CConstaterende datMontfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2024 en meerj 2025 - 2027

Raadsvergadering 6 november 2023, gemeente MontfoortBij agendapunt: Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2025-202739.729 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

41 | P a g i n a

Structurele weerstandscapaciteit (in €) Stelpost onvoorzien

50.000

Onbenutte belastingcapaciteit OZB Totaal structurele weerstandscapaciteit

142.479 192.479

Het totaal aan beschikbare weerstandscapaciteit wordt bepaald door de incidentele en structurele weerstandscapaciteit bij elkaar op te tellen.

Risico’s De risico’s zijn geactualiseerd om een goede actuele inschatting te kunnen maken van de benodigde weerstandscapaciteit. In deze paragraaf wordt kort toegelicht wat het risico inhoudt. De risico’s die relevant zijn voor de paragraaf weerstandsvermogen moeten een financiële omvang hebben van € 50.000,- of hoger. De risico’s worden opgemaakt in het score-overzicht. De gemeente Montfoort hanteert de volgende criteria voor een risico: - Het risico moet (financieel) kwantificeerbaar zijn, om zo het risico te classificeren naar waarschijnlijkheid (kans) en de verwachte impact (gevolg); - Er moet sprake zijn van enige mate van voorkennis; - Het risico moet een bedreiging/belemmering vormen voor het bereiken van de beleidsdoelstellingen; - De risico’s worden in beeld gebracht in het score-overzicht. In dit overzicht krijgen de risico’s een score aan de hand van de mate van impact (financieel gevolg) maal de inschatting van het percentage van de kans (de waarschijnlijkheid dat risico zich voordoet, oplopend van 0% tot 100%). De score bepaald de mate en hoogte van prioriteit. De score is als volgt geprioriteerd: tot en met score 5 is laag, tussen 5 en 10 is gemiddeld, tussen 10 en 20 is hoog, groter dan 20 is urgent.

Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit bestaat uit het totaal van kansen dat risico’s zich voordoen vermenigvuldigd met het brutobedrag dat ermee gemoeid is. Deze zijn in onderstaande risicoanalyse weergegeven en toegelicht: Risico

Beheersmaatregelen

Verstrekte garanties Er zijn diverse gemeentegaranties aan instellingen verstrekt (peildatum 31 december 2022). Het grootste deel hiervan zijn garanties voor woningbouwverenigingen waar de gemeente samen met het Rijk voor 50% een achtervang-positie inneemt.

Ondernomen acties en risico inschatting 2024

Deze garanties zijn in eerste instantie In 2023 heeft zich geen problemen voorgedaan gegarandeerd door het rondom de gemeente- garanties. Voor 2024 zijn Waarborgfonds Sociale Woningbouw de bedragen aangepast en blijft het risico-% (WSW). gehandhaafd op 2%

Planschadeclaim De wet 'Ruimtelijke ordening' biedt burgers de mogelijkheid voor De beoordeling van deze claim is zeer Er is bij een onafhankelijk deskundige adviseur om planschade te claimen bij de gemeente (artikel 6.1). Eind complex, mede gezien de lange periode een conceptbeoordeling aangevraagd en 2017 is een aanvraagformulier met een claim voor waarop deze zaak betrekking heeft. Om ontvangen. Hierin wordt het oordeel gegeven dat tegemoetkoming planschade ontvangen naar aanleiding van de inzicht te krijgen wordt een in deze casus de claim op planschade onterecht vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied. In de wet conceptbeoordeling van de claim is. Op 21 augustus 2023 is het bezwaarschrift ruimtelijke ordening wordt voor de beoordeling van de claim een opgevraagd bij een onafhankelijk hiertegen behandeld. Bij besluit van 5 september onafhankelijk en deskundig adviseur aangewezen. deskundige adviseur. 2023 is het bezwaarschrift ongegrond verklaard conform advies. Momenteel staat nog de mogelijkheid van beroep open (tot en met 17 oktober). Gezien dit besluit en het advies is het risico-% laag ingeschat, en gezet op 2%.

Er is een claim (met een bedrag) ingediend naar aanleiding van De beoordeling van de claim ligt ter De claim wordt door de gemeente betwist en een huurderving met betrekking tot parkeerplaatsen behandeling voor aan de rechterlijke rechterlijke uitspraak is nog niet gedaan. Het is macht. onbekend of en hoe de hoogte van de claim door de rechters wordt vastgesteld en wanneer dit juridische traject volledig afgerond wordt Participatiewet uitkeringen (PW) De PW is een open-einde-regeling. Dat houdt in dat eventuele Beheersing vindt plaats binnen de GR Vanwege de bekostigingssystematiek van de BUIG overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente is. FermWerk uitkering voor Montfoort is het gekozen Het risico-bedrag is gebaseerd op het totaal aan uitkeringen aan risicoprofiel passend. Per kwartaal worden de gemeente volgens de Participtiewet. Periodiek ontvangt de gemeente rapportages ontvangen. Daarnaast is er kwartaal- rapportages over realisatie wekelijks contact over de ontwikkelingen binnen van taken en middelen Ferm Werk. Toename bijstandsuitkeringen door Corona. Door de CoronaDaadwerkelijke trendcijfers worden uitbraak is de verwachting dat het aantal bijstandsuitkeringen periodiek gerapporteerd door met een factor 0,20 tot 1 (of meer) kan zal toenemen. Door de t-2 Fermwerk. vergoedingssystematiek. Vooraf aan Corona werden 103 bijstandsuitkeringen verstrekt

Trendrapporten zijn opgevraagd maar oplevering verloopt vertraagd door hoge werdruk. In het kader van Corona is de hoop gevestigd op extra steunvoorzieningen vanuit het Rijk

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

M o n t f o o r t

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

Kans

Kans

Bruto

Impact

Score

Netto (kans % x € bruto)

in %

cat 1 tm 5

in €

cat 1 tm 5

van 1 tm 25

in €

2%

1

16.172.000

5

5

323.440

2%

1

356.345

3

3

7.127

5

5

81.082

pm

5%

pm

pm

1

1.621.647

pm

42 | P a g i n a

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) excl. decentralisatie De WMO is een open-einde-regeling. Dat houdt in dat eventuele overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente is. Het gaat hierbij met name om huishoudelijke hulp, woon- en vervoersvoorzieningen (clientgebonden kosten). Door invoering van het abonnementstarief en loonontwikkeling bij huishoudelijke hulp is de kans groot dat de totale kosten zullen gaan stijgen. Zonder compensatie via de Rijksbijdrage komen deze méérkosten voor rekening van de gemeente.

Jeugdzorg De jeugdzorg is een open-einderegeling. Dat houdt in dat eventuele overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente is. Het grootste risico’s betreft voornamelijk de complexe dure zorgtrajecten, waarbij incidentele zorgbehoeften tot forse extra uitgaven kunnen leiden. Bovendien is de zorgvraag ad hoc en is er nog beperkt historisch inzicht in de kostenontwikkeling. Zonder compensatie via de Rijksbijdrage komen eventuele méérkosten voor rekening van de gemeente.

Verstrekte leningen Uit hoofde van de publieke taak heeft de gemeente leningen verstrekt aan de Stichting Zwembad, Stichting Kunstgras Montfoort en een voetbalvereniging.

1. Toewijzing voor ondersteuning worden binnen de grenzen van de wet individueel bepaald en gemonitord, waardoor de kosten zo beheerst mogelijk blijven. 2. De ramingen zijn bijgesteld n.a.v. de prognoses voor 2023.

1. Toewijzing van ondersteuning wordt scherp gemonitord. De bijraming gedaan in 2023 lijkt voldoende binnen de component clientgebonden kosten Wmo. Ook voor 2024 is met de raming rekening gehouden met cao stijgingen, indexeringen en clientaantallen. Risico kan zitten in een grote woningaanpassing of expotentieel stijgende clientaantallen. Dit ligt niet in de lijn der verwachting.

