Bijlage - Ontwerpbegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
Tekst van het document
huisvesting, taal, scholing, werk en ontmoeting aan nieuwkomers conform de Wet Inburgering 5.1.3.4 We zorgen ervoor dat iedereen, van oud tot jong, ongeacht geloofsachtergrond, geaardheid, afkomst, beperkingen en met welke idealen dan ook kan deelnemen aan onze samenleving 5.1.3.5 We zorgen voor een passend woningaanbod in de wijk voor kwetsbare inwoners (zie verder ambitie 3.1: Wonen voor iedereen) 5.1.4.1 We realiseren voldoende opvangplekken voor asielzoekers en zoeken daarbij zoveel mogelijk de samenwerking met gemeenten in Regio Rivierenland
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
Wanneer speelt het? continu
continu
continu
continu
continu
2025 e.v.
continu
continu
continu
continu
continu
continu
continu
2026 e.v.
61
Activiteiten 2026
Voor het bereiken van bovenstaande ambitie gaan we het volgende doen in 2026. 5.1.1 Inwoners met een hulpvraag ontvangen passende ondersteuning 5.1.1.1 We bieden een helpende hand bij het formuleren van een hulpvraag, door onder andere onafhankelijke cliëntondersteuning, het welzijnswerk en de Kernpunten Op 1 januari 2026 gaan nieuwe contracten voor onafhankelijke cliëntondersteuning in. We zetten in op het verder verbeteren van de kwaliteit van de onafhankelijke cliëntondersteuning. 5.1.1.2 Wij borgen de kwaliteit en beschikbaarheid van ondersteuning In 2026 loopt de eerste contractperiode van de regionale overeenkomsten binnen de Wmo en Jeugdhulp af. De intentie is om de huidige contracten te verlengen. Voorafgaand aan de verlenging wordt een uitgebreid evaluatietraject doorlopen, waarvan de bevindingen worden gebruikt om de verlenging zorgvuldig vorm te geven. Dit proces wordt in de loop van 2026 afgerond, waarmee de continuïteit en beschikbaarheid van passende ondersteuning wordt gewaarborgd. Daarnaast wordt in 2026 een regionaal dashboard geïntroduceerd dat ons zal ondersteunen bij het versterken van het contractmanagement binnen de Wmo en Jeugdhulp. Door gegevens en trends regionaal te bundelen en gezamenlijk te analyseren, verbeteren we onze signalering en opvolging richting aanbieders.
Deze gedeelde inzichten helpen bij het maken van gerichte afspraken met zorgaanbieders over kwaliteit, beschikbaarheid en effectiviteit van ondersteuning. Zo versterken we onze positie als opdrachtgever en vergroten we de doelgerichtheid en effectiviteit van het contractmanagement op regionaal niveau. 5.1.1.3 We zorgen dat inwoners keuzevrijheid hebben zodat de geboden hulp aansluit bij hun levensovertuiging en identiteit Zowel bij de inkoop van voorliggende voorzieningen als bij geïndiceerde ondersteuning blijven we continu kijken naar de wensen en behoeften van onze inwoners. Dit resulteert in een divers ondersteuningsaanbod. Bij de recente aanbesteding van de nieuwe contracten voor onafhankelijke cliëntondersteuning per 1 januari 2026 is er gekozen voor zowel identiteitsgebonden als nietidentiteitsgebonden ondersteuning. Ook binnen het gecontracteerde aanbod van voorzieningen voor Wmo en Jeugd en binnen schoolmaatschappelijk werk zijn en blijven er meerdere identiteitsgebonden zorgaanbieders actief. 5.1.1.4 We ondersteunen vormen van informele zorg en blijven hiervoor in gesprek met onze (lokale) partners De behoefte aan informele zorg onder inwoners neemt zichtbaar toe. Dit komt onder meer tot uiting in de groeiende inzet van initiatieven zoals Buurtgezinnen en Humanitas.
In 2026 zullen wij in samenwerking met onze partners verdere stappen zetten om informele steun te versterken en te verduurzamen. Daarbij wordt onder andere via het diaconaal platform actief ingezet op samenwerking met kerken, met als doel de inwoners van de gemeente Neder-Betuwe op passende wijze te ondersteunen. De vraag om mantelzorgers beter te ondersteunen neemt toe. We breiden het bestaande ondersteuningsaanbod uit met o.a. de inzet op lotgenotencontact, informatievoorziening en voorlichting. Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden van respijtzorg. Met de methode Welzijn op Recept kunnen huisartsen patiënten met milde psychosociale klachten doorverwijzen naar een welzijnscoach. Hierbij begeleidt de welzijnscoach de patiënt naar het lokale welzijnsaanbod en helpt bij het vinden van een zinvolle daginvulling/zingeving. Deze interventie vergroot het welzijn van de patiënt en het leidt ertoe dat huisartsen minder vaak een medisch recept hoeven uit te schrijven. Op dit moment werken een aantal huisartsenpraktijken in onze gemeente met Welzijn op Recept. In 2026 breiden we het verder uit, zodat alle huisartsen in de gemeente hier mee kunnen werken en het daarmee ook voor alle inwoners beschikbaar wordt.
5.1.2 Inwoners zijn zoveel mogelijk financieel zelfredzaam 5.1.2.1 We bieden ondersteuning aan inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt bij het vinden en behouden van passend werk Vanaf 2026 is de uitvoering van de Participatiewet belegd bij Werkzaak Rivierenland. Mensen met een bijstandsuitkering begeleiden we zoveel mogelijk naar betaald werk met behulp van methodisch werken en focus op specifieke doelgroepen. Als (betaald) werk een stap te ver is, ondersteunen wij bij hun maatschappelijke participatie. Voor mensen met een arbeidsbeperking wordt werk met ondersteuning gezocht. Dit kan zijn loonkostensubsidie aan de werkgever en/of coaching op de werkvloer. Streven is dat dit aantal garantiebanen in 2026 groeit. Voor uitstroomleerlingen op het Praktijkonderwijs en Voortgezet Speciaal onderwijs wordt naar een passend vervolg op hun schoolcarrière gezocht. Dit kan ook passend werk met ondersteuning zijn.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
62
5.1.2.2 We organiseren een toekomstbestendige uitvoering van de Participatiewet en Schulpverlening In 2026 is de uitvoering van de Participatiewet voor het eerst ondergebracht bij Werkzaak Rivierenland. Vanaf 2026 gaat de gemeenteschuldhulpverlening in eigen beheer uitvoeren. Deze nieuwe taak pakken we op in samenhang met de bestaande taken op het gebied van vroegsignalering van betalingsachterstanden en het minimabeleid. We richten een stevige dienstverlening in: laagdrempelig, toegankelijk en snel. Daarbij maken we afspraken met partners zoals woningcorporatie Thius en lokale bewindvoerders en budgetbeheerders, zodat we inwoners met financiële zorgen beter en eerder kunnen ondersteunen. Om dit goed te organiseren, stellen we in 2026 een plan van aanpak op voor het inrichten van de lokale schuldenketen. Hierin leggen we vast hoe de verschillende onderdelen van schuldhulpverlening, vroegsignalering en samenwerking met partners op elkaar aansluiten, zodat inwoners snel de juist hulp ontvangen. Voorheen konden werkgevers in de arbeidsmarktregio voor advies en ondersteuning bij de werving en selectie van personeel terecht bij het WerkgeversServicepunt (WSP). Dit is een samenwerking van UWV, gemeenten en andere organisaties uit de arbeidsmarktregio Rivierenland.
Werknemers en werkzoekenden konden voor loopbaanadvies of advies over scholing en mobiliteit terecht bij het Leerwerkloket en het Regionaal mobiliteitsteam (RMT). Vanaf 2026 wordt deze werkgeversdienstverlening en werkzoekendendienstverlening samengevoegd in 1 loket: het Werkcentrum Rivierenland (WCR). Dit is een landelijke ontwikkeling. Naast gemeenten en UWV werken ook onderwijsinstellingen, werkgeversorganisaties en vakbonden hierin samen. 5.1.2.3 We geven uitvoering aan maatregelen ter bestrijding van armoede en koopkrachtverlies We monitoren het gebruik van minimaregelingen. Waar nodig nemen we belemmeringen weg voor inwoners om hiervan gebruik te maken. Bijvoorbeeld door extra communicatie in te zetten en tijdens een aanvraagprocedure de inwoner te wijzen op andere minimaregelingen. We leren daarbij van de ervaringen van andere gemeenten in de regio. 5.1.2.4 Problematische schulden worden waar mogelijk voorkomen door vroegtijdig signaleren en een breed ondersteuningsaanbod Vroegsignalering van betalingsachterstanden is een preventieve aanpak waarbij gemeenten, woningcorporaties, zorgverzekeraars en andere organisaties samenwerken om betalingsproblemen vroegtijdig te identificeren en aan te pakken. We continueren de vroegsignalering van betalingsachterstanden en blijven inzetten op het tijdig bereiken van inwoners met (dreigende) schulden.
