CConstaterende datMontfoort
Koppel je AI →
Document · PDF

Basisbegroting bestaand beleid 2022 en meerjarenraming 2023 tm 2025.pdf

Commissie Financiën 13 oktober 2021, gemeente MontfoortBij agendapunt: Raadsvoorstel Concept basisbegroting staand beleid 2022 en meerjarenraming 2023 t/m 2025 (nr. 1043036)34.254 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Wat gaan we ervoor doen? 1. Er is een Vitaliteitsakkoord 2.0 door het college vastgesteld. Met de gelden die we ontvangen vanuit het landelijk sport- en preventie akkoord wordt samen met ‘het veld’ overeenkomstig de voorwaarden van het Rijk uitvoering gegeven aan het akkoord. Hierin is ook een afsprakenlijst met maatschappelijke partners over de onderwerpen, sport, bewegen, volksgezondheid, preventie en inzet buurtsportcoach opgenomen. De rijksgelden zijn verzekerd tot en met 2023. 2. In overleg met de sportverenigingen en buurtsportcoaches ervoor zorgdragen dat het Vitaliteitsakkoord zodanig wordt geïnstitutionaliseerd dat de uitvoering structureel wordt. 22 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

3. We stellen de nieuwe uitgangspunten voor het gebruik van de buitensport accommodaties vast en werken die uit naar nieuwe overeenkomsten. 4. We stellen de nieuwe uitgangspunten voor het gebruik van de buitensportaccommodaties vast en werken deze uit. Op basis van de Newae rapportages ‘Overzicht capaciteit, eigendom, verantwoordelijkheid en geldstromen buitensportaccommodaties’ en ‘Meerjaren Onderhoudsplan voor buitensportaccommodaties’ worden de mogelijkheden voor zelfwerkzaamheid en een besparingspotentieel verkend. Uit de Newae rapportages is ook gebleken dat bepaalde zaken, zoals fiscaliteit, eigen bijdragen e.d., nog nader onderzocht moeten worden. Dit wordt naar verwachting in 2022 afgerond.

Programmaonderdeel 4.03:

Kunst en cultuur (en erfgoed)

Wat willen we bereiken? 1. Een Huis van Ervaring als een laagdrempelige en vrij toegankelijke plek in de kernen Linschoten en Montfoort om te leren, kennis te delen, te ontmoeten en te ontwikkelen. 2. Een actueel overzicht van de kunstobjecten in de buitenruimte om de instandhouding daarvan te kunnen waarborgen. 3. Alle cultuurhistorisch waardevolle objecten, gebouwen en landschappen blijven behouden voor de toekomst. Voortgaan met het aanwijzen van gemeentelijke monumenten. Wat gaan we ervoor doen? 1. Samen met Bibliotheek Het Groene Hart en de SWOM wordt het programma van het Huis van Ervaring verder uitgebouwd en bereiden we medio 2022 een evaluatie voor. 2. We stimuleren en waar mogelijk faciliteren we initiatieven voor culturele activiteiten in het stadspark. 3. We voeren het Vitaliteitsakkoord 1.0 en 2.0 uit en actualiseren deze jaarlijks.

Financieel overzicht Programma 4. Onderwijs, sport en cultuur

Rekening Begroting* Begroting Raming 2020 2021 2022 2023

(bedragen x € 1.000) Raming Raming 2024 2025

LASTEN (actuele begr'21)

1.803

2.717

2.542

2.396

3.156

3.150

Mutaties: Kapitaallasten Totaal lasten Begroting 2022

1.803

2.717

-170 2.372

76 2.472

77 3.233

77 3.227

BATEN (actuele begr'21)

349

869

419

459

500

500

349 1.454

869 1.848

5 424 1.948

5 464 2.008

5 505 2.728

5 505 2.723

-

-

Mutaties: Prijsindex huren, pachten, servicekosten Totaal baten begroting 2022 Saldo baten en lasten voor mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Saldo baten en lasten na mutaties reserves Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

2 -2

1.452 -

23 -23 0 0

0 1 -1 0 -1

1.825 -

1.947 -1

0 -

0 -

0 -

0 0

0 0

0 0

2.008 -

2.728 -

2.723 -

23 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

2.5. Inkomen, Jeugd en Wmo Portefeuillehouder(s): Y. Koster-Dreese

5.01 Participatie B € 1.611.801 L € 3.671.509

5.04 Volksgezondheid L € 595.125

5. Inkomen, Jeugd en Wmo B € 1.671.801 L € 10.543.355

5.02 Wmo B € 60.000 L € 3.431.068

5.03 Jeugd L € 2.845.653

Ambitie Inwoners zijn zo lang, zo veel en zo goed mogelijk in staat zelfstandig hun eigen leven te leiden en hun eigen problemen op te lossen en zijn daardoor in staat om op sociaal en economisch gebied naar vermogen te participeren en hun ambities te realiseren. Deze overkoepelende, integrale doelstelling van het Integraal Beleidsplan Sociaal Domein 2017 e.v. is nog steeds actueel. De gemeente Montfoort hecht veel waarde aan de nabijheid. Lokale aanpak daar waar het kan en regionaal daar waar nodig. De bedoeling van de aanpak is het huishouden of gezin dichtbij de passende zorg en ondersteuning geven en doen wat nodig is. Hierbij hanteren we de kernwaarden: aansluiten bij het gezin, bieden bereikbare hulp, de gemeente is zorgvuldig, de inwoner is primair zelf verantwoordelijk en eigen mogelijkheden en netwerk gaan voor.

Trends en ontwikkelingen •

•

•

De omgekeerde toets en omgekeerde verordening met aandacht voor inwonersparticipatie: De mens staat centraal; Bieden van een bij het gezin passend arrangement; Integratie van verschillende vormen van hulp; Heldere afspraken tussen inwoner en gemeente; Bouwen op wat er al is. De schaal van de gemeente Montfoort en complexiteit van sommige vraagstukken zorgen ervoor dat intensief contact en samenwerking met organisaties en andere overheden om passende zorg te kunnen bieden noodzakelijk is. Tegelijkertijd werkt de schaalgrootte van de gemeente Montfoort overzichtelijk en kunnen we hierdoor lokaal inzetten wat nodig is en werkt. Optimaliseren van de samenwerking tussen de onderdelen van de diverse programma’s, zodat we het huishouden of gezin een passend arrangement kunnen bieden. 24 | P a g i n a

Programmabegroting 2022 Montfoort

• • • • • • • • • • • •

•

•

De rol van de centrumgemeente bij maatschappelijke opvang en beschermd wonen wordt afgebouwd, waardoor de opvang en zorg voor deze kwetsbare groep inwoners lokaal georganiseerd gaat worden. Voor personen met verward gedrag hebben we de wijk GGZ-er, die de regie heeft en samen met de andere betrokken sociale partners een integrale aanpak biedt, waarbij er verbinding is tussen het veiligheids-, het medisch-, het sociaal domein en welzijn. Start regionale inkoop/aanbesteding hulp bij het huishouden per 1 januari 2023 en afsluiten overbruggingscontract hulp bij het huishouden van 01-04-2021 t/m 31-12-2022. Kinderen met een zwaardere zorgvraag worden waar mogelijk en passend lokaal opgevangen in een gezinsvorm in plaats van in een bovenregionale instelling. In de gemeente Montfoort is de keuze gemaakt voor het opnieuw opzetten van een bibliotheekfunctie (Huis van Ervaring), waarbij er een integrale samenhang is met welzijn, zorg- en ondersteuningsfuncties binnen het sociaal domein die al grotendeels in de gemeente aanwezig zijn. Het door de centrale overheid ingevoerde abonnementstarief leidt nog steeds tot een toename van meldingen en verstrekkingen bij de Wmo, met name op het gebied van de woningaanpassingen en hulp bij het huishouden. Tegelijkertijd nemen de inkomsten uit eigen bijdrage door de invoer van het abonnementstarief af. Er is een woon/zorg behoefte onderzoek afgerond.