5%

1

1.891.398

5

5

94.570

1. Toewijzing voor ondersteuning worden binnen de grenzen van de wet individueel bepaald en gemonitord, waardoor de kosten zo beheerst mogelijk blijven. 2. De ramingen zijn bijgesteld n.a.v. de prognoses voor 2024.

De raming voor 2023 lijkt voorals nog niet toereikend. Voor 2023 is de raming afhankelijk van de toepasing van het woonplaatbeginsel. Dit heeft voor Montfoort een negatief effect van ca. € 120.000,-, daarnaast zijn de jeugdzorg kosten voor Oekrainse inwoner geraamd op ca. € 150.000 op jaarbasis. Voor 2023 wordt er een negatief resultaat verwacht van ca. € 475.000,-. De raming over 2023 is sterk afhankelijk van startende of stoppende zorgtrajecten. Voor 2024 en 2025 worden we gecompenseerd en is er dus dekking.

5%

1

2.216.048

5

5

110.802

Het beleid is erop gericht om de leningenportefeuille zo beperkt mogelijk te houden.

Het risicobedrag is gebaseerd op de omvang van de leningen, conform jaarrekening 2022. Gezien de stabiele trend en de beperkte omvang van de portefeuille blijft het percentage gehandhaafd

10%

2

189.000

3

6

18.900

Gemeenschappelijke regelingen De gemeente kan worden geconfronteerd met financiële We brengen de risico’s zo goed Het door een GR gevraagde extra budget wordt Per GR een tegenvallers van verbonden partijen. Door deelname verplicht de mogelijk in beeld door de verbonden beoordeeld op de parameters voor ander % gemeente zich namelijk ook om bij te dragen in eventuele extra partijen scherp te monitoren via het kostenontwikkeling conform de méérkosten. Op basis van de informatie uit de paragraaf accounthouderschap. Het benodigde septembercirculaire. Toegezonden kadernota's verbonden partijen wordt per verbonden partij ingegaan op de weerstands-vermogen is gebaseerd op van GR-en zijn beoordeeld op de getoonde stand van zaken (zie tabel hieronder). Doordat de gemeente de omvang van de totale bijdrage en budgettaire ontwikkeling. Waar noodzakelijk is steeds meer samenwerkt met andere gemeenten, kunnen de niet per regeling bepaald. hierop gereageerd via zienswijze en/of afgestemd risico’s niet meer zelfstandig beheerst worden. Samenwerking Toegezonden kadernota's van GR-en met de eigen vertegenwoordiger binnen AB. hierin is dus van groot belang, maar ook lastig wanneer er worden beoordeeld op de getoonde verschillen van inzicht tussen gemeenten rondom de budgettaire ontwikkeling. Waar waargenomen risico's zijn.

noodzakelijk wordt hierop gereageerd via zienswijze en/of afgestemd met de eigen vertegenwoordiger binnen AB Gemeenschappelijke regelingen met een verschoven debiteurenbeheer, namens de gemeente, kunnen een post dubieuze debiteuren vormen. Conform recente jurisprudentie behoort het vormen van een voorziening ter dekking van dit risico niet bij de GR te worden gedaan, maar bij de opdrachtgever (de gemeente).

Als opdrachtgever is het zicht op de Het opnemen van een noodzakelijke voorziening uitvoering van debiteuren-beheer en wordt vervangen door het benoemen van dit punt het beoordelen van risico’s niet in de risico-paragraaf en wordt het financiele inzichtelijk. Een evt. voorziening risico opgevangen binnen het gevormde dubieuze debiteuren kan de gemeente weerstands-vermogen ten behoeve van de daarom niet onderbouwen met gemeenschappelijke regeling (hierboven) documenten richting accountant/ ihkv rechtmatigheid De gemeente Montfoort heeft beperkte eigen ambities vastgesteld Het blijven monitoren van de De situatie is dat er in het Klimaatakkoord van en volgt in grote lijnen binnen de rijksambities. Er is buiten de ontwikkelingen op duurzaamheid en het Rijk afspraken gemaakt zijn, waaronder het rijksbijdrage geen (aanvullend) budget beschikbaar gesteld. Het CO2. reduceren van de CO2 in 2030. Er kan nog geen risico bestaat dat Montfoort niet aan de door het Rijk gestelde raming worden gemaakt van het risicobedrag. doelen (met name CO2) voor 20230 uit het Klimaatakkoord kan voldoen. De gebouwen en inventaris van de gemeente Montfoort moeten Het in beeld gaan brengen van welke In 2024 in beeld gaan brengen welke gebouwen op den duur opnieuw getaxeerd worden, om het risico op gebouwen en inventaris voor het en inventaris voor het laatst getaxeerd zijn. onderverzekering te vermijden.

laatst getaxeerd zijn. Implementatie Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet staat gepland op 1-1-2024. Het intern voorbereiden van de Ter voorbereiding wordt een inschatting van de Voor het implementeren van deze wet moeten kosten worden implementatie en het blijven kosten gemaakt. Na invoering van de wet wordt gemaakt. Deze invoeringsdatum is al meerdere opgeschoven monitoren van de ontwikkelingen. daarover in het eerstvolgend PC-document over door het Rijk, omdat er vertragingen waren. Op het moment van gerapporteerd. Tevens worden de ontwikkelingen het opstellen van de begroting 2024 is er op Rijksniveau op Rijksniveau met de voet gevolgd. wederom sprake van ontwikkelingen. Het risico bestaat dat de invoeringsdatum weer wordt doorgeschoven.

zie

3

4.584.382

5

15

286.104

2

hierboven

3

6

0

p.m.

p.m.

0

p.m.

p.m.

0

p.m.

p.m.

0

€ 922.026

Totaal becijferde risico’s excl. Grondexploitaties Grondexploitaties Risico's op grondexploitaties worden grotendeels bepaald door marktontwikkelingen.

De risico’s op de grondexploitaties worden jaarlijks becijferd en verwerkt in het meerjarenprogramma grondbedrijfsfunctie (MPG).

In 2023 en 2024 worden enkele uitbreidingslocaties onderzocht. Het is dan ook nog niet bekend of deze later zullen leiden tot een grondexploitatie.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

€0

€ 922.026

Totaal becijferde risico’s incl. grondexploitaties

Toelichten risicobedrag verbonden partijen Voor het bepalen van het risico, wat de gemeente loopt naar aanleiding van het deelnemen aan diverse verbonden partijen, wordt per gemeenschappelijke regeling een inschatting gemaakt van het risicobedrag en grootte van het risico in procenten. Hieronder treft u de berekening van dit bedrag aan, het totaal is opgenomen in de inventarisatie van risico’s in de tabel hierboven.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

43 | P a g i n a

Correctie i.v.m. Bijdrage aan Op te nemen afzonderlijke Risico in % risico risicobedrag geldstromen Afvalverwijdering Utrecht (AVU) 598.300 0 598.300 5% 29.915 Belasting Samenwerking Rivierlanden (BSR) 310.400 0 310.400 5% 15.520 Gemeentelijke GezondheidsDienst regio Utrecht (GGDrU) 658.100 0 658.100 5% 32.905 Veiligheidsregio Utrecht (VRU) 924.000 0 924.000 5% 46.200 Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek/Lopikerwaard79.762 (RHC) 0 79.762 5% 3.988 Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) 803.007 0 803.007 10% 80.301 Ferm Werk (FW) 3.761.000 2.215.495 1.545.505 5% 77.275 Totaal 7.134.569 2.215.495 4.919.074 286.104 Totale bijdrage in 2024

Verbonden partij

Verhouding benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Bij het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen wordt aangenomen dat de algemene reserve een minimale omvang van € 1 miljoen moet hebben om risico’s op te kunnen vangen. Conform ons financieel beleid moet de factor voor het weerstandsvermogen minimaal 1,5 zijn. Met 4,41 wordt daaraan ruimschoots voldaan. Hierbij is uitgegaan van de stand van de algemene reserve en de benodigde weerstandscapaciteit per 1 januari 2024. Ontwikkelingen weerstandsratio Totaal beschikbare weerstandscapaciteit (a) Berekend weerstandsrisico (zie totaal risico’s) (b) Benodigde weerstandscapaciteit ( c) (= 1,5x b) Vrije ruimte in de weerstandsvermogen --> (d) (= a-c)

2024

2025

2026

2027

4.070.337 922.026

3.568.115 922.026

5.342.774 922.026

5.673.248 922.026

1.383.038 2.687.298

1.383.038 2.185.077

1.383.038 3.959.736

1.383.038 4.290.210

4,41

3,87

5,79

6,15

Weerstandsratio

In bovenstaande tabel, uitgaande van het meerjarig begrotingssaldo van 2025 tot en met 2027, is ook het meerjarig beeld van de weerstandsratio weergegeven.

