CConstaterende datMontfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Toelichting op de actualisatie van de archeologische beleidskaart - Gemeente Montfoort (2025) verkleind

Raadsvergadering 15 december 2025, gemeente MontfoortBij agendapunt: Raadsvoorstel Actualisatie archeologische verwachtings- en beleidskaart38.802 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Vondstmeldingen

De enige maritiem-archeologische vondst betreft een zwaard dat in maart 2024 gedurende werkzaamheden aan de beschoeiing van een veenrivier, de Korte Linschoten, in de bagger is aangetroffen (zaakID.: 5652897100). Het zwaard is gesmeed tussen het einde van de 10e eeuw of aan het begin van de 11e eeuw. Het zwaard heeft een lengte van ca. 1 m en weegt ca. 840 gram. Het is een tweesnijdend zwaard geweest, wat wil zeggen dat beide zijden van het lemmet scherp zijn. Aan beide zijden zijn op de kling van het zwaard incrustaties aangebracht met dunne strookjes brons. De incrustaties zijn in de vorm van ronde symbolen die aan de ene zijde een zonnerad of zonnekruis vormen, op de andere zijde zijn vijf vierkanten binnen een cirkel met elkaar verbonden. Tevens zijn op beide zijden drie strepen van brons te zien.110 Het zwaard is nu opgenomen in de collectie van het RMO. 111 6.4.2

Onderzoeksmeldingen

Binnen de gemeente zijn vier relevante projecten uitgevoerd, die betrekking hebben op de waterbodem. Allen betreffen onderzoek ten behoeve van baggerwerkzaamheden aan de Hollandsche IJssel. Het gaat om twee bureauonderzoeken (4696684100 en 5086503100) en twee archeologische begeleidingen (4568403100 en 5485486100). Uiteindelijk hebben de uitgevoerde begeleidingen geen archeologische resultaten opgeleverd. 112 6.5

Conclusie

In de gemeente Montfoort zijn tot dusver geen maritiem archeologische vindplaatsen bekend. Wel zijn enkele locaties en constructies bekend die betrekking hebben op het leven met water, bijvoorbeeld een gracht rondom het kasteelterrein van Montfoort en de schutsluis. In de gemeente is één maritiem archeologische vondst aangetroffen, een Middeleeuws zwaard in het noorden van de gemeente in een oude veenrivier. De waterlopen met een hoge archeologische verwachting betreffen de rivieren die als startpunt voor de ontginningen hebben gediend, zoals de Korte Linschoten en historisch bevaarbare waterlopen, zoals de Montvoortse Vaart. Daarnaast geldt voor de waterbodem van waterlopen nabij historische bebouwing en /of onderdeel van verdedigingsstructuren een hoge archeologische verwachting. Het overgrote deel van de waterlopen binnen het gemeentegebied is aangelegd tijdens de ontginning en vanaf dat moment als ontwatering onderhouden. Hierdoor geldt voor de meeste waterbodems een lage archeologische verwachting.

110

De gemeente Montfoort en stichting Landgoed Linschoten 2024.

111

https://archeologieonline.nl/nieuws/zwaard-van-linschoten-duizend-jaar-oud-middeleeuws-wapen-duikt-op-in-utrechtseklei?utm_source=Email&utm_medium=Nieuwsbrief&utm_campaign=NB-2025-06-26-AO - Geraadpleegd op 7-7-2025 112

Velthuis 2018 en Schoute/ Hessing 2023.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

67

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

68

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

7 7.1

Militair Erfgoed Inleiding

Het (modern) militair erfgoed wordt in toenemende mate erkend als waardevol cultuurhistorisch erfgoed. Naast de groeiende interesse van het algemene publiek in de archeologie van dit tijdvak, ontdekken provincies en gemeenten de toeristisch-recreatieve potentie van deze locaties. Dit heeft er onder andere toe geleid dat het (modern) militair erfgoed opgenomen wordt in archeologisch en cultuurhistorisch beleid. Als aanvulling op de archeologische verwachtingskaart uit 2009 is nu ook dit thema geïnventariseerd (Kaart 9). De verschijningsvormen van het (modern) militair erfgoed zijn erg divers. In het kader van het onderhavige onderzoek zijn objecten, lijnen en vlakken van militair erfgoed geïnventariseerd. Veelal betreft het elementen die betrekking hebben op de Tweede Wereldoorlog, maar een aantal elementen gaan terug tot in de (Late) Middeleeuwen. De inventarisatie heeft plaatsgevonden aan de hand van de Cultuurhistorische Waardenkaart van gemeente Montfoort en provincie Utrecht, inventarisaties op landelijk niveau, (historisch) kaartmateriaal, het raadplegen van onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten en het raadplegen van literatuur en (beperkt) archieven. Ook landelijke website als Traces of War, de inventarisatie van de Vergeltungswaffe en het Verliesregister dragen bij aan de kennis over het militair erfgoed. 7.2

Bronnen en bronnengebruik

Verliesregister 1939-1945113 Het Verliesregister 1939-1945 is een onlinedatabase waarin de gegevens van alle tijdens de Tweede Wereldoorlog neergestorte vliegtuigen in Nederland verwerkt zijn. In het Verliesregister staan de basisgegevens van bijna 6.000 toestellen van Nederlandse, Duitse, Franse, Britse en Amerikaanse origine. De database wordt continue aangevuld en bijgewerkt. Voor Montfoort zijn geen locaties geregistreerd. Met als toponiem Linschoten is één crashlocatie geregistreerd, maar er is geen nadere locatie dan tussen Linschoten en Oudewater aan te duiden. Van de overige toponiemen leveren Blokland en Willeskop nog een tweetal locaties op. Deze twee crashlocaties zijn op kaart opgenomen met behulp van Traces of War. Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) De Indicatieve Kaart Militair Erfgoed (IKME) geeft voor Nederland een landelijk overzicht op een kleine schaal van de (verwachte) ligging van resten van ondergronds en bovengronds militair erfgoed. Resten van oorlog en defensie krijgen weliswaar steeds meer aandacht, maar de verwachte ligging van dergelijke resten is vaak niet goed bekend bij degenen die verantwoordelijk zijn voor cultuurhistorische waarden in relatie tot ruimtelijke plannen. IKME is zodoende primair bedoeld voor plannenmakers, beleidsmakers en terreinbeheerders die zich op bovenlokaal schaalniveau bezighouden met erfgoed en ruimtelijke plannen.

Daarvoor voorziet de IKME in een integraal, afgewogen landelijk overzicht van de verwachte ligging van deze resten. Hiermee wordt het erfgoed van oorlog en defensie op een landelijk schaalniveau letterlijk op de kaart gezet. Dit is een eerste stap voor een zorgvuldige, afgewogen omgang met deze cultuurhistorische waarden. Het is de intentie om de kaart met nieuwe informatie en meer tijdlagen aan te vullen, van de Romeinse Tijd tot en met de Koude Oorlog.

113

Bij Area en Location gezocht op Montfoort, Achthoven, en een aantal andere namen/toponiemen in de omgeving, namelijk Mastwijk, Heeswijk, Blokland, IJsselveld, Rapijnen, Knopenbad, Cattenbroek, en Kromwijkerkade. Resultaat Linschoten: 1 locatie. (Voor de namen is gebruik gemaakt van PDOK WMS Geographical names).

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

69

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

Kaart van Verdedigingswerken114 De kaart van verdedigingswerken laat de landschappelijke samenhang zien tussen historische militaire linies, gebouwen en inundatiegebieden. De kaart van verdedigingswerken brengt niet alleen lijnelementen (linies) en objecten (kastelen, bunkers, forten, schansen, etc.) in beeld, maar toont ook inundatiegebieden; plekken die in tijden van oorlog onder water konden worden gezet. Door op een object of lijn te klikken, verschijnt er meer informatie. De verdedigingswerken zijn gebundeld per periode: • Middeleeuwen • Spanje en de Republiek (vanaf 1482) • Franse tijd (vanaf 1795) • Koninkrijk der Nederlanden (vanaf 1815) • Eerste Wereldoorlog (vanaf 1914) • Tweede Wereldoorlog (vanaf 1940) • Koude Oorlog (vanaf 1948) Voor Montfoort heeft deze kaart aanvullingen uit de perioden Middeleeuwen en Spanje en de Republiek (vanaf 1482) opgeleverd. Tracesofwar.nl De website “Traces of War” is een site die door Stichting Informatie Wereldoorlog Twee (STIWOT) beheerd wordt. Naast historische documentatie over individuen, onderscheiding en andere zaken verbonden aan de Tweede Wereldoorlog, richt de site zich voornamelijk op bezienswaardigheden en de locatie van deze objecten. Op de kaart staan zes objecten aangeduid; het betreft vier herdenkingstekens en twee oorlogsgraven.