Tegelijkertijd onderzoeken we waar verbetering mogelijk is, zodat we de signalering effectiever kunnen maken. Vanaf 1 januari 2026 gaat de gemeente Neder-Betuwe schuldhulpverlening zelf uitvoeren. Dit biedt kansen om de samenwerking met vroegsignalering te verbeteren. We willen zorgen voor een soepele overgang van signaal naar hulp, met persoonlijk contacten een warme overdracht. 5.1.3 Iedereen kan deelnemen aan de samenleving 5.1.3.1 We zetten ons in voor een dementievriendelijk Neder-Betuwe We zetten de uitvoering van het plan van aanpak Dementievriendelijk Neder-Betuwe in 2026 voort. We streven naar het aanvragen van het certificaat “dementievriendelijke gemeente” in 2026. Om het certificaat in 2026 te behalen moet er een plan van aanpak voor de komende 4 jaar liggen waarin we ons committeren aan de inzet op dit thema. Daarom wordt in 2026 ingezet op het borgen van de opgezette voorzieningen en de beweging die in gang is gezet; namelijk dat er steeds meer kennis en begrip is in de samenleving voor dementie. We zetten ons samen met partners in voor het realiseren van een indicatievrije dagbesteding voor mensen met dementie. We zetten in op het borgen van de samenwerking tussen professionals uit het zorgdomein en het sociaal domein. Daarnaast evalueren we de aanpak periodiek en toetsen dit bij betrokkenen, zodat de aanpak bijgesteld kan worden wanneer dit nodig is.
5.1.3.2 We dragen bij aan het voorkomen en verminderen van eenzaamheid onder inwoners We continueren de aanpak van eenzaamheidsgevoelens onder inwoners. Dit doen we in samenwerking met inwoners en partners uit zorg en welzijn onder de vlag van Samen is Leuker. 5.1.3.3 We bieden goede ondersteuning op het gebied van o.a. huisvesting, taal, scholing, werk en ontmoeting aan nieuwkomers conform de Wet Inburgering Statushouders worden in het eerste jaar na huisvesting in onze gemeente begeleid door Welzijn Rivierstroom, met specifieke aandacht voor het regelen van praktische zaken en het wegwijs maken in de lokale samenleving. Inburgeringsplichtige statushouders worden via de GR Regio Rivierenland ondersteund bij het vinden van een passend taaltraject. De taaltrajecten worden aangeboden door ROV Rivor. Statushouders worden gestimuleerd om, waar mogelijk, stappen te zetten richting (vrijwilligers)werk en/of participatieactiviteiten.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
63
In 2026 zetten we deze aanpak voort. We versterken de samenwerking met onze partners en breiden de participatieactiviteiten uit, met extra aandacht voor inburgeraars die de Zelfredzaamheidsroute (Z-route) volgen. Deze activiteiten worden in samenwerking met lokale partners aangeboden, zoals de brandweer en de Avri. De activiteiten zijn gericht op het vergroten van de zelfredzaamheid. Daarbij evalueren we gemaakte afspraken en sturen bij waar nodig. 5.1.3.4 We zorgen ervoor dat iedereen, van oud tot jong, ongeacht geloofsachtergrond, geaardheid, afkomst, beperkingen en met welke idealen dan ook kan deelnemen aan onze samenleving In 2026 stellen we een lokale inclusieagenda op. Met deze agenda werken we aan een toegankelijke en inclusieve gemeente, waarin gelijke behandeling en sociale acceptatie voor iedereen het uitgangspunt is. 5.1.3.5 We zorgen voor een passend woningaanbod in de wijk voor kwetsbare inwoners In 2025 stelden we een woonzorgvisie vast, die we in het eerste kwartaal van 2026 voorzien van een uitvoeringsprogramma en een toetsingskader. Vanaf 2026 wordt hier uitvoering aan gegeven.
5.1.4 Voldoende opvangplekken voor asielzoekers conform opgave Spreidingswet 5.1.4.1 We realiseren voldoende opvangplekken voor asielzoekers en zoeken daarbij zoveel mogelijk de samenwerking met gemeenten in Regio Rivierenland De Spreidingswet verplicht ons om minstens 145 asielplekken te realiseren. In 2026 leveren we het haalbaarheidsonderzoek op naar de mogelijke huisvestingslocatie voor bijzondere doelgroepen op Medel-Noord. De samenwerking met regiogemeenten wordt daarin meegenomen. Bij een positief besluit van de gemeenteraad hierover, starten daarna de voorbereidingen zoals ruimtelijke procedures, afsluiten van een bestuursovereenkomst en bouwwerkzaamheden. Landelijke ontwikkelingen ten aanzien van (het intrekken van) de Spreidingswet volgen we op de voet.
Ontwikkelingen voor 2026 Niet van toepassing
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
64
5.2 Inwoners van Neder-Betuwe leven gezond en zijn vitaal Wat willen we bereiken?
5.2.1 Er is toegenomen aandacht voor preventie op de gebieden gezond leven en vitaal zijn
5.2.2 Het middelengebruik onder (jonge) inwoners neemt af
5.2.3 Jeugdigen groeien op in een stabiele en veilige (thuis)omgeving
5.2.4 Kinderen maken een goede start in het leven en hebben daarin gelijke kansen
Wat gaan we daarvoor doen? 5.2.1.1 We zetten ons in voor een gezonde leefstijl voor jongeren en volwassenen 5.2.1.2 We zetten in op het versterken van de mentale gezondheid van onze inwoners 5.2.1.3 We zetten in op het vroegtijdig signaleren van (verborgen) problemen bij ouderen en bieden preventieve ondersteuning 5.2.2.1 We werken de aanpak 'Opgroeien in een Kansrijke Omgeving' (OKO) - voorheen IJslands Preventiemodel nader uit en implementeren deze 5.2.3.1 We zetten in op het versterken van relaties en het bieden van tijdige ondersteuning bij scheidingen 5.2.3.2 We zetten in op kwalitatief goede jeugdbescherming en hoog specialistische jeugdzorg 5.2.3.3 We voeren de jeugdzorg zo effectief en efficiënt mogelijk uit, samen met relevante partners 5.2.3.4 We zetten in op een duurzame aanpak van jeugdoverlast 5.2.3.5 We zetten in op normaliseren en een stevige leefomgeving voor jeugdigen 5.2.4.1 We creëren een stevige basis tijdens de eerste 1000 dagen van een kind 5.2.4.2 We blijven inzetten op de versterking tussen zorg en onderwijs
Wanneer speelt het? continu
continu
2024 e.v.
2024-2026
continu
continu
continu 2024-2026 continu
2024-2026
continu
Activiteiten 2026
Voor het bereiken van bovenstaande ambitie gaan we het volgende doen in 2026. 5.2.1 Er is toegenomen aandacht voor preventie op de gebieden gezond leven en vitaal zijn 5.2.1.1 We zetten ons in voor een gezonde leefstijl voor jongeren en volwassenen Gezond op eigen wijze blijft in 2026 het programma om gezond leven aantrekkelijk en bereikbaar te maken. We bouwen het verder uit met meer bekendheid, nieuwe partners en extra inzet in de kleine kernen. Sporten beweegcoaches spelen hierbij een sleutelrol: zij organiseren in alle dorpen activiteiten en verbinden met thema’s als gezonde voeding en mentale gezondheid. Onder Gezond op eigen wijze voeren we opnieuw twee themacampagnes uit met veel zichtbaarheid waarvoor de daadwerkelijke invulling in afstemming met partners gebeurt. In 2026 bereiden we ons bovendien voor op het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) dat in 2027 start. De bestaande ketenaanpakken rond onder meer overgewicht en valpreventie krijgen daarin een structureel karakter onder de noemer ''basisfunctionaliteiten'', maar het AZWA vereist ook aandacht voor nieuwe thema's zoals Rookvrije Start. 5.2.1.2 We zetten in op het versterken van de mentale gezondheid van onze inwoners In 2026 ondersteunen we activiteiten die mentale gezondheid versterken, zoals welzijn, sport en de aanpak van eenzaamheid (Samen is Leuker).
