Zienswijze 4
Tekst van het document
4.10 Volgens 4.2. van de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" is voor het bepalen van de verkeersbehoefte t.a.v. deelgebied 1 deels globaal uitgegaan van maximale bouwmogelijkheden, maar met één bouwlaag. Om in de toekomst problemen te voorkomen dient gerekend te worden met de binnen het ontwerpplan "B-O" max. mogelijke (toekomstige) verkeersbehoefte met het max. aantal mogelijke bouwlagen. 4.11 Intussen worden behalve ontwerpplan "B-O" meer plannen voorbereid aan de Dalwagen in Dodewaard, namelijk voor nog een deel bedrijvigheid onder de naam "Dalwagen ong. Dodewaard", voor 2 basisscholen met kinderopvang en voor een multifunctioneel gebouw. Als deze plannen gerealiseerd worden gaat dat leiden tot een toename van verkeersdeelnemers over de Bonegraaf en Dalwagen. De route wordt ook veel gebruikt door schoolkinderen en scholieren op de fiets. Mogelijk trekt het beoogde multifunctionele gebouw ook kwetsbare ouderen aan. Al die plannen zorgvuldig voorbereiden vereist een op de feitelijk aanwezige verkeerssituatie gericht verkeersonderzoek wat rekening houdt met het geheel van toename aan verkeersbewegingen, van kwetsbare verkeersdeelnemers tot zwaar vrachtverkeer. 4.12 Zie bijlage 0 bij deze zienswijze, waarin de SGP in juni 2021 haar bezorgdheid uitspreekt over onvoldoende aandacht voor verkeersveiligheid bij eerdere ontwikkelingen binnen de gemeente 17
Neder-Betuwe. Een extra reden om de consequenties van alle beoogde plannen voor het verkeer zorgvuldig te onderzoeken en de gevaarlijke situaties op te lossen in plaats van nog gevaarlijker te maken. 4.13 Bij de verkeersaantallen van de beoogde bedrijven dient niet alleen rekening gehouden te worden met het (toekomstig) aantal kantoormedewerkers, ook met de medewerkers opslag en logistiek die de hele dag af en aan rijden met materieel van en naar werklocaties overal in het land, met de chauffeurs van de vrachtauto's, met de medewerkers van de onderhoudsdienst voor het materieel, met bezoekers, enz. om te voorkomen dat achteraf blijkt dat de daadwerkelijke verkeersaantallen hoger uitvallen dan de aantallen waarmee rekening is gehouden. 4.14 Volgens 4.2.1.2 van de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan "B-O" is het door de Pauw groep reeds (strijdig) in gebruik genomen terrein niet meegenomen bij het beoordelen van de verkeersaantrekkende werking van het plan. Dit bevreemdt ons, nu in 4.2.2.2 ten aanzien van parkeren is vermeld dat "het planologisch bestaande perceel eveneens is meegenomen omdat deze nu nog niet is ingevuld en deze uiteindelijk ook een parkeervraag genereert". Het buiten beschouwing laten van de verkeersaantrekkende werking van de grond die Pauw reeds in gebruik heeft, is in de ruimtelijke onderbouwing onvoldoende gemotiveerd.
De verkeersgeneratie van het ontwerpplan "B-0" dient in totaliteit, dus inclusief de verkeersgeneratie van de planologisch reeds bestaande bedrijfskavel, te worden onderzocht en beoordeeld. Temeer nu in het vigerende bestemmingsplan "E&D" de invloed van dit perceel op het verkeer ook nog niet is beoordeeld, aangezien het betreffende plan oorspronkelijk slechts in een uitbreiding van magazijnruimte voor Veapshield / Polytech voorzag zonder extra verkeersbewegingen. De verkeersgeneratie voor Bonegraaf-Oost bedraagt met voorgaande bedrijfskavel erbij ruim 850 motorvoertuigbewegingen per etmaal, waarvan meer dan 160 vrachtwagens per dag! Dit kunnen de ontsluitingswegen rondom de ontwikkeling op geen enkele manier veilig verwerken. 4.15 Overigens zal het aantal ha bedrijventerrein nog groter zijn dan in de toelichting op pagina 21 aangeduid, nu blijkens de verbeelding van de plankaart ook het zuidelijke hoekdeel van deelgebied 2 als bedrijventerrein wordt bestemd. Deze grond is eveneens niet meegenomen in de berekening van het totaal aantal ha bedrijventerrein. 4.16 Volgens 4.2. van de toelichting bij ontwerpplan "9-0" zijn voor GMB ruim 150 parkeerplaatsen opgenomen en zouden 137 parkeerplaatsen noodzakelijk zijn. GMB heeft ca. 500 medewerkers in dienst en heeft het voornemen om te centraliseren. Eerder in deze zienswijze is o.b.v.
de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" al opgemerkt dat voor de korte termijn wordt verwacht dat het totaal aantal mensen bij GMB uitkomt op 275, zonder rekening te houden met de groei op de langere termijn en de groei in de andere afdelingen dan het kantoor. Het realiseren van 150 parkeerplaatsen (slechts 55% van de 275 verwachte medewerkers van GMB) lijkt in het kader van een goede ruimtelijke ordening op voorhand erg weinig. 4.17 Als een vrij toegankelijk parkeerterrein gerealiseerd zou worden wordt dit gemakkelijk een hangplek wat kan leiden tot overlast voor de woonwijk. Parkeren is volgens het vigerende bestemmingsplan "E&D" strijdig gebruik. Het is ongewenst om parkeren als bestemming op te nemen in het ontwerpbestemmingsplan "B-O". 4.18 In de ontwerpbestemmingsplanregels is opgenomen dat het bijbehorend parkeren op eigen terrein dient te voldoen aan de parkeernota van de gemeente. Met als toevoeging "dat indien deze beleidsregels gedurende de planperiode worden gewijzigd, rekening wordt gehouden met deze wijziging". Deze toevoeging leidt tot onzekerheid, vandaar dat hieraan de toevoeging nodig is "onder voorwaarde dat deze wijziging niet leidt tot enige verslechtering voor de omgeving van het ontwerpplangebied "B-O".
4.19 Bovendien voorziet het plan in deelgebied 1 reeds nu al in te weinig parkeerplaatsen in verhouding tot de parkeerbehoefte die met de bedrijfsbebouwing ter plaatse wordt gegenereerd. 18
De parkeerbehoefte voor deelgebied 1 is nu op 123 geschat, terwijl er maar 100 tot 120 parkeerplaatsen op de centrale parkeervoorziening worden gegenereerd. Daarbij merken wij op dat de inschatting dat voor de overige bedrijfspercelen slechts 52 personen met de auto zal gaan, een te summiere onderbouwing kent. Het bedrijventerrein ligt niet in de buurt van 0V, waardoor het percentage dat met de auto komt vele malen groter zal zijn dan de thans gebruikte 60%. Het tekort aan parkeerplaatsen zal de facto dus nog groter zijn dan hierboven gesteld. 4.20 Een tekort aan parkeervoorzieningen voor de beoogde bedrijven geeft het risico op parkeren t.b.v. de bedrijven in de woonwijk en is een reden om af te zien van de beoogde verlegging van het wandelpad en geen wandelpad open te houden / maken richting de woonwijk. 4.21 In de beoogde bestemmingen, zie bijlage L bij deze zienswijze, met print screens van Ruimtelijkeplannen.nl d.d. 2 december 2022, blijkt geen bestemming "Parkeren in het groen". We zien daarin wel terug: "Enkelvoudige bestemming groen" en "Enkelvoudige bestemming bedrijventerrein". Onduidelijk is voor welke oppervlakten en op welke delen "Enkelvoudig groen", "Enkelvoudig Bedrijventerrein" en "Parkeren in het groen" wordt beoogd. 4.22 De conclusie in 4.2.
van de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" dat vanuit het aspect verkeer & parkeren geen belemmeringen aanwezig zijn voor de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan is onvoldoende onderbouwd.
Toelichting Hoofdstuk 4.3: reactie op Bodem 4.23 Ten aanzien van de bodem zijn we bezorgd over de ophoging van het ontwerpplangebied met netto 1,60 meter tot 1 meter boven het maaiveld van de woningen in de woonwijk. In bijlage 13 bij de toelichting op ontwerpplan "B-0", "Onderzoek lndustrielawaai", zie bijlage Y bij deze zienswijze, is in paragraaf 2.1. opgenomen dat de bedrijfsterreinen worden opgehoogd tot 1 meter boven het maaiveld van de woningen gelegen aan de Brederode. In de bijlagen 4, 5 en 6 bij de ontwerpplanregels "B-O", waarin de profielen van de wallen zijn weergegeven, is deze ophoging van het maaiveld van de bedrijfsterreinen zichtbaar. Het maaiveld van de bedrijfsterreinen ligt nu ca. 0,60 meter onder het maaiveld van de woningen aan de Brederode, zodat het ontwerpplan "B-O" uitgaat van een netto ophoging van de huidige agrarische gronden en het bosperceel met 1,60 meter. Het is lastig om de gevolgen daarvan te overzien, maar we vrezen nadelige invloed op grondwater en bodemhardheid, scheurvorming / verzakking van woningen en straatwerk, droogte en wateroverlast. Er is te weinig onderzoek gedaan naar de gevolgen van de beoogde ophoging.
