CConstaterende datNeder-Betuwe
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Toelichting inclusief bijlagen

Raadsvergadering 9 februari 2023, gemeente Neder-BetuweBij agendapunt: Bestemmingsplan 'Kerk Cuneraweg Ochten'23.438 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

De grootste van de vier richtafstanden is bepalend voor de indeling van een milieubelastende activiteit in een milieucategorie en daarmee ook voor de uiteindelijke richtafstand. De richtafstandenlijst gaat uit van gemiddeld moderne bedrijven. Indien bekend is welke activiteiten concreet zullen worden uitgeoefend, kan gemotiveerd worden uitgegaan van de daadwerkelijk te verwachten milieubelasting, in plaats van de richtafstanden.

Kerk Cuneraweg Ochten

30

De afstanden worden gemeten tussen enerzijds de grens van de bestemming die de milieubelastende functie(s) toelaat en anderzijds de uiterste situering van de gevel van een milieugevoelige functie die op grond van het bestemmingsplan mogelijk is. Hoe gevoelig een gebied is voor milieubelastende activiteiten is mede afhankelijk van het omgevingstype. De richtafstanden van de onderstaande richtafstandenlijst gelden ten opzichte van het omgevingstype 'rustige woonwijk' dan wel 'gemengd gebied'. Milieucategorie

Richtafstand tot omgevingstype rustige w oonw ijk en rustig buitengebied

Richtafstand tot omgevingstype gemengd gebied

1

10 m

0m

2

30 m

10 m

3.1

50 m

30 m

3.2

100 m

50 m

4.1

200 m

100 m

4.2

300 m

200 m

5.1

500 m

300 m

5.2

700 m

500 m

5.3

1.000 m

700 m

6

1.500 m

1.000 m

Richtafstanden en omgevingstype Hiernaast gelden ten aanzien van bedrijven die onder de werkingssfeer van de Wet milieubeheer vallen, deze Wet en haar uitvoeringsbesluiten als toetsingskader voor de toegestane bedrijfshinder. 4.7.2

Beoordeling

Voor onderhavig project dient te worden getoetst of de nieuwe functie mogelijk belemmeringen veroorzaakt voor bestaande functies in de omgeving en of de nieuwe functie mogelijk belemmeringen ondervindt als gevolg van de milieuhinder van naburige bedrijven en/of bedrijvigheid. Een kerk is geen gevoelige functie volgens het Kenniscentrum InfoMil. Wel kan een kerk beschouwd worden als een milieubelastende functie (met name wat betreft geluid), waardoor gekeken wordt naar het effect van de ontwikkeling op de gevoelige functies in de directe omgeving. Een kerkgebouw valt onder milieucategorie 2 en heeft richtafstanden van 0, 0, 30 en 0 meter voor geur, stof, geluid en gevaar. De kerk valt in een 'rustig buitengebied'. Hierdoor is de richtafstand voor geluid 30 meter. Er kan ten opzichte van de woning aan de Cuneraweg 1 niet aan de minimale richtafstand voldaan worden. Geluid is het maatgevende aspect, het gaat dan niet enkel om het kerkgebouw zelf maar ook om het parkeerterrein, met de bijbehorende verkeersbewegingen en het openen/sluiten van portieren. Een akoestisch onderzoek industrielawaai is daarom nodig. Middels een grondwal zal geluidsoverlast beperkt blijven. Voor wat betreft de grondwal wordt uitgegaan van een grondwal met een grondbreedte van 5 m, een steile helling (1:1) en een boven breedte van 2 meter. De grondwal wordt dan 1,5 meter hoog.

Door op de grondwal een blokhaag (te combineren met bomen) te planten met een breedte en hoogte van 0.80 m wordt een goede afscherming gerealiseerd en blijft onderhoud goed mogelijk. 4.7.3

Akoestisch onderzoek industrielawaai

In opdracht van OGGIN is door Kraaij Akoestisch Adviesbureau een akoestisch onderzoek verricht in verband met de voorgenomen nieuwbouw van een kerk in Ochten. Het akoestisch onderzoek richt zich op de geluidbelasting vanwege de activiteiten in en rondom de kerk, meer specifiek het muziekgeluid vanuit de kerk en de voertuigbewegingen op het buitenterrein. Het akoestisch onderzoek is bijgevoegd onder Bijlage 12 Akoestisch onderzoek geluidshinder.

Kerk Cuneraweg Ochten

31

Om de geluidbelasting van de kerk (tijdens de bijeenkomsten, beschreven onder hoofdstuk 4 Uitgangspunten) naar de omgeving te berekenen, zijn de geluidbronnen en omgevingsfactoren (gebouwen, bodemgebieden en hoogteverschillen) ingevoerd in het computersimulatiemodel van Geomilieu V2022.3 rev1. Dit driedimensionale rekenmodel berekent de geluidbelasting op de woningen in de omgeving op grond van de Handleiding meten en rekenen industrielawaai, methode II.8. Uit de berekeningsresultaten blijkt dat de richtwaarde van 45 dB(A) in de avondperiode wordt overschreden bij de woningen aan de Bagijnestraat 19, de Cuneraweg 1 en de Lindenhoflaan 39 en 41 bij toepassing van de muziekgeluidcorrectie. De overschrijding bedraagt ten hoogste 5 dB(A). Uit de berekeningen blijkt ook dat de personenauto bewegingen bepalend zijn voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau. Het effect van het toepassen van extra dakisolatie is nader onderzocht. Indien het dak wordt voorzien van een minerale wol pakket (16 kg/m3) en gipsplaten betimmering aan de binnenzijde, kan een extra geluidisolatie van 7 dB(A) worden behaald. Het toepassen van extra dakisolatie verlaagt weliswaar de deelbijdrage van het muziekgeluid, maar leidt niet tot een wezenlijke verlaging van de totale geluidbelasting. De totale geluidbelasting daalt met ten hoogste 1 dB(A). Dit is geen waarneembare verlaging van de geluidbelasting.

Wel kan worden gesteld dat de geluidbelasting vanwege muziekgeluid dermate laag is < 30 dB(A), dat deze niet meer waarneembaar zal zijn en de muziekgeluidcorrectie dus niet van toepassing is. Omdat de muziekgeluidcorrectie niet van toepassing is, wordt voldaan aan de richtwaarde van 45 dB(A) in de avondperiode. Het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau bedraagt ten hoogste 39 dB(A) in de avondperiode. Op de donderdagavond is het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau maximaal 3 dB(A) hoger, waardoor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau ten hoogste 42 dB(A) bedraagt en voldaan wordt aan de richtwaarde van 45 dB(A). Geadviseerd wordt daarom om voor een dakpakket te kiezen dat opgebouwd is uit een pannendak met minerale wol isolatie en afgewerkt met 12,5 mm gips. 4.7.4

Conclusie

Gelet op het voorgaande vormen de milieubelastende functies vanuit het oogpunt van milieuzonering geen belemmering voor de in dit plan besloten ruimtelijke ontwikkeling. Voor het geluidsoverlast van de kerk geldt dat er maatregelen getroffen dienen te worden: Om geluid van o.a. de parkeerplaats tegen te gaan wordt een grondwal geplaatst en voor akoestiek van de kerk wordt een pannendak aangebracht met minderale wol isolatie, afgewerkt met 12,5 mm gips. Geconcludeerd kan worden dat de voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is te achten met een goede ruimtelijke ordening, mits de voorgestelde maatregelen worden getroffen. 4.8

Externe veiligheid

4.8.1

Wettelijk kader

Sommige activiteiten brengen risico's op zware ongevallen met mogelijk grote gevolgen voor de omgeving met zich mee. Externe veiligheid richt zich op het beheersen van deze risico's. Het gaat daarbij om onder meer de productie, opslag, transport en het gebruik van gevaarlijke stoffen. Dergelijke activiteiten kunnen een beperking opleggen aan de omgeving. Door voldoende afstand tot de risicovolle activiteiten aan te houden kan voldaan worden aan de normen. Aan de andere kant is de ruimte schaars en het rijksbeleid erop gericht de schaarse ruimte zo efficiënt mogelijk te benutten. Het ruimtelijk beleid en het externe veiligheidsbeleid moeten dus goed worden afgestemd. De wetgeving rond externe veiligheid richt zich op de volgende risico's: risicovolle (Bevi-)inrichtingen; vervoer gevaarlijke stoffen door buisleidingen; vervoer gevaarlijke stoffen over weg, water of spoor. Daarnaast wordt er in de wetgeving onderscheid gemaakt tussen de begrippen kwetsbaar en beperkt kwetsbaar en plaatsgebonden risico en groepsrisico.

