Bijlage 1 Jaarstukken 2025
Tekst van het document
Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen De mogelijkheid tot belastingheffing is verankerd in de Gemeentewet (Gw). Hieronder vindt u een opsomming van alle belastingen die geheven mogen worden, onderverdeeld in belastingen die in 2024 daadwerkelijk geheven zijn en belastingen die niet door Mook en Middelaar opgelegd worden. Van belastingen die geheven worden, is door de raad een belastingverordening vastgesteld.
34
Jaarstukken 2025 Belasting Onroerende zaakbelastingen Forensenbelasting (Water)toeristenbelasting Hondenbelasting Rioolheffing Afvalstoffenheffing / reinigingsrecht Leges (voor diensten) Baatbelasting Belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten Parkeerbelasting Reclamebelasting Precariobelasting
Wel geheven
Niet geheven
Kostendekkendheid Bij de programmabegroting moet in de paragraaf lokale heffingen inzicht worden gegeven in de mate van kostendekkendheid per heffing. Hierbij mogen op begrotingsbasis de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden voor wat betreft heffingen en rechten. Dit geldt voor de rioolheffing, de afvalstoffenheffing/reinigingsrecht en de leges. Het overzicht van kostendekkendheid wordt volledigheidshalve ook vermeld in de Jaarstukken op basis van realisatiecijfers. Een afwijking van de realisatiecijfers ten opzichte van de geraamde cijfers heeft geen invloed op de tarieven van het boekjaar. De tarieven zijn en worden gebaseerd op de geraamde belastingopbrengsten conform de begroting en de geraamde grondslagen conform de opgave van BsGW. Voor de rioolheffing en voor de reinigingsheffingen kan op realisatiebasis een egalisatie plaatsvinden door middel van een dotatie of een vrijval van de egalisatievoorzieningen. Bedragen x € 1.000 Berekening kostendekkendheid rioolheffing
Raming €
Realisatie €
Verschil
Primitief Lasten taakveld
505
599
94 N
Baten taakveld
-5
-14
9V
Mutatie egalisatievoorziening (vrijval)
-50
-147
97 V
Netto lasten taakveld
450
438
12 V
Toe te rekenen lasten
450
438
12 V
Overhead
111
117
6N
0
0
0V
Totale kosten
561
556
6V
Opbrengst heffingen
561
556
6N
Dekkingspercentage
100%
100%
Btw in het kader van het Btw-compensatiefonds (BCF)
Rioolheffing is een gesloten systeem waarbij baten en lasten worden geëgaliseerd middels een egalisatievoorziening. Zonder egalisatie van baten en lasten zou de kostendekkendheid uitkomen op 85%. Door een extra bedrag van € 97k te onttrekken uit de egalisatievoorziening rioolheffing bedraagt de kostendekkendheid 100%. De egalisatievoorziening rioolheffing bedraagt eind 2025 € 4 miljoen.
35
2.1. Jaarverslag Bedragen x € 1.000 Berekening kostendekkendheid reinigingsheffingen
Raming €
Realisatie €
Verschil
Primitief Lasten reinigingsheffingen
979
1.074
96 N
Baten taakveld
-126
-184
58 V
0
-28
28 V
Netto lasten taakveld
853
863
10 N
Toe te rekenen lasten
853
863
10 N
Overhead
216
210
6V
0
0
0V
Totale kosten
1.069
1.073
4N
Opbrengst heffingen
1.069
1.073
4V
Dekkingspercentage
100%
100%
Mutatie egalisatievoorziening (vrijval)
Btw in het kader van het Btw-compensatiefonds (BCF)
Reinigingsheffingen is een gesloten systeem waarbij baten en lasten worden geëgaliseerd middels een egalisatievoorziening. Zonder egalisatie van baten en lasten zou de kostendekkendheid uitkomen op 97%. Door een bedrag van € 28k te onttrekken uit de egalisatievoorziening reinigingsheffingen bedraagt de kostendekkendheid 100%. De egalisatievoorziening reinigingsheffingen bedraagt eind 2025 € 254k. Bedragen x € 1.000 Berekening kostendekkendheid leges
Raming €
Realisatie €
Verschil
Primitief Netto lasten leges (incl. overhead)
355
547
192 N
Opbrengst leges
302
890
588 V
Dekkingspercentage (maximaal)
81%
163%
In de netto lasten zitten zowel directe kosten als een opslag voor de overheid. In de legesopbrengsten zit een eenmalige baat van € 444k ten behoeve van het project De Maastuin. Zonder deze extra (eenmalige) opbrengst zou de gerealiseerde opbrengst € 214k bedragen en zou de kostendekkendheid, evenals vooraf gecalculeerd, 81% bedragen. Op begrotingsbasis mogen de leges maximaal kostendekkend zijn. De legesopbrengsten worden niet geëgaliseerd omdat deze vraaggedreven zijn.
Aanduiding van de lokale belastingdruk Tarieven In onderstaand overzicht treft u de belastingtarieven aan van 2025 en van het vorige jaar 2024. De tarieven over 2025 zijn op 12 december 2024 door de raad vastgesteld.
36
Jaarstukken 2025 Belastingtarieven
2025
2024
Algemene inflatiecorrectie
2,83%
3,43%
- tarief woningen eigenaren
0,1159%
0,1182%
- tarief niet-woningen eigenaren
0,2911%
0,2791%
- tarief niet-woningen gebruikers
0,2177%
0,2060%
0,2824%
0,2411%
2,00
1,50
- 1e hond
66,48
64,68
- extra honden per hond
99,72
96,96
- tarief kennel
465,36
452,76
- vastrecht
120,36
123,00
- variabel deel 1e 400 m3
17,16
19,58
- elke volgende 400 m3
171,60
195,80
- afvalstoffenheffing (vastrecht woningen)
222,48
216,36
- reinigingsrecht (vastrecht niet-woningen)
111,24
108,18
- variabel tarief restafval per lediging container
14,00
10,29
- variabel tarief restafval per klepopening centrale container
2,80
2,29
Onroerende zaakbelastingen:
Forensenbelasting: - tarief van de woz-waarde Toeristenbelasting Hondenbelasting:
Rioolheffing
Reinigingsheffingen:
Belastingdruk Mook en Middelaar en buurgemeenten COELO onderzoekt jaarlijks de woonlasten per huishouden. Naast de drie belastingen ozb, afvalstoffenheffing en rioolheffing houdt Coelo ook rekening met een eventuele heffingskorting. In onderstaande tabel zijn van een aantal buurgemeenten de woonlasten 2025 per gemeente weergegeven. Bedragen x € 1 Mook en Middelaar
Gennep
Heumen
Land van Cuijk
Gemidd. Limburg
Eenpersoonshuishouden
989
859
923
946
966
Meerpersoonshuishouden
1.023
897
1.002
1.018
1.036
Rangnummer *)
165e
38e
136e
159e
Eenpersoonshuishouden
274
270
169
288
367
Meerpersoonshuishouden
307
309
248
356
436
Rangnummer *)
37e
38e
9e
90e
Lastendruk 2025 Eigenaar-bewoner
Huurder
Bron: Coelo - Atlas van de lokale lasten 2025 (Bijlage 3 Woonlasten per gemeente)
*) 1e is laagste tarief
37
2.1. Jaarverslag
Kwijtscheldingsbeleid Voor belastingplichtigen met lage inkomens bestaat de mogelijkheid van een gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de geheven belasting. Kwijtschelding is mogelijk voor afvalstoffenheffing en rioolheffing. In 2025 is voor € 20k kwijtschelding verleend over 2025 en voor € 8k over voorgaande jaren.
38
Jaarstukken 2025
2.1.11. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Wettelijk kader Artikelen 11 en 26 BBV. Artikel 22 Financiële verordening Mook en Middelaar 2025.
Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit geeft aan over welke middelen en mogelijkheden de gemeente beschikt om onvoorziene kosten op te vangen. In Mook en Middelaar bestaat de weerstandscapaciteit uitsluitend uit de Algemene reserve. Algemene reserve De algemene reserve (met kleine letter a), zoals bedoeld in artikel 43, lid 1, letter a BBV, is in Mook en Middelaar onderverdeeld in twee afzonderlijke reserves: de Algemene reserve (met hoofdletter A) en de Vrij Besteedbare Reserve (VBR). De Algemene reserve is volledig beschikbaar voor het opvangen van financiële risico's en wordt daarom volledig meegenomen in het weerstandsvermogen. De omvang van deze reserve is sinds 2017 ongewijzigd (en bedraagt € 2 miljoen).