Het beleid omtrent de aanwending van de weerstandscapaciteit Wanneer risico’s zich voordoen kan dit leiden tot kosten voor de gemeente. In zo’n geval wordt mogelijk de financiële positie van de gemeente aangetast en moeten maatregelen worden getroffen om de gewenste situatie weer te bereiken. Het volgende is van toepassing met betrekking tot risicobeheer. 1. Allereerst worden tijdig beheersmaatregelen genomen, zoals het op orde krijgen van processen, de inzet van gekwalificeerd personeel en het verzekeren tegen bepaalde risico’s. 2. Indien beheersmaatregelen niet werken, dan wordt gekeken of de schade uit de daarvoor bedoelde programmabudgetten kan worden betaald, of uit de post onvoorzien. 3. Als dat niet mogelijk of bestuurlijk ongewenst is, dan worden de algemene reserve aangesproken; onderdeel van de algemene reserve is de benodigde weerstandscapaciteit. Hierbij wordt aangegeven op welke wijze gezorgd wordt dat de algemene reserve hoog genoeg blijft voor het opvangen van risico’s. 4. Indien de algemene reserve niet toereikend is, zal een beroep worden gedaan op de bestemmingsreserves. Ook in dit geval zal aangegeven worden op welke wijze de reserves worden aangevuld en wat de consequenties zijn voor het voorgenomen beleid. 5.

In het geval de algemene reserve en de bestemmingsreserves tekortschieten zal de raad voorgesteld worden om de belastingen te verhogen of om te bezuinigen.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

44 | P a g i n a

Kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten voortaan een basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: - Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. - Solvabiliteitsratio. - Grondexploitatie. - Structurele exploitatieruimte. - Belastingcapaciteit. Kengetal Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Rekening Begroting Begroting 2022 2023 2024 42,6% 34,1% 35,8% 42,6%

33,6%

35,5%

13,2% -0,2% 3,9% 124,6%

13,3% 0,0% 0,9% 132,7%

13,8% 0,0% 0,9% 125,9%

Toelichting: Netto schuldquote (inclusief verstrekte leningen en hiervoor gecorrigeerd) Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een normale netto schuldenlast ligt voor gemeenten tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog en dient deze niet verder toe te nemen. Een quote boven de 130% wordt algemeen beschouwd als te hoog. Voor Montfoort ligt dit cijfer dus ruim binnen de veilige marge. In aanloop van het opstellen van deze begroting is de financieringsbehoefte voor 2024 en verder geactualiseerd. In de paragraaf financiering is dit nader toegelicht. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer ligt bij gemeenten doorgaans rond de 30%. Voor Montfoort ligt dit kengetal lager dan de norm, maar er is wel een lichte opwaartse beweging zichtbaar. Deze stijgende lijn komt door het positieve jaarresultaat van de jaarrekening 2022 en de positieve saldi van deze begroting. De financiële weerbaarheid van de gemeente verbetert hierdoor iets, maar blijft onder druk staan.

Er is verhoudingsgewijs te weinig eigen vermogen beschikbaar ten opzichte van de hoeveelheid aangetrokken vreemd vermogen. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voorgaande jaren zijn enkele grondexploitaties (o.a. Voorvliet) afgesloten. In 2023 en 2024 worden er enkele ontwikkellocaties onderzocht en eventueel enkele bouwlocaties gestart, waarvan nog bepaald gaat worden of deze tot een grondexploitatie zullen leiden. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen structurele lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van leningen) te dekken. De structurele exploitatieruimte laat voor de gemeente Montfoort een positief kengetal zien. Dat betekent dat de gemeente meer structurele baten dan lasten heeft. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of ruimte is voor nieuw beleid.

Een kengetal boven de 100% geeft aan dat de lasten van de gemeente boven het landelijk gemiddelde liggen. Voor de gemeente Montfoort komt het kengetal voor de belastingcapaciteit boven de 100% uit. Dit betekent dat de gemeente minder mogelijkheden over heeft om via belastingverhoging bij te sturen. Hiermee is de wendbaarheid van de gemeente om tegenvallers op te vangen beperkter dan gemiddeld. P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

45 | P a g i n a

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

46 | P a g i n a

3.3. Onderhoud kapitaalgoederen Portefeuillehouder(s): C. van Dalen

Intro De gemeente Montfoort heeft veel eigendommen in de openbare ruimte liggen. De paragraaf kapitaalgoederen gaat over het onderhoud van deze kapitaalgoederen. Om helder te hebben waar we over spreken wordt de openbare ruimte gedefinieerd als de buitenruimte, inclusief de ondergrondse infrastructuur, die in beheer en onderhoud van de gemeente is. De paragraaf heeft betrekking op de kapitaalgoederen die vallen onder de begrotingsproducten: • Wegen en verkeer • Openbare verlichting • Groen en speelplaatsen • Waterhuishouding • Civiele kunstwerken In cijfers betekent dit het volgende: Eenhei Onderdeel d

Areaal 2022

Areaal 2023

Toe/ afname %

Toelichting Combinatie van gras, heesters en vaste planten

Openbaar groen

M2

471.878 476.096

0,9%

Bomen

St

7.952

7.788

-2,06%

Spelen

St

291

291

0,00%

Verharding

M2

659.784 660.703

0,14%

Openbare verlichting

St

2.755

2.755

0,00%

Weg- en straatmeubilair

St

275

275

0,00%

Riolering

M1

82.800

82.800

0,00%

Water

M2

21.019

20.628

Oeverbescherming

M1

12.050

12.050

0,00%

Kunstwerken

St

36

36

0,00%

Gebouwen Gronden (met overeenkomst)

St

35

35

0,00%

St

16

16

0,00%

39% asfalt, 60% elementenverharding , 1% half verharding

Gemeentelijk rioleringsplan

Met het opstellen van de begroting 2024 en deze paragraaf kapitaalgoederen wordt meer duidelijkheid gegeven in de onderhoudstoestand van onze kapitaalgoederen.

Kaders Montfoort In de onderstaande beleidsplannen en notities zijn keuzes gemaakt die invloed hebben op de kapitaalgoederen en de kwaliteit van het onderhoud. Daarnaast heeft ook ons financieel beleid invloed op kapitaalgoederen en de kosten. Het gaat om de volgende notities: - Keuzes maken Montfoort 2014, de gehele openbare ruimte wordt op C-niveau onderhouden. - Bloemrijk Montfoort 2016, omvorming van heestervakken naar bloemrijke vakken. Investering afgerond. - Nota activa beleid 2020. - Nota grondprijsbeleid 2020. - Meerjarenonderhoudsplan gebouwen 2017-2026.

Ontwikkelingen in beleid In 2021 is regionaal beleid voor klimaatadaptatie vastgesteld. Dit beleid heeft gevolgen voor de inrichting van de huidige en toekomstige openbare ruimte en dus ook voor onze kapitaalgoederen. Klimaatadaptatie gaat in op de gevolgen van vier onderdelen namelijk: droogte, hitte, wateroverlast en gevolgenbeperking. Vooral de eerste drie P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

47 | P a g i n a

onderdelen hebben invloed op het uiterlijk van de openbare ruimte. In een eerste uitvoeringsplan zal de invloed van klimaatadaptatie op het anders inrichten van de openbare ruimte naar voren komen en natuurlijk het beheer van deze ruimte. Daarnaast zijn er steeds meer uitdagingen en zeker ook mogelijkheden op het gebied van het verminderen van het gebruik van energie en de uitstoot van CO2 en het hergebruik van materialen en grondstoffen. In de (toekomstige) beheerplannen wordt aandacht gegeven aan deze onderwerpen en de mogelijkheden die er op dat moment zijn.