Kerk Cuneraweg Ochten

32

Kwetsbaar en beperkt kwetsbaar Kwetsbaar zijn onder meer woningen, onderwijs- en gezondheidsinstellingen, kinderopvang- en dagverblijven en grote kantoorgebouwen (>1.500 m²). Beperkt kwetsbaar zijn onder meer kleine kantoren, winkels en horeca. De volledige lijst wat onder (beperkt) kwetsbaar wordt verstaan is in het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) opgenomen. Plaatsgebonden risico en groepsrisico Het plaatsgebonden risico wordt uitgedrukt in een contour van 10-6 als grenswaarde. Het realiseren van kwetsbare objecten binnen deze contour is niet toegestaan. Het realiseren van beperkt kwetsbare objecten binnen deze contour is in principe ook niet toegestaan. Echter, voor beperkte kwetsbare objecten is deze 10-6 contour een richtwaarde. Mits goed gemotiveerd kan worden afgeweken van deze waarde tot de 10-5 contour. Het groepsrisico is gedefinieerd als de cumulatieve kansen per jaar dat ten minste 10, 100 of 1.000 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in het invloedsgebied van een inrichting en een ongewoon voorval binnen die inrichting waarbij een gevaarlijke stof betrokken is. Het groepsrisico wordt niet in contouren vertaald, maar wordt weergegeven in een grafiek. In de grafiek wordt de groepsgrootte van aantallen slachtoffers (x-as) uitgezet tegen de cumulatieve kans dat een dergelijke groep slachtoffer wordt van een ongeval (y-as).

Voor het groepsrisico geldt geen grenswaarde, maar een zogenaamde oriëntatiewaarde. Daarnaast geldt voor het groepsrisico een verantwoordingsplicht. Het bevoegd gezag moet aangeven welke mogelijkheden er zijn om het groepsrisico in de nabije toekomst te beperken, het moet aangeven op welke manier hulpverlening, zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid zijn ingevuld. Het bevoegd gezag moet tevens aangeven waarom de risico's verantwoord zijn, en de veiligheidsregio moet in de gelegenheid zijn gesteld een brandweeradvies te geven. Hierbij geldt hoe hoger het groepsrisico, hoe groter het belang van een goede groepsrisicoverantwoording. Risicovolle inrichtingen Binnen het beoogde gebruik van het perceel passen geen risicovolle activiteiten, zoals Bevi-activiteiten. Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het plangebied niet ligt binnen het invloedsgebied van een Bevi-inrichting of de veiligheidsafstanden van andere stationaire risicobronnen.Hierdoor is geen verantwoording van het groepsrisico nodig vanwege risicovolle inrichtingen. Transport gevaarlijke stoffen Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het aspect externe veiligheid wel relevant is vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Betuweroute en de Waal.

Het plangebied ligt namelijk binnen het invloedsgebied van deze transportroutes, waarbij personen kunnen overlijden als rechtstreeks gevolg van een zwaar ongeval met toxische stoffen. Het plangebied ligt echter buiten een veiligheidszone, een plasbrandaandachtsgebied en buiten de meest relevante zones voor het groepsrisico (de 200 meter zones). Op grond van artikel 7 van het Bevt moet in dergelijke gevallen worden ingegaan op de mogelijkheden voor: de bestrijdbaarheid van een zwaar ongeval op deze transportroutes, en de zelfredzaamheid met betrekking tot nog niet aanwezige (beperkt) kwetsbare objecten binnen het plangebied. Volgens artikel 9 van het Bevt moet de veiligheidsregio in de gelegenheid worden gesteld om hierover een advies uit te brengen. Veiligheidsregio Gelderland-Zuid heeft op 4 augustus 2022 aangegeven dat in dit geval sprake is van een standaardsituatie, waarvoor onderstaande verantwoordingstekst kan worden gehanteerd. Relevant hierbij is ook dat het ruimtelijke besluit geen betrekking heeft op het mogelijk maken van een (nog niet aanwezig) "bijzonder kwetsbaar gebouw", bestemd voor verminderd zelfredzame personen. Bestrijdbaarheid van de omvang van een ramp of zwaar ongeval Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, zal de brandweer inzetten op het beperken of voorkomen van effecten. Deze inzet zal voornamelijk plaatsvinden bij de bron.

De brandweer

Kerk Cuneraweg Ochten

33

richt zich dan niet direct op het bestrijden van effecten in of nabij het plangebied. De mogelijkheden voor bestrijdbaarheid worden daarom niet verder in beschouwing genomen. Mogelijkheden tot zelfredzaamheid Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, is het belangrijk dat de aanwezigen in het plangebied worden geïnformeerd hoe te handelen bij dat incident. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS-palen) of NLalert. Bij het genoemde incidentscenario is het advies om te schuilen in een gebouw en de ramen, deuren en ventilatieopeningen te sluiten. In het plangebied zijn voldoende mogelijkheden aanwezig om dat advies tijdig op te volgen en aan de verplichting te voldoen. Buisleidingen Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het plangebied niet is gelegen binnen het invloedsgebied van relevante buisleidingen voor aardgas en vloeibare brandstoffen. Hierdoor is geen verantwoording van het groepsrisico nodig vanwege buisleidingen. Indien een bestemmingsplan betrekking heeft op een gebied dat geheel of gedeeltelijk gelegen is binnen 200 m van een (basisnet)transportroute voor gevaarlijke stoffen, moet in de toelichting ingegaan worden op de dichtheid van personen in het invloedsgebied van de transportroute op het tijdstip waarop het plan wordt vastgesteld.

Hierbij moet rekening worden gehouden met de personen die a) in dat gebied reeds aanwezig zijn, b) in dat gebied op grond van het geldende bestemmingsplan redelijkerwijs te verwachten zijn en c) de redelijkerwijs te verwachten verandering van de dichtheid van personen in het gebied waarop dat plan betrekking heeft. 4.8.2

Beoordeling

Een kerkgebouw betreft een kwetsbaar object, omdat hier meerdere mensen voor langere tijd aanwezig zijn. Hierdoor dient te worden getoetst aan de wetgeving omtrent externe veiligheid. Risicovolle inrichtingen Binnen het beoogde gebruik van het perceel passen geen risicovolle activiteiten, zoals Bevi-activiteiten. Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het langebied niet ligt binnen het invloedsgebied van een Bevi-inrichting of de veiligheidsafstanden van andere stationaire risicobronnen.Hierdoor is geen verantwoording van het groepsrisico nodig vanwege risicovolle inrichtingen. Transport gevaarlijke stoffen Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het aspect externe veiligheid wel relevant is vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Betuweroute en de Waal. Het plangebied ligt namelijk binnen het invloedsgebied van deze transportroutes, waarbij personen kunnen overlijden als rechtstreeks gevolg van een zwaar ongeval met toxische stoffen. Het plangebied ligt echter buiten een veiligheidszone, een plasbrandaandachtsgebied en buiten de meest relevante zones voor het groepsrisico (de 200 meter zones).

Op grond van artikel 7 van het Bevt moet in dergelijke gevallen worden ingegaan op de mogelijkheden voor: de bestrijdbaarheid van een zwaar ongeval op deze transportroutes en de zelfredzaamheid met betrekking tot nog niet aanwezige (beperkt) kwetsbare objecten binnen het plangebied. Volgens artikel 9 van het Bevt moet de veiligheidsregio in de gelegenheid worden gesteld om hierover een advies uit te brengen. Veiligheidsregio Gelderland-Zuid heeft op 4 augustus 2022 aangegeven dat in dit geval sprake is van een standaardsituatie, waarvoor onderstaande verantwoordingstekst kan worden gehanteerd. Relevant hierbij is ook dat het ruimtelijke besluit geen betrekking heeft op het mogelijk maken van een (nog niet aanwezig) "bijzonder kwetsbaar gebouw", bestemd voor verminderd zelfredzame personen.