De woningopgave voor de diverse doelgroepen wordt gekoppeld aan oplossingen binnen de bestaande woningvoorraad en waar nodig ingepast in de nieuwbouw op de uitbreidingslocaties. Wetswijziging gemeentelijke schuldhulpverlening om mensen met problematische schulden eerder en beter te kunnen helpen. Actualisatie gemeentelijk schuldhulpverleningsbeleidsplan. De op 1 januari 2022 ingaande Wet Inburgering stelt de gemeente verantwoordelijk voor de inburgering. De cliënt-ervaringsonderzoeken worden omgezet van een jaarlijkse meting naar continue meting, waarbij de inwoner zijn verhaal en ervaring kan doorgeven. We verwachten dat dit meer waardevolle informatie gaat opleveren. De mogelijke overgang van de begeleiding van mensen met een uitkering levensonderhoud en een grote afstand tot de arbeidsmarkt (groepen C en D) van Ferm Werk naar SWOM. De gemeenten Oudewater en Montfoort zijn gestart met de pilot jeugdbescherming. Woerden en SV zijn later aangesloten. Het jeugdteam neemt (preventieve) taken van SVMN over. Dit leidt tot versterking van hulp aan gezinnen en een vereenvoudiging van de veiligheidsketen. Landelijk is het toekomstscenario kind- en gezinsbescherming gepresenteerd. Het toekomstscenario biedt perspectief hoe de jeugdbeschermingsketen er in de toekomst slimmer en effectiever uit kan zien waarbij het belang van kind en gezin centraal staat.

Dit toekomstscenario lijkt aan te sluiten bij onze manier werken binnen de pilot jeugdbescherming Het kabinet wil de regionale samenwerking van gemeenten bij de inkoop van jeugdzorg verbeteren met de Wet verbetering beschikbaarheid zorg voor jeugdigen. In het wetsvoorstel worden gemeenten verplicht regionaal samen te werken bij de inkoop van specialistische jeugdzorg. De gemeente Montfoort doet dit al. Ook moeten gemeenten een regiovisie opstellen. De gemeente Montfoort is samen met de andere Utrecht-West gemeenten de regiovisie aan het opstellen. Per 1 januari 2022 wordt het nieuwe woonplaatsbeginsel Jeugdwet van kracht. Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente financieel verantwoordelijk is voor de jeugdhulp.

Kaderstellende beleidsnota’s • • • • • •

Hoofdlijnenakkoord Montfoort weer op de kaart” Integraal beleidsplan sociaal domein gemeente Montfoort 2017 en verder (actualisatie daarvan begin 2022) Handelingskader personen met verward gedrag Invoering abonnementstarief Wmo Inkoopcontracten Wet verplichte GGZ

Verbonden en / of uitvoerende partijen I. Ferm Werk en Plangroep (schuldhulpverlening) II. SWOM III. GGD - regio Utrecht IV. Stichting de Thuisbasis (Jeugdteam) I. Regionaal Bureau Leerplicht Woerden e.o. II. Samenwerkingsverbanden en schoolbesturen PO, VO en het MBO III. Regiogemeenten, RBL (RMC) en Ferm Werk in het kader van het project Basis Arbeidsmarkt en de daaronder vallende projecten zoals bijvoorbeeld Jongeren in Participatie (JiP) IV. Regiogemeenten, Vluchtelingenwerk en Ferm Werk in voor uitvoering van de Wet inburgering (per 1 januari 2022) V. Regiotaxi VI. Vluchtelingenwerk Montfoort en Linschoten 25 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

VII. Woningbouwverenigingen Groen West en Woonzorg Nederland VIII. Samen Gezond Bewegen (buurtsportcoach) IX. Bibliotheek Het Groene Hart

Programmaonderdeel 5.01:

Participatie

Wat willen we bereiken? 1. De zorgvraag van de inwoner is leidend en de regelgeving binnen het sociaal domein is dienend. 2. Duurzame zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie voor alle inwoners. 3. Ook mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt doen mee. 4. Voorkomen van problematische schulden bij inwoners. 5. De toegang en communicatie met de uitvoerende instellingen is helder en op maat. Ze werken allen vanuit het principe van de omgekeerde toets. 6. Duidelijkheid met betrekking tot FermWerk. Wat gaan we ervoor doen? 1. Werken vanuit de bedoeling en toepassen van de omgekeerde toets 2. De ondersteuning die wij en onze partners inzetten is gericht op het duurzaam vergroten van de zelfredzaamheid en participatie. Hiervoor richten wij ons op het oplossen van de oorzaak van de ondersteuningsvraag 3. We hebben extra aandacht voor mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Laagdrempelige dagbesteding voor deze groep wordt door de SWOM georganiseerd. Daarnaast gaan we door met het verbeteren van de samenwerking tussen bedrijven, gemeenten, Ferm Werk, UWV en onderwijs om inwoners met een groter dan gemiddelde afstand tot de arbeidsmarkt te (be)geleiden richting duurzaam werk. 4. Uitvoering geven aan de Nota armoedebeleid en de daarin genoemde instrumenten, acties en onderzoeksvragen.

Als vervolg op de Nota armoedebeleid en de gewijzigde wet gemeentelijke schuldhulpverlening per 1 januari 2021 wordt aangesloten bij het landelijke convenant Vroegsignalering en wordt uitvoering gegeven aan de verplichtingen in de wet. 5. In de contacten met uitvoerende instellingen aangeven en uitleggen dat de gemeente Montfoort werkt vanuit het principe de omgekeerde toets en dat wij verwachten dat zij voor onze inwoners ook de werkwijze van de omgekeerde toets hanteren. 6. Heroriëntatie op Ferm Werk en vereenvoudiging op het gebied van juridische entiteit, de governance en de kostenverdeelsystematiek.

Programmaonderdeel 5.02:

Wmo

Wat willen we bereiken? 1. De zorgvraag van de inwoner is leidend en de regelgeving binnen het sociaal domein is dienend. 2. Een sluitende opvang voor onze kwetsbare inwoners. 3. Meer eigen regie door de inwoners van de gemeente Montfoort. 4. Een verdere transformatie van maatwerkvoorzieningen naar algemene voorzieningen. 5. Een goede aansluiting van de woon/zorg behoefte bij het beschikbare woningaanbod. Wat gaan we ervoor doen? 1. Werken vanuit de bedoeling en toepassen van de omgekeerde toets. 2. Borgen van de ketensamenwerking bij zorg voor onze kwetsbare inwoners waarbij de Wijk-GGZ de verbindende schakel vormt tussen het sociaal domein, medisch domein, veiligheidsdomein en welzijn. 3. Bij een ondersteuningsvraag de inwoner handvatten aanreiken zodat het ondersteuningsaanbod zoveel mogelijk past bij de wijze waarop de inwoner zijn leven wil leiden. We stimuleren hierbij het benutten van de eigen kracht. 4. Verder uitbouwen en borgen van onze laagdrempelige algemeen toegankelijke zorg-, hulp-, en welzijnsactiviteiten, zoals het Doe Mee huis en het Huis van Ervaring, waarbij het dienen van onze inwoners en het maatschappelijk belang het uitgangspunt blijft. 5. Nauwer samenwerken met de woningbouwverenigingen over de woonoplossingen voor zorg doelgroepen bij nieuwbouw en vrijkomend vastgoed.

Programmaonderdeel 5.03:

Jeugd

Wat willen we bereiken? 1. De zorgvraag van de inwoner is leidend en de regelgeving binnen het sociaal domein is dienend. 2. Transformatie van jeugdzorg “van bos naar buurt”. 3. Meer eigen regie door de inwoners van Montfoort en Linschoten en aansluiten bij de leefwereld van het gezin. 4. Een integrale aanpak. 26 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

5. 6. 7.

Goede kwaliteit van zorg. De welzijnsorganisatie aantrekkelijk en bereikbaar maken voor onze jongeren. Meer gelijke kansen voor jongeren.

Wat gaan we ervoor doen? 1. Werken vanuit de bedoeling en toepassen van de omgekeerde toets. 2. Intensievere samenwerking tussen de gemeenten in de regio Utrecht West en aanbieders om te zorgen voor meer regionale-, en indien mogelijk lokale opvang van jongeren in plaats van opvang buiten de regio. 3. Bij een ondersteuningsvraag de jongere en de ouders handvatten aanreiken zodat het ondersteuningsaanbod zoveel mogelijk past bij de wijze waarop zij hun leven willen leiden. We stimuleren hierbij het benutten van de eigen kracht. 4. Toepassen van brede vraagverheldering en afstemming met betrokken partijen (o.a. huisarts, school, andere hulpverleners) bij gezinsplan. Daar waar de zorgvraag domein overstijgend is deelname aan 3D-initiatieven om voor bepaalde doelgroepen met partijen uit verschillende domeinen (jeugd, WMO en participatie) bepaalde problematiek aan te pakken in de gemeente Montfoort. 5. Bij en ingezet zorgtraject regelmatig met de zorgaanbieder en klant beoordelen of de ingezette zorg nog past bij de zorgvraag en of de ingezette zorg het gewenste effect heeft. Daarnaast is de controle op de kwaliteitseisen van de aanbieders zoals aangegeven in de inkoopdocumenten verscherpt. 6. Uitbreiden en benutten van algemene en voorliggende voorzieningen voor jongeren.

