Begroting 2024
Tekst van het document
Begroting 2024 - 28
Bron
400 (af- Service organisatie Zuid-Holland hankelijk Zuid van totaal) Van totaal: 37 % medisch verwijzers 37% jeugdteam
12 %
Gezondheidsmonitor
1
Intern
?
Kwalitatief onderzoek start in 2020
?
Philadelphia
Molenlanden
Landelijk (Streefwaarde)
% inwoners dat voldoet aan de 47,7 (2020) beweegrichtlijnen
51,7
% inwoners dat wekelijks sport
51,3
44,8 (2020)
Indicator
Gezondheidsraad
Gezondheidsraad
2022 (gem. rapportcijfer) 6,0
Hecht waarde aan cultuuraanbod Tevredenheid over het cultuuraanbod
6,1
Indicator
Berekend
MLL
NL
Percentage niet sporters
Inw. 18+ 2020
55,2
49,2
Absoluut verzuim
Per 1000 inw. 5-18 jr. 2022
0,9
4,2
Relatief verzuim
Per 1000 inw. 5-18 jr. 2022
5
26
Vroegtijdige schoolverlaters. VO/MBO zonder startkwalificatie Achterstand kinderen in uitkeringsgezin
Percentage leerl. 12-23 jr. 2021
1,1
1,9
Percentage kinderen 2021
2
6
Achterstand Werkloze jongeren
Percentage jongeren 2019
1
2
Arbeidsparticipatie
Percentage werkenden t.o.v. beroepsbevolking 2022 Per 10.000 inw. 2020
76,0
72,2
144,7
432,1
132,4
197,7
Lopende re-integratie-voorziening
Per 10.000 inw 15-64 jr 2022
Percentage alle jongeren tot 18jr 2022
12,8
13,2
Jongeren met jeugdbescherming
Percentage alle jongeren tot 18jr 2019
1,1
1,2
Jongeren met delict voor de rechter
Percentage jongeren 1221 jarigen 2019
0
1
Jongeren met jeugdreclassering
Percentage jongeren 1221 jr. 2022
0,1
0,3
Cliënten met maatwerk-arrangement WMO
Per 10.000 inwoners 2022
550
700
Bron: www.waarstaatjegemeente.nl
BBV – indicatoren
Personen met een bijstandsuitkering
Jongeren met jeugdhulp
Actuele kaderstellende beleidsnota’s • Uitgangspunten Koersdocument • Plan van aanpak ‘Onze kinderen nabij’ • Samen voor gezond • Subsidieverordening • Verordening Leerlingenvervoer gemeente Molenlanden 2022 • Nadere regels beschermd wonen en opvang • Beleidsregels bekostiging lokaal bewegingsonderwijs • Verordening en nadere regels beschermd wonen en opvang 2018 • Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019 en nadere regels 2021 • Verordening huisvesting onderwijs • Verordening op de kinderopvang • Verordening, beleids- en nadere regels jeugdhulp 2021 • Verordeningen adviesorganen • Beleidsplan Inburgering • Lokaal actieplan Laaggeletterdheid
Begroting 2024 - 29
Wat mag het kosten? Bedragen x € 1.000.000
2022
2023
2024
2025
2026
2027
A. Lasten B. Baten C. Mutaties reserves Totaal Programma 3
47,7 12,1 -1,1 34,6
52,1 14,1 -2,6 35,3
50,0 10,8 -0,4 38,9
50,2 11,3 -0,4 38,5
50,4 11,5 -0,4 38,6
50,6 11,2 -0,4 39,1
Toelichting: In deze tabel zijn naast de bestaande budgetten ook de beleidsintensiveringen/-mutaties opgenomen waarvoor in de kadernota en/of in de begroting extra of minder middelen zijn opgenomen. Het betreft de volgende budgetten: • • • • • • • • • •
Dienst Gezondheid en Jeugd (€ 318.000 structureel) Service Organisatie Jeugd (€ 679.000 structureel voordelig) Aanbesteding jeugdprofessionals (€ 624.000 structureel) Personele inzet opvang vluchtelingen (€ 157.000 structureel) Subsidie sportbeleid en activering (€ 96.000 structureel) Versterken welzijnswerk (€ 243.000 structureel) Impulsgelden (€ 348.000 structureel voordelig) Compensatieregeling voogdij (€ 725.000 structureel) Mutaties sociaal loket (€ 906.000 structureel) Bijdrage GR Avres (€ 86.000)
Begroting 2024 - 30
1.4 Bestuur, Veiligheid en Dienstverlening Missie We bieden inwoners en bedrijven een veilige omgeving. Het huidige veiligheidsniveau in Molenlanden is hoog. Dit willen wij zo houden, en waar mogelijk verbeteren.
•
Bestuur Wat willen we bereiken? • Een leidende rol innemen bij de opgaven die voor Molenlanden van belang zijn in de regio. (A.1) • Het Molenlandse geluid sterker door laten klinken richting de Provincie, het Waterschap, het Rijk en in Brussel. Daarmee willen we kansen pakken of beperkingen wegnemen. (A.2) • Een sterke rol innemen binnen de gemeenschappelijke regelingen. Ook gericht op het, tot een minimum, beperken van (financiële) risico’s. (A.3) • Kansen benutten op inhoudelijke thema’s door eigen middelen in te zetten als hefboom voor bekostiging. (A.4) • Goede afstemming van bestuurlijke ambities met ambities, activiteiten, wensen en energie van onze dorpen en stad. (A.5) • Als raad zoeken we actief en zichtbaar de verbinding met inwoners, bedrijven, en buurgemeenten. (A.6)
•
•
•
Wat gaan we hiervoor doen? • Voortzetten en verder uitbouwen van initiërende en leidende rol op belangrijke gemeente overstijgende opgaven, zoals agrarische economie en landschap (A.1) • Implementeren van uitkomsten uit onderzoek toekomst samenwerking Regio AV (A1 en A2) • Regionale afstemming en inzet voor het versterken van onze lobbykracht onder andere ten aanzien van de ruimtelijke puzzel. (A.2) • Uitvoering geven aan acties zoals opgenomen in de in 2021 vastgestelde Nota Verbonden Partijen. Onder meer het verder
Begroting 2024 - 31
ontwikkelen van het werken met de Verbonden Partijen Commissie (zie de Paragraaf Verbonden Partijen). (A.3) Deelnemen in Regio Deal Groene Hart als deze (onder voorbehoud uitkomst verkenning) wordt opgezet. (A.4) Uitvoering geven aan rol wettelijke vertegenwoordiger inzake deelname aan LEADER Alblasserwaard (Europees subsidieprogramma voor plattelandsontwikkelingen) 2023-2027. (A.4) Het Samenlevingsprogramma zal worden doorgezet als instrument. Op deze wijze kunnen we onder de noemer samenlevingsprogramma peilen wat er speelt in de kernen. Hierdoor zijn we in staat de verbinding met inwoners, ondernemers, verenigingen, kerken en andere samenwerkingspartners te versterken (A.5) Uitvoering geven aan de vijf speerpunten van het vastgestelde raads- en griffieplan 2023-2024: (1) Aansluiting representatieve democratie op de lokale samenleving, (2) Positionering van de raad in de regio en in Verbonden Partijen, (3) Continuering van het collectief leertraject (4) Werken aan een weerbare raad (integriteit, ondermijning, agressie) en (5) Intensivering van raadscommunicatie (A6).
Openbare orde en veiligheid Wat willen we bereiken? • Een veilige gemeente blijven en ervoor zorgen dat inwoners dat ook zo ervaren. (B.1) Wat gaan we hiervoor doen? • De regionale gemeentelijke crisisorganisatie verder doorontwikkelen. (B.1) Toelichting: Recent is de crisisorganisatie geconfronteerd met een tweetal langdurige crises (corona en de opvang van vluchtelingen). De huidige crisisorganisatie is echter ingericht op het afhandelen van kortdurende crises. Om beter voorbereid te zijn op een langdurige crisis dienen er een aantal doorontwikkelingen plaats te vinden, waaronder: • De beschikbaarheid en betrokkenheid van de crisisfunctionarissen beter borgen; • De crisisorganisatie en de reguliere organisatie beter op elkaar aan laten sluiten in het kader van de nafase; • Nieuwe benodigde crisisfuncties inventariseren in het kader van de nafase. • Uitvoeren van het door de raad vastgestelde Veiligheidsplan. • Toelichting: In 2024 zetten we in op de prioriteiten uit het Veiligheidsplan en die in het uitvoeringsprogramma voor dat jaar of doorlopend zijn benoemd. Het betreft dan onder andere: • Verdere aanpak van ondermijning met gebruik van interne en externe data. We combineren interne data die vaak al aanwezig is (zoals BAG, WOZ, BRP) met data van externe bronnen (zoals KvK). Ook zetten we in het informeren van inwoners en bedrijven.