Waar mogelijk doen we dit onder Gezond op eigen wijze en maken we inwoners laagdrempelig en herkenbaar wegwijs in het ondersteuningsaanbod, zodat mentale klachten makkelijker bespreekbaar worden. We besteden daarbij extra aandacht aan jongeren. Bijvoorbeeld door scholen aan te moedigen en te ondersteunen bij het behalen van het Gezonde School-vignet "Welzijn". Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
65
We breiden het preventieve aanbod van ProPersona (webinars, cursussen, bijeenkomsten) uit. Dit past bij de beweging van Beschermd wonen naar Beschermd thuis. De centrumgemeente Nijmegen stelt middelen beschikbaar die wij inzetten voor activiteiten ter voorbereiding hierop. Als regio werken we ook aan een mentale gezondheidsnetwerk om de GGZ-keten en het sociaal domein beter te ontsluiten. Tot slot verkennen we de totstandkoming van een laagdrempelig steunpunt voor mentale gezondheid, in lijn met het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). 5.2.1.3 We zetten in op het vroegtijdig signaleren van (verborgen) problemen bij ouderen en bieden preventieve ondersteuning Via Welzijn Rivierstroom bieden we alle inwoners van 75 jaar en ouder de mogelijkheid gebruik te maken van een preventief huisbezoek door een vrijwillige ouderenadviseur. Via dit huisbezoek worden inwoners geïnformeerd over voorzieningen in de gemeente en vitaal ouder worden. Daarnaast worden er ook collectieve bijeenkomsten naar het concept van 'Krachtig ouder worden' georganiseerd. Hierbij worden inwoners geïnformeerd over vitaal ouder worden en wordt het onderlinge gesprek hierover gestimuleerd.
5.2.2 Het middelengebruik onder (jonge) inwoners neemt af 5.2.2.1 We werken de aanpak 'Opgroeien in een Kansrijke Omgeving' (OKO) - voorheen IJslands Preventiemodel - nader uit en implementeren deze Na de start in 2024 en de eerste analyses in 2025, zetten we in 2026 de stap van plannen naar uitvoering. Vanuit de themagroepen worden daadwerkelijk activiteiten opgezet en aanpassingen doorgevoerd, bijvoorbeeld in het vrijetijdsaanbod voor jongeren en in de ondersteuning door en voor ouders. Ook besteden we in 2026 extra aandacht aan de manier waarop dit aanbod samen met de doelgroep wordt vormgegeven en ontsloten, zodat jongeren en ouders het beter weten te vinden en benutten. 5.2.3 Jeugdigen groeien op in een stabiele en veilige (thuis)omgeving 5.2.3.1 We zetten in op het versterken van relaties en het bieden van tijdige ondersteuning bij scheidingen Ook in 2026 zetten we onze inspanningen voort om gezinnen die te maken krijgen met een scheiding of relatiebreuk passende ondersteuning te bieden. Het doel blijft om escalatie na een (complexe) scheiding te voorkomen en de inzet van jeugdhulp waar mogelijk terug te dringen via het relatieloket. De aanpak bestaat uit meerdere actielijnen, die in 2026 worden geëvalueerd en waar nodig aangepast om beter aan te sluiten bij de behoeften van onze inwoners.
5.2.3.2 We zetten in op kwalitatief goede jeugdbescherming en hoog specialistische jeugdzorg Op (boven)regionaal niveau worden continu stappen gezet om de kwaliteit van jeugdbescherming en hoogspecialistische jeugdzorg te verbeteren. In 2026 wordt de inzet van de Essentiële functies verder verfijnd, zodat de meest kwetsbare kinderen met een complexe hulpvraag passende zorg ontvangen. Daarnaast wordt er gezamenlijk gewerkt aan het terugdringen van het aantal gesloten plaatsingen, met als doel dit vóór 2030 zo veel mogelijk te verminderen. Het landelijke Toekomstscenario voor kind- en gezinsbescherming bevat nog veel onzekerheden. Daarom gaan wij als gemeente in 2026 samen met de regiogemeenten bekijken hoe de plannen uit dit scenario concreet en effectief kunnen worden uitgevoerd in onze regio. 5.2.3.3 We voeren de jeugdzorg zo effectief en efficiënt mogelijk uit, samen met relevante partners Voor een effectieve en doelgerichte uitvoering van de jeugdzorg is intensieve samenwerking tussen de acht regiogemeenten essentieel. Op basis van de uitvoeringsagenda van de regiovisie jeugd, de regionale vertaling van de landelijke Hervormingsagenda Jeugd, pakken we gezamenlijke thema’s integraal en programmatisch op. In 2026 zetten we samen met onze strategische zorgpartners in op vernieuwing binnen het zorglandschap.
Op basis van actuele trends en ontwikkelingen verkennen en faciliteren we nieuwe initiatieven die beter aansluiten bij de veranderende behoeften van jeugdigen en gezinnen. Hiermee versterken we de wendbaarheid en toekomstbestendigheid van de jeugdhulp in de regio. 5.2.3.4 We zetten in op een duurzame aanpak van jeugdoverlast In 2024 is een convenant voor de Jeugdgroepenaanpak ondertekend, met als doel de samenwerking te versterken tussen onze gemeente, de politie, het Openbaar Ministerie en het jongerenwerk. In 2025 wordt er een solide basis gelegd voor de voortzetting, verbetering en borging van deze samenwerking. In 2026 zal de focus liggen op het uitbreiden en intensiveren van preventieve activiteiten voor jongeren in de leeftijd van 10 tot 23 jaar. Het doel hiervan is het voorkomen van overlast en het bevorderen van de persoonlijke ontwikkeling van jongeren in Neder-Betuwe. 5.2.3.5 We zetten in op normaliseren en een stevige leefomgeving voor jeugdigen Inzetten op normaliseren en op een stabiele leefomgeving, vormen de kern van ons jeugdbeleid, waarop in de afgelopen jaren aanzienlijke investeringen zijn gedaan. Succesvolle initiatieven, zoals de Opvoedavonden, Blij met Mij-trainingen, jongerencoaching en Buurtgezinnen, worden ook in 2026 voortgezet. Door de inzet van het Kwaliteitskompas wordt met samenwerkingspartners gestreefd naar een continue verbetercyclus.
Bovendien zal in 2026 de samenwerking tussen diverse partijen, waaronder maatschappelijke organisaties, verenigingen, kerken en de gemeente Neder-Betuwe, worden versterkt om de kwaliteit van de opvoed- en opgroeiomgeving verder te verbeteren. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
66
5.2.4 Kinderen maken een goede start in het leven en hebben daarin gelijke kansen 5.2.4.1 We creëren een stevige basis tijdens de eerste 1000 dagen van een kind In 2026 zetten we samen met onze lokale partners in het medische en sociale domein extra in op een goede samenwerking. Met hen bieden we passende ondersteuning aan jonge, kwetsbare gezinnen in onze gemeente. We gaan hiervoor onderzoeken wat de mogelijkheden zijn voor het opzetten van een multidisciplinair overleg (MDO). We zetten daarnaast de huidige initiatieven voort zoals de netwerkbijeenkomsten van de lokale coalitie Kansrijke Start, het verstrekken van babystartpakketten, het organiseren van moedergroepen, de inzet van prenatale huisbezoeken en de interventie Stevig Ouderschap. 5.2.4.2 We blijven inzetten op de versterking tussen zorg en onderwijs In 2026 zetten we bestaande succesvolle werkwijzen voort, zoals de jeugdconsulenten op de scholen, het schoolmaatschappelijk werk en de preventieve en curatieve inzet van onze leerplichtambtenaar en doorstroomcoach. Daarnaast werken we in 2026 aan een kwaliteitsslag van de Ondersteuningsteams op de scholen. Samen met onze onderwijspartners herijken we de gezamenlijke visie en doelstellingen, de werkprocessen, ieders rol en taken daarin en we stellen waar nodig aanvullende kaders op.
Ook zetten we ons in regionaal verband extra in om het aantal kinderen dat niet naar school gaat te verminderen. Dit doen we op basis van de regionale werkagenda 'Thuiszitters'. Tenslotte treedt per 1 januari 2026 de nieuwe wet van School naar Duurzaam Werk in werking. Werkzaak Rivierenland krijgt een rol in de uitvoering hiervan. (Zie ook 6.1.2.1. We bevorderen de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en ondernemers).