Onderzoeken welke welzijnsactiviteiten jongeren aanspreken, zodat ook zij toegang krijgen tot laagdrempelige activiteiten om mee te kunnen doen in de gemeente Montfoort. 7. Problematiek bij jongeren terugbrengen tot het niveau dat zij zich weer hetzelfde kunnen ontwikkelen als leeftijdgenoten.

Programmaonderdeel 5.04:

Volksgezondheid

Wat willen we bereiken? 1. Blijvend monitoren van de vaccinatiebereidheid van onze inwoners, mede gelet op de Corona pandemie. 2. Lokaal preventie akkoord uitvoeren in samenhang lokale sportakkoord (Vitaliteitsakkoord). 3. Zo gezond mogelijke inwoners van onze gemeente. 4. Buurtsportcoachactiviteiten nog beter laten aansluiten op het sociaal domein. 5. Het aanpakken van laaggeletterdheid. Wat gaan we ervoor doen? 1. Informatie verstrekken en voorlichten en opzetten van sturing naar gedragsverandering. 2. Zie ook naar programma 4 onderdeel sport. 3. Intensiveren samenwerking GGD en nog meer gebruik maken van de aanwezige expertise. 4. De buurtsportcoach meer betrekken bij de maatschappelijke opgave in het sociaal domein. 5. Het opzetten en integreren van taalondersteuning in de bibliotheekfunctie.

27 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Financieel overzicht

Programma 5. Inkomen, jeugd en Wmo

(bedragen x € 1.000) Raming Raming 2024 2025

Rekening Begroting* Begroting Raming 2020 2021 2022 2023

LASTEN (actuele begr'21)

9.008

11.404

10.298

10.359

10.337

10.328

100 25 120 10.604

100 25 120 10.582

100 25 120 10.573

Mutaties: Wmo, Participatie, clientkosten Subsidies (prijsindex) Uitvoeringskosten Ferm Werk Totaal lasten Begroting 2022

9.008

11.404

100 25 120 10.543

BATEN (actuele begr'21)

1.431

2.362

1.700

1.700

1.700

1.700

1.476 9.928

17 -45 1.672 8.872

17 -45 1.672 8.932

17 -45 1.672 8.910

17 -45 1.672 8.902

0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

9.928 -

8.872 -

8.932 -

8.910 -

8.902 -

Mutaties: BUIG, rijksbijdrage Eigen bijdrage WMO Totaal baten begroting 2022 Saldo baten en lasten voor mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Saldo baten en lasten na mutaties reserves Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

1.431 7.577

7.577 -

28 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

2.6. Overhead

6. Overhead B € 328.291 L € 4.856.015

6.01 Overhead B € 328.291 L € 4.856.015

Vanaf 2017 is het 6de “programma” Overhead opgenomen omdat de BBV-voorschriften de gemeente verplicht om naast haar 5 facultatieve programma’s de kosten van overhead in een overzicht samen te brengen en niet meer in de 5 hoofdprogramma’s te verantwoorden. Het begrip overhead is volgens de regelgeving: “het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces”. Het begrip is nader uitgewerkt in een notitie van de commissie BBV. De notitie duidt Overhead nader aan als: leidinggevenden en managementondersteuning primair proces; financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; HRM; inkoop en aanbesteding; interne en externe communicatie; juridische zaken; bestuursondersteuning; informatievoorzieningen en automatisering (ict); facilitaire zaken, huisvesting, documentatie en informatievoorziening.

29 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Financieel overzicht Programma 6. Overhead

(bedragen x € 1.000) Raming Raming 2024 2025

Rekening Begroting* Begroting Raming 2020 2021 2022 2023

LASTEN (actuele begr'21)

4.444

5.097

4.861

4.904

4.918

4.934

Mutaties: Kleine verschillen en afronding Totaal lasten Begroting 2022

4.444

5.097

-5 4.856

-5 4.899

-5 4.913

-6 4.928

BATEN (actuele begr'21)

329

328

325

325

325

325

329 4.115

328 4.769

3 328 4.528

3 328 4.570

3 328 4.585

3 328 4.599

240 240 -

120 465 -345

0 0 0 -120 120

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

4.115 -

4.424 -

4.528 120

4.570 -

4.585 -

4.599 -

Mutaties: Kleine verschillen en afronding Totaal baten begroting 2022 Saldo baten en lasten voor mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Saldo baten en lasten na mutaties reserves Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

30 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

2.7. Algemene dekkingsmiddelen

7. Algemene dekkingsmiddelen B € 22.522.855 L € 185.904

7.01 Algemene dekkingsmiddelen B € 22.522.855 L € 185.904

Algemene dekkingsmiddelen Vanaf 2017 is het 7de “programma” Algemene dekkingsmiddelen opgenomen omdat de BBV-voorschriften de gemeente verplichten om naast haar vijf facultatieve programma’s ook dit programma in de begroting apart op te nemen en te verantwoorden. Het programma algemene dekkingsmiddelen betreft de OZB en de uitkeringen uit het gemeentefonds. Deze middelen kennen geen vooraf bepaald bestedingsdoel en zijn daarmee vrij aanwendbaar. Ook het renteresultaat komt via dit programma naar voren. De niet vrij aanwendbare heffingen, zoals het rioolrecht en afvalstoffenheffing, en de ontvangsten van specifieke uitkeringen zijn als baten opgenomen in de betreffende programma’s.

31 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Financieel overzicht Programma 7. Algemene dekkingsmiddelen

(bedragen x € 1.000) Raming Raming 2024 2025

Rekening Begroting* Begroting Raming 2020 2021 2022 2023

LASTEN (actuele begr'21)

142

294

186

-9

27

37

Totaal lasten Begroting 2022

142

294

186

-9

27

37

19.766

21.604

21.779

21.638

21.640

21.761

21.604 -21.311

70 674 0 22.523 -22.337

70 605 22.313 -22.321

70 568 22.278 -22.251

70 524 22.355 -22.318

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

0 0 0 0 0

-22.321 -

-22.251 -

-22.318 -

BATEN (actuele begr'21) Mutaties: Prijsindex OZB Algemene uitkering (meicirculaire, sociaal domein) Kleine verschillen en afronding Totaal baten begroting 2022 Saldo baten en lasten voor mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel

19.766 -19.624 -

Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo mutaties reserves - waarvan incidenteel - waarvan structureel Saldo baten en lasten na mutaties reserves Structureel saldo na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

-

-7

0 0

0 0 0 0 0

-19.631 -7

-21.311 -

-22.337 -

7 -7 -

-

32 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

2.8. Heffing Vpb en onvoorzien Vennootschapsbelasting Sinds 2016 moeten gemeenten (en andere overheden) vennootschapsbelasting (vpb) betalen over de winst die ze met een aantal, nader bepaalde, ondernemingsactiviteiten maken. Jaarlijks wordt er een analyse van de bedrijfsactiviteiten van de gemeente gemaakt. Hierbij is vastgesteld dat voor de gemeente Montfoort de ondernemingsactiviteiten in het kader van de vpb beperkt zijn en voornamelijk betrekking hebben op de grondexploitaties. Voor 2022 worden geen winsten verwacht, die tot een vpb-heffing leiden. Vennootschapsbelasting Lasten Baten Saldo baten en lasten voor mutaties reserves Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo baten en lasten na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

(bedragen x € 1.000) Rekening Begroting* Begroting Raming Raming Raming 2020 2021 2022 2023 2024 2025 -10 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -10 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 -10 0 0 0 0 0

Onvoorzien Voor het bedrag voor onvoorziene uitgaven hanteert de provincie Utrecht een richtbedrag van € 2,50 per inwoner. Op basis van inwoneraantal per 1 januari 2021 had een bedrag € 35.000 kunnen volstaan. Vanwege de aanzienlijke toename van de omvang van de begroting sinds de decentralisaties in 2015 is er een bedrag van € 50.000 opgenomen voor onvoorziene uitgaven.