Toelichting Hoofdstuk 4.4: reactie op Geluid 4.24 In het ontwerpplan "8-0" is niet als beschermende maatregel, cf. het vigerende bestemmingsplan "E&D" wat vooruitloopt op de verdere ontwikkeling van "B-O", een max. geluidemissiewaarde opgenomen ten aanzien van het beoogde toegestane gebruik. 4.25 Om hinder en overlast te voorkomen is in bestemmingsplan "E&D" een max. geluidemissiewaarde opgenomen van 51 dB(A) per m2 (etmaalwaarde). Vanuit de gemeente werd tijdens de hoorzitting op 13 oktober 2022 in het kader van het handhavingstraject aangegeven dat de gemeente voornemens is dit maximum voor de geluidemissie van toegestaan gebruik uit de nieuwe plannen voor "B-0" te schrappen en daarmee de overlast te legaliseren en dus in stand te houden. Dit geeft ons zeer grote zorgen vanwege de grote impact van geluidoverlast op het woon- en leefklimaat en de gezondheid van de bewoners.
19
4.26 Dat de gemeente een overlast gevende situatie niet oplost maar probeert te legaliseren is sowieso een reden voor grote zorgen en onzekerheid voor bewoners over de toekomst van de rustige woonwijk. 4.27 Met de door de Omgevingsdienst Rivierenland uitgevoerde geluidmeting kan niet vastgesteld worden of de geluidproductie van Pauw binnen de normen van het activiteitenbesluit blijft. Tijdens de hoorzitting in het handhavingstraject m.b.t. de geluidoverlast vanwege het strijdig gebruik door Pauw op 13 oktober 2022 werd ons van de zijde van de gemeente medegedeeld dat er een nieuw bestemmingsplan voor het overlast gevende terrein nodig is, aangezien de max. geluidemissiewaarde t.a.v. gebruik niet wordt opgenomen in de ontwerpbestemmingsplannen voor nabijgelegen ontwikkelingen. Deze reden om het terrein met dit strijdig gebruik op te nemen in ontwerpbestemmingsplan "B-O" vinden we in het ontwerpplan niet terug, maar geeft wel reden tot zorg. 4.28 Vanaf juni 2021 hebben we de geluidoverlast die we door het strijdig gebruik van Pauw ervaren aangekaart bij de gemeente en de omgevingsdienst, we worden niet gehoord en met het voorliggende ontwerpplan "B-O" wordt gepoogd de overlastsituatie te legaliseren en in stand te houden.
Wat als bewoners van de woonwijk nog meer hinder of overlast gaan ervaren? Zal er dan wel worden gezocht naar een oplossing of worden gehandhaafd? Het lijkt erop dat de beoogde bedrijven alle ruimte krijgen ten koste van het woon- en leefklimaat in de woonwijk. 4.29 We vragen ons af of, en zo ja, hoe, er in de geluidonderzoeken en geluidberekeningen bij het ontwerpbestemmingsplan "B-0" rekening gehouden is met de invloed van het geluid van de Pauw groep op het door hen sinds 2020 deels strijdig in gebruik genomen terrein. Formeel is het betreffende terrein niet geheel in gebruik genomen maar is het deels nog agrarisch grasland (met een dempende invloed op geluid), in de praktijk is het in gebruik genomen en wordt er lawaai geproduceerd. Onduidelijk is wat de invloed van dit geluid is op de resultaten van de geluidonderzoeken ter voorbereiding van het ontwerpbestemmingsplan "B-O". 4.30 Het laten draaien van koeltrailers valt volgens de VNG tabel in activiteitencategorie 3.2 terwijl voor deze activiteit een extra geluidtoeslag geldt vanwege het hinderlijke karakter van tonaal geluid. Voor geluid geldt bij milieucategorie 3.2 een afstandsnorm van 100 meter tot gevoelige bestemmingen gelegen in een rustige woonwijk (waar de Gieser Wildeman gelegen is).
De ondervinding heeft geleerd dat reeds bij een afstand van 124 meter sprake is van zeer ernstige geluidoverlast met schade voor gezondheid en woon- leefklimaat. 4.31 De afstandsrichtlijnen in de VNG Richtlijn hebben als uitgangspunt dat sprake is van moderne bedrijven die gebruik maken van de best beschikbare technieken. Het laten draaien van koeltrailers op dieselmotoren in plaats van (zoals al vele jaren gebruikelijk is) op elektriciteit is niet modern te noemen waardoor voor het gebruik van Pauw de afstandsrichtlijnen van de VNG niet afdoende zijn. 4.32 In het ontwerpplan "B-O" wordt voorgenomen om milieucategorie 3.2 nog veel dichter bij de woningen toe te staan, er lijkt ca. 45 meter aangehouden te zijn tussen milieucategorie 3.2 en gevoelige bestemmingen / de rustige woonwijk, wat bij realisatie grote problemen zou geven. 4.33 Bij het onderzoeken van de impact van het geluid van het ontwerpbestemmingsplan "B-O" dient de maximaal mogelijke impact van het geheel van alle plannen en alle activiteiten die onder het ontwerpplan "8-0" mogelijk worden gemaakt op de rustige woonwijk meegewogen te worden, inclusief van het nu nog afzonderlijk gehouden ontwerpplan "Dalwagen ong. Dodewaard" en van alle planontwikkelingen waarvoor toestemming wordt beoogd.
Voor het woon- en leefklimaat is het geheel bepalend, niet alleen afzonderlijke onderdelen of afzonderlijke bedrijven, maar de cumulatieve immissie van geluid op de woonwijk. Dat is hier ten onrechte niet gedaan. 4.34 Extra aandachtspunt is dat voor diverse bedrijfsactiviteiten toeslagen op geluidnormen gelden omdat het geluid wat geproduceerd wordt extra hinderlijk is; bijv. voor bedrijven in de 20
betonindustrie, voor signaleringsgeluid, voor het laten draaien van koelmotoren, voor activiteiten in constructiewerkplaatsen enz. Het is belangrijk om rekening te houden met deze toeslagen voor alle beoogde bedrijfsactiviteiten, van alle plannen die ontwikkeld worden gezamenlijk. 4.35 Zou het ontwerpplan "B-O" (deels) gerealiseerd worden dan is vanaf dat moment de rustige woonwijk geen rustige woonwijk meer. Dan leidt de beoogde bestemmingswijziging van het bos en de agrarische percelen tot degradatie van de rustige woonwijk naar gemengd gebied. Dat zou er toe leiden dat ruimere geluidnormen voor gemengd gebied gaan gelden, waardoor de bedrijven weer meer ruimte zouden kunnen krijgen en het woon- en leefklimaat nog verder verslechterd. 4.36 De jaren 2021 / 2022 zijn geen normale jaren geweest wat het geluid betreft in Dodewaard, er was sprake van meer dan normaal geluid. Zo is aan de Dalwagen de brandweerkazerne gebouwd en in de straten van de woonwijk die aan de zuidkant grenst van woonwijk De Heuvel is het complete rioleringsstelsel vervangen en het straatwerk vernieuwd, waarvoor steeds door woonwijk De Heuvel heen en weer gereden werd naar het stenendepot wat aan de andere kant van woonwijk De Heuvel in het bos was gemaakt. In februari 2022 is de laatste ca.
