CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 - Toelichting en regels

Raadsvergadering 25 april 2024, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek’28.100 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Zelfs houtskooldeeltjes, die gewoonlijk in een ruime spreiding op en rond archeologische vindplaatsen voorkomen, ontbreken volledig. Het uitvoeren van archeologisch vervolgonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht. Evenmin zijn tijdens het onderzoek archeologische resten aangetroffen waarmee tijdens de verdere planvorming of bij de uitvoering van de geplande werkzaamheden rekening zou moeten worden gehouden. Niettemin geldt dat indien tijdens graafwerkzaamheden toch archeologische vondsten worden gedaan, deze moeten worden gemeld conform de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet. 4.10.3 Conclusie Er is geen sprake van belemmeringen met betrekking tot het aspect archeologie.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

51

4.11

Cultuurhistorie

4.11.1 Toetsingskader Op grond van het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, tweede lid, onderdeel a Bro) dient in het plan rekening gehouden te worden met cultuurhistorie. Cultuurhistorie heeft onder andere betrekking op de historische stedenbouwkundige en historisch geografische waarden in het gebied. In het plan moet beschreven worden hoe met de in het gebied aanwezige waarden en de aanwezige of te verwachten monumenten wordt omgegaan. De Erfgoedwet bevat de wet- en regelgeving voor behoud en beheer van het cultureel erfgoed en archeologie in Nederland. Het is op basis hiervan verplicht om de facetten historische (steden)bouwkunde en historische geografie mee te nemen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. 4.11.2 Onderzoek Aan de hand van de verbeeldingen van de vigerende bestemmingsplannen en de kaart 'Historisch landschap, historische stedenbouw en archeologie' is bepaald of binnen of rondom het plangebied cultuurhistorische waarden aanwezig zijn. Een voor het plangebied relevante uitsnede van deze kaart is opgenomen in de navolgende figuur.

52

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Figuur 13: Uitsnede kaart 'Historisch landschap, historische stedenbouw en archeologie' (plangebied indicatief rood omlijnd; bron: provincie Gelderland).

Binnen het plangebied bevinden zich geen cultuurhistorische waarden. Derhalve zal geen sprake van aantasting van dergelijke waarden binnen het plangebied. Gelet op de afstand tot cultuurhistorische waardevolle objecten en de aard en omvang van de voorgenomen ontwikkelingen is ook een negatieve invloed op cultuurhistorische waarden in de omgeving van het plangebied uitgesloten. 4.11.3 Conclusie Er is geen sprake van belemmeringen met betrekking tot het aspect cultuurhistorie.

4.12

Kabels en leidingen

Aan de hand van de Netkaart van het RIVM kan achterhaald worden of het plangebied zich bevindt in een magneetveldzone van hoogspanningslijnen. Uit de Netkaart kan worden opgemaakt dat er geen planologisch gezien relevante hoogspanningslijnen door het plangebied lopen. In de omgeving van het plangebied bevinden zich echter wel twee relevante hoogspanningslijnen. Een uitsnede van het voor het plangebied relevante deel van de Netkaart is weergegeven in navolgende figuur.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

53

Figuur 14: Uitsnede 'Netkaart' (ligging besluitgebied indicatief aangegeven middels rode ovaal; bron: RIVM).

Ten noorden van het plangebied, op een afstand van ongeveer 300 meter, bevindt zich een 150 kV-hoogspanningslijn. Het betreft hierbij de lijn met de lijnnaam 'Dodewaard – Tiel'. Uit de Netkaart volgt dat ten aanzien hiervan kan worden uitgegaan van een indicatieve magneetveldzone van 150 meter aan weerszijden van de hoogspanningslijn. Het plangebied ligt ruim buiten deze indicatieve magneetveldzone. Er is geen sprake van belemmeringen met betrekking tot het aspect kabels en leidingen. De eventuele aanwezigheid van aardgasleidingen zal worden beschouwd in paragraaf 4.7 (externe veiligheid).

54

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

4.13

M.e.r.-plicht

Gemeenten en provincies moeten ook bij kleine bouwprojecten beoordelen of een m.e.r.-beoordeling nodig is. Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten en ook bij kleine projecten van geval tot geval moet worden beoordeeld of een m.e.r.-procedure nodig is. Een m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag om te beoordelen of bij een project belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Wanneer uit de toets blijkt dat er belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden moet er een m.e.r.-procedure worden doorlopen. Met andere woorden is het opstellen van een milieueffectrapport dan nodig. Doorwerking plangebied De voorgenomen activiteit is niet opgenomen in onderdeel C van het Besluit m.e.r. en is daarom niet aan te merken als een activiteit waarvoor een directe m.e.r.-plicht bestaat. Wel is de activiteit opgenomen in onderdeel D (categorie D 11.3) van bijlage II van het Besluit m.e.r. In onderhavig geval wordt circa 28.000 m2 BVO aan bedrijfsbebouwing gerealiseerd. De activiteit betreft de aanleg, wijziging of uitbreiding van een industrieterrein, maar de drempelwaarden als genoemde onder D 11.3. Dat sprake is van een uitbreiding van een industrieterrein betekent dat sprake is van een vormvrije m.e.r.-beoordelingsplicht.

Dit betekent dat voordat het ontwerpbestemmingsplan in procedure gaat, het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Neder-Betuwe aan de hand van een aanmeldingsnotitie heeft beoordeeld of een milieueffectrapport moet worden opgesteld, e.e.a. conform paragraaf 7.6 Wet milieubeheer. Voor de beoogde ontwikkeling is een aanmeldingsnotitie en vormvrije m.e.r.-beoordeling opgesteld. Deze is opgenomen als bijlage. Het bevoegd gezag beslist of er een m.e.r.-plicht geldt. De conclusie van de vormvrije m.e.r.-beoordeling is dat het plan geen belangrijke negatieve gevolgen zal hebben voor de kenmerken van het gebied en voor het woon- en leefmilieu in de omgeving. Er worden geen negatieve effecten verwacht vanwege de ligging van het plangebied ten opzichte van gevoelige gebieden. Geconcludeerd wordt dat geen belangrijke nadelige milieugevolgen worden verwacht en dat het opstellen van een milieueffectrapport niet noodzakelijk wordt geacht. In de notitie wordt het bevoegd gezag geadviseerd te besluiten dat er geen milieueffectrapport behoeft te worden vastgesteld.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

