Bijlage 4.1 RES 1.0 Alblasserwaard
Tekst van het document
van wind en zonne-energie. In verschillende
in 2021 een richtinggevende uitspraak zal
projecten die onderdeel uitmaken van het
doen over haar visie ten aanzien van wind
De zoekgebieden voldoen aan een aantal
pilotprogramma wordt het (markt)partijen
op land en dit project in het bijzonder.
belangrijke voorwaarden:
via een openbare inschrijving toegestaan
•
Langs infrastructuur
om op rijksgronden hernieuwbare energie
Met buur-RES-regio’s zijn bestuurlijke en
•
Langs vaarwegen
op te wekken. Ieder project heeft zijn eigen
ambtelijke afspraken gemaakt wat betreft
•
Op industriegebied
specifieke kenmerken, waardoor brede erva-
het over en weer betrekken van bewoners
•
Met draagvlak bij bedrijven
ring wordt opgedaan.
bij participatie-activiteiten langs de A15.
•
Niet in bewoond gebied Daarbij is er in onze regio een bijzondere extra
Er wordt gewerkt aan:
Met steun van EZK en Rijkswaterstaat binnen
kans voor windturbines die ook waterstof
• Vervolgonderzoek naar onder andere
het landelijk pilotproject ‘hernieuwbare
produceren, zodat het toekomstig waterstof-
geluidshinder, slagschaduw, natuur-
Energie op Rijksgrond’ is dit gebied kansrijk.
tankstation Avelingen (scheepvaart, mobili-
waarden, veiligheid, cultuurhistorie en
Rijkswaterstaat, Rijksvastgoedbedrijf en de
teit, industrie) daar direct van kan profiteren.
leefbaarheid.
Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
En: de zoekgebieden bevinden zich buiten
werken sinds eind 2018 in opdracht van
het Groene Hart. Daarmee voldoen ze aan
inzake het aanmerken van Avelingen
het Ministerie van Economische Zaken en
een cruciale voorwaarde: buiten het Groene
voor bestemming windenergie.
Klimaat samen in het pilotprogramma
Hart en mét behoud van het open landschap.
•
•
De projectorganisaties verder vormgeven.
•
Afstemming met de bedrijven op de be-
‘Hernieuwbare Energie op Rijksgrond’. In dit programma onderzoekt en leert het Rijk
Afstemming met Provincie Zuid-Holland
drijventerreinen.
hoe rijksgrond zo optimaal mogelijk en •
met maatschappelijk draagvlak kan worden
Participatie-activiteiten conform Plan van Aanpak participatie.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 34
Toekomst
waarin werd geïnformeerd over de ambities
beeld worden onderzocht of er verschil-
Voor wie?
Met het oog op de lange termijn – de huidige
voor in RES, een toelichting werd gegeven
lende behoeften zijn in de verschillende
Inwoners, bedrijven en maatschappelijke
opgave voor onze energietransitie is gericht
op de zoekgebieden voor windopwek en
dorpen om Avelingen heen of tussen
organisaties rond Avelingen en A15-Oost.
op 2030 en 2050 – kiezen wij ervoor om de
het vervolgproces werd gepresenteerd.
verschillende groepen mensen. We over-
Hierbij hebben we een actieve samenwerking
overige zoekgebieden die in de concept-RES
Tijdens dit afwisselende programma van
wegen om in de (nabije) toekomst ook een
met de buurgemeenten en RES-buurregio’s
van juni 2020 zijn gesignaleerd als aandachts-
ongeveer een uur was er ook de mogelijk-
burgerpanel op te richten. Hierin kunnen
met een directe connectie met Avelingen en
gebieden in onze plannen op te nemen.
heid om via de chat vragen te stellen die
we de mensen die in de enquête aangeven
A15-Oost.
De eerste focus om het bod te behalen ligt,
door wethouders van Gorinchem en Molen-
intensief betrokken te willen blijven mo-
zoals aangegeven, op Avelingen en A15-Oost.
landen en door de opgavemanager duur-
gelijk een plaats aanbieden.
De voortdurende en noodzakelijke afstem-
zaamheid van de gemeente Gorinchem
ming met de Provincie Zuid-Holland en de
werden beantwoord. Met ruim 160 deel-
RES-regio’s om ons heen (specifiek RES-regio
nemers en een levendig online gesprek
Groote Haar
Drechtsteden en RES West-Brabant (Altena)
kijken we met tevredenheid terug op het
Energiecoöperatie de Knotwilg ontwikkelt
en RES West-Betuwe) is van groot belang
eerste windwebinar.
samen met Eneco bij Gorinchem windpark
om in vervolgstappen (richting de RES 2.0
Groote Haar. Een belangrijke bijdrage aan 2. Als vervolg hierop komt er een aantal
in 2023 en verder) een betere afweging
ons bod. Energie die hier wordt opgewekt
online bijeenkomsten, waarbij deelnemers
is bestemd voor bedrijven op het bedrijven-
in kleine groepjes met elkaar in gesprek
terrein en voor particulieren. Leden van de
Participatie
gaan over de zoekgebieden, mogelijke
coöperatie kunnen investeren en ontvangen
We vinden het belangrijk om inwoners vroeg
concrete projecten en de mogelijkheden en
daarover rente. Ook gaat er jaarlijks een
te betrekken bij de ambities en plannen. Voor
belemmeringen die ze zien. Hierdoor horen
bedrag naar het omgevingsfonds voor de
beide zoekgebieden zijn we met inwoners in
we wat de zorgen zijn en wat mensen
gemeenschap.
gesprek over de kansen en belemmeringen.
belangrijk vinden. Ook bespreken we hoe
Dat doen we op drie manieren. Zo betrekken
zij in het vervolg betrokken willen blijven.
over deze gebieden te kunnen maken.
we aan de ene kant zo veel mogelijk mensen 3. Tot slot zetten we een enquête uit. Hierin
en aan de andere kant werken we aan een
gaan we ook in op deze zaken en op de
gelijk speelveld.
manier waarop mensen in het vervolg 1. We organiseerden een informatief webinar
Inleiding
Energiestrategie
betrokken willen worden. Zo zal er bijvoor-
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 35
Zon Zonne-energie speelt een hoofdrol in onze plannen en dat is uiteraard niet voor niets. De techniek is er al, de ontwikkeling van zonnepanelen gaat snel en op veel plekken in onze regio wordt de techniek al toegepast. Het is een techniek die voor iedereen bereikbaar is: zowel voor grote en kleine bedrijven als voor particulieren.
P 36
De ‘zonneladder’ brengt hiërarchie in het beoordelen van locatie voor grootschalige zonne-opwek. We maken de keuze om éérst vol in te zetten op zonne-energie via daken van bedrijven en grote boerenschuren.
Ambitie
al sprake is van bebouwing zal het introdu-
Deze opwek op dak kan worden aangevuld
De afgelopen jaren heeft de opwek van
ceren van zonnepanelen op deze plekken
met beperkte opwek op niet-agrarische
elektriciteit met zonnepanelen een vlucht
doorgaans minder invloed hebben op de
restgronden en op dorpszonneweiden van
genomen. Daarbij creëert het plaatsen van
kenmerken of identiteit van een gebied.
zo’n maximaal 2 ha op dorpszonneweides.
zonnepanelen directe werkgelegenheid in onze regio in de installatiebranche bijvoor-
Bebouwd gebied
beeld. Bovendien zijn zonnepanelen flexibel
Om dezelfde reden hebben onbenutte
en goed inpasbaar in de bebouwde omgeving.
terrei-nen na daken en gevels in bebouwd gebied de voorkeur.
Echter kent de opwek van zonne-energie ook beperkingen: deze energie is vanzelf-
Landelijk gebied
sprekend niet 24 uur per dag beschikbaar
Om aan de gestelde energiedoelen te vol-
en er zijn grote verschillen in de seizoenen.
doen, kan blijken dat ook locaties in het
Daarbij is de netcapaciteit niet geschikt om
landelijk gebied nodig zijn. Ook in dat geval
‘alles vol te leggen’. Er zullen (te) grote in-
gaat de voorkeur uit naar het zoeken van
vesteringen nodig zijn in zo’n scenario, waar-
slimme functiecombinaties. Hoewel natuur-
door een combinatie met andere opwekmo-
en landbouwgebieden daarbij niet volledig
gelijkheden sowieso noodzakelijk is.
worden uitgesloten, ligt de voorkeur bij gronden met een andere primaire functie dan
Voor het opwekvermogen met zonne-energie
landbouw of natuur zoals waterzuiverings-
gaan we uit van 588 TJ (0,162 TWh). Dit bod
installaties, vuilnisbelten, binnen-wateren of
willen we realiseren door (conform de uit-
bermen/geluidswallen van spoor- en auto-
gangspunten van de zonne-ladder) volgor-
wegen zoals de Betuwelijn en de A15 en A27.
delijk in te zetten op de volgende zaken: Verwacht wordt dat er 67 ha oppervlakte op
Inleiding
Energiestrategie
Daken en gevels
bedrijfsdaken geschikt is voor zonnepanelen.