30 meter van de begroeiing (struiken én bomen) op de grondwal achter de woningen op de Brederode, die geluid van snelweg AlS en de spoorlijn van de Betuweroute weert, zeer drastisch gesnoeid en omgezaagd, zie bijlage W bij deze zienswijze. Hiermee is onvoldoende rekening gehouden in de geluidsonderzoeken en bij de berekening van het geluid voor ontwerpplan "B-0". 4.37 De beoogde noord-zuid gerichte structuur van het ontwerpplangebied "B-O" is voor de geluidinvloed op de zuidelijk gelegen rustige woonwijk extra nadelig. De geluidproductie van de bedrijven zal aan de achterzijde van de bedrijven, volgens het ontwerpplan "B-0" aan de zijde van de rustige woonwijk, het hoogst zijn, vanwege het gebruik van (hele zware 30 tons) heftrucks en apparaten, vrachtauto's, kranen (signaleringsgeluiden), tractors, shovels en andere machines die in de weg- en waterbouw en civiele techniek en bij (hoge) opslag / het 3 hoog stapelen van containers worden gebruikt en waaraan onderhoud wordt gepleegd en die worden gereinigd. De volgens de toelichting bij het ontwerpplan "B-0" beoogde rijroute van vrachtwagens / materieel van GMB op de door haar gekochte percelen ligt ook noord
zuid gericht op de woningen, wat
-
extra nadelig is voor de geluidbelasting op de woningen. 4.38 In 4.4. van de toelichting bij ontwerpplan "8-0" wordt melding gemaakt van "dove gevels". De woningen aan de rand van de rustige woonwijk ten zuiden van het plangebied hebben geen dove gevels. Uit de ruimtelijke onderbouwing blijkt niet duidelijk welke grenswaarden voor geluid ter plaatse zullen gaan gelden noch is aangetoond dat met de beoogde ontwikkeling ter hoogte van de woningen in de omgeving nog aan deze geluidsnormen kan worden voldaan.
Toelichting Hoofdstuk 4.5: reactie op Bedrijven en milieuzonering 4.39 In het ontwerpbestemmingsplan "B-O" is niet gezorgd voor het woon- leefklimaat voor de bewoners van de rustige woonwijk. Het ontwerp bestemmingsplan is (ten onrechte) uitgegaan van gemengd gebied in plaats van onderscheid te maken tussen gemengd gebied voor woningen ten westen van het plangebied (aan de Dalwagen) en de rustige woonwijk voor de woonwijk ten zuiden van het plangebied (woonwijk De Heuvel, waarvan aan de rand de straten Gieser Wildeman en Brederode liggen), zie bijlage K bij deze zienswijze. In woonwijk De Heuvel, gebouwd van 1996 tot 2000, staan ca. 130 woningen. 4.40 In 4.5. van de toelichting bij ontwerpplan "B-0" is vermeld dat de richtafstanden cf. de VNGpublicatie met één afstandstap kunnen worden verlaagd zonder dat dit ten koste gaat van het woon- en leefklimaat indien sprake is van "omgevingstype gemengd gebied". Vervolgens wordt, ten onrechte, gesteld dat het gebied getypeerd kan worden als een gemengd gebied. 21
4.41 Aan de zuidkant van het ontwerpplangebied "B-O" ligt de rustige woonwijk "De Heuvel" met ca. 130 woningen en huishoudens. Ten aanzien van deze woonwijk dient in het ontwerpbestemmingsplan "B-O" te worden uitgegaan van de VNG richtlijnen voor afstanden tussen de beoogde bestemmingen en rustige woonwijken. Deze afstanden dienen niet gehalveerd te worden, want er is aan de zuidkant van het ontwerpplangebied "B-O" geen sprake van gemengd gebied. De VNG-richtafstanden zijn in het ontwerpplan "B-O" ten onrechte met één afstandstap verlaagd, wat het woon- en leefklimaat in onze woonwijk onaanvaardbaar verslechtert. 4.42 Gesteld wordt in 4.5. van de toelichting dat rond het beoogde bedrijventerrein diverse woningen liggen. Dat is geen correcte weergave van de feitelijke situatie. Het plangebied ligt naast een rustige woonwijk met ca. 130 woningen. 4.43 We verwijzen in dit verband ook naar hoofdstuk 6 van deze zienswijze, waarin we hebben beschreven dat we al vele malen, sinds 30 juni 2021, de gemeente en de Omgevingsdienst Rivierenland hebben gewezen op het karakter van onze rustige woonwijk met steeds het verzoek om het behoud daarvan te waarborgen bij nieuwe planontwikkelingen en de bestaande geluidoverlast te stoppen. De gemeente heeft nooit aangegeven dat onze woonwijk geen rustige woonwijk zou zijn.
Tot nu is de gemeente er ook altijd van uitgegaan dat woonwijk De Heuvel een rustige woonwiik is. Zie bijlage E bii deze zienswijze met de pagina's uit het vigerende bestemmingsplan "E&D" uit 2015, waarin de woningen aan de Gieser Wildeman, de noord west rand van de woonwijk, expliciet aangemerkt worden als rustige woonwijk. In dit bestemmingsplan -
"E&D" staat: "Ten zuidoosten van het terrein ligt een woonwijk. Deze woningen grenzen ook aan de sportvelden, maar aangezien dit de enige bron is, kan het gebied gekenmerkt worden als een rustige woonwijk." In het bestemmingsplan "E&D" van 20 oktober 2015 is vermeld dat plan "E&D" vooruitloopt op het plan "B-O". 4.44 Het ontwerpbestemmingsplan "B-O" wekt nu de indruk dat onze woonomgeving gemengd gebied zou zijn. Nog afgezien van de gevolgen die dit heeft voor de inhoud van de beoogde plannen, leidt dit bij realisatie van de plannen tot een onjuist uitgangspunt voor planschade. Als thans sprake zou zijn van gemengd gebied dan zou sprake zijn van een te slechte uitgangspositie voor het bepalen van de planschade en een veel minder grote verslechtering van de woon- en leefomgeving, bijgevolg zou de planschade daardoor te laag worden vastgesteld. 4.45 Zie bijlage Z-1 bij deze zienswijze voor een afdruk uit het vigerende bestemmingsplan "Kernen Neder-Betuwe". In het voorliggende ontwerpbestemmingsplan "B-O" staat: Het gebied kan met
de ligging van snelweg, Betuweroute, bedrijventerrein, sportpark en agrarische bedrijven getypeerd worden als een gemengd gebied. Hier wordt een onjuiste indruk gewekt van de feitelijke situatie, met tot gevolg een onaanvaardbare degradatie van het woon- en leefklimaat en het toepassen van onjuiste richtafstanden. Onze woonwijk gelegen in het vigerende -
bestemmingsplan 'Kernen Neder-Betuwe'— valt onder het omgevingstype 'rustige woonwijk'. De gemeente dient dan ook de richtafstanden voor 'rustige woonwijk' toe te passen. Bedrijfsmatige activiteiten zoals detailhandel, horeca, kantoren zijn in onze woonomgeving niet planologisch toegestaan. De directe omgeving klOOm) bestaat slechts uit woonbestemmingen, agrarische gronden en een sportveld. Ten onrecht wordt onze woonwijk in de ruimtelijke onderbouwing als 'gemengd gebied' aangemerkt. Door de agrarische gronden achter onze woonwijk om te zetten naar bedrijventerrein, pas dan zou i.c. een gemengd gebied ontstaan. 4.46 Zie bijlage Z-2 bij deze zienswijze voor een afdruk uit het vigerende bestemmingsplan "Buitengebied Dodewaard en Echteld". Het grondgebied waarop het beoogde bedrijventerrein ziet, is onder het vigerende bestemmingsplan "Buitengebied Dodewaard en Echteld" als agrarisch aangemerkt. Ook hier is van horeca, winkels en bedrijven thans geen sprake. Het huidige
22
omgevingstype is derhalve "rustige woonwijk" in plaats van het in de ruimtelijke onderbouwing gestelde "gemengd gebied". 4.47 In het vervolg op bestemmingsplan "E&D", namelijk het ontwerpbestemmingsplan "B-O", is het fundamentele uitgangspunt dat "woonwijk De Heuvel" ten zuiden van het plangebied een rustige woonwijk is, losgelaten, terwijl de feitelijke omstandigheden niet zijn veranderd. 4.48 In tegenstelling tot de indruk die wordt gewekt in het ontwerpbestemmingsplan "B-O" is er geen sprake van agrarische bedrijven, maar liggen aan de noordwest-, noord- en noordoost- kant van de woonwijk agrarische percelen zonder enige bebouwing; het betreft percelen met laanboomteelt en grasland/weiland in agrarisch gebied (geen gevestigde bedrijven) en 2 hectare bos. 4.49 De snelweg AlS met daarachter de spoorlijn Betuweroute en bedrijventerrein (Bonegraaf West) waren in 2015, ten tijde van het opstellen van het op "B-O" vooruitlopende plan "E&D", waarin nadrukkelijk rekening is gehouden met de bescherming van onze rustige woonwijk, niet anders aanwezig dan nu. De afstanden zijn hetzelfde gebleven. Bij de bouw van onze rustige woonwijk (van 1996 tot 2000) is rekening gehouden met functionele scheiding en afstanden tussen verschillende functies. De rustige woonwijk is omzoomd door een groene rand.