Ontwikkelingen door stedelijke uitbreidingen Vanuit de woonvisie is aangegeven dat Montfoort de ambitie heeft om woningen te bouwen. Van hieruit zijn er een heel aantal projecten gestart voor de realisatie van woningen. Deze projecten hebben tot gevolg dat te zijner tijd ook nieuwe openbare ruimte wordt toegevoegd aan deze paragraaf. In de begroting nemen we de ontwikkelingen mee en uiteindelijk ook de nieuwe arealen openbare ruimte. De projecten die nu lopen en zeker gevolgen hebben op het areaal van onze openbare ruimte zijn: - De Bleek - Park Rapijnen, Linschoten Zuid. De projecten zijn nog volop in ontwikkeling, hierdoor zijn nu nog geen concrete cijfers te geven. Wanneer er, bij een volgende begroting, wel nieuwe areaalcijfers op te nemen zijn, komen die hier te staan.

Ontwikkelingen binnen de beheerplannen In de onderstaande tabel staan de betreffende beheerplannen met de status en planperiode. Het beheer is een cyclisch proces en zo ook de beheerplannen. Per beheerplan is opgenomen of en hoe goed de middelen voor het onderhoud (klein- en grootonderhoud) en de vervanging zijn opgenomen in de begroting. Onder aan de tabel wordt een enkele nadere toelichting gegeven op de inhoud van de tabel en het eventuele achterstallige onderhoud. Beheerplan

Looptijd van / tot

Openbaar groen (niet aanwezig)

Opstellen in 2024

Bomenbeheerplan

2020/ 2023

Onderhoud: Ja; Vervanging: ja

Speelbeheerplan

2022/ 2030

Onderhoud: Ja; Vervanging: ja

Beheerplan begraafplaatsen Wegenbeheerplan

2022/ 2025

Onderhoud: Ja; Vervanging: nvt Onderhoud: Ja; Vervanging: Nee

Beheerplan openbare verlichting Weg- en straatmeubilair (niet aanwezig) Gladheidsbeheerplan

2021/2031

2022/ 2026

Onderhoud: Ja; Vervanging: Ja Onderhoud: Ja; Vervanging: ja

ntb 2019/ 2025

Gemeentelijk rioleringsplan

2020/ 2024

Beheerplan water (baggeren en duikers) Beheerplan oeverbescherming

2013/2022 Opstellen in 2023

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

Financiële vertaling in begroting? Onderhoud: Ja; Vervanging: deels

Onderhoud: Ja Vervanging: nvt Onderhoud: Ja Vervanging: Ja Onderhoud: Ja Vervanging: nvt Onderhoud: deels; Vervanging: Ja

G e m e e n t e

Opmerkingen

Achterstallig onderhoud?

Het beheerplan wordt in 2024 opgesteld. Voor nu geldt dat vervanging van groen voor 10% gebudgetteerd is in de exploitatie. Voor de vervanging is voldoende gebudgetteerd in de begroting. Er zijn voldoende middelen voor onderhoud. Voor de vervangingen zijn kredieten beschikbaar.

Nee

Ja Nee

Nee Met groot onderhoud kan kwaliteit behouden blijven, vervanging is vaak niet nodig.

12% Dniveau* Nee

Vanuit de begroting wordt het meubilair vervangen

Nee Nvt

Met het vaststellen van het GRP in 2020 is het onderhoud en vervanging geregeld.

Nee

Nee Beschoeiing is vooral vervanging en zeer beperkt onderhoud.

M o n t f o o r t

Nee

48 | P a g i n a

Nota afvalstoffen Beheerplan kunstwerken

2020 2021 - 2030

Via leges Onderhoud: Ja; Vervanging: Nee

Tractieplan

Actualiseren in 2023/24

Onderhoud: Ja; Vervanging: Ja

Nvt Nee

In budget zitten middelen voor klein onderhoud, voor groot onderhoud zijn kredieten beschikbaar. Investeringen worden meegenomen in begroting, kleine reserve aanwezig.

Nee

MJOP Gebouwen 2017-2026 ja * Zie de onderstaande toelichting op de tabel

Nee

Uitleg/ toelichting op beheerplannen Wegen: Voor de wegen is in de zomer van 2020 tijdens een monitoringsronde 12% D-niveau geconstateerd. Dit kan met verschillende parameters te maken hebben en is niet direct ernstig te noemen. In het wegenbeleid van andere gemeenten zie je regelmatig een maximaal percentage van 15% terugkomen. In het beheerplan staan enkele wegen in het buitengebied op de planning voor een groot onderhoudsbeurt. Voor 2024 en verder zijn de volgende werkzaamheden gepland voor asfalt- of elementvervangingen: Vaartkade Zuidzijde, Achthoven-West, Laan van Overvliet. Kunstwerken: volgens het beheerplan kunstwerken staat de Graafbrug in 2024 op de planning voor groot onderhoud. Voor het uitvoeren van de werkzaamheden is krediet beschikbaar.

Kwaliteit In dit onderdeel van deze paragraaf wordt een weergave gegeven van de raadskeuzes voor de onderhoudsniveaus van de verschillende elementen in de openbare ruimte. Dit geldt overigens niet voor alle onderdelen, voor onder andere de speeltoestellen, de gebouwen, de bruggen en sluis, de tractie en het functioneren van de watergangen gelden externe normen. Veel onderdelen van de openbare ruimte kunnen volgens de beeldsystematiek en de normen van de CROW worden gemonitord. Bij gebouwen gebeurt het monitoren door middel van de NEN-normen. In de onderstaande tabel zijn voor ieder beheerplan verschillende onderdelen opgenomen die aangeven welke kwaliteit is gekozen en hoe dit wordt gemonitord, zo is de frequentie, de normering/methode en de uitvoering beschreven. De eerste tabel betreft een legenda voor de beeldkwaliteit. Legenda voor CROW-beeldkwaliteit: Kwaliteit Omschrijving A+ Zeer goed Ongeschonden, net nieuw aangelegd A Goed Mooi en comfortabel B Voldoende Functioneel C Matig Onrustig beeld, enige vorm van hinder, aanloop naar achterstallig onderhoud D Te slecht Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkheid

Onderdeel Openbaar groen Bomen Bloemrijk Montf. Spelen Begraafplaatsen Verharding Openbare verlichting Wegmeubilair

Vastgestel de ambitie C C A C A C C C Nvt

Gladheid Nvt Riolering Duikers Water Oeverbescherming P r o g r a m m a b e g r o t i n g

Nvt Nvt C 2 0 2 4 -

Frequentie

Normering

Uitgevoerd door

Maandelijks ¼ per jaar Maandelijks Maandelijks Maandelijks 1 x per 2 jaar Jaarlijks

CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. Warenwet CROW-beeldkwal. CROW- nr. 146 Scheefstand, schade, lamp CROW-beeldkwal. Geen normen beschikbaar CROW-normen

Intern Intern Intern Intern/ Extern Intern Extern Intern/ Extern

Waterkeur CROW

Extern Intern

Maandelijks Indien noodzakelijk Inspectie 1/7 deel Jaarlijks G e m e e n t e

M o n t f o o r t

Intern Intern Extern

49 | P a g i n a

C Nvt Nvt Nvt Nvt 3

Zwerfafval Afvalstoffen Marktkasten Sluis en bruggen Tractie Gebouwen

Maandelijks Jaarlijks Jaarlijks 1 x per 4 jaar. Jaarlijks Om de 4 jaar

CROW-beeldkwal. Scheidingsmeter Technische normen Technische normen APK-Keuring NEN 2767

Intern Extern Extern Extern Extern Extern

Conclusies Om een goed en compleet overzicht te geven, is hieronder een tabel opgenomen met daarin de conclusies over de beheerplannen waarin de vraag wordt beantwoord welke goed in de begroting zijn vertaald. Als dit niet het geval is wat is dan het jaarlijks benodigde bedrag om geen achterstanden op te lopen en de openbare ruimte structureel te kunnen onderhouden:

Beheerplan

Financieel te kort / ruimte

Algemeen Algemeen PM Openbaar groen

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

Opmerking De kapitaalgoederen zijn goed in beeld en behalen de vastgestelde kwaliteit. In 2024 zijn enkele beheerplannen weer toe aan actualisatie. Vervanging is deels opgenomen in begroting, deels niet. Volgt vanuit het nog op te stellen beheerplan, nog geen risico.