Kerk Cuneraweg Ochten

34

Bestrijdbaarheid van de omvang van een ramp of zwaar ongeval Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, zal de brandweer inzetten op het beperken of voorkomen van effecten. Deze inzet zal voornamelijk plaatsvinden bij de bron. De brandweer richt zich dan niet direct op het bestrijden van effecten in of nabij het plangebied. De mogelijkheden voor bestrijdbaarheid worden daarom niet verder in beschouwing genomen. Mogelijkheden tot zelfredzaamheid Bij een calamiteit, waarbij toxische stoffen (kunnen) vrijkomen, is het belangrijk dat de aanwezigen in het plangebied worden geïnformeerd hoe te handelen bij dat incident. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de zogenaamde waarschuwings- en alarmeringspalen (WAS-palen) of NLalert. Bij het genoemde incidentscenario is het advies om te schuilen in een gebouw en de ramen, deuren en ventilatieopeningen te sluiten. In het plangebied zijn voldoende mogelijkheden aanwezig om dat advies tijdig op te volgen en aan de verplichting te voldoen. Buisleidingen Uit de regionale signaleringskaart externe veiligheid blijkt dat het plangebied niet is gelegen binnen het invloedsgebied van relevante buisleidingen voor aardgas en vloeibare brandstoffen. Hierdoor is geen verantwoording van het groepsrisico nodig vanwege buisleidingen. 4.8.3

Conclusie

Het aspect externe veiligheid is alleen relevant vanwege het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Betuweroute en de Waal. Gelet op de hiervoor genoemde overwegingen zijn er vanuit het plangebied voldoende mogelijkheden voor de zelfredzaamheid bij een zwaar ongeval op deze transportroutes. Dit betekent dat geen nadere eisen aan het plan hoeven te worden gesteld in het kader van het aspect externe veiligheid. 4.9

Kabels en leidingen

Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Planologisch relevante leidingen zijn leidingen waarin de navolgende producten worden vervoerd: gas, olie, olieproducten, chemische producten, vaste stoffen/goederen; aardgasleidingen afhankelijk van druk; defensiebrandstoffen; warmte en afvalwater, ruwwater of halffabricaat voor de drink- en industriewatervoorziening met een diameter groter of gelijk aan 18 inch. Uit de toelichting en verbeelding van bestemmingsplan 'Buitengebied Dodewaard en Echteld' is op te maken dat er geen planologisch relevante kabels en leidingen in het plangebied of in de directe omgeving daarvan aanwezig zijn. Voor de verdere realisatie van het plan zal indien nodig een KLIC-melding gedaan worden om te achterhalen of er relevante kabels en leidingen in het plangebied of in de directe omgeving daarvan aanwezig zijn.

Kerk Cuneraweg Ochten

35

4.10

Spuitzones

Een spuitzone is de ruimte rondom een bepaald gebied waar gewassen bespoten worden. Het gaat bij de spuitzones om de afstand tussen gevoelige functies, zoals wonen en agrarische bedrijvigheid, waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt. Hiervoor geldt een richtafstand van 50 meter tot spuitgevoelige gebouwen. Binnen 50 meter van de beoogde kerk ligt een boomteeltbedrijf, waar mogelijk gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. Kerken hebben echter, doordat het verblijf in het gebouw van relatief korte duur is (maximaal 2 uur en een kwartier per dienst op zon- en feestdagen), geen gevoelige functie, waardoor dit geen belemmering vormt voor de uitwerking van het plan. Daarnaast eerbiedigen de eigenaar en het boomteeltbedrijf de zon- en feestdagen. Daarmee kan gesteld worden dat er op deze dagen niet gespoten wordt met gewasbeschermingsmiddelen. Ook is het gebruik niet strijdig met de gebiedsaanduiding 'Milieuzone - spuitzone' te vinden in regel 10.1.2, want ter plekke van deze gebiedsaanduiding worden geen activiteiten ondernomen die als strijdig gebruik worden aangemerkt.

Gebiedsaanduiding Milieuzone – spuitzone (bron: Ruimtelijkeplannen.nl) 9.3 Milieuzone – spuitzone Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - spuitzone ' zijn de gronden, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de gezondheid van personen op nabijgelegen verblijfslocaties. 9.3.1 Aanduidingsomschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone – spuitzone' dienen tevens voor de bescherming van het woon- en leefmilieu in de aangrenzende woongebieden. 9.3.2 Strijdig gebruik Als gebruik in strijd met de aanduiding 'milieuzone - spuitzone' wordt in ieder geval begrepen het aanleggen en het in exploitatie nemen van een productieboomgaard, zacht-fruitopstand of (boom)kwekerij, niet zijnde herplant. 4.11

Water

4.11.1

Inleiding

Water en ruimtelijke ordening hebben veel met elkaar te maken. Aan de ene kant is water één van de sturende principes in de ruimtelijke ordening en kan daarmee beperkingen opleggen aan het ruimtegebruik zoals locaties voor stadsuitbreiding. Aan de andere kant kunnen ontwikkelingen in het ruimtegebruik ongewenste effecten hebben op de waterhuishouding. Op Europees en nationaal niveau heeft water een eigen plaats gekregen in de ruimtelijke besluitvorming via de verplichte 'watertoets'. Een watertoets geeft aan wat de gevolgen zijn van een ruimtelijk plan voor de waterhuishouding in het betreffende gebied. Zo'n waterparagraaf moet sinds 1 januari 2003 worden

Kerk Cuneraweg Ochten

36

opgenomen in de toelichting bij ruimtelijke plannen. Doel van de watertoets is de relatie tussen planvorming op het gebied van de ruimtelijke ordening en de waterhuishouding te versterken. Een watertoets is verplicht als het gaat om een functieverandering en/of bestemmingswijziging. Op basis van informatie en randvoorwaarden vanuit waterbeheerder, het waterbeleid en relevante bodemgegevens worden de verschillende wateraspecten uitgewerkt in een waterparagraaf. De waterparagraaf beschrijft het huidige watersysteem alsmede de mogelijkheden en randvoorwaarden voor het toekomstig watersysteem. De waterparagraaf wordt afgestemd met de waterbeheerder. 4.11.2

Beleidskader

Op verschillende bestuursniveaus zijn de afgelopen jaren beleidsnota's verschenen aangaande de waterhuishouding. Deze paragraaf geeft een overzicht van de voor onderhavige ontwikkeling relevante nota's. Europa Met ingang van december 2000 is de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW) van kracht geworden. In het kader van de Kaderrichtlijn worden kwaliteitseisen gesteld, gericht op het beschermen en verbeteren van de aquatische ecosystemen (verplichting per stroomgebied). Deze richtlijn stelt als norm dat oppervlaktewateren binnen 15 jaar na inwerkingtreding moeten voldoen aan een 'goede ecologische' toestand (GET). Voor kunstmatige wateren, zoals de meeste stadswateren, geldt dat de oppervlaktewateren minimaal moeten voldoen aan een 'goed ecologisch potentieel' (GEP). Inmiddels zijn de GEP-normen per stroomgebied uitgewerkt. Rijk De Waterwet, die in werking is getreden in 2009, regelt het beheer van oppervlaktewater en grondwater, en verbetert ook de samenhang tussen waterbeleid en ruimtelijke ordening. Op grond van deze wet moeten de provincies één of meer regionale waterplannen vaststellen die wat betreft de ruimtelijke aspecten de status van provinciale structuurvisie hebben. De Waterwet schrijft eveneens voor dat elke zes jaar een nieuw Nationaal Waterplan uitgebracht wordt. Op 10 december 2015 is het Nationaal Waterplan 2 (NWP2) vastgesteld.

Het NWP2 is opgesteld vanuit het perspectief om een nationale Omgevingsvisie te ontwikkelen richting 2018 conform de Omgevingswet in wording. Het NWP2 geeft de hoofdlijnen, principes en richting van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021, met een vooruitblik richting 2050. Met dit NWP2 zet het kabinet een volgende ambitieuze stap in het robuust en toekomstgericht inrichten van ons watersysteem, gericht op een goede bescherming tegen overstromingen, het voorkomen van wateroverlast en droogte en het bereiken van een goede waterkwaliteit en een gezond ecosysteem als basis voor welzijn en welvaart. Het beleid en de maatregelen in het nieuwe Nationaal Waterplan dragen bij aan het vergroten van het waterbewustzijn in Nederland. Beleid Waterschap Rivierenland Het waterbeheerprogramma is bepalend voor het beleid van Waterschap Rivierenland en wordt iedere zes jaar geactualiseerd. Het plan omvat alle watertaken van het waterschap op gebied van waterveiligheid, afvalwaterzuivering, schoon en voldoende water. Daarnaast beschikt het waterschap over een verordening: de Keur. In de Keur staan regels voor de bescherming van onder andere waterkeringen, watergangen en bijhorende kunstwerken. In de Alblasserwaard en de Vijfheerenlanden beheert het waterschap ook wegen buiten de bebouwde kom (geen Rijks- of provinciale wegen). Hier is de Keur ook op van toepassing.

