CConstaterende datMolenlanden
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarrekening 2020 - definitieve versie na review 1 juli 2021

Raadsvergadering 13 juli 2021, gemeente MolenlandenBij agendapunt: Jaarstukken 2020 Molenlanden28.120 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Beleid en beschikbaarheid van de weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit ziet er als volgt uit: Weerstandscapaciteit Begroting 2021 *) Jaarstukken 2020 Actuele stand **) 39.316.000 Algemene reserve 41.509.000 61.137.912 Risicoreserve Grondexploitaties 2.001.000 2.528.474 Jaarrekeningresultaat/begrotingssaldo 847.000 3.724.241 Post onvoorzien 40.000 39.316.000 Totale Weerstandscapaciteit 44.397.000 67.390.627 *) De vergelijking wordt gedaan met de begroting 2021 omdat daarin de uitkomst van de voorlaatste risicoanalyse is vermeld. **) De stand van de algemene reserve is inmiddels lager naar aanleiding van de besluitvorming over de nota reserves en voorzieningen in de gemeenteraad van 26 januari 2021. Om een juist beeld ter schetsen van de weerstandsratio is uitgegaan van de meest actuele stand van de weerstandscapaciteit. Bij de algemene reserve is rekening gehouden met alle toekomstige, geplande onttrekkingen.

Het grote verschil in de stand van de algemene reserve wordt verklaard door de verkoop van de aandelen Eneco.

pag. 71

Jaarrekening 2020

Weerstandsratio De weerstandsratio is de beschikbare weerstandscapaciteit gedeeld door de benodigde weerstandscapaciteit voor het afdekken van de geïnventariseerde risico’s. Weerstandsvermogen 2020 UITSTEKEND 6,5 Een ratio van >1,0 is noodzakelijk om alle risico’s te kunnen opvangen. Een ratio onder de 1,0 is onwenselijk. Een ratio van >2,0 of hoger is uitstekend. Een ratio van 6,5 is uitzonderlijk goed. Beleid met betrekking tot de risico’s Van elk risico maken we een inschatting van de mate van waarschijnlijkheid dat het risico zich voordoet en wat de financiële consequenties hiervan zijn. Dit werken we uit in een kans- en een gevolgwaarde. Benadering van de risico’s en de vertaling in kans en het effect Om een risico’s in omvang te duiden kijken we eerst naar de totale omvang van het te lopen risico als deel van het totaalbedrag dat als last is opgenomen in de jaarrekening, het effect. Vervolgens maken we een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet. Daarbij hanteren we de volgende indeling: • Laag: Het gevolg van het risico wordt voor 25% meegenomen in het risicoprofiel. • Gemiddeld: Het gevolg van het risico wordt voor 50% meegenomen in het risicoprofiel. • Hoog: Het gevolg van het risico wordt voor 75% meegenomen in het risicoprofiel. • Zeer Hoog: Het is nagenoeg zeker dat het risico zich voordoet.

Voor het gevolg van het risico wordt een voorziening getroffen of is financieel verwerkt in de begroting. Van een risico zijn de geschatte (totale) kosten (kans x effect) gekwantificeerd en opgenomen in de tabel van risico’s. De financiële risico’s die zich voordoen In de onderstaande tabel vindt u de gekwantificeerde risico’s voor 2020. Het totaal aan risico’s bedraagt € 6.078.000. Dat is ongeveer 13% lager dan het totaal aan risico’s vermeld in de begroting 2021. Deze daling houdt vooral verband met de lager ingeschatte risico’s op grondexploitaties en grondgebonden projecten. Coronacrisis De coronacrisis heeft impact op de financiële positie van Molenlanden. In de onderstaande opsomming van de risico’s is hiermee rekening gehouden. In vergelijking met andere gemeenten die bijvoorbeeld in belangrijke mate afhankelijk zijn van toerisme en parkeerinkomsten valt het verwachte effect nog mee. Ook worden de incidentele coronakosten door het rijk vergoed. We weten niet wat de effecten op de langere termijn zijn en welke impact de verwachte economische en psychosociale crisis zullen hebben. De belangrijkste risico’s zijn: - het risico op een lagere algemene uitkering uit het gemeentefonds; pag. 72

Jaarrekening 2020

de kosten van het sociaal domein: verwacht wordt dat de crisis in gemeenteland het grootste effect heeft op het sociaal domein, zoals de uitvoering van de Participatiewet, WMO en Jeugdzorg. Het rijk heeft echter toegezegd om de meerkosten te gaan compenseren. In welke mate moet nog blijken. - Leges bouwvergunningen. De aanvragen voor 2020 laten een sterke toename zien die echter tijdelijk van aard is. De komende jaren kunnen als gevolg van de crisis de aanvragen afnemen met een dalend effect op de legesopbrengst. Daarnaast heeft de coronacrisis meer of mindere effect op tal van ander posten waarvan de effecten lastig in te schatten zijn. Zoals vervoersvoorzieningen bijvoorbeeld leerlingenvervoer, ouderenvervoer (Molenhopper). In dit kader verwijzen we naar het Noodfonds dat de gemeente heeft ingesteld voor ondersteuning van bedrijven en instellingen uit de Molenlandse samenleving ad. 3 mln. Dit bedrag achten we vooralsnog toereikend. -

Omschrijving Grondexploitaties Vastgoedexploitaties Garanties (fin. Lasten 1% over hoofdsom) Gemeentefonds BTW compensatiefonds overschrijding plafond Dividenden Stedin en BNG Bedrijfsvoering loonkosten en overhead Stijging rentelasten Leges bouwvergunningen Participatie Jeugdzorg WMO Leerlingenvervoer Exploitatie maatschappelijk vastgoed Claim Remu Totaal

pag. 73

Totale omvang van te lopen risico 7.582.000

Omvang Kans dat risico Geschat risico risicogedeelte zich voordoet (omvang x kans) 7.582.000

n.v.t.

2.185.000

n.v.t.

846.000

153.984.000 57.440.000

153.984 574.400

25% 50%

39.000 287.000

4.500.000 336.000

200.000 336.000

25% 75%

50.000 252.000

24.598.000 35.000.000 1.775.850 1.766.000 10.169.000 6.637.000 973.000

2.459.800 350.000 443.962 174.000 1.016.900 663.700 97.300

25% 50% 50% 50% 80% 50% 50%

615.000 175.000 222.000 87.000 814.000 332.000 49.000

2.000.000 3.000.000

200.000 300.000

25% 25%

50.000 75.000 6.078.000

Jaarrekening 2020

Toelichting risico’s Grondexploitaties Alle grondexploitaties zijn recent doorgerekend. De hoogte van het risico is bepaald op 10% van de nog uit te geven budgetten en op een inschatting van de specifiek risico’s per project. Dit betreft vooral risico’s als gevolg van vertragingen, niet realiseerbare grondopbrengsten en de uitvoering. Vastgoedexploitaties Het betreft de vastgoedexploitaties nieuwbouw werklocatie te Bleskensgraaf, Stadhuis Nieuwpoort, Westrand Nieuw-Lekkerland, MFC Noordeloos en MFC Schelluinen. De risico-inschatting is gebaseerd op een risico-inventarisatie per project. Garanties en waarborgen De gemeente staat garant voor een aantal leningen en deelnemingen. De kans dat zich hierbij risico’s zullen voordoen is erg klein. Het risico is bepaald op 0,1% van de hoofdsom, de kans daarop als klein, 25%. De mogelijke risico’s als gevolg van extra te verlenen garanties in verband met de coronacrisis worden afgedekt door het Noodfonds. Gemeentefonds Ontwikkelingen in het gemeentefonds zijn vooral afhankelijk van het accres in de rijksbegroting en de verdeelmaatstaven. De komende tijd wordt bekend wat de herverdeeleffecten zijn van de evaluatie van het gemeentefonds. Wij merken een totaal van 1% van de te verwachten inkomsten aan als risico.