4.50 Zie bijlage M-1 bij deze zienswijze, met een print screen van Ruimtelijkeplannen.nl d.d. 27 oktober 2022 met aangeduid de functies rondom het ontwerpplangebied "B-O" en de rustige woonwijk; er is ten zuiden van het ontwerpplangebied "B-O" geen sprake van gemengd gebied en geen sprake van functiemenging, maar van een rustige woonwijk. Er is thans sprake van een strikte scheiding tussen woon-, winkel-, werk-, en verkeersgebied, zie bijlage M-2 bij deze zienswijze. Woonwijk De Heuvel is opgezet volgens het principe van functiescheiding en aan de buitenzijde geheel omgeven door een groene omzoming. Er wordt alleen gewoond in onze woonwijk, er zijn geen winkels of bedrijven of andere functies, de woonwijk grenst aan de westrand alleen aan de achterzijde van de voetbalvelden. De sporthal staat aan de andere kant van de voetbalvelden en ontsluit samen met de voetbalvelden op de Dalwagen. De historische lintbebouwing met verschillende functies ligt vanaf de Bonegraafseweg via de Dalwagen naar de dorpskern, helemaal aan de andere kant van de voetbalvelden en de sporthal dan de rustige woonwijk. De rustige woonwijk heeft twee eigen ontsluitingsstraten van 30 km per uur, die alleen naar de rustige woonwijk leiden en waar alleen bestemmingsverkeer overheen komt.
Zie ook bijlage N bij deze zienswijze voor foto's van de rustige woonwijk en het met het ontwerpplan "B-O" beoogde toekomstbeeld. 4.51 In het voorliggende ontwerpbestemmingsplan "B-O", is de woonwijk niet duidelijk weergegeven bij het beschrijven van de om het ontwerpplangebied liggende functies, en de keuze voor het weer te geven deel in de visuele weergave, zie bijlage P bij deze zienswijze, waarin alleen de woningen aan één kant van de Brederode zichtbaar zijn. 4.52 Van het vigerende plan "E&D", wat bestemd is als vooruitlopende op "B-O" en zorgvuldig rekening houdt met onze rustige woonwijk, is de afstand tussen de perceelgrens van dit bestemmingsplan "E&D" en de perceelgrens van de meest nabij gelegen woning van de rustige woonwijk 124 meter. Bestemmingsplan "E&D" staat toe: bedrijfsactiviteiten van categorie 2 t/m 3.2 van de VNG tabel. Voor bedrijven in de categorie 3.2 van de VNG tabel geldt vanaf een rustige woonwijk voor het geluid een minimale afstand van 100 meter. 4.53 Bovendien is in het vigerende bestemmingsplan "E&D" t.a.v. de bedrijfsactiviteiten een extra beschermende geluideis opgenomen: "met dien verstande dat de geluidemissie van de bedrijfsactiviteiten maximaal 51 dB(A) per m2 (etmaalwaarde) mag bedragen." Bij naleving van deze extra beschermende geluideis wordt geluidhinder voor de rustige woonwijk voorkomen.
4.54 In het ontwerpbestemmingsplan "B-O" is wel uitgegaan van de VNG richtafstanden, maar zijn niet de richtafstanden aangehouden die van toepassing zijn voor rustige woonwijken. De 23
richtafstanden in de VNG richtlijn zijn bedoeld voor het voorkomen van hinder tussen functies. Het ontwerpplan lijkt niet gericht op het voorkomen van hinder maar eenzijdig op het maximeren van de ruimte voor de beoogde bedrijven, zonder rekening te houden met de desastreuze gevolgen voor het woon- en leefklimaat in de rustige woonwijk. 4.55 In de toelichting op het ontwerpplan "B-O" wordt "de omgeving" getypeerd als gemengd gebied waaraan de conclusie wordt verbonden dat uitgaande van een bedrijfsactiviteit categorie 3.2. niet 100 meter maar 50 meter afstand behoeft te worden aangehouden. Dat is onjuist, richting de rustige woonwijk aan de zuidkant van het plangebied dient voor bedrijfsactiviteit categorie 3.2 uitgegaan te worden van een afstand van 100 meter. 4.56 Gezien de aard, omvang en diversiteit van de activiteiten van de GMB Groep, in combinatie met de uitgangspunten van het ontwerpplan "B-O" t.a.v. onder meer de beoogde toegestane hoogte van lichtmasten, wegverlichting, (portaal)kranen en opslag en het toestaan van waterstofproductie en waterstof- / fossiele brandstof- opslag en tanken, opslag onder druk en de omvang of grootte van percelen en van het geheel lijkt het dat de GMB Groep in een hogere bedrijfsactiviteit categorie van de VNG richtlijn ingedeeld dient te worden dan in categorie 3.2.
Bouwbedrijven met een oppervlak van meer dan 2.000 M2 vallenin categorie 3.2, maar het gaat bij de GMB Groep over 50.000 m2 (25 x 2.000 m2). De GMB groep beoogt een groot kantoor (in geluidberekenirigen bij de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" wordt gerekend met 4 bouwlagen), een buitenterrein / werf van 15.000 vierkante meter, een onderhoudswerkplaats voor (zwaar) materieel, waterstofproductie en -opslag en (fossiele)brandstofvoorziening —en opslag, een wasserij voor (zwaar) materieel (worden daarin ook de vrachtwagens van de rioolslibverwerking gereinigd en materieel voor rioolwerkzaamheden en andere leidingwerkzaamheden?) en meer. Het lijkt waarschijnlijker dat een hogere categorie bedrijfsactiviteiten cf. VNG richtlijn van toepassing is met grotere afstandsnormen. Het is geen bedrijf wat past op een lokaal bedrijventerrein dicht bij een woonwijk. GMB heeft een compleet ander profiel en hoort op een regionaal bedrijventerrein. 4.57 Burgland Bouw is een bouwbedrijf en beoogd een buitenterrein van meer dan 2.000 vierkante meter. Daarmee valt Burgland Bouw in categorie 3.2 van de staat van bedrijfsactiviteiten van de VNG richtlijn, terwijl in het ontwerpbestemmingsplan voor Burgland Bouw wordt uitgegaan van categorie 3.1. Dit leidt tot onvoldoende afstand t.o.v. de rustige woonwijk De Heuvel. 4.58 De richtafstanden cf.
de VNG richtlijn dienen in acht gnomen te worden voor elke afstandscategorie; voor geur, stof, gevaar en geluid. 4.59 We hebben bezwaar tegen het opnemen van de voorwaardelijk afwijkingsmogelijkheid in de ontwerpbestemmingspla nregels (artikel 3.5.11) van de maximaal toegestane bedrijfscategorie. Het opnemen van afwijkingsmogelijkheden leidt voor de bewoners van de rustige woonwijk tot onduidelijkheid en onzekerheid en bevat een mogelijkheid voor toekomstige overlast van geluid, stof, licht, gevaar enz. In het op voorliggende ontwerpbestemmingsplan "B-O" vooruitlopende vigerende bestemmingsplan "E&D" ontbreekt deze afwijkingsmogelijkheid, in het bestemmingsplan "E&D" wordt het woon- en leefklimaat van de rustige woonwijk wel zorgvuldig bewaakt. Het zou veel beter zijn om duidelijk op te schrijven welke categorieën van bedrijven waar zijn toegestaan, concreet en helder, zonder afwijkingsmogelijkheden die alleen maar leiden tot onduidelijkheid en rechtsonzekerheid. 4.60 Er is voor de richtafstand uitgegaan van de huidige bouwvlakken van de woningen aan de rand van de rustige woonwijk, niet van de grens tot waar de woningen (in de toekomst evt.) kunnen worden uitgebouwd; voor de richtafstanden dient te worden uitgegaan van de uiterste (mogelijk nog te bouwen) gevel.
Zo wordt de mogelijkheid behouden die bewoners nu hebben om een mantelzorgwoning te realiseren of de woningen uit te breiden en beneden te voorzien van bijv. badkamer en slaapkamer bij het ouder worden bij gezondheidsproblemen en invaliditeit of om 24
welke reden dan ook. Het ontwerpbestemmingsplan "B-O" dreigt daarmee de huidige mogelijkheden van de woonbestemming op de naastgelegen rustige woonwijk ernstig te beperken. 4.61 In het ontwerpbestemmingsplan "B-O" wordt niet uiteengezet hoe het plan zich verhoudt t.o.v. de andere plannen voor ontwikkelingen in en zeer nabij het plangebied ("Dalwagen ong. Dodewaard, 2 basisscholen met kinderopvang, een multifunctionele ruimte) en ook niet hoe het behoud van het woon- en leefklimaat van de rustige woonwijk wordt gewaarborgd. 4.62 Het ontwerpplan "Dalwagen ong. Dodewaard" en "B-O" hebben qua ligging en doelstelling een dermate overlap, wederzijdse invloed en invloed op de omgeving dat deze niet als afzonderlijke plannen behandeld dienen te worden maar als één totaal bestemmingsplan. 4.63 Door het als één geheel behandelen van ontwerpplan "Dalwagen ong. Dodewaard" en ontwerpplan "B-O" kan worden voorkomen dat er in een hoek of bocht belastende functies of bedrijven om gevoelige bestemmingen heen komen wat bij het afzonderlijk voorbereiden van de ontwerpplannen "Dalwagen ong. Dodewaard" en "B-O" gemakkelijk over het hoofd gezien kan worden. Zie bijlage V bij deze zienswijze, waarin een rechte lijn is getrokken op ca. meter ten zuiden van de woonwijk, deze lijn loopt door het ontwerpplangebied van "Dalwagen ong. Dodewaard".