Risico's Tegenover de weerstandscapaciteit staan risico’s waarvoor geen of onvoldoende maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van de gemeente. Wanneer een risico zich voordoet, worden de financiële gevolgen niet verwerkt in het rekeningresultaat, maar opgevangen via de Algemene reserve. De kans dat een risico zich voordoet, is ingedeeld in vijf categorieën: zeer laag, laag, midden, hoog en zeer hoog. De risico's in deze paragraaf zijn gebaseerd op de meest recente risico-inschattingen uit de Programmabegroting 2025 en zijn daar waar nodig aangepast aan de stand per eind 2025. De risico's zijn gerangschikt naar inschatting en omvang. Nr
Kwantificering
Risico
1
Overschrijding van kosten binnen het Sociaal Domein
2
Optreden van een ICT-veiligheidsprobleem (Cybersecurity)]
3
RisicoOmvang inschatting Kans 400
75%
300
1.762 Gemiddeld
50%
881
Uitvoering Participatiewet (vangnetregeling)
98 Gemiddeld
50%
49
4
Niet realiseerbare bezuinigingen dekkingsplan
709
Laag
25%
177
5
Extra kosten bij verbonden partijen
697
Zeer laag
10%
70
6
Onvoorziene kosten als gevolg van juridische procedures
250
Zeer laag
10%
25
7
Aanspraak op achtervang als gevolg van niet aflossen leningen sociale woningbouw
3.197
Zeer laag
10%
320
7.112
Hoog
1.821
In het verslagjaar 2025 hebben bovengenoemde risico's zich niet voorgedaan. Er heeft daarom geen onttrekking uit de Algemene reserve plaatsgevonden.
39
2.1. Jaarverslag Voor een nadere toelichting op de afzonderlijke risico's wordt verwezen naar bijlage 4. Bedragen x € 1.000 Incidenteel
Risico
Structureel
Kwantificering Berekend bedrag
Kwantificering Berekend bedrag
Zeer hoog
90%
0
0
0
0
Hoog
75%
400
300
0
0
Midden
50%
126
63
0
0
Laag
25%
0
0
0
0
Zeer laag
10%
9.409
941
0
0
9.935
1.304
0
0
Totaal
Het totaal van het berekende risicobedrag komt daarmee uit op ruim € 1,3 miljoen.
Beleid omtrent weerstandscapaciteit en risico's Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de geïnventariseerde risico’s. Dit geeft aan in hoeverre de gemeente in staat is om financiële tegenvallers op te vangen zonder direct beleidsmatige consequenties. Het weerstandsvermogen is daarmee een belangrijk instrument om de financiële gezondheid van de gemeente te beoordelen. Weerstandsvermogen De weerstandscapaciteit bedraagt eind 2025 € 2 miljoen. Wanneer de geïnventariseerde risico’s worden afgezet tegen deze weerstandscapaciteit, blijkt dat de gemeente Mook en Middelaar over voldoende vermogen beschikt om deze risico's op te vangen. Bedragen x € 1.000 Berekende omvang risico's
Huidig weerstandsvermogen
Dekking in %
Overdekking
Incidentele risico's
1.304
2.000
153%
696
Structurele risico's
0
10
n.v.t.
10
1.304
2.010
154%
706
Soort risico
Totaal
De ratio van het weerstandsvermogen bedraagt (afgerond) 1,6 en valt binnen de categorie 'Ruim voldoende'. Beoordelingstabel weerstandsvermogen Categorie
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
vanaf
tot
A
2
∞
Goed / Uitstekend
B
1,4
2
Ruim voldoende
C
1
1,4
Voldoende
D
0,8
1
Matig
E
0,6
0,8
Onvoldoende
F
-∞
0,6
Ruim onvoldoende
40
Jaarstukken 2025 De minimaal aanbevolen categorie betreft 'C - Voldoende' met een ratio tussen 1 en 1,4.
Kengetallen Kengetallen geven inzicht in onderdelen van de balans en exploitatie en ondersteunen de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. Daarnaast maken zij vergelijking met andere gemeenten mogelijk. Een afzonderlijk kengetal geeft slechts een beperkt beeld. De kengetallen moeten daarom in samenhang worden beoordeeld. In onderlinge samenhang laten zij zien hoe de financiële positie zich ontwikkelt en welke risico’s daarbij spelen. Kengetallen geven inzicht in onderdelen van de balans en de exploitatie en ondersteunen de beoordeling van de financiële positie van de gemeente. Daarnaast maken zij vergelijking met andere gemeenten mogelijk. Een afzonderlijk kengetal geeft slechts een beperkt beeld. De kengetallen moeten daarom in samenhang worden beoordeeld. Gezamenlijk geven zij inzicht in de financiële stabiliteit en de risicopositie van de gemeente. Voor de provincie als financieel toezichthouder hebben deze kengetallen een signalerende functie.
Kengetallen
R2024
B2025 *)
R2025
1a)
Netto schuldquote
-16%
7%
-16%
1b)
Netto schuldquote, gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
-19%
4%
-18%
2)
Solvabiliteitsratio
44%
40%
49%
3)
Grondexploitatie (n.v.t.)
0%
0%
0%
4)
Structurele exploitatieruimte
6%
0%
8%
5)
Belastingcapaciteit
103%
103%
97%
*) Betreft waarden zoals vermeld in primitieve begroting, omdat daar een geprognosticeerde balans aanwezig is. 1a Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast (vaste schuld en vlottende passiva) ten opzichte van de eigen middelen (vlottende activa). Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een negatieve schuldquote betekent dat er geen netto-schuld is, maar dat er een overschot is aan liquide middelen en vorderingen. Het kengetal is bij de begroting normaliter hoger omdat daar de aanname geldt dat de restant kredieten (volledig) worden betaald. Dit leidt tot een afname van de liquide middelen. 1b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Dit betreft hetzelfde kengetal als de netto schuldquote, maar nu worden bij de eigen middelen niet alleen de vlottende activa meegenomen, maar ook de uitgezette leningen. Dit kengetal is altijd gelijk of lager dan de netto schuldquote. 2 Solvabiliteitsratio Het solvabiliteitsratio geeft aan in welke mate wij in staat zijn om op de lange termijn aan de financiële verplichtingen te voldoen. Zoals uit de balans valt op te maken, bedraagt het eigen vermogen ruim € 11 miljoen en het totaal vermogen ruim € 23 miljoen. Dit betekent dat de verhouding eigen vermogen/totaal vermogen 0,49 is.
De gangbare minimumnorm voor deze solvabiliteitsratio ligt bij niet-financiële ondernemingen tussen de 0,25 en 0,40. Hoe hoger de ratio hoe solvabeler de organisatie is. Met een ratio van 0,49 voldoet de gemeente Mook en Middelaar ruimschoots aan de gangbare minimumnorm.
41
2.1. Jaarverslag 3 Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. De gemeente Mook en Middelaar heeft geen actieve grondexploitaties (aankopen, bouw- en woonrijp maken en weer verkopen). Het kengetal bedraagt 0%. 4 Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. De structurele exploitatieruimte is gebaseerd op de structurele baten en lasten op grond van de gerealiseerde cijfers in 2025. Op basis hiervan is dit kengetal 8%, er is dus sprake van een structureel voordeel in de Jaarstukken 2025. Dit laat echter ook een realisatie zien die inmiddels ingehaald is of wordt door de meer recente Programmabegroting 2026 en de nieuw op te stellen Programmabegroting 2027 waarbij ramingen zijn of worden aangepast en er een structureel tekort wordt verwacht door achterblijvende inkomsten (met name een veel lagere uitkering uit het gemeentefonds). Een programmabegroting geeft een zuiverder beeld over de structurele begrotingssaldi voor de komende jaren. 5 Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit wordt berekend op basis van de woonlasten van een belastingplichtige (meerpersoonshuishouden met eigen woning) in Mook en Middelaar ten opzichte van het landelijk gemiddelde van het laatst bekende begrotingsjaar.
Bij de Jaarstukken 2025 is dat 2025 . De cijfers zijn afkomstig van COELO.
Onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie De diverse kengetallen zijn onderling consistent en bevestigen het beeld van een relatief gezonde financiële positie. Mook en Middelaar heeft slechts één uitstaande geldlening van € 182k (per 31-122024), die in 2025 geheel is afgelost. Aan de andere kant is er ruim € 4 miljoen aanwezig in ’s Rijks schatkist. Op basis van de categoriale indeling zit de gemeente Mook en Middelaar overwegend in categorie A (niet of minst risicovol) en categorie B. Kengetal 2025
Waarde M&M Categorie A
Categorie B
Categorie C
1a)
Netto schuldquote
-16%
< 90%
90 - 130%
> 130%
1b)
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen)
-18%
< 90%
90 - 130%
> 130%
2)
Solvabiliteitsratio
49%
> 50%
20 - 50%
< 20%
3)
Grondexploitatie (n.v.t.)
0%
< 20%
20-35%
> 35%
4)
Structurele exploitatieruimte
8%
positief
neutraal
negatief
5)
Belastingcapaciteit
97%
< 95%
95 - 105%
> 105%
42
Jaarstukken 2025
2.1.12. Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Wettelijk kader Artikelen 12 en 26 BBV. Artikel 23, lid 1 Financiële verordening Mook en Middelaar 2025. Algemeen Per voorziening zijn visiedocumenten en afzonderlijke beheers- en onderhoudsplannen beschikbaar. Bij de raadsvoorstellen en -besluiten tot vaststelling van de diverse plannen zijn er uitspraken gedaan over de mate van het gewenste onderhouds- c.q. voorzieningenniveau. Bij de behandeling van de diverse onderdelen in deze paragraaf zullen wij hierop terugkomen.
Wegen 1.
Wegen
Beleid In de raadsvergadering van 30 januari 2025 is door de gemeenteraad het Wegenbeheerplan 2025-2029 vastgesteld. Door de vaststelling is het wegonderhoud voor de komende jaren gewaarborgd. Op basis van dit plan worden binnen de gemeente het beheer en onderhoud van wegverhardingen structureel en planmatig uitgevoerd. Tevens is het uitvoeren van het niet planmatig ‘klein onderhoud’ als financieel onderdeel opgenomen in het plan. Voor het structurele onderhoud wordt jaarlijks een onderhoudsprogramma opgesteld. De onderhoudsmaatregelen worden vertaald in een bestek of werkbeschrijving en aanbesteed. Voor de bekostiging van het in stand houden en het onderhoud is al sinds jaren de voorziening Groot Onderhoud Wegen in het leven geroepen. Financiële consequenties De gerealiseerde dotatie bedroeg € 250k conform raming. De geraamde uitgaven bedroegen € 328k, de werkelijke uitgaven in 2025 bedroegen € 229k. Enkele werkzaamheden zijn verplaatst dan wel vertraagd. Dit heeft er toe geleid dat in 2025 een onderschrijding heeft plaatsgevonden. De verwachting is dat in de looptijd van het huidige Wegenbeheerplan alle aangegeven werkzaamheden kunnen plaatsvinden. Immers, kosten kunnen gedurende de periode van het beheerplan (2025 t/m 2029) verschuiven in de tijd. Door steeds harder stijgende inflatie is het de reële verwachting dat de uitgaven in toekomende jaren toenemen.
Vooralsnog is de voorziening wegen op peil, maar er is weinig ruimte voor eventuele tegenvallers. Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor wegen is vastgesteld op B. In 2025 is er conform het beheerplan 2025-2029 onderhoud uitgevoerd aan de wegen (verhardingen) binnen de gemeente. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij wegen geen sprake van achterstallig onderhoud. 2. Bruggen Beleid In de raadsvergadering van 15 september 2016 is door de gemeenteraad het Meerjarenonderhoudsplan bruggen vastgesteld. Hierbij gaat het om de (verkeers)bruggen Witteweg in Plasmolen en Cuijksesteeg in Mook. Het plan is een doorkijk naar de onderhoudsbehoefte van 2017 tot 2067. Dit alles is gebaseerd op een 'bundeling' van gedane onderzoeken en inspecties. In navolging van de vaststelling van het plan, is de voorziening Groot Onderhoud Bruggen ingesteld. Financiële consequenties De gerealiseerde dotatie bedroeg € 23k conform raming. Aanwending € 7k; betreft met name een uitloop van werkzaamheden van 2024 naar 2025.
43
2.1. Jaarverslag Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor bruggen is vastgesteld op B. Het Meerjarenonderhoudsplan bruggen wordt gevolgd. In 2025 zijn de bruggen geïnspecteerd conform het meerjarenonderhoudsplan. Hieruit zijn geen bijzonderheden voortgekomen. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij de bruggen geen sprake van achterstallig onderhoud. 3. Openbare verlichting Beleid Het dagelijks onderhoud aan de openbare verlichting is ondergebracht in een onderhoudsbestek dat gezamenlijk met de gemeenten Gennep en Bergen is aanbesteed. Er zijn in 2025 vervangingen gedaan, conform de aangenomen richtlijnen van 25 jaar voor armaturen en 50 jaar voor lichtmasten Financiële consequenties Het onderhoud voor de openbare verlichting loopt via de exploitatie. Aangezien de investeringen zodanig laag zijn komen deze rechtstreeks ten laste van de exploitatie. Onderhoudsniveau en voortgang onderhoud Het onderhoudsniveau voor openbare verlichting is vastgesteld op B. Onderhoud overeenkomstig het onderhoudsbestek wordt uitgevoerd, zoals ieder jaar, middels groepsremplace van lampen en het verhelpen van storingen. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij openbare verlichting geen sprake van achterstallig onderhoud.
Riolering Beleid De gemeente heeft watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Deze taken hebben het karakter van zorgplichten. De gemeentelijke watertaken zijn verankerd in de Wet milieubeheer (afvalwater) en de Waterwet (hemelwater en grondwater). Om inzicht te krijgen in en sturing te geven aan deze taken is er een Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) opgesteld. Naast de technische en beleidsmatige aspecten maakt een financiële paragraaf onderdeel uit van het GRP. In de raadsvergadering van 16 december 2021 is door de gemeenteraad het Gemeentelijk Rioleringsplan vastgesteld met de planperiode 2022-2026. Naast het in stand houden en verbeteren van het rioolstelsel, wordt er in het plan nadrukkelijk rekening gehouden met het terugdringen van de kans op wateroverlast door hevige neerslag. Een van de maatregelen hierbij is het afkoppelen van verhardingen die op de riolering zijn aangesloten. Hierbij wordt ook ingezet op het informeren en betrekken van particulieren (inwoners, bedrijven en Destion). Dit om te komen tot bewustwording van de gevolgen van klimaatverandering en een gezamenlijke aanpak van de problematiek. In 2016 zijn hiervoor de 'eerste stappen' gezet in de vorm van bewonersbijeenkomsten. In samenwerking met het Waterschap Limburg is er een subsidie ingesteld voor afkoppelen van verhardingen voor particulieren.
Ook in 2025 is er gebruik gemaakt van deze afkoppelregeling. Dit heeft geresulteerd in 10 afkoppelingen. Ook in 2026 kunnen we de afkoppelingen voortzetten door het inzetten van de hiervoor beschikbaar gestelde gelden. Financiële consequenties De financiële consequenties van de riolering lopen via kapitaallasten van investeringen. In 2025 is het eerste gedeelte van de investering van € 450k voor de Kerkstraat gebruikt. De voorziening voor de riolering (watertaken) is op orde.
44
Jaarstukken 2025 Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor riolering Het onderhoudsniveau voor riolering wordt in stand gehouden door het uitvoeringsprogramma van het Gemeentelijk Rioleringsplan, daarbij is er geen specifiek onderhoudsniveau benoemd. De rioleringsvoorzieningen zijn daarvoor te divers. Hert onderhoudsniveau van de voorzieningen zijn op orde en is er geen achterstallig onderhoud. Het dagelijkse en planmatig onderhoud aan de riolering is inzichtelijk en uitgevoerd, zo ook zijn de mogelijkheden benut voor het afkoppelen van verhardingen die zijn aangesloten op de riolering. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij riolering geen sprake van achterstallig onderhoud.