55

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planopzet

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt de juridische opzet van het bestemmingsplan beschreven. Het bestemmingsplan is een juridisch bindend plan dat bestaat uit een verbeelding (plankaart) en regels en gaat vergezeld van een toelichting. De verbeelding en de regels vormen het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan, waarbij de regels de gebruiks- en bouwmogelijkheden van de gronden regelen en de verbeelding de rol heeft van visualisering van de bestemmingen. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de weergave, verantwoording en onderbouwing van het bestemmingsplan en als uitleg bij de verbeelding en regels. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bepaalt dat het bestemmingsplan langs elektronische weg beschikbaar wordt gesteld. Dit brengt met zich mee dat het bestemmingsplan digitaal uitwisselbaar en op vergelijkbare wijze moet worden gepresenteerd. Met het oog hierop stellen de Wro en de onderliggende regelgeving eisen waaraan het bestemmingsplan moet voldoen. Zo bevat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012 (SVBP 2012) bindende afspraken waarmee bij het maken van bestemmingsplannen rekening moet worden gehouden. De SVBP 2012 kent (onder meer) hoofdgroepen van bestemmingen, een lijst met functie- en bouwaanduidingen, gebiedsaanduidingen en een verplichte opbouw van de planregels en het renvooi.

Voorliggend bestemmingsplan is opgesteld in overeenstemming met de SVBP 2012 en wordt op de voorgeschreven wijze digitaal beschikbaar gesteld. Dit bestemmingsplan is opgesteld om de beoogde uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein De Walenhoek, in westelijke richting, mogelijk te maken. De plangrens sluit aan op de grens van de huidige bouwvlakken van de bestemming 'Bedrijventerrein' in het bestemmingsplan 'De Walenhoek'. Aan de overige zijden is de plangrens bepaald op basis van eigendomsgrenzen. In het bestemmingsplan is gewerkt met directe bestemmingen. Dit betekent bestemmingen dat de gemeente op basis de bestemmingen direct omgevingsvergunningen ten behoeve van het bouwen kan verlenen en de gronden mogen worden gebruikt voor de aangewezen doeleinden. Het bestemmingsplan is dus direct uitvoerbaar. Er zijn geen nadere besluiten nodig. De basis voor de gekozen bestemmingen en de begrenzingen daarvan vormt het stedenbouwkundig plan. De hoofdstructuren van de toekomstige inrichting zijn doorvertaald middels bestemmingen op de verbeelding. Er is deels wel gebruik gemaakt van relatief globale bestemmingen qua gebruiks- en inrichtingsmogelijkheden, zoals 'Bedrijventerrein' en 'Verkeer - Verblijfsgebied'. Dit wordt in par. 5.3 per bestemming nader toegelicht.

Inhoudelijk is voor de opgenomen bestemmingen en overige regels zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij het bestemmingsplan 'De Walenhoek'. Dit bevordert een eenduidige juridische regeling voor het totale bedrijventerrein. Waar nodig/wenselijk is echter maatwerk geleverd.

5.2

Inleidende regels

In de regels is, conform de SVBP2012, de volgende opbouw gebruikt: Hoofdstuk 1: 'Inleidende regels' omvat twee artikelen: een artikel met een aantal noodzakelijke begripsomschrijvingen ter verduidelijking en om interpretatieverschillen te voorkomen; een artikel met regels omtrent de wijze van meten.

56

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

5.3

Bestemmingsregels

Hoofdstuk 2: 'Bestemmingsregels' geeft per bestemming aan voor welke doeleinden de in het plan gelegen gronden mogen worden bebouwd. Het artikel kan bestaan uit de volgende elementen volgens de navolgende indeling: bestemmingsomschrijving: een omschrijving van de doeleinden van de bestemming, doorgaans nader gespecificeerd voor bepaalde gebruiksdoeleinden; de bouwregels: regels omtrent hoogte, oppervlakte, e.d.; nadere eisen: wanneer deze zijn opgenomen, hebben burgemeester en wethouders de bevoegdheid om met het oog op specifieke genoemde belangen nadere eisen te stellen aan de positionering en/of afmetingen van bebouwing; afwijken van de bouwregels: hierin is aan het college een bevoegdheid gegeven om onder nadere voorwaarden af te wijken van de bouwregels in specifiek genoemde gevallen. Hiervoor geldt een vergunningplicht; specifieke gebruiksregels: dit lid geeft aan wat onder een gebruik strijdig met de bestemming wordt verstaan; afwijken van de gebruiksregels: hierin is aan het college een bevoegdheid gegeven om onder voorwaarden af te wijken van de gebruiksregels (bestemmingsomschrijving en/of specifieke gebruiksregels); omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden: indien dit lid is opgenomen, geldt een omgevingsvergunningplicht voor bepaalde, nader beschreven categorieën van werken/werkzaamheden.

De voorwaarden voor het verlenen van een vergunning, alsmede uitzonderingen op de vergunningplicht, zijn hierbij aangegeven. In dit bestemmingsplan zijn de volgende bestemmingen opgenomen: Bedrijventerrein Deze bestemming vormt de voornaamste bestemming binnen het plangebied, omdat deze bestemming faciliterend is voor het planvoornemen tot uitbreiding van het bedrijventerrein De Walenhoek. Binnen de bestemming zijn bedrijfsmatige activiteiten toegestaan volgens de milieuzonering, die in de regels en op de verbeelding is opgenomen. Hierbij is een koppeling gemaakt met de Staat van Bedrijfsactiviteiten in de bijlagen bij de regels. Verder zijn binnen de bestemming ondergeschikte detailhandel, niet-zelfstandige kantoren, parkeervoorzieningen, wegen en paden, groen, nutsvoorzieningen en water toegestaan. Voor wat betreft de bouwmogelijkheden is het stedenbouwkundig plan leidend geweest. Er zijn in totaal drie bouwvlakken opgenomen. Gebouwen mogen enkel binnen deze bouwvlakken worden gebouwd. De maximale bouwhoogten zijn aangegeven op de verbeelding. Verder zijn er separate regels opgenomen voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde. Deze mogen in beginsel binnen de gehele bestemming worden opgericht. Binnen de bestemming zijn tot slot nadere regels opgenomen met betrekking tot het gebruik van de gronden en een voorwaardelijke verplichting om gasloos te bouwen.