Onvoorzien Lasten Baten Saldo baten en lasten voor mutaties reserves Toevoeging aan reserves Onttrekking aan reserves Saldo baten en lasten na mutaties reserves *) Begroting 2021 na vastgestelde wijzigingen

(bedragen x € 1.000) Rekening Begroting* Begroting Raming Raming Raming 2020 2021 2022 2023 2024 2025 0 50 50 50 50 50 0 0 0 0 0 0 50 50 50 50 50 0 50 50 50 50 50

33 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

3

Paragrafen

3.1. Lokale heffingen Portefeuillehouder(s): H.J. van Wiggen

Algemeen In deze paragraaf worden de ontwikkelingen en kostendekkendheid van de heffingen en leges uiteengezet. Daarna wordt de onroerende-zaakbelasting beschreven (OZB). Tot slot wordt ingegaan op de onbenutte belastingcapaciteit en het kwijtscheldingsbeleid. De gemeentelijke heffingen zijn, naast de algemene uitkering uit het gemeentefonds, een belangrijke bron van inkomsten. Er zijn twee gemeentelijke heffingen; rechten en belastingen. Bij ‘rechten’ is sprake van een tegenprestatie van de gemeente en mogen de geraamde opbrengsten niet hoger zijn dan de geraamde kosten die de gemeente maakt voor de uitoefening van de taak. Dat wil zeggen: niet meer dan honderd procent kostendekkend. Bij ‘belastingen’ is er geen directe relatie met een prestatie van de gemeente. Bij de aanvullende begrotingsvoorstellen begroting 2021 is voorgesteld om de afvalstoffenheffing geleidelijk richting de 100% kostendekkendheid te krijgen en bij de OZB-tarief het onbenutte deel ook gefaseerd in te gaan zetten vanaf 2021. Het gevolg hiervan is dat de gemeentelijke woonlasten meer dan alleen met de gebruikelijke inflatie stijgen. Een nadere toelichting volgt hieronder. De gemeente kent de volgende belastingsoorten: - Onroerende-zaakbelastingen (OZB/RZB); - Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht; - Rioolheffingen; - Marktgelden; - Lijkbezorgingrechten; - Leges.

Heffingen en leges Met ingang van de begroting 2017 dient op basis van het BBV een bijlage te worden toegevoegd met betrekking tot de kostendekkendheid van de lokale lasten. Hierbij dient overhead – als onderdeel van de apparaatskosten - centraal onder een taakveld te worden opgenomen en extracomptabel te worden berekend. Alle apparaatskosten en overige directe lasten die direct te relateren zijn aan een taakveld dienen op het taakveld van de desbetreffende leges en heffingen te worden opgenomen. De directe kosten en de toerekenbare overhead worden op deze manier meegenomen teneinde te bepalen in hoeverre de leges en de heffingen kostendekkend zijn. De leges en heffingen mogen maximaal kostendekkend zijn.

Afvalstoffenheffing en reinigingsrecht Afvalstoffenheffing De afvalstoffenheffing wordt geheven van de bewoner van een eigendom, waarbij huishoudelijke afvalstoffen worden opgehaald. Er is sprake van een tariefdifferentiatie naar gezinsverhouding. Voor bedrijven is er sprake van een reinigingsrecht. Voor beide heffingen is het uitgangspunt volledige kostendekking. De afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht worden in rekening gebracht door de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). Met ingang van de programmabegroting 2017 zijn de vernieuwde regels van het BBV toegepast. Voor de lokale heffingen wordt informatie op hoofdlijnen opgenomen van kostendekkendheid. Ten laste van de heffingen mogen alleen die baten en lasten van overhead worden toegerekend die betrekking hebben op het taakveld van de betreffende heffing. Bij de aanvullende begrotingsvoorstellen begroting 2021 is voorgesteld de afvalstoffenheffing in 2 jaar tijd te laten toenemen naar 100% kostendekkendheid. Hiervoor is het volgende schema voorgesteld: In 2021 wordt de afvalstoffenheffing naar 90% kostendekkendheid opgehoogd. In 2022 wordt het tarief verder verhoogd naar 100% kostendekkendheid. Hiermee komen we tegemoet aan het uitgangspunt: “de gebruiker dan wel vervuiler betaalt”. Dit alles heeft, naast de inflatie, een tariefsverhogend effect.

34 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

In december 2021 zullen de tarieven voor de afvalstoffenheffing door middel van de Verordening afvalstoffenheffing en reinigingsrechten 2022 ter vaststelling aan de raad worden aangeboden. Afvalstoffenheffing

Begroting 2020 1.392.293 -155.000 1.237.293

Begroting 2021 1.491.578 -157.610 1.333.968

Raming 2022 1.543.742 -159.972 1.383.770

Raming 2023 1.543.742 -159.972 1.383.770

Raming 2024 1.543.742 -159.972 1.383.770

221.089 245.635

329.903 260.845

296.302 281.405

296.302 281.405

296.302 281.405

Uitgaven taakveld

1.704.017

1.924.716

1.961.477

1.961.477

1.961.477

Opbrengsten heffingen Inkomsten taakveld dekkingspercentage

1.397.088 1.397.088 82%

1.730.014 1.730.014 90%

1.954.798 1.954.798 100%

1.954.798 1.954.798 100%

1.954.798 1.954.798 100%

Bedragen in euro's

Kosten taakveld Inkomsten taakveld, exclusief heffingen Netto kosten product Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW

Reinigingsrechten Bij niet-huishoudens worden reinigingsrechten in rekening gebracht. Dat is een retributie die wordt geheven voor het periodiek verwijderen van bedrijfsafval van beperkte omvang. Er is een tarief voor het beschikbaar stellen van een container en een tarief voor elke extra container. Ook reinigingsrechten zijn bestemmingsheffingen, de opbrengsten mogen niet hoger zijn dan de uitgaven. Reinigingsrecht betreft een belasting voor het verwerken van afval voor bedrijven die geen eigen vuilopslagmogelijkheid hebben. Voorgesteld is om deze belasting 100% kostendekkend te maken en te houden. Ook hier wordt uitgegaan van het principe “de gebruiker dan wel vervuiler betaalt”. Reinigingsrechten Bedragen in euro's

Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld

Begroting 2020 34.467

Begroting 2021 42.914

Raming 2022 44.400

Raming 2023 44.400

Raming 2.024 44.400

5.745 6.053 46.265

9.492 7.615 60.021

8.522 8.939 61.861

8.522 8.939 61.861

8.522 8.939 61.861

40.904 40.904 88%

60.021 60.021 100%

61.287 61.287 100%

61.287 61.287 100%

61.287 61.287 100%

Opbrengsten heffingen Inkomsten taakveld dekkingspercentage

Uitvoering Wet WOZ en bezwaren De Wet waardering onroerende zaken betreft de waardering van woningen en bedrijven. Behalve het periodiek waarderen, behelst dit ook het analyseren van gerealiseerde verkoopcijfers en huurgegevens, het bijhouden van mutaties in objecten vanwege bouwvergunningen en het afhandelen van bezwaar- en beroepschriften gericht tegen de WOZbeschikkingen. Tegen de WOZ-beschikkingen zijn over 2020 in totaal 185 bezwaarschriften ingediend dit betreft uitsluitend bezwaarschriften waarin de WOZ-waarde wordt betwist (stand jaarrekening 2020).

Kwijtscheldingsbeleid Als een belastingschuldige als gevolg van financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan op verzoek gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De normen voor het behandelen van kwijtscheldingsverzoeken worden bepaald door de rijksoverheid. Volgens de rijksnormen wordt beoordeeld of iemand in aanmerking komt voor kwijtschelding. Kwijtschelding wordt verleend met betrekking tot de volgende gemeentelijke belastingsoorten: Onroerende-zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en de rioolheffingen. De kwijtscheldingen maken deel uit van het minimabeleid, dat onderdeel is van programma Inkomen, jeugd en Wmo. Kwijtscheldingen worden meegenomen bij het bepalen van de heffingen, omdat daar het uitgangspunt van volledige kostendekkendheid geldt. Bij de onroerende-zaakbelastingen spelen de lasten geen directe rol bij het bepalen van de tarieven. 35 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Het kwijtscheldingsbeleid wordt uitgevoerd door de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). Zij maken voor het gebruik van de automatische kwijtscheldingen gebruik van het inlichtingenbureau van de VNG. Dit bureau geeft een advies of een huishouden in aanmerking komt voor kwijtschelding. Is het advies positief dan ontvangt dit huishouden automatisch kwijtschelding. De huishoudens die niet voor automatische kwijtschelding in aanmerking komen, kunnen nog een afzonderlijk verzoek hiertoe indienen bij de BSR. Overzicht van de kwijtscheldingen per heffing/belasting:

