleid op voor het aanjagen, inspireren en stimuleren van een goede ruimtelijke kwaliteit. De gemeente maakt prestatieafspraken met de woningcorporaties over het nemen van klimaatadaptieve maatregelen bij renovatie, nieuwbouw en groot onderhoud. De gemeente scherpt het beleid rondom omzetten/splitsen van woningen op grond van de huisvestingsordening aan. De gemeente legt kwalitatieve randvoorwaarden voor kantoortransformaties vast in een beleidsregel.
Aanjager: door zelf het goede voorbeeld te geven en marktpartijen te stimuleren energieneutraal bouwen vervult de gemeente haar rol als aanjager.
INSTRUMENTEN EN ACTIES VANUIT DE ROL VAN AANJAGER • • •
De gemeente hanteert, bij uitgifte van gemeentegrond, de realisering van energieneutrale woningen als uitgangspunt. Voor nieuwbouw en transformatie stimuleert de gemeente initiatiefnemers tot alternatieven voor fossiele brandstoffen te komen en hier op voor te bereiden. De gemeente werkt samen met de EBU, provincie Utrecht en regiogemeenten aan het stimuleren van de realisatie van nul op de meter renovaties.
Kennismakelaar: door acties omtrent de verbetering van kennisdeling en bewustwording over mogelijkheden rondom verduurzaming naar zich toe te trekken vervult de gemeente haar rol als kennismakelaar.
INSTRUMENTEN EN ACTIES VANUIT DE ROL VAN KENNISMAKELAAR • •
De gemeente verbetert de informatievoorziening aan particuliere eigenaren over verduurzaming via een digitaal platform. De gemeente doet onderzoek naar het effect van duurzaamheidsmaatregelen (in nieuwbouw) op de woonlasten.
Verbinder: op dit thema zijn geen acties ingezet waarmee de gemeente haar rol als verbinder vervult.
5.3 Resultaten van het volkshuisvestingsbeleid In deze paragraaf gaan we in op de mate waarin het beleid en de instrumenten die de gemeente heeft ingezet hebben bijgedragen aan de gestelde doelen. We behandelen hieronder de belangrijkste resultaten.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
52
5.3.1 Doel: verduurzamen woningvoorraad om bij te dragen aan een verlaging van de woonlasten en het terugdringen van het energieverbruik Om dit doel te halen was één van de acties het verbeteren van de informatievoorziening aan particuliere eigenaren over verduurzaming via een digitaal platform. Gemeenten kunnen hier namelijk beperkt op sturen en zullen eigenaar-bewoners veelal moeten informeren over mogelijkheden en stimuleren om zelf met hun woning aan de slag te gaan. Gemeente heeft meerdere informatiebijeenkomsten gehouden en fysieke duurzaamheidsloket geopend De duurzaamheidsopgave in de bestaande particuliere voorraad is, net als in veel andere gemeenten, groot. De gemeente probeert daarom particulieren te stimuleren om zelf aan de slag te gaan met de verduurzaming van hun woning. De groep particulieren is daarentegen divers. Je hebt altijd voorlopers, maar ook huishoudens die niet kunnen of willen verduurzamen. De gemeente heeft daarom de afgelopen jaren ingezet op informatiebijeenkomsten. Ook is een fysiek duurzaamheidsloket geopend, naast het al bestaande digitale energieloket van de U16-gemeenten. Bij dit fysieke loket kunnen particulieren aankloppen met allerlei vragen die gaan over de verduurzaming van hun woningen.
Dankzij energieboxen en voorlichting leeft het thema duurzaamheid bij inwoners Nieuwegein Daarnaast heeft de gemeente de afgelopen jaren 1.500 energieboxen met advies verstrekt aan particulieren en daarnaast in samenwerking met energiecoaches van de woningcorporaties 1.000 energieboxen uitgedeeld aan huurders. In deze boxen zaten bijvoorbeeld spaarlampen en radiatorfolie. Dit zijn materialen om direct zonder verbouwingsingrepen in de woning energie te besparen. Door de afgifte van de box te combineren met een (keukentafel) gesprek probeerde de gemeente eigenaren verder te stimuleren en informeren over de duurzaamheidsmaatregelen en subsidies die er zijn. Zo is er vanuit verschillende kanten geprobeerd mensen meer bewust te maken van de noodzaak en voordelen van verduurzaming. Als gevolg hiervan leeft duurzaamheid veel meer bij de inwoners van de gemeente Nieuwegein. Het is niet meer de vraag of, maar wanneer en hoe verduurzaming kan plaatsvinden. Hiervoor zijn gemeentelijke duurzaamheidsleningen en gemeentelijke duurzaamheidssubsidies beschikbaar (zie verderop).