Met als doel de preventie en om meldingsbereidheid te verhogen. Meerdere keren in het jaar informeren we eigen medewerkers over het herkennen en melden van signalen. (B.1) • Optimaliseren aanpak wet woonoverlast. Bij adressen waar omwonenden grote overlast ervaren gebruiken we indien mogelijk eerder de wettelijke instrumenten zoals een gedragsaanwijzing door burgemeester en laten ook verhuurders hun (wettelijke) rol pakken. (B.1)
•
•
•
Inzet mystery shopping. We zijn in gesprek met diverse horeca gelegenheden, waaronder ook sportverenigingen, over de naleving van de Alcoholwet. Om de naleving van de leeftijdsgrens te bevorderen, vindt mystery shopping plaats. (Samenwerking met programma 3 op het gebied van preventie). Uitwerken van het uitgevoerde onderzoek naar mogelijkheden om structurele overlast van jongeren blijvend te verminderen. Dit doen we in samenwerking met onze partners. In 2024 vindt de implementatie plaats. Inzetten op meer toezicht en handhaving door bijzondere opsporingsambtenaren (boa's). Vanwege de motie Hermans is extra geld beschikbaar. Op dit moment huren we boa's in bij gemeente Papendrecht, maar deze overeenkomst loopt af in 2026 en kan niet worden verlengd. We zijn bezig om de boa capaciteit op een andere manier realiseren. Diverse scenario’s worden onderzocht.
Dienstverlening Missie Een toegankelijke gemeente zijn met een gebruiksvriendelijke dienstverlening. De inwoner krijgt daarbij persoonlijke aandacht als dat nodig is. Wat willen we bereiken? • Gemak bieden aan onze inwoners met goede (telefonische) bereikbaarheid, snelle en kwalitatief goede (digitale) dienstverlening. (C.1) • Maatwerk bieden in begeleiding van inwoners voor wie digitale dienstverlening minder toegankelijk is. (C.2) • Continu de kwaliteit van dienstverlening en zichtbaarheid blijven verbeteren door te luisteren naar inwoners en andere relevante (interne) partijen. (C.3)
Begroting 2024 - 32
Wat gaan we hiervoor doen? • De visie op dienstverlening actualiseren. (C.1.) • investeringen in manier van werken en software bij het informatiecentrum (IC). Maar ook de interactie binnen de organisatie; o één zaak is één eigenaar; o klantreis van alle producten en diensten monitoren; o permanent meten van klanttevredenheid; o meer aandacht voor opmerkingen en klachten; o meer samenwerking en integratie tussen kerngericht werken, dienstverlening en participatie.(C3) • Monitoren van onze (telefonische) bereikbaarheid. (C.1) • Verbeteren van de informatievoorziening in ICT-systemen waarbij we ons richten op kortere reactie- en afhandeltermijnen. (C.1) • Onderzoeken van de mogelijkheden van doorontwikkeling/verbetering van onze digitale dienstverlening en kijken daarbij ook naar nieuwe wetgeving. (C.1.) • Zorgen dat onze medewerkers getraind zijn en blijven in het schrijven van brieven, e-mails en andere teksten in Klare Taal. (C.1.) • Toetsen bij inwoners of we voldoende begrijpelijk schrijven. We doen dat in samenwerking met (de taalpunten van) de bibliotheken in onze gemeente. (C.1.) • Maatwerk leveren voor inwoners die niet fysiek in staat zijn om het servicepunt te bezoeken. (C.1.) • Inwoners, ook tijdens lopende processen en procedures, op de hoogte houden van de voortgang. En actief terugkoppeling geven over afspraken of oplossingen.
We beginnen hiermee bij meldingen openbare ruimte. (C.1.) • Begeleiding bieden aan inwoners die niet overweg kunnen met digitale middelen. We werken hiervoor samenwerken met de Informatiepunten digitale overheid bij de bibliotheken in onze gemeente. (C.2)
Effect/resultaatindicatoren Veiligheidsbeleving in8 (2021) woners (1x per 2 jaar)
8
Indicator
Berekend
Verwijzingen Halt
per 1000 inw 2022
5
8
Winkeldiefstallen
per 1000 inw 2022
0,157
2,282
Geweldsmisdrijven
per 1000 inw 2022
2,4
4,3
Diefstal uit woningen per 1000 inw 2022
0,246
1,387
1,77
4,04
Vernieling
MLL
Veiligheidsmonitor
per 1000 inw 2022
Streef-waarde Bron 2026 Tevredenheid van Alleen onderInwoners waar- Periodiek tevredenheidsonderzoek inwoners over zoek servicepun- deren onze op meerdere terreinen van dienstdienstverlening ten. Score dienstverlening verlening 8 (2022) met gemiddeld een 8 Bereikbaarheid van 6 (2021) Onze bereikbaar- Onderzoek extern bureau. gemeente voor inheid wordt gewoners scoord met een 8 Afhandeling vergun- 90% (2021) 90% van aanvra- Eigen monitoring en onderzoek ning aanvragen en gen en initiatieinitiatieven ven wordt op tijd afgehandeld Indicator
Realisatie
NL
Actuele kaderstellende beleidsnota’s • Raads- en griffieplan 2023-2024 • Nota Verbonden Partijen 2021-2026 • Participatiebeleid • Algemene Plaatselijke Verordening • Drank & horecaverordening • Winkeltijdenverordening
Begroting 2024 - 33
Wat mag het kosten? Bedragen x € 1.000.000 A. Lasten B. Baten C. Mutaties reserves Totaal Programma 4
2022
2023
2024
2025
2026
2027
9,5 0,7 0,0 8,8
8,9 0,5 -0,1 8,3
9,8 0,9 0,0 8,8
9,8 0,9 0,0 8,8
9,9 1,1 0,0 8,8
9,9 1,1 0,0 8,8
Toelichting: In deze tabel zijn naast de bestaande budgetten ook de beleidsintensiveringen/-mutaties opgenomen waarvoor in de kadernota en/of in de begroting extra of minder middelen zijn opgenomen. Het betreft de volgende budgetten: •
Veiligheidsregio ZHZ (€ 431.000 structureel)
Begroting 2024 - 34
1.5 Algemene Dekkingsmiddelen en Onvoorzien In onderstaande tabel vindt u het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen. Deze inkomsten kennen in tegenstelling tot heffingen als het rioolrecht en de afvalstoffenheffing geen vooraf bepaald bestedingsdoel. De belangrijkste algemene dekkingsmiddelen zijn de algemene uitkering uit het gemeentefonds, de onroerende-zaakbelastingen en de renteopbrengst. Bedragen
2022
2023
2024
2025
2026
2027
944 5.182 2.711 -76 70.694 261 -956 78.760
1.155 5.217 2.935 -96 72.612 274 -678 81.419
2.881 5.486 3.072 -73 77.932 280 -975 88.603
2.574 5.580 3.125 -75 81.039 280 -2.610 89.913
2.790 5.674 3.178 -75 77.059 280 -4.062 84.845
3.051 5.771 3.233 -75 79.546 280 -5.388 86.418
(X € 1.000)
Treasury OZB woningen OZB-niet woningen Belastingen overig Alg uitkering Dividendopbrengst Ov. baten en lasten Totaal
Lokale heffingen De lokale heffingen stijgen met 11% door prijsstijgingen bij GR Waardlanden, indexering van de rioolheffing en OZB en het wegvallen van de tegemoetkoming per huishouden die in 2023 gegeven werd. Onroerendezaakbelastingen (OZB) Ten opzichte van het totaal van vorig jaar is de opbrengst geïndexeerd met 3,6% inflatiecorrectie conform de Kadernota. Toeristenbelasting In onze gemeente heffen we toeristenbelasting voor verblijf in de gemeente van personen die niet in de gemeente Molenlanden staan ingeschreven in de basisregistratie personen.
