Begroting 2023.pdf
Tekst van het document
zie
2
De.gemeente Montfoort heeft nog geen duurzaamheidsambities en voorlopig hiervoor geen (extra) budget beschikbaar gesteld. Tot die tijd worden de duurzaamheidsmaatregelen uitgesteld. Het risico bestaat dat Montfoort straks aan de door het Rijk gestelde doelen (met name CO2) voor 20230 uit het Klimaatakkoord niet kan voldoen.
Het blijven monitoren van de De situatie is dat er in het ontwikkelingen op Klimaatakkoord van het Rijk afspraken duurzaamheid en CO2. gemaakt zijn, waaronder het reduceren van de CO2 in 2030. Er kan nog geen raming worden gemaakt van het risicobedrag.
p.m.
p.m.
0
De gebouwen en inventaris van de gemeente Montfoort moeten op den duur opnieuw getaxeerd worden, om het risico op onderverzekering te vermijden.
Het in beeld gaan brengen van welke gebouwen en inventaris voor het laatst getaxeerd zijn.
p.m.
p.m.
0
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
In 2023 in beeld gaan brengen welke gebouwen en inventaris voor het laatst getaxeerd zijn.
M o n t f o o r t
200.000
hierboven
43 | P a g i n a
Energie prijzen Eind 2022 lopen de huidige energiecontracten, die Montfoort Zodra de nieuwe energieheeft afgesloten met Eneco (elektra) en Gazprom (gas) allebei af. contracten bekend zijn, de Daarom is in 2022 gestart met de aanbesteding van nieuwe financiële effecten ervan energieleveranciers. Naar verwachting zullen in de nieuwe melden en verwerken in het contracten fors hogere tarieven van toepassing zijn. De exacte eerst volgende P&Cfinanciele gevolgen en implicaties zijn voor nu onbekend. Medio document. 2023 zal hierover meer bekend worden. Kapitaallasten Door de ontwikkelingen op Europees niveau (met name door het Het blijven monitoren van de huidige ECB-beleid) kan de gemeente geconfronteerd worden met ontwikkelingen op de een stijgende rente, voor het aantrekken van leningen. Een kapitaalmarkt en leningen stijging van de rente zal leiden tot een verhoging van de markt. kapitaallasten. Implementatie Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet staat gepland op 1-1-2023. Het intern voorbereiden van Voor het implementeren van deze wet moeten kosten worden de implementatie en het gemaakt. Deze invoeringsdatum is al meerdere opgeschoven blijven monitoren van de door het Rijk, omdat er vertragingen waren. Op het moment van ontwikkelingen. het opstellen van de begroting 2023 is er op Rijksniveau wederom sprake van vertraging.
Het risico bestaat dat de invoeringsdatum weer wordt doorgeschoven.
Het blijven monitoren van de ontwikkelingen.
p.m.
p.m.
0
Het blijven monitoren van de ontwikkelingen op de kapitaalmarkt en leningen markt
p.m.
p.m.
0
Ter voorbereiding wordt een inschatting van de kosten gemaakt. Zodra de invoering definitief bekend is, dan wordt daarover in het eerstvolgend PCdocument over gerapporteerd. Tevens worden de ontwikkelingen op Rijksniveau met de voet gevolgd.
p.m.
p.m.
0
De risico’s op de grondexploitaties In 2023 wordt de Grex Voorvliet definitief en worden jaarlijks becijferd en volledig afgesloten. Voor het overige is nog niet verwerkt in het bekend of bepaalde (bouw)projecten in 2023 meerjarenprogramma en later leiden tot een grondexploitatie. grondbedrijfsfunctie (MPG).
n.v.t.
€ 918.531
Totaal becijferde risico’s excl. Grondexploitaties Grondexploitaties Risico's op grondexploitaties worden grotendeels bepaald door marktontwikkelingen.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
€0
€ 918.531
Totaal becijferde risico’s incl. grondexploitaties
Toelichten risicobedrag verbonden partijen Voor het bepalen van het risico, wat de gemeente loopt naar aanleiding van het deelnemen aan diverse verbonden partijen, wordt per gemeenschappelijke regeling een inschatting gemaakt van het risicobedrag en grootte van het risico in procenten. Hieronder treft u de berekening van dit bedrag aan, het totaal is opgenomen in de inventarisatie van risico’s in de tabel hierboven. Correctie i.v.m. Bijdrage aan Op te nemen Verbonden partij afzonderlijke Risico in % risico risicobedrag geldstromen Afvalverwijdering Utrecht (AVU) 561.326 0 561.326 5% 28.066 Belasting Samenwerking Rivierlanden (BSR) 248.000 0 248.000 5% 12.400 Gemeentelijke GezondheidsDienst regio Utrecht (GGDrU) 590.950 0 590.950 5% 29.548 Veiligheidsregio Utrecht (VRU) 838.000 0 838.000 5% 41.900 Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek/Lopikerwaard71.105 (RHC) 0 71.105 5% 3.555 Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) 594.744 0 594.744 10% 59.474 Ferm Werk (FW) 3.293.000 2.215.495 1.077.505 5% 53.875 Totaal 6.197.125 2.215.495 3.981.630 228.819 Totale bijdrage in 2023
Verhouding benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Bij het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen wordt aangenomen dat de algemene reserve een minimale omvang van € 1 miljoen moet hebben om risico’s op te kunnen vangen. Conform ons financieel beleid moet de factor voor het weerstandsvermogen minimaal 1,5 zijn. Met 2,25 wordt daaraan ruimschoots voldaan. Hierbij is uitgegaan van de stand van de algemene reserve en de benodigde weerstandscapaciteit per 1 januari 2023. Ontwikkelingen weerstandsratio Totaal beschikbare weerstandscapaciteit (a) Berekend weerstandsrisico (zie totaal risico’s) (b) Benodigde weerstandscapaciteit ( c) (= 1,5x b) Vrije ruimte in de weerstandsvermogen --> (d) (= a-c)
2023
2024
2025
2026
2.063.894 918.531
3.322.585 918.531
4.676.578 918.531
7.303.816 918.531
1.377.796 686.098
1.377.796 1.944.789
1.377.796 3.298.782
1.377.796 5.926.020
2,25
3,62
5,09
7,95
Weerstandsratio
In bovenstaande tabel, uitgaande van het meerjarig begrotingssaldo van 2024 tot en met 2026, is ook het meerjarig beeld van de weerstandsratio weergegeven.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
44 | P a g i n a
Het beleid omtrent de aanwending van de weerstandscapaciteit Wanneer risico’s zich voordoen kan dit leiden tot kosten voor de gemeente. In zo’n geval wordt mogelijk de financiële positie van de gemeente aangetast en moeten maatregelen worden getroffen om de gewenste situatie weer te bereiken. Het volgende is van toepassing met betrekking tot risicobeheer. 1. Allereerst worden tijdig beheersmaatregelen genomen, zoals het op orde krijgen van processen, de inzet van gekwalificeerd personeel en het verzekeren tegen bepaalde risico’s. 2. Indien beheersmaatregelen niet werken, dan wordt gekeken of de schade uit de daarvoor bedoelde programmabudgetten kan worden betaald, of uit de post onvoorzien. 3. Als dat niet mogelijk of bestuurlijk ongewenst is, dan worden de algemene reserve aangesproken; onderdeel van de algemene reserve is de benodigde weerstandscapaciteit. Hierbij wordt aangegeven op welke wijze gezorgd wordt dat de algemene reserve hoog genoeg blijft voor het opvangen van risico’s. 4. Indien de algemene reserve niet toereikend is, zal een beroep worden gedaan op de bestemmingsreserves. Ook in dit geval zal aangegeven worden op welke wijze de reserves worden aangevuld en wat de consequenties zijn voor het voorgenomen beleid. 5.
In het geval de algemene reserve en de bestemmingsreserves tekortschieten zal de raad voorgesteld worden om de belastingen te verhogen of om te bezuinigen.
Kengetallen Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) bepaalt dat gemeenten voortaan een basisset van vijf financiële kengetallen moeten opnemen in de begroting en de jaarrekening. Doel van deze kengetallen is op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente. Het gaat om de volgende kengetallen: - Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. - Solvabiliteitsratio. - Grondexploitatie. - Structurele exploitatieruimte. - Belastingcapaciteit.
