Begroting 2025
Tekst van het document
(C.1) • Vitaler en gezonder ouder worden. (C.2) • Versterken gezonde leefstijl en gezond gewicht. (C.3) • Bevorderen gezonde leefomgeving. (C.4)
Wat gaan we ervoor doen? • IZA ketenaanpak mentale gezondheid: realisatie Mentiek. (C.1) • Inzet op netwerkversterking jongeren: onderzoek jongerenplatform. (C.1) • Versterken signalering Huishoudelijke Ondersteunings-aanbieders: uitvoeren pilot met zorgaanbieders. (C.2) • Extra blijvende inzet preventie: versterken project Zeker op de Been (valpreventie). (C.2) • Stimuleren kinderen naar gezonde leefstijl: doorontwikkelen GiGa, aandacht middelengebruik, aanpak Kinderen naar gezond gewicht. (C.3) • Uitvoering Bewust Blijven Bewegen en Sporten: beweegroutes, zwem- en gymonderwijs, Sportakkoord.(C.3) • Intensiveren Gezonde School: het vergroten van het aantal scholen die werken aan een gezonde leefstijl onder leerlingen met aandacht voor o.a. welbevinden, sport en bewegen en voeding (C.3) • Versterken samenwerking Ruimtelijk en Sociaal domein: inzet Omgevingstafels, project herinrichting Openbare Ruimte. (C.4) • Gezond en Actief Leven Akkoord/Integraal Zorgakkoord. (C.1., C.2, C.3 en C.4). Doe het zelf, doe het samen: andere inwoners, andere overheid Wat willen we bereiken? • Vertrouwen in inwoners en aandacht voor hun situatie. (D.1) • Gemeente werkt meer samen met inwoners. (D.2) • Samenwerking gericht op maatwerk en passende voorziening. (D.3) • Meer normaliseren en hulp bij accepteren.
(D.4) Wat gaan we ervoor doen? • Meer mogelijkheden bredere indicatiestelling door professionals: pilot met zorgaanbieders + versterken casemanagersfunctie zorgplan (D.1. en D.3).
Begroting 2025 - 28
•
• • • • • • •
Meer outreachend werken: onderzoek construct en opdracht Sociaal Team en subsidieafspraken Stichting Welzijn Molenlanden, inzet wijkGGD’er, organiseren en borgen waakvlamcontact Sociaal Team. (D.1) Benutten netwerken voor signalering en verwijzing: platformbijeenkomsten. (D.2) Versterken inclusiviteit en diversiteit: evaluatie en borging Motie Respect . (D.2) Vrijwilligersbeleid: subsidieafspraken met Stichting Welzijn Molenlanden. (D.2) Vrijwilligersservicepunt en kennisbank lokale initiatieven. (D.2) Aanpak relatieproblematiek: pilot relatieloket. (D.3) Versterken participatieprojecten: verbreden en versterken aanpak Jij bent in Beeld, subsidiering De Gezel, onderzoek haalbaarheid ontwikkelhuis omgeving Nieuw-Lekkerland. (D.3) Verwachtingsmanagement over hulp bij problemen bij levensgebeurtenissen: communicatie bewustwording levensgebeurtenissen. (D.4)
Netwerk Inwoners, vrijwilligersorganisaties, dorpsraden, maatschappelijke organisaties, zorgaanbieders, antidiscriminatievoorziening, muziek en cultuurcentrum MC Forte, kinderopvang, peuterspeelzalen, scholen, kerken, (sport)verenigingen, huisartsen, Dienst Gezondheid & Jeugd, Serviceorganisatie Jeugd ZHZ, Avres, gemeenten regio Zuid-Holland Zuid, aangrenzende gemeenten niet behorend bij ZHZ (bijv. Vijfheerenlanden, Altena, Krimpenerwaard), zorgkantoor, arbeidsmarktregio en centrumgemeente Dordrecht. Stads- en dorpsgericht werken Wat willen we bereiken? • We werken dorps- en stadsgericht waardoor we de betrokkenheid, inzet en autonomie van onze samenleving versterken. (E.1)
• •
Medewerkers kennen de Molenlandse samenleving en zijn betrokken bij ondernemers en inwoners. (E.2) We willen een integrale doorontwikkeling van onze manier van werken waarbij we de nieuwe kaders rond dienstverlening en participatie integreren. (E.3)
Wat gaan we ervoor doen? • Ontwikkelen van een doorgaande leerlijn voor medewerkers door advies en consultatie op maat. (E.1) • We verkennen de mogelijkheid voor het ontwikkelen van een Dorpsapp die zorgt voor toegang tot meer ontmoeting, kennisdeling en uitwisseling. (E.1). • We sluiten aan bij initiatieven en activiteiten in onze dorpen en stad. Onder andere aanwezig zijn bij de overleggen van de dorpsberaden en klankbordgroepen, spreekuren met de wethouders 3x per jaar in elke kern en informatie- en netwerkbijeenkomsten vanuit de gemeente (E.1). • De Molenlandse Manier workshop voor (nieuwe) medewerkers verder ontwikkelen op het gebied van stads- en dorpsgericht werken, participatie en dienstverlening. (E.2). • We stimuleren de nabijheid door middel van aanwezigheid van zowel de bestuurders als de ambtenaren in onze dorpen en stad. (E.2). • Integrale advisering binnen de organisatie over stads- en dorpsgericht werken, participatie en dienstverlening. (E3). • We ontwikkelen een toolkit Participatie met praktische handvatten en informatie voor medewerkers over inwoner- en overheidsparticipatie. (E.3) Netwerk Inwoners, ondernemers, dorpsraden, klankbordgroepen, adviesraden en maatschappelijke samenwerkingspartners.
Begroting 2025 - 29
Effect/resultaatindicatoren Indicator
Realisatie
Streefwaarde 2025 51%
Aantal inwoners 19+ met gezonde leefstijl neemt toe
48%
Aantal mensen met ervaren eenzaamheid Aantal verwijzingen vanuit de huisarts naar specifieke. Jeugdhulp
46%(2022 na corona)
27%
388 (2023)
400 (afhankelijk van totaal)
Verhouding aantal verwijzingen naar spec. Jeugdhulp
% van alle mantelzorgers dat overbelasting ervaart Aantal gerealiseerde woon-zorg initiatieven Deelnemers participatieprojecten ervaren een vergroting van hun participatiemogelijk-heden en basisvaardigheden.
Aantal deelnemers met uitstroom naar passende plaats
Van totaal: 43 % medisch verwijzers 41% jeugdteam
Bron Gezondheidsmonitor Nieuwe gezondheidsmonitor 18+ wordt eind 2024 afgenomen, cijfers in 2025 Gezondheidsmonitor 2025 Service organisatie Zuid-Holland Zuid
Realisatie en evaluatie pilot Relatieloket Realisatie Mentaal Gezondheidscentrum Mentiek
2017 t/m 2023 Aantal bezoekers Aantal gebruikers, adviezen en behandelingen
Middelengebruik jongeren Deelname sporten en bewegen door jongeren
Van totaal: 37 % medisch verwijzers 37% jeugdteam
19% (2022 na corona)
12 %
0
1
Gezondheidsmonitor 2025
?