Onderzoek Ontplofbare Oorlogsresten (OOO) Binnen gemeente Montfoort zijn een vijftal OO onderzoeken uit gevoerd. 115 Hoewel de gemeente Montfoort tijdens de Meidagen van 1940 en tijdens de bevrijding van 1944-1945 geen strijdtoneel is geweest,116 heeft de Tweede Wereldoorlog ook hier archeologisch gezien haar sporen nagelaten. Hierbij moet met name gedacht worden aan de vele zowel Geallieerde als Duitse vliegtuigen die tijdens de luchtoorlog boven ons land zijn gecrasht. Daarnaast zijn binnen de gemeente nog diverse objecten die herinneren aan deze belangrijke, en voor velen nog emotionele periode in onze geschiedenis. Welke hierboven benoemd zijn. Op basis van deze onderzoeken zijn ca. 27 locaties als verdacht gebied aangemerkt, maar verder zijn er geen militaire elementen aangetoond die van archeologische waarde kunnen zijn. Vooral nabij de snelweg A12 wordt veel afwerpmunitie verwacht. Cultuurhistorische Atlas van de provincie Utrecht (CHAT) De Cultuurhistorische atlas (CHAT) van de provincie Utrecht geeft een overzicht van cultuurhistorische data en het beleid dat de provincie hierop voert. De vijf erfgoedspeerpunten die de provincie in haar Erfgoedbeleid heeft geformuleerd zijn Kastelen en buitenplaatsen, Militair erfgoed, Agrarisch cultuurlandschap, Historische infrastructuur en Archeologie. Voor dit onderdeel is voornamelijk het speerpunt Militair erfgoed van belang.

Binnen de gemeente Montfoort zijn verschillende elementen waargenomen op de CHAT van de provincie Utrecht. Deze elementen zijn onderdeel van de Oude Hollandse Waterlinie (punten, lijnen en vlakken), de Koude Oorlog en schijnvliegveld Reijerscop.

114

https://www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/bronnen-en-kaarten/overzicht/kaart-van-verdedigingswerken.

115

Beijen 2023, Huissoon/Boelen 2023, Noot 2018, Sanders 2023, Brandhof 2019.

116

Amersfoort/Kamphuis 2005; Klep/Schoenmaker 1995.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

70

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

De onderdelen van de Oude Hollandse Waterlinie bestaan uit verschillende elementen: Liniewal (ten zuiden van Linschoten over hoger gelegen stroomruggen) Linie van Linschoten Hoofdverdedigingslijnen Linie van de Pleit: Liniewal aan beide zijden van de Hollandsche IJssel ten oosten van Oudewater. Inundatieveld Lopikerwaard (Oost) Niet alle elementen zullen van invloed zijn op de archeologische verwachting binnen de gemeente Montfoort. De Linie van de Pleit en de Linie van Linschoten zijn wel van invloed op de archeologische verwachting omdat hiervan nog resten aanwezig kunnen zijn in de bodem (of zelfs bovengronds). Ditzelfde geldt voor de linie wal van beide linies. De inundatievelden en hoofdverdedigingslijnen zullen minder van invloed zijn op de archeologische verwachting. De inundatievelden zijn gebieden die onder water gezet konden worden waardoor mogelijke archeologische resten vermoedelijk al verspoeld zijn en de gebieden dienen eerder als indicatie dat deze gebieden onderwater gezet konden worden. Ditzelfde geldt voor de hoofdverdedigingslijnen. Niet duidelijk is of deze verdedigingslijnen archeologische resten hebben achtergelaten of meer als een soort grens hebben gediend. In de Cultuurhistorische Atlas van de provincie Utrecht wordt een hoofdverdedigingslijn als volgt omschreven:

“Terreinstrook van een waterlinie met daarin de voornaamste verdedigingswerken. Ook wel hoofdweerstandsstrook genoemd.” 117 Het is mogelijk dat rondom de verdedigingslijn verdedigingswerken aanwezig zijn geweest maar in welke mate deze verdedigingswerken aanwezig of in gebruik zijn geweest is onduidelijk. De verdedigingslijn dient daarom als indicatie voor mogelijk aanwezige (kleine) verdedigingswerken. Overige bronnen Vereniging Oud-Utrecht dient als historische vereniging voor stad en provincie Utrecht. Jaarlijks wordt door de vereniging een jaarboek uitgegeven: Jaarboek Oud Utrecht (jaargang 2024). Deze jaarboeken worden gevuld met artikelen over onderzoeken en onderwerpen uit de regio Utrecht. 118 In de editie van 2024 is een artikel opgenomen over het Beleg van Montfoort in 1490. Elementen die uit dit artikel naar boven komen zijn opgenomen op de kaart. In 5.10 is de inbreng van de lokale deskundigen tijdens een bijeenkomst in januari 2025 genoemd. Ook op dit thema hebben zij bijgedragen aan de inventarisatie. De aanduiding van de nu niet-zichtbare delen van de stadsmuur is daarvan een voorbeeld. Deze zijn gedeeltelijk al eerder besproken. Omtrent het militair erfgoed zijn twee vliegtuigcrashes (monumenten) aan bod gekomen. Volgens de lokale deskundige zijn dit inderdaad de enige bekende crashlocaties binnen de gemeente.

Verder is het Beleg van Montfoort besproken waarbij ook de publicatie van J. Mol (2024) in het Jaarboek Oud-Utrecht (jaargang 2024) is aangekaart. Tevens is aangekaart dat de locatie van het schijnvliegveld vanuit het IKME is aangescherpt. Deze aangescherpte locatie, evenals de bijbehorende bunker, is meegenomen op de kaart, ondanks dat deze gedeeltelijk buiten de gemeentegrenzen ligt. Langs de spoorweg en de snelweg zijn locaties als verdacht aangemerkt omdat hier V1/V2 inslagen verwacht kunnen worden. Indien de inslagen zijn opgevuld met huishoudelijk en militair materiaal kunnen deze archeologisch interessant zijn.

117

Overgenomen uit Blijdenstijn 2017: 416

118

https://oud-utrecht.nl/wie-zijn-wij/vereniging. Geraadpleegd op 07-04-2025.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

71

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

7.3

Resultaten van het onderzoek

Binnen de gemeente Montfoort zijn diverse objecten en structuren van militair erfgoed aanwezig. Deze worden in onderstaande paragrafen per periode of evenement besproken. 7.3.1

Romeinse Tijd

Vanwege de afstand tussen de gemeente en de Limes (ca. 1,5 km ten noorden van de gemeente), ligt de gemeente niet in de directe invloedssfeer van de- als Unesco werelderfgoed bestempelde - noordelijke grens van het Romeinse Rijk. Verder zijn overige elementen, zoals wachttorens of castella, die gelinkt kunnen worden aan de Limes ook niet in de gemeente gevonden (Van Dinter 2013). Wel ligt in het noordoosten van de gemeente een klein deel van een verdwenen Romeins kanaal. 119 7.3.2

Middeleeuwen

Elementen uit deze periode vertonen een grote overlap met de elementen die reeds op de cultuurhistorische kaart zijn aangeduid. Uitgaande van de Middeleeuwse Kaart van Verdedigingswerken zijn er drie elementen aan te duiden in Montfoort, namelijk het kasteel bestaande uit de voorburcht (tevens een Rijksmonument 45831) en de Donjon, welke nu onder de provinciale weg gelegen is (Afbeelding 19). Deze informatie is aangevuld met een stuk stadsmuur dat de binnenstad in loopt in het zuidwesten(zie kaart 9) en de aanduiding van de zes poorten (zie kaart 11) Heeswijkerpoort (258), Bloklanderpoort (259), Willeskopperpoort (260), Waterpoort (261), Waltoren (271) en de naamloze poort (292).