Ontwikkelingen voor 2026 Beheersmaatregelen jeugd De kosten voor de uitvoering van de Jeugdwet lopen op. Sinds 2023 is er sprake van een oplopend tekort, veroorzaakt door zowel een groeiende zorgvraag als een toenemende complexiteit binnen het jeugdhulpstelsel. Om grip te houden op de uitgaven en op termijn de kosten te verlagen, is in 2025 een set beheersmaatregelen opgesteld en tot uitvoering gebracht. Het effect op de kosten is in het eerste jaar naar verwachting beperkt en lastig meetbaar. Daarom ligt in 2026 de nadruk op het verder implementeren, monitoren en structureel verankeren van de maatregelen. Het betreft een meerjarige ontwikkeling die gericht is op een toekomstbestendige en betaalbare jeugdhulp.
Beleidsindicatoren Naam Indicator: Jongeren met jeugdhulp tot 18 jaar
Eenheid: percentage
Bron: CBS
Jongeren met jeugdbescherming (tot 18 jaar)
percentage
CBS
Jongeren met jeugdreclassering (van 12 tot 23 jaar)
percentage
CBS
Cliënten met een aantal per GMSD maatwerkarrangement WMO 10.000 inwoners Jongeren van 12 t/m 21 jaar met een delict voor de rechter
percentage
CBS
Kinderen tot 18 jaar in uitkeringsgezin
percentage
CBS Jeugdmonitor
Netto arbeidsparticipatie (werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking)
percentage
CBS
Werkloze jongeren tussen 16 en 22 jaar
percentage
CBS
Personen met een bijstandsuitkering
aantal per CBS 10.000 inwoners
Lopende reintegratie aantal per CBS voorzieningen voor inwoners 10.000 inwoners van 15 - 64 jaar
2018 8,70
2019 9,10
2020 8,30
2021 12,80
2022 13,00
2023 13,10
2024 13,50
11,80 1,00
12,30 0,90
11,90 1,10
13,20 1,30
13,50 0,90
13,90 0,90
13,70 0,80
Landelijk NederBetuwe
1,20 0,00
1,20
1,20 0,30
1,20
1,20
1,10
1,00
Landelijk NederBetuwe Landelijk NederBetuwe
0,40 450,00
0,40 490,00
0,30 540,00
0,30 540,00
0,30 560,00
0,30 550,00
0,40 570,00
620,00 1,00
670,00 0,00
700,00 0,00
702,00 0,00
710,00 1,00
700,00 1,00
720,00
Landelijk NederBetuwe Landelijk NederBetuwe
1,00 3,00
1,00 3,00
1,00 3,00
1,00 2,00
1,00 3,00
1,00 3,00
7,00 71,10
6,00 72,50
6,00 72,90
6,00 74,60
6,00 75,30
6,00 76,40
69,10 1,00
70,00 1,00
69,60 1,00
70,40 1,00
72,20 1,00
73,10 1,00
2,00 199,00
2,00 189,00
2,00 207,70
2,00 170,20
1,00 154,10
2,00 163,10
171,40
401,10 203,60
381,70 113,50
459,70 112,40
431,20 137,30
366,70 141,90
344,80 153,70
343,60 165,10
NederBetuwe Landelijk NederBetuwe
Landelijk NederBetuwe Landelijk NederBetuwe Landelijk NederBetuwe
76,50
73,20
Landelijk 305,20 196,20 199,10 197,70 197,70 191,50 203,10 Neder758,00 787,50 785,90 791,30 820,70 858,20 Betuwe Landelijk 778,50 795,00 795,70 805,10 824,70 836,60 * de verplichte BBV-indicatoren dienen wij over te nemen van de website www.waarstaatjegemeente.nl. Daar waar deze in bovenstaande tabel niet gevuld zijn, zijn deze op dit moment nog niet beschikbaar op deze website. Banen van inwoners tussen 15 en 64 jaar
aantal per 1.000 LISA inwoners
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
67
Verbonden partijen Werkzaak Rivierenland Wat is de betrokkenheid van deze verbonden partij bij (de realisatie van doelen in) het begrotingsprogramma? Monitoring van de uitvoering van de Participatiewet (P-wet) en Sociale Werkvoorziening (SW) door Werkzaak Rivierenland, waarbij Werkzaak bijdraagt aan het doel: passend werk voor iedereen. Met ingang van 1 januari 2026 voert Werkzaak (naast de SW) ook de P-wet uit voor onze gemeente. Naar schatting 250 inwoners ontvangen een bijstandsuitkering en worden begeleid naar werk of maatschappelijke participatie. Werkzaak zet daarbij op methodische wijze instrumenten in, gericht op het beperken van de instroom in de bijstand en het ontwikkelen van diverse doelgroepen (zoals jongeren, mensen met een beperking en anderstaligen) om duurzame uitstroom te bevorderen. De doelstellingen die daarbij worden gehanteerd zijn te vinden in de Begroting 2026 van Werkzaak. Vanuit onze gemeente werken circa 32 inwoners in de sociale werkvoorziening (SW) van Werkzaak. Instroom in de SW is sinds 2015 niet meer mogelijk. Door natuurlijk verloop zal het aantal SW-ers daarom steeds verder dalen met 5-6% per jaar. Werkzaak biedt een werkplek met begeleiding op de werkvloer aan onze inwoners met een SWdienstverband. Dat kan zijn intern bij Werkzaak zelf of bij werkgevers met behulp van loonkostensubsidie.
Ontwikkelingen voor 2026? Begrotingsjaar 2026 is het eerste jaar dat Werkzaak Rivierenland de Participatiewet uitvoert voor onze gemeente. Vanaf 1 januari worden ca. 250 bijstandsgerechtigden en ca. 29 inwoners die met loonkostensubsidie bij een reguliere werkgever werken, overgedragen. Vanaf dat moment hebben bijstandsgerechtigden naast een inkomensconsulent ook een werkcoach of participatiecoach die voor hen een passend traject inzet. Het streven is dat de wijziging van uitvoerder zo min mogelijk last veroorzaakt voor onze inwoners en het instrumentarium en expertise dat voor hen beschikbaar is, vergroot. Het eerste uitvoeringsjaar heeft deze investering in de ontwikkeling van cliënten naar verwachting nog een beperkt effect. Over de realisatie van doelstellingen die Werkzaak hanteert, wordt gerapporteerd in de P&C-cyclus van Werkzaak.
Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) Wat is de betrokkenheid van deze verbonden partij bij (de realisatie van doelen in) het begrotingsprogramma? De GGD is als gemeentelijke gezondheidsdienst van de 14 gemeenten in Gelderland-Zuid het gezicht van de publieke gezondheid in onze regio. De publieke gezondheidszorg richt zich op het bevorderen van gezond en vitaal leven van haar inwoners, het verminderen van risico’s en het bieden van zorg en bescherming aan kwetsbare groepen. Taken die vanwege de Wet publieke gezondheid (Wpg), of vanwege andere wetten, zijn opgedragen aan de GGD Gelderland-Zuid zijn: • monitoring, signalering en advisering op het gebied van publieke gezondheid; • infectieziektebestrijding; • technische hygiënezorg; • medische milieukunde; • jeugdgezondheidszorg; • ouderengezondheidszorg; • gezondheidsbevordering en leefstijl; • bevorderen van psychosociale hulp bij incidenten, rampen en crises; • toezicht op organisaties voor kinderopvang.