4.64 Om bedrijven van een te hoge milieucategorie te situeren op onvoldoende afstand van de gevoelige bestemmingen in de rustige woonwijk, is in het ontwerpplan "B-O" aan de rand van de rustige woonwijk een geluidscherm opgenomen achter de woningen aan de Brederode van 5 meter hoog ten opzichte van het maaiveld van de woningen. Deze geluidwal eindigt voor de woningen aan de Gieser Wildeman, waardoor de geluidwal voor de woningen aan de Gieser Wildeman geen enkele bescherming biedt. Dat is onaanvaardbaar en in strijd met goede ruimtelijke ordening. 4.65 In 4.5. van de toelichting wordt voor deelgebied 1 een "mogelijke" maatregel genoemd ter bescherming van de woonwijk bij gebruikmaking van de in het ontwerpplan "B-O" opgenomen afwijkingsbevoegdheid voor activiteiten in milieucategorie 3.2 in deelgebied 1. Aangezien de gemeente bekend is met de huidige overlast die het strijdige gebruik van Pauw genereert in de omgeving van het ontwerpplangebied, is het een gemiste kans om de geluidwal niet onvoorwaardelijk verplicht te stellen over de gehele zuidrand van het plangebied, doorlopend ter hoogte van de deelgebieden 1 en 2 en 3, ter bescherming van de rustige woonwijk.
4.66 Met het oog op de geluidbescherming van de woningen aan de Gieser Wildeman kan het wandelpad bij realisatie van ontwerpplan "B-O" niet in tact blijven of verlegd worden zoals nu in het ontwerpplan "B-O" wordt beoogd, omdat daardoor het geluidscherm wordt onderbroken en ter hoogte van het verlegde pad het geluid ongehinderd de rustige woonwijk binnenstroomt. 4.67 Met het oog op geluidbescherming is een doorlopende geluidwal van minimaal 5 meter hoog en met een lengte van 300 meter onmisbaar, maar het is wel een extreme maatregel wat bewijst dat in het ontwerpplan "B-O" een poging wordt ondernomen om functies met conflicterende belangen veel te dicht bij elkaar te realiseren. Ter vergelijking, de woningen zijn ca 8 tot 9 meter hoog. Vanuit de woningen zou er bij realisatie van ontwerpplan "B-O" vanaf de boven- en benedenverdiepingen vanwege de beoogde geluidschermen geen uitzicht meer mogelijk zijn en onevenredig weinig licht inval. In gemengd gebied kunnen dergelijke maatregelen misschien worden getroffen worden om overlast te beperken, maar ter plaatse van de bestaande woningen is thans sprake van een gebied dat als een rustige woonwijk moet worden gekwalificeerd.
4.68 In de toelichting bij ontwerpplan "B-O" wordt geconcludeerd dat het aspect "geluid" geen belemmering vormt voor de vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan "B-O", maar deze conclusie lijkt vooral betrekking te hebben op de geluidsbelasting op de beoogde bedriiven binnen het plangebied. Voor de geluidinvloed van het ontwerpplan "B-O" op de omgeving van het 25
ontwerpplangebied kan de conclusie niet anders zijn dan dat vaststelling van het ontwerpplan "B0" zal leiden tot onaanvaardbare geluidoverlast voor de bewoners van de omliggende rustige woonwijk. Uit het rapport onderzoek industrielawaai (zie onder 4.5.2 van de toelichting) zou blijken dat de etmaalwaarde van de equivalente geluidsbelasting die wordt veroorzaakt door het verkeer op de ontsluitingsweg van het plan bij de woningen maximaal 47 dB(A) bedraagt. Dat overschrijdt de grenswaarden die voor het gebiedstype rustige woonwijk gelden, ook in de avond en nachtperiode. Bij de woningen in de omgeving is derhalve geen sprake van een goed woon- en leefklimaat. Ook zegt de ruimtelijke onderbouwing niets over de piekgeluiden die het vrachtverkeer van en naar "B-O" met zich brengt. Vanuit het aspect bedrijven en milieuzonering zijn er dus wel degelijk belemmeringen aanwezig voor de uitvoerbaarheid van het initiatief.
Toelichting Hoofdstuk 4.6: reactie op Luchtkwaliteit 4.69 Volgens de toelichting op het ontwerpbestemmingsplan "B-O" is toetsing aan de grenswaarden van de luchtkwaliteit (o.a. m.b.t. fijnstof) niet noodzakelijk vanwege het niet beogen van gevoelige functies binnen het plangebied. We hebben er groot bezwaar tegen dat geen toetsing plaats vindt voor de omgeving, vanwege de zeer nabij gelegen rustige woonwijk en de plannen voor nabij te realiseren basisscholen met kinderopvang. Daarbij is ten westen van het ontwerpplangebied op Bonegraaf West al sprake van bedrijven die de luchtkwaliteit -
beïnvloeden, zoals Veapshield / Polytech (kunststofverwerker), RIHO (transport en opslag van Food en Feed) en Romein Beton (productie betonelementen). 4.70 We vrezen geluid en stankoverlast en overlast van deeltjes in de lucht vanwege o.a. de wasplaats voor materieel en (vracht)auto's (waaronder vrachtauto's die rioolslib vervoeren). 4.71 We vrezen stankoverlast vanwege het 's nachts stallen van vrachtwagens die overdag rioolslib vervoeren. 4.72 De beoogde noord-zuid gerichte structuur in het ontwerpplan "B-O" is extra nadelig voor de rustige woonwijk, o.a. vanwege de nadelige invloed op verplaatsing van fijnstof.
Toelichting Hoofdstuk 4.8: reactie op Externe veiligheid 4.73 We zijn bezorgd over het ontstaan van gevaarlijke situaties als gevolg van de toename van het transport van fossiele brandstoffen / gevaarlijke stoffen met tankvrachtauto's over de Bonegraafseweg en de Dalwagen / Einsteinstraat als gevolg van de beoogde plannen. 4.74 We hebben bezwaar tegen de uitzondering in de ontwerpbestemmingsplanregels die is gemaakt voor de definiëring van strijdig gebruik ten aanzien van risicovolle inrichtingen. Daar is de uitzondering aan toegevoegd "indien niet aangeduid". Op zo korte afstand van een grote woonwijk (met ca. 130 huishoudens) mogen risicovolle inrichtingen absoluut nooit worden toegestaan, daarop mag geen enkele uitzondering worden gemaakt. 4.75 De mogelijkheid in de ontwerpplanregels "B-O" om zo dichtbij de rustige woonwijk de opslag en productie van waterstof toe te staan zou leiden tot onaanvaardbare risico's met zoveel mensen (130 huishoudens) zo dichtbij. 4.76 We hebben bezwaar tegen het toestaan van tanks of drukhouders t.b.v. de opslag van stoffen, we vrezen voor explosiegevaar, brandgevaar en voor het vrijkomen van gevaarlijke stoffen. De bestemmingsplanregels beogen om tanks of drukhouders toe te staan tot wel een hoogte van 4 meter.
4.77 De mogelijkheid in de ontwerpplanregels "B-O" om zo dichtbij de rustige woonwijk laadvoorzieningen toe te staan en tankinstallaties voor fossiele brandstoffen, elektra en waterstof
W.