De werkzaamheden in of nabij de watergangen, waterkeringen en wegen in beheer bij het waterschap worden getoetst aan de regels in de Keur. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een watervergunning nodig zijn. 4.11.3

Watertoets

Er is door een functiewijziging op het perceel een toename in verharding aanwezig. Hierdoor is de digitale watertoets noodzakelijk. Daarnaast bevindt zich een waterkering langs het plangebied. Uit de digitale watertoets is gebleken dat de normale procedure doorlopen moet worden het Waterschap

Kerk Cuneraweg Ochten

37

Rivierenland. De waterhuishoudkundige aspecten zullen afgestemd moeten worden met Rivierenland. 4.11.4

Conclusie

Vanuit waterhuishoudkundige overwegingen worden er geen bezwaren verwacht tegen onderhavig initiatief, mits een waterhuishoudkundig plan wordt opgesteld. Er is in overleg met het waterschap Rivierenland een waterhuishoudingsplan opgesteld. Aandachtspunten: 1. Aansluiten op water- en riolering van de gemeente. 2. Hemelwater wordt voldoende geïnfiltreerd. Er zijn twee wadi's (één van 333 m2 en één van 355m2) toegevoegd binnen het plangebied, waar het hemelwater vastgehouden en geïnfiltreerd kan worden. De wadi's worden uitgevoerd middels flauw talud (verhouding 1:3) ingezaaid met speciaal kruidenrijk wadimengsel met een diepte van ca. 40 cm. Volgens de berekening bergingscapaciteit zorgen deze wadi's voor voldoende berging van het hemelwater. Het parkeergedeelte (1.902 m²) wordt gerealiseerd met grastegels, waardoor de verharding maar voor 50% geldt. In onderstaande berekening wordt duidelijk dat er middels het aanleggen van wadi's voldoende wordt gecompenseerd voor de nieuwe verharding.

Hieronder is ook een functieoverzicht zichtbaar. De berekening(en) en overzicht waterberging zijn opgenomen in Bijlage 13 Water. Het Waterschap heeft in een reactie laten weten dat er op deze manier voldoende rekening wordt gehouden met de waterbelangen. Zij hebben uitgesproken vertrouwen te hebben in de wijze waarop initiatiefnemer rekening houdt met het waterbelang het het uitvoeren van de maatregelen.

Kerk Cuneraweg Ochten

38

4.12

M.e.r.-beoordeling

4.12.1

Wettelijk kader

In de Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat op basis van selectiecriteria vastgesteld dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zal hebben of niet. Onderdeel D van de bijlage bevat activiteiten, plannen en besluiten waarvoor het maken van een m.e.r.-beoordeling verplicht is. Voor elke activiteit die genoemd wordt in kolom 1 van onderdeel D van het besluit m.e.r. moet beoordeeld worden of er sprake is van (mogelijke) nadelige milieugevolgen. Voor activiteiten die onder de drempelwaarde zoals genoemd in kolom 2 van onderdeel D vallen, volstaat een vormvrije m.e.r.-beoordeling. Deze motivering dient qua inhoud aan te sluiten bij de m.e.r.-beoordeling, maar heeft geen vormvereisten. Voorliggend initiatief kan gezien worden als 'stedelijk ontwikkelingsproject' (D 11.2). De gewenste ontwikkeling blijft ruim onder de drempelwaarde van 2.000 woningen, waardoor een vormvrije m.e.r.-beoordeling volstaat. In een vormvrije m.e.r.-beoordeling dient aandacht te worden besteed aan drie criteria die zijn opgenomen in Bijlage III van de Europese richtlijn 'betreffende milieubeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten'. Dit zijn achtereenvolgens de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van het potentiële effect. 4.12.2

Vormvrije m.e.r.-beoordeling

Kenmerk en: In de gewenste situatie wordt er een nieuwe kerk gebouwd op het perceel. Daarnaast wordt het gehele perceel opnieuw ingericht, er zal halfverharding plaatsvinden en er komt beplanting in de vorm van bomen, gras en bosschages. Locatie: Het plangebied is gelegen aan de Cuneraweg, naast nummer 1, te Ochten. Het is gelegen net buiten de bebouwde kom van Ochten en betreft een agrarisch perceel. Het plangebied ligt in nabijheid van Natura 2000-gebied 'Rijntakken' op een afstand van circa 200 meter. Effecten: Met het initiatief treden geen overtredingen op in het kader van de flora en faunawetgeving. Het voornemen leidt niet tot een onevenredige toename van verkeer en omliggende woningen, leidt niet tot luchtvervuiling, geluidsoverlast en bedrijven worden in milieutechnische zin niet extra belemmerd. In het bestemmingsplan worden de diverse milieuaspecten zorgvuldig afgewogen. Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat belangrijke nadelige milieueffecten zijn uitgesloten. Het plan is niet gelegen in kwetsbaar of waardevol gebied en het heeft geen nadelige milieugevolgen voor de omgeving. Voor deze

Kerk Cuneraweg Ochten

39

ontwikkeling is het dan ook niet noodzakelijk een formele m.e.r.-procedure te doorlopen. 4.12.3

Conclusie

De kenmerken, plaats en potentiële effecten van de ontwikkeling geven op basis van het voorgaande geen aanleiding ernstige milieugevolgen te verwachten die het nodig maken om een m.e.r-procedure te doorlopen.

Kerk Cuneraweg Ochten

40

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische planbeschrijving

Inleiding

In een bestemmingsplan zijn de bouw- en gebruiksmogelijkheden voor een bepaald gebied opgenomen. Het onderhavige bestemmingsplan regelt de inrichting van het gebied op hoofdlijnen door de gronden te beleggen met een bestemming. Het juridische deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding (kaart) in samenhang met de regels. In dit hoofdstuk wordt het juridische deel van het bestemmingsplan nader toegelicht. De regels en verbeelding zijn opgesteld conform de RO-standaarden 2012, waarbij in het bijzonder het IMRO 2012 (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de SVBP 2012 (Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen) van belang zijn. Voor de regels is aansluiting gezocht bij de vigerende bestemmingsplannen 'Kernen Neder-Betuwe', 'Parapluregeling Parkeren' en 'Parapluregeling Archeologie'. Het bestemmingsplan 'Kerk Cuneraweg Ochten' bestaat uit een verbeelding, regels en een toelichting. De verbeelding en de regels tezamen vormen het juridisch bindende deel van het plan. Verbeelding en regels dienen te allen tijde in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. Op de verbeelding krijgen alle gronden binnen het plangebied een bestemming. Binnen een bestemming kunnen nadere aanduidingen zijn aangegeven. De juridische betekenis van deze bestemmingen en aanduidingen zijn terug te vinden in de regels.

Een gedeelte van de informatie op de verbeelding heeft geen juridisch betekenis, maar is slechts opgenomen om de leesbaarheid van en oriëntatie op de verbeelding te vergroten, zoals een kadastrale/BGT ondergrond. Alle letters, aanduidingen en lijnen worden verklaard in de legenda op de verbeelding. De regels bepalen de gebruiksmogelijkheden van de gronden binnen het plangebied en geven tevens de bouw- en gebruiksmogelijkheden met betrekking tot bouwwerken aan. De regels van het bestemmingsplan 'Kerk Cuneraweg Ochten' zijn opgebouwd conform de door de SVBP 2012 voorgeschreven systematiek en omvatten inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels de overgangs- en slotregels. 5.2

Inleidende regels

De inleidende regels bestaan uit de volgende artikelen. 5.2.1

Begrippen

In de begripsregels worden omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Alleen die begripsregels worden opgenomen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. 5.2.2

Wijze van meten

Om op een eenduidige manier afstanden en oppervlakten te bepalen, wordt in de 'wijze van meten' uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Dit artikel geeft aan hoe de lengte, breedte, hoogte, diepte en oppervlakte e.d. van gronden en bouwwerken wordt gemeten of berekend. Alle begrippen waarin maten en waarden voorkomen worden in dit artikel verklaard. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden. Ook voor de 'wijze van meten' worden in de SVBP 2012 richtlijnen gegeven.