Heffingen en belastingen Onroerende-zaakbelasting De grondslag voor de aanslagen onroerende-zaakbelastingen is de vastgestelde waarde (WOZ-waarde) van de onroerende zaak. Nadere informatie over de WOZ vindt u hiervoor in het onderdeel “Uitvoering Wet WOZ”. Bij de begrotingsbehandeling 2021 is voorgesteld de onbenutte belastingcapaciteit van € 300.000 in te zetten en de OZB-heffing in 2 jaar tijd, voor het eerst in 2021 50% en in 2022 50%, te laten toenemen en daarmee de volledige onbenutte belastingcapaciteit (op basis van berekening 2021) volledig te benutten. Dit leidt tot een verhoging van het OZB-tarief. Verder wordt voor 2022 voorgesteld de opbrengst van de onroerendezaakbelastingen (OZB) met 1,6% te laten stijgen ten opzichte van 2021. De vaststelling van het tarief is mede afhankelijk van de waardeontwikkelingen van de grondslag voor de aanslagen OZB, de vastgestelde waarde van de onroerende zaak (WOZ-waarde). Bij het bepalen van de uiteindelijke tarieven wordt hiermee rekening gehouden, zodat bij een gelijkblijvend areaal de totale baten toenemen met 1,6%. Onroerendezaakbelasting Bedragen in euro's

OZB Baten woningen OZB Baten niet woningen Totaal opbrengst

Begroting 2019 2.179.488 1.416.861 3.596.349

Begroting 2020 2.212.180 1.433.796 3.645.976

Begroting 2021 2.373.614 1.487.989 3.861.603

Begroting 2022 2.535.153 1.520.873 4.056.026

Onbenutte belastingcapaciteit OZB De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra middelen die gegenereerd kunnen worden door de tarieven van de gemeentelijke heffingen te verhogen tot het wettelijk toegestane maximum. De onbenutte belastingcapaciteit kan worden berekend door de maximaal toegestane belastingbaten/-tarieven te vergelijken met de belastingbaten/-tarieven in de gemeente. Voor de maximale tarieven wordt gebruik gemaakt van de normen van het zogeheten artikel 12 beleid. Een gemeente met een artikel 12 status is een Nederlandse gemeente die onder financiële curatele is gesteld door het Rijk vanwege een structureel slechte situatie. Deze gemeenten moeten hun tarieven verhogen tot een ‘redelijk peil eigen heffingen’, willen zij in aanmerkingen komen voor rijkssteun. In de meicirculaire 2021 is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor 2022 vastgesteld op 0,1800. De berekening van de onbenutte belastingcapaciteit is als volgt: Omschrijving Belastingcapaciteit woningen en niet-woningen in € per 1-1-2021 Maximale OZB opbrengst (Norm art. 12: 0,1800% van de WOZ-waarde) Af: Geraamde OZB opbrengst 2022 Onbenutte belastingcapaciteit

2022 2.349.878.000 4.229.780 4.056.026 173.754

De Wet waardering onroerende zaken (wet WOZ) regelt de wijze waarop gemeenten de waarde van woningen en bedrijven jaarlijks dienen te bepalen. Gemeenten gebruiken voor woningen een vergelijkingsmethode, ook wel bekend onder de naam modelmatige waardebepaling. Zowel verkoopcijfers als de kenmerken van een woning spelen daarbij een rol. De WOZ-waarde is de marktwaarde rekening houdend met enkele waarderingsvoorschriften. Voor andere 36 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

WOZ-objecten dan woningen, zoals bedrijfspanden worden (ook op een modelmatige wijze) andere taxatiemethodieken toegepast, omdat er andere vormen van marktgegevens beschikbaar zijn, zoals huurprijzen. De Waarderingskamer houdt toezicht op de waardebepaling en de waardevaststelling van onroerende zaken, op de uitvoering van de basisregistratie waarde onroerende zaken (basisregistratie WOZ) en op de overige in de wet geregelde onderwerpen. De belastingplichtige kan binnen zes weken na ontvangst van de WOZ-beschikking in bezwaar gaan en op basis van de uitspraak eventueel in beroep gaan bij de belastingrechter. Overzicht aantal WOZ-bezwaren en de afwikkeling (stand jaarrekening 2020) WOZ tijdvak 2017 2018 2019 2020

Waarde-peildatum WOZ-bezwaren 1-1-2016 131 1-1-2017 127 1-1-2018 171 1-1-2019 185

Aantal nog in behandeling 0 0 0 0

Aantal afgehandeld 131 127 171 185

Waarvan gegrond Waarvan gegrond 88/67% 97/65% 69/54% 163/68% 91/53% 86/67% 129/69% 109/65%

Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een eigendom dat direct of indirect is aangesloten op het gemeentelijke rioolstelsel. Er is geen sprake van een tariefdifferentiatie naar gezinsverhouding. De rioolheffing wordt in 2022 in rekening gebracht door de gemeenschappelijke regeling Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). Op basis van het nieuwe GRP Montfoort 2019-2023 is naast de prijsindexatie van 1,6% een verhoging van 4% op de geraamde opbrengst ingecalculeerd. Het verschil wat ontstaat tussen de geraamde baten en de netto lasten van het taakveld riolering zal in de egalisatie voorziening riolering worden gestort om de kosten van toekomstige investeringen in het rioolstelsel op te vangen. Rioolheffing

Begroting

Begroting

Raming

Raming

Bedragen in euro's

2020

2021

2022

2.023

2.024

Kosten taakveld

1.155.886

1.182.334

1.197.415

1.197.415

1.197.415

Overhead en personeel inclusief rente

157.042

208.269

205.178

205.178

205.178

BTW

98.099

102.266

168.450

168.450

168.450

Uitgaven taakveld

1.411.028

1.492.869

1.571.042

1.571.042

1.571.042

Opbrengsten heffingen

1.411.028

1.492.869

1.576.471

1.576.471

1.576.471

Inkomsten taakveld

1.411.028

1.492.869

1.576.471

1.576.471

1.576.471

dekkingspercentage

100%

100%

100%

100%

100%

Raming

Toe te rekenen kosten:

Marktgelden Marktgelden worden geheven voor het huren van een kraam op de wekelijkse marktdag op vrijdag. De tarieven zijn met 1,6 % prijsindexatie (afgerond) verhoogd. Marktgelden Bedragen in euro's

2018

Belastingjaar 2019

2020

2021

2022

Standplaats per dag of gedeelte daarvan per strekkende meter Vaste plaatsen Dagplaatsen Standwerkersplaatsen

2,84 3,41 4,25

2,91 3,49 4,35

2,95 3,54 4,42

3,00 3,60 4,50

3,05 3,65 4,60

Marktgelden Bedragen in euro's

Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld

Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in %

0,05 0,06 0,07

1,6% 1,6% 1,6%

Begroting 2020 8.582

Begroting 2021 8.661

Raming 2022 9.207

Raming 2.023 9.207

Raming 2.024 9.207

1.430 724 10.736

1.915 724 11.300

1.767 808 11.782

1.767 808 11.782

1.767 808 11.782

6.327 6.327 59%

6.440 6.440 57%

6.543 6.543 56%

6.543 6.543 56%

6.543 6.543 56%

Opbrengsten heffingen Inkomsten taakveld dekkingspercentage

Lijkbezorgingsrechten Lijkbezorgingsrechten worden geheven voor vergunningen voor graven, bijzettingen en onderhoud van graven. Er is sprake van een uitgebreide tarieventabel. De tarieven van de lijkbezorgingsrechten zijn niet kostendekkend wat betekent dat de kosten deels vanuit de algemene middelen worden opgevangen. Voorgesteld wordt om de heffing voor 37 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

2022 met 1,6% prijscompensatie te laten stijgen ten opzichte van 2021. Een opsomming van de meest bepalende tarieven zijn: Lijkbezorgingsrechten Bedragen in euro's

Recht eigen graf 10 jaar Recht groot urngraf 20 jaar Recht kindergraf 20 jaar Begraafrecht

Begraafrechten/lijkbezorgingsrechten Bedragen in euro's

Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente Uitgaven taakveld

Belastingjaar 2019 2020 1.394,45 1.414,35 1.393,45 1.414,35 1.393,45 1.414,35 697,20 707,70