De voorlopige effecten zijn onlangs bekend geworden en het lijkt erop dat deze in structurele zin gunstig zijn (incidenteel zou er toch nog wel sprake kunnen zijn van een nadeel). Het risico wordt als gevolg van de coronacrisis en de aankomende herziening van de verdeelmaatstaven ingeschat op 50%. BTW-compensatiefonds Gemeenten en provincies kunnen vanaf 2016 tot een vastgesteld maximum BTW declareren. Verschillen ten opzichte van het plafond worden aan gemeenten uitgekeerd. Praktijk is dat gemeenten steeds meer bij het BTW-compensatiefonds declareren en vervolgens via het gemeentefonds op de algemene uitkering worden gekort. Met een omvang van € 4.500.000 merken wij € 200.000 aan als risico. Dividend Stedin en BNG Jaarlijkse schommelingen van dividend kan een verschil van de raming betekenen in de begroting. Vaste zekerheden of basisbedragen zijn nooit genoemd. Er zijn signalen dat in verband met de coronacrisis Stedin en BNG geen dividend zullen uitkeren. Daarom merken wij 100% als onzekerheid aan met een kans van 75%. Bedrijfsvoering loonkosten en overhead Het gaat hier om specifieke risico’s zoals wachtgeld en pensioenen van politieke ambtsdragers, en ontslag (bijvoorbeeld van werk naar werktrajecten), WW en ZW-uitkeringen van medewerkers. Door een toenemende complexiteit en noodzakelijke kennis en vaardigheden neemt

pag. 74

Jaarrekening 2020

de afhankelijkheid en daardoor de kwetsbaarheid aanzienlijk toe (onjuist menselijk handelen, brand, hardware storingen/servercrash, virussen, hackers enzovoorts). Gaan er zaken fout in de bedrijfsvoering, dan komt het realiseren van onze doelstellingen in gevaar. Ook kan dit leiden tot financiële, juridische en politiek-bestuurlijke risico’s. Om deze risico’s zovele mogelijk te beperken, hebben we verschillende beheersmaatregelen getroffen op het terrein van informatiebeveiliging, back-up, uitwijkfaciliteiten en verzekeringen. Voor deze risico’s hebben wij een inschatting gemaakt van 10% van de totale personeels- en bestuurskosten met een kans van 25%. Stijging rentelasten In de begroting 2021-2024 hebben we rekening gehouden met de lage rentestand bij de raming van de rentelasten op nieuw aan te trekken leningen. Dit is verdedigbaar gezien het rentebeleid van de ECB en de marktomstandigheden. In verband met de lage rentestand en de effecten van de coronacrisis is de stijging van de rente een risico. We schatten de kans in op gemiddeld, (50%). Leges bouwvergunningen De raming van de bouwleges vormt een risico. We verwachten dat de coronacrisis voor de langere termijn effect heeft op de bouwaanvragen.

Het risico op een lagere opbrengst wordt daarom hoger ingeschat, het risicobedrag is bepaald op 25% met een kans van 50% Participatie Avres voert binnen de specifieke kaders van de rijksvergoeding in het sociaal deelfonds de participatiewet uit. Hoewel het budget bij de uitvoering van het beleid door Avres leidend is, kan toch een tekort ontstaan. Het rijk geeft aan dat de nadelige effecten van de coronacrisis door het rijk worden vergoed, de kans op een nadelig financieel risico is aangepast van laag naar gemiddeld. De zittende medewerkers met een SW-indicatie hebben loon- en baangarantie terwijl de rijksvergoeding daalt. Verbonden partijen Bij risico’s van een verbonden partij gaat het in hoofdzaak om financiële en bestuurlijke risico’s die ook verband houden met de structuur, organisatie en bedrijfsvoering van een verbonden partij. Het risico is per verbonden partij bepaald met inachtneming van het beleid dat de gemeenschappelijke regeling zelf voert op het gebied van weerstandsvermogen en risicomanagement. De gemeenschappelijke regeling behoort zelf risicomanagement vorm te geven en de eigen risico’s voldoende af te dekken. Als dat niet het geval is (ratio lager dan 1) dan wordt het niet afgedekte deel hier opgenomen. Dit is in beperkte mate (ca € 82.000) het geval bij de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid. De deelnemende gemeenten dragen dat risico naar rato.

Gelet op het geringe aandeel van Molenlanden is dit risico voor Molenlanden verwaarloosbaar. Jeugdzorg (Dienst gezondheid en jeugd) De Serviceorganisatie jeugd (SOJ) voert Jeugdzorg uit. Een nadelig exploitatieresultaat ten opzichte van de vastgestelde begroting brengt SOJ direct bij de deelnemende gemeenten op basis van een verdeelsleutel in rekening. SOJ beschikt niet over reserves. Anderzijds wordt een voordelig verschil uitgekeerd. Qua sturing is het voortdurend zoeken naar een balans tussen zorgvraag en beschikbaar budget. Bij de beleidsplanning en het contracteren van zorgaanbieders is het beschikbare budget uitgangspunt. De financiële onzekerheid houdt verband met twee verschillende aspecten. Ten eerste de bedragen die opgenomen zijn conform de controle van de provincie, maar de zorgvraag lijkt

pag. 75

Jaarrekening 2020

groter mede als gevolg van de coronaeffecten en is er een onzekerheid of de begroting niet hoger wordt vastgesteld, het maximale verschil is geschat op € 390.000. In juli worden de actuele begrotingscijfers verwacht. De andere onzekerheid komt voort uit het wel of niet halen van de bezuiniging binnen SOJ. Gezien het open eind karakter van de beschikkingen en de contracten die voor 2021 nog gelden bij de jeugdzorgaanbieders is dit een lastige opgave. De discussies daarover zijn nog gaande. Het risico voor Molenlanden bedraagt € 430.000. Deze twee bedragen, totaal € 820.000, worden gezien als risico op de jeugdzorg. Wmo Aan de hand van ervaringscijfers ramen we zo realistisch mogelijk. Dat neemt niet weg dat er risico’s bestaan. Vooral de merkbare toename van het aantal cliënten als gevolg van het door het rijk ingevoerde vaste abonnementstarief is een risico. Daarnaast vormen consequenties als gevolg van nieuwe aanbestedingen, verhoging van tarieven en het open-eindekarakter van de regelingen risico’s. Als gevolg van de coronacrisis schatten we in dat er een gemiddelde kans is op een afwijking van 10%. Deze relatief lage inschatting houdt ook verband met het voornemen van het rijk om de gevolgen in het sociaal domein geheel of gedeeltelijk te compenseren. Leerlingenvervoer Leerlingenvervoer is een open-eind regeling.

Het benodigde budget is vooral afhankelijk van de ontwikkeling van het aantal aanvragen. De kans is bepaald op ‘gemiddeld’. Exploitatie maatschappelijk vastgoed Bij een aantal vastgoedexploitanten is in de exploitatieovereenkomst vastgelegd dat, als hun bedrijfsvoering in negatieve zin wordt geraakt door veranderde regelgeving of calamiteiten die buiten hun invloedsfeer vallen, de gemeente daarvan de financiële gevolgen draagt. Mogelijke aanspraken als gevolg van de coronacrisis dekt het Noodfonds af. Het resterende risico schatten we in als beperkt. Claim REMU Bij de verkoop van de aandelen van Eneco bestaat er nog een risico in verband met een claim die ingediend is door Remu. In 2002 heeft Eneco de aandelen in Remu N.V. gekocht van N.V. Remu Houdstermaatschappij en Stichting Beheer Belangen GCN Remu. Deze pretenderen op grond van de koopovereenkomst van 18 december 2002 recht te hebben op een privatiseringsvergoeding. De REMU-claim is in eerste instantie door de rechtbank in Den Haag en in tweede instantie door het Gerechtshof afgewezen. Daarop is door REMU c.s. cassatie bij de Hoge Raad ingesteld. Dit loopt nog. Het maximale risico bedraag € 3.000.000. Op basis van een juridische analyse wordt de kans op een voor de aandeelhouders negatieve uitspraak klein geschat. Ontwikkelingen Een aantal ontwikkelingen laten zich nog niet financieel vertalen.

Deze bieden we op een later tijdstip aan de gemeenteraad aan, afhankelijk van nog uit te voeren onderzoeken. Als voorbeelden noemen we: • Kinderdijk: ontwikkeling entreezone inclusief waterentree, tweede fase parkeervoorzieningen Westrand

pag. 76

Jaarrekening 2020

•

•

Verkeer en Vervoer: uitkomsten onderzoeken oplossen verkeersknelpunten, verbeteren ketenmobiliteit, aanleg fietsstraat Oud Alblas, Goudriaan, Zuidelijke rondweg Groot Ammers, uitvoeren nog op te stellen gemeentelijk verkeers- en vervoersplan, overdracht wegen van het Waterschap aan de gemeente. Invoering Omgevingswet: naar verwachting treedt de Omgevingswet per 1 januari 2022 inwerking. Dat de Omgevingswet structureel veel invloed gaat hebben om de financiën van de gemeente is duidelijk, wat dit gaat inhouden echter nog niet. Gemeenten zijn momenteel druk met het uitwerken van deze structurele effecten, zo ook Molenlanden. Wij proberen om met een zo goed mogelijke inschatting het jaar 2022 in te gaan, maar het blijft een nieuwe wet met veel onzekerheden. Op 25 september 2020 is er een motie in de ALV-VNG ingediend voor een budgetneutrale overgang op de middellange termijn (<10 jaar). Deze motie wordt gesteund door ruime 40 gemeenten waaronder Molenlanden. Vooralsnog is de reactie dat de eigen organisatie de transitiekosten moet dragen.