Kerk Cuneraweg Ochten

41

5.3

Bestemmingsregels

5.3.1

Opbouw bestemmingen

De gronden van het gehele plangebied hebben een positieve bestemming. Een positieve bestemming betekent dat het gebruik van de gronden voor de verschillende bestemmingen direct mogelijk is. Bovendien betekent het dat oprichting van gebouwen direct mogelijk is nadat burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning hebben verleend, welke dient te voldoen aan onder meer de regels van het bestemmingsplan, het Bouwbesluit en de Bouwverordening. De opbouw van de bestemmingen ziet er in beginsel als volgt uit: Bestemmingsomschrijving; Bouwregels; Nadere eisen; Afwijken van de bouwregels; Specifieke gebruiksregels; Afwijken van de gebruiksregels; Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden; Omgevingsvergunning voor het slopen van een bouwwerk; Wijzigingsbevoegdheid. 5.3.2

Bestemmingen

Artikel 3 'Groen' De structurele groenvoorzieningen in het plangebied zijn voorzien van de bestemming 'Groen'. Binnen deze bestemming zijn de gronden onder andere bestemd voor groen- en speelvoorzieningen, voet- en fietspaden, hondenuitlaatplaatsen en bestaande parkeervoorzieningen. De bouwmogelijkheden binnen deze bestemming zijn zeer beperkt. Ook het aanbrengen van (half)verharding is niet zonder meer mogelijk. Hiermee is het groene karakter van de betreffende groenvoorzieningen voldoende gewaarborgd. Artikel 4 'Maatschappelijk' De kerk is voorzien van de bestemming 'Maatschappelijk' met de aanduiding 'religie'. Binnen deze bestemming zijn de gronden bestemd voor religieuze doeleinden. Bouwen is uitsluitend toegestaan binnen het bouwvlak, met inachtneming van de verschillende maatvoeringseisen. Voor begraafplaatsen geldt een afwijkende regeling. Per begraafplaats mag tot 250 m2 aan bebouwing Artikel 5 'Waarde - Archeologie 1' en Artikel 6 'Waarde - Archeologie 2' De dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’ is opgenomen ter bescherming van mogelijk in de bodem aanwezige archeologische waarden. Voor de verschillende archeologische (verwachtings)waarden zijn afzonderlijke bestemmingen opgenomen: Waarde - Archeologie 1 voor de AMK-terreinen, historische kernen en bekende vindplaatsen en Waarde - Archeologie 2 voor de gronden met een hoge archeologische trefkans.

Voor een aantal werkzaamheden op of in deze gronden is een omgevingsvergunning (voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden) vereist in het kader waarvan een afweging kan worden gemaakt tussen de activiteit en de te beschermen waarden. De voorwaarden voor wanneer een omgevingsvergunning is vereist is afhankelijk van de archeologische (verwachtings)waarden en gedifferentieerd in de verschillende dubbelbestemmingen. 5.4

Algemene regels

5.4.1

Anti-dubbeltelregel

Een anti-dubbeltelregel wordt opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein ook nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld. De opgenomen anti-dubbeltelregel is gelijkluidend aan de in het Besluit ruimtelijke ordening voorgeschreven formulering.

Kerk Cuneraweg Ochten

42

5.4.2

Overige algemene regels

Voor het hele plangebied geldt een aantal algemene regels. Het gaat hier om algemene bouw- en gebruiksregels, mogelijkheden om af te wijken van bepaalde, in het bestemmingsplan geregelde, onderwerpen, en procedureregels worden behandeld. 5.5

Overgangs- en slotregels

5.5.1

Overgangsregel

In deze regels wordt het overgangsrecht, zoals voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening en de Wabo, overgenomen. 5.5.2

Slotregel

Als laatste wordt de slotregel opgenomen, ook zoals voorgeschreven in het Besluit ruimtelijke ordening. Deze regel geeft aan hoe het plan kan worden aangehaald.

Kerk Cuneraweg Ochten

43

Hoofdstuk 6 Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid 6.1

Economische uitvoerbaarheid

De planontwikkeling komt geheel voor rekening en risico van de initiatiefnemer. De ontwikkeling zal geschieden conform hetgeen bepaald is in de Wet Ruimtelijke ordening. De verwezenlijking van het plan is dan ook niet afhankelijk van gemeentelijke investeringen. De kosten voor de ambtelijke afhandeling van de procedure worden verrekend op basis van de daarvoor geldende leges. Voor wat betreft planschade zal de gemeente met initiatiefnemer een planschadeverhaalsovereenkomst afsluiten. Het plan wordt dan ook economisch haalbaar geacht. 6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Voor onderhavig bestemmingsplan wordt de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in hoofdstuk 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, in samenhang met het gestelde in de Wet ruimtelijke ordening. 6.2.1

Overleg met omwonenden

Er zijn gesprekken geweest met omwonenden middels een omgevingsdialoog. Omwonenden hebben aangegeven dat zij geen bezwaren hebben tegen de bouw van de kerk, zie ook Bijlage 14 Verslag omgevingsdialoog. Naar aanleiding van de wensen van de omwonenden zijn de volgende aanpassingen gedaan: - Vrije uitzicht bewoner(s) Cuneraweg 1 blijft gehandhaafd. - Parkeerplaatsen naast de woning aan de Cuneraweg 1 worden verplaatst naar het achterterrein. - De adviseur van de kerkenraad is in gesprek met de aspirant-koper (Weilerstraat 2) voor de verkoop van de zuidelijke punt. Dit omvat ca 1.700 vierkante meter, waarbij de noordelijke perceelsgrens van het perceel "Boon" recht door getrokken wordt naar de Cuneraweg. Eigenaar Weilerstraat 2 mag op dit gebied tuin realiseren na aankoop grond. - De adviseur van de kerkenraad is in gesprek met de aspirant-koper (Cuneraweg 3) voor de verkoop van een strookje grond op de erfgrens. 6.2.2

Overleg met overheidsinstanties

Het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) geeft aan dat burgemeester en wethouders bij de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg voeren met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met diensten van provincie en Rijk die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. De instanties worden in kennis gesteld en krijgen de mogelijkheid om te reageren. 6.3

Vaststelling

Er zijn drie zienswijzen binnengekomen. Naar aanleiding daarvan is de stikstofdepositieberekening aangevuld met een berekening voor de aanlegfase. Uit de aangevulde berekenig volgt dat er geen significante toename van de stikstofdepositie op Natura 2000 gebied te verwachten is. Dit is verwerkt in de toelichting onder 4.1.2 Gebiedsbescherming en in de bijlagen behorende bij deze paragraaf. Eén zienswijze betrof zorgen omtrent de risico op bouwschade aan de fundering van het pand aan de Cuneraweg 1. Over de uitvoering van de bouw en de precieze werkzaamheden zijn geen regels opgenomen in het bestemmingsplan. Dit is te gedetailleerd om op te kunnen nemen in het bestemmingsplan. Deze zienswijze betrof tevens een vraag omtrent de situering van de verhoogde grondwal in verband met geluidsoverlast van het parkeerterrein (grondwal doortrekken). De

Kerk Cuneraweg Ochten

44

landschappelijke inpassing is aangepast (grondwal 1,5 m. hoog en laten doorlopen achter het gehele perceel naastgelegen woning) en daardoor wordt nu voldaan aan de wensen. In de regels zijn geen wijzigingen doorgevoerd, derhalve wordt het plan niet juridisch gewijzigd vastgesteld.

Bijlagen bij toelichting Bijlage 1 T oelichting verslag regiekamer

Kerk Cuneraweg Ochten

45

Ochten, 8 juni 2022. Toelichting op het verslag van de regiekamer d.d. 18 januari 2022 met bijbehorende brief d.d. 26 januari 2022, Kenmerk: Z/21/079600/165199 Betreffende de nieuwbouw kerk Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te EchteldOchten, kavel Cuneraweg (sectie F, perceelnummer 2020) te Ochten. In de uitwerking van onze toelichting volgen wij exact de door de Regiekamer gestelde randvoorwaarden zoals deze staan in de brief van 26 januari 2022, zodat dit het lezen en bestuderen vergemakkelijkt. Huidige locatie (De Molenhof) Nadat de nieuwe kerk gerealiseerd is zal de bestaande kerk aan De Molenhof 5 te Ochten verkocht worden. De huidige kerk zal gesloopt worden en de locatie zal ingevuld worden met woningbouw overeenkomstig de bepaling in het Verslag van de Regiekamer, en zoals dit nader is uitgewerkt in het rapport van Kubiek onder letter 3.3. De omgevingsvisie. De invulling van de locatie met woningbouw wordt ook door de kerkenraad van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te Echteld-Ochten expliciet als voorwaarde meegenomen in de te zijner tijd op te stellen koopovereenkomst met de kopende partij. Inrichting van het omliggende terrein, passend bij het landelijk karakter van de omgeving Bouwkundig bureau Laban B.V.

uit Kapelle (Z) heeft bij de opzet en uitwerking zeer veel aandacht besteed aan de klassieke uitstraling van het kerkgebouw zodat het passend is bij het landelijke karakter van de omgeving. Met name wijzen wij op de drie dimensionale visuele ontwerptekeningen van de architect, die duidelijk weergeven, de uitstraling van het passende landelijke karakter. Deze door de architect gemaakte uitwerking worden als bijlage nr. 1 toegevoegd bij dit antwoord. Er is veel aandacht geschonken aan het zogenaamde groene ‘kerkplein’. Rondom het gebouw worden diverse groenstroken gerealiseerd en heggen en bomen geplant. Ook worden de parkeerplaatsen uitgevoerd met grasbetonblokken zodat er een groen karakter ontstaat. Met betrekking tot de bepaling van de zichtlijnen in het verslag van de Regiekamer bij dit onderdeel, is ter plaatse vanaf de Waalbandijk, (het recreatieve punt nabij de voormalige veerhaven) een foto cessie gemaakt om de zichtlijnen waar het verslag van de Regiekamer naar verwijst, zichtbaar te maken. We moeten constateren dat gezien vanaf de Waalbandijk de bouwkavel als zodanig verscholen gaat aan de bebouwing en boomgaarden gelegen tussen de Waalbandijk en het bouwperceel. Ter verduidelijking zijn ook drie foto’s (gemaakt met een drone) toegevoegd aan dit antwoord, om aan te geven de moeilijkheidsgraad van de zichtlijnen.

