CConstaterende datMontfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Begroting 2024 en meerj 2025 - 2027

Raadsvergadering 6 november 2023, gemeente MontfoortBij agendapunt: Raadsvoorstel Begroting 2024 en meerjarenbegroting 2025-202739.729 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Deelnemende ‘partijen’

Openbaar belang Bestuurlijk belang Financieel belang Evt. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd vermogen

Resultaat Risico’s

Verplichte kengetallen weerstandsverm ogen

Ten slotte voert de GGD-regio Utrecht enkele specifieke toezichtstaken uit; toezicht op uitvoering door Wmo-zorgaanbieders, en toezicht op grond van de Wet kinderopvang (kinderopvang- en gastouderbedrijven). De gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, de Bilt, Eemnes, Houten, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Ronde Venen, Stichtse Vecht, Soest, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vijfherenlanden, Woerden, Woudenberg, Wijk bij Duurstede, IJsselstein en Zeist. De Wet publieke gezondheid maakt de gemeenten verantwoordelijk voor de bescherming en bevordering van de publieke gezondheid voor hun inwoners. Daarbij verplicht de wet gemeenten tot het instandhouden van een GGD om uitvoering te geven aan deze verantwoordelijkheden. Het college van iedere deelnemende gemeente benoemt uit zijn midden één lid voor het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur benoemt het dagelijks bestuur. Wethouder van Dalen is lid van het algemeen bestuur. De reguliere bijdrage voor 2024 is € 688.365. Hiervan is (exclusief huisvesting) € 33.290 maatwerk voor de gemeente Montfoort. Geen.

Balans 2023

Balans 2024

Eigen vermogen

€ 3.011.000

€ 2.309.000

Vreemd vermogen

€ 19.737.000

€ 18.942.000

Het jaarresultaat over 2022 sluit met een positief saldo van € 648.000. Per 31 december 2022 bedraagt de weerstandscapaciteit € 2.848.598 (zijnde de algemene reserve van GGDrU) voor resultaattoedeling. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 1.129.750. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 2,316. Hiermee zijn de genoemde risico’s financieel afdoende afgedekt.

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

Rekening 2022 2,4%

Begroting Begroting 2023 2024 20,8% 16,5%

2,4%

20,8%

16,5%

Solvabiliteitsratio

12,9%

15,3%

10,9%

Kengetal structurele exploitatieruimte

0,0%

-0,4%

0,0%

Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Programma Openbare orde en veiligheid Vestigingsplaats Utrecht Doel Het doel van de veiligheidsregio is om de kwaliteit van de rampenbeheersing, crisisbeheersing en noodhulpverlening in de regio Utrecht te verbeteren. Door een intensieve samenwerking P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

60 | P a g i n a

Veiligheidsregio Utrecht (VRU) tussen gemeenten en de diverse hulpdiensten ontstaat een organisatie die bestuurlijk en operationeel gezien slagvaardig kan optreden bij crisisbeheersing en rampenbestrijding. Deelnemende Alle Utrechtse gemeenten ‘partijen’ Openbaar Adequate rampen- en crisisbeheersing Ter behartiging van dit belang vervult de veiligheidsregio vier kerntaken: belang 1. Het ondersteunen en beheren van de regionale brandweerzorg, bevolkingszorg en de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen (GHOR); 2. Het samen met de politie inrichten en in stand houden van een gemeenschappelijke meldkamer (GMU); 3. Het geven van adviezen over pro-actie en preventie aan de gemeentebesturen; 4. De voorbereiding van de crisisbeheersing en rampenbestrijding Bestuurlijk Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht bestaat uit de burgemeesters van de belang Utrechtse gemeenten. Financieel De reguliere bijdrage voor 2024 is € 924.000. belang Evt. Geen. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd Balans 2023 Balans 2024 vermogen Eigen vermogen € 22.485.000 € 22.208.000 Vreemd vermogen Resultaat

Financiële risico’s

€ 67.460.000

€ 73.530.000

Het jaar 2022 is afgesloten met een positief resultaat voor bestemming van € 742.000. Het resultaat is gestort in de ontwikkel- en egalisatiereserve als dekking voor activiteiten uit 2022 die doorlopen in 2023. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit voor 2023 € 0,63 miljoen. Onze beschikbare weerstandscapaciteit is € 1,41 miljoen. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/benodigd) per 1 januari 2023 groter dan 1 (2,2). Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet in 2024 zullen de taken van de VRU veranderen en verschuiven. De klassieke adviestaak in de sfeer van (brand)veiligheid verandert en de toezichtrol neemt toe. Formatie-gerelateerde frictiekosten worden niet uitgesloten. Deze zijn op dit moment nog niet inzichtelijk en zullen indien nodig met een wijziging op de begroting worden opgenomen. Taakdifferentiatie brandweer (verplichtend of niet verplichtend karakter van de brandweer) Onderzocht is hoe de brandweervrijwilligers nadrukkelijk en fundamenteel zijn te onderscheiden van de beroepskrachten, zodat wordt voldaan aan de normen uit Europese en internationale regelgeving en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie. In de denkrichting wordt een taakdifferentiatie voorgesteld tussen vrijwilligers en beroepsmedewerkers, waarbij het systeem van vrijwilligheid behouden blijft.

Uitgangspunt van de denkrichting is een werkbaar en fundamenteel onderscheid te maken tussen vrijwilligers en beroepsmedewerkers dat geen afbreuk doet aan het niveau en de kwaliteit van brandweerzorg. Er bestaat een reëel risico dat de kosten voor brandweerzorg als gevolg van de taakdifferentiatie significant stijgen. De eventuele verschuiving van taken van vrijwilligers naar beroepskrachten kan leiden tot meer (parttime) beroepsaanstellingen en daarmee tot extra loonkosten voor de werkgever. Ook de kosten voor vakbekwaamheid kunnen toenemen als gevolg van een verschuiving van specialistische taken. Er is nog geen duidelijkheid over de omvang en fasering van de eventuele meerkosten als gevolg van de taakdifferentiatie.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

61 | P a g i n a

Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Uitgangspunt van het Veiligheidsberaad is dat eventuele financiële consequenties als gevolg van wijzigingen in het stelsel door het Rijk worden gecompenseerd. Verplichte kengetallen Rekenin Begroting Begroting weerstandsverm 2023 2024 g ogen 2022 Netto schuldquote 25,3% 48,7% 54,4% Netto schuldquote gecorrigeerd voor 25,2% 48,7% 54,4% alle leningen Solvabiliteitsratio 27,1% 25,0% 23,2% Structurele exploitatieruimte -0,1% 0,0% 0,0% Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard Programma Onderwijs, sport en cultuur Vestigingsplaa Woerden ts Doel De gemeenschappelijke regeling heeft als doel het beheer van de in de archiefbewaarplaatsen berustende archieven en het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze niet naar een archiefbewaarplaats zijn overgebracht. Deelnemende Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Lopik, partijen Montfoort, Oudewater, Woerden en IJsselstein. Openbaar Op grond van de Archiefwet 1995 moeten besturen van overheden er zorg voor dragen dat hun belang archieven in goede en geordende staat verkeren. De uitvoering van deze bepaling geschiedt via archiefdiensten. Op grond van diezelfde wet zijn alle overheidsarchieven van 20 jaar en ouder in principe openbaar en voor iedereen kosteloos te raadplegen.

De gemeenten en het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden werken onderling samen met het doel het bepaalde in art. 32, lid 1 en 2, en artikel 37, lid 1 en 2 van de Archiefwet 1995 gezamenlijk te doen verrichten. Bestuurlijk Burgemeester van Hartskamp-de Jong is lid van de Archiefcommissie. belang Financieel De reguliere bijdrage voor 2024 bedraagt € 79.762 (hiervan is € 5.554 de door de gemeente te belang verrekenen BTW, via het BTW-compensatiefonds). Evt. Geen. veranderingen in een belang Verhouding Het Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard heeft geen eigen of vreemd eigen en vermogen. vreemd vermogen Resultaat De jaarrekening van 2022 kent een positief resultaat, dat terug is gevloeid naar de deelnemers. Risico’s De risico’s ten aanzien van deelname zijn beperkt. Het RHC levert in het algemeen de prestaties, die we van haar verwachten. Verplichte Het Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard heeft geen balanspositie en dus kengetallen geen kengetallen. weerstandsver mogen

Omgevingsdienst regio Utrecht (ODrU) Programma Wonen en ruimte Vestigingsplaats Utrecht Doel De Omgevingsdienst regio Utrecht (ODrU) is ontstaan uit de twee regionale milieudiensten en heeft zich ontwikkeld tot een shared service-organisatie op het gebied van P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

62 | P a g i n a

Omgevingsdienst regio Utrecht (ODrU) milieuvergunningverlening, toezicht en handhaving, alsmede tot een kenniscentrum voor milieu. Deelnemende De eigenaar-gemeenten zijn: de gemeenten Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Montfoort, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Utrechtse Heuvelrug, ‘partijen’ Veenendaal, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden, IJsselstein en Zeist.