Deze regels dienen ter waarborging van het voorkomen van een sginificant negatief effect op Natura 2000-gebieden vanwege stikstofdepositie. Groen Aan de noordzijde is de bestemming 'Groen' opgenomen ter plaatse van een zone die voor groenvoorzieningen wordt beoogd, maar niet zozeer als afschermende groenvoorziening. Deze gronden zijn bestemd voor plantsoenen, groenvoorziening, beplanting, (voet- en fiets)paden, water en waterhuishoudkundige voorzieningen, e.d.. Binnen de bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan, alsmede

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

57

nutsvoorzieningen. Parkeervoorzieningen zijn niet toegestaan. Groen - Afschermend groen Aan de zuid- en westkanten van de bedrijfskavels is een robuuste groene inpassing wenselijk. Voor deze gronden is daarom de bestemming 'Groen - Afschermend groen' opgenomen, aansluitend op de bestaande afschermende groenvoorzieningen. Deze gronden zijn primair bestemd voor hoogopgaande groenvoorzieningen en beplanting. Daarmee onderscheidt de bestemming zich van de bestemming 'Groen'. Binnen de bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan, alsmede nutsvoorzieningen. Parkeervoorzieningen zijn niet toegestaan. Verkeer - Verblijfsgebied De ontsluiting van de toekomstige bedrijfskavels heeft de bestemming 'Verkeer - Verblijfsgebied' gekregen. Deze gronden zijn bestemd voor onder meer wegen, straten en paden met een verkeersfunctie, voet- en fietspaden, verblijfs- en parkeervoorzieningen. Binnen de bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan, alsmede nutsvoorzieningen. Water en Waterstaat - Beheerszone watergang De bestaande B-watergang aan de westkant van het plangebied wordt opgewaardeerd tot A-watergang. Deze watergang, het overige A-water en de C-watergang binnen het plangebied worden bestemd als 'Water'.

Deze gronden zijn bestemd voor waterhuishoudkundige doeleinden, waterafvoer, waterberging, waterstaatkundige kunstwerken, waterstaatswerken, kunstwerken, vijvers en waterlopen. Deze gronden binnen 5 meter van de A-watergangen hebben de dubbelbestemming 'Waterstaat Beheerszone watergang' gekregen. Deze bestemming dient ter waarborging van het functioneren en onderhouden van de A-wateren en stelt beperkingen aan het bebouwen van de betreffende gronden. Ook is een omgevingsvergunningplicht voor bepaalde werken en werkzaamheden, die strijdig met deze belangen zouden kunnen zijn, opgenomen. Waarde - Archeologie 1 en 2 Conform het geldende bestemmingsplan 'Parapluregeling Archeologie' zijn de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 1 en 2' vooralsnog opgenomen binnen het plangebied. Deze dubbelbestemmingen waarborgen dat er tijdig archeologisch onderzoek wordt uitgevoerd, wanneer (bouw)werkzaamheden worden uitgevoerd, die een nader aangegeven verstoring van de bodem veroorzaken. Indien uit archeologisch onderzoek blijkt dat de gronden geen archeologische waarden bevatten, kunnen de bestemmingen geheel of gedeeltelijk worden verwijderd. Aan een eventuele omgevingsvergunning kunnen ook nadere voorwaarden gesteld met het oog op het veiligstellen van archeologische waarden.

5.4

Algemene regels

Hoofdstuk 3: 'Algemene regels', bevat bepalingen betrekking hebbend op: anti-dubbeltelregel (in elk bestemmingsplan verplicht); algemene bouwregels: dit artikel bevat een algemene regeling voor ondergronds bouwen. In de bestemmingen zijn hier aanvullende regels voor gegeven. Verder is een regeling voor ondergeschikte bouwdelen en bestaande afwijkende maatvoeringen opgenomen; algemene gebruiksregels; dit artikel bevat een bepaling omtrent het parkeren; algemene afwijkingsregels; het gaat hierbij om een afwijkingsmogelijkheid van de in de regels gegeven maten en normen met betrekking tot het bouwen; algemene wijzigingsregels; het gaat hierbij om een afwijkingsmogelijkheid van de in de regels gegeven maten en normen met betrekking tot het bouwen.

58

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

5.5

Overgangs- en slotregels

Hoofdstuk 4: 'Overgangs- en slotregels', bevat bepalingen betrekking hebbend op: het overgangsrecht: aangesloten is bij de overgangsrecht zoals opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening, dat voor elk bestemmingsplan verplicht is; slotregel: deze geeft de naam van het plan weer.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

59

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

In artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is bepaald dat een bestemmingsplan vergezeld gaat van een toelichting waarin de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan zijn neergelegd. Dit hoofdstuk gaat in op de uitvoerbaarheid, waarbij eerst de economische uitvoerbaarheid aan bod komt en vervolgens de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

6.1

Economische uitvoerbaarheid

6.1.1

Financieel-economische haalbaarheid

Onderhavig bestemmingsplan maakt een bouwplan mogelijk dat is bedoeld in artikel 6.2.1 van het Bro. Op grond daarvan is de gemeenteraad verplicht om voor het wettelijk kostenverhaal een exploitatieplan vast te stellen in de zin van artikel 6.12, eerste lid, Wro. De raad kan besluiten daarvan af te zien wanneer het wettelijk kostenverhaal wordt verzekerd met een anterieure grond exploitatieovereenkomst zoals bedoeld in artikel 6.12, tweede lid, Wro juncto artikel 6.24 Wro. De uitvoering van de ontwikkeling is volledig voor rekening en risico van initiatiefnemer. Met deze initiatiefnemer heeft de gemeente een anterieure grondexploitatieovereenkomst gesloten zoals bedoeld in artikel 6.12, tweede lid, Wro juncto artikel 6.24 Wro. Met die overeenkomst is verzekerd dat alle wettelijk te verhalen kosten die de gemeente maakt, worden verhaald op de initiatiefnemer. Eventuele kosten voor de inrichting en overige voorzieningen zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Op grond daarvan kan de gemeenteraad afzien van het vaststellen van een exploitatieplan, omdat het verhaal van de kosten anderszins is verzekerd. De economische uitvoerbaarheid is hiermee in voldoende mate aangetoond.