Afbeelding 19 Uitsnede van Montfoort in de periode Middeleeuwen. Bron: Kaart van verdedigingswerken RCE. 7.3.3

Elementen van het beleg van Montfoort 1490

De Jonker Fransenoorlog (1489-1490) is een periode gevuld met opstanden in Vlaanderen, en Brabant en de gewesten Holland, Zeeland en Utrecht en werd gevolgd door de rebellie van het Kaas- en Broodvolk in

119

Cultuurhistorische Atlas van de provincie Utrecht (CHAT), AMK-terrein 1971

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

72

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

West-Friesland en Kennemerland. De gevechtshandelingen die volgden in- en na deze oorlog eindigen in een versteviging van het Bourgondisch-Habsburgse gezag. Hierbij speelde één (militaire) confrontatie een hoofdrol, het Beleg van Montfoort dat plaatsvond van begin mei tot eind augustus 1490. Bij het Beleg stonden de Staten van Holland tegenover een kleine strijdmacht van Jan III, burggraaf van Montfoort en anti-Habsburgse hoge edelman. Na sterk verzet moest Jan van Montfoort zijn verlies nemen. 120 Om de stad Montfoort te bedwingen zijn volgens biograaf Ludwig von Eyb verschillende verdedigingswerken opgericht zoals schansen en bolwerken. Verder is er graafwerk verricht en is er geschoten en geworpen.121 Van het Beleg van Montfoort zijn schetsen gemaakt, onder andere door Paul Dolnstein, een Duitse huurling-timmerman-kunstenaar. Bij deze schetsen zijn bijbehorende teksten geleverd. Het gaat zowel om de notitie op de tekening, als een als bijschrift bedoelde tekst die in een archiefinventaris te Weimar is aangetroffen. De zogenaamde Weimarnotitie beschrijft dat de stad na twee mislukte pogingen in een tijd van een kwart jaar is veroverd.

Hierbij is een bastion ondermijnd en afgegraven en is het water uit de stadsgracht afgedamd en leeggemalen door twee rosmolens (elk vijf ellen hoog) in een schans.122 Bij het Beleg van Montfoort is een (houten) bolwerk met een aarden artillerie schans aanwezig geweest. In Mol 2024 (p. 42, afb. 6) wordt een mogelijk parallel weergegeven van het bolwerk met schans. De locatie van het bolwerk is echter niet zeker omdat resten hiervan nog niet zijn aangetroffen of herkend.123 Mogelijk dat toekomstig onderzoek een locatie kan bepalen van het bolwerk en de schans. De vermoedelijke locaties zijn aangeduid op afbeelding 20 en opgenomen op de inventarisatie kaart (kaart 9). De legermacht zal onder andere begin mei via schepen naar Montfoort zijn vertrokken. Aangezien aan de noordzijde van de stad aangemeerd kon worden door schepen was dit, samen met de westzijde, een kwetsbaar gebied en hier zal het zwaarte punt van het beleg gelegen hebben. De oostzijde is moeilijk bereikbaar en aan de zuidzijde bevond zich het kasteel van Montfoort met zijn slotgrachten. Wegens de dominantie van het kasteel met zijn muren en brede grachten werd een aanval vanaf die zijde als niet succesvol gezien. Hierdoor worden resten van het beleg vooral aan de noord- en westzijde van de stad verwacht.

Aan de oost- en zuidzijde waren wel troepen gestationeerd maar de grootte van deze troepen deed niet suggereren dat daar het zwaartepunt van het beleg heeft gelegen. Schuin tegenover deze vooruitgeschoven fortificatie van Montfoort zal, vermoedelijk iets meer naar het westen, een belegeringsschans zijn opgericht. Deze is vermoedelijk gelijk functioneel geweest ten tijde van het arriveren van het leger op 2 mei 1490.124

120

Mol 2024.

121

Mol 2024: 38.

122

Mol 2024: 30, 40, 47.

123

Mol 2024: 42, 45.

124

Mol 2024: 44-46.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

73

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

Afbeelding 20 Schansen behorend bij het Beleg van Montfoort. Bron: Mol 2024, afb. 10.

In de eerste zes weken van het beleg is onder andere een (storm)brug gebouwd en een Montfoorts buitenbastion veroverd, in brand gestoken en met de grond gelijkgemaakt. Later is een tweede stormbrug aangelegd zodat de stad bestormd kon worden. Gezien de gevechtshandelingen die rondom het Beleg van Montfoort zijn uitgevoerd, dient er ook rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van stenen kogels. In historische teksten is melding gemaakt van steenhouwers die stenen kogels moesten kappen en rondmaken en over gevechtshandelingen waarbij geschoten of geworpen is. Tevens zijn op schetsen van Paul Dolnstein kanonslopen afgebeeld die kunnen duiden op aanwezigheid van stenen kogels. 125 7.3.4

Nieuwe Tijd: Oud Hollandse Waterlinie

Ook heeft de Kaart van Verdedigingswerken enkele aanvullingen uit de Nieuwe Tijd opgeleverd. Voor de periode Spanje en de Republiek (vanaf 1482) is dit de Linie van Linschoten (M1).126 Hier werd in 1574 een schans opgeworpen tegen de vijand, maar pas aan het eind van de 18e eeuw werd de schans zo ingericht dat er sprake was van de Linie van Linschoten. De schans is in 1816 opgeheven, maar in het landschap zijn de overblijfselen nog duidelijk herkenbaar.127 Deze linie stond al aangeduid op de kaart uit 2009 , maar bij een booronderzoek in 2015 ter plaatse van de Linie (zaakID 3985139100) zijn resten van deze linie bevestigd.

125

Mol 2024: 37, 42, 46-49.

126

https://rce.webgispublisher.nl/Viewer.aspx?map=militaire%5Flandschapskaart#

127

https://www.canonvannederland.nl/nl/utrecht/zuidwest/het-rampjaar/verdieping/de-linie-van-linschoten

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

74

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

In het zuidwesten van de gemeente ligt de zuidzijde van de Linie van Pleit (M13), of ook wel Linie aan de Pleit. De linie is aangelegd in 1796, maar is in 1816 weer opgeheven. De linie was onderdeel van de Oude Hollandse Waterlinie, en bestond uit een aarden verdedigingswal en drie bastions. Aan de noord- en zuidzijde stonden halfbastions en in het midden van de linie een bastion met een opstellingsplaats voor geschut. Langs de wal was een gracht en inundatiekom gegraven. De linie was aangelegd ter verdediging van de doorgang langs de Hollandse IJssel (ten zuiden van Montfoort). 128 Het land lag hier wat hoger dan bij Woerden (ten noorden van Montfoort) waardoor het lastiger was om de weilanden te inunderen. Om deze zwakke plek in de linie te verdedigen is de linie van Pleit aangelegd.129 Aan de afwijkende slootvorm is de linie nog te herkennen in het landschap, maar is inmiddels grotendeels afgegraven en geëgaliseerd. Van diepere sporen, zoals de gracht, zullen nog resten in de ondergrond aanwezig zijn. Binnen Montfoort zijn in totaal drie inundatiegebieden aanwezig die behoren bij de Oude Hollandse Waterlinie (1629-1787).130 Archeologisch gezien zullen inundatiegebieden geen resten achterlaten, waardoor deze elementen op de verwachtingskaart niet zijn opgenomen. 7.3.5

Tweede Wereldoorlog

Met betrekking tot het thema Tweede Wereldoorlog zijn diverse elementen binnen de gemeente bekend. Op basis van Traces of War zijn in de gemeente vier herdenkingstekens geplaatst en twee begraafplaatsen met oorlogsgraven bekend. Op de gemeentelijke begraafplaats (M5) in Montfoort liggen acht graven van bemanningsleden van een Stirling Mk I, een BF 415 bommenwerper, die op 3 februari 1943 is neergeschoten. Alle bemanningsleden (één Canadees en zeven Britten) zijn omgekomen bij de crash. 131 Ter gedachtenis aan deze crash is het Monument Stirling BF415 Montfoort opgericht.132 (Deze crashlocatie is te herleiden naar het Verliesregister). Op de Rooms-Katholieke begraafplaats staat een oorlogsgraf met twee burgers (M6) die zijn omgekomen in de meidagen van 1940 (niet overleden in Montfoort). 133 Op het kasteelplein te Montfoort staat het Ooglogsmonument Montfoort, dat geplaatst is ter herdenking aan alle inwoners van Montfoort die zijn omgekomen in de Tweede Wereldoorlog (M7).134 Zeer recent is door Memorials Montfoort een gedenkteken geplaats nabij de Krekenburg 8 (M9) te Montfoort. In de Lopikerwaard zijn in de Tweede Wereldoorlog acht vliegtuigen neergestort Het gedenkteken is opgericht ter nagedachtenis van de bemanningsleden van de vliegtuigen.