Openbaar belang

Bestuurlijk belang Financieel belang

Evt. veranderingen in een belang

Verhouding eigen en vreemd vermogen Resultaat Risico’s

Verplichte kengetallen weerstandsvermo gen

Ferm Werk Programma

Daarnaast adviseert de ODRU voor de overige, niet-eigenaar-gemeenten, in de provincie Utrecht op het gebied van milieu. Een goede en efficiënte uitvoering van de WABO-taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving en advisering op het aspect milieu bij ruimtelijke ordening plannen en projecten. De gemeente Montfoort wordt in het algemeen bestuur vertegenwoordigd door wethouder Van Wikselaar. De totale bijdrage voor 2024 is begroot op € 613.600. Daarnaast zijn er incidenteel desintegratiekosten (met betrekking tot het terughalen van de bouwtaken in 2022) en structureel projecturen geraamd. De belangrijkste inhoudelijke ontwikkeling binnen het fysieke domein is inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. Gemeenten en omgevingsdiensten hebben te maken met grote onzekerheid over de financiële impact van deze wet. De verwachting is dat de structurele bijdrage (voor het aantal te contracteren uren en/of producten) zal stijgen met ongeveer 13%. Een deel hiervan betreft nieuwe bodemtaken, waar gemeenten extra middelen voor ontvangen van het rijk. Omdat er te weinig inzicht is in de budgetten die de Omgevingsdiensten hebben voor het uitvoeren van VTH-taken bodem, gaat het Rijk vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet de situatie monitoren.

In de (ontwerp) Begroting 2024 van de ODRU en het meerjarenperspectief is de impact van de Omgevingswet vanwege deze onzekerheid niet meegenomen.

1-1-2024 31-12-2024 Eigen vermogen 314.586 € 809.086 Vreemd vermogen € 3.171.000 € 3.160.000 Het resultaat van de jaarrekening 2022 bedraag € 49.407 nadelig. In de geactualiseerde notitie zijn de risico’s in kaart gebracht en gekwantificeerd op € 1.091.000. Hierin wordt aangesloten op de methodiek van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR). In deze methodiek wordt gewerkt met waarderingscijfers en bandbreedte in de ratio’s voor het weerstandsvermogen. Conform de systematiek wordt uitgegaan van waarderingscijfer C, wat een weerstandsvermogen betekent met een bandbreedte tussen 1,0 tot 1,4. Het huidige weerstandsvermogen van € 809.086. Het aanvullen van de algemene reserve kan plaatsvinden vanuit de bestemming van een eventueel positief rekeningresultaat of in het geval er geen positief rekeningresultaat is een incidentele bijdrage van gemeenten en zal uitsluitend plaatsvinden bij bestuursbesluit.

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Rekening 2022 -4,81%

Begroting 2023 1,24%

Begroting 2024 -0,47%

-4,81% 21,07% 4,45%

1,24% 9,03% 2,42%

-0,47% 20,38% 0,00%

Inkomen, jeugd en Wmo

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

63 | P a g i n a

Ferm Werk Vestigingsplaats Doel

Deelnemende ‘partijen’ Openbaar belang

Bestuurlijk belang

Financieel belang

Woerden Ferm Werk is in de gemeenten Woerden, Oudewater, Montfoort en Bodegraven-Reeuwijk verantwoordelijk voor gemeentelijke taken op het gebied van participatie, werk en inkomen. Iedereen die wil en kan werken moet aan de slag kunnen. Ferm Werk richt zich op mensen die onder de Participatiewet vallen en helpt hen ontwikkelen naar zo regulier mogelijk werk. Daarnaast voert Ferm Werk de regie over de Wet inburgering en voeren zij het minimabeleid uit. De gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Montfoort, Oudewater en Woerden. Ferm Werk kent vier programma’s, te weten: 1. Inkomensregelingen 2. Arbeidsparticipatie 3. Werkbedrijf en Nieuw Beschut (Begeleide participatie) 4. Aanvullende dienstverlening De eerste drie programma’s basisdienstverlening bevat de uitvoerende taken die door alle deelnemende gemeenten aan Ferm Werk zijn overgedragen, waaronder de Wet sociale werkvoorziening, de Participatiewet en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen. Het programma aanvullende dienstverlening bevat alle taken die gemeenten ieder voor zich kunnen besluiten te laten uitvoeren door Ferm Werk. Bijvoorbeeld taken rond de huisvesting van vergunninghouders en de uitvoering van de declaratieregeling. Het algemeen bestuur bestaat uit twee leden per deelnemer; een lid uit de gemeenteraad en een lid uit het college (portefeuillehouder met participatie, werk en inkomen en/of financiën).

Namens het college zit wethouder van Dalen in het algemeen en dagelijks bestuur. Vanuit de gemeenteraad neemt de heer L. Hoogstraten deel in het algemeen bestuur. Het AB van Ferm Werk heeft in september 2023 de begroting 2024 vastgesteld. De onderstaande cijfers zijn hieruit afkomstig. De reguliere bruto bijdrage voor 2024 bedraagt € 3.837.000. Bijdrage verdeeld over de programma’s en netto bijdrage Montfoort: Programma Bedrag 2024 Inkomensregelingen inclusief overhead € 2.569.702 SW-bedrijf en nieuw beschut inclusief overhead € 671.680 Arbeidsparticipatie inclusief overhead € 425.943 Aanvullende dienstverlening inclusief overhead € 169.675 Bruto bijdrage € 3.837.000 BUIG middelen € -1.733.000 Netto bijdrage € 2.104.000

Evt. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd vermogen

Resultaat Risico’s

Geen.

Per 1-1-2024

Per 31-12-2024

Eigen vermogen

€ 75.000

€ 75.000

Vreemd vermogen

€ 4.325.000

€ 4.325.000

De jaarrekening kent geen resultaat omdat alle tekorten of overschotten worden aangevuld door de gemeenten. Externe invloed op instroom In de eerste plaats is het aantal uitkeringsgerechtigden dat onvoorzien is, althans hoger dan begroot, een financieel risico. Per uitkeringshuishouden gaat het om een gemiddeld bedrag per jaar van ongeveer € 16.510.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

64 | P a g i n a

Ferm Werk Zowel landelijke als mondiale economische ontwikkelingen zijn van invloed op het werkelijke aantal uitkeringsgerechtigden. Niet goed is te voorspellen welke impact die hebben op het aantal uitkeringsgerechtigden in het werkgebied van Ferm Werk. Voorts zijn ook ontwikkelingen als de huisvesting van vluchtelingen en ontheemden van invloed op het aantal uitkeringsgerechtigden. Financiële onrechtmatigheid Een tweede risico dat onderkend wordt is het verstrekken van uitkeringen of delen van uitkeringen aan niet rechthebbenden, de zogeheten financiële onrechtmatigheid. Hiervoor is een AO/IC ingericht die deze risico’s voorkomt dan wel verkleint. Het onderkennen, herstellen en reageren op risico’s in de bedrijfsvoering van Ferm Werk is vast onderdeel van periodieke monitoring en verantwoording aan directie en bestuur Ferm Werk. Verplichte kengetallen weerstandsvermo gen

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Rekening 2022 1,83%

Begroting 2023 3,40%

Begroting 2024 5,50%

-2,62%

-1,90%

1,40%

1,74% 0,0%

1,32% 0,00%

1,07% 0,00%

Stichtingen en verenigingen Stichting Inkoopbureau Midden Nederland (IBMN) Programma Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Vestigingsplaats Vianen Doel Het behalen van financiële, kwalitatieve en procesmatige voordelen door professionalisering van de inkoop- en aanbestedingsfunctie. Deelnemende Bodegraven-Reeuwijk, Giessenlanden, Leusden, Montfoort, Scherpenzeel, Stichtse Vecht, ‘partijen’ Vijfheerenlanden, Woudenberg, en IJsselstein. Openbaar Zie doel. belang Bestuurlijk Het bestuur bestaat uit de gemeentesecretarissen of gedelegeerden van de samenwerkende belang gemeenten. Financieel De kosten van de stichting worden gedekt door per deelnemer een vaste bijdrage vergoeding en belang een garantie omzet afname (aantal uur). Voor 2024: vaste bijdrage vergoeding aan de stichting € 9.750 + garantie afname uren 23.560 (intern doorbelast op de betreffende inkoopprojecten). Over aanvullende inzet boven de garantie uren maken de deelnemers ieder zelf afspraken met IBMN. Evt. Geen. veranderingen in een belang Resultaat De kosten worden gedekt door de deelnemersbijdragen (vaste bijdrage vergoeding en een garantie omzet afname). Per saldo is het resultaat € 0. Risico’s Geen verhoogd risico. Verhouding eigen en vreemd vermogen