Er is een voorkeur voor zonnepanelen op
Plus 1.000 m2 zonnepanelen op boerenschuren
daken en gevels van gebouwen. Omdat hier
bij zo’n 250 boerenbedrijven (25 ha in totaal).
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 37
Analyse Zon-op-dak De potentie van zon op bedrijfsdaken en boerenschuren (67 ha en 25 ha volgens de concept-RES) hebben we geanalyseerd. Op basis van kadastergegevens en satellietbeelden is een top-100 vastgesteld van panden met een bedrijfsmatige en/of agrarische bestemming die een dakoppervlakte hebben van > 250 m2 en nog geen zonnepanelen. Deze top-100 alleen is al goed voor 68 ha aan potentieel dakoppervlak. Er is ook nog potentie bij kleinere daken en bij nog nieuw te bouwen bedrijfspanden; die hebben we in deze stap nog niet meegenomen. Ook maatschappelijk vastgoed biedt kansen voor het opwekken van zonne-energie. Een interessant initiatief op dit vlak waar wij ons graag bij aansluiten is de ‘schooldakrevolutie’. De gemeenten Molenlanden en Gorinchem hebben samen ruim 40 schoolgebouwen en slechts 4 van deze scholen heeft de maximale capaciteit zonnepanelen op het dak. Uiteraard zijn er nog meer mogelijkheden in het maatschappelijk vastgoed en deze mogelijkheden zullen allemaal onderzocht worden.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 38
Zonthermie
van zonthermie, de hoge kosten en ruimte-
en ruiten, dakpannen en uitrolbare folie.
Een relatief onbekende alternatieve methode
lijk beslag, moeten uiteraard goed worden
• Koppelkansen: bijvoorbeeld combinatie
voor zonne-opwek is zonthermie. Zonthermie
meegewogen.
met asbestsanering.
Postcoderoos Energiecoöperatie Molenlanden start het
is een vorm van energie opwekking waarbij
eerste postcoderoos project; er worden
de warmte uit zonlicht wordt opgevangen
Actie
Belemmeringen
650 zonnepanelen gelegd op het dak van
door zonnecollectoren; daar stroomt water
Voor het succesvol realiseren van de ambi-
• Constructie: dak kan het gewicht niet
een bedrijfspand. Deelname is mogelijk voor
doorheen dat opgewarmd wordt; dat kan
ties voor opwek van zonne-energie wordt er
gebruikt worden voor opwarmen van tap-
een uitvoeringsagenda opgesteld. Hierin
water, cv-water, proceswater of warmtenetten.
zijn de te nemen acties van de Alblasser-
Vaak in combinatie met opslag, want op
waardse spelers uiteen gezet. De belangrijk-
•
moment van verwarmen (zomer) heb je het
ste kansen en belemmeringen voor dit pro-
• SDE+ en SDE++ bieden niet altijd voldoen-
meeste niet nodig. Meestal is een aanvullende
gramma zijn als volgt.
dragen.
bewoners rondom de installatie. Door te
• Gebouweigenaren zijn niet geïnteresseerd
investeren is het mogelijk om opbrengsten
(huurder versus eigenaar).
van de panelen en korting op de eigen
Complexe overeenkomsten/verzekeringen.
energiebelasting te ontvangen. Dit is de
de stimulering voor zon-op-dak.
eerste van meerdere voorgenomen concrete projecten.
• Gebrek aan tijd om het te realiseren.
warmtebron nodig, alleen zon is niet voldoende. Zonthermie is een interessante duur-
Kansen
zame warmtebron en in combinatie met op-
• Zon biedt de mogelijkheid om zelf de
slag een alternatief voor aardgasverwarming. Voor regio Alblasserwaard is zonthermie de
• Netcapaciteit is niet voldoende beschik-
leverancier te zijn van de eigen elektrici-
baar op plaatsen waar wél kansrijke
Participatie
daken zijn.
Zonatelier
teitsbehoefte met alle financiële en duur-
Op 27 oktober 2020 zijn we in gesprek ge-
zaamheidsvoordelen van dien.
gaan met eigenaren van grote daken over
moeite waard om verder te verkennen, als
• Tevens is er de mogelijkheid om lokaal
kansen, belemmeringen en versnellers voor
onderdeel van de Transitie Visie Warmte op
leverancier voor anderen te zijn (zelf
het realiseren van zon-op-dak. Ook de pro-
gemeentelijk niveau. In de provincie
leveren, via energie-coöperatie en/of dak
vincie was hierbij aanwezig om stimulerings-
Zuid-Holland wordt er in de toekomst reke-
beschikbaar stellen).
maatregelen toe te lichten. Een veelheid aan
ning gehouden met de beperkingen voor
• In nieuwbouwontwikkelingen (woningen
gebieden die niet aangesloten kunnen wor-
en bedrijfspanden) is het benutten van
de benoemde kansen en belemmeringen.
den op de warmte-hoofdstructuur. Denk
dak relatief eenvoudig te realiseren.
Denk aan verzekeringen, dakconstructies,
hierbij aan de minder dicht bevolkte gebie-
• Zet in op win-win: in samenwerking met
de netaansluiting en ook het leveren van de
den, waar het te kostbaar zal zijn om trans-
bedrijfsleven en opleiders in de regio!
opbrengst aan omwonenden middels een
portleidingen neer te leggen. De nadelen
• Innovaties: integratie van zon in gevels
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
onderwerpen kwam voorbij, die aansloten op
coöperatie.
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 39
Op meerdere manieren wordt er gewerkt aan het samen realiseren van de ambities. Onder meer door: •
het organiseren van expert-bijeenkomsten en zon-atelier. Zo blijven we ingesprek met dak-eigenaren en initiatiefnemers.
•
ook in het uitvoeringsprogramma zullen deze bijeenkomsten een plaats krijgen.
in 2020 en 2021 hebben er reeds enkele ateliers plaatsgevonden, met onder meer een focus op eigenaarschapskwesties, financiële participatie, verzekeringskwesties en de samenwerking met de netbeheerder. Deze bijeenkomsten zijn goed bezocht en krijgen uiteraard een gevolg. Voor de aankondiging én uitvoering wordt nauw samengewerkt met onder meer ondernemersverenigingen en publieke en private partijen.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 40
Opgewekt!
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Wijnand Treure Agrariër Wijnand is een melkveehouder. Twee jaar geleden besloot hij de stap te zetten naar duurzame energie-opwekking. Hij besloot toen om iets atypisch te doen. Naast zonnepanelen plaatste hij namelijk ook twee windmolens! Dat maakt hem één van de eersten in de omgeving om deze stap te zetten. Waarom windmolens? “Dat levert lange termijn voordelen op en zorgt ook nog eens voor een gelijkmatigere stroomopbrengst dan zonnepanelen”. Inmiddels heeft Wijnand ook 930 zonnepanelen, waarvan er 70 voor eigen
‘Wij hebben de stoute schoenen
gebruik zijn. Met de andere panelen levert hij maar liefst 250.000 kilowattuur
aangetrokken en twee kleine
aan elektriciteit: “We zijn nu leverancier geworden van energie”.
windmolens neergezet!’.
Hij werkt hierbij samen met een energiecoöperatie. Wat betreft de twee windmolens, deze leveren 60.000 kilowattuur op. Dit is voor eigen gebruik. Wat overblijft op een goede dag gaat naar het net. Soms levert dit een gunstige energierekening op: “Laatst kreeg ik juist geld terug!” Overigens is Wijnand de omgeving niet vergeten: “Die scoort een acht. Denk dus goed na over hoe je de klimaatopgave gaat invullen”. Toch is er volgens hem veel mogelijk: “Ik had de ambitie om energieneutraal te worden en ik dacht in mogelijkheden”. Met zo’n insteek komen we er zeker wel in de Alblasserwaard!