Financiële kengetallen Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) hebben we een aantal financiële kengetallen opgenomen die inzicht geven in de financiële positie van de gemeente. In het onderstaande overzicht vindt u de uitkomsten:

Kengetallen: A. Netto Schuldquote B. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen C. Solvabiliteitsratio D. Structurele exploitatieruimte E. Grondexploitatie F. Belastingcapaciteit

Jaarrekening 2019 %

Begroting 2020 %

Jaarrekening 2020 %

37,7%

17,7%

12,1%

17,0%

-9,6%

-7,7%

48,6% 1,1% 9,7% 106,3%

38,2% 4,3% 9,7% 105,0%

64,1% 0,6% 5,9% 103,3%

Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een netto schuldquote tot 100% wordt algemeen beschouw als goed. Dit kengetal wordt voor de gemeente Molenlanden daarom als goed beoordeeld. Er is een correctie op dit getal als we de verstrekte leningen hierbij betrekken. De quote wordt dan zelfs negatief. Dat wil zeggen dat onze kortlopende vorderingen én verstrekte geldleningen bij elkaar groter zijn dan de schulden. De verkoopopbrengst van de aandelen van Eneco heeft voor een daling van deze percentages gezorgd.

pag. 77

Jaarrekening 2020

Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan we het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. De ratio is hoog doordat er sprake is van een groot eigen vermogen. Een gezond percentage ligt in ieder geval boven de 20%. De gemeente Molenlanden komt ruimschoots uit boven deze ondergrens. Ook dit kengetal is positief beïnvloedt door de verkoop van de aandelen van Eneco. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Dit kengetal laat zien dat er sprake is van een kleine ruimte in de structurele exploitatie van 2020. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Het gaat hier om de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde.

De definitie van belastingcapaciteit is hier: woonlasten van een meerpersoonshuishouden, opgebouwd uit OZB, afvalstoffen- en rioolheffing. Algemeen wordt een belastingcapaciteit tot 100% als goed beoordeeld. De gemeente Molenlanden scoort net boven de 100%, hetgeen betekent dat de belastinglasten voor de inwoners van Molenlanden iets hoger zijn dan het landelijk gemiddelde. Dat het percentage iets lager is dan bij de begroting komt omdat het landelijke gemiddelde iets gestegen is. Beoordeling onderlinge verhouding tussen kengetallen De gemeente Molenlanden heeft een stevige financiële reservepositie en een materieel sluitende meerjarenbegroting. Deze positie is verstevigd door de aandelenverkoop van Eneco. De solvabiliteitsratio is hoog. Onze financieringspositie is solide. Tegenvallers kunnen we voldoende opvangen door aanwending van de reserves, wat ook blijkt uit de hoge weerstandsratio. Ook worden de structurele uitgaven in voldoende mate gedekt door structurele inkomsten.

pag. 78

Jaarrekening 2020

Paragraaf: Onderhoud kapitaalgoederen Algemeen In deze paragraaf gaan we in op wat er in 2020 bereikt is met betrekking tot het beheer en onderhoud van de kapitaalgoederen van de gemeente op basis van het vigerende beleid en de daarbij beschikbaar gestelde financiële middelen. De belangrijkste onderdelen voor de instandhouding van de kapitaalgoederen zijn de hoofdgroepen wegen, riolering, water, verlichting, groen en gebouwen. Ook hebben we een aantal kleine kapitaalgoederen opgenomen die bijdragen aan het functioneren van de buitenruimte. De kosten voor de instandhouding van de kapitaalgoederen zijn gebaseerd op de beheerplannen. De kapitaalgoederen maken een substantieel deel uit van de begroting. Deze kosten hebben zowel een beleid- als een beheeraspect. De kapitaalgoederen bepalen in sterke mate de uitstraling, beleving, kwaliteit en ook de veiligheid van de openbare ruimte van de gemeente. De kwaliteit van de kapitaalgoederen en het onderhoud ervan is bepalend voor het voorzieningenniveau en de daarmee samenhangende lasten. Het belang van een goed beleid en beheer is dus groot. Gemeente Molenlanden Met de vorming van de gemeente Molenlanden zijn de kapitaalgoederen van de oorspronkelijke gemeenten samengevoegd. De huidige beheerplannen met bijbehorende uitgangspunten en investeringen vormen de basis voor de nieuwe gemeente.

Het onderhoud in 2020 is uitgevoerd conform de planningen zoals aangegeven in de bestaande beheerplannen. Niet al het geplande onderhoud is in 2020 afgerond. Vooralsnog leidt dit niet tot achterstallig onderhoud, omdat verschillende onderhoudstrajecten een doorlooptijd hebben van een aantal jaren, of gepland onderhoud een jaar later ook nog kan worden uitgevoerd. Op grond van de Financiële verordening biedt het college de raad tenminste eens in de vier jaar een beheerplan ter vaststelling aan. De raad stelt het plan vast. Het plan geeft het kader weer voor het beoogde onderhoudsniveau, de planning van het onderhoud en de kosten van het onderhoud voor de diverse kapitaalgoederen. We zijn gestart met de uitwerking van de harmonisatie van de verschillende beheerplannen. In 2020 is het Gemeentelijk Rioleringsplan 20202024 vastgesteld. Het Integraal Beheerplan Molenwaard en het Wegbeheerplan Giessenlanden lopen tot 2022. De overige beheerplannen van de voormalige gemeente Giessenlanden hebben variabele looptijden. In 2020 zijn we gestart met het opstellen van een nieuw Integraal beheerplan dat medio 2021 ter vaststelling aan B&W wordt voorgelegd.

pag. 79

Jaarrekening 2020

In het kader van klimaatontwikkeling zijn verschillende inspanningen nodig. Dit jaar is hieraan een vervolg gegeven. Zo zijn in verschillende herinrichtingsprojecten pilots opgestart met waterdoorlatende verharding, is het areaal groen uitgebreid en zijn een aantal natuurontwikkelingsgebieden in uitvoering gegaan met inrichtingselementen als bosplantsoen, natuurvriendelijke oevers en (padden)poelen. Omvang Kapitaalgoederen De totale oppervlakte van de gemeente Molenlanden is 19.159 ha. De kapitaalgoederen die de gemeente in beheer en onderhoud heeft liggen voornamelijk binnen de bebouwde kom van de 20 kernen. Een uitzondering hierop vormen de onderdelen openbare verlichting, riolering, straatnaamborden en onderdelen van straatmeubilair. De volgende gegevens geven een inzicht in de omvang van de kapitaalgoederen: •

In totaal is ca. 165 km verhardingen in beheer, met een totale oppervlakte van 1.431.000 m 2. Hiervan is ca. 325.000 m2 asfaltverharding, ca. 1.092.000 m2 elementenverharding en ca. 14.000 m2 overige verhardingen. • Binnen de gemeente staan in totaal ca. 6.050 verkeers- en straatnaamborden. Verder staan er ca. 419 schrikhekken, 348 afvalbakken, 27 abri’s, 374 banken en picknicksets, 3.600 palen en 1.200 overige objecten. • Het totaal aantal verlichtingsobjecten (lichtmasten en armaturen) bedraagt ca. 10.100 stuks. • In de gemeente bevinden zich in totaal 271 grote civieltechnische kunstwerken bestaande uit 190 bruggen, 24 duikerbruggen en 57 overige objecten. Verder zijn er ca. 4.820 meter kleine duikers. • De gemeente heeft ca. 6.600 meter hekwerken in beheer en onderhoud. • De te beheren rioleringsvoorzieningen bestaan uit in totaal 431 km riolering, onderverdeeld in 205 km vrijverval riool, 187 km druk- en vacuümriolering met 1.643 pompunits en 39 km persleidingen met 81hoofdgemalen. Daarnaast zijn er nog 16 bergbezinkvoorzieningen en ruim 14.000 kolken. • Het open water in de gemeente bestaat vooral uit kleine sloten, weteringen en plassen. De totale oppervlakte door de gemeente te onderhouden water is ca. 311.350 m2. • Langs de gemeentelijke watergangen staan ongeveer 28.400 meter oeverbeschermingen en liggen er ca. 12.400 meter natuurlijke oevers.