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

65 | P a g i n a

Stichting Urgentieverlening West Utrecht Programma Wonen en ruimte Vestigingsplaats Woerden Doel De stichting heeft tot doel om, namens de deelnemende gemeenten, werkzaamheden te verrichten in het kader van het urgent verklaren op grond van de geldende Huisvestingsverordening van in het register van woningzoekenden ingeschreven belanghebbenden, waartoe door de colleges van burgemeester en wethouders van deze gemeenten aan de stichting mandaat is verstrekt. Het verlenen of afwijzen van genoemde urgentieverklaringen. Deelnemende De gemeenten De Ronde Venen, Montfoort, Lopik, Oudewater, Stichtse Vecht en Woerden. ‘partijen’ Openbaar Transparant advies geven over het toepassen van de urgentieregeling op grond van de belang Huisvestingsverordening. Bestuurlijk Het algemeen bestuur van de stichting wordt gevormd door de portefeuillehouders van de belang deelnemende gemeenten. Wethouder C.L. Jonkers is lid van het algemeen bestuur. Financieel De bijdrage voor Montfoort voor 2024 wordt op € 3.340 geraamd (€ 3.104 + 7,6% belang prijscompensatie). Evt. Geen. veranderingen in een belang Resultaat Risico’s Geen. Verhouding De stichting heeft geen eigen of vreemd vermogen. eigen en vreemd vermogen

Vennootschappen en coöperaties NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Programma Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Vestigingsplaats ’s-Gravenhage Doel De Bank Nederlandse Gemeenten is de bank voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt de Bank Nederlandse Gemeenten bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. De strategie van de bank is gericht op het behouden van substantiële marktaandelen in het Nederlands maatschappelijk domein en het handhaven van een excellente kredietwaardigheid (Triple A). De Bank Nederlandse Gemeenten keert dividend uit en levert daarmee een bijdrage aan de algemene middelen. Deelnemende De staat, gemeenten, provincies en een hoogheemraadschap. partijen Openbaar BNG is de bank van en voor overheden in instellingen voor het maatschappelijk belang. De belang bank draagt duurzaam bij aan het laag houden van de kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Bestuurlijk De gemeente heeft geen zetel in het bestuur, maar heeft als aandeelhouder wel stemrecht in belang de algemene vergadering van aandeelhouders NV Bank Nederlandse Gemeenten. Wethouder Van Wikselaar is lid van de algemene ledenvergadering. Financieel De staat is houder van de helft van de aandelen.

De andere helft is in handen van gemeenten, belang provincies en een hoogheemraadschap. Gemeente Montfoort bezit 12.480 aandelen à € 2,50. Evt. Geen. veranderingen in een belang Resultaat Het jaar 2022 sluit met een positief resultaat. Aan dividend is € 139 miljoen uitgekeerd, of te wel € 2,50 per aandeel. Risico’s P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

66 | P a g i n a

NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) Verhouding eigen en Per 1-1-2022 vreemd Eigen vermogen € 5.062.000 vermogen Vreemd vermogen € 143.995.000

Vitens Programma Vestigingsplaats Doel

Deelnemende partijen Openbaar belang Bestuurlijk belang Financieel belang Evt. veranderingen in een belang Resultaat

Risico’s / opmerking Verhouding eigen en vreemd vermogen

Per 31-12-2022 € 4.620.000 € 155.900.000

Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Arnhem De uitoefening van een publiek (drink)waterbedrijf, daaronder begrepen de winning, de productie, transport, verkoop en distributie van water, alsmede het verrichten van alles wat met de publieke watervoorziening verband houdt of daaraan bevorderlijk kan zijn. Alles in de ruimste zin des woords. De aandeelhouders van Vitens zijn 105 gemeenten en 5 provincies. De gemeente Montfoort is aandeelhouder en heeft als zodanig stemrecht. Wethouder Van Wikselaar is lid van de algemene ledenvergadering. De gemeente bezit 11.861 aandelen van € 1. Geen.

Het netto resultaat over het boekjaar 2022 bedroeg € 8,2 miljoen. Voor 2022 is geen dividend uitgekeerd. Het bedrag is met het oog op de solvabiliteitsdoelstelling toegevoegd aan de reserves.

Eigen vermogen Vreemd vermogen

1-1-2022 € 557.100.000 € 1.387.800

31-12-2022 € 649.100.000 € 1.445.000

Overige verbonden partijen U-10 Programma Vestigingsplaats Doel

Deelnemende partijen

Openbaar belang

Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Diversen U10 is de netwerkorganisatie waarin 16 gemeenten in de regio Utrecht samenwerken als antwoord op grote maatschappelijke thema’s en uitdagingen. Doel van de samenwerking is dat, via regionale aanpak, regio Utrecht een aantrekkelijke vestigingsplaats blijft voor inwoners en bedrijven en er gezond kan worden geleefd in deze regio. Daartoe wordt samengewerkt aan regionale aanpak van uitdagingen op het gebied van woningbouw, mobiliteit, economie, energietransitie, groen en landschap en gezond leven. De gemeentebesturen van Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, Houten, IJsselstein, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Stichtse Vecht, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden en Zeist zijn lid van de U10. Het is een flexibele netwerksamenwerking waarbij de gemeenten niet allemaal even intensief deelnemen op alle thema’s. De U10 is een netwerksamenwerking die op basis van een breed gedragen perspectief en programma (REP, IRP) gemeenschappelijk de diverse vraagstukken van de regio Utrecht

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

67 | P a g i n a

U-10

Bestuurlijk belang

Financieel belang

aanpakt, waaronder de verstedelijkings-, vergroenings- en mobiliteitsvraagstukken. De strategie van de U10 is hierbij om van de regio Utrecht een ontmoetingsplaats te maken voor gezond leven in een stedelijke regio. De U10 kent geen dagelijks of algemeen bestuur. Het is een ‘lichte’ samenwerking op basis van een bestuursconvenant. Leden van het college nemen op basis van hun portefeuille deel aan de regionale bestuurstafels. Portefeuillehouders per bestuurstafel: •

Economie: wethouder Jonkers

•

Mobiliteit: wethouder Jonkers

•

Groen & Landschap: wethouder Van Wikselaar

•

Klimaat/energie: wethouder Van Wikselaar

• Wonen: wethouder Jonkers en wethouder Van de Poll (doelgroepen huisvesting) De jaarlijkse bijdrage is een vaste deelnemersbijdrage per inwoner (ca. € 1,20). Dit wordt besteed aan een klein procesteam (6 fte.) en een werkbudget voor bijeenkomsten, communicatie etc. Daarnaast is de bijdrage € 0,30 per inwoner voor deelname in het Mobiliteitsconvenant U10, ten behoeve van het optimaliseren van de infrastructuur in de regio. In totaal gaat het om een bijdrage van circa € 1,50. Vanaf 2024 wordt een financiële bijdrage geleverd voor de uitvoering van het Integraal Ruimtelijk Perspectief. In 2024 gaat het om een bedrag van € 10.691.

Evt. veranderingen in een belang Resultaat

Risico’s / opmerking

K80 Programma Vestigingsplaats Doel

Gemeente Montfoort is onlosmakelijk onderdeel van de stedelijke regio Utrecht als het gaat om wonen, verplaatsen, werken en leven. Daarom is het in het belang van gemeente Montfoort om in regionaal verband te werken aan een gezonde, slimme en groene regio. Dat gebeurt aan bestuurstafels in het bestuurlijk netwerk U10. De U10 richt zich vanaf 2023 op het opstellen van een uitvoeringsplan Integraal Ruimtelijk programma, waaronder een aanpak voor vitale kernen, met een tijdshorizon tot aan 2040. In het programma worden doelstellingen en acties opgenomen voor de regionale uitdagingen op het gebied van wonen, werken, bereikbaarheid, klimaatneutraal (o.a. energietransitie), groen en landschap. De netwerksamenwerking drijft op de inzet van de deelnemers en de urgentie van de onderwerpen. Als de deelnemers zich niet inzetten (bijvoorbeeld omdat ze het belang er niet van inzien) is het rendement nihil.

Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Diversen Het netwerk van de K80 heeft twee doelen. Ten eerste het bundelen van de belangen van kleine gemeenten in Nederland en deze voor het voetlicht te brengen bij andere partijen zoals de VNG en bij het ministerie van BZK. Voor de korte termijn is er met name aandacht voor de thema’s gemeentefinanciën en het breder bekend laten zijn van de kracht van kleine gemeenten op rijksniveau. Ten tweede biedt de K80 een platform voor kennis- en ervaringsuitwisseling, ontmoeting op bestuurlijk en ambtelijk niveau.

Deelnemende partijen Openbaar belang Bestuurlijk belang

Een 50-tal gemeenten, die allen minder dan 25.000 inwoners hebben, nemen deel in het netwerk. Beter belangenbehartiging en kennisuitwisseling draagt bij aan het behouden van de kracht van kleine(re) gemeenschappen en onze kwaliteit van dienstverlening. Burgemeester Van Hartskamp-de Jong is lid van het algemeen bestuur van de K80.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

68 | P a g i n a

K80 Financieel belang Evt. veranderingen in een belang Resultaat Risico’s / opmerking

De jaarlijkse bijdrage was in 2023 vastgesteld op € 2.200,-. Voor 2024 moet deze nog worden vastgesteld. n.v.t.

Een betere behartiging van de belangen van de kleinere gemeenten in Nederland. De K80 is begin 2022 opgericht, waardoor haar positie in het bestuurlijk speelveld binnen de VNG en bij het departement nog in ontwikkeling is.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

69 | P a g i n a

3.7. Grondbeleid Portefeuillehouder: W. van Wikselaar

Algemeen Eind 2023 wordt de nota “Actualisatie nota grondbeleid 2023” door de raad vastgesteld. Op grond van dat beleid wordt per geval en locatie - afhankelijk van de specifieke omstandigheden - de strategische keuze gemaakt of actief of faciliterend grondbeleid wordt gevoerd. Dit biedt voldoende ruimte voor maatwerk en afweging per locatie, zo wordt navolgend meer toegelicht.

Doelstellingen grondbeleid Het grondbeleid van de gemeente heeft tot doel de maatschappelijk gewenste ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken door middel van aankoop, exploitatie en uitgifte van gronden (actief), dan wel door medewerking te verlenen aan de ontwikkeling van plannen door private partijen (facilitair). Het grondbeleid levert daarmee een bijdrage aan doelen met een ruimtelijke dimensie en gewenste veranderingen voor verschillende functies zoals wonen, werken, groen, verkeer, enzovoorts. Daarbij zijn een goede prijs/kwaliteit, efficiency, tijdigheid en optimaal financieel economisch rendement mede doelstellingen van het grondbeleid, evenals het mogelijk genereren van extra inkomsten het uitgangspunt.

Privaatrecht en publiekrechtelijke instrumenten De gemeente kan binnen haar grondbeleid op de grondmarkt gebruik maken van de privaatrechtelijke instrumenten die elke rechtspersoon tot zijn beschikking heeft zoals aan- en verkoop, grondruil en erfpacht. Daarboven heeft de gemeente ook nog specifieke publiekrechtelijke instrumenten die zij kan inzetten op de grondmarkt. De meest bekende daarvan zijn onteigening en de vestiging van een voorkeursrecht op grond van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Daarnaast kan de gemeente bij particuliere ontwikkelingen de kosten van onder andere gemeentelijke inzet, voorbereiding en openbare voorzieningen verhalen. De meest bekende daarvan zijn de anterieure en posterieure overeenkomst en het exploitatieplan.

Basisprincipes bij grondverkoop Grondverkoop, onder toepassing van de grondprijsbrief, gebeurt onder de volgende basisprincipes: • Marktconformiteit: Bij grondverkoop streeft de gemeente naar een grondprijs die een goede afspiegeling vormt van de waardering vanuit de markt met inachtneming van de eigenschappen van het perceel en de omstandigheden van de transactie. • Consistentie: De handelswijze van de gemeente is consequent waarbij grondprijzen stelselmatig op eenzelfde wijze en volgens een gelijk principe worden vastgesteld. • Transparantie: Grondprijzen zijn afhankelijk van de locatie en eigenschappen van het perceel en worden vaak situationeel bepaald. Hierin hanteert de gemeente hierin een open en transparante handelswijze.

Actief grondbeleid en faciliterend grondbeleid Het oppakken van het grondbeleid vindt plaats met instrumenten die kunnen worden ondergebracht onder actief grondbeleid of onder faciliterend grondbeleid. Met actief grondbeleid verwerft de gemeente zelf grond, maakt bouwrijp en geeft de gronden vervolgens weer uit. Met faciliterend grondbeleid reageert de gemeente op particuliere initiatieven zonder zelf de beschikkingsmacht over het onroerend goed (grond) te hebben. De gemeente beperkt zich hierbij tot het uitvoeren van haar taken die inherent zijn aan haar publiekrechtelijke positie, het realiseren van basisvoorzieningen zoals wegen en nutsvoorzieningen. De gemeente stelt voorwaarden aan de particuliere ontwikkelingen door het bestemmingsplan, een beeldkwaliteitsplan en bijvoorbeeld Woonvisie. De kosten van de verschillende openbare voorzieningen worden onder faciliterend grondbeleid in regel verhaald door middel van een te sluiten exploitatieovereenkomst.

Toepassing grondbeleid Het geldende beleidskader voor het Montfoortse grondbeleid, dat eind 2023 geactualiseerd zal worden, blijft in lijn met de nota grondbeleid uit 2015. De raad heeft daarin aangegeven niet uitsluitend te kiezen voor actief of faciliterend grondbeleid. Per geval wordt beoordeeld welke vorm van grondbeleid of welke samenwerkingsvorm wordt gekozen (“Regie voeren door te faciliteren waar het kan en te acteren waar het moet"). Overigens wordt vooralsnog, mede gelet op de beheersing van financiële risico’s, bewust voor gekozen om de bij actief grondbeleid behorende risico’s extern te beleggen. De Omgevingsvisie 2021, de woonvisie en de woningbouwagenda formuleren de grootste ruimtelijk ontwikkelingen voor gemeente Montfoort. Bij de realisatie daarvan wordt per situatie de vorm van samenwerking of grondbeleid bepaald. Het merendeel van de gronden waarop ontwikkeling is voorzien zijn geen gemeentelijk bezit en zal de gemeente vooral een faciliterende rol innemen. In het kader van realisatie van de woningbouwagenda is door de raad in 2021 op drie terreinen een voorkeursrecht gevestigd. P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

70 | P a g i n a

In exploitatie genomen gronden In 2024 zijn er enkele ontwikkellocaties in beeld, waarvan er één de potentie heeft om zich te gaan ontwikkelen tot een actieve grondexploitatie. Echter, dit hangt af van allerlei ontwikkelingen en dat maakt het enigszins onzeker. Daarnaast wordt voor het verloop van de projecten en de verwachting voor 2024 en verder verwezen naar het programma Wonen en ruimte.

Financiële beleidsuitgangspunten In juli 2019 is door de commissie BBV een nieuwe Notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken (2019) gepubliceerd. De notitie bevat voornamelijk verduidelijkingen en geen verzwaringen. Met deze notitie komen alle voorgaande notities die betrekking hebben op dit onderwerp te vervallen. De grondexploitaties van de gemeente Montfoort zijn en worden overeenkomstig deze nieuwe notitie opgesteld. Uitgangspunt bij tussentijdse winstneming De winsten uit de grondexploitaties worden genomen op het moment dat hierover voldoende zekerheid bestaat. Daarbij wordt de “percentage of completion”-methodiek gebruikt om te bepalen wat de te realiseren winstneming moet zijn. Risicobeheersing Bij projecten wordt in alle fasen actief gestuurd op de risico’s om deze zoveel mogelijk risico’s te vermijden/beheersbaar te houden. Er wordt een MPG opgesteld behorende bij de rekening. Er zijn verschillende vormen van risico’s die ook verschillend verwerkt worden. 1. Wanneer risico’s voorzienbaar zijn worden deze binnen de grondexploitaties opgenomen. 2. Wanneer een negatief resultaat voorzien wordt, moet dit 1 op 1 gereserveerd worden in een voorziening negatief resultaat. 3. Over alle projecten worden planrisico’s en conjuncturele risico’s berekend. Deze risico’s worden gereserveerd in de bestemmingsreserve grondbedrijfsfunctie.