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 41
Warmte In de RES wordt invulling gegeven aan de Regionale Structuur Warmte. En hoewel in de RES, er geen keuzes worden gemaakt voor warmte opwek is het in kaart brengen van de warmte structuur een belangrijk onderdeel van dit plan: zo kunnen we over gemeente- en regiogrenzen heen op zoek naar de beste oplossingen voor de toekomstige warmtevraag.
P 42
Kennisdelen en samen optrekken: zo werken we aan een regionale invulling voor de warmtevraag.
Regionale Structuur Warmte Alblasserwaard
gekoppeld het mogelijke besparingspotentieel
Iedere RES-regio gaat in de RSW na of op
momenteel al label A heeft, zal in de toekomst
lokaal niveau, in de verschillende Transitievi-
nog een besparing kunnen realiseren van
sies Warmte (TVW’s), gebruikgemaakt gaat
ongeveer 5%. Een label D woning zou met
worden van bronnen die bovengemeentelijke
maatregelen kunnen opschuiven naar label
of bovenregionale potentie hebben.
B of zelfs A en daarmee een besparing van
Zowel gemeente Molenlanden als gemeente
41% kunnen realiseren.
per label. Als voorbeeld: een woning die
Gorinchem werken nog aan de TVW: deze moet eind 2021 gereed zijn en richt zich met
Het besparingspotentieel voor zowel Molen-
name op de gebouwde omgeving. In de RES
landen als Gorinchem komt in deze modelle-
worden nog geen keuzes gemaakt voor
ring uit op 22%. Aan het label is ook gekop-
warmte. Om in deze fase toch een inschatting
peld welke temperatuur verwarming nodig
te kunnen maken van de (toekomstige)
is: laag, midden of hoge temperatuur ver-
warmtevraag en potentiële bronnen in de
warming (LT, MT, HT).
regio is een analyse gemaakt. De toekomstige warmtevraag voor woningen
Analyse warmtevraag
(in 2050) komt daarmee uit op 446 TJ voor
Warmtevraag
Gorinchem en 640 TJ voor Molenlanden. Voor
De totale huidige warmtevraag van de regio
utiliteit is een aanname gedaan van 30% re-
is vastgesteld op 3416 TJ (Klimaatmonitor).
ductie waarmee de toekomstige warmte-
Voor Gorinchem is dat 2178 TJ waarvan 560 TJ
vraag uitkomt op 1133 TJ voor Gorinchem en
voor woningen. Voor Molenlanden is dat
338 TJ voor Molenlanden.
1238 TJ waarvan 794 TJ voor woningen. Voor de gebouwde omgeving is in kaart gebracht wat de huidige en (voorspelde) toekomstige energielabels zijn, met daaraan
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 43
Om een eerste inschatting te kunnen maken
aan temperatuur gekoppeld aan de locatie
is dat er in Gorinchem duidelijk sprake is
van Molenlanden, daar is juist sprake van
van welk type warmtesysteem (bijvoorbeeld
en zichtbaar gemaakt in warmteprofielen:
van gebieden met een concentratie van
een grote spreiding van bebouwing en
een warmtenet, all-eletric, individuele oplos-
zie bovenstaande afbeeldingen.
warmtevraag. Naast de bewoonde omge-
daarmee ook van de warmtevraag.
singen) van toepassing zou kunnen zijn in de regio, zijn de labelling en daarmee de eisen
Inleiding
Energiestrategie
ving betreft dat ook de bedrijventerreinen. De belangrijkste bevinding van deze analyse
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Dit in tegenstelling tot het landelijke gebied
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 44
Warmtebronnen
van warmte uit oppervlaktewater. De gemeen-
eventuele toepassing van riothermie (warmte
Voor de regio zijn ook de potentiële warmte-
te Gorinchem is recent partner geworden van
uit afvalwater). Er is een locatie vergund voor
bronnen in kaart gebracht. De regio Alblasser-
de Green Deal aquathermie. Er bevinden zich
het doen van onderzoek naar geothermie.
In totaal is er een theoretische potentie van
waard is een waterrijke regio en er lijken dan
ook meerdere rioolwaterzuiveringen in de
Er zijn meerdere bedrijven in de regio die
meer dan 15.000 TJ aan warmtebronnen in
ook veel mogelijkheden voor het toepassen
regio: in Gorinchem en Schelluinen voor de
potentieel leverancier van restwarmte zouden
de regio. Daarmee lijkt ruimschoots te kun-
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
kunnen zijn.
Uitvoeringsprogramma
P 45
nen worden voldaan aan de toekomstige
voor een initiatief leidend moet zijn, maar ook
warmtevraag. Echter leent niet elke locatie
de maatschappelijke kosten en baten en de
zich voor elk type warmtevoorziening. Dat
verdeling van de kosten onder de belang-
hangt van veel verschillende factoren af.
hebbenden in ogenschouw moeten worden
Een belangrijk criterium is dat de bron en de
genomen.
afname dicht bij elkaar in de buurt moeten liggen. Warmtenetten zouden een oplossing
Buurregio’s
kunnen zijn voor delen van Gorinchem. In de
Deze warmte- en bronnenanalyse is in de
Gildenwijk wordt deze optie momenteel ook
aanloop naar de RES ook afgestemd met
geconcretiseerd. In Molenlanden worden
Drechtsteden. De voorlopige conclusie is
warmtenetten slechts in enkele kernen kans-
dat er geen bovenregionale uitwisseling van
rijk geacht. Echter, voor het landelijk gebied
warmte aan de orde zal zijn. Met de andere
met een grote spreiding aan woningen,
regio’s zal de komende periode in samen-
wordt een warmtenet als een minder logi-
spraak met de provincie afstemming plaats-
sche optie gezien.
vinden. Wanneer het toepassen van aquathermie concreter wordt zullen daarover afspraken
Er zal bijvoorbeeld ook gekeken gaan worden
gemaakt moeten worden met het Waterschap.
naar individuele oplossingen en naar de mogelijkheden van groen gas of een combinatie daarvan (hybride oplossingen). De beschikbaarheid van groen gas zal de komende jaren waarschijnlijk toenemen. Dit bevindt zich (als onderdeel van de TVW-trajecten) nog in de onderzoeksfase. Er moet naar meer gekeken worden dan alleen de technische haalbaarheid van oplossingen. De financiële haalbaarheid is belangrijk. Waarbij opgemerkt dat niet alleen de individuele business case
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 46
Vervolg
Inkijk in het TVW-proces
De TVW wordt door beiden gemeenten mo-
In de gemeenten Gorinchem en Molenlanden
de huidige en toekomstige warmtevraag en
afwegingskader, warmteopties per wijk/buurt/
menteel opgesteld en deze zal in de periode
wordt druk gewerkt aan het opstellen van een
wordt er onderzocht wat de potentiële duur-
kern en de fasering, maar dat deze ook hand-
richting RES 2.0 mogelijk leiden tot eerste
gedragen Transitievisie Warmte 1.0 (TVW).
zame warmtebronnen zijn.
vatten biedt voor de wijkuitvoeringsplannen
keuzes in de toekomstige warmtevoorziening.
(WUP). Daarom kiezen de gemeenten ervoor
Deze worden uitgewerkt tot wijkuitvoerings-
Samen met verschillende stakeholders zoals woningcorporatie(s), Stedin, Waterschap
In de komende maanden worden er verschil-
om ook een uitvoeringsstrategie op hoofdlijnen
plannen (WUP) en ultimo tot realisatie. Voor
Rivierenland, de Provincie Zuid-Holland,
lende stappen doorlopen om uiteindelijk te
onderdeel te laten zijn van de TVW. De uitvoe-
de komende periode is het belangrijk om een
Omgevingsdienst ZHZ, huurdersvereniging(en),
komen tot een TVW 1.0. Zo wordt er per wijk/
ringsstrategie geeft een doorkijk naar de reali-
proces in stand te houden waarin de lokale
energie coöperatie(s) en inwoners en bedrijven
buurt/kern verkend wat het meest kansrijke
satie van de eerste aardgasvrije gebieden en
onderzoeksresultaten en plannen regionaal
worden de mogelijkheden verkend om beide
warmte alternatief is en wanneer welke wijken/
creëert inzicht in wijk-overstijgende onder-
afgestemd blijven worden en optellen tot
gemeenten aardgasvrij te maken. Gedurende
buurten/kernen de transitie naar aardgasvrij
werpen en de benodigde organisatieontwik-
steeds een nieuwe versie van de Regionale
meerdere werksessies zullen de stakeholders
ingaan. Ook worden de zogenaamde start-/
keling en het capaciteitsvraagstuk.