Algemene uitkering In de begroting 2024 is voor de raming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds uitgegaan van de septembercirculaire 2023 van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dividend De gemeente ontvangt jaarlijks dividenduitkeringen uit hoofde van haar aandelenbezit in Stedin NV en de NV Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). In de begroting 2024 is uitgegaan van een dividendinkomst van Stedin van € 127.944 en van BNG Bank € 152.392. De aandeelhouders van Oasen hebben in 2005 besloten om geen dividend meer uit te keren maar in plaats daarvan structureel een schenking te doen aan een goed doel Renteopbrengst De verkoop van het woningbedrijf heeft de voormalige gemeente Giessenlanden een groot bedrag opgeleverd aan liquide middelen. Deze gelden zijn meerjarig belegd. Het laatste deel loopt nog door tot 2025, zodat er ook in 2024 rente wordt ontvangen. Overige baten en lasten Onder overige baten en lasten is een stelpost opgenomen voor de stijging van de lonen. Hierbij is op basis van de meicirculaire, rekening gehouden met een stijging in 2024 van 5,2%, in 2025 5,8%, in 2026 4,8% en in 2027 4,2%. Onvoorzien Vanaf 2024 wordt er geen bedrag meer opgenomen voor onvoorziene uitgaven.
Begroting 2024 - 35
1.6 Overhead De overhead bestaat uit de personeelskosten en andere kosten welke niet direct aan de taakvelden kunnen worden toegerekend omdat deze feitelijk voor meerdere taakvelden worden gemaakt. Het betreft de zogenaamde PIOFACH kosten (Personeel Informatie Organisatie Financiën Automatisering Communicatie en Huisvesting). De BBV Bedragen X € 1.000
Begroting na wijz. 2023
Begroting 2024
Jaarschijf 2025
Jaarschijf 2026
Jaarschijf 2027
7.752
8.861
10.859
10.638
10.638
10.638
762
945
952
952
952
952
Huisvestingskosten
637
1.084
240
117
121
116
Facilitaire kosten
149
317
295
292
292
283
Automatisering ICT
2.249
2.770
3.172
3.147
3.147
3.147
Informatiebeheer
127
275
155
155
155
155
Materieel en vervoer
258
226
233
214
214
214
Overige kosten bedrijfsvoering
537
1.743
661
583
583
583
Afschrijving en rente Toerekening overhead aan investeringen Bijdragen
981
1.223
1.050
1.345
1.369
1.400
-744
-731
-657
-657
-657
-657
196
-27
-14
0
0
0
12.903
16.685
16.947
16.787
16.815
16.832
-611
-1.572
-8
-8
-8
-8
12.293
15.113
16.939
16.780
16.808
16.824
Directe personeelskosten aan overhead Indirecte personeelskosten
Subtotaal Bijdragen uit en aan reserves Totaal Overhead
Rekening 2022
schrijft voor om deze kosten te verantwoorden op het taakveld 04 Overhead en worden voor 2024 berekend op ca. €16.939.000. Dit is circa 14% van totale kosten van de begroting 2024. In de paragraaf bedrijfsvoering is een aantal posten nader toegelicht.
Begroting 2024 - 36
2.
Paragrafen
2.1 Paragraaf lokale heffingen De lokale heffingen vormen een belangrijk deel van de inkomsten van de gemeente Molenlanden en maken deel uit van het beleid van de gemeente. Het is belangrijk inzicht te hebben in de tarieven en de opbrengsten. De heffingen bepalen de lokale lastendruk en zijn van belang voor afweging tussen beleid en inkomsten. De gemeente Molenlanden kent de volgende heffingen: a. (on-)roerende-zaakbelastingen (OZB/RZB) b. precariobelasting c. rechten d. rioolheffing e. afvalstoffenheffing f. toeristenbelasting
wordt afgebouwd en de tarieven structureel 3% per jaar stijgen, naast de inflatiecorrectie.
Onroerende-zaakbelastingen De ‘onroerende-zaakbelastingen’ worden geheven van de eigenaren en gebruikers van bedrijfspanden, overige gebouwen en nietcultuurgronden. Daarnaast wordt ‘onroerende-zaakbelasting’ geheven van eigenaren van woningen. Deze belastingen worden geheven over de waarde van onroerende zaken. De waardering van de onroerende zaken vindt plaats op grond van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Deze WOZ-waarden worden jaarlijks vastgesteld. In 2024 wordt de waarde gebruikt per waardepeildatum 1-1-2023.
De genoemde belastingen onder a., b. en f. dienen tot het verkrijgen van algemene dekkingsmiddelen. De rechten, rioolheffing en de afvalstoffenheffing zijn een vergoeding voor de door de gemeente te verstrekken diensten en mogen maximaal kostendekkend zijn. Ontwikkelingen 2024 Conform de uitgangspunten bij de kadernota 2024 is de OZB/RZB voor 2024 niet verhoogd, behoudens inflatiecorrectie van 3,9% en de areaaluitbreiding. De tarieven voor de leges en de begraafrechten zijn aangepast met de inflatiecorrectie van 3,9%. De kosten van afvalinzameling en –verwerking worden voor 100% doorberekend in de afvalstoffenheffing. De rioolheffing is 100% kostendekkend, waarbij de voorziening conform het GRP geleidelijk
Zodra de nieuwe waarden bekend zijn worden de tarieven opnieuw berekend. Uitgangspunt voor deze berekening is de gewenste opbrengst. Dit is de belastingopbrengst van het voorgaande jaar, verhoogd met de belasting op (nieuwe) gereed gekomen panden. In de kadernota is aangegeven dat de OZB niet verhoogd zal worden, behoudens de areaaluitbreiding en inflatiecorrectie van 3,9%. Dit uitgangspunt is ook zo verwerkt in de begroting 2024. De verwachting is dat de nieuwe WOZ-waarden ongeveer 6,5% zullen stijgen ten opzichte van de oude waarden. De daadwerkelijke WOZwaarden op basis waarvan de berekening van de OZB-tarieven 2024 plaatsvindt, zijn vermoedelijk pas in december 2023 bekend. De tarieven voor de ‘onroerende-zaakbelastingen’ zijn afhankelijk van de getaxeerde waarden 2023 en worden in december vastgesteld.
Begroting 2024 - 37
Begroting 2024 38
Rechten - leges Onder leges vallen diverse zaken, zoals paspoorten, rijbewijzen maar ook de omgevingsvergunningen. De nieuwe tarieven zijn conform de uitgangspunten gecorrigeerd met de inflatiecorrectie van 3,9%, waarbij rekening is gehouden met de door het rijk vastgestelde maximumtarieven. Voor de leges geldt regelgeving dat deze niet meer dan kostendekkend mogen zijn en daarnaast zijn er de wettelijke maximumtarieven bij diverse producten zoals reisdocumenten en rijbewijzen. De kostendekkendheid van de leges op grond van de legesverordening worden in totaal bezien. In totaliteit mag de kostendekkendheid van de legesverordening niet hoger zijn dan 100%. Onderstaand overzicht maakt inzichtelijk dat de geraamde baten in totaliteit de geraamde lasten niet overschrijden. Leges
Totale lasten
Bij de leges die geheven worden in het kader van de vergunningen die verband houden met de Omgevingswet wordt gestreefd naar het kostendekkingspercentage van 100%. Met de nieuwe wet wordt de voorfase als belangrijk element gezien. Om deze reden wordt de voorfase onder kostendekkend in de tariefstelling opgenomen. Daarnaast wordt de voorfase (gedeeltelijk) in mindering gebracht indien dit uiteindelijk tot een vergunningaanvraag leidt. Het totaal van de leges voor een vergunning zijn kostendekkend berekend. Uitzondering op de 100% kostendekking zijn de milieuleges, deze tarieven worden in afstemming met de regio en Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid opgesteld. Het kostendekkingspercentage hiervan voor 2024 bedraagt 25%. Hiervoor is gekozen omdat het een nieuwe heffingsbevoegdheid is en de begrootte kosten een zo goed mogelijke inschatting zijn van de te verrichten dienstverlening . Totale baten
Kostendekkend-heid
1 Algemene dienstverlening Burgerlijke stand
158.344
70.834
45 %
Reisdocumenten Rijbewijzen
825.202 321.069
467.963 257.723
57 % 80 %
Verstrekkingen uit de basisregistratie personen Overige publiekszaken
35.954 14.990
13.948 8.919
39 % 60 %
Gemeentearchief
12.144
12.214
101 %
Bijzondere wetten
147.117
147.436
100 %
1.341
345
26 %
1.516.161
979.382
65 %
656.448
386.000
59 %
1.106.842
1.551.000
140 %
Algemene plaatselijke verordening Totaal hoofdstuk 1 2 Omgevingswet Voorfase Activiteiten met betrekking tot bouwwerken
Begroting 2024 - 39 Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed
794
750
94 %
117.249
29.294
25 %
8.411
2.103
25 %
134
-201.000
## %
1.889.878
1.768.147
94 %
6.056
2.399
40 %
203
126
62 %
Organiseren evenement of markt
8.586
2.041
24 %
Totaal hoofdstuk 3
14.845
4.566
31 %
3.420.884
2.752.095
80 %
Milieubelastende activiteiten Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten Vermindering Totaal hoofdstuk 2 3 Europese dienstenrichtlijn Horeca Winkeltijdenwet
Totaal
Rechten – begraafrechten De begraafrechten worden geheven voor begrafenissen en het onderhouden van de begraafplaatsen. In het verleden zijn veel rechten voor onbepaalde tijd afgekocht, mede hierdoor zijn de begraafrechten niet kostendekkend. In een periode van 3 jaren wordt sinds 2021 gestreefd naar een kostendekkendheid van de begraafrechten van 80% zonder stijging van de tarieven. De stijging van de toerekenbare lasten aan het taakveld zorgen er echter voor dat dit percentage niet wordt behaald, onder andere door de uitbreidingen van begraafplaatsen. Om deze reden worden de tarieven is nu opgenomen om de begraafrechten structureel met 3% te laten stijgen (exclusief de inflatie) om de kostendekkendheid naar 80%
te laten toenemen. Deze geleidelijke groei is gelijk aan de stijging die reeds bij de rioolheffing plaatsvindt. Begraafrechten Lasten taakveld Overhead Totale lasten Rechten Totale baten Kostendekkendheid Resultaat
1.282.127 500.804 1.782.931 1.346.369 1.346.369 75% -438.071
Begroting 2024 - 40
Rioolheffing In het Gemeentelijk RioleringsPlan 2020-2024 is vastgesteld dat de tarieven van de rioolheffing structureel geleidelijk stijgen met 3% (exclusief inflatie) om een verdubbeling van het tarief te voorkomen. Het tekort wordt vervolgens gedekt uit de voorziening riolering. De gemeente Molenlanden heft zowel rioolheffing van de eigenaar als van de gebruiker van een op het riool aangesloten onroerende zaak. De gebruikersheffing wordt geheven door middel van een opslag per m³ waterverbruik. Het waterleidingbedrijf Oasen int deze heffing. De gemeente hanteert één heffing voor zowel stedelijk afvalwater als hemelen grondwater. Er is niet voor gescheiden heffingen gekozen vanwege de hoge uitvoeringskosten en het toepassen van het solidariteitsprincipe. Objecten die indirect zijn aangesloten op de riolering en uitsluitend hemelwater kunnen afvoeren worden alleen voor de eigenarenheffing aangeslagen. Het tarief hiervan wordt bepaald op 25% van het tarief voor het eigenarendeel. Reden voor een lager tarief is dat deze objecten minder profijt hebben van de gemeentelijke riolering doordat zij uitsluitend hemelwater afvoeren. Op basis van de ramingcijfers is een geactualiseerde berekening van de tarieven gemaakt. Het tarief voor het eigenarendeel rioolheffing wordt € 106,48 per perceel.
Het tarief voor de indirect aangesloten objecten welke uitsluitend hemelwater afvoeren bedraagt 25% van het tarief van het eigenarendeel, € 26,62. Het tarief voor het gebruikersdeel wordt € 1,25 per m3.
Rioolheffing Lasten taakveld Overhead BCF BTW Totale lasten Rioolheffing Kostendekkendheid Dekking vanuit voorziening
4.407.210 417.462 840.594 5.665.267 4.732.694 84 % 932.573
Afvalstoffenheffing Voor de afvalstoffenheffing geldt conform de kadernota dat de kosten van afvalinzameling en -verwerking voor 100% door de heffing worden gedekt. Iedere zelfstandige wooneenheid binnen de gemeente wordt aangeslagen voor deze belasting. Molenlanden hanteert tarieven voor één- en meerpersoonshuishoudens en een heffing per lediging of storting. Het al of niet gebruikmaken van de gemeentelijke ophaaldienst, is voor het vastrecht niet relevant. Door de bestemmingswijziging komen de woningen in de buurtschappen ook onder de afvalstoffenheffing te vallen. De ondergrondse voorziening voor de inzameling is door de buurtschappen bekostigd, om deze reden is een verlaagd tarief van toepassing voor de komende 10 jaren. De totale kosten voor afvalinzameling en –verwerking zijn de afgelopen jaren fors hoger geworden. Dit komt door de
Begroting 2024 - 41 stijgende kosten van Waardlanden welke mede worden veroorzaakt door de invoering van diftar. Vanuit Waardlanden is inmiddels bekend dat de kosten voor volgend jaar hoger zullen zijn dan de nu begrote kosten. Met deze gegevens kunnen wij daardoor nu nog geen rekening houden, omdat de kostendekking op begrotingsbasis niet hoger mag zijn dan 100%. Het tarief voor éénpersoonshuishoudens stijgt naar € 322,29 en voor een meerpersoonshuishoudens naar € 402,86. Deze tarieven waren € 296,10 en € 370,12. Het inzamelen van het huisvuil wordt verzorgd door reinigingsdienst Waardlanden. Inwoners van Molenlanden kunnen ook hun afval aanbieden bij één de vier afvalbrengstations van Waardlanden. Met de invoering van diftar komt er een vastrecht en een variabel gedeelte. Het variabele gedeelte is op basis van het aantal aanbiedingen van restafval. Het tarief is hierdoor niet meer voor iedere inwoner gelijk. Afvalstoffenheffing Lasten taakveld Overhead BCF BTW Totale lasten Afvalstoffenheffing Kostendekkendheid Resultaat
5.442.657 145.184 971.078 6.558.919 6.558.919 100% -
Toeristenbelasting In de kadernota 2023 is een inflatiecorrectie van 3,9 % vastgelegd. De toeristenbelasting wordt geheven voor het verblijf in de gemeente van personen die niet in de gemeente Molenlanden staan ingeschreven in de basisregistratie personen. De toeristenbelasting komt ten goede aan de algemene middelen. De belasting wordt geheven van degene die verblijf biedt. Degene die verblijf biedt mag de belasting doorbereken aan degene die verblijf houdt. De toeristenbelasting wordt geheven per persoon per nacht, het tarief wordt € 1,44 per persoon per nacht.
Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit is moeilijk aan te geven. Het Rijksbeleid is er op gericht de lokale lasten trendvolgend met het Bruto Binnenlands Product te laten stijgen. Er blijft echter wel de mogelijkheid om hogere OZB heffingen toe te passen. De heffingen waar kosten tegenover staan zijn kostendekkend.
Ontwikkeling lokale lastendruk Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (Coelo), onderdeel van de Rijksuniversiteit Groningen, onderzoekt jaarlijks de ontwikkeling van de lokale lasten. De uitkomsten worden jaarlijks gepubliceerd in de Coelo-atlas. De Coelo-Atlas over 2023 is de meest recente versie. Uit deze atlas blijkt dat de gemeente Molenlanden op plaats 181 van de
Begroting 2024 - 42 352 gemeenten staat. Uit de atlas blijkt dat het OZB-tarief van Molenlanden net onder het gemiddelde van Nederland valt. De gemiddelde woningwaarde zit net boven het gemiddelde. Bij de milieuheffingen ligt het tarief van de afvalstoffenheffing boven het landelijk gemiddelde. De rioolheffing van Molenlanden ligt in 2023 ook boven het landelijk gemiddelde. De gegevens van het hierna opgenomen overzicht komen uit de Coelo-atlassen van de corresponderende jaren en betreffende woonlasten van een meerpersoonshuishouden. Gemeente Alblasserdam Gorinchem Hardinxveld-Giessendam Krimpenerwaard Molenlanden Papendrecht Sliedrecht Vijfheerenlanden
Woonlasten 2021 2022 789 870 801 905 860 901 818 921 800 893 759 988 743 827 879 1.004
2023 1.049 995 943 925 950 1.043 888 1.008
Rangorde 2023 283 239 174 156 181 281 112 257
De lokale lastendruk voor een gemiddeld huishouden zullen in Molenlanden voor een meerpersoonshuishouden zich als volgt ontwikkelen.
Afvalstoffenheffing Rioolheffing eigenaar Rioolheffing gebruiker OZB eigenaar Totaal
Woonlasten 2023 2024 370 403 100 106 139 149 316 328 925 986
Vorig jaar werd nog aan ieder huishouden een korting van dertig euro gegeven.
Kwijtschelding Voor de inwoners van Molenlanden met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van kwijtschelding van de afvalstoffenheffing en de rioolafvoerheffing. De kosten van bestaan voor de beoordeling of men in aanmerking komt voor kwijtschelding worden gesteld op 100%.