Op dit moment is er één project in exploitatie en is op drie gronden een voorkeursrecht gevestigd. Voor inhoudelijke informatie verwijzen we naar het programma Wonen en ruimte.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

71 | P a g i n a

3.8. Subsidieverlening Portefeuillehouder: W. van Wikselaar

Inleiding De gemeente Montfoort kent, volgens de subsidieverordening, incidentele en structurele subsidies. De incidentele subsidieaanvragen worden beoordeeld binnen de financiële ruimte die hiervoor in de begroting per programma is opgenomen. De ingediende structurele subsidieaanvragen worden opgenomen in een jaarlijks subsidieoverzicht. Het subsidieoverzicht bestaat uit het geheel van voorstellen dat het college uitbrengt aan de raad over de ingediende subsidieaanvragen. Op het verlenen van subsidies is de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. De wettelijke grondslag is uitgewerkt in de Algemene Subsidieverordening gemeente Montfoort 2016. Daarnaast heeft de raad het subsidiebeleid 2013-2017 vastgesteld. In het subsidiebeleid staat voor welke activiteiten de raad subsidie beschikbaar wil stellen binnen het beschikbare subsidieplafond. Het subsidieplafond is het bedrag dat gedurende een bepaalde periode ten hoogste beschikbaar is voor de toekenning van subsidies. De raad stelt eenmaal per jaar een subsidieplafond vast op voorstel van het college. De vaststelling van de subsidieplafonds voor de betreffende begrotingsprogramma’s vindt plaats in november met het vaststellen van de begroting voor het volgende kalenderjaar. Bijstelling van de plafonds kan via de voor- en najaarsrapportage lopen.

De subsidieplafonds per programma voor 2024 zijn: Programma Bestuur en organisatie Openbare orde en veiligheid Wonen en ruimte Onderwijs, sport en cultuur Inkomen, jeugd en Wmo Totaal

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

Subsidieplafond 2024 €0 €0 € 256.389 € 364.404 € 2.111.013 2.731.806

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

72 | P a g i n a

4

Financiële begroting

4.1. Overzicht baten en lasten Rekening 2022

Begroting 2023 na wijziging

Begroting 2024

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

1. Bestuur en organisatie

1.774.197

412.675

-1.361.522

1.994.516

560.298

-1.434.218

2.051.344

568.832

-1.482.512

2. Openbare orde en veiligheid

1.311.178

63.022

-1.248.156

1.425.174

13.755

-1.411.419

1.531.758

53.800

-1.477.958

3. Wonen en ruimte

8.617.468

4.719.608

-3.897.860

9.886.781

4.601.584

-5.285.197

9.825.399

4.496.881

-5.328.518

4. Onderwijs, sport en cultuur

2.391.020

444.399

-1.946.621

2.831.919

667.765

-2.164.154

2.733.190

713.601

-2.019.589

5. Inkomen, jeugd en Wmo

11.699.418

2.758.380

-8.941.038

11.443.419

1.725.847

-9.717.572

12.780.933

1.936.515

-10.844.418

Totaal

25.793.282

8.398.085

-17.395.197

27.581.809

7.569.249

-20.012.560

28.922.624

7.769.629

-21.152.995

228.729

25.070.331

24.841.602

368.803

25.333.310

24.964.507

47.665

28.277.187

28.229.522

4.780.105

271.062

-4.509.043

5.610.885

339.382

-5.271.503

5.763.967

353.394

-5.410.573

47.324

0

-47.324

0

0

0

0

0

0

0

0

0

36.000

0

-36.000

50.000

0

-50.000

30.849.440

33.739.478

2.890.039

33.597.497

33.241.941

-355.556

34.784.256

36.400.210

1.615.954

Programma's

Algemene dekkingsmiddelen Overhead Heffing vennootschapsbelasting Onvoorzien Resutaat voor toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Waarvan incidenteel

260.633

1.841.673

1.581.040

73.000

0

-73.000

265.753

196.110

-69.643

Waarvan structureel

30.588.807

31.897.805

1.308.999

33.524.497

33.241.941

-282.556

34.518.503

36.204.100

1.685.597

Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves per programma 1. Bestuur en organisatie 0 17.304

17.304

30.000

72.696

42.696

2. Openbare orde en veiligheid

30.927

30.927

926.756

492.232

3. Wonen en ruimte

0

14.898

14.898

434.080

306.556

-127.524

434.524 0

0 0 523.989

506.394

-17.595

4. Onderwijs, sport en cultuur

0

726

726

44.386

44.386

0

5. Inkomen, jeugd en WMO

0

170.171

170.171

581.449

581.449

0

6. Overhead

0

0

0

163.152

163.152

0

7. Algemene dekkingsmiddelen

0

0

0

Totaal

434.080

509.655

75.575

464.524

Waarvan incidenteel Waarvan structureel

434.080

509.655

75.575

0

0

0

Resutaat na toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

31.283.519

34.249.133

Structureel begrotingssaldo

30.588.807

31.897.805

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

0 1.819.366

1.354.842

-1.118.753

0

1.583.277

1.819.366

2.965.614

34.062.021

1.308.999

35.107.774

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

0 523.989

506.394

1.118.753

0

500.000

500.000

236.089

523.989

6.394

-517.595

35.061.307

999.286

35.308.245

36.906.604

1.598.359

35.061.307

-46.467

35.042.492

36.210.494

1.168.002

73 | P a g i n a

-17.595

Raming 2025

Raming 2026

Raming 2027

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

Lasten

Baten

Saldo

2.037.168

568.832

-1.468.336

2.023.569

568.832

-1.454.737

2.029.321

568.832

-1.460.489

1.512.370

53.800

-1.458.570

1.510.705

53.800

-1.456.905

1.509.031

53.800

-1.455.231

8.875.186

4.496.881

-4.378.305

8.936.061

4.496.881

-4.439.180

9.269.090

4.496.881

-4.772.209

3.332.370

668.601

-2.663.769

3.298.146

659.155

-2.638.991

3.182.997

651.894

-2.531.103

12.512.094

1.936.515

-10.575.579

11.929.713

1.903.564

-10.026.149

11.831.376

1.803.000

-10.028.376

28.269.188

7.724.629

-20.544.559

27.698.194

7.682.232

-20.015.962

27.821.815

7.574.407

-20.247.408

-212.480

27.894.303

28.106.783

-230.025

25.687.996

25.918.021

-239.654 25.444.251

25.683.905

5.589.779

353.394

-5.236.385

5.429.719

353.394

-5.076.325

5.383.917

353.394

-5.030.523

0

0

0

0

0

0

0

0

0

50.000

0

-50.000

50.000

0

-50.000

50.000

0

-50.000

33.696.487

35.972.326

2.275.839

32.947.888

33.723.622

775.734

33.016.078 33.372.052

355.974

196.893

134.696

-62.197

109.942

45.825

-64.117

33.499.594

35.837.630

2.338.036

32.837.946

33.677.797

839.851

507.575

6.394

0

0

0

0

-501.181

451.655

6.394

-445.261

-54.739

-54.739

33.016.078 33.426.791

0

410.713

0 0 451.655

6.394

-445.261

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

0

507.575

6.394

-501.181

451.655

6.394

-445.261

451.655

6.394

-445.261

0

0

0

0

0

0

0

0

0

507.575

6.394

-501.181

451.655

6.394

-445.261

451.655

6.394

-445.261

34.204.062

35.978.720

1.774.658

33.399.543

33.730.016

330.473

33.467.733 33.378.446

-89.287

34.007.169

35.844.024

1.836.855

33.289.601

33.684.191

394.590

33.467.733 33.433.185

-34.548

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

74 | P a g i n a

4.2. Geprognosticeerde balans ACTIVA Vaste activa Materiele activa Financiele activa Subtotaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Subtotaal voorraden Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Subtotaal uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Liquide middelen Subtotaal liquide middelen Overlopende vlottende activa Vlottende activa Subtotaal overlopende vlottende activa TOTAAL ACTIVA

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Algmene reserves Bestemmingsreserves Nog te bestemmen resultaat Subtotaal eigen vermogen Voorzieningen Voorzieningen Subtotaal voorzieningen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Subtotaal vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Vlottende passiva Netto vlottende schulen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Subtotaal vlottende passiva Overlopende passiva Overlopende passiva Subtotaal overlopende passiva TOTAAL PASSIVA