ROUTEKAART NIEUWEGEIN ENERGIENEUTRAAL 2040 De routekaart Energieneutraal geeft aan hoe de gemeente Nieuwegein invulling gaat geven aan de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Er wordt fors ingezet op energiebesparing. Wat er aan energie bespaard wordt hoeft immers niet meer opgewekt te worden. Wat wonen betreft gaat het om het isoleren van woningen, de bewustwording van bewoners en het realiseren van energieneutrale nieuwbouw. Energieneutraal in 2040 betekent ook aardgasvrije woningen. Ongeveer de helft van de woningen is aangesloten op stadsverwarming. De rest van de woningen moeten in ruim 20 jaar van het aardgas af. In 2019 start het traject om te komen tot een warmtevisie voor de hele stad. De warmtevisie geeft richting voor de invulling van een aardgasvrije stad. Hierbij wordt per wijk gekeken welke duurzame alternatieven voor aardgas het meest kansrijk zijn. Na vaststelling van de warmtevisie worden voor de verschillende wijken warmteplannen gemaakt waarin de uitvoering van het aardgasvrij maken is beschreven. Tenslotte willen we dat de elektriciteit die in Nieuwegein in 2040 wordt gebruikt alleen nog duurzaam is opgewekt. Hiervoor is o.a. nodig dat zoveel mogelijk daken van zonnepanelen worden voorzien. Regionaal is de energieopgave in beeld gebracht en deze laat een forse opgave voor Nieuwegein zien. Regionale samenwerking is hierbij noodzakelijk.
Meer registraties van energielabels en een hoger aandeel van hoge labels De doelstellingen worden niet expliciet gemonitord door de gemeente. Zicht krijgen op gedane aanpassingen in de bestaande voorraad is een uitdaging. De gemeente gebruikt de cijfers die beschikbaar zijn via openbare bronnen (regionale klimaatmonitor van het RVO). Energielabels geven het meest
53
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
eenduidige overzicht van de energiezuinigheid van de woningvoorraad. Registeren van energielabels is echter alleen verplicht bij verkoop of (nieuwe) verhuur van een woning. Het grootste deel van de voorraad beschikt dus niet over een geregistreerd label. Dit betekent echter niet dat er geen aanpassingen aan de woning gedaan is (zoals isoleren, of voorzien van zonnepanelen). Voor de gemeente Nieuwegein worden daarom openbare cijfers van het CBS/Klimaatmonitor gebruikt. Tussen 2011 en 2021 steeg het aantal geregistreerde energielabels in de gemeente Nieuwegein van circa 5.500 naar ruim 15.500. Deze grote stijging van het aantal woningen met een energielabel is ook op provinciaal en landelijk niveau zichtbaar. Zoals te zien is in onderstaande figuur, is het aandeel van energielabels van klasse A de afgelopen elf jaar toegenomen. Het aandeel woningen met een energielabel A was in Nieuwegein in 2021 vergelijkbaar met het gemiddelde van Nederland (28%). Ten opzichte van de provincie Utrecht lag het aandeel woningen met een A-label daarentegen lager. In de provincie bedroeg dit aandeel 33%. Figuur 13: Geregistreerde energielabels naar categorie in 2011, 2015 en 2021
Gemeente Nieuwegein
Provincie Utrecht
Nederland
Aantal registraties
2011
15.200
2016
12.000
2021
5.500
2011
343.100
2016
226.200
2021
85.600
2011
4.568.600
2016
2.930.600
2021
1.184.700
0%
10%
20%
30%
40% A
B
50% C
D
60% E
F
70%
80%
90%
100%
G
Bron: Rijksoverheid, regionale klimaatmonitor (2022). Bewerking: Stec Groep (2022).