Structuur Warmte. En vervolgens weer tot
worden betrokken in het proces. Daarnaast
verkennigswijken aangewezen. Dit zijn de
worden er informatieavonden over aardgasvrij
wijken/buurten/kernen die voor 2030 de tran-
Conform de huidige planning zullen beide
Beide gemeenten werken aan een afwegings-
georganiseerd en meerdere discussietafels
sitie naar aardgasvrij in gaan. Vooruitlopend op
gemeenten in het derde kwartaal 2021 de
kader voor de marktpartijen en overwegen
met een zogenaamde bewonersfocusgroep/
de vaststelling van de Transitievisie Warmte 1.0
Transitievisie Warmte 1.0 vaststellen in de ge-
welke rol zij willen pakken in deze transitie.
-klankbordgroep.
is er in Gorinchem al gestart met het uitvoe-
meenteraad.
Er zijn uitgangspunten geformuleerd en er
een gedetailleerdere uitwerking van de TVW.
ringsplan van de Gildenwijk om deze aardgas-
Netimpact
vrij te maken.
Tot slot zal ook onderzocht moeten worden wat de impact van de gekozen warmte op-
wordt een afwegingskader opgesteld. Tegelijkertijd zijn er analyses gemaakt van de be-
Het is belangrijk dat de Transitievisie Warmte
lossingen is op de netinfrastructuur. Zeker is
bouwde omgeving om inzicht te krijgen in
niet alleen inzicht geeft in de uitgangspunten,
dat veel varianten ook een elektrische component hebben, denk aan de warmtepompen en de all-electric oplossingen. Deze impact wordt meegenomen in het continue afstemmingsoverleg met Stedin.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 47
Netimpact analyse De huidige capaciteit en ontwikkeling van ons elektriciteitsnetwerk zijn een onmisbare schakel in de energietransitie. Netbeheerder Stedin heeft dus een belangrijk aandeel in het verwezenlijken van de energie-ambities.
P 48
Inleiding We willen onze ambitie betaalbaar en uitvoerbaar houden; de impact op de netinfrastructuur maakt daar een belangrijk onderdeel van uit. De transport- en distributienetten van Stedin zijn oorspronkelijk aangelegd om elektriciteit van grote, centrale productielocaties te transporteren naar fabrieken en huishoudens. Door hernieuwbare productie verandert dit: elektriciteit wordt ook op andere plekken in het net geproduceerd, namelijk in de zoekgebieden die we in onze RES hebben aangewezen. Dit heeft verschillende gevolgen. Eén daarvan is dat transportcapaciteit moet worden uitgebreid. De snelheid waarmee deze capaciteit kan worden uitgebreid wordt daarmee bepalend voor het kunnen aansluiten van nieuwe productielocaties. Uiteraard wordt ook gezocht naar slimme oplossingen om optimaal gebruik te maken van de bestaande energienetten.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 49
Opgewekt!
Analyse
De netbeheerders hebben in samenspraak
In de netimpact analyse is de impact op
Netbeheer
met PBL en NP RES een werkwijze ontwik-
deze netinfrastructuur in beeld gebracht.
Onze elektriciteits-, warmte- en gasnetten
keld om de netimpact van de regionale
gaan door de energietransitie ingrijpend
plannen uit te werken. In dit werkproces
veranderen. Zo moet het elektriciteitsnet in
wordt inzichtelijk wat de impact van regio-
hoog tempo fors worden uitgebreid en moe-
nale ontwikkelingen is op de elektriciteits-
ten er aanpassingen worden gemaakt in het
en gasinfrastructuur. Dit resulteert in een
gasnet. Niet alles is tegelijkertijd mogelijk.
overzicht van de benodigde netinvesteringen,
Er moeten keuzes worden gemaakt. Het is
ruimte en tijd. De grootschalige opwek
belangrijk dat we deze uitbreidingen samen
langs bestaande infrastructuur en rondom
met partners efficiënt en slim ontwerpen,
stations met capaciteit wordt door Stedin als
waarbij we rekening houden met kosten,
haalbaar gezien. Er zijn daarbij nog moge-
andere ruimteclaims en de beperkte tijd tot
lijkheden voor optimalisatie waarbij beter
2030. Netbeheerder Stedin is daarom vanaf
gebruik gemaakt wordt van de kansen die
het begin bij de RES betrokken.
de huidige infrastructuur biedt.
De door Stedin verschafte inzichten in be-
Capaciteit
schikbare capaciteit op regionaal niveau en
Er bestaat een risico dat buiten de meer
uitleg over infrastructuur zijn meegewogen
geconcentreerde gebouwde omgeving de
in de keuzes die we hebben gemaakt in de
capaciteit van deze middenspanninginfra-
RES-regio Alblasserwaard. In deze fase is het
structuur en de stations onvoldoende is bij
voor Stedin alleen mogelijk geweest om het
een grote concentratie opwek. Het is van
beeld te schetsen voor de RES-regio Alblas-
belang om op lokaal niveau een zo optimaal
serwaard, er is nog geen gecombineerd beeld
mogelijke balans te zoeken tussen opwek,
met eventuele ambities uit naastgelegen
gebruik en eventuele innovatieve energie-
RES-regio’s ten aanzien van capaciteitsclaims.
toepassingen. Zo hoeft zo min mogelijk
Een integrale doorrekening van alle RES-
nieuwe infrastructuur te worden aangelegd
regio’s is gepland te starten 1 juli 2021.
voor enkel teruglevering van zonne-energie.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Uitvoeringsprogramma
P 50
Conclusie Stedin heeft op basis van de door de regio aangeleverde gegevens twee keer een netimpact analyse uitgevoerd; de eerste keer gebaseerd op de drie ruimtelijke scenario’s Energiecorridor A15, Energielinie A27 en Zonnewaard. Uit de eerste analyse is geconcludeerd dat de voorkeur uitgaat naar scenario Energiecorridor A15 en dat is ook het scenario waar richting RES 1.0 invulling aan is gegeven. De tweede analyse is gebaseerd op de uitwerking van de zoekgebieden in deze RES. Er bevinden zich 3 Stedin stations in de regio Alblasserwaard. Daarnaast zijn er meerdere Stedin stations in nabijgelegen regio’s waar rekening mee moet worden gehouden (stations zijn niet exclusief toebedeeld aan een regio, ook andere regio’s kunnen capaciteit vragen). Op twee stations (Arkel en Nieuwpoort) treden capaciteitsknelpunten op als gevolg van de ambitie in de RES. Beide knelpunten kunnen worden opgelost door uitbreiding van station Nieuwpoort. Hiervoor is 2000 m2 additionele ruimte nodig bij Nieuwpoort. Daarnaast zal station Arkel uitgebreid moeten
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 51
worden om in de benodigde aansluitingen te
gen aan het net moet gelijk opgaan met het
kunnen voorzien. De verwachting is dat dit
tempo waarin we de projecten uit de RES
gerealiseerd kan worden voor 2030. De totale
willen realiseren en de toestemming voor
kosten voor uitbreiding van de stations be-
het gebruik van de locaties waar we dat wil-
draagt 26 - 32 miljoen euro.
len doen. Het uitvoeren van een eenmalige netimpact analyse is daarvoor niet voldoen-
Door het aandeel zon-op-dak zijn aanpas-
de. Stedin moet de zekerheid hebben dat
singen nodig in de lagere netvlakken
initiatieven ook daadwerkelijk doorgang
(Laagspanning/Middenspanning). Om dit
vinden voordat benodigde aanpassingen (en
te realiseren is additionele fysieke ruimte
investeringen) aan het net worden gedaan.
(3500-4000 m2) nodig voor het bijplaatsen
Deze aanpassingen moeten echter wel tijdig
van distributieruimtes. De verwachting is dat
in gang worden gezet. Een belangrijke (eer-
deze netuitbreidingen voor 2030 gerealiseerd
ste) stap daarvoor is het verankeren van de
kunnen worden.
zoekgebieden in het omgevingsbeleid van gemeenten en provincie.