31-12-2023 39.494 177

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

31-12-2025

46.143 189 39.671

0

46.332 0

2.193

0

1.250

55

1.250

55

500

0

1.250

1.250 55

55

1.527 43.446

45.752

0

1.250

55 1.527

46.317 0

1.250

55

45.563 189

0

2.193

31-12-2026

46.128 189

0

55 500

500 48.137

55 500

500 48.122

500 47.557

31-12-2023

31-12-2024

31-12-2025

31-12-2026

1.969 1.100 1.353

3.807 1.336 500

3.807 1.353 500

3.807 2.300 500

4.422 8.386

5.643 8.401

8.386 26.588

2.450

9.288

23.773

1.600

9.288 22.360

23.773 1.600

1.600 7.312

6.607

8.721

25.181

1.600

M o n t f o o r t

8.721

25.181

1.600

5.660

8.401

26.588

Gewaarborgde geldleningen (x € 1.000)

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

31-12-2024

22.360 1.600

1.600 8.368

1.600 7.702

2.450 43.446

7.312 48.137

8.368 48.122

7.702 47.557

17.000

17.000

17.000

17.000

75 | P a g i n a

4.3. Jaarlijks terugkerende arbeidskosten Onder deze arbeidsrechtelijke verplichtingen worden de aanspraken verstaan op toekomstige uitkeringen door het huidige dan wel voormalige personeel. Feitelijk heeft de gemeente een schuld aan hen. Oorspronkelijk was het de bedoeling om het verplicht te stellen voorzieningen te treffen voor deze arbeidskosten gerelateerde verplichtingen, zoals wachtgeldpremies en vakantiegeld. In het BBV is ervoor gekozen om het treffen van deze voorzieningen niet verplicht te stellen, gezien het feit dat het geen nuttige toevoeging is en door het opnemen van deze verplichtingen in zowel de begroting, de meerjarenraming als op de balans, het inzicht voor de raad niet wordt vergroot. Daarnaast is het zo dat de onderhavige verplichtingen in de begroting en de meerjarenraming worden meegenomen. Dit biedt voldoende garantie omdat de lasten ieder jaar globaal vergelijkbaar zijn. Om uniformiteit te bereiken is het uiteindelijk niet toegestaan om de jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume als voorziening op te nemen. Om wel het benodigde inzicht te verkrijgen, is de eis gesteld om deze verplichtingen in de toelichting op de financiële positie op te nemen. In dit onderdeel zullen de jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden toegelicht.

Wachtgelden/pensioenen ambtenaren Hieronder valt de volgende uitkering: Werkloosheidswet Als opvolger van de wachtgeldregeling is voor ambtenaren de Werkloosheidswet van toepassing geworden, waarbij de uitvoering geschiedt door het UWV. De door het UWV betaalde werkloosheidsuitkering wordt bij de gemeente in rekening gebracht.

Wachtgelden wethouders Het gaat hierbij om verplichtingen aan wethouders die ontslagen zijn, dan wel wethouders die aan het einde van hun ambtstermijn (nog) geen andere werkrelatie hebben. De wachtgeldregeling wordt door een derde partij uitgevoerd. De verplichtingen voor het betreffende jaar worden rechtstreeks ten laste van de exploitatie gebracht en werken door in de meerjarenraming (indien van toepassing). In de begroting 2024 is hiermee nog geen rekening gehouden.

Pensioenen wethouders Om de huidige en toekomstige verplichtingen ten aanzien van de wethouders pensioenen te waarborgen dienen we een voorziening in de begroting te worden opgenomen. Vanuit deze voorziening worden de pensioenverplichtingen voldaan. In het verleden kon de gemeente een verzekering hiervoor afsluiten. Bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd van een voormalig wethouder komt deze verzekering dan tot uitkering en wordt in de voorziening opgenomen. Het afsluiten van een verzekering voor nieuw aantredende wethouders is al een aantal jaren niet meer mogelijk maar de reeds afgesloten verzekeringen voor voormalig wethouders lopen nog steeds. De omvang van de voorziening is per 1 januari 2023 € 1.425.000 (afgerond). Jaarlijks wordt door een gespecialiseerde actuaris de benodigde omvang van de voorziening beoordeeld. Waar nodig wordt dan een voorstel gedaan voor aanvulling, dan wel valt er een bedrag vrij. In de begroting is opgenomen dat de dotatie in 2024 € 200.000 bedraagt.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

76 | P a g i n a

5

Bijlagen

5.1. Reserves Reserves

1-1-2024

1-1-2025

1-1-2026

1-1-2027

1-1-2028

Algemene reserve

3.807.857

3.807.857

3.807.857

3.807.857

3.807.857

Totaal Algemene reserve

3.807.857

3.807.857

3.807.857

3.807.857

3.807.857

Bestemmings- en egalisatiereserves Parkeerfonds

4.501

9.001

13.501

18.001

22.501

Volkshuisvesting

60.384

60.384

60.384

60.384

60.384

Sociaal domein

536

536

536

536

536

Groot onderhoud wegen

570.688

570.688

1.070.688

1.570.688

2.070.688

Groot onderhoud kunstwerken/bruggen

10.943

10.943

10.943

10.943

10.943

Baggeren

52.792

52.792

52.792

52.792

52.792

Speelplaatsen/-terreinen

90.860

90.860

90.860

90.860

90.860

Bomen

14.578

14.578

14.578

14.578

14.578

Tractie

57.463

63.463

69.463

75.463

81.463

Duurzaamheid en energie

6.486

6.486

6.486

6.486

6.486

Mobiliteitsplan en uitvoeringsagenda binnenstad

39.987

39.987

39.987

39.987

39.987

Toekomstbestendig beheer

305.398

318.887

315.962

257.117

198.272

Dekking kapitaallasten

121.100

114.706

108.312

101.918

95.524

Totaal Bestemmings en egalisatiereserves

1.335.716

1.353.311

1.854.492

2.299.753

2.745.014

Totaal Reserves

5.143.573

5.161.168

5.662.349

6.107.610

6.552.871

Mutaties reserves begroting 2024

program

2024

2025

2026

2027

3

4.500

4.500

4.500

4.500

3

6.000

6.000

6.000

6.000

3

13.489

-2.925

-58.845

-58.845

7

-6.394

-6.394

-6.394

-6.394

Onttrekking ivm groot onderhoud wegen

3

-500.000

-

-

-

Jaarlijkse storting conform beheerplan

3

500.000

500.000

500.000

500.000

17.595

501.181

445.261

445.261

Algemene reserve Parkeerfonds: Jaarlijkse storting Tractie: Jaarlijkse storting tractie Toekomstbestendig beheer: Storting toekomstbestendig beheer Dekking kapitaallasten: Onttrekking tbv krediet parkeervakken Heeswijkerpoort Groot onderhoud wegen:

Totaal mutaties reserves

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

77 | P a g i n a

5.2. Voorzieningen Voorzieningen

1-1-2024

1-1-2025

1-1-2026

1-1-2027

1-1-2028

Pensioenen voormalige bestuurders

1.625.266

1.825.266

2.025.266

2.225.266

2.425.266

Totaal Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

1.625.266

1.825.266

2.025.266

2.225.266

2.425.266

Groot onderhoud gemeentelijke gebouwen

293.727

119.153

151.983

144.316

145.206

Totaal Egalisatievoorzieningen

293.727

119.153

151.983

144.316

145.206

Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

Egalisatievoorzieningen

Van derden verk regen middelen die specifiek besteed moeten worden Graven

445.799

374.799

343.799

312.799

281.799

Riolering

5.683.454

6.048.454

6.413.454

6.778.454

7.143.454

291.923

291.923

291.923

291.923

291.923

-

-

-

-

-

Afval Ondernemersfonds t.b.v. agrariërs Ondernemersfonds t.b.v. maatschappelijk vastgoed

61.598

61.598

61.598

61.598

61.598

Totaal Bestemmings en egalisatievoorzieningen

6.482.774

6.776.774

7.110.774

7.444.774

7.778.774

Totaal Voorzieningen

8.401.767

8.721.193

9.288.023

9.814.356

10.349.246

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

78 | P a g i n a

5.3. Meerjareninvesteringsplan Omschrijving Riolering vervangingen 2022 (GRP 2019) Riolering vervangingen 2023 (GRP 2019) Riolering vervangingen 2024 (GRP 2019) Speelplaatsen 2e tranche herinrichting Speelplaatsen 3e tranche herinrichting Speelplaatsen 4e tranche herinrichting Graafbrug-Schapenlaan Haardijk-Oudewater Korte Linschoten Westzijde Brug Strick van Linschotenstraat Brug Dorpsstraat Engherzandweg Brug Zwarte Dijkje Sluis IJsselkade Brug sportvelden en kasteelplein Brug Anne Franklaan Huis van Montfoort elector vervangen hoofdregeling Kasteel Montfoort vervangen lift Oude stadhuis vervangen lift