• De totale oppervlakte aan te onderhouden groenelementen binnen de gemeente bedraagt ongeveer 118 hectare en het aantal te onderhouden bomen is ongeveer 13.420 stuks. • Er zijn in totaal 25 begraafplaatsen met daarop ca. 28.900 m2 verhardingen. • In de gemeente zijn 132 speelplaatsen ingericht, met in totaal ca. 650 speel- en sporttoestellen. • In de openbare ruimte van de gemeente Molenlanden bevinden zich 22 openbare kunstobjecten. • Tot de gemeentelijke gebouwen horen het gemeentehuis/werklocatie, gemeentewerven en een zoutloods, 1 gebouw van de (voormalige) bibliotheek, 8 peuterspeelzalen, 22 gebouwen op de begraafplaatsen, 17 kerktorens, 10 gymzalen, 2 zwembaden, 4 dorpshuizen/buurtcentra, 3 jeugdhonken, 3 woningen en een aantal overige gebouwen. Wegen De wegenstructuur vormt de ontsluiting van onze 20 kernen, verspreid over het gebied. De gemeente is verantwoordelijk voor het wegbeheer binnen de bebouwde kom. Deze wegen dragen binnen de kernen bij aan een goede, veilige en toegankelijke leefomgeving. Wanneer we wegen of gebieden reconstrueren, benutten we de mogelijkheden om de leefomgeving te verbeteren. Dit doen we samen met de inwoners binnen

pag. 80

Jaarrekening 2020

herinrichtingsprojecten. De aanpassingen die we realiseren, verbeteren de beleving en de gebruikswaarde. Klimaat adaptieve maatregelen maken hiervan onderdeel uit. Het beheer van wegen richt zich op doelmatig onderhoud waarbij we integraal werken met een duidelijke prioritering. Daarbij is er een directe afstemming met de rioolplanning en andere producten binnen de openbare ruimte. Dit komt tot uitdrukking in de uitvoeringsplannen wegen en riolering die we jaarlijks opstellen. De uitvoeringsplannen stemmen we als het nodig is af op de resultaten van de jaarlijks uitgevoerde visuele inspecties. Ook in 2020 is de jaarlijkse visuele inspectie van het wegenareaal uitgevoerd. Het onderhouds- en vervangingsprogramma wegen is op de resultaten hiervan afgestemd. Op basis van het uitvoeringsplan wegen zijn in 2020 een aantal wegen aangepakt voor het daarbij behorende budget. De uitvoeringsduur is veelal 2 tot 3 jaar. Er wordt zoveel mogelijk integraal gewerkt, waarbij er een directe afstemming is met de andere producten binnen de openbare ruimte. Binnen het onderhoud streven we ernaar om onderhoudsachterstand zoveel mogelijk te beperken en kapitaalvernietiging te voorkomen. Door zetting en droogte in de afgelopen jaren is gebleken dat de wegen meer (ongelijkmatige) zetting vertonen.

Hierdoor is er meer onderhoud nodig en vinden er op sommige locaties eerder vervangingen plaats dan waar we in het beheerplan rekening mee hebben gehouden. Op dit moment werken we aan een nieuw integraal beheerplan. Hierin verwerken we de geactualiseerde cijfers. In 2020 zijn van de beschikbare budgetten onderhoudswerken aan asfalt- en elementenverhardingen uitgevoerd die voortvloeien uit klachten van inwoners en uit visuele weginspecties, die het vakteam Beheer Buitenruimte uitvoert. Herstelwerkzaamheden aan de verhardingen als gevolg van werkzaamheden door nutsbedrijven zijn gedekt door inkomsten van de straatwerkvergoedingen. De uitvoering van de gladheidsbestrijding heeft in 2020 weinig klachten opgeleverd. Door de weersomstandigheden is de frequentie van gladheidsbestrijding hoger geweest dan gemiddeld. In 2020 zijn de beeldkwaliteitsniveaus voor onkruidbestrijding op verharding geharmoniseerd en vastgesteld op A. Dit is het hoogste onderhoudsniveau conform de systematiek van beeldkwaliteit. Na het (verplicht) niet meer toepassen van chemische bestrijdingsmiddelen is er geen sprake meer van onkruidbestrijding maar van onkruidbeheersing. Met andere woorden: er zijn geen bestrijdingsmethoden voorhanden die voorkomen dat achterblijvende wortelresten en zaad zorgen voor een snelle nieuwe aanwas van onkruid.

Veeg-/borstelbeheer wordt zo goed mogelijk afgestemd op de onkruidbestrijdingsronden. Door het strakker afstemmen van

pag. 81

Jaarrekening 2020

het veegbeheer (wat voorkomt dat er voedingsbodem in de vorm van zand en bladresten voor onkruiden in met name goten ontstaat) op het frequenter dan voorheen bestrijden van onkruid wordt het beeld dat we gewend waren met de toepassing van chemische middelen benaderd. Elke alternatieve methode vergt meer inspanning en is daardoor fors duurder. Voor Molenlanden wordt een combinatie van heet water en handmatig afmaaien van het onkruid toegepast. Dit vergt in het groeiseizoen constante aandacht om het vastgestelde beeldkwaliteitsniveau (B) te behalen. In 2018 heeft het Waterschap Rivierenland te kennen gegeven het onderhoud van wegen niet langer als één van haar kerntaken te zien. Het Waterschap is gestart met het verkennen van de mogelijkheid om haar wegen over te dragen aan de betreffende gemeenten. Het is duidelijk geworden dat de overdracht van de wegen van het WSRL aan onze gemeente een grote financiële impact heeft. In 2021 wordt deze verkenning doorgezet. Objecten in de openbare ruimte Ook de objecten in de openbare ruimte zijn in 2020 planmatig onderhouden en vervangen. In de begroting zijn hiervoor de benodigde middelen opgenomen. Het gaat hierbij onder andere om verkeer- en straatmeubilair zoals verkeersborden, straatnaamborden, abri’s, banken en afvalbakken. Ook zijn er 22 openbare kunstobjecten in de openbare ruimte van de gemeente Molenlanden.

Een deel van het jaarbudget voor deze objecten is uitgegeven aan incidentele schades, diefstal en vandalisme. Dit gaat om ongeveer 20 % van het jaarbudget. We zien een zekere stabilisatie. Civieltechnische Kunstwerken. Goed beheer en onderhoud van onze civieltechnische kunstwerken (o.a. bruggen, keermuren, steigers) vormen een belangrijke schakel in het functioneren van de infrastructuur. Het is vanuit maatschappelijk draagvlak van belang dat de kunstwerken bij vervanging of wijziging niet alleen blijven voldoen aan hun infrastructurele functie, maar ook hun eigen karakter en identiteit behouden. Ieder jaar inventariseren en inspecteren we het areaal civieltechnische kunstwerken. Op basis van deze input plegen we planmatig onderhoud en voeren vervangingen uit van de civieltechnische kunstwerken. Vervolgens monitoren we deze rapportages en kunnen we snel anticiperen op risicovolle situaties. Denk hierbij aan betonnen bruggen die al op leeftijd zijn en eerder zijn uitgesteld vanwege bezuinigingen. Prioritair is dit wanneer ze een belangrijke verkeersfunctie hebben en/of gebruikt wordt als aanvoerroute voor een nieuwbouwproject.

pag. 82

Jaarrekening 2020

Het afgelopen jaar zijn alle civiele kunstwerken geïnspecteerd. Verder hebben we verschillende bruggen vervangen. Zo is onder meer de brug aan de d’Ablaing van Giessenburgstraat duurzaam vervangen. Verder zijn we gestart met de voorbereiding van een aantal bruggen aan de Beneden Tiendweg in Streefkerk. Het beheer en onderhoud aan de kunstwerken hebben we afgelopen jaar geharmoniseerd. Op basis van de beheerplannen is het areaal en de kwaliteit in relatie tot de kosten in beeld gebracht. De kosten voor onderhoud en vervanging zijn opgenomen in de begroting. Bij het vervangen van de kunstwerken vormen onderhoudsarme duurzame materialen en constructies een belangrijk uitgangspunt binnen het nieuwe ontwerp. Openbare verlichting Het beheer en onderhoud van de openbare Verlichting is gericht op het doelmatig in stand houden van het huidige areaal voor de verkeersveiligheid en sociale veiligheid. Hierbij maken we gebruik van efficiënte en energiezuinige verlichtingsmiddelen. Het aansturen van het dagelijks onderhoud aan de openbare verlichting is ondergebracht bij de gemeenschappelijk regeling Bureau OVL. Ook is het Bureau OVL een belangrijke schakel voor het taakveld openbare verlichting bij reconstructie projecten. Hierin verzorgen zij onder andere het lichtontwerp, de aansluitingen op het stroomnet en directievoering.