Daarnaast geeft Stedin in haar advies nog een aantal aanbevelingen om de systeem
We spreken daarom af dat de regio en Stedin
efficiëntie te verbeteren en het net beter te
minimaal twee keer per jaar een program-
benutten. Op al deze elementen zijn nog
meringsoverleg voeren over de geplande
verbeteringen denkbaar die in de iteraties
initiatieven, de status daarvan en de beno-
die nog komen gaan richting RES 2.0 en
digde aanpassingen die hiervoor moeten
verder nader bekeken kunnen worden. De
worden gedaan. Om het volledige overzicht
totale kosten voor het verzwaren van kabels
te hebben van geplande initiatieven worden
en bijplaatsen van distributieruimten bedraagt
initiatiefnemers in een zo vroeg mogelijk
30-42 miljoen euro.
stadium betrokken. Speciale aandacht is nodig voor het in beeld brengen van initia-
Programmeringsoverleg
tieven zonder vergunningsplicht, zoals bij-
Het realiseren van de benodigde aanpassin-
voorbeeld zon -op-dak.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 52
Opgewekt!
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Doeije Selders Wooncoach bij het Nieuwe Wonen Vertel eens over je woning… van energielabel G naar A! Doeije: ‘Met het verduurzamen van mijn woning ben ik al heel lang bezig. Zo heeft mijn woning inmiddels een warmtepomp, liggen mijn zonnepanelen bij de buurman op het dak en is alles volledig geïsoleerd. Inmiddels rijd ik sinds een paar maanden een elektrische auto en ben ik bijna energieneutraal!’ Van bewoner tot bewoner, wat hebben we nodig om met elkaar tot een succesvolle transitie te komen? Doeije: ‘Je hebt betrokkenheid, participatie en draagvlak nodig van bewoners, daar kom je niet onderuit. Bijvoorbeeld bij het plaatsen van windmolens. Daar zit een bepaalde gelaagdheid in. We moeten stap voor stap uit komen bij de Regionale Energiestrategie. De term ‘RES’ zegt een buurtbewoners niets, dus begin hyperlokaal. Betrek dorps- en buurtraden als eerste. Ga daarna pas naar gemeenteniveau en uiteindelijk hoop je uit te komen op een regionaal niveau. Andersom kan natuurlijk ook, dan vind je eerst draagvlak op regionaal en gemeentelijk niveau, daarna pas lokaal bij de bewoners.’
‘De term RES zegt een buurtbewoner niets, dus begin hyperlokaal. Betrek dorps- en buurtraden als eerste’.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 53
Energiebesparing Energiebesparing is cruciaal in de energietransitie; de energie die we niet verbruiken hoeven we ook niet op te wekken. Daarom zetten wij als regio stevig in op energiebesparing met een doelstelling van 20%.
P 54
Introductie
energie-efficiency bij verkoop en aanscher-
Tot nu toe ligt de focus vooral op voorlichting,
Het afgelopen decennium zien we dat ons
ping van het Bouwbesluit naar ENG bijvoor-
branchegerichte aanpak, ondersteuning van
energieverbruik alleen maar is toegenomen,
beeld) hebben de gemeenten weinig moge-
ondernemersverenigingen op bedrijfsterreinen
ondanks de diverse klimaatakkoorden en
lijkheden energiebesparing af te dwingen.
en de ondersteuning van organisaties met
lokaal eigendom, koplopers naar voren
-convenanten en de stappen die we in de
Voor bedrijven gelden wel diverse wettelijke
maatschappelijk vastgoed (sportverenigingen,
schuiven etc.)
praktijk zetten om energie te besparen.
besparingsnormen. Extra aandacht is nodig
scholen). Specifieke aandacht is daarbij ge-
Door de komende jaren vol in te zetten op
voor de stimulering van het midden- en
richt op het eigen overheidsvastgoed. Op al
energiebesparing, willen we voorkomen dat
kleinbedrijf dat niet onder het activiteiten-
deze onderdelen wordt de aanpak voortge-
Participatie
onze regionale opgave voor duurzame ener-
besluit valt.
zet, daarbij is intensivering noodzakelijk.
Participatie krijgt vorm op de volgende wijze:
gie-opwek en de warmtetransitie nog groter
Extra aandacht is nodig voor de handhaving
•
wordt dan ze al is. De rol van de regio en de
en voor de werkwijze van het midden- en
gesprekken; na elk gesprek introduceert
gemeenten hierbij is om hierin het initiatief
kleinbedrijf, dat niet onder het activiteiten-
de gesprekspartner een volgende ge-
besluit valt. Daarom zetten wij in op stimu-
sprekspartner zodat een reeks wordt
lering van energiebesparing.
gevormd. We gaan het gesprek aan met
Deze laatste categorie kan betrokken worden
bewoners, bedrijven en organisaties over
bij de aanpak van bedrijventerreinen en de
kansen, belemmeringen en versnellers
wijkuitvoeringsplannen in het kader van de
wat betreft energiebesparing. De inzich-
TVW. Dit alles wordt verder uitgewerkt in een
ten uit deze gesprekken worden verrijkt
programmatische aanpak energiebesparing
om brede communicatie naar inwoners
20% energie te hebben bespaard in 2030.
die zich hoofdzakelijk richt op bedrijven en
en andere belanghebbenden te verbeteren
Woningen gebruiken twee derde van de
maatschappelijk vastgoed.
en om van te leren voor de uitvoeringsa-
te nemen. Daarbij wordt rekening gehouden met landelijke ontwikkelingen op het gebied van besparing. Daarnaast heeft de overheid een voorbeeldrol, bijvoorbeeld via het verduurzamen van het gemeentelijk vastgoed. Als regio stellen we ons ten doel om
Alle energie die niet wordt gebruikt, hoeft ook niet te worden opgewekt! Iedereen kan eenvoudig een bijdrage leveren.
energie in de gebouwde omgeving. Wettelijke
Actie
Belangrijke vragen daarbij zijn:
alleen voor nieuwbouw – waarbij er in feite
Bij het behalen van de besparingsdoelstel-
•
Wat is het huidig verbruik?
geen sprake is van besparing maar van beper-
lingen hebben de samenwerkende partijen
•
Wat is (geschat) toekomstig verbruik als
king van energieverbruik toename – en voor
elk hun eigen rol. Samenwerking met en het
grondige renovatie. Zonder aanvullende wet-
aansluiten op initiatieven van de energiege-
geving (eisen aan verbouwingen, eisen over
bruikers is daarbij noodzakelijk.
Energiestrategie
Aan welke knoppen gaan we (als eerste) draaien?
• Uitvoeringsprogramma (participatie,
•
Hoe richten we monitoring in?
Participatie-activiteit middels sneeuwbal-
genda en de RES 2.0.
regelingen voor energiebesparing bestaan
Inleiding
•
Participatie
Bod
Wind
Zon
we niks doen? •
Wat is onze ambitie/gewenst toekomstig verbruik?
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 55
Opgewekt!
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Nick van den Broek Medewerker bij Corbion Corbion, een wereldwijde marktleider op het gebied van de productie van melkzuur, heeft een productielocatie in de gemeente Gorinchem. Nick van den Broek is namens het bedrijf verantwoordelijk voor de inkoop van grondstoffen en energie, onder andere voor hun site in Gorinchem. Hoe maakt het bedrijf zich klaar voor de Regionale Energie Strategie? Aansluiten bij lokale initiatieven Nick: ‘Lokaal zijn er in Gorinchem en Alblasserwaard veel initiatieven. Deze initiatieven volgen wij nauwlettend, we sluiten aan waar nodig en proberen mee te denken om de energietransitie tot een succes te maken. Maar dat is niet genoeg. Wij hebben op de daken van ons magazijn in Gorinchem in 2017 zonnepanelen gelegd als startschot voor een energietransitie binnen ons bedrijf. Je kan je voorstellen dat wij meer verbruiken dan zonnepanelen op kunnen leveren, dus alleen zonnepanelen zijn niet genoeg.’
‘Wij hebben op de daken van ons magazijn in Gorinchem zonnepanelen
Waar zetten jullie dan nog meer op in?
gelegd als startschot voor een
Nick: ‘We kijken wereldwijd wat voor stappen wij kunnen maken tot 2030,
energietransitie binnen ons bedrijf’.
maar houden ook onze ogen open voor de periode daarna. Dat doen we door efficiënter om te gaan met energie (zoals een efficiënte warmteboiler), maar we kopen ook meer groene elektriciteit in als een van de tussenstappen tot 2030. Het bestuderen van mogelijkheden om te participeren en investeren in grote wind- en zonneprojecten staat ook hoog op de agenda’.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 56
Innovatie Innoveren heeft naast de uitkomsten zelf een belangrijke nevenfunctie: het is in het klein oefenen wat je groot wilt maken. Het is de uitgelezen kans om ruimte te bieden aan de koplopers in de regio, om mede-eigenaarschap te vergroten en daarmee draagvlak. Succesvolle innovaties zijn bovendien een mooi uithangbord om breed over te communiceren.