Kengetal Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Rekening Begroting Begroting 2021 2022 2023 48,5% 74,7% 34,1% 48,0%
73,7%
33,6%
11,3% -0,2% 0,8% 124,7%
8,9% 0,0% 0,4% 119,8%
13,3% 0,0% 0,9% 132,7%
Toelichting: Netto schuldquote (inclusief verstrekte leningen en hiervoor gecorrigeerd) Dit kengetal geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een normale netto schuldenlast ligt voor gemeenten tussen 0% en 90%. Als de netto schuldquote tussen 90% en 130% ligt, is de gemeenteschuld hoog en dient deze niet verder toe te nemen. Een quote boven de 130% wordt algemeen beschouwd als te hoog. Voor Montfoort ligt dit cijfer dus ruim binnen de veilige marge. In aanloop van het opstellen van deze begroting is de financieringsbehoefte voor 2023 en verder geactualiseerd. Dit betreft het aantrekken van een lening. Deze lening is nog niet in deze percentages verwerkt. In de paragraaf financiering is dit nader toegelicht. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan de financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Dit cijfer ligt bij gemeenten doorgaans rond de 30%. Voor Montfoort ligt dit kengetal lager dan de norm, maar er is wel een lichte opwaartse beweging zichtbaar. Deze stijgende lijn komt door het positieve jaarresultaat van de jaarrekening 2021 en de positieve saldi van deze begroting (en meerjarenraming).
De financiële weerbaarheid van de gemeente verbetert hierdoor, maar blijft onder druk staan. Er is verhoudingsgewijs te weinig eigen vermogen beschikbaar ten opzichte van de hoeveelheid aangetrokken vreemd vermogen.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
45 | P a g i n a
Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Voorgaande jaren zijn enkele grondexploitaties (o.a. Voorvliet) afgesloten. Vanaf 2023 worden er enkele bouwprojecten en initiatieven gestart, waarvan nog bepaald gaat worden of deze tot een grondexploitatie zullen leiden. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen structurele lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van leningen) te dekken. De structurele exploitatieruimte laat voor de gemeente Montfoort een positief kengetal zien. Dat betekent dat de gemeente meer structurele baten dan lasten heeft. Belastingcapaciteit Dit kengetal geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde. De belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of ruimte is voor nieuw beleid. Een kengetal boven de 100% geeft aan dat de lasten van de gemeente boven het landelijk gemiddelde liggen.
Voor de gemeente Montfoort komt het kengetal voor de belastingcapaciteit boven de 100% uit. Dit betekent dat de gemeente minder mogelijkheden over heeft om via belastingverhoging bij te sturen. Hiermee is de wendbaarheid van de gemeente om tegenvallers op te vangen beperkter dan gemiddeld.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
46 | P a g i n a
3.3. Onderhoud kapitaalgoederen Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar
Intro De gemeente Montfoort heeft veel eigendommen in de openbare ruimte liggen. De paragraaf kapitaalgoederen gaat over het onderhoud van deze kapitaalgoederen. Om helder te hebben waar we over spreken wordt de openbare ruimte gedefinieerd als de buitenruimte, inclusief de ondergrondse infrastructuur, die in beheer en onderhoud van de gemeente is. De paragraaf heeft betrekking op de kapitaalgoederen die vallen onder de begrotingsproducten: Wegen en verkeer Openbare verlichting Groen en speelplaatsen Waterhuishouding Civiele kunstwerken In cijfers betekent dit het volgende: Onderdeel
Eenheid
Areaal 2021
Areaal 2022
Openbaar groen
M2
477.524
471.878
Bomen
St
7.976
7.952
-0,3%
Spelen
St
291
291
0,00%
Verharding
M2
661.608
659.784
Toe/ afname %
Toelichting
-1,2%
Combinatie van gras, heesters en vaste planten
-0,30%
39 % asfalt, 60 % elementenverharding, 1 % half verharding
Openbare verlichting
St
2.745
2.755
0,4%
Weg- en straatmeubilair
St
275
275
0,00%
Riolering
M1
82.800
82.800
0,00%
Water
M2
13.862
21.019
51,6%
Oeverbescherming
M1
12.050
12.050
0,00%
Marktkasten
St
3
3
0,00%
Kunstwerken
St
36
36
0,00%
Gebouwen Gronden (met overeenkomst)
St
35
35
0,00%
St
16
16
0,00%
Gemeentelijk Rioleringsplan
Met het opstellen van de begroting 2023 is het de derde keer dat er voor deze opzet van de paragraaf kapitaalgoederen wordt gekozen. Doel van deze opzet is om meer duidelijkheid te geven in de onderhoudstoestand van onze kapitaalgoederen. De beheergroep Water heeft er 1 watergang bijgekregen, procentueel een grote hoeveelheid, echter in het beheer en onderhoud heeft dit geen gevolgen.
Kaders Montfoort In de onderstaande beleidsplannen en notities zijn keuzes gemaakt die invloed hebben op de kapitaalgoederen en de kwaliteit van het onderhoud. Daarnaast heeft ook ons financieel beleid invloed op kapitaalgoederen en de kosten. Het gaat om de volgende notities: - Keuzes maken Montfoort 2014, de gehele openbare ruimte wordt op C-niveau onderhouden. - Bloemrijk Montfoort 2016, omvorming van heestervakken naar bloemrijke vakken. Investering afgerond. - Nota activa beleid 2020. - Nota grondprijsbeleid 2020 - Meerjarenonderhoudsplan gebouwen 2017-2026 P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
47 | P a g i n a
Ontwikkelingen in beleid In 2021 is regionaal beleid voor klimaatadaptatie vastgesteld. Dit beleid heeft gevolgen voor de inrichting van de huidige en toekomstige openbare ruimte en dus ook voor onze kapitaalgoederen. Klimaatadaptatie gaat in op de gevolgen van vier onderdelen namelijk: droogte, hitte, wateroverlast en gevolgenbeperking. Vooral de eerste drie onderdelen hebben invloed op het uiterlijk van de openbare ruimte. In een eerste uitvoeringsplan zal de invloed van klimaatadaptatie op de openbare ruimte naar voren komen.
Ontwikkelingen door stedelijke uitbreidingen Vanuit de woonvisie is aangegeven dat Montfoort de ambitie heeft om woningen te bouwen. Van hieruit zijn er een heel aantal projecten gestart voor de realisatie van woningen. Deze projecten hebben tot gevolg dat ter zijner tijd ook nieuwe openbare ruimte wordt toegevoegd aan deze paragraaf. In de begroting nemen we de ontwikkelingen mee en uiteindelijk ook de nieuwe arealen openbare ruimte.
Ontwikkelingen binnen de beheerplannen In de afgelopen jaren is er hard gewerkt aan het opstellen en actualiseren van de beheerplannen, enkele beheerplannen met grootste impact zijn reeds vastgesteld en verwerkt in de begroting. De rest volgt dit jaar en in de komende jaren. Daarna zal het een cyclisch proces zijn om deze actueel te houden. In de onderstaande tabel staan de betreffende beheerplannen met de status en planperiode. Daarnaast is opgenomen of en hoe goed de middelen voor het onderhoud (klein- en grootonderhoud) en de vervanging zijn opgenomen in de begroting. De laatste kolom geeft aan of er in 2022 tijdens inspecties achterstallig onderhoud is waargenomen. Na de tabel wordt een nadere toelichting gegeven op de inhoud van de tabel en het eventuele achterstallige onderhoud. Beheerplan
Looptijd van / tot
Financiële vertaling in begroting?