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

50 | P a g i n a

3.4. Financiering Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar

Algemeen De paragraaf Financiering is op grond van de Wet financiering decentrale overheden (wet FIDO) en het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) een verplicht onderdeel van de gemeentebegroting en jaarrekening. De paragraaf is een weergave van de wijze waarop de financieringsfunctie (het stelsel van leningen, beleggingen en garanties) binnen de gemeente is ingericht. De uitvoering van de treasury vindt zijn weerslag in deze paragraaf. Treasury is een proces binnen een organisatie dat tot doel heeft het financierings- en het cashmanagement te optimaliseren en te waarborgen dat het bedrijf aan zijn verplichtingen tegenover schuldeisers kan voldoen. Het treasurybeleid wordt gevoerd vanuit de door de raad vastgestelde financiële verordening en het treasurystatuut, daarnaast op onderdelen op grond van wetgeving van de centrale overheid.

Financieringspositie en -resultaat Financieringspositie De financieringspositie wordt bepaald door de boekwaarde van de activa af te zetten tegen de beschikbare financieringsmiddelen in het eigen vermogen (reserves) en vreemd vermogen (langlopende geldleningen en voorzieningen). Als de waarde van de activa lager is dan de financieringsmiddelen spreken we van een financieringsoverschot, als de waarde hoger is van een financieringstekort. In het volgende schema is het (verwachte) verloop van de financieringspositie van de gemeente Montfoort per jaar ultimo over 2022 tot en met 2027 opgenomen. Financieringspositie ultimo 2022-2027 (bedragen x € 1.000.000) 2022 2023 2024 2025

2026

2027

0,0 45,8 0,2 0,0 46,0

0,0 45,4 0,1 0,0 45,5

0,0 43,3 0,1 0,0 43,4

25,2 8,7 5,2 1,6 40,7

23,8 9,3 5,7 1,8 40,6

22,3 9,8 6,1 0,3 38,5

20,9 10,3 6,6 -0,1 37,7

-5,2 -0,9

-5,4 -5,3

-7,0 -6,2

-5,7 -6,4

Vaste activa Immaterieel Materieel Financieel Onderhanden werk Totaal vaste activa

0,0 28,2 0,2 0,0 28,4

0,0 38,8 0,2 0,0 39,0

0,0 45,7 0,2 0,0 45,9

Financieringsmiddelen Opgenomen leningen Voorzieningen Reserves Resultaat Totaal vaste passiva

27,9 7,7 3,5 3,0 42,1

26,6 8,4 5,1 2,4 42,5

Financieringspositie (ultimo) Financieringspositie (gem. in het jaar)

13,7 7,2

3,5 8,6

Naar de actuele inzichten ontstaat er in eind 2024 een financieringstekort. Op welke wijze dit zal worden afgedekt hangt onder meer af van het daadwerkelijk verloop van de verwachte investeringen en de renteverwachting. Financieringsresultaat Investeren kost geld. Aan investeringen wordt daarom een interne rente toegerekend. Voor financieel vaste activa geldt dat er een contractueel overeengekomen rente aan de debiteur wordt toegerekend. Als we de som van beiden verlagen met de rente die we moeten betalen over de opgenomen geldleningen weten we het effect van de financiering op de begroting (financieringsresultaat). In het volgende overzicht is het gerealiseerde financieringsresultaat over 2022 en het begrote financieringsresultaat over 2023 tot en met 2027 weergegeven.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

51 | P a g i n a

Financieringsresultaat 2022-2027 (bedragen × € 1.000.000) 2022 2023 2024 2025 Rentebaten: Toegerekende rente aan investeringen Toegerekende rente aan grondexploitaties Ontvangen rente Totaal rentebaten Rentelasten: Betaalde rente van geldleningen Rente over financieringstekort Totaal rentelasten Berekend financieringsresultaat Financieringsresultaat volgens MJB Verschil

2026

2027

0,3 0,0 0,0 0,3

0,6 0,0 0,0 0,6

0,8 0,0 0,0 0,8

0,9 0,0 0,0 0,9

0,9 0,0 0,0 0,9

0,9 0,0 0,0 0,9

0,3 0,0 0,3

0,6 0,0 0,6

0,6 0,0 0,6

0,5 0,0 0,5

0,5 0,0 0,5

0,5 0,0 0,5

0,0 0,1 -0,1

0,0 0,1 -0,1

0,2 0,3 -0,1

0,4 0,3 0,1

0,4 0,3 0,1

0,4 0,3 0,1

Renteschema begroting 2024 a. b.

De externe rentelasten over de korte en lange financiering De externe rentebaten (idem)

571.155 0 --------------------571.155

Saldo rentelasten en rentebaten c1. c2. c3.

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

0

0 --------------------0 --------------------571.155

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. d2.

0

rente over eigen vermogen rente over voorzieningen

0 0 --------------------571.155

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e.

De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

-784.235 ---------------------213.080

f.

Renteresultaat op het taakveld Treasury (baat)

*

de boekwaarde van de activa die integraal zijn gefinancieerd per 1 januari bedragen 39.014.082 de boekwaarde van de activa die project zijn gefinancieerd per 1 januari bedragen 0 Rentepercentage van aan taakvelden toe te rekenen rente bedraagt 1,50% (afgerond 2,0%)

Wet FIDO en financiering De in de inleiding genoemde Wet FIDO beoogt decentrale overheden een kader te geven om renterisico’s op leningen zo beperkt mogelijk te houden. Renterisico ontstaat door wijzigingen in rentepercentages van opgenomen leningen en kasgeldleningen. Er zijn twee verplichte richtlijnen in de Wet FIDO om de renterisico’s te bewaken en te beheersen: de kasgeldlimiet voor korte financiering en de renterisiconorm voor lange financiering.

Kasgeldlimiet P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

52 | P a g i n a

De kasgeldlimiet stelt een grens aan het bedrag dat met kort geld (korter dan één jaar) mag worden gefinancierd. Dit is een door de rijksoverheid vastgesteld percentage (momenteel 8,5%) van de begrote lasten per jaar. Indien de gemiddelde korte financiering de limiet overschrijdt zal er geconsolideerd moeten worden door middel van het afsluiten van een lange financiering. Kasgeldlimiet Montfoort 2023-2027 (bedragen × € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Begrote lasten 33.241 35.308 34.204 33.400 Kasgeld limiet (8,5%) 2.825 3.001 2.907 2.839

2027 33.468 2.845

Renterisiconorm Ook voor renterisico’s in de lange financiering is in de Wet FIDO een norm gesteld. Deze norm, de renterisiconorm, bedraagt 20% van de stand van de vaste schuld per 1 januari. De vaste schuld is hierbij gedefinieerd als de opgenomen leningen met een rentetypische looptijd groter of gelijk aan 1 jaar. Met andere woorden: de Wet FIDO acht het renterisico aanvaardbaar in de tijd gespreid indien in een bepaald jaar niet meer dan 20% van per 1 januari geldende restschuld van opgenomen leningen aan renteaanpassing onderhevig is. In het volgende overzicht staat de verwachte ontwikkeling van de renterisiconorm (in € 1.000) bij gemeente Montfoort vermeld. Renterisico 2023-2027 (bedragen x € 1.000) berekening 1-1-2023 1-1-2024