135 Ten slotte staat aan de Mastwijkerdijk nog een monument Stirling EH888 Montfoort ter nagedachtenis aan de 7-koppige bemanning van een bommenwerper die in 1943 neerstortte (M10).136 In het Verliesregister is nabij gemeente Montfoort een locatie opgenomen bij Linschoten-Oudewater. Het is echter niet bekend of deze crashsite binnen de gemeentegrenzen ligt. 137 Bij Blokland is een

128

Provinciale Cultuurhistorische Atlas Utrecht (CHAT), Militair Erfgoed.

129

https://www.groenehart.nl/locaties/2331722165/linie-van-pleyt

130

https://rce.webgis.nl/nl/map/erfgoedatlas. Geraadpleegd op 07-04-2025.

131

https://www.tracesofwar.nl/sights/2051/Oorlogsgraven-van-het-Gemenebest-Gemeentelijke-Begraafplaats-Montfoort.htm

132

https://www.tracesofwar.nl/sights/141924/Monument-Stirling-BF415-Montfoort.htm

133

https://www.tracesofwar.nl/sights/47317/Nederlandse-Oorlogsgraven-RK-begraafplaats-H-Johannes-Geboorte-Montfoort.htm

134

https://www.tracesofwar.nl/sights/47195/Oorlogsmonument-Montfoort.htm

135

https://www.tracesofwar.nl/sights/148444/Gedenkteken-Crashes-Lopikerwaard.htm

136

https://www.tracesofwar.nl/sights/141923/Monument-Stirling-EH888-Montfoort.htm

137

https://verliesregister.studiegroepluchtoorlog.nl/ahome/lossregister/results?sglo=T2184

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

75

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

vliegtuigcrash opgenomen waarvan de bemanningsleden in Montfoort begraven zijn (M8).138 Ter herdenking aan deze crash is een monument opgericht (zie boven). Op de Indicatieve Kaart Militair Erfgoed is in het noorden van gemeente Montfoort een gebied gemarkeerd waar (een deel van) het schijnvliegveld Reijerscop (SF.18) heeft gelegen. In 2017 is een bureauonderzoek uitgevoerd voor plangebied Reijerscop (zaakID 4560416100). Hierin is geadviseerd dat in de zone van het schijnvliegveld tijdens de geplande werkzaamheden een proefsleufonderzoek, en zo mogelijk in combinatie met een OCE-begeleiding, dient te worden uitgevoerd.139 De verschillende elementen zijn opgenomen op aangeven van onder andere de lokale deskundigen en een uitgevoerd OOonderzoek te Reijerscop.140 7.3.6

Koude Oorlog

De elementen uit de Koude Oorlog betreffen een noodzetel van de provincie en een Commandopost Bescherming Bevolking aan de Willeskop. Deze elementen zijn aangeduid op twee verschillende locaties, maar het betreft één bunker met een dubbelfunctie. Op de Cultuurhistorische atlas staat de Commandopost aangeduid met een polygoon en de noodzetel met een punt op een andere locatie. Beiden zijn als polygoon op genomen op de inventarisatiekaart, maar vermoedelijk is enkel M17 het juiste terrein. M16 is daardoor niet op de kaart opgenomen. De bunker betreft een speciaal gebouwde voorziening, volgens standaardmodel in combinatie met Kring Utrecht-a en is nog volledig bewaard gebleven (M17).141

138

https://verliesregister.studiegroepluchtoorlog.nl/ahome/lossregister/results?sglo=T2030

139

Kalisvaart 2018.

140

Driel 2017.

141

https://www.ijsselbode.nl/nieuws/algemeen/22205/eenmalige-openstelling-van-geheimzinnige-bunker-in-montfoort.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

76

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

8 8.1

Inventarisatie van verstorende bodemingrepen Inleiding

Grondroerende werkzaamheden in heden of verleden kunnen archeologische waarden hebben verstoord. Daarom is inzicht in bodemverstoringen van belang voor het bepalen van de archeologische verwachting voor een locatie. Voor een inventarisatie van mogelijk verstoorde gebieden zijn verschillende bronnen beschikbaar. Bij het opstellen van de vorige kaart is vooral gebruik gemaakt van topografische kaarten om de nieuwbouwwijken en industrieterreinen in beeld te brengen. Inmiddels zijn meerdere bronnen beschikbaar om verstoringen in kaart te brengen. Op de verstoringenkaart (Kaart 12) zijn alle mogelijke verstoringen opgenomen. 8.1.1

Opbouw van het bestand

Het bestand bestaat uit polygonen waarin de bron en de aard van de verstoringen is opgenomen. 8.2

Bronnen, bronnengebruik en gemeten verstoringen.

In onderstaande paragraaf zal per bron besproken worden welke informatie deze kan geven en hoe deze bron gebruikt is om een verstoring vast te stellen. Indien informatie beschikbaar is over de exacte oppervlakte en de diepte van de verstoring, heeft deze ook een weerslag op de archeologische verwachting en de beleidskaart. Indien deze informatie niet beschikbaar is en de werkelijke verstoring dus niet is vast te stellen, is er geen weerslag op de archeologische verwachting of beleidskaart. 8.2.1

Bodemloket

Het bodemloket bevat bij de overheid beschikbare informatie over de bodemkwaliteit. Het gaat hierbij om in kaart gebrachte bedrijfsactiviteiten, grondaanpassingen en saneringen. Zeker wanneer een sanering is uitgevoerd door het ontgraven van de vervuilde grond is sprake van verstoring van de bodem. Deze vorm van saneren is echter niet veel gebruikt. Vaak wordt afgedekt (bijvoorbeeld een betonnen plaat of vloer van nieuwbouw) of wordt afgedekt (zodanig opgehoogd dat 1 m schone grond aanwezig is). De contouren zijn beschikbaar via de website https://www.bodemloket.nl/kaart, maar ook in een GIS-systeem te laden door gebruik te maken van de WMS-service van de Rijksoverheid.142 De gegevens binnen Bodemloket zijn vaak niet toereikend om op te nemen als verstoring op de archeologische verwachtingskaart. Veel van de meldingen betreffen onderzoek of volledig onderzochte terreinen, waarbij niet bekend is wat precies de resultaten zijn. Terreinen die zijn aangeduid als voldoende gesaneerd kunnen ook niet opgenomen worden, omdat uit deze bron niet te halen is welke saneringsmethode gebruikt is (afgraven of afdekken) en tot welke diepte de ingreep heeft plaatsgevonden. Vanuit de gemeente zijn geen aanvullende gegevens over grootschalige saneringen gemeld. 8.2.2

AHN

Op basis van het hoogtemodel kunnen vergraven gronden in kaart worden gebracht. Niet alleen op basis van de laatste AHN (inmiddels AHN4) 143, waarbij grote afwijkingen geconstateerd kunnen worden ten opzichte van een verder natuurlijk verloop van het hoogtemodel, maar ook door een vergelijking te maken tussen de laatste AHN4 en AHN3 en 2. De AHN is gedetailleerd genoeg om daarmee enkele recent vergraven gronden in kaart te brengen. Daarnaast is deze bron ook geschikt om de diepte van de verstoring te meten door de gedetailleerde opmeting van de terreinen. Door een vergelijking te maken tussen de AHN2 uit 2014 en AHN4 uit 2021 /2022 kunnen vergravingen die tussen 2014 en 2022 hebben plaatsgevonden zichtbaar gemaakt worden.