Openbaar groen (niet aanwezig)
Opstellen in 2024
Onderhoud: Ja; Vervanging: deels
Bomenbeheerplan
2020/ 2023
Onderhoud: Ja; Vervanging: ja
Speelbeheerplan
2022/ 2030
Onderhoud: Ja; Vervanging: deels
Beheerplan begraafplaatsen Wegenbeheerplan
2022/ 2025
Onderhoud: Ja; Vervanging: nvt Onderhoud: Ja; Vervanging: Nee
Beheerplan openbare verlichting Weg- en straatmeubilair (niet aanwezig)
2021/2031
Gladheidsbeheerplan
2019/ 2025
Gemeentelijk rioleringsplan
2020/ 2024
Beheerplan water (baggeren en duikers) Beheerplan oeverbescherming
2013/2022 Opstellen in 2023
Nota afvalstoffen
2020
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2022/ 2026
ntb
2 0 2 3 -
Onderhoud: Ja; Vervanging: Ja Onderhoud: Ja; Vervanging: deels Onderhoud: Ja Vervanging: nvt Onderhoud: Ja Vervanging: Ja Onderhoud: Ja Vervanging: nvt Onderhoud: deels; Vervanging: Ja Via leges
G e m e e n t e
Opmerkingen
Achterstallig onderhoud? Het beheerplan wordt in 2024 Nee, door geactualiseerd. Voor nu geldt Bloemrijk* dat vervanging van groen voor 10% gebudgetteerd is in de exploitatie. Voor de vervanging is volJa doende gebudgetteerd in de begroting. Er zijn voldoende middelen Nee voor onderhoud. Er is ook een reserve speelplaatsen om te kunnen opvangen. Voor het vervangen is aanvullend krediet beschikbaar. Nee Met groot onderhoud kan kwaliteit behouden blijven, vervanging is vaak niet nodig. * zie bij de onderstaande toelichting Vanuit de begroting worden elementen vervangen
12% D-niveau* Nee Nee Nvt
Met het vaststellen van het GRP in 2020 is het onderhoud en vervanging geregeld.
Nee Nee
Beschoeiing is vooral vervanging en zeer beperkt onderhoud.
M o n t f o o r t
Nee Nvt 48 | P a g i n a
Beheerplan kunstwerken
2021 - 2030
Tractieplan
Opstellen in 2023
Onderhoud: Ja; Vervanging: Nee
Onderhoud: Ja; Vervanging: deels MJOP Gebouwen 2017-2026 ja * Zie de onderstaande toelichting op de tabel
In budget zitten middelen voor klein onderhoud, voor groot onderhoud is een krediet beschikbaar. Investeringen worden meegenomen in begroting, kleine reserve aanwezig.
nee
Nee Nee
Uitleg/ toelichting op beheerplannen Openbaar groen: Met het project Bloemrijk Montfoort zijn tot 2021 veel slechte heestervakken omgevormd tot bloemrijke vakken, een erg mooie en fraaie toevoeging aan het beeld van de gemeente. In 2022 zijn incidenteel heestervakken vervangen door of nieuwe heesters of vaste planten. Hierdoor is er op dit moment geen achterstand in het vervangen van heesters en ander groen. Bomen: In de meerjarenbegroting zijn in 2023 voldoende middelen beschikbaar voor het vervangen van bomen. Wegen: Voor de wegen is in de zomer van 2020 tijdens een monitoringsronde 12% D-niveau geconstateerd. Dit kan met verschillende parameters te maken hebben en is niet direct ernstig te noemen. In het wegenbeleid van andere gemeenten zie je regelmatig een maximaal percentage van 15% terugkomen. In het beheerplan staan enkele wegen in het buitengebied op de planning voor een groot onderhoudsbeurt. Voor 2023 en verder zijn de volgende werkzaamheden gepland voor asfalt of elementvervangingen: Cattenbroekerdijk, Vaartkade Zuidzijde, Achthoven-West, Laan van Overvliet. Openbare verlichting: sinds 2021 heeft de gemeente de openbare verlichting in eigendom. Met de overname is tevens een moderniseringsslag gemaakt en is de kwaliteit van de verlichting erg goed te noemen.
In 2021 is gewerkt aan een nieuw beheerplan voor de openbare verlichting waarbij alle modernisering en veranderingen zijn meegenomen in de begroting. Kunstwerken: Net als bij de openbare verlichting is er gewerkt aan een nieuw beheerplan op basis van een technische inspectie aan alle kunstwerken. De uitkomsten daarvan zijn globaal vertaald en gefaseerd in het beheerplan. Aan de hand van een nader onderzoek worden de opdrachten vertrekt om de kunstwerken te onderhouden (renoveren).
Kwaliteit In dit onderdeel van deze paragraaf wordt een weergave gegeven van de raadskeuzes voor de onderhoudsniveaus van de verschillende elementen in de openbare ruimte. Dit geldt overigens niet voor alle onderdelen, voor onder andere de speeltoestellen, de gebouwen, de bruggen en sluis, de tractie en het functioneren van de watergangen gelden externe normen. Veel onderdelen van de openbare ruimte kunnen volgens de beeldsystematiek en de normen van de CROW worden gemonitord. Bij gebouwen gebeurt het monitoren door middel van de NEN-normen. In de onderstaande tabel zijn voor ieder beheerplan verschillende onderdelen opgenomen die aangeven welke kwaliteit is gekozen en hoe dit wordt gemonitord, zo is de frequentie, de normering/ methode en de uitvoering beschreven. De eerste tabel betreft een legenda voor de beeldkwaliteit. Legenda voor CROW-beeldkwaliteit: KwaliOmschrijving teit A+ Zeer goed Ongeschonden, net nieuw aangelegd A Goed Mooi en comfortabel B Voldoende Functioneel C Matig Onrustig beeld, enige vorm van hinder, aanloop naar achterstallig onderhoud D Te slecht Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkheid
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
49 | P a g i n a
Onderdeel Openbaar groen Bomen Bloemrijk Montf. Spelen Begraafplaatsen Verharding Openbare verlichting Wegmeubilair
Vastgestelde ambitie C C A C A C C C Nvt
Gladheid Nvt Riolering Duikers Water Oeverbescherming Zwerfafval Afvalstoffen Marktkasten Sluis en bruggen Tractie Gebouwen
Frequentie
Normering
Uitgevoerd door
Maandelijks ¼ per jaar Maandelijks Maandelijks Maandelijks 1 x per 2 jaar Jaarlijks
CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. CROW-beeldkwal. Warenwet CROW-beeldkwal. CROW- nr. 146 Scheefstand, schade, lamp CROW-beeldkwal. Geen normen beschikbaar CROW-normen
Intern Intern Intern Intern/ Extern Intern Extern Intern/ Extern
Waterkeur CROW CROW-beeldkwal. Scheidingsmeter Technische normen Technische normen APK-Keuring NEN 2767
Extern Intern Intern Extern Extern Extern Extern Extern
Maandelijks Indien noodzakelijk Inspectie 1/7 deel
Nvt Nvt C C Nvt Nvt Nvt Nvt 3
Jaarlijks Maandelijks Jaarlijks Jaarlijks 1 x per 4 jaar. Jaarlijks Om de 4 jaar
Intern Intern Extern
Conclusies Om een goed en compleet overzicht te geven, is hieronder een tabel opgenomen met daarin de conclusies over de beheerplannen waarin de vraag wordt beantwoord welke goed in de begroting zijn vertaald. Als dit niet het geval is wat is dan het jaarlijks benodigde bedrag om geen achterstanden op te lopen en de openbare ruimte structureel te kunnen onderhouden. Relatie beheerplan en de risico’s Financieel te kort / Beheerplan ruimte PM Openbaar groen
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
Opmerking Vervanging is deels opgenomen in begroting, deels niet. Volgt vanuit het nog op te stellen beheerplan, nog geen risico.
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
50 | P a g i n a
Financiering Portefeuillehouder(s): W. van Wikselaar
Algemeen De paragraaf Financiering is op grond van de wet FIDO (Financiering Decentrale Overheden) en het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) een verplicht onderdeel van de gemeentebegroting en jaarrekening. De paragraaf is een weergave van de wijze waarop de financieringsfunctie (het stelsel van leningen, beleggingen en garanties) binnen de gemeente is ingericht. De uitvoering van de treasury vindt zijn weerslag in deze paragraaf. Treasury is een proces binnen een organisatie dat tot doel heeft het financieringsmanagement en het cashmanagement te optimaliseren en te waarborgen dat het bedrijf aan zijn verplichtingen tegenover schuldeisers kan voldoen. Het treasurybeleid wordt gevoerd vanuit de door de raad vastgestelde financiële verordening en het treasurystatuut, daarnaast op onderdelen door wetgeving van de centrale overheid.