MEE/Vivenz+ DMW
ntb
diversen
ntb
Gezondheidsmonitor
ntb
Gezondheidsmonitor
Molenlanden
Landelijk
% inwoners dat voldoet aan de beweegrichtlijnen
45,5 (2022)
(Streefwaarde) 51,7
Gezondheidsraad
% inwoners dat wekelijks sport
49,5 (2022)
51,3
Gezondheidsraad
Intern Indicator
respondenten evaluatie training: 50% zeer tevreden 33% tevreden tot zeer tevreden 11% tevreden 6% deels tevreden 70% van de 208 deelnemers vanaf
ntb
Kwalitatief onderzoek start in 2020
2024 (gem. rapportcijfer) 6,0
Hecht waarde aan cultuuraanbod Tevredenheid over het cultuuraanbod
5,6
BBV – indicatoren
ntb
Philadelphia
Indicator
Berekend
MLL
NL
Percentage niet sporters
Inw. 18+ 2022
50,5
46,4
Absoluut verzuim
Per 1000 inw. 5-18 jr. 2023
2,6
6,3
Relatief verzuim
Per 1000 inw. 5-18 jr. 2023
8
27
Begroting 2025 - 30
Vroegtijdige schoolverlaters. VO/MBO zonder startkwalificatie Achterstand kinderen in uitkeringsgezin
Percentage leerl. 12-23 jr. 2022
1,7
2,4
Percentage kinderen 2022
2
6
Achterstand Werkloze jongeren
Percentage jongeren 2022
1
1
Arbeidsparticipatie
Percentage werkenden t.o.v. beroepsbevolking 2023 Per 1000 inw. 2023
77,1
73,1
12
34
Lopende re-integratie-voorziening
Per 1000 inw 15-74 jr 4e kwartaal 2023
10,9
12,5
Jongeren met jeugdhulp
Percentage alle jongeren tot 18jr 2e halfjaar 2023
10,6
11
Jongeren met jeugdbescherming
Percentage alle jongeren tot 18jr 2e halfjaar 2023
0,9
0,9
Jongeren met delict voor de rechter
Percentage jongeren 1221 jarigen 2e halfjaar 2023
0
Jongeren met jeugdreclassering
Percentage jongeren 1223 jr. 1ste halfjaar 2023
Cliënten met maatwerk-arrangement WMO
Per 10.000 inwoners 2022
Personen met een bijstandsuitkering
• • • • • • •
Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020 en nadere regels 2024 Verordening huisvesting onderwijs Verordening op de kinderopvang Verordening, beleids- en nadere regels jeugdhulp 2021 Verordeningen adviesorganen Beleidsplan Inburgering Lokaal actieplan Laaggeletterdheid
Wat mag het kosten? Bedragen x € 1.000.000
2023
2024
2025
2026
2027
2028
A. Lasten
50,9
63,3
55,4
55,7
55,8
56,0
B. Baten
15,2
17,5
12,5
13,1
12,5
12,8
C. Mutaties reserves
1,4
4,9
0,4
0,4
0,4
0,4
1,4
Totaal Programma 3
34,3
40,9
42,5
42,2
42,9
42,8
0,1
0,3
550
700
Toelichting: In deze tabel zijn naast de bestaande budgetten ook de beleidsintensiveringen/-mutaties opgenomen waarvoor in de kadernota en/of in de begroting extra of minder middelen zijn opgenomen. Het betreft de volgende budgetten:
Bron: www.waarstaatjegemeente.nl
Actuele kaderstellende beleidsnota’s • Visie Sociaal Domein • Uitvoeringsplan Visie Sociaal Domein 2024-2025 • Plan van aanpak ‘Onze kinderen nabij’ • Samen voor gezond • Subsidieverordening • Verordening Leerlingenvervoer gemeente Molenlanden 2022 • Nadere regels beschermd wonen en opvang • Beleidsregels bekostiging lokaal bewegingsonderwijs • Verordening en nadere regels beschermd wonen en opvang 2018
• • • • • •
Dienst Gezondheid en Jeugd (€ 212.000 structureel) Service Organisatie Jeugd (€ 1.855.000 structureel) Inkomst Integrale Zorgakkoord (€ 338.000 in 2025 en 2026) Uitvoeringsplan Sociaal Domein (€ 598.500 structureel) Wet maatschappelijk ondersteuning (€ 567.000 structureel) Bijdrage GR Avres (€ 458.000 structureel)
Voor het jaar 2025 wordt er bij subsidieverlening aan semiprofessionele organisaties in het sociaal domein geen indexering toegepast. 1
Begroting 2025 - 31
1.4 Bestuur, Veiligheid en Dienstverlening
•
Missie We bieden inwoners en bedrijven een veilige omgeving. Het huidige veiligheidsniveau in Molenlanden is hoog. Dit willen wij zo houden, en waar mogelijk verbeteren. Bestuur Wat willen we bereiken? • Een leidende rol innemen bij de opgaven die voor Molenlanden van belang zijn in de regio. (A.1) • Het Molenlandse geluid sterker door laten klinken richting de Provincie, het Waterschap, het Rijk en in Brussel. Daarmee willen we kansen pakken of beperkingen wegnemen. (A.2) • Een sterke rol innemen binnen de gemeenschappelijke regelingen. Ook gericht op het, tot een minimum, beperken van (financiële) risico’s. (A.3) • Kansen benutten op inhoudelijke thema’s door eigen middelen in te zetten als hefboom voor bekostiging. (A.4) • Als raad willen we zichtbaar zijn en in verbinding staan met onze inwoners, bedrijven, en buurgemeenten en werken we aan een krachtige positie in de regio. (A.5) Wat gaan we hiervoor doen? • Voortzetten en verder uitbouwen van initiërende en leidende rol op belangrijke gemeente overstijgende opgaven, zoals agrarische economie en landschap. (A.1) • Invulling geven aan de besluitvorming over de toekomst samenwerking Alblasserwaard en Vijfheerenlanden rond samenwerken vanuit de opgaven. (A.1 en A.2) • Regionale afstemming en inzet voor het versterken van onze lobbykracht onder andere over de ruimtelijke puzzel.
(A.2) • Evalueren van de in 2021 vastgestelde Nota Verbonden Partijen. (A.3) • Onder voorbehoud van uitkomst verkenning regiodeal inzetten op uitwerken Regio Deal. (A.4
Uitvoering geven aan het nog vast te stellen raads- en griffieplan 2025-2026. Hierbij is in ieder geval aandacht voor de aansluiting van de raad op de lokale samenleving, een doorontwikkeling van de positionering van de raad in Verbonden Partijen en de voorbereiding op de gemeenteraadsverkiezingen in 2026 (A.5).
Openbare orde en veiligheid Wat willen we bereiken? • Een veilige gemeente blijven en ervoor zorgen dat inwoners dat ook zo ervaren. (B.1) Wat gaan we hiervoor doen? • Het Veiligheidsplan 2022-2025 actualiseren voor de jaren 2026-2029. We starten een werkgroep op, verwerken de input van diverse in- en externe partijen en anticiperen op maatschappelijke ontwikkelingen. • Uitvoeren van het door de raad vastgestelde Veiligheidsplan. Toelichting: In 2025 zetten we in op de prioriteiten uit het Veiligheidsplan die in het uitvoeringsprogramma voor dat jaar of doorlopend zijn benoemd. Het betreft onder andere: - Verdere aanpak van ondermijning. We gebruiken data die in 2024 uit een grote enquête is voortgekomen. We verwachten in 2025 meer meldingen vanuit inwoners, door een voorlichtingscampagne in 2024. Meerdere keren in het jaar informeren we daarnaast eigen medewerkers over het herkennen en melden van signalen. Het in 2024 gemaakte ondermijningsdashboard, waarbij we gebruik maken van in- en externe data, ontwikkelen we door (B.1) - Voortzetten van de aanpak van woonoverlast. We maken met de Woningcorporaties, Politie, Sociaal Team, Boa, OOV concrete afspraken over onder andere: taakverdeling, keuzes in instrumenten bij overlast, en welke partij op welk moment aan zet is. (B.1) - Doorontwikkelen samenwerking politie-boa.
Doordat we in 2024 een BOA in eigen dienst hebben, zijn de lijnen korter
Begroting 2025 - 32
en is de samenwerking met politie vergemakkelijkt. In 2025 geven we dat nog een extra impuls door concrete samenwerkingsafspraken te maken, onder andere over taakverdeling, informatie uitwisseling en gezamenlijke briefing. En actualiseren we onze continuïteitsplannen als er zich calamiteiten voordoen. (B.1) Actualisatie uitvoering dienstverlening Missie Een toegankelijke gemeente zijn met een gebruiksvriendelijke dienstverlening. De inwoner krijgt daarbij persoonlijke aandacht als dat passend is. Gemeente Molenlanden staat voor zichtbare, toegankelijke en benaderbare dienstverlening. We zetten ons in voor een persoonlijke benadering, het bieden van gemak en het samen doen voor elke vorm van onze dienstverlening met en voor de samenleving.
•
•
•
•
•
Wat willen we bereiken? • Gemak bieden aan onze inwoners met goede (telefonische) bereikbaarheid, snelle en kwalitatief goede (digitale) dienstverlening. (C.1) • Maatwerk bieden in begeleiding van inwoners voor wie digitale dienstverlening minder toegankelijk is. (C.2) • Continu de kwaliteit van dienstverlening en zichtbaarheid blijven verbeteren door te luisteren naar inwoners en andere relevante (interne) partijen. (C.3)
De informatie van en over de producten en diensten van de gemeente is makkelijk vindbaar en benaderbaar voor onze inwoners en ondernemers. En wij bieden hen maatwerk en ondersteuning waar nodig. (C.2). De ontwikkeling van onze dienstverlening wordt ingezet volgens de vastgestelde ontwikkelkaders integraliteit, verbinding, inzicht, toepassing, monitoring en digitalisering (actualisatie dienstverlening). (C.3). Het aanbod van opleidingen en trainingen voor medewerkers aan laten sluiten op onze visie van dienstverlening en draagt bij aan het borgen en verhogen van onze kwaliteit van dienstverlening. (C.3). De top 5 klantreizen en klantprocessen zijn inzichtelijk. De interne werkprocessen van deze top 5 passen we, waar mogelijk, aan om (beter) aan te sluiten bij het perspectief van onze inwoners en ondernemers. (C.3). We monitoren structureel de tevredenheid en beleving van onze dienstverlening. (C.3)
Wat gaan we hiervoor doen? • We ontwikkelen een toolkit dienstverlening met praktische handvatten en informatie voor medewerkers over en voor onze dienstverlening. (C.1) • Inwoners kunnen met hun vragen terecht bij het informatiecentrum. Zij zijn in staat om vragen van inwoners (1e lijn) te beantwoorden en waar nodig maatwerk en ondersteuning te bieden. (C.1).