60

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Hoofdstuk 7 7.1

Procedure

Overleg

Conform ex artikel 3.1.1. van het Bro dienen burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg te plegen met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met de rijks- en provinciale diensten die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het kader van het vooroverleg is het voorliggende bestemmingsplan toegezonden aan diverse overlegpartijen. Er is een vooroverlegreactie ontvangen van de Provincie Gelderland en Waterschap Rivierenland. Beide reacties zijn als bijlagen bij het bestemmingsplan opgenomen.

7.2

Omgevingsdialoog

Er is op diverse manieren contact geweest met de directe omgeving en omwonenden om deze op de hoogte te stellen van de beoogde ontwikkeling. Op woensdag 16 februari 2022 is er een separaat bezoek gebracht aan de directe bewoners van de ontwikkeling. De omwonenden hebben tevens het (destijds) recentste ontwerp ontvangen. In april 2023 is de laatste versie van het ontwerpboekje (d.d. 8 februari 2023) aan deze directe omwonenden ter hand gesteld. Bewoners geven aan het jammer te vinden dat de huidige boomgaard komt te vervallen. Met name de hoogte van de gewenste bedrijfsbebouwing wordt als fors ervaren. Er is aangegeven dat in het plan een stevige groenblijvende wal met hoog opgaand groen als overgangszone is voorzien. Met een bewoner zijn afspraken gemaakt met betrekking tot de bestemmingsplanuitbreiding. Een van deze afspraken is dat de “kantooroptopping” boven op het gebouw gelegen aan de A15 van een westelijke positie naar een meer oostelijke positie zal worden verschoven. Een andere bewoner is beloofd dat straks bij de realisatie van de nieuwe groenwal de huidige groenwal ook onder handen genomen zal worden. Daarnaast is aandacht gevraagd voor het zo veel mogelijk voorkomen van “lichtvervuiling” en geluid van koelmotoren etc. Op dinsdagavond 9 mei 2023 is een informatieavond georganiseerd over de bestemmingsplanwijziging.

De omwonenden zijn uitgenodigd door middel van een flyer welke huis aan huis is verstrekt (zoals opgenomen in de bijlagen). Door JCVANKESSEL Architectuur is tekst en uitleg gegeven over de bestemmingsplanwijziging. Dit aan de hand van de uitgestalde informatie, waaronder: verbeelding; uitleg plangebied; beeldkwaliteitsplan; lay-out gepland bouwvolume; Voor aanvullende vragen en opmerkingen is een adres ter beschikking gesteld. De informatieavond is door circa 300 personen bezocht (inschatting op basis van steekproef telling). Er zijn geen noemenswaardige opmerkingen, opmerkingen dan wel klachten geuit die aanleiding zijn geweest het ontwerpbestemmingsplan aan te passen.

7.3

Ontwerpfase

Na afronding van het vooroverleg is de formele bestemmingsplanprocedure gestart. De eventuele aanpassingen die volgen uit de inspraak- en vooroverlegreacties zijn verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan. Ook zijn er diverse ambtshalve aanpassingen doorgevoerd.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

61

7.4

Vaststellingsfase

Binnen twaalf weken na de termijn van terinzagelegging moet de gemeenteraad beslissen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Tegen het besluit tot vaststelling staat, voor belanghebbenden, direct beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Direct na de beroepstermijn treedt, indien tijdens de beroepstermijn geen verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, het plan in werking.

62

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

REGELS

Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek

Inhoudsopgave

Regels

3

Hoofdstuk 1

Inleidende regels

4

Artikel 1 Artikel 2

Begrippen Wijze van meten

4 8

Hoofdstuk 2

Bestemmingsregels

9

Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10

Bedrijventerrein Groen Groen - Afschermend groen Verkeer - Verblijfsgebied Water Waarde - Archeologie 1 Waarde - Archeologie 2 Waterstaat - Waterlopen

9 12 14 15 16 17 20 23

Hoofdstuk 3

Algemene regels

24

Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15

Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels

24 25 26 27 28

Hoofdstuk 4

Overgangs- en slotregels

29

Artikel 16 Artikel 17

Overgangsrecht Slotregel

29 30

Bijlagen bij regels

31

Bijlage 1 Bijlage 2

Landschappelijke inpassing Staat van bedrijfsactiviteiten

32 55

2

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Regels

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

3

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder: 1.1

Plan

Het bestemmingsplan 'Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek' met identificatienummer NL.IMRO.1740.bpOCwalenhwest-ont1 van de gemeente Neder-Betuwe. 1.2

Bestemmingsplan

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3

Aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4

Aanduidingsgrens

Grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5

Archeologisch deskundige

een door burgemeester en wethouders aan te wijzen onafhankelijke deskundige met een aantoonbare specifieke deskundigheid op het gebied van de archeologische monumentenzorg; 1.6

Archeologische waarde

de aan een gebied toegekende waarde in verband met de kennis en studie van de in de bodem voorkomende overblijfselen uit oude tijden; 1.7

Bebouwing

Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.8

Bebouwingspercentage

Het percentage van gronden, nader bepaald in de regels, dat ten hoogste mag worden bebouwd. 1.9

Bedrijf

Een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, aan huis verbonden beroepen daaronder niet begrepen.