Water 1. (Oppervlakte)water Beleid De Maashaven in Mook is in beheer en onderhoud van de gemeente. Ook het op diepte houden van de haven maakt hier deel van uit. Hiervoor wordt periodiek de diepgang in de haven gemeten. Op basis van de resultaten hiervan zijn er tot op heden geen maatregelen nodig geweest om de haven bereikbaar en bevaarbaar te houden. Financiële consequenties In 2025 is € 2k aan havengelden ontvangen. Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor (oppervlakte)water is niet concreet vastgesteld. Het betreft een passantenhaven met beperkte omvang die direct in verbinding staat met de rivier de Maas. De diepte van de haven wordt geregeld gemeten. Verder zijn geen bijzonderheden te melden. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij (oppervlakte)water geen sprake van achterstallig onderhoud. 2. Watergangen Beleid Het onderhouden van de watergangen waardoor de door- en afvoer van water is gewaarborgd. Financiële consequenties Er zijn in 2025 uitgaven gedaan ten behoeve van klein onderhoud van de watergangen, zoals het maaien van de slootkanten. Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor watergangen is niet concreet vastgesteld. De lengte van de watergangen is zeer gering en hebben de functie als zogenaamde ‘zaksloten’.
Gezien de beperkte hoeveelheid watergangen, verloopt het onderhoud op basis van behoefte. Er is geen beheerplan voor groot onderhoud. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is er bij watergangen geen sprake van achterstallig onderhoud.
Groen (parken, plantsoenen, bomen en sportvelden) Beleid De zorg voor het in stand houden van het openbaar groen, een veilig bomenbestand en bespeelbare sportvelden (sportpark Middelaar).
45
2.1. Jaarverslag Financiële consequenties Er is in 2025 een budget overschrijding ontstaan, als gevolg van stijgende kosten door indexering van onderhoudstarieven en areaaluitbreidingen. Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor groen is vastgesteld op B en C. Het onderhoud is uitgevoerd conform het Groenbeheerplan en onderliggende uitvoeringsplannen. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 zijn enkele verouderde groenvakken gerenoveerd.
Gebouwen Beleid De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer en het bouwkundig en technisch onderhoud van de in haar bezit zijnde gebouwen. Voor dienstgebouwen en sportaccommodaties was in 2025 het Meerjarig Onderhoudsplan (MJOP) 2024-2027 van toepassing. De onderhoudskosten voor het zogeheten groot onderhoud, die beschreven staan in het MJOP, gaan ten laste van de voorziening Gebouwenbeheer. Financiële consequenties In 2025 zijn binnen de vastgestelde kaders van het MJOP onderhouds- en reparatiewerkzaamheden uitgevoerd. De uitname uit de voorziening gebouwenbeheer was geraamd op € 65k. De werkelijke uitname bedroeg € 126k als restant over 2024 en € 238k over 2025. Hiervan is € 204k uitgegeven ten behoeve van (groot) onderhoud voor het gemeentehuis voor onder andere binnenschilderwerken, een dakrenovatie, koeling en een vervangen verdeelkast. Daarnaast is € 17k voor de gemeentewerf/brandweerkazerne en € 17k voor sportpark De Maasvallei (Eendracht) uitgegeven. Voor sportaccommodatie De Heikant (Astrantia) stond geen onderhoud in het MJOP van 2025. Onderhoudsniveau en voortgang gepland onderhoud Het onderhoudsniveau voor gebouwen is vastgesteld op voldoende. Bij het opstellen van het MJOP is geconstateerd dat er sprake is van uitgesteld onderhoud.
Met het vaststellen van het MJOP 2024-2027 is geduid welk onderhoud er de komende jaren plaats dient te vinden om de gebouwen conform gangbare normen te kunnen blijven gebruiken. Daarmee is in 2025 weer een slag gemaakt. Omvang achterstallig onderhoud In 2025 is onderhoud conform het MJOP uitgevoerd.
46
Jaarstukken 2025
2.1.13. Paragraaf Financiering Wettelijk kader Artikelen 13 en 26 BBV. Artikel 24 Financiële verordening Mook en Middelaar 2025.
Algemeen De Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) regelt het beheer van financiële middelen en waarborgt dat de gemeente tijdig over voldoende liquide middelen beschikt. De financieringsfunctie richt zich op het beheren van geldstromen, vermogensposities en de bijbehorende risico’s. De gemeente voert deze functie uit binnen de wettelijke kaders van de Wet fido en de Financiële verordening.
Risicobeheer financieringsportefeuille Realisatie beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille In 2025 heeft de gemeente uitsluitend eigen middelen ingezet en geen nieuwe leningen aangetrokken. Tijdelijk overtollige liquide middelen zijn ondergebracht in ’s Rijks Schatkist (schatkistbankieren). De kasgeldlimiet en de renterisiconorm zijn niet overschreden. Leningen Per 31 december 2025 heeft de gemeente geen langlopende leningen meer. De enige langlopende lening is in 2025 volledig afgelost. Renterisiconorm (Wet fido) De renterisiconorm begrenst het renterisico op de vaste schuld en beperkt het risico bij herfinanciering. De jaarlijks verplichte aflossingen en renteherzieningen mogen samen niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Uit de onderstaande tabel blijkt dat de gemeente in 2025 ruim binnen de renterisiconorm is gebleven. Bedragen x € 1.000 Renterisiconorm 1
Renteherzieningen op leningen o/g
2
2025
2024
0
0
Betaalde aflossingen
182
182
3
Renterisico (1+2)
182
182
4
Renterisiconorm
5.057
5.195
5a = 4 > 3
Ruimte onder renterisiconorm
4.876
5.013
5b = 4< 3
Overschrijding renterisiconorm
n.v.t.
n.v.t.
25.287
25.974
Berekening 4a
Begrotingstotaal (lasten prim. begroting)
4b
Het bij ministeriële regeling vastgesteld percentage
20%
20%
4
Renterisiconorm
5.057
5.195
47
2.1. Jaarverslag
Inzicht rente Rentelasten In 2025 heeft de gemeente rentelasten betaald over de (inmiddels afgeloste) langlopende lening bij de BNG. Deze lening had een vast rentepercentage van 5,58% en liep tot 1 maart 2026. De rentelast over 2025 bedroeg € 2k. Renteresultaat en rentetoerekening Het renteresultaat is het verschil tussen rentelasten en rentebaten en de rente die aan taakvelden wordt toegerekend. Het renteresultaat over 2025 bedraagt € 149k positief. Dit voordeel is vooral het gevolg van ontvangen rente over tegoeden in ’s Rijks Schatkist. Er is geen rente toegerekend aan vaste activa; de renteomslag bedraagt 0%. Het renteresultaat is verantwoord op het (wettelijke) taakveld 0.5 Treasury.
Bedragen x € 1.000 Toerekening rente a
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
b
De externe rentebaten over de korte en lange financiering
-/-
151
Saldo rentelasten en rentebaten
-/-
149
c1
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend
-/-
0
c2
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
-/-
0
c3
2
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend
0
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente
-149
d1
Rente over eigen vermogen
0
d2
Rente over voorzieningen
0
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
-149
e
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
-/-
0
f
Renteresultaat op het taakveld Treasury
-/-
149
Financieringsbehoefte Kasgeldlimiet (Fido) De kasgeldlimiet begrenst de omvang van de kortlopende financiering die de gemeente mag aantrekken. De norm bedraagt 8,5% van het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Uit onderstaande tabel blijkt dat de gemeente in 2025 binnen de kasgeldlimiet is gebleven en geen kortlopende leningen heeft aangetrokken.
48
Jaarstukken 2025
Bedragen x € 1.000 Kasgeldlimiet Omvang primitieve begroting per 1 januari 2025 (= grondslag) 1.
2.
3.
25.287
Toegestane kasgeldlimiet - in procenten van de grondslag
8,50%
- in bedrag van de grondslag
2.149
Omvang vlottende korte schuld - opgenomen gelden korter dan 1 jaar
0
- schuld in rekening-courant
0
- gestorte gelden van derden korter dan 1 jaar
0
- overige geldleningen, niet zijnde vaste schuld
0
Totale omvang van de vlottende schuld
0
Vlottende middelen - contante gelden in kas
0
- tegoeden in rekening-courant (bank)
4.
513
- overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar (SKB)
4.096
Totale omvang van de vlottende middelen
4.608
Toets kasgeldlimiet - totaal netto vlottende schuld (2)-(3)
-4.608
- toegestane kasgeldlimiet (1)
2.149
Ruimte (+)/Overschrijving (-) = (1)-(4)
6.758
De kasgeldlimiet wordt per kwartaal gemonitord. In 2025 beschikte de gemeente over ruime liquide middelen. Overtollige middelen zijn wettelijk verplicht aangehouden in ’s Rijks Schatkist (schatkistbankieren).