P 57
Ambitie
We omarmen en stimuleren nieuwe technie-
zoekspilot voor zon op water en onderne-
In onze regio kijken we naar innovatie vanuit
ken en vernieuwende initiatieven. Die zijn
men wij diverse participatie-activiteiten.
twee perspectieven: we blijven voortdurend
immers noodzakelijk voor de toekomst.
op de hoogte van de laatste ontwikkelingen
Voor de berekeningen na 2030 kan er zeker
Overzicht innovaties
om optimaal ons doel te kunnen bereiken en
gekeken worden naar innovaties en nieuwe
Waterstof
wij gaan zelf aan de slag door samenwer-
technieken: hiervoor zal uiteraard ook al vóór
Waterstof is een energiedrager en kan dienen
kingen aan te gaan met kennisinstellingen
2030 in onder meer de RES 2.0 aandacht zijn.
als opslagmiddel. Waterstofproductie is een
en regionale koplopers in het bedrijfsleven
Ook in de uitvoeringsagenda zal dit onder-
kans om pieken in elektriciteitsopwekking
en maatschappelijke veld. Daarnaast is er
werp terugkomen.
op te slaan. Het gebruik ervan neemt toe en de regio Alblasserwaard wil deze innovatieve
ook veel innovatiekracht te vinden bij particulieren. Enkele van die verhalen staan ook
We zien dat er nu hard wordt gewerkt aan
techniek graag benutten. We realiseren als
centraal in deze RES.
innovaties en er komen wellicht nog oplos-
het kan in de periode tot 2030 tenminste één
singen waar we nu geen weet van hebben.
windturbine met een electrolyzer, speciaal
De bijdrage van innovatie is niet direct ver-
Dat volgen we op de voet. Veelbelovend
voor permanente waterstofproductie. Water-
taald in een cijfermatige bijdrage aan het
voor de toekomst zijn in ieder geval:
stof zal vooral voor industrie en verkeer wor-
RES-bod. Voor ons bod voor 2030 wordt
•
Waterstof
den gebruikt. Tot 2030 is waterstof volgens
gerekend met bewezen technieken van wind
•
Geothermie
de netbeheerders en andere onderzoekers
en zon. Energie-opwek middels wind en zon
•
Aquathermie
niet of heel beperkt bruikbaar.
is voor de korte termijn het meest kansrijk
•
Groen Gas
en op dit moment het meest efficiënt. Inno-
•
Waterkracht
Tevens worden de mogelijkheden onderzocht
vatieve technieken zoals een waterkracht-
•
Energieopslag
voor bijmenging in de industrie om het gas-
centrale of Thorium-kernenergie worden
•
Thorium/Kernenergie
verbruik te verminderen. Vanaf medio 2022 kan er in de regio waterstof getankt worden.
daarom in de RES 1.0 bij de berekening van
Inleiding
Energiestrategie
het regionale bod voor 2030 niet meegeno-
Daarnaast vinden we het belangrijk om pro-
Vertegenwoordigers van gemeenten Gorin-
men. De kennis hierover en de praktijk ervan
actief te acteren op het gebied van innovatie.
chem en Molenlanden, Omgevingsdienst en
is nog onvoldoende ontwikkeld. Dit betekent
Daarom krijgt dit onderwerp een plek in onze
vertegenwoordigers van het bedrijfsleven
niet dat innovaties geen plek hebben in
RES, ontwikkelen wij actief innovatieprojecten,
ondertekenden hiervoor een samenwerkings-
deze RES.
zoals het waterstoftankstation en de onder-
overeenkomst.
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 58
Opgewekt!
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Geothermie
zet naar een mengsel wat bruikbaar is als
stroom beschikbaar en wordt overtollige op-
park, bestaande uit drie windmolens van
Geothermie is een interessante energiebron
warmtebron. Het grote voordeel hiervan:
wek ook ergens opgeslagen. Daarom moeten
108 meter hoog, combineert energie-op-
die nog in de kinderschoenen staat. Geother-
het bestaande aardgasnet kan in gebruik
we ons energiesysteem de komende jaren
wekking met energie-opslag, door middel
mie is warmte uit de aarde, die wordt ge-
blijven, mits aangepast.
flexibiliseren. Dat kan op verschillende ma-
van een opslagsysteem van 1 megawattuur.
wonnen bij dieptes van minimaal 500 meter.
nieren: door vraag en aanbod op elkaar af te
De regio heeft diverse potentiële bronnen:
stemmen, door verbindingen tussen landen uit
Thorium/kernenergie
bij Gorinchem en in het westen van Molen-
te breiden, energienetten slimmer te maken
Thorium is op langere termijn mogelijk een
én door mogelijkheden te creëren om energie
kansrijke innovatie, maar tot 2030 nog geen
groot- en kleinschalig op te slaan. Vooral om
reële optie. Om het nucleaire afval te beperken
seizoenswisselingen in vraag en aanbod op
zijn er nieuwe vormen van kerncentrales in
te kunnen vangen zal energie-opslag onmis-
ontwikkeling. Een voorbeeld hiervan is thori-
baar zijn.
um (gesmolten zout). Dit heeft onder andere
Energie-opslag vraagt om technische aan-
als voordeel dat er minder kernafval wordt
energie uit oppervlaktewater (TEO) zijn
passingen in infrastructuur, maar ook om
geproduceerd dan bij huidige kernreactoren
een goede kans. De succesvolle pilot in
veranderingen in regelgeving. Het opschalen
en dat het enkele honderden in plaats van
landen, bij Wijngaarden. Aquathermie Aquathermie, oftewel warmte uit afval- en oppervlaktewater (TEA/TEO), brengt goede kansen met zich mee, met name thermische
Technische ontwikkelingen volgen elkaar snel op: we moeten alert en flexibel zijn.
de Gorinchemse wijk Hoog Dalem krijgt een
Waterkracht
naar het grote geheel is nog een hele grote
duizenden jaren radioactief blijft. Commerciële
vervolg (TEO).
Waterkracht heeft naar verwachting een
stap. Veel technologieën voor opslag en
toepassing lijkt echter nog erg ver weg en
beperkte opbrengst door de trage stroomsnel-
omzetting zijn nog erg duur. Accu’s worden
wordt op z’n vroegst geschat op 2045- 2050.
Groen gas
heid van de rivieren in de regio. Energie-op-
steeds beter en goedkoper. Om een woonwijk
Het is dus niet realistisch aan te nemen dat
Voor de vooroorlogse bouw in regio Alblas-
wek uit de stroming kan echter sterk bijdragen
te bedienen, moet een opslagsysteem echter
thorium aan de klimaatdoelen voor 2030 kan
serwaard is isoleren erg kostbaar of lastig
aan de bewustwording van de noodzaak om
megawatts aan vermogen leveren. Dan zijn
bijdragen en we zullen waarschijnlijk nog
vanwege monumentwaarde. Groen gas,
op andere manieren energie op te wekken.
er nog steeds heel veel accu’s nodig en dat
minimaal tien jaar moeten wachten voordat
kost heel veel geld. Het onderzoek naar ener-
we kunnen inschatten of thoriumcentrales in
gewonnen middels hogedrukvergisting uit rioolwater en/of groente-, fruit- en etensres-
Energie-opslag
gie-opslag gaat door, waarbij de aandacht
2050 een rol kunnen spelen. De door media
ten, is een optie. Door toevoeging van wa-
Energie-opslag speelt een essentiële rol in de
vooral uitgaat naar materiaalkunde en chemie.
zogenoemde ‘minikerncentrale’ valt onder
terstof (uit overtollig opgewekte stroom
energietransitie, om piekvraag en -aanbod
Een goed voorbeeld van energie-opslag is
de landelijke wet over kernenergie en is
met zonnepanelen of windenergie) aan een
van stroom op te vangen en daarmee het
windpark Giessenburg. Het heeft een Neder-
minder klein dan de naam doet vermoeden
hogedrukvergister kan CO2 worden omge-
elektriciteitsnet te ontlasten. Zo is er altijd
landse primeur op zijn naam staan; het wind-
(denk aan de omvang van Borssele).