Naast het reguliere onderhoud geven we conform het SER-energieakkoord extra aandacht aan het vervangen van oude verlichting door duurzame energiezuinige LED-verlichting. Om landelijk goed inzicht te krijgen in de energiebesparing doen wij mee met de OVL-monitor. In verband met duurzame en toekomstbestendige ecologische buitenruimte bekijken we welke mogelijkheden de openbare verlichting hiervoor biedt en welke bijdrage wij hieraan kunnen leveren. Het afgelopen jaar hebben we het beheer en onderhoud van de openbare verlichtingsinstallatie verder geharmoniseerd. Het beheerpakket Moon is in gebruik genomen en de voorbereidingen voor de aanbesteding van het onderhoud in 2021 zijn afgerond. Er zijn veel lichtmasten vervangen en verled, zoals in Arkel West, in Hoornaar en Noordeloos. En ook via reconstructiewerkzaamheden zoals Mr Streeflandstraat in Nieuw-Lekkerland en Liesdel in Nieuwpoort. Spelen Het beheer en onderhoud van de openbare speelvoorzieningen is gericht op het doelmatig in stand houden van het huidige areaal en het waarborgen van de veiligheid van de spelende kinderen en toeziende volwassenen conform het Attractiebesluit.

pag. 83

Jaarrekening 2020

Het areaal speeltoestellen wordt jaarlijks een aantal keer geïnspecteerd en geschouwd. De gegevens die hieruit voortvloeien implementeren we in het beheerpakket. Op basis van deze input voeren we planmatig onderhoud en vervanging uit aan de speeltoestellen. Deze werkzaamheden pakken we zo veel mogelijk integraal op bij herinrichtingsprojecten aan de openbare ruimte. Een uitdagende en jaarrond speelomgeving is een belangrijk uitgangspunt bij het ontwerp van de speelplaatsen. Hierbij is participatie met gebruikers en omwonenden tijdens ontwerp en advisering met daarbij het leveren van maatwerk per locatie een bepalende en belangrijke factor voor uitvoering. In 2020 hebben we verschillende speelplekken heringericht onder andere het skatepark aan de Beemdweg in Oud-Alblas en Jan Snouckstraat in Schelluinen. Ook zijn we gestart met de voorbereiding voor de herinrichting van het trapveld Brandwijk en andere speelplekken. Groen Het onderhoud aan openbaar groen is vastgesteld op beeldkwaliteitsniveau B, waarbij we gebieden met een hoogwaardige of afwijkende inrichting op A onderhouden. Met de harmonisatie van het boombeleid is in 2020 gestart, waarbij het afschaffen van het kapvergunningsstelsel eind 2020 al een vastgesteld onderdeel is. Om de instandhouding van een gezond en duurzaam bomenbestand te borgen, geven we het boombeleid in 2021 verder vorm.

Hierin omschrijven we onder andere uitgangspunten hoe we omgaan met maatregelen om en nabij bomen, maar ook wat we doen in verschillende overlastsituaties die bomen soms veroorzaken. In het kader van klimaatadaptatie (wateroverlast, hittestress) speelt de soort en de hoeveelheid groen een belangrijke rol. In (her)inrichtingsplannen houden we hier rekening mee door waar mogelijk meer ruimte voor groen en water te ‘reserveren’. Bij de voorbereiding is het hierbij wel zoeken naar voldoende ruimte gezien het spanningsveld met de ruimteclaims van andere functies in de buitenruimte (bijvoorbeeld parkeren). Om de biodiversiteit te verhogen, hebben we vanaf 2020 in verschillende kernen beheer- en inrichtingsmaatregelen genomen. Denk hierbij aan het toepassen van extensivering van maaibeheer, meer bloeiende vaste plantenborders en het inzaaien van locaties met bloemenmengsels. Genoemde maatregelen zorgen naast het vergroten van de biodiversiteit voor verhoging van de belevingswaarde van de buitenruimte. In 2020 hebben we deze maatregelen verder uitgebreid en waar mogelijk breiden we dit de komende jaren nog verder uit.

pag. 84

Jaarrekening 2020

Begraafplaatsen In Molenlanden zijn verspreid over de kernen, 25 begraafplaatsen. Het totaal aantal begravingen is gemiddeld 265 per jaar. In 2020 zijn er 260 begravingen geweest. Alle begraafplaatsen onderhouden we op beeldkwaliteitsniveau A. In 2020 heeft kaderstelling op de beleidsonderwerpen van begraven plaatsgevonden. Deze kaderstelling is vastgelegd in het ‘Beleidsdocument begraafplaatsen Molenlanden'. Ook zijn in dit proces de Beheersverordening begraafplaatsen en de Verordening begraafrechten (inclusief Tarieventabel) geharmoniseerd en vastgesteld. Als vertaling van de kaderstelling naar uitvoeringsmaatregelen stellen we in de 1e helft van 2021 het Beheerplan begraafplaatsen op. Riolering Op grond van de in het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) geformuleerde uitgangspunten en kwaliteitsniveaus onderhouden we het rioolstelsel van de gemeente. Door het uitvoeren van het GRP continueert de gemeente haar rioleringsbeheer, kunnen we de komende jaren voldoen aan de wettelijke taken en kunnen we het beheer uitvoeren op een financieel efficiënte wijze. Bij de rioolrenovatiewerkzaamheden is samenhang met herbestrating werkzaamheden. De uitvoering van uitbreidingsplannen vindt plaats conform de eisen van de gemeente. Het Gemeentelijk Rioleringsplan voor de Gemeente Molenlanden 2020-2024 is op 30 juni 2020 door de gemeenteraad vastgesteld.

Hierin is het bestaande beleid van beide gemeentes afgestemd tot één. Verder heeft de Ruimtelijke adaptatie voortvloeiend uit het Deltaprogramma een plaats gekregen. De kosten van het riool zijn, conform het in het GRP 2020-2024 vastgestelde beleid, via een kostendekkend tarief doorberekend. In het jaar 2020 was op basis van een overgangsregeling nog sprake van 90% kostendekking. Door de drogere zomers van de afgelopen jaren is in de kernen merkbaar dat er meer zetting van de ondergrond plaatsvindt. Dit heeft gevolgen voor de riolering. Meer huisaansluitingen gaan kapot en de hoofdriolering komt ongelijkmatiger te liggen wat meer onderhoud vraagt en mogelijk kan gaan leiden tot snellere vervanging dan vanuit het Gemeentelijk Rioleringsplan is gepland. Water Watergangen zijn van groot belang voor de aan- en afvoer van hemelwater. Door het baggeren van watergangen kan voldoende afvoercapaciteit worden gewaarborgd. Het baggeren is vastgelegd in een viertal baggerplannen (Giessenlanden, Graafstroom, Liesveld en Nieuw-Lekkerland). In deze plannen is de kwaliteit en kwantiteit van de aanwezige bagger inzichtelijk gemaakt. Aan de hand van deze

pag. 85

Jaarrekening 2020

baggerplannen worden de watergangen cyclisch gebaggerd en zijn de financiële consequenties in de begroting verwerkt. Op dit moment werken we aan het opstellen van een nieuw baggerplan. De cijfers worden in het nieuwe integrale beheerplan in 2021 opgenomen. De beschoeiingen en oeverbeschermingen zijn binnen de beheerplannen opgenomen. Conform de waterplannen voeren we maatregelen uit waarbij we rekening houden met de klimaatontwikkelingen. We besteden aandacht aan het behouden en vergroten van open water en het robuuster maken van watergangen en duikers. De beschoeiing en oeverbescherming betrekken we hierbij. Vaak combineren we deze maatregelen met de reconstructies van wegen en riolering. Gebouwen Van alle gebouwen zijn onderhoudsplannen aanwezig en digitaal beschikbaar. De financiële consequenties voor de gebouwen hebben we hierdoor goed en actueel in beeld. In 2018 en 2019 hebben we de staat van onderhoud van de gebouwen geïnventariseerd en de onderhoudsplannen op basis hiervan geactualiseerd. Inspectie van de onderhoudsbehoefte gebeurt iedere 3 jaar. Van de objecten zijn meerjarenplanningen opgesteld en zijn de financiële consequenties vertaald in jaarlijks onderhoud en groot onderhoud met daarbij behorend een jaarlijkse gemiddelde storting (10-jarig gemiddelde) in de onderhoudsreserve, de zogenaamde dotatie.