Financieringspositie en -resultaat Financieringspositie De financieringspositie wordt bepaald door de boekwaarde van de activa af te zetten tegen de beschikbare financieringsmiddelen in het eigen vermogen (reserves) en vreemd vermogen (langlopende geldleningen en voorzieningen). Als de waarde van de activa lager is dan de financieringsmiddelen spreken we van een financieringsoverschot, als de waarde hoger is van een financieringstekort. In het volgende schema is het (verwachte) verloop van de financieringspositie van de gemeente Montfoort per jaar ultimo over 2021 tot en met 2026 opgenomen. Financieringspositie 2021-2026 (bedragen x € 1.000.000) 2021 2022 2023 2024
2025
2026
44,5 0,1 0,0 44,6
43,9 0,1 0,0 44,0
42,4 0,1 0,0 42,5
13,9 8,3 3,2 2,4 27,8
12,9 8,9 3,5 1,6 26,9
11,8 9,6 3,8 2,3 27,5
10,7 10,3 4,0 0,8 25,8
-18,9 -11,2
-17,7 -18,3
-16,5 -17,1
-16,7 -16,6
Vaste activa Materieel Financieel Onderhanden werk Totaal vaste activa
26,3 0,2 0,0 26,5
29,7 0,2 0,0 29,9
46,6 0,1 0,0 46,7
Financieringsmiddelen Opgenomen leningen Voorzieningen Reserves Resultaat Totaal vaste passiva
16,0 7,6 2,9 0,7 27,2
15,0 7,7 3,0 0,7 26,4
Financieringspositie (ultimo) Financieringspositie (gem. in het jaar)
0,7 -0,8
-3,5 -1,4
Naar de actuele inzichten ontstaat er in eind 2022 een financieringstekort. Op welke wijze dit zal worden afgedekt hangt onder meer af van het daadwerkelijk verloop van de verwachte investeringen en de renteverwachting. In het kader van totaalfinanciering zal naar verwachting in het 4e kwartaal 2022 vaste financiering worden aangetrokken tot in totaal € 13.000.000. In deze begroting is een raming voor deze rentelasten opgenomen. Deze raming kan nadien nog wijzigen. Financieringsresultaat Investeren kost geld. Aan investeringen wordt daarom een interne rente toegerekend. Voor financieel vaste activa geldt dat er een contractueel overeengekomen rente aan de debiteur wordt toegerekend. Als we de som van beiden verlagen met de rente die we moeten betalen over de opgenomen geldleningen weten we het effect van de financiering op de begroting (financieringsresultaat). In het volgende overzicht is het gerealiseerde financieringsresultaat over 2021 en het begrote financieringsresultaat over 2022 tot en met 2026 weergegeven.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
51 | P a g i n a
Financieringsresultaat 2021-2026 (bedragen × € 1.000.000) 2021 2022 2023 2024 Rentebaten: Toegerekende rente aan investeringen Toegerekende rente aan grondexploitaties Ontvangen rente Totaal rentebaten Rentelasten: Betaalde rente van geldleningen Rente over financieringstekort Totaal rentelasten Berekend financieringsresultaat Financieringsresultaat volgens MJB Verschil
2025
2026
0,2 0,0 0,0 0,2
0,3 0,0 0,0 0,3
0,3 0,0 0,0 0,3
0,6 0,0 0,0 0,6
0,6 0,0 0,0 0,6
0,6 0,0 0,0 0,6
0,2 0,0 0,2
0,2 0,0 0,2
0,2 0,0 0,2
0,2 0,0 0,2
0,2 0,0 0,2
0,2 0,0 0,2
0,0 0,1 -0,1
0,1 0,1 0,0
0,1 0,1 0,0
0,4 0,3 0,1
0,4 0,3 0,1
0,4 0,3 0,1
Wet FIDO en financiering De in de inleiding genoemde wet FIDO beoogt decentrale overheden een kader te geven om renterisico’s op leningen zo beperkt mogelijk te houden. Renterisico ontstaat door wijzigingen in rentepercentages van opgenomen leningen en kasgeldleningen. Er zijn twee verplichte richtlijnen in de wet FIDO om de renterisico’s te bewaken en beheersen; de kasgeldlimiet voor korte financiering en de renterisiconorm voor lange financiering. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een grens aan het bedrag dat met kort geld (korter dan één jaar) mag worden gefinancierd. Dit is een door de overheid vastgesteld percentage (momenteel 8,5%) van de begrote lasten per jaar. Indien de gemiddelde korte financiering de limiet overschrijdt zal er geconsolideerd moeten worden door middel van het afsluiten van een lange financiering. P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
52 | P a g i n a
Kasgeldlimiet Montfoort 2020-2024 (bedragen × € 1.000) 2022 2023 2024 2025 Begrote lasten 30.104 33.241 33.674 33.918 Kasgeld limiet (8,5%) 2.559 2.825 2.862 2.883
2026 32.050 2.724
Renterisiconorm Ook voor renterisico’s in de lange financiering is in de Wet FIDO een norm gesteld. Deze norm, de renterisiconorm, bedraagt 20% van de stand van de vaste schuld per 1 januari. De vaste schuld is hierbij gedefinieerd als de opgenomen leningen met een rentetypische looptijd groter of gelijk aan 1 jaar. Met andere woorden: de Wet FIDO acht het renterisico aanvaardbaar in de tijd gespreid indien in een bepaald jaar niet meer dan 20% van per 1 januari geldende restschuld van opgenomen leningen aan renteaanpassing onderhevig is. In het volgende overzicht staat de verwachte ontwikkeling van de renterisiconorm (in € 1.000) bij gemeente Montfoort vermeld.
Renteherziening vaste schuld og
Renterisico 2022-2026 (bedragen x € 1.000) berekening 1-1-2022 1-1-2023 a 0 0
Renteherziening vaste schuld ug Netto renteherziening
b
0
0
1-1-2024 0
1-1-2025 0
1-1-2026 0
0
0
0
c=a-b
0
0
0
0
0
Nieuw aangetrokken schuld
d
0
0
0
0
0
Nieuw verstrekte leningen
e
0
0
0
0
0
0 1.048
0 1.052
0 1.430
0 1.434
0 1.434
0
0
0
0
0
0
0
0
0
Netto nieuwe schuld Betaalde aflossingen
f=d-e g
Herfinanciering
h=laagste f of g
Renterisico Renterisiconorm
i=c+h
Vaste schuld
j
16.020
28.472
27.421
26.366
26.366
Percentage vastgesteld
k
20
20
Renterisiconorm Toets renterisiconorm
l=jxk
3.204
5.694
20 5.484
20 5.273
20 5.273
Renterisiconorm
m=l
3.204
5.694
5.484
5.273
5.273
Renterisico vaste schuld
n=i
Ruimte
o=m-n
0
0
0
0
0
3.204
5.694
5.484
5.273
5.273
Schatkistbankieren Afgezien van de mogelijkheid om aan elkaar leningen te verstrekken, zijn decentrale overheden verplicht alle middelen die ze niet direct nodig hebben voor hun publieke taak in de schatkist aan te houden. Wel is er sprake van een bepaalde drempel. De drempel is per 1 juli 2021 gewijzigd en vastgesteld op 2,00 % van het begrotingstotaal, met een minimum van € 1,0 mln. Begrote drempelbedragen schatkistbankieren Montfoort 2023-2026 (bedragen × € 1.000) 2023 2024 2025 2026 Begrote lasten 33.241 33.674 33.918 32.050 Drempel schatkistbankieren (2,0%) Drempel minimum
665
673
678
641
1.000
1.000
1.000
1.000
Leningenportefeuille opgenomen gelden worden daarbij toegelicht. Constant wordt in de gaten gehouden of het rendabel is leningen vervroegd af te lossen. In onderstaand schema worden de mutaties van de leningenportefeuille voor het begrotingsjaar weergegeven (in euro’s).