142

https://www.gdngeoservices.nl/arcgis/services/blk/lks_blk_rd/MapServer/WMSServer?service=wms&request=getcapabilities.

143

Tijdens de inventarisatie fase van dit project, was de AHN4 de meest recent beschikbare versie voor de gemeente Leiderdorp.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

77

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

De opbouw van de AHN zorgt ervoor dat deze niet altijd bruikbaar is. Veelal gaat het om een terreinmodel dat vertekend kan worden door de aanwezigheid van bomen en hoogbouw, hoewel de meest recente versies daar steeds minder last van hebben, doordat ook een terreinmodel beschikbaar is, waar deze elementen uitgemodelleerd zijn. Daarnaast wordt het uiteindelijke raster geïnterpoleerd en heeft de wijze waarop dit wordt uitgevoerd invloed op het uiteindelijke resultaat. Deze interpolatie wordt voor de te gebruiken kaartbladen namelijk niet uitgevoerd tot een vlakdekkend geheel. Hierdoor blijven lege delen over binnen het hoogtemodel. Veelal gaat het hier om wegen en water(lopen). In de oudere versies behoorden ook de toppen van bomen en gebouwen tot niet-gedefinieerde elementen. Als eerste is de meest recente AHN (in dit geval AHN4) bekeken op grote afwijkingen in hoogte tussen naast elkaar liggende gebieden en is bepaald of deze afwijking natuurlijk of mogelijk antropogeen van oorsprong is. Daarnaast zijn de AHN4, 3 en 2 door middel van rastercalculatie met elkaar vergeleken. Terreinen die hieruit naar voren komen kunnen echter niet één op één overgenomen worden als verstoorde terreinen op de archeologische verwachtings- of beleidskaart.

De onzekerheid zit in de diepte van de verstoringen, die op basis van de AHN niet eenduidig vast te stellen is en ook niet direct betekent dat alle archeologische niveaus vergraven zullen zijn. Ze dienen wel als indicatie voor mogelijke verstoringen, waardoor beleidsmatig keuzes kunnen worden gemaakt over het uit te voeren vervolgonderzoek op deze locaties. De mogelijke vergraven percelen van de gemeente Montfoort zijn op kaart 12 opgenomen. 8.2.3

Bodemkaart (historisch en recent)

Vanuit oude bodemkaarten en historisch kaartmateriaal kan oud bodemgebruik in kaart worden gebracht. De mate van verstoring van dit bodemgebruik is afhankelijk van de diepte van de verstoring. In paragraaf 3.1 is de status van de bodemkaart reeds besproken en opgemerkt dat bij uitgevoerde actualisaties nog geen noodzaak is geweest om grenzen aan te passen. Op de bodemkaarten staan geen vergravingen aangeduid in Montfoort.144 Aan het eind van de jaren '60 van de 20e eeuw is een uitgebreid bodemonderzoek uitgevoerd in de Lopikerwaard in het kader van een ruilverkavelingsproject.145 Vanuit dit onderzoek zijn enkele afgegraven zones geïdentificeerd op basis van een booronderzoek met een dichtheid van 1 boring per ha tot 1,20 m diepte. Gezien de geringe dichtheid en diepte van de boringen geeft dit een indicatie van mogelijke verstoorde terreinen, maar er kan zeker niet gesteld worden dat alle archeologische niveaus verstoord zijn. Deze terreinen zullen daarom net als de informatie verkregen uit de AHN als indicatie worden meegenomen op de verwachtings- en beleidskaart. 8.2.4

Waterbodems

Hoewel voor waterbodems ook een archeologische verwachting kan gelden, verstoort het graven van waterlopen uiteraard ook de mogelijk aanwezige archeologie. In hoofdstuk 6 is reeds beschreven hoe de inventarisatie van de waterlopen tot stand is gekomen. Hieruit blijkt dat de meeste grotere waterlopen nog een archeologische verwachting hebben en dus niet als verstoring worden aangemerkt. Kleinere waterlopen, bijvoorbeeld de ontginningssloten zijn vaak niet diep genoeg aangelegd om grootschalig een archeologisch niveau te verstoren. De zandwinningsput bij de Mastwijkerdijk 138 is een voorbeeld van een waterbodem waarbij de ontgraving de archeologische niveaus wel verstoord zijn. Net als de recent uitgegraven waterplas helemaal in het zuiden van de gemeente bij de Nauwe Blokwetering. 8.2.5

Archeologisch onderzoek

Het archeologisch onderzoek valt uiteen in een aantal stappen, waarbij een bureauonderzoek en karterend, verkennend of waarderend booronderzoek geen tot nauwelijks verstoringen op leveren. Een

144

Stiboka 1969, Stiboka 1970, Harbers 1981.

145

Bles/ Zeger 1971.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

78

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

proefsleuvenonderzoek is wel verstorend voor het bodemarchief, maar is er ook op gericht om de archeologische vindplaatsen of sites te behouden voor verder onderzoek. Daarmee is ook dit soort onderzoek maar minimaal verstorend. Daar waar een proefsleuvenonderzoek maar een deel van het bodemarchief verstoort, met het doel om de aanwezige resten in kaart te brengen, leidt een definitieve opgraving tot het verwijderen van archeologische resten. Definitief archeologisch onderzoek (opgraving) is eigenlijk de meest destructieve ontgraving ten opzichte van archeologische resten. Hoewel daarmee archeologische vindplaatsen en sites worden vastgesteld en gedocumenteerd, zijn de resten na een opgraving definitief verdwenen. Als laatste kan ook nog een archeologische begeleiding plaatsvinden. Dit kan uitgevoerd worden bij diverse ontgravingsactiviteiten. Bij een archeologische begeleiding vinden direct ook de ontgravende en verstorende werkzaamheden plaats. Aangezien bij een begeleiding de verstorende maatregelen leidend zijn, is het goed mogelijk dat na een beperkte diepte van de begeleiding nog resten in de bodem overblijven. Bij deze onderzoeken wordt een onderscheid gemaakt in volledige vergraven terreinen of er door de beperkte verstoringsdiepte de archeologische resten in de ondergrond aanwezig zijn en er in feite sprake is van behoud in situ.

Voor het in kaart brengen van de verstoringen op basis van archeologisch onderzoek is gekeken naar de werkelijke omtrek van het opgegraven terrein, niet de onderzoekscontour uit ARCHIS. In totaal zijn sinds 2009 bij 22 booronderzoeken verstoringen aangetoond. Zoals uit kaart 12 blijkt, bevestigen enkele onderzoeken de verstoring uit andere bronnen. In twee gevallen betreft het enkel de bovengrond en is het advies om de archeologische verwachting te handhaven (2431339100 en 4948829100) in de overige gevallen gaat het om vrijgegeven terreinen. Enkel verstoringen die tot in de archeologische niveaus hebben gereikt zijn uiteindelijk meegenomen in de vrijgegeven onderzoeksgebieden. Er zijn sinds 2009 drie opgravingen uitgevoerd, aan de Lieve Vrouwegracht (2432084100), bij de Rotonde 204 (3989854100 en 4007226100) en langs de N204 bij de Linie van Linschoten. Voor de Lieve Vrouwengracht geldt dat de ontgraving niet diep genoeg heeft plaatsgevonden, waardoor hier de vindplaats nog deels behouden is in situ. Voor de andere twee onderzoeken zijn de volledig opgegraven delen opgenomen in de vrijgegeven gebieden. Sinds 2009 zijn 7 archeologische begeleidingen geregistreerd binnen de gemeentegrens. Eén is echter slechts op een klein deel van de gemeentegrond gelegen en daarom niet meegenomen in deze bespreking (5504106100).