Progra mma 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 1 1 1

Nieuwe investeringen ICT systeem Raadszaal Huis van Montfoort vervangen lift Electrische bode auto Electrische vuilnis ophaalwagen gemeentewerf Electrische kiepauto gemeentewerf Totaal

1 1 1 3 3

Reeds beschikbaar gesteld in begroting:

Investering per boekjaar 2024 2025 2026 700.000 700.000 700.000 475.000 245.000 80.000 62.000 169.000 225.000 50.000 157.000 426.000 68.750 88.000 37.500 37.500 25.000 42.018 30.164

2022 2022 2022 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023 2023

2024 2024 2024 2024 2024 €

95.000 25.000 40.000 50.000 50.000 260.000 €

2027

Jaar gereed 2025 2026 2027 2026 2027 2028 2025 2025 2026 2026 2026 2027 2027 2027 2027 2027 2025 2027 2027

Kapitaallasten per boekjaar 2024 2025 2026 2027 € -28.000 € -27.720 € -27.440 € -28.000 € -27.720 € -28.000 € -41.167 € -40.533 € -21.233

2024 2024 2024 2024 2024 -

€

-

€

-

€

-

€ €

-2.480 € -11.830 € € € €

€

-2.167 €

€ € € € € €

-11.400 -2.167 -4.800 -6.000 -6.000 -30.367

€ € € € € €

-2.455 -11.661 -15.750 -2.000 -6.280

€ -2.430 € -11.492 € -15.525 € -1.980 € -6.217 € -29.820 € -4.125 € -3.520 € -2.250 € -2.250 -2.133 € -2.100 € -3.642 € -2.614

-11.210 -2.133 -4.720 -5.900 -5.900 -29.863

€ -11.020 € -2.100 € -4.640 € -5.800 € -5.800 € -29.360

Nadere toelichting, in dit meerjarenoverzicht is onderscheid gemaakt in: - de nieuwe investeringen voor 2024, die ter vaststelling zijn voorgelegd; - de overige (bovenstaande) investeringen worden ook getoond, omdat die eveneens in 2024 en verder in beeld komen, om meerjarig inzicht te geven. Echter deze zijn reeds bij eerdere begrotingen vastgesteld (en zodoende niet van invloed op het begrotingssaldo 2024).

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

79 | P a g i n a

5.4. Verplichte indicatoren Programma 1 Indicator

Taakveld

Naam Indicator

Eenheid Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners

Bron

1.

0. Bestuur en ondersteuning

Formatie

2.

0. Bestuur en ondersteuning

Bezetting

3.

0. Bestuur en ondersteuning

Apparaatskosten

4.

0. Bestuur en ondersteuning

Externe inhuur

5.

0. Bestuur en ondersteuning

Overhead

Kosten als % van totale loonsom + Eigen gegevens totale kosten inhuur externen % van totale lasten Eigen gegevens

Naam Indicator

Eenheid

Montfoort

Nederland

Jaar

Eigen gegevens

6,32

- 2022

Eigen gegevens

5,88

- 2022

Kosten per inwoner Eigen gegevens

€ 656,27

- 2022

15,25%

- 2022

18,40%

- 2022

Programma 2 Indicator

Taakveld

6.

1. Veiligheid

Verwijzingen Halt

7.

1. Veiligheid

Harde kern jongeren

8.

1. Veiligheid

Winkeldiefstallen

9.

1. Veiligheid

Geweldsmisdrijven

10.

1. Veiligheid

Diefstallen uit woning

1. Veiligheid

Vernielingen en beschadigingen (in de openbare ruimte)

11.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

Aantal per 1.000 jongeren Aantal per 10.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners Aantal per 1.000 inwoners

M o n t f o o r t

Bron Bureau Halt

Montfoort

Nederland 10

Jaar

8 2022

KLPD

vervallen

CBS

0,4

2,3 2022

CBS

1,4

4,6 2022

CBS

1,1

1,4 2022

CBS

3,3

6 2022

80 | P a g i n a

vervallen

Programma 3 Indicator

Taakveld

12.

2. Verkeer en vervoer

13.

2. Verkeer en vervoer

14.

3. Economie

Naam Indicator Ziekenhuisopname na verkeersongeval met een motorvoertuig Overige vervoersongevallen met een gewonde fietser Functiemenging

Eenheid

Bron

%

VeiligheidNL

vervallen

vervallen

%

VeiligheidNL

vervallen

vervallen

% Verhouding tussen 3. Economie Bruto Gemeentelijk Product verwacht en gemeten product Aantal per 1.000 inwoners in de 3. Economie Vestigingen (van bedrijven) leeftijd van 15 t/m 64 jaar Omvang huishoudelijk 7. Volksgezondheid en Milieu Kg/inwoner restafval

LISA

34.

7. Volksgezondheid en Milieu Hernieuwbare elektriciteit

35.

8. Vhrosv

15.

16.

33.

Atlas voor Gemeenten

Montfoort

Nederland

53,1 vervallen

Jaar

53,8 2022 vervallen

LISA

182,8

174,1 2022

CBS

160

169 2021

%

RWS

28

33,2 2021

Gemiddelde WOZ waarde

Duizend euro

427

369 2023

Aantal per 1.000 woningen

4,3

9,3 2022

79

70,3 2023

36.

8. Vhrosv

Nieuw gebouwde woningen

37.

8. Vhrosv

%

38.

8. Vhrosv

In Euro’s

COELO

1.074

860 2023

39.

8. Vhrosv

Demografische druk Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

CBS Basisregistratie adressen en gebouwen CBS

In Euro’s

COELO

1.228

942 2022

Naam Indicator

Eenheid

Bron

Programma 4 Indicator

Taakveld

17.

4. Onderwijs

18.

4. Onderwijs

19.

4. Onderwijs

20.

5. Sport, cultuur en recreatie

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

Aantal per 1.000 Absoluut verzuim leerlingen Aantal per 1.000 Relatief verzuim leerlingen Vroegtijdig schoolverlaters % deelnemers aan zonder startkwalificatie (vsv- het VO en MBO ers) onderwijs Niet sporters %

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

Montfoort

Nederland

Jaar

DUO

0

4,2 2022

DUO

10

24 2022

Ingrado

1,4

1,9 2021

RIVM

100

49,2 2020

81 | P a g i n a

Programma 5 Indicator

Taakveld

21.

6. Sociaal domein

22.

6. Sociaal domein

23.

6. Sociaal domein

Naam Indicator

Eenheid

Bron

Aantal per 1.000 Banen inwoners in de LISA leeftijd 15 – 64 jaar Verwey Jonker Jongeren met een delict voor % 12 t/m 21 jarigen Instituut – Kinderen de rechter in Tel Verwey Jonker % kinderen tot 18 Kinderen in uitkeringsgezin Instituut – Kinderen jaar in Tel

24.

6. Sociaal domein

Netto arbeidsparticipatie

25.

6. Sociaal domein

Achterstandsleerlingen

26.

6. Sociaal domein

Werkloze jongeren

27.

6. Sociaal domein

Personen met een bijstandsuitkering

28.

6. Sociaal domein

Lopende reintegratievoorzieningen

29.

6. Sociaal domein

Jongeren met jeugdhulp

30.

6. Sociaal domein

31.

32.

% van de werkzame beroepsbevolking CBS ten opzichte van de beroepsbevolking Verwey Jonker % 4 t/m 12 jarigen Instituut – Kinderen in Tel Verwey Jonker % 16 t/m 22 jarigen Instituut – Kinderen in Tel Aantal per 10.000 CBS inwoners Aantal per 10.000 inwoners van 15 – CBS 64 jaar

Montfoort

Nederland

Jaar

753,1

825,4 2022

1

1 2021

4

6 2021

76,8

72,2 2022

vervallen

vervallen

n.b.

2 2021

155,7

431,2 2021

184

197,7 2022

% van alle jongeren CBS tot 18 jaar

9,2

13,2 2022

Jongeren met jeugdbescherming

% van alle jongeren CBS tot 18 jaar

0,9

1,2 2022

6. Sociaal domein

Jongeren met jeugdreclassering

% van alle jongeren CBS van 12 tot 23 jaar

n.b.