Begroting 2025 - 33
Effect/resultaatindicatoren Wat mag het kosten? Veiligheidsbeleving inwoners (1x per 2 jaar)
8 (2023)
8
Veiligheidsmonitor
Indicator
Berekend
MLL
NL
Verwijzingen Halt
per 1000 inw 2023
0,48
0,5
Winkeldiefstallen
per 1000 inw 2023
0,29
2,52
Geweldsmisdrijven
per 1000 inw 2023
2,1
5,4
Diefstal uit woningen
per 1000 inw 2023
0,11
0,25
Vernieling
per 1000 inw 2023
1,84
3,93
Indicator
Realisatie
Bedragen x € 1.000.000
Streef-waarde 2026 Inwoners waarderen onze dienstverlening met gemiddeld een 8
Bron
6,2 (2022) Rekenkamerrapport Tevredenheid (be2022 leving)score van inwoners over dienstverlening 9,4 (eerste Onze bereikbaarheid Eigen monitoring periode Bereikbaarheid lijnscontact IC) wordt gescoord met Q1 en Q2 2024 van gemeente een 8 voor inwoners 72% (2023) 90% van aanvragen en Jaarverslag 2023 Afhandeling verinitiatieven wordt op gunning aanvratijd afgehandeld gen en initiatieven
2023
2024
2025
2026
2027
2028
A. Lasten
9,1
9,8
9,9
10,1
10,1
10,1
B. Baten
1,7
0,9
1,1
1,3
1,3
1,4
C. Mutaties reserves
0,0
0,1
0,0
0,0
0,0
0,0
Totaal Programma 4
7,5
8,8
8,8
8,8
8,8
8,7
Toelichting: In deze tabel zijn naast de bestaande budgetten ook de beleidsintensiveringen/-mutaties opgenomen waarvoor in de kadernota en/of in de begroting extra of minder middelen zijn opgenomen. Het betreft de volgende budgetten: • • •
Veiligheidsregio ZHZ (€ 31.000 structureel) GR Regio Alblasserwaard en Vijfheerenlanden (€ 83.000 structureel voordelig) Geen verkiezingen in 2025 (€ 159.000)
Actuele kaderstellende beleidsnota’s • Raads- en griffieplan 2023-2024 • Nota Verbonden Partijen 2021-2026 • Participatiebeleid • Algemene Plaatselijke Verordening • Drank & horecaverordening • Winkeltijdenverordening
Begroting 2025 - 34
1.5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien In onderstaande tabel vindt u het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen. Deze inkomsten kennen in tegenstelling tot heffingen als het rioolrecht en de afvalstoffenheffing geen vooraf bepaald bestedingsdoel. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen zijn de algemene uitkering uit het gemeentefonds, de onroerende-zaakbelastingen en de renteopbrengst. Bedragen (x € 1.000)
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Treasury
1.155
2.879
2.844
3.173
3.343
3.516
OZB woningen
5.217
5.506
5.682
5.815
5.950
6.089
OZB-niet woningen
2.935
3.029
3.073
3.147
3.222
3.299
Belastingen Overig
-96
-116
-75
-75
-75
-75
72.612
78.919
80.366
78.849
81.070
83.419
Alg uitkering Dividendopbrengst Overige baten en lasten Totaal
274
260
698
582
582
582
-678
-663
-147
-1.402
-3.152
-4.695
81.419
89.814
92.441
90.089
90.940
92.135
Lokale heffingen De lokale heffingen stijgen met zeven procent door prijsstijgingen bij GR Waardlanden en de indexering van de rioolheffing. Onroerendezaakbelastingen (OZB) Vergeleken met het totaal van vorig jaar is de opbrengst geïndexeerd met 2,2% inflatiecorrectie conform de Kadernota. Toeristenbelasting In onze gemeente heffen we toeristenbelasting voor verblijf in de gemeente van personen die niet in de gemeente Molenlanden staan ingeschreven in de basisregistratie personen.
Algemene uitkering In de begroting 2025 is voor de raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds uitgegaan van de septembercirculaire 2024 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dividend De gemeente ontvangt jaarlijks dividenduitkeringen uit hoofde van haar aandelenbezit in Stedin NV en de NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). In de begroting 2025 is uitgegaan van een dividendinkomst van Stedin van € 566.000 en van BNG Bank € 131.667. De aandeelhouders van Oasen besloten in 2005 om geen dividend meer uit te keren, maar in plaats daarvan structureel een schenking te doen aan een goed doel. Renteopbrengst De verkoop van het woningbedrijf heeft voormalige gemeente Giessenlanden een groot bedrag opgeleverd aan liquide middelen. Deze gelden zijn meerjarig belegd. Het laatste deel loopt tot 2025. Overige baten en lasten Onder overige baten en lasten is een stelpost opgenomen voor de stijging van de lonen. Hierbij is op basis van de meicirculaire, rekening gehouden met een stijging in 2025 van 4,4%, in 2026 3,8%, in 2027 4,8% en in 2028 4,0%. Onvoorzien Vanaf 2024 nemen we geen bedrag meer op voor onvoorziene uitgaven.
Begroting 2025 - 35
1.6 Overhead De overhead bestaat uit de personeelskosten en andere kosten welke niet direct aan de taakvelden kunnen worden toegerekend omdat deze feitelijk voor meerdere taakvelden worden gemaakt. Het betreft de zogenaamde PIOFACH kosten (Personeel Informatie Organisatie Financiën Automatisering Communicatie en Huisvesting). De BBV schrijft voor om deze kosten te verantwoorden op het taakveld 04 Bedragen X € 1.000
Directe personeelskosten aan overhead
Rekening 2023
Overhead en worden voor 2025 berekend op ca. €19.574.000. Dit is circa 15% van totale kosten van de begroting 2025. De stijging op automatiseringskosten wordt veroorzaakt door hogere uitgaven in het kader van informatiebeveiliging. In de paragraaf bedrijfsvoering is een aantal posten nader toegelicht.
Begroting Begroting Jaarschijf Jaarschijf Jaarschijf na wijz. 2025 2026 2027 2028 2024
9.141
10.987
12.115
12.115
12.115
12.115
Indirecte personeelskosten
819
1.015
1.043
1.013
998
998
Huisvestingskosten
802
453
336
338
335
335
Facilitaire kosten
397
453
431
431
431
431
Automatisering ICT
2.476
2.876
3.458
3.392
3.447
3.504
Informatiebeheer
276
679
687
687
687
687
Materieel en vervoer
321
233
261
261
261
261
Overige kosten bedrijfsvoering
1.329
446
651
441
441
441
Afschrijving en rente
1.048
1.050
1.447
1.476
1.275
1.288
Toerekening overhead aan investeringen
-489
-657
-850
-850
-850
-850
Bijdragen
109
-202
3
3
3
3
16.229
17.334
19.582
19.307
19.143
19.214
Bijdragen uit en aan reserves
-1.072
-8
-8
-10
-10
-10
Totaal Overhead
15.157
17.326
19.574
19.297
19.133
19.204
Begroting 2025 - 36
2.
Paragrafen
2.1 Paragraaf lokale heffingen De lokale heffingen vormen een belangrijk deel van de inkomsten van de gemeente Molenlanden en maken deel uit van het beleid van de gemeente. Het is belangrijk inzicht te hebben in de tarieven en de opbrengsten. De heffingen bepalen de lokale lastendruk en zijn van belang voor afweging tussen beleid en inkomsten. De gemeente Molenlanden kent de volgende heffingen: a. (on-)roerende-zaakbelastingen (OZB/RZB) b. precariobelasting c. rechten d. rioolheffing e. afvalstoffenheffing f. toeristenbelasting
Onroerende-zaakbelastingen De ‘onroerende-zaakbelastingen’ worden geheven van de eigenaren en gebruikers van bedrijfspanden, overige gebouwen en nietcultuurgronden. Daarnaast wordt ‘onroerende-zaakbelasting’ geheven van eigenaren van woningen. Deze belastingen worden geheven over de waarde van onroerende zaken. De waardering van de onroerende zaken vindt plaats op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Deze WOZ-waarden worden jaarlijks vastgesteld. In 2025 wordt de waarde gebruikt per waardepeildatum 1-1-2024.