4

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

1.10

Bedrijfswoning

Eén woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting ter plaatse noodzakelijk is, gelet op het feitelijk gebruik van het gebouw en/of terrein in overeenstemming met de bestemming. 1.11

Bestaand

Bij bouwwerken: bouwwerken die op het tijdstip van de ter inzage legging van het ontwerp van dit plan bestonden of in uitvoering waren, danwel gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden krachtens een verleende bouwvergunning; Bij gebruik: gebruik dat op het tijdstip van het van kracht worden van het bestemmingsplan bestond. 1.12

Bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak. 1.13

Bestemmingsvlak

Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.14

Bouwen

Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.15

Bouwgrens

De grens van een bouwvlak. 1.16

Bouwlaag

Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd; zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van kelder (ruimte onder peil) en zolder (ruimten onder de kap). 1.17

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.18

Bouwperceelsgrens

De grens van een bouwperceel. 1.19

Bouwvlak

Een geometrisch bepaald vlak, waarmee de gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

5

1.20

Bouwwerk

Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.21

Calamiteitenroute

Een weg of pad, uitsluitend toegankelijk voor hulpdiensten en niet-gemotoriseerd verkeer. 1.22

Detailhandel

Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit en waarbij een showroom en/of verkoopruimte ter plaatse aanwezig is; horeca-activiteiten zijn hieronder niet begrepen. 1.23

Gebouw

Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.24

Groothandel

Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop voor de zakelijke markt, het verkopen en/of leveren van goederen aan wederverkopers, dan wel aan instellingen of personen ter aanwending in een andere bedrijfsactiviteit. 1.25

Kantoor

Een verblijfsruimte die door haar aard, indeling en inrichting kennelijk is bedoeld voor het verrichten van werkzaamheden van hoofdzakelijk administratieve aard zonder baliefunctie. 1.26

Kwetsbare objecten

Objecten zoals benoemd in artikel 1, sub I van het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). 1.27

Niet-zelfstandig kantoor

Een onderdeel van een bedrijf, dat andere bedrijfsactiviteiten als inkomstenbron heeft en waarvoor het kantoor uitsluitend een ondersteunende functie heeft. 1.28

Nutsvoorzieningen

Voorzieningen ten behoeve van (de aansluiting van gebouwen en/of voorzieningen op) op het openbare net aangesloten nutsvoorzieningen, het telecommunicatieverkeer, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer. 1.29

Ondergronds bouwwerk

Een (gedeelte van) een bouwwerk, waarvan de bovenkant van de vloer is gelegen op ten minste 1,75 meter beneden peil.

6

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

1.30

Overkapping

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde met één dakvlak en maximaal één gesloten wand. 1.31

Peil

Voor gebouwen waarvan de toegang onmiddellijk aan de weg grenst; de hoogte van de kruin van de weg ter plaatse van de hoofdtoegang. In andere gevallen: de gemiddelde hoogte van het bestaande aansluitende afgewerkte maaiveld. 1.32

Prostitutie

Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.33

Seksinrichting

De voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub, of een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.34

Waterhuishoudkundige voorzieningen

Waterhuishoudkundige voorzieningen zijn voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit. 1.35

Wonen

Het houden van verblijf, het huren of het gehuisvest zijn in een woning als bedoeld in 1.36. 1.36

Woning

Een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden. 1.37

Zelfstandig kantoor

Een kantoor dat op zichzelf het bedrijf vormt.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

7

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1

De afstand van een gebouw tot de perceelsgrens

De afstand van een gebouw tot de perceelsgrens wordt bepaald door het buitenwerks meten van de kortste afstand van een gevel van het gebouw tot de perceelsgrens. 2.2

De goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.3

De inhoud van een bouwwerk

Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.4

De bouwhoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.5

De oppervlakte van een bouwwerk

Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

8

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels

Bedrijventerrein

3.1

Bestemmingsomschrijving

3.1.1

Algemeen

De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten; parkeren, wegen en voet- en fietspaden; geluidwerende voorzieningen; waterhuishoudkundige voorzieningen; nutsvoorzieningen;

één en ander met bijbehorende voorzieningen, zoals groenvoorzieningen en overeenkomstig de in 3.1.2 opgenomen nadere detaillering van de doeleinden. 3.1.2

Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving

a

Bedrijfsactiviteiten

Bedrijven zijn uitsluitend toegestaan indien deze behoren tot de bedrijfsactiviteiten zoals beschreven in de Staat van Bedrijfsactiviteiten als opgenomen in de Bijlage 2, met dien verstande dat: 1. ter plaatse van de aanduiding bedrijf tot en met categorie 3.2' uitsluitend bedrijfsactiviteiten in milieucategorie 3.2 toegestaan zijn; 2. ter plaatse van de aanduiding 'bedrijf tot en met categorie 3.1' uitsluitend bedrijfsactiviteiten in milieucategorie 3.1 toegestaan zijn; 3. tevens de volgende bedrijfsactiviteiten toegestaan zijn: a. opslag, overslag, sorteren en koelen van fruit- en zuivelproducten; b. vervaardigen en bewerken van fruit- en zuivelproducten; c. opslag en overslag van vleesvervangende producten; d. vervaardigen en bewerken van vleesvervangende producten; e. opslag van materialen; f. algemene expeditieruimten. b

Detailhandel

Detailhandel is uitsluitend toegestaan als ondergeschikte nevenactiviteit in ter plaatse vervaardigde, bewerkte of herstelde goederen, waarbij geldt dat de detailhandelsactiviteit niet groter mag zijn dan 1% van de bedrijfsvloeroppervlakte.

c

Niet-zelfstandige kantoren

Uitsluitend zijn niet-zelfstandige kantoren toegestaan.

d

Bedrijfswoning

Er zijn geen bedrijfswoningen toegestaan.

e

Buitenopslag

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

9

Buitenopslag is niet toegestaan. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Uitsluitend zijn toegestaan gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming. 3.2.2

Gebouwen

Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: a. b. c. d.

gebouwen mogen uitsluitend worden gebouwd ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak'; de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding aangeduid is; de gebouwen mogen aaneengebouwd worden; indien de gebouwen niet aaneengebouwd worden, dient de onderlinge afstand minimaal 2,5 meter te bedragen.

3.2.3

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de bouwhoogte van erf- of terreinafscheidingen binnen het bouwvlak mag niet meer bedragen dan 2 m; b. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 m; c. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de verkeersgeleiding en wegverlichting mag niet meer bedragen dan 8 m; d. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde mag binnen het bouwvlak niet meer bedragen dan 4 m en buiten het bouwvlak niet meer dan 1 m. 3.2.4

Voorwaardelijke verplichting gasloos bouwen

Een omgevingsvergunning voor het oprichten van gebouwen binnen deze bestemming wordt slechts verleend onder de voorwaarde dat de gebouwen niet worden aangesloten op een gastransportnet of een andere aansluiting waardoor (aard)gas kan worden toegepast.