De zichtlijnen zullen zich met name voordoen bij de hoogte van het kerkgebouw. Met betrekking tot de uitstraling van het kerkgebouw. Het kerkgebouw is zodanig gesitueerd, dat de entree gericht is op de Cuneraweg. In de bespreking van donderdagmiddag 2 juni 2022 op het gemeentehuis in Opheusden heeft de architect dit ontwerp ook onderbouwd. 1. 2. 3. 4. 5.

Het perceel ligt aan de Cuneraweg. De kerk wordt gevestigd aan de Cuneraweg (aan de zuidkant wordt het perceel begrensd aan de Weilerstraat. Dit is een doodlopend straatje, zonder entree op het perceel.) De deuren (entree) zijn gericht op de komst van de kerkgangers, komende vanaf de Cuneraweg. De afstand van beide belendende woningen is naar beide woningen toe ca. 50 meter Juist met toepassing van deze verhouding is de kerk hierop gesitueerd. In de omgevingsdialoog, de gesprekken met de “buren”, zowel beide buren grenzende aan het perceel, als ook aan de overzijde van de Cuneraweg is deze situering besproken en heeft het de volledige instemming.

1

6.

Met betrekking tot de verkeersveiligheid, zowel met het oog op de Cuneraweg, als op het eigen terrein zelf, is er een aparte inrit voor auto’s gesitueerd, én een aparte inrit voor voetgangers en fietsers. Hiermede voorkomen wij ook op het terrein zelf, een ongewenst verkeersgedrag.

Het zuidelijk deel van het terrein Met betrekking tot deze zuidelijke punt: dit omvat ca 2.100 vierkante meter, waarbij de noordelijke perceelsgrens van het perceel “Boon” recht door getrokken wordt naar de Cuneraweg. U ziet de uitwerking daarvan op de tekening van de inrichting van de kavel. In principe is een mondelinge overeenkomst tot verkoop met de heer Boon overeengekomen, onder het voorbehoud van de verkrijging van de goedkeurende omgevingsvergunning In het overleg met de kopende partij, de heer Boon, zijn de drie voorwaarden, welke de kerkenraad van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te Echteld-Ochten heeft vastgesteld besproken met de heer Boon. De heer Boon is volledig akkoord gegaan met de gestelde voorwaarden. 1. 2.

3.

Er mag op de zuidelijke punt niet gebouwd worden. Het eerste recht van terugkoop door de kerkenraad van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te Echteld-Ochten van het onderhavige zuidelijke punt, indien en voorzover de heer Boon over wil gaan tot verkoop. De heer Boon zal hier een tuin realiseren. Op deze manier wordt de tuin onderdeel van de landschappelijke inpassing.

Parkeren is onderdeel van de landschappelijke inpassing. De uitwerking is een groen ‘kerkplein’. Gesitueerd aan de noordelijke zijde van de kavel. Bij de inrichting van dit parkeerterrein wordt zeer veel aandacht besteed aan het afwisselende karakter door middel van de aanplant van heggen en bomen op diverse groenstroken Ook worden de parkeerplaatsen uitgevoerd met grasbetonblokken zodat er een groen karakter ontstaat. Het naastgelegen zuidelijke deel wordt ingericht als tuin en draagt tevens bij aan het gewenste landelijke karakter. Zoals hierboven al is vermeld is over de situering van beide inritten zorgvuldig nagedacht. Met betrekking tot de verkeersveiligheid, zowel met het oog op de Cuneraweg, nabij de Bagijnestraat, als op het eigen terrein zelf, is er een aparte inrit voor auto’s gesitueerd, én een aparte inrit voor voetgangers en fietsers. Hiermede voorkomen wij ook op het terrein zelf, een ongewenst verkeersgedrag. Voor de duidelijke situering van de Cuneraweg, wordt een fotosessie toegevoegd. Ingetogen kerkgebouw Het kerkgebouw is ontworpen als een ingetogen kerkgebouw met een klassieke uitstraling. De architect is aan de slag gegaan en heeft een ontwerp gerealiseerd als zijnde een ‘monument voor de toekomst’. Het gebouw wordt opgetrokken uit (rode) baksteen en voorzien van een dakbedekking in de vorm van gebakken pannen.

Eén en ander zoals opgenomen in de referentiebeelden welke ingediend zijn bij het principeverzoek en ook hieronder weergegeven.

2

Parkeernorm De gemeente Neder-Betuwe heeft een Nota parkeernormen met een parkeernorm van 0,2. Dat betekend dat er voor iedere 5 zitplaatsen, 1 parkeerplaats moet zijn. In het ingediende principeverzoek is aangegeven dat er behoefte is aan een kerk met 750 zitplaatsen. Het uiteindelijke ontwerp voorziet in 652 zitplaatsen. Dat betekent dat er minimaal 131 stuks (652*0,2) parkeerplaatsen gerealiseerd dienen te worden. Het plan voorziet 135 parkeerplaatsen. Rekening houdende met het aantal parkeerplaatsen, gebaseerd op het eindplaatje, 750 zitplaatsen, zijn er binnen de aangegeven verharding middels het fileparkeren 150 plaatsen beschikbaar. Door gebruik te maken van het zogenaamde ‘fileparkeren’ neemt het parkeren minder ruimte in beslag. De gehele locatie, kerkgebouw en parkeerterrein is uitstekend bereikbaar voor hulpdiensten. Verkeersregeling Om het verkeer voor en na de kerkdienst in goede banen te leiden worden verkeersregelaars, c.q. parkeerwachten ingezet. Op dit moment wordt ook bij ons huidige kerkgebouw aan de Molenhof 5 te Ochten, gebruik gemaakt van eigen parkeerwachters. Deze parkeerwachten worden ook ingezet op de nieuwe locatie. Kerktijden Op een steenworp afstand is nog een kerk gelegen met circa 1.000 zitplaatsen.

Om drukte op de Cuneraweg te voorkomen wordt in het verslag van de regiekamer het voorstel gedaan om de kerktijden aan te passen zodat beide kerken niet gelijktijdig uitgaan en drukte op de Cuneraweg veroorzaken. Dit is niet aan de orde omdat beide kerken op verschillende tijden uitgaan. De naastgelegen kerk heeft geen eigen predikant, waardoor de kerkdiensten over het algemeen korter zijn. Mocht het zo zijn dat de naastgelegen kerk een eigen predikant krijgt, zal dit zorgvuldig worden overlegd. Aanpassing openbare ruimte In overleg met de gemeente Neder-Betuwe zal een plan worden opgesteld voor de aanpassing van de openbare ruimte. Op de locatie is geen vrij verval riolering aanwezig. Daarom zal er in overleg met de gemeente: 1. 2.

Leiding aangelegd moeten worden langs de Cuneraweg, of De capaciteit van het drukriool moeten worden uitgebreid.

Veilige route Voor de voetgangers, fietsers en minder mobiele mensen wordt aan de oostkant van het perceel een separate in- en uitgang gerealiseerd. Op deze manier wordt voorkomen dat er kruisend verkeer is met auto’s die de locatie opkomen of verlaten. De aansluiting van de in- en uitrit en de aanpassing van de openbare ruimte wordt in overleg met de gemeente bepaald. Hierboven al uiteengezet. Milieueisen Voor wat betreft de milieueisen wordt verwezen naar de ruimtelijke onderbouwing welke opgesteld is door Kubiek, kenmerk K22163, d.d. 10 juni 2022 en de daarbij behorende uitgevoerde onderzoeksrapporten. Het archeologisch onderzoek en de watertoets volop in behandeling. Aldus vastgesteld en opgemaakt door de bouwcommissie van de Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te Echteld-Ochten, d.d. 10 juni 2022.