2018 1.360,80 1.360,80 646,93

2021 1.439,80 1.439,80 1.439,80 720,45

2022 1.462,85 1.462,85 1.462,85 732,00

Wijzigingen t.o.v. 2021 Bedrag in % 23,05 1,6% 23,05 1,6% 23,05 1,6% 11,55 1,6%

Begroting 2020 187.332

Begroting 2021 192.020

Raming 2022 254.330

Raming 2023 254.330

Raming 2024 254.330

31.224 218.556

42.470 234.490

48.816 303.146

48.816 303.146

48.816 303.146

83.883 83.883 38%

85.393 85.393 36%

88.269 88.269 29%

88.269 88.269 29%

88.269 88.269 29%

Opbrengsten rechten Inkomsten taakveld dekkingspercentage

Leges De leges worden geheven voor specifieke door de gemeente verstrekte individuele diensten. Voobeelden hiervan zijn: het verstrekken van paspoorten, voltrekken van huwelijken en afgeven van bouwvergunningen. Er zijn meer dan honderd verschillende diensten en tarieven. Ook ten aanzien van de legestarieven is begroot om deze met het 1,6% prijsinflatiecorrectie te verhogen. Individuele legestarieven kunnen met meer dan 1,6% stijgen. Voorbeelden hiervan zijn de wettelijke vastgestelde tarieven en/of rijksleges, zoals paspoorten en rijbewijzen. De tarieven worden in december door de Raad vastgesteld. Leges Burgerzaken

Begroting 2020 466.934

Begroting 2021 447.730

Raming 2022 415.838

Raming 2023 415.838

Raming 2024 415.838

77.978 4.633 549.545

99.028 4.633 551.391

79.815 4.633 500.286

79.815 4.633 500.286

79.815 4.633 500.286

Opbrengsten heffingen Inkomsten taakveld dekkingspercentage

252.841 252.841 46%

257.393 257.393 47%

261.512 261.512 52%

261.512 261.512 52%

261.512 261.512 52%

Leges Omgevingsvergunning

Begroting 2020 549.257

Begroting 2021 549.257

Raming 2022 549.257

Raming 2023 549.257

Raming 2024 549.257

91.549 115.344 756.150

91.549 115.344 756.150

105.423 115.344 770.024

105.423 115.344 770.024

105.423 115.344 770.024

402.302 402.302 53%

582.743 582.743 77%

387.667 387.667 50%

312.667 312.667 41%

312.667 312.667 41%

Bedragen in euro's

Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld

Bedragen in euro's

Kosten taakveld Toe te rekenen kosten: Overhead en personeel inclusief rente BTW Uitgaven taakveld Opbrengsten heffingen Inkomsten taakveld dekkingspercentage

Vanaf 2022 wordt een vermindering van de opbrengst voorzien als gevolg van de nieuwe Omgevingswet.

38 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

3.2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Portefeuillehouder(s): H.J. van Wiggen

Algemeen Het weerstandsvermogen van een gemeente is het vermogen om financiële risico’s op te kunnen vangen. Voor een beoordeling van het weerstandsvermogen zijn twee elementen van belang: • De beschikbare weerstandscapaciteit: dit zijn de middelen waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten te dekken die onverwachts en substantieel zijn; • De risico’s die de gemeente loopt, de kans dat deze risico’s zich voordoen en het mogelijke schadebedrag. Beide worden in de deze paragraaf uitgewerkt en dit wordt tweemaal per jaar, bij het opstellen van de begroting en jaarrekening, geactualiseerd. In deze paragraaf zijn ook de (financiële) kengetallen opgenomen. Doel van deze kengetallen is eenvoudig inzicht te krijgen in de financiële positie van de gemeente.

Weerstandscapaciteit We onderscheiden incidentele en structurele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit: De incidentele weerstandscapaciteit is het (incidentele) vermogen om calamiteiten eenmalig op te kunnen vangen zonder dat dit invloed heeft op de voortzetting van taken. Het valt samen met de (algemene) reservepositie. De gemeente heeft ook nog ‘stille’ reserves, in de vorm van vastgoed, gronden en aandelen. Deze zijn niet meegenomen in de omvang van de incidentele weerstandscapaciteit. Het vastgoed en de gronden zijn over het algemeen in gebruik of verhuurd en kunnen niet snel worden ingezet in het geval zich risico’s voordoen en de gemeente het geld nodig heeft. Incidentele weerstandscapaciteit per eind 2021 Saldo algemene reserve na jaarrekening 2020 (i ncl res ul taatbes temmi ng)

2.794.106

Saldo onttrekkingen / dotaties aan algemene reserve 2020

-968.278

Totale incidentele weerstandscapaciteit

1.825.828

NB: in deze berekening is alleen rekening gehouden met de vastgestelde reservemutaties in 2021 en nog niet met het verwachte exploitatieresultaat in 2022.

De structurele weerstandscapaciteit: Dit zijn de middelen die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van de bestaande taken. Dit is de (potentiële) financiële ruimte voor de gemeente. Zo is een stelpost onvoorzien in de begroting opgenomen. Tot slot kan (in theorie) gebruik gemaakt worden van de onbenutte belastingcapaciteit. De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra middelen die gegenereerd kunnen worden door de tarieven van de gemeentelijke heffingen te verhogen tot het wettelijk toegestane maximum. De onbenutte belastingcapaciteit kan worden berekend door de maximaal toegestane belastingbaten en -tarieven te vergelijken met de belastingbaten en tarieven in de gemeente. Voor de maximale tarieven wordt gebruik gemaakt van de normen voor het zogeheten artikel 12-beleid. Een gemeente met een artikel 12-status is een Nederlandse gemeente die onder financiële curatele is gesteld door het Rijk vanwege een structureel slechte financiële situatie. Deze gemeenten moeten hun tarieven verhogen tot een ‘redelijk peil eigen heffingen’, willen zij in aanmerking kunnen komen voor rijkssteun.

De onbenutte belastingcapaciteit OZB voor het begrotingsjaar 2022 wordt berekend op basis van twee uitgangspunten: - De WOZ-waarde met peildatum 1-1-2021; - Het artikel-12 percentage uit de meicirculaire 2021.

De WOZ-waarde met peildatum 1-1-2021 wordt vastgesteld en afgegeven door de BSR. De geprognosticeerde WOZwaarde is € 2.349.878.000. In de meicirculaire 2021 is het percentage van de WOZ-waarde voor toelating tot artikel 12 voor 2022 vastgesteld op 0,1800%. Dit leidt tot onderstaand bedrag aan onbenutte belastingcapaciteit OZB. 39 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Structurele weerstandscapaciteit (in €) Stelpost onvoorzien

50.000

Onbenutte belastingcapaciteit OZB

173.754

Totaal

223.754

Door het preventief toezicht voor 2021 is afgesproken om de onbenutte belastingcapaciteit OZB van 2021 voor 50% aan te wenden. Dit is verwerkt in het OZB-tarief voor 2021. In 2022 wordt de onbenutte belastingcapaciteit OZB opnieuw berekend met de dan geactualiseerde WOZ-waarde. Door stijging van de WOZ-waarde ontstaat bovenstaand bedrag aan onbenutte belastingcapaciteit in de tabel.

Risico’s De risico’s zijn geactualiseerd om een goede actuele inschatting te kunnen maken van de benodigde weerstandscapaciteit. In deze paragraaf wordt kort toegelicht wat het risico inhoudt. De risico’s die relevant zijn voor de paragraaf weerstandsvermogen moeten een financiële omvang hebben van € 20.000 of hoger. De gemeente Montfoort hanteert de volgende criteria voor een risico: - Er moet sprake zijn van oorzaak en gevolg; - De kans dat een gebeurtenis zich voordoet en de mate waarin het gevolg zich voordoet zijn onzeker; - Er moet sprake zijn van enige mate van voorkennis; - Het risico moet een bedreiging/belemmering vormen voor het bereiken van de beleidsdoelstellingen; - Het risico moet financieel kwantificeerbaar zijn. Impact van de corona-crisis Het Rijk is in 2020 en 2021 gestart met het in beeld brengen en uitkeren van compensatiemaatregelen. Voor nu is er sprake van incidentele compensatie. Of de coronapandemie volledig beheersbaar zal zijn in 2022 met behulp van een hoge vaccinatiegraad, het testbeleid en bron- en contactonderzoek waarbij de coronamaatregelen stapsgewijs afgebouwd worden in alle sectoren, is nog onduidelijk.

Het risico blijft, dat er nieuwe golven volgen als gevolg van nieuwe besmettelijke varianten van het coronavirus kunnen ontstaan, dat vaccins onvoldoende werkzaam blijken te zijn en of dat een significant deel van de bevolking zich niet laat vaccineren waarbij de zorg alsnog overbelast raakt. De verwachting is dat het afbouwen van de coronamaatregelen in volle breedte pas mogelijk is per 2022. Wat de financiële effecten daarvan zullen zijn op de ramingen in 2022, naast de lange termijn effecten en de geboden compensatie, is lastig in te schatten.