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
53 | P a g i n a
Bank
Aflossing 666.667 108.372 101.538 175.000
Stand 31-12 3.833.332 5.712.717 1.224.870 3.150.000
213.214
1.051.578
13.920.919
Meerjarig laten de opgenomen leningen het volgende zien: 2024 2025 2023 Stand per 1-1 14.972.498 13.920.920 12.865.654 Opname 0 0 0 Aflossing 1.051.577 1.055.266 1.059.020 Stand per 31-12 13.920.920 12.865.654 11.806.634
2026 11.806.634 0 1.062.842 10.743.792
BNG BNG BNG BNG
Percentage 1,749% 1,970% 1,530% 0,295%
Totaal
Stand 1-1 Rentebedrag 4.499.999 69.798 5.821.089 114.137 1.326.409 19.902 3.325.000 9.376 14.972.497
Leningenportefeuille uitgezette gelden Tot deze portefeuille behoren vooral leningen die conform de besluiten van de gemeenteraad zijn verstrekt aan de Stichting Kunstgras Montfoort, voetbalvereniging Linschoten, Stichting Zwembad Montfoort en Vitens. Het saldo van de verstrekte geldleningen bedraagt per 1 januari 2022 afgerond € 147 duizend, zonder hypothecaire zekerheid.
Beleggingsportefeuille Het aandelenbezit (totaal € 43.161) is niet gebaseerd op winstoogmerk. Het risico van deze aandelen bij de Bank Nederlandse Gemeenten en Vitens is verwaarloosbaar. Aandelenportefeuille bestaat uit: BNG Bank Vitens Totaal
€ 31.200 € 11.861 € 43.061
Leningen met een gemeentegarantie In het kader van een publieke taak waarborgt de gemeente in sommige gevallen leningen voor investeringen die passen binnen de doelstellingen van de begroting. Het beleid ten aanzien van verstrekken van een garantie is vastgelegd in de Financiële Verordening en houdt in dat deze slechts in uitzonderlijke gevallen wordt afgegeven. De portefeuille van de gegarandeerde leningen bedraagt per 1-1-2021 ongeveer € 17,7 miljoen (saldo 31-12-2021 jaarrekening) waarvoor de gemeente indirect garant staat voor leningen van de woningcorporatie afgesloten via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) en Hypotheekgarantie Eigen Woningen (voor 1995).
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
54 | P a g i n a
3.4. Bedrijfsvoering Portefeuillehouders: mr. P.J. van Hartskamp-de Jong en C.L. Jonkers
Een eigen organisatie Aan de ambtelijke capaciteit van onze organisatie zitten grenzen. Uit een benchmark van Berenschot (2021) blijkt dat onze ambtelijke organisatie efficiënt haar taken uitvoert. De organisatie is formatief slank maar vooralsnog passend voor onze opgaven en de basis voor zelfstandigheid. Mede gelet op de krappe arbeidsmarkt is balans tussen organisatiemogelijkheden en ambities van belang. De afgelopen jaren hebben we gezien dat gemeente Montfoort een positief imago en goede naam heeft als werkgever en daarmee een aantrekkelijk werkgever is. Vacatures worden tot op heden vlot ingevuld. We hebben een concurrerend doch betaalbaar functieboek, fatsoenlijke secundaire arbeidsvoorwaarden, een fijne werksfeer en (daardoor) een goede mondelinge arbeidsmarktreclame. Het is van groot belang dit zo te houden en te investeren in goed werkgeverschap. Zo kunnen we onze organisatie blijven bemensen en deze vervolgens behouden. Om de kwaliteit en deskundigheid van de organisatie te behouden en bevorderen is het noodzakelijk te beschikken over goede mogelijkheden voor opleiding, vorming en training. Het jaarlijks beschikbare opleidingsbudget biedt hiervoor genoeg ruimte. Daarnaast beschikken we in samenwerking met de gemeenten Woerden, Oudewater en Lopik over een eigen opleidings- en ontwikkelinstituut: de Groene Hart Academie.
Een goed bemenste organisatie met deskundige en efficiënte medewerkers is weerbaar en levert kwaliteit. Zowel als zelfstandige organisatie die productief moet kunnen samenwerken met een bestuur dat elke vier jaar weer wezenlijk anders kan zijn en opereren, als ook als robuuste samenwerkingspartner. Een partner die niet onderdoet bij de kracht van het getal maar de gemeenschap van Montfoort sterk en zelfverzekerd vertegenwoordigt. Na de ontvlechting van UW Samenwerking hebben we geconstateerd dat de gemeente Montfoort een regiegemeente is. Voor diverse taken functioneert dit naar volle tevredenheid. Wel zien we dat, meer dan bij andere gemeenten, wij onze uitgaven minder kunnen beïnvloeden door vastgelegde verhoudingen in gemeenschappelijke regelingen. Door het principe van regiegemeente wat los te laten ontstaat de mogelijkheid om per uit te voeren taak het terughalen daarvan naar de eigen ambtelijke organisatie te overwegen. Met de OdrU zijn en blijven wij in gesprek over hoe de dienstverlening goed kan blijven. De bouwtaken (Wabo) voeren wij sinds 1 januari 2022 weer uit binnen de eigen organisatie en dit gaan wij in 2023 verder bestendigen. Dat is mede van belang vanwege de voorbereiding op de invoering van de omgevingswet.
De financiële positie en de omvang van onze gemeente brengen enkele kwetsbaarheden met zich mee; zo is er zeer beperkte ruimte om op onvoorziene gebeurtenissen en op projecten buiten going concern te anticiperen. Ook hebben we relatief veel ‘één-pittersfuncties’, waardoor het bij verlof en/of ziekte een uitdaging is om taken op te vangen. Resumerend zijn onze belangrijkste aandachtspunten: Behouden van een positief imago als werkgever om kwantitatief en kwalitatief voldoende medewerkers te kunnen aantrekken (op de huidige krappe arbeidsmarkt) en behouden; Borgen van, en blijven investeren in, goed werkgeverschap zowel in arbeidsvoorwaarden als in werksfeer; Borgen van, en blijven investeren in, opleidingsmogelijkheden zowel in middelen als in samenwerking met andere gemeenten. Er continu zorg voor dragen dat onze organisatie zo efficiënt, doelmatig en praktisch mogelijk is ingericht. Deze punten vormen de basis voor ons personeelsbeleid en onze bedrijfsvoering.
Informatiebeveiliging Informatiebeveiliging is gereguleerd door de Informatiebeveiligingsdienst (IBD) van de VNG. Er wordt in 2023 volgens de richtlijnen van de ENSIA een analyse uitgevoerd om vast te stellen welke beveiligingsmaatregelen genomen moeten worden om de risico’s op beveiligingsincidenten zoveel mogelijk te beperken.
AVG en WPG Sinds 25 mei 2018 geldt in de hele EU dezelfde privacywetgeving, de AVG. Aanvullend op de AVG is op 1 januari 2019 Wet politiegegevens (Wpg) van kracht geworden. De Wpg gaat specifiek over verwerking van persoonsgegevens door de BOA’s. In 2022 is er een eerste interne audit uitgevoerd op de werkprocessen die onder de Wpg vallen. De verbeterpunten uit deze audit worden in 2023 uitgewerkt.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
55 | P a g i n a
Automatisering In 2021 is de automatisering ondergebracht bij ICT Gouwe-IJssel. In 2023 worden de laatste IT onderdelen rond zaaksysteem Mozard definitief ontmanteld.
Informatiebeheer In 2023 wordt verder gegaan met het incorporeren van de Nieuwe Archiefwet en de Wet Open Overheid binnen de standaard werkprocessen van de gemeente Montfoort. Hierdoor wordt ons werk transparanter en wordt overheidsinformatie beter vindbaar.