Taken (afkomstig uit Wpg of andere wetten) die vanwege beleidsmatige keuzes zijn neergelegd bij de GGD door de deelnemende gemeenten zijn: • reizigersadvisering en vaccinaties; • openbare geestelijke gezondheidszorg; • forensische geneeskunde; • het voorzien in een Advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kindermishandeling; • toezicht op de kwaliteit van de uitvoering van de Wmo 2015; • jeugdgezondheidszorg; • toezicht & handhaving kinderopvang; • advisering in het kader van toegang tot beschermd wonen. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
68
Voor de uitvoering van de taken werkt de GGD vanuit twee leidende principes: 1. Aansluiting bij de gemeenten, waarbij gemeenten zowel opdrachtgever zijn als netwerkpartner. De GGD is de gezondheidsdienst van en voor gemeenten, waarbij lokale nabijheid een vereiste is. 2. Netwerkaanpak, waarbij verbinden van kennis en samenwerking met partners, op lokaal, regionaal en landelijk niveau, centraal staat. De netwerkaanpak kan leiden tot het samen organiseren van dienstverlening (netwerkorganisatie) om kwaliteit en integraliteit voor de inwoners te verhogen en/of dienstverlening te kunnen borgen. De maatschappelijke opgave van gemeenten, de gezondheidssituatie van de inwoners, de lokale, regionale en landelijke ontwikkelingen en het takenpakket van de GGD vormen de uitgangspunten voor de Meerjarenstrategie 2024-2027. De strategische thema’s waar de GGD in de periode 2024-2027 op inzet zijn: 1. Informatiegestuurde aanpak als basis voor betrouwbare advisering. 2. Adviseren over preventie en vormgeven van groepsgerichte preventie. 3. Versterken samenwerking zorg en veiligheid ten behoeve van een betere inwonerondersteuning. 4. Gezondheidsbescherming en -bevordering in het sociale en fysieke domein. Met de wettelijke taken opgedragen aan de GGD, de wettelijke taken beleidsmatig belegd bij de GGD en de facultatieve taken die de GGD voor ons uitvoert (maatwerk per gemeente, bv.
rond jeugdgezondheidszorg), draagt de GGD bij aan het realiseren van onze ambitie dat de inwoners van Neder-Betuwe gezond leven en vitaal zijn. Ook draagt de GGD met toezicht op organisaties voor kinderopvang bij aan het realiseren van onze ambitie voor goed en passend onderwijs voor alle inwoners in Neder-Betuwe. Ontwikkelingen voor 2026? Landelijke en gemeentelijke bezuinigingen In 2026 krijgt GGD Gelderland-Zuid te maken met bezuinigingen. Landelijk wordt er €893.500 gekort op onder andere infectieziektebestrijding, seksuele gezondheid en pandemische paraatheid. Dit leidt tot een verlies van circa acht fte en betekent dat de GGD haar dienstverlening op onderdelen moet terugschalen. Ook gemeenten hebben minder financiële ruimte. Daardoor is in de GGD-begroting 2026 alleen ruimte voor loon- en prijsindexatie; nieuwe investeringen zijn niet mogelijk. Overname JGZ 0–4 in andere Rivierenlandse gemeenten Per 1 januari 2026 neemt de GGD de jeugdgezondheidszorg voor 0- tot 4-jarigen over van Santé Partners in zes gemeenten in Rivierenland. Neder-Betuwe valt hier niet onder, omdat de GGD deze taken hier al uitvoert. Deze uitbreiding in de regio vraagt echter wel om een zorgvuldige organisatorische overgang en kan indirect effect hebben op de inzet en capaciteit van de GGD. Wijzigingen in vaccinatieprogramma’s Het Rijksvaccinatieprogramma wordt de komende jaren verder uitgebreid.
Zo zijn vaccinaties tegen het rotavirus en het RS-virus toegevoegd, wat extra inzet vraagt vanuit de jeugdgezondheidszorg. Ook vinden er wijzigingen plaats in het vaccinatieschema, met meer spreiding over de levensloop van kinderen. De implementatie loopt tot 2030 en vereist een forse inspanning van de GGD. Versterking preventieve rol en samenwerking De GGD blijft zich in 2026 actief inzetten als kennispartner binnen het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het nieuwe Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). Onder andere via kennisdeling, advisering en de inzet van gezondheidsmakelaars ondersteunt de GGD gemeenten bij thema’s als Kansrijke Start, overgewicht, valpreventie en Welzijn op Recept. Deze samenwerking is belangrijk voor de lokale preventie-infrastructuur.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
69
Wat mag het kosten? Programma: 5 WMO, jeugdzorg en participatiewet Rekening
Begroting
Meerjarenraming
Bedragen x € 1.000 Bestaand beleid
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Lasten
32.760
36.358
33.939
32.992
32.764
32.641
Baten
-9.107
-9.836
-7.548
-7.071
-7.028
-7.028
Geraamd resultaat bestaand beleid
23.653
26.522
26.391
25.920
25.736
25.613
Nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen Lasten
-51
-348
-541
-539
Baten
-22
-22
-377
-387
Saldo nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen
-73
-370
-918
-926
26.318
25.551
24.818
24.686
Geraamd resultaat bestaand en nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen
23.653
26.522
Nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen
In deze begroting wordt onder programma 5 Onderwijs, sport en welzijn voor nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen voor 2026 € 51.000 minder aan lasten oplopend naar € 39.000 minder aan lasten in 2029 gevraagd. Aan baten wordt voor 2026 € 22.000 meer aan baten oplopend naar € 387.000 meer aan baten in 2029 gevraagd. Een specificatie van de lasten en baten voor nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen wordt hieronder weergegeven op niveau van taakveld. Actualisatie urencalculaties en kostendekkendheid leges met effecten voor alle taakvelden die onder dit programma vallen (voordeel structureel € 114.000) Het effect voor dit programma van deze twee onderwerpen bedraagt structureel € 114.000 voordelig. Voor een overzicht van het totale effect over alle programma’s verwijzen wij naar het onderdeel uiteenzetting van de financiële begroting en dan specifiek de toelichting op het onderdeel nieuw beleid, ontwikkelingen, ambities en heroverwegingen van de financiële begroting. Taakveld Samenkracht en burgerparticipatie (voordeel structureel 95.000 vanaf 2026) Bijstelling structurele ramingen bijzondere bijstand, kinderopvang en subsidiebudget kunst en cultuur (kadernota 2026 (13.1) voordeel structureel 16.000 vanaf 2026. Ieder jaar wordt er gerapporteerd over onderbesteding op een aantal begrotingsposten.
Dat wordt mede veroorzaakt doordat bij nieuw beleid doorgaans een meerjarenraming gebaseerd wordt op schattingen. Na een aantal jaren waarin het beleid van kracht is, kan blijken dat deze ramingen bijstelling behoeven. Dit geldt ook voor de meerjarenraming die gemaakt is bij toezicht en handhaving kinderopvang. Vanaf 2024 heeft er een intensivering van de inspecties van gastouders plaatsgevonden. Per 2024 zijn gemeenten verplicht om 50% van de gastouders in de gemeente jaarlijks te inspecteren. In regio Gelderland-Zuid zijn we hier in 2023 al mee begonnen om de haalbaarheid te toetsen en te zien wat hieruit naar voren zou komen. Binnen de begroting van de GGD is er voldoende ruimte om alle inspecties uit te voeren en blijkt het niet nodig om hier extra middelen voor in te zetten. Het betreft de gedeeltelijk financiële uitwerking van de ombuiging 13.1 in de kadernota 2026-2029 van totaal 75.000. In deze begroting zijn deze besparingen verwerkt onder programma 5, taakveld Samenkracht en burgerparticipatie (16.000), Inkomensregeling (51.000) en programma 6 taakveld cultuur (8.000). Inzet GALA middelen voor Kansrijke Start (kadernota 2026 (13.3) voordeel structureel 22.000 vanaf 2026. We krijgen vanuit het Rijk SPUK GALA-middelen voor onder andere Kansrijke Start.
Hiermee kunnen we inzetten op (kwetsbare) jonge gezinnen waarbij we alle kinderen een kansrijke start willen bieden, met hierbij de focus op de eerste 1000 dagen van een kind (gerekend vanaf de zwangerschap). Het rijk heeft aangegeven dat de GALA middelen voor Kansrijke Start structureel zijn vanaf 2026, daarmee kunnen we structureel diverse activiteiten en interventies die bijdragen aan de doelstelling van Kansrijke start, maar die voorheen uit eigen middelen werden bekostigd, dekken uit de GALA-middelen voor Kansrijke Start. Het gaat dan onder andere om de prenatale huisbezoeken door de JGZ (GGD) en de jonge moedergroepen.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
70
Structureel toeschrijven van (meer-) kosten aan onderwijsachterstandenbeleid (kadernota 2026 (14.1) structureel voordeel 57.000 vanaf 2026. Structureel toeschrijven van kosten aan rijksmiddelen Onderwijsachterstandenbeleid voor Schoolmaatschappelijk werk (26.000) en JGZ-maatwerksubsidie (31.000). Het betreft de gedeeltelijke financiële uitwerking van de ombuiging 14.1 in de kadernota 2026-2029 van totaal 214.000. In deze begroting zijn deze besparingen verwerkt onder programma 6, taakveld onderwijsbeleid en leerling zaken (61.000), Media (95.000) en programma 5, taakveld Toegang en eerstelijnsvoorziening Jeugd (1.000) en Samenkracht en burgerparticipatie (57.000). Voor meer detail verwijzen wij u naar de toelichting onder programma 6, taakveld onderwijsbeleid en leerlingzaken. Taakveld Toegang en eerstelijnsvoorzieningen Jeugd (voordeel structureel 1.000 vanaf 2026) Structureel toeschrijven van (meer-)kosten aan onderwijsachterstandenbeleid (kadernota 2026 (14.1) structureel voordeel 1.000 vanaf 2026. Structureel toeschrijven van kosten aan rijksmiddelen Onderwijsachterstandenbeleid Het betreft de gedeeltelijke financiële uitwerking van de ombuiging 14.1 in de kadernota 2026-2029 van totaal 214.000.