(en het gaat om veel personenauto's, vrachtauto's, werktuigen en machines) is onaanvaardbaar vanwege risico's voor de veiligheid en overlast. 4.78 In het ontwerpbestemmingsplan "B-O" missen we beschermende maatregelen zoals het niet toestaan van te hoge bebouwing, van bebouwing met teveel verdiepingen, van openingen en ramen / openslaande delen in gevels aan de zijde van woningen, het niet toestaan van dakterrassen en balkons aan de zijde van woningen, het niet toestaan van het bevestigen van verlichting aan de bebouwing, het niet toestaan van (licht)reclame aan de bebouwing, eisen aan (licht)kleuren, materialen e.d.; vanwege het risico van inbreuk op de privacy in woningen en (achter)tuinen en op allerlei vormen van overlast (licht, geluid enz.). 4.79 We hebben bezwaar tegen de afwijkingsmogelijkheid van de bouwregels in ontwerpbestemmingsplanregel 8.3. De bouwmogelijkheden waarin het ontwerpbestemmingsplan beoogd te voorzien zijn al heel extreem belastend voor de dichtbij naastgelegen rustige woonwijk, daarbovenop nog een afwijkingsmogelijkheid opnemen leidt tot onduidelijkheid en onzekerheid en maakt nog verdere verslechtering van het woon- en leefklimaat in de toekomst mogelijk. 4.80 We hebben bezwaar tegen de voorwaardelijkheid van een deel van het geluidscherm / de geluidwal volgens de ontwerpbestemmingsplanregels "B-O".
Deze voorwaardelijkheid leidt tot onduidelijkheid en onzekerheid over de mate waarin de (toekomstige) gevoelige bestemmingen bescherming wordt geboden tegen geluidoverlast. 4.81 We hebben bezwaar tegen de extreme hoogte en lengte van het beoogde geluidscherm zo dicht achter de rand van de woonwijk. Terwijl daar bovenuit de opslag, kranen, verlichting en gebouwen zichtbaar is. 4.82 We hebben bezwaar tegen het verdwijnen van het mooie beeldbepalende bos. 4.83 We hebben er bezwaar tegen dat de visuele afscherming van de bedrijven volgens het ontwerpbestemmingsplan lager is (4 meter) dan de toegestane hoogte van opslag (5 meter tot 8 meter). 4.84 Er is een MER nodig voor het geheel aan beoogde ontwikkelingen in de nabije omgeving. 4.85 We hebben ernstige zorgen over de gevolgen van de beoogde plannen in ontwerpplan "B-O" voor de weekenden en zondagen. We hebben al ondervonden dat de Pauw groep op het door haar strijdig in gebruik genomen terrein op zondagen lawaai maakte met kranen en containerbakken. Wat gaan de beoogde bedrijven voor lawaai maken in de weekenden en op zondagen? 4.86 We hebben ernstige zorgen over de nachtperiode, het 's nacht warmdraaien van vrachtauto's, heen en weer rijden van vrachtauto's en (zwaar) materieel om het materieel op de vrachtauto's te laden voor transport naar de werklocaties, bijbehorende signaleringsgeluiden enz.
4.87 We vragen ons af wat de beoogde ophoging van het ontwerpplangebied met netto 1.60 meter voor consequenties heeft voor zicht, geluid, bouw en opslag hoogtes, geluidschermen, verlichting, (portaal)kranen (met verlichting) enz.
Toelichting Hoofdstuk 4.9: reactie op Waterhuishouding 4.88 In 2.2. van de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" wordt de vele noodzakelijke verharding voor GMB als punt van zorg genoemd voor de afwatering. In de onderzoeken die als bijlagen bij de toelichting van het ontwerpplan "B-O" zijn gevoegd wordt gerekend met een ophoging van het ontwerpplangebied met netto 1,60 meter tot 1 meter boven het maaiveld van de woningen in de woonwijk. We zijn bezorgd over problemen met grondwaterpeil en afvoer van hemelwater / wateroverlast bij stortbuien, scheurvorming / verzakking van woningen en straatwerk enz.
27
Toelichting Hoofdstuk 4.10: reactie op Ecologie (vogels, stikstof) 4.89 Midden in het plangebied "B-O" ligt op dit moment 2 hectare populierenbos. Volgens de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" zal een deel van het bos blijven staan, maar bij het keukentafelgesprek met de GMB Groep op 7juli 2021 is ons al medegedeeld dat de aard van het populierenbos met zich meebrengt dat het rooien van enkele bomen onherroepelijk leidt tot het omvallen van de overgebleven bomen. Ook het beoogde ophogen van het ontwerpplangebied wat nu onder het maaiveld van de woonwijk ligt tot 1 meter boven het maaiveld van de woonwijk zou ertoe leiden dat het gehele bos weggaat, wat t.a.v. de klimaatadaptatie leidt tot negatieve consequenties van het verdwijnen van 2 hectare bos op milieu (flora en fauna), gezondheid, opname stikstof, vasthouden fijnstof, geluid, licht enz. Bovenop het verdwijnen van de gunstige invloed van het huidige bos komt de extra belasting van de ontwerpplannen op milieu, gezondheid, stikstof, fijnstof, geluid, licht enz. De invloed van dit geheel dient zorgvuldig te worden onderzocht. 4.90 Volgens de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan "B-O" kent de Wet natuurbescherming voor rooien van het bos geen vergunning, wel een meld en herplantingsplicht. Volgens het ontwerpbestemmingsplan zullen binnen het ontwerpplangebied nieuwe bomen worden aangeplant.
Het ontwerpbestemmingsplan lijkt eraan voorbij te zien dat het gaat om een houtopstand, een populierenbos van 2 ha, hoge bomen met veel onderbegroeiing, waar veel vogels en andere dieren wonen. Een eenvoudig te realiseren goed alternatief lijkt het bos te draaien en aan de zijde van de woonwijk te houden, zodat het gedraaide bos een natuurlijke afscheiding kan blijven vormen tussen de rustige woonwijk met aan de andere zijde (lichte) lokale bedrijvigheid naar de rand van de snelweg AlS en tegelijk de woonplaats voor vogels en andere dieren in tact blijft 4.91 Voor wat betreft de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan ziin meerdere ontheffingen in de zin van de Wet natuurbescherming (Wnb) vereist (o.a. op grond van artikel 3.1, lid 2 en 4 Wnb / artikel 3.5, lid 2 en 4 Wnb en artikel 3.10, lid ib Wnb). Uit niets blijkt dat deze ontheffingen door Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland ziin verleend. De uitvoerbaarheid van het ontwerpbestemmingsplan staat thans dan ook niet vast. 4.92 Het ontwerpplangebied ligt aan de grens van een kwetsbaar drinkwaterreserveringsgebied.
In de bestemmingsplanregels zijn onvoldoende waarborgen opgenomen voor het behoud van dit kwetsbare drinkwatergebied; het bos zal verloren gaan, agrarisch gebied wordt bedrijventerrein, hemelwater komt niet via bos en agrarisch gebied in het grondwater maar vanaf bedrijventerrein waarop (zwaar) verkeer en materieel rijdt en wordt gereinigd en wordt onderhouden (ook vrachtwagens die slib transporteren, al vindt de slibverwerking zelf op een andere locatie van GMB plaats, in Zutphen). Er worden tankvoorzieningen beoogd van (fossiele) brandstoffen, opslag onder druk enz. Wat zijn de gevolgen voor de drinkwaterreservering? 4.93 Volgens 4.10 van de toelichting bij het ontwerpplan "B-O" is niet op voorhand uit te sluiten of er sprake is van significante toename van stikstof-depositie op het nabijgelegen Natura-2000 gebied. De stikstofdepositie in de bouw-/aanlegfase is buiten de toetsing gehouden, maar dient cf. recente jurisprudentie (Porthos-uitspraak) ook in de toetsing te worden betrokken. Ook de toe te passen berekeningsmethode voor de stikstofdepositie staat nog ter discussie. Dat het initiatief geen significante effecten heeft op de natuur en omgeving is niet voldoende aangetoond. 4.94 In het bos en de groene randen om de rustige woonwijk wonen veel soorten vogels. Ook beschermde vogels.
In het voorjaar van 2021 zaten er een koekoek mannetje en vrouwtje, er zaten bonte spechten, groene spechten, een steenuil (die is weggeweest maar zit er weer), 2 nesten met sperwers met jongen, een ijsvogeltje, putters, kramsvogels, enz., aan de rand van het bos hebben we een ree gezien. Helaas waren er in 2022 veel minder vogels dan in 2021, mogelijk 28
vanwege het lawaai dat de diesel-koeltrailers maken waarvoor de handhavingsprocedure loopt, maar er zitten nog steeds spechten en een steenuil. 4.95 De ontbossing van 2 hectare bosperceel en het herbestemmen van agrarisch gebied naar bedrijventerrein heeft een negatieve invloed op wateroverlast, stikstofopname, geluidabsorptie, droogte en hitte en heeft daarmee een negatieve invloed op de klimaatadaptatie. 4.96 Beoogde lichtmasten, verkeersgeleiding en wegverlichting zijn cf. de ontwerpbestemmingsplanregels toegestaan tot 8 meter hoog, daarbovenop is in de ontwerpbestemmingsplanregels opgenomen dat "de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van de verkeersgeleiding en wegverlichting niet meer mag bedragen dan 12 meter hoog. We hebben bezwaar tegen de hoogte van de verlichting en we missen in de ontwerpbestemmingsplanregels beperkingen, o.a. qua tijden dat verlichting aan mag, welke richting verlichting op mag stralen, toegestane kleuren van verlichting enz. ter voorkoming van lichthinder voor verkeer, milieu, planten en dieren en omwonenden.