Bedragen x € 1.000 Liquiditeitspositie
1e kwartaal 2025
2e kwartaal 2025
3e kwartaal 2025
4e kwartaal 2025
Kasgeldlimiet
2.149
2.149
2.149
2.149
Gemiddelde netto vlottende schuld
-5.527
-6.758
-7.297
-6.235
Ruimte onder de kasgeldlimiet
7.676
8.908
9.446
8.385
Liquiditeitenplanning (raming) In de Programmabegroting wordt jaarlijks een meerjarenliquiditeitenplanning opgesteld op basis van begrotingscijfers. Deze planning laat de verwachte ontwikkeling van de liquiditeiten zien. De geraamde cijfers over 2025 bedragen:
49
2.1. Jaarverslag
Bedragen x € 1.000 Primitieve begroting 2025
Inkomsten en uitgaven Beginsaldo liquiditeiten (conform raming begroting)
3.502
Bij: Inkomsten volgens exploitatie
24.924
Mutatie leningen
0
Mutatie werkkapitaal
0
Subtotaal bij
24.924
Af: Uitgaven volgens exploitatie
24.103
Uitgaven voor investeringen
229
Mutatie leningen
182
Aanwending voorzieningen
293
Mutatie werkkapitaal
2.058
Subtotaal af
26.864
Totaal (conform raming)
1.562
Kasstroomoverzicht (realisatie) In onderdeel 2.2.5 is een kasstroomoverzicht opgenomen waarin het stelsel van baten en lasten wordt vertaald naar inkomsten en uitgaven. Onderstaande tabel geeft een samenvatting van het werkelijke verloop van de liquiditeiten:
Bedragen x € 1.000 Realisatie 2025
Kasstroomoverzicht Beginsaldo liquiditeiten (inclusief uitzetting in ’s Rijks Schatkist)
6.268
Inkomsten -/- uitgaven op operatiebasis
755
Saldo investeringskasstroom
-/-
2.233
Saldo financieringskasstroom
-/-
182
Saldo 31 december
4.608
Het verschil tussen raming en realisatie hangt samen met het uitgangspunt dat restantkredieten in de raming volledig worden benut. In de praktijk treedt vaak vertraging op in het bestedingspatroon. EMU-Saldo Het EMU-saldo is het verschil tussen inkomsten en uitgaven van de overheid. Het EMU-saldo van de gemeente telt mee in het EMU-saldo van de totale overheid. De berekening van het EMU-saldo is opgenomen in de Programmabegroting. Het EMU-saldo wordt niet afzonderlijk toegelicht in de Jaarstukken.
50
Jaarstukken 2025
2.1.14. Paragraaf Bedrijfsvoering Wettelijk kader Artikelen 14 en 26 BBV. Artikel 25 Financiële verordening Mook en Middelaar 2025.
Personeel en organisatiebeleid Het begin van 2025 stond in het teken van de aangekondigde bezuinigingen. We hebben de personeelsbudgetten scherp bekeken, en waar mogelijk hebben we de kosten verlaagd zonder daarbij het niveau van de dienstverlening te verminderen. Later in 2025 ontstond er weer wat financiële ruimte waardoor we weer wat extra formatie hebben kunnen inzetten op plekken waar het toch knelde. De externe inhuur is zoveel als mogelijk beperkt gebleven. Inhuur is alleen ingezet om de continuïteit te garanderen en om uiterst specifieke werkzaamheden naar behoren te kunnen uitvoeren. In relatieve zin is ook dit jaar de externe inhuur bij onze gemeente beperkt. In 2025 hebben we verder kunnen bouwen aan een toekomstbestendige en aantrekkelijke kleine gemeente. Er is geïnvesteerd in de slagkracht en het aanpassingsvermogen van de organisatie, in samenwerking en in aantrekkelijk werkgeverschap. Op personeelsgebied wordt samengewerkt met omliggende gemeenten onder andere bij het opstellen van personeelsbeleid en uitwisseling van medewerkers. In 2025 is aandacht besteed aan duurzame inzetbaarheid en vitaliteit, opleiding en ontwikkeling en arbeidsmarktbenadering. We hebben deelgenomen aan de werkbelevingsweek. De regelingen over opleidingen en beloningen zijn geactualiseerd. Daarnaast zijn een coaching programma en een on-boarding programma opgezet.
In het managementteam vonden twee wisselingen plaats; de nieuwe leidinggevenden zijn na een prettige overdracht voortvarend met hun werkzaamheden begonnen.
Digitalisering / informatievoorziening In 2025 hebben we een nieuw en modern zaaksysteem ingevoerd. Hierdoor verlopen steeds meer processen digitaal en overzichtelijk. Op verschillende plekken hebben we oude programma’s vervangen door Software as a Service (SaaS)-oplossingen. Dit betekent dat we minder onderhoud hoeven te doen en makkelijker mee kunnen gaan met updates. Als we software vervangen, proberen we zoveel mogelijk aan te sluiten bij wat onze buurgemeenten gebruiken. Samen met iRvN hebben we achter de schermen de voorbereidingen getroffen voor de overstap naar de nieuwe Microsoft 365 werkplek. Dit is een traject dat vooral technisch en organisatorisch goed moet worden geregeld. Daarnaast zijn we aangesloten op het Algoritme-register. Zo is duidelijk waar binnen de gemeente algoritmes worden gebruikt. Ook zijn we verbonden met de Woo-index en voldoen we aan de eisen van de eerste tranche van de Wet open overheid (WOO). Hierdoor zijn we klaar voor verdere stappen in het actief openbaar maken van informatie. Tot slot hebben we voorzichtig ervaring opgedaan met kunstmatige intelligentie door een kleine proef te doen. Dit helpt ons om te ontdekken wat AI in de toekomst voor ons kan betekenen. Zie ook de paragraaf Informatieveiligheid (2.1.17) en de paragraaf Wet open overheid (2.1.18).
Budgetten raad Overzicht budgetten raad Op grond van de 'Financiële verordening Mook en Middelaar 2025' worden de volgende budgetten in deze paragraaf vermeld:
51
2.1. Jaarverslag Bedragen x € 1.000 Budgetten raad Raad (salarissen, vergoedingen, werkbudget enz.)
Realisatie 2024
Begroting Begroting primitief na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
264
245
245
264
-19
4
6
6
4
2
149
139
139
157
-18
Controlekosten (o.a. accountant)
0
75
75
57
18
Rekenkamer(commissie)
0
15
15
6
9
Totaal budgetten raad
418
480
480
488
-8
Raadscommissies (vergoedingen) Griffie (salarissen, incl. ondersteuning griffie)
Misbruik en oneigenlijk gebruik In 2024 is het M&O-beleid vastgesteld, gericht op het voorkomen en bestrijden van misbruik en oneigenlijk gebruik van gemeentelijke regelingen. In 2025 is dit beleid toegepast door middel van risicogerichte controles binnen de verbijzonderde interne controle, met specifieke aandacht voor processen met een verhoogd risico, zoals uitkeringen, Wmo/Jeugd, subsidies en vergunningverlening. Op basis van de uitgevoerde controles zijn geen materiële gevallen van misbruik en oneigenlijk gebruik geconstateerd. Eventuele bevindingen zijn opgevolgd conform het geldende beleid en hebben niet geleid tot overschrijding van de verantwoordingsgrens.
Nadere toelichting rechtmatigheidsverantwoording Inleiding In de jaarrekening hebben wij de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen met betrekking tot de begrotingsonrechtmatigheden. In de financiële verordening heeft de gemeenteraad met het college van burgemeester en wethouders afgesproken dat begrotingsonrechtmatigheden vanaf € 50k in deze paragraaf Bedrijfsvoering worden toegelicht (conform artikel 11 'Financiële verordening Mook en Middelaar 2025', raadsbesluit d.d. 5 maart 2026). Naast deze toelichting gaan wij hieronder in op de bevindingen van het voorwaardencriterium en het misbruik- en oneigenlijk gebruik (M&O)-criterium. De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld volgens de 'Kadernota rechtmatigheid 2025' van de commissie BBV en de financiële- en controleverordeningen van onze gemeente. Daarnaast geldt het door de gemeenteraad op 17 april 2025 vastgestelde normenkader. Begrotingscriterium Het begrotingscriterium heeft betrekking op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting. Het gaat hierbij om de exploitatie, investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand komen. Uitgangspunt is dat iedere overschrijding van lasten en/of investeringen ten opzichte van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd.
Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt als er sprake is van een overschrijding van lasten waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren of als er sprake is van een overschrijding van lasten op een open-einde regeling. Onderstaand lichten wij de afwijkingen toe vanaf € 50k. Ook geven wij aan wat wij doen om de afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
52
Jaarstukken 2025
Soort 1A 1A
Omschrijving
Overschrijding/ onderschrijding
Overschrijding lasten programma's Sociaal Domein Overschrijding lasten programma Bestuur en organisatie
€ 172k € 99k
1B
Overschrijdingen investeringen
€ 7k
2
Ongeautoriseerde reserve-mutaties Niet tijdig gemelde overschrijdingen baten en/of onderschrijdingen van lasten en baten
€ 0k
3
€ 0k
Toelichting
Maatregel
Betreft open-eind regeling op de onderdelen Jeugd en Wmo.
n.v.t.
Betreft open-eind regeling verplichte dotatie wethouderspensioen conform dekkingsgraad ABP per 31 december 2025. < € 50k (hier tegenover staan baten wegens inruil) n.v.t.
n.v.t.
Overschrijdingen van baten en/of onderschrijdingen van lasten en baten zijn tijdig vermeld in de Zomerrapportage 2025, in de Eindejaarsrapportage 2025 en, indien niet eerder mogelijk, in de Jaarstukken 2025.
n.v.t.
n.v.t. n.v.t.
In 2025 hebben we begrotingsafwijkingen aan de gemeenteraad gemeld in de tussentijdse Zomer- en Eindejaarsrapportage. Daar waar nodig zijn door de raad begrotingswijzigingen vastgesteld. Daarnaast hebben we afgesproken dat afwijkingen na de tussentijdse rapportage tijdig gemeld zijn indien ze bij de jaarrekening zijn toegelicht. De voorgaande toelichting maakt onderdeel uit van de toelichting op baten en lasten in de jaarrekening. Voor een nadere specificatie van de verschillen verwijzen wij u naar onderdeel 2.2.5 van de Jaarstukken. Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. Deze eisen zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op aspecten als doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden, bewijsstukken, recht, hoogte en duur. Bevinding Niet of onjuist aanbesteed
Bedrag € 202k
Toelichting Betreffen een tweetal diensten welke niet Europees zijn aanbesteed terwijl dit volgens de aanbestedingswet wel had gemoeten.
Maatregel Tweemaal per jaar de spendanalyse uitvoeren om tijdig te kunnen signaleren. Daarnaast duidelijke afspraken maken met betrekking tot taken en verantwoordelijkheden binnen inkoop.
Misbruik- en oneigenlijk gebruik (M&O)-criterium Het misbruik en oneigenlijk gebruik heeft betrekking heeft op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en gemeentelijke eigendommen bij financiële beheershandelingen. Bevinding Subsidie onterecht uitgekeerd Onjuist bedrag uitgekeerd
Bedrag €0
Toelichting Niet geconstateerd
Maatregel n.v.t.
€0
Niet geconstateerd
n.v.t.
Bevinding Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grenzen.
53
2.1. Jaarverslag
2.1.15. Paragraaf Verbonden partijen Wettelijk kader Artikelen 15 en 26 BBV. Algemeen Deze paragraaf gaat in op de partijen waarmee de gemeente een bestuurlijke relatie onderhoudt én waarin zij een financieel belang heeft. Onder bestuurlijke relatie wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie en/of het hebben van stemrecht. Van financieel belang is sprake wanneer de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt zijn in geval van faillissement van de verbonden partij en/of wanneer financiële problemen bij de verbonden partijen kunnen worden verhaald op de gemeente.
Visie/beleid Mook en Middelaar heeft als zelfstandige Limburgse gemeente nabij Nijmegen zowel een noordelijke als een zuidwaartse oriëntatie. Het college onderkent het belang van een goede samenwerkingsrelatie met onze samenwerkingspartners in de regio Nijmegen en in Noord- en Midden-Limburg.
Lijst van verbonden partijen Mook en Middelaar participeert in diverse verbonden partijen. Deze verbonden partijen zijn onderverdeeld in vier wettelijk verplichte categorieën, te weten: • Gemeenschappelijke regelingen; • Vennootschappen en coöperaties; • Stichtingen en verenigingen; en • Overige verbonden partijen. Gemeenschappelijke regelingen Van een gemeenschappelijke regeling is sprake wanneer de besturen van twee of meer gemeenten samen een regeling treffen ter behartiging van één of meer belangen van die gemeenten. Hieronder worden de gemeenschappelijke regelingen beschreven waarin de gemeente Mook en Middelaar participeert. Bedragen x € 1.000 Jaarstukken aanwezig
Belang
ja
3,00% (6/200e deel)
832
ja
5,56% (1/18e deel)
35
GR Euregio Rijn-Waal (Kleve)
Sociale leefomgeving Fysieke leefomgeving Toerisme, natuur en duurzaamheid
nee
1,47%
3
GR Milieusamenwerking Afvalverwerking Regio Nijmegen (MARN)
Toerisme, natuur en duurzaamheid
ja
9,52% (2/21e deel)
0
GR Veiligheidsregio LimburgNoord
Sociale leefomgeving Sociaal domein
ja
6,67% (1/15e deel)
597
BVO Doelgroepenvervoer Regio Arnhem-Nijmegen
Sociale leefomgeving Sociaal domein
ja
5,56% (1/18e deel)
214
Naam
Relatie met programma
Modulaire GR Regio Rijk van Nijmegen
Sociaal domein (Werkbedrijf) Overhead (iRvN)
GR Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen
Fysieke leefomgeving
54
Bijdrage 2025
Jaarstukken 2025 Jaarstukken aanwezig
Belang
GR Regionale uitvoeringsdienst Sociale leefomgeving Limburg Noord Fysieke leefomgeving
nee
6,25% (1/16e deel)
25
GR Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen Algemene dekkingsmiddelen (BsGW)
ja
0,50% (1/200e deel)
176
Naam
Relatie met programma
Bijdrage 2025
Voor een meer uitgebreide toelichting over de gemeenschappelijke regelingen verwijzen wij u naar 'Bijlage 5 Verbonden partijen' van deze Jaarstukken 2025. Vennootschappen en coöperaties Vanuit het oogpunt van het behartigen van het publieke belang is de gemeente Mook en Middelaar geheel of gedeeltelijk in het bezit van de aandelen van een aantal vennootschappen. Bij B.V.'s en N.V.'s is er een bestuurlijk belang middels stemrecht door het bezit van aandelen. Bedragen x € 1.000 Jaarstukken 2025 aanwezig
Belang
N.v.t. (algemene dekkingsmiddelen)
ja
p.m.
NV Waterleiding Maatschappij Toerisme, natuur en Limburg (WML) duurzaamheid
nee
0,60%
Enexis Holding N.V.
Toerisme, natuur en duurzaamheid
ja
0,09%
CSV Amsterdam B.V.
Afgeleide van Enexis
nee
0,09%
Inkoopcentrum Zuid (Coöperatie)
Alle programma's
nee
Leisurelands B.V.
Toerisme, natuur en duurzaamheid
nee
0,90%
DAR N.V.
Toerisme, natuur en duurzaamheid
nee
p.m.
Nazorg (bodemzorg) Limburg N.V.