1-1-2025

1-1-2026

1-1-2027

Renteherziening vaste schuld og

a

0

0

0

0

0

Renteherziening vaste schuld ug

b

0

0

0

0

0

c=a-b

0

0

0

0

0

Nieuw aangetrokken schuld

d

0

0

0

0

0

Nieuw verstrekte leningen

e

0

0

0

0

0

f=d-e

0

0

0

0

0

Netto renteherziening

Netto nieuwe schuld Betaalde aflossingen

1.402

1.405

1.409

1.413

1.417

Herfinanciering

h=laagste f of g

g

0

0

0

0

0

Renterisico

i=c+h

0

0

0

0

0

Renterisiconorm Vaste schuld

j

27.972

26.571

25.166

23.757

22.344

Percentage vastgesteld

k

20

l=jxk

5.594

20 5.314

20 5.033

20 4.751

20 4.469

Renterisiconorm

m=l

5.594

5.314

5.033

4.751

4.469

Renterisico vaste schuld

n=i

0

0

0

0

0

5.594

5.314

5.033

4.751

4.469

Renterisiconorm Toets renterisiconorm

Ruimte

o=m-n

Schatkistbankieren Afgezien van de mogelijkheid om aan elkaar leningen te verstrekken, zijn decentrale overheden verplicht alle middelen die ze niet direct nodig hebben voor hun publieke taak in de schatkist aan te houden. Wel is er sprake van een bepaalde drempel. De drempel is per 1 juli 2021 gewijzigd en vastgesteld op 2,00% van het begrotingstotaal, met een minimum van € 1,0 mln. Begrote drempelbedragen schatkistbankieren Montfoort 2023-2026 (bedragen × € 1.000) 2024 2025 2026 2027 Begrote lasten 35.308 34.204 33.400 33.468 Drempel schatkistbankieren (2,0%) Drempel minimum

706

684

668

669

1.000

1.000

1.000

1.000

Leningenportefeuille opgenomen gelden P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

53 | P a g i n a

Constant wordt in de gaten gehouden of het rendabel is leningen vervroegd af te lossen. In onderstaand schema worden de mutaties van de leningenportefeuille voor het begrotingsjaar weergegeven (in euro’s). Bank Percentage BNG Bank 1,749% BNG Bank 1,970% BNG Bank 1,530% BNG Bank 0,295% BNG Bank 3,040% Provincie Limburg 2,935%

Stand 1-1 Rentebedrag 3.833.333 58.138 5.712.717 110.926 1.224.870 17.566 3.150.000 8.860 6.650.000 199.566 6.000.000 176.100

Totaal

26.570.920

571.155

Aflossing 666.667 110.507 103.092 175.000 350.000 0

Stand 31-12 3.166.667 5.602.210 1.121.778 2.975.000 6.300.000 6.000.000

1.405.266

25.165.654

Meerjarig laten de opgenomen leningen het volgende zien:

Stand per 1-1 Opname Aflossing Stand per 31-12

2024 26.570.920 0 1.405.266 25.165.654

2025 25.165.654 0 1.409.020 23.756.634

2026 23.756.634 0 1.412.842 22.343.792

2027 22.343.792 0 1.416.731 20.927.061

Leningenportefeuille uitgezette gelden Tot deze portefeuille behoren vooral leningen die conform de besluiten van de gemeenteraad zijn verstrekt aan de Stichting Kunstgras Montfoort en de Stichting Zwembad Montfoort. Het saldo van de verstrekte geldleningen bedraagt per 1 januari 2023 afgerond € 127.000, zonder hypothecaire zekerheid.

Beleggingsportefeuille Het aandelenbezit (totaal € 43.161) is niet gebaseerd op winstoogmerk. Het risico van deze aandelen bij de Bank Nederlandse Gemeenten en Vitens is verwaarloosbaar. Aandelenportefeuille bestaat uit: BNG Bank Vitens Totaal

€ 31.200 € 11.861 € 43.061

Leningen met een gemeentegarantie In het kader van een publieke taak waarborgt de gemeente in sommige gevallen leningen voor investeringen die passen binnen de doelstellingen van de begroting. Het beleid ten aanzien van verstrekken van een garantie is vastgelegd in de Financiële Verordening en houdt in dat deze slechts in uitzonderlijke gevallen wordt afgegeven. De portefeuille van de gegarandeerde leningen bedraagt per 1-1-2023 ongeveer € 21,8 miljoen (saldo 31-12-2022 jaarrekening). waarvoor de gemeente indirect garant staat voor leningen van de woningcorporatie afgesloten via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) en Hypotheekgarantie Eigen Woningen (vóór 1995).

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

54 | P a g i n a

3.5. Bedrijfsvoering Portefeuillehouders: mr. P.J. van Hartskamp-de Jong en C.L. Jonkers

Een eigen organisatie Aan de ambtelijke capaciteit van onze organisatie zitten grenzen. Uit een benchmark van Berenschot (2021) blijkt dat onze ambtelijke organisatie efficiënt haar taken uitvoert. De organisatie is formatief slank maar vooralsnog passend voor onze opgaven en de basis voor zelfstandigheid. Mede gelet op de krappe arbeidsmarkt is balans tussen organisatiemogelijkheden en ambities van belang. De afgelopen jaren hebben we gezien dat gemeente Montfoort een positief imago en goede naam heeft als werkgever en daarmee een aantrekkelijk werkgever is. Vacatures worden tot op heden nog steeds ingevuld. We hebben een concurrerend doch betaalbaar functieboek, fatsoenlijke secundaire arbeidsvoorwaarden, een fijne werksfeer en (daardoor) een goede mondelinge arbeidsmarktreclame. Het is van groot belang dit zo te houden en te investeren in goed werkgeverschap. Zo kunnen we onze organisatie blijven bemensen en de mensen vervolgens behouden. Om de kwaliteit en deskundigheid van de organisatie te behouden en bevorderen is het noodzakelijk te beschikken over goede mogelijkheden voor opleiding, vorming en training. Het opleidingsbudget voor ons personeel is in 2019 gebaseerd op 28% van het personeelsbestand van de UW samenwerking. Sindsdien is het aantal personeelsleden toegenomen voornamelijk door drie ontwikkelingen.

Ten eerste door het zelf uitvoeren van taken die voorheen door de OdrU werden gedaan. Ten tweede door capaciteitsbehoefte op informatieveiligheid en ICT en ten derde door de taken die we als gemeente uit moeten voeren op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast is de opleidingsbehoefte toegenomen omdat we nieuwe taken onder nieuwe wetgeving moeten gaan uitvoeren. Het opleidingsbudget is op deze ontwikkelingen vanaf 2024 dan ook aangepast. Een goed bemenste organisatie met deskundige en efficiënte medewerkers is weerbaar en levert kwaliteit. Zowel als zelfstandige organisatie die productief moet kunnen samenwerken met een bestuur dat elke vier jaar weer wezenlijk anders kan zijn en opereren, als ook als robuuste samenwerkingspartner. Een partner die niet onderdoet bij de kracht van het getal maar de gemeenschap van Montfoort sterk en zelfverzekerd vertegenwoordigt. Na de ontvlechting van UW Samenwerking hebben we geconstateerd dat de gemeente Montfoort een regiegemeente is. Voor diverse taken functioneert dit naar volle tevredenheid. Wel zien we dat, meer dan bij andere gemeenten, wij onze uitgaven minder kunnen beïnvloeden door vastgelegde verhoudingen in gemeenschappelijke regelingen. Door het principe van regiegemeente wat los te laten ontstaat de mogelijkheid om per uit te voeren taak het terughalen daarvan naar de eigen ambtelijke organisatie te overwegen.