Van 6 archeologische begeleidingen hebben de meeste plaatsgevonden in het stadscentrum van Montfoort en geldt dat er deels nog sprake is van een vindplaats die bewaard is gebleven onder de maximale ontgravingsdiepte. Enkel de begeleiding bij de baggerwerkzaamheden in de Hollandsche IJssel (5485486100) heeft geleid tot vrijgave van de (water)bodem. 8.2.6

Verstoringsbronnenkaart / Vergraven gronden

De Verstoringsbronnenkaart is in 2017 uitgegeven door de RCE.146 Hierbij is een inventarisatie gemaakt van de verschillende bronnen die gebruikt kunnen worden om verstoringen in kaart te brengen. Hierbij zijn enkele bronnen ook direct beschikbaar gemaakt in een viewer. De viewer is gebruikt bij de inventarisatie van mogelijk vergraven gronden. Voor de kaartlagen die zijn opgenomen in de viewer geldt echter dat altijd bekeken moet worden op welke schaal de kaartlaag geproduceerd is, wat de actualiteit van de gegevens is, of de verstoring ook werkelijk is uitgevoerd en of de diepte van de verstoring bekend is. In 2012 is een rapport van Alterra verschenen als toelichting bij de inventarisatie van diepe grondbewerkingen. Hierbij is ook een inventarisatie van transportleidingen gedaan van onder

146 https://rce.webgispublisher.nl/Viewer.aspx?map=Verstoringsbronnenkaart#.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

79

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

andere de Gasunie.147 De werkzone waarbinnen deze transportleidingen zijn aangelegd, zijn in hun geheel opgenomen in het bestand. Een selectie van de rapportage vergraven gronden is beschikbaar in de Verstoringsbronnenkaart, maar de volledige inventarisatie is beschikbaar in BIS (Bodem Informatie Systeem).148 Hierin is alle bodemdata opgenomen en zijn ook de vergraven gronden beschikbaar. De BIS dataset is de voornaamste bron voor het inventariseren van de vergraven gronden. Een andere categorie in de vergraven gronden is de gemodificeerde natuur. In sommige gevallen gaat dit gepaard met flinke vergravingen voor de aanleg van geulen of meren en plassen. Binnen Montfoort zijn vier ‘parken en plantsoenen’ aangeduid en opgenomen op de inventarisatiekaart. Omdat de exacte vergravingen vaak onbekend zijn, worden ze niet direct meegenomen als verstoorde gebieden op de archeologische verwachtingskaart. Dit geldt tevens voor vergravingen ter plaatse van volkstuinen. Deze zullen als mogelijke afgravingen worden opgenomen. Tevens opgenomen op de Verstoringsbronnenkaart van de RCE zijn de CBS Bodemgebruik bestanden van 2010, 2015 en 2017. Een verandering in bodemgebruik kan namelijk op een verstoring wijzen.

Hiervoor dienen vooral agrarische percelen en nieuwe natuurpercelen gesignaleerd te worden, om vervolgens te bekijken met andere bronnen zoals de luchtfoto’s en de AHN of er inderdaad sprake is van verstoringen die van invloed zijn op het archeologisch bodemarchief. Voor de huidige inventarisatie heeft het bodemgebruik geen extra verstoringen opgeleverd. 8.2.7

Afgevlette percelen

In 2013 zijn, in het kader van de reconstructie van het Limes-landschap, afgevlette percelen aangeduid.149 Door afvletten (het afgraven en afvoeren van de bovenste laag grond) kunnen ondiepere bewoningssporen en/of een ‘vuile laag’ zijn verdwenen, maar ook hier geldt dat het afvletten mogelijk niet ‘diep genoeg’ heeft plaatsgevonden om ook maar iets van het archeologisch niveau te raken. Binnen Montfoort zijn een drietal terreinen aangeduid die ook uit de AHN en de Vergraven gronden aangemerkt worden als verstoorde terreinen. Binnen deze terreinen is nog geen archeologisch booronderzoek uitgevoerd, waardoor niet met zekerheid is vast te stellen tot hoe diep deze verstoring heeft plaatsgevonden. 8.3

Conclusie: Verstoringen op de archeologische verwachtingskaart

Vanuit de bovenstaande inventarisatie worden de volgende verstoringen meegenomen op de archeologische verwachtingskaart: • Vergraven gronden vastgesteld op basis van het AHN en de bodemkaart; • Afgravingen vastgesteld op de bodemkaart of via het onderzoek t.b.v. ruilverkaveling van de Lopikerwaard; • Volledig archeologisch onderzochte gebieden; • Archeologische begeleidingen die het volledige archeologisch niveau hebben verstoord, zoals de baggerwerkzaamheden in de Hollandsche IJssel; • De waterbodems van de Zandwiningsput en Blokwetering; • De gasleiding. De volgende elementen worden als indicatoren van mogelijke verstoring opgenomen in de kaart: • Mogelijk vergraven gronden op basis van de AHN; • Winningsgebieden; • Afgevlette percelen.

147 https://www.wur.nl/nl/project/Vergraven-gronden-1.htm. 148 https://bodemdata.nl/. 149 Dinter 2013.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

80

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

9

Actualisatie archeologisch verwachtingskaart

In het kader van de Omgevingswet is de huidige verwachtingskaart (2009) herzien en aangevuld om te voldoen aan de eis van de aantoonbare archeologische verwachting. Naar aanleiding van Kamervragen bij de behandeling van de Omgevingswet en de in Kamermoties geuite wens om uniformere kaartbeelden en een transparante onderbouwing en verantwoording te bevorderen, is in 2020 door een archeologisch collectief een handleiding opgesteld voor het maken van de nieuwe generatie verwachtingskaarten. In feite wordt ook niet meer gesproken over een verwachtingskaart, maar worden archeologische inventarisatiekaarten opgesteld.150 Op deze kaarten wordt primair een onderscheidt gemaakt tussen vastgestelde archeologische waarden (vindplaatsen), zones met een (verhoogde) archeologische verwachting en zones zonder of een zeer lage archeologische verwachting. De terreinen van archeologische waarde betreffen meestal gewaardeerde archeologische vindplaatsen (‘archeologische monumenten’ zoals gedefinieerd binnen de Omgevingswet). Op basis van landschappelijke omstandigheden, in relatie met vondstconcentraties en bewoningsgeschiedenis, worden daarnaast gebieden aangeduid waar archeologische resten verwacht worden (‘te verwachten archeologische monumenten’ binnen de Omgevingswet). Binnen dit project zijn ook een aantal terreinen aangeduid met een verhoogde archeologische verwachting.

Dit zijn terreinen waarbij nog geen vindplaats is vastgesteld, maar waar wel, op basis van het vooronderzoek, intacte bodemopbouw met archeologische indicatoren is vastgesteld. Ook locaties met specifieke vondstconcentraties, waarbij ook sprake is van nabijgelegen vindplaatsen of aantrekkelijke landschappelijke locaties, hebben een dergelijke aanduiding gekregen. Daarnaast worden gebieden bepaald waar deze niet meer voor kunnen komen, omdat deze al reeds verstoord zijn door menselijke of landschappelijke activiteiten. Hierbij dient ook rekening te worden gehouden met de diepteligging van archeologische resten, zodat een gelaagde kaart ontstaat op basis waarvan, in een volgend stadium, gespecificeerd beleid kan worden opgesteld. In de voorgaande hoofdstukken is de inventarisatie van de bekende landschappelijke, archeologische en historische gegevens besproken, als het gaat om de aanvullingen ten opzichte van de archeologische verwachtingskaart uit 2009. Relevante landschappelijke gegevens, landschappelijk onderzoek en onderzoeken met betrekking tot bekende archeologische waarden zijn verzameld en geanalyseerd. Op basis van de bevindingen is de archeologische inventarisatiekaart opgesteld. In dit hoofdstuk worden deze gegevens geïntegreerd tot een archeologisch verwachtingsmodel en een geactualiseerde gelaagde archeologische waarden- en verwachtingenkaart (Kaart 13 en 14).