3.3

Specifieke gebruiksregels

3.3.1

Strijdig gebruik

Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van de gronden en/of opstallen binnen deze bestemming ten behoeve van: a. b. c. d. e. f.

geluidzoneringsplichtige inrichtingen; risicovolle inrichtingen; groothandelsbedrijven; seksinrichtingen; kwetsbare objecten; wonen.

3.3.2

Nadere voorwaarden bedrijfsactiviteiten

Het gebruiken van gronden en/of bebouwing voor de in 3.1.1 onder a en/of b bedoelde doeleinden is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de verkeersaantrekkende werking van de bedrijfsactiviteiten binnen deze bestemming bedraagt ten

10

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

hoogste 1.207 verkeersbewegingen per werkdagetmaal, waarvan ten hoogste 233 vrachtautobewegingen per werkdagetmaal, een en ander conform de uitgangspunten zoals gehanteerd in de 'Verkeersonderbouwing bestemmingsplan uitbreiding Walenhoek', die als Bijlage 4 bij de toelichting onderdeel uitmaakt van dit plan; b. mobiele werktuigen en installaties mogen uitsluitend elektrisch worden voortgedreven. 3.3.3

Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing

Het in gebruik nemen en gebruikt houden van gronden en/of bebouwing voor de in 3.1.1 onder a en/of b bedoelde doeleinden is uitsluitend toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. voorafgaand aan de ingebruikname van de (bedrijfs)gebouwen voor de in de aanhef bedoelde doeleinden dient de landschappelijke inpassing en inrichting, inclusief grondwal, conform het landschappelijk inpassingsplan, dat als Bijlage 1 Landschappelijke inpassing bij de regels is opgenomen, te zijn gerealiseerd; b. de landschappelijke inpassing en inrichting als bedoeld onder a moet na realisatie in stand worden gehouden. 3.3.4

Reclame-uitingen

Reclame-uitingen zijn uitsluitend toegestaan, voor zover deze refereren aan de bedrijfsactiviteiten in het gebouw waaraan of waarop de reclame wordt geprojecteerd.

3.4

Afwijken van de gebruiksregels

3.4.1

Afwijking bedrijfsactiviteiten

Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.1.2 onder a, ten behoeve van: a. de uitoefening van bedrijfsactiviteiten, die zijn opgenomen in een naast hogere categorie dan de bedrijfsactiviteiten als bedoeld in artikel 3.1.2 sub a indien deze gelet op de milieubelasting naar aard en invloed op de omgeving gelijkwaardig zijn aan de bedrijfsactiviteiten als bedoeld in 3.1.2 onder a, en niet in de Staat van Bedrijfsactiviteiten worden genoemd; b. de uitoefening van bedrijfsactiviteiten, die hoewel gelet op de milieubelasting naar aard en invloed op de omgeving gelijkwaardig zijn aan de bedrijfsactiviteiten als bedoeld in 3.1.2 onder a, niet in de Staat van Bedrijfsactiviteiten worden genoemd; Bij de beoordeling van de aard en invloed van de milieubelasting van een bedrijf dienen de volgende milieubelastingcomponenten mede in de beoordeling te worden betrokken: geluid, geurproductie, stofuitworp en gevaar, waarbij tevens kan worden gekeken naar de verontreiniging van lucht en bodem, de diversiteit en het al dan niet continue karakter van het bedrijf en de visuele hinder en verkeersaantrekkende werking.

3.4.2

Afwijking stikstofdepositie

Het bevoegd gezag kan door middel van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 3.3.2, mits door middel van een stikstofdepositieberekening wordt aangetoond dat de betreffende bedrijfsactiviteiten niet leiden tot een toename van stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jaar op stikstofgevoelige habitats, gelegen binnen Natura 2000-gebieden.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

11

Artikel 4

Groen

4.1

Bestemmingsomschrijving

4.1.1

Algemeen

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d. e.

plantsoenen; groenvoorziening; beplanting; voet- en fietspaden; een calamiteitenroute, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van groen calamiteitenroute'; f. beeldende kunstwerken; g. nutsvoorzieningen; h. geluidwerende voorzieningen; i. in- en uitritten; j. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; één en ander met de bijbehorende voorzieningen en overeenkomstig de in 4.1.2 opgenomen nadere detaillering van de doeleinden.

4.1.2

Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving

In het onderstaande is een nadere detaillering opgenomen van het bepaalde in 4.1.1:

a In- en uitritten In- en uitritten uitsluitend zijn toegestaan voor zover deze noodzakelijk zijn voor het bereiken van de (aangrenzende) percelen. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemeen

Uitsluitend zijn toegestaan bouwwerken geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming.

4.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen aan het volgende te voldoen: a. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de verkeersgeleiding en wegverlichting mag niet meer bedragen dan 8 m; b. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 m.

12

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

4.3

Specifieke gebruiksregels

4.3.1

Strijdig gebruik

Onder strijdig gebruik in de zin van artikel 7.10 van de Wet ruimtelijke ordening wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van de gronden en/of opstallen binnen deze bestemming ten behoeve van: a. parkeervoorzieningen.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

13

Artikel 5

Groen - Afschermend groen

5.1

Bestemmingsomschrijving

5.1.1

Algemeen

De voor 'Groen - Afschermend groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. hoogopgaande groenvoorzieningen; b. hoogopgaande beplanting; c. geluidwerende voorzieningen; d. voet- en fietspaden; e. in- en uitritten; f. nutsvoorzieningen; g. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; één en ander met de bijbehorende voorzieningen en overeenkomstig de in 5.1.2 opgenomen nadere detaillering van de doeleinden.

5.1.2

Nadere detaillering van de bestemmingsomschrijving

In het onderstaande is een nadere detaillering opgenomen van het bepaalde in 5.1.1: a In- en uitritten In- en uitritten uitsluitend zijn toegestaan voor zover deze noodzakelijk zijn voor het bereiken van de (aangrenzende) percelen.