Toerisme, natuur en duurzaamheid
nee
0,69%
Naam
Relatie met programma
NV BNG-bank
Bijdrage 2025
8
Voor een meer uitgebreide toelichting over de vennootschappen en coöperaties verwijzen wij u naar 'Bijlage 5 Verbonden Partijen' van deze Jaarstukken 2025. Stichtingen en verenigingen Stichtingen en verenigingen zijn rechtspersonen die zijn opgericht met een bepaald doel. Verenigingen hebben leden, stichtingen niet. Stichtingen en verenigingen mogen winst maken, maar ze moeten de winst gebruiken voor het doel dat zij nastreven. Zij mogen de winst dus niet uitkeren aan oprichters, bestuurders of leden. Bedragen x € 1.000 Naam
Relatie met programma
Vereniging van Gemeenten Aandeelhouders in Limburg binnen Essent N.V. (VEGAL)
Afgeleide van Enexis
Jaarstukken 2025 aanwezig
ja
55
Belang
Bijdrage 2025
2.1. Jaarverslag Voor een meer uitgebreide toelichting over de stichtingen en verenigingen verwijzen wij u naar 'Bijlage 5 Verbonden partijen' van deze Jaarstukken 2025. Overige verbonden partijen Als er sprake is van een samenwerkingsverband waarbij de gemeente een bestuurlijk én financieel belang heeft, maar niet is gekozen voor een gemeenschappelijke regeling, voor een vennootschap of coöperatie of voor een vereniging of stichting, dan is er sprake van 'overige verbonden partijen'. Naast de hierboven vermelde verbonden partijen zijn er geen overige verbonden partijen. Voor een nadere toelichting over de overige verbonden partijen verwijzen wij u naar 'Bijlage 5 Verbonden partijen' van deze Jaarstukken 2025.
56
Jaarstukken 2025
2.1.16. Paragraaf Grondbeleid Wettelijk kader Artikelen 16 en 26 BBV. In deze paragraaf Grondbeleid wordt aangegeven hoe het gemeentelijk grondbeleid in de diverse programma’s inhoud krijgt. Naast de beleidsmatige zaken en ontwikkelingen van de verschillende projecten, wordt de financiële stand van zaken op hoofdlijnen belicht.
Visie op grondbeleid Grondbeleid is een gemeentelijk instrument in de ruimtelijke ordening waarmee een gemeente de gewenste ontwikkelingen kan bevorderen en ongewenste ontwikkelingen kan tegengaan. Grondbeleid draait om het maken van keuzes op hoofdlijnen en het creëren van een kader voor het grondbeleid voor de komende periode. In de Nota Grondbeleid zijn de beleidskaders uitgezet waarmee wordt aangegeven welke ambitie de gemeente Mook en Middelaar heeft en hoe deze ambitie waargemaakt kan worden. De gemeente Mook en Middelaar voert geen actief grondbeleid in die zin dat actief gronden worden aangekocht en verkocht. Het grondbeleid van de gemeente Mook en Middelaar kan het beste worden getypeerd als Selectief Strategisch Grondbeleid. De gemeente Mook en Middelaar heeft geen actieve grondexploitaties (aankopen, bouw- en woonrijp maken, verkopen).
Uitvoering grondbeleid Er wordt, overeenkomstig de Nota Grondbeleid, een selectief strategisch grondbeleid gevoerd. Dit houdt in: aankoop en verkoop van gronden als er een duidelijk algemeen belang mee wordt gediend. Tevens wanneer daarmee de bestaande belangen worden behouden en zo mogelijk worden geoptimaliseerd en versterkt, rekening houdend met de bestaande groene buffers, met de landgoederen en met het behoud van agrarische en archeologische waarden. Bij het aan- en verkopen van gronden door de gemeente is daarom het behoud en beheer van strategisch gelegen gronden altijd het uitgangspunt. Gelet op de aard van de ontwikkelingen (beperkte omvang en beperkte impact) in de gemeente, de schaalgrootte van de gemeente, het beschikken over relatief weinig onroerende zaken, de beperkte financiële middelen, de huidige conjunctuur in de markt en de interne capaciteit, zal de gronduitgifte binnen de gemeente gering zijn. Aan- en verkopen van gronden die het bedrag van € 200k overschrijden, worden overeenkomstig artikel 9 van de Financiële verordening Mook en Middelaar 2025 voorgelegd aan de raad.
Prognose resultaten projecten/grondposities PROJECTEN: Per afzonderlijk project staan in het kort de ontwikkelingen in 2025 beschreven. • Molenhoek - Halderweg 2 Betreft voormalige volkstuinencomplex, thans De Maastuin. De eerste fase van de woonwijk De Maastuin is in aanbouw, de eerste 30 woningen zijn net voor de kerst 2025 opgeleverd. Voor fase 2a zijn de voorbereidingen getroffen en start de bouw in 2026. Op het perceel van het voormalige volkstuinencomplex zullen uiteindelijk 3 woontorens worden gerealiseerd. Dit betreft de laatste fase van de woonwijk.
57
2.1. Jaarverslag • Mook - Startsche Veld Betreft ontwikkeling woningbouwlocatie. In 2025 zijn we met de drie andere eigenaren in het gebied gestart maken met het opstellen van de gebiedsvisie. Hiervoor is een stedenbouwkundig bureau in de arm genomen. In 2025 is een start gemaakt met de analyse van het gebied. De bedoeling is dat in 2026 de gebiedsvisie gereed is. Eind 2025 heeft één eigenaar zich teruggetrokken uit het gezamenlijke traject en werkt inmiddels aan de ontwikkeling van een eigen plan. • Plasmolen - Rijksweg 156 Betreft voormalig Chinees restaurant. De gemeente heeft in juli 2018 het voormalige Chinees restaurant aangekocht. De gemeente wil in het kader van de revitalisering van Plasmolen het perceel te koop aanbieden. Er is een taxateur ingeschakeld om de marktwaarde van het pand vast te stellen. De criteria van het Didam-arrest zijn hier ook van toepassing zijn bij de verkoop om gelijke kansen te bieden aan geïnteresseerden. Eind 2025 is de publicatie op grond van het Didam-arrest verricht. GRONDEN • Algemeen Op een beperkt aantal locaties heeft de gemeente gronden in eigendom (al dan niet inclusief opstallen). Het betreft de volgende locaties: Kerkplein Middelaar Gezien de aangetroffen bodemverontreiniging is ontwikkeling op korte termijn niet waarschijnlijk.
• Rijksweg 37 Mook De locatie Rijksweg 37 is enige jaren geleden aangekocht in verband met de aanleg van de spoorbrug. De gemeente ziet mogelijkheden om dit perceel tot ontwikkeling te brengen. Wij zijn in gesprek met Destion om hier woonruimte in het goedkope segment te kunnen laten aanbieden. • De Lier - Ringbaan Molenhoek Dit terrein is in de jaren ’90 door de gemeente verworven en ligt deels in de gemeente Heumen. Er is geen concrete ontwikkelstrategie voor de gronden. Vanwege de wens om het betreffende gebied ‘Lierdal’ een open en groen karakter te geven en de passieve grondhouding, is het niet aannemelijk dat dit gebied ontwikkeld wordt. • NS-terrein Dit terrein is door de gemeente in 2008 verworven van NS vastgoed als onderdeel van de planvorming rondom het station Molenhoek en de aanleg voor een ontsluitingsweg. In maart 2025 heeft de gemeenteraad het raadsbesluit met betrekking tot de omgevingsvisie geamendeerd vastgesteld. Eén van de wijzigingen is om het zuidelijk deel van de spoorzone aan te wijzen als zoekgebied voor woningbouw en het overige deel van de spoorzone wordt aangewezen als natuurgebied en wordt ingezet voor het versterken van biodiversiteit en de leefomgeving.
Later bij bespreking van de opdracht voor het onderzoek is door de raad besloten dat er geen woningbouw in de spoorzone gerealiseerd gaat worden en dat de bestemming van de spoorzone omgezet moet worden van bedrijventerrein naar natuur. • Erfpachten De uitgifte van gronden vindt plaats door verkoop van gronden. Slechts in incidentele gevallen worden gronden in erfpacht, al dan niet gecombineerd met een recht van opstal, uitgegeven. Dit betreft dan gronden met een maatschappelijke bestemming die aan verenigingen of stichtingen worden uitgegeven. Op dit moment zijn er geen gronden in eigendom, belast met recht van erfpacht. • (Geliberaliseerde) Pacht Vanaf 2017 zijn diverse gronden in pacht omgezet van reguliere pacht naar geliberaliseerde pacht. In principe worden er geen gronden meer in reguliere (vaste) pacht uitgegeven. Vrijwel alle vrijkomende gronden worden in geliberaliseerde pacht gegeven.
58
Jaarstukken 2025
Onderbouwing geraamde winstneming en reserves grondzaken Mook en Middelaar heeft geen grondexploitatie (aankoop, bouw- en woonrijp maken en verkoop). Er is ook geen 'Onderhanden werk, waaronder bouwgronden in exploitatie' aanwezig op de balans. Winstneming en reserves in relatie tot risico's van grondzaken zijn dan ook niet van toepassing.