Benodigde weerstandscapaciteit De benodigde weerstandscapaciteit bestaat uit het totaal van kansen dat risico’s zich voordoen vermenigvuldigd met het brutobedrag dat ermee gemoeid is. Deze zijn in onderstaande risicoanalyse weergegeven en toegelicht:

40 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Risico Verstrekte garanties Er zijn diverse gemeentegaranties aan instellingen verstrekt (peildatum 31 december 2019). Het grootste deel hiervan zijn garanties voor woningbouwverenigingen waar de gemeente samen met het Rijk voor 50% een achtervang-positie inneemt. Planschadeclaim De Wet ruimtelijke ordening biedt burgers de mogelijkheid om planschade te claimen bij de gemeente (artikel 6.1). Eind 2017 is een aanvraagformulier met een claim voor tegemoetkoming planschade ontvangen naar aanleiding van de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied. In de Wet ruimtelijke ordening wordt voor de beoordeling van de claim een onafhankelijk en deskundig adviseur aangewezen. Participatiewet uitkeringen (PW) De PW is een open-einde-regeling. Dat houdt in dat eventuele overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente is. Het risicobedrag is gebaseerd op het totaal aan uitkeringen aan de gemeente volgens de Participtiewet. Toename bijstandsuitkeringen door Corona. Door de Corona-uitbraak is de verwachting dat het aantal bijstandsuitkeringen met een factor 0,20 tot 1 (of meer) kan toenemen. Door de t-2 vergoedingssystematiek zouden we deze kosten 2 jaar voor moeten financieren. Vooraf aan Corona werden 103 bijstandsuitkeringen verstrekt

Ondernomen acties en risico inschatting 2022

Kans

Bruto

Netto (kans x bruto)

in %

in €

in €

Deze garanties zijn in eerste instantie gegarandeerd door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW).

In 2019 hebben zich geen problemen voorgedaan rondom de gemeente- garanties. Voor 2020 zijn de bedragen aangepast aan de nieuwe opgave WSW en blijft het risico-% gehandhaafd op 2%

2%

15.674.493

313.493

De beoordeling van deze claim is zeer complex, mede gezien de lange periode waarop deze zaak betrekking heeft. Om inzicht te krijgen wordt een conceptbeoordeling van de claim opgevraagd bij een onafhankelijk deskundig adviseur.

Er is bij een onafhankelijk deskundige adviseur een conceptbeoordeling aangevraagd en ontvangen. Hierin wordt het oordeel gegeven dat in deze casus de claim op planschade onterecht is. In 2019, 2020 en 2021 is er geen uitspraak over de claim gedaan. Het risico schuift door naar 2022. Gezien dit advies is het risico-% laag ingeschat, en handhaven we het risico-% van 5%.

5%

356.345

17.817

Beheersing vindt plaats binnen de GR Ferm Werk Periodiek ontvangt de gemeente kwartaalrapportages over realisatie van taken en middelen

Gezien de accurate begrotingsaanpassing door Ferm Werk in 2021 (t.o.v. 2020) is de verwachting dat het gekozen risico-percentage passend is.

5%

1.360.994

Daadwerkelijke trendcijfers wor- Trendrapporten zijn opgevraagd den periodiek gerapporteerd maar oplevering verloopt vertraagd door Ferm Werk. door hoge werkdruk. In het kader van Corona is de hoop gevestigd op extra steunvoorzieningen vanuit het Rijk.

pm

nntb

1. Toewijzing voor ondersteuning worden binnen de grenzen van de wet individueel bepaald en gemonitord, waardoor de kosten beheersbaar blijven. 2. De ramingen zijn bijgesteld n.a.v. tekorten in 2019 en 2020. Ontstane tekorten in 2022 worden op korte termijn opgevangen met behulp van een bestemmingsreserve

50%

1.689.261

Beheersmaatregelen

68.050

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) excl. decentralisatie De Wmo is een open-einde-regeling. Dat houdt in dat eventuele overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente zijn. Het gaat hierbij met name om huishoudelijke hulp, woonen vervoersvoorzieningen. Door invoering van het abonnementstarief en loon-/prijs ontwikkeling bij huishoudelijke hulp is de kans groot dat de totale kosten zullen gaan stijgen. Zonder compensatie via de Rijksbijdrage komen deze méérkosten voor rekening van de gemeente.

1. Toewijzing van ondersteuning wordt scherp gemonitord. 2. Voor het opvangen van het financiële risico is een bestemmingsreserve 'Sociaal Domein' gevormd. Wanneer bestemmingsreserve benut is zal deze post weer in de weerstands-reserveberekening moeten worden opgenomen.

84.463

Jeugdzorg

41 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

De jeugdzorg is een open-einde-regeling. Dat houdt in dat eventuele overschrijdingen op deze taak voor risico van de gemeente zijn. Het grootste risico betreft voornamelijk de complexe dure zorgtrajecten, waarbij incidentele zorgbehoeften tot forse extra uitgaven kunnen leiden. Bovendien is de zorgvraag ad hoc en is er nog beperkt historisch inzicht in de kostenontwikkeling. Zonder compensatie via de Rijksbijdrage komen eventuele méérkosten voor rekening van de gemeente.

1. Toewijzing voor ondersteuning worden binnen de grenzen van de wet individueel bepaald en gemonitord, waardoor de kosten beheersbaar blijven. 2. Gezien de verwachte tekorten in 2020 is de inschatting dat deze bestemde reserve na 2020 grotendeels verdampt zal zijn. Hierdoor dient dit risico vanaf 2021 weer opgenomen te worden in de berekening van het weerstandsvermogen.

Verstrekte leningen Uit hoofde van de publieke taak heeft Het beleid is erop gericht om de de gemeente leningen verstrekt aan de leningenportefeuille zo beperkt Stichting Zwembad, Stichting Kunstmogelijk te houden. gras Montfoort en een voetbalvereniging. Herijking Gemeentefonds Het gemeentefonds is een van de belangrijkste inkomsten voor de gemeente Montfoort. De bijgestelde planning is dat in 2023 de verdeling van het gemeentefonds volledig is herzien. Volgens de eerste resultaten was de herverdeling gunstig zijn voor Montfoort (circa 200.000,-). Volgens een recente (augustus 2021) bijstelling zou Montfoort er aanzienlijk op achteruitgaan. De VNG en de ROB moeten daarover nog hun advies uitbrengen. Montfoort heeft deze partijen benaderd. Het risico bestaat dat het eerdere voordeel neerwaarts wordt bijgesteld. Gemeenschappelijke regelingen De gemeente kan worden geconfronteerd met financiële tegenvallers van verbonden partijen. Door deelname verplicht de gemeente zich namelijk ook om bij te dragen in eventuele extra méérkosten. Op basis van de informatie uit de paragraaf verbonden partijen wordt per verbonden partij ingegaan op de stand van zaken (zie tabel hieronder). Doordat de gemeente steeds meer samenwerkt met andere gemeenten kunnen de risico’s niet meer zelfstandig beheerst worden.

Samenwerking is dus van groot belang, maar ook lastig wanneer er verschillen van inzicht tussen gemeenten rondom de waargenomen risico's zijn.

Gemeenschappelijke regelingen met een verschoven debiteurenbeheer namens de gemeente kunnen een post dubieuze debiteuren vormen. Conform recente jurisprudentie behoort het vormen van een voorziening ter dekking van dit risico niet bij de GR te worden gedaan, maar bij de opdrachtgever (de gemeente).

De totale kosten voor jeugdzorg zijn binnen budget gerealiseerd. Toewijzing van ondersteuning wordt scherp gemonitord. De mogelijke méérkosten voor Jeugdzorg worden voor 2022 geschat op 200.000 (op basis van de geschatte gemiddelde kosten van een complexe jeugdzorgvraag). Voor het opvangen van het financiële risico is een bestemmingsreserve 'Sociaal Domein' gevormd. Wanneer bestemmingsreserve benut is zal deze post weer in de weerstands-reserveberekening moeten worden opgenomen.

50%

1.947.047

97.352

Het risicobedrag is gebaseerd op de omvang van de leningen conform jaarrekening 2019. Gezien de stabiele trend en de beperkte omvang van de portefeuille blijft het percentage gehandhaafd

10%

178.000

17.800

30%

200.000

60.000

Per GR een ander %

4.584.382

Het blijven volgen van de ontwikkelingen omtrent de herijking en daar waar mogelijk invloed uit te oefenen en gesprekken aan te gaan.