Begroting 2024 - 43
2.2 Paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing
Beleid en beschikbaarheid van de weerstandscapaciteit
Algemeen
De weerstandscapaciteit ziet er als volgt uit:
Deze paragraaf gaat in op de volgende vraag: in welke mate is de gemeentelijke financiële positie toereikend om de financiële gevolgen van risico’s op te kunnen vangen? Inzicht in de omvang van de risico’s is een voorwaarde voor een gezonde bedrijfsvoering. Bij de besluitvorming kan hiermee rekening worden gehouden. De financiële inschatting van de risico’s wordt gerelateerd aan de vermogenspositie van de gemeente. Binnen de organisatie is globaal geïnventariseerd welke risico’s er bekend zijn. Op basis van de risico’s is het weerstandsvermogen berekend. Volgens artikel 20 van de Financiële verordening moet de gemeenteraad een nota ‘Weerstandsvermogen & risicobeheersing’ vaststellen. In deze nota zijn de uitgangspunten voor de risicobeheersing en het risicobeheersingsproces vastgelegd.
Weerstandscapaciteit
Financiële kengetallen In deze risicoparagraaf zijn aan het eind een aantal financiële kengetallen opgenomen. Deze getallen geven inzicht in de financiële positie van de gemeente.
Begroting Jaarstukken 2024 2022 Algemene reserves ( vrij aanwendbaar) 33.851.891 24.578.624 Begrotingssaldo / Jaarrekeningresultaat 693.084 8.979.988 Post onvoorzien Totale Weerstandscapaciteit 34.544.975 33.558.612 Voor de hoogte van de algemene reserve is uitgegaan van het saldo van de algemene reserve op de balansdatum inclusief de geplande onttrekkingen/toevoegingen. Bedragen x €
Weerstandsratio De weerstandsratio is de beschikbare weerstandscapaciteit gedeeld door de benodigde weerstandscapaciteit voor het afdekken van de geïnventariseerde risico’s. Weerstandsvermogen
2024
UITSTEKEND
7,5
Een ratio van >1,0 is noodzakelijk om alle risico’s te kunnen opvangen. Een ratio onder de 1,0 is onwenselijk. Een ratio van >2,0 of hoger is uitstekend. Een ratio van 7,5 is uitzonderlijk goed.
Begroting 2024 - 44
Beleid met betrekking tot de risico’s Bij elk risico wordt een inschatting gemaakt: wat is de mate van waarschijnlijkheid dat het risico zich voordoet en wat zijn de financiële consequenties hiervan. Dit wordt uitgewerkt in een kans- en een gevolgwaarde.
Benadering van de risico’s en de vertaling in kans en het effect We kijken eerst naar de totale omvang van het te lopen risico, als deel van het totaalbedrag dat als last is opgenomen in de jaarrekening. Zo duiden we de risico’s in omvang. Vervolgens wordt een inschatting gemaakt van de kans dat het risico zich voordoet. Daarbij wordt de volgende indeling gehanteerd: • • •
Laag: Het gevolg van het risico wordt voor 25% meegenomen in het risicoprofiel. Gemiddeld: Het gevolg van het risico wordt voor 50% meegenomen in het risicoprofiel. Hoog: Het gevolg van het risico wordt voor 75% meegenomen in het risicoprofiel.
•
Zeer hoog: Het is nagenoeg zeker dat het risico zich voordoet. Voor het gevolg van het risico wordt een voorziening getroffen of dit is financieel verwerkt in de begroting. Van een risico zijn de geschatte (totale) kosten (kans x effect) gekwantificeerd en opgenomen in de tabel van risico’s.
De financiële risico’s die zich voordoen In de onderstaande tabel treft u de gekwantificeerde risico’s aan. Het totaal aan risico’s bedraagt € 4.613.037. Dit was € 5.007.642 in de jaarrekening 2022. Deze daling wordt voornamelijk veroorzaakt doordat we minder risico’s zien op de prijsstijgingen, deze zijn nu allemaal verwerkt en opgenomen in de exploitatie. Dit verschil bedraagt € 300.000. Andere onderwerpen dalen of stijgen beperkt. Dit wordt alleen veroorzaakt door volume toe- of afname. Nieuwe is de post rondom weerstandsvermogen bij verbonden partijen, we zien hier toenemende risico’s. Aangekondigde ontwikkelingen of onderzoeken met mogelijke uitgaven zijn niet te kwantificeren in financiële zin of omvang. Ze worden verderop in deze paragraaf wel onder de aandacht gebracht.
Begroting 2024 - 45
Omschrijving
Totale omvang van te lopen risico
Omvang risicogedeelte
Kans dat risico zich voordoet
Grondexploitaties* Garanties (1% over hoofdsom) Gemeentefonds BTW compensatiefonds overschrijding plafond
129.249.000 75.335.000 4.500.000
129.249 753.350 200.000
25% 75% 25%
Geschat risico (omvang x kans) 987.750 32.312 565.012 50.000
Dividenden Stedin en BNG Bedrijfsvoering loonkosten en overhead
261.000 32.682.000
261.000 3.268.200
75% 25%
195.750 817.050
Stijging rentelasten Leges bouwvergunningen Participatie Jeugdzorg WMO Leerlingenvervoer Prijsstijgingen t.g.v. Crises Weerstandsvermogen bij verbonden partijen Totaal
22.000.000 1.575.850 1.803.000 10.836.000 7.600.000 935.000 1.000.000 356.853
220.000 787.925 180.300 1.354.500 760.000 93.500 100.000 356.853
75% 50% 50% 75% 50% 50% 75% 50%
165.000 393.962 90.150 1.015.875 380.00 46.750 75.000 178.426 4.613.037
*De opbouw van de risico’s rondom dit onderwerp staan beschreven op de volgende pagina.
Begroting 2024 - 46
Toelichting risico’s Grondexploitaties en Vastgoed Projecten Voor de risico’s die zich voordoen binnen de grondexploitaties en vastgoedprojecten is uitgegaan van het risicoprofiel op individueel niveau en de meest recente doorrekening van alle grondexploitaties. De risico’s op grondexploitaties bedragen: € 488.800 De risico’s op de overige grondgebonden projecten bedragen: € 498.950 Totaal € 987.750 Garanties en waarborgen De gemeente staat garant voor tal van leningen en deelnemingen. De kans dat zich hierbij risico’s voordoen, is erg klein. Het risico is bepaald op 0,1% van de hoofdsom, de kans daarop als klein, 25%. De mogelijke risico’s als gevolg van extra te verlenen garanties in verband met de coronacrisis worden afgedekt door het Noodfonds. Gemeentefonds Het Kabinet is voornemens in 2027 de tijdelijk geschrapte ‘opschalingsschorting’ weer toe te passen. Dit zal een negatief effect op de ontwikkeling van het accres hebben. Daarnaast is van belang dat de minister van Binnenlandse Zaken er naar streeft ‘om een stabielere financiering voor de medeoverheden te reali-
seren en hun autonomie te vergroten’. Daarvoor wordt in de komende jaren een nieuwe financieringssystematiek voor de periode na 2025 uitgewerkt. Daarbij wordt de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied betrokken. Daarbij worden ook alternatieven voor de onroerendezaakbelasting (OZB) en de motorrijtuigenbelasting (MRB) bekeken. Nadere uitwerking, in gesprek met medeoverheden, volgt nog. Waarschijnlijk komt er vóór de zomer een zgn. Contourennota. De integratie-uitkering Sociaal Domein/Voogdij 18+ vormt een mogelijk risico, omdat deze naar verwachting anders wordt verdeeld met ingang van 2022. De mogelijkheid bestaat dat er een gedeeltelijke compensatie komt. Het risico voor het gemeentefonds wordt ingeschat op 75%. BTW-compensatiefonds Gemeenten en provincies kunnen vanaf 2016 tot een vastgesteld maximum BTW declareren. Verschillen ten opzichte van het plafond worden aan gemeenten uitgekeerd. Praktijk is dat gemeenten steeds meer bij het BTW-compensatiefonds declareren en vervolgens via het gemeentefonds op de algemene uitkering worden gekort. Met een omvang van € 4.500.000 merken wij € 200.000 aan als risico. Dividend Stedin en BNG Jaarlijkse schommelingen van dividend kunnen een verschil van de raming betekenen in de begroting. De aandelen van Stedin zijn voor een deel preferente aandelen. We merken wij dit aan als 100% onzekerheid met een kans van 75%.