De financiële positie en de omvang van onze gemeente brengen enkele kwetsbaarheden met zich mee. Zo is er zeer beperkte ruimte om op onvoorziene gebeurtenissen en op projecten buiten going concern te anticiperen. Ook hebben we relatief veel ‘één-pitters functies’, waardoor het bij verlof of ziekte een uitdaging is om taken op te vangen. Om de continuïteit en een stabiel personeelsbeleid te borgen voeren wij een strategisch personeelsbeleid. We kijken drie jaar vooruit, brengen toekomstige vacatures wegens pensionering of loopbaanontwikkeling in kaart en anticiperen daarop. Dit doen wij door aanpassingen in de organisatie inrichting aan te brengen en door het tijdig invullen van vacatures zodat er nog sprake kan zijn van overdracht van kennis en kunde. Resumerend zijn onze belangrijkste aandachtspunten: • Behouden van een positief imago als werkgever om kwantitatief en kwalitatief voldoende medewerkers te kunnen aantrekken (op de huidige krappe arbeidsmarkt) en behouden. • Borgen van en blijven investeren in goed werkgeverschap zowel in arbeidsvoorwaarden als in werksfeer. • Borgen van en blijven investeren in opleidingsmogelijkheden zowel in middelen als in samenwerking met andere gemeenten (Groene Hart Academie). • Er continu zorg voor dragen dat onze organisatie zo efficiënt, doelmatig en praktisch mogelijk is ingericht.

Deze punten vormen de basis voor ons personeelsbeleid en onze bedrijfsvoering.

Informatiebeveiliging Het risico op beveiligingsincidenten neemt elk jaar toe en daarmee wordt ook het belang om de informatiesystemen van de gemeenten goed te monitoren steeds groter. Er zijn door ICT Gouwe-IJssel extra technische en personele maatregelen genomen om de beveiliging van systemen verder te verbeteren. Er zijn verder ook voor alle medewerkers van de werf en voor alle raads- en commissieleden een volledige Microsoft365 licenties aangeschaft. Hiermee kunnen ook deze groepen gebruikers digitaal vergaderen met Teams en kan er op een veilige manier ingelogd worden op het wifi-netwerk op Kasteelplein 5.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

55 | P a g i n a

AVG en WPG Sinds 25 mei 2018 geldt in de hele EU dezelfde privacywetgeving, de AVG. Aanvullend op de AVG is op 1 januari 2019 Wet politiegegevens (Wpg) van kracht geworden. De Wpg gaat specifiek over verwerking van persoonsgegevens door de BOA’s. Het jaar 2024 zal in het teken staan van verdere implementaties en verbeteringen van de AVG vereisten, zoals het optimaliseren van het privacy- en risicomanagement. Daarnaast zal uitvoering worden gegeven aan het verbeterplan – wat is opgesteld naar aanleiding van de verbeterpunten die naar voren zijn gekomen uit de interne audit op de werkprocessen van de Wet Politiegegevens (Wpg). Omdat voor de Wpg een jaarlijkse audit noodzakelijk is wordt dit vast onderdeel van de auditcyclus Informatiebeveiliging. Er blijft aandacht besteed worden aan de bewustwording van medewerkers met betrekking tot het adequaat omgaan van persoonsgegevens. Daarnaast worden er regelmatig informatiesessies ‘Privacy & Informatiebeveiliging’ gegeven

Automatisering De samenwerking met ICT Gouwe-IJssel wordt steeds professioneler. Afstemming vindt plaats op strategisch, tactisch en op operationeel niveau. Uit een meetmoment over de kwaliteit van de dienstverlening door ICT Gouwe-IJssel is gebleken dat het overgrote deel van de organisatie tevreden is met de huidige gang van zaken en de dienstverlening.

Informatiebeheer Er wordt verder gegaan met het incorporeren van de Nieuwe Archiefwet en de Wet Open Overheid (WOO) binnen de standaard werkprocessen van de gemeente Montfoort. Hierdoor wordt ons werk transparanter en wordt overheidsinformatie beter vindbaar. Voor de WOO wordt een organisatiebrede anonimiseringstool ingevoerd. Ook worden meer kwaliteitscontroles ingevoerd om informatie in een complete, geordende en toegankelijker staat te krijgen.

Wet open overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet heeft als doel (semi)overheden transparanter en toegankelijker te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo is in de plaats gekomen van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Een verschil van slechts één letter, maar de nieuwe Woo gaat heel wat betekenen voor de gemeente. Zo worden we verplicht om – gefaseerd - verschillende soorten documenten (verdeeld over 11 categorieën) actief en snel openbaar te maken. Ook verplicht de Woo om onze informatiehuishouding op orde te brengen; een bepaling uit de Archiefwet is daarbij herhaald in de Woo. Hiermee is een aanzienlijke doorlooptijd gemoeid; de Memorie van Toelichting bij de wet noemt een mogelijke termijn van acht jaar. De implementatie van de Woo heeft consequenties voor capaciteit, werkprocessen, ICT-voorzieningen, opleiding van medewerkers en ambtelijke cultuur/attitude. De financiële gevolgen van de implementatie en uitvoering van de Woo zijn door het Rijk bij de meicirculaire 2021 gecompenseerd met zowel incidentele als structurele middelen.

Het gefaseerd in werking treden geschiedt als volgt: ‘Haagse” werkgroepen zijn bezig om te detailleren/verduidelijken wat er precies per categorie actief openbaar gemaakt moet worden omdat veelal onduidelijk om is welke informatie het precies gaat. Voor vier categorieën is die verduidelijking in 2023 afgerond en werd intern gecontroleerd of daaraan voldaan werd en zo niet wat er gedaan moest worden om dat voor elkaar te krijgen. In 2024 worden meer van de uitgewerkte categorieën verwacht en die zullen stuk voor stuk intern uitgewerkt moeten worden in de respectievelijke werkprocessen. De inwerkingtreding per categorie geschiedt formeel per Koninklijk Besluit maar vooruitlopend op de verplichting wordt daar materieel vanaf het definiëren al zo goed als mogelijk is uitvoering aan gegeven. In de wet is bepaald, dat openbaarmaking wat betreft de 11 categorieën moet plaatsvinden via het landelijke Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI). Het agentschap KOOP (Kennis- en Exploitatiecentrum voor Officiële Overheidspublicaties) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ontwikkelt PLOOI. Er is door KOOP in afwachting van een goed functionerend PLOOI alvast een website beschikbaar gesteld waar Woo informatie van overheidsorganisaties gevonden kan worden. https://organisaties.overheid.nl/woo.

Voor de gemeente Montfoort wordt door KOOP vooralsnog alleen informatie verzameld vanuit www.overheid.nl.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

56 | P a g i n a

3.6. Verbonden partijen Portefeuillehouder(s): mr. P.J. van Hartskamp-de Jong, C.L. Jonkers, C. van Dalen, W. van Wikselaar en A.P.M. van de Poll Let op: we rapporteren in deze paragraaf alleen over het eigenaarschap van de verbonden partijen. Hoe ze het beleid van de gemeente uitvoeren (opdrachtgeversgedeelte), eventuele ontwikkelingen daarvan en prestatie-indicatoren zijn in de programma’s opgenomen.

Algemeen Deze paragraaf geeft conform de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten inzicht in ontwikkelingen en voornemens ten aanzien van verbonden partijen. Een gemeente kan in principe zelf bepalen hoe een bepaalde taak wordt uitgevoerd. De gemeente kan er bijvoorbeeld voor kiezen de taak zelf uit te voeren of de uitvoering te regelen met een aantal andere gemeenten gezamenlijk. Vanwege de bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen en mogelijke risico’s is het gewenst dat in de begroting aandacht wordt besteed aan rechtspersonen waarmee de gemeente een band heeft. Verbonden partijen zijn die partijen waarmee de gemeente een bestuurlijke relatie heeft en waarin zij een financieel belang heeft. Van een financieel belang is sprake als er juridisch afdwingbare financiële verplichtingen bestaan. Het gaat dus om derde partijen, waarbij de gemeente zeggenschap heeft door vertegenwoordiging in het bestuur en/of stemrecht waaraan voor de gemeente een financieel risico is verbonden als bijgedragen moet worden in eventuele nadelige saldi, als die partij failliet gaat, haar verplichtingen niet nakomt, de samenstelling van partijen wijzigt, de gemeente niet langer wil deelnemen in de partij of als de partij ophoudt te bestaan.