H.G.J Visser, Diaken en voorzitter

--------------------------------

W.F. Bunt, Diaken en notulist.

---------------------------------

Bijlage 1: driedimensionale impressies architect Bijlage 2: foto’s verkeersveiligheid Bijlage 3: foto’s zichtlijnen

3

Bijlage 1: driedimensionale impressies architect

4

5

6

7

8

Bijlage 2: foto’s verkeersveiligheid

9

10

11

Bijlage 3: foto’s zichtlijnen

12

13

14

15

16

17

FOTOS TEN BEHOEVE VAN WEERGAVE ZICHTLIJNEN Datum 8 juni 2022

9

8 KERK 7

6

5

2 1 3

4

Toelichting: -

Foto’s genomen op de posities zoals in de bovenstaande kaart weergegeven Hieronder weergegeven per positie Genomen in staande positie op ooghoogte Gericht op toekomstige locatie nieuw kerkgebouw

18

POSITIE 1

POSITIE 2

19

POSITIE 3

POSITIE 4

20

POSITIE 5

POSITIE 6

21

POSITIE 7

POSITIE 8

22

POSITIE 9

23

Bijlage 2 Ontwerptekeningen kerkgebouw

Kerk Cuneraweg Ochten

69

43500 mm 4470

32100

4470 390

390

4080

1740

100

1565

390

4470

100 1040 140

26635

390

4545

140

26635

390

390

3980

2530

B

100

22730

390

390

6930 6540

1980

390

6930

C

G

hwa Ø100

Merk C dm 1050

390

6930

Merk B

Merk B

hwa Ø100

Merk B

hwa Ø100

Merk B

Merk B

Merk C dm 1050

Merk B

Pb

Pb

dm 850

dm 900

Merk 4

125+

2.16m²

kast

Merk 2

100

3960

0.7

toilet dames

Merk B melkglas

3.62m²

3960

3960

2080

toilet invalide

Merk 4

0.6

Merk B

390

Merk B

hwa Ø100

Merk B

verdeler vv

dm 850

dm 850

Merk 1

Merk 1

Merk 1

PEIL

Merk 5

dm 850

0.4

hal 1 rm

dm 850

0.3

125+

100 1000

BC

Merk 3

390

hwa Ø100

Merk B

65.22m²

250+

0.1

Pb

consistorie

garderobe indeling n.t.b.

250+

entree

0.9

38.60m²

1500+

Merk A dm 2100

entree

42.77m² 14 personen

dm 800

dm 850 0.2

458.65m² 652 personen (inclusief rolstoelplaatsen)

30 m¹

rm entree

0.10

0.11

kast 2.53m²

12.32m²

dm 850 0.12

wc

1.34m²

Pb

30 m¹

390

390

mk

hwa Ø100

B

Merk 2

kast

Merk C dm 1050

Merk B

HM

hwa Ø100

100

Merk 3

250+

Merk B

2080

3960

dm 850

3960

3960

kerkzaal

HM

Merk 4

250+

dm 850

Merk 3

dm 850

PEIL

afschot

dm 850

Merk 1

B

0.8

125+

Merk 1

dm 1757

Merk 1

Merk 5

Merk B

1000 100

2560

Merk 3

26540 mm

Merk 8

dm 850

200

17220

12860

7100

10080

6540

WP

0.5

toilet heren

Merk 4

6.52m²

dm 850

125+

380

verdeler vv

verdeler vv

PEIL

sluis 8.16m²

dm 1757

rm

Merk 5

0.16

Pb Pb

dm 850 Merk 6

52.63m² 30 personen

rm 0.13

zaal 1

11.76m² 6 personen

Merk B

8000

7620

keuken

8540

2955

zaal 2

dm 850

Merk 6

0.14

0.15

8000

schuifwand

43

Merk C dm 1050

2107

PEIL

Merk C dm 1050

schuifwand

hwa Ø100

Merk D dm 900

380

Pb verdeler vv

108.28m²

100

keukenblok

Me

dm

rk 5 175 7

Merk 6

Merk B

0.17

opbaarruimte

0.18 dm 850

Merk 6

16.98m²

entree 6.63m²

Pb

hwa Ø100

540

540 390

390

540

2955

dm 850

Merk B

Merk B

hwa Ø100

Merk B

Merk B

Merk B

Merk B

Merk B

Merk B

hwa Ø100

Merk C dm 1050

Merk B

Beganegrond PEIL B

hwa Ø100

C

G

RENVOOI

Materialen

Vluchtwegvoorzieningen

Brandblusvoorzieningen

IN HET GEBOUW ZULLEN MAXIMAAL -- PERSONEN GELIJKTIJDIG AANWEZIG ZIJN Verlicht "uitgang"-bordje, conform NEN 1838

HSB wand 125/173 mm

Verlicht "nooduitgang"-bordje, conform NEN 1838

porotherm 140/100 mm

NV

metselwerk 100 mm

Ruimte voorzien van noodverlichting, min 1 Lux op de vloer, conform Bouwbesluit, afdeling 6.1, artikel 6.3 De vluchtroute aanduiding is aangesloten op een noodstroomvoorziening die binnen 15 seconde na stroomuitval, gedurende 60 minuten voldoet aan de zichtbaarheidseisen conform NEN-EN 1838

hwa MV-box WP

hemelwater afvoer PE balance ventilatie-unit warmtepomp

Slow whoop handmelder rm

Oppervlakte / inhoud

Bruto vloeroppervlakte : -- m² Bruto inhoud : -- m³ Bebouwde oppervlakte : -- m² Gebruiksfunctie Gebruiksoppervlakte Bijeenkomst

Z:\actief\2022\22-07 kerk Gereformeerde Kerk te Ochten\ontwerp\22-07_ontwerp.dwg, 16-3-2022 17:25:51, AutoCAD PDF (General Documentation).pc3

-- m²

30 m¹

Pb

Verblijfsoppervlakte -- m²

Rookmelder Een deur op een vluchtroute is bij aanwezigheid van personen in het bouwwerk uitsluitend gesloten indien die deur tijdens het vluchten, zonder gebruik te moeten maken van een sleutel onmiddellijk over de ten minste vereiste breedte kan worden geopend. Brandwerendheid 30 min. WBDBO. Brandwerendheid 30 min. WBDBO zelfsluitend. Een deur op een vluchtroute draait bij het openen niet tegen de vluchtrichting in indien bij een te bouwen bouwwerk meer dan 37 personen op die uitgang zijn aangewezen.

P6

Brandslaghaspels 30m¹. Bij een druk van tenminste 100 kPa moet er per haspel een capaciteit van tenminste 1,3m³/h aanwezig zijn. Sproeischuimblussers gevuld met ten minste 6 liter sproeischuim welke voldoet aan de NEN 2559

Brandpreventieve gegevens

De constructieonderdelen moeten ter beperking van branduitbreiding en rookontwikkeling, voldoen aan de brandklasse volgens tabel 2.66 en rookklasse s2, beide bepaald volgens de NEN-EN 13501-1. De vloeren en trap (ook buiten trappen) moeten ter beperking van branduitbreiding en rookontwikkeling, voldoen aan de brandklasse volgens tabel 2.66 en rookklasse s1fl, beide bepaald volgens de NEN-EN 13501-1.

Brandmeldinstallaties

Het gebouw zal worden voorzien van een brandmeldinstallatie als bedoeld in NEN 2535, uitgevoerd als gedeeltelijke bewaking met certificaat. De installatie met gedeeltelijke bewaking zal in het gehele bouwwerk worden aangebracht. De brandmeldinstallatie is met certificaat en zonder doormelding. Het gebouw zal worden voorzien van een ontruimingsinstallatie, als bedoeld in NEN 2575. Aantal + posities rookmelders, handmelders en slow-whoops volgens berekeningen installateur BMI = Brandmeldcentrale / paneel. De uitwerking en het PvE dient ter goedkeuring aan het bevoegd gezag te worden voorgelegd.

Constructieve brandveiligheid

Brandcompartiment : De (hoofd)draagconstructie dient een brandwerendheid tot bezwijken te bezitten van 0 minuten.Het gebouw bestaat uit 1 brandcompartiment GBO < 1000 m² . Het gebouw bestaat uit 1 sub-brandcompartiment. Hoogte vloer bestemd voor personen< 4 m en vluchtroutes < 30 m1 tot buiten.