Daling aardgasgebruik in Nieuwegein komt overeen met landelijke trendlijn In elf jaar tijd is het gemiddelde aardgasgebruik per woning in de gemeente Nieuwegein afgenomen met 18%. De daling was het sterkst tussen 2011 en 2014: van gemiddeld 720 naar 540 m³. Daarna daalde het aardgasverbruik minder snel, tot 510 m³ in 2020. In 2021 is het aardgasverbruik weer iets gestegen (naar 590 m3). De ontwikkeling van het gasgebruik in de gemeente Nieuwegein komt overeen met de landelijke trendlijn die na een paar jaar van sterke daling vanaf 2015 stabiliseert. In absolute aantallen ligt het aardgasverbruik in Nieuwegein daarentegen veel lager dan in de provincie Utrecht (1.170 m3 per woningen in 2021) en Nederland (1.280 m3 per woning in 2021). Dit verschil wordt verklaard doordat de helft van de woningen in Nieuwegein is aangesloten op stadsverwarming.
54
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
Figuur 14: Gemiddeld aardgasgebruik per woning tussen 2011 en 2021 1800 1600 1400 1200 1000 800 600 400 200 0 2011
2012
2013
Nederland
2014
2015
2016
2017
Provincie Utrecht
2018
2019
2020
2021
Gemeente Nieuwegein
Bron: Rijksoverheid, regionale klimaatmonitor (2022). Bewerking: Stec Groep (2022).
Elektriciteitsverbruik daalt, maar is hoger dan het provinciale en landelijke gemiddelde Het elektriciteitsverbruik per woning is in de gemeente Nieuwegein de afgelopen 10 jaar gedaald met 20% van 3.480 kWh in 2010 naar 2.790 kWh in 2020. Deze daling is iets sterker dan die op provinciaal en landelijk niveau (respectievelijk een daling van 18 en 16%. Ondanks dat is het gemiddelde elektriciteitsverbruik per woning in de gemeente Nieuwegein hoger dan het provinciale en landelijke gemiddelde. Figuur 15: Gemiddeld elektriciteitsverbruik per woning tussen 2010 en 2020 3700 3500 3300 3100 2900 2700 2500 2010
2011
2012
Nederland
2013
2014
2015
Provincie Utrecht
2016
2017
2018
2019
2020
Gemeente Nieuwegein
Bron: Rijksoverheid, regionale klimaatmonitor (2022). Bewerking: Stec Groep (2022). Geleverd via openbaar net
Geregistreerde zonnepanelen vergelijkbaar met landelijk gemiddelde Over de periode 2012 tot 2021 is het aantal woningen met zonnepanelen fors toegenomen. Waar in 2012 in Nieuwegein slechts 1% van de woningen over zonnepanelen beschikte, was dit in 2021 maar liefst 17%. Hiermee ligt de ontwikkeling onder het provinciaal en Nederlands gemiddelde (beide ontwikkelingen lopen volledig gelijk), zoals te zien is in onderstaande figuur. Een verklaring hiervoor kan zijn dat Nieuwegein relatief veel appartementen heeft in haar bestaande (en nieuwbouw) voorraad. Hierdoor zijn de mogelijkheden om zonnepanelen te realiseren hierdoor in Nieuwegein beperkter dan bijvoorbeeld in meer
55
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
landelijke gemeenten waar veel grondgebonden woningen staan. Al deze woningen hebben een eigen dak oppervlak waar zonnepanelen op gerealiseerd kunnen worden. Figuur 16: Percentage woningen met geregistreerde zonnepanelen tussen 2012 en 2020 25% 20% 15% 10% 5% % 2012
2013
2014
Nederland
2015
2016
2017
Provincie Utrecht
2018
2019
2020
2021
Gemeente Nieuwegein
Bron: Rijksoverheid, regionale klimaatmonitor (2022). Bewerking: Stec Groep (2022).