Naast de publiekrechtelijke regelingen neemt gemeente Montfoort deel in NV’s (waterbedrijf Vitens en de Bank Nederlandse Gemeenten) en werkt zij samen in de Stichting Inkoopbureau Midden-Nederland en de Stichting Urgentieverlening West Utrecht. Daarnaast neemt de gemeente Montfoort deel aan de regionale netwerkorganisatie U10 en aan het platform voor kleine gemeenten K80. Deze paragraaf richt zich vooral op de publiekrechtelijke verbonden partijen, de gemeenschappelijke regelingen. Visie en beleidsvoornemens De gemeente Montfoort heeft op het gebied van verbonden partijen de volgende visie: De gemeente streeft naar het efficiënt uitvoeren van gemeentelijke taken op basis van samenwerking met een adequate regiefunctie, waarbij de sturingselementen zoals transparantie, kaderstelling, verantwoording en controle voldoende gewaarborgd zijn. Op het gebied van verbonden partijen hebben we de volgende beleidsvoornemens: 1. het waarborgen van de juiste besteding van de publieke gelden; 2. het afdekken c.q. vermijden van risico’s; 3. het uitvoeren van taken volgens de overeengekomen kwaliteitseisen.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

57 | P a g i n a

Gemeenschappelijke regelingen Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Programma Wonen en ruimte Vestigingsplaats Soest Doel Deze gemeenschappelijke regeling heeft tot doel om op een doelmatige en uit oogpunt van milieuhygiëne verantwoorde wijze sturing en uitvoering te geven aan het afvalstoffenbeleid in de provincie Utrecht. Deelnemende De gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, De Bilt, De Ronde Venen, Eemnes, ‘partijen’ Houten, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Soest, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Wijk bij Duurstede, Woerden, Woudenberg, IJsselstein en Zeist. Openbaar belang Het gaat om het zorgdragen voor een goede, reguliere en milieuverantwoorde verwerking van door de gemeenten ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en de inzameling van glas, papier en karton, ofwel de inzameling, het overladen, het transport en de verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Daarnaast heeft de AVU een adviserende rol naar de deelnemende gemeenten, voor wat betreft nationale en internationale ontwikkelingen die zich op afvalgebied voordoen. Bestuurlijk belang Het Algemeen Bestuur bestaat uit één deelnemer per gemeente, benoemd door de betreffende gemeenteraden. De vertegenwoordiger van Montfoort in het algemeen bestuur is wethouder Van Wikselaar.

Financieel belang De Afvalverwijdering Utrecht sluit contracten af met verwerkers voor het transport en de verwerking van diverse afvalstromen. Deze kosten worden op basis van de werkelijke aangeboden gewichten bij de deelnemende gemeenten in rekening gebracht samen met de opslag voor de apparaatskosten. Op basis van de begroting 2024 van de AVU bedragen de lasten voor de gemeente Montfoort € 598.316. Evt. veranderingen in Geen een belang Verhouding eigen en In beginsel heeft de AVU geen eigen vermogen. De gerealiseerde overschotten/tekorten vreemd vermogen worden verrekend met de gemeenten. Resultaat De AVU verrekent de voor- en nadelen met de deelnemers. Risico’s Het afval uit de gemeente wordt verwerkt door zelfstandige marktpartijen. Een mogelijke liquidatie van de partijen kan negatieve gevolgen hebben voor de gemeenten die aangesloten zijn bij de AVU. Veranderende wet- en regelgeving kan leiden tot wijziging van de bedrijfsvoering of hogere kosten voor de eindverwerking van het afval (voorbeeld: verbranding belasting). Door het ontbreken van reserves en voorzieningen heeft de AVU geen weerstandsvermogen. Alle in enig jaar gemaakte kosten worden aan de deelnemers doorberekend. Als gevolg hiervan kunnen schommelingen optreden in de jaarlijks te betalen bijdragen. In de praktijk is dit effect zeer beperkt gebleken.

Verplichte kengetallen Weerstandsvermogen

Daarnaast is er een risico dat de werkelijk ingezamelde tonnages afval afwijken van de ingeschatte hoeveelheden (hoger of lager). Ten behoeve van de begroting 2024 worden door de deelnemers meer dan een jaar van tevoren de verwachte tonnages ingeschat. De AVU rekent met de deelnemers altijd af op basis van de werkelijke tonnages. De prijsverschillen zijn (door de over het algemeen langlopende contracten) beperkt. De AVU heeft geen eigen- en vreemd vermogen, alle kengetallen zijn 0.

Belasting Samenwerking Rivierenland (BSR) P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

58 | P a g i n a

Programma Vestigingsplaats Doel

Deelnemende ‘partijen’

Openbaar belang Bestuurlijk belang

Financieel belang Evt. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd vermogen Resultaat Risico’s

Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Tiel De gemeenschappelijke regeling heeft als doel het behalen van financiële, kwalitatieve en procesmatige voordelen door professionalisering van de belasting. Door de samenwerking bij de heffing en invordering van waterschapsbelasting, afvalstoffenheffing en gemeentelijke belastingen, alsmede de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken, het beheer en uitvoering van vastgoedinformatie en de uitvoering van de werkzaamheden Basisregistratie Adressen en Gebouwen. De deelnemers zijn: de gemeenten Culemborg, Maasdriel, Montfoort, Tiel en West Maas en Waal, West Betuwe, Wijk bij Duurstede, IJsselstein, het Waterschap Rivierenland en de gemeenschappelijke regeling Regio Rivierenland ten behoeve van de Afvalverwerking Rivierenland (AVRI). Een goede en efficiënte heffing en invordering van de gemeentelijke belastingen. De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regio Rivierenland wijzen uit hun midden elk één lid aan en het dagelijks bestuur van Waterschap Rivierenland wijst uit zijn midden twee leden aan. Wethouder Van Wikselaar vertegenwoordigt gemeente Montfoort in het algemeen bestuur. De reguliere bijdrage voor 2024 bedraagt € 317.000. (Hiervan is € 16.600 de door de gemeente te verrekenen BTW, via het BTW – compensatiefonds). Geen.

In beginsel heeft de BSR geen eigen vermogen. De gerealiseerde overschotten worden verrekend met de gemeenten. De BSR mag volgens de gemeenschappelijke regeling geen eigen vermogen hebben en verrekent derhalve alle voor- en nadelen binnen het boekjaar met de deelnemers. Omdat de BSR een goed lopend en gezond bedrijf is, willen meer gemeenten en waterschappen deelnemen. Op zichzelf is dat een goede ontwikkeling. Er zit wel het risico aan vast, dat het bedrijf te groot wordt en daardoor niet meer in control. Daar zal het bestuur het goede evenwicht in moeten zien te bewaren. De incidentele weerstandscapaciteit van BSR is gelijk aan de in de begroting opgenomen post onvoorzien. In 2009 is besloten dat er geen algemene reserve bij BSR zal worden gevormd. BSR heeft daardoor geen structurele weerstandscapaciteit. Voor eventuele risico’s die niet in de begroting zijn opgenomen en niet gedragen kunnen worden uit de post onvoorzien, dienen deelnemers van BSR zelf een voorziening te treffen. Risico’s met betrekking tot de belastingopbrengsten behoren niet tot de bedrijfsrisico’s van BSR.

Verplichte kengetallen weerstandsvermogen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Rekening 2022 2,2% -

Begroting 2023 2,8%

Begroting 2024 2,0%

4,2% 0,0%

3,3% 0,0%

1,7% 0,0%

Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU) Programma Inkomen, jeugd en Wmo Vestigingsplaats Zeist Doel De GGD-regio Utrecht heeft als doel om de taken uit te voeren, die bij of krachtens de Wet publieke gezondheid (Wpg) aan de colleges zijn opgedragen (Volksgezondheid basistaken). P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

59 | P a g i n a

Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU) De GGD-regio Utrecht voert voor Montfoort ook taken uit binnen de Jeugdgezondheidszorg (maatwerktaken). Dat omvat onder andere de consultatiebureaus, de schoolartsen en het Meld- en Adviespunt Bezorgd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Montfoort&id=b7294352-21a6-42b2-93f5-5a94b9256996