Begroting 2024 - 47 Bedrijfsvoering loonkosten en overhead Het gaat om risico’s van nog niet voorzienbare kosten in verband met wachtgeld van politieke ambtsdragers en ontslag van personeel. Ook zijn er risico’s op het gebied van informatiebeveiliging en juridische aansprakelijkheid. Er zijn en worden diverse beheersmaatregelen getroffen om deze risico’s zoveel mogelijk te beperken. Dit gebeurt op het terrein van informatiebeveiliging, back-up, uitwijkfaciliteiten en verzekeringen. Voor deze risico’s hebben wij een inschatting gemaakt van 10% van de totale personeels- en bestuurskosten met een kans van 25%. Stijging rentelasten In de begroting 2024-2027 is rekening gehouden met een oplopende rente voor de raming van de rentelasten op nieuw aan te trekken leningen. De ontwikkelingen op de kapitaalmarkt laten zien dat mogelijke renteverhogingen zeer waarschijnlijk zullen zijn. Als de gestegen inflatie langere tijd duurt en niet onder controle wordt gehouden zijn aanpassingen in het rentebeleid noodzakelijk. Gezien de herfinanciering op oude leningen voor een langere periode lopen we geen risico. Het gaat alleen om nieuw aan te trekken leningen. In 2024 en 2025 moeten er een paar langlopende lening aangetrokken worden. We verwachten dat er geen sprake zal zijn van kortlopende financieringen. We houden vanaf 2023 al rekening met een hogere rentestand.
We schatten de kans van een rentestijging nog wel steeds in op hoog.
Leges bouwvergunningen De raming van de bouwleges vormt een risico. Met de komst van de Omgevingswet, die wederom is uitgesteld naar 1 januari 2024, is het lastig om op voorhand te bepalen welke effecten dit zal hebben voor gemeenten. Komen er juist meer aanvragen na die datum en welke kosten hangen hiermee samen? Het risico van een lagere opbrengst wordt hoog ingeschat. Het risicobedrag is bepaald op de halve omvang met een kans van 50% aan lagere opbrengsten. Participatie De GR Avres voert de Participatiewet, Minimabeleid en de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening uit voor onze gemeente. Hoewel het budget bij de uitvoering en het beleid door Avres leidend is, kan toch een tekort ontstaan. Avres heeft daarbij o.a. te maken met gevolgen van de energiecrisis en de leefgeldverstrekking aan opgevangen Oekraïners. Daardoor nemen ook de uitgaven voor minimavoorzieningen toe. De zittende medewerkers in de sociale werkvoorziening hebben loon- en baangarantie, terwijl de rijksvergoeding daalt. Avres speelt samen met de deelnemende gemeenten zo goed mogelijk in op deze ontwikkelingen. Het risico wordt op gemiddeld ingeschat.
Begroting 2024 - 48 Jeugdzorg (Dienst gezondheid en jeugd) Jeugdzorg wordt door de serviceorganisatie jeugd (SOJ) uitgevoerd. Een nadelig exploitatieresultaat zal SOJ direct bij de deelnemende gemeenten op basis van een verdeelsleutel in rekening brengen. SOJ beschikt niet over reserves. Anderzijds wordt een voordelig verschil uitgekeerd. Qua sturing is het voortdurend zoeken naar een balans tussen zorgvraag en beschikbaar budget. Bij de beleidsplanning en het contracteren van zorgaanbieders is het beschikbare budget uitgangspunt. Op basis van de beschikbare sturingsinformatie wordt ingeschat dat de geschetste effecten een risico vormen voor de Gemeente Molenlanden. Als uitgangspunt nemen we 12,5% van de totale kosten op als risicogedeelte, waarbij we uitgaan van een hoge kans. Aanbieders van gesloten jeugdhulp hebben in toenemende mate problemen met hun bedrijfsvoering en het rond krijgen van hun exploitatie. Dit is voor een belangrijk deel het gevolg van het beleid om het aantal jeugdigen dat gesloten wordt geplaatst, terug te dringen. Bij de twee aanbieders in Zuid-Holland is de problematiek al zo groot, dat regio's en gemeenten in de provincie Zuid-Holland financieel moeten bijspringen. De omvang van de benodigde continuïteitssteun is nog onzeker. WMO Aan de hand van ervaringscijfers wordt zo realistisch mogelijk geraamd.
Dat neemt niet weg dat er risico’s bestaan, zoals de toename van het aantal cliënten met een indicatie voor huishoudelijke ondersteuning en andere maatwerkvoorzieningen. Dit is het gevolg van de dubbele vergrijzing, langer thuis wonen en het
door het Rijk ingevoerde vaste abonnementstarief. Een ander risico vormen de aanbestedingen van begeleiding, dagbesteding (met vervoer) en trapliften, de verhoging van tarieven (door de AMvB ‘reële marktprijs’, krapte op de arbeidsmarkt en de gestegen materiaalkosten) en het open-einde karakter van de Wmo. Er wordt ingeschat dat er een gemiddelde kans is op een afwijking van 10% met een risico van 50%. Leerlingenvervoer Leerlingenvervoer is een open-eind regeling. Het benodigde budget is vooral afhankelijk van de ontwikkeling van het aantal aanvragen. De kans is bepaald op ‘gemiddeld’. Prijsstijgingen t.g.v. Crises Als gevolg van diverse wereldwijde ontwikkelingen zijn de prijzen in 2022 en 2023 gestegen. In het geval van bepaalde grondstoffen zelfs met 100% of meer. Dit heeft tot gevolg gehad dat Molenlanden te maken kreeg met hogere kosten die gerelateerd zijn aan de olieprijs en de overige grondstofprijzen die aan ons doorberekend worden. Voor 2024 hebben we rekening gehouden met een hogere olie- en gasprijs in de budgetten die daarvoor gevoelig zijn maar ook bij andere budgetten die door inflatie beïnvloedbaar zijn hebben we rekening gehouden met een hoger bedrag. Hierdoor is de omvang van het risico kleiner geworden dan vorig jaar. De kans dat het risico zicht voordoet is wel aanwezig maar in omvang wel afgenomen.
Begroting 2024 - 49 Weerstandsvermogen bij verbonden partijen Gemeente Molenlanden neemt deel in meerdere gemeenschappelijke regelingen. Voor de gemeenschappelijke regelingen met een sturingsprofiel ‘hoog’ en ‘gemiddeld’, zoals vermeld in de paragraaf Verbonden Partijen, is het benodigde en beschikbare weerstandsvermogen opgenomen in onderstaande tabel. Niet alle gemeenschappelijke regelingen beschikken over voldoende weerstandsvermogen. Indien het benodigde weerstandsvermogen groter is dan het beschikbare weerstandsvermogen, moeten de deelnemende gemeenten dit resterende risico gezamenlijk dragen. Daarom nemen we de volgende bedragen op: GR DG&J VRZHZ Avres Waardlanden Omgevingsdienst Totaal
Als deze bestemmingsreserve buiten beschouwing wordt gelaten, dan zou een bedrag van € 101.255 moeten worden opgenomen in de begroting van Molenlanden. Het beschikbare weerstandsvermogen is afkomstig uit de laatst gecommuniceerde gegevens van deze GR maar in feite is het beschikbare vermogen naar ons eigen oordeel nihil. Daarnaast zijn de inschattingen van de risico’s niet actueel. Het verzoek is al neergelegd hier werk van te maken. Wij verwachten toch een aanzienlijk risico voor 2024 en nemen daarom een bedrag van € 200.000 op.
Benodigd weerstandsvemogen € 2.075.000
Beschikbaar weerstandsvermogen € 1.960.000
Belang 7,7%
€ 8.855
€ 1.856.100 € 3.496.000 niet actueel
€ 510.000
10,4%
€ 139.994
€ 6.136.000
16,8%
-
niet actueel
20,3%
€ 200.000
€ 846.000
6,90%
€ 8.004
€ 962.000
Opnemen
Ontwikkelingen Een aantal ontwikkelingen laat zich nog niet financieel vertalen. Deze worden op een later tijdstip aan de gemeenteraad aangeboden of is afhankelijk van nog uit te voeren onderzoeken. Als voorbeelden noemen we: • •
€ 356.853
Aanvulling bij de tabel: De reserves van DG&J (€ 1,9 miljoen) bestaan voor € 1,2 miljoen uit de bestemmingsreserve voor het opvangen van de frictiekosten als gevolg van de uittreding Leerdam/Zederik. Dit betekent dat de risico's ruimschoots het weerstandsvermogen overtreffen.