In deze begroting zijn deze besparingen verwerkt onder programma 6, taakveld onderwijsbeleid en leerling zaken (61.000), Media (95.000) en programma 5, taakveld Toegang en eerstelijnsvoorziening Jeugd (1.000) en Samenkracht en burgerparticipatie (57.000). Voor meer detail verwijzen wij u naar de toelichting onder programma 6, taakveld onderwijsbeleid en leerlingzaken. Taakveld Inkomensregelingen (voordeel structureel 51.000 vanaf 2026) Bijstelling structurele ramingen bijzondere bijstand, kinderopvang en subsidiebudget kunst en cultuur (kadernota 2026 (13.1)) structureel voordeel 51.000. Ieder jaar wordt er gerapporteerd over onderbesteding op een aantal begrotingsposten. Dat wordt mede veroorzaakt doordat bij nieuw beleid doorgaans een meerjarenraming gebaseerd wordt op schattingen. Na een aantal jaren waarin het beleid van kracht is, kan blijken dat deze ramingen bijstelling behoeven. Dit geldt voor de meerjarenraming die gemaakt is bij verruiming van de doelgroep Bijzondere bijstand. Deze doelgroep werd uitgebreid met inwoners die nog niet bij de gemeente in beeld waren. Om het financiële effect in te schatten, werd gebruik gemaakt van CBS-cijfers. Het CBS rondt deze cijfers echter af, waardoor niet exact bekend is hoeveel groter de doelgroep minima zou worden. Ook is vooraf niet te voorspellen welk deel van deze groep daadwerkelijk aanspraak maakt op Bijzondere bijstand.
Na twee jaren van onderbenutting kan een deel van het aanvullende budget worden afgeraamd, zonder dat de verruiming van het beleid teruggedraaid hoeft te worden. Het betreft de gedeeltelijk financiële uitwerking van de ombuiging 13.1 in de kadernota 2026-2029 van totaal 75.000. In deze begroting zijn deze besparingen verwerkt onder programma 5, taakveld Samenkracht en burgerparticipatie (16.000), Inkomensregeling (51.000) en programma 6 taakveld cultuur (8.000). Taakveld WSW en beschut werk (nadeel structureel 173.000 in 2026, 175.000 in 2027, 174.000 in 2028, 177.000 in 2029) Het betreft hier de structurele bijstelling van de integratie uitkering Participatie uit de Meicirculaire 2025 die 1 op 1 wordt opgenomen als extra last in onze begroting meerjarig onder taakveld WSW en Arbeidsparticipatie. Dit nadeel dient u in relatie te zien met het voordeel benoemd onder programma algemene dekkingsmiddelen, taakveld algemene uitkering. Taakveld ArbeidsparticipatieTaakveld (nadeel structureel 15.000 in 2026, 17.000 in 2027, 18.000 in 2028, 19.000 in 2029) Het betreft hier de structurele bijstelling van de integratie uitkering Participatie uit de Meicirculaire 2025 die 1 op 1 wordt opgenomen als extra last in onze begroting meerjarig onder taakveld WSW en Arbeidsparticipatie.
Dit nadeel dient u in relatie te zien met het voordeel benoemd onder programma algemene dekkingsmiddelen, taakveld algemene uitkering. Taakveld Maatwerkvoorziening (WMO) (voordeel structureel 30.000 vanaf 2028) Ombuigingen WMO vanaf 2028, structureel voordeel 30.000 vanaf 2028 Het betreft de gedeeltelijke financiële uitwerking van de ombuiging WMO in de kadernota 2026-2029 van totaal 100.000. In deze begroting zijn deze besparingen vanaf 2028 verwerkt onder programma 5, taakveld Maatwerkvoorziening (WMO) 30.000 en Huishoudelijke hulp (WMO) 70.000. We houden rekening met een drietal richtingen waar volgens ons besparingen behaald kunnen worden. • Verwachte extra inkomsten vanuit de eigen bijdrage vanaf 2027 op basis van de beoogde ingangsdatum van de nieuwe wetgeving op dit gebied; • Verwachte lagere instroom dan wel uitstroom op huishoudelijke ondersteuning als gevolg van de nieuwe regels rond de eigen bijdrage. Dit zal voor (oudere) inwoners met een hoger inkomen namelijk leiden tot een hogere eigen bijdrage, waarmee het minder interessant wordt huishoudelijke ondersteuning via de Wmo te ontvangen; • Passende ondersteuning voor de doelgroep ‘beschermd thuis’; deze inwoners ontvangen nu vaak ondersteuning vanuit de Wmo. Vanuit de doordecentralisatie beschermd wonen naar beschermd thuis werken we aan voorzieningen die beter aansluiten bij de behoeften van deze doelgroep.
En kan er gebruik gemaakt worden van de financieringsstromen gekoppeld aan beschermd wonen. Omdat de Wmo vooral ouderen en mensen met een chronische ondersteuningsbehoefte raakt, moeten we oog houden voor autonome groei binnen de doelgroep van de Wmo. Dit kan effect hebben op het behalen van de taakstelling. Dit monitoren we via de reguliere P&C documenten en dit kan als noodzakelijk leiden tot een verzoek tot aanpassing van de taakstelling. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
71
Taakveld Huishoudelijke hulp (WMO) (voordeel structureel 70.000 vanaf 2028) Ombuigingen WMO vanaf 2028, structureel voordeel 70.000 vanaf 2028 Het betreft de gedeeltelijke financiële uitwerking van de ombuiging WMO in de kadernota 2026-2029 van totaal 100.000. In deze begroting zijn deze besparingen vanaf 2028 verwerkt onder programma 5, taakveld Maatwerkvoorziening (WMO) 30.000 en Huishoudelijke hulp (WMO) 70.000. Voor meer detail verwijzen wij u naar de toelichting onder taakveld maatwerkvoorziening (WMO). Taakveld Jeugdhulp ambulant Regionaal (voordeel structureel 449.000 in 2028, 461.000 vanaf 2029) Het betreft hier de uitwerking van de Meicirculaire 2025 op het onderdeel extra aanvullende taakstellingen die plaatsvinden op de jeugdzorg vanaf 2028. De toezichthouder van de Provincie heeft in haar richtlijnen voor de begroting 2026 aangegeven dat de extra taakstelling ‘eigen bijdrage jeugdzorg’ en ‘sturen op trajectduur jeugdzorg’ vanaf 2028 in de meerjarenraming van de gemeente als stelpost opgenomen mag worden vanaf 2028 als te realiseren bezuiniging. Jeugdhulp met verblijf regionaal (structureel voordeel 300.000 vanaf 2027) Jeugdzorg met verblijf incidenteel i.p.v. structureel ramen (kadernota 2026 (13.2)) structureel voordeel 300.000 vanaf 2027. In lijn met landelijke trends zien we ook in onze gemeente een stijging in de kosten van jeugdhulp.
Een groot deel van deze stijging heeft te maken met het gebruik van dure zorgvormen, met name zorg met een verblijfsfunctie, die relatief door weinig jeugdigen wordt gebruikt. Omdat deze zorgvormen zeer kostbaar zijn, heeft zelfs een kleine verschuiving in het aantal jeugdigen dat hiervan gebruik maakt, al een aanzienlijke financiële impact. Tot enkele jaren geleden maakten er nauwelijks of geen jeugdigen gebruik van deze zorg, waardoor er tot 2025 geen budget voor dit type zorg was gereserveerd. De laatste twee jaar zien we echter een klein aantal jeugdigen die wel gebruik maken van deze zorg, waardoor de eerder geraamde kosten niet meer toereikend zijn. Daarom is er in de tweede bestuursrapportage van 2024 structureel extra budget aangevraagd voor de bekostiging van deze dure zorgvormen. Clustering taakvelden op de onderdelen Jeugd, WMO, Participatiewet en Overige taakvelden binnen het sociaal domein. Vanaf 2023 geldt voor gemeenten een verfijnde administratieve indeling voor Jeugd en WMO (volgens de zogeheten IV3-indeling). De begroting 2023 is destijds aangepast op deze verfijning waarbij de ramingen zijn verdeeld over de nieuwe indeling/taakvelden. Deze wijziging heeft echter tot knelpunten geleid bij gemeenten. Daarom hebben VWS, BZK en de VNG gewerkt aan een (verplichte) aangepaste indeling Jeugd en WMO per 2025.