De vroegste periodes, Jagers/ Verzamelaars, Vroege boeren en Late boeren, waarbij het landschap de belangrijkste factor vormt voor menselijke activiteiten worden de waarden en verwachtingen gepresenteerd op kaart 13. Vanaf de ontginningen is het landschap in steeds mindere mate van belang voor het bepalen van een archeologische verwachting en wordt het landschap in toenemende mate geschikt gemaakt voor gebruik. Dit levert een eigen verwachtingsbeeld op, meer op basis van historische data en kaarten. Dit beeld is weergegeven op kaart 14. 9.1

Archeologische monumenten: Vastgestelde vindplaatsen (Kaart 8)

Archeologische monumenten betreffen terreinen met bekende archeologische waarden; dat wil zeggen locaties waar archeologische resten vastgesteld zijn. Het gaat hierbij niet alleen om wettelijk beschermde terreinen zoals Rijks-, provinciale of gemeentelijke monumenten. Deze hebben namelijk al een wettelijke bescherming. Het betreft ook terreinen waarvan de waarde is vastgesteld door middel van onderzoek of belangrijke vondstconcentraties, maar zonder wettelijke bescherming. De vindplaatsenkaart (kaart 8) is als basis gebruikt voor deze waarde.

150

Breimer et al, 2020.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

81

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

In paragraaf 4.3.3 zijn de vindplaatsen al kort besproken. Het gaat om drie Archeologische Rijksmonumenten en zeven gebieden met een vastgestelde archeologische waarde, waarvan één terrein dateert uit de periode van de Late landbouwers en de rest behoort tot de periode van de Staatssamenleving. De terreinen behoren tot complextype bewoning, religie en begraving. Naast deze terreinen zijn uit de archeologische onderzoeken sinds 2009 nog negen vindplaatsen naar voren gekomen. De vroegste vindplaats binnen de gemeente betreft een kampement uit het Laat Neolithicum nabij Blokland (vindplaats 1, Vroege landbouwers). Verder zijn uit deze periode geen vondsten of vindplaatsen bekend. Uit de periode van de periode van de Late landbouwers (vindplaats 5) betreft het de Romeinse gracht aan de oostgrens van de gemeente. De overige vindplaatsen dateren alle uit de periode van de Staatssamenlevingen en betreffen voornamelijk de voormalige AMK-terreinen. 9.2

Te verwachten archeologische monumenten: archeologische verwachtingszones.

Te verwachten archeologische monumenten zijn gebieden waar met aantoonbare verwachting aannemelijk is gemaakt, dat hier archeologische vindplaatsen aanwezig kunnen zijn. De archeologische verwachting is opgemaakt in twee verschillende kaartbeelden. Voor de perioden van de Jager/Verzamelaars, Vroege en Late boeren en voor de Staatssamenlevingen is een kaart opgemaakt. In onderstaande paragrafen wordt per kaartbeeld een toelichting gegeven. 9.2.1

Kaart 13 Verwachtingskaart voor de Jagers/Verzamelaars, Vroege en Late boeren

Voor het bepalen van een archeologische verwachting wordt een combinatie gemaakt tussen de archeologische inventarisatie en het landschap. In 3.2.2 zijn de verschillende archeolandschappelijke eenheden besproken. Deze zijn vooral van belang voor de archeologische verwachting van de vroegste perioden die in Montfoort in de diepere ondergrond aanwezig zijn. Deze eenheden zijn te koppelen aan archeologische perioden: - Pleistocene landschap – Jagers /Verzamelaars (Laat Paleolithicum – Midden Neolithicum) - Hollandveenpakket en Oeverwallen van fossiele stroomgordels – Vroege en Late boeren (Laat Neolithicum – Vroege Middeleeuwen) De top van het Pleistocene landschap -– Jagers /Verzamelaars (Laat Paleolithicum – Vroege Neolithicum) Het landschap in deze periode bestaat uit vlakten, (uitblazings-)laagtes en ruggen, gekoppeld aan de Formatie van Boxtel, ook wel dekzand genoemd. In het zuidwesten van het gemeentegebied bestaat dit landschap uit de afzettingen van het vlechtende rivierstelsel van de Rijn en de Maas, de Formatie van Kreftenheye. Dit landschap is in Montfoort op grote diepte (vanaf 8 m -NAP tot 10m -NAP) gelegen en niet in detail bekend. Dat het landschap nu op grotere diepte gelegen is en dat er weinig over bekend is, wil niet zeggen dat het landschap in deze periode niet gebruikt is door de mens.

Op de archeologische verwachtingskaart zijn deze afzettingen daarom wel opgenomen met een archeologische verwachting, indien deze niet geërodeerd zijn door latere afzettingen. Formatie van Echteld - Stroomgordels Benschopse en Graafse Stroomstelsel – Vroege boeren (Midden Neolithicum – Midden Bronstijd) Stroomgordels van het Benschopse stroomstelsel in Montfoort, vertegenwoordigd door de Willeskop, zijn actief tot het Vroeg Neolithicum. Het Graafse stelsel wordt actief vanaf het Vroeg Neolithicum tot en met het Laat Neolithicum. Op de oeverwalafzettingen van deze stroomgordels kunnen resten voorkomen vanaf het Neolithicum zoals ook blijkt uit vindplaats 1. Deze is gelegen op de gecombineerde afzettingen van de Willeskop en de Blokland Snelrewaard. De top van de afzettingen bevindt zich op een diepte vanaf ongeveer 1,3 m -NAP voor het Graafse Stelsel en op 4 m – NAP voor het Benschopse Stelsel. Op de

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

82

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

verwachtingskaart betreft dit de zone met landschappelijke archeologische verwachting voor de Vroege landbouwers. Op deze afzettingen kunnen alle complexen verwacht worden. Formatie van Echteld - Graafse en Linschotense Stroomstelsel en mogelijk Hollandveen - Late landbouwers - (Midden Bronstijd – Vroege Middeleeuwen) De Polsbroekerdam in het zuiden van de gemeente Montfoort heeft de jongste datering van het Graafse stroomstelsel. Deze stroomgordel is actief tot het Laat Neolithicum. In de Bronstijd gaat het Linschotense stelsel in het gebied stromen, waarbij de Stuivenberg, IJsselveld-Schuurenburg en de Linschoten elkaar opvolgen in de periode van de Late landbouwers. Deze stroomgordels oversnijden en eroderen elkaar. Op de oeverwallen van deze stroomgordels kunnen dus vooral resten van de Late landbouwers voorkomen. Deze afzettingen worden vanaf 50 cm beneden maaiveld verwacht. Op de IJsselveld-Schuurenburg zijn voornamelijk in het oostelijke deel van de gemeente vindplaatsen bekend, net als net over de grens in de gemeente IJsselstein. In de komgebieden heeft zich Hollandveen gevormd, waarvan de verbreiding en de dikte over het gemeentegebied varieert. Dit niveau kan voorkomen vanaf 50 cm beneden maaiveld. In de top van het veenpakket kunnen vindplaatsen voorkomen indien het veen voldoende ontwatert en droog is geweest. Dit uit zich in een veraarde laag in het veen.

Een dergelijk niveau is tot op heden niet aangetoond in Montfoort (of omliggende gemeenten) en zijn tot op heden geen vindplaatsen bekend in het Hollandveen. Voor dit niveau geldt daardoor een lage archeologische verwachting. Waterbodems met een archeologische verwachting Op deze verwachtingskaart zijn voor de beekdalen in het Pleistocene landschap verwachtingszones voor watergerelateerde archeologie opgenomen. Voor de beddingzanden van de fossiele stroomgordels geldt ook een verwachting op watergerelateerde archeologische resten, maar dit is opgenomen in de verwachting voor de stroomgordels waarbinnen alle complextypen kunnen voorkomen. 9.2.2

Kaart 14 Verwachtingskaart voor de Staatssamenleving.