Het contacteren van de fondsbeheerder, de VNG en de ROB om onze standpunten over te brengen. Op basis van de huidige inzichten is het aannemelijk dat het eerdere voordeel neerwaarts wordt bijgesteld.

We brengen de risico’s zo goed mogelijk in beeld door de verbonden partijen scherp te monitoren via het accounthouderschap. Het benodigde weerstandsvermogen is gebaseerd op de omvang van de totale bijdrage en niet per regeling bepaald. Toegezonden kadernota's van GR-en worden beoordeeld op de getoonde budgettaire ontwikkeling. Waar noodzakelijk wordt hierop gereageerd via zienswijze en/of afgestemd met de eigen vertegenwoordiger binnen het algemeen bestuur

Het door een GR gevraagde extra budget wordt beoordeeld op de parameters voor kostenontwikkeling conform de septembercirculaire. Toegezonden kadernota's van GR-en zijn beoordeeld op de getoonde budgettaire ontwikkeling. Waar noodzakelijk is hierop gereageerd via zienswijze en/of afgestemd met de eigen vertegenwoordiger binnen AB. De totale budgetmutatie tussen de primaire begroting en de werkelijk kosten bedroeg (6.129.546-/6.316.928=) 187.382 nadeel. Dit valt binnen het vastgestelde risicobudget.

Als opdrachtgever is het zicht op de uitvoering van debiteurenbeheer en het beoordelen van risico’s niet inzichtelijk. Een evt. voorziening dubieuze debiteuren kan de gemeente daarom niet onderbouwen met documenten richting accountant/ in het kader van rechtmatigheid

Het opnemen van een noodzakelijke voorziening wordt vervangen door het benoemen van dit punt in de risicoparagraaf en wordt het financiële risico opgevangen binnen het gevormde weerstandsvermogen ten behoeve van de gemeenschappelijke regeling (hierboven)

276.651

zie hierboven

42 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Actualiseren beheersplannen Door het preventieve toezicht bij de begroting 2021 is een van de aandachtspunten van de provincie Utrecht het actualiseren van onze beheersplannen (MJOP's). In 2021 is een start gemaakt met het in beeld brengen van de beheersplannen en de actualisatie ervan. Er kan nog geen volledige raming gemaakt voor alle beheersplannen worden van het risicobedrag. Voor het opvangen van het financiële risico waren al twee bestemmingsreserve 'Groot onderhoud wegen' en 'Groot onderhoud kunstwerken' en de voorziening 'Begraafplaatsen' gevormd.

p.m.

p.m.

0

Het blijven monitoren van de ontwikkelingen op duurzaamheid en CO2.

De situatie is dat er in het Klimaatakkoord van het Rijk afspraken gemaakt zijn, waaronder het reduceren van de CO2 in 2030. Er kan nog geen raming worden gemaakt van het risicobedrag.

p.m.

p.m.

0

Het in beeld gaan brengen van welke gebouwen en inventaris voor het laatst getaxeerd zijn.

In 2022 in beeld gaan brengen welke gebouwen en inventaris voor het laatst getaxeerd zijn.

p.m.

p.m.

0

Onderzoeken van de situatie, opstellen saneringsplan.

De situatie is in het najaar 2019 onderzocht en er is een saneringsplan opgesteld. Toestemming van OdrU om uitvoering van het saneringsplan uit te stellen en te integreren met ander onderhoud op het gemeentewerfterrein. Er kan nog geen raming gemaakt worden van het risicobedrag.

p.m.

p.m.

0

Het actualiseren van de beheersplannen (MJOP's) gaat gepaard met financiële gevolgen die van significante aard kunnen zijn. Om de financiële impact Het blijven monitoren van de beheersbaar te houden kan er gekozen voortgang van de onderhoudsworden voor het getemporiseerd inbudgetten voeren van de beheersplannen. Aan de andere kant zijn er ook reserves en een voorziening beschikbaar.

Duurzaamheidsambities De.gemeente Montfoort heeft nog geen duurzaamheidsambities en voorlopig hiervoor geen (extra) budget beschikbaar gesteld. Tot die tijd worden de duurzaamheidsmaatregelen uitgesteld. Het risico bestaat dat Montfoort straks aan de door het Rijk gestelde doelen (met name CO2) voor 20230 uit het Klimaatakkoord niet kan voldoen. Hertaxatie gebouwen en inventaris De gebouwen en inventaris van de gemeente Montfoort moeten op den duur opnieuw getaxeerd worden, om het risico op onderverzekering te vermijden. Verontreiniging grond gemeentewerf Op de werf, op de plek waar voorheen de zoutopslag was, is de bodem verontreinigd.

Totaal becijferde risico’s excl. Grondexploitaties Grondexploitaties Risico's op grondexploitaties worden grotendeels bepaald door marktontwikkelingen.

975.626

De risico’s op de grondexploitaties worden jaarlijks becijferd en verwerkt in het meerjarenprogramma grondbedrijfsfunctie (MPG).

Totaal becijferde risico’s incl. grondexploitaties

De verwachting is dat de GREX (Voorvliet) in 2021 wordt afgesloten. Hiervoor was al een verliesvoorziening opgenomen (218.000) . Gezien de grondprijs ontwikkeling wordt verwacht dat dit afdoende zal zijn.

n.v.t.

n.v.t.

0

975.626

Toelichten risicobedrag verbonden partijen Voor het bepalen van het risico, wat de gemeente loopt naar aanleiding van het deelnemen aan diverse verbonden partijen, wordt per gemeenschappelijke regeling een inschatting gemaakt van het risicobedrag en grootte van het risico in procenten. Hieronder treft u de berekening van dit bedrag aan, het totaal is opgenomen in de inventarisatie van risico’s in de tabel hierboven.

43 | P a g i n a Programmabegroting 2022 Montfoort

Bij de verbonden partijen ODRU en Ferm Werk zijn er ontwikkelingen gaande, die nog niet gekwantificeerd kunnen worden, maar wel noemenswaardig zijn. Bij de ODRU vinden er onderhandelingen plaats over het teruggaan van de niet-wettelijke taken naar de gemeente. En bij FermWerk wordt gekeken naar de dienstverlening en de keuzes die gemeenten of geoptimaliseerd kunnen worden. Verbonden partij

Totale bijdrage in 2022

Correctie i.v.m. afzonderlijke geldstromen

Bijdrage aan risico

602.842 248.000 574.551 816.000 69.514 948.640 3.540.330 6.799.877

0 0 0 0 0 0 2.215.495 2.215.495

602.842 248.000 574.551 816.000 69.514 948.640 1.324.835 4.584.382

Afvalverwijdering Utrecht (AVU) Belasting Samenwerking Rivierlanden (BSR) Gemeentelijke GezondheidsDienst regio Utrecht (GGDrU) Veiligheidsregio Utrecht (VRU) Regionaal Historisch Centrum Rijnstreek/Lopikerwaard (RHC) Omgevingsdienst Regio Utrecht (ODRU) Ferm Werk (FW) Totaal

Risico in %

Op te nemen risicobedrag

5% 5% 5% 5% 5% 10% 5%

30.142 12.400 28.728 40.800 3.476 94.864 66.242 276.651

Verhouding benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit Bij het bepalen van het benodigde weerstandsvermogen wordt aangenomen dat de algemene reserve een minimale omvang van € 1 miljoen moet hebben om risico’s op te kunnen vangen. Dit bedrag is exclusief het risico op grondexploitaties, omdat hiervoor een aparte reserve wordt aangehouden. In bovenstaande tabel is het benodigde bedrag nader onderbouwd en op basis van de beschreven risico’s bepaald op ruim € 0,9 miljoen excl. grondexploitaties. Daarnaast is gekeken naar het weerstandsvermogen als de risico’s en de reserve voor het grondbedrijf wél worden meegenomen. Conform ons financieel beleid moet de factor voor het weerstandsvermogen minimaal 1,5 zijn. Met 1,87 (exclusief grondexploitaties) wordt daaraan ruimschoots voldaan. Hierbij is uitgegaan van de stand van de algemene reserve en de benodigde weerstandscapaciteit per 1 januari 2022. Exclusief Inclusief grondexploitaties grondexploitaties Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit (a) 1.825.828 1.825.828 Berekend weerstandsrisico (zie totaal risico’s) (b) 975.626 975.626 Benodigde weerstandscapaciteit ( c) (= 1,5x b) 1.463.440 1.463.440 Vrije ruimte in de weerstandsvermogen --> (d) (= a-c) 362.388 362.388 aanwezige factor (a/d) 1,87 1,87

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Montfoort&id=8add0e02-d5d5-4939-938c-915caef03da1