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 59
Innovatie en Afstudeercentrum
komst. Hierbij zal ook expliciet de samen-
In de regio Alblasserwaard wordt samenwer-
werking met bedrijven worden gezocht.
snellers? Wat kunnen gemeenten doen
king op het gebied van innovatie concreet
Vanzelfsprekend wordt ‘Huis van Nu’ ook
om innovatie te stimuleren/faciliteren?
opgezocht. De samenwerking met het Innova-
gebruikt als ’showroom’ om inwoners te laten
tie- en Afstudeercentrum (IAC) in Gorinchem
zien hoe zijn hun huis kunnen verduurzamen.
is daar een mooi voorbeeld van. Het IAC wordt
•
•
Wat zijn kansen, belemmeringen en ver-
Wat voor netwerk van koplopers, organisaties en bestuurders kunnen we structureel organiseren zodat projecten
een fysieke plek waar leerlingen, studenten
Actie/participatie
en programma’s van de grond komen en
en professionals elkaar ontmoeten in een
Om succesvol te innoveren is het vooral be-
innovatie een continu proces blijft (ook
bedrijfsmatige omgeving waar zij samen-
langrijk om bewoners en bedrijven te vinden
na RES 1.0)?
werken aan beroepsontwikkeling en innova-
die deze innovaties willen en kunnen omzetten
ties. Het wordt een cluster waar onderwijs
naar concrete projecten en programma’s.
Het Innovatielab fungeert als springplank
en bedrijfsleven samen invulling geven aan
Die koplopers zijn er zeker in de regio.
voor een blijvend netwerk in de regio dat concrete projecten realiseert. Succesvol
de Alblasserwaardse waarden van ondernemerschap en innovatie, met een specifieke
We willen met deze koplopers een Innova-
innoveren vraagt om geld, kennis, tijd en
focus op maritieme technologie en maakin-
tielab organiseren. We onderzoeken de
regelruimte. Om te kunnen experimenteren
dustrie, groenblauwe sector, zorg en de
mogelijkheden om het Innovatielab in sa-
moeten we met elkaar ook naar de bestaande
bouw en installatietechnische sector.
menwerking met het Innovatie- en Afstu-
kaders kijken en onderzoeken waar er meer
deercentrum en andere onderwijsinstellingen
of andere ruimte nodig is.
Eén van de thema’s binnen het Innovatie en
op te zetten.
Afstudeercentrum is de energietransitie. Dit thema zal vorm krijgen door de realisatie van
De volgende vragen staan centraal:
het project ‘Huis van Nu’. Hierbij wordt er in
•
Wat is de gezamenlijke visie op innovatie
diverse ruimtes getoond welke technologie
in de regio? Hoe ziet een innovatief (of
er in de energietransitie en rondom duurzaam-
nog innovatiever) Alblasserwaard eruit?
heidsvraagstukken in de directe leefomgeving
•
Van welke aansprekende voorbeelden
(nl. ons eigen huis) wordt gebruikt. Een bij-
kunnen we leren; zowel van binnen
passend educatief programma laat leerlingen
als buiten de regio en van verschillende
meedenken in de oplossingen voor de toe-
sectoren?
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 60
Opgewekt!
Regionale Enenergie Strategie 1.0
Digerto Biemans Voorzitter GVV Unitas “Meedoen met de klimaatopgave is eigenlijk bijna vanzelfsprekend”, aldus Digerto die zich mede bij de voetbalvereniging GVV Unitas bezighoudt met de energietransitie. Hun missie: de energierekening naar nul. Hoe doen ze dat? Alle verlichting wordt vervangen door led-verlichting, ook op de velden. Daarnaast hebben ze alle daken vol gelegd met zonnepanelen. Verder zijn ze nieuwe kleedkamervoorzieningen aan het bouwen waarin de meest duurzame oplossingen worden verwerkt. Het innovatiefste wat ze doen? Een duurzaam reclamebord langs het veld. Het bijzondere aan dit bord is dat er kleine zonnepanelen zijn ingebouwd. Zo voorziet het bord zichzelf van zijn eigen stroom. Ook vangt het bord CO2 op en stoot het CO2 af. En alsof dat niet genoeg is wordt met een deel van de opbrengsten van het bord ook nog eens in duurzame maatregelen geïnvesteerd! Het is niet de grootste bron van energie, maar alle kleine beetjes helpen.
“GVV Unitas koos voor duurzame reclameborden met kleine zonnepanelen. Alle kleine beetjes helpen!”.
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 61
Strategie en praktijk Samen willen we het bod, inclusief de gemaakte keuzes die dit bod mogelijk maken, waarmaken. We rekenen daarbij op de inzet van initiatiefnemers (bewoners, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties) en maken als regio keuzes over hoe en wanneer we dit kunnen faciliteren.
P 62
De uitvoeringsagenda
Alblasserwaard en dit herhalen we frequent
Samenwerking tussen gemeenten, provincie,
Deze RES staat niet op zichzelf. Het is één
in de uitvoeringsperiode.
waterschap en netbeheerder op regionaal
van de vele schakels in de grote beweging
De energietransitie is een continu proces. We maken nu de stap naar uitvoering, maar blijven de lange termijn strategie ontwikkelen.
Inleiding
Energiestrategie
niveau is randvoorwaardelijk voor de uitvoe-
van de energietransitie, maar ook van andere
Samen lokaal en regionaal
ring van deze RES. In het bijzonder met be-
grote opgaven zoals bijvoorbeeld klimaat-
De regio Alblasserwaard is een relatief kleine
trekking tot de volgende punten:
adaptatie en mobiliteit. We weten dat onze
RES-regio. Dat heeft als voordeel dat partijen
keuzes zijn gebaseerd op de kennis van nu,
elkaar gemakkelijk kunnen vinden. Tegelijker-
dat het samen realiseren van de projecten
tijd is de omvang en de integraliteit van de
en programma’s ook zal leiden tot nieuwe
RES-vraagstukken er niet minder om: in de
inzichten en dat elke stap daarin waardevol
uitvoeringsagenda zullen slimme keuzes ge-
is. Toch is deze RES vooral een weergave
maakt moeten worden over welke projecten
van ons DNA in de regio; we zetten samen
als eerste worden opgepakt en wie daarin een
de schouders eronder!
actieve rol kan spelen en wat die rol dan
1. Maken van gezamenlijke keuzes; in de RES 1.0, RES 2.0 etc. 2. Afstemmen van de uitvoering in relatie tot de netcapaciteit. 3. Afstemmen over financiering en subsidieregelingen. 4. Samen optrekken om netwerk, kennis en
precies inhoudt. We prioriteren programma’s
capaciteit zo optimaal mogelijk in te zetten.
Dit hoofdstuk vormt een aanzet tot een uit-
die een grote of slimme bijdrage leveren en
5. Voortgang en impact gezamenlijk blijven
voeringsagenda, die in de eerste helft van
gaan daarbij de complexe vraagstukken niet
2021 concretere vorm krijgt. Ook dit is een
uit de weg.
monitoren, bijsturen waar nodig.
Van ambitie naar uitvoering
continu proces: het vaststellen van de RES 1.0 is een beginpunt; de start van de activiteiten
We spreken vaak over de RES in termen van
Om de doelstellingen voor 2030 te behalen
om ons bod te realiseren. Laten we niet uit het
‘een opgave’. Tegelijkertijd zien we al veel
vormt de vertaling hiervan naar omgevings-
oog verliezen dat we dit alles met een reden
initiatieven van de grond komen met goede
beleid (voor zover deze daarvoor nog geen
doen: het terugbrengen van de CO2-uitstoot
opbrengsten in termen van duurzame energie,
ruimte biedt) en vervolgens het verstrekken
zoals afgesproken in het klimaatakkoord.
werkgelegenheid, sociale betrokkenheid en
van vergunningen het kritieke pad. Het is
Elk project en elk programma gaat daar zijn
financieel gewin. Dat momentum willen we
daarom belangrijk dit in 2021 zo snel mogelijk
bijdrage aan leveren. Het is belangrijk om de
vergroten door de lokale en regionale initia-
in gang te zetten. Zowel gemeente Molen-
effecten daarvan te blijven monitoren. Bij aan-
tiefnemers zo goed mogelijk te faciliteren.
landen als Gorinchem beogen hun nieuwe
vang van de uitvoering zullen we een nulme-
Wij rekenen op de inzet van lokale en regio-
omgevingsvisie eind 2021 gereed te hebben.
ting CO2-uitstoot laten uitvoeren in de regio
nale partijen.