0,3 2022

6. Sociaal domein

Cliënten met een Aantal per 10.000 maatwerkarrangement Wmo inwoners

380

n.b 2021

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

GMSD

82 | P a g i n a

5.5. Overzicht van incidentele baten en lasten Overzicht incidentele baten en lasten 2024-2027 Omschrijving Incidentele lasten: Kasteelplein 4: energielasten Kunstwerken: advieskosten Riolering:onderzoekskosten Rioleringsgemalen: inspectie Omgevingswet: uitvoeringskosten Gemeentewerf: onderhoud Lokaal onderwijsbeleid: overige kosten Algemeen samenkracht en burgerparticipatie Gezondheidszorg Totaal incidentele lasten Incidentele baten: mutaties reserves (totaal) Lokaal onderwijsbeleid: overige kosten Gezondheidszorg Algemeen samenkracht en burgerparticipatie Totaal incidentele baten Saldo incidentele lasten en baten

Jaar 2024

Progr. 1 3 3 3 3 3 4 5 5

div 4 5 5

13.860 34.000 25.000 9.378 5.000 45.000 62.108 71.407 265.753 17.595 45.000 71.407 62.108 196.110 69.643

2025

2026

2027

45.000 9.000 9.378

9.378

62.108 71.407 196.893

50.464 50.100 109.942

0

1.181

-54.739

-54.739

71.407 62.108 134.696 62.197

50.100 50.464 45.825 64.117

-54.739 54.739

Nadere toelichting: - Op de locatie Kasteelplein 4 zijn de energielasten incidenteel hoger geraamd vanwege de hogere energieprijzen; - Voor de civiele kunstwerken is er éénmalig budget vrijgemaakt voor advieskosten; - Voor de riolering vindt er, naast de reguliere inspecties, incidenteel in 2024 en 2025 een extra inspectie en onderzoek plaats, ten bedrage van € 25.000 en € 45.000; - Voor de invoering van de Omgevingswet is er incidenteel budget geraamd; - Op de Gemeentewerf vindt er éénmalig onderhoud plaats; - Voor lokaal onderwijsbeleid, burgerparticipatie en de gezondheidszorg zijn er incidentele kosten geraamd, die middels een specifieke uitkering gedekt zijn.

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

83 | P a g i n a

5.6. EMU saldo 2023 x € 1000,-

2024 x € 1000,-

2025 x € 1000,-

Volgens realisatie tot en met sept. 2023, aangevuld met raming resterende periode

Volgens begroting 2024

Volgens meerjarenraming in begroting 2025

-1.439

-2.276

-776

3.956

6.649

-1.514

574

319

567

-4.821

-8.606

1.305

Omschrijving

1.

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

2.

Mutatie (im)materiële vaste activa

3.

Mutatie voorzieningen

4.

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

5.

Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa

Berekend EMU-saldo

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

M o n t f o o r t

84 | P a g i n a

5.7. Overzicht begroting naar taakvelden Taakvelden 0.1 Bestuur 0.10 Mutaties reserve 0.11 Begrotingsresultaat 0.20 Burgerzaken 0.30 Beheer overige gebouwen 0.4 Overhead 0.5 Algemene dekkingsmiddelen 0.61 Algemene dekkingsmiddelen 0.62 Algemene dekkingsmiddelen 0.70 Algemene dekkingsmiddelen 0.80 Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien 1.1 Veiligheid en brandweer 1.2 Veiligheid en brandweer 2.1 Wegen en verkeer 2.4 Water 3.1 Economie 3.3 Economie 3.4 Economie 4.2 Onderwijs huisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 5.1 S port 5.2 S portaccommodaties 5.3 Kunst en cultuur 5.4 Musea 5.5 Cultureel erfgoed 5.6 Cultureel erfgoed 5.7 Groen en speelvoorzieningen 6.60 Wmo 6.61 Jeugd Participatie Wmo 6.62 Jeugd Wmo 6.63 Participatie 6.64 Participatie 6.65 Participatie 6.71 Volksgezondheid Wmo 6.71A Hulp bij het huishouden 6.71B Begeleiding 6.72A PGB jeugd 6.72B Jeugdhulp 6.74B LTA 6.81A Opvang en beschermd wonen Wmo 6.82A Justitieel traject 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.4 Vergunningverlening, handhaving en milieu 7.5 Begraafplaatsen 8.1 Integraal Ruimtelijk Perspectief Vergunningverlening, handhaving en milieu 8.3 Vergunningverlening, handhaving en milieu Eindtotaal

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

Lasten begroot € 1.386.140 € 1.386.140 € 523.989 € 523.989 € 1.598.360 € 1.598.360 € 397.472 € 397.472 € 267.732 € 267.732 € 5.763.967 € 5.763.967 -€ 213.566 -€ 213.566 € 177.400 € 177.400 € 66.000 € 66.000 -€ 100.000 -€ 100.000 € 167.831 € 117.831 € 50.000 € 1.138.674 € 1.138.674 € 393.084 € 393.084 € 2.146.804 € 2.146.804 € 155.672 € 155.672 € 6.183 € 6.183 € 342.107 € 342.107 € 65.707 € 65.707 € 581.273 € 581.273 € 636.837 € 636.837 € 250.505 € 250.505 € 561.040 € 561.040 € 402.560 € 402.560 € 1.628 € 1.628 € 34.486 € 34.486 € 264.861 € 264.861 € 1.288.312 € 1.288.312 € 334.356 € 334.356 € 1.145.653 € 404.072 € 370.014 € 371.567 € 2.086.879 € 595.766 € 1.491.113 € 2.951.194 € 2.951.194 € 671.680 € 671.680 € 335.120 € 335.120 € 974.555 € 767.953 € 206.602 € 1.050.000 € 1.050.000 € 443.645 € 443.645 € 111.324 € 111.324 € 2.155.120 € 2.155.120 € 185.000 € 185.000 € 27.367 € 27.367 € 309.040 € 309.040 € 1.307.180 € 1.307.180 € 1.661.413 € 1.661.413 -€ 107.043 -€ 107.043 € 185.175 € 185.175 € 328.430 € 10.691 € 317.739 € 2.445.459 € 2.445.459 € 36.906.605

M o n t f o o r t

85 | P a g i n a

Taakvelden 0.10 Mutatie reserve Mutaties reserve Mutaties reserves 0.20 Burgerzaken 0.30 Beheer overige gebouwen 0.4 Overhead 0.5 Algemene dekkingsmiddelen 0.61 Algemene dekkingsmiddelen 0.62 Algemene dekkingsmiddelen 0.70 Algemene dekkingsmiddelen 1.2 Veiligheid en brandweer 2.1 Wegen en verkeer 3.3 Economie 4.2 Onderwijs huisvesting 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingenzaken 5.1 Sport 5.2 Sportaccommodaties 5.3 Kunst en cultuur 5.7 Groen en speelvoorzieningen 6.61 Participatie 6.63 Participatie 6.71 Volksgezondheid Wmo 7.2 Riolering 7.3 Afval 7.5 Begraafplaatsen 8.3 Vergunningverlening, handhaving en milieu 0.1 Bestuur Eindtotaal

Baten begroot -€ 506.394 €0 -€ 506.394 €0 -€ 284.596 -€ 284.596 -€ 283.696 -€ 283.696 -€ 353.394 -€ 353.394 -€ 97.000 -€ 97.000 -€ 2.902.405 -€ 2.902.405 -€ 1.726.749 -€ 1.726.749 -€ 23.551.033 -€ 23.551.033 -€ 53.800 -€ 53.800 -€ 27.023 -€ 27.023 -€ 7.491 -€ 7.491 -€ 93.055 -€ 93.055 -€ 201.251 -€ 201.251 -€ 101.576 -€ 101.576 -€ 113.509 -€ 113.509 -€ 204.210 -€ 204.210 -€ 529 -€ 529 -€ 62.108 -€ 62.108 -€ 1.733.000 -€ 1.733.000 -€ 141.407 -€ 71.407 -€ 70.000 -€ 1.810.042 -€ 1.810.042 -€ 2.215.114 -€ 2.215.114 -€ 78.720 -€ 78.720 -€ 357.962 -€ 357.962 -€ 541 -€ 541 -€ 36.906.605

P r o g r a m m a b e g r o t i n g

M o n t f o o r t

2 0 2 4 -

G e m e e n t e

86 | P a g i n a

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Montfoort&id=b7294352-21a6-42b2-93f5-5a94b9256996