De OZB, precariobelasting en toeristenbelasting dienen tot het verkrijgen van algemene dekkingsmiddelen. De rechten, rioolheffing en de afvalstoffenheffing zijn een vergoeding voor de door de gemeente te verstrekken diensten en mogen maximaal kostendekkend zijn. Ontwikkelingen 2025 Conform de uitgangspunten bij de kadernota 2025 is de OZB/RZB voor 2025 niet verhoogd, behoudens inflatiecorrectie van 2,2% en de areaaluitbreiding. De tarieven voor de leges en de begraafrechten zijn aangepast met de inflatiecorrectie van 2,2%. De kosten van afvalinzameling en –verwerking worden voor 100% doorberekend in de afvalstoffenheffing. De rioolheffing is 100% kostendekkend, waarbij de voorziening conform het GRP geleidelijk wordt afgebouwd en de tarieven structureel 3% per jaar stijgen, naast de inflatiecorrectie.
Zodra de nieuwe waarden bekend zijn worden de tarieven opnieuw berekend. Uitgangspunt voor deze berekening is de gewenste opbrengst. Dit is de belastingopbrengst van het voorgaande jaar, verhoogd met de belasting op (nieuwe) gereed gekomen panden. In de kadernota is aangegeven dat de OZB niet verhoogd zal worden, behoudens de areaaluitbreiding en inflatiecorrectie van 2,2%. Dit uitgangspunt is ook zo verwerkt in de begroting 2025. De verwachting is dat de nieuwe WOZ-waarden ongeveer 3% stijgen vergeleken met de oude waarden. De daadwerkelijke WOZ-waarden op basis waarvan de berekening van de OZB-tarieven 2025 plaatsvindt, zijn vermoedelijk pas in december 2024 bekend. De tarieven voor de onroerende-zaakbelastingen zijn afhankelijk van de getaxeerde waarden 2023 en worden in december vastgesteld. Rechten - leges Onder leges vallen diverse zaken, zoals paspoorten, rijbewijzen maar ook de omgevingsvergunningen. De nieuwe tarieven zijn conform de
Begroting 2025 - 37
uitgangspunten gecorrigeerd met de inflatiecorrectie van 2,2%, waarbij rekening is gehouden met de door het rijk vastgestelde maximumtarieven. De leges mogen volgens de regelgeving niet meer dan kostendekkend zijn. Daarnaast zijn er de wettelijke maximumtarieven bij diverse producten zoals reisdocumenten en rijbewijzen. De dekkingsgraad van de leges op grond van de legesverordening wordt in totaal bezien. In totaliteit mag de dekkingsgraad van de legesverordening niet hoger zijn dan 100%. Onderstaand overzicht maakt inzichtelijk dat de geraamde baten in totaliteit de geraamde lasten niet overschrijden.
Leges
Bij de leges van de vergunningen die verband houden met de Omgevingswet streven we naar een kostendekkingspercentage van 100%. De voorfase van is binnen de Omgevingswet erg belangrijk. Binnen de tariefstelling nemen we daarom deze fase als kostendekkend op. Daarnaast wordt de voorfase (gedeeltelijk) in mindering gebracht indien dit uiteindelijk tot een vergunningaanvraag leidt. Het totaal van de leges voor een vergunning zijn kostendekkend berekend. Uitzondering op de 100% kostendekking zijn de milieuleges, deze tarieven worden in afstemming met de regio en Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid opgesteld. Het kostendekkingspercentage hiervan voor 2025 bedraagt 25%. Hiervoor is gekozen omdat het een nieuwe heffingsbevoegdheid is en de begrote kosten een zo goed mogelijke inschatting zijn van de te verrichten dienstverlening
Totale lasten
Totale baten
Kostendekkendheid
1 Algemene dienstverlening Burgerlijke stand Reisdocumenten Rijbewijzen Verstrekkingen uit de basisregistratie personen Overige publiekszaken Gemeentearchief Bijzondere wetten Algemene plaatselijke verordening
64.896 1.259.320 474.933 53.056 23.122 12.742 129.866 971
52.207 685.619 248.690 21.844 9.163 12.702 126.539 260
80% 54% 52% 41% 39% 99% 97% 26%
Totaal hoofdstuk 1
2.018.906
1.157.024
57%
407.857
287.500
70%
2.934.278
3.095.620
105%
3.212
1.800
56%
119.305
31.324
26%
2 Omgevingswet Voorfase Activiteiten met betrekking tot bouwwerken Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed Milieubelastende activiteiten
Begroting 2025 - 38 pag. 38
Begroting 2020
Begroting 2025 - 39 Aanlegactiviteiten
40.147
13.500
33%
Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten
8.558
2.249
26%
Overige tarieven
78.144
105.000
134%
0
-143.550
-
3.591.503
3.393.443
94%
1.929
906
46%
311
186
59%
Organiseren evenement of markt
8.252
1.900
23%
Totaal hoofdstuk 3
10.492
2.992
28%
5.551.926
4.553.459
82%
Vermindering Totaal hoofdstuk 2 3 Europese dienstenrichtlijn Horeca Winkeltijdenwet
Totaal
Rechten – begraafrechten De begraafrechten worden geheven voor begrafenissen en het onderhouden van de begraafplaatsen. In het verleden zijn veel rechten voor onbepaalde tijd afgekocht, mede hierdoor zijn de begraafrechten niet kostendekkend. Sinds 2021 wordt gestreefd naar een de kostendekkendheid van de begraafrechten van 80% zonder stijging van de tarieven. De stijging van de toerekenbare lasten aan het taakveld en de stijging van de overhead zorgen er echter voor dat dit percentage niet wordt behaald. De kostenstijging op het taakveld worden onder andere veroorzaakt door de hogere kosten voor lonen en overhead. Om de tarieven te laten stijgen naar een kostendekkendheid van 80% in 2027 wordt het percentage van de kostendekking verhoogd naar 77%. In 2026 verwachten we een kostendekking van 78%. In 2027 bereiken we een dekkingsgraad van 80% wat vervolgens de jaren daarna zo blijft. Om dit kostendekkingspercentage te behalen worden de tarieven in 2025 naast de inflatiecorrectie met 7,5% verhoogd.
Begraafrechten Lasten taakveld Overhead Totale lasten Rechten Totale baten Kostendekkendheid Resultaat
Rioolheffing In het Gemeentelijk RioleringsPlan 2020-2024 is vastgesteld dat de tarieven van de rioolheffing structureel geleidelijk stijgen met 3% (exclusief inflatie) om een verdubbeling van het tarief te voorkomen. Het tekort wordt vervolgens gedekt uit de voorziening riolering.
Begroting 2025 - 39 pag. 39
1.352.402 568.242 1.920.644 1.478.896 1.478.896 77% -/- 441.748
Begroting 2019
De gemeente Molenlanden heft zowel rioolheffing van de eigenaar als van de gebruiker van een op het riool aangesloten onroerende zaak. De gebruikersheffing wordt geheven door middel van een opslag per m³ waterverbruik. Het waterleidingbedrijf Oasen int deze heffing. De gemeente hanteert één heffing voor zowel stedelijk afvalwater als hemelen grondwater. We kiezen niet voor gescheiden heffingen vanwege de hoge uitvoeringskosten en het toepassen van het solidariteitsprincipe. Objecten die indirect zijn aangesloten op de riolering en uitsluitend hemelwater kunnen afvoeren worden alleen voor de eigenarenheffing aangeslagen. Het tarief hiervan wordt bepaald op 25% van het tarief voor het eigenarendeel. Reden voor een lager tarief is dat deze objecten minder profijt hebben van de gemeentelijke riolering doordat zij uitsluitend hemelwater afvoeren. Op basis van de ramingcijfers is een geactualiseerde berekening van de tarieven gemaakt. Het tarief voor het eigenarendeel rioolheffing wordt € 112,02 per perceel. Het tarief voor de indirect aangesloten objecten die uitsluitend hemelwater afvoeren, bedraagt 25% van het tarief van het eigenarendeel, € 28,00. Het tarief voor het gebruikersdeel wordt € 1,32 per m3. Rioolheffing Lasten taakveld Overhead BCF BTW Totale lasten Rioolheffing Kostendekkendheid Dekking vanuit voorziening
4.547.684 464.137 1.559.298 6.571.119 4.842.000 74 % 1.729.119
Afvalstoffenheffing Voor de afvalstoffenheffing geldt conform de kadernota dat de kosten van afvalinzameling en -verwerking voor 100% door de heffing worden gedekt. Iedere zelfstandige wooneenheid binnen de gemeente wordt aangeslagen voor deze belasting. Molenlanden hanteert tarieven voor één- en meerpersoonshuishoudens en een heffing per lediging of storting. Het al of niet gebruikmaken van de gemeentelijke ophaaldienst, is voor het vastrecht niet relevant. Door de bestemmingswijziging in 2023 geldt voor de woningen in buurtschappen ook een verplichte afvalstoffenheffing. De ondergrondse voorziening voor de inzameling is door de buurtschappen bekostigd, om deze reden is een verlaagd tarief van toepassing tot 2034. De totale kosten voor afvalinzameling en –verwerking zijn de afgelopen jaren fors hoger geworden. Dit komt dit jaar ook door de fors stijgende kosten van Waardlanden. Het tarief voor éénpersoonshuishoudens stijgt naar € 380,87 en voor een meerpersoonshuishoudens naar € 465,58. Deze tarieven waren € 342,77 en € 417,96. Deze tarieven zijn het vastrecht en het gemiddelde verwachte aantal variabele aanbiedingen. Reinigingsdienst Waardlanden verzorgt het inzamelen van het huisvuil. Inwoners van Molenlanden kunnen ook hun afval aanbieden bij één de vier afvalbrengstations van Waardlanden. De dekkingsgraad van de kosten voor medische vrijstelling is net geen 100%.
Begroting 2025 - 40
Afvalstoffenheffing Lasten taakveld Overhead BCF BTW Totale lasten Afvalstoffenheffing Kostendekkendheid Resultaat
345 gemeenten staat. Uit de atlas blijkt dat het OZB-tarief van Molenlanden onder het gemiddelde van Nederland valt. De gemiddelde woningwaarde zit net boven het gemiddelde.
6.261.418 184.459 1.245.930 7.691.807 7.672.307 99% -
Bij de milieuheffingen ligt het tarief van de afvalstoffenheffing fors boven het landelijk gemiddelde (€ 346,- bij een meerpersoonshuishouden). De rioolheffing van Molenlanden ligt in 2024 ook boven het landelijk gemiddelde.
Toeristenbelasting In de kadernota 2024 is een inflatiecorrectie van 2,2 % vastgelegd. In verband met de wens tot afronding van het tarief wordt de belasting per persoon per nacht € 1,50. De toeristenbelasting wordt geheven voor het verblijf in de gemeente van personen die niet in de gemeente Molenlanden staan ingeschreven in de basisregistratie personen. De toeristenbelasting komt ten goede aan de algemene middelen. De eigenaar van een verblijfplaats krijgt een aanslag voor toeristenbelasting. Deze berekent de belasting door aan de gast. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit is moeilijk aan te geven. Het Rijksbeleid is er op gericht de lokale lasten trendvolgend met het Bruto Binnenlands Product te laten stijgen. Er blijft echter wel de mogelijkheid om hogere OZB heffingen toe te passen. De heffingen waar kosten tegenover staan zijn kostendekkend. Ontwikkeling lokale lastendruk Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo), onderdeel van de Rijksuniversiteit Groningen, onderzoekt jaarlijks de ontwikkeling van de lokale lasten. De uitkomsten worden jaarlijks gepubliceerd in de Coelo-atlas. De Coelo-Atlas over 2024 is de meest recente versie. Uit deze atlas blijkt dat de gemeente Molenlanden op plaats 262 van de
De gegevens van het hierna opgenomen overzicht komen uit de Coelo-atlassen van de corresponderende jaren en betreffende woonlasten van een meerpersoonshuishouden. Gemeente Alblasserdam Gorinchem HardinxveldGiessendam Krimpenerwaard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Vijfheerenlanden
Woonlasten 2022 2023 870 1.049 905 995 901 943
2024 982 1.009 991
Rangorde 2024 173 198 181
921 893 988 827 1.004
995 1.078 1.047 947 1.046
188 262 244 124 243
925 950 1.043 888 1.008
De lokale lastendruk voor een gemiddeld meerpersoonshuishouden ontwikkelt zich in Molenlanden als volgt. Afvalstoffenheffing Rioolheffing eigenaar Rioolheffing gebruiker OZB eigenaar Totaal
Begroting 2025 - 41
Woonlasten 2024 2025 418 465 106 112 149 156 328 335 1.001 1.068
Kwijtschelding Voor de inwoners van Molenlanden met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van kwijtschelding van de rioolheffing, de afvalstoffenheffing voor het vastrecht en tot maximaal € 42,voor het variabele recht. De kosten voor levensonderhoud bij de beoordeling of er recht op kwijtschelding is worden vastgesteld op 100%.
Begroting 2025 - 42
2.2 Paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing Algemeen Deze paragraaf gaat in op de vraag: in welke mate is de gemeentelijke financiële positie toereikend om de financiële gevolgen van risico’s op te kunnen vangen? Inzicht in de omvang van de risico’s is een voorwaarde voor een gezonde bedrijfsvoering. Bij de besluitvorming kan hiermee rekening worden gehouden. De financiële inschatting van de risico’s wordt gerelateerd aan de vermogenspositie van de gemeente. Binnen de organisatie is globaal geïnventariseerd welke risico’s er bekend zijn. Op basis van de risico’s is het weerstandsvermogen berekend. Volgens artikel 20 van de Financiële verordening moet de gemeenteraad een nota ‘Weerstandsvermogen & risicobeheersing’ vaststellen. In deze nota zijn de uitgangspunten voor de risicobeheersing en het risicobeheersingsproces vastgelegd. Financiële kengetallen In deze risicoparagraaf is aan het eind een aantal financiële kengetallen opgenomen. Deze getallen geven inzicht in de financiële positie van de gemeente. Beleid en beschikbaarheid van de weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit ziet er als volgt uit: Weerstandscapaciteit Algemene reserves ( vrij aanwendbaar) Begrotingssaldo / Jaarrekeningresultaat Totale Weerstandscapaciteit
Begroting 2025 *23.765.014 0 23.765.014
Jaarstukken 2023 27.111.000 10.305.567 37.416.567
*Voor de hoogte van de algemene reserve is uitgegaan van het saldo van de algemene reserve op de balansdatum inclusief de geplande onttrekkingen/toevoegingen waarbij ook het saldo 2025 wordt onttrokken om te komen tot een begrotingsresultaat van € 0,00 in 2025.
Weerstandsratio De weerstandsratio is de beschikbare weerstandscapaciteit gedeeld door de benodigde weerstandscapaciteit voor het afdekken van de geïnventariseerde risico’s. Weerstandsvermogen UITSTEKEND
2025 4,40
Een ratio van >1,0 is noodzakelijk om alle risico’s te kunnen opvangen. Een ratio onder de 1,0 is onwenselijk. Een ratio van >2,0 of hoger is uitstekend. Een ratio van 4,40 is uitzonderlijk goed. Beleid met betrekking tot de risico’s Bij elk risico wordt een inschatting gemaakt: wat is de mate van waarschijnlijkheid dat het risico zich voordoet en wat zijn de financiële consequenties hiervan. Dit wordt uitgewerkt in een kans- en een gevolgwaarde. Benadering van de risico’s en de vertaling in kans en effect We bekijken eerst de totale omvang van het te lopen risico, als deel van het totaalbedrag dat als last is opgenomen in de jaarrekening. Zo duiden we de risico’s in omvang. Vervolgens maken we een inschatting van de kans dat het risico zich voordoet. Daarbij hanteren we de volgende indeling: • •
Laag: Het gevolg van het risico wordt voor 25% meegenomen in het risicoprofiel. Gemiddeld: Het gevolg van het risico wordt voor 50% meegenomen in het risicoprofiel.
Begroting 2025 - 43
•
Hoog: Het gevolg van het risico wordt voor 75% meegenomen in het risicoprofiel. • Zeer hoog: Het is nagenoeg zeker dat het risico zich voordoet. Voor het gevolg van het risico wordt een voorziening getroffen of dit is financieel verwerkt in de begroting. Van een risico zijn de geschatte (totale) kosten (kans x effect) gekwantificeerd en opgenomen in de tabel van risico’s. Financiële risico’s die zich voordoen In de onderstaande tabel treft u de gekwantificeerde risico’s aan. Het totaal aan risico’s bedraagt € 5.391.667. Dit was € 4.613.037 in de jaarrekening 2023. Deze stijging wordt veroorzaakt doordat de omvang van risico’s uitgedrukt in
Omschrijving Grondexploitaties* Garanties (1% over hoofdsom) Gemeente- en BTW-compensatiefonds Dividenden Stedin en BNG Bedrijfsvoering loonkosten en overhead Stijging rentelasten Leges bouwvergunningen Participatie Jeugdzorg WMO Leerlingenvervoer Weerstandsvermogen bij verbonden partijen Totaal
geld is gestegen als gevolg van kostenstijgingen en bijbehorende budgetverhogingen. Zo is bijvoorbeeld de omvang van het Gemeentefonds gegroeid, de bedrijfsvoeringskosten voor lonen en overhead zijn gestegen en de ramingen voor bijvoorbeeld dividend en leges zijn ook verhoogd. Hierdoor is een hoger bedrag in omvang ontstaan. Deze stijging wordt dus niet specifiek veroorzaakt doordat er op één of meerdere onderdelen nieuwe risico’s zijn ontstaan. Per saldo is het verschil vergeleken met de jaarrekening 2024 niet heel groot te noemen. Aangekondigde ontwikkelingen of onderzoeken met mogelijke uitgaven zijn niet te kwantificeren in financiële zin of omvang. Ze worden verderop in deze paragraaf wel onder de aandacht gebracht.
Totale omvang van te lopen risico
Omvang risicogedeelte
Kans dat risico zich voordoet
94.753.000 80.024.000 697.667 38.069.000 7.000.000 2.500.000 1.804.000 12.622.250 7.245.858 850.000 342.488
94.753 800.240 697.667 3.806.900 70.000 1.250.000 180.400 1.325.336 724.585 85.000 342.488
25% 50% 75% 25% 25% 50% 50% 75% 75% 75% 50%
*De opbouw van de risico’s rondom dit onderwerp staan beschreven op de volgende pagina.
Begroting 2025 - 44
Geschat risico (omvang x kans) 987.750 23.688 400.120 523.250 951.725 17.500 625.000 90.200 994.002 543.438 63.750 171.244 5.391.667
Toelichting risico’s Grondexploitaties en Vastgoed Projecten Voor de risico’s die zich voordoen binnen de grondexploitaties en vastgoedprojecten is uitgegaan van het risicoprofiel op individueel niveau en de meest recente doorrekening van alle grondexploitaties. De risico’s op grondexploitaties bedragen De risico’s op de overige grondgebonden projecten bedragen Totaal
488.800 498.950 987.750
Garanties en waarborgen De gemeente staat garant voor tal van leningen en deelnemingen. De kans dat zich hierbij risico’s voordoen, is erg klein. Het risico is bepaald op 0,1% van de hoofdsom, de kans daarop als klein, 25%. De mogelijke risico’s als gevolg van extra te verlenen garanties in verband met de coronacrisis worden afgedekt door het Noodfonds. Gemeentefonds en BTW-compensatiefonds Gemeenten en provincies kunnen vanaf 2016 tot een vastgesteld maximum BTW declareren. Verschillen ten opzichte van het plafond worden aan gemeenten uitgekeerd. Er is in 2023 minder gedeclareerd bij dit fonds. Dit betekent een toevoeging aan het gemeentefonds. We hebben gekozen om dit voordeel structureel in de begroting op te nemen. Dit voordeel is € 740.000. Het risico is dat er meer gedeclareerd wordt, waardoor we het ingeboekte voordeel niet behalen. Dit risico schatten we in op 50%.
Dividend Stedin en BNG Jaarlijkse schommelingen van het dividend op gewone aandelen van Stedin kunnen leiden tot een verschil ten opzichte van de begroting. Het te ontvangen dividend op de gehouden preferente aandelen in Stedin is tot 2027, namelijk voor de duur dat het dividendpercentage vaststaat, constant. Stedin gaat via haar dochter NetVerder participeren in toekomstige warmtebedrijven (vooruitlopend op de komende Wet Collectieve Warmte). Daartoe is het Meerjarig Strategisch Plan 2023-2027 geactualiseerd op basis van een opgestelde en door de aandeelhouders goedgekeurde Warmtestrategie. Onderdeel van deze strategie zijn onder meer maatregelen in het kader van risicomanagement, waarmee mogelijke risico’s verbonden aan warmteprojecten worden beheerst. We merken het volledige bedrag aan als onzekerheid met een kans van 75%. Bedrijfsvoering loonkosten en overhead Het gaat om risico’s van nog niet voorzienbare kosten in verband met wachtgeld van politieke ambtsdragers en ontslag van personeel. Met de komst van de Cybersecuritywet op basis van de NIS2-richtlijn zijn er ook risico’s op het gebied van informatiebeveiliging, privacy en juridische aansprakelijkheid. Er zijn en worden diverse verplichte beheersmaatregelen getroffen om deze risico’s zoveel mogelijk te beperken. Dit gebeurt op het terrein van informatiebeveiliging, privacy en verzekeringen.
Voor deze risico’s hebben wij een inschatting gemaakt van 10% van de totale personeels- en bestuurskosten met een kans van 25%. Stijging rentelasten In de begroting 2025-2028 is rekening gehouden met een rente die vergelijkbaar is met het niveau van eind 2024 voor de raming van de rentelasten op nieuw aan te trekken leningen. De ontwik-
Begroting 2025 - 45
kelingen op de kapitaalmarkt laten zien dat mogelijke renteverhogingen niet waarschijnlijk zijn en dat de ECB langzaam aan gaat verlagen. Gezien de herfinanciering op oude leningen voor een langere periode lopen we geen risico. Het gaat alleen om nieuw aan te trekken leningen. In 2025 moet er mogelijk nog een langlopende lening aangetrokken worden. We verwachten dat er geen sprake zal zijn van kortlopende financieringen. We schatten de kans van een rentestijging voor 2025 in als laag. Leges bouwvergunningen De raming van de bouwleges vormt een risico. Met de komst van de Omgevingswet in 2024 is er een analyse gemaakt welke vergunningen er vallen onder de vergunningplicht, welke werkzaamheden hier op van toepassing zijn en hoeveel aanvragen we ongeveer kunnen verwachten op basis van de eerste 9 maanden in 2024 en de ervaringen van de afgelopen jaren. Dit heeft gezorgd voor aanpassingen in de ramingen. Komen er volgend jaar meer of minder aanvragen? En welke kosten hangen hiermee samen? Het risico van een lagere opbrengst wordt hoog ingeschat. Het risicobedrag is bepaald op de halve omvang met een kans van 50% op lagere opbrengsten. Participatie Gemeenschappelijke regeling Avres voert de Participatiewet, het Minimabeleid en de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening uit voor onze gemeente.
Hoewel het budget bij de uitvoering en het beleid door Avres leidend is, kan toch een tekort ontstaan. Avres heeft te maken met toenemende armoede onder andere door de energiecrisis en de leefgeldverstrekking aan opgevangen Oekrainers. De uitgaven voor minimavoorzieningen nemen daardoor toe. De zittende medewerkers in de sociale werkvoorziening en met beschut werk hebben loon- en baangarantie terwijl de rijksvergoeding niet altijd dekkend is. Avres werkt samen met de
deelnemende gemeenten om zo goed mogelijk op deze ontwikkelingen in te spelen. Ondanks deze ontwikkelingen en de risico’s is er de laatste jaren sprake van een overschot in de jaarrekening van Avres. Het bestuur van Avres beziet op verzoek van de gemeenten, de mogelijkheden om te bezuinigen vanwege de negatieve financiële ontwikkelingen bij de gemeenten, zodat de gemeentelijke bijdrage verlaagd kan worden. Waar dit gevolgen heeft voor de dienstverlening, begeleiding en ondersteuning van inwoners, wordt dit vooraf aangegeven. Jeugdzorg (Dienst gezondheid en jeugd) Jeugdzorg wordt door de serviceorganisatie jeugd (SOJ) ingekocht. Een nadelig exploitatieresultaat zal SOJ direct bij de deelnemende gemeenten op basis van een verdeelsleutel in rekening brengen. SOJ beschikt niet over reserves. Anderzijds wordt een voordelig verschil uitgekeerd. Qua sturing is het voortdurend zoeken naar een balans tussen zorgvraag en beschikbaar budget. Bij de beleidsplanning en het contracteren van zorgaanbieders is het beschikbare budget uitgangspunt. De risico’s betreffen met name inflatie en JeugdzorgPlus. Op basis van de beschikbare sturingsinformatie wordt ingeschat dat de geschetste effecten een risico vormen voor onze gemeente. Als uitgangspunt nemen we 10,5% van de totale kosten op als risicogedeelte, waarbij we uitgaan van een hoge kans.
WMO Aan de hand van ervaringscijfers ramen we zo realistisch mogelijk. Dat neemt niet weg dat er risico’s bestaan, zoals de toename van het aantal cliënten met een indicatie voor huishoudelijke ondersteuning en andere maatwerkvoorzieningen. Dit is het gevolg van de dubbele vergrijzing, langer thuis wonen en het
Begroting 2025 - 46
vaste abonnementstarief. Voor individuele begeleiding en dagbesteding zijn de kosten gestegen door hogere marktconforme tarieven als gevolg van de aanbesteding. Het Wmo-vervoer wordt momenteel opnieuw ingekocht. De (beoogde) startdatum van het nieuwe contract is 1 augustus 2025. De vervoerstarieven zullen dan naar verwachting aanmerkelijk hoger liggen dan de huidige tarieven. De Wmo-hulpmiddelen worden momenteel opnieuw aanbesteed. De startdatum van het nieuwe contract is 1 februari 2025. Ook hiervan is de verwachting dat de kosten zullen stijgen. Voor het Wmo-vervoer en de Wmo-hulpmiddelen verklaren we een stijging als een correctie vanuit de markt. Het betrof oudere contracten waardoor de marktconformiteit onder druk is komen te staan. Op basis van het wetsvoorstel wordt voor de Wmo de vaste lage eigen bijdrage op zijn vroegst per 1 januari 2026 gewijzigd in een inkomens- en vermogensafhankelijke bijdrage. Hierbij merken we op dat de Raad van State recentelijk negatief heeft geadviseerd op de kabinetsplannen. Het is hierdoor onzeker of de beoogde invoeringsdatum kan worden gehaald. De CRvB heeft recentelijk ook bepaald dat gemeenten op geen enkele wijze een inkomenstoets mogen toepassen. Er wordt ingeschat dat er een hoge kans is op een afwijking van 10% met een risico van 75%. Leerlingenvervoer Leerlingenvervoer is een open-eind regeling.
Het benodigde budget is vooral afhankelijk van de ontwikkeling van het aantal aanvragen. Vanaf augustus 2025 zullen de tarieven mogelijk nog verder stijgen als gevolg van een aanbesteding. De kans is bepaald op ‘hoog’. Prijsstijgingen t.g.v. crisis
In 2022 en 2023 zijn de prijzen aanzienlijk gestegen. In 2024 zagen we stabilisering van de prijzen maar dit is nog niet doorgedrongen in de hele economie. Zo blijven de tarieven van arbeid hoog en zijn ook aanbestedingen veelal hoger dan verwacht als gevolg van een vaak beperkt aanbod van geïnteresseerden. Dit heeft als gevolg dat Molenlanden rekening blijft houden met hogere kosten door het huidige economische klimaat. Voor 2025 houden we rekening met hogere prijzen en zijn enkele budgetten daarvoor aangepast. We ramen hiervoor geen extra risico meer binnen deze paragraaf. Weerstandsvermogen bij verbonden partijen Gemeente Molenlanden neemt deel in meerdere gemeenschappelijke regelingen. Voor de gemeenschappelijke regelingen met een sturingsprofiel ‘hoog’ en ‘gemiddeld’, zoals vermeld in de paragraaf Verbonden Partijen, is het benodigde en beschikbare weerstandsvermogen opgenomen in onderstaande tabel. Niet alle gemeenschappelijke regelingen beschikken over voldoende weerstandsvermogen. Indien het benodigde weerstandsvermogen groter is dan het beschikbare weerstandsvermogen, moeten de deelnemende gemeenten dit resterende risico gezamenlijk dragen. Daarom nemen we de volgende bedragen op: Bedragen x 1.000
GR DG&J*
Benodigd weerstandsvermogen
Weerstandsvermogen
Belang
Opnemen
1.650.000
1.900.000
7,9%
200.000
VRZHZ
1.665.800
510.000
9,7%
112.113
Avres
3.612.000
6.637.000
18,5%
0
Waardlanden
1.500.000
1.607.000
21,3%
Omgevingsdienst Totaal
750.000
345.000
7,5%
Begroting 2025 - 47
30.375 342.488
Aanvulling bij de tabel: De reserves van DG&J (€ 1,9 miljoen) bestaan voor € 1,4 miljoen uit de bestemmingsreserve voor het opvangen van de frictiekosten als gevolg van de uittreding Leerdam/Zederik. Dit betekent dat de risico's ruimschoots het weerstandsvermogen overtreffen. Als deze bestemmingsreserve buiten beschouwing wordt gelaten, dan moet een bedrag van € 101.255 worden opgenomen in de begroting van Molenlanden. Het beschikbare weerstandsvermogen is afkomstig uit de meest recente gegevens van de DG&J. Naar ons inzicht is het beschikbare vermogen nihil. Daarnaast zijn de inschattingen van de risico’s niet actueel. Het verzoek is al neergelegd hier werk van te maken. Wij verwachten toch een aanzienlijk risico voor 2025 en nemen daarom een bedrag van € 200.000 op, net als in 2024.
•
Ontwikkelingen Een aantal ontwikkelingen laat zich niet of nog niet financieel vertalen. Deze worden op een later tijdstip aan de gemeenteraad aangeboden of zijn afhankelijk van nog uit te voeren onderzoeken. Als voorbeelden noemen we:
•
• •
Ontwikkeling cultureel-erfgoed gebied Kinderdijk. Niet alle opgaven zijn verwerkt in de meerjarenbegroting maar zullen op termijn wel naar voren komen. Het investeringsprogramma uit het Accommodatiebeleid en het Integraal Huisvestingsplan Primair onderwijs Molenlanden 2021-2032 (IHP) zijn hier de belangrijkste voorbeelden van. Deze worden steeds per onderdeel ter besluitvorming aan de raad voorgelegd.
De Hervormingsagenda Jeugd is definitief vastgesteld, ondertekend en aangeboden aan de Tweede Kamer en Eerste Kamer. Met het afsluiten van de Hervormingsagenda zijn de aanvullende middelen voor de jaren 2024 en 2025 toegevoegd aan het gemeentefonds. Gemeenten moeten bijbehorende baten en lasten op realistische wijze in een structureel sluitende begroting verwerken. Voor 2026 en verder heeft het Rijk een deel van de compensatie nog op de aanvullende post in de rijksbegroting staan. De toevoeging aan het gemeentefonds van de aanvullende middelen voor jeugdzorg voor 2026 en verder vindt plaats na het advies van de deskundigencommissie en de besluitvorming daarover. In januari 2025 zal een eerste advies komen van de deskundigencommissie en dit wordt verwerkt bij de Voorjaarsnota 2025. De gemeente Molenlanden werkt samen met vele partijen. Vaak gaat dit in goede harmonie, maar we constateren een ‘juridisering’ in de samenleving die ook zijn effect heeft op de samenwerkingsvormen die de gemeente kent. Partijen die opdrachten niet gegund krijgen stellen zich harder op en mogelijk volgen hieruit kosten voor juridische capaciteit, proceskosten en eventuele schadevergoedingen. De omvang hiervan kan niet worden bepaald en opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing, wel wordt de kans dat dit risico zich voordoet middelmatig ingeschat.
Begroting 2025 - 48
Financiële kengetallen Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is een aantal financiële kengetallen opgenomen die inzicht geven in de financiële positie van de gemeente. In het onderstaande overzicht de uitkomsten: Ratio's
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Netto Schuldquote in %
10,7%
23,7%
29,8%
30,7%
29,1%
25,9%
Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen in % Solvabiliteitsratio
5,8%
26,4%
27,6%
30,7%
29,1%
25,9%
61,2%
46,7%
46,5%
44,1%
42,2%
39,9%
Structurele exploitatieruimte
1,60%
1,45%
1,53%
-0,48%
0,14%
1,55%
Grondexploitatie
2,3%
3,2%
2,9%
3,0%
3,0%
2,8%
Belastingcapaciteit
99,2%
102,3%
107,4%
110,6%
113,9%
117,4%
Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een netto schuldquote tot 100% wordt algemeen beschouwd als goed. Dit kengetal wordt voor de gemeente Molenlanden daarom als redelijk beoordeeld. Er is een correctie op dit getal als we de verstrekte leningen hieruit filteren. Ten opzichte van de begroting is het kengetal fors lager omdat door achtergebleven investeringen minder geldleningen zijn aangetrokken dan waar bij de begroting vanuit gegaan was.
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan we het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. De ratio is hoog doordat er sprake is van een groot eigen vermogen. Een gezond percentage ligt in ieder geval boven de 20%. De gemeente Molenlanden komt ruimschoots uit boven deze ondergrens. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen. Of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Dit kengetal laat zien dat structurele lasten en baten ongeveer gelijk zijn. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Het betreft hier de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht in hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De definitie van belastingcapaciteit is hier: woonlasten van een meerpersoonshuishouden, opgebouwd uit OZB, afvalstoffen- en rioolheffing.
Algemeen wordt een belastingcapaciteit tot 100% als goed beoordeeld. De gemeente Molenlanden scoort boven 100%, wat betekent dat de belastinglasten voor de inwoners van Molenlanden hoger zijn dan het landelijk gemiddelde.
Begroting 2025 - 49
Beoordeling onderlinge verhouding tussen kengetallen De gemeente Molenlanden heeft een stevige financiële reservepositie en een materieel sluitende meerjarenbegroting. De solvabiliteitsratio is hoog. Tegenvallers kunnen opgevangen worden door aanwending van de reserves, wat ook blijkt uit de hoge
weerstandsratio. Het beleid is erop gericht om structurele uitgaven te dekken door structurele inkomsten.
Begroting 2025 - 50
2.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Algemeen De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte en gemeentelijke gebouwen, de zogenoemde kapitaalgoederen. Dit zijn wegen, verkeersvoorzieningen en overig straatmeubilair, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting, spelen, groen, begraafplaatsen, riolering, water, sportaccommodaties en gebouwen. Kapitaalgoederen hebben onderhoud nodig, zodat wij een veilig gebruik kunnen waarborgen. Zowel meerjarig groot onderhoud als dagelijks, klein onderhoud. De kosten daarvan en de planning zijn vastgelegd in beheerplannen. Ook voor de inwoners is de kwaliteit van hun leefomgeving belangrijk. Teruglopende kwaliteit kan leiden tot kleine ergernissen, klachten of zelfs serieuze ongelukken. Een goede afhandeling van meldingen is daarom van groot belang. Bij herinrichtingsplannen en reconstructies vinden we de betrokkenheid en het informeren van inwoners van groot belang. Samen met onze samenwerkingspartners hebben we hier continu aandacht voor. Dit blijft een punt van doorlopende ontwikkeling. Denk aan het inzetten van de projectenwebsite, de Bouwapp en andere passende (online) kanalen en middelen. In onderstaand overzicht staan de beheerplannen met de beleidskaders die voor de diverse kapitaalgoederen zijn opgesteld:
Beheerplannen
Vastgesteld door de raad of college
Looptijd t/m
Financiële vertaling in begroting
Achterstallig onderhoud
2021
2026
Ja
Nee
2025
2029
Ja
Nee
2022
2033
Ja
Nee
Beheerplan begraafplaatsen Sportaccommodaties 2)
2021
2026
Ja
Nee
2021
2026
Ja
Nee 4)
Gebouwen 3)
2021
2041
Ja
Nee 4)
Integraal Beheerplan Buitenruimte 1) Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 1) Baggerplan
1) De uitkomsten van het Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2024 zijn opgenomen en ingepast in het Integraal Beheerplan Buitenruimte. 2) Beheerplan Sportaccommodaties wordt 5-jaarlijks geactualiseerd binnen het vastgoed-en accommodatiebeleid. 3) Beheerplan Gebouwen 2021-2041 wordt 3-jaarlijks geactualiseerd. 4) Er zijn diverse gebouwen met uitgesteld onderhoud i.v.m. nog te maken keuzes vanuit het vastgoed-en accommodatiebeleid.
Integraal Beheerplan Buitenruimte Het Integraal Beheerplan Buitenruimte Molenlanden 2022-2026 is gebaseerd op een lange termijnplanning voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. De beleidsuitgangspunten, kaders en kosten zijn hierin vastgelegd. Dit plan geeft inzicht in de huidige en de gewenste (beeld)kwaliteit van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte inclusief het benodigde budget (met een doorkijk tot en met 2031). Het Integraal Beheerplan heeft betrekking op de volgende categorieën voorzieningen (assets): wegen, verkeersvoorzieningen
Begroting 2025 - 51
en overig (straat)meubilair, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting, spelen, groen, riolering, water.
plus aan de inrichting. Het kwaliteitsniveau en eventuele aanvullende eisen worden bij de toelichting van de diverse kapitaalgoederen nader benoemd onder het kopje Kaders.
De begraafplaatsen, het baggeren, sportaccommodaties en gemeentelijke gebouwen vallen buiten het kader van het Integraal Beheerplan. Deze voorzieningen hebben eigen beheerplannen. Planmatig beheer - Uitvoering in 2025 Het onderhoud in 2025 en verder is gebaseerd op de onderhoudsplanningen van de betreffende voorzieningen binnen de buitenruimte. Deze planningen actualiseren we jaarlijks.
Klimaat en duurzaamheid Deze onderwerpen komen steeds nadrukkelijker in beeld. Bij de voorbereiding en uitvoering van werkzaamheden binnen de openbare ruimte houden we rekening met onze klimaat- en duurzaamheidsuitgangspunten. Zowel technische als financiële haalbaarheid en effecten worden hierbij steeds meegewogen.
Het (planmatig) beheer en onderhoud is gericht op het veilig en doelmatig in stand houden van de diverse voorzieningen. Bij reconstructies en herinrichtingen worden de onderhouds- en vervangingswerkzaamheden zo veel als mogelijk integraal opgepakt. De in 2025 geplande reconstructies, herinrichtingen en dergelijke staan in het deel 3.10 Investeringen.
Bijhouden gegevens en inspecties Voor bijna alle kapitaalgoederen geldt dat voor het bijhouden van de gegevens over arealen, kwaliteitsgegevens en uitgevoerde inspecties diverse gedigitaliseerde beheerprogramma’s beschikbaar zijn. Deze gegevens benutten we voor de actualisatie van de diverse beheerplannen.
Bezuinigingsopgaven en Kerntakendiscussie De in 2025 door te voeren bezuinigingsopgaven zijn op dit moment nog niet bekend. Ook de in 2025 geplande Kerntakendiscussie heeft mogelijk gevolgen op het niveau en kosten van beheer en onderhoud door aanpassingen in beleid. Het is de verwachting dat deze effecten zichtbaar worden in de Begroting 2026. Beiden zijn nu niet meegenomen in deze Paragraaf.
Kapitaalgoederen per categorie De totale oppervlakte van de gemeente Molenlanden is ongeveer 19.160 hectare. De gemeente heeft hiervan ongeveer 323 hectare aan openbare ruimte in beheer en onderhoud. Onze kapitaalgoederen liggen voornamelijk binnen de bebouwde kommen van de 20 kernen. Een uitzondering hierop vormen de onderdelen Openbare Verlichting, Riolering, Straatnaamborden en onderdelen van Straatmeubilair. Deze onderdelen onderhouden we ook buiten de bebouwde kom.
Kwaliteitsniveau Beoordeling van de (beeld)kwaliteit gebeurt conform de CROWnormen. Het uitgangspunt binnen Molenlanden is dat de buitenruimte standaard onderhouden wordt op kwaliteitsniveau B. Uitzondering hierop zijn de zichtlocaties in de kernen. Voor deze gebieden wordt kwaliteitsniveau A aangehouden. Binnen deze gebieden passen we duurzame materialen toe en geven we een
Hieronder lichten we de diverse kapitaalgoederen afzonderlijk toe, waarbij de genoemde cijfers een indicatie van de omvang geven. Een tabel met een totaaloverzicht van de areaalgegevens staat achteraan in de Paragraaf Kapitaalgoederen.
Begroting 2025 - 52
Wegen Kerncijfers De gemeente beheert wegen met een totale lengte van ongeveer 175 km, onderverdeeld in: • Asfaltverharding ca. 325.000 m2 •
Elementenverharding (klinkers en tegels) ca. 1.210.000 m2
•
Overige verharding ca. 20.000 m2
Kaders Volgens de wet moet de gemeente zorgen voor een goede staat van onderhoud van het gemeentelijk wegennet. Daarom moet het wegennet aan minimale eisen voldoen. Hiervoor worden de gebruikelijke richtlijnen van het CROW gehanteerd. Beheer en onderhoud Het kwaliteitsniveau brengen we jaarlijks in kaart via visuele inspecties die we in het voorjaar laten uitvoeren. Op basis van de resultaten van de inspecties voeren we het jaarlijks (klein) onderhoud aan asfalt- en open verhardingen uit. Verder worden werkzaamheden rondom belijning en markeringen uitgevoerd. Ook wordt adequaat ingespeeld op calamiteiten, klachten en meldingen van bewoners. Toegankelijkheid In het VN-verdrag Handicap is het doel vastgelegd dat personen met een beperking volledig aan de samenleving kunnen deelnemen door drempels zoveel mogelijk weg te nemen. Om op dit punt verbeteringen in de openbare ruimte door te voeren, is een jaarlijks budget beschikbaar. Hiervan wordt per jaar in een aantal kernen de toegankelijkheid van de openbare ruimte geïnspecteerd. De hieruit voortkomende maatregelen voeren we vervolgens uit. Dit proces loopt tot alle kernen in beeld zijn. Ook bij reconstructies houden we rekening met toegankelijkheid. Er is