5.2

Bouwregels

5.2.1

Algemeen

Uitsluitend zijn toegestaan bouwwerken geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming.

5.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen aan het volgende te voldoen: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de verkeersgeleiding en wegverlichting mag niet meer bedragen dan 8 m; b. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 m.

5.3

Specifieke gebruiksregels

5.3.1

Strijdig gebruik

Onder strijdig gebruik in de zin van artikel 7.10 van de Wet ruimtelijke ordening wordt in ieder geval begrepen het gebruiken of laten gebruiken van de gronden en/of opstallen binnen deze bestemming ten behoeve van: a. parkeervoorzieningen.

14

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Artikel 6 6.1

Verkeer - Verblijfsgebied

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten en paden met hoofdzakelijk een verkeersfunctie; b. voet- en fietspaden; c. verblijfsvoorzieningen; d. parkeervoorzieningen; e. groenvoorzieningen; f. straatmeubilair; g. beeldende kunstwerken; h. nutsvoorzieningen; i. geluidwerende voorzieningen; j. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; k. reclamemasten/-uitingen; één en ander met bijbehorende voorzieningen. 6.2

Bouwregels

6.2.1

Algemeen

Uitsluitend zijn toegestaan gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming. 6.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De bouwwerken, geen gebouwen zijnde, dienen aan het volgende te voldoen: a. de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de verkeersgeleiding en wegverlichting mag niet meer bedragen dan 8 m; b. de bouwhoogte van vlaggenmasten mag niet meer bedragen dan 6 m; c. de bouwhoogte van reclamemasten/-uitingen mag niet meer bedragen dan 6,5 m; d. de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 m. 6.3

Specifieke gebruiksregels

Tot een strijdig gebruik van gronden en bouwwerken, wordt in elk geval gerekend het gebruik voor: a. het opslaan van onbruikbare of althans aan hun oorspronkelijke gebruik onttrokken voorwerpen, goederen, stoffen en materialen en van emballage en/of afval, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond; b. het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

15

Artikel 7 7.1

Water

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. waterhuishoudkundige doeleinden; b. voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, waterafvoer en waterberging; c. waterstaatkundige kunstwerken, bruggen en andere waterstaatswerken; d. kunstwerken; e. vijvers, waterlopen; één en ander met de bijbehorende voorzieningen zoals bermen, paden, beschoeiingen e.d.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen

Uitsluitend zijn toegestaan bouwwerken geen gebouwen zijnde, die ten dienste staan van deze bestemming.

7.2.2

Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 4 m.

16

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

Artikel 8 8.1

Waarde - Archeologie 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 1' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor behoud en bescherming van waardevolle archeologische informatie in de bodem.

8.2

Bouwregels

Op de binnen deze bestemming bedoelde gronden mogen uitsluitend gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden opgericht ten dienste van de in de bestemmingsomschrijving omschreven doeleinden, alsmede ten behoeve van de andere daar voorkomende bestemmingen, mits: a. het bouwplan betrekking heeft op vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut, met uitzondering van nieuwe kelders; of, b. gebouwen maximaal 2,5 m uit de bestaande fundering worden opgericht; of, c. het nieuw te bebouwen oppervlak niet groter is dan 100 m²; d. met dien verstande dat het bepaalde in a, b en c niet geldt voor zover het bouwen in de bodem betreft tot een diepte van 30 cm onder het bestaande maaiveld.

8.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de inrichting en het gebruik van gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse behoudens- en beschermenswaardige archeologische monumenten of resten aanwezig zijn. De nadere eisen zijn erop gericht dat de archeologische waarden zoveel mogelijk in de grond (in situ) worden behouden.

8.4

Afwijken van de bouwregels

8.4.1

Afwijken

Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 8.2 teneinde het oprichten van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de op deze gronden liggende andere bestemming(en) toe te staan, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad.

8.4.2

Voorwaarden

De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.4.1 wordt niet verleend voordat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

17

8.4.3

Advies

Alvorens burgemeester en wethouders beslissen over een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 8.4.1 winnen zij schriftelijk advies in bij een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van een omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en of en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld.

8.4.4

Voorwaarden omgevingsvergunning

Burgemeester en wethouders kunnen aan een omgevingsvergunning in ieder geval de volgende voorwaarden verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouw- of aanlegplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; of, c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties.

8.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.5.1

Verbod

Het is het verboden, behoudens het bepaalde in artikel 8.5.2, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het graven of vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; b. bodem verlagen of afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen) van gronden waarvoor geen ontgrondings-vergunning is vereist; c. het verlagen van het waterpeil; d. het tot stand brengen en/of in exploitatie brengen van boor- en pompputten; e. het uitvoeren van heiwerken en/of indrijven van scherpe voorwerpen in de bodem; f. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; g. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, voet-, ruiter- of fietspaden, banen of parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakteverhardingen; h. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 8.5.2

Uitzonderingen

Het onder artikel 8.5.1 vervatte verbod geldt niet: a. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft tot een diepte van 30 cm onder het bestaande maaiveld; b. voor de gronden met de gebiedsaanduiding 'overige zone - aangetast' voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft tot een diepte van 50 cm onder het bestaande maaiveld; c. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft die te maken hebben met het plant- en zaaiklaar maken en oogsten, overeenkomstig het huidig gebruik ten behoeve van de laanboomteelt;

18

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

d. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft over een maximale oppervlakte van 100 m2; e. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft binnen een afstand van maximaal 2,5 m uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; f. voor het plaatsen van palen om bomen of hagelnetten vast te zetten; g. indien de werken en/of werkzaamheden het gewone onderhoud betreffen, met inbegrip van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen binnen bestaande tracés van kabels en leidingen, het rooien van bestaande boomgaarden en vervanging door nieuwe bomen; h. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft waarvoor ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan een omgevingsvergunning in dit kader is verleend; i. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft die direct samenhangen met een verleende omgevingsvergunning op grond van het bepaalde in artikel 8.4.1. 8.5.3

Voorwaarden

Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden als bedoeld in artikel 8.5.1, wordt niet verleend voordat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld.

8.5.4

Advies

Alvorens een besluit te nemen omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden als bedoeld in artikel 8.5.1, winnen burgemeester en wethouders advies in van een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en of en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld.