Per jaar wordt er een onderhoudsjaarplan vastgesteld waarbij we de benodigde gelden voor het in dit jaar geplande groot onderhoud uit de onderhoudsreserve onttrekken. Het jaarlijks onderhoud nemen we elk jaar op in de (exploitatie) begroting. In relatie tot andere prioriteiten (corona/huisvesting politie Bleskensgraaf) hebben we in 2020 gepland groot onderhoud beperkt uitgevoerd. Een deel van het geplande groot onderhoud is doorgeschoven naar 2021als de onderhoudstoestand dit toeliet en dit vanuit de prioritering van werkzaamheden noodzakelijk was. Voor de panden die onzekerheid kennen over het gebruik en de bestemming voeren we gepland onderhoud minimaal uit. Denk hierbij aan invulling van de voormalige bibliotheek in Giessenburg waarover we in de loop van 2021 meer duidelijkheid verwachten, de gemeentewerven in voormalig Molenwaard en de opstallen op de begraafplaatsen. Ook voor de inmiddels voormalige werklocatie in Bleskensgraaf (Kerkstraat 8) voeren we tot aan de geplande verkoop slechts het hoogstnoodzakelijk onderhoud uit. Het pand aan de Burgemeester Viezeestraat 3 in Bleskensgraaf is tijdelijk als servicepunt ingericht en kan nadat de definitieve locatie is ingevuld, worden verkocht.

pag. 86

Jaarrekening 2020

Voor de beide zwembaden die in eigendom van de gemeente Molenlanden zijn, geldt dat er met behulp van stichtingen (vrijwilligers) tegen zo laag mogelijke onderhoudskosten geëxploiteerd wordt. Dit gebeurt vanuit een taakstellend budget voor onderhoud. Reservering voor groot onderhoud gebeurt vanaf 2019 ook voor de zwembaden. Voor de kerktorens hebben we in 2019 nieuwe meerjarige onderhoudsplannen opgesteld. Op basis van deze plannen is de benodigde storting voor groot onderhoud voor de torens en het benodigde jaarlijks onderhoud vastgesteld. De MJOP’s dienen ook voor input van de subsidieaanvraag die voor monumentale panden voor onderhoud gedaan kan worden. De subsidies zijn aangevraagd en in 2019 verleend voor de periode 2020-2025. Dit gaat om een bijdrage in het benodigde onderhoud van het rijk voor de instandhouding. Aan- en verkoop In 2020 is opnieuw een viertal woningen aangekocht op basis van de uitkoopregeling voor woningen onder hoogspanningsverbindingen. Deze woningen worden tijdelijk verhuurd op basis van de leegstandswet. De uitkoopregeling is een vrijwillige regeling die huiseigenaren de mogelijkheid biedt om hun woning tegen marktwaarde te verkopen aan de gemeente. De gemeente ontvangt hier een subsidie voor vanuit het rijk. De voorwaarde die hier aan verbonden is dat de woonbestemming binnen vijf jaar na uitkoop verdwijnt.

In Molenlanden komen in totaal 43 woningen in aanmerking voor uitkoop. Rekening houdende met een drietal inmiddels in 2021 aangekochte woningen zijn er tot en met medio mei 2021 26 woningen aangekocht. We zijn een participatietraject gestart met de buurt waar besproken wordt wat de nieuwe bestemming kan zijn van de aangekochte panden. Sloop behoort ook tot de mogelijkheden. In 2020 zijn daarnaast drie panden teruggekocht van de Stichting Onderwijshuisvesting Giessenlanden (SOHG). Deze panden huisvesten de scholen en kinderopvang in de drie kernen van Arkel, Hoornaar en Giessenburg. Deze panden zijn jarenlang in eigendom van deze stichting beheerd en onderhouden en vanwege voorgenomen beëindiging van de stichting teruggekocht door gemeente Molenlanden. Na vaststelling van het vastgoedbeleid, richten we in 2021de definitieve eigendoms- en beheer constructie voor deze panden in. Verduurzaming en beleid Vanuit de duurzaamheidsambitie ligt er de opgave om de duurzaamheid van het gemeentelijk vastgoed te inventariseren en op basis hiervan een plan op te stellen hoe te verduurzamen en wanneer. Sporthal de Reiger is als pilot vanaf januari 2019 van het gas af en energieneutraal gemaakt en de inzichten hiervan nemen we mee in het verduurzamingsplan. Voor een deel van de panden in gemeentelijk eigendom hebben we in 2019 ook een grove duurzaamheidsscreening gedaan.

Het overige deel is in 2020 gescreend. In 2020 hebben we het vastgoed- en accommodatiebeleid voor de gemeente Molenlanden voorbereid, dat begin 2021 is vastgesteld. Parallel hieraan, en waar nodig met elkaar verweven, hebben we in 2020 een integraal huisvestingplan opgesteld. Dit plan is begin 2021 vastgesteld.

pag. 87

Jaarrekening 2020

In onderstaand overzicht vindt u de exploitatielasten en reservering voor groot onderhoud in 2020 van de diverse kapitaalgoederen. Kapitaalgoederen

Onderhoud 2020 Raming

Wegen

Realisatie

Reservering 2020 Raming

Realisatie

1.262.447

1.184.808

2.505.000

2.505.000

Civiele kunstwerken

145.200

146.229

0

0

Straatmeubilair

70.000

59.540

0

0

Openbare verlichting

482.720

443.837

40.000

40.000

Verkeersvoorzieningen

387.193

316.400

0

0

Openbaar Groen

1.091.908

1.053.189

0

0

Openbare speelplaatsen

108.400

122.892

0

0

Watergangen

243.700

195.769

170.500

170.500

Rioleringen

1.463.809

1.594.766

0

0

Begraafplaatsen

199.138

207.321

0

0

Gebouwenbeheer:

1.309.935

749.041

512.879

512.879

Totaal

6.764.450

6.073.794

3.228.379

3.228.379

* Exclusief personeelskosten en kapitaallasten

pag. 88

Jaarrekening 2020

Paragraaf: Financiering In deze paragraaf komt het gemeentelijke financieringsbeleid aan de orde mede op basis van de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO). De focus van het financieringsbeleid is gericht op het beperken van financieringsrisico’s en het beheersen van de gemeentelijke schuldpositie.

Financieringsbeleid De gemeente streeft ernaar benodigde leningen tegen een zo’n laag mogelijk tarief aan te trekken en tegelijkertijd de renterisico’s zoveel mogelijk te beheersen. Daartoe houden we bij het afsluiten van leningen rekening met de liquiditeitsbehoefte en de rente risiconorm. In 2020 is de rente gedurende het hele jaar laag geweest, zowel de rente voor korte- als lange geldleningen. Vanwege de voorgenomen verkoop van de aandelen Eneco was het beleid erop gericht om de uitstaande schulden zoveel mogelijk kort te financieren. De opbrengst van de verkoop zorgde ervoor dat de gehele schuldenlast die kort gefinancierd was, direct kon worden afgelost. Als onderdeel van het bezuingingsplan fase 1hebben we daarnaast gekeken naar de herfinanciering van langlopende leningen met een hoge rentelast. Door de lage rentestand ontstond een aanzienlijk voordeel. De herfinanciering vond halverwege het jaar plaats en de voordelen zijn in onze meerjarenbegroting verwerkt.