Geleend bedrag duurzaamheids- en energiebespaarleningen lager dan gemiddeld Ten behoeve van het aanjagen van duurzame opwekking van energie door huishoudens zijn er zowel op gemeentelijk als provinciaal en landelijk niveau stimuleringsregelingen ingevoerd in de vorm van leningen. In totaal is in de afgelopen jaren het aantal verleende leningen per 100.000 inwoners sterk toegenomen. In de gemeente Nieuwegein werden tot en met 2018 geen duurzaamheidsleningen afgegeven. In 2019 en 2020 zijn er, ten opzichte van het aantal inwoners, daarentegen bovengemiddeld veel leningen (en daarmee ook geld) uitgekeerd. In absolute getallen ging het om een stijging van 0 verstrekte leningen in 2018 naar 133 in totaal eind 2020. Volgens de gemeentelijk administratie ligt dit aantal nog hoger. Volgens de gemeente Nieuwegein zijn in de periode 2017-2021 in totaal 240 duurzaamheidsleningen verstrekt. Een kanttekening hierbij is dat niet iedereen in aanmerking komt voor een duurzaamheidslening (door leeftijd en/of inkomen). Daar heeft de gemeente een andere regeling voor bedacht. Ook de overwaarde van de woning kan ingezet worden als onderpand van een lening (verzilverlening). Voor de groep inwoners die niet in aanmerking komt voor een duurzaamheidslening en niet (of beperkt) beschikt over eigen vermogen moeten nog wel naar een oplossing gezocht worden.
Figuur 17: Aantal duurzaamheidsleningen (links) en geleend bedrag (rechts) per 100.000 inwoners 180
1.600.000
160
1.400.000
140
1.200.000
120
1.000.000
100
Nederland
800.000
80
600.000
Provincie Utrecht
40
400.000
Nieuwegein
20
200.000
60
-
2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020
2012 2014 2016 2018 2020
Bron: Rijksoverheid, regionale klimaatmonitor (2022). Bewerking: Stec Groep (2022).
56
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
TRANSITIEVISIE WARMTE NIEUWEGEIN Energieneutraal in 2040 betekent ook aardgasvrije woningen. Ongeveer de helft van de woningen in Nieuwegein is aangesloten op stadsverwarming. De rest van de woningen moeten in ruim 20 jaar van het aardgas af. In september 2021 is daarom de Transitievisie Warmte Nieuwegein opgesteld. De warmtevisie heeft drie doelen: (1) de omvang en de belangrijkste uitgangspunten van de transitie in beeld brengen om bewustwording en draagvlak te creëren bij inwoners en andere belanghebbenden, (2) duidelijkheid scheppen over het proces van de warmtetransitie en de keuzes die gemaakt moeten worden om doelen voor 2030 en 2040 te bereiken en (3) startpunt vaststellen voor gesprekken met de stad over de wijkuitvoeringsplannen per gebied en ook het handelingsperspectief (meest kansrijke alternatief voor aardgas) voor de overige gebieden. Daarnaast heeft de gemeente met de woningcorporaties afspraken gemaakt over de verduurzaming van hun voorraad, het realiseren van energieneutrale nieuwbouw en het starten van pilotprojecten ten aanzien van nul op de meter renovaties. Corporaties zetten goede stappen op gebied van verduurzaming bestaande voorraad In de prestatieafspraken van 2016 zijn afspraken gemaakt over de verduurzaming van de corporatievoorraad.
In onderstaande tabel is de gewenste ontwikkeling van de (gemiddelde) energie index per corporatievoorraad (Mitros, Jutphaas Wonen en Portaal) weergegeven. Tabel 11: Ontwikkeling gemiddelde energie index 1-1-2016 Mitros Jutphaas Wonen Portaal
1-1-2017 1,9 1,56 1,47
1-1-2018 1,86 1,48 1,47
1-1-2019 1,85 1,43 1,45
1-1-2020 1,84 1,4 1,34
1,84 1,4 1,33
Bron: Prestatieafspraken 2016-2019. Waarbij: EI 1,2-1,4 = energielabel B, EI 1,4-1,8 = energielabel C en EI 1,8-2,1 = energielabel D.