Dit resulteert wederom in een wijziging binnen programma 5 van het aantal taakvelden waarop de uitgaven geraamd en verantwoord moeten worden. Het doel hiervan is dat afspraken uit de Hervormingsagenda Jeugd gemonitord kunnen worden en er een betere aansluiting met andere databronnen, en in de toekomst ook met het berichtenverkeer, gemaakt kan worden. De bestaande budgetten op de ''oude taakvelden'' zijn in de begroting 2025 verdeeld over nieuwe taakvelden. Door de wijzigingen op de taakvelden in de afgelopen jaren, en de verdeling van de budgetten daarover, is er geen of nauwelijks nog een vergelijkbaarheid op de uitgaven over afgelopen jaren op taakveld niveau. Om uw raad op hoofdlijnen meer inzicht te geven in de beschikbaar gestelde middelen binnen het sociaal domein stellen wij voor de diverse taakvelden binnen programma 5 te clusteren in Jeugd, WMO. Participatie en overige sociaal domein budgetten. Onderstaand ziet u in het overzicht de clustering weergegeven. In onderstaand overzicht zijn doorberekende personeelslasten niet meegenomen. Bedragen x 1.000 WMO-budgetten
Begroot 2026 Begroot 2027 Begroot 2028 Begroot 2029 WMO voorziening
1.063
1.077
1.062
1.062
WMO zorg
4.368
4.426
4.416
4.416
Geescaleerde zorg 18+ Totaal WMO-budgetten Jeugdbudgetten
Jeugdwet
14
14
14
14
5.445
5.518
5.492
5.492
9.320
9.023
8.577
8.564
Totaal Jeugdbudgetten
9.320
9.023
8.577
8.564
Participatiewet
Inkomensregeling
1.868
1.451
1.348
1.265
WSW en beschut werk
1.321
1.270
1.224
1.187
914
926
927
928
Arbeidsparticipatie Totaal Participatiewet Overig SD
4.103
3.647
3.499
3.380
Preventiebudget
2.173
2.179
2.179
2.179
Volksgezondheid
1.499
1.520
1.406
1.406
Totaal Overig SD
3.672
3.699
3.585
3.585
Totaal Programma 5 excl. personeelslasten
22.539
21.886
21.153
21.022
In de toekomstige P&C documenten zullen wij u op deze onderdelen inzicht geven en verantwoorden, conform de bedragen bepaald in de financiële verordening Neder-Betuwe 2023. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
72
Investeringen Er zijn geen investeringen voor dit programma.
Mutaties in reserves
Binnen dit begrotingsprogramma zijn er geen mutaties in reserves.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
73
Programma 6 Onderwijs, sport en welzijn Missie
Goede onderwijshuisvesting verbetert de kwaliteit van het onderwijs. Daarom heeft de uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Scholen voor ons prioriteit. Wij stimuleren een goede aansluiting tussen het onderwijs en de arbeidsmarkt en brengen actief de betrokken partijen bij elkaar. Kansengelijkheid op de arbeidsmarkt is belangrijk voor onze inwoners. Wij blijven ons inzetten om laaggeletterdheid tegen te gaan. Sport, spel en bewegen dragen bij aan een gezonde leefstijl. We ondersteunen activiteiten die een aantoonbaar positief effect hebben op de leefstijl en het welbevinden van onze inwoners. Wij blijven investeren in verenigingen en maatschappelijke organisaties in de gemeente, want zij bevorderen het maatschappelijk welzijn en de sociale omgang tussen inwoners. Bovendien dragen zij bij aan een verantwoorde en gezonde vrijetijdsbesteding. Vrijwilligers zijn de drijvende kracht achter onze verenigingen, stichtingen, instellingen en besturen. Wij waarderen hun inzet en zelfredzaamheid. Wij ondersteunen waar dat past bij onze rol als gemeentelijke overheid. Deze missie komt overeen met de vastgestelde visie in de Integrale Beleidsnota Sociaal Domein. De ambities en ontwikkelingen binnen dit programma komen grotendeels terug in de nota of de bijbehorende uitvoeringsplannen.
Actuele kaderstellende beleidsnota's Algemeen • Raadsvisie 2030 (2019) • Integrale Beleidsnota Sociaal Domein "Samen verder op de ingeslagen weg" 2025 - 2028 (2024) • Algemene subsidieverordening gemeente Neder-Betuwe (2019) • Nadere regel subsidies voor vrijwilligersorganisaties (2019) • Strategische visie accommodatie (2010) Onderwijs/leesbevordering • Verordening Voorziening huisvesting onderwijs (2015) • Verordening bekostiging leerlingenvervoer (2022), Beleidsregels leerlingenvervoer (2023) • Nadere regels subsidie voorschoolse educatie Neder-Betuwe (2023) • Onderwijsachterstandenbeleidsplan Neder-Betuwe 2023-2026 (2023) • Beleidskader toezicht en handhaving kinderopvang Neder-Betuwe 2022 (2022) • Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2026-2041 • • • • • Sport • • •
Convenant uitvoering bibliotheekwerk 2023 t/m 2026 "Samen maken we de bieb" (2022) Subsidieverordening Basisbibliotheek Neder-Betuwe (2007) Statuten "Stichting Fluvium Openbaar Onderwijs" (2018) Nadere regel subsidie kinderopvang op grond van sociaal-medische indicatie Neder-Betuwe (2019) Nadere regeling subsidie Onderwijsachterstandenbeleid (2023)
Sport en Beweeg visie Neder-Betuwe 2019-2030 (2019) Beheerplan duurzaam meerjarig onderhoud gemeentelijke gebouwen 2022-2025 (2021) JOGG plan van aanpak Neder-Betuwe 2025-2028 (2025)
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
74
Ambities 6.1 Goed en passend onderwijs voor alle inwoners in Neder-Betuwe Wat willen we bereiken? 6.1.1 Passende onderwijshuisvesting in de nabijheid van de doelgroep die bijdraagt aan de kwaliteit van het onderwijs
Wat gaan we daarvoor doen? 6.1.1.1 Uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2026-2041
continu
6.1.1.2 We stimuleren de verbinding van onderwijs met andere (kind)voorzieningen
continu
6.1.2 Een goede aansluiting tussen het onderwijs en de (lokale) arbeidsmarkt
6.1.2.1 We bevorderen de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en ondernemers Dit wordt ook uitgewerkt onder ambitie 4.1: We zorgen voor een veerkrachtige economische structuur 6.1.2.2 Waar mogelijk stimuleren wij de samenwerking tussen lokale VO-scholen en MBO, HBO en Universitaire opleidingen
6.1.3 Jeugdigen hebben de mogelijkheid om zich optimaal en breed te ontwikkelen binnen het onderwijs
6.1.3.1 We faciliteren scholen om invulling te geven aan natuuren cultuureducatie 6.1.3.2 Wij zetten de rijksmiddelen ten behoeve van het terugdringen van onderwijsachterstanden zo effectief en efficiënt mogelijk in
6.1.4 Inwoners beschikken over voldoende basisvaardigheden om te kunnen deelnemen aan de samenleving
Wanneer speelt het?