Rentekosten en -opbrengsten In 2020 hebben we twee nieuwe langlopende geldlening afgesloten en vrijwel de gehele leningenportefeuille herzien. Door het aangaan van 2 nieuwe leningen met een historisch lage rente van gemiddeld € 0,48% kunnen we onszelf voor een lange periode verzekeren van lage financieringslasten die vooral een zeer gunstig effect op de exploitatie hebben. Onderstaande tabel geeft inzicht in de ontwikkeling van de financieringspositie in het afgelopen jaar. Mutaties vaste schuld in 2020 Molenlanden Bedrag Gemiddelde Invloed op Bedragen x € 1.000 rente rente 35.985 2,76% Stand per 01/01/2020 Nieuwe geldleningen 34.936 0,48% 2,28% Reguliere aflossingen 1.160 3,20% 0,03% Vervroegde aflossingen 34.682 2,76% 2,28% Rente-aanpassing 0% Omzetting vast naar vlottend 0% Omzetting vlottend naar vast 0% 35.079 0,48% Stand per 31/12/2020

pag. 89

Jaarrekening 2020

De volgende tabel laat het behaalde renteresultaat in 2020 zien: Renteresultaat 2020 Molenlanden Alle bedragen x € 1.000 Realisatie Rente kortlopende leningen 147 Rente langlopende leningen 562 Rente rekening-courant 16 Totaal rentelasten 725 Ontvangen rente Renteresultaat 2020

1.071 346

De rentebaten waren in 2020 € 346.000 hoger dan de rentelasten. Dit resultaat is verwerkt op het taakveld Treasury.

Kasgeldlimiet Ter beperking van de renterisico legt de WET FIDO een norm op voor de korte schuld, het zogenaamde kasgeldlimiet. De kasgeldlimiet is het bedrag dat de korte schuld (korter dan 1 jaar) mag bedragen. Deze limiet wordt berekend naar een vast percentage van het begrotingstotaal per januari van het dienstjaar. De kasgeldlimiet voor de gemeente Molenlanden bedroeg in het jaar 2020 8,5% van het totaal van de exploitatie van € 146.937.000. Kasgeldlimiet over 2020 Alle bedragen x € 1.000

A – Begrotingstotaal B – Vastgesteld percentage C – Kasgeldlimiet (A x B / 100)

pag. 90

Molenlanden Realisatie 146.937 8,50% 12.490

Jaarrekening 2020

In onderstaande tabel ziet u per kwartaal of de toegestane kasgeldlimiet wordt overschreden: Bedragen x € 1.000 Molenlanden 1e kw. 2e kw. 3e kw. 4e kw. Vlottende schuld: Opgenomen geld < 1 jaar 35.000 Schuld in rekening-courant 706 Gestorte gelden derden < 1 jaar Ov. Geldleningen (geen vaste schulden) Totaal vlottende schuld 35.706 -

35 35

Vlottende middelen: U itgeleende gelden < 1 jaar Contante gelden in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar Totaal vlottende middelen

45.068 45.068

587 17.799 18.386

516 17.025 17.541

18.441 18.441

Toets kasgeldlimiet: Totaal netto vlottende schuld Toegstane kasgeldlimiet Ruimte (+) of overschrijding (-)

-9.362 12.490 21.852

-18.386 12.490 30.876

-17.541 12.490 30.031

-18.406 12.490 30.896

Uit de tabel blijkt dat de kasgeldlimiet in 2020 niet is overschreden. Op voorhand hebben we de provincie wel toestemming gevraagd om de kasgeldlimiet in 2020 te overschrijden tot aan de inkomsten vanuit de verkoop aandelen Eneco die in het eerste deel van het jaar werd verwezenlijkt.

Renterisiconorm De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan één jaar en tegelijkertijd dat de aflossing voor een gemeente niet meer mag zijn dan 20% van het begrotingstotaal. Hierdoor worden de financiële gevolgen van een rentestijging beperkt. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van de renterisiconorm in 2020 weergegeven:

pag. 91

Jaarrekening 2020

Renterisiconorm en renterisico's in 2020 Alle bedragen x € 1.000

Renterisico R enteherziening op vaste schulden o/g Jaarlijkse verplichte aflossingen Renterisico

Budget

Molenlanden Realisatie 1.910 1.910

34.936 34.936

Renterisiconorm Begrotingstotaal Wettelijk vastgesteld percentage Renterisiconorm

148.894 20% 29.779

146.937 20% 29.387

Toets renterisiconorm: R enterisiconorm R enterisico Ruimte (+) of overschrijding (-)

29.779 1.910 27.869

29.387 34.936 -5.549

Vanwege de volledige herfinanciering is de norm met iets meer dan € 5.500.000 overschreden. Hierbij merken we op dat deze herfinanciering juist is uitgevoerd om de renterisico’s zoveel mogelijk te beperken en optimaal te kunnen profiteren van de lage rentestand.

pag. 92

Jaarrekening 2020

Paragraaf: Bedrijfsvoering jaarrekening Algemeen In 2020 hebben we verder uitvoering gegeven aan de professionalisering van de bedrijfsvoering. Zo leggen we de laatste hand aan het document van de visie op bedrijfsvoering om ons te helpen om de beleidsdoelstellingen en maatschappelijke opgaven te realiseren. We professionaliseren van binnen maar zijn gericht op buiten. Dat geldt zeker voor de Molenlandse manier van werken die we in een visie op bedrijfsvoering meer compleet maken. Bovendien brengt het meer samenhang tussen de andere bouwstenen van die Molenlandse manier, namelijk onze visie en plannen voor dienstverlening, stads- en dorpsgericht werken en de (zelf)organisatie. Het jaar 2020 was ook een bijzonder jaar vanwege coronabeperkende maatregelen. Toch konden bijna alle primaire processen doorgaan en is flexibel ingespeeld op deze situatie zowel wat betreft de interne processen als de dienstverlening. Op een aantal onderwerpen volgt hier een verantwoording over 2020.

Doorontwikkeling bedrijfsvoering en harmonisatie Net als in 2019 is ook in 2020 een incidenteel budget ter beschikking gesteld voor de doorontwikkeling van de bedrijfsvoering. We hebben hiermee verder invulling gegeven aan een groot aantal verbeteringen. Hierbij noemen we de realisatie van de I&ICT strategie, de inrichting van ICT Governance, het beschrijven van werkprocessen (administratieve organisatie), het verder inrichten van de (verbijzonderde) Interne controle, het implementeren van wetswijzigingen op het gebied van de WOZ, het uitvoeren van een medewerkersbelevingsonderzoek en een werkvermogensmonitor, het uitvoeren van een benchmark voor formatie en inhuur en het digitaal ontsluiten van management en sturingsinformatie. Ook het verder investeren in ICT-applicaties en informatiebeveiliging hebben in 2020 volop aandacht gehad. Voor wat betreft de omvangrijke harmonisatie van beleid is de opgave zo goed als geheel afgerond volgens planning. Voor 4 zaken (Verkeersen vervoersplan, Evenementenbeleid, integraal Veiligheidsplan en Nota Verbonden Partijen) is eerder besloten (o.a. als gevolg van de cornonacrisis) dat besluitvorming hierover na 2020 zal plaatsvinden. Naast deze vier zaken is het Preventie- en handhavingsplan alcohol nog niet geharmoniseerd maar dit element zal in een bredere beleidsvorming in 2021 worden opgepakt.

pag. 93

Jaarrekening 2020

Tegelijkertijd moet ook worden vastgesteld dat een aantal voorgenomen activiteiten door verschillende omstandigheden zoals gebrek aan capaciteit, werkdruk, maar ook als gevolg van de impact van corona vertraging hebben opgelopen. Een beknopte financiële toelichting is opgenomen aan het einde van deze paragraaf.

Zelforganiserende vakteams Werken in Molenlanden gebeurt primair in teams (vakteams, projectteams, innovatieteams). Dit heeft een duidelijke meerwaarde. Teams zijn in zijn algemeenheid namelijk beter en sneller in staat zich aan te passen aan veranderende omstandigheden, innovatiever en creatiever, nemen betere besluiten dan individuen en kunnen beter met complexiteit omgaan dan individuen. Vakteams hebben in 2020 opnieuw stappen gezet wat betreft zelforganisatie. Vakteams doen dit in hun eigen tempo, afgestemd op hun mogelijkheden. Zij worden ondersteund door hulpstructuur van spelverdelers, teamcoaches en de Leertuin die hen ondersteunen in het beter organiseren van hun werk. In 2019 moest deze structuur op gang komen, ondertussen is iedereen meer gewend aan de nieuwe manier van werken. Het vraagt wel veel van medewerkers: meer professionaliteit, mondigheid en zelfstandigheid. Dit zijn wel kwaliteiten die kunnen bijdragen aan een grotere bestuurskracht: de reden voor de gemeentelijke fusie. In 2020 is ook het projectmatig werken van start gegaan. Naast de zogenoemde vakteams ontstaan steeds meer projectteams met deelnemers uit verschillende vakteams.