Wet open overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet heeft als doel (semi)overheden transparanter en toegankelijker te maken. De wet moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar, uitwisselbaar, eenvoudig te ontsluiten en goed te archiveren is. De Woo is in de plaats gekomen van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Een verschil van slechts één letter, maar de nieuwe Woo gaat heel wat betekenen voor de gemeente. Zo worden we verplicht om verschillende soorten documenten (11 categorieën) actief en snel openbaar te maken. Ook verplicht de Woo om onze informatiehuishouding op orde te brengen; een bepaling uit de Archiefwet is daarbij herhaald in de Woo. Hiermee is een aanzienlijke doorlooptijd gemoeid; de Memorie van Toelichting bij de wet noemt een mogelijke termijn van acht jaar. De implementatie van de Woo heeft consequenties voor capaciteit, werkprocessen, ICT-voorzieningen, opleiding van medewerkers en ambtelijke cultuur/attitude. De financiële gevolgen van de implementatie en uitvoering van de Woo zijn door het Rijk bij de meicirculaire 2021 gecompenseerd met zowel incidentele als structurele middelen. Het verplicht binnen 14 dagen na ontvangst of vaststelling openbaar maken van verschillende soorten documenten is nog niet op 1 mei 2022 in werking getreden.
Dat gebeurt op een nader bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. Daardoor hebben we wat meer tijd voor een gedegen voorbereiding en aanpassing van werkprocessen en informatiesystemen. Over informatiesystemen gesproken: in de wet is bepaald dat openbaarmaking wat betreft de 11 categorieën moet plaatsvinden via het landelijke Platform Open Overheidsinformatie (PLOOI). Het agentschap KOOP (Kennis- en Exploitatiecentrum voor Officiële Overheidspublicaties) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ontwikkelt PLOOI. Hier wordt nog volop aan gewerkt. Over zaken als de technische specificaties en de aansluitvoorwaarden is nu nog veel onduidelijk.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
56 | P a g i n a
3.5. Verbonden partijen Portefeuillehouder(s): mr. P.J. van Hartskamp-de Jong, C.L. Jonkers, C. van Dalen, W. van Wikselaar en A.P.M. van de Poll Let op: We rapporteren in deze paragraaf alleen over het eigenaarschap van de verbonden partijen. Hoe ze het beleid van de gemeente uitvoeren (opdrachtgeversgedeelte), eventuele ontwikkelingen daarvan en prestatie-indicatoren zijn in de programma’s opgenomen.
Algemeen Deze paragraaf geeft conform de voorschriften van het Besluit begroting en verantwoording inzicht in ontwikkelingen en voornemens ten aanzien van verbonden partijen. Een gemeente kan in principe zelf bepalen hoe een bepaalde taak wordt uitgevoerd. De gemeente kan er bijvoorbeeld voor kiezen de uitvoering zelf ter hand te nemen of de uitvoering te regelen met een aantal andere gemeenten gezamenlijk. Vanwege de bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen en mogelijke risico’s is het gewenst dat in de begroting aandacht wordt besteed aan rechtspersonen waarmee de gemeente een band heeft. Verbonden partijen zijn die partijen waarmee de gemeente een bestuurlijke relatie heeft en waarin zij een financieel belang heeft. Van een financieel belang is sprake als er juridisch afdwingbare financiële verplichtingen bestaan. Het gaat dus om derde partijen, waarbij de gemeente zeggenschap heeft door vertegenwoordiging in het bestuur en/of stemrecht waaraan voor de gemeente een financieel risico is verbonden als bijgedragen moet worden in eventuele nadelige saldi, als die partij failliet gaat, haar verplichtingen niet nakomt, de samenstelling van partijen wijzigt, de gemeente niet langer wil deelnemen in de partij of als de partij ophoudt te bestaan.
Naast de publiekrechtelijke regelingen neemt gemeente Montfoort deel in NV’s (waterbedrijf Vitens en de Bank Nederlandse Gemeenten) en werkt zij samen in de Stichting Inkoopbureau Midden-Nederland en de Stichting Urgentieverlening West Utrecht. Deze paragraaf richt zich vooral op de publiekrechtelijke verbonden partijen, de gemeenschappelijke regelingen. Visie en beleidsvoornemens De gemeente Montfoort heeft op het gebied van verbonden partijen de volgende visie: De gemeente streeft naar het efficiënt uitvoeren van gemeentelijke taken op basis van samenwerking met een adequate regiefunctie, waarbij de sturingselementen zoals transparantie, kaderstelling, verantwoording en controle voldoende gewaarborgd zijn. Op het gebied van verbonden partijen hebben we de volgende beleidsvoornemens: 1. het waarborgen van de juiste besteding van de publieke gelden; 2. het afdekken c.q. vermijden van risico’s; 3. het uitvoeren van taken volgens de overeengekomen kwaliteitseisen.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
57 | P a g i n a
Gemeenschappelijke regelingen Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Programma Wonen en ruimte Vestigingsplaats Soest Doel Deze gemeenschappelijke regeling heeft tot doel om op een doelmatige en uit oogpunt van milieuhygiëne verantwoorde wijze sturing en uitvoering te geven aan het afvalstoffenbeleid in de provincie Utrecht. Deelnemende ‘par- De gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, De Bilt, De Ronde Venen, Eemnes, tijen’ Houten, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Soest, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Wijk bij Duurstede, Woerden, Woudenberg, IJsselstein en Zeist. Openbaar belang Het gaat om het zorgdragen voor een goede, reguliere en milieuverantwoorde verwerking van door de gemeenten ingezamelde huishoudelijke afvalstoffen en de inzameling van glas, papier en karton, ofwel de inzameling, het overladen, het transport en de verwerking van huishoudelijke afvalstoffen. Daarnaast heeft de AVU een adviserende rol naar de deelnemende gemeenten, voor wat betreft nationale en internationale ontwikkelingen die zich op afvalgebied voordoen. Bestuurlijk belang Het Algemeen Bestuur bestaat uit één deelnemer per gemeente, benoemd door de betreffende gemeenteraden. De vertegenwoordiger van Montfoort in het algemeen bestuur is wethouder Van Wikselaar.
Financieel belang De Afvalverwijdering Utrecht sluit contracten af met verwerkers voor het transport en de verwerking van diverse afvalstromen. Deze kosten worden op basis van de werkelijke aangeboden gewichten bij de deelnemende gemeenten in rekening gebracht samen met de opslag voor de apparaatskosten. Op basis van de begroting 2023 van de AVU bedragen de lasten voor de gemeente Montfoort € 561.326. Evt. veranderingen Geen in een belang Verhouding eigen In beginsel heeft de AVU geen eigen vermogen. De gerealiseerde overschotten/tekorten woren vreemd verden verrekend met de gemeenten. mogen Resultaat De AVU verrekent de voor- en nadelen met de deelnemers. Risico’s Het afval uit de gemeente wordt verwerkt door zelfstandige marktpartijen. Een mogelijke liquidatie van de partijen kan negatieve gevolgen hebben voor de gemeenten die aangesloten zijn bij de AVU. Veranderende wet- en regelgeving kan leiden tot wijziging van de bedrijfsvoering of hogere kosten voor de eindverwerking van het afval (voorbeeld: verbranding belasting). Door het ontbreken van reserves en voorzieningen heeft de AVU geen weerstandsvermogen. Alle in enig jaar gemaakte kosten worden aan de deelnemers doorberekend. Als gevolg hiervan kunnen schommelingen optreden in de jaarlijks te betalen bijdragen. In de praktijk is dit effect zeer beperkt gebleken.
Verplichte kengetallen Weerstandsvermogen
Daarnaast is er een risico dat de werkelijk ingezamelde tonnages afval afwijken van de ingeschatte hoeveelheden (hoger of lager). Ten behoeve van de begroting 2023 worden door de deelnemers meer dan een jaar van tevoren de verwachte tonnages ingeschat. De AVU rekent met de deelnemers altijd af op basis van de werkelijke tonnages. De prijsverschillen zijn (door de over het algemeen langlopende contracten) beperkt. De AVU heeft geen eigen- en vreemd vermogen, alle kengetallen zijn 0.