6.1.4.1 We versterken de basisvaardigheden van inwoners door laaggeletterdheid, samen met partners, bespreekbaar te maken, de drempel naar ondersteuning te verlagen en aanbod te faciliteren
continu
continu
2026
continu
continu
Activiteiten 2026
Voor het bereiken van bovenstaande ambities gaan we het volgende doen in 2026. 6.1.1
Passende onderwijshuisvesting in de nabijheid van de doelgroep die bijdraagt aan de kwaliteit van het onderwijs 6.1.1.1 Uitvoering van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2026-2041 We werken verder aan het realiseren van toekomstbestendige schoolgebouwen. Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs 2026-2041 (IHP) is daarbij het kader voor de uitvoering van het onderwijshuisvestingsbeleid. In 2026 worden de werkzaamheden ten behoeve van De Bornput in Kesteren (oplevering 2027) en De Hien en Bellefleur in het MFC Dodewaard (oplevering 2027) voortgezet. Daarnaast starten we met de uitvoering van het huisvestingsplan Primair Onderwijs Kesteren. In de komende zes jaar werken we aan het realiseren van een toekomstbestendige huisvesting voor de Wegwijzer, het Kompas en het Palet met waar mogelijk ook voorzieningen voor kinderdagopvang (VVE). De visie op de toekomstige huisvesting van het onderwijs in de kernen Opheusden en Ochten wordt in 2026 opgestart. De ambitie is in 2026 een besluit te nemen voor de kern Opheusden. We verwachten dat het rijk in 2026 besluit of schoolbestuur De Bron toestemming krijgt een nieuwe school te stichten in Dodewaard. Om te voorzien in de huisvesting onderzoeken we komend jaar of een van de vrijkomende gebouwen van de Hien en de Bellefleur hiervoor kan worden ingezet en of de dat vrijkomende schoolgebouwen een andere bestemming dienen te krijgen.
Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
75
6.1.1.2 We stimuleren de verbinding van onderwijs met andere (kind)voorzieningen In 2026 werken we aan een uniforme wijze om afspraken tussen gemeente, kinderopvang en schoolbesturen over de invulling van de doorlopende leerlijn 0-12 jaar op locatieniveau met elkaar vast te leggen. We focussen ons hierbij op voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Bij nieuwbouw, uitbreiding en renovatie van schoolgebouwen ondersteunen we de doorgaande leerlijn door onder voorwaarden te investeren in Integrale Kindcentra. Daarnaast geven we schoolbesturen onder voorwaarden toestemming leegstaande klaslokalen in schoolgebouwen te verhuren aan de kinderopvang. Hiervoor stellen we in 2026 een beleidskader verhuur kinderopvang op. 6.1.2 Een goede aansluiting tussen het onderwijs en de (lokale) arbeidsmarkt 6.1.2.1 We bevorderen de samenwerking tussen onderwijsinstellingen en ondernemers In 2026 ontwikkelen de drie voortgezet onderwijsscholen in Neder-Betuwe de digitale stagemarkt. De gemeente en de Ondernemersverenigingen Neder-Betuwe (OVNB) participeren in dit project (zie ook 4.1.1.3. We bevorderen een goede aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt). Per 1 januari 2026 treedt de nieuwe wet van School naar Duurzaam Werk in werking.
Deze wet vervangt de Wet Voortijdig Schoolverlaten en is gericht op het verbeteren van de begeleiding van jongeren naar duurzame werkgelegenheid en versterken van kansengelijkheid. De uitvoering hiervan is belegd bij het Regionaal Doorstroompunt en Werkzaak Rivierenland (zie ook 5.2.4.1 We blijven inzetten op de versterking tussen zorg en onderwijs) 6.1.2.2 Waar mogelijk stimuleren wij de samenwerking tussen lokale VO-scholen en MBO, HBO en Universitaire opleidingen In 2026 volgen we de ontwikkelingen rondom de Techniekdag en de hbo HUB Rivierenland. Het doel van de HUB is een brug te slaan tussen studenten van de HAN en het werkveld. Waar mogelijk brengen we de gemeente, haar leerlingen en studenten, en bedrijven in positie. 6.1.3
Jeugdigen hebben de mogelijkheid om zich optimaal en breed te ontwikkelen binnen het onderwijs 6.1.3.1 We faciliteren scholen om invulling te geven aan natuur- en cultuureducatie Ook in het schooljaar 2025-2026 ondersteunen we scholen door middel van het programma Cultuureducatie met Kwaliteit (CMK) om in hun lesaanbod aandacht te hebben voor cultuur. 6.1.3.2 Wij zetten de rijksmiddelen ten behoeve van het terugdringen van onderwijsachterstanden zo effectief en efficiënt mogelijk in In 2026 gaan we verder met de uitvoering van het onderwijsachterstandenbeleidsplan 2023-2026. Samen met de partners (zoals bibliotheek, JGZ, kinderopvang en onderwijs) bepalen we per jaar waar we aan werken. De Resultatenmonitor is in 2025 gevuld. Hierbij worden per kinderopvang- en schoollocatie de resultaten van kinderen, met een indicatie voor voor- en vroegschoolse educatie (VVE), op het gebied van taal, rekenen, motoriek en sociaal-emotionele ontwikkeling gevolgd. We gaan in 2026 verder met monitoren om te kijken welke huidige aanpakken effectief zijn en of er, het liefst gezamenlijke, nieuwe interventies nodig zijn. Halverwege 2025 is het rapport opgeleverd naar aanleiding van de pilot jeugd 0-4 waarbij we een sociaal werker ingezet is voor de kinderen van 0 t/m 4 jaar. In 2026 gaan we aan de slag met de uitkomsten van deze pilot.
Tot slot dragen we vanaf 2026 structureel bij aan de huidige inzet van: • Bibliotheekwerk, zoals leesondersteuning thuis; • Stichting Pas, voor woonwagen-, Roma- en Sinti kinderen met (kans op) een onderwijsachterstand; • Jeugdgezondheidszorg, voor het indiceren van de kinderen en de inloopspreekuren in de kinderopvang; • Schoolmaatschappelijk werk, voor de kinderen met (kans op) een onderwijsachterstand. 6.1.4
Inwoners beschikken over voldoende basisvaardigheden om te kunnen deelnemen aan de samenleving 6.1.4.1 We versterken de basisvaardigheden van inwoners door laaggeletterdheid, samen met partners, bespreekbaar te maken, de drempel naar ondersteuning te verlagen en aanbod te faciliteren In 2026 blijven we, samen met partners, laaggeletterdheid bespreekbaar maken, ondersteuning toegankelijk houden en aanbod faciliteren. Het Taalhuis Neder-Betuwe/Buren blijft actief vindplaatsen opzoeken, met extra aandacht voor NT1’ers en een versterkte inzet in de Maand van Lezen en Schrijven. Ook geven we trainingen en voorlichting aan professionals om signalering te verbeteren. We vergroten de bekendheid van het Taalhuis onder doorverwijzers en inwoners. De stuurgroep laaggeletterdheid werkt hiervoor een jaarplan uit en sluit aan bij regionale acties. Met de huisvesting van een volledige vestiging in het MFC Dodewaard ontstaat ruimte voor extra activiteiten rondom leesbevordering. Daarnaast komt er in 2026 een meerjarenvisie voor het regionale bibliotheekwerk en een nieuw bibliotheekconvenant, in lijn met de nieuwe wettelijke zorgplicht van gemeenten voor bibliotheken. Begroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029
76
Ontwikkelingen voor 2026 Geen ontwikkelingen voor 2026
6.2 Sport, spel en bewegen stimuleren Wat willen we bereiken?
6.2.1 Een ruim aanbod van mogelijkheden die onze inwoners stimuleren tot sporten en bewegen
6.2.2 Voldoende en passende speelplekken voor jeugdigen
6.2.3 Verlagen van het energieverbruik van gemeentelijke gebouwen
Wat gaan we daarvoor doen? 6.2.1.1 Uitvoeren van het Lokaal Akkoord 'Gezond op eigen wijze' 6.2.1.2 We ondersteunen (sport)verenigingen middels een verenigingsondersteuner en toekomstgericht beheer 6.2.1.3 We verbreden de inzet van de sport- en beweegcoaches en versterken daarmee sport en bewegen in Neder-Betuwe 6.2.1.4 Herijking van het beleid voor sportaccommodaties tot een integraal plan sportvoorzieningen 6.2.1.5 Uitvoeren van een beweegpark in één of meer kernen, dorpsommetjes en mountainbikepaden in de uiterwaarden. In 2025 betreft dit het realiseren van het Beweegpark in Dodewaard Dit heeft relatie met ambitie 4.2: We vergroten de aantrekkelijkheid van ons gebied voor inwoners en bezoekers 6.2.1.6 We richten de buitenruimte in zodat deze uitnodigt om te bewegen 6.2.2.1 Bij omvangrijke nieuwbouwlocaties wordt voldoende rekening gehouden met aaneengesloten speelplekken, bij de invulling ervan worden jeugdigen betrokken 6.2.2.2 Wij zorgen dat (nieuwe) speelplekken een bijdrage leveren aan klimaatadaptatie. Dit draagt bij aan ambitie 3.3: We willen een duurzame gemeente zijn, klaar voor de toekomst 6.2.3.1 We maken onze sportaccommodaties toekomstbestendiger en brengen de CO2-uitstoot verder terug.