Toelichting Hoofdstuk 4.11: reactie op Archeologie en cultuurhistorie 4.97 Zie bijlage U bij deze zienswijze, in 2003 merkte de gemeente het bos aan als waardevolle beplanting. Daarbij waren er eerder in het landschap meer van deze karakteristieke populierenbossen, het bos op Bonegraaf
Oost is het laatst overgeblevene daarvan en in het
-
landschap vanuit de wijde omgeving beeldbepalend. Er is sprake van een bos met "cultuurhistorische" waarde. 4.98 In de handhavingsprocedure m.b.t. de geluidoverlast a.g.v. het strijdig gebruik wat de Pauw groep maakt van een onderdeel van het plangebied is naar voren gekomen dat op betreffend terrein de waarde Archeologie van toepassing is. In het archeologisch onderzoek wat bij de toelichting op het ontwerpbestemmingsplan "B-O" gevoegd is, is het door de Pauw groep in gebruik genomen terrein buiten het onderzoek gelaten. Dit deel van het ontwerpplangebied lijkt nog te wachten op archeologisch onderzoek.
29
Toelichting Hoofdstuk 5: reactie op Juridische aspecten en overige bezwaren 5.1
In 5.3. van de toelichting bij ontwerpplan "B-O" is vermeld dat op het terrein van GMB opslag is aangeduid buiten het bouwvlak met een toegestane opslaghoogte van 8 meter, omdat een hoge geluidwal gerealiseerd zou worden waardoor enig zicht op de opslag wordt ontnomen. Dit is onaanvaardbaar, dat zou dan het uitzicht worden vanuit de woonwijk (zie pagina 1 van bijlage N bij deze zienswijze voor een indruk).
5.2
Met het oog op de ernstige geluidoverlast door de strijdige ingebruikname van een deel van het ontwerpplangebied door Pauw hebben we bezwaar tegen de vermelding in S.S. van de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan "B-O" dat gebruik van grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan, mag worden voortgezet.
5.3
De omvang van beoogde bedrijven past niet op een lokaal bedrijventerrein en niet zo dicht bij de rustige woonwijk.
5.4
De aard van beoogde bedrijven past niet op een lokaal bedrijventerrein en niet zo dicht bij de rustige woonwijk, op het naburige regionale bedrijventerrein Medel is voldoende ruimte voor deze bedrijven beschikbaar.
5.5
Zicht en ligging van de rustige woonwijk verslechterd dramatisch, terwijl nu sprake is van ligging in een groene omzoming aan de bosrand en agrarisch gebied.
5.6
Woonwijk De Heuvel is de nieuwste woonwijk van Dodewaard (ca. 130 woningen gebouwd van 1996 tot 2000), pas nu wordt er weer gewerkt aan een nieuwe woonwijk (Fructus, 2022).
5.7
De beoogde hoogte van de toegestane bebouwing in het ontwerpplangebied "B-O" past niet bij de rustige woonwijk.
5.8
Dat in de ontwerpplanregels onder meer detailhandel zou worden toegestaan leidt tot extra ontsluitings- en verkeersproblemen vanwege de verkeersaantrekkende werking, de capaciteit van de infrastructuur is daar niet op berekend en er bestaat nu al overbelast.
5.9
Een bedrijfskantine is een normaal onderdeel van een bedrijf, maar we hebben bezwaar tegen een afzonderlijke bestemming "horeca" op zich vanwege het risico op overlast.
5.10 In de ontwerpplanregels "B-O" wordt het plaatsen van (GSM-)antennemasten toegestaan, we hebben daar bezwaar tegen. De woningen liggen dichtbij het ontwerpplangebied "B-O" en ook het voetbalveld en de beoogde basisscholen met kinderopvang en multifunctionele ruimte. We zijn bezorgd over de (stralings-) effecten van (GSM-)antennemasten op de gezondheid van mensen en (kleine)kinderen. 5.11 We hebben bezwaar tegen de ontwerpbestemmingsplanregels m.b.t. het toestaan van (portaal)kranen tot 15 meter hoog. O.a. vanwege het zicht op hoge kranen, maar ook vanwege het geluid van de kranen en van de signaleringsgeluiden. Daarbij komt dat dergelijke kranen zelf voorzien zijn van verlichting (tot 15 meter hoog) die uitstraalt op de omgeving. 5.12 We hebben bezwaar tegen de beoogde hoogte van de buitenopslag van 5 tot 8 meter in verhouding tot de woningen die max. 9 meter hoog zijn. Dat is foute ruimtelijke ordening. 5.13 We hebben bezwaar tegen de beoogde hoogte van de buitenopslag van 5 tot 8 meter omdat het stapelen van dergelijke hoogtes het gebruik van zwaar materieel vereist wat leidt tot veel geluidoverlast (het gebrom van de machines en de piepgeluiden van de signalering). 5.14 We hebben bezwaar tegen de beoogde hoogte van de buitenopslag van 5 tot 8 meter vanwege de stofwolken die dat geeft richting de woonwijk. Ook de grootte van de terreinen gaat een hoop stof opleveren.
Dat is schadelijk voor de gezondheid, en leidt tot vervuiling van tuinen, ramen, buiten drogende was enz. 5.15 De beoogde noord-zuid gerichte structuur in het ontwerpplan "B-O" is extra nadelig voor de rustige woonwijk, o.a. vanwege de nadelige invloed op geluid, verplaatsing van fijnstof en het 30
zicht vanuit de rustige woonwijk op de in zijn algemeenheid vaak slordige achterkant van bedrijven met (hoge) opslag, kranen, lampen e.d., terwijl in het ontwerpplan de representatieve zichtzijde noordelijk gericht wordt richting de snelweg A15. 5.16 In het ontwerpplan "B-O" wordt de toestemming voorbereid voor bebouwing tot 12 of 13 meter hoog dichtbij de rustige woonwijk en wordt het ontwerpplangebied "8-0" ook nog eens met netto 1,60 meter opgehoogd. Het effect daarvan op uitzicht, lichtinval e.d. is onaanvaardbaar gelet op de afstand waarbinnen de woonwijk is gelegen en onvoldoende onderzocht. 5.17 Bij realisatie van het ontwerpplan "B-0" kan het wandelpad niet blijven bestaan vanwege het mogelijke bij-effect van het wandelpad van parkeren t.b.v. de beoogde bedrijven in de woonwijk, wat zou leiden tot parkeerproblemen voor de bewoners. 5.18 Een groot nadeel van een wandelpad is de opening in de geluidwering, waardoor ter hoogte van de Gieser Wildeman het geluid niet geweerd wordt. Bovendien zou aan de zuidkant van deelgebied 1 in plaats van slechts een visuele wal eveneens een geluidswal moeten worden aangebracht, ter bescherming van een goed woon- en leefklimaat van de omgeving. 5.19 We attenderen op enkele mogelijk tekstuele onjuistheden in de ontwerpbestemmingsplanregels: onder 3.1.2 staat een verwijzing naar 3.3.1. i.p.v.
naar 3.1.1 en onder 3.1.2 onder g staat een verwijzing naar 3.1.1 i.p.v. naar 3.3.1.
31
Toelichting Hoofdstuk 6: reactie op Uitvoerbaarheid (participatie)
De gemeente acht een formele inspraakprocedure niet nodig aangezien het gesprek met omwonenden vroegtijdig is aangegaan. Volgens de gemeente in een bericht in De Gelderlander van 11 oktober 2022 kunnen de plannen nu snel worden uitgerold. Omdat we gedurende het participatie-traject niet gehoord werden, zijn we uiterst bezorgd over de zorgvuldigheid en objectiviteit waarmee het ontwerpplan "B-O" wordt voorbereid. Ten aanzien van de keuze om ontwerpplannen afzonderlijk in plaats van gezamenlijk in procedure te brengen, ten aanzien van de keuze om bepaalde regelgeving al dan niet toe te passen, ten aanzien van de keuze om al dan niet bepaalde (deel)onderzoeken te doen, ten aanzien van de keuze van te hanteren uitgangspunten en interpretaties enz. We hebben intensief geparticipeerd, maar wij zijn niet gehoord. We geven u graag een overzicht. 6.1) In juni 2021 heeft GMB Groep ons gebeld om een keukentafelgesprek te plannen (op 7juli 2021, zie hierna) vanwege verhuisplannen van de GMB Groep naar Dodewaard. We waren verbijsterd. We wisten dat in het verleden de GMB Groep grond gekocht had op Bonegraaf— Oost, langs de snelweg achter Wassink en dat de GMB Groep deze grond ca. 10 jaar geleden weer verkocht had "omdat daar niets mocht".