Voor de landschappelijke ondergrond zijn ook hier de fossiele stroomgordels van belang voor de archeologische verwachting. Daarnaast geldt dat vanaf deze periode het landschap in grotere mate door de mens wordt aangepast. Door de bouw van dijken en de ontginning van het veen blijft meer land langer droog. De mogelijkheid om archeologische resten tegen te komen hangt in steeds mindere mate af van de landschappelijke omstandigheden, toch blijven de hoge droge plekken die eerder bewoond zijn een hoge aantrekkingskracht hebben. De oeverwallen van deze stroomgordels vormen daardoor nog steeds de eerste bewoningsfase in de periode van de Staatssamenleving. Vanaf de stroomgordels van de Hollandsche IJssel en de Linschoten hebben de eerste ontginningen plaatsgevonden. Verwachting Specifieke complexen Doordat het landschap steeds maakbaarder wordt in deze periode en er sprake is van landinrichting, ook met elementen van verdediging en industrie, is de archeologische verwachting op deze kaart opgedeeld in de complexen die op een bepaalde locatie kunnen worden aangetroffen. Dit zijn bijvoorbeeld (verdwenen) molens, steenfabrieken en verdedigingswerken.

Formatie van Echteld - Linschotense en Krimpense Stroomstelsel – Staatssamenlevingen (Volle Middeleeuwen – Nieuwe tijd) Vanaf de Middeleeuwen stroomt Stuivenberg, IJsselveld–Schuurenburg, Hollandsche IJssel en de Meijenberg door de gemeente, waar op de oeverwallen bewoning voorkomt en waar het omringende komgebied vanaf deze periode ontgonnen wordt. De afzettingen van deze stroomgordels zijn direct vanaf het maaiveld aanwezig. De trefkans op archeologische resten is minder makkelijk te voorspellen op basis van het landschap, gezien menselijke handelen het landschap steeds meer vormt. De komgebieden

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

83

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

worden vanaf deze periode ontgonnen en in gebruik genomen als landbouw- of weidegrond. In de komgebieden kunnen ontginningsstructuren worden aangetroffen en mogelijk losse vondsten, maar bewoning concentreert zich in linten op de oeverwallen en dijken. Waterbodems met een archeologische verwachting Voor de waterbodems binnen Montfoort is een onderscheid gemaakt tussen huidige waterbodems met een hoge archeologische verwachting (donkerblauw) en waterbodems met een lage archeologische verwachting (lichtblauw). Op of in de waterbodems met een hoge verwachting kunnen watergerelateerde resten worden verwacht, zoals scheepsresten, kades, visfuiken en eventueel rituele deposities. Het gaat dus vooral om losse vondsten op kleine oppervlakten. 9.2.3

Geen archeologische verwachting

Op de verwachtingskaarten zijn een aantal gebieden aangeduid met ‘Geen archeologische verwachting’. Het betreft gebieden waar, aantoonbaar vastgesteld, het archeologisch niveau is verstoord (of niet meer aanwezig is) of waar opgravingen zijn uitgevoerd. Deze gebieden zijn wit aangeduid op de kaart. Van de gebieden zonder archeologische verwachting is door middel van archeologisch onderzoek of vanuit een andere bron met zekerheid vastgesteld dat er geen archeologische waarden meer aanwezig kunnen zijn. Bijvoorbeeld doordat deze zijn opgegraven of omdat deze in het verleden zijn vergraven. Van de verstoringen zijn enkel de zones opgenomen die met zekerheid de archeologische niveaus hebben verstoord. Op de landbodem zijn een aantal (gas)leidingen aangeduid als verstoring. Daarnaast zijn ook waterpartijen die uit een AHN en kaartenanalyse naar voren kwamen aangeduid als verstoorde gebieden. In hoeverre de archeologische niveaus verstoord zijn, is bepalend voor opname op de kaart. Sommige verstoring hebben enkel de hogere archeologische niveaus verstoord, maar niet de diepere (oudere) niveaus. Een aantal verstoringen is daarom wel opgenomen op de verwachtingskaart van de Staatssamenlevingen, maar niet op de kaart met de archeologische verwachting voor de periode Jagers Verzamelaars tot en met de Late boeren.

VESTIGIA Archeologie & Cultuurhistorie, rapport V2818, concept, versie 1.2 d.d. 27 oktober 2025

84

V24-5682: Actualisatie archeologische beleidskaart van de gemeente Montfoort (2025)

10 Actualisatie archeologische beleidskaart 10.1

Inleiding

De archeologische inventarisatie- en verwachtingskaart biedt het kader om een archeologische beleidskaart op te stellen, waarin de keuzes worden gemaakt voor de omgang met de archeologische waarden en verwachtingen die in de gemeente aanwezig zijn. Allereerst zullen overwegingen zoals vrijstellingsgrenzen worden toegelicht, waarna de gekozen beleidscategorieën worden gepresenteerd. De archeologische verwachtingskaart voor Montfoort is geactualiseerd en dient vertaald te worden naar een nieuw archeologisch beleid. Voor de verschillende soorten archeologische vindplaatsen (monumenten) en verwachtingszones (te verwachten monumenten) dienen in het Omgevingsplan passende regels opgenomen te worden, gericht op bescherming van dat archeologische erfgoed. In de volgende paragraaf wordt daarvoor een voorstel gedaan. De meeste van deze regels betreffen op de eerste plaats vergunningsvoorwaarden die de verplichting inhouden om bij bepaalde bouwinitiatieven of andere grondroerende werkzaamheden eerst nader onderzoek te doen naar de aanwezigheid van archeologische resten. De grootte en ontgravingsdiepte van de voorgenomen grondwerkzaamheden zijn samen met de aard van de archeologische vindplaats of verwachting meestal bepalend of zo’n nader onderzoek nodig is.

We noemen dat de vrijstellingsgrenzen voor onderzoek in het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ-cyclus) en de daaraan gekoppelde vergunningsverplichtingen. In onderstaande paragrafen worden deze nader toegelicht. 10.1.1

Archeologisch beleid binnen de Omgevingswet

De Omgevingswet stelt dat de Gemeente bij het maken van een Omgevingsplan regels moet opstellen

‘met het oog op het behoud van cultureel erfgoed met inbegrip van bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten’. Artikel 5.130 beschrijft nader dat binnen het Omgevingsplan rekening wordt gehouden met het ‘belang van behoud van het cultureel erfgoed met inbegrip van bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten’ . De gemeente is daarmee verplicht om regels op te nemen in het Omgevingsplan om archeologische (verwachtings)waarden te beschermen. Vanuit de Erfgoedwet is archeologisch onderzoek verplicht bij alle initiatieven groter dan 100 m2. Door als gemeente archeologiebeleid op te stellen kan gemotiveerd afgeweken worden van die grens. In gebieden waar de archeologische (verwachtings)waarde zeer hoog is kan een strenger regime opgelegd worden, terwijl in andere gebieden waar de (verwachtings)waarde lager is een grotere vrijstelling kan worden gehanteerd. Door de regels te koppelen aan een gemeentelijke onderzoeksagenda kunnen prioriteiten of accenten gelegd worden in de onderzoeken die voortkomen uit die verplichting, zodat deze maximaal bijdragen aan meer kennis over het bodemarchief. 10.1.2

Archeologische Monumenten Zorg (AMZ)- Cyclus

Een overschrijding van de vrijstellingsgrens betekent in de systematiek van een aanvraag Omgevingsvergunning, meestal de start van een traject volgens het proces van de Archeologische Monumenten Zorg. De gangbare stappen binnen dit traject zijn terug te vinden in Bijlage 2. Indien vrijstellingsgrenzen overschreden worden en archeologisch onderzoek uitgevoerd dient te worden is de eerste stap het uitvoeren van een bureauonderzoek. Hoe secuur de archeologische inventarisatie- en verwachtingskaarten ook zijn opgesteld, ze zijn gemaakt voor een ander schaalniveau dan gewenst is bij een individuele planbeoordeling. Het bureauonderzoek resulteert in een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied op basis van bodemkundige-, historische- en archeologische gegevens afgezet tegen het initiatief waarvoor de vergunning wordt aangevraagd. Op die manier kan bepaald worden of een plan potentieel wel of geen archeologische waarden kan schaden en welke vervolgstappen eventueel nog nodig zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Montfoort&id=0ef06d1e-3093-414b-bb69-75268ad33874