8.5.5

Voorwaarden omgevingsvergunning

Burgemeester en wethouders kunnen aan een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden als bedoeld in artikel 8.5.1 in ieder geval de volgende voorwaarden verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouw- of aanlegplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; of, c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties.

8.6

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, na advies te hebben ingewonnen van een archeologisch deskundige, het plan zodanig te wijzigen dat de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' naar ligging wordt verschoven, naar omvang wordt verkleind of vergroot of in het voorkomende geval uit het plan wordt verwijderd, voor zover de geconstateerde aanwezigheid of afwezigheid van archeologische waarden, in voorkomend geval na beëindiging van opgravingen, daartoe aanleiding geeft.

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

19

Artikel 9 9.1

Waarde - Archeologie 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor behoud en bescherming van waardevolle archeologische informatie in de bodem.

9.2

Bouwregels

Op de binnen deze bestemming bedoelde gronden mogen uitsluitend gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden opgericht ten dienste van de in de bestemmingsomschrijving omschreven doeleinden, alsmede ten behoeve van de andere daar voorkomende bestemmingen, mits: a. het bouwplan betrekking heeft op vervanging van bestaande bouwwerken, waarbij de oppervlakte niet wordt uitgebreid en de bestaande fundering wordt benut, met uitzondering van nieuwe kelders; of, b. gebouwen maximaal 2,5 m uit de bestaande fundering worden opgericht; of, c. het nieuw te bebouwen oppervlak niet groter is dan 1.000 m²; d. met dien verstande dat het bepaalde in a, b en c niet geldt voor zover het bouwen in de bodem betreft tot een diepte van 30 cm onder het bestaande maaiveld.

9.3

Nadere eisen

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van de situering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de inrichting en het gebruik van gronden, indien uit onderzoek is gebleken dat ter plaatse behoudens- en beschermenswaardige archeologische monumenten of resten aanwezig zijn. De nadere eisen zijn erop gericht dat de archeologische waarden zoveel mogelijk in de grond (in situ) worden behouden.

9.4

Afwijken van de bouwregels

9.4.1

Afwijken

Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in artikel 9.2 teneinde het oprichten van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde ten behoeve van de op deze gronden liggende andere bestemming(en) toe te staan, indien op basis van archeologisch onderzoek is aangetoond, dat de archeologische waarden door de bouwactiviteiten niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad.

9.4.2

Voorwaarden

De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 9.4.1 wordt niet verleend voordat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld.

20

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

9.4.3

Advies

Alvorens burgemeester en wethouders beslissen over een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 9.4.1 winnen zij schriftelijk advies in bij een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van een omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en of en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld.

9.4.4

Voorwaarden omgevingsvergunning

Burgemeester en wethouders kunnen aan een omgevingsvergunning in ieder geval de volgende voorwaarden verbinden: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor (ondanks de uitvoering van een bouw- of aanlegplan) monumenten in de bodem worden behouden zoals alternatieven voor heiwerk, het al of niet bouwen van kelders, het aanbrengen van een beschermende bodemlaag of andere voorzieningen die op dit doel zijn gericht; b. de verplichting tot het doen van opgravingen; of, c. de verplichting de activiteit die tot een bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door burgemeester en wethouders bij de vergunning te stellen kwalificaties.

9.5 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 9.5.1

Verbod

Het is het verboden, behoudens het bepaalde in artikel 9.5.2, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde of werkzaamheden uit te voeren: a. grondwerkzaamheden, waartoe worden gerekend diepploegen, egaliseren en ontginnen van gronden, alsmede het graven of vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren; b. bodem verlagen of afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen) van gronden waarvoor geen ontgrondings-vergunning is vereist; c. het verlagen van het waterpeil; d. het tot stand brengen en/of in exploitatie brengen van boor- en pompputten; e. het uitvoeren van heiwerken en/of indrijven van scherpe voorwerpen in de bodem; f. het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd; g. het aanleggen, verbreden of verharden van wegen, voet-, ruiter- of fietspaden, banen of parkeergelegenheden en het aanleggen van andere oppervlakteverhardingen; h. het aanleggen van ondergrondse transport-, energie-, of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur. 9.5.2

Uitzonderingen

Het onder artikel 9.5.1 vervatte verbod geldt niet: a. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft tot een diepte van 30 cm onder het bestaande maaiveld; b. voor de gronden met de gebiedsaanduiding 'overige zone - aangetast' voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft tot een diepte van 50 cm onder het bestaande maaiveld; c. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft die te maken hebben met het plant- en zaaiklaar maken en oogsten, overeenkomstig het huidig gebruik ten behoeve van de laanboomteelt;

Bestemmingsplan "Uitbreiding bedrijventerrein De Walenhoek" (ontwerp)

21

d. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft over een maximale oppervlakte van 1.000 m²; e. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft binnen een afstand van maximaal 2,5 m uit een bestaande fundering van een bestaand bouwwerk; f. voor het plaatsen van palen om bomen of hagelnetten vast te zetten; g. indien de werken en/of werkzaamheden het gewone onderhoud betreffen, met inbegrip van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen binnen bestaande tracés van kabels en leidingen, het rooien van bestaande boomgaarden en vervanging door nieuwe bomen; h. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft waarvoor ten tijde van het van kracht worden van het bestemmingsplan een omgevingsvergunning in dit kader is verleend; i. voor zover het werkzaamheden in de bodem betreft die direct samenhangen met een verleende omgevingsvergunning op grond van het bepaalde in artikel 9.4.1. 9.5.3

Voorwaarden

Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden als bedoeld in artikel 9.5.1, wordt niet verleend voordat de aanvrager een rapport heeft overgelegd waarin de archeologische waarde van het terrein, dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld.

9.5.4

Advies

Alvorens een besluit te nemen omtrent het verlenen van een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden als bedoeld in artikel 9.5.1, winnen burgemeester en wethouders advies in van een archeologisch deskundige omtrent de vraag of door het verlenen van de omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt of kan worden gedaan aan de archeologische waarden, en of en zo ja welke voorwaarden dienen te worden gesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13934245/1