Bouwkundig Buro Laban B.V. buro voor

Compartimenteringen

architektuur en konstrukties

Het gebouw bestaat uit 1 brand/sub brandcompartiment < 1000 m². Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO) NIET van toepassing, conform NEN 6068.

Overige regelgeving

- Aansluiting gasleidingen conform eigen VEGN alsmede NEN 1078 en NEN 2087 - Afvoer afvalwater, feacaliën en hemelwater conform NEN 3215 - Ventilatie en luchtbehandeling conform NEN 1087 - Bereikbare gevelelementen ( incl. beglazing) inbraakwerendheidsklasse II vlgs NEN 5087/5096 Woning voldoet aan politiekeurmerk. Bij ontvangs PKVW-certificaat ontvangt bewoner informatie mbt veilig gebruik van de woning. Woning voorzien van gelijksluitende en gebruiksvriendelijke sluiting op ramen. Deurbedieninshoogte 1050+vloer. Buitendeuren afsluitbaar in 1 handeling. - Vrije doorgang kozijnen vlgs bouwbesluit (breedte >850 mm hoogte >2300 mm) - Hoogte dorpels tpv kozijnen <20mm ivm integrale toegankelijkheid - Sanitaire ruimten voorzien van vloertegels en wandtegels tot ok plafond ivm wateropname conform NEN 2778 - Alle ruimten zijn verwarmd conform NEN 5128/2916 (muv ruimte -1.7 buitenberging) - Electriciteits- en noodstroomvoorziening en verlichting conform NEN 1010 en NEN 1041 - Installateur dient projecteringstekeningen volgens goedgekeurd PVE te overleggen - De uitwendige scheidingsconstructie heeft geen openingen die breder zijn dan 0,01 m ivm bescherming tegen ratten en muizen

Bouwkundig Buro Laban B.V. Klaproos 2 - 4421 MB Kapelle Tel: (0113)343883 buro@labanbv.nl www.labanbv.nl

Opdrachtgever:

OGGIN te Echteld-Ochten, de Molenhof 5, 4051AE te Ochten

Onderwerp:

Nieuwbouw kerk OGGIN te Echteld-Ochten

Onderdeel:

BESTEKTEKENING: Begane grond.

Datum:

070322

Schaal:

1:50

Get:

zj

a d g

160322

b

c

e

f

h

i

Werk no.:

22-07

Blad no.:

01

19164+

16387+

13599+

10020+

10020+

bk vloer

bk vloer

7200+

7200+

bk vloer

bk vloer

bk goot 4165+

bk goot 4165+

3800+

3800+

bk vloer

bk vloer

bk vloer 250+ PEIL

bk vloer 250+ PEIL

VOORGEVEL

RECHTERZIJGEVEL

4125+

PEIL

ACHTERGEVEL

LINKERZIJGEVEL

Bouwkundig Buro Laban B.V.

Bouwkundig Buro Laban B.V. Klaproos 2 - 4421 MB Kapelle Tel: (0113)343883 buro@labanbv.nl www.labanbv.nl

buro voor architektuur en konstrukties

Z:\actief\2022\22-07 kerk Gereformeerde Kerk te Ochten\ontwerp\22-07_ontwerp.dwg, 16-3-2022 17:25:55, AutoCAD PDF (General Documentation).pc3

Opdrachtgever:

OGGIN te Echteld-Ochten, de Molenhof 5, 4051AE te Ochten

Onderwerp:

Nieuwbouw kerk OGGIN te Echteld-Ochten

Onderdeel:

BESTEKTEKENING: Gevels.

Datum:

070322

Schaal:

1:100

Get:

zj

a d g

160322

b

c

e

f

h

i

Werk no.:

22-07

Blad no.:

05

19812+

16387+

13599+

flexpur

10448+ 10020+ 9722+

bk vloer

9205+

2421

HOOGTE 2E VERD EN ZOLDER AANPASSEN AAN HOOGTEN DIE VOLGEN UIT DE MOGELIJKE ZITGELEGENHEID OP DE GALERIJ

7200+

3000

399

bk vloer

47°

bk goot 4165+ 45

20

x1

x1

20

45

3800+

70x220

70x220

3800+

HE 260B

TPG betonvloer Ht=200mm

70x95

bouwvilt

bk vloer bouwvilt

2950

bouwvilt

600

70x95

bk goot 4165+

stucwerk 10 mm porotherm 100 mm porotherm 140 mm

bk vloer 250+ PEIL

250+ PEIL

doorsnede B-B

doorsnede C-C 13980+ 13599+

10020+

bk goot 4165+ ventilatie

ventilatie

1000

bk vloer

Bouwkundig Buro Laban B.V. 250+

doorsnede G-G Z:\actief\2022\22-07 kerk Gereformeerde Kerk te Ochten\ontwerp\22-07_ontwerp.dwg, 16-3-2022 17:25:56, AutoCAD PDF (General Documentation).pc3

Bouwkundig Buro Laban B.V. Klaproos 2 - 4421 MB Kapelle Tel: (0113)343883 buro@labanbv.nl www.labanbv.nl

buro voor

bk vloer 250+ PEIL

architektuur en konstrukties

Opdrachtgever:

OGGIN te Echteld-Ochten, de Molenhof 5, 4051AE te Ochten

Onderwerp:

Nieuwbouw kerk OGGIN te Echteld-Ochten

Onderdeel:

BESTEKTEKENING: Doorsneden

Datum:

070322

Schaal:

1:100

Get:

zj

a d g

160322

b

c

e

f

h

i

Werk no.:

22-07

Blad no.:

06

Bijlage 3 Landschappelijke inpassing

Kerk Cuneraweg Ochten

73

LANDSCHAPPELIJKE INPASSING KERK OGGIN OCHTEN 8-12-2022

AANLEIDING De Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland te Echteld-Ochten is voornemens een nieuw kerkgebouw te bouwen. Aan de rand van het dorp is aan de Cuneraweg een perceel grond aangekocht om dit te realiseren. Door de architect, bouwkundig bureau Laban B.V. uit Kapelle, is een klassiek ogend, ingetogen kerkgebouw ontworpen passend bij het landelijke karakter van de omgeving. Gezien de situering van het kerkgebouw aan de rand van het dorp in de overgangszone naar het landschap hecht de gemeente Neder-Betuwe aan een goede inpassing van het gebouw in de omgeving. De kerkelijke gemeente onderschrijft dit en heeft Buro Ruimte & Groen uit Borssele gevraagd om te komen met een landschappelijk inpassings- en inrichtingsplan. Dit document beschrijft en verbeeldt hoe een en ander gestalte zou kunnen krijgen. Allereerst is een beknopte analyse van het plangebied opgenomen. Deze vormt de basis voor het plan en biedt aanknopingspunten voor de inpassing van het terrein. Vanuit de analyse is een visie uitgewerkt die uitmondt in een ontwerp op hoofdlijnen. Vervolgens is aangegeven aan welke beplanting en materialisering wordt gedacht.

2

LANDSCHAPSINTWIKKELINGSPLAN NEDER-BETUWE

LANDSCHAPSANALYSE Landschapsstructuur De planlocatie is gelegen ten westen van Ochten op de overgang van dorp naar buitengebied in het rivierenlandschap. Het landschap kenmerkt zich door de hoger gelegen oeverwallen naast de rivier en de lager gelegen komgronden die daar wat verder vanaf liggen. Op de oeverwallen zijn van oudsher de dorpen ontstaan, zoals Ochten. De oeverwallen kenmerken zich door kleinschalig landschap met slingerende wegen en afwisseling van bebouwing, beplanting en landbouwgrond. Beplanting bestaat uit hier en daar laanbeplanting, fruitboomgaarden en erfbeplanting. Fruitteelt en bomenteelt zijn belangrijke grondgebruikers in het gebied. Landschapsontwikkelingsplan Door de gemeente Neder-Betuwe is een LandschapsOntwikkelingsPlan (LOP) opgesteld waarin een integraal ontwikkelingsperspectief voor het buitengebied van de gehele gemeente wordt beschreven. Het plangebied wordt in dit document gerangschikt onder de ‘boomteeltrijke oeverwallen’. Behouden en versterken van het kleinschalig landschapsmozaïek van laanboomteelt, dorpen en ander grondgebruik en het versterken van het half-open agrarisch landschap door het toevoegen van erf- en wegbeplanting wordt hier voorgestaan. Ten aanzien van de overgangen van het dorp Ochten naar het landelijk gebied wordt opgemerkt dat de overgang van stedelijk naar landelijk gebied continu aandacht verdient.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12304859/1