59
2.1. Jaarverslag
2.1.17. Paragraaf Informatieveiligheid Wettelijk kader Deze paragraaf is niet wettelijk verplicht op grond van het BBV, maar wordt opgenomen op grond van de resolutie 'Informatieveiligheid, randvoorwaarde voor de professionele gemeente'. Algemeen In het afgelopen jaar heeft Gemeente Mook en Middelaar doorgewerkt aan informatiebeveiliging en privacy. Dit is een belangrijk onderdeel van ons werk. We zorgen ervoor dat informatie goed beveiligd is, betrouwbaar blijft en alleen door de juiste mensen bekeken kan worden. We volgen de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO) en nemen concrete stappen om aan de regels te voldoen. Samen met onze ICT-partner ICT Rijk van Nijmegen letten we goed op nieuwe digitale bedreigingen en verbeteren we continu onze beveiliging. Beveiliging en privacy De gemeente heeft veel privacygevoelige informatie van haar inwoners. Het is erg belangrijk om deze informatie goed te beschermen. Dit doen we niet alleen om onze taken goed uit te voeren, maar vooral om te voorkomen dat deze informatie in verkeerde handen komt. In 2025 hebben we ons vooral gericht op het verbeteren van informatiebeveiliging. Strengere regels vanuit ENSIA vragen dat we onze procedures beter maken en ons beter aan de regels houden. Vanaf half 2025 hebben we een medewerker informatiebeveiliging, die via ons regionale ICTsamenwerkingsverband werkt.
Zo kunnen we gebruikmaken van kennis en ervaring van andere gemeenten.
60
Jaarstukken 2025
2.1.18. Paragraaf Wet open overheid Wettelijk kader Artikel 3.5 Wet open overheid. Uitvoering in relatie tot de beleidsvoornemens De Wet open overheid (Woo) verplicht gemeenten om steeds meer informatie actief openbaar te maken. Inwoners, bedrijven en organisaties kunnen documenten zo rechtstreeks raadplegen, zonder eerst een verzoek te hoeven indienen. De wet kent zeventien categorieën informatie die in fases (tranches) verplicht openbaar worden. Sinds november 2024 geldt de eerste tranche met vijf categorieën. Op dit moment is het voor onze gemeente verplicht om de volgende categorieën actief, zonder verzoek, te publiceren (conform art. 3.3, lid 1 Woo): 1. wetten en andere algemeen verbindende voorschriften; 2. overige besluiten van algemene strekking; 3. inzicht in organisatie en werkwijze (waaronder taken en bevoegdheden); en 4. bereikbaarheidsgegevens. Daarnaast hebben we 26 Woo-verzoeken ontvangen in 2025 waarop een beslissing is genomen.
61
2.2. Jaarrekening
62
Jaarstukken 2025
Balans en overzicht van baten en lasten
63
2.2. Jaarrekening
2.2.1. Balans De balans is een overzicht van bezittingen (activa) en de wijze waarop deze gefinancierd zijn (passiva). De bezittingen betreffen bijvoorbeeld gebouwen, liquide middelen en vorderingen. De financiering gebeurt door middel van eigen vermogen, leningen of kort krediet. Bedragen x € 1.000 Balans per 31 december
2025
2024
Vaste activa Immateriële vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa
19
23
12.418
10.707
1.300
1.316
Totaal vaste activa
13.737
12.046
Vlottende activa Voorraden
0
0
6.803
8.407
513
520
2.380
1.139
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa
TOTAAL ACTIVA
9.696
10.066
23.433
22.112
Vaste passiva Eigen vermogen (excl. resultaat) Eigen vermogen resultaat Subtotaal Eigen vermogen Voorzieningen Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
10.749
9.294
665
467
11.414
9.761
6.994
7.085
0
182
Totaal vaste passiva
18.409
17.028
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva Totaal vlottende passiva
TOTAAL PASSIVA
64
925
1.200
4.099
3.884 5.024
5.084
23.433
22.112
Jaarstukken 2025 In beginsel wordt het jaarrekeningresultaat toegevoegd aan de Vrij Besteedbare reserve. De raad bepaalt echter, middels het raadsbesluit dat bij deze Jaarstukken 2025 hoort, welke bestemming het jaarrekeningresultaat uiteindelijk krijgt. De uitgebreide balans, met daarin alle verplichte onderdelen zoals vermeld conform het BBV, vindt u terug in bijlage 6 van deze Jaarstukken 2025. Bijlage 6 maakt dan ook uitdrukkelijk onderdeel uit van de jaarrekening.
65
2.2. Jaarrekening
2.2.2. Overzicht van baten en lasten Het overzicht van baten en lasten bevat de baten en lasten, de mutaties in de reserves en het exploitatieresultaat van alle programma's. Naast de realisatie over 2025 zijn ook de vergelijkende cijfers over 2024 en de ramingen over 2025 opgenomen. De ramingen zijn onderverdeeld in de initiële primitieve begroting en de uiteindelijke geactualiseerde begroting (stand Eindejaarsrapportage 2025). De analyse van de verschillen begroot-werkelijk 2025 zijn vermeld in onderdeel 2.2.5 'Toelichting op het overzicht van baten en lasten'. Vertaaltabel begrippen BBV - Jaarstukken BBV Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten Gerealiseerd resultaat
Jaarstukken Totaal baten en lasten Totaal programma Bedragen x € 1.000
Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Totaal lasten
8.376
6.016
6.684
6.286
397
V
Totaal baten
-6.347
-3.841
-4.283
-4.242
-41
N
Totaal baten en lasten
2.028
2.176
2.400
2.044
356
V
Baten / Lasten Programma Sociale leefomgeving
Toevoeging aan reserves
0
0
261
261
0
V
Onttrekking uit reserves
-137
-20
-135
-65
-70
N
Totaal Programma
1.891
2.156
2.527
2.241
286
V
Bedragen x € 1.000 Baten / Lasten
Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Programma Sociaal Domein Totaal lasten
7.800
7.692
8.560
8.732
-172
N
Totaal baten
-1.924
-1.458
-2.188
-2.243
55
V
Totaal baten en lasten
5.875
6.235
6.372
6.489
-117
N
Toevoeging aan reserves
19
0
19
19
0
V
Onttrekking uit reserves
-118
0
-38
-38
0
V
Totaal Programma
5.776
6.235
6.353
6.471
-117
N
Bedragen x € 1.000 Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Totaal lasten
3.243
2.258
4.022
3.350
672
V
Totaal baten
-1.877
-906
-1.931
-2.538
607
V
Totaal baten en lasten
1.366
1.352
2.091
813
1.279
V
0
0
0
0
0
V
Onttrekking uit reserves
-225
-32
-726
-172
-554
N
Totaal Programma
1.140
1.320
1.365
641
725
V
Baten / Lasten Programma Fysieke leefomgeving
Toevoeging aan reserves
66
Jaarstukken 2025 Bedragen x € 1.000 Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Totaal lasten
2.484
1.891
3.795
2.625
1.170
V
Totaal baten
-1.480
-1.199
-2.734
-1.597
-1.137
N
Totaal baten en lasten
1.004
693
1.061
1.028
33
V
Toevoeging aan reserves
271
0
26
26
0
V
Onttrekking uit reserves
-367
0
-135
-52
-83
N
Totaal Programma
909
693
951
1.001
-50
N
Baten / Lasten Programma Toerisme, natuur en duurzaamheid
Bedragen x € 1.000 Baten / Lasten
Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
1.427
1.462
1.504
1.603
-99
N
Programma Bestuur en organisatie Totaal lasten Totaal baten
-225
-1
-91
-86
-4
N
Totaal baten en lasten
1.202
1.461
1.414
1.517
-104
N
Toevoeging aan reserves
1.200
0
1.050
1.050
0
V
Onttrekking uit reserves
-203
-5
-5
-5
0
V
Totaal Programma
2.200
1.456
2.459
2.562
-104
N
Bedragen x € 1.000 Realisatie 2024
Begroting primitief
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil
Totaal lasten
12
40
40
2
38
V
Totaal baten
-17.667
-17.831
-18.746
-19.065
319
V
Totaal baten en lasten
-17.654
-17.791
-18.706
-19.063
357
V
Toevoeging aan reserves
0
0
0
0
0
Onttrekking uit reserves