In RES 1.0 spreken we af dat:
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 63
Opgewekt!
•
•
Gemeente Gorinchem en gemeente
delen is het waterschap bevoegd gezag, bij-
Molenlanden de zoekgebieden voor
voorbeeld voor het verstrekken van vergun-
windturbines, die in 2030 moeten draaien,
ningen voor de onttrekking van warmte uit
uiterlijk in 2021 in hun omgevingsvisie
oppervlaktewater of afvalwater ten behoeve
verankeren.
van aquathermie.
Provincie Zuid-Holland verankert de zoekgebieden voor windenergie uiterlijk eind
We spreken het volgende af:
2022 in haar omgevingsbeleid. In sommige
•
•
Gemeente Gorinchem en Molenlanden
gevallen kan voor specifieke initiatieven een
en de provincie Zuid-Holland spannen
ontheffingsprocedure worden gestart voor-
zich in om procedures voor bestemmings-
uitlopend op de aanpassing van de omge-
planwijzigingen en vergunningverleningen
vingsvisie. GS kunnen dan besluiten deze
voor windprojecten en zonprojecten (die
ontheffing te verlenen en middels een zo-
vastgesteld worden in het omgevingsbe-
genaamde voorhang procedure PS te infor-
leid) voor 2025 af te ronden.
meren over dit voornemen tot ontheffing. •
Regionale Enenergie Strategie 1.0
•
Gemeente Gorinchem en Molenlanden
Gemeente Gorinchem en gemeente Molen-
regisseren het participatieproces om in-
landen de uitgangspunten voor zonne-
woners, bedrijven en andere stakeholders
energie, zoals opgenomen in deze RES,
uit de omgeving te betrekken bij de uit-
uiterlijk eind 2021 in hun omgevingsvisie
werking van de RES-projecten. Voor ieder
verankeren.
project wordt in dialoog met belangheb-
Gemeente Gorinchem en gemeente Molen-
benden en het bevoegd gezag (de ge-
landen omwonenden en stakeholders bij
meente) een participatieplan opgesteld,
de plan- en besluitvorming over de invul-
waarmee afspraken over participatie door
ling van wind- en zonprojecten betrekken.
burgers vast worden gelegd. Ook stelt de initiatiefnemer van een project een aanspreekpunt voor de omgeving aan.
Bestemmingsplan en Vergunningen Gemeenten en provincie zijn bevoegd gezag voor wind- en zonprojecten. Voor bepaalde
Inleiding
Energiestrategie
•
Gemeente Gorinchem en Molenlanden stellen voorwaarden aan bestemmings-
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 64
planwijzigingen en aan de verlening van vergunningen, onder meer met betrekking op inspanningen gericht op maatschappelijk draagvlak en financiële participatie. In participatiebeleid wordt tevens aangegeven dat het streven van de gemeenten gericht is op 50% eigendom van de lokale omgeving en op andere vormen van financiële participatie.
Draagvlak en betrokkenheid Samen keuzes concretiseren Eén van de leidende principes in onze RES is dat iedereen in de regio mee kan denken en doen met duurzaamheidsinitiatieven en ook de vruchten kan plukken van de opbrengsten. Na het vaststellen van de RES in juli 2021, tijdens de uitvoering ervan en in de aanloop naar RES 2.0 blijft participatie
RES gestart worden of al zijn gestart. Denk
Financiële participatie
die toegankelijk zijn voor de verschillende
en communicatie onverminderd belangrijk.
bijvoorbeeld aan de trajecten voor de Transitie
In de RES 1.0 streven we naar 50% lokaal
doelgroepen in onze regio. 50% lokaal eigen-
Visie Warmte op gemeentelijk niveau. Waar
eigendom van wind- en zonprojecten.
dom betekent overigens ook risicodragend
Daar waar richting de RES 1.0 meer de focus
nodig of logisch zal regionale en/of boven-
Financiële participatie is één van de opties
deelnemen aan een programma. Er moeten
lag op het bepalen van denkrichtingen, zal
regionale afstemming plaatsvinden om acti-
voor de initiatiefnemer om draagvlak voor
ook mogelijkheden zijn voor doelgroepen
in het vervolgtraject meer aandacht worden
viteiten te bundelen, zoals bijvoorbeeld een
het project te creëren of te vergroten. Een
met minder draagkracht om daaraan deel
besteed aan de specifieke keuzes die worden
regionaal burgerpanel, brede communicatie-
belangrijk principe in onze RES is dat de
te nemen.
gemaakt. Uiteindelijk zal participatie een
inzet over de energietransitie in zijn alge-
lokale omgeving zo veel mogelijk kan deel-
plaats krijgen in de verschillende projecten
meenheid en de opstart van het Innovatielab.
nemen aan en ook kan profiteren van de
Gemeente Molenlanden en gemeente Gorin-
initiatieven. Daarbij zoeken we naar vormen
chem spannen zich in om het principe van
en programma’s die naar aanleiding van de
Inleiding
Energiestrategie
Participatie
Bod
Wind
Zon
Warmte
Netimpact analyse
Energiebesparing
Innovatie
Uitvoeringsprogramma
P 65
50% lokaal eigendom (middels mede-eige-
om een blijvend programmeringsoverleg te
Energiecoöperaties
Scholing is belangrijk om kennis in de regio
naarschap) en financiële participatie (middels
voeren (minimaal twee keer per jaar) om
De lokale energiecoöperaties spelen een be-
op te bouwen, maar ook om onze studenten
financiële deelneming, oprichting van een
de voortgang en nieuwe ontwikkelingen van
langrijk rol bij de realisatie van de ambities.
toegang te geven tot de arbeidsmarkt. Er
omgevingsfonds en omwonendenregelingen)
de RES inzichtelijk te maken en te bespreken.
Zij zijn van groot belang om de lokale burger-
komt veel werk aan. Denk aan installatie en
zoveel mogelijk te verankeren in hun beleid
Stedin geeft ook inzicht in de ontwikkelingen
participatie handen en voeten te geven. Iedere
onderhoud van zonnepanelen, maar ook
of dit op andere manieren te borgen (bijvoor-
en planning van de infrastructuur. Mogelijke
bewoner kan lid worden en meebeslissen,
aan isoleren en andere energiebesparende
beeld via het stellen van randvoorwaarden
knelpunten komen zo tijdig naar voren. Het
maar ook profiteren van de opbrengsten van
maatregelen.
bij een tender).
is wenselijk dat er ook tijdig inzicht is in de
groene energie. In de regio Alblasserwaard
initiatieven van marktpartijen en/of andere
zijn Energiecoöperatie de Knotwilg en Ener-
Bedrijven
Technische haalbaarheid
initiatiefnemers. Ook voor activiteiten zonder
giecoöperatie Molenlanden actief.
Het bedrijfsleven is de motor van de energie-
In de aanloop naar RES 1.0 is twee keer een
vergunningsplicht, zoals zon-op-dak.
transitie met investeringen, nieuwe technie-
netimpact analyse uitgevoerd. Ook tijdens de
Woningcorporaties
ken, werkgelegenheid, productontwikkeling
uitvoering is het belangrijk om de inzichten
Samenwerking
Een belangrijk deel van de besparingsopgave
en advisering. We gaan in gesprek met on-
over de voortgang en de nieuwe initiatieven
Verduurzamen is door iedereen, voor ieder-
ligt in de bestaande woningvoorraad. Een
dernemersverenigingen en regionale bedrijven
te blijven delen. Zo heeft Stedin bijvoorbeeld
een. Samen leveren we die inspanning.
gedeelte daarvan wordt beheerd door de
om concrete uitvoeringsplannen te maken.
een beter zicht op het totale geïnstalleerde
Samen genieten we van de opbrengsten.
woningcorporaties. Bovendien vertegen-
Bijvoorbeeld met de installatiebranche om
vermogen van zonnepanelen.
We rekenen op partijen die kansen zien in
woordigt deze woningvoorraad ook een
zon-op-dak te kunnen versnellen.
Tegelijkertijd met de ontwikkeling van duur-
deze energietransitie en dat middels projecten
aanzienlijk potentieel dakoppervlak voor zon.
zame opwek wordt middels het opstellen
of programma’s realiseren. In de aanloop naar
In overleg met de woningcorporaties willen