•
Ontwikkeling cultureel-erfgoed gebied Kinderdijk. Bij de Kadernota is in de bijlage “Financiële ontwikkelingen 2023-2033” een globale inschatting gemaakt van de financiële effecten van een aantal grote opgaven. Deze zijn vooralsnog niet cijfermatig verwerkt in de meerjarenraming. Het investeringsprogramma uit het Accommodatiebeleid en het Integraal Huisvestingsplan Primair onderwijs Molenlanden 2021-2032 (IHP) zijn hier de belangrijkste voorbeelden van. De invoering van de Omgevingswet is opnieuw uitgesteld naar 1 januari 2024. De structurele financiële gevolgen van de Omgevingswet zijn op dit moment nog steeds niet
Begroting 2024 - 50
•
•
volledig bekend en vormen een risico. Het gaat hier dan om de uitwerking van de personele consequenties, overhead etc. De specifieke risico’s rondom de leges zijn opgenomen onder de leges bouwvergunningen. De Hervormingsagenda Jeugd is definitief vastgesteld, ondertekend en aangeboden aan de Tweede Kamer en Eerste Kamer. Vooruitlopend op de uitkomsten van deze onderhandelingen zijn in de meicirculaire voor de jaren 2022, 2023, 2024 en 2025 aanvullende, incidentele middelen toegevoegd aan het gemeentefonds, in lijn met de financiële reeks van de uitspraak van de Commissie van Wijzen (CvW). Naast de besparingsopgave die volgt uit de uitspraak van de Commissie van Wijzen heeft het kabinet besloten tot het realiseren van een aanvullende besparing van structureel € 511 miljoen, welke een Rijksverantwoordelijkheid is gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd kunnen worden. Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden. De gemeente Molenlanden werkt samen met vele partijen.
Vaak gaat dit in goede harmonie, maar we constateren een ‘juridisering’ in de samenleving die ook zijn effect heeft op de samenwerkingsvormen die de gemeente kent. Partijen die opdrachten niet gegund krijgen stellen zich
harder op en mogelijk volgen hieruit kosten voor juridische capaciteit, proceskosten en eventuele schadevergoedingen. De omvang hiervan kan niet worden bepaald en opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing, wel wordt de kans dat dit risico zich voordoet midden ingeschat. Financiële kengetallen Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is een aantal financiële kengetallen opgenomen die inzicht geven in de financiële positie van de gemeente. In het onderstaande overzicht de uitkomsten: Ratio's
2023
2024
2025
2026
2027
Netto Schuldquote in %
26,1%
23,7%
22,1%
23,3%
21,8%
Netto Schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen in % Solvabiliteitsratio
25,4%
26,4%
28,9%
28,3%
26,7%
46,4%
46,7%
46,8%
44,5%
42,9%
Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie
0,79%
1,45%
3,59%
0,64%
0,65%
4,2%
3,2%
3,1%
3,1%
3,1%
Belastingcapaciteit
102,3%
102,3%
104,7%
107,1%
109,5%
Begroting 2024 - 51 Netto schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Een netto schuldquote tot 100% wordt algemeen beschouwd als goed. Dit kengetal wordt voor de gemeente Molenlanden daarom als redelijk beoordeeld. Er is een correctie op dit getal als we de verstrekte leningen hieruit filteren. Ten opzichte van de begroting is het kengetal fors lager omdat door achtergebleven investeringen minder geldleningen zijn aangetrokken dan waar bij de begroting vanuit gegaan was. De toename heeft met onze financieringsbehoefte te maken. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio verstaan we het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. De ratio is hoog doordat er sprake is van een groot eigen vermogen. Een gezond percentage ligt in ieder geval boven de 20%. De gemeente Molenlanden komt ruimschoots uit boven deze ondergrens. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen.
Of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Een positief percentage
betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Dit kengetal laat zien dat er sprake is van een kleine ruimte in de structurele exploitatie aan het eind van deze meerjarenbegroting. Grondexploitatie Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond zich verhoudt tot de totale (geraamde) baten. Het betreft hier de niet in exploitatie genomen gronden en de bouwgrond in exploitatie. Belastingcapaciteit De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De definitie van belastingcapaciteit is hier: woonlasten van een meerpersoonshuishouden, opgebouwd uit OZB, afvalstoffen- en rioolheffing. Algemeen wordt een belastingcapaciteit tot 100% als goed beoordeeld. De gemeente Molenlanden scoort vrijwel 100%, wat betekent dat de belastinglasten voor de inwoners van Molenlanden ongeveer gelijk zijn aan het landelijk gemiddelde. Beoordeling onderlinge verhouding tussen kengetallen De gemeente Molenlanden heeft een stevige financiële reservepositie en een materieel sluitende meerjarenbegroting. De solvabiliteitsratio is hoog. Tegenvallers kunnen opgevangen worden door aanwending van de reserves, wat ook blijkt uit de hoge weerstandsratio. Het beleid is erop gericht om structurele uitgaven te dekken door structurele inkomsten.
Begroting 2024 - 52
2.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Algemeen De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer van de openbare ruimte en gemeentelijke gebouwen, de zogenoemde kapitaalgoederen. Dit zijn wegen, verkeersvoorzieningen en overig straatmeubilair, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting, spelen, groen, begraafplaatsen, riolering, water, sportaccommodaties gebouwen. Kapitaalgoederen hebben onderhoud nodig, zodat wij een veilig gebruik kunnen waarborgen. Zowel meerjarig groot onderhoud als dagelijks, klein onderhoud. De kosten daarvan en de planning zijn vastgelegd in beheerplannen. Ook voor de inwoners is de kwaliteit van hun leefomgeving belangrijk. Teruglopende kwaliteit kan leiden tot kleine ergernissen, klachten of zelfs serieuze ongelukken. Een goede afhandeling van meldingen is daarom van groot belang. Bij herinrichtingsplannen en reconstructies vinden we de betrokkenheid en het informeren van inwoners van groot belang. Samen met onze samenwerkingspartners hebben we hier continu aandacht voor. Ook blijft het een punt van ontwikkeling; denk aan het inzetten van de projectenwebsite, een bouwapp en andere passende (online) kanalen en middelen. In onderstaand overzicht staan de beheerplannen met daarin de beleidskaders die voor de diverse kapitaalgoederen zijn opgesteld:
Beheerplannen
Vastgesteld Looptijd door de raad t/m of college
Financiële Achterstallig vertaling in onderhoud begroting
Integraal Beheerplan Buitenruimte 1) Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 1) Baggerplan
2021
2026
Ja
Nee
2020
2024
Ja
Nee
2022
2033
Ja
Nee
Beheerplan begraafplaatsen Sportaccommodaties 2)
2021
2026
Ja
Nee
2021
2026
Ja
Nee 4)
Gebouwen 3)
2021
2041
Ja
Nee 4)
1) De uitkomsten van het Gemeentelijk Rioleringsplan 2020-2024 zijn opgenomen en ingepast in het Integraal Beheerplan Buitenruimte. 2) Beheerplan Sportaccommodaties wordt 5-jaarlijks geactualiseerd binnen het vastgoed-en accommodatiebeleid. 3) Beheerplan Gebouwen 2021-2041 wordt 3-jaarlijks geactualiseerd. 4) Er zijn diverse gebouwen met uitgesteld onderhoud i.v.m. nog te maken keuzes vanuit het vastgoed-en accommodatiebeleid.
Integraal Beheerplan Buitenruimte Het Integraal Beheerplan Buitenruimte Molenlanden 2022-2026 is gebaseerd op een lange termijnplanning voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. De beleidsuitgangspunten, kaders en kosten zijn hierin vastgelegd. Dit plan geeft inzicht in de huidige en de gewenste (beeld)kwaliteit van het beheer en onderhoud van de openbare ruimte inclusief het benodigde budget (met een doorkijk tot en met 2031).