In de prestatieafspraken van 2020 is per woningcorporatie de gemiddelde energie index van de voorraad op 31 december 2019 weergegeven. Op basis van die cijfers blijkt dat Mitros, Jutphaas Wonen en Portaal op dat moment respectievelijk een gemiddelde energie index hadden van 1,39, 1,37 en 1,07. Dit betekent dat alle drie de woningcorporaties het in 2016 gestelde doel voor 1 januari 2020 (ruimschoots) hebben behaald. Daarnaast zijn specifiek afspraken gemaakt over de ontwikkeling van de E, F en G labels. Woningcorporaties (en particuliere verhuurders) mogen vanaf 2030 namelijk geen woningen meer verhuren met een energielabel E, F, of G. Portaal had in 2016 al geen woningen (meer) met E, F of G label. Jutphaas Wonen had op dat moment 10 woningen met een label E of lager en bij Mitros bevonden de E, F en G labels zich zeer verspreid over complexen. Als tussenstap is daarom voor Mitros op 1 januari 2020 onderstaand doel geformuleerd. Tabel 12: Overzicht E, F en G labels Mitros Stand 2016 Label E Label F Label G
Aanpak 2016 t/m 2019 420 77 22
Restant 1-1-2020 -240 -44 -21
180 33 1
Bron: Prestatieafspraken 2016-2019.
Op dit moment beschikt Jutphaas nog over 8 woningen met een slecht label. Zij zijn hun afspraak om 2 woningen aan te verbeteren daarmee nagekomen. Mitros beschikt momenteel nog over 200 woningen met een slecht label. In 2023 maken de corporaties een plan om deze woningen voor 2028 uit te faseren.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
57
Energieneutrale nieuwbouw, door stapeling ambities, lastig te realiseren voor woningcorporaties In de prestatieafspraken van 2016 is afgesproken dat Jutphaas Wonen bij de nieuwbouw van woningen nul op de meter als alternatief/scenario meeneemt en dat Portaal bereid is om bij nieuwbouwprojecten te onderzoeken of nul op de meter nieuwbouw kansrijk is. Mitros heeft energieneutraal (A+++) als nieuwbouw standaard. Richting 2021 (het eind van de woonvisieperiode) zijn deze doelen verhoogd. De gemeente wil in 2040 namelijk energieneutraal zijn en hanteert daarom voor nieuwbouw nul op de meter als ambitieniveau voor grondgebonden woningen en energieneutraal (BENG3=100%) voor appartementsgebouwen tot en met 6 woonlagen. De gemeente herziet daarmee het beleid duurzaam bouwen en vraagt een hogere prestatie dan de wettelijke norm. Voor Jutphaas Wonen en Portaal is vanaf nu nul op de meter het uitgangspunt. Mitros wil het wettelijke BENG niveau halen (conform bouwbesluit). Nul op de meter wordt eventueel wel onderzocht. Tijdens de gesprekken die in het kader van dit rekenkameronderzoek zijn gevoerd geven de woningcorporaties daarentegen aan dat er in de praktijk een spanningsveld bestaat tussen duurzaamheid en uitvoerbaarheid en betaalbaarheid. De noodzaak van de verduurzaming wordt onderschreven, maar de ambities die nu bijvoorbeeld zijn opgenomen in de Omgevingsvisie zijn fors.
Deze zijn hoog en gaan verder dan het bouwbesluit. Door de stapeling van ambities (duurzaam, klimaatadaptief, betaalbaar, kwalitatief goed product, et cetera) en de gestegen bouwkosten is (en was) de uitvoering van deze ambities niet realistisch. De woningcorporaties kunnen namelijk niet al hun geld uitgeven aan nieuwbouw. Ook in de bestaande voorraad moet geïnvesteerd worden. Als duurzaamheid prioriteit heeft (zoals hier het geval) betekent dat automatisch dat (wanneer je ook gaat voor betaalbaarheid) andere aspecten minder goed aan bod komen. Het is daarom belangrijk hierover in gesprek te blijven. Wat kosten ingrepen? En hoe blijft dat houdbaar voor alle betrokkenen? Het helpt daarbij dat er nu ook op nationaal niveau prestatieafspraken zijn gemaakt waarin duurzaamheid één van de belangrijkste thema’s is. Ook de gemeente geeft aan dat het maken van afspraken over hogere duurzaamheidseisen met de woningcorporaties lastig is gebleken. Dit komt onder andere door verschillende tijdlijnen en andere financiële kaders. De gemeente Nieuwegein wil bijvoorbeeld in 2040 energieneutraal zijn, terwijl de woningcorporaties voor hun eigen voorraad uitgaan van 2050. Op regionaal niveau wordt er daarom momenteel een discussie gevoerd over welke ambities (snelheid, betaalbaarheid, duurzaamheid) het belangrijkst zijn.