We wisten ook dat vanaf de Dalwagen tot het bos in de toekomst plannen mogelijk waren voor kleine lokale bedrijven, waar we gaan last van zouden krijgen, bijv. een fietsenwinkel of een advocatenkantoor, en lichte bedrijvigheid langs de rand van de snelweg A15, niet dichtbij de woningen. Deze wetenschap werd bevestigd door de publicatie van rond diezelfde datum van de wethouder in het Neder-Betuwe Magazine van juni 2021, zie bijlage A bij deze zienswijze, waarin de wethouder schrijft over de schaarste van grond voor bedrijventerreinen, terwijl laanboomkwekers hun arealen willen uitbreiden. De wethouder schrijft: "Nog maar een paar plukken grond liggen braak. Zoals Bonegraaf— Oost, achter Wassink Autogroep aan de Dalwagen op Bonegraaf— West. Vanwege de grote schaarste aan bedrijfsgrond en de gunstige locatie langs de A15 is hier heel veel belangstelling voor." Bij de nieuwbouw van de rustige woonwijk (bouwperiode 1996
2000) is door de gemeente aan kopers van de woningen medegedeeld dat alleen aan de rand bij de snelweg AlS bedrijvigheid in de toekomst mogelijk was, maar zeker niet dicht bij de woningen. -
Daarop vertrouwend zijn de woningen gekocht. N.a.v. bovengenoemd telefoontje van de GMB Groep hebben we ons verdiept in de Structuurschets "B0" van de gemeente van 2020. Deze riep vragen op; o.a. de betekenis van de benaming "schets" en niet "visie", het verdoezelen van de aanwezigheid van rustige woonwijk "De Heuvel", de maximale omvang van potentiële bedrijven tot 5.000 vierkante meter i.r.t. het telefoontje van het grote bedrijf GMB enz. Vanwege deze vragen hebben we een afspraak gepland bij de gemeente, voorafgaand aan het geplande overleg met de GMB Groep.
32
6.2) Op 30 juni 2021 hebben we dhr. Meijer, projectleider voor "B-O" van de gemeente Neder-Betuwe, gesproken op het gemeentehuis in Opheusden. De projectleider ze het een ongemakkelijk gesprek te vinden, want hij wist niet dat GMB ons al zou informeren over hun plannen. De projectleider had verschillende versies van de plannen van GMB, maar daardoor kon hij niets laten zien want hij wist niet welke versie GMB aan ons wilde presenteren. Op onze vraag over de onduidelijkheid over gemengd gebied in de Structuurschets "B-O", wat wel duidelijk van toepassing is op de Dalwagen met "lintbebouwing en gemengde" functies, maar zeker niet op onze rustige woonwijk "De Heuvel", kregen we geen antwoord. De projectleider deed of hij niet begreep wat we met gemengd gebied bedoelden, weidde uit over gemengd gebruik in plaats van over gemengd gebied, maar gaf géén antwoord. In dit gesprek hebben we al benoemd dat o.b.v. informatie op internet over kenmerken van gemengd gebied onze rustige woonwijk niet als gemengd gebied kan worden aangemerkt en dat onduidelijkheid daarover in de Structuurschets "B-O" 2020 van de gemeente het risico geeft dat bij het voorbereiden van de verhuisplannen voor bedrijven voor de richtafstanden lagere afstandsstappen toegepast gaan worden. Ook hierop kregen we géén antwoord, alleen een uitgebreid en vaag verhaal.
In 2.2. van de toelichting bi] het ontwerpplan "B-O" wordt, verwijzend naar deze zelfde Structuurschets "B-O" 2020 van de gemeente, gesproken over omliggende woningbezitters in plaats van over de aangrenzende rustige woonwijk. In dit gesprek hebben we benoemd dat bij de nieuwbouw van de rustige woonwijk door de gemeente aan kopers van de woningen is medegedeeld dat alleen aan de rand bij de snelweg A15 bedrijvigheid in de toekomst mogelijk was, maar zeker niet dicht bij de woningen. Daarop vertrouwend zijn de woningen gekocht. In dit gesprek hebben we gesproken over de vele vogels in het bos en de groene randen om de rustige woonwijk. We hebben "het concert" benoemd dat de vogels geven, vooral in het voorjaar. En dat er zoveel verschillende vogels huizen, ook beschermde vogels. In het voorjaar van 2021 zaten er een mannetjes en vrouwtjes koekoek, er zaten bonte spechten, groene spechten, een steenuil (die is weggeweest maar zit er weer, 2 nesten met sperwers met jongen, een ijsvogeltje, putters, kramsvogels, enz., aan de rand van het bos hebben we een ree gezien. Helaas waren er in 2022 veel minder vogels, mogelijk vanwege het lawaai dat de diesel-koeltrailers maken waarvoor de handhavingsprocedure loopt, al zitten er nog steeds spechten en een steenuil.
Op onze vraag over de maximale grootte van de bedrijven van 5.000 vierkante meter volgens de Structuurschets "B-O" merkte de projectleider van de gemeente op dat dit een eis was van de Provincie Gelderland die in de toekomst zou worden losgelaten. We hebben in dit gesprek genoemd dat we ernstige geluidoverlast ervaren van de draaiende dieselkoelmotoren van de trailers van Pauw, maar "dat mag daar", "dat is tijdelijk", aldus de projectleider van de gemeente. Voor zover ons bekend worden van alle overleggen op het gemeentehuis geluidopnames gemaakt. Het terugluisteren van ons gesprek met dhr. Meijer op 30 juni 2021 kan duidelijk maken hoe we met een kluitje in het riet zijn gestuurd.
33
6.3) Op 7juli 2021 zijn 2 medewerkers van de GMB Groep, een projectleider en een communicatiemedewerkster, bij ons op bezoek geweest voor een keukentafelgesprek. Ze begonnen het gesprek met de mededeling dat de plannen van GMB voor de bewoners van de wijk iets heel nieuws waren, nog niemand wist ervan. Het bleek te gaan om door GMB aangekochte percelen van samen 50.000 vierkante meter. Het keukentafelgesprek met GMB ging enkel en alleen over het deel wat GMB heeft aangekocht (deelgebied 2 en 3 van ontwerpplangebied "B-O"), niet om de rest van Bonegraaf— Oost (deelgebied 1 van het ontwerpplangebied "B-O"), "daar weten we niets van", "daar hebben we niets mee te maken, daar komen andere bedrijven", aldus de medewerkers van GMB. Op onze vraag hoe het mogelijk was dat GMB nu plannen had om zich zo dicht bij onze woonwijk te vestigen, terwijl ruim 10 jaar geleden GMB de grond die zij destijds had aan de rand van de snelweg A15 op Bonegraaf-Oost had verkocht omdat daar "niets mocht", kregen we geen antwoord. De projectleider deed vaag over de locatie van de gronden die destijds waren gekocht, alsof die richting Opheusden bij het Laanboomcentrum gelegen zouden hebben en niet op "B-O" aan de snelweg Als.
Op onze vraag of de verhuizing van GMB naar "B-O" en plan was van GMB of van de gemeente kregen we van de medewerkers van GMB als antwoord; "het is een plan van samen, de gemeente en GMB hebben deze locatie samen bedacht". De afstand van de plannen tot de woningen was nog niet bekend. De zwaartecategorie van de bedrijfsactiviteiten was niet bekend. Voor Populieren zou een uitzonderingsregel gelden, waardoor rooien mag en geen herplant-plicht zou bestaan. Rooien van een deel van de Populieren zou vanzelf leiden tot omvallen van de rest, er zou lage aanplant voor terugkomen. Het wandelpad (Harrie Drost Wandelpad) moest verlegd worden, dat moest gaan dienen als vluchtroute bij calamiteiten. Er werden afzonderlijk 2 tekeningen getoond, die pas na veel aandringen naast elkaar werden gelegd en een zeer vertekend beeld gaven. We hebben benoemd dat we er als bewoners van de woonwijk erg op achteruit zouden gaan en dat we daar op z'n minst compensatie voor verwachten. Er werd verwezen naar de wettelijke regeling voor planschade. In het gesprek hebben we benadrukt, vooral aan het eind van het gesprek, dat het onze sterke voorkeur heeft dat GMB gaat zoeken naar een alternatieve locatie. Op 14 juli 2021 kregen we het gespreksverslag van GMB waarin we het gesprek van 7juli 2021 niet herkenden. In antwoord daarop hebben we op 3 augustus 2021 in een e-mail aan GMB, zie bijlage B bij