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
58 | P a g i n a
Belasting Samenwerking Rivierenland (BSR) Programma Bestuur, organisatie en dekkingsmiddelen Vestigingsplaats Tiel Doel De gemeenschappelijke regeling heeft als doel het behalen van financiële, kwalitatieve en procesmatige voordelen door professionalisering van de belasting. Door de samenwerking bij de heffing en invordering van waterschapsbelasting, afvalstoffenheffing en gemeentelijke belastingen, alsmede de uitvoering van de Wet waardering onroerende zaken, het beheer en uitvoering van vastgoedinformatie en de uitvoering van de werkzaamheden Basisregistratie Adressen en Gebouwen. Deelnemende De deelnemers zijn: de gemeenten Culemborg, Maasdriel, Montfoort, Tiel en West Maas en ‘partijen’ Waal, West Betuwe, Wijk bij Duurstede, IJsselstein, het Waterschap Rivierenland en de gemeenschappelijke regeling Regio Rivierenland ten behoeve van de Afvalverwerking Rivierenland (AVRI). Openbaar belang Een goede en efficiënte heffing en invordering van de gemeentelijke belastingen. Bestuurlijk beDe colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en het dagelang lijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Regio Rivierenland wijzen uit hun midden elk één lid aan en het dagelijks bestuur van Waterschap Rivierenland wijst uit zijn midden twee leden aan. Wethouder Van Wikselaar vertegenwoordigt gemeente Montfoort in het algemeen bestuur.
Financieel belang De reguliere bijdrage voor 2023 bedraagt € 264.631. (Hiervan is € 16.100 de door de gemeente te verrekenen BTW, via het BTW – compensatiefonds). Evt. veranderinGeen. gen in een belang Verhouding eigen In beginsel heeft de BSR geen eigen vermogen. De gerealiseerde overschotten worden verreen vreemd verkend met de gemeenten. mogen Resultaat De BSR mag volgens de gemeenschappelijke regeling geen eigen vermogen hebben en verrekent derhalve alle voor- en nadelen binnen het boekjaar met de deelnemers. Risico’s Omdat de BSR een goed lopend en gezond bedrijf is, willen meer gemeenten en waterschappen deelnemen. Op zichzelf is dat een goede ontwikkeling. Er zit wel het risico aan vast, dat het bedrijf te groot wordt en daardoor niet meer in control. Daar zal het bestuur het goede evenwicht in moeten zien te bewaren. De incidentele weerstandscapaciteit van BSR is gelijk aan de in de begroting opgenomen post onvoorzien. In 2009 is besloten dat er geen algemene reserve bij BSR zal worden gevormd. BSR heeft daardoor geen structurele weerstandscapaciteit. Voor eventuele risico’s die niet in de begroting zijn opgenomen en niet gedragen kunnen worden uit de post onvoorzien, dienen deelnemers van BSR zelf een voorziening te treffen. Risico’s met betrekking tot de belastingopbrengsten behoren niet tot de bedrijfsrisico’s van BSR.
Verplichte kengetallen weerstandsvermogen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
Rekening 2021 7,0% -
Begroting 2022 -1,749%
Begroting 2023 -1,969%
4,53% -0,30%
3,08% 0,00%
1,84% 0,00%
59 | P a g i n a
Gemeentelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU) Programma Inkomen, jeugd en Wmo Vestigingsplaats Zeist Doel De GGD-regio Utrecht heeft als doel om de taken uit te voeren, die bij of krachtens de Wet publieke gezondheid (Wpg) aan de colleges zijn opgedragen (Volksgezondheid basistaken). De GGD-regio Utrecht voert voor Montfoort ook taken uit binnen de Jeugdgezondheidszorg (maatwerktaken). Dat omvat onder andere de consultatiebureaus, de schoolartsen en het Rijksvaccinatieprogramma JGZ.
Deelnemende ‘partijen’
Openbaar belang Bestuurlijk belang Financieel belang Evt. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd vermogen
Resultaat Risico’s
Ten slotte voert de GGD-regio Utrecht enkele specifieke toezichtstaken uit; toezicht op uitvoering door Wmo-zorgaanbieders, en toezicht op grond van de Wet kinderopvang (kinderopvang- en gastouderbedrijven). De gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunnik, Bunschoten, de Bilt, Eemnes, Houten, Leusden, Lopik, Montfoort, Nieuwegein, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Ronde Venen, Stichtse Vecht, Soest, Utrecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vijfherenlanden, Woerden, Woudenberg, Wijk bij Duurstede, IJsselstein en Zeist. De Wet publieke gezondheid maakt de gemeenten verantwoordelijk voor de bescherming en bevordering van de publieke gezondheid voor hun inwoners. Daarbij verplicht de wet gemeenten tot het instandhouden van een GGD om uitvoering te geven aan deze verantwoordelijkheden. Het college van iedere deelnemende gemeente benoemt uit zijn midden één lid voor het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur benoemt het dagelijks bestuur. Wethouder van Dalen is lid van het algemeen bestuur. De reguliere bijdrage voor 2023 is € 590.950. Hiervan is (exclusief huisvesting) € 22.770 maatwerk voor de gemeente Montfoort. Geen.
Balans 2022
Balans 2023
Eigen vermogen
€ 2.844.000
€ 2.674.000
Vreemd vermogen
€ 14.792.000
€ 14.628.000
Het jaarresultaat over 2021 sluit met een positief saldo van € 564.585. Per 31 december 2021 bedraagt de weerstandscapaciteit € 2.592.203 (zijnde de algemene reserve van GGDrU) voor resultaattoedeling. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit € 1.128.000. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/nodig) 2,298. Hiermee zijn de genoemde risico’s financieel afdoende afgedekt.
Verplichte kengetallen weerstandsvermogen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen
Rekening 2021 2,4%
Begroting Begroting 2022 2023 20,9% 20,8%
2,4%
20,9%
20,8%
Solvabiliteitsratio
7,7%
16,0%
15,3%
Kengetal structurele exploitatieruimte
-0,7%
-0,6%
-0,4%
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
60 | P a g i n a
Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Programma Openbare orde en veiligheid Vestigingsplaats Utrecht Doel Het doel van de veiligheidsregio is om de kwaliteit van de rampenbeheersing, crisisbeheersing en noodhulpverlening in de regio Utrecht te verbeteren. Door een intensieve samenwerking tussen gemeenten en de diverse hulpdiensten ontstaat een organisatie die bestuurlijk en operationeel gezien slagvaardig kan optreden bij crisisbeheersing en rampenbestrijding. Deelnemende Alle Utrechtse gemeenten ‘partijen’ Openbaar beAdequate rampen- en crisisbeheersing lang Ter behartiging van dit belang vervult de veiligheidsregio vier kerntaken: 1. Het ondersteunen en beheren van de regionale brandweerzorg, bevolkingszorg en de geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen (GHOR); 2. Het samen met de politie inrichten en in stand houden van een gemeenschappelijke meldkamer (GMU); 3. Het geven van adviezen over pro-actie en preventie aan de gemeentebesturen; 4. De voorbereiding van de crisisbeheersing en rampenbestrijding Bestuurlijk beHet algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Utrecht bestaat uit de burgemeesters van de lang Utrechtse gemeenten. Financieel beDe reguliere bijdrage voor 2023 is € 838.000. lang Evt. veranderinGeen. gen in een belang Verhouding eigen en vreemd Balans 2022 Balans 2023 vermogen Eigen vermogen € 20.635.000 € 16.445.000 Vreemd vermogen Resultaat
Financiële risico’s
€ 65.855.000
€ 81.881.000
Het jaar 2021 is afgesloten met een positief resultaat voor bestemming van € 3.102.000. Van het rekeningresultaat wordt een bedrag van € 782.000 toegevoegd aan de ontwikkel- en egalisatiereserve. Het restant resultaat van € 2.320.000 is teruggestort naar de gemeenten. Op basis van de risico-inventarisatie bedraagt de benodigde weerstandscapaciteit voor 2021 € 0,5 miljoen. Onze beschikbare weerstandscapaciteit is € 1,4 miljoen. Daarmee is de verhouding (beschikbaar/benodigd) per 1 januari 2021 groter dan 1 (2,3). Omgevingswet Met de komst van de Omgevingswet in 2023 zullen de taken van de VRU veranderen en verschuiven. De klassieke adviestaak in de sfeer van (brand)veiligheid verandert en de toezichtrol neemt toe. Formatie-gerelateerde frictiekosten worden niet uitgesloten. Deze zijn op dit moment nog niet inzichtelijk en zullen indien nodig met een wijziging op de begroting worden opgenomen. Taakdifferentiatie brandweer (verplichtend of niet verplichtend karakter van de brandweer) Onderzocht is hoe de brandweervrijwilligers nadrukkelijk en fundamenteel zijn te onderscheiden van de beroepskrachten, zodat wordt voldaan aan de normen uit Europese en internationale regelgeving en jurisprudentie van het Europese Hof van Justitie.