Het besef is inmiddels bij, bijna, iedereen ingedaald dat de juiste kwaliteit binnen de huidige marktomstandigheden niet haalbaar lijkt te zijn. Het moet dus anders. Er moeten keuzes gemaakt worden en iemand moet deze keuzes gaan maken.
SAMENWERKINGSAGENDA MOET HELPEN BIJ UITVOERING DUURZAAMHEIDSDOELEN Partijen hebben begin 2020 afgesproken om een samenwerkingsagenda uit te werken. Hierin formuleren de partijen opgaven en concrete activiteiten waaraan zij samenwerken. Vertrekpunt is de Routekaart Energieneutraal Nieuwegein 2040, waarin gemeente heeft ingezet op vijf verschillende routes: energiebesparing, duurzame warmte, duurzame elektriciteit, duurzame mobiliteit en energieopslag. In de samenwerkingsagenda, die een dynamisch karakter heeft, zoeken de partijen continu naar mogelijkheden om elkaars activiteiten te versterken op het gebied van verduurzaming. Naast het thema energie kunnen daarin ook andere duurzaamheidsthema’s aan de orde komen, zoals klimaatadaptatie, duurzaam bouwen en flora en fauna. Nul op de meter renovaties vooral kansrijk bij grondgebonden woningen Verder zijn in de prestatieafspraken van 2016 afgesproken dat Portaal en Jutphaas Wonen renovaties en groot-onderhoud nul op de meter-ready uitvoeren. Dit betekent dat de ingrepen een latere verbetering naar nul op de meter niet in de weg staan. Mitros voert bij groot-onderhoud alleen no-regret maatregelen uit.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
58
Uit de ervaringen van de woningcorporaties blijkt daarentegen dat het uitvoeren van nul op de meterready renovaties en groot-onderhoud vooral kansrijk zijn bij grondgebonden woningen en daardoor niet in alle gevallen is gebeurd. Bij appartementencomplexen is dit namelijk lastiger. De stichtingskosten zijn hiervoor te hoog. Ook loopt men daarbij installatietechnisch tegen allerlei problemen aan. Zo is het dakoppervlak bijvoorbeeld te klein voor het benodigd aantal zonnepanelen voor alle bewoners van een complex. Ondanks deze belemmeringen blijft de gemeente nul op de meter renovaties stimuleren. De gemeente zet daarbij wel alleen in op grondgebonden woningen.
TUSSENTIJDSE CONCLUSIE •
• •
De gemeente informatiebijeenkomsten en duurzaamheidsloketten werpen hun vruchten af. Het thema duurzaamheid leeft veel meer dan voorheen bij de inwoners van Nieuwegein. Ook is de bestaande (particuliere) woningvoorraad de afgelopen jaren verduurzaamd (meer en betere energielabels en daling aardgas en elektriciteitsgebruik). Kansen liggen nog in het realiseren van meer zonnepanelen op woningdaken. Hiervoor kunnen inwoners aanspraak doen op de duurzaamheidslening. Ook de woningcorporaties hebben de afgelopen jaren goede stappen gezet op het gebied van duurzaamheid. Alle drie de woningcorporaties hebben het doel voor de energie index in 2020 (ruim) gehaald. Het realiseren van energieneutrale nieuwbouw en/of nul op de meter renovaties leveren daarentegen nog veel uitdagingen op voor de woningcorporaties.
5.3.2 Doel: verbeteren van de kwaliteit en uitstraling van de bestaande woningvoorraad Om dit doel te behalen maakt de gemeente afspraken met de woningcorporaties over het op peil houden van de kwaliteit van de bestaande woningvoorraad. Ook stelt de gemeente nieuw welstandsbeleid op voor het aanjagen, inspireren en stimuleren van een goede ruimtelijke kwaliteit. Inmiddels zijn/worden 5 buurten aangepakt via het stadsvernieuwingsprogramma Betere Buurten De gemeente investeerde de afgelopen jaren in het kader van haar stadvernieuwingsprogramma Betere Buurten in het duurzaam vernieuwen en revitaliseren van de buitenruimte van haar jaren ’70 – en ’80 buurten. Hierbij werd gestreefd naar een integrale aanpak van woning, woonomgeving en sociale problematiek. Bij de selectie van buurten én in de Betere Buurtenaanpak wordt gestreefd naar synergievoordeel, zodat het effect van de investeringen meer maatschappelijk en economisch rendement oplevert dan dat wat partijen afzonderlijk bereikt zouden hebben. Momenteel wordt gewerkt aan het project ‘Schansen-Zuid’. Dit project is in juni 2023 klaar. Schansen-Zuid (Fokkesteeg) is de vijfde buurt die via het stadsvernieuwingsprogramma Betere Buurten vernieuwd wordt. De Rijtuigenbuurt, Sluyterslaan en omgeving en Merwestein zijn klaar. Schansen-Noord is nog in uitvoering.
Daarnaast zitten de buurten Kerkveld en omgeving en de Muntenbuurt momenteel in de fase van planvorming. Al deze verouderde buurten krijgen een fysieke en sociale kwaliteitsimpuls. Pleintjes, openbare tuinen en speelplekken worden daarbij in samenwerking met bewoners opgeknapt. Ook is er aandacht voor het klimaat. In Schansen-Zuid wordt meer dan 1.000 m² aan straat en stoep door groen. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van boombunkers om bomen een goede groeiplaats te geven. Ten slotte worden ook initiatieven van inwoners gericht op het versterken van het onderling contact ondersteund.
TUSSENTIJDSE CONCLUSIE •
Het stadsvernieuwingsprogramma Betere Buurten is succesvol. Met dit programma zijn de afgelopen jaren meerdere Nieuwegeinse buurten vernieuwd en toekomstbestendig gemaakt. Hiermee is de kwaliteit en uitstraling van de bestaande woningvoorraad verbeterd.
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
59
5.3.3 Doel: duurzame nieuwbouw en transformatie Om duurzame nieuwbouw en transformatie te realiseren hanteert de gemeente, bij uitgifte van gemeentegrond, de realisering van energieneutrale woningen als uitgangspunt. Ook stimuleert de gemeente initiatiefnemers bij nieuwbouw en transformatie gebruik te maken van alternatieven voor fossiele brandstoffen. De gemeente werkt daarnaast samen met de EBU, provincie Utrecht en regiogemeenten aan het stimuleren van de realisatie van nul op de meter renovaties. Gemeente eist bovenwettelijke duurzaamheidseisen en neemt deze op in anterieure overeenkomsten Bij gronduitgifte van gemeentegrond staat energieneutraal bouwen centraal. Hier maakt de gemeente met ontwikkelaars privaat rechtelijke afspraken over in anterieure overeenkomsten. De gemeente zit hier bovenop en probeert woningbouwprojecten zo duurzaam mogelijk te maken (afdwingen van bovenwettelijke duurzaamheidseisen mag namelijk niet). De gemeente houdt daarbij zowel in het woningbouwprogramma als de duurzaamheidseisen rekening met de verhouding tussen kosten en het effect van de duurzaamheidsmaatregelen op woonlasten. De gemeente legt hiervoor, niet alleen op ambtelijk niveau, maar ook op het niveau van het college en de raad, ontwikkelaars het vuur aan de schenen.
In het Omgevingsprogramma Duurzaam Bouwen Woningbouw (nieuwbouw) zijn concept regels voor het Omgevingsplan Nieuwegein opgenomen die juridische afdwingbaarheid voor het stellen van extra duurzaamheidseisen creëren. De Omgevingswet creëert hier (als het goed is) straks meer ruimte voor.
CONVENANT AARDGASVRIJE NIEUWBOUW Op 16 maart 2018 heeft de gemeente, vooruitlopend op de wetswijziging voor het afschaffen van de aansluitplicht voor aardgas, het convenant aardgasvrije nieuwbouw ondertekend. In dit convenant zijn samen met Stedin, de provincie Utrecht en andere gemeenten afspraken vastgelegd om tot nieuwbouw zonder aardgasaansluiting te komen. Het convenant is een extra instrument voor de energietransitie. Het sluit aan op de Routekaart Energieneutraal Nieuwegein 2040. De gemeente Nieuwegein wil namelijk een energieneutrale stad zijn in 2040 en daarom nieuwbouwwoningen zonder aardgasaansluiting opleveren. In aanvulling hierop heeft de gemeente voor de twee grootste woningbouwlocaties in de gemeente (City en Rijnhuizen) aparte duurzaamheidsambities opgesteld. City moet de duurzaamste binnenstad van Nederland worden. Hiervoor worden de duurzaamheidseisen in tenders iedere keer iets hoger gelegd (bovenwettelijke normen). In Rijnhuizen is de ambitie niet om energieneutraal te bouwen, maar om energie positief te bouwen. Alleen wanneer dit echt niet haalbaar is kan hier vanaf geweken worden.
ENERGIEPOSITIEF BOUWEN RIJNHUIZEN De gemeenteraad heeft bij de herijking Mooi Rijnhuizen (in november 2019) besloten energiepositief bouwen tot norm te verklaren in Rijnhuizen. Bij energiepositief bouwen wordt er meer duurzame energie door het gebouw opgewekt dan er verbruikt wordt. Op 13 oktober 2020 zijn de normen voor energiepositief bouwen verduidelijkt zodat voor ontwikkelaars helder is waaraan zij moeten voldoen: • Geen gebruik van fossiele brandstoffen en biomassa in Rijnhuizen • Nieuwe appartementen tot en met vier woonlagen hebben een energieprestatie die beter is dan BENG3=100% • Nieuwe grondgebonden woningen hebben een energieprestatie die beter is dan nul op de meter • Geen warmte- en/of koelsysteem dat bijdraagt aan lokale hittestress
Een prettige en passende woning voor iedereen 22.155
•
•
• •
60
Clusters van bouwinitiatieven in elkaars nabijheid en in ongeveer dezelfde ontwikkelfase aan elkaar koppelen om na te gaan A. of er nul op de meter-plus cluster kan worden gerealiseerd of daar qua energieprestatie zo dicht mogelijk bij in de buurt te komen en B. of de warmtesystemen van de diverse bouwinitiatieven in het cluster elkaar kunnen ondersteunen en/of versterken Voor het gebied “Rijnhuizen hoog” zoals aangegeven in de Gebiedsvisie Rijnhuizen (2014) geldt dat minimaal het resterend (niet in gebruik door zonnepanelen) dakoppervlak van appartementsgebouwen, wordt ingezet als vegetatiedak Voor nieuwe utiliteitsgebouw met een gebruikersfunctie genoemd in de BENG-eisen is het uitgangspunt een zo energieneutraal mogelijk gebouw (zo hoog mogelijk BENG3-getal) Een nieuw schoolgebouw (utiliteitsgebouw met de gebruikersfunctie school) heeft een energieprestatie van BENG3 = 100%
Voor de haalbaarheid van deze duurzaamheidsambities wil de gemeente voor City een duurzaamheidsfonds inrichten. Dit fonds kan voor dekking zorgen van eventuele onrendabele toppen die voortkomen uit deze ambities.
TUSSENTIJDSE CONCLUSIE • •
•
Gemeente zet vol in op duurzaamheidsambities en maakt hier afspraken over met ontwikkelaars. Hierdoor worden mooie en duurzame woningbouwprojecten opgeleverd. Kanttekening hierbij is dat het afdwingen van bovenwettelijke eisen (nog) niet mogelijk is. Hierdoor ontstaat in de initiatieffase van een deel van de plannen veel vertraging (door discussies over duurzaamheidseisen). Ook maken de huidige marktomstandigheden en de stapeling van ambities het lastig om de hoge duurzaamheidseisen van de gemeente te realiseren. Voor de haalbaarheid van de duurzaamheidsambities van City denkt de gemeente daarom na over een duurzaamheidsfonds. Dit fonds kan voor dekking zorgen van eventuele onrendabele toppen die voortkomen uit deze ambities. Op regionaal niveau wordt momenteel ook een discussie gevoerd over welke ambities (snelheid, betaalbaarheid, duurzaamheid) het belangrijkst zijn.