Kerncijfers 2020 De formatie omvat 238 fte • Inhuur o 1 januari 2020 : 28 medewerkers o 31 december 2020 : 49 medewerkers De inhuur is toegenomen door verschillende omstandigheden zoals hoogconjunctuur waardoor vooral de vakteams Omgeving en Bouw en Woning Toezicht veel meer werk hebben dan gedacht. Daarnaast hebben we te maken met een aantal langdurige ziektegevallen en personeelsverloop wat zorgt voor extra tijdelijke inhuur. •

In dienst, uit dienst o In 2020 hebben 20 medewerkers de organisatie verlaten. o Er zijn 29 medewerkers in dienst gekomen.

•

Leeftijdsopbouw o Bij de gemeente Molenlanden zijn op 31 december 2020 266 medewerkers in dienst, waarvan 138 mannen en 128 vrouwen. o De gemiddelde leeftijd van een medewerker van de gemeente Molenlanden is 48,9 jaar.

pag. 94

Jaarrekening 2020

Ziekteverzuim • Het gemiddelde ziekteverzuimpercentage over 2020 is 5,2%. Dit is een stijging van 1,1% ten opzichte van 2019. Deze stijging komt door een toename van ziekmeldingen in verband met corona en doordat medewerkers langer ziek zijn. • De gemiddelde verzuimduur over 2020 was 18 dagen. Verbeteracties In de begroting 2020 is aangegeven dat we op een aantal punten verbeteringen in de organisatie moeten doorvoeren. In 2020 is professionalisering in gang gezet op verschillende terreinen: - Projectmatig werken en projectbeheersing. In 2020 hebben we een nieuwe werkwijze ontwikkeld voor hoe we in Molenlanden projecten aanpakken en uitvoeren. Hiermee willen we grip hebben en houden op de resultaten van projecten en de daarvoor benodigde middelen. - Budgetbeheer en control. Voor de onderbouwing van de rechtmatigheidsverklaring door de gemeente zelf is het van belang dat de prestatielevering op een doelmatige wijze wordt vastgesteld en vastgelegd. Hier is in de huidige budgetregeling nog onvoldoende rekening mee gehouden. In 2020 is daarom is nodig dat in de inrichting en de financiële verantwoording binnen de gemeente aanpassingen worden gedaan. Het gaat dan om het interne controle-framework, het proces rond bestellen en afwikkelen van goederen en diensten en het vaststellen en vastleggen of de prestatie is geleverd.

Dit alles komt samen in een nieuwe budgetbeheerregeling die inmiddels is besproken binnen de directie. De voorbereidingen voor verdere implementatie in 2021 lopen pag. 95

Jaarrekening 2020

-

-

Inkoop en aanbesteding. In 2020 is het inkoop en aanbestedingsbeleid vastgesteld. Daarnaast wordt door de organisatie nu gebruik gemaakt van de inkooptool bij elke inkoop/aanbesteding vanaf € 5.000. Opdrachtgever- en opdrachtnemerschap. Dit heeft verder vorm en inhoud gekregen binnen het projectmatig werken. Aanpak langdurig ziekteverzuim. Vanaf 2020 wordt ingezet op voorkomen is beter dan genezen. Door een effectieve en snelle inzet van interventies verwachten we (langdurig) verzuim gedeeltelijk te voorkomen. Het communiceren in duidelijke taal. In 2020 heeft de organisatie kennis gemaakt met ‘klare taal’ workshops om helder en duidelijk te communiceren. Met de Molenlandse schrijfstijl, klare taal coaches en de Molenlandse schrijfwijzer wordt dit verder uitgerold en vormgegeven.

Huisvesting Voor de huisvesting van medewerkers van de binnendienst en collegeleden is besloten tot een combinatie waarin dorpshuis De Spil verbouwd wordt en in de directe nabijheid nieuwbouw wordt gerealiseerd. We zijn blij dat deze keuze is gemaakt en we hier met u als raad in goed overleg zijn uitgekomen. De Spil wordt geschikt gemaakt als centrale vergaderlocatie voor de raad, het sociaal team Groot-Ammers en er komt een servicepunt. Daarnaast komen er kantinefaciliteiten voor de medewerkers van de binnen- en buitendienst. In de nieuwbouw krijgen de medewerkers van zowel de binnen- als buitendienst een plek. Het schetsontwerp is verder geoptimaliseerd en inclusief kostenraming aan de raad voorgelegd. Besluitvorming hierover heeft plaatsgehad in 2020. Tot het moment dat beide gebouwen gereed zijn voor ingebruikname, wordt het huidige gemeentehuis in Hoornaar geschikt gemaakt als centrale werklocatie voor de binnendienst. Dat betekent dat de collega’s uit Groot-Ammers, op het servicepunt en Sociaal team na, verhuizen naar Hoornaar. In 2020 hebben we een aantal verbouwingen in het pand van Hoornaar uitgevoerd.

Informatievoorziening en ICT Informatiebeveiliging Op het gebied van informatiebeveiliging is de dataclassificatiematrix opgesteld. Komend jaar passen we de matrix toe op de verschillende gegevensverzamelingen en informatiestromen. Verder zijn de informatiebeveiligingsaudits met goed gevolg uitgevoerd. Wel moeten we op onderdelen de organisatorisch borging daarvan beter inrichten. Dit vindt plaats in het project implementatie van het Molenlandse

pag. 96

Jaarrekening 2020

governancemodel. Tot slot heeft de uitvoering van het informatiebeveiligingsjaarplan zich in 2020 beperkt tot de punten welke door de accountant gesignaleerd zijn. Voortgang van afhandeling is doorgesproken, verdere afhandeling vindt plaats in 2021. De totale afhandeling hangt samen met een aantal punten waarvoor de projecten en afname van diensten nog gestart dienen te worden. Investeringen ICT Een deel van de geplande investeringen is nog niet uitgevoerd, omdat vooraf meer onderzoek noodzakelijk was. Enerzijds gaat het om het onderzoeken van nut, noodzaak, wenselijkheid. Anderzijds wordt onderzocht of er voldoende financiële middelen zijn voor de eventuele structurele exploitatielasten. Met name de dekking van de stijging van structurele exploitatiekosten, zoals bijvoorbeeld jaarlijkse licentiekosten als gevolg van de toename qua inhuur van medewerkers, vormen in tijden van een bezuinigingsopgave een belemmering om de geplande investeringen uit te voeren. In de software waarmee het zaakgericht werken wordt ondersteund, heeft wel een doorontwikkeling plaatsgevonden. Er is een samenwerkingsportaal ontwikkeld waarop medewerkers van vakteam Bouw en Woningtoezicht voor het beoordelen van aanvragen op een veilige en AVG-verantwoorde wijze kunnen samenwerken met bijvoorbeeld constructeurs. Dit samenwerkingsportaal kunnen we in een latere fase ook inzetten voor andere vakteams.

Privacy Ook in 2020 heeft de organisatie invulling gegeven aan het doel van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG): het op zorgvuldige wijze omgaan met de privacygegevens van inwoners en medewerkers. De Functionaris Gegevensbescherming (FG) heeft hiervan verslag gedaan in zijn jaarverslag over 2020. De belangrijkste verrichte inspanningen zijn: - het vergroten van het bewustzijn in de organisatie voor de privacyaspecten bijvoorbeeld via de teams en het aanbod van e-learningmodules; hiervan hebben inmiddels circa 130 medewerkers gebruik gemaakt; - het uitvoeren van enkele risicoanalyses op privacygevoelige processen en monitoring van de opvolging van de uitkomsten; - het vaststellen van het privacybeleid voor Molenlanden door het college van burgemeester en wethouders; - het benoemen van proceseigenaren voor de gegevensverwerkingen en de toerusting daarvan; - het slagvaardig reageren op datalekken. In 2020 hebben zich 22 datalekken voorgedaan waarvan 1 extern en 21 intern. Het nemen van beheersmaatregelen heeft de nodige aandacht gekregen. De mate waarin Molenlanden voldoet aan de AVG is door de FG getoetst aan de kwaliteitscriteria voor gemeentelijke processen van de Informatie Beveiligingsdienst (IBD). Uit deze beoordeling blijkt dat ook in 2020 aan de strekking van de AVG is voldaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Molenlanden&id=13f5990e-4f8c-492b-ba67-c58a82d41e10