In de denkrichting wordt een taakdifferentiatie voorgesteld tussen vrijwilligers en beroepsmedewerkers, waarbij het systeem van vrijwilligheid behouden blijft. Uitgangspunt van de denkrichting is een werkbaar en fundamenteel onderscheid te maken tussen vrijwilligers en beroepsmedewerkers dat geen afbreuk doet aan het niveau en de kwaliteit van brandweerzorg. Er bestaat een reëel risico dat de kosten voor brandweerzorg als gevolg van de taakdifferentiatie significant stijgen. De eventuele verschuiving van taken
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
61 | P a g i n a
Veiligheidsregio Utrecht (VRU) van vrijwilligers naar beroepskrachten kan leiden tot meer (parttime) beroepsaanstellingen en daarmee tot extra loonkosten voor de werkgever. Ook de kosten voor vakbekwaamheid kunnen toenemen als gevolg van een verschuiving van specialistische taken. Er is nog geen duidelijkheid over de omvang en fasering van de eventuele meerkosten als gevolg van de taakdifferentiatie. Uitgangspunt van het Veiligheidsberaad is dat eventuele financiële consequenties als gevolg van wijzigingen in het stelsel door het Rijk worden gecompenseerd. Verplichte kengetallen weerRekeBegroting Begroting standsvermogen ning 2022 2023 2021 Netto schuldquote 22,9% 34,3% 69,5% Netto schuldquote gecorrigeerd voor 22,8% 34,2% 69,4% alle leningen Solvabiliteitsratio 27,0% 23,9% 16,7% Structurele exploitatieruimte 0,3% 0,00% 0,0%
Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard Programma Onderwijs, sport en cultuur VestigingsWoerden plaats Doel De gemeenschappelijke regeling heeft als doel het beheer van de in de archiefbewaarplaatsen berustende archieven en het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze niet naar een archiefbewaarplaats zijn overgebracht. Deelnemende Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Lopik, partijen Montfoort, Oudewater, Woerden en IJsselstein. Openbaar beOp grond van de Archiefwet 1995 moeten besturen van overheden er zorg voor dragen dat hun lang archieven in goede en geordende staat verkeren. De uitvoering van deze bepaling geschiedt via archiefdiensten. Op grond van diezelfde wet zijn alle overheidsarchieven van 20 jaar en ouder in principe openbaar en voor iedereen kosteloos te raadplegen. De gemeenten en het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden werken onderling samen met het doel het bepaalde in art. 32, lid 1 en 2, en artikel 37, lid 1 en 2 van de Archiefwet 1995 gezamenlijk te doen verrichten. Bestuurlijk be- Burgemeester van Hartskamp-de Jong is lid van de Archiefcommissie. lang Financieel beDe reguliere bijdrage voor 2023 bedraagt € 71.105 (hiervan is € 5.306 de door de gemeente te lang verrekenen BTW, via het BTW-compensatiefonds). Evt. verandeGeen.
ringen in een belang Verhouding ei- Het Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard heeft geen eigen of vreemd vergen en vreemd mogen. vermogen Resultaat De jaarrekening van 2021 kent een positief resultaat, dat terug is gevloeid naar de deelnemers. Risico’s De risico’s ten aanzien van deelname zijn beperkt. Het RHC levert in het algemeen de prestaties, die we van haar verwachten. Verplichte ken- Het Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek en Lopikerwaard heeft geen balanspositie en dus getallen weergeen kengetallen. standsvermogen
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
62 | P a g i n a
Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) Programma Wonen en ruimte Vestigingsplaats Utrecht Doel De Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) is ontstaan uit de twee regionale milieudiensten en is van oorsprong gespecialiseerd in advisering op het gebied van milieu. Inmiddels is deze verbreed met de gemeentelijke WABO-taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Deelnemende De eigenaar-gemeenten zijn: de gemeenten Bunnik, De Bilt, De Ronde Venen, ‘partijen’ Montfoort, Oudewater, Renswoude, Rhenen, Stichtse Vecht, Utrechtse Heuvelrug, Veenendaal, Vijfheerenlanden, Wijk bij Duurstede, Woerden, IJsselstein en Zeist.
Openbaar belang Bestuurlijk belang Financieel belang
Evt. veranderingen in een belang Verhouding eigen en vreemd vermogen Resultaat Risico’s
Daarnaast adviseert de ODRU voor de overige, niet-eigenaar-gemeenten, in de provincie Utrecht op het gebied van milieu. Een goede en efficiënte uitvoering van de WABO-taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. De gemeente Montfoort wordt in het algemeen bestuur vertegenwoordigd door wethouder Van Wikselaar. De totale bijdrage voor 2023 is begroot op € 594.744. Daarnaast zijn er incidenteel desintegratiekosten geraamd. -
1-1-2023 31-12-2023 Eigen vermogen € 804.193 € 766.193 Vreemd vermogen € 2.763.207 € 2.706.603 Het resultaat van de jaarrekening 2021 bedraag € 769.657. In de geactualiseerde notitie zijn de risico’s in kaart gebracht en gekwantificeerd op € 809.000. Hierin wordt aangesloten op de methodiek van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR). In deze methodiek wordt gewerkt met waarderingscijfers en bandbreedte in de ratio’s voor het weerstandsvermogen. Conform de systematiek wordt uitgegaan van waarderingscijfer C, wat een weerstandsvermogen betekent met een bandbreedte tussen 1,0 tot 1,4. Het huidige weerstandsvermogen van € 703.000, waarmee de weerstandsratio uitkomt op 0,87. Dit valt buiten de vastgestelde bandbreedte van 1,0 en 1,4. Bij vaststelling van de jaarrekening 2021 is voorgesteld om € 106.000 van het resultaat te doteren aan de Algemene Reserve om de weerstandscapaciteit weer op peil te krijgen.
Verplichte kengetallen weerstandsvermogen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte
P r o g r a m m a b e g r o t i n g
2 0 2 3 -
G e m e e n t e
M o n t f o o r t
Rekening 2021 -8,05%
Begroting 2022 -0,62%
Begroting 2023 0,41%
-8,05% 33,87% 1,20%
-0,62% 22,54% -0,16%
0,41% 22,06% 0,00%
63 | P a g i n a
Ferm Werk Programma Vestigingsplaats Doel
Deelnemende ‘partijen’ Openbaar belang
Bestuurlijk belang
Financieel belang
Inkomen, jeugd en Wmo Woerden Ferm Werk is in de gemeenten Woerden, Oudewater, Montfoort en Bodegraven-Reeuwijk verantwoordelijk voor de gemeentelijke taken op het gebied van participatie, werk en inkomen. Iedereen die wil en kan werken moet aan de slag kunnen. Ferm Werk richt zich op mensen die onder de Participatiewet vallen en helpt hen ontwikkelen naar zo regulier mogelijk werk. Daarnaast voert Ferm Werk de regie over de Wet inburgering en voeren zij het minimabeleid uit. De gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Montfoort, Oudewater en Woerden. Ferm Werk kent vier programma’s, te weten: 1. Inkomensregelingen 2. Arbeidsparticipatie 3. SW bedrijf en Nieuw Beschut (Begeleide participatie) 4. Aanvullende dienstverlening De eerste drie programma’s basisdienstverlening bevat de uitvoerende taken die door alle deelnemende gemeenten aan Ferm Werk zijn overgedragen, waaronder de Wet sociale werkvoorziening, de Participatiewet en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen. Het programma aanvullende dienstverlening bevat alle taken die gemeenten ieder voor zich kunnen besluiten te laten uitvoeren door Ferm Werk. Bijvoorbeeld taken rond de huisvesting van vergunninghouders en de uitvoering van de declaratieregeling.