Begroting 2024 - 53 Het Integraal Beheerplan Buitenruimte Molenlanden 2022-2026 heeft betrekking op de volgende categorieën voorzieningen (assets): wegen, verkeersvoorzieningen en overig (straat)meubilair, civieltechnische kunstwerken, openbare verlichting, spelen, groen, riolering, water. De begraafplaatsen, sportaccommodaties en gemeentelijke gebouwen vallen buiten het kader van het Integraal Beheerplan. Deze voorzieningen hebben eigen beheerplannen. Planmatig beheer - Uitvoering in 2024 Het onderhoud in 2024 en verder is gebaseerd op de onderhoudsplanningen van de betreffende voorzieningen binnen de buitenruimte. Deze planningen actualiseren we jaarlijks. Het (planmatig) beheer en onderhoud is gericht op het veilig en doelmatig in stand houden van de diverse voorzieningen. Bij reconstructies en herinrichtingen worden de onderhouds- en vervangingswerkzaamheden zo veel als mogelijk integraal opgepakt. De in 2024 geplande reconstructies, herinrichtingen en dergelijke staan in het deel 3.10 Investeringen. Kwaliteitsniveau Beoordeling van de (beeld)kwaliteit gebeurt conform de CROWnormen. Het uitgangspunt binnen Molenlanden is dat de buitenruimte standaard onderhouden wordt op kwaliteitsniveau B. Uitzondering hierop zijn de zichtlocaties in de kernen. Voor deze gebieden wordt kwaliteitsniveau A aangehouden. Binnen deze gebieden passen we duurzame materialen toe en geven we een
plus aan de inrichting. Het kwaliteitsniveau en eventuele aanvullende eisen worden bij de toelichting van de diverse kapitaalgoederen nader benoemd onder het kopje Kaders. Bijhouden gegevens en inspecties Voor bijna alle kapitaalgoederen geldt dat voor het bijhouden van de gegevens over arealen, kwaliteitsgegevens en uitgevoerde inspecties diverse gedigitaliseerde beheerprogramma’s beschikbaar zijn. Deze gegevens benutten we voor de actualisatie van de diverse beheerplannen. In 2023 is een groot deel van de geautomatiseerde beheerprogramma’s geactualiseerd of vervangen. Hierbij zijn de opgeslagen gegevens “bevroren”. Gevolg is dat veel van de in deze paragraaf voor 2024 weergegeven (areaal)gegevens hetzelfde zijn als in 2023. Kapitaalgoederen per categorie De totale oppervlakte van de gemeente Molenlanden is ongeveer 19.160 hectare. De gemeente heeft hiervan ongeveer 323 hectare aan openbare ruimte in beheer en onderhoud. Onze kapitaalgoederen liggen voornamelijk binnen de bebouwde kommen van de 20 kernen. Een uitzondering hierop vormen de onderdelen Openbare Verlichting, Riolering, Straatnaamborden en onderdelen van Straatmeubilair. Deze onderdelen onderhouden we ook buiten de bebouwde kom. Hieronder lichten we de diverse kapitaalgoederen afzonderlijk toe, waarbij de genoemde cijfers een indicatie van de omvang geven.
Begroting 2024 - 54 Een tabel met een totaaloverzicht van de areaalgegevens staat achteraan in deze Paragraaf. Wegen Kerncijfers De gemeente beheert wegen met een totale lengte van ongeveer 175 km, onderverdeeld in: • Asfaltverharding ca. 355.000 m2 • Elementenverharding (klinkers en tegels) ca. 1.170.000 m2 • Overige verharding ca. 15.000 m2 Kaders Volgens de wet moet de gemeente zorgen voor een goede staat van onderhoud van het gemeentelijk wegennet. Daarom moet het wegennet aan minimale eisen voldoen. Hiervoor worden de gebruikelijke richtlijnen van het CROW gehanteerd. Beheer en onderhoud Het kwaliteitsniveau brengen we jaarlijks in kaart via visuele inspecties die we in het voorjaar laten uitvoeren. Op basis van de resultaten van de inspecties wordt het jaarlijks (klein) onderhoud aan asfalt- en open verhardingen uitgevoerd. Verder worden werkzaamheden rondom belijning en markeringen uitgevoerd. Ook wordt adequaat ingespeeld op calamiteiten, klachten en meldingen van bewoners.
Toegankelijkheid In het VN-verdrag Handicap is het doel vastgelegd dat personen met een beperking volledig aan de samenleving kunnen deelnemen door drempels zoveel mogelijk weg te nemen. Om op dit punt verbeteringen in de openbare ruimte door te voeren, is een jaarlijks budget beschikbaar. Hiervan wordt per jaar in een aantal kernen de toegankelijkheid van de openbare ruimte geïnspecteerd. De hieruit voortkomende maatregelen worden vervolgens uitgevoerd. Dit proces loopt tot alle kernen in beeld zijn. Ook bij reconstructies houden we rekening met toegankelijkheid. Er is regelmatig overleg met de Bouwcommissie/Zedje over Toegankelijkheid, van dagelijks onderhoud tot en met projecten. Verkeersvoorzieningen en overig (straat)meubilair Kerncijfers Areaaloverzicht objecten in de openbare ruimte: • Verkeers- en straatnaamborden. incl. bewegwijzering en portalen ca. 6.050 st. • Overige verkeersvoorzieningen ca. 374 st. • Schrikhekken ca. 418 st. • Afvalbakken ca. 555 st. • Abri’s (bushokjes) ca. 24 st. • Banken en picknicksets ca. 587 st. • Bloembakken ca. 180 st. • Hekwerken ca. 4.590 m1 • Palen ca. 4.500 st. • Overige objecten (o.a. fietssluizen en fietsklemmen) ca. 1.210 st. • Openbare kunst ca. 33 st.
Begroting 2024 - 55
Kaders In de openbare ruimte van de gemeente staat een groot aantal verkeersvoorzieningen en overig (straat)meubilair die niet tot de weg zelf behoren. Al deze voorzieningen geven praktische invulling aan het gebruik van de openbare ruimte. Ze vormen een ondersteuning aan de bruikbaarheid en verkeersveiligheid van de weg. Daarnaast leveren ze een belangrijke bijdrage aan de uitstraling en kwaliteit van de leefomgeving. De gemeente heeft de plicht om de openbare ruimte met de daarin aanwezige voorzieningen deugdelijk te onderhouden. Hiervoor worden de gebruikelijke richtlijnen van het CROW gehanteerd. Beheer en onderhoud Vanaf 2022 wordt per jaar van 3 tot 4 kernen - via visuele inspecties - het kwaliteitsniveau in kaart gebracht, tot alle kernen in beeld zijn. Ook wordt adequaat ingespeeld op meldingen van bewoners. Naast het regulier onderhoud aan deze voorzieningen wordt ook een deel van het jaarbudget uitgegeven aan incidentele schades, diefstal en vandalisme. Civieltechnische Kunstwerken Kerncijfers Areaaloverzicht: • Bruggen en duikerbruggen ca. 235 st. • Kademuren, steigers en trappen ca. 65 st.
Kaders De civieltechnische kunstwerken zijn onmisbaar in ons waterrijke gebied. Ze vormen een cruciale schakel in het functioneren van de infrastructuur en de leefbaarheid van onze gemeente. Op basis van wetgeving geldt dat kunstwerken veilig moeten zijn en veilig gebruikt moeten kunnen worden. Dit betekent dat ze berekend moeten zijn op het verkeer dat wordt toegelaten. De eisen aan de constructie zijn vastgelegd in NEN-normen. Beheer en onderhoud Jaarlijks worden de civieltechnische kunstwerken geschouwd op gebreken. Om de drie jaar worden alle kunstwerken geïnspecteerd. Werkzaamheden worden ingepland op basis van de constateringen tijdens schouw of inspectie. Risicovolle kunstwerken worden tussentijds gemonitord door een risico-instandhoudingsanalyse. Openbare verlichting Kerncijfers Areaaloverzicht: Lichtmasten en armaturen ca. 10.469 st. Kaders Een betrouwbare en goed functionerende openbare verlichting is belangrijk en draagt bij aan de veiligheid van onze burgers en de leefbaarheid van onze gemeente. De openbare verlichting is daarbij gericht op het verbeteren van de verkeersveiligheid, leefbaarheid en sociale veiligheid in het donker. Hierbij wordt ge-
Begroting 2024 - 56 bruik gemaakt van duurzame, efficiënte en energiezuinige verlichtingsmiddelen. Voor de aanwezige openbare verlichting geldt een zorgplicht voor het onderhoud. Ook moet de openbare verlichting (elektrotechnisch) veilig zijn. Beheer en onderhoud De aansturing van het dagelijks onderhoud aan de openbare verlichting is ondergebracht bij de gemeenschappelijke regeling Bureau OVL Lek en Merwede. Meldingen van storingen en gevaarlijke situaties kunnen direct doorgegeven worden via hun internet-pagina. Bureau OVL is ook een belangrijke schakel voor ontwerp en advies bij reconstructie-projecten. Op basis van leeftijd en energiezuinigheid wordt de verlichting integraal bij reconstructies vervangen. Spelen Kerncijfers De gemeente beheert in totaal 132 speelplaatsen met daarop: • Speel-/sporttoestellen en speelprikkels ca. 650 st. • Hekwerken en ballenvangers ca. 2.235 m1 • Veiligheidsondergronden ca. 5.384 m2 • Kunstgrasvelden op speelplaatsen ca. 3.327 m2 Kaders Spelen en bewegen is belangrijk en draagt bij aan een gezonde en prettige leefomgeving. Het beheer en onderhoud van de speelvoorzieningen is wettelijk geregeld conform het WAS en is gericht op het in stand houden